GEBRUIKSAANWIJZING Latticia OT MELITTA
1 Voor uw veiligheid 50
1.1 Reglementair gebruik....50
1.2 Gevaar door elektrische stroom...... 50
1.3 Gevaar voor brandwonden en verschroeiing 50
1.4 Algemene veiligheid....50
1.5 Kinderen 50
2 Overzicht van het apparaat......51
2.1 "Aan-/uit"-toets 52
2.2 Servicemodi 52
3 Eerste stappen 52
3.1 Apparaat uitpakken....52
3.2 Apparaat opstellen 52
3.3 Apparaat aansluiten....52
3.4 Apparaat de eerste keer
inschakelen....52
4 Bereiding voorbereiden....53
4.1 Met leidingwater vullen....53
4.2 Koffiebonen vullen 53
4.3 Melk gebruiken....53
4.4 Lekbakje en container voor koffieresidu leegmaken 53
5.1 Twee dranken tegelijk bereiden ..... 54
5.2 Instellingen wijzigen....54
5.3 Maalgraad instellen....55
6 Basisinstellingen 55
6.1 Off time instellen....55
6.2 Waterhardheid instellen 55
6.3 Uitschakelen spoeling instellen......56
6.4 Zettemperatuur instellen 56
7 Verzorging en onderhoud......56
7.1 Oppervlakken reinigen 56
7.2 Zetgroep reinigen 57
7.3 Melksysteem reinigen 57
7.4 Melkeenheid reinigen 58
7.5 Programma Reiniging....58
7.6 Programma Ontkalking.... 59
7.7 Waterfilter 60
7.8 Fabrieksinstellingen 61
7.9 Uitstomen 61
8 Transport....61
9 Afvalverwijdering....62
1 Voor uw veiligheid
Het apparaat is bestemd voor privégebruik voor het bereiden van koffiespecialiteiten en het verwarmen van melk en water.
Elke andere vorm van gebruik geldt als niet-reglementair en kan lichamelijk letsel en materiële schade tot gevolg hebben.
1.2 Gevaar door elektrische stroom
Gebruik het apparaat alleen als het zich in een technisch perfecte staat bevindt.
Als het apparaat of het stroomsnoer is beschadigd, bestaat er levensgevaar door een elektrische schok. Dan mag u het apparaat niet gebruiken, maar moet u het laten repareren door de producent, de klantenservice of door een servicepartner.
U mag het apparaat niet in water dompelen of het stroomsnoer in contact brengen met water.
Ontkoppel het apparaat van het stroomnet, wanneer het gedurende langere tijd niet onder toezicht staat.
1.3 Gevaar voor brandwonden en verschroeiing
Uitlopende vloeistoffen en stoom kunnen zeer heet zijn. Ook de buisjes van de uitloop worden zeer heet.
1.4 Algemene veiligheid
Gebruik het apparaat niet in een kast en niet op hoogtes van meer dan 2000 m.
Grijp tijdens het gebruik niet in het apparaat.
U mag de behuizing niet openen of het apparaat en de accessoires op een andere manier manipule- ren.
1.5 Kinderen
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Houd kinderen die jonger zijn dan 8 jaar, uit de buurt van het apparaat.
Het apparaat mag door kinderen die ouder zijn dan 8 jaar, en door personen met verminderde psychische, sensorische of mentale vaardigheden, of een gebrek aan ervaring en kennis worden bediend, mits deze onder toezicht staan of geïnformeerd werden over het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren begrijpen.
Reiniging en onderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen die jonger zijn dan 8 jaar. Kinderen die ouder zijn dan 8 jaar, moeten bij de reiniging en het onderhoud onder toezicht staan.
2 Overzicht van het apparaat

1 Instelknop "Hoeveelheid koffie"
2 Bedieningstoetsen
3 Displays
4 "Aan-/uit"-toets
5 Kophouder
6 Hefboom "Maalgraadinstelling" (intern)
7 Afdekking
8 Zetgroep (intern)
9 Container voor koffieresidu (intern)
10 Melkslang
11 Vlotter
12 Lekbakje
13 Kopjesplateau
14 De in hoogte verstelbare uitloop
voor koffie-melk-dranken
15 Bonenreservoir
16 Watertank
17 Stroomsnoer

text_image
18 19 20 21 22 23 24 25 26
2x clean/
decalc

text_image
27
28
29
30
31
32
service
| Display | Functie in de servicemodus 1/2 |
| 18 | Klaar-weergave | |
| 19 | 2× | Autom. uitschakelen/fabrieksinstellingen |
| 20 | Water | Waterhardheid/– |
| 21 | Lekbakje | Uitschakelen spoeling/– |
| 22 | Koffiebonen | Statusindicatie/– |
| 23 | Filter | Filterprogramma/– |
| 24 | Reinigen | Reinigingsprogramma/– |
| 25 | Ontkalken | Ontkalkingsprogramma/– |
| 26 | Stoombereiding | Zettemperatuur/uitstomen |
| Bedieningstoetsen |
| 27 | Bedieningstoets "Koffiesterkte" |
| 28 | Bereidingstoets "Koffie" |
| 29 | Bereidingstoets "Cappuccino" |
| 30 | Bereidingstoets "LatteMacchiato" |
| 31 | Bereidingstoets "Melkschuim" |
| 32 | Bedieningstoets "Water/service" |


2.1 "Aan-/uit"-toets
U schakelt het apparaat in door kort te drukken op de "Aan-/uit"-toets. Terwijl het apparaat wordt verwarmd, voert het een spoeling uit. Plaats, indien mogelijk, een bakje onder de uitloop.
U kunt het apparaat uitschakelen door gedurende circa 2 seconden op de "Aan-/uit"-toets te drukken. Wanneer u het apparaat niet uitschakelt, schakelt het automatisch uit na een gedefinieerde off time.
2.2 Servicemodi
Het apparaat heeft twee servicemodi. Met de servicemodi kunt u uw apparaat instellen en functies voor verzorging en onderhoud uitvoeren.
Servicemodus oproepen
■ Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de Servicemodus 1 op te roepen.
Druk tegelijkertijd langer dan
2 seconden op de bedieningstoetsen "Water/service" en "Koffiesterkte" om de Servicemodus 2 op te roepen.
» ⏻ Wanneer de servicemodus actief is, knippert de Klaar-weergave snel.
Druk eenmaal of meerdere malen op de bedieningstoets "Water/service" om een functie te selecteren.
» De weergave van de actieve functie brandt.

Wanneer er binnen 1 minuut niets meer wordt ingevoerd, schakelt het apparaat terug naar de stand-bymodus.
Servicemodus beëindigen
■ Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de instelling op te slaan en de servicemodus te verlaten.
- Druk op een gewenste bereidingstoets om de servicemodus te verlaten zonder de instelling op te slaan.
3 Eerste stappen
3.1 Apparaat uitpakken
Verwijder het verpakkingsmateriaal, de kleefstroken en de beschermende folie van het apparaat. Bewaar de originele verpakking.
Het apparaat is in de fabriek getest en goedgekeurd. Daardoor kunnen er zich in het apparaat nog koffie- en watersporen bevinden.
Inbegrepen in het pakket
Melkslang
■ Schroefhulp voor de waterfilter
■ Teststroken voor het bepalen van de waterhardheid
3.2 Apparaat opstellen
- Stel het apparaat op in een droge ruimte.
- Plaats het apparaat op een stabiel, vlak en droog oppervlak. Het oppervlak mag niet warm zijn. Het apparaat mag niet in de buurt van een gootsteen of gasfor-nuis e.d. staan.
- Houd ca. 10 cm afstand van de muur en andere voorwerpen. De vrije afstand boven het apparaat moet minstens 20 cm bedragen.
- Plaats het stroomsnoer zo dat het niet beschadigd kan worden door scherpe randen of warme oppervlakken.
3.3 Apparaat aansluiten
Sluit het apparaat alleen aan op een reglementair geïnstalleerde, geaarde contactdoos. De geaarde contactdoos moet minstens met een 10 A-zekering zijn beveiligd.
3.4 Apparaat de eerste keer inschakelen
- Plaats een bakje onder de in hoogte verstelbare uitloop. Zorg voor een zo klein mogelijke afstand tussen uitloop en bakje.
- Schakel het apparaat in met de "Aan/uit"-toets.
» ⏻ De Klaar-weergave brandt kort.
» De weergave Water brandt.
-
Verwijder de watertank. Spoel de watertank uit met schoon leidingwater.
-
Vul de watertank met vers, koud leidingwater en plaats deze weer terug. Neem de aanwijzingen in hoofdstuk 4.1, pagina 53 in acht.
» De weergave Stoombereiding knippert snel.
- Druk op een willekeurige bedie-
ningstoets.
» Er stroomt water uit de melkuit-loop en de Klaar-weergave knippert.
» Het apparaat warmt op en er stroomt
heet water uit de uitloop.
» Zodra er geen water meer uit de uitloop stroomt, is het apparaat ontlucht.
» ⏻ De Klaar-weergave en de weergave Koffiebonen branden.
- Vul het bonenreservoir met koffiebo-
nen. Neem de aanwijzingen in hoofd-
stuk 4.2, pagina 53 in acht.
- Bereid de eerste beide dranken en gooi de dranken weg. Neem de aanwijzingen in hoofdstuk 5, pagina 54 in acht.
4 Bereiding voorbereiden
4.1 Met leidingwater vullen
De weergave Water brandt.
De kwaliteit van het leidingwater is bepa-
lend voor de smaak van de koffie. Vul de
watertank alleen met vers, koud leiding-
water dat geen koolzuur bevat. Ververs het
leidingwater dagelijks. Let daarbij op het
maximale vulpeil.
4.2 Koffiebonen vullen
De weergave Koffiebonen knippert.
Opgelet! Gebruik geen gevriesdroogde of gekaramelliseerde koffiebonen, omdat deze het maalwerk kunnen vastplakken. Ook gemalen koffie en instantproducten kunnen schade veroorzaken aan het maalwerk.
Gebrande koffiebonen verliezen na enkele dagen hun aroma. Vul het bonenreservoir daarom niet met te veel koffiebonen.
Voorzichtig! Bij het wisselen van bonensoorten blijft een rest van de andere bonensoort achter in het maalwerk. De volgende twee koffiespecialiteiten worden nog bereid met de resten van de eerdere soort. Personen met een cafeïneallergie mogen na het omschakelen pas de derde koffiespecialiteit consumeren.
4.3 Melk gebruiken
Voor de bereiding van melkschuim of warme melk steekt u de melkslang in een normale melkverpakking. Daarnaast kunt u een melklans of een melkcupje gebruiken. Melklans en melkcupje zijn niet inbegrepen in het pakket.
Gebruik altijd gekoelde melk.

4.4 Lekbakje en container voor koffieresidu leegmaken
De weergave Lekbakje brandt.
Na een vooraf ingesteld aantal bereidingen vraagt het apparaat u om het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg te maken. Ook de uitstekende vlotter toont aan, wanneer het tijd is om het lekbakje leeg te maken.


Trek het lekbakje naar voren uit het apparaat. Maak altijd zowel het lekbakje als de container voor koffieresidu leeg. Let er daarna op dat u het lekbakje tot aan de aanslag in het apparaat schuift.
Informatie! Wanneer u het lekbakje leegmaakt, terwijl het apparaat is uitgeschakeld, registreert het apparaat dit proces niet. Hierdoor kan het gebeuren dat u wordt gevraagd om de bakjes leeg te maken, alhoewel het lekbakje en de container voor koffieresidu nog niet vol zijn.
5 Dranken bereiden
Neem bij de bereiding de volgende aanwijzingen in acht:
- De watertank dient voldoende te zijn gevuld. Indien het vulpeil te laag is, vraagt het apparaat u om het bij te vullen.
- Het bonenreservoir dient voldoende koffiebonen te bevatten. Pas wanneer het bonenreservoir leeg is en het maalwerk is leeggemalen, vraagt het apparaat u om bij te vullen.
■ Voor de bereiding van een drank met melk moet een met melk gevuld bakje zijn aangesloten. Ontbrekende melk wordt door het apparaat niet gemeld.
-
De bakjes voor de dranken moeten groot genoeg zijn. De hoeveelheid drank varieert echter per drank.
■ De Klaar-weergave moet zijn verlicht.
-
Start de bereiding door op de betreffende bereidingstoets te drukken. Let tijdens de bereiding op de displays.
- Stel de gewenste hoeveelheid drank met de instelknop "Hoeveelheid koffie" in.
- Druk opnieuw op de bereidingstoets om de bereiding af te breken.
- De bereiding wordt automatisch beëindigd.
Reinig het melksysteem na de bereiding van melkdranken. Daardoor voorkomt u dat er voor de gezondheid schadelijke kiemen ontstaan.
clean Als Reinigen en Stoombereiding op het display branden, wordt u verzocht om het melksysteem te reinigen. Dan kunt u echter nog andere melkdranken bereiden en daarna het melksysteem reinigen.
- Dompel de slang in een bakje met schoon leidingwater (ca. 150 ml).
- Houd de bereidingstoets "Melkschuim" langer dan 2 seconden ingedrukt.
Neem ook de aanwijzingen in hoofdstuk 7.3, pagina 57 en hoofdstuk 7.4, pagina 58 in acht.
5.1 Twee dranken tegelijk bereiden
Van alle dranken kunt u meteen twee kopjes bereiden. Daarvoor hoeft u alleen achtereenvolgens tweemaal kort op de gewenste bereidingstoets te drukken. Tijdens de bereiding brandt 2× op het display. Bij melkdranken knippert bovendien de weergave Stoombereiding.
5.2 Instellingen wijzigen
Vóór en tijdens de bereiding kunt u de koffiesterkte en de hoeveelheid drank veranderen.
U kunt de koffiesterkte instellen door op de bedieningstoets "Koffiesterkte" te drukken. Na het maalproces kan de koffiesterkte niet meer worden veranderd.
De gewijzigde koffiesterkte wordt ook voor de volgende bereidingen gebruikt.
U kunt de hoeveelheid drank veranderen door aan de instelknop "Hoeveelheid koffie" te draaien.
5.3 Maalgraad instellen
Met welke maalgraad de koffiebonen worden gemalen, is van invloed op de smaak van de koffie. Hoe fijner de maalgraad is ingesteld, des te sterker wordt de koffie.
De maalgraad is optimaal ingesteld in de fabriek. Verander de instelling voor de maalgraad pas na ca. 100 koffiebereidingen (na ongeveer 1 maand, afhankelijk van de koffieconsumptie).
Met de hefboom "Maalgraadinstelling" kunt u de maalgraad optimaal instellen. Stel de maalgraad alleen in tijdens het maalproces.

Informatie! Stel de maalgraad niet te fijn in. De maalgraad is optimaal ingesteld als de koffie gelijkmatig uit de uitloop stroomt en er een fijne, vaste crema ontstaat.
6 Basisinstellingen
U vindt de basisinstellingen in de Service-modus 1. Het aantal verlichte koffiebonen symboliseert de ingestelde waarde.
6.1 Off time instellen
Wanneer u het apparaat gedurende langere tijd niet bedient, wordt het eerst in de energiebespaarmodus gezet. Later schakelt het apparaat volledig uit.
Wanneer het apparaat in de energiebesparende modus staat, kunt u het activeren door kort te drukken op een willekeurige bedieningstoets.
- Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
- 2x Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de
weergave 2x brandt.
- Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Koffiesterkte" tot de
gewenste tijd is ingesteld.
- Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de instelling op te slaan en de servicemodus te verlaten.
Druk op een gewenste bereidingstoets om de servicemodus te verlaten zonder de instelling op te slaan.
| Display Energiebesparende modus na: | Uitschakelen na: |
| 3 minuten 30 minuten | |
| 10 minuten 1 uur | |
| 20 minuten 4 uur | |
| 30 minuten 8 uur | |
6.2 Waterhardheid instellen
De waterhardheid van het leidingwater is van invloed op hoe vaak u het apparaat moet ontkalken. Hoe harder het leidingwater is, des te vaker moet u het apparaat ontkalken.
Bepaal de waterhardheid met de meegeleverde teststroken. Neem de aanwijzingen op de teststroken en in de volgende tabel in acht.
| Waterhardheid °d °e °f |
| zacht 0 tot 10 0 tot 13 0 tot 18 |
| gemiddeld 10 tot 15 13 tot 19 18 tot 27 |
| hard 15 tot 20 19 tot 25 27 tot 36 |
| zeer hard >20 >25 >36 |

- Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
- Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de
weergave Water brandt.
- Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Koffiesterkte" tot de
gewenste waterhardheid is ingesteld.
- Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de instelling op te slaan en de servicemodus te verlaten.
Druk op een gewenste bereidingstoets om de servicemodus te verlaten zonder de instelling op te slaan.
| Display Waterhardheid |
| zacht, ontkalken na 150 liter |
| gemiddeld, ontkalken na 100 liter |
| hard, ontkalken na 70 liter |
| zeer hard, ontkalken na 30 liter |
| geenkoffiebonen | Er wordt een waterfilter gebruikt.Instellen is niet mogelijk. |
6.3 Uitschakelen spoeling instellen
Bij het in- en uitschakelen voert het apparaat een spoeling uit.
Wij adviseren om Uitschakelen spoeling niet permanent te deactiveren.
- Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
- Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de
weergave Lekbakje brandt.
- Druk op de toets "Koffiesterkte" om Uitschakelen spoeling in of uit te schakelen.
- Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de instelling op te slaan en de servicemodus te verlaten.
Druk op een gewenste bereidingstoets om de servicemodus te verlaten zonder de instelling op te slaan.
| Display Uitschakelen spoeling |
| geactiveerd |
| geen koffiebonen gedeactiveerd |
6.4 Zettemperatuur instellen
De zettemperatuur heeft invloed op de smaak van de koffiespecialiteit.
- Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
- Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de weer-
gave Stoombereiding brandt.
- Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Koffiesterkte" tot de
gewenste zettemperatuur is ingesteld.
- Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de instelling op te slaan en de servicemodus te verlaten.
Druk op een gewenste bereidingstoets om de servicemodus te verlaten zonder de instelling op te slaan.
| Display Zettemperatuur |
| # | laag |
| # # | gemiddeld |
| # # # | hoog |
7 Verzorging en onderhoud
Regelmatig(e) onderhoud en reiniging van het apparaat zorgt voor een permanent hoge kwaliteit van uw dranken.
Opgelet! Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen schade veroorzaken aan het apparaat. Gebruik uitsluitend aanbevolen reinigingsmiddelen.
7.1 Oppervlakken reinigen
Gebruik voor de reiniging van de oppervlakken een zachte, vochtige doek en een beetje afwasmiddel. Verontreinigingen
aan de buitenkant dient u onmiddellijk te verwijderen.
Nadat u het lekbakje en de container voor koffieresidu hebt leeggemaakt, dient u deze te spoelen en, indien nodig, ook met een zachte, vochtige doek en een beetje afwasmiddel te reinigen.
Resten van koffiebonen in het bonenreservoir kunt u met een zachte doek verwijderen. De doek moet droog zijn.
7.2 Zetgroep reinigen
De zetgroep dient u iedere week te reinigen.
-
Verwijder de afdekking doordat u deze in de grijpuitsparing vastpakt en de afdekking er naar de zijkant aftrekt.
-
Houd de rode hefboom aan de greep van de zetgroep ingedrukt en draai de greep met de wijzers van de klok mee tot deze aan de aanslag vastklikt.
-
Trek de zetgroep er aan de greep uit.
cleanfwisselend knipperen van de Klaar-weergave en de weergave Clean geeft de ontbrekende zetgroep weer.

- Spoel de volledige zetgroep aan alle kanten zorgvuldig af onder stromend water. Let er met name op dat er geen koffieresten meer aanwezig zijn in de zeef.

- Laat de zetgroep uitdruppelen.
- Verwijder met een zachte, droge doek de koffieresten van de oppervlakken in het apparaat.
- Plaats de zetgroep in het apparaat.
Houd de rode hefboom aan de greep
van de zetgroep ingedrukt en draai de
greep tegen de wijzers van de klok in
tot deze aan de aanslag vastklikt.
- Plaats de afdekking weer terug tot deze vastklikt.
7.3 Melksysteem reinigen
Reinig het melksysteem na ca. 100 melkdranken. Het apparaat draagt u niet op om het melksysteem te reinigen.
Gebruik uitsluitend Melitta® Perfect Clean-melksysteemreiniger voor volautomatische koffiemachines.
Gebruik een bakje met een inhoud van tenminste 500 ml als opvangreservoir.
- Vul een tweede bakje met reinigingsoplossing. Neem de aanwijzingen in acht die op de verpakking van de melksysteemreiniger staan.
- Dompel de slang onder in de reini-
gingsoplossing.
- Draai de instelknop "Hoeveelheid koffie" naar de maximale stand.
- Druk op de bereidingstoets "Melkschuim".
» Het apparaat spoelt.
- Druk zo vaak op de bereidingstoets "Melkschuim" tot het bakje leeg is.
- Vul het tweede bakje met 500 ml schoon leidingwater.
- Druk opnieuw op de bereidingstoets "Melkschuim" tot het bakje leeg is.

7.4 Melkeenheid reinigen
In melkresten kunnen zich binnen enkele dagen kiemen vormen die schadelijk zijn voor de gezondheid. Daarom dient u de melkeenheid en de melkslang regelmatig te reinigen.
- Trek de melkslang van de uitloop.
- Haal de melkeenheid uit elkaar.

- Reinig alle verschillende delen met warm water. Gebruik een zachte, vochtige doek en afwasmiddel.
- Zet de melkeenheid weer stevig in elkaar. Let erop dat u bij de montage de melkeenheid tot aan de aanslag naar boven drukt.
7.5 Programma Reiniging
Met het reinigingsprogramma worden resten en koffie-olieresten verwijderd. U dient het programma om de twee maanden uit te voeren, of wanneer het apparaat u dat vraagt.
Gebruik uitsluitend Melitta® Perfect Clean-reinigingstabs voor volautomatische koffiemachines. Neem de aanwijzingen in acht die op de verpakking van de reinigingstabs staan.
Voorzichtig! Het reinigingsmiddel veroorzaakt oogirritaties. Na een onopzettelijk contact dient u de ogen enkele minuten uit te spoelen met schoon water. Raadpleeg een arts als de klachten blijven bestaan. Het programma duurt ca. 15 minuten en mag niet worden onderbroken. Het programma verloopt in verschillende fasen. Het aantal weergegeven koffiebonen maakt de voortgang duidelijk.
clean Op het display brandt Reinigen. U krijgt de vraag om het apparaat te reinigen.
- Vul de watertank met leidingwater tot aan het maximale vulpeil. Plaats de watertank terug.
-
Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de Servicemodus 1 op te roepen.
-
clean Druk zo vaak op de bedieningstoets "Water/service" tot de weergave Reinigen brandt.
-
Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
» clean Het reinigingsprogramma start. De weergave Reinigen knippert, terwijl het programma werkt.
» De weergave Lekbakje brandt.
-
Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
-
Plaats het lekbakje zonder de container voor koffieresidu terug en plaats de container voor koffieresidu onder de uitloop.
De eerste fase start.
» Het apparaat spoelt twee keer.
» clean De weergave Reinigen knippert snel.
-
Verwijder de zetgroep. Schakel het apparaat niet uit.
-
Spoel de zetgroep af onder stromend water (zie hoofdstuk 7.2, pagina 57).
-
Leg een reinigingstab in de zetgroep.
Plaats de zetgroep in het apparaat.

De tweede fase start.
» Het apparaat voert verschillende spoelprocessen uit.
» De weergave Lekbakje brandt.
De derde fase start.
- Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
- Plaats het lekbakje zonder de container voor koffieresidu terug en plaats de container voor koffieresidu onder de uitloop.
∅ ∅ fe vierde fase start. Op het display knipperen de drie koffiebonen.
» Het apparaat voert verschillende spoelprocessen uit.
» De weergave Lekbakje brandt.
- Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
- Plaats het lekbakje met de container voor koffieresidu terug.
» Het apparaat is klaar voor gebruik.
Indien het reinigingsprogramma werd afgebroken, bijv. omdat u het apparaat onopzettelijk hebt uitgeschakeld, moet u het apparaat opnieuw inschakelen en de aanwijzingen vanaf stap 10 volgen. Vervolgens is het apparaat klaar voor gebruik. Dat geldt ook, wanneer het niet volledig is gereinigd. Voor een volledige reiniging moet u het reinigingsprogramma opnieuw starten.
7.6 Programma Ontkalking
Met het ontkalkingsprogramma worden kalkafzettingen verwijderd. U dient het programma om de drie maanden uit te voeren, of wanneer het apparaat u dat vraagt.
Tijdens het ontkalken mag er geen waterfilter in de watertank zitten. Als u een waterfilter gebruikt, dient u dit te verwijderen vóór het ontkalken (zie hoofdstuk 7.7, pagina 60).
Gebruik uitsluitend Melitta® Anti Calc-vloeibare ontkalker voor volautomatische koffiemachines.
Voorzichtig! De ontkalker veroorzaakt oogirritaties. Na een onopzettelijk contact dient u de ogen enkele minuten uit te spoelen met schoon water. Raadpleeg een arts als de klachten blijven bestaan.
Het programma duurt ca. 15 minuten en mag niet worden onderbroken. Het programma verloopt in verschillende fasen. Het aantal weergegeven koffiebonen maakt de voortgang duidelijk.
decalc Op het display brandt Ontkalken. U krijgt de vraag om het apparaat te ontkalken.
- Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de Servicemodus 1 op te roepen.
- decalc Druk zo vaak op de bedieningstoets "Water/service" tot de weergave Ontkalken brandt.
- Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
» decalc Het ontkalkingsprogramma start. De weergave Ontkalken knippert, terwijl het programma werkt.
De eerste fase start.
» De weergave Lekbakje brandt.
- Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
- Plaats het lekbakje zonder de container voor koffieresidu terug en plaats de container voor koffieresidu onder de uitloop.
- Vul de watertank met 0,5 liter ontkal-keroplossing. Neem de aanwijzingen in acht op de verpakking van de ontkalker.
- Plaats de watertank terug.
De tweede fase start.
» Het apparaat voert verschillende spoelprocessen uit.
» De weergave Lekbakje brandt.
- Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.


- Plaats het lekbakje zonder de container voor koffieresidu terug en plaats de container voor koffieresidu onder de uitloop.
-
Spoel de watertank grondig uit en vul deze met vers leidingwater.
-
Plaats de watertank terug.
» Het apparaat spoelt.
De derde fase start.
» Het apparaat spoelt.
» De weergave Lekbakje brandt.
-
Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
-
Plaats het lekbakje met de container voor koffieresidu terug.
» Het apparaat is klaar voor gebruik.
Indien het ontkalkingsprogramma werd afgebroken, bijv. omdat u het apparaat onopzettelijk hebt uitgeschakeld, moet u het apparaat opnieuw inschakelen en de aanwijzingen vanaf stap 8 volgen. Vervolgens is het apparaat klaar voor gebruik. Dat geldt ook, wanneer het niet volledig werd ontkalkt. Voor een volledige ontkalking moet u het ontkalkingsprogramma opnieuw starten.
7.7 Waterfilter
Het gebruik van een waterfilter verlengt de levensduur van uw apparaat. De waterfilter filtert kalk en schadelijke stoffen uit het leidingwater.
Wanneer u een waterfilter gebruikt en deze regelmatig vervangt, hoeft u het apparaat slechts nog eenmaal per jaar te ontkalken. Dit is gebaseerd op gemiddeld zes kopjes koffie van telkens 120 ml per dag en 6 filtervervangingen per jaar.
Gebruik uitsluitend Melitta® Pro Aqua-filterpatronen voor volautomatische koffiemachines. Neem de aanwijzingen in acht op de verpakking van het filterpatroon.
Gebruik de schroefhulp om de waterfilter in de watertank erin of eruit te schroeven.

Waterfilter plaatsen/wisselen
Leg een nieuwe waterfilter enkele minuten in een bakje met vers leidingwater.
Op het display brandt Filter. U krijgt de vraag om de waterfilter te vervangen.
-
Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de Servicemodus 1 op te roepen.
-
Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de
weergave Filter brandt.
-
Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Koffiesterkte" tot er een
koffieboon brandt.
-
Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
» Het filterprogramma start. De weergave Filter knippert, terwijl het programma werkt.
» De weergave Lekbakje brandt.
-
Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
-
Plaats het lekbakje zonder de container voor koffieresidu terug en plaats de container voor koffieresidu onder de uitloop.
-
Maak de watertank leeg.
-
Plaats een nieuwe filter in de watertank.
-
Vul de watertank met vers leidingwater.
-
Plaats de watertank terug.
» De filter wordt gespoeld.
-
Maak de container voor koffieresidu leeg.
-
Plaats het lekbakje met de container voor koffieresidu terug.
» Het apparaat is klaar voor gebruik.
Waterfilter verwijderen
- Verwijder de waterfilter uit de water-tank.
- Vul de watertank met vers leidingwater.
-
Plaats de watertank terug.
-
Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de Servicemodus 1 op te roepen.
-
Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de
weergave Filter brandt.
-
Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Koffiesterkte" tot er geen
koffieboon meer brandt.
-
Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om de instelling op te slaan en de servicemodus te verlaten.
» De waterfilter is afgemeld.
-
Stel de waterhardheid in (zie hoofdstuk 6.2, pagina 55).
7.8 Fabrieksinstellingen
U kunt het apparaat terugzetten op de fabrieksinstellingen. Dan raken alle persoonlijke instellingen kwijt.
-
Druk tegelijkertijd langer dan 2 seconden op de bedieningstoetsen "Water/service" en "Koffiesterkte" om de Servicemodus 2 op te roepen.
-
2x Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de
weergave 2x knippert.
-
Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Koffiesterkte" tot er een
koffieboon brandt.
-
Houd de bedieningstoets "Water/service" langer dan 2 seconden ingedrukt om het apparaat naar de fabrieksinstellingen te resetten en de servicemodus te verlaten.
Druk op een gewenste bereidingstoets om de servicemodus te verlaten zonder de fabrieksinstellingen te resetten.
7.9 Uitstomen
Bij het uitstomen wordt het restwater uit het apparaat verwijderd. U dient het apparaat uit te stomen, wanneer u het gedurende langere tijd niet gebruikt, wanneer u het wilt transporteren of wanneer er vorstgevaar bestaat.
Als de waterfilter is geplaatst, dient u deze eerst uit de watertank te verwijderen.
-
Druk tegelijkertijd langer dan 2 seconden op de bedieningstoetsen "Water/service" en "Koffiesterkte" om de Servicemodus 2 op te roepen.
-
Druk zo vaak op de bedie-
ningstoets "Water/service" tot de weer-
gave Stoombereiding knippert.
-
Druk langer dan 2 seconden op de bedieningstoets "Water/service".
» De weergave Water brandt.
-
Verwijder de watertank.
» Het uitstomen start.
» Het apparaat wordt nu uitgeschakeld.
-
Plaats de lege watertank terug.
Bewaar de waterfilter in een bakje met leidingwater in de koelkast, zodat deze niet droog staat gedurende een langere periode.
8 Transport
Transporteer het apparaat, indien mogelijk, in de originele verpakking.
U mag losse delen niet met plakband of tape bevestigen, omdat lijmresten slechts moeilijk kunnen worden verwijderd.
Bij verzending van het apparaat naar de servicepunten van Melitta is het niet nodig om het kopjesplateau mee te sturen.
Daardoor vermijdt u krassen die worden veroorzaakt door het transport.
Voer de volgende stappen uit voor u het apparaat transporteert:
■ Stoom het apparaat uit (zie hoofdstuk 7.9, pagina 61).
■ Maak het lekbakje en de container voor koffieresidu leeg.
■ Maak de watertank leeg.
■ Maak het bonenreservoir leeg.
■ Reinig het apparaat (zie hoofdstuk 7, pagina 56).
■ Verpak het apparaat.
9 Afvalverwijdering

De met dit symbool gemarkeerde apparaten zijn onderworpen aan de Europeserichtlijn 2012/19/EG voor AEEA (WEEE, Waste Electrical
Elektrische apparaten horen niet bij het huisvuil. Verwijder het apparaat op een milieuvriendelijke manier als afval via de geschikte inzamelkanalen.
| Technische gegevens |
| Bedrijfsspanning 220 V tot 240 V, 50 Hz tot 60 Hz |
| Verbruik Maximaal 1450 W |
| Pompdruk Statisch maximaal 15 bar |
| Afmetingen |
| Breedte | 200 mm |
| Hoogte | 352 mm |
| Diepte | 459 mm |
| Inhoud |
| Bonenreservoir | 250 g |
| Watertank | 1,5 l |
| Gewicht (leeg) 7,7 kg |
| Omgevingsomstandigheden | 10 °C tot 32 °C |
| Temperatuur | 30% tot 80% |
| Relatieve luchtvochtigheid | (niet condenserend) |
11 Storingen
Neem contact op met de hotline, wanneer de maatregelen die in de tabel worden genoemd, de storingen niet verhelpen of wanneer er andere storingen optreden.
De telefoonnummers (lokaal tarief) vindt u in het deksel van de watertank of op onze internetpagina in het gedeelte Service.
| Storing Oorzaak Maatregel |
| Koffie druppelt slecht uit de uitloop. Maalgraad is te fijn. Stel de maalgraad grover in (zie hoofdstuk 5.3, pagina 55). |
| Apparaat is verontreinigd. Reinig de zetgroep (zie hoofdstuk 7.2, pagina 57). Reinigingsprogramma uitvoeren (zie hoofdstuk 7.5, pagina 58). |
| Apparaat is verkalkt. Ontkalkingsprogramma uitvoeren (zie hoofdstuk 7.6, pagina 59). |
| Koffie loopt niet. Watertank is niet gevuld of niet juist geplaatst. | Vul de watertank en controleer de correcte plaatsing (zie hoofdstuk 4.1, pagina 53). |
|
|
| Hoewel het bonenreservoir is gevuld, geeft het apparaat aan dat er koffie-bonen moeten worden bijgevuld. | Koffiebonen vallen niet in het maalwerk. | Druk op een bereidingstoets.Klop lichtjes tegen het bonenreservoir.Reinig het bonenreservoir.Koffiebonen zijn te sterk oliehoudend. Gebruik andere koffiebonen. |
| Lawaai uit het maalwerk. Vreemd voorwerp in het maalwerk. Neem contact op met de hotline. |
| Zetgroep kan na verwijdering niet terug worden geplaatst. | Greep voor de vergrendeling van de zetgroep niet op de juiste positie. | Controleer of de greep voor de vergrendeling van de zetgroep correct is vergrendeld (zie hoofdstuk 7.2, pagina 57). |
| Aandrijving niet op de juiste positie. Druk tegelijkertijd langer dan 2 seconden op de bereidingstoetsen "Koffie" en "Cappuccino".Het apparaat voert een initialisatie uit. |
| Snel afwisselend knipperen van de weergaven: [IMAGE] | Het apparaat warmt niet op. Schakel het apparaat uit en weer in.Neem contact op met de hotline, als de storing blijft bestaan. |
| Snel afwisselend knipperen van de weergaven: [IMAGE] | Storing temperatuursensor Na 10 seconden schakelt het apparaat automatischuit. Schakel het apparaat weer in.Neem contact op met de hotline, als de storing blijft bestaan. |
| Snel afwisselend knipperen van de weergaven: [IMAGE] | Storing van de aandrijving van de zetgroep | Na 10 seconden schakelt het apparaat automatischuit. Schakel het apparaat weer in.Neem contact op met de hotline, als de storing blijft bestaan. |
| Snel afwisselend knipperen van de weergaven: [IMAGE] | Zetgroep is niet geplaatst. Plaats de zetgroep en vergrendel deze. |
| De weergave knippert snel zonder dat deze is geactiveerd: [IMAGE] | Apparaat is niet volledig ontlucht. | Ontlucht het apparaat. Druk daarvoor op een wille-keurige bedieningstoets.Reinig de zetgroep (zie hoofdstuk 7.2, pagina 57). |


Indice