NOVY Power 1768 - Fornuis

Power 1768 - Fornuis NOVY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Power 1768 NOVY in PDF-formaat.

📄 128 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice NOVY Power 1768 - page 2
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL

Gebruikersvragen over Power 1768 NOVY

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Power 1768 - NOVY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Power 1768 van het merk NOVY.

GEBRUIKSAANWIJZING Power 1768 NOVY

2.2 Afvoeren van het oude apparaat

2.3 Tips voor lager energieverbruik en hogere

3.1 Eerste gebruik van het apparaat

3.2 Voorzorgsmaatregelen tegen beschadiging

4.1 Principe van inductie

4.2 Technische kenmerken van de inductiekookplaat

4.3 Geluiden bij inductie

5.3 Bediening van de kookplaat

5.3.1 In- en uitschakelen

5.3.4 Power functie en Super Power functie

5.3.6 Programmeren van de aankookautomaat

5.3.7 Stop & Go Functie

5.3.8 Herhalingsfunctie

5.3.9 Warmhoudfunctie

5.3.11 Grill functie

7.1 Onderhoud van de kookplaat

8.1 Meldingen op de kookplaat

11.1 Elektrische aansluiting

1 ALGEMENE INFORMATIE Lees aandachtig de veiligheidsvoorschriften en de gebruiksaanwijzing & installatievoorschriften vóór de installatie en ingebruikname. De veiligheidsvoorschriften staan vermeld in een apart boekje dat met het toestel is meegeleverd en op onze website www.novy.com. Leef de veiligheidsvoorschriften en de gebruiksaanwijzing & installatievoorschriften na om letsel en materiële schade te voorkomen. In deze handleiding wordt gewerkt met een aantal symbolen. Hieronder vindt u de betekenis van deze symbolen. Symbool Betekenis

Indicatie Toelichting van een indicatie op het toestel.

Info/ Waarschuwing Dit symbool duidt op een belangrijke tip of een gevaarlijke situatie– 4 –

Dit toestel is beschermd door verpakking tegen transportschade. De gebruikte materialen zijn niet schadelijk voor het milieu en geschikt voor recyclage. Opteer voor een milieuvriendelijke afvoer van de verpakking.

2.2 Afvoeren van het oude apparaat

Uw apparaat bevat tevens vele recycleerbare materialen. Daarom dienen gebruikte toestellen van ander afval te worden gescheiden. De recyclage van de apparaten die door uw fabrikant wordt georganiseerd wordt op deze manier onder de beste omstandigheden uitgevoerd, overeenkomstig de Europese richtlijn 2012/19/EU betreende elektrisch en elektronisch afval. Informeer bij uw gemeente of bij uw verkoper naar de dichtstbijzijnde inzamelplaats voor uw oude toestel. Houd oude toestellen buiten het bereik van kinderen.

2.3 Tips voor lager energieverbruik en

hogere eciëntie Hieronder volgen een aantal tips om uw toestel nog energiezuiniger en eciënter te maken.

Kies een kookzone die bij de grootte van de pan past. De bodem van de pan moet de kookzone zoveel mogelijk bedekken.

Zorg ervoor dat de pan steeds in het midden van de kookzone staat.

Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over- eenkomt met de diameter van de kookzone.

Plaats deksels op de pannen. Dat voorkomt dat on- nodig warmte ontsnapt en vermindert kookdampen en condens.

Gebruik pannen met vlakke bodem. Een pan met een niet vlakke bodem verbruikt meer energie.

Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid le- vensmiddel. Voor een kleine pan is minder energie nodig dan voor een grote, niet geheel gevulde pan. − Gebruik zo min mogelijk water. Hoe meer water er in de pan zit, des te meer energie is er nodig om op te warmen. − Schakel na het aankoken of aanbraden tijdig terug naar een lagere vermogensstand voor een lager energieverbruik en om overproductie van dampen te beperken.– 5 –

3.1 Eerste gebruik van het apparaat

Verwijder alle zichtbare stickers voor ingebruikname.

Poets altijd eerst de glasplaat met een vochtige doek en droog het af voor het eerste gebruik. Gebruik geen schoonmaakmiddel; hierdoor kan een blauwachtige waas ontstaan.

3.2 Voorzorgsmaatregelen tegen

Beschadigde kookpotten of kookpotten met ruwe bodem (niet geëmailleerd gietijzer) kunnen het glas beschadigen.

De aanwezigheid van zand of andere schuurmaterialen kunnen het glas beschadigen.

Laat geen voorwerpen (zelfs kleine) op het glas vallen.

Vermijd het stoten van kookpotten tegen de rand van het glas.

Plaats of laat geen lege kookpotten op de kookplaat.

Plaats nooit een warme kookpot op de bedieningszone.– 6 –

4.1 Principe van inductie

Onder elke kookzone bevindt zich een inductiespoel. Wanneer deze in werking is, produceert ze een variabel elektromagnetisch veld dat op zijn beurt inductiestroom produceert in de magnetische bodem van de kookpot. Hierdoor verwarmt de kookpot die op de kookzone staat. Uiteraard zijn aangepaste kookpotten vereist:

Aanbevolen zijn alle metalen kookpotten met magnetische basis (eventueel met een magneet te controleren) zoals: gietijzeren ketel, zwarte ijzeren pan, geëmailleerde metalen kookpotten, in inox met magnetische bodem, …

Uitgesloten zijn alle kookpotten in koper, inox, aluminium, glas, hout, keramiek, aardewerk, inox zonder magnetische bodem… De inductie kookzone houdt onmiddellijk rekening met de afmeting van de gebruikte kookpot. Is de diameter te klein dan werkt de kookpot niet. De diameter varieert in functie van de diameter van de kookzone. Wanneer de kookpot niet aan de kookplaat aangepast is, blijft het symbool knipperen. Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendiameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bodemdiameter.– 6 – – 7 –

inductiekookplaat Type 1768 Totaal vermogen 10400 W Energieverbruik van de kookplaat EChob** 177,2 Wh/kg Zone links voor 240 x 200 mm Minimum detectie Ø 110 mm Nominaal vermogen* 2100 W Power vermogen* 2500 W Super power vermogen* 3000 W Gestandardiseerde categorie kookgerei** B Energie verbruik ECcw** 180,2 Wh/kg Zone links achter 240 x 200 mm Minimum detectie Ø 110 mm Nominaal vermogen* 2100 W Power vermogen* 2500 W Super power vermogen* 3000 W Gestandardiseerde categorie kookgerei** C Energie verbruik ECcw** 166,9 Wh/kg Centrale zone Ø 280 mm Minimum detectie Ø 145 mm Nominaal vermogen* 2300 W Power vermogen* 3000 W Super power vermogen* – W Gestandardiseerde categorie kookgerei** D Energie verbruik ECcw** 187,0 Wh/kg Zone rechts voor Ø 200 mm Minimum detectie Ø 110 mm Nominaal vermogen* 1400 W Power vermogen* 2100 W Super power vermogen* – W Gestandardiseerde categorie kookgerei** A Energie verbruik ECcw** 177,4 Wh/kg Zone rechts achter Ø 200 mm Minimum detectie Ø 110 mm Nominaal vermogen* 1400 W Power vermogen* 2100 W Super power vermogen* – W Gestandardiseerde categorie kookgerei** B Energie verbruik ECcw** 174,4 Wh/kg

  • het vermogen kan variëren in functie van de afmetingen en het materiaal van de kookpotten ** berekend volgens de methoden voor het meten van de gebruikseigen- schappen(EN 60350-2)– 8 –

4.3 Geluiden bij inductie

Bij gebruik van een inductiekookplaat kunnen in het kookgerei allerlei geluiden ontstaan. Deze geluiden zijn afhankelijk van constructie en het materiaal van de bodem van het kookgerei. Brommen Dit treedt op als u kookt op een hogere vermogensstand, en wordt veroorzaakt door de hoeveelheid energie die van de kookplaat naar het kookgerei wordt gestuurd. Het geluid verdwijnt of is zachter als u de kookplaat op een lagere stand instelt. Knetteren Dit geluid ontstaat als het kookgerei uit verschillende materiaallagen is gemaakt. Het geluid wordt veroorzaakt door trillingen in de aanraakvlakken van de verschillende materiaallagen. Fluiten Dergelijke geluiden treden over het algemeen op bij kookgerei dat is samengesteld uit verschillende materiaallagen, en als twee aangrenzende kookzones gelijktijdig op de maximale instelling worden gebruikt. Het fluitende geluid verdwijnt of is zachter als u de kookplaat op een lagere stand instelt. Klikken Bij lage vermogensstanden kunnen bij elektronische schake lingen klikgeluiden optreden. Zoemen Er kan een zoemend geluid ontstaan als de ventilator wordt ingeschakeld. Deze ventilator koelt de elektronica als u de kookplaat intensief gebruikt. Ook nadat u de kookplaat heeft uitgeschakeld, blijft de ventilator doorlopen als de temperatuur te hoog is.– 9 –

Bediening kookplaat Aanduiding en selectie van de timertijd In- / uitschakelen van de kookplaat Stop & Go toets Zone selectie toets

Timer selectie toets Warmhoud functie toets Grill functie toets Sliderbediening vermogen Vergrendelingstoets

5.2 Toetsen en slider bediening

Het apparaat is uitgerust met tiptoetsen waarmee u de verschillende functies kan instellen. Het aanraken van de toets zet de functie in werking. Deze activering wordt weergegeven door een lichtje, een aflezing en/ of een geluidssignaal.

WAARSCHUWING: Niet op meerdere toetsen tegelijk duwen bij normaal gebruik. Voor de selectie van het vermogen volstaat het om met uw vinger op de led aanduiding van de sliderbediening te glijden. U heeft ook de rechtstreekse toegang tot een bepaald niveau door met uw vinger het gewenste niveau rechtstreeks te selecteren. Zone voor sliderbediening (SLIDER)– 10 –

5.3 Bediening van de kookplaat

5.3.1 In- en uitschakelen

In- en uitschakelen van de kookplaat: Inschakelen Display Druk op en 2 sec blijven duwen. Bedieningspaneel licht op Uitschakelen Druk op . Bedieningspaneel dooft In- en uitschakelen van een kookzone: Instellen Display Selecteer de zone via de zone selectie toets Glij van links naar rechts over de “SLIDER” (sliderbedieining vermogen) 0‐9 Uitschakelen

Selecteer de zone via de zone selectie toets Glij van rechts naar links over de “SLIDER” tot de display

= “hot” aangeeft. Indien binnen de 20 seconden geen regeling is uitgevoerd, valt de elektronica terug op de wachtpositie.

Deze kookplaat is uitgerust met een interactief controlesysteem dat het gebruik van de kookplaat nog vereenvoudigt. Wanneer u een pan op de ingeschakelde kookplaat plaatst, wordt deze automatisch gedetecteerd. Bovendien krijgt u een indicatie

welke slider u dient te gebruiken voor de desbetreende zone. De detectie van de pan verzekert een optimale veiligheid. De inductiekookplaat werkt niet:

Indien er geen pan op de kookzone staat of wanneer de pan ongeschikt is voor inductie. In dit geval is het onmogelijk het vermogen op te voeren en het symbool verschijnt op het display.

De werking wordt onderbroken wanneer tijdens het koken de pan van de kookzone wordt genomen. Het symbool verschijnt op het display. De verdwijnt wanneer de kookpot terug op het kookvlak wordt geplaatst. Het koken gaat door op het voordien gekozen vermogen. Schakel de kookzone uit na gebruik. De pandetectie blijft dan niet actief.– 10 – – 11 –

Als na het uitzetten van de kookzone of het volledig uitzetten van de kookplaat, het glas van de kookzone nog warm is, wordt dit aangegeven door

verdwijnt wanneer het glas van de kookzone zonder gevaar kan aangeraakt worden.

WAARSCHUWING: Zolang de indicatie van de restwarmte actief blijft, de kookzone(s) niet aanraken en geen enkel warmtegevoelig voorwerp op de kookzone plaatsen. Gevaar voor brand of brandwonden!

5.3.4 Power functie en Super Power functie

en Super Power verlenen aan de gekozen kookzone een opgevoerd vermogen. De Super Power functie is alleen van toepassing op de twee linker zones (A1 en A2). Indien deze functie geactiveerd is, werken deze kookzones gedurende 10 minuten met een aanmerkelijk hoger vermogen. Power is ontworpen om bijvoorbeeld snel grote hoeveelheden water te verwarmen, zoals bij de bereiding van pasta. In- en uitschakelen van Power: Power inschakelen Display Tot het einde van de “SLIDER” glijden of meteen op het einde van de “SLIDER” duwen

Power uischakelen 9‐0 Over de “SLIDER” glijden In- en uitschakelen van Super Power: Power inschakelen Display Tot het einde van de “SLIDER” glijden of meteen op het einde van de “SLIDER” duwen

Beheer van het maximaal vermogen: De kookplaat is opgedeeld in 3 afzonderlijke verwarmings- groepen.

A1 B1 Als deze vermogensgrens bij het inschakelen van een hoge kookstand of de powerfunctie wordt overschreden, reduceert het power management de kookstand van de desbetreende kookzone. De aanwijzing van deze kookzone knippert eerst, en wordt daarna automatisch gereduceerd naar de maximaal mogelijke kookstand Het maximale vermogen van iedere zone afzonderlijk is 2100W of 3000W. Indien simultaan gekookt wordt op zones A1 en A2 of B1 en B2 wordt een vermogen van 3700W verdeeld over deze zones A1 en A2 of B1 en B2.– 13 –

Vermogensgrens geactiveerd

[ 9 ] wordt tot [ 8 ] gereduceerd en knippert Om 3 zones tegelijkertijd op een maximaal vermogen te kunnen gebruiken, maak gebruik van een volgende combinatie tussen de verwarmingsgroepen: − zone A1 of A2 of C1 en B1 of B2 (bij een 2 fasen aansluiting)* − zone A1 of A2 en C1 en B1 of B2 (bij een 3 fasen aansluiting)*

  • bij vragen over uw aansluiting, contacteer uw installateur.– 14 –

De timerfunctie kan voor alle kookzones tegelijk gebruikt worden en dit met verschillende tijdsaanduidingen (van 0 tot 1H59 minuten) voor iedere zone. Timer functie Regeling of wijziging van de kooktijd Display Selecteer het vermogen door over de “SLIDER” te glijden 1‐P Selecteer de timer Druk op het timer icoon boven de zone selectie toets van de gewenste kookzone Duurtijd verlengen 0 0 1‐

Druk op de [+] boven de aanduiding (H MM) Duurtijd verminderen 0 6 0‐

druk op [–] van de timer Na enkele seconden knippert de led niet meer. De tijd is geselecteerd en het aftellen begint. Uitschakelen van de timerfunctie Selecteer de timer Display Druk op het timer icoon boven de zone selectie toets van de gewenste kookzone Stop de timer

Druk op [–] van de timer tot de timer op

staat. Na enkele seconden knippert de led niet meer. De timer tijd is nu uitgeschakeld. Indien verschillende timers op meerdere zones geactiveerd zijn, dient deze handeling meermaals herhaald te worden. De geactiveerde timer indicatie licht niet meer op boven de desbetreende kookzone. De timer kan ook als onafhankelijke kookwekker worden gebruikt zonder dat een kookzone wordt geschakeld. Indien de kookplaat wordt uitgeschakeld loopt de onafhankelijke kookwekker nog verder tot het einde van de ingestelde tijd.– 15 –

Gebruik van de timer zonder koken: Timer zonder koken Display De kookplaat inschakelen. Druk op gedurende 2 seconden. Wacht 10 seconden Selecteer de timer

Druk op de timer indicatie [

Druk op [+] van de timer Na enkele seconden knippert het timerdisplay niet meer. De tijd is geselecteerd en het aftellen begint. Automatisch uitschakelen op het einde van de kooktijd: Zodra de geselecteerde kooktijd afgelopen is, gaat de display knipperen

, er klinkt een geluidssignaal. Om het geluidssignaal en het knipperen te stoppen drukt u op [

5.3.6 Programmeren van de aankookautomaat

Alle kookzones zijn uitgerust met een aankookautomaat. De kookzone functioneert eerst een zekere tijd op volle kracht en vermindert dan automatisch tot het gekozen vermogen. Programmeren van de aankookautomaat: Activeren van de aankookautomaat Display Over de “SLIDER” glijden tot (bv.)

0‐9 Tabel aankookautomaat Ingestelde doorkooktijd Aankookautomaat Tijd (min:sec)

5.3.7 Stop & Go Functie

Deze functie onderbreekt de activiteit van de kookplaat tijdelijk en laat een herstart met dezelfde instellingen toe. Aan- en uitzetten van Stop & Go: Aanzetten Display Druk op

gedurende 2 seconden. I I Uitzetten 0‐9 Druk op

gedurende 2 seconden. gedurende 2 seconden tot deze knippert. Druk daarna op een zone selectie toets.

5.3.8 Herhalingsfunctie

Na het uitzetten van de kookplaat is het mogelijk de laatst gekozen instellingen te herhalen: (dit tot maximaal 10 seconden) − Staat van alle kookzones (vermogen)

Minuten en seconden van de geprogrammeerde kookzones door de timers − Functie “automatisch koken” − Warmhoudfunctie De herhalingsprocedure is als volgt: − Duw op de toets gedurende 2 seconden. − Duw op

voor het knipperen stopt. De vorige instellingen zijn opnieuw actief.

5.3.9 Warmhoudfunctie

Deze functie maakt het mogelijk een temperatuur van 70°C te bereiken en automatisch te behouden. Dit voorkomt dat vloeistoen overlopen en dat uw gerechten aan de bodem van de kookpot gaan kleven. Aan- en uitzetten van de warmhoudfunctie: Aanzetten Display Selecteer de zone via de zone selectie toets Druk op Uitzetten

Selecteer de zone via de zone selectie toets Druk op De maximale duur van het warmhouden is 2 uur.– 16 – – 17 –

Deze functie laat toe om de 2 linker flexzones te koppelen tot 1 grote zone. Deze functie kan manueel of automatisch geactiveerd worden wanneer een grote pot/pan op het kookoppervlak wordt gezet. Flexzone Manueel activeren Display Tegelijkertijd op de 2 flexzones selectie toetsen drukken van de 2 te combineren flexzones A1, A2.

Plaats een kookpot op de flexzones A1, A2. Druk daarna op de knipperende

te bevestigen. Vermogen verhogen 0‐9 Glijd over de linker “SLIDER” tot het gewenste vermogen, beide zones geven het gekozen vermogen weer. Flexzone stopzetten

Tegelijkertijd op de 2 zone selectie toetsen drukken van de 2 gecombineerde zones

5.3.11 Grill functie

Deze speciale kookfunctie optimaliseert het opwarmen en warmhouden van een gietijzeren pot/grillplaat. Hierdoor bekomt u betere kookresultaten van uw gerecht. De kookzones A1 en A2 worden hierbij automatisch met de Flexzone aan elkaar gekoppeld. Grill functie: Activeren Display Selecteer de zone via de zone selectie toets. Druk op

Vermogen verhogen Glijd over de “SLIDER” tot het gewenste vermogen, beide zones geven het gekozen vermogen weer Grill stopzetten

Selecteer de zone via de zone selectie toets. Druk op– 18 – – 19 –

Om te vermijden dat een selectie van de kookplaat wordt gewijzigd, bijvoorbeeld bij het poetsen van het glas, kan de bediening worden vergrendeld (behalve de toets aan/uit). Deze functie kan enkele geactiveerd worden 10 seconden na het inschakelen van de kookplaat. Vergrendeling kookplaat: Vergrendelen Display Druk op gedurende 2 seconden. Het icoon brandt nu fel. Ontgrendelen Druk op gedurende 2 seconden. Het icoon brandt nu normaal.– 18 – – 19 –

6 KOOKADVIES Kwaliteit van de kookpannen/potten Aangepaste kookpannen/potten: staal, geëmailleerd staal, gietijzer, inox met magnetische bodem, aluminium met magnetische bodem (±100mm min). Niet aangepaste kook potten: aluminium en inox zonder magnetische bodem, koper, messing, keramiek, porselein. De fabrikanten vermelden of hun producten geschikt zijn voor inductie. Om u ervan te verzekeren of de kookpotten geschikt zijn:

Giet een beetje water in een kookpot en plaats deze op een inductie kookzone ingesteld op

. Het water moet binnen enkele seconden opwarmen.

Houd een magneet tegen de bodem van de kookpot. De magneet moet blijven plakken. Sommige kookpotten zoemen wanneer ze op een inductie kookzone geplaatst worden. Dit wil niet zeggen dat het apparaat defect is en het beïnvloedt geenszins het functioneren. Dit geluid neemt af wanneer u een andere vermogensstand instelt.

Til de pannen op als u ze wilt verplaatsen, zo voorkomt u vlekken en krassen door wrijving. − Bereid gerechten zo vaak mogelijk met een deksel op de pot. Afmetingen van de kookpotten De kookzones passen zich in zekere mate automatisch aan de diameter van de kookpot aan. De bodem van deze kookpot dient wel een minimum diameter (± 9cm) te hebben in functie van de diameter van de gekozen kookzone. Plaats de kookpot goed in het midden van de kookzone teneinde een optimaal rendement van uw kooktafel te verkrijgen. De bodem van de kookpot moet de kookzone zoveel mogelijk bedekken. Indien de diameter de diameter van de kookpot veel groter is dan de zone, zal dit geen optimaal kookresutaat opleveren.– 20 –

Het oppervlak van de kookpot die dan net boven de inductiespoel staat genereert dan de warmte. De rest van het oppervlak die niet boven de inductiespoel staat krijgt dan de warmte door via de opbouwlagen van de kookpot. Daarom wordt het aangeraden indien de kookpot veel groter is dan de kookzone deze op een iets lager vermogenniveau op te warmen zodat de warmte mooi verdeeld kan worden. Voorbeelden van vermogensregeling (de hieronder vermelde waarden zijn enkel richtgevend) Toepassing Display Smelten Opwarmen − Sauzen, boter, chocolade, gelatine − Kant- en klaargerechten 1‐2 Opzwellen Ontdooien − Rijst, pudding en bereidde gerechten − Groenten, vis, diepgevroren producten 2‐3 Stoom − Groenten, vis, vlees 3‐4 Water − Gekookte aardappelen, soep, pasta − Verse groenten 4‐5 Zachtjes koken − Vlees, lever, eieren, braadworsten − Goulash, rollade, pens 6‐7 Koken Braden − Aardappelen, beignets, platte koeken 7‐8 Braden

kooktemperatuur brengen − Steaks, omeletten − water

Koken − Aan de kook brengen van grote hoeveelheden water P+– 20 – – 21 –

Volg alle instructies zoals beschreven in het hoofdstuk “Gebruik van het apparaat” en zoals vermeld staan in het aparte boekje “Veiligheidsvoorschriften” dat met het toestel is meegeleverd of op onze website www.novy.com vermeld wordt.

Controleer voorafgaand de reiniging of de kooplaat volledig uitgeschakeld is en het glas boven de kookzones voldoende is afgekoeld.

Volg onderstaande reinigingsinstructies voor een langere levensduur en optimale werking van het apparaat.

7.1 Onderhoud van de kookplaat

Laat het apparaat eerst afkoelen, anders is er risico op brandwonden.

Gebruik in geen geval toestellen die met “stoom” of met “druk” werken.

Geen voorwerpen gebruiken die het vitrokeramische glas kunnen beschadigen, zoals een schuurspons, schuurmiddel en agressieve reinigingsmiddelen. Reinigen glas kookplaat Veeg het oppervlak schoon met een vochtige doek of spons met eventueel wat afwasmiddel (het beste telkens na gebruik).Daarna wrijft u de kookplaat met een droge doek of met keukenpapier droog. Let er altijd op dat alle doeken die u gebruikt proper zijn, zodat krassen op het oppervlak vermeden worden.– 22 –

Voor hardnekkige vlekken Sterke verontreinigingen en vlekken (kalkvlekken, parelmoer achtig glanzende vlekken) kunt u het best verwijderen als de kookplaat nog lauwwarm is. Gebruik hiervoor gebruikelijke reinigingsmiddelen en reinigingsmethode. Indien dit echter niet zou volstaan kunt u gebruik maken van een specifiek reinigingsproduct voor het reinigen van vitrokeramisch glas (bv. vitroclen) Overgekookte spijzen eerst met een natte doek inweken en vervolgens de vuilresten met een speciale glasschraper voor keramische kookplaten verwijderen. Daarna de kookplaat reinigen zoals onder “Reinigen glas kookplaat” beschreven. Ingebrande suiker en gesmolten kunststof verwijdert u meteen – in nog hete toestand – met een glasschraper. Daarna de kookplaat reinigen zoals onder “Reinigen glas kookplaat” beschreven. Zandkorrels, die eventueel bij het aardappelen schillen of sla schoonmaken op de kookplaten vallen, kunnen bij het verschuiven van pannen krassen veroorzaken. Let er dus op dat er geen zandkorrels op het oppervlak blijven liggen. Kleurveranderingen van de kookplaat hebben geen invloed op de werking en de stevigheid van de vitrokeramiek. Het gaat hierbij niet om een beschadiging van de kookplaat, maar om niet verwijderde en daarom ingebrande resten. Glanzende plekken ontstaan door slijtage van de panbodem, in het bijzonder bij het gebruik van kookservies met een aluminiumbodem of door ongeschikte reinigingsmiddelen. Ze kunnen alleen maar moeizaam met gebruikelijke reinigings middelen worden verwijderd. Eventueel de reiniging meermaals herhalen. Door het gebruik van agressieve reinigingsmiddelen en door schurende panbodems wordt het glasoppervlak in de loop van de tijd afgeschuurd en er ontstaan donkere vlekken. Gebruik de kookplaat niet als een werkblad of om materialen op te leggen. Til de pannen/potten altijd op en schuif deze niet over de glasplaat.– 22 – – 23 –

8 KLEINE STORINGEN VERHELPEN

8.1 Meldingen op de kookplaat

Code − er staat geen kookpot op de kookzone − de kookpot is niet geschikt voor inductie

de diameter van de bodem van de kookpot is te klein in vergelijking met de kookzone Zie hoofdstuk 5.3.9 Warmhoudfunctie

− Het elektronisch systeem is ontregeld.

Ontkoppel de kookplaat en sluit opnieuw aan. − Doe beroep op de dienst na verkoop I I Zie hoofdstuk 5.3.7 Stop&Go Functie (Er03) Een voorwerp of vloeistof bedekt de toetsen van de bediening. Het symbool verdwijnt van zodra de toetsen vrijgemaakt of afgekuist zijn.

De kooktafel is oververhit, laat afkoelen, daarna kunt u ze terug inschakelen.

De luchttoevoer van de ventilator is afgesloten. Maak deze vrij. U400 De kooktafel werd niet goed aan het netwerk aangesloten. Kijk de aansluiting na. (Er47) Probleem in het intern BUS-systeem van het apparaat. Indien één van deze foutmeldingen blijft verschijnen, kunt u de dienst na verkoop contacteren. De kookplaat of de kookzone werkt niet:

de kookplaat is slecht op het elektrisch net aangesloten. − de veiligheidszekering is gesprongen. − kijk na of de vergrendeling is ingeschakeld. − de tiptoetsen zijn met water of vet bespat. − er staat een voorwerp op de tiptoetsen.– 24 –

Een enkele zone of alle zones vallen uit: − de veiligheid is in werking getreden.

deze treedt in werking wanneer u vergeten bent een kookzone uit te schakelen.

de veiligheid treedt eveneens in werking wanneer één of meerdere tiptoetsen bedekt zijn. − een kookpan is leeg en de bodem is oververhit. − de kookplaat beschikt eveneens over een automa

tische vermindering van het vermogen en van een automatische uitschakeling bij oververhitting. De ventilator blijft doorwerken na het uitzetten van de kooktafel:

dit is geen defect, de ventilator beveiligt zo de elektronische apparatuur. − de ventilator stopt vanzelf. De bediening van automatisch koken treedt niet in werking: − de kookzone is nog warm [

− het maximum kookniveau staat aan [

− het kookniveau werd aangezet met de toets [

Storing: In geval van storing, aarzel niet om onze hersteldienst te contacteren: www.novy.com/contact. Kies eerst uw land. Voor een goede en vlotte afhandeling is het noodza- kelijk dat de hersteldienst weet welk type apparaat u heeft. Deze gegevens vindt u op het typeplaatje aan de onderkant van het toestel.– 24 – – 25 –

Bediening kookplaat Aan/uit toets voor de kookplaat Aanduiding van de timertijd Timer toetsen Stop & Go toets Aanduiding en zone selectie toets

Flexzone Indicatie Timer Indicatie Warmhoud functie toets Grill functie toets Zone voor sliderbediening 9 OVERZICHT FUNCTIES– 26 –

Kookplaat inschakelen / uitschakelen IN - Druk op en 2 sec blijven duwen. UIT - Druk op

Vermogensregeling instellen MEER - Glijden over de “SLIDER” (Vermogensregeling) Minder - Glijden tot 0 over de “SLIDER” In- en uitschakelen van Power IN - Tot het einde van de”SLIDER” glijden - [P] UIT - Over de”SLIDER” glijden [0-9] In- en uitschakelen van Super Power IN - Power inschakelen. Druk nogmaals op einde van de “SLIDER” UIT - Over de “SLIDER” glijden [0-9] Vermogensgrens geactiveerd [ 9 ] wordt tot [ 8 ] gereduceerd en knippert [8] Stop & Go functie AAN - Druk op I I UIT - Druk op I I Selecteer de timer Druk op het boven de zone selectie toets Duurtijd verminderen Druk op [–] van de timer Duurtijd verlengen Druk op [+] van de timer Uitschakelen van de timerfunctie Druk op het boven de zone selectie toets Blijf op [–] van de timer drukken tot deze op 0 staat Gebruik van de timer zonder koken De kookplaat inschakelen. Druk op het boven de zone selectie toets Programmeren van de aankookautomaat AAN - Over de “SLIDER” glijden, 3 sec blijven duwen op gewenste vermogen UIT - Glijd over de “SLIDER“ Warmhoudfunctie IN - Druk op UIT - Druk op– 26 – – 27 –

Flexzone manueel AAN - tegelijkertijd op de 2 zone selectie toetsen drukken UIT - tegelijkertijd op de 2 zone selectie toetsen drukken Flexzone automatisch AAN - plaats een kookpot op de 2 flexzones UIT - tegelijkertijd op de 2 zone selectie toetsen drukken Grill Functie AAN - Druk op UIT - Druk op– 28 –

De afstand tussen de kookplaat en de muur dient minstens 50 mm te bedragen. − De kookplaat is een apparaat toebehorend aan de beschermingsklasse « Y ». Ingebouwd mag zich een hoge kastwand of een muur aan één zijde en aan de achterzijde bevinden. Aan de andere zijde mag geen enkel meubel of apparaat hoger zijn dan het kookvlak. − Minimaal 650 mm tussen werkblad en bovenkast.

De strippen aan de muurranden dienen hittebesten- dig te zijn. − Het apparaat mag niet gemonteerd worden boven een vaatwasmachine, oven, koelapparaten of een was- of droogmachine.

Onder de omkasting van het apparaat dient een afstand van 20 mm voorzien te worden om goede verluchting te verzekeren. 11 MONTAGE INSTRUCTIES

Volg de onderstaande stappen voor de mon- tage van het toestel en maak gebruik van de montage tekeningen in deze instructie.

Controleer het toestel vóór montage op schade. Niet monteren als er schade is aan het toestel.

Controleer of alle materialen meegeleverd zijn.– 28 – – 29 –

Vlakbouw Maak een uitsparing en een freesrand in het werkblad volgens tekening 3a.

Opbouw Maak een uitsparing in het werkblad volgens tekening 3b.

Ventilatie Voorzie een ventilatieopening net onder het werkblad van minimaal 3mm over ten minste de volledige breedte van de inductiekookplaat voor voldoende koeling van de kookplaat. Zorg ook voor voldoende luchtinlaat onder het apparaat.

Plak de waterdicht strip op 2mm van de buitenrand aan de achterkant van de glasplaat.

Plaats het toestel in de voorziene opening. Neem de kookplaat links en rechts stevig vast. Kantel deze lichtjes, zodat eerst de achterzijde in de openingen past. Laat daarna de voorzijde voor- zichtig zakken.– 30 – – 31 –

11.1 Elektrische aansluiting

Na het monteren moeten de stukken die onder spanning staan beschermd blijven.

De nodige aansluitgegevens staan op het kenplaatje en het aansluitingsplaatje aan de onderkant van het apparaat.

Het apparaat dient door middel van een meerpolige stroomonderbreker van het net gescheiden te zijn. Staat deze open (niet aangesloten), dan moet de contactopening minstens 3mm bedragen.

Het elektrische circuit dient van het net gescheiden te zijn door middel van de nodige voorzieningen zoals bijvoorbeeld beveiligingsschakelaars, zekeringen, dierentiële schakelaars en contacten.

Indien het toestel niet voorzien is van een bereikbaar stopcontact, dan moeten middelen voor uitscha- keling aan de vaste installatie toegevoegd worden inovereenstemming met de installatieregeling. − De voedingsslang moet zo geplaatst worden zodat deze de hete delen van de kookplaat of de oven niet raakt.

Let op! Dit apparaat is voorzien voor een aansluiting op een netspanning van 230V~ 50 / 60 Hz.

De installatie en de aansluiting op het elektrische net mag enkel toevertrouwd worden aan een vakman (elektricien) die op de hoogte is van de voorgeschreven normen.– 32 –

De aansluitdoos bevindt zich aan de onderzijde van de kookplaat. Om het deksel te openen, gebruik een schroevendraaier en plaats deze in de 2 gleuven voor de pijlen. Schakel de hoofdschakelaar of de betreffende zekering uit voordat het toestel aangesloten wordt. Sluit het toestel aan volgens de bovenstaande tabel en schema.

Let op! De draden goed doorsteken en de schroeven goed aanspannen.

We kunnen niet verantwoordelijk gesteld worden voor ongevallen voortkomend uit een slechte of verkeerde aansluiting of ongevallen die gebeuren door toestellen zonder of met een defecte aarding.

  • berekend met de coëciënt van gelijktijdigheid volgens de standaard EN 60 335-2-6– 33 –
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : NOVY

Model : Power 1768

Categorie : Fornuis