VTP-18 - Boor HiKOKI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VTP-18 HiKOKI in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VTP-18 HiKOKI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VTP-18 - HiKOKI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VTP-18 van het merk HiKOKI.
GEBRUIKSAANWIJZING VTP-18 HiKOKI
Nederlands ALGEMENE VOORZORGMAATREGELEN WAARSCHUWING! Bij gebruik van elektrisch gereedschap moet u altijd de normale basisvoorzorgen voor de veiligheid in acht nemen om de kans op brand, elektrische schokken en letsel te verminderen. Let tevens op de volgende punten. Lees al de aanwijzingen door alvorens het gereedschap in gebruik te nemen. Bewaar deze aanwijzingen. Voor een veilige werking:
1. Houd de plaats waar gewerkt wordt schoon. Niet
opgeruimde werkplaatsen en werkbanken verhogen het gevaar van ongelukken.
2. Kies een geschikte omgeving om te werken. Stel
electrisch gereedschap niet aan regen bloot. Gebruik electrisch gereedschap niet op vochtige of natte plaatsen. Zorg dat de werkplaats goed verlicht is. Gebruik elektrisch gereedschap niet op plaatsen waar brand- of explosiegevaar is.
3. Vermijd een electrische schok. Let er daarom op
dat er geen contact is met geaarde oppervlakken zoals pijpen, radiators, keukenfornuis of ijskast.
4. Houd kinderen uit de buurt. Laat bezoekers het
gereedschap of snoer niet aanraken. Alle bezoekers moeten een veilige afstand tot de werkplaats aanhouden.
5. Ruim overbodig gereedschap op. Gereedschap dat
niet gebruikt wordt moet op een droge, hooggelegen of af te sluiten plaats buiten het bereik van kinderen opgeborgen worden.
6. Forceer het gereedschap niet. Het levert een betere
en veiligere prestatie op de snelheid waarvoor zij werd ontworpen.
7. Gebruik het juiste gereedschap. Gebruik een klein
gereedschap of hulpstuk niet voor werkzaamheden waarvoor een apparaat met groot vermogen vereist is. Gebruik het gereedschap niet voor doeleinden waarvoor dit niet bestemd is (bijvoorbeeld gebruik van de cirkelzaag voor het zagen van bomen).
8. Draag de juiste kleding. Draag geen loszittende
kleren of armbanden e.d. daar deze in de bewegende delen verstrikt kunnen raken. Bij het werken buitenshuis wordt het gebruik van rubber handschoenen en stevige, niet glijdende schoenen aanbevolen.
9. Draag een veiligheidsbril. Ontstaat er veel stof
tijdens het werken, draag dan eveneens een gezichtsbeschermer en/of stofmasker.
10. Sluit apparatuur voor het verzamelen van stof
aan. Indien apparatuur voor het verzamelen van stof is bijgeleverd, moet u deze apparatuur op de vereiste wijze verbinden en gebruiken zoals wordt beschreven.
11. Behandel het snoer voorzichtig. Draag het gereed
schap nooit door dit bij het snoer vast te houden. Bescherm het snoer tegen hitte, olie en scherpe hoeken.
12. Neem de uiterste veiligheid in acht. Gebruik
klemmen of een bankschroef om het werkstuk vast te zetten. Hierdoor heeft u uw handen vrij om het gereedschap te bedienen.
13. Buig u nooit te ver naar voren. Kies een goede
plaats en behoud altijd uw evenwicht.
14. Behandel het gereedschap voorzichtig. Zorg ervoor
dat het gereedschap scherp en schoon is zodat een goed en veilig prestatievermogen wordt verkregen. Volg de gebruiksaanwijzing voor het smeren en het verwisselen van toebehoren. Inspecteer de snoeren regelmatig op beschadiging en laat deze zonodig door een erkend servicecenter repareren. Controleer de verlengsnoeren ook regelmatig en vervang deze bij beschadiging. Houd alle handgrepen droog en schoon en vrij van olie en vet.
15. Trek de stekker uit het stopcontact als het gereed
schap niet wordt gebruikt en ook bij onderhoudsbeurten, het verwisselen van toebehoren zoals bladen, boren, messen e.d.
16. Verwijder sleutels en moersleutels. Maak er een
gewoonte van voor het inschakelen te controleren of alle sleutels en moersleutels verwijderd zijn.
17. Schakel het gereedschap niet onverwacht in. Draag
geen aangesloten gereedschap met de vinger op de schakelaar. Controleer altijd of het gereedschap uitgeschakeld staat alvorens dit aan te sluiten.
18. Bij het werken buitenshuis dient een verlengsnoer
te worden gebruikt. Gebruik dan alleen verlengsnoeren die geschikt zijn voor het werken buitenshuis en desbetreffend gemerkt zijn.
19. Let altijd goed op tijdens het werken. Kijk uit wat
u doet en gebruik het gereedschap niet als u moe bent.
20. Bij beschadiging van een van de onderdelen dient
dit nauwkeurig te worden nagekeken en gerepa reerd alvorens het gereedschap opnieuw in gebruik wordt genomen. Let erop dat het betreffende on derdeel zijn functie goed vervult. Controleer of de bewegende delen goed zijn gemonteerd en vrij kunnen bewegen. Dit om een foutief functioneren van het gereedschap te voorkomen. Bij de beschadiging van een onderdeel dient de reparatie altijd te worden overgelaten aan een erkend ser vice-center, tenzij in deze gebruiksaanwijzing an ders wordt voorgeschreven. Laat ook defekte schakelaars vervangen door een erkend service- center. Gebruik het gereedschap niet als de aan/ uit-schakelaar niet werkt.
Het gebruik van toebehoren of verlengstukken waarvan het gebruik niet in deze gebruiksaanwijzing is aangegeven, veroorzaakt mogelijk letsel.
22. Laat het elektrisch gereedschap door een vakman
repararen. Dit elektrisch gereedschap voldoet aan de vereiste eisen voor de veiligheid. Voorkom mogelijk zeer ernstige ongelukken en laat derhalve reparatie over aan een erkend vakman die de originele reserve-onderdelen gebruikt. VOORZORGSMAATREGELEN BETREFFENDE
HET GEBRUIK VAN DE KLOPBOORMACHINE
1. Voordat men in een wand, vloer of plafond boort,
moet men zich er eerst terdege van overtuigen, dat er geen electrische kabels of buizen onder liggen.
2. Houd de handgrepen van het electrisch gereedschap
altijd stevig vast. Zoniet dan zal de tegendruk onzuiver werk of gevaarlijke situaties in de hand werken.Nederlands
Model VTP-18 VTV-18 Voltage (verschillend van gebied tot gebied)* (110V, 115V, 120V, 127V, 220V, 230V, 240V) Opgenomen vermogen 640W* Snelheden 1 2 1 2 Toerental onbelast 1050/min 1800/min 0 – 1050/min 0 – 1800/min Boordiameter: Staal 13mm 8mm 13mm 8mm Beton 18mm 10mm 18mm 10mm Gewicht (zonder kabel) 2,3 kg TECHNISCHE GEGEVENS *Controleer het naamplaatje op het apparaat, daar het apparaat afhankelijk van het gebied waar het verkocht wordt gewijzigd kan worden. STANDAARD TOEBEHOREN (1) Boorhoudersleutel ..................................................... 1 (2) Handgreep ................................................................. 1 (3) Diepteaanslag ............................................................ 1 De standaard toebehoren kunnen zonder aankondiging op ieder moment worden veranderd. EXETRA TOEBEHOREN (los te verkrijgen) 䡬 Betonboren Buitendiameter lengte kencijfer 6,5mm 100mm 931851 8,0 100 931852 9,5 120 931853 10,0 120 931854 12,0 160 971704 13,0 160 931855 14,3 160 931776 16,0 160 971670 18,0 300 950496 De extra toebehoren kunnen zonder aankodiging op ieder moment worden veranderd. TOEPASSINGSGEBIEDEN 䡬 Slagboorfunctie: Het boren van gaten in beton, marmer, graniet, tegels en dergelijke materialen. 䡬 Normale boorfunctie: Het boren van gaten in metaal, hout en kunststof.
Controleren of de netspanning overeenkomt met de opgave op het naamplaatje.
Controleren of de netschakelaar op “UIT” staat. Wanneer de stekker op het net aangesloten is, terwijl de schakelaar op “AAN” staat, begint het gereedschap onmiddellijk te draaien, hetwelk ernstig gevaar betekent.
Wanneer het werkterrein niet in de buurt van een stopcontact ligt, dan moet men gebruik maken van een verlengsnoer, dat voldoende dwarsprofiel en voldoende nominaal vermogen heeft. Het verlengsnoer moet zo kort mogelijk gehouden worden.
4. Het inzetten van de boor:
De boor wordt aangebracht in de boorhouder en de daarvoor bestemde sleutel gebruikt men voor het vastdraaien. Voor het vastdraaien van de zijstukken steekt men de boorhoudersleutel na elkaar in elk van de drie gaten.
5. De keuze van de juiste boor:
䡬 Bij boren in beton of steen: Gebruik maken van de boren, die genoemd werden bij de extra toebehoren. 䡬 Bij boren in metaal of kunststof: Gebruik maken van een normale metaalboor. 䡬 Bij boren in hout: Gebruik maken van een normale houtboor. Voor gaten van 6,5mm of kleiner maakt men gebruik van een metaalboor.
6. Omschakelen van een hoog toerental naar een laag
toerental: Voor het veranderen van toerental moet men zich ervan overtuigen dat de schakelaar op UIT staat en de boor zich niet meer beweegt. Voor het omschakelen drukt men de vastzetknop in en schuift hem in de gewenste richting, zoals aangeduid wordt in Afb. 1 d. m. v. de pijl. Het op de kast ingeslagen cijfer “1” betekent laag toerental, het cijfer “2” betekent een hoog toerental.
7. Het omschakelen van slagboorfunctie naar normale
boorfunctie: (Afb. 2) De slagboormachine kan door eenvoudig draaien van de stelring omgeschakeld worden van de slagboormachine naar gewone boorfunctie. Bij boren in beton, steen, tegels, en dergelijke harde materialen draait men de stelring met de klok mee tot de aanslag. De boor slaat tegen het materiaal, terwijl hij tegelijkertijd draait. Bij boren in metaal, hout of kunststof draait men de stelring tegen de klok in tot de aanslag. De21 Nederlands boormachine draait dan als een normale electrische boormachine. LET OP De slagboor niet gebruiken met slagboorfunctie, wanneer het materiaal met de normale boorfunctie geboord kan worden. Men vermindert daardoor niet alleen het vermogen van de boor, de boorpunt kan tevens beschadigd worden. Bij het omschakelen moet er op gelet worden, dat de stelring tot aan de aanslag gedraaid wordt.
8. Het aanbrengen van de handgreep:
De stelbout van de handgreep wordt losgedraaid en men bevestigt de greep aan de kast in een voor het boren geschikte stand. Het uitstekende gedeelte van de greep wordt op de groef van de kast gericht en de stelbout wordt aangedraaid. Voor het afmonteren van de green wordt de stelbout losgedraaid en de handgreep gedraaid. Voor het aanbrengen van de dieptestopper aan de handgreep zet men de dieptestopper in de u-vormige groef van de handgreep, de dieptestopper wordt op de gewenste diepte ingesteld en men draait de stelbout vast. PRAKTISCHE WERKWIJZE
Het boren wordt niet bespoedigd door het uitoefenen van een sterke druk op de boor. Extra druk leidt tot een beschadigde boor, een verminderde boorprestatie en/of kortere levensduur van de boormachine.
2. Het gebruik van een boor met grote diameter:
Hoe groter de boordiameter, des te sterker is de op de arm terugwerkende kracht. Men moet er op letten, dat men door deze terugwerkende kracht niet de macht over de boormachine verliest. Voor een goede controle is een zekere stand vereist, men moet de boormachine met beide handen vasthouden en er voor zorgen, dat de boormachine loodrecht op het materiaal staat, waarin men boort.
3. Bij boren door het materiaal:
Wanneer de boor volledig door het materiaal heenboort, leidt een achteloze hantering dikwijls tot een afgebroken boor of tot een beschadiging van de boormachine zelf op grond van de plotselinge beweging van de boormachine. Men moet er steeds op voorbereid zijn de druk bij het doorboren van het materiaal te verminderen.
4. Bediening van de schakelaar:
(1)VTP-18 : Door het bedienen van de drukschakelaar en het indrukken van de vergrendeling, wordt de schakelaar voor doorlopend bedrijf op “AAN” gehouden. Voor het uitschakelen bedient men opnieuw de drukschakelaar en laat deze los. (2) VTV-18 : Het toerental van de boor kan door verandering van de druk op de drukschakelaar geregeld worden. De snelheid is gering, wanneer de drukschakelaar slechts licht ingedrukt is en, wordt verhoogd wanneer de schakelaar verder ingedrukt wordt. Doorlopend bedrijf verkrijgt men door het indrukken van de drukschakelaar en het indrukken van de vergrendelknop. Voor het uitschakelen drukt men de drukschakelaar opnieuw in en maakt de vergrendelknop los. Na het loslaten keert de drukschakelaar terug op de oorspronkelijke plaats.
5. Veiligheidsmaatregelen bij het boren:
De boor kan tijdens het bedrijf oververhit raken, is echter nog in staat verder te functioneren. De boor niet afkoelen in water of olie.
6. Veiligheidsmaatregelen onmiddellijk na het gebruik:
Onmiddellijk na gebruik kan, wanneer de boormachine nog draait, en op een plaats gelegd word, waar zich aanzienlijke hoeveelheden boorafval en stof op gehoopt hebben, stof in het boormechanisme gezogen worden. Op deze ongewenste mogelijkheid moet steeds gelet worden.
ONDERHOUD EN INSPECTIE
1. Inspectie van de boor:
Aanhoudend gebruik van een stompe of beschadigde boor leidt tot een verminderde boorprestatie en kan de motor van de boormachine aanzienlijk overbelasten. Controleer de boor regelmatig en verwissel deze eventueel door een nieuwe boor.
2. Inspectie van de bevestigingsschroef:
Alle bevestigingsschroeven worden regelmatig geinspecteerd en gecontroleerd of zij juist aangedraaid zijn. Wanneer één van de schroeven losraakt, dan moet daze onmiddellijk opnieuw aangedraaid worden. Gebeurt dat niet, dan kan dat tot aanzienlijke gevaren leiden.
3. Inspectie van de koolborstels (Afb. 3)
Bij de motor zijn koolborstels gebruikt, die onderhevig zijn aan slijtage.Versleten koolborstels leiden tot problemen bij de motor. Dietengevolge dienen de koolborstels vervangen te worden door borstels die hetzelfde nummer hebben als de afbeelding aantoont, wanneer de koolborstel versleten, of bijna versleten zijn. Bovendien moeten de koolborstels altijd schoon zijn en zich vrij in de borstelhouders kunnen bewegen.
4. Het verwisselen van de koolborstel:
䡬 Uit elkaar nemen: (1) De drie schroeven aan het deksel van de machine worden losgedraaid en het deksel wordt verwijderd. De plaat, waarmee de borstelhouder op zijn plaats gehouden wordt, wordt door verwijdering van de veiligheidsschroef verwijderd. (2) De borstelhouder wordt er samen met de koolborstel uitgenomen, waarbij er zorgvuldig op gelet moet worden, niet met geweld aan de kabels in de borstelhouder te trekken. (3) Men trekt de klem van de borstel er af en neemt de koolborstel uit de borstelhouder. 䡬 Montage: (1) De nieuwe koolborstel zet men in de borstelhouder en men sluit de klem aan de koolborstel aan. (2) De borstelhouder en de overige delen worden, zoals aangetoond in Afb. 4, op de oorspronkelijke plaats teruggebracht en men bevestigt de plaat weer met de veiligheidsschroef. (3) De kabel wordt op de voorgeschreven plaats gebracht. Er moet zorgvuldig op gelet worden, dat de kabel niet in aanraking komt met het armatuur of met draaiende gedeelten van de motor. (4) Het deksel van de machine wordt er weer opgezet, waarbij er op gelet moet worden, dat geen enkeleNederlands
kabel vastgeklemd wordt. Het deksel bevestigt men weer met de drie schroeven. LET OP Wanneer een kabel door het deksel van de machine vastgeklemd wordt of in aanraking komt met het armatuur of met draaiende delen van de motor, dan bestaat er voor de gebruiker een aanzienlijk gevaar een electrische schok te krijgen. Bij het uit elkaar nemen en monteren van de motor moet men de vooraf beschreven werkwijze zorgvuldig aanhouden en met uiterste zorgvuldigheid te werk gaan. Probeer niet, delen uit elkaar te nemen, in zoverre dit voor het verwisselen van de koolborstel niet noodzakelijk is.
5. Onderhoud van de motor
De motorwikkeling is het “hart” van het electrische gereedschap. Er moet daarom bijzonder zorgvuldig op gelet worden, dat de wikkeling niet beschadigt en/of met olie of water bevochtigd wordt.
6. Lijst vervangingsonderdelen
A: Ond.nr. B: Codenr. C: Gebr.nr. D: Opm. LET OP Reparatie, modificatie en inspectie van HiKOKI elektrisch gereedschap dient te worden uitgevoerd door een erkend HiKOKI Service-centrum. Deze Onderdelenlijst komt van pas wanneer u deze samen met het gereedschap aanbiedt bij het erkende HiKOKI Service-centrum wanneer u om reparatie of ander onderhoud verzoekt. Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd. MODIFICATIES HiKOKI elektrisch gereedschap wordt voortdurend verbeterd en gewijzigd teneinde gebruik te kunnen maken van de nieuwste technische ontwikkelingen. Daarom is mogelijk dat sommige onderdelen (zoals codenummers en/of ontwerp) zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden. AANTEKENING Op grond van het voortdurende research- en ontwikkelingsprogramma van HiKOKI zijn veranderingen van de hierin genoemde technische opgaven voorbehouden. Informatie betreffende luchtgeluid en trillingen De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN50144-2-1:1995. Het doorsnee A-gewogen geluiddruknivo is 102dB(A). Het standaard A-gewogen geluiddruknivo: 111dB(A). Gebruik gehoorbescherming. Typische gewogen effektieve versnellingswaarde: 9,5 m/s
SimpelGids