DVM9915 - Multimeter VELLEMAN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DVM9915 VELLEMAN in PDF-formaat.
| Producttype | Digitale multimeter |
| Merk | Velleman |
| Model | DVM9915 |
| Display | LCD 3 ½ cijfers (3999 punten), 65 x 36 mm |
| Bereikselectie | Handmatig en automatisch |
| Achtergrondverlichting | Ja, schakelbaar |
| Weergave vasthouden | Ja (D.H toets) |
| Relatieve meting | Ja (REL toets) |
| Automatische uitschakeling | Ja |
| Afmetingen | 188 x 102 x 38 mm |
| Gewicht (met batterij) | ≈ 325 g |
| Voeding | 1 x 9V batterij (type 6F22, inbegrepen) |
| Overspanningscategorie | CAT III 600 V / CAT II 300 V |
| Vervuilingsgraad | 2 (huishoudelijke/kantooromgeving) |
| DC spanning | 400 mV tot 600 V |
| AC spanning | 4 V tot 600 V |
| DC stroom | 400 µA tot 15 A |
| AC stroom | 400 µA tot 15 A |
| Weerstand | 400 Ω tot 40 MΩ |
| Capaciteit | 40 nF tot 100 µF |
| Frequentie | 10 Hz tot 10 MHz |
| Duty cycle | 0.1 % tot 99.9 % |
| Temperatuur | -50 °C tot 800 °C (NiCr-NiSi sonde) |
| Diodetest | Ja |
| Continuïteitstest | Ja (zoemer < 30 Ω) |
| Overbelastingsbeveiliging | Zekeringen: 0.5 A/600 V (5x20 mm) en 15 A/600 V (6x32 mm) |
| Onderhoud | Reinigen met vochtige doek en mild schoonmaakmiddel; vervang batterij/zekering indien nodig. |
| Reserveonderdelen | 9V batterij 6F22, zekering F0.5A/600V, zekering F15A/600V |
| Garantie | 24 maanden voor consumentenproducten |
Veelgestelde vragen - DVM9915 VELLEMAN
Gebruikersvragen over DVM9915 VELLEMAN
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DVM9915 - VELLEMAN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DVM9915 van het merk VELLEMAN.
GEBRUIKSAANWIJZING DVM9915 VELLEMAN
Aan alle ingezetenen van de Europese Unie Belangrijke milieu-informatie betreffende dit product

Dit symbool op het toestel of de verpakking geeft aan dat, als het na zijn levenscyclus wordt weggeworpen, dit toestel schade kan toebrengen aan het milieu. Gooi dit toestel (en eventuele batterijen) niet bij het gewone huishoudelijke afval; het moet bij een gespecialiseerd bedrijf terechtkomen voor recyclage. U moet dit toestel naar uw verdeler of naar een lokaal recyclagepunt
brengen. Respecteer de plaatselijke milieuwetgeving.
Hebt u vragen, contacteer dan de plaatselijke autoriteiten betreffende de verwijdering.
Dank u voor uw aankoop! Lees deze handleiding grondig door voor u het toestel in gebruik neemt. Werd het toestel beschadigd tijdens het transport, installeer het dan niet en raadpleeg uw dealer.
2. Gebruikte symbolen
| AC (wisselstroom) | |
![]() | DC (gelijkstroom) |
| Zowel wissel- als gelijkstroom | |
![]() | Elektrocutiegevaar. Een potentieel gevaarlijke spanning kan aanwezig zijn. |
![]() | Opgelet: risico op gevaar, zie de gebruikershandleiding voor veiligheidsinformatie.Waarschuwing: gevaarlijke toestand of actie die kan leiden tot letsel of de doodOpgelet: een toestand of actie die kan leiden tot schade aan de meter of het toestel onder test. |
![]() | Dubbele isolatie (klasse II-bescherming) |
![]() | Aarding |
| Zekering | |
![]() | Capaciteit (condensator) |
![]() | Diode |

Continuïteit
3. Algemene richtlijnen
Raadpleeg de Velleman® service- en kwaliteitsgarantie achteraan deze handleiding.









Dit symbool betekent: Instructies lezen
Het niet lezen van deze instructies en de handleiding kan leiden tot beschadiging, letsel of de dood.
Dit symbool betekent: Gevaar
Gevaarlijke toestand of actie die kan leiden tot letsel of de dood
Dit symbool betekent: Risico op gevaar/schade
Risico op het ontstaan van een gevaarlijke toestand of actie die kan leiden tot schade, letsel of de dood
Dit symbool betekent: Opgelet; belangrijke informatie
Het niet in acht nemen van deze informatie kan leiden tot een gevaarlijke toestand.
WAARSCHUWING: om elektrische schokken te vermijden,
ontkoppel altijd de meetsnoeren alvorens de behuizing te openen. Om brand te voorkomen gebruik enkel zekeringen met dezelfde specificaties zoals aangegeven in de handleiding.
Opmerking: zie waarschuwing op de achterkant van het toestel
Vermijd koude, hitte en grote temperatuurschommelingen. Als het toestel van een koude naar een warme omgeving verplaatst wordt, laat het toestel dan eerst voldoende op temperatuur komen. Dit om meetfouten en condensvorming te vermijden.
Bescherm tegen schokken. Vermijd brute kracht tijdens de bediening.
Vervuilingsgraad 2-toestel. Enkel geschikt voor gebruik binnenshuis! Bescherm het toestel tegen regen, vochtigheid en opspattende vloeistoffen. Niet geschikt voor industrieel gebruik.
Zie §8 Vervuilingsgraad.
Houd dit toestel uit de buurt van kinderen en onbevoegden.
DVM9915






Elektrocutiegevaar tijdens het gebruik van deze multimeter. Wees voorzichtig tijdens het meten van een circuit onder spanning.
Er zijn geen onderdelen in het toestel die door de gebruiker gerepareerd kunnen worden. Contacteer uw verdeler voor eventuele reserveonderdelen.
Dit is een installatiecategorie CAT IV-meetinstrument. Zie §7 Overspanning-/installatiecategorie.
Lees deze bijlage en de handleiding grondig. Leer eerst de functies van het toestel kennen voor u het gaat gebruiken.
Om veiligheidsredenen mag u geen wijzigingen aanbrengen aan het toestel. Schade door wijzigingen die de gebruiker heeft aangebracht aan het toestel valt niet onder de garantie.
Gebruik het toestel enkel waarvoor het gemaakt is. Bij onoordeelkundig gebruik vervalt de garantie. De garantie geldt niet voor schade door het negeren van bepaalde richtlijnen in deze handleiding en uw dealer zal de verantwoordelijkheid afwijzen voor defecten of problemen die hier rechtstreeks verband mee houden.
4. Onderhoud

Er zijn geen onderdelen in het toestel die door de gebruiker gerepareerd kunnen worden. Contacteer uw verdeler voor eventuele reserveonderdelen.
Alvorens onderhoudsactiviteiten te beginnen, ontkoppel de meetsnoeren van de aansluitingen.
Voor informatie over het vervangen van de batterijen en de zekering, zie
§11 Batterijen en zekeringen vervangen.
Gebruik nooit agressieve schuur- of oplosmiddelen. Reinig de meter enkel met een vochtige doek en een zachte detergent.
5. Gebruik

Elektrocutiegevaar tijdens het gebruik van deze multimeter.
Wees voorzichtig tijdens het meten van een circuit onder spanning.
- Overschrijd nooit de grenswaarden. Deze waarden worden vermeld in de specificaties van elk meetbereik.
- Raak geen ongebruikte aansluitingen aan wanneer de meter gekoppeld is aan een meetcircuit.
- Gebruik de meter nooit voor categorie III-installaties bij spanningsmetingen die de veiligheidsmarge van 600 V boven het
DVM9915
massapotentiaal (kunnen) overschrijden.
Gebruik de meter nooit voor categorie IV-installaties bij spanningsmetingen die de veiligheidsmarge van 300 V boven het massapotientiaal (kunnen) overschrijden.
- Plaats de bereikschakelaar in de hoogste stand indien u de intensiteit van de belasting niet op voorhand kent.
- Ontkoppel de meetsnoeren van het meetcircuit alvorens u aan de draaischakelaar draait.
- Wanneer u metingen uitvoert op een tv of een schakelende voeding, mag u niet vergeten dat een sterke stroomstoot ter hoogte van de geteste punten de meter kan beschadigen.
- Wees uiterst voorzichtig bij metingen > 60 VDC of > 30 VAC rms. Houd tijdens metingen uw vingers achter de beschermingsrand van de meetpennen.
- Voer nooit weerstands-, diode- of continuïteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is. Zorg ervoor condensatoren in het circuit volledig ontladen zijn.
6. Algemene omschrijving
Het toestel is een batterijgestuurde, handbediende 3 ½ digitale multimeter. Met dit apparaat kunt u weerstanden, gelijk- en wisselspanning en gelijkstroom meten. U kunt continuïteitsmetingen uitvoeren en ook dioden en transistors meten. Het achtergrondlichtje is optioneel.
Raadpleeg de afbeeldingen op pagina 2 van deze handleiding:
- Display
3 12 -digits, 7 segmenten, LCD: 65 x 36 mm
- Draaischakelaar
Wordt gebruikt om de gewenste functie en het bereik in te stellen. Doet ook dienst als voedingsschakelaar (ON/OFF).
- "VΩmA"-bus
Sluit het rode (+) meetsnoer aan op deze connector. U kunt nu spanning, weerstand en stroom meten (behalve 15 A).
- "COM"-bus
Sluit het zwarte (+) meetsnoer aan.
- "15A"-bus
Wanneer u het rode meetsnoer aansluit op deze connector, kunt u een max. stroom meten van 15 A.
7. Overspannings-/installatiecategorie
DMM's worden opgedeeld volgens het risico op en de ernst van spanningspieken die kunnen optreden op het meetpunt. Spanningspieken zijn kortstondige uitbarstingen van energie die geïnduceerd worden in een systeem door bv. blikseminslag op een hoogspanningslijn.
De bestaande categorieën volgens EN 61010-1 zijn:
| CAT I | Een CAT I-meter is geschikt voor metingen op beschermde elektronische circuits die niet rechtstreeks verbonden zijn met het lichtnet, bv. elektronische schakelingen, stuursignalen... |
| CAT II | Een CAT II-meter is geschikt voor metingen in CAT I-omgevingen en op enkelfasige apparaten die aan het lichtnet gekoppeld zijn door middel van een stekker en circuits in een normale huiselijke omgeving, op voorwaarde dat het circuit minstens 10 m verwijderd is van een CAT III-omgeving, en minstens 20 m van een CAT IV-omgeving. Bv. huishoudapparaten, draagbaar gereedschap... |
| CAT III | Een CAT III-meter is geschikt voor metingen in CAT I- en CAT II-omgevingen, alsook voor metingen aan enkel- en meerfasige (vaste) toestellen op meer dan 10 m van een CAT IV-omgeving, en metingen in of aan distributiekasten (zekeringkasten, verlichtingscircuits, elektrisch fornuis). |
| CAT IV | Een CAT IV-meter is geschikt voor metingen in CAT I-, CAT II- en CAT III-omgevingen alsook metingen op het primaire toevoerniveau. Merk op dat voor metingen op toestellen waarvan de toevoerkabels buitenshuis lopen (zowel boven- als ondergronds) een CAT IV-meter gebruikt moet worden. |
Waarschuwing:
Dit toestel is ontworpen conform EN 61010-1 installatiecategorie CAT III 600V / CAT II 300V. Dit houdt bepaalde gebruiksbeperkingen in die te maken hebben met spanningen en spanningspieken die kunnen voorkomen in de gebruiksomgeving. Zie tabel hierboven.

Dit toestel is enkel geschikt voor metingen tot max. 600 V in een CAT III-omgeving en tot max. 300 V in een CAT IV-omgeving
8. Vervuilingsgraad
IEC 61010-1 specificeert verschillende types vervuilingsgraden welke bepaalde risico's met zich meebrengen. Iedere vervuilingsgraad vereist specifieke beschermingsmaatregelen. Omgevingen met een hogere vervuilingsgraad hebben een betere bescherming nodig tegen mogelijke invloeden van de verschillende types vervuiling die in deze omgeving kunnen voorkomen. Deze bescherming hangt hoofdzakelijk af van de isolatie en de eigenschappen van de behuizing. De opgegeven waarde van
DVM9915
vervuilingsgraad geeft aan in welke omgeving dit apparaat veilig gebruikt kan worden.
| Vervuilingsgraad 1 | Omgeving zonder, of met enkel droge, niet-geleidende vervuiling. De voorkomende vervuiling heeft geen invloed. (komt enkel voor in hermetisch afgesloten omgevingen) |
| Vervuilingsgraad 2 | Omgeving met enkel niet-geleidende vervuiling.Uitzonderlijk kan tijdelijke geleiding door condensatie voorkomen (bv. huishoudelijke- en kantooromgeving) |
| Vervuilingsgraad 3 | Omgeving waar geleidende vervuiling voorkomt, of droge niet geleidende vervuiling die geleidend kan worden door condensatie.(industriële omgevingen en omgevingen die blootgesteld worden aan buitenlucht zonder rechtstreeks contact met neerslag) |
| Vervuilingsgraad 4 | Omgeving waar frequent geleidende vervuiling voorkomt, bv. veroorzaakt door geleidend stof, regen of sneeuw. (in openlucht en omgevingen met een hoge vochtigheidsgraad of hoge concentraties fijn stof) |
Waarschuwing: Dit toestel is ontworpen conform EN 61010-1 vervuilingsgraad 2. Dit houdt bepaalde gebruiksbeperkingen in die te maken hebben met de pollutie die kan voorkomen in de gebruiksomgeving. Zie tabel hierboven.

Dit toestel is enkel geschikt voor gebruik in omgevingen geclassificeerd als vervuilingsgraad 2.
9. Specificaties
Dit toestel is niet geijkt bij aankoop!
Richtlijnen met betrekking tot de gebruiksomgeving:
Gebruik dit toestel enkel voor metingen aan installatiecategorie CAT I, CAT II, CAT III en CAT IV (zie §7)
Gebruik dit toestel alleen in een vervuilingsgraad 2 omgeving (zie §8)
Ideale gebruikscondities:
temperatuur: 0 °C tot 40 °C (32 °F tot 104 °F)
relatieve vochtigheid: max. 80 %
hoogte: max. 2000 m (6560 ft)
spanning 600 V
beveiliging door zekering
F0.5 A/600 V, 5 x 20 mm
F15 A/600 V, 6 x 32 mm
voeding 1 x 9 V 6F22 (meegelev.)
display......LCD, 3999
DVM9915
display-afmetingen 65 x 36 mm
buiten meetbereik ....ja
continuiteitszoemer ....ja
transistortest ....neen
diodetest......ja
batterij-laag-indicatie......ja
bereikmodus.... auto/manueel
dataholdfunctie ....ja
achtergrondverlichting......ja
automatische uitschakeling ....ja
afmetingen.... 188 x 102 x 38 mm
gewicht (met batterij) .... ± 325 g
opslagtemperatuur
temperatuur ...... -20 °C tot 60 °C
vochtigheid.... < 90 % RH
meetpennen .... CAT IV 600 V, 15 A; L = 90 cm (meegelev.)
9.1 GELIJKSPANNING

Meet niet in circuits met spanningen > 600 V
| bereik | resolutie | nauwkeurigheid |
| 400 V | 0.1 mV | ± (0.5 % v.d. uitlezing + 2 digits) |
| 4 V | 1 mV | |
| 40 V | 10 mV | |
| 400 V | 100 mV | |
| 600 V | 1 V | ± (0.8 % v.d. uitlezing + 2 digits) |
Beveiligd tegen overbelasting: 600 V DC of AC rms
impedantie: 10 MΩ, > 100 MΩ voor het 400 mV-bereik
9.2 WISSELSPANNING

Meet niet in circuits met spanningen > 600 V
| bereik | resolutie | nauwkeurigheid |
| 4 V | 1 mV | ± (0.8 % v.d. uitlezing + 3 digits) |
| 40 V | 10 mV | |
| 400 V | 100 mV | |
| 600 V | 1 V | ± (1.2 % v.d. uitlezing + 3 digits) |
Respons gemiddeld, gekalibreerd in rms van een sinusgolf
Frequentiebereik: 40-500 Hz
DVM9915
Beveiligd tegen overbelasting: 600 V DC of AC rms impedantie: 10 MΩ
9.3 GELIJKSTROOM
![]() | Meet niet in circuits met spanningen > 600 V | |
| bereik | resolutie | nauwkeurigheid |
| 400 μA | 0.1 μA | ± (1.2 % v.d. uitlezing + 2 digits) |
| 4000 μA | 1 μA | |
| 40 mA | 10 μA | |
| 400 mA | 100 μA | |
| 4 A | 1 mA | ± (2.0 % v.d. uitlezing + 3 digits) |
| 15 A | 10 mA | |
Beveiligd tegen overbelasting: 0.5 A/600 V-zekering, F15 A/600 V-zekering Max. stationaire stroom bij continu testen: 1 A
9.4 Wisselstroom
![]() | Meet niet in circuits met spanningen > 600 V | |
| bereik | resolutie | nauwkeurigheid |
| 400 μA | 0.1 μA | ± (1.5 % v.d. uitlezing + 3 digits) |
| 4000 μA | 1 μA | |
| 40 mA | 10 μA | |
| 400 mA | 100 μA | |
| 4 A | 1 mA | ± (2.5 % v.d. uitlezing + 5 digits) |
| 15 A | 10 mA | |
Respons gemiddeld, gekalibreerd in rms van een sinusgolf Frequentiebereik: 40-500 Hz Beveiligd tegen overbelasting: 0.5 A/600 V-zekering, F15 A/600 V-zekering Max. stationaire stroom bij continu testen: 1 A
9.5 WEERSTAND
![]() | Voer geen weerstandsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is | |
| bereik | resolutie | nauwkeurigheid |
| 400 Ω | 0.1 Ω | ± (1.0 % v.d. uitlezing + 1 digit) |
| 4 kΩ | 1 Ω | ± (1.0 % v.d. uitlezing + 2 digits) |
| 40 kΩ | 10 Ω | |
| 400 kΩ | 100 Ω | |
| 4 MΩ | 1 kΩ | |
| 40 MΩ | 10 kΩ | ± (1.5 % v.d. uitlezing + 3 digits) |
Beveiligd tegen overbelasting: 0.5 A/600 V-zekering
9.6 CAPACITEIT
![]() | Voer geen capaciteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is | |
| 40 nF | 10 pF | ± (3.0 % v.d. uitlezing + 10 digits) |
| 400 nF | 100 pF | ± (2.5 % v.d. uitlezing + 5 digits) |
| 4 μF | 1 nF | |
| 40 μF | 10 nF | |
| 100 μF | 100 nF | ± (5.0 % v.d. uitlezing + 10 digits) |
Beveiligd tegen overbelasting: 0.5 A/600 V-zekering
![]() | Voer geen diode- of continuiteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is | |
| bereik | omschrijving | meetvoorwaarde |
![]() | op de displayverschijnt hetvoorwaartsespanningsverlies van de diode | voorwaartse gelijkstroom± 1 mADC-sperspanning ± 1.5 V |
![]() | als de weerstand < 30 Ω, gaat de ingebouwde zoemer af | open-circuit spanning:± 0.5 V |
Beveiligd tegen overbelasting: 0.5 A/600 V-zekering
9.8 FREQUENTIE
![]() | Voer geen frequentiemetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is | |
| bereik | resolutie | nauwkeurigheid |
| 10 Hz | 0.01 Hz | ± (0.1 % v.d. uitlezing + 5 digits) |
| 100 Hz | 0.1 Hz | |
| 1000 Hz | 1 Hz | |
| 10 kHz | 10 Hz | |
| 100 kHz | 100 Hz | |
| 1000 kHz | 1 kHz | |
| 10 MHz | 10 kHz | |
Gevoeligheid : sinusgolf 0.6 V rms (10 MHz: 1.5 V rms)
Beveiligd tegen overbelasting: 600 V DC of AC rms
9.9 ARBEIDSCYCLUS
![]() | Voer geen arbeidscyclusmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is |
| bereik | nauwkeurigheid |
| 0.1-99,9 % | ± (2.0 % v.d. uitlezing + 2 digits) |
Frequentie: < 10 kHz
Gevoeligheid : sinusgolf 0.6 V rms
Beveiligd tegen overbelasting: 600 V DC of AC rms
9.10 TEMPERATUUR
| bereik | nauwkeurigheid | resolutie | |
| °C | -50 tot 150 °C | ± (3 °C + 1 digit) | 1 °C |
| 150 tot 800 °C | ± (3 % + 1 digit) | ||
NiCr-NiSi-sensor
Beveiligd tegen overbelasting: 0.5 A/600 V-zekering
10. Spanning meten



Meet niet in circuits met spanningen > 600 V
Wees uiterst voorzichtig bij metingen hoger dan 60 VDC of 30 VAC rms.
Houd tijdens metingen uw vingers steeds achter de beschermingsrand van de meetpennen!
DVM9915
- Sluit het rode meetsnoer aan op de "VΩmA"-bus en het zwarte meetsnoer op de "COM"-bus.
- Plaats de draaiknop in de gewenste V stand.
- Druk op "SELECT" en kies de "AC" of "DC" meetmodus.
- Sluit de meetsnoeren aan op de meetbron.
- U kunt nu de intensiteit van de spanning aflezen op de lcd-display.
- In "AC" meetmodus, druk op "Hz%" om de frequentie of arbeidscyclus te meten.
11. Stroom meten

Meet niet in circuits met spanningen > 600 V

Wees uiterst voorzichtig bij metingen hoger dan 60 VDC of 30 VAC rms.
Houd tijdens metingen uw vingers steeds achter de beschermingsrand van de meetpennen!
-
Sluit het rode meetsnoer aan op de "VΩmA"-bus en het zwarte meetsnoer op de "COM"-bus. Sluit het rode meetsnoer aan op de "15A"-bus voor metingen tussen 400 mA en 15 A).
-
Plaats de draaiknop in de gewenste μA, mA of A stand.
-
Druk op "SELECT" en kies de "AC" of "DC" meetmodus.
-
Sluit de meetsnoeren IN SERIE aan op het circuit waarvan u de belasting wilt meten.
-
U kunt nu de intensiteit van de spanning en de polariteit van het rode meetsnoer aflezen op de lcd-display.
-
In "AC" meetmodus, druk op "Hz%" om de frequentie of arbeidscyclus te meten.
12. Weerstand meten

Voer geen weerstandsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is. Zorg ervoor condensatoren in het circuit volledig ontladen zijn.
- Sluit het rode meetsnoer aan op de "VΩmA"-bus en het zwarte testsnoer op de "COM"-bus (het rode meetsnoer heeft een positieve polariteit "+").
- Plaats de draaiknop in de "Ω→←→" stand.
- Sluit de meetsnoeren aan op de weerstand en lees de lcd-display.
- Zorg ervoor dat bij weerstandsmetingen geen spanning meer op het circuit staat en condensatoren volledig ontladen zijn.
13. Capaciteit meten

Voer geen capaciteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is. Zorg ervoor condensatoren in het circuit volledig ontladen zijn.
- Sluit het rode meetsnoer aan op de "VΩmA"-bus en het zwarte meetsnoer op de "COM"-bus.
- Plaats de draaiknop in de " " stand.
- Sluit de meetsnoeren aan op de weerstand en lees de lcd-display.
- Zorg ervoor dat bij weerstandsmetingen geen spanning meer op het circuit staat en condensatoren volledig ontladen zijn. Merk op dat, bij het testen van een 100 μF-condensator, er een vertraging is van ± 15 seconden.
14. Diode en continuïteit meten

Voer geen diode- of continuïteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is. Zorg ervoor condensatoren in het circuit volledig ontladen zijn.
- Sluit het rode meetsnoer aan op de "VΩmA"-bus en het zwarte testsnoer op de "COM"-bus (het rode meetsnoer heeft een positieve polariteit "+").
- Plaats de draaiknop in de "Ω→•••" stand.
- Druk op "SELECT" en kies de "diode" of "continuïteit" meetmodus.
- Sluit de rode meetsnoer met de anode van de diode in kwestie en sluit het zwarte meetsnoer aan op de kathode van de diode. Bij een weerstand lager dan ± 30 Ω zal de meter zoemen.
- Zorg ervoor dat bij diode- en continuïteitsmetingen geen spanning meer op het circuit staat en condensatoren volledig ontladen zijn.
15. Frequentie en arbeidscyclus meten

Voer geen frequentie- of arbeidscyclusmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is. Zorg ervoor condensatoren in het circuit volledig ontladen zijn.
- Sluit het rode meetsnoer aan op de "VΩmA"-bus en het zwarte meetsnoer op de "COM"-bus.
- Plaats de draaiknop in de "Hz" stand.
- Druk op "Hz%" en kies de "frequentie" of "arbeidscyclus" meetmodus.
- Sluit de meetsnoeren aan op de weerstand en lees de lcd-display.
16. Temperatuur meten
- Sluit de rode banaanplug aan op "Ω→••n" en de zwarte op de "COM".
- Plaats de draaiknop in de "°C" stand.
- Plaats de meetsonde in het te meten veld en lees het resultaat op het lcd-display.
17. Andere functies
17.1 DATAHOLDFUNCTIE
Druk op "D.H * om de waarde op de lcd-display vast te zetten. Druk opnieuw om de functie op te heffen.
17.2 ACHTERGRONDVERLICHTING
Houd "D.H ♦ gedurende 2 seconden ingedrukt om de achtergrondverlichting in te schakelen. Houd opnieuw ingedrukt om de achtergrondverlichting uit te schakelen.
17.3 RELATIEVE METING
Druk op "REL" om de relatieve meetmodus in of uit te schakelen. Deze functie geldt niet voor de "frequentie" of "arbeidscyclus" meetmodus.
17.4 AUTO/MANUEEL MEETBEREIK
Druk herhaaldelijk op "RANGE" tot het gewenste meetbereik op de display verschijnt. Houd "RANGE" gedurende 2 seconden ingedrukt om het meetbereik automatisch te selecteren.

Kies onmiddellijk een hoger bereik van zodra "OL" op de display verschijnt.
18. Batterijen vervangen

WAARSCHUWING: om elektrische schokken te vermijden, ontkoppel altijd de meetsnoeren alvorens de behuizing te openen. Om brand te voorkomen gebruik enkel zekeringen met dezelfde specificaties zoals aangegeven in de handleiding.

Opmerking: zie waarschuwing op de achterkant van het toestel
Er zijn geen onderdelen in het toestel die door de gebruiker gerepareerd kunnen worden.
Contacteer uw verdeler voor eventuele reserveonderdelen.
DVM9915

Ontkoppel de meetsnoeren van het meetcircuit en ontkoppel de meetsnoeren voor u de batterijen of zekeringen vervangt.
- Wanneer "[-+] op de display verschijnt, moet u de batterijen vervangen.
- Zekeringen moeten slechts zelden worden vervangen en een gesprongen zekering is bijna altijd het gevolg van een menselijke fout.
De batterij vervangen:
• Schakel de meter uit.
- Verwijder de oude lamp en breng de nieuwe in.
- Sluit de behuizing en draai de schroeven vast.
- Verwijder de 2 schroeven aan de onderkant van de behuizing en open deze voorzichtig.
Batterij: 1 x 9 V 6F22, respecteer de polariteit
Zekeringen: F0.5 A/600 V, 5 x 20 mm en F15 A/600 V, 6 x 32 mm Zorg ervoor dat de meter stevig dichtgeschroefd en plaats de beschermhoes terug voor u het toestel gebruikt.
19. Problemen en oplossingen
Wanneer het toestel voortdurend piept bij het uitvoeren van een continuïteitsmeting, betekent dit dat de interne zekering van F0.5 A/600 V defect is.
Houd er rekening mee dat een lage batterijspanning kan leiden tot incorrecte metingen. Vervang de batterij regelmatig.
(tip: U kunt dit ook zien aan de verminderde lichtsterkte van de achtergrondverlichting/lcd-display)
Gebruik dit toestel enkel met originele accessoires. Velleman nv is niet aansprakelijk voor schade of kwetsuren bij (verkeerd) gebruik van dit toestel. Voor meer informatie over dit product en de laatste versie van deze handleiding, zie www.velleman.eu. De informatie in deze handleiding kan te allen tijde worden gewijzigd zonder voorafgaande kennisgeving.
© AUTEURSRECHT
Velleman nv heeft het auteursrecht voor deze handleiding. Alle wereldwijde rechten voorbehouden. Het is niet toegestaan om deze handleiding of gedeelten ervan over te nemen, te kopiëren, te vertalen, te bewerken en op te slaan op een elektronisch medium zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende.
MODE D'EMPLOI
1. Introduction
Velleman® service- en kwaliteitsgarantie
Velleman® heeft sinds zijn oprichting in 1972 een ruime ervaring opgebouwd in de elektronicawereld en verdeelt op dit moment producten in meer dan 85 landen. Al onze producten beantwoorden aan strikte kwaliteitseisen en aan de wettelijke bepalingen geldig in de EU. Om de kwaliteit te waarborgen, ondergaan onze producten op regelmatige tijdstippen een extra kwaliteitscontrole, zowel door onze eigen kwaliteitsafdeling als door externe gespecialiseerde organisaties. Mocht er ondanks deze voorzorgen toch een probleem optreden, dan kunt u steeds een beroep doen op onze waarborg (zie waarborgvoorwaarden).
Algemene waarborgvoorwaarden consumentengoederen (voor Europese Unie):
- Op alle consumentengoederen geldt een garantieperiode van 24 maanden op productie- en materiaalfouten en dit vanaf de oorspronkelijke aankoopdatum.
- Indien de klacht gegrond is en een gratis reparatie of vervanging van een artikel onmogelijk is of indien de kosten hiervoor buiten verhouding zijn, kan Velleman® beslissen het desbetreffende artikel te vervangen door een gelijkwaardig artikel of de aankoopsom van het artikel gedeeltelijk of volledig terug te betalen. In dat geval krijgt u een vervangend product of terugbetaling ter waarde van 100% van de aankoopsom bij ontdekking van een gebrek tot één jaar na aankoop en levering, of een vervangend product tegen 50% van de kostprijs of terugbetaling van 50 % bij ontdekking na één jaar tot 2 jaar.
• Valt niet onder waarborg:
- alle rechtstreekse of onrechtstreekse schade na de levering veroorzaakt aan het toestel (bv. door oxidatie, schokken, val, stof, vuil, vocht...), en door het toestel, alsook zijn inhoud (bv. verlies van data), vergoeding voor eventuele winstderving.
- verbruiksgoederen, onderdelen of hulpstukken die onderhevig zijn aan veroudering door normaal gebruik zoals bv. batterijen (zowel oplaadbare als niet-oplaadbare, ingebouwd of vervangbaar), lampen, rubberen onderdelen, aandrijfriemen... (onbeperkte lijst).
- defecten ten gevolge van brand, waterschade, bliksem, ongevallen, natuurrampen, enz.
- defecten veroorzaakt door opzet, nalatigheid of door een onoordeelkundige behandeling, slecht onderhoud of abnormaal gebruik of gebruik van het toestel strijdig met de voorschriften van de fabrikant.
- schade ten gevolge van een commercieel, professioneel of collectief gebruik van het apparaat (bij professioneel gebruik wordt de garantieperiode herleid tot 6 maand).
- schade veroorzaakt door onvoldoende bescherming bij transport van het apparaat.
- alle schade door wijzigingen, reparaties of modificaties uitgevoerd door derden zonder toestemming van Velleman®.
- Toestellen dienen ter reparatie aangeboden te worden bij uw Velleman®-verdeler. Het toestel dient vergezeld te zijn van het oorspronkelijke aankoopbewijs. Zorg voor een degelijke verpakking (bij voorkeur de originele verpakking) en voeg een duidelijke foutomschrijving bij.
- Tip: alvorens het toestel voor reparatie aan te bieden, kijk nog eens na of er geen voor de hand liggende reden is waarom het toestel niet naar behoren werkt (zie handleiding). Op deze wijze kunt u kosten en tijd besparen. Denk eraan dat er ook voor niet-defecte toestellen een kost voor controle aangerekend kan worden.
- Bij reparaties buiten de waarborgperiode zullen transportkosten aangerekend worden.
- Elké commerciële garantie laat deze rechten onverminderd.
- Bij reparaties buiten de waarborgperiode zullen transportkosten aangerekend worden. - Elke commerciële garantie laat deze rechten onverminderd.














