GH-PM 46 HW - Grasmaaier EINHELL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GH-PM 46 HW EINHELL in PDF-formaat.

📄 168 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice EINHELL GH-PM 46 HW - page 100

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GH-PM 46 HW - EINHELL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GH-PM 46 HW van het merk EINHELL.

GEBRUIKSAANWIJZING GH-PM 46 HW EINHELL

3. Tjek oliestanden.

1. Veiligheidsinstructies voor handgeleide grasmaaiers

2. Beschrijving van het toestel en leveringsomvang

5. Vóór inbedrijfstelling

7. Reiniging, onderhoud, opbergen, transport en bestellen van wisselstukken

8. Verwijdering en recyclage

Waarschuwing - Handleiding lezen om het letselrisico te verminderen Draag een gehoorbeschermer. Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies. Draag een veiligheidsbril. Vonken die tijdens het werk ontstaan of splinters, spanen en stof die uit het toestel ontsnappen kunnen leiden tot zichtverlies. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 101Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 101 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Let op! Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze originele handleiding/veiligheidsins- tructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit toestel aan andere personen door- geven, gelieve dan deze originele handleiding/ veiligheidsinstructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies.

1. Veiligheidsinstructies voor

handgeleide grasmaaiers Aanwijzingen

1. Lees de handleiding zorgvuldig. Maakt u zich

vertrouwd met afstellingen en met het juiste gebruik van de machine.

2. Laat nooit toe dat kinderen of andere perso-

nen die de handleiding niet kennen de maaier gebruiken. Plaatselijke bepalingen kunnen de minimumleeftijd van de gebruiker vastleggen.

3. Maai nooit terwijl andere personen, vooral

kinderen of dieren in de buurt zijn. Denk er- aan dat de bestuurder van de machine of de gebruiker verantwoordelijk is voor ongelukken met andere personen of hun eigendom.

4. Mocht u dit toestel aan andere personen

doorgeven, gelieve dan deze handleiding mee te geven. Voorbereidende maatregelen

1. Draag bij het maaien steeds vast schoeisel

en een lange broek. Maai niet op blote voeten of in lichte sandalen.

2. Controleer het terrein waar u de machine wilt

gebruiken en verwijder alle voorwerpen die kunnen worden gegrepen en weggeslingerd.

Benzine is uiterst ontvlambaar: - Bewaar benzine enkel in de daarvoor voor- ziene vaten. - Tank enkel in open lucht en rook niet terwijl u benzine in de tank giet. - Benzine moet in de tank worden gegoten voordat u de motor start. Terwijl de motor draait of als de maaier warm is mag de tank- dop niet worden opengedraaid of benzine worden bijgevuld. - Indien benzine overgelopen is, mag u geenszins proberen de motor te starten. In plaats daarvan moet de machine van de ve- rontreiniging door benzine worden ontdaan. Elke ontstekingspoging moet worden verme- den tot de benzinedampen vervlogen zijn. - Om veiligheidsredenen moeten benzinetank en andere tankdoppen bij beschadiging wor- den vervangen.

4. Vervang defecte geluidsdempers.

5. Voor gebruik dient u zich steeds door een

visuele controle ervan te vergewissen dat de maaigereedschappen, bevestigingsbouten en de gehele maai-eenheid niet afgesleten of beschadigd zijn. Ter voorkoming van on- balans mogen afgesleten of beschadigde maaigereedschappen en bevestigingsbouten enkel per set worden vervangen.

6. Bij gereedschappen met meerdere messen

dient u er rekening mee te houden dat door het draaien van één mes andere messen kunnen beginnen draaien. Gebruik van de handleiding

1. Laat de verbrandingsmotor niet in gesloten

ruimten draaien waarin zich gevaarlijk kool- monoxide kan verzamelen.

2. Maai enkel bij daglicht of bij een goede kunst-

matige verlichting. Indien mogelijk moet het gebruik van het toestel bij nat gras worden vermeden.

3. Let steeds op een veilige stand op hellingen.

4. Leidt de machine enkel stappend.

5. Bij machines op wielen geldt de volgende

regel: Maai dwars over de helling nooit op- of neerwaarts.

6. Wees bijzonder voorzichtig bij het veranderen

van rijrichting op een helling.

7. Maai niet op bovenmatig steile hellingen.

8. Wees bijzonder voorzichtig als u de maaier

omdraait of hem naar u toe trekt.

9. Stop het snijmes als de grasmaaier moet wor-

den gekanteld, bij een transport over andere oppervlakken dan gras of als de grasmaaier weg van het te maaien oppervlak of er naar- toe moet worden gebracht.

10. Gebruik de maaier nooit met beschadigde

veiligheidsinrichtingen of beschermende tralies of zonder aangebouwde veiligheidsin- richtingen, b.v. stootplaat en / of grasopvan- ginrichtingen.

11. Verander de regelafstellingen van de motor

niet en jaag hem niet over zijn toeren.

12. Zet de motorrem los voordat u de motor start.

13. Start de motor voorzichtig conform de inst-

ructies van de fabrikant. Blijf met uw voeten Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 102Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 102 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

steeds op voldoende afstand van het snijmes.

14. Tijdens het starten van de motor mag de

maaier niet worden gekanteld tenzij hij hierbij moet worden opgetild. Kantel hem in dit geval enkel zo ver als absoluut nodig en til enkel de van de gebruiker weg wijzende kant op.

15. Start de motor niet als u voor de uitwerpope-

16. Kom nooit met handen of voeten tegen of

onder draaiende onderdelen. Blijf steeds op afstand van de uitwerpopening.

17. Hef de maaier nooit op of draag hem nooit

terwijl de motor draait.

18. Trek de contactsleutel en de bougiestekker

af: - voordat u blokkeringen loszet of verstoppin- gen in de uitwerpopening verwijdert, - voordat u de gazonmaaier controleert, schoonmaakt of werkzaamheden erop uit- voert, - als een vreemd lichaam werd geraakt. Controleer de maaier op beschadigingen en voer de nodige herstellingen uit voordat u het toestel opnieuw start en er mee werkt. Indien de maaier ongewoon sterk begint te vibreren, is een onmiddellijke controle vereist. - als u zich van de gazonmaaier verwijdert.

19. Zet de motor af en vergewis u er zich van dat

het maaimes alsmede alle beweeglijke delen tot stilstand zijn gekomen - voordat u bijtankt.

20. Bij het afzetten van de motor dient u de ga-

shendel naar de positie „stop“ te brengen. De benzinekraan (indien aanwezig) moet worden dichtgedraaid.

21. Door gebruik te maken van de machine met

bovenmatige snelheid kan het ongevallenrisi- co verhogen.

22. Wees voorzichtig bij afstelwerkzaamheden

aan de machine en zorg dat uw vingers niet beklemd raken tussen het bewegende snij- gereedschap en starre onderdelen van het toestel. Onderhoud en opbergen

1. Zorg er voor dat alle moeren, bouten en

schroeven goed aangehaald zijn en dat het toestel zich in een toestand bevindt om er veilig mee te kunnen werken.

2. Bewaar de maaier met benzine in de tank

nooit binnen een gebouw waar mogelijk ben- zinedampen in contact kunnen komen met open vuur of vonken.

3. Laat de motor afkoelen voordat u de maaier

opbergt in een gesloten ruimte.

4. Ter voorkoming van brandgevaar dient de

motor, de uitlaat en de zone rond om de brandstoftank vrij te worden gehouden van gras, bladeren of ontsnappend vet (olie).

5. Controleer regelmatig of de grasopvangin-

richting slijtageverschijnsels vertoont resp. of hij naar behoren werkt.

6. Om veiligheidsredenen dienen versleten of

beschadigde onderdelen te worden vervan- gen.

7. Als de brandstoftank moet worden geleegd,

moet dit in open lucht gebeuren m.b.v. een benzinezuigpomp (verkrijgbaar in bouwmark- ten). Waarschuwing Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzin- gen. Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels ver- oorzaken. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst. Verklaring van het aanwijzingsbord op het toestel (zie fi g. 12)

1) Handleiding lezen

2) Let op! Gevaar door wegspringende stukken.

Veiligheidsafstand in acht nemen

3) Let op! voor scherpe messen - Voor alle

onderhouds-, herstel-, schoonmaak- en afstelwerkzaamheden de motor afzetten en bougiestekker aftrekken

4) Voor inbedrijfstelling olie en brandstof ingie-

5) Voorzichtig! Gehoorbeschermer en veilig-

7) Waarschuwing voor snijletsels. Let op! Rote-

2. Beschrijving van het toestel en

2.1 Beschrijving van het toestel (fi g. 1/2)

3. Bovenste en onderste schuifbeugel

7a. Olievulschroef 7b. Olieafl aatschroef

8. Snijhoogteafstelling

Gelieve de volledigheid van het artikel te controle- ren aan de hand van de beschreven leveringsom- vang. Indien er onderdelen ontbreken gelieve zich binnen de 5 werkdagen na aankoop van het artikel te wenden tot ons servicecenter mits vertoon van een geldig bewijs van aankoop of tot de dichtstbijzijnde desbetreff ende bouwmarkt.. Gelieve daarvoor de garantietabel in de garantie- bepalingen aan het einde van de handleiding in acht te nemen.

Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpakking.

Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpakkings-/transportbeveiligingen (indien aanwezig).

Controleer het toestel en de accessoires op transportschade.

Bewaar de verpakking indien mogelijk tot aan het einde van de garantieperiode. Let op Het toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mo- gen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen! Er bestaat inslik- en verstik- kingsgevaar!

Bovenste en onderste schuifbeugel

Serviceboekje benzine

Het toestel mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor het bedoeld is. Elk ver- der gaand gebruik is niet doelmatig. Voor daaruit voortvloeiende schade of letsel van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabri- kant, aansprakelijk. De benzinemaaier is geschikt voor particulier ge- bruik in de huis- en hobbytuin. Als grasmaaiers voor de particuliere huis- en hob- bytuin worden diegene beschouwd die doorgaans niet langer dan 50 uur jaarlijks overwegend wor- den gebruikt voor het verzorgen van gras- en ga- zonvlakten, maar niet in openbare plantsoenen, sportpleinen en ook niet in de land- en bosbouw. Wij wijzen erop dat onze toestellen overeen- komstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aansprakelijk indien het toestel in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. Het behoorlijk gebruik van de maaier houdt in dat de bijgaande gebruiksaanwijzing van de fabrikant in acht wordt genomen. De handleiding bevat ook de bedrijfs- en onderhoudsvoorwaarden. LET OP! Wegens lichamelijk gevaar voor de gebruiker mag de grasmaaier niet voor volgende werkzaamheden worden ingezet: voor het trim- men van heesters, heggen en struikgewassen, voor het snoeien of versnipperen van rank- gewassen of gazon op dakbeplantingen of in balkonbakken, voor het reinigen (afzuigen) van voetpaden of als hakselaar voor het versnipperen van snoeisels van bomen en heggen. De maaier mag evenmin worden gebruikt als motorhakfrees niet voor het gelijkmaken van bodemverheffi ngen, zoals b.v. molshopen. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 104Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 104 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Om veiligheidsredenen mag de grasmaaier niet worden gebruikt als aandrijfaggregaat voor an- dere werkgereedschappen en gereedschapssets van welke aard dan ook.

...........................................5 dB Draag een gehoorbeschermer. Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies. Trillingsemissiewaarde a

Onzekerheid K = 1,6 m/s

5. Vóór inbedrijfstelling

5.1 Assemblage van de componenten

Bij de levering zijn enkele onderdelen gedemon- teerd. De assemblage is eenvoudig uit te voeren mits de volgende instructies in acht worden ge- nomen. LET OP! Voor de assemblage en voor onder- houdswerkzaamheden hebt u het volgende gereedschap nodig dat niet bij de levering is begrepen:

een olieopvangbak plat (voor het verversen van olie)

een maatbeker 1 liter (bestand tegen olie/ benzine)

een trechter (passend bij de benzinevuldop van de tank)

huishoudstofdoeken (voor het afkuisen van olie-/benzineresten; verwijderen aan het pompstation)

een benzineafzuigpomp (plastic uitvoering, verkrijgbaar in bouwmarkten)

een oliekan met handpomp (verkrijgbaar in bouwmarkten)

1. Schuifbeugel (fi g. 3a, pos. 3) aan weerskan-

ten vastschroeven met telkens een schroef (fi g. 3a, pos12) en een sterschroef (fi g. 3a, pos. 11). Een van de gaten voor de bevesti- ging kiezen naargelang de gewenste gree- phoogte. LET OP! Aan weerskanten dezelfde hoogte instellen! Let er op dat de trekkabels die later worden bevestigd niet in de weg sta- an.

2. Maak de bovenste schuifbeugel met de ster-

schroeven (pos. 11) vast aan de onderste schuifbeugel, zoals getoond in afbeelding 3b.

3. De greep van de starttrekkabel (fi g. 3c, pos.

9) vasthaken op de haak die ervoor is voorzi-

en zoals getoond in fi g. 3c.

4. De trekkabels met de bijgaande kabelclips

(fi g. 3d, pos. 10) op de schuifbeugel vastzet- ten.

5. Uitwerpklep (fi g. 4a, pos. 5a) met één hand

opheff en en de grasopvangzak (fi g. 4a, pos. 4a) vasthaken zoals getoond in fi g. 4a.

5.2 Afstellen van de snijhoogte

Let op! Van maaihoogte mag enkel bij afge- zette motor en afgetrokken bougiestekker worden veranderd.

Voordat u begint te maaien controleer of de maaigereedschappen niet bot en hun beves- tigingsmiddelen niet beschadigd zijn. Vervang botte en/of beschadigde maaigereedschap- pen, indien nodig, per set om onbalans te voorkomen. Bij deze controle de motor afzet- ten en de bougiestekker aftrekken.

De maaihoogte wordt centraal ingesteld met behulp van de maaihoogteafstelhendel (fig. 7, pos. 8). U kunt verschillende maaihoogtes instellen.

LET OP! De motor wordt zonder benzine en olie gele- verd. Daarom dient u voor de inbedrijfstelling er zeker olie en benzine in te gieten. Om het ongewild starten van de maaier te voor- komen is die voorzien van een motorrem (fi g. 5a, pos. 1a) die u moet bedienen alvorens de maaier te starten. Bij het loslaten van de motorstart-/ motorstophendel moet die terugkeren naar zijn oorspronkelijke stand en de motor wordt automa- tisch afgezet. Zet de gasregelaar (fi g. 6) in de positie . Trek de motor start- / stophendel (fi g. 5b) uit en trek krachtig aan de startkabel. Voordat u begint met grasmaaien moet u deze handeling een paar keer herhalen, om er zeker van te zijn dat alles correct functioneert. Elke keer dat u eventuele instel- en/of reparatiewerkzaam- heden aan uw grasmaaier moet uitvoeren, wacht u tot het mes niet meer draait. Zet de motor vóór alle instel-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden af. Aanwijzingen:

1. Motorrem (fi g. 5a, pos. 1a): Gebruik de mo-

torstart-/motorstophendel om de motor af te zetten. Als u de motorstart-/motorstophendel loslaat, stoppen motor en maaimes vanzelf. Om te maaien houdt u de hefboom in werk- stand vast (fi g. 5b). Vóór het maaien zelf cont- roleert u de start/stophendel best meermaals. Vergewis u er zich van dat de trekkabel gem- akkelijk beweegt.

2. Waarschuwing: het maaimes roteert als de

motor wordt gestart. Belangrijk! vóór het starten van de motor beweegt u de motorrem meermaals om te controleren of de stopka- bel naar behoren werkt. Let op! De motor is berekend voor de maaisnelheid voor gras, en uitwerping van het gras in de opvangzak en voor een lange levensduur.

3. Controleer het oliepeil.

4. Gebruik voor het ingieten van benzine een

trechter en maatbeker. Vergewis u er zich van dat de benzine schoon is. Waarschuwing : gebruik altijd enkel een veilig- heidsbenzineblik. Rook niet bij het ingieten van benzine. Zet de motor af en laat de motor enkele minuten afkoelen voordat u de tank vult.

5. Vergewis u er zich van dat de ontstekingska-

bel aangesloten is op de bougie.

6. Ga achter de motormaaier staan. Een hand

moet aan de motorstart-/motorstophendel zijn. De andere hand moet aan de starter- greep zijn.

7. Start de motor d.m.v. de omkeerstarter (fi g. 1,

pos. 9). Te dien einde de greep ca. 10 tot 15 cm uittrekken (tot u een weerstand voelt), dan met een fl inke ruk naar u toe trekken. Mocht de motor niet aanslaan, opnieuw fl ink aan de greep trekken. Let op! De trekkabel niet terug laten sprin- gen. Let op: Bij fris weer kan het nodig zijn de startpoging meermaals te herhalen.

Belangrijke aanwijzingen :

1. Trek de gepaste kledij aan. Draag vast scho-

eisel en geen sandalen of tennisschoenen.

2. Controleer het mes. Een mes dat krom gebo-

gen of anders beschadigd is dient door een originele mes te worden vervangen.

3. Het vullen van de brandstoftank dient in open

lucht te gebeuren. Gebruik een vultrechter een een maatbeker. Veeg overgelopen benzi- ne weg.

4. Lees de handleiding en volg die op alsook de

instructies aangaande de motor en de hulp- stukken. Bewaar de handleiding toegankelijk ook voor andere gebruikers van het toestel.

5. Uitlaatgassen zijn gevaarlijk. Start de motor

enkel in open lucht.

6. Vergewis u er zich van dat alle veiligheidsin-

richtingen voorhanden zijn en naar behoren werken.

7. Het toestel mag enkel door een persoon wor-

den bediend die ertoe geschikt is.

8. Het maaien van nat gras kan gevaarlijk zijn.

Maai gras zo veel mogelijk droog.

9. Draag uw kinderen of andere personen op,

op afstand van de maaier te blijven.

10. Maai nooit bij slecht zicht.

6.2 Instructies voor het correct gras afrijden

LET OP! Open de uitwerpklep nooit als de grasopvanginrichting leeg wordt gemaakt en de motor nog draait. Het roterende mes kan letsels veroorzaken. Maak de uitwerpklep en de grasopvangzak steeds zorgvuldig vast. Als u die wilt verwijderen, moet u voordien verplicht de motor stopzetten. De door de geleidestangen gegeven veiligheid- safstand tussen meskooi en gebruiker dient steeds in acht te worden genomen. Tijdens het maaien en veranderen van rijrichting op bermen en hellingen dient u bijzonder voorzichtig te werk te gaan. Let op een veilige stand, draag schoenen met slipvaste zolen met stroef profi el en een lan- ge broek. Maai steeds dwars over de helling. Op hellingen van meer dan 15% mag om veilig- heidsredenen het gras niet met de maaier worden afgereden. Wees bijzonder voorzichtig bij het achteruit bewe- gen en trekken van de maaier. Struikelgevaar!

Maai enkel met een scherp en intact mes zodat de grashalmen niet uitrafelen en het gazon niet geel wordt. Om een keurig maaipatroon te bereiken leidt u de maaier in zo recht mogelijke banen. De banen moeten elkaar steeds overlappen met enkele centimeters zodat er geen stroken blijven staan. De onderkant van het koetswerk van de maaier schoon houden en afgezet gras zeker verwijde- ren. Afgezet materiaal bemoeilijkt het starten, doet afbreuk aan de maaikwaliteit en belemmert het uitwerpen van het gras. Op hellingen moet de maaibaan steeds dwars over de helling verlopen. Het wegglijden van de maaier kan door schuin omhoog verplaatsen wor- den voorkomen. Kies de maaihoogte naargelang de werkelijke lengte van het gras. Rijdt het gras in meerdere beurten af zodat het gras per beurt maximaal 4 cm korter wordt gereden. Voordat u controles van welke aard dan ook aan het mes uitvoert dient u de motor af te zetten. Denk eraan dat het mes na het afzetten van de motor nog enkele seconden blijft draaien. Probeer nooit het mes te stoppen. Controleer regelmatig of het mes correct bevestigd, in perfecte staat en goed geslepen is. Slijp of vervang het mes indien dit niet het geval is. Indien het roterende mes een voorwerp raakt, de maaier uitschakelen en wachten tot het mes helemaal stilstaat. Cont- roleer vervolgens de toestand van het mes en de meshouder. Als het mes beschadigd is, moet het worden vervangen. Instructies voor het gras afrijden:

1. Let op vaste voorwerpen. De maaier zou

kunnen worden beschadigd of er zouden ver- wondingen kunnen worden veroorzaakt.

2. Een warme motor, uitlaat of aandrijving kun-

nen brandwonden veroorzaken. Niet aanra- ken!

4. Ontbrekend daglicht of niet voldoende kunst-

matige verlichting zijn een reden om het gras afrijden te stoppen.

5. Controleer de maaier, het mes en de andere

componenten als u in een vreemd voorwerp bent gereden of als het toestel sterker vibre- ert dan normaal.

6. Verander niet van afstelling of voer geen her-

stellingen uit zonder de motor voordien af te zetten. Trek er de stekker van de ontstekings- kabel af.

7. Let op het wegverkeer op een weg of in de

buurt ervan. Hou de grasuitworp weg van de weg.

8. Vermijd plaatsen waar de wielen geen grip

meer hebben of het maaien onveilig is. Voor- dat u achteruit gaat dient u er zich van te vergewissen dat geen kleine kinderen achter u zijn.

9. In dicht hoog gras gebruikt u de hoogste

maaistand en maait u trager. Voordat u gras of andere verstoppingen verwijdert zet u de motor af en neemt u de ontstekingskabel los.

10. Verwijder nooit onderdelen die de veiligheid

11. Giet nooit benzine in de tank als de motor

6.4 Leegmaken van de grasopvangzak

Zodra tijdens het gras afrijden grasresten blijven liggen, moet de opvangzak leeg worden gemaakt. LET OP! Vóór het afnemen van de opvangzak de motor afzetten en wachten tot het maaige- reedschap tot stilstand is gekomen. Om de opvangzak af te nemen tilt u met één hand de uitwerpklep op en met de andere hand neemt u de opvangzak aan het handvat uit (fi g. 4a). Overeenkomstig de veiligheidsvoorschriften valt de uitwerpklep bij het wegnemen van de opvangzak dicht en sluit de achterste uitwerpope- ning. Als daarbij grasresten in de opening blijven hangen, trekt u de maaier best ongeveer 1 m terug om het starten van de motor te vergemak- kelijken. Grasresten in het koetswerk van de maaier en op het werkgereedschap niet met de hand of de voet verwijderen maar met de gepaste hulpmiddelen, b.v. borstel of handveger. Om een goed opraapresultaat te bereiken dienen de opvangzak en vooral het net na gebruik van binnen te worden schoongemaakt. Opvangzak enkel vasthaken als de motor afgezet is en het maaigereedschap stilstaat. Uitwerpklep met één hand optillen en met de andere hand de opvangzak aan het handvat vast- houden en van boven vasthaken.

6.5 Na het gras afrijden

1. De motor steeds laten afkoelen voordat u de

maaier in een gesloten ruimte opbergt.

2. Verwijder voor het opbergen gras, loof, smeer

en olie. Leg geen andere voorwerpen op de maaier.

3. Controleer alle schroeven en moeren voordat

u de maaier opnieuw gebruikt. Los gekomen schroeven moeten worden aangehaald.

4. Verwijder de opvangzak voordat u de maaier

gebruik te voorkomen.

6. Let er op dat de maaier niet naast een geva-

renbron wordt opgeborgen. Gaswolken kun- nen leiden tot ontploffi ngen.

7. Enkel originele onderdelen of door de fab-

rikant goedgekeurde onderdelen mogen bij herstellingen worden gebruikt (zie adres op het garantiebewijs).

8. Als de maaier een tijdje niet wordt gebruikt,

dient u de benzinetank te ledigen m.b.v. een benzinezuigpomp.

9. Draag kinderen op, de maaier niet te gebrui-

ken. Het is geen speelgoed.

10. Bewaar nooit benzine in de buurt van een

vonkenbron. Gebruik altijd een goedgekeurde jerrycan. Hou kinderen weg van benzine.

11. Olie en onderhoudt het toestel.

12. Hoe u de motor afzet: Om de motor af te

zetten laat u de motor motorstart-/mo- torstophendel los (fi g. 5a, pos. 1a). Trek de bougiestekker af van de bougie om te voorkomen dat de motor start. Controleer vóór het herstarten de trekkabel van de mo- torrem. Controleer of de trekkabel correct gemonteerd is. Een geknikte of beschadigde afzetkabel moet worden vervangen.

7. Reiniging, onderhoud, opbergen,

transport en bestellen van wisselstukken Let op: Werk nooit aan onderdelen van het ontste- kingssysteem waarop spanning staat en raak deze nooit terwijl de motor draait. Trek vóór alle onderhoudswerkzaamheden de stekker van de ontstekingskabel van de bougie af. Voer nooit om het even welke werkzaamheden op het draaiende toestel uit. Werkzaamheden die niet in deze hand- leiding beschreven zijn mogen enkel door een geautoriseerde vakwerkplaats worden uitgevoerd.

Het is aan te raden de maaier na elk gebruik grondig schoon te maken. Vooral de onderkant en de meskooi. Te dien einde kantelt u de gras- maaier naar de linkerkant (overkant van het olie- vulpijp). Aanwijzing: Voordat u de gazonmaaier kantelt moet u de brandstoftank volledig leegmaken m.b.v. een benzinezuigpomp. De maaier mag met niet meer dan 90 graden worden gekanteld. Vuil en gras verwijdert u best onmiddellijk na het gras afrijden. Vastgekoekte grasresten en vuil kunnen het maaien moeilijker maken. Controleer of de grasuitwerpkoker vrij is van grasresten en verwi- jder die indien nodig. Maak de maaier nooit met een waterstraal of hogedrukreiniger schoon. Zorg ervoor dat geen water binnen in het toestel te- recht kan komen. Agressieve reinigingsmiddelen zoals koude reinigers of wasbenzine mogen niet worden gebruikt. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 108Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 108 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Voor onderhoudsintervallen wordt verwezen naar het bijgaande onderhoudsboekje ben- zine. Let op: Vervuild onderhoudsmateriaal, oliën, vet- ten enz. dient u naar een inzamelplaats te bren- gen die daarvoor is voorzien.

7.2.1 Wielassen en wielnaven

Moeten eenmaal per seizoen lichtjes worden in- gevet. Daarvoor neemt u de wielkappen met een schroevendraaier af en maakt u de bevestigings- schroeven van de wielen los.

Laat het mes om veiligheidsredenen enkel door een geautoriseerde vakwerkplaats slijpen, uitba- lanceren en monteren. Om een optimaal werkre- sultaat te bereiken is het aan te bevelen het mes eenmaal jaarlijks te laten controleren. Verwisselen van mes (fi g. 8) Bij het vervangen van het snijgereedschap mogen enkel originele wisselstukken worden gebruikt. De kenmerking van het mes moet overeenstemmen met het nummer opgegeven in de wisselstukkenlijst. Nooit een ander mes monteren. Beschadigde messen Mocht het mes ondanks alle voorzichtigheid in contact komen met een hindernis, onmiddellijk de motor afzetten en de bougiestekker aftrekken. Maaier opzij kantelen en mes op beschadiging controleren. Beschadigde of kromgebogen messen moeten worden vervangen. Nooit een kromgebogen mes weer rechtbuigen. Nooit met een kromgebogen of fl ink versleten mes werken, want dat veroorzaakt trillingen en kan verdere be- schadigingen van de maaier tot gevolg hebben. Let op: Er bestaat lichamelijk gevaar als met een beschadigd mes wordt gewerkt. Mes bijslijpen De meskanten kunnen met een metaalvijl worden bijgeslepen. Om onbalans te voorkomen dient het slijpen enkel door een geautoriseerde vakwerk- plaats te worden uitgevoerd.

7.2.3 Oliepeilcontrole

Let op: Motor nooit zonder of met te weinig olie laten draaien. Daardoor kan zware schade aan de motor worden berokkend. Controle van het oliepeil: Plaats de maaier op een eff en horizontaal vlak. Draai er de oliepeilstok (fi g. 9a, pos. 7a) naar links uit en wis de peilstok af. Peilstok de vulpijp terug in steken tot tegen de aanslag, maar niet dicht- draaien. Peilstok uittrekken, horizontaal houden en het oliepeil afl ezen. Het oliepeil moet zich tussen MAX en MIN van de oliepeilstok (fi g. 9b) bevinden. Verversen van de olie Het is aan te bevelen de motorolie bij kamertem- peratuur te verversen.

Zet een platte olieopvangbak onder de maai- er gereed.

Draai de olieaftapplug (fig. 9c, pos. 7b) open. Laat de warme motorolie weglopen naar een opvangreservoir.

Na het uitlopen van de afgewerkte olie de olieaftapplug terug dichtdraaien.

Verse motorolie ingieten tot het bovenste merk van de oliepeilstok is bereikt.

LET OP! Oliepeilstok voor het controleren van het oliepeil niet indraaien maar slechts tot aan de schroefdraad insteken.

U dient zich van de afgewerkte olie volgens de van kracht zijnde bepalingen te ontdoen.

7.2.4 Onderhoud en afstelling van de trekka-

bels De trekkabels vaak oliën en controleren of ze ge- makkelijk bewegen.

7.2.5 Onderhoud van de luchtfi lter (fi g. 10)

Door verontreinigde luchtfi lters gaat het motor- vermogen achteruit omdat te weinig lucht naar de carburator wordt toegevoerd. Bij zeer stoffi ge lucht dient de luchtfi lter vaker te worden gecont- roleerd. Let op: Luchtfi lter nooit met benzine of brandbare oplosmiddelen schoonmaken. Luchtfi lter enkel met perslucht of door uitkloppen reinigen. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 109Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 109 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

7.2.6 Onderhoud van de bougie

Reinig de bougie met een koperen draadborstel.

Trek er de bougiestekker (fig. 11, pos. 14) met een draaiende beweging af.

Verwijder de bougie met behulp van een bou- giesleutel.

De assemblage gebeurt in omgekeerde volgorde.

Na een herstelling of na een onderhoudsbeurt dient er zich van te vergewissen dat alle veilig- heidsrelevante onderdelen aangebracht en in een behoorlijke staat zijn. Stukken die verwon- dingen kunnen veroorzaken dienen voor andere personen en kinderen ontoegankelijk te worden bewaard. Let op: Volgens de productaansprakelijkheidswet zijn wij niet aansprakelijk voor schade die door ondeskundige herstelling is veroorzaakt of als bij wisselstukken niet de originele stukken of door ons goedgekeurde stukken worden gebruikt. Wij zijn evenmin aansprakelijk voor schade die te wijten is aan ondeskundige herstellingen. Laat herstellingen door de klantendienst of door een geautoriseerde vakman uitvoeren. Dit geldt anal- oog ook voor accessoires.

Wat betreft de werktijden gelieve de van kracht zijnde wettelijke bepalingen in acht te nemen die plaatselijk kunnen verschillen.

7.3 Voorbereiding voor het opbergen van de

maaier Waarschuwing: Verwijder de benzine niet in ges- loten ruimten, in de buurt van vuur of tijdens het roken. Gasdampen kunnen ontploffi ngen of brand veroorzaken.

1. Maak de benzinetank met een benzinezuig-

2. Start de motor en laat hem draaien tot de res-

terende benzine is verbruikt.

3. Ververs de olie telkens aan het einde van het

seizoen. Te dien einde de afgewerkte motoro- lie uit de warme motor verwijderen en verse olie ingieten.

4. Verwijder de bougie van de cilinderkop. Giet

ca. 20 ml olie de cilinder in m.b.v. een oliekan. Trek de startergreep langzaam zodat de olie de cilinder binnen beschermt. Draai de bou- gie er weer in.

5. Maak de koelribben van de cilinder en het

6. Maak het hele toestel schoon om de lakverf

7. Bewaar het toestel op een goed verluchte

7.4 Voorbereiding van de maaier voor het

2. Laat de motor draaien tot al de resterende

benzine verbruikt is.

3. Verwijder de motorolie uit de warme motor.

4. Verwijder de bougiestekker van de bougie.

5. Maak de koelribben van de cilinder en het

6. Haak de starttrekkabel los uit de haak (fi g.

3c). Draai de stermoeren los en klap de bo- venste schuifbeugel omlaag. Let er wel op dat de trekkabels bij het omklappen niet worden geknikt.

7. Wind enkele lagen golfkarton tussen de bo-

venste en onderste schuifbeugel en de motor om het schuren te voorkomen.

7.5 Verbruiksmateriaal, slijtagemateriaal en

wisselstukken Wisselstukken, verbruiks- en slijtagematerialen zoals b.v. motorolie, v-snaren, bougies, luchtfi lter- element, benzinefi lter, batterijen of messen vallen niet onder de garantie van het toestel. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 110Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 110 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

7.6 Bestellen van wisselstukken

Gelieve bij het bestellen van wisselstukken vol- gende gegevens te vermelden :

Type van het toestel

Artikelnummer van het toestel

Ident-nummer van het toestel

Wisselstuknummer van het benodigde stuk. Actuele prijzen en info vindt u terug onder www.isc-gmbh.info

8. Verwijdering en recyclage

Het toestel bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan in de grondstofkringloop teruggebracht worden. Het toestel en zijn accessoires bestaan uit di- verse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof. Ontdoe u van defecte onderdelen op de inza- melplaats waar u gevaarlijke afvalstoff en mag afgeven. Informeer u in uw speciaalzaak of bij uw gemeentebestuur! Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 111Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 111 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Waarschuwing: eerst de motor afzetten en de bougiestekker aftrekken voordat onderhouds- of justeer- werkzaamheden worden uitgevoerd. Waarschuwing: als de motor na een justering of herstelling enkele minuten gedraaid heeft, denk eraan dat de uitlaat en andere onderdelen warm zijn. Dus niet aanraken om brandwonden te voorkomen. Storing Mogelijke oorzaak Verhelpen Verticuteerder loopt onrustig of vibreert hevig - Schroeven los - Mes zit los - Onbalans van het mes - Schroeven controleren - Bevestiging van het mes controle- ren - Mes vervangen Motor draait niet - motorstart-/motorstophendel niet gedrukt - Gashendel in verkeerde stand - Bougie defect - Brandstoftank leeg - Motorstart-/motorstophendel druk- ken - Afstelling controleren - Bougie vervangen - Brandstof ingieten Motor draait onre- gelmatig - Luchtfi lter vervuild - Bougie vervuild - Luchtfi lter schoonmaken - Bougie reinigen Het gazon wordt geel, maaipatroon onregelmatig - Mes bot - Maaihoogte te gering - Motortoeren te gering - Mes slijpen - Correcte maaihoogte afstellen - Hendel naar de stand max. bren- gen Gras wordt niet naar behoren uitgewor- pen - Motortoeren te gering - Maaihoogte te laag - Mes versleten - Grasopvangzak verstopt geraakt - Gashendel naar de stand max. brengen - Correct afstellen - Mes vervangen - Grasopvangzak leegmaken Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 112Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 112 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of ge- deeltelijk, enkel toegestaan mits uitdrukkelijke toestemming van iSC GmbH. Technische wijzigingen voorbehouden Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 113Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 113 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Garantiebepalingen De fi rma iSC GmbH of de desbetreff ende bouwmarkt garandeert het verhelpen van gebreken resp. de vervanging van het toestel overeenkomstig het onderstaande overzicht waarbij de wettelijke garantiec- laims onaangetast blijven. Categorie Voorbeeld Garantieprestatie Gebreken aan materiaal of con- structie 24 maanden Slijtstukken* Luchtfi lter, bowdenkabels, op- vangkorf, banden, rijkoppeling 6 maanden Verbruiksmateriaal/ verbruiksstukken* Mes Garantie enkel in geval van onmiddellijk defect (24u na datum van aankoop/bewijs van aankoop) Ontbrekende onderdelen 5 werkdagen

  • niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen! Wat betreft slijtstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen garandeert de fi rma iSC GmbH of de desbetreff ende bouwmarkt het verhelpen van gebreken resp. een nalevering alleen indien het gebrek binnen de 24u (verbruiksmateriaal), 5 werkdagen (ontbrekende onderdelen) of 6 maanden (slijtstukken) na aankoop wordt aangegeven en de datum van aankoop door het bewijs van aankoop wordt aangetoond. Bij materiaal- of constructiegebreken verzoeken wij u ons het toestel in geval van garantie samen met de bijgaande garantiekaart te bezorgen en deze kaart volledig in te vullen. Belangrijk is hierbij een nauwkeurige beschrijving van de fout op te geven. Gelieve daarvoor onderstaande vragen te beantwoorden:

Heeft het toestel reeds eenmaal gewerkt of was het vanaf het begin defect?

Is u iets opgevallen voordat het defect zich voordeed (symptoom vóór het defect)?

Welke foutieve werkwijze vertoont het toestel volgens u (hoofdsymptoom)? Beschrijf deze foutieve werkwijze. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 114Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 114 11.09.13 12:2811.09.13 12:28NL

Garantiebewijs Geachte klant, onze producten zijn aan een strenge kwaliteitscontrole onderhevig. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, spijt het ons ten zeerste en vragen u zich tot onze servicedienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs te wenden. Wij staan ook graag telefonisch tot uw dienst via het hi- eronder vermelde servicetelefoonnummer. Voor vorderingen in verband met garantie geldt het volgende:

1. Deze garantievoorwaarden regelen bijkomende garantieprestaties. Uw wettelijke garantieclaims

blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor uw gratis.

2. De garantieprestatie heeft uitsluitend betrekking op gebreken die te wijten zijn aan materiaal- of fab-

ricagefouten en is beperkt tot het verhelpen van deze gebreken of het vervangen van het apparaat. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet geconstrueerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Een garantieovereenkomst komt daarom niet tot stand als het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen acti- viteiten wordt gebruikt. Uitgesloten van onze garantie zijn verder schadeloosstellingen voor trans- portschade, schade door niet-naleving van de montage-instructies of op grond van ondeskundige installatie, niet-naleving van de handleiding (zoals door b.v. aansluiting op een verkeerde netspan- ning of stroomsoort), oneigenlijke of onoordeelkundige toepassingen (zoals b.v. overbelasting van het apparaat of gebruik van niet toegestane inzetgereedschappen of toebehoren), niet-naleving van de onderhouds- en veiligheidsbepalingen, binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals b.v. zand, stenen of stof), gebruikmaking van geweld of invloeden van buitenaf (zoals b.v. schade door neervallen) alsmede door normale slijtage die zich bij het doelmatig gebruik van het apparaat voordoet. Dit geldt vooral voor accu’s waarop wij 12 maanden garantie geven. Er kan geen aanspraak op garantie worden gemaakt als op het apparaat reeds ingrepen werden uitgevoerd.

3. De garantieperiode bedraagt 2 jaar en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garan-

tieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het geldend maken van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt noch tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.

4. Om een garantieclaim geldend te maken dient u het defecte apparaat franco op te sturen aan het

hieronder vermelde adres. Voeg het originele verkoopbewijs of een ander gedateerd bewijs van aankoop bij. Gelieve daarom de kassabon als bewijs goed te bewaren! Wij verzoeken u de reden van de klacht zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie bezorgen wij u per omgaande een hersteld of nieuw apparaat terug. Uiteraard staan wij ook tot u dienst om mits betaling van de kosten defecten van het apparaat te verhel- pen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres op. Voor slijtstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen wordt verwezen naar de beperkingen van deze garantie conform de garantiebepalingen van deze handleiding. Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 115Anl_GH_PM_46_HW_SPK7.indb 115 11.09.13 12:2811.09.13 12:28SLO

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : EINHELL

Model : GH-PM 46 HW

Categorie : Grasmaaier