Evergum 70034 - Stekkerdoos Mennekes - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Evergum 70034 Mennekes in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Evergum 70034 Mennekes
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Stekkerdoos in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Evergum 70034 - Mennekes en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Evergum 70034 van het merk Mennekes.
GEBRUIKSAANWIJZING Evergum 70034 Mennekes
raccordement / Aansluitwaarden4
© Copyright by MENNEKES Elektrotechnik GmbH & Co. KG Dit document is door de auteurswet beschermd. De inhoud van dit document is eigendom van MENNEKES Elektrotechnik GmbH & Co. KG en mag noch geheel noch gedeeltelijk worden vermenigvuldigd of gereproduceerd zonder voorafgaande toestemming van de eigenaar. Waarschuwingen Gevaar Deze waarschuwing kenmerkt een onmiddellijk dreigend gevaar. De verontachtzaming leidt tot de dood of zware verwondingen. Waarschuwing Deze waarschuwing kenmerkt een mogelijkerwijs gevaar- lijke situatie. De veronachtzaming kan tot de dood of zware verwondingen leiden. Voorzichtig Deze waarschuwing kenmerkt een mogelijkerwijs gevaar- lijke situatie. De veronachtzaming kan tot lichte of minder ernstige verwondingen leiden. Opgelet Deze aanwijzing kenmerkt een mogelijke gevaarlijke situ- atie. Het negeren van deze aanwijzing kan tot materiële schade aan het apparaat leiden. Algemene aanwzingen Deze aanwijzing kenmerkt aanvullende, nuttige infor- matie bij een bepaald thema. Gebruikte symbolen
- Oproep tot actie – Opsomming
Kruisverwijzing naar een andere plaats in het document Inhoudsopgave
2.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen ..................... 4
2.4 Voorzienbaar verkeerd gebruik .......................... 5
3. Restrisico’s ......................................................... 6
3.1 Gevaar door ongeschikte
omgevingsomstandigheden ............................... 6
3.2 Gevaar door ontbrekende beveiliging ................ 6
3.3 Gevaar door brand ............................................ 6
3.4 Gevaar door ondeskundige bediening ............... 6
4.1 Opbouw van het apparaat ................................. 7
5.4.2 Verbruikers aansluiten .................................... 9
6.5 Behuizingsdeksel op EverGUM
6.7 Bijzonderheden bij aan te sluiten verbruikers ... 11
6.7.1 Stekkersystemen ........................................... 11
6.7.2 Sensitief voor universele stroom,
6.8 Verbruikers aansluiten ..................................... 13
6.8.1 Verbruikers op het apparaat
met veiligheidsklasse IP 44 aansluiten ........... 13
6.8.2 Verbruikers op het apparaat
met veiligheidsklasse IP 67 aansluiten ........... 13
6.9 Verbruiker verwijderen ..................................... 13
6.9.1 Verbruiker van het apparaat
met veiligheidsklasse IP 44 verwijderen ......... 14
6.9.2 Verbruiker van het apparaat
met veiligheidsklasse IP 67 verwijderen ......... 14
7. Buitenbedrijfstelling ....................................... 14
7.1 Apparaat buiten bedrijf nemen ........................ 14
9.1 Onderhoudswerkzaamheden ........................... 15
10.1 Controle van het apparaat
in het niet commerciële bereik ......................... 16
10.2 Controle van het apparaat
in industriële omgeving ................................... 16
11.1.2 Leidingveiligheidsschakelaar
en schroefzekering ...................................... 17
12. Opslag en verwijdering .................................. 18
12.1 Apparaat opslaan ............................................ 18
12.2 Apparaat verwijderen ...................................... 18
- Trek de toevoerleiding van een apparaat niet over scherpe randen of voorwerpen.
- Voorkom knikken van de toevoerleiding van het apparaat en van de leidingen van de aangesloten verbruikers.
- Rijd niet over het apparaat en de onderdelen (toevoerleiding, stekker, enz.).
- Voorkom een mechanische belasting op het apparaat.
- Houd het apparaat uit de buurt van warmtebronnen.
- Zet het apparaat tijdens de werking op een schone en droge plaats neer.
- Zorg ervoor dat het apparaat niet in water (plas) staat.
- Gebruik de toevoerleiding niet voor een andere bestemming, om het apparaat te dragen, hieraan te hangen of om de stekker uit de stekkerdoos te trekken.
- Als u buiten werkt met het apparaat, sluit dan alleen elektrische verbruikers aan die geschikt zijn voor het gebruik buiten.
- Laat uw apparaat alleen door gekwalificeerde personen en alleen met originele reserveonderdelen repareren, zodat de veiligheid van het apparaat continu gewaarborgd blijft. Veiligheid van personen
- Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het apparaat uit de buurt.
- Bewaar een niet gebruikt apparaat buiten het bereik van kinderen.
- Laat het apparaat niet door personen gebruiken die met dit apparaat niet vertrouwd zijn of deze gebruiksaanwijzing niet gelezen hebben.
- Werk met het apparaat niet in explosiegevaarlijke omgevingen waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen bevinden, als het apparaat daarvoor niet uitdrukkelijk geschikt is. Aangesloten elektrische gereedschappen genereren vonken, die stof of stoom kunnen ontbranden.
- Voorkom het automatisch starten van elektrische verbruikers (bijv. boormachine), door deze eerst altijd met de eigen aan-/uitschakelaar uitschakelen, voordat u ze op de stekkerdoos aansluit.
- Gebruik het apparaat niet als u onder invloed van drugs, alcohol of geneesmiddelen staat. Dit kan tot ernstige verwondingen leiden. De informatie in deze gebruiksaanwijzing geldt uitsluitend voor de apparatuur die beschreven is in deze handleiding. Daartoe behoren AMAXX
stekkerdoos- lijsten. Afhankelijk van de uitvoering van de apparaten en door de verschillende onderdelen kunnen er optisch afwijkingen van de in deze handleiding weergegeven afbeeldingen ontstaan. Bovendien kunnen de apparaten qua functie of bediening van elkaar verschillen. Naast deze gebruiksaanwijzing kunnen nog andere handlei- dingen (bijv. van apparaatcomponenten) bij de levering zijn inbegrepen, die volledig in acht genomen moeten worden. Voor een veilig gebruik van het apparaat moeten boven- dien de landelijke, wettelijke voorschriften en bepalingen (bijv. ongevallenpreventie- en werkveiligheidsvoorschriften en milieuvoorschriften) van het betreffende land in acht worden genomen.
2. Voor uw veiligheid
2.1 Algemene veiligheidsinstructies
- Houd uw werkplek schoon en opgeruimd. Rondslingerende apparaten of gereedschappen kunnen tot valincidenten leiden en verwondingen veroorzaken.
- Plaats het apparaat niet op een voetpad of rijweg. Elektrische veiligheid
- Breng geen veranderingen aan het apparaat en de onderdelen (stekkers, stekkerdozen, enz.) aan.
- Gebruik geen adapterstekker in combinatie met het apparaat.
De stekkerdoos die gereed is voor aansluiting, dient uitslui- tend als mobiele stroomverdeler en is afhankelijk van de uitvoering en met inachtneming van de plaatselijke omge- vingsomstandigheden binnen en buiten toepasbaar. Het apparaat is niet bedoeld voor een vaste montage (bijv. tegen een wand). MENNEKES Elektrotechnik GmbH & Co. KG neemt geen aansprakelijkheid voor gevolgen van niet beoogd gebruik. Aansprakelijkheid voor schade of mankementen vervalt, die door veronachtzaming van deze aanwijzing zijn ontstaan. Houd deze gebruiksaanwijzing bij het apparaat en geef deze aan de volgende bediener / gebruiker verder. Bij gebruik van het apparaat mogen bepaalde werk- zaamheden (bijv. reparatiewerkzaamheden) uitslui- tend door gekwalificeerde elektriciens worden uitgevoerd. Deze werkzaamheden worden in de handleiding met een dienovereenkomstige aanwijzing aangeduid. Waarschuwing Gevaar voor letsel door niet-naleven van de bedie- ningshandleiding Wordt de gebruiksaanwijzing niet in acht genomen of worden de aanwijzingen niet opgevolgd, bestaat het gevaar voor zware verwondingen.
- Lees vóór het gebruik van het apparaat deze gebruiksaanwijzing en alle aanvullende handleidingen die bij de levering zijn inbegrepen zorgvuldig door en neem deze volledige in acht.
- Volg nauwkeurig de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing en voer alleen de beschreven handelingsstappen uit.
2.3.1 Bediener / Gebruiker
De exploitant / gebruiker moet zorgen voor een reglemen- tair gebruik van het apparaat en is verantwoordelijk voor het veilig gebruik. De bediening kan zowel door elektrotechnisch onderlegde personen alsmede door elektrotechnische leken plaatsvin- den. De bediener / gebruiker moet aan de volgende vereisten voldoen en in acht nemen: – Neem de gebruiksaanwijzing op alle punten in acht – Duurzame bewaring van de gebruiksaanwijzing als naslagwerk – Beoogd gebruik van het apparaat – Instrueren van personen, die het apparaat gebruiken – Risico's herkennen en mogelijke gevaren vermijden – Consulteren van een gekwalificeerde elektricien bij storin- gen of reparatiewerkzaamheden – Personen (bijv. mensen met een handicap of kinderen) beschermen, die gevaren bij de omgang met het apparaat niet kunnen inschatten – Inachtneming van de nationale voorschriften inzake onge- vallenpreventie en arbeidsveiligheid
2.4 Voorzienbaar verkeerd gebruik
Voor een veilig gebruik van het apparaat en om verkeerd gebruik te vermijden, moeten de volgende instructies in acht worden genomen: Het niet in acht nemen van de gebruiksaanwijzing
- Neem bij alle werkzaamheden de volledige bedieningshandleiding in acht.
- Voer uitsluitend de werkzaamheden uit, die in deze bedieningshandleiding beschreven zijn.
- Houd de procedure en de volgorde van de beschreven werkstappen aan. Gebruik van een beschadigd apparaat
- Gebruik alleen een apparaat dat niet is beschadigd. Manipulatie van het apparaat
- Verwijder geen onderdelen van het apparaat.
- Voer geen veranderingen of verbouwingen aan het apparaat uit. Gebruik van ongeschikte reinigingsmiddelen
- Laat reinigingsmiddelen, die u zou willen gebruiken, eerst door MENNEKES vrijgeven. Gebruik van niet-goedgekeurde reserveonderdelen en accessoires
- Gebruikt u uitsluitend vervangende en toebehoor onderdelen, die door MENNEKES gefabriceerd en / of vrijgegeven zijn.6 Gebruik van het apparaat bij ongeschikte omgevings- condities
- Gebruikt het apparaat uitsluitend bij de daarvoor toegelaten en geschikte omgevingscondities.
zie hoofdstuk "Technische gegevens" Klimmen of zitten op het apparaat
- Klim niet op het apparaat en ga er niet op staan - verwondingsgevaar door vallen en / of materiële schade aan het apparaat!
3.1 Gevaar door ongeschikte omgevingsom-
standigheden Waarschuwing Verwondingsgevaar door ongeschikte omgeving- somstandigheden Het gebruik van het apparaat bij ongeschikte omgeving- somstandigheden kan tot schade aan het apparaat leiden, waardoor er verwondingen kunnen ontstaan door een elektrisch schok.
- Gebruik het apparaat uitsluitend bij geschikte omgevingsomstandigheden en om het risico op een elektrische schok te voorkomen.
zie hoofdstuk "Technische gegevens"
3.2 Gevaar door ontbrekende beveiliging
Waarschuwing Verwondingsgevaar door ongeschikte of ontbreken- de beveiliging Bij gebruik van een apparaat in het buitenbereik bij een ongeschikte of ontbrekende beveiliging door een aard- lekschakelaar, kunnen verwondingen door een elektrische schok ontstaan.
- Gebruik het apparaat uitsluitend in het buitenbereik, als deze of de voedende stekkerdoos door een geschikte aardlekschakelaar beveiligd is.
- Neem bij geval van twijfel contact op met een gekwalificeerde elektricien.
3.3 Gevaar door brand
Waarschuwing Verwondingsgevaar door brand Bij het afdekken van de stekkerdoos-combinatie kan er warmteophoping in het apparaat ontstaan, waardoor brand kan ontstaan.
- Dek het apparaat niet af.
- Leg geen voorwerpen op het apparaat.
3.4 Gevaar door ondeskundige bediening
Waarschuwing Gevaar voor letsel door ondeskundig gebruik Bij ondeskundige bediening kan het apparaat beschadigd worden, waardoor het tot verwondingen kan komen.
- Trek een ingestoken stekker uitsluitend aan de stekkerbehuizing uit de contactdoos.
- Let erop, dat kabels niet geknikt, geklemd of overreden worden en niet met vreemde warmtebronnen in aanraking komen.
- Sluit geen aanvullende stekkerdooslijsten of adapterstekkers op het apparaat aan.
3.5 Gevaar door condenswater
Opgelet Materiële schade door condenswater Bij ongunstige omgevingsomstandigheden kan kan er in het apparaat (met name bij veiligheidsklasse IP 67) condensatie ontstaan. Daardoor kan er schade aan het apparaat ontstaan.
- Voorkom sterke temperatuurschomelingen tijdens de werking.
- Gebruik het apparaat uitsluitend bij geschikte omgevingsomstandigheden.
zie hoofdstuk "Technische gegevens"7
1 Behuizing 2 Kijkvenster 3 Draaggreep 4 Veiligheidsorgaan 5 Contactdozen 6 Toevoerleiding met stekker AMAXX
-stekkerdooslijst EverGUM
verdeler 1 Behuizing 2 Kijkvenster 3 Draaggreep 4 Veiligheidsorgaan 5 Contactdozen 6 Toevoerleiding met stekker 1 Behuizing met voeten 2 Behuizingsdeksel 3 Draaggreep 4 Toevoerleiding met stekker of appa- raatstekker 5 Roestvrijstalen snelsluiting 6 Contactdozen AirKRAFT
DELTA-BOX 1 Behuizing 2 Draaggreep 3 Contactdozen 4 Kijkvenster 5 Veiligheidsorgaan 6 Toevoerleiding met stekker 1 Behuizing 2 Contactdozen 3 Toevoerleiding met stekker 1 Behuizing 2 Draaggreep 3 Contactdozen 4 Toevoerleiding met stekker
4.1 Opbouw van het apparaat
De mobiele stekkerdooscombinaties kunnen op basis van klanten en / of landspecifieke gegevens, bijv. qua grootte, vorm en uitvoering, van elkaar worden gescheiden. Bovendien kunnen componenten (bijv. stekkerdozen) aan- gepast zijn, die optische, functionele en bedieningsrelevante onderscheidende kenmerken vertonen. Mogelijke onderscheidende kenmerken: – Grootte behuizing /-materiaal /-kleur – Behuizing met / zonder kijkvenster – Kijkvenster met / zonder gekartelde schroeven – Kijkvenster of behuizingsdeksel met / zonder vergrende- lingsmogelijkheid door hangslot (optioneel) – Verschillende toevoerleidingen, stekkers en apparaatstek- kers (bijv. CEE-stekkers, stekker Schuko
– Verschillende stekkerdozen – Met / zonder veiligheidsorgaan (bijv. aardlekschakelaar) – Veiligheidsuitvoering Bepaalde apparaten kunnen voor een gemakkelijkere externe herkenning voorzien zijn van een functioneel kenmerk (nummering), dat echter niet met het nor- matieve bedrijfsmiddelenkenmerk overeen hoeft te komen. Overige informatie over de afzonderlijke type appa- raten en gegevens over de uitvoering en accessoires staan in de actuele productcatalogus van MENNEKES en op het internet onder www.MENNEKES.de
5.1 Apparaat uitpakken
- Gebruikt u voor het openen van de verpakking geen scherpe of puntige voorwerpen, om beschadigingen aan het apparaat te vermijden.
- Open de verpakking en neem het apparaat eruit (1).
- Bewaar de verpakking (bijv. voor het retour sturen van het apparaat bij beschadigingen) of dank deze overeenkomstig de landelijke, geldige voorschriften af.
5.2 Apparaat op transportschade controleren
- Controleer het apparaat na het uitpakken op transportschade.
- Ontdekt u transportschade, dient u contact op te nemen met de vakhandelaar.
- Gebruik geen apparaat dat beschadigd is.
5.3 Apparaat retour sturen
Als u het apparaat retour wilt sturen, gebruik dan de origi- nele verpakking of een geschikte veilige transportcontainer.
5.4 Apparaat in bedrijf nemen
Voor een veilige werking van het apparaat moeten de plaatselijke omgevingsomstandigheden in acht worden genomen.
zie hoofdstuk "Technische gegevens" Overtuig u vóór het gebruik dat de aansluitgegevens van het apparaat overeenkomen met de netgegevens. Het apparaat mag alleen in overeenstemming met de plaatselij- ke netgegevens worden gebruikt.
Waarschuwing Verwondingsgevaar door ongeschikte of ontbreken- de beveiliging Bij gebruik van een apparaat in het buitenbereik bij een ongeschikte of ontbrekende beveiliging door een aard- lekschakelaar, kunnen verwondingen door een elektrische schok ontstaan.
- Gebruik het apparaat uitsluitend in het buitenbereik, als deze of de voedende stekkerdoos door een geschikte aardlekschakelaar beveiligd is.
- Neem bij geval van twijfel contact op met een gekwalificeerde elektricien.
5.4.1 Veiligheidsorgaan controleren en inschakelen
- Als uw apparaat is uitgerust met schroefzekeringen, dient u deze voor iedere ingebruikname op volledigheid en stabiliteit te controleren.
- Breng eventueel ontbrekende en geschikte schroefzekeringen aan.
- Vervang defecte schroefzekeringen door nieuwe.
- Draai alle schroefzekeringen met de hand vast.
- Schakel de veiligheidsorganen (aardlek- en leidingveiligheidsschakelaar) in.
zie hoofdstuk "Bediening - veiligheidsorganen"
5.4.2 Verbruikers aansluiten
- Sluit de verbruiker aan.
zie hoofdstuk "Bediening"
Gevaar Verwondingsgevaar door beschadigd apparaat Bij beschadigingen aan het apparaat bestaat het gevaar van ernstige of dodelijke verwondingen.
- Gebruikt u het apparaat niet, wanneer dit uiterlijke schade vertoont.
- Kenmerkt u het evt. beschadigde apparaat, zodat dit niet door andere personen verder gebruikt wordt.
- Laat u de schade onverwijld door een gekwalificeerde elektrovakkracht verhelpen.
- Laat het apparaat evt. door een gekwalificeerde elektrovakkracht buiten gebruik nemen.
6.1 Apparaat transporteren
Apparaat transporteren De mobiele stekkerdooscombinaties beschikken grotendeels over een draaggreep voor een eenvoudig en veilig trans- port.
- Transporteer het apparaat altijd aan de draaggreep (1), om verwondingen of beschadigingen van het apparaat te voorkomen.
6.2 Gebruikspositie in acht nemen
Gebruikspositie in acht nemen (bijvoorbeeld: AMAXX
-verdeler) Tijdens de werking moet de gebruikspositie van het appa- raat in acht worden genomen. De EverGUM
-verdeler moet op de voeten worden geplaatst. Alle andere apparaten worden op de achterkant van de behuizing geplaatst, zodat de klepdeksel van de stekkerdoos zich vanaf de bovenkant laat openen en de stekkers van de verbruikers aangesloten kunnen worden.
6.4 Zichtvenster openen / sluiten
Zichtvenster openen / sluiten Afhankelijk van de uitvoering van het apparaat kan het kijkvenster met of zonder kartelschroeven en optioneel met een hangslot worden uitgerust. De bediening wordt op het apparaat AMAXX
mobiel beschreven en vindt bij apparaat- varianten op vergelijkbare wijze plaats. Openen
- Verwijder eventueel het hangslot (1).
- Draai de kartelschroeven (2) los naar links.
- Zwenk het kijkvenster (3) open. Sluiten
- Zwenk het kijkvenster (3) dicht tot deze op de behuizing vastklikt.
- Draai de kartelschroeven (2) vast, om de veiligheidswerking weer tot stand te brengen.
- Vergrendel het kijkvenster eventueel met het hangslot (1).
- Zet het apparaat tijdens de werking op een schone en droge plaats neer.
- Zorg ervoor dat het apparaat niet in water (plas) staat.
-verdeler op de voet (1).
- Plaats de apparaten (2) (AMAXX
stekkerdooslijst) aan de achterkant van de behuizing.
6.3 Veiligheidsorgaan
Veiligheidsorgaan De mobiele stekkerdooscombinaties zijn, ter beveiliging, grotendeels met veiligheidsorganen (1) (schroefzekeringen, aardlekschakelaars, enz.) uitgerust. De veiligheidsorganen bevinden zich achter een kijkvenster (2) of onder een behui- zingsdeksel (3) zoals bij de EverGUM
- Open het kijkvenster resp. de behuizingsdeksel (EverGUM
Zie volgende hoofdstuk
6.5 Behuizingsdeksel op EverGUM
- Verwijder eventueel het hangslot (1) of de schroef (2).
- Maak de snelsluiting (3) (a) los.
- Zwenk de behuizingsdeksel (4) naar boven (b). Sluiten
- Zwenk de behuizingsdeksel (4) naar onder (b).
- Sluit de behuizingsdeksel met behulp van de snelsluiting (3) (a).
- Vergrendel de behuizingsdeksel eventueel met het hangslot (1) of de schroef (2).
6.6 Veiligheidsklasse in acht nemen
De mobiele stekkerdooscombinaties kunnen landspecifiek met verschillende aanbouwstekkerdozen uitgerust en in verschillende veiligheidsklasse (bijv. IP 44 of IP 67) uitvoerd zijn. Met inachtneming van de veiligheidsklasse mogen alleen verbruikers met dezelfde veiligheidsuitvoering met stekker- dooscombinaties gecombineerd en gebruik worden (bijvoor- beeld: stekker IP 67 van een verbruiker op stekkerdoos IP 67 van een stekkerdooscombinatie aansluiten). Aanwijzingen over de veiligheidsuitvoering van uw stekker- dooscombinatie vindt u in het hoofdstuk "Technische gege- vens" of op het typeplaatje.
- Controleer vóór gebruik welke veiligheidsuitvoering overeenkomt met de stekkerdooscombinatie en de aan te sluiten verbruikers.
- Sluit verbruikers met dezelfde veiligheidsklasse en passende stopcontacten aan op het apparaat om een vermindering van de veiligheidswerking te vermijden. Als een stekker met veiligheidsklasse IP 44 ingestoken wordt op een contactdoos-combinatie met veiligheids- klasse IP 67, bereikt de contactdoos-combinatie slechts een veiligheidswerking volgens IP 44! Gevolg: beperkte veiligheidsfunctie! Dit moet met name in acht genomen worden bij appa- raten van veiligheidsklasse IP 44 en het gebruik in het buitenbereik.
6.7 Bijzonderheden bij aan te sluiten ver-
Opgelet Materiële schade door ongeschikte verbruikers Bij aan te sluiten verbruikers met ongeschikte steekverbin- dingen, kan door een slecht contact van de onderdelen brand ontstaan.
- Sluit uitsluitend verbruikers met geschikte steekverbindingen op het apparaat aan. Verbruikers met stekkers van Schuko
hoger IP 44 / IP 54 (IP 66, IP 68 / DWD) maken bij het insteken in mobiele stek- kerdooscombinaties Schuko
IP 44 / IP 54 resp. koppelin- gen, afhankelijk van de constructie, geen goed contact. Hetzelfde geldt voor stekkerdelen en hoekstekkers. Deze apparaten mogen niet gelijktijdig worden gebruikt. De betreffende stekkerdozen van Schuko
en koppelingen worden aangeduid met een stekkersymbool (1) (zie afbeel- ding).12 Stekkersymbool De stekker van de aan te sluiten verbruiker moet volledig in de stekkerdoos gestoken kunnen worden. Een passende stekker kenmerkt zich door zijn vaste aansluiting (vergelijk- baar met "vastklikken") in de stekkerdoos. Daardoor is het contact van de steekverbinding volgens de voorschriften gewaarborgd. Stekkers van Schuko
moeten over een rondlopende lasver- binding bij de stekkerbehuizing beschikken, om in ingesto- ken toestand de noodzakelijke dichtheid en naleving van de veiligheidsklasse te kunnen waarborgen.
- Sluit uitsluitend verbruikers met geschikte steekverbindingen op de stekkerdooscombinatie aan.
- Sluit geen verbruikers, bijv. met hoekstekkers of stekkerdelen, op het apparaat aan.
6.7.2 Sensitief voor universele stroom, aardlekscha-
kelaar (type B) De stekkerdooscombinaties kunnen klantspecifiek met een aardlekschakelaar "type B" zijn uitgerust, die slechts voor zeer specifieke toepassingen bedoeld is en alleen daarvoor gebruikt mag worden. Voor het veilige gebruik dienen de volgende aanwijzingen per se in acht genomen te worden. De betreffende apparaten worden met een sticker (zie afbeelding) aangeduid.
Sticker (aanwijzing voor aardlekschakelaar "type B")
- Laat daarom vóór het gebruik van het apparaat de elektrische installatie door een gekwalificeerde elektricien controleren of het apparaat resp. de aan te sluiten verbruikers gelijktijdig gebruikt mogen worden.
- Neem contact op met een gekwalificeerde elektricien. Elektrische inrichtingen resp. verbruikers (bijv. lasinstallaties, pompen, schudmachines, enz.) die via een frequentieomvor- mer worden bestuurd, kunnen gladde gelijkstroomfouten genereren. In de handel verkrijgbare aardlekschakelaars met de active- ringskarakteristiek AC of van type A kunnen deze foutstro- men niet bepalen, zodat een correcte activering van de aardlekschakelaar niet gewaarborgd is en het risico op een elektrische schok in geval van een storing wordt verhoogd. Dit betekent dat elektrische inrichtingen resp. verbruikers met aardlekschakelaars van het type B niet achter de aard- lekschakelaar van het type A geschakeld en gebruikt mogen worden!13
Waarschuwing Verwondigsgevaar door ongeschikte aardlekschake- laars Wordt een frequentiegestuurde verbruiker met een aard- lekschakelaar type B op een elektrische inrichting resp. een stekkerdooscombinatie met aardlekschakelaar type A aangesloten, bestaat de kans op verwondingen door een elektrische schok.
- Controleer of laat een gekwalificeerde elektricien controleren met welke aardlekschakelaar de elektrische inrichting resp. de aan te sluiten verbruikers zijn uitgerust.
- Sluit uitsluitend geschikte verbruikers op stekkerdooscombinaties aan.
- Neem bij geval van twijfel contact op met een gekwalificeerde elektricien.
6.8 Verbruikers aansluiten
Het aansluiten van een verbruiker wordt aan de hand van het voorbeeld van de DELTA-BOX in veiligheidsuitvoering IP 44 en IP 67 beschreven. De procedure vindt bij apparaatva- rianten op vergelijkbare wijze plaats. Waarschuwing Verwondingsgevaar door onopzettelijk opstarten van elektrische verbruikers Elektrische verbruikers (bijv. boormachines) die via een eigen in- / uitschakelaar al zijn ingeschakeld en op de stekkerdooscombinaties zijn aangesloten, kunnen auto- matisch starten en verwondingen veroorzaken.
- Schakel een elektrische verbruiker eerst via de eigen in-/uitschakelaar uit, voordat u de verbruiker op de stekkerdooscombinatie aansluit.
6.8.1 Verbruikers op apparaat met veiligheidsklasse
- Klapt u het klapdeksel van de contactdoos op en steek de stekker van de verbruiker er volledig in.
- Controleer of de stekker goed vastzit.
6.8.2 Verbruikers op apparaat met veiligheidsklasse
IP67 aansluiten Verbruikers aansluiten (voorbeeld: DELTA-BOX)
- Open het gesloten klapdeksel (1) door naar links te draaien.
- Zwenk het klapdeksel open en steek de stekker (2) van de verbruiker er volledig in.
- Draai de bajonetring (3) van de stekker op de contactdoos (4) vast door naar rechts te draaien (veiligheidswerking!).
- Schakel de verbruiker in.
6.9 Verbruiker verwijderen
Het verwijderen van een aangesloten verbruiker op het apparaat wordt aan de hand van het voorbeeld van de DELTA-BOX in veiligheidsuitvoering IP 44 en IP 67 beschre- ven. De procedure vindt bij alle andere apparaten op dezelf- de wijze plaats. Waarschuwing Gevaar voor letsel door ondeskundig gebruik Bij ondeskundige bediening kan het apparaat beschadigd worden, waardoor het tot verwondingen kan komen.
- Trek een ingestoken stekker uitsluitend aan de stekkerbehuizing uit de contactdoos.
- Let erop, dat kabels niet geknikt, geklemd of overreden worden en niet met vreemde warmtebronnen in aanraking komen.
Het apparaat kan, afhankelijk van de gebruiksomstandighe- den en vervuiling, droog of vochtig worden gereinigd. Wij adviseren echter om volgens regelmatige intervallen een droge reiniging uit te voeren om hardnekkig vuil op het oppervlak te vermijden.
- Verwijdert u eerst alle aangesloten verbruikers van het apparaat, voordat u met de reiniging begint.
zie hoofdstuk "Bediening" Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok Bij werkzaamheden aan stroomvoerende onderdelen bestaat het gevaar op zware verwondingen of de dood.
- Voer de werkzaamheden aan het apparaat eerst uit nadat u deze van de voeding hebt losgekoppeld en de stekker eruit gehaald hebt.
- Reinigt u het apparaat en de onderdelen (bijv. contactdozen) uitsluitend van buiten.
- Opent u het appraat niet en houdt u de contactdozen gesloten.
Voor de droge reiniging kan een handborstel en een prope- re reinigingsdoek gebruikt worden.
- Verwijder voorhanden stof en vuil eerst met een handborstel.
- Veeg vervolgens het apparaat grondig af met een schone, droge doek.
8.2 Vochtige reiniging
Opgelet Schade door verkeerde reiniging Ongeschikte reinigingsmiddelen, reinigingsapparaten en overmatig gebruik van water, kunnen schade aan het apparaat veroorzaken.
- Laat reinigingsmiddelen, die u zou willen gebruiken, eerst door MENNEKES vrijgeven.
- Reinigt u het apparaat en de onderdelen (bijv. contactdozen) uitsluitend van buiten.
- Opent u het appraat niet en houdt u de contactdozen gesloten.
- Vermijdt u stromend water.
- Let erop, dat geen water bij spanningsvoerende delen geraakt.
- Gebruikt u geen hogedruk reinigingsapparaten.
6.9.1 Verbruiker van apparaat met veiligheidsklasse
- Schakel eerst de aangesloten verbruiker uit.
- Til het klapdeksel van de contactdoos licht op en trek de stekker uit de contactdoos.
6.9.2 Verbruiker van apparaat met veiligheidsklasse
IP 67 verwijderen Verbruikers verwijderen (voorbeeld DELTA-BOX)
- Schakel eerst de aangesloten verbruiker uit.
- Maak de bajonetring (1) van de stekker (2) los door naar links te draaien.
- Til het klapdeksel (3) van de contactdoos licht op en trek de stekker uit de contactdoos.
- Draai het klapdeksel (3) handvast dicht naar rechts om de veiligheidswerking van de contactdoos-combinatie opnieuw tot stand te brengen.
7. Buitenbedrfstelling
7.1 Apparaat buiten bedrijf nemen
- Verwijder de aangesloten verbruikers van het apparaat.
zie hoofdstuk "Bediening"
- Reinig eventueel het apparaat voordat u het apparaat opbergt.
- Wikkel eventueel de toevoerleiding uit.
- Zet het apparaat op een schone en droge plaats neer.
Voor de vochtige reiniging mag uitsluitend proper water gebruikt worden.
- Verwijder voorhanden stof en vuil eerst met een handborstel.
- Veeg vervolgens het apparaat grondig af met een schone, vochtige doek.
Regelmatige controle- en onderhoudswerkzaamheden bevorderen een storingsvrije en veilige werking van het apparaat en dragen bij aan een langere levensduur. Op die manier kunnen eventuele storingsbronnen vroegtijdig worden herkend en gevaren voorkomen worden. MENNEKES raadt aan om het apparaat regelmatig door een visuele controle te controleren op uitwendige beschadi- gingen (materiaalveranderingen, ontbrekende onderdelen, enz.) en op een correcte werking (bijv. van de veiligheidsor- ganen). Wordt tijdens deze controle een defect geconsta- teerd, moet dit defect onmiddellijk worden opgelost. Een beschadigd of defect apparaat mag niet worden gebruikt, aangezien het risico op een elektrische schok of materiële schade (bijv. door brand) daardoor toeneemt. Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok Bij het aanraken van stroomvoerende delen bestaat het gevaar van ernstige of dodelijke verwondingen.
- Voer de werkzaamheden aan het apparaat eerst uit nadat u deze van de voeding hebt losgekoppeld en de stekker eruit hebt gehaald.
9.1 Onderhoudswerkzaamheden
De onderhoudswerkzaamheden kunnen door de nieuweling worden uitgevoerd. Bent u hier echter niet zeker van, vraag dan een gekwalificeerde elektricien om deze werkzaamhe- den uit te voeren.
9.1.1 Apparaat op beschadigingen controleren
- Controleer het apparaat door een visuele controle op uitwendige beschadigingen (bijv. ontbrekende onderdelen, materiaalveranderingen, scheuren in de behuizing, snedes of scheuren in de mantel van de toevoerleiding, enz).
- Controleer het klapdeksel van de contactdoos en het kijkvenster op reglementaire functie.
- Laat beschadigde of niet correct sluitende klapdeksels of kijkvensters vernieuwen door een elektrovakkracht.
- Als u beschadigingen aan het apparaat vaststelt, wendt u zich onmiddellijk tot een elektrovakkacht.
- Gebruik het defecte apparaat niet verder.
- Laat het apparaat evt. door een elektrovakkracht volgens de voorschriften repareren of buiten gebruik nemen.
9.1.2 Schroefzekeringen controleren
Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok Bij het vervangen van een schroefzekering kunnen stroomvoerende delen worden aangeraakt. Er bestaat gevaar op zware verwondingen of zelfs de dood.
- Vervang een schroefzekering eerst nadat u het apparaat van de voeding hebt losgekoppeld en de netstekker eruit hebt gehaald.
- Als uw apparaat met schroefzekeringen is uitgerust, controleert u deze dan op stabiliteit.
- Draai ze eventueel met de hand vast.
- Vervang defecte schroefzekeringen door nieuwe met gelijkwaardige zekeringen.
- Neem bij geval van twijfel contact op met een gekwalificeerde elektricien.
9.1.3 Aardlekschakelaar controleren
De aardlekschakelaars kunnen optisch en qua bediening van elkaar verschillen. De controle gebeurt in de regel door de bediening van een testknop waardoor de veiligheidsschakelaar in werking treedt. Na de activering moet de activeringshendel van de veilig- heidsschakelaar weer in de uitgangspositie worden terugge- zet.16 Aardlekschakelaar controleren
- Bedien de controletoets (T) (2). De veiligheidsschakelaar wordt geactiveerd (3) (klik!)
- Zet de activeringshendel (1) weer in de uitgangspositie terug.
- Als bij het testen storingen optreden, wendt u zich onmiddellijk tot een elektrovakkracht.
- Gebruik het defecte apparaat niet verder.
9.1.4 Apparaat reinigen
- Reinig het apparaat regelmatig om hardnekkig vuil op het oppervlak te voorkomen.
zie hoofdstuk "Reiniging"
De in dit hoofdstuk beschreven activiteiten mogen uitsluitend door een gekwalificeerde elek- trovakkracht worden uitgevoerd!
10.1 Controle van het apparaat in het niet
commerciële bereik Voor een continue en veilige werking raden wij aan om het apparaat regelmatig door een gekwalificeerde elektricien te laten controleren.
- Laat het apparaat regelmatig door een gekwalificeerde elektricien op een correcte werking controleren.
- Neem contact op met een elektricien als tijdens het gebruik schade aan het apparaat optreedt.
- Laat de schade onmiddellijk door een gekwalificeerde elektricien verhelpen.
- Neem de landelijke wettelijke voorschriften en bepalingen van het betreffende land in acht.
10.2 Controle van het apparaat in industriële
omgeving Bij gebruik van het apparaat in een industriële omgeving moet de bediener / gebruiker het apparaat volgens regelma- tige intervallen door een elektrovakkracht op reglementaire toestand laten controleren. Mocht er tijdens het gebruik schade aan het apparaat optreden, moet deze onmiddellijk worden opgelost.
- Laat het apparaat met regelmatige tussenpozen door een elektrovakkracht controleren.
- Neem de landelijke wettelijke voorschriften en bepalingen van het betreffende land in acht. Uit te voeren werkzaamheden van de gekwalificeerde elektricien Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok Bij het aanraken van stroomvoerende delen bestaat het gevaar van ernstige of dodelijke verwondingen.
- Voer de werkzaamheden aan het apparaat eerst uit nadat u deze van de voeding hebt losgekoppeld en de netstekker eruit gehaald hebt.
- Controleer het apparaat op beschadigingen.
- Verhelp de schade aan het apparaat overeenkomstig de voorschriften.
- Gebruik voor de reparatie uitsluitend originele reserveonderdelen van MENNEKES.
- Controleer het apparaat na de reparatie op een correcte werking.
- Is het opnieuw in bedrijf nemen van het apparaat door schade en met inachtneming van een verder veilig gebruik niet meer gewaarborgd, dient u het apparaat niet meer in gebruik te nemen.17
Waarschuwing Verwondingsgevaar door onopzettelijk opstarten van elektrische verbruikers Elektrische verbruikers die op de contactdoos-combinatie aangesloten zijn, kunnen bij opnieuw inschakelen van een uitgeschakelde beveiliging zelfstandig opstarten en verwondingen veroorzaken.
- Schakel een beveiliging pas in, nadat u alle aangesloten verbruikers heeft uitgeschakeld of deze van de contactdoos-combinatie gescheiden hebt.
11.1 Verhelpen van storingen
- Open het kijkvenster resp. de behuizingsdeksel (EverGUM
-verdeler) op het apparaat, om de veiligheidsorganen te bereiken.
zie hoofdstuk "Bediening"
11.1.1 Aardlekschakelaar
Er treedt een aardlekschakelaar (FI) in werking
- Controleert u door visuele controle de contactdoos- combinatie en de aangesloten verbruikers op defecten. JA - er is een defect geconstateerd aan de stekkerdooscom- binatie resp. aan de verbruiker:
- Zet de defecte stekkerdooscombinatie buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Zet de defecte verbruikers buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Instrueer een elektrovakkracht. NEE - er is geen defect:
- Schakel de aardlekschakelaar (FI) opnieuw in. De aardlekschakelaar wordt opnieuw geactiveerd!
- Zet de stekkerdooscombinatie buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Zet de verbruikers buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Instrueer een elektrovakkracht.
11.1.2 Leidingveiligheidsschakelaar en schroefzeke-
ring Er treedt een leidingveiligheidsschakelaar of een schroefboring in werking Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok Bij het vervangen van een schroefzekering kunnen stroomvoerende delen worden aangeraakt. Er bestaat gevaar op zware verwondingen of zelfs de dood.
- Vervang een schroefzekering eerst nadat u het apparaat van de voeding hebt losgekoppeld en de netstekker eruit hebt gehaald.
- Controleert u door visuele controle de contactdoos- combinatie en de aangesloten verbruikers op defecten. JA - er is een defect geconstateerd aan de stekkerdooscom- binatie resp. aan de verbruiker:
- Zet de defecte stekkerdooscombinatie buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Zet de defecte verbruikers buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Instrueer een elektrovakkracht. NEE - er is geen defect:
- Schakel de leidingveiligheidsschakelaar weer in.
- Haal de netstekker van het apparaat eruit en breng een nieuwe gelijkwaardige schroefzekering aan. De leidingveiligheidsschakelaar resp de schroefzeke- ring wordt opnieuw geactiveerd!
- Zet de stekkerdooscombinatie buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Zet de verbruikers buiten werking en gebruik deze niet meer.
- Instrueer een elektrovakkracht.18
12. Opslag en afvoer
12.1 Apparaat opslaan
Voor de correcte opslag zoals voorgeschreven en om een later storingsvrij gebruik van het apparaat mogelijk te maken, moeten de volgende punten in acht worden geno- men.
- Reinig het apparaat voor het opslaan.
zie hoofdstuk "Reiniging"
- Verpak het apparaat in de originele verpakking of een geschikte doos.
- Sla het apparaat op in een droge en temperatuur gecontroleerde ruimte bij een opslagtemperatuur tussen 0 °C en +40 °C.
12.2 Apparaat verwijderen
Het apparaat moet aan het einde van de gebruiksduur over- eenkomstig de voorschriften worden afgevoerd. Gooi het apparaat niet bij het gebruikelijke huisvuil. Overeenkomstig de Europese richtlijn 2002/96/EG van elektrische en elek- tronische oude apparaten en de omzetting naar nationaal recht, moeten niet bruikbare elektrische apparaten geschei- den worden verzameld en overeenkomstig de milieueisen gerecycled worden. Daarnaast moeten voor het afvoeren de geldige landelijke voorschriften en bepalingen van het betreffende land in acht worden genomen.
Pos. Verklaring 1 Artikelnummer 2 Max. zekering van de toevoerleiding + I
Let op de naast het typeplaatje op de apparaat specifieke aansluitwaarden.
zie pagina hoofdstuk "Bijlage"
13.2 Afmetingen apparaat
De afmetingen van het apparaat en overige product- informatie vindt u in de actuele productcatalogus van MENNEKES of op internet onder www.MENNEKES.de.
13.3 Omgevingscondities
Voor een veilige en storingsvrije werking van het apparaat moeten de plaatselijke omgevingsomstandigheden in acht worden genomen. Waarschuwing Verwondingsgevaar door ongeschikte omgeving- somstandigheden Ongeschikte omgevingsomstandigheden kunnen tot scha- de aan het apparaat leiden, wat het risico op een elektri- sche schok verhoogt.
- Gebruik het apparaat uitsluitend bij geschikte omgevingsomstandigheden.19
Opgelet Materiële schade door ongeschikte omgevingsom- standigheden Ongeschikte omgevingsomstandigheden kunnen (bijv. door een dalende belasbaarheid van het apparaat) tot schade aan het apparaat leiden.
- Neem de plaatselijke omgevingsomstandigheden voor een veilige werking in acht.
- Gebruik het apparaat alleen bij overeenstemmende netgegevens.
- Gebruik het apparaat alleen in het buitenbereik als het apparaat met een geschikte aardlekschakelaar is beveiligd.
- Voorkom het binnendringen van water in het apparaat, aangezien daardoor het risico op een elektrische schok wordt verhoogd.
- Gebruik het apparaat niet in explosiegevaarlijke omgevingen waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen - Explosie- en brandgevaar!
- Dek het apparaat niet af om een belasting en zodoende schade aan het apparaat te voorkomen. Toegestane omgevingstemperaturen voor het gebruik Binnenruimte en opstelling in de buitenlucht Min. Max. Gemiddelde waarde bij 24h - 25 °C +40 °C niet hoger dan +35 °C
(kA) Voorwaardelijke nominale kortsluitstroom I
SimpelGids