SOPRANO REC - Niet gecategoriseerd ROBLIN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SOPRANO REC ROBLIN in PDF-formaat.

📄 96 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice ROBLIN SOPRANO REC - page 79
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : ROBLIN

Model : SOPRANO REC

Categorie : Niet gecategoriseerd

Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SOPRANO REC - ROBLIN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SOPRANO REC van het merk ROBLIN.

GEBRUIKSAANWIJZING SOPRANO REC ROBLIN

Gebruiksaanwijzing P. 79 NLFR

VEILIGHEID Lees voor uw eigen veilig- heid en voor een correcte werking van het apparaat eerst deze handleiding aandachtig door, alvorens het apparaat te installeren en te gebruiken. Bewaar deze instructies altijd bij het apparaat, ook wan- neer u het verplaatst of verkoopt. Gebruikers moeten volledig op de hoogte zijn van de werking en de veiligheidsfuncties van het apparaat. Deze kookplaten hebben induc- tiesystemen die voldoen aan de eisen van de EMC- en EMF-richtlijnen en mo- gen niet interfereren met andere elektronische ap- paraten. Dragers van pa- cemakers of andere elek- tronische systemen die- nen contact op te nemen met hun arts of met de pro- ducent van het implantaat om er de gevoeligheid voor interferenties van te beoordelen. De elektrische aansluitin- gen dienen door een vak- kundig elektricien tot stand te worden gebracht. Lees het deel ELEKTRI- SCHE AANSLUITING al- vorens de elektrische aan- sluiting uit te voeren. Bij toestellen met een netsnoer moeten de klemmen of het deel van de draden tussen het be- vestigingspunt van de kabel en de klemmen zo worden ge- plaatst dat de onder spanning staande geleider vóór de aar- dingskabel naar buiten kan wor- den gehaald als hij uit zijn be- vestiging loskomt.

  • De fabrikant is niet aanspra- kelijk voor eventuele schade als gevolg van een onjuiste in- stallatie of een oneigenlijk ge- bruik.
  • Controleer of de netvoeding overeenstemt met de netvoe- ding die op het typeplaatje aan de binnenkant van het product staat vermeld.
  • In de vaste installatie moeten er scheidingsschakelaars worden geïnstalleerd, in overeenstemming met de normen inzake bedradings- systemen.
  • Controleer voor apparaten van klasse I of het elektrici- teitsnet van uw woning over een goede aarding beschikt.
  • Sluit de afzuigkap met ge- schikte buizen aan op de schoorsteen. Verwijs naar de in de installatiehandleiding aangegeven commerciële accessoires (minimale dia- meter buizen 120 mm). De lengte van de afvoerbuis moet zo klein mogelijk zijn.
  • Sluit het product op het elek- triciteitsnet aan met een meerpolige schakelaar.
  • De regelgeving inzake de luchtafvoer moet worden na- geleefd. 79• Sluit de afzuigkap niet aan op afvoerkanalen gebruikt voor verbrandingsgassen (ketels, haarden, enz.).
  • Als de afzuigkap wordt ge- bruikt met niet-elektrische ap- paraten (bijv. apparaten met gasbranders) moet een vol- doende ventilatie in de ruimte gegarandeerd worden om de terugstroming van de afge- voerde gassen te voorko- men. Als het kooktoestel ge- bruikt wordt in combinatie met apparaten die gevoed wor- den door niet-elektrische energiebronnen, mag de ne- gatieve druk van de ruimte niet de 4 Pa overschrijden, om te voorkomen dat de rook- gassen weer door het kook- toestel in de ruimte worden aangezogen.
  • De lucht mag niet worden uit- gestoten via een kanaal dat gebruikt wordt als schoor- steen voor met gas of andere brandstoffen gevoede appa- raten.
  • Laat een beschadigd net- snoer vervangen door de pro- ducent, een erkend service- centrum of een vakkundige monteur om risico’s of ge- vaarlijke situaties te voorko- men.
  • Sluit de stekker van het appa- raat aan op een goed bereik- baar stopcontact dat voldoet aan de geldende normen.
  • Het is belangrijk dat voor de afvoer van de rookgassen de technische voorschriften en de veiligheidsmaatregelen van de door de plaatselijke autoriteiten voorgeschreven normen strikt worden nage- leefd. WAARSCHUWING: Ver- wijder de beschermfolie alvorens het apparaat te installeren.
  • Gebruik alleen de samen met het apparaat geleverde schroeven en andere kleinij- zerwaren. WAARSCHUWING: In- dien de schroeven of be- vestigingssystemen niet worden geïnstalleerd zo- als in deze aanwijzingen is beschreven, bestaat het gevaar voor elektrische schokken.
  • Reiniging en onderhoud mo- gen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij onder toezicht staan van een vol- wassene.
  • Kinderen moeten worden ge- controleerd om er zeker van te zijn dat ze niet met het ap- paraat spelen.
  • Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen (in- clusief kinderen) met een li- chamelijke, zintuiglijke of geestelijke beperking of zon- der ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan en worden geïnstrueerd over een veilig gebruik van het ap- paraat door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
  • Het apparaat mag worden ge- bruikt door kinderen ouder 80dan 8 jaar en door personen met een lichamelijke, zintuig- lijke of geestelijke beperking of met onvoldoende ervaring en kennis, mits ze onder toe- zicht staan en goed geïnstru- eerd zijn over een veilig ge- bruik van het apparaat en de gevaren die ermee samen- hangen. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. WAARSCHUWING: Het apparaat en de toeganke- lijke delen worden heet tij- dens het gebruik. Zorg ervoor de verwarmings- elementen niet aan te raken. Houd kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt, tenzij ze constant onder toezicht staan.
  • Reinig en/of vervang de filters na de aangegeven periode (brandgevaar). Zie paragraaf Reiniging en onderhoud.
  • Aanbevolen wordt om in de ruimte een goede ventilatie te garanderen als het apparaat wordt gebruikt in combinatie met door gas of andere brandstoffen gevoede appa- raten (niet van toepassing op apparaten die de lucht in de ruimte slechts laten recircule- ren). WAARSCHUWING: Als het oppervlak barsten vertoont, moet het apparaat worden uit- geschakeld om het risico op elektrische schokken te voorko- men.
  • Schakel het apparaat niet in als het oppervlak scheuren of zichtbare schade van het ma- teriaal vertoont.
  • Raak het apparaat niet aan met natte handen of li- chaamsdelen.
  • Gebruik geen stoomappara- ten om het product te reini- gen.
  • Plaats geen metalen voor- werpen zoals messen, vor- ken, lepels en deksels op het oppervlak van de kookplaat, omdat deze oververhit kun- nen raken.
  • Gebruik de speciale bedie- ning om de kookplaat na ge- bruik uit te schakelen; ver- trouw niet op de sensoren van de pannen. WAARSCHUWING: Het is ge- vaarlijk om de kookplaat onbe- heerd achter te laten bij gebruik van olie of vet, omdat er een ge- vaarlijke situatie kan ontstaan en er brand kan uitbreken. Pro- beer NOOIT eventuele vlam- men met water te doven, maar zet het apparaat uit en smoor de vlammen, bijvoorbeeld door ze met een deksel of een brandde- ken af te dekken. WAARSCHUWING: Het kook- proces moet onder toezicht plaatsvinden. Een kort kook- proces moet constant worden bewaakt.
  • Het apparaat is niet ontwor- pen om met een externe timer of met een apart afstandsbe- dieningssysteem te worden ingeschakeld. 81WAARSCHUWING: Brandge- vaar: Plaats geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
  • Het apparaat moet zo worden geïnstalleerd dat het kan wor- den losgekoppeld van de elektrische voeding met een meerpolige schakelaar met een openingsafstand tussen de contacten (3 mm) die een complete loskoppeling ga- randeert bij overbelasting van categorie III.
  • Het apparaat mag nooit aan weersinvloeden worden blootgesteld (regen, zon).
  • De ventilatie van het apparaat moet voldoen aan de aanwij- zingen van de fabrikant.
  • Houd de verpakking buiten het bereik van kinderen en huisdieren.
  • Afzuigkappen en andere af- zuigtoestellen van de kook- dampen kunnen afbreuk doen aan de veilige werking van op gas of andere brand- stoffen functionerende appa- raten (inclusief die geplaatst in andere omgevingen), in verband met de terugstro- ming van de verbrandings- gassen. Deze gassen kun- nen koolmonoxidevergifti- ging veroorzaken. Na de in- stallatie van een afzuigkap of een ander afzuigtoestel van de rookdampen moet ervoor gezorgd worden dat de gas- toestellen getest worden door een gekwalificeerde per- soon, om te garanderen dat er geen sprake is van terugstro- ming van de verbrandings- gassen.
  • De afzuigkap is uitsluitend ontworpen voor de afvoer van de kookluchtjes geproduceerd tijdens een huishoude- lijk gebruik.
  • Gebruik het apparaat onder geen be- ding voor andere doeleinden dan waarvoor het is ontworpen.
  • Friteuses moeten tijdens hun gebruik voortdurend bewaakt worden: over- verhitte olie zou vlam kunnen vatten.
  • Activeer het apparaat niet door mid- del van een externe timer of een af- zonderlijk systeem voor afstandsbe- diening.
  • Het apparaat mag niet geïnstalleerd worden achter een decoratieve deur, om oververhitting ervan te voorko- men.
  • Klim niet op het apparaat om bescha- diging ervan te voorkomen.
  • Om de beschadiging van de siliconen verbindingselementen te voorkomen, mogen er geen hete pannen op het frame geplaatst worden.
  • Snijd of bereid geen voedsel op de oppervlakken en laat er geen harde voorwerpen op vallen. Schuif geen pannen of vaatwerk over het opper- vlak.
  • Schakel het apparaat uit of koppel het los van het elektriciteitsnet alvorens enige onderhoudswerkzaamheid uit te voeren.
  • Als het koolstofgeurfilter wordt bijge- leverd en van het type (F) is (verwijs naar de montage-instructies), dan kan het geregenereerd worden. Het actieve koolfilter kan om de 3-4 maanden worden gewassen en gere- genereerd (of vaker indien de afzuig- kap intensief wordt gebruikt), tot een maximum van 8 regeneratiecycli (bij 82bijzonder intensief gebruik wordt aan- bevolen niet meer dan 5 cycli te ge- bruiken). Neem contact op met de serviceafdeling om een nieuw filter (F) te bestellen. Regeneratieprocedure:
  • Was in de vaatwasmachine bij een maximale temperatuur van 70°C, of was met de hand in warm water, zon- der gebruik van schuursponsjes (en zonder reinigingsmiddelen!).
  • Droog het filter gedurende 2 uur in de oven bij een maximale temperatuur van 70°C (lees aandachtig de hand- leiding van uw oven).
  • Vetfilters moeten om de 2 maanden van gebruik gereinigd worden, of va- ker in geval van een bijzonder inten- sief gebruik, en kunnen in de vaat- wasser gewassen worden. Was de roosters niet in de vaatwasser (Z). Algemene aanbevelingen
  • Gebruik nooit schuursponsjes, staal- wol, zoutzuur of andere producten die krassen of sporen op het oppervlak kunnen achterlaten.
  • Voedsel dat per ongeluk op het op- pervlak, de functionele of esthetische elementen van de kookplaat valt of erop blijft liggen, mag niet worden ge- consumeerd. Reiniging van het apparaat
  • Reinig de kookplaat na elk gebruik om te voorkomen dat eventuele voedselresten verbranden. De reini- ging van aangekoekt en verbrand vuil vereist meer inspanning.
  • Gebruik voor de dagelijkse reiniging een zachte doek of spons en een ge- schikt schoonmaakmiddel. Volg de aanbevelingen van de producent met betrekking tot de te gebruiken schoonmaakmiddelen. Wij raden aan om beschermende schoonmaakmid- delen te gebruiken.
  • Verwijder aangekoekt vuil, bijv. over- gekookte melk, met een schaper voor glaskeramische kookplaten, terwijl de kookplaat nog warm is. Volg de aan- bevelingen van de fabrikant met be- trekking tot de te gebruiken schraper.
  • Verwijder suikerhoudend voedsel, bijv. overgekookte jam, met een schraper voor glaskeramische kook- platen, terwijl de kookplaat nog warm is. Anders zouden de resten het glas- keramische oppervlak kunnen be- schadigen.
  • Verwijder eventueel gesmolten plas- tic met een schraper voor glaskerami- sche kookplaten, terwijl de kookplaat nog warm is. Anders zouden de res- ten het glaskeramische oppervlak kunnen beschadigen.
  • Verwijder kalkvlekken met een kleine hoeveelheid ontkalkoplossing, bijv. azijn of citroensap, zodra de kook- plaat is afgekoeld. Reinig de kook- plaat vervolgens met een vochtige doek.

KASTJES De installatieprocedure moet in over- eenstemming zijn met de wetten, veror- deningen, richtlijnen en normen (veilig- heidsvoorschriften inzake elektrische systemen, correcte recycling van com- ponenten, etc.) die van kracht zijn in het land van gebruik!

  • Gebruik geen siliconenkit tussen het apparaat en het werkblad. De kook- plaat moet worden ingebouwd in het keukenblad, boven een kastje met een breedte van 600 mm of meer.
  • Als het apparaat gemonteerd wordt op ontvlambare materialen, moeten 83de richtlijnen en de normen inzake laagspanningsinstallaties en brand- beveiliging strikt in acht worden geno- men.
  • Voor inbouwapparatuur moeten de onderdelen (van plastic en houtfi- neer) gemonteerd worden met hitte- bestendige kleefmiddelen (min. 100°C): het gebruik van ongeschikte materiaal en kleefmiddelen kan ver- vorming en losraken veroorzaken.
  • Het keukenkastje moet voldoende ruimte hebben voor de elektrische aansluitingen van het apparaat. De kastjes boven het apparaat moeten op een zodanige afstand worden ge- monteerd dat er voldoende ruimte be- schikbaar is om comfortabel te kun- nen werken.
  • Het gebruik van decoratieve profielen van massief hout rond het keuken- blad achter het apparaat is toege- staan, mits de minimale afstand van de installatie-afbeeldingen in acht wordt genomen.
  • De minimale afstand tussen het ge- monteerde apparaat en de achter- wand wordt aangegeven op de instal- latie-afbeelding van het inbouwappa- raat (150 mm voor zijwanden, 40 mm voor de achterwand en 500 mm tot de eventuele kastjes boven het appa- raat. Om ergonomische redenen wordt een minimale afstand van 1000 mm aanbevolen).
  • Om binnendringen van vloeistoffen tussen de rand van de kookplaat en het keukenblad te voorkomen, moet voorafgaand aan de installatie de bij- geleverde zelfklevende afdichting worden aangebracht over de gehele buitenste rand van de kookplaat.

AANSLUITING WAARSCHUWING: Alle elektri- sche aansluitingen dienen door een erkend elektricien tot stand te worden gebracht.

  • Neem het aansluitschema in acht (aangebracht op de onderkant van het product).
  • Dit apparaat heeft een aansluiting van het type “Y”; aangeraden wordt om een voedingskabel H05V2V2-F van 5 x 2,5 mm² te gebruiken, EEN- FASE en TWEEFASE verbinding: mi- nimale doorsnede van de geleiders: 2,5 mm². Buitendiameter van de voe- dingskabel: min 8 mm - max 12 mm.
  • De aansluitklemmen zijn toegankelijk door de afdekking van de aansluit- kast te verwijderen.
  • Controleer of de eigenschappen van het elektriciteitsnet van de woning (spanning, maximaal vermogen en stroom) compatibel zijn met die van het apparaat.
  • Sluit het apparaat aan zoals aange- geven in de installatiehandleiding (in overeenstemming met de referentie- normen voor netspanning van kracht op nationaal niveau). Opgelet! De kabels mogen niet gelast worden!

Afdanken van huishoudelijke appara- ten Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet met het normale huishoudelijke afval mag worden verwerkt. Het product moet worden verwerkt bij een speciaal inza- melcentrum voor de recycling van elek- trische en elektronische apparatuur. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juis- te manier wordt verwerkt, voorkomt u mogelijk voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voor- doen in geval van een verkeerde afval- behandeling. Neem voor meer details over het recyclen van dit product con- tact op met uw gemeente, de plaatselij- 84ke vuilophaaldienst of de winkel waar u het product hebt gekocht. Het apparaat voldoet aan de richtlijn 2012/19/EU inzake de vermindering van gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparaten en de verwer- king van het afval. Afdanken van het verpakkingsmateri- aal De materialen met het symbool zijn recyclebaar. Werp het verpakkingsma- teriaal in speciale containers om het te recyclen. Energiebesparing U kunt elke dag energie besparen tij- dens het koken door onderstaande tips te volgen.

  • Gebruik bij het verwarmen van water alleen de benodigde hoeveelheid.
  • Bedek de pannen zo mogelijk altijd met een deksel.
  • Plaats de pan voordat u de kookzone inschakelt.
  • Plaats kleinere pannen op de kleinere kookzones.
  • Plaats de pannen direct in het midden van de kookzone.
  • Gebruik de restwarmte om het voed- sel warm te houden of om het te smelten.

Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos- terfunctie van 3000 W

Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos- terfunctie van 3000 W

Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos- terfunctie van 3000 W

Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos- terfunctie van 3000 W

Inlaatrooster 1 + 2 Gecombineerde kookzone (210 x 380 mm) 3000 W, met boosterfunctie van 3700 W. 3 + 4 Gecombineerde kookzone (210 x 380 mm) 3000 W, met boosterfunctie van 3700 W. INDICATOREN Pandetectie Elke kookzone is uitgerust met een sys- teem dat de aanwezigheid van een pan op de kookplaat detecteert. Het detectiesysteem is in staat om pan- nen met een magnetiseerbare bodem te herkennen die geschikt zijn voor gebruik op inductiekookplaten. Als de pan tijdens de werking wordt weggehaald of een ongeschikte pan wordt gebruikt, verschijnt op het display het symbool . Restwarmte-indicator De restwarmte-indicator is een veilig- heidsfunctie om te signaleren dat het oppervlak van de kookzone nog een temperatuur van 50°C of hoger heeft en bij aanraking met blote handen dus brandwonden kan veroorzaken. De digit van de desbetreffende kookzone toont

Regeling van de timer en indicator kooktijd

Symbool van de functie “brug”

Symbool van de timer

Symbool van de functie Smelten

Toets functie Smelten

Toets voor de Timerfunctie De kookzones kunnen geactiveerd wor- den door te drukken op de referentiedi- git . De digit wordt sterker verlicht om de handeling te bevestigen. Bij de plaatsing van een pan op een van de 4 kookzones zal de kookplaat de aanwezigheid ervan automatisch detec- teren en wordt de overeenkomstige digit verlicht om de kookzone in te schake- len. Als er geen pannen of andere voorwer- pen op de kookplaat aanwezig zijn, dan zijn de digits niet zichtbaar. De functies die geselecteerd kunnen worden op het bedieningspaneel zijn al- tijd zichtbaar, maar verlicht met een la- ge helderheid. Selecteer de functies door het overeenkomstige symbool aan te raken.

De eerste keer dat het apparaat wordt aangesloten op het huishoudelijke elek- triciteitsnet moet de installateur het ver- mogen van de kookzones instellen op basis van de werkelijke capaciteit van het elektriciteitsnet. Als dit niet nodig is, kunt u de kookplaat direct inschakelen met of, als alter- natief, de hieronder beschreven proce- dure volgen om het menu te openen.

  • Sluit de kookplaat aan op het elektri- citeitsnet (deze handeling moet voor elke opening van het menu worden uitgevoerd).
  • Alle digits lichten enkele seconden op.
  • Houd, zodra de digits weer uit gaan, en gedurende 4 seconden in- gedrukt, tot de vermogensbalken links oplichten.
  • Houd de vermogensbalken links ge- durende 4 seconden gelijktijdig inge- drukt, tot de 3 digits “CF6” aangeven.
  • Druk op tot “ PHA “ verschijnt.
  • Druk op de vermogensbalk links om de correcte instelling te selecteren. Zie de onderstaande tabel voor de spe- cificatie van de vermogens: 86Waarde op de vermogens- balk KW Opmerkingen 0 7,4 Standaard startinstelling 1 4,5 2 3,5 3 2,8 Bevestig, na het invoeren van de cor- recte waarde, door en ingedrukt te houden.

10. FUNCTIES KOOKPLAAT

Blokkering Het is mogelijk om de functies van de kookplaat tijdens het gebruik te blokkeren, bijvoorbeeld om de kookplaat te reinigen. Activeren/deactiveren: druk op + . Kinderslot Deze functie voorkomt de onbedoelde inschakeling van de apparatuur Om te activeren: druk op , tegelijkertijd indrukken en loslaten van + en dan weer . Alle digits tonen . De beschreven handelingen moeten binnen 10 seconden voltooid worden. Om te deactiveren: druk op , tegelijkertijd indrukken en loslaten van + en dan weer

Alle digits die tonen, verdwijnen. De beschreven handelingen moeten binnen 10 seconden voltooid worden. Functie Boost Elke kookzone kan voor een tijd van maximaal 10 minuten worden ingesteld op een extra vermo- gensniveau. Activering: selecteer één van de 4 kookzones en selecteer dan de waarde “Boost” op de vermo- gensbalk. De overeenkomstige digit toont . Deactivering: selecteer één van de andere mogelijke waarden op de vermogensbalk. Timer van de kookzo- nes Door middel van de timer kan een bepaalde kookzone aan het einde van de ingestelde tijd worden uitgeschakeld. De kookzones kunnen individueel geprogrammeerd worden omdat ze allen beschikken over een ei- gen timer. Activering: schakel de kookplaat in en selecteer één van de 4 kookzones; druk dan op “+” en "-” om de timer in te stellen. Het symbool van de kookzone wordt verlicht. Druk afzonderlijk op “+” en “-” om de countdown in te stellen. De verhoging of vermindering van de waarde tijdens de instelling varieert afhankelijk van de in te stellen tijd. Het display van het bedieningsgebied voor beheer van de timer toont de countdown. Bevestig de tijd door gedurende 5 seconden niets aan te raken. Deactivering: wacht tot het einde van de countdown en reset de waarden van de timer (druk op “+” en “-” en stel nul in met “-”). Timer (algemeen) Timer met alarm voor algemeen gebruik. Activering: schakel de kookplaat in en druk dan op “+” en "-” om de timer in te stellen. Druk afzon- derlijk op “+” en “-” om de countdown in te stellen. De verhoging of vermindering van de waarde tij- dens de instelling varieert afhankelijk van de in te stellen tijd. Het display van het bedieningsgebied voor beheer van de timer toont de countdown. Bevestig de tijd door gedurende 5 seconden niets aan te raken. Deactivering: wacht tot het einde van de countdown en reset de waarden van de timer (druk op “+” en “-” en stel nul in met “-”). 87Functie Smelten Activering: selecteer een van de 4 kookzones en druk op . De digit van de geselecteerde zone toont . Deactivering: druk op of op . Functie Pauze Door middel van deze functie kan elke op de kookplaat actieve functie gepauzeerd/herstart worden, waarbij het beschikbare vermogen van de kookzone wordt verminderd en alle functies worden nul- gesteld. Tijdens de pauze geven alle digits aan om te signaleren dat: - Er in geen van de kookzones energie wordt geproduceerd. - Alle functies en de timer zijn uitgeschakeld. Activering: houd bij functionerende kookplaat gedurende ten minste 1 seconde ingedrukt. Deactivering: houd gedurende ten minste 1 seconde ingedrukt en verplaats de vinger van mi- nimaal naar maximaal over de vermogensbalk die een animatie toont. Functie Oproepen Deze functie wordt gebruikt om, in geval van een onbedoelde stopzetting, met de instellingen voor de werking van de kookplaat op te roepen. Druk, om de instellingen te herstellen, bij uitgeschakelde kookplaat binnen 6 seconden op en vervolgens binnen 6 seconden op . Ter bevestiging van de handeling klinkt er een pieptoon. Als de kookplaat is uitgeschakeld en niet binnen 6 seconden weer wordt ingeschakeld, gaan de in- stellingen van de eerdere functies verloren. Functie Verwarmen Deze functie wordt gebruikt om een pan bij maximaal vermogen te verwarmen, alvorens het kook- proces voort te zetten bij een geselecteerd vermogen. Het tijdsinterval gedurende welke voor de kookzone het maximale vermogen wordt gehandhaafd, is afhankelijk van het ingestelde definitieve kookvermogen. Zie de tabel: Vermogensniveau Timer (seconden)

9 Niet beschikbaar Boost Niet beschikbaar Selecteer één van de 4 kookzones en houd op de vermogensbalk de geselecteerde waarde (van 1 tot 8) gedurende 3 seconden ingedrukt. De kookplaat zal een piek bij maximaal vermogen hebben, gedurende een periode die varieert op basis van het eerder ingestelde kookvermogen, en keert dan terug naar de aan het begin ingestelde vermogen. Gecombineerde modus (functie “brug”) Met deze functie kunnen 2 kookzones gecombineerd worden om ze als één enkele grotere kookzo- ne te gebruiken en te bedienen. Op deze manier is het mogelijk om pannen met een grotere bodem te gebruiken. Alleen de kookzones links en rechts kunnen voor deze functie geselecteerd worden. Activering: druk gelijktijdig op beide toetsenborden links, tot een digit aangeeft en het symbool wordt verlicht. Gebruik voor de instelling van het vermogen van de in de gecombineerde modus bruikbare zone de vermogensbalk links. In beide kookzones wordt het symbool verlicht. Deactivering: druk gelijktijdig op de toetsen gebruikt om de functie “brug” te activeren, tot de sym- bolen verdwijnen. Belangrijk! De kookplaat herkent automatisch de aanwezigheid van een grotere pan die twee kook- zones inneemt, maar zal de zones onafhankelijk beheren, tenzij de functie “brug” geactiveerd is. 8811. KOOKTABEL Vermogensstand Kookmethode Te gebruiken voor

Op temperatuur brengen Rijst

Doorkoken, smoren Pasta, soep, gestoofd vlees

Zachtjes bakken Rösti (aardappelkoekjes), omelet, gepaneerde en gebakken ge- rechten, worst

Snel bakken op hoge temperatuur Biefstuk

De bedieningszones van de kookzones, de afzuigkap en de timer kunnen worden geactiveerd door op de betreffende digit te drukken. Keuze van het afzuigvermogen. Verhogen/verlagen van de afzuigsnelheid (vermogen). Activeren/deactiveren van een automatische functie (de automatische modus is standaard geactiveerd). Door de selectiebalk van de kap aan te raken (drukken), wordt de automatische modus gedeactiveerd en kan de afzuigkap in de handmatige modus worden ge- bruikt. Druk om de automatische modus weer te activeren op de toets : de led gaat branden om aan te geven dat de kap in die modus actief is. Standaard staat de kap in de afzuigmodus. Activering van het koolstoffilter – Druk bij het voor de eerste keer inschakelen van de kap gedurende 5 se- conden op de toets . Na de activering signaleert het brandende pictogram dat het onderhoud van het koolstoffilter (geurfilter) moet worden uitgevoerd. De signaleringen voor het reinigen van het vetfilter, weergegeven met de led , zijn altijd geactiveerd. Het koolstoffilter herstellen en reactiveren Ga na het onderhoud van het filter als volgt te werk: – houd de toets 5 seconden ingedrukt - De led van het vetfilter gaat uit en het aftellen begint opnieuw. – houd de toets 5 seconden ingedrukt - De led van het geurfilter gaat uit en het aftellen begint opnieuw. Impostazione della velocità INTENSIVA De inschakeling van deze snelheid is ingesteld op 5 minuten. Na deze tijd keert het systeem automatisch terug naar de eerder ingestelde snelheid.

VERMOGEN Dit product is voorzien van een elektro- nisch bestuurde vermogensregelings- functie. Deze functie regelt de afgifte van het maximale vermogen van 3700 W over de gecombineerde kookzones (linker- kant en rechterkant), optimaliseert de verdeling van het vermogen en voor- komt situaties voor overbelasting van het systeem. Daarom wordt het totale vermogen con- tinu bewaakt en zo nodig verminderd. Als het gewenste totale vermogen niet kan worden geleverd, vermindert een controle-element standaard het vermo- gen van een ander kookelement naar een stand net eronder op de desbetref- fende vermogenscurve, zodat de stroomopname van 16 A niet wordt overschreden. In dit geval detecteert de generator de laatste bediening met de hoogste priori- teit die door de gebruikersinterface is verzonden en vermindert zo nodig de eerder geactiveerde instellingen voor een ander kookelement. De vermogensregelingsfunctie wordt in eerste instantie ook geactiveerd als een pan op het kookelement wordt gedetec- teerd. Bijvoorbeeld: Als voor kookzone 1 het extra vermo- gensniveau (boost) (P) is geselecteerd, kan kookzone 2 niet tegelijkertijd het vermogensniveau 9 overschrijden en wordt deze automatisch beperkt.”

PANNEN Welke pannen zijn geschikt? Gebruik alleen pannen met een ferro- magnetische bodem die geschikt zijn voor gebruik op inductiekookplaten:

  • roestvrij staal (ook niet volledig roest- vrij)
  • aluminium met ferromagnetische coating of bodem met ferromagneti- sche plaat Controleer of het symbool aanwezig is (meestal op de onderkant gedrukt) om na te gaan of de pan geschikt is. U kunt ook een magneet in de buurt van de bodem van de pan plaatsen. Als de- ze blijft zitten, betekent dit dat de pan kan worden gebruikt op een inductie- kookplaat. Gebruik voor een optimaal rendement altijd pannen met een vlakke bodem die de warmte gelijkmatig kan verdelen. Een bodem die niet perfect vlak is, kan de geleiding van het vermogen en de warmte beïnvloeden. Hoe moeten de pannen worden ge- bruikt? Minimale diameter van de pan/koeken- pan voor de verschillende kookzones. Voor een goede werking van de kook- plaat moet de pan een of meer van de op de kookplaat aangegeven referentie- punten bedekken en een geschikte mi- nimale diameter hebben. Gebruik altijd de kookzone die het beste past bij de diameter van de bodem van de pan. Kookzone Diameter van de bodem van de pan Ø min. (aanbevo- len) Ø max (aanbevo- len) Gecombineerd links/ rechts 190 mm 230 mm Enkel links/rechts 110 mm 190 mm Lege pannen/koekenpannen of pan- nen met een dunne bodem Gebruik geen lege pannen/koekenpan- nen of pannen met een dunne bodem op de kookplaat, omdat u dan de tempe- ratuur niet kunt regelen of de kookzone niet automatisch kunt uitschakelen als de temperatuur te hoog is, met het risico 90dat u de pan of het oppervlak van de kookplaat beschadigt. Als dit gebeurt, raak dan niets aan en wacht tot alle onderdelen zijn afgekoeld. Als een foutmelding verschijnt, raad- pleeg dan het deel ‘Oplossen van pro- blemen’. Normale geluiden van de werking van de kookplaat De inductietechnologie is gebaseerd op de creatie van elektromagnetische vel- den. Deze elektromagnetische velden genereren warmte direct op de bodem van de pan. Pannen en koekenpannen kunnen verschillende geluiden of trillin- gen veroorzaken, afhankelijk van de manier waarop ze vervaardigd zijn. Deze geluiden zijn hieronder beschre- ven: Zacht gezoem (zoals het geluid van een transformator) Dit geluid wordt geproduceerd als op een hoge warmtestand wordt gekookt en wordt veroorzaakt door de hoeveel- heid energie die van de kookplaat naar de pannen wordt overgebracht. Het ge- luid stopt of wordt minder als de warm- testand wordt verlaagd. Zacht gesis Dit geluid wordt geproduceerd als de pan leeg is en het stopt als de pan met water of levensmiddelen wordt gevuld. Geknetter Dit geluid treedt op bij pannen die uit ve- le gelaagde materialen bestaat en wordt veroorzaakt door de trillingen van de op- pervlakken waar de verschillende mate- rialen met elkaar in aanraking komen. Het geluid is afkomstig van de pannen en kan variëren op basis van de hoe- veelheid en het type bereiding van het voedsel. Hard gesis Dit geluid treedt op bij pannen die be- staan uit verschillende gelaagde materi- alen en bovendien wanneer deze op het hoogste vermogen worden gebruikt en ook op twee kookzones. Het geluid stopt of wordt minder als de warmte- stand wordt verlaagd Geluiden van de ventilator Voor een juiste werking van het elektro- nisch systeem moet de temperatuur van de kookplaat worden geregeld. Hiervoor is de kookplaat uitgerust met een koel- ventilator die wordt ingeschakeld om de temperatuur van het elektronische sys- teem te verlagen en te regelen. Het kan gebeuren dat de ventilator na de uit- schakeling van het apparaat nog blijft functioneren, als een nog te hoge tem- peratuur van de kookplaat wordt gede- tecteerd. Ritmische geluiden die lijken op het getik van een klok Dit geluid treedt alleen op als minstens drie kookzones zijn ingeschakeld en het verdwijnt of wordt minder als er één wordt uitgeschakeld. De beschreven geluiden zijn een nor- maal kenmerk van de inductietechnolo- gie en mogen dus niet als defecten wor- den beschouwd.

15. PROBLEEM OPLOSSEN

Foutcode Beschrijving Mogelijke oorzaak van de storing Oplossing “Akoestische signa- lering bij inschake- ling. Geen foutcode weergegeven” De bediening van de af- zuigkap werkt niet Beschadiging of slechte aansluiting van de LIN-kabel op de printplaat van de afzuigkap Controleer de aansluiting/vervanging van de LIN-kabel ER03 De kookplaat gaat na 10 seconden uit. Continue activatie van de toetsen gedetecteerd. Water of pan op het bedieningspa- neel. Verwijder het water of de pan van het glaskeramische oppervlak en van het bedieningspaneel. ER21 De kookplaat gaat uit. De temperatuur in de elektronische componenten is te hoog. Laat de kookplaat afkoelen. Controleer of de kookplaat voldoen- de ventilatie heeft. Als de fout blijft bestaan, neem dan contact op met de servicedienst. 91E2 De desbetreffende kook- zone gaat uit. Pan leeg of ongeschikt. Temperatuur van het oppervlak van pan of glaskeramische plaat is te hoog. Temperatuur van de elektronische componenten te hoog. Laat de kookplaat afkoelen. Gebruik een geschikte pan. Geen lege pannen verwarmen.

De desbetreffende kook- zone gaat uit. Pan niet geschikt. De pan verliest zijn magnetische ei- genschappen en kan schade aan de inductiekookplaat veroorzaken. Gebruik een geschikte pan. De fout wordt na 8 seconden auto- matisch opgeheven en de kookzone kan opnieuw worden gebruikt. In geval van verdere fouten moet het fornuis worden vervangen. Als de fout blijft bestaan, neem dan contact op met de servicedienst.

De kookzone gaat niet aan. Voedingsspanning en/of frequentie buiten bereik buiten bereik. Controleer de netspanning en/of de frequentie. Neem indien nodig contact op met de servicedienst.

De kookzones gaan uit. Ventilator kapot. Ventilator verstopt door stof of vuil. Maak de ventilator schoon en verwij- der eventuele vreemde voorwerpen. Als de fout blijft bestaan, neem dan contact op met de servicedienst. E4-E5-E7-E9-ER20- ER22-ER31-ER36- ER47-EA-EH Koppel de kookplaat los van de stroomvoorziening. Wacht een paar seconden, sluit dan de kookplaat weer aan op de stroomvoorziening. Neem contact op met het servicecentrum en geef de foutcode op die op het scherm verschijnt, als het probleem aanhoudt.

  • Zorg ervoor dat het onderhoud van de elektrische componenten alleen door de fabrikant of door de service- dienst wordt uitgevoerd.
  • Zorg ervoor dat beschadigde kabels alleen door de fabrikant of door de servicedienst worden vervangen. Als u contact opneemt met de service- dienst, geef dan de volgende informatie:
  • Model van het apparaat (Art./Cod.)
  • Serienummer (S.N.) Deze informatie vindt u op het type- plaatje. Het typeplaatje is op de onder- kant van het apparaat aangebracht. Informatie over het product volgens de verordening nr. 66/2014 Referentienormen:

EN/IEC 50564 Dit apparaat is ontworpen, vervaardigd en in de handel gebracht volgens de EEG-richtlijnen.

GEGEVENS Identificatie van het product Type: 4300 Model: SOPRANO REC Raadpleeg het typeplaatje op de bodem van het product. De producent brengt voortdurend ver- beteringen aan de producten aan. Om deze reden kunnen de tekst en de af- beeldingen van deze gebruikshandlei- ding zonder voorafgaande kennisgeving veranderen. 921,2 Flexibele kookzone 1 + 2 Gecombineerd 3,4 Flexibele kookzone 3 + 4 Gecombineerd Parameter Waarde Afmetingen (mm) Nuttige afmetingen - 830 × 520 (L x D) Voedingsspanning/ frequentie 220-240 V, 50 Hz; 220 V, 60 Hz 2N~ 380-415 V, 50 Hz; 2N~ 380 V, 60 Hz Elektrische gegevens en gegevens over de verwarmings- elementen Kookzone 1,2,3,4 2100 W; Power Boost: 3000 W 210 x 190 Flexibele kookzone 1+2, 3+4 3000 W; Power Boost: 3700 W 210 x 380 Parameter Waarde Afmetingen (mm) Gewicht van het ap- paraat 21 kg Aantal kookzones 4 Warmtebron inductie 9318. GARANTIE ROBLIN

De commerciële garantie van de firma FRANKE FRANCE SAS voor de pro- ducten van het merk ROBLIN is beperkt tot de professionals in de distributie. Ze geldt voor het Franse vasteland, Corsi- ca en de Franse overzeese gebieden. De commerciële garantie is een garan- tie van 2 jaar op onderdelen (exclusief arbeids- en transportkosten). Zij geldt vanaf de datum van facturering van het apparaat aan de consument, op voor- waarde dat deze datum binnen 12 maanden valt vanaf de datum van ver- koop door ROBLIN aan de Klant. Teneinde de consument tevreden te stellen bij elke service-interventie, ver- bindt de Klant zich ertoe de consument door te verwijzen naar de door ROBLIN georganiseerde klantenservice tenein- de de service zo snel mogelijk uit te voe- ren. De klantenservice is bereikbaar op het volgende nummer: 04 88 78 59 93 De gegevens die aan de ROBLIN servi- ceafdeling moeten worden doorgege- ven zijn: - Een beschrijving van de geconstateer- de storing - De commerciële referentie van het product en het serienummer ervan - Een kopie van de aankoopfactuur van de consument met diens contactgege- vens. Deze garantie geldt voor alle technische of functionele problemen. Uitgesloten van de commerciële garantie zijn: - Defecten aan accessoires of ver- bruiksartikelen (filters, lampen...), - Schade, defecten en gebreken die te wijten zijn aan externe oorzaken, - Schade als gevolg van corrosie, slech- te aansluiting of stroomvoorziening, - Schade als gevolg van het niet nale- ven van de door ROBLIN verstrekte in- structies (installatie, montage...), - Schade als gevolg van de wijziging van de constructie en de kenmerken van het apparaat van het merk ROBLIN, - Storingen en schade als gevolg van het gebruik van reserveonderdelen die niet overeenkomen met de oorspronke- lijk door ROBLIN geleverde onderdelen, of als gevolg van gebrekkig onderhoud, - Storingen als gevolg van professioneel of commercieel gebruik van het appa- raat.

BESCHIKBAARHEID VAN RESERVE-

ONDERDELEN In toepassing van artikel R 111-3 van het Consumentenwetboek garandeert ROBLIN, voor producten die na 1 maart 2015 op de markt zijn gebracht, de be- schikbaarheid van reserveonderdelen die onontbeerlijk zijn voor het gebruik van diens Producten gedurende een pe- riode van 10 jaar vanaf de datum van aankoop van het product door de con- sument, waarbij de factuur het bewijs vormt, op voorwaarde dat de datum van aankoop binnen 12 maanden valt vanaf de datum van verkoop door ROBLIN aan de Klant. 94991.0714.021_05 - 240708 - D000000009684_04