MSA 220 CB - Zaag STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MSA 220 CB STIHL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MSA 220 CB STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MSA 220 CB - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MSA 220 CB van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING MSA 220 CB STIHL
1 Voorwoord 120
2 Informatie met betrekking tot deze handleiding 120
3Overzicht. 121
4Veiligheidsinstructies. 122
5 Motorzaag klaarmaken voor gebruik.....130
6 Motorzaag completeren. 130
7 Kettingrem inschakelen en loses 132
8 Accu aanbrengen en wegemen 133
9 Motorzaag inschakelen en uitschakelen. 133
10 Kettingzaag en accu controleren 134
11 Met de motorzaag werken. 135
12 Na de werkzaamheden 139
13 Vervoeren 139
14 Opslaan. 140
15 Reinigen 140
16 Onderhoud. 140
17 Repareren. 141
18 Storingen opheffen. 142
19 Technische gegevens 143
20 Combinations van zaagbladen en zaagkettingen 144
21 Onderdelen en toebehoren 144
22 Milieuverantwoord afvoeren. 144
23 EU-conformiteitsverklaring. 144
24 UKCA-conformiteitsverklaring. 145
25 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen 145
1 Voorwoord
Geache client(e),
Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren once producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoeften van once klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting.
STIHL staat ook voor service met topkwaliteit.
Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding.
STIHL kiest uitdrukkelijk voor een duurzame en verantwoordelijk omgang met de natuur. Deze gebruiksaanwijzing is voor u bedoeld als ondersteuning om uw STIHL-product gedurende een lange levensduur veilig en milieuvriendelijk te gebruiken.
Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wensen u veel plezier met uw STIHL product.

Dr. Nikolas Stihl
BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED DOOR-LEZEN EN BEWAREN.
2 Informatie met betrekking tot deze handleiding
2.1 Geldende documenten
De lokale veiligheidsvoorschriften zijn van kracht.
Lees naast deze gebruiksaanwijzing de vol-gende documenten, zorg dat u alles begrijpt en bewaar ze:
- gebruiksaanwijzing accu STIHL AR
- gebruiksaanwijzing "Heuptasje AP met aansluitkabel"
Veiligheidsaanwijzingen accu STIHL AP
- gebruiksaanwijzing acculaders
STIHL AL 101, 300, 500
- veiligheidsinformatie voor STIHL accu's en producten met ingebouwde accu: www.stihl.com/safety-data-sheets
3 Overzicht Nederlands
2.2 Aanduiding van de waarschu-wingen in de tekst

GEVAAR
-
De aanwijzing duidt op gezaren die leiden tot ernstig letsel of zichs tot de dood.
-
De genoemde maatregelen können ernstig letsel of de dood voorkomen.

WAARSCHUWING
-
De aanwijzing duidt op gezaren die kuren leiden tot ernstig letsel of zichs tot de dood.
-
De genoemde maatregelen können ernstig letsel of de dood voorkomen.
LETOP
- De aanwijzing duidt op gezaren die kuren leiden tot materièle schade.
- De genoemde maatregelen können materièle schade voorkomen.
2.3 Symbolen in de tekst

Dit symbolism verwijst maar een hoofdstuk in deze handleiding.
3 Overzicht
3.1 Kettingzaag en accu

De darüberste handbeschermer beschermt de rechterhand gegen contact met een wegwerpen of gebroken zaagketting.
2 Kettingtandwiel
Het kettinglandwiel drijft de zaagketting aan.
3 Spanring
De spanning verschuift het zaagblad en spans of ontspant hierdoor de zaagketting.
4 Kam
De kam ligtijdens de werkzaamheden met de kettingzaag gegen het hout.
5 Zaagketting
De zaagketting zaagt het hout.
6 Zaagblad
Het zaagblad geleidt de zaagketting.
7 Kettingtandwieldeksel
Het kettingtandwieldeksel dekt het kettingtandwiel af en bevestigt het zaagblad op de kettingzaag.
8 Spantandwiel
Via het spantandwiel kan de kettingspanning worden afgesteld.
9 Kettingvanger
De hettingvanger vangt een weggeworpen of gebroken zaagketting op.
10 Vleugelmoer
De vleugelmoer bevestigt het kettingtandwieldeksel op de kettingzaag.
11 Voorste handbeschermer
De voorste handbeschermer beschermt de linkerhand gegen het contact met de zaagketting, dient voor het inschakelen van de kettingrem en schakelt bij een terugslag de kettingrem automatisch in.
12 Blokkerhendel
De blokkeerhendel borgt de accu in de accuschacht.
13 Accuschacht
De accuschacht neemt de accu op.
14 Bedieningshandgreep
De bedieningshandgreep dient voor het bedieren, vasthouden en hanteren van de kettingzaag.
15 Kettingbeschermer
De kettingbeschermer biedt bescherming gegen het contact maken met de zaagketting.
16 Draagbeugel
De draagbeugel dient voor het vasthouden, hanteren en dragen van de kettingzaag.
17 Olietankdop
De olietankdop sluit de olietank af.
Nederlands 4 Veiligheidsinstrumenties
18 Blokkeerknop
De blokkeerknop deblokkeert de schakelhendel.
19 Schakelhendel
De schakelhendel schakelt de kettingzaag in en uit.
20 Accu
De accu voorziet de kettingzaag van energie.
21 LEDs
De leds geleven de laadtoestand van de accu en storingen aan.
22 Druktoets
De druktoets activeert de leds op de accu.
Typeplaatje met machinenummer
3.2 Pictogrammen
De pictogrammen können op de kettingzaag en de accu zich aangebracht en hebden de vol-gende betekenis:

Dit pictogram geeft de draairichting van de zaagketting aan.

In deze richting draaien om de zaag-ketting te spannen.

Dit pictogram duidt de olietank voor zaag-kettingolie aan.

deze richting wordt de kettingrem ingemakeld.

dezerichtingwordtdekettingremgelost.

4 leds knipperen rood. In de accu zit een storing.

Lengte van een zaagblad dat mag worden gebruikt.

Gegarandeerd geluidvermogensniveau volgens de richtlijn 2000/14/ EG in dB(A) om de geluidsemissie van producten vergelijkbaar te make.

gegevens naast het pictogram duiden de energia-inhoud van de accu volgens,pecificatie van de fabrikant van de acculen. De bij het gebruik ter beschikkingande energia-inhoud is kleiner.

Het product Niet met het huisvuil afvoeren.
4 Veiligheidsinstructies
4.1 Waarschuwingssymbolen
De waarschuwingssymbolen op de kettingzaag of de accu haber de volgende betekenissen:

Op de veiligheidsinstructies en de maatregelen hierin letten.
De gebruiksaanwijzing lezen, begrijpen en bewaren.

Veiligheidsbril, gehoorbescherming en veiligheidshelm dragen.

De kettingzaag met beiden handen vasthouden.

Op de veiligheidsinstrumentes met betrekking tot terugslag en de maatregelen hiertegen letten.

De accu tijdens werkonderbrekingen, vervoer, opslag, onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit het apparaat nemen.

De accu gegenitte en vuur beschermen.

De accu Niet onderdompelen in vloeistoffen.

Het toelaatbare temperatuurbereik van de accu aanhonden.

4.2 Gebruik conform de voorschriften
De kettingzaag STIHL MSA 220 C dient voor het zagen van hout en voor het snoeien en vellen van bomen met eenkleine tot middelgrote stam-diameter en voor de verzorging van bomen.
De kettingzaag kan worden gebruikt bij regen.
Deze kettingzagen worden door een accu STIHL AP of een accu STIHL AR van energia voorzien.
Als op een veilige steiger worden gewerkt mag de kettingzaag alleen worden gebruikt met een direct in de kettingzaag aangebrachte accu STIHL AP.
WAARSCHUWING
Accu's die nicht door STIHL voor de ketting-zaag� vrijgegeven, kunnen leiden tot branden explosiegevaar. Personen hunnen zwaarlletsel oplopen of worden gedood en er kan materièle schade ontstaan.
Kettingzaag gebruiken in combinatie met een accu STIHL AP of een accu STIHL AR.
- Als de kettingzaag of de accu Niet volgens voorschrift worden gebruikt, kan dit leiden tot ernstig personlijk letsel of zichs de dood en er kan materièle schade ontstaan.
De hettingzaag zo gebruiken als in deze handleiding staat beschreiben.
De accu zo gebruiken, als staat beschreiben in deze handleiding of de handleiding accu STIHL AR.
4.3 Eisen aan de gebruiker
WAARSCHUWING
- Gebruikers die nicht zich geinstruendum können de geziven van de kettingzaag en de accu Niet herkennen of nicht inschatten. De gebruiker of andere Personen kann ernstig of zichs dodelijk letsel oplopen.

De handleiding lezen, begrijpen en bewaren.
-
Als de kettingzaag of de accu aan een andere person wird overhandigd: de handleiding meegeven.
Controlleren of de gebruiker aan de volgende eisen voldoet: -
De gebruiker is uitgerust.
- De gebruiker is lichamelijk, sensorisch en geestelijk in staat de kettingzaag en de accu in gebruik te nemen en hiermee te werken. Als de gebruiker lichamelijk, sensorisch of geestelijk beperkt is, mag de gebruiker slechts onder toezicht van of na instructie door een hiertoe verantwoordelijke of bevoegde persoon hiermee werken.
- De gebruiker kan de bevaren van de kettingzaag en de accu herkennen en inschatten.
- De gebruiker is meerderjarig of de gebruiker worden overeenkomstig de nationale regelgeving onder toezicht onderwezen in een beroep.
- De gebruiker is geinstrueerd door een STIHL dealer of een hierto vakkundig
persoon, voordat deze voor de eerste keer de kettingzaag in gebruik neemt.
-
De gebruiker verkeert nicht onder invloed van alcohol, medicamenten of drugs.
-
Als de gebruiker voor het eerst met een kettingzaag werk: het zagen van rondout op een zaagbok of een schraag oefenen.
- Indien er onduidelijkeden bestaan: contact opnemen met een STIHL dealer.
4.4 Kleding en uitrusting
WAARSCHUWING
Tijdens de werkzaamheden konnen lange haren in de kettingzaag worden getrokken. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.
- Lang haar zodanig in een knot dragen en beveiligigen, dat het zich boven de schoulders bevindt.
Tijdens de werkzaamheden können voorwerpen met een hoge slelheid maar boven worden geslingerd. De gebruiker kan letsel oplopen.

Een nauwsluitende veiligheidsbril dragen. Geschikte veiligheidsbrillen zich aan de hand van de norm EN 166 of de nationale voorschriften getest en met de betreffende codering te koop.
STIHL adviseert een gelaatsbeschermer te dragen.
Een strak bovenstuk met lange mouwen dragen.
Tijdens de werkzaamheden worden geluid geproduced. Geluid kan het gehoor beschadigen.

Gehoorbeschemers dragen.
- Vallende takken konnen leiden tot hoofdletsel.

- Alsijdens de werkzaamheden voorwerpen+kennen vallen:eenveiligheidshelm dragen.
Tijdens de werkzaamheden kan stof opdwarrelen en+kunnen er dampen ontstaan. Ingeademd(e) stof en dampen kunnen schadelijk,zijn voor de gezondheid en allergische reactiesveroorzaken.
Als er stof opdwarrett of damp ontstaat: een stofmasker dragen.
■ Hiertoe ongeschikte kleding kan blijven haken in hout, struikgewas en in de kettingzaag. Gebruikers zonder geschikte kleding konnen ernstig letsel oplopen.
Nauwsluitende kleding dragen.
Nederlands 4 Veiligheidsinstrumenties
Sjaals en sieraden afdoen.
Tijdens de werkzaamheden kan de gebruiker in contact komen met de rondddraaiende zaagketting. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.
Een lange broek met snijprotectie dragen.
Tijdens de werkzaamheden kan de gebruiker zich snijden aan het hout. Tijdens de reini-gings- of onderhoudswerkzaamheden kan de gebruiker in contact komen met de zaagketting. De gebruiker kan letsel oplopen.
- Werkhandsschoenen van een slijt vast materiaal dragen.
- Als de gebruiker ongeschickt schoeisel draagt, kan hij uitgliden. Als de gebruiker in contact komt met de ronddraaiende zaagketting, kan deze snijwonden oplopen. De gebruiker kan letsel oplopen.
Kettingzaaglaarzen met snijprotectie dragen.
4.5 Werkgebied en -omgeving
4.5.1 Kettingzaag
WAARSCHUWING
Buitenstaanders, kinderen en dieren können de gevaren van de kettingzaag en de opgeworpen voorwerpen Niet herkennen en de gevaren hiervan Niet inschatten. Onbevoegde personen, kinderen en dieren konnen ernstig letsel oplopen en er kan materiaèle schade ontstaan.
Buitenstaanders, kinderen en huisdieren op afstand houden van het werkgebied.
Kettingzaag nicht zonder toezicht lately.
Zorg ervoor dat kinderen nicht met de kettingzaag+kennen spelen.
- Elektrische componenten van de kettingzaag kuren vonden verroorzaken. Vonden kuren inlicht ontvlambare of een explosieve omgeving brand en explosies verroorzaken. Personen kuren zwaar letsel oplopen of worden gedood en er kan materielle schade ontstaan.
Niet werken in eenlicht ontvlambare en nicht in eenexplosieve omgeving.
4.5.2 Accu
WAARSCHUWING
- Niet-betrokken Personen, kinderen en dieren kunden de gezaven van de accu nicht herKENnen en Niet inschatten. Niet-betrokken personen, kinderen en dieren kunden ernstig letsel oplopen.
Houd nicht-betrokken Personen, kinderen endieren ver uit de buurt.
Laat de accu nicht zonder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen nicht met de accu kunnen spelen.
- De accu is Niet gegen alle omgevingsinvloeden beschermd. Als de accu aan bepaalde omgevingsinvloeden is blootgesteld, kan de accu in brand raken of exploderen. Personen können ernstig letsel oplopen en er kan materiele schade ontstaan.

Beschem de accu gegen但它 en vuer.
Werp de accu Niet in het vuur.

De accu mag alleen bij temperaturen tussen - 10^ en +50^ worden gezruikt en opgeslagen.
Dompel de accu Niet in vloeistoffen.

Houd de accuuit de buurt van metalen voorwerpen.
Zet de accu Niet onder hoge druk.
Zet de accu Niet in de magnetron.
- Beschem de accu gegen chemicalien en zout.
4.6 Veilige staat
4.6.1 Kettingzaag
De kettingzaag verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- De kettingzaag is nicht beschadigd.
- De kettingzaag is schoon.
- De kettingvanger is nicht beschadigd.
- De kettingrem functioneert.
- De bediereningselementen werken en zich nicht gewijzigd.
- De kettingsmering functioneert.
- De inloopsporen op het kettingtandwiel zichniet dieper dan 0,5 mm.
- Een in deze gezebruiksaanwijzing aangegeven combinatie van zaagblad en zaagketting is gemonteerd.
- Het zaagblad en de zaagketting zijn correct gemonteerd.
- De zaagketting is correct gespannen.
- Alleen origineel STIHL toebehoren voor deze hettingzaag is gemonteerd.
- Het toebehoren is correct gemonteerd.
- De olietankdop is gesloten.
WAARSCHUWING
In een nicht-veilige toestand kennen onderden Niet更是 aan behoren functioneren en kuren veiligheidsvoorzieningen buiten werk ing worden gezet. Personen kannen ernstig of dodelijk letsel oplopen.
- Met een onbeschadigde hettingzaag werkken.
- Als de kettingzaag vuil is: kettingzaag reini-gen.
- Met een onbeschadigde hettingvanger werkken.
Aan de kettingzaag geen wijzigingen aanbrengen. Uitzondering: montage van een indeze gebruiksaanwijzing aangegeven combinatie van zaagblad en zaagketting. - Als de bedieningselementen nicht functioneren: Niet met de kettingzaag werken.
Alleen origineel STIHL toebehoren voor deze hettingzaag monteren.
Zaagblad en zaagketting zo monteren als in deze gebruiksaanwijzing staat beschreiben. - Het toebehoren monteren zoals in deze gebruiksaanwijzing of in de gebruiksaanwijz ing van het toebehoren beschreiben staat.
- Geen voorwerpen in de openings van de hettingzaag steken.
Olietankdop sluiten. - Versreten of beschadigde stickers verran-gen.
Als er onduidelijkheid besteht: contact opnemen met een STIHL dealer.
4.6.2 Zaagblad
Het zaagblad verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Het zaagblad is nicht beschadigd.
- Het zaagblad is nicht verrormd.
- De groef is zo diep als of dieper dan de minimale groefdiepte, 19.3.
- Er bevinden zich geen bramen op de randen van de groef.
- De groef is nicht versmald of verbreed.
WAARSCHUWING
In een onveilige staat kan het zaagblad de zaagketting Nieteer correct geleiden. De ronddraaiende zaagketting kan van het zaagblad springen. Personen konnen ernstig of zichs dodelijk letsel oplopen.
Met een onbeschadigd zaagblad werken.
- Als de diepte van de groefkleiner is dan de minimale groefdiepte: zaagblad verrangen.
Zaagblad wekelijks ontdoen van bramen.
- Als een en ander nicht duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dealer.
4.6.3 Zaagketting
De zaagketting verkeert in de veilige staat als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- De zaagketting is nicht beschadigd.
- De zaagketting is correct aangescherpt/geslepen.
- De slijtagemarkeringen op de zaagtanden zijn zichtaar.
WAARSCHUWING
In een nicht-veilige staat kuren componenten Niet更是 correct functioneren en kuren de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Personen kuren ernstig of zichs dodelijk letsel oplopen.
- Met een onbeschadigde zaagketting werkken.
Zaagketting correct aanscherpen/slijpen.
- Indien er onduidelijkheden bestaan: contact opnemen met een STIHL dealer.
4.6.4 Accu
De accu verkeert in een veilige toestand, als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- De accu is onbeschadigd.
- De accu is schoon en droog.
- De accu werkten en is ongewijzigd
WAARSCHUWING
In een nicht-veilige toestand kan de accu Nieteer veilig werken. Personen können ernstigletsel oplopen.
Werk met een onbeschadigde en fonctionerende accu.
Laad een beschadigde of defeche accu nicht op.
- Als de accu vuil of nat is: reinig de accu en LAST.
Wijzig de accu Niet.
- Steek geen voorwerpen in de openingsen van de accu.
- Sluit de elektrische contacten van de accu nooit op metalen voorwerpen aan en kaak geen kortsluiting.
- Open de accu Niet.
Vervang versleten of beschadigde waarschuwingsstickers.
Uit een beschadigde accu kan vloeistof lekken. Als de vloeistof met de huid of de ogen in contact komt, kuren de huid of de ogen geirriteerd raken.
Vermijd contact met de vloeistof.
Nederlands 4 Veiligheidsinstrumenties
-
Als er contact met de huid heeftplaatsgevonden: was de betreffende plekken van de huid met veel water en zeep.
Als er contact met de ogen heeftplaatsgevonden: spoel de ogen minstens 15 minuten met veel water en raadpleeg een arts. -
Een beschadigde of defekte accu kan vreemduruiken, roken of branden. Personen kunnernernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiele schade ontstaan.
-
Als de accu vreemd ruikt of rookit: gebruik de accu Niet en houd deze uit de buurt van brandbare stoffen.
- Als de accu brandt: probeer de accu met een brandblusser of water te blussen.
4.7 Werken
4.7.1 Zagen
WAARSCHUWING
■ Als er zich buiten het werkgebied geen Personen binnen gehoorafstand bevinden, kan er in geval van nood geen hulp worden geboden.
- Waarborgen dat er zich buiten het werkgebied Personen binnen gehoorafstand bevinden.
- De gebruiker kan in bepaalde situatuies nicht更是geconcentreerdwerken.De gebruiker kan de controle over de hettingzaag verliezen, struikelen, vallen en ernstig letsel oplopen.
Rustig en met overleg werken.
Als de Lichtomstandigheden en het zich slecht zijn: Niet met de kettingzaag werken.
Kettingzaag alleen bedieren.
Niet boven schouderhoogte werken.
Op obstakels letten.
Staand op de grond werken en het evenwicht behouden. Als in de hoogte moet worden gewerkt en de kettingzaag worden gebruikt in combinatie met een energievoorziening met aansluitkabel: een hoogwerker gebruiken.
Wanneer vermoeidheidsverschijnselen optreten: een pauze inlassen.
- Door de rondraaiende zaagketting kan de gebruiker snijwonden oplopen. De gebruiker kan hierdoor ernstig letsel oplopen.
- De ronddraaiende zaagketting nicht aanraken.
- Als de zaagketting door een voorwerp worden geblokkeerd: Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen. Pas dan het voorwerp wegnemen.
- De ronddraiende zaagketting worden warm en zet UIT. Als de zaagketting Niet voldoende
wordt gesmeerd en nagespannen, kan de zaagketting van het zaagblad springen of breken. Personen können ernstig letsel oplopen en er kan materièle schade ontstaan.
Zaagkettingolie gebruiken.
Tijdens de werkzaamheden regelmatig het oliepeil in de olietank controlleren. Voordat de zaagkettingolie is opgebruikt: Zaagkettingolie bijvullen.
Tijdens de werkzaamheden regelmatig de spanning van de zaagketting controeren. Als de spanning van de zaagketting te laag is: de zaagketting spannen.
- Als de werkking van de kettingzaag zichijdens de werkzaamheden wijzigt of deze zich ongewoon gedraagt, kan de kettingzaag in een onveiligte staat verkeren. Personen können ernstig letsel oplopen en er kan materiele schade ontstaan.
De werkzaamheden beeindigen, accu weg-nemen en contact opnemen met een STIHL dealer.
Tijdens de werkzaamheden können trillingen door de kettingzaag worden gezormd.
Handschoenen dragen.
Werkpauzes inlassen.
- Als er tekenen van een slechte doorbloedding optreden: een arts raadplegen.
- Als de ronddraaiende zaagketting contact maakt met een hard voorwerp kuren vonden ontstaan. Vonden kuren in een brandbare omgeving leiden tot brand. Personen kuren zwaar letsel oplopen of worden gedood en er kan materièle schade ontstaan.
Niet in een brandbare omgeving werken.
- Als de schakelhendel worden losgelaten draait de zaagketting nog even door. De bewegende zaagketting kan snijwonden toebrengen aan Personen. Personen können ernstig letsel oplopen.
Wacht tot de zaagketting Nieteer draait.
WAARSCHUWING

■ Als hout dat onder spanning staat worden gezaagd, kan het zaagblad worden ingeklemd.
4 Veiligheidsinstrumenties Nederlands
De gebruiker kan de controle over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplopen.
Eerst een ontlastingszaagsnede in de drukzijde (1) aanbrengen, cervolgens een kapzaagsnede in de trekzijde (2) aanbrengen.
GEVAAR
- Als in de buurt van onder spanning staande kabels worden gewerkt kan de zaagketting in contact komen met de onder spanning staande kabels en deze beschadigen. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.
Niet in de buurt van onder spanning staande kabels werken.
4.7.2 Van takken ontdoen
WAARSCHUWING
- Als de gevelde boom eerst aan de onderzijde van alle takken worden ontdaan kan deBoom Niet meer worden ondersteund door takken op de grond. Tijdens de werkzaamheden kan de boom bewegen. Personen können ernstig of zichs dodelijk letsel oplopen.
Grotere takken aan de onderzijde pas doorzagen als de boom op lenghte is gezaagd.
Niet staand op de stam werken.
Tijdens het van takken ontdoen kan een afgezaagde tak maar beneden vallen. De gebruiker kan struikelen, vallen en ernstig letsel oplopen.
- Boom vanaf de voet van de stam maar de boomkuin toe van takken ontdoen.
4.7.3 Vellen
WAARSCHUWING
-
Ongeoefende Personen küssen de gezaren bij het vellen Niet inschatten. Personen küssen ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materièle schade ontstaan.
-
De gebruiker要去 beschikken over relevante kennis van kaptechnieken en ervaring met kapwerkzaamheden.
Als er onduidelijkheden zijn: een ervaren expert raadplegen voor ondersteuning en voor het bepalen van de geschikte veltechniek.
Tijdens het vellen kan een boom en kunnen takken op personen of voorwerpen vallen. Hoe groter vallende delen zich, des te groter het risico is dat personen ernstig of dodelijk letsel kuren oplopen. Het gevolg kan materiaiele schade zich.
Bepaal de velrichting zo dat het gebied waarin de boom valt open/vrij is.
Houd buitenstaanders, kinderen en dieren buiten een afstand van een cirkel van 2,5 boomlengtes om het werkgebied.
-
Verwijder aufgeb broken of dorre takken voor het vellen uit de kroon van deBoom.
-
Als afgeb broken of dorre takken nicht uit de kroon van de boom+kennen worden verwijderd: een ervaren expert raadplegen voor ondersteuning en voor het bepalen van de geschikte veltechniek.
Let op de boomkruin en boomkuinen van naast staande bomen en ontwijk vallende takken.
- Als deBoom valt, kan deze bij de stam breken of in de richting van de gebruiker terugslaan. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.
Plan een vluchtweg zijwaarts anschter de boom.
- Loop hinterwaarts de vluchtweg in en let op de vallende boom.
Loop nicht achechteruit hellingafwaarts.
-
Obstakels in het werkgebied en op de vluchtweg hunnen de gebruiker hinderen. De gebruiker kan struikelen en vallen. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.
-
Verwijder obstakels uit het werkgebied en van de vluchtweg.
-
Als de breuklijk, de veiligheidsband of de borglijk worden ingezaagd of te vroeg worden doorgezaagd, kan de velrichting Niet meer worden aangehonden of de boom kan te vroeg vallen. Personen können ernstig of dodelijk letsel oplopen en er kan materiele schade ontstaan.
Zaag de breuklijst Niet in of door.
Zaag de veiligheidsband of borglijst als LAST door.
-
Als de boom te vroeg begint te vallen: de velsnede onderbreken en op de vluchtweg terugwijken.
-
Als de ronddraaiende zaagketting met het bovenste kwart gedeelte van het zaagblad contact maakt met een harde velspie en snel worden afgeremd, kan terugslag ontstaan. Personen können ernstig of dodelijk letsel oplopen.
-
Gebruik velspieën van aluminium of kunststof.
-
Als eenBoom Niet geheel op de grond valt of in een andere boom blijft hangen, kan de gebruiker het vellen Niet meer gecontroleerd voltooien.
Nederlands 4 Veiligheidsinstrumenties
Onderbreek het vellen en trek deBoom met behulp van een lien of een hiertoe geschikt voertuig maar de grond.
4.8 Reactiekrachten
4.8.1 Terugslag

Een terugslag kan door de volgende oorzaken ontstaan:
- De rondraaiende zaagketting maakt met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus contact met een hard voorwerp en worden snel afgeremd.
- De ronddraaiende zaagketting is bij de zaagbladneus ingeklemd.
De kettingrem kan een terugslag nicht voorkomen.
WAARSCHUWING

Als er terugslag ontstaat, kan de kettingzaag in de richting van de gebruiker omhoog worden geslingerd. De gebruiker kan de controle over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplopen of zichs worden gedood.
Houd de hettingzaag met beiden handen vast.
Houd het lichaam buiten het verlangde zwenkbereik van de kettingzaag.
Ga te werk zoals in denen handleiding staat beschreiben.
Werk nicht met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus.
Werk met een correct aangescherpte/geslepen en correct gespannen zaagketting.
- Gebruik een terugslaggereduceerde zaag-ketting.
- Gebruik een zaagblad met eenkleine zaagbladneus.
Zaag met vol gas.
4.8.2 In het hout trekken

Als met de onderzijde van het zaagblad worden gewerkt, worden de kettingzaag wegetrokken van de gebruiker.
WAARSCHUWING
- Als de ronddraaiende zaagketting contact maakt met een hard voorwerp en snel worden afgeremd, kan de kettingzaag plotseling met große kracht van de gebruiker weg worden getrokken. De gebruiker kan de controle over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplopen of zichs worden gedood.
De kettingzaag met beiden handen vasthouden.
Zo werken als in deze handleiding staat beschreiben.
- Het zaagbladrecht in de zaagsnede geleiden.
De kam correct plaatsen.
Met vol gas zagen.
4.8.3 Terugstoot

Als met de bovenzijde van het zaagblad worden gewerkt, wordt de kettingzaag maar de gebruiker toe gestoten.
WAARSCHUWING
- Als de ronddraaiende zaagketting contact maakt met een hard voorwerp en snel worden afgeremd, kan de kettingzaag plotseling met große kracht maar de gebruiker toe worden
4 Veiligheidsinstrumenties Nederlands
gestoten. De gebruiker kan de contrôle over de kettingzaag verliezen en zwaar letsel oplopen of zichs worden gedood.
De kettingzaag met beiden handen vasthouden.
Zo werken als in denen handleiding staat beschreiben.
- Het zaagbladrecht in de zaagsnede geleiden.
Met vol gas zagen.
4.9 Vervoeren
4.9.1 Kettingzaag
WAARSCHUWING
Tijdens het vervoer kan de kettingzaag kanteilen of verschuiven. Personen konnen letsel oplopen en er kan materièle schade ontstaan.

Accu wegemen.
Kettingrem inschakelen.
- Kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven dat deze het gehele zaagblad afdekt.
Kettingzaag met spanbanden, riemen of een net dusdanig beveiligien, dat hij nicht kan kantelen en nicht kan bewegen.
4.9.2 Accu
WAARSCHUWING
- De accu is Niet beschermd gegen alle invloeden van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf worden blootgesteld, kan de accu worden beschadigd en kan er materiiele schade ontstaan.
Een beschadigde accu nicht vervoeren.
De accu in een elektrisch nicht geleidende verpakking vervoeren.
Tijdens het vervoer kan de accu omvallen of verschuiven. Personen können letsel oplopen en er kan materièle schade ontstaan.
De accu in de verpakking zo verpakken dat deutsche nicht kan bewegen.
De verpakking zo zekeren, dat deze nicht kan verschuiven.
4.10 Opslaan
4.10.1 Kettingzaag
WAARSCHUWING
- Kinderen können de gezaren van de kettingzaag Niet herkennen en ook Niet inschatten. Kinderen können ernstig letsel oplopen.

Accu wegemen.
Kettingrem inschakelen.
- Kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven dat deze het gehele zaagblad afdekt.
De kettingzaag buiten het bereik van kinde- ren opslaan.
- De elektrische contacten op de kettingzaag en metalen onderdelen{kunnen door vocht corroderen. De kettingzaag kan worden beschadigd.

Accu wegemen.
De kettingzaag schoon en droog opslaan.
4.10.2 Accu
WAARSCHUWING
- Kinderen können de gelevaren van de accu nicht herkennen en ook Niet inschatten. Kinderen können ernstig letsel oplopen.
De accu buiten het bereik van kinderen opslaan. - De accu is Niet beschermd gegen alle invloeden van buitenaf. Als de accu aan bepaalde invloeden van buitenaf worden blootgesteld, kan de accu worden beschadigd.
De accu schoon en droog opslaan.
De accu in een gesloten ruimte opslaan.
De accu apart van de kettingzaag en de acculader opslaan.
De accu in een elektrisch nicht geleidende verpakking opslaan.
De accu bij temperaturen tussen de - 10^ en +50^ opslaan.
4.11 Reiniging, onderhoud en reparation
WAARSCHUWING
- Alsijdens de reinigings-, onderhouds- of reparatiewerkzaamheden de accu in de kettingzaag worden geplaatst, kan de kettingzaag
Nederland 5 Motorzaag klaarmaken voor gebruik
onbedoeld worden ingeschakeld. Personen küssen ernstig letsel oplopen en er kan materielle schade ontstaan.

Accu verwijderen.
Kettingrem inschakelen.
Agressieve reinigingsmiddelen, het reinigen met een waterstraal of puntige voorwerpen hunnen de kettingzaag, het zaagblad de zaagketting en de accu beschadigen. Als de kettingzaag, het zaagblad, de zaagketting of de accu Niet op de juiste wijze werden gereinigd, hunnen componenten Niet meer correct functioneren en hunnen de veiligheidsinrichtingen zich uitgeschakeld. Personen hunnen ernstig letsel oplopen.
Kettingzaag, zaagblad, zaagketting en accu zo reinigen als staat beschreiben in deze handleiding.
- Als de kettingzaag, het zaagblad, de zaagketting en de accu Niet op de juiste wijze werden onderhonden of gerepareerd, hunnen componenten Niet更是 correct functioneren en hunnen de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld. Personen hunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.
- De kettingzaag en accu nicht selbst onderhoden of repareren.
- Als aan de kettingzaag of de accu onderhouds- of reparatiewerkzaamheden要去en worden uitgevoerd: contact opnemen met een STIHL dealer.
- Zaagblad en zaagketting zo onderhonden of repareren als in deze gebruiksaanwijzing staat beschreiben.
Tijdens de reinigings- of onderhoudswerkzaamheden aan de zaagketting kan de gebruiker letsel oplopen door de scherpe zaagtanden. De gebruiker kan letsel oplopen.
Draag werkhandsschoenen van slijtvest materialiaal.
5 Motorzaag klaarmaken voor gebruik
5.1 Kettingzaag klaarmaken voor gebruik
Telkens voor het begin van de werkzaamheden要去en de volgende handelingen worden uitgevoerd:
-
Controlleren of de volgende delen zich in de veilige staat bevinden:
-
Kettingzaag, 6.1.
-
Zaagblad, 6.2.
- Zaagketting, 4.6.3.
- Accu, 4.6.4.
Accu controlleren/testen, 10.7.
De accu volledig laden, zoals in de handleiding van de acculader STIHL AL 101,300,500 staat beschreiben.
Kettingzaag reinigen, 15.1.
Zaagblad en zaagketting monteren, 16.1.1.
Zaagketting spannen, 6.2.
Zaagkettingolie bijvullen, 6.3.
Kettingrem controlleren, 10.4.
Bedieningselementen controleren, 0.5.
Kettingsmering controlleren, 10.6.
- Als deze handelingen nicht können worden uitgevoerd: de kettingzaag Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer.
6 Motorzaag completeren
6.1 Zaagblad en zaagketting mon-teren en uitbouwen
6.1.1 Zaagblad en zaagketting monteren
De combinaties van zaagblad en zaagketting die bij het kettingtandwiel passen en daarmee gemonteerd mogen worden, staan aangegeven in de technische gegevens, 20.1.
▶ Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.

- Greep (1) van de vleugelmoer (2) opklappen.
Vleugelmoer (2) zo lang linksom draaien tot het kettingtandwieldeksel (3) kan worden weggenomen.
Kettingtandwieldeksel (3) verwijden.


Spanring (4) Wegnemen.
Bout (5) losdraaien.
Zaagblad (6) zo op de spanning (4) leggen dat beide tappen van de spanning (4) in de boringen van het zaagblad zitten.
De orientering (plaatsing) van het zaagblad (6) speelt geen rol. De opdruk op het zaagblad kan ook ondersteboven staan.
Bout (5) aanbrengen en vastdraaien.

- Zaagketting verwolgens in de groef van het zaagblad leggen, zodate de pijlen op de verbindingsschakels van de zaagketting aan de bovenzijde in de draairichting gericht�.
- Spanring (4) tot aan de aanslag rechtsom draaien.

Zaagblad met spanring en zaagketting zo op de kettingzaag plaatsen dat aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
-
De spanning (4) is maar de gebruiker gericht.
-
De aandrijfschakels van de zaagketting vallen in de tanden van het kettingtandwie1 (2).
-
De kop van de bout (3) valt in het sleufgat van het zaagblad (6).

Kettingrem loses.
- Spanring (4) zo lang linksom draaien tot de zaagketting gegen het zaagblad ligt. Hierbij de
aandrijschakels van de zaagketting in degroef van het zaagblad leiden.
Het zaagblad en de zaagketting liggen segende kettingzaag.
- Het kettingtandwieldeksel zo op de kettingzaag aanbrengen, dat dit gewelijkigt met de kettingzaag.
- Als het kettingtandwieldeksel Niet gewelijkigt met de kettingzaag: het spontandwiei verdraaien en het kettingtandwieldeksel opnieuw aanbrengen.
De tanden van het spantandwiel vrijpen aan in de tanden van de spanning.
De vleugelmoer zo lang rechtsom draaien tot het kettingtandwieldeksel stevig op de kettingzaag is bevestigd.
- Greep van de vleugelmoer inklappen.
6.1.2 Zaagblad en zaagketting uitbouwen
Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
- Greep van de vleugelmoer omhoog klappen.
Vleugelmoer zo lang linksom draaien tot het kettingtandwieldeksel kan worden weggenomen.
Kettingtandwieldeksel wegnemen.
- Spanring tot aan de aanslag rechtsom draaien.
De zaagketting is ontspannen.
Zaagblad en zaagketting wegemen.
Bout van de spanning losdraaien.
Spanring Wegnemen.
6.2 Zaagketting spannen
Tijdens de werkzaamheden kan de zaagketting losser of strakker gaan staan. De zaagkettingspanning wijzigt. Tijdens de werkzaamheden要去 de zaagkettingspanning regelmatig worden gecontroleerd en要去 Zo nodig worden nagespannen.
Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.

- Greep van de vleugelmoer (1) omhoog klappen.
Vleugelmoer (1) 2 slagen linksom draaien. De vleugelmoer (1) is losgedraaid.
Kettingrem loses.
- Zaagblad bij de neus optillen en het spantandwiel (2) zo lang rechtsom of linksom draaien, tot aan de volgende voorwaarden is voldaan:
-
De afstand a in het midden van het zaagblad bedraagt 1 mm tot 2 mm.
-
De zaagketting kan nog met twee vingers en geringe krachtsinspanning over het zaagblad worden getrokken.
Zaagblad bij de neus verder optillen en de vleugelmoer (1) zo lang rechtsom draaien tot het kettingtandwieldeksel stevig op de kettingzaag is bevestigd.
- Als de afstand a in het midden van het zaagblad Niet 1 mm tot 2 mm bedraagt: Zaagketting opnieuw spannen.
Greep van de vleugelmoer (1) inklappen.
6.3 Zaagkettingolie bijvullen
De zaagkettingolie zorgt voor de smering en de koeling van de ronddraaiende zaagketting.
STIHL adviseert STIHL zaagkettingolie of een andere voor kettingzagen vrijgeveen zaagkettingolie te gebruiken.
- Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
- Motorzaag zo op een vlakke ondergrond plaatsen dat de olietankdop maar boven is gericht.
- Het gebied rondom de olietankdop schoonma-ken met een vochtige doeK.

De beugel van de olietankdop opklappen.
- Olietankdop tot aan de aanslag linksom draaien.
Olietankdop wegemen.
De zaagkettingolie zo bijvullen dat er geen zaagkettingolie worden gemorst en de olietank Niet tot aan de rand worden gezuld.
- Als de beugel van de olietank is ingeklapt: de beugel opklappen.

De olietankdop zo aanbrengen dat de markering (1) maar de markering (2) is gericht.
De olietankdop waar beneden drukken en tot aan de aanslag rechtsom draaien.
De olietankdop klicht hoeoorbær vast. De markering (1) is maar de markering (3) gericht.
- Controlleren of de olietankdop maar boven kan worden losgetrokken.
- Als de olietankdop Niet maar boven kan worden losgetrokken: de beugel van de olietankdop inklappen.
De olietank is gesloten.
Als de olietankdop maar boven kan worden losgetrokken,要去en de volgende stappen wordenuitgevoerd:
De olietankdop in een willekeurige positie aanbrengen.

De oletankdop waar beneden drukken en tot aan de aanslag rechtsom draaien.
De olietankdop maar beneden drukken en zolang linksom draaien tot de marketing (1) maar de marketing (2) is gericht.
Opnieuw proberen de olietank te sluiten.
- Als de olietank nog steeds nicht kan worden gesloten: Niet met de kettingzaag werken en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingzaag verkeert Niet in de veilige staat.
7 Kettingrem inschakelen en loosen
7.1 Kettingrem inschakelen
De kettingzaag is uitgerust met een hettingrem.
8 Accu aanbrengen en wegnemen Nederlands
De kettingrem worden bij een voldoende sterke terugslag automatisch ingeschakeld door de massatraagheid van de handbeschermer of kan worden ingeschakeld door de gebruiker.

- Handbeschermer met de linkerhand weg van de draagbeugel duwen. De handbeschermer klikt hoebaar vast. De kettingrem is ingeschakeld.
7.2 Kettingrem loses

- Handbeschermer met de linkerhand richting de gebruiker trekken. De handbeschermer klicht hoorbaar vast. De kettingrem is gelost.
8 Accu aanbrengen en weg-nemen
8.1 De accu plaatsen
Kettingrem inschakelen.

Accu (1) tot aan de aanslag in de accuschacht (2) drukken. De accu (1) klikt vast en is dan vergrendeld.
8.2 Accu wegemen
Kettingzaag op een vlakke ondergrond plaatsen.

Beide blokeerhendels (1) indrukken. De accu (2) is ontgrendeld en kan worden weggenomen.
9 Motorzaag inschakelen en uitschakelen
9.1 Kettingzaag inschakelen
Kettingrem loses.

Kettingzaag met de rechterhand op het deel (1) van de bedieningshandgreep zo vasthouden dat de duim om de bedieningshandgreep valt.
- Blokkeerknop (2) met de duim indrukken en ingedrukt honden.
Schakelhendel (3) met de wijsvinger indrukken en ingedrukt houden. De kettingzaag loopt aan en de zaagketting draait. De blokkeerknop (2) kan worden losgelaten.
Kettingzaag met de linkerhand op de draagbeugel zo vasthouden dat de duim om de draagbeugel valt.
9.2 Kettingzaag uitschakelen
Schakelhendel loslaten. De zaagketting draait nicht meer.
- Als de zaagketting verder draait: de kettingrem inschakelen, accu wegemen en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingzaag is defect.
10 Kettingzaag en accu controleren
10.1 Kettingtandwiel controlleren
- Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
Kettingrem loses.
Kettingtandwieldeksel uitbouwen.
Zaagblad en zaagketting uitbouwen.

Inloopsponen op het kettingtandwiel controle- ren met behulp van een STIHL kaliber.
- Als de inloopsponen dieper zich dan a = 0,5 ~mm : de kettingzaag nicht gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. Het kettingtandwiei moet worden verrangen.
10.2 Zaagblad controlleren
- Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
Zaagketting en zaagblad uitbouwen.

-
De groefdiepte van het zaagblad meten met behulp van het meetkaliber van het STIHL vijlkaliber.
Zaagblad verrangen, als aan een van de vol-gende voorwaarden worden voldaan: -
Het zaagblad is beschadigd.
- De gemeten groefdiepte is kleiner dan de minimale groefdiepte van het zaagblad, 19.3.
- De groef van het zaagblad is versmald of verbreed.
Als een en ander nicht duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dealer.
10.3 Zaagketting controlleren
- Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.

De hoogte van de dieptebegrenzer (1) meten met behulp van het STIHL vijlkaliber (2). Het STIHL vijlkaliber要去 passen bij de steek van de zaagketting.
- Als een dieptebegrenzer (1) boven het vijlkaliber (2)uitsteekt: dieptebegrenzer (1) afvijlen, 16.3.

- Controlleren of de slijtagemarkeringen (1 tot 4) op de zaagtanden zichtaar�.
- Als een van de slijtagemarkeringen op een zaagtand Niet zichtaar is: de zaagketting Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer.
Met behulp van een STIHL vijlkaliber controleren of de aanscherphoek van de zaagtanden van 30^ is aangehouden. Het STIHL vijlkaliber要去 passen bij de steek van de zaagketting. - Als de aanscherphoek van 30^ Niet werk aan gehouden: de zaagketting aanscherpen/sijpen.
Als een en ander nicht duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dealer.
10.4 Kettingrem controlleren
Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.

WAARSCHUWING
-
De zaagtanden van de zaagketting� scherp. De gebruiker kan zich verwonden.
-
Werkhandsschoenen van een slijt vast materiaal dragen.
Proberen, de zaagketting met de hand over het zaagblad te trekken.
Als de zaagketting Niet met de hand over het zaagblad kan worden getrokken werkt de kettingrem.
- Als de zaagketting met de hand over het zaagblad kan worden getrokken: de kettingzaag Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer.
De kettingrem is defect.
10.5 Bedieningselementen contrôleren
Blokkeerknop en schakelhendel
Kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
Probeer de schakelhendel in te drukken zonder de blokkeerknop in te drukken.
- Als de schakelhendel kan worden ingedrukt: de kettingzaag Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De blokkeerknop is defect.
Blokkeerknop indrukken en ingedrukt honden.
De schakelhendel indrukken en weeer loslaten.
- Als de schakelhendel zwaar loopt of nicht terugveert in de eindstand: de kettingzaag nicht gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer.
Kettingzaag inschakelen
De accu plaatsen.
Kettingrem losses.
Blokkeerknop indrukken en ingedrukt houden.
Schakelhendel indrukken en ingedrukt houden.
De zaagketting draait.
Schakelhendel loslaten. De zaagketting draait nicht meer.
- Als de zaagketting blijdt draaien: de kettingrem inschakelen, accu wegemen en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingzaag is defect.
10.6 Kettingsmering controleren
Accu aanbrengen.
Kettingrem loses.
Zaagblad op een lichtgeleurd oppervlak richten.
Kettingzaag inschakelen.
Zaagkettingolie wordt weggeslingerd en is herkenbaar op het lichtgeleurde oppervlak. De kettingsmering functioneert.
Als er geen weggeslingerde zaagkettingolie zichtaar is:
Zaagkettingolie bijvullen.
Kettingsmering opniew controlleren.
- Als er nog steeds geen zaagkettingolie op het Lichtgeleurde oppervlak zichtaar is: de kettingzaag Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. De kettingsmering is defect.
10.7 Accu controlleren/testen
Druktoets op de accu indrukken.
De leds branden of knipperen.
- Als de leds nicht branden of knipperen: accu niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer.
In de accu zit een storing.
11 Met de motorzaag werken
11.1 Kettingzaag vasthouden en bedienen

De het vlaak (1) van de bedieningshandgreep vasthouden en bedieren, dat de duim van de linkerhand om de draagbeugel en de duim van de rechterhand om de bedieningshandgreep valt.
11.2 Zagen

WAARSCHUWING
Als er een terugslag optreedt kan de kettingzaag maar boven in de richting van de gebruiker worden geslingerd. De gebruiker kan ernstig of dodelijk letsel oplopen.
Met vol gas zagen.
Niet met het bovenste kwart gedeelte van de zaagbladneus zagen.
Zaagblad met vol gas zo in de zaagsnede geleiden dat het zaagblad Niet scheef worden gedrukt.

- Kam gegen het houtplaatsen en als draaipunt gebruiken.
Zaagblad volledig zo door het hout geleiden, dat de kam.altijd weeer opnieuw gegen het hout wordt geplaatst.
Aan het einde van de zaagsnede het gewicht van de kettingzaag opvangen.
11.3 Snoeien

Kettingzaag op de stam lately rusten.
Zaagblad met vol gas met een hefboombeweging gegen de tak drukken.
- Tak met de bovenzijde van het zaagblad doorzagen.

- Als de tak onder spanning staat: ontlastingsnede (1) in de drukzijde zagen en cervolgens vanaf de trekzijde met een zaagsnede (2) doorzagen.
11.4 Vellen
11.4.1 Velrichting en vluchtwegen vastleggen
- Velrichting zo bepalen dat het gebied waarinde boom valt open/vrij is.

Vluchtweg (B) zo bepalen dat aan de vol-gende voorwaarden worden voldaan:
- De vluchtweg (B) ligt in een hoek van 45^ ten opzichte van de velrichting (A).
- Op de vluchtweg (B) bevinden zich geen obstakels.
- De boomkruin kan in het oog worden gehonden.
- Als de vluchtweg (B) op een helling ligt要去 de vluchtweg (B) evenwijdig aan de helling lopen.
11.4.2 Werkgebied bij de stam voorbereiden
- Obstakels in het werkgebied op de stam verwijderen.
Begroeing op de stam verwijdersen.

- Als de stam große, gezonde worteluitlopers—heeft: de worteluitlopers eerst loodrecht en cervolgens horizontal inzagen en cervolgens verwijderen.
11.4.3 Basisbeginselen voor de velsnede

C Valkerf
De valk erf bepaalt de velrichting.
11 Met de motorzaag werken Nederlands
NL Breuklijst
De breuklijst geleidt de boom als een scharnier aan de grond. De breuklijst is 1/10 van de stam diameter breed.
E Velsnede
Door middel van de velsnede worden de stam doorgezaagd. De velsnede ligt 1/10 van de stam diameter (minimaal 3cm boven de zool van de valkerf.
F Veiligheidsband
De veiligheidsband steunt deBoom en voorkomt voortijdig omvallen. De veiligheidsband is 1/10 tot 1/5 van de stam diameter breed.
G Borglijst
De borglijk steunt deBoom en voorkomt voortijdig omvallen. De borglijk is 1/10 tot 1/5 van de stam diameter breed.
11.4.4 Valkerfinzagen
De valkerf bepaalt de richting waarin deBoom valt. De nationale richtlijnen voor het aanbrengen van de valkerf要去en worden aangehonden.

- Motorzaag zo uitlijnen dat de valkerf haaks ten opzichte van de velrichting is en de motorzaag vlak bij de grond is.
Horizontale zoolzaagsnedeinzagen.
De schuine daksnede in een hoek van 45^ ten opzichte van de horizontale zoolzaagsnede inzagen.

- Als het hout gezond en langdradig is: Splintsneden zo inzagen, dat aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
- De spintsneden zijn aan beiden+zijdengelijk.
-
De spintsneden bevinden zich ter hoogte van de valkerfzool.
-
De spintsneden zijn 1/10 van de stam diameter breed.
De stam scheurt Niet open als de boom valt.
11.4.5 Insteken
Het insteken is een werktechniek die voor het vellenoodzakelijk is.


- Het zaagblad met de onderzijde van de zaagbladneus en vol gas aanbrengen.
Zo ver inzagen, dat de zaagsnede tweemaal zo diep is als de breedte van het zaagblad.
In de insteekstand zwenken.
Zaagblad insteken.
11.4.6 Geschekte velsnede kiezen
Het kiezen van de juiste velsnede hangt van de volgende omstandigheden af:
- de natuurlijke hoek waaronder deBoom staat
- de takvorming van deBoom
-beschadigingen aan de boom - de gezondheidstoestand van deBoom
- indien er sneeuw op de boom ligt: de sneeuwbelasting
- de hellingrichting
- de windrichting en de windsnelheid
- aanwezige naast staande bomen
Er worden anderscheid gemaakt:tussen de verschillende ontwikkelingen van deze omstandigheden. In deze handleiding worden slechts 2 ontwikkelingen beschreiben.

1 Normale boom
Een normale boom staat rechtsop en heeft een gelijkmatigeBoomkruin.
2 Overhangende boom
Een overhangende boom staat schuin en heeft een boomkuin die in de velrichting is gericht.
11.4.7 Normale boom met keine stam diameter vellen
Een normale boom worden gemeld door middel van een velsnede met veiligheidsband. Deze vel-snede moet worden uitgevoerd als de stamdia-meter kleiner is dan de werkelijkke zaagblad-lenge van de motorzaag.
Waarschuwing roepen.

Het zaagblad insteken in de velsnede tot dit aan de andere zichde van de stam waar zichtaar is, 1.4.5.
De kam anschter de breuklijstplaatsen en als draaipunt gebruiken.
De velsnede make in de richting van de breuklijst.
De velsnede make in de richting van de veiligheidsband.

- Velwig aanbrengen. De velwig要去 bij de stam diameter en de bredte van de velsnede passen.
Waarschuwing roepen.
Veiligheidsband met uitgestrekte armen, van buitenaf en horizontaal in het vlak van de vel-snede doorzagen.
De boom valt.
11.4.8 Normale boom met große stam diameter vellen
Een normale boom worden geveld door middel van een velsnede met veiligheidsband. Deze vel
snede moet worden uitgevoerd als de stam diameter groter is dan de werkelijkke zaagbladlengthe van de motorzaag.
Waarschuwing roepen.


Kam ter hoogte van de velsnede aanbrengen en als draaipunt gebruiken.
- Motorzaag horizontally in de velsnede geleiden en zo ver möglich zwenken.
De velsnede make in de richting van de breuklijst.
De velsnede make in de richting van de veiligheidsband.
Wisselenaar de tegenoverliggende zichde van de stam.
Zaagblad in hetzelfde vlak in de velsnede steken.
De velsnede make in de richting van de breuklijst.
De velsnede make in de richting van de veiligheidsband.

- Velwig aanbrengen. De velwig要去 bij de stam diameter en de bredte van de velsnede passen.
Waarschuwing roepen.
Veiligheidsband met uitgestrekte armen, van buitenaf en horizontaal in het vlak van de vel-snede doorzagen.
De boom valt.
11.4.9 Overhangende boom metkleine stam-diameter vellen
Een overhangende boom worden door middel van een velsnede met borglijk gebeld. Deze velsnede要去 worden uitgevoerd als de stam diameter kleiner is dan de werkelijkke zaagbladd-lengthe van de motorzaag.
12 Na de werkzaaamheden Nederlands
Waarschuwing roepen.

- Het zaagblad insteken in de velsnede tot dit aan de andere zichde van de stam waar zichtbaar is, 1.4.5.
- De velsnede make in de richting van de breuklijst.
- De velsnede make in de richting van de borgliest.

Waarschuwing roepen.
- De borglij met uitgestrekte armen van buitenaf en schuin van boven doorzagen. DeBoom valt.
11.4.10 Overhangende boom met große stam-diameter vellen
Een overhangende boom worden gemeld door middel van een velsnede met borglijk. Deze vel-snede moet worden uitgevoerd als de stamdiameter groter is dan de werkelijk zeagbladlengthe van de motorzaag.
Waarschuwing roepen.

Kam ter hoogte van de velsnede awhile de borglijk aanbrengen en als draaipunt gebruiken.
- Motorzaag horizontally in de velsnede geleiden en zo ver möglichk zwenken.
De velsnede make in de richting van de breuklijst.
- De velsnede make in de richting van de borglilst.
Wisselenaar de tegenoverliggende zichde van de stam.
- Kam ter hoogte van de velsnede anschter de breuklijk aanbrengen en als draaipunt gebruiken.
Motorzaag horizontal in de velsnede geleiden en zo ver möglichk zwenken.
De velsnede make in de richting van de breuklijst.
- De velsnede make in de richting van de borgliest.

Waarschuwing roepen.
De borglij met uitgestrekte armen van buitenaf en schuin van boven doorzagen. De boom valt.
12 Na de werkzaamheden
12.1 Na de werkzaamheden
Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
- Als de kettingzaag nat is: de kettingzaag laten drogen.
- Als de accu nat is: de accu laten drogen.
Kettingzaag reinigen.
Zaagblad en zaagketting reinigen.
Vleugelmoer losdraaien.
- Spantandwiel 2 slagen linksom draaien. De zaagketting is ontspannen.
Vleugelmoer vastdraaien.
Kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven dat deze het gehele zaagblad afdekt.
Accu reinigen.
13 Vervoeren
13.1 Kettingzaag vervoeren
- Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven dat deze het gehele zaagblad afdekt.
Kettingzaag dragen
Kettingzaag met de rechterhand zo op de draagbeugel dragen dat het zaagblad maar achteren is gericht.
Kettingzaag in een voertuig vervoeren
De kettingzaag zo borgen dat deze nicht kan kantelen en verschuiven.
13.2 Accu vervoeren
Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
Controlleren of de accu in een veilige, goede staat verkeert.
Accu zo verpakken dat aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
De accu valt onder de eisen die worden gesteld aan het transport van gevaarlijke goederen. De accu is als UN 3480 (lithium-ionen-accu's) geclassified en werden conform het UN handbook Prüfungen und Kriterien Teil III (Tests en criteria deel III), sub 38.3, gecontrolerd/getest.
De transportvoorschriften zijn onder www.stihl.com/safety-data-sheets weergegeven.
14 Opslaan
14.1 Kettingzaag opslaan
-
Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
De kettingbeschermer zo over het zaagblad schuiven dat deze het gehele zaagblad afdekt.
Berg de kettingzaag zo op dat aan de vol-gende voorwaarden worden voldaan: -
De kettingzaag bevindt zich buiten het bereik van kinderen.
-
De kettingzaag is schoon en droog.
-
Indien de kettingzaag langer dan 30 davon wordt opgeborgen: zaagblad en zaagketting demonteren.
14.2 Accu opslaan
STIHL adviseert, de accu bij een laadtoestand tussen 40% en 60% (2 groen brandende leds) op te slaan.
De accu zo opslaan dat aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
- De accu befindt zich buiten het bereik van kinderen.
- De accu is schoon en droog.
-
De accu befindt zich in een gesloten ruimte.
-
De accu is losgekoppeld van de kettingzaag en de acculader.
- De accu zit in een elektrisch nicht geleidende verpakking.
- De accutemperatuur ligt:tussen de - 10^ en +50^
15 Reinigen
15.1 Kettingzaag reinigen
- Motorzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
Kettingzaag met een vochtige doeck of STIHL harsoplosmiddel reinigen.
Deventilatiesleuven met een kwast reinigen.
Kettingtandwieldeksel uittbouwen. - Gebied rondon het kettingtandwiel met een vochtige doek of STIHL harsoplosmiddel reinigen.
Vreemde voorwerpen uit de accuschacht verwijderen en de accuschacht met een vochtige doek reinigen.
Elektrische contacten in de accuschacht met een kwast of een zachte borstel reinigen.
Kettingtandwieldeksel monteren.
15.2 Zaagblad en zaagketting reini-gen
Kettingzaag uitschakelen, kettingrem inschakelen en accu eruit nemen.
Zaagblad en zaagketting uitbouwen.


- Oliekanaal (1), olietoevoerboring (2) en groef (3) met een kwast, een zachtberstel of STIHL harsoplosmiddel reinigen.
Zaagketting met een kwast, een zachte borstel of STIHL harsoplosmiddel reinigen.
Zaagblad en zaagketting monteren.
15.3 Accu reinigen
De accu met een vochtige doek reinigen.
16 Onderhoud
16.1 Onderhoudsintervallen
Onderhoudsintervallen zijn afhankelijk van de omgevings- en werkomstandigheden.
17 Repareren Nederlands
STIHL advisert de volgende onderhoudsintervallen:
Kettingrem
De kettingrem met de volgende intervallen door een STIHL dealer lately onderhoden:
- Continu gebruik: elk kwartaal
Periodiek gebruik: halfjaarliks
- Incidenteel gebruik: Jaarlijks
Wekelijks
Kettingtandwiel controlleren.
Zaagblad controlleren en ontbramen.
Zaagketting controlleren en aanscherpen/sijpen.
Maandelijks
Olietank door een STIHL dealer lately reinigen.
16.2 Bramen verwijderen van zaagblad
Aan de buitenzijde van het zaagblad kan een braam worden gezvormd.
- Braam met behulp van een platte vijl of een STIHL zaagbladrichter verwijderen.
Als een en ander nicht duidelijk is: verzoeken wij u contact op te nemen met een STIHL dealer.
16.3 Zaagketting lijpen
Het vraagt veel oefening zaagkettingen correct aan te scherpen/sijpen.
STIHL vijlen, STIHL vijlholders, STIHL slijppaparaten en de brochure "STIHL zaagkettingen aanscherpen/slijpen" helpen om de zaagketting correct aan te scherpen/slijpen. De brochure is via www.stihl.com/sharpening-brochure beschikbaar.
STIHL adviseert de zaagkettingen door een STIHL dealer te lately aanscherpen/slijpen.

WAARSCHUWING
-
De zaagtanden van de zaagketting zichs scherp. De gebruiker kan zich verwonden.
-
Werkhandsschoenen van een slijt vast materiaal dragen.

-
Elke zaagtand met behulp van een Ronde vijl zo vrijlen dat aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
-
De ronde vrij past bij de streek van de zaag-ketting.
- De ronde vrij wordt van binnen maar buiten geleid.
- De ronde vrij worden haaks ten opzichte van het zaagblad gezchoolen.
- De aanscherphoek van 30^ worden aangehouden.

Dieptebegrenzer met behulp van een vlakke vijl zo vijlen dat deze gelijkligt met het STIHL vijlkaliber en evenwijdig aan de slijtagemarkering. Het STIHL vijlkaliber要去 passen bij de steek van de zaagketting.
- Als er onduuidelijkheden zijn: contact opnemen met een STIHL dealer.
17 Repareren
17.1 Kettingzaag en accu repareren
De gebruiker kan de hettingzaag, het zaagblad, de zaagketting en de accu Niet zich repareren.
- Als de kettingzaag, het zaagblad of de zaagketting zijn beschadigd: de kettingzaag, het zaagblad of de zaagketting Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer.
- Als de accu defecte of beschadigd is: de accu verrangen.
18 Storingen opheffen
18.1 Storingen in de kettingzaag of de accu opheffen
| Storing Leds op de accu | Oorzaak Oplossing | |
| De kettingzaag loopt bij het inschakenen nicht aan. | 1 led knippert groen. | De laadtoestand van de accu is te laag. |
| 1 led brandt rood. | De accu is te warm of te koud. | |
| 3 leds knippe- ren rood. | In de kettingzaag zit een storing. | |
| 3 leds branden rood. | De kettingzaag is te warm. | |
| 4 leds knippe- ren rood. | In de accu bevindt zich een storing. | |
| De elektrische | aans-luiting tussen de kettingzaag en de accu is onderbroken. | |
| De kettingzaag of de accu zich vochtig. | De kettingzaag of accu latent drogen. | |
| De kettingzaag schakeltijdens het gebruik UIT. | 3 leds branden rood. | De kettingzaag is te warm. |
| Er is spreke van een elektrische storing. | Kettingrem inschakenen en accu eruit nemen. | |
| De werktijd van de kettingzaag is te kort. | De accu is Niet volle-dig geladen. | |
| De levensduur | van de accu is overschreden. | |
| Bij het zaagbeïd worden rook gezormd of is een brandlucht aanwezig. | De zaagketting is Niet correct aangescherpt/ geslepen. | Zaagketting correct aanscherpen/slijpen. |
| In de olietank zit te weinig zaagkettingo- lie. | Zaagkettingolie bijvullen. | |
| De kettingsmering | geeft te weinig zaag-kettingolie af. | De kettingzaag Niet gebruiken en contact opnemen met een STIHL dealer. |
| De zaagketting is te strak gespannen. | Zaagketting correct spannen. | |
| De kettingzaag wordt Niet correct gebruikt. | De werking latent toelichten en oefenen. |
De werktijd staat onder www.stihl.com/battery-life weergegeven.
19.2 Kettingtandwielen en kettingsnelheden
De volgende kettingtandwielen können worden gemonteerd:
6-tands voor 3 / 8^ P
Maximale kettingsnelheid: 23,3 m/s
19.3 Minimale groefdiepte van de zaagbladen
De minimale groefdiepte is afhankelijk van de steek van het zaagblad.
- 3 / 8^ P:5 mm
19.4 Accu STIHL AP
- Accutechnologie: lithium-ionen
- Spanning: 36 V
Capaciteit in Ah: zietypeplaatje
Aantal ampere-uren in Wh: zie typeplaatje
Gewicht in kg: zie typeplaatje - Toelaatbaar temperatuurbereik voor gebruik en opslag: - 10^ tot + 50 °C
19.5 Geluids- en trillingswaarden
De K-waarde voor het geluidsdrukniveau bedraagt 2 dB(A). De K-waarde voor het geluids
vermogenniveau bedraagt 2 dB(A). De Kwaarde voor de trillingswaarden bedraagt 2m / s^2
MSA 220 C 3/8" P
Geluiddrukniveau LpA gemeten volgens EN 60745-2-13:89 dB(A)
Geluidvermogensniveau LWA gemeten volgens EN 60745-2-13:100 dB(A)
- Trillingswaarde a_hv gemeten volgens EN 60745-2-13:
Bedieningshandgreep: 3,6m / s^2
Draagbeugel: 4,8 m/s²
De aangeweven trillingswaarden zijn volgens een gestandaardiseerde testprocedure gemeten en kuren ter vergelijkking van elektrische apparaten worden geraadpleegd. De daadwerkelijk optredende trillingswaarden kuren afhankelijk van de manier van gebruik afwijken van de aangegeven waarden. De aangegeven trillingswaarden kuren worden gebruikt voor een eerste inschatting van de trillingsbelasting. De daadwerkelijk trillingsbelasting moet worden ingeschat. Daarbij kan ook rekening worden gehonden met de tijden waarop het elektrische apparaat is uitgeschakeld en die waarin het weliswaar is ingeschakeld, maar zonder belasting draait.
Informatie over het voldoen aan de EG-richtlijn 2002/44/EG inzake trillingen is op
www.stihl.com/vib aangegeven.
19.6 REACH
REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemica- lien.
Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH-voorschrift is onder www.stihl.com/reach weergegeven.
20 Combinations van zaagbladen en zaagkettingen
20.1 Kettingzagen STIHL MSA 220 C
| Stek Dikte | aand-rijfschakel/groefbrede | Lengte Zaagblad Aantal tan-den neu-standwiel | Aantal aand-rijfschakels | Zaagketting | |
| 3/8" P 1,3 mm | 30 cm | Rollomatic E4Rollomatic E light | 9 | 44 | 3/8"PS3 |
| 35 cm 50 | |||||
| 40 cm 55 | |||||
| 30 cm 44 | 3/8"PS35 cm 50 | ||||
| 40 cm 55 | |||||
| 30 cm 44 | 3/8"PM335 cm 50 | ||||
| 40 cm 55 | |||||
| De zaaglente van een zaagblad is afhankelijk van de gebruike kettingzaag en zaagketting. De wer-kelijke zaaglente van een zaagblad kankleiner zichn dan de vermelde lenght. | |||||
21 Onderdelen en toebehoren
21.1 Onderdelen en toebehoren
STIHL Deze symbolen kenmerken de originele STIHL onderdelen en het originele STIHL toebehoren.
STIHL adviseert alleen originele STIHL onderden en origineel STIHL toebehoren te gebruiken.
Reserveonderdelen en toebehoren van andere fabrikanten können door STIHL wat betreft betrouwbaarheid, veiligheid en geschiktheid ondanks continue marktobservatie nicht worden beoordeeld en STIHL kan ook nicht borg staan voor het gebruik ervan.
Originele STIHL onderdelen en origineel STIHL toebehoren zich leverbaar via de STIHL dealer.
22 Milieuverantwoord afvoeren
22.1 Kettingzaag en accu afvoeren
Informatie over de afvoer is verkrijgbaar bij de gemeente of bij een STIHL dealer.
Een onjuiste afvoer kan schadelijk zijn voor de gezondheid en voor het milieu.
- De STIHL producten inclusief de verpakking volgens deplaatselijke voorschriften bij een geschikt verzamelpunt voor recycling inleven.
Niet bij het huisvuil afvoeren.
23 EU-conformiteitsverklaring
23.1 Kettingzagen STIHL MSA 220 C
verklaart op eigengerantwoordelijkheid dat
- Constructie: Accukettingzaag
- merk: STIHL
- Type: MSA 220 C, série-identificatie: 1251
voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG, 2014/30/EU en 2000/14/EG en in overeenstemming met de tenijdve van de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduerd: EN 55014-1, EN 55014-2, EN 60745-1 en EN 60745-2-13.
De EG-typegoedkeuring werd uitgevoerd aan de hand van de richtlijn 2006/42/EG, art. 12.3(b) door: VDE Pruf- u. Zertifizierungsinstitut (keurings- en certificeringsinstituut) (NB 0366), Meri-anstraße 28, 63069 Offenbach, Duitsland - Certificeringsnummer: 40048369
Voor het bepalen van het gemeten en het gegardeerde geluidsvermogenniveau werden gehandel volgens de richtlijn 2000/14/EG, bijlage V.
24 UKCA-conformiteitsverklaring Nederlands
MSA 220 C
Gemeten geluidvermögensniveau: 102 dB(A)
- Gegarandeerd geluidvermogensniveau: 104 dB(A)
De technische documentation wird bij de productgoedkeuring van
ANDREAS STIHL AG & Co. KG bewaard.
Het productiejaar, het productieland en het machinenummer staan vermeld op de kettingzaag.
Waiblingen, 3-2-2020
Dr. Jürgen Hoffmann, hoofd van de afdeling productgoedkeuring, -regelgeving
24 UKCA-conformiteitsverkla-ring
24.1 Kettingzagen
STIHL MSA 220 C

verklaart op eigengverantwoordelijkheid dat
- Constructie: Accukettingzaag
- merk: STIHL
- Type: MSA 220 C, série-identificatie: 1251
voldoet aan de betreffende bepalingen van de Britse richtlijnen The Restriction of the Use of Certain Hazardous Substances in Electrical and Electronic Equipment Regulations 2012, Supply of Machinery (Safety) Regulations 2008, Electromagnetic Compatibility Regulations 2016 en Noise Emission in the Environment by Equipment for use Outdoors Regulations 2001 en in overeenstemming met de ten tjnde van de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduerd: EN 55014-1, EN 55014-2, EN 60745-1 en EN 60745-2-13.
De typegoedkeuring is uitgevoerd door: Intertek Testing & Certification Ltd, Academy Place, 1-9 Brook Street, Brentwood Essex, CM14 5NQ, Verenigd Koninkrijk
- Certificeringsnummer: ITS UK MCR 37
Voor het bepalen van het gemeten en het gegarandeerde geluidsvermogenniveau werden gehandeld volgens de Britse richtig Noise Emission in the Environment by Equipment for use Outdoors Regulations 2001, Schedule 8.
MSA 220 C
Gemeten geluidvermögensniveau: 102 dB(A)
- Gegarandeerd geluidvermogensniveau: 104 dB(A)
De technische documentation wird bij ANDREAS STIHL AG & Co. KG bewaar.
Het productiejaar, het productieland en het machinenummer staan vermeld op de kettingzaag.
Waiblingen, 31-3-2022
Dr. Jürgen Hoffmann, hoofd van de afdeling productgoedkeuring, -regelgeving
25 Algemene verilgheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen
25.1 Inleiding
In dit hoofdstuk staan de algemene veiligheidsin-stricties volgens de norm EN/IEC 62841 voor handgeleide, door een elektromotor aangedreven gereedschappen.
STIHL moet deze teksten afdrukken.
De onder "Elektrische verilgheit" beschreiben verilgheidsinstructies ter voorkoming van elektrische schokken gelden nicht voor de STIHL accuproducten.

WAARSCHUWING
Lees alle verilgheidsinstructies, voorschriften, illustraties en technische gegevens, waarvan dit elektrische gereedschap is voorzien. Als de hierna volgende instructies Niet worden opgevolgd, kan dit leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle verilgheidsaanwijzingen en voorschriften voor toekomstig gebruik.
Het in de veiligheidsaanwijzingen gebruikte begrip 'elektrisch gereedschap' heeft betrekking op elektrisch gereedschap voor aansluiting op hetlichtnet (met netkabel) of op elektrisch gereedschap dat als energiebron een accuHSVt (zonder netkabel).
25.2 Veiligung op de werkplek
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelig of onverlicht werkgebied kan leiden tot oncevallen.
b) Niet met elektrisch gereedschap werken in een omgeving waar explosiegevaar bestaat en waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen bevinden. Elektrisch gereedschap genereert vonken die stof of dampen tot ontsteking+kunnen brengen.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het werken met elektrisch gereedschap op afstand. Als de aandacht worden afgeleid, kunt u de contrôle over het elektrische gereedschap verliezen.
a) De aansluitsteker van het elektrische gereedschap moet in de contactdoos passen. Aan de steker mogen op geen enkele wijze wijzigingen worden aangebracht. Gebruik geen verloopstekers in combinatie met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekers en passende contactdozen beperken het risico op een elektrische schok.
b) Voorkom lichaamscontact met geaarde oppervlakken, zoals bijvoorbeeld buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er is een hoger risico op een elektrische schok wanner uw lichaam geaard is.
c) Bescherm elektrisch gereedschap gegen regen of vocht. Het binnendringen van water/ vocht in elektrisch gereedschap verhoegt de kans op een elektrische schok.
d) Gebruik de netkabel Niet voor andere doel-einden. Gebruik de netkabel nooit om het
elektrische gereedschap te dragen of te trekken of om de stekker uit het stopcontact te trekken. De netkabel uit de buurt houden van hittebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen. Beschadigde of in de war geraakte aansluitkabels verhogen de kans op een elektrische schok.
e) Bij het in de open lucht werken met elektrisch gereedschap, alleen verlangkabels gebruiken die geschikt zich voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van voor buitengeschikte verlangkabels beperkt het risico op een elektrische schok.
f) Als werken met elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, kaak dan gebruik van een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar verkleint de kans op een elektrische schok.
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met overleg te werk bij het werken met elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u moe of onder de invloed van drugs, alcohol of medicijnen bent. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan leiden tot ernstig letsel.
b) Draag persoonlijke beschemende uitrusting en.altijd een veiligheidsbril.Draag altijd een veiligheidsbril.Het dragen van persoonlijke beschemende uitrusting zoals een stofmasker,werkschoenen met stroeve zool,een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap,vermindert de kans op letsel.
c) Voorkom het per ongeluk inschakelen. Controller of het elektrische gereedschap is uittgeschakeld voordat de steker in de contactdoos worden gestoken en/of de accu worden aangesloten, het gereedschap worden opgepakt of gedragen. Als bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schakelaar ligt of als het elektrisch gereedschap ingeschakeld op hetlichtnet worden aangesloten, kan dit leiden tot ongevallen.
d) Afstelgereedschap of schroefsleutels verwijderen voordat het elektrische gereedschap worden ingeschakeld. Afstelgereedschap of een sleutel dat/die in een draaiend deel van het elektrische gereedschap zit, kan leiden tot letsel.
25 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen Nederlands
e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele houding en bewaar algid het evenwicht. Hierdoor kan het elektrische gereedschap in onverwachtete situaties beter onder controle worden gehonden.
f) Geschikte kleding dragen. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, sieraden of Lange haren können blijven haken aan bewegende delen.
g) Als er een stofafzuiig- en -opvanginrichting moet worden gemonteerd,要去en deze worden aangesloten en correct worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiiginrichting beperkt het gevaar door stof.
h) Wees alert, voorkom een vals gevoel van veiligheid en lap de veiligheidsregels voor elektrisch gereedschap Niet aan uw laars, ook als u na veelvuldig gebruik volledig vertrouwd bent met elektrisch gereedschap. Achteloos handelen kan binnen een fractie van een seconde tot zwaar letsel leiden.
25.5 Gebruik en behandeling van het elektrische gereedschap
a) Het elektrische gereedschap nicht overbelasten. Gebruik voor uw werkzaamheden het waarvoort bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u better en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b) Geen elektrisch gereedschap gebruiken waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat Niet meer kan worden in- ofuitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de steker uit de contactdoos en/of verwijder de uitneembare accu alvorens afstelwerkzaamheden uit te voeren, toebehoren te verrangen of het apparaat op te bergen. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt het onbedoeld aanlopen van het elektrische gereedschap.
d) Niet-gebruikt elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen opbergen. Elektrisch gereedschap Niet laten gebruiken door personen die er net mee vertrouwd zijn of die de instructies Niet hebben gelezen. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk als dit door onervaren Personen worden gebruikt.
e) Elektrisch gereedschap en toebehoren zorgvuldig onderhoden. Controller of de bewe
gende delen correct functioneren en dat\ deze Niet klemmen, gebroken of beschadigd\ zijn,ondat hierdoor de werkung van het elektrische gereedschap nadelig worden beinvloed.Beschadigde onderdelen voor het\ gebruik van het elektrische gereedschap\ laten repareren.Vele ongevallen zich te wijten aan slecht onderhouden elektrisch\ gereedschap.
f) De messen scherp en schoon houden. Zorgvuldig geslepen messen met scherpe snijkanten klemmen minder snel en+zijn gemakkelijker te hanteren.
g) Elektrisch gereedschap, toebehoren, wisselgereedschap enz. volgens deze instructies gebruiken. Hierbij op de arbeitsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden letten. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere dan de bedoelde toepassingen kan tot gevaarlijke situatuies leiden.
h) Houd de handgrepen en handgreepvlakken, schoon en olie- en vetvrij. Gladde handgrepen en handgreepvlakken staan een veilige bediening en controle over het elektrische gereedschap in onvoorziene situatuies in de weg.
25.6 Gebruik en behandeling van het accugereedschap
a) Laad de accu's alleen met acculaders die door de fabrikant worden geadviseerd. Met een acculader die geschikt is voor een bepaald type accu is er kans op brandgevaar als deze worden gezruikt voor een ander type accu.
b) Gebruik alleen de waarvoor bedoelde accu's in de elektrische gereedschappen. Het gebruik van andere accu's kan leiden tot letse en brandgevaar.
c) De nicht-gebruike accuuit de buurt houden van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of anderekleine metalen voorwerpen waarmee de contacten+kennen worden overbrugd. Kortsluiting tussendeccucontacten kan leiden tot brandwonden of brand.
d) Bij verkeerd gebruik kan accuvloeistof UIT de accu weglekken. Contact hiermee voorkomen. Bij toevallig contact, met water afspoelen. Als de accuvloeistof in de ogen komt bovendien een arts raadplegen. Weglekkende accuvloeistof kan leiden tot huidirritaties of brandwonden.
e) Gebruik geen beschadigde accu's of accu's waaraan wijzigingen zich aangebracht.
Beschadigde of gewijzigde accu's können zich onvoorspelbaar gedragen en leiden tot kans op explosie of letsel.
f) Stel een accu Niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Vuur of temperaturen boven de 130^ (265^) hunnen leiden tot explo-. sies.
g) Volg alle instructies met betrekking tot het laden op en laad de accu of het accugereed-schap nooit op buiten het in de handleiding genoemde temperatuurbereik. Verkeerd laden of laden buiten het vrijgeveen temperatuurbereik kan de accu beschadigen en kans op brand verhogen.
25.7 Service
a) Laat elektrisch gereedschap alleen reparen- ren door gekwalificeerd en vakkundig personel en alleen met originele verrangingsonderdelen. Daarmee worden gewaarborgd dat de veriligheid van het elektrische apparaat behouden blijft.
b) Voer geen onderhoudswerkzaamheden uit aan beschadigde accu's. Al het onderhoud aan accu's mag alleen door de fabrikant of een hiertoe gemachtig bedrijf worden uitgevoerd.
25.8 Veiligheidsinstructies voor hettingzagen
Algemene veiligheidsinstructies voor hettingzagen
a) Houd bij draaiende zaagketting alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting. Controlleroor het starten of de zaagketting nergens tegenaan ligt. Bij werkzaamheden met een kettingzaag kan een moment van onachtzaamheid ertoe leiden dat de kleding of lichaamsdelen door de zaagketting worden gegrepen.
b) Houd de kettingzaag altijd met de rechterhand op de awhile handgreep en de linkerhand op de voorste handgreep vast. Het vasthonden van de kettingzaag in de omgekeerde werkholding verhoogt het risico op letsel en mag dan ook nicht worden toegepast.
c) Houd de kettingzaag alleen vast bij de geisoleerde handgrepen, odomat de zaagkettingverborgen elektrische kabels kan raken. Het contact van de zaagketting met een onder
spanning staande kabel kan de metalendelen van het apparaat onder spanning zieten en leiden tot een elektrische schok.
d) Draag oogbescherming. Verdere beschermende uitrusting voor het gehoor, hoofd, de handen, benen en voeten worden geadviseerd. Geschekte veiligheidskleding reducert het risico op letsel door rondvliegende spanen en onbedoeld contact met de zaagketting.
e) Met de kettingzaag Niet in een boom, op een ladder, een dak of onstabiele draagvlakken werken. Bij het werken op een dergelijk manier is er kans op letsel.
f) Let altijd op een veilige houding en gebruik de kettingzaag alleen als u stevig op een stabiele en veilige ondergrond staat. Een gladde ondergrond en een instabel draagvlak, zoals op een ladder konnen leiden tot het verlies van de controle over de kettingzaag.
g) Houd er bij het doorzagen van een onder spanning staande tak rekening mee dat deze terugveert. Als de spanning in de houtvezels vrijkomt, kan de onder spanning staande tak degene die met de zaag werkkt raken en/of de contrôle over de kettingzaag doein verliezen.
h) Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen van kreipelhout enjonge bomen. Het dunne materiaal kan vastlopen in de zaagketting en tegen u aanslaan of uuit evenwicht brengen.
i) Draag de kettingzaag aan de voorste hand-greep in uitgeschakelde staat, houd de zaag-ketting van het lichaam afgewend. Bij transport of opslag van de kettingzaag altijd de beschermer aanbrengen. Het voorzichtig omgaan met de kettingzaag redueert de kans op een onbedoeld contact met de draaiende zaagketting.
j) Volg de instructies voor de smering, de kettingspanning en het verrangen van de zaagketting. Een ondeskundig gespannen of gesmeerde ketting kan breken of de kans op terugslag aanzienlijk verhogen.
k) Alleen hout zagen. De kettingzaag Niet gebruiken voor werkzaamheden waarvoordeze Niet is bedoeld. Bijvoorbeeld: gebruik de kettingzaag Niet voor het zagen vanmetaal, plastic, metselwerk of bouwmateriaielen die Niet van hout�n. Het gebruik van dekettingzaag voor werkzaamheden waarvoor
25 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen Nederlands
deze nicht is bedoeld kan leiden tot gevaar- lijke situatuies.
I) Niet proberen een boom te vellen voordat u een helder inzicht hebt in de risico's en de vermijding ervan. Tijdens het vellen van de boom kan zwaar letsel ontstaan voor de gebruiker of omstanders.
m) Volg alle aanwijzingen wonneer u de kettingzaag ontdoet van opgehoopt materiaal, deze opbergt of hieraan onderhoudswerkzaamhedenuitvoert. Controller of de schakelaar isuitgeschakeld en de accu is verwijderd. Eon onverwachtte inschakeling van de kettingzaag tijdens het verwijderen van materiaalophopingen of tijdens onderhoudswerkzaamheden kan ernstig letsel veroorzaken.
25.9 Oorzaak en voorkomen van een terugslag
Terugslag kan optreden als de neus van het zaagblad een obstakel raakt of als het hout doorbuigt en de zaagketting in de zaagsnede vastklemt.
Contact met de zaagbladneus kan in vele gevallen tot een onverwachtte, maar,achteren gerichte reactie leiden, waar bij het zaagbladaar boven en in de richting van degene die de zaag bedient, wordt geslagen.
Het vastklemmen van de zaagketting aan de bovenzijde van het zaagblad kan het zaagblad bliksemsnel terugstoten in de richting van degene die ermee werk.
Elk van deze reacties kan ertoe leiden dat u de controle over de zaag verliest en möglichk zwaar letsel oploopt. Vertrouv Niet alleen op de in de kettingzaag ingebouwde veiligheidsinrichtingen. Als gebruiker van een kettingzaag moet u verschillende maatregelen nemen om zo een ongeval en letsel te voorkomen.
Een terugslag is het gevolg van verkeerd of onjuist gebruik van het elektrische gereedschap. Dit kan door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hierna staat beschreiben, worden voorkomen:
- Houd de zaag met beiden handen vast, waar bij de duim en de vingers de handgrepen van de kettingzaag omsluiten. Breng uw lichaam en de armen in een stand waarmee u de terugslagkracht kut opvangen. Als de juiste maatregelen zich genomen, kan degene die de zaag bedient de terugslagkrachten beheersen. Nooit de kettingzaag loslaten.
Voorkom een abnormale lichaamshouding en zaag nooit boven schouderhoogte. Hierdoor wordt een onbedoeld contact met de zaag-bladneus voorkomen en is een betere controle over de kettingzaag in onverwachtete situatuies可想而知.
- Monteer altijd de door de fabrikant voorgeschreiben verwangingszaagbladen en zaagkettingen. Verkeerde verwangingszaagbladen en zaagkettingen können leiden tot het breken van de ketting en/of terugslag.
- Volg de instructies van de fabrikant voor het slijpen en het onderhoud van de zaagketting op. Een te lage dieptebegrenzer verhoegt de neiging tot terugslag.
25 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen Nederlands

0458-795-9621-C