SONY MEXN6000BD - Cd-speler/recorder

MEXN6000BD - Cd-speler/recorder SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MEXN6000BD SONY in PDF-formaat.

📄 148 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice SONY MEXN6000BD - page 119
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SONY

Model : MEXN6000BD

Categorie : Cd-speler/recorder

Download de handleiding voor uw Cd-speler/recorder in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MEXN6000BD - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MEXN6000BD van het merk SONY.

GEBRUIKSAANWIJZING MEXN6000BD SONY

GEBRUIK VAN DIT PRODUCT, DE BIJBEHORENDE

  • HARDWARE EN/OF SOFTWARE. BELANGRIJKE KENNISGEVING! Veilig en efficiënt gebruik Door veranderingen in of wijzigingen aan dit apparaat die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door Sony kan de toestemming deze apparatuur te gebruiken, komen te vervallen. Controleer voordat u dit product gebruikt of er uitzonderingen van toepassing zijn wegens nationale vereisten of beperkingen met betrekking tot het gebruik van BLUETOOTH-apparatuur. Rijden Controleer altijd wetten en voorschriften voor het gebruik van mobiele telefoons en handsfree- apparatuur in de gebieden waar u rijdt. Houd altijd uw aandacht volledig bij het rijden en ga van de weg af en parkeer de auto voordat u een gesprek gaat voeren, als de rijomstandigheden dat vereisen. Aansluiten op andere apparaten Wanneer u een aansluiting tot stand brengt met een ander apparaat, lees daarvan dan de gebruikershandleiding na op gedetailleerde veiligheidsinstructies. Blootstelling aan radiofrequenties RF-signalen kunnen van invloed zijn op niet goed geïnstalleerde of onvoldoende afgeschermde elektronische systemen in auto's, zoals elektronische brandstofinjectiesystemen, elektronische antislipremsystemen (ABS), elektronische snelheidscontrolesystemen en airbag-systemen. Vraag voor de installatie van of het onderhoud aan dit apparaat advies aan de fabrikant van uw auto of een vertegenwoordiger. Foutieve installatie of service kan gevaarlijk zijn en kan een eventuele garantie die van toepassing is op dit apparaat, doen vervallen. Vraag advies aan de fabrikant van uw auto zodat u zeker weet dat het gebruik van uw mobiele telefoon in de auto geen invloed zal hebben op de elektronische systemen. Controleer regelmatig of alle draadloze apparatuur in uw auto goed is gemonteerd en goed functioneert. Noodoproepen Dit elektronische BLUETOOTH-apparaat voor handenvrije communicatie in de auto gebruikt radiosignalen, mobiele en vaste netwerken en ook een door de gebruiker geprogrammeerde functie. Verbinding kan niet onder alle omstandigheden worden gegarandeerd. Vertrouw daarom niet uitsluitend op uw elektronische apparaat voor het tot stand brengen van essentiële communicatie (zoals bij medische noodgevallen). Bedenk dat, als u gesprekken wilt voeren, het elektronisch handsfree-apparaat voor handsfree- gebruik moet worden ingeschakeld in een service- gebied met een mobiel signaal dat voldoende krachtig is. Noodoproepen zullen misschien niet mogelijk zijn op alle netwerken voor mobiele telefonie of wanneer bepaalde netwerkdiensten en/of functies van de telefoon in gebruik zijn. Doe navraag bij uw lokale service-provider. Opmerkingen over de BLUETOOTH- functie4NL Inhoudsopgave Onderdelen en bedieningselementen p. 5
  • Aan de slag Het voorpaneel verwijderen p. 6
  • De klok instellen p. 7
  • Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden p. 7
  • Een iPod/USB-apparaat aansluiten p. 9
  • Een ander draagbaar audioapparaat aansluiten p. 9
  • Luisteren naar de radio DAB ontvangen p. 10
  • FM/MW/LW gebruiken p. 11
  • Radio Data System (RDS) gebruiken p. 11
  • Programmatypes (PTY) selecteren p. 12
  • Afspelen Een disc afspelen p. 12
  • Een iPod/USB-apparaat afspelen p. 12
  • Een BLUETOOTH-toestel afspelen p. 13
  • Tracks zoeken en afspelen p. 13
  • Handenvrij bellen Een oproep beantwoorden p. 14
  • Iemand opbellen p. 14
  • Beschikbare bedieningen tijdens een gesprek p. 15
  • Handige functies App Remote met iPhone/Android-telefoon p. 16
  • Instellingen De DEMO-stand annuleren p. 18
  • Algemene bediening voor instellingen p. 18
  • GENERAL-instellingen p. 19
  • SOUND-instellingen p. 19
  • EQ10 PRESET p. 19
  • EQ10 SETTING p. 19
  • POSITION (luisterpositie) p. 19
  • RB ENH (versterking lage tonen achter) p. 20
  • SW DIREC (rechtstreekse subwooferverbinding) p. 20
  • DISPLAY-instellingen p. 20
  • COLOR (voorkeuzekleur - dynamische kleurilluminator) p. 21
  • CUSTOM-C (speciale kleur) p. 21
  • SND SYNC (geluidssynchronisatie) p. 21
  • WHT MENU (wit menu) p. 21
  • START-WHT (wit starten) p. 21
  • BT (BLUETOOTH)-instellingen p. 21
  • BT INIT (BLUETOOTH initialiseren) p. 21
  • APP REM (App Remote)-instellingen p. 21
  • Aanvullende informatie Voorzorgsmaatregelen p. 22
  • Onderhoud p. 24
  • Technische gegevens p. 24
  • Problemen oplossen NL Onderdelen en bedieningselementen Cijfertoets 3/ (herhalen) is voorzien van een voelstip. (bladeren) (pagina 10, 13) Hiermee kunt u tijdens DAB-ontvangst of tijdens het afspelen de bladerstand activeren. Toets om het voorpaneel los te maken SEEK +/– Tijdens DAB-ontvangst: Selecteer een dienst. Houd deze toets ingedrukt als u een ensemble wilt zoeken. Tijdens FM/MW/LW-ontvangst: Hiermee kunt u automatisch afstemmen op zenders. Houd de toets ingedrukt als u handmatig een zender wilt zoeken. / (vorige/volgende) / (terugspoelen/vooruitspoelen) Regelknop Draai aan deze knop om het volume te regelen. ENTER Hiermee kunt u het geselecteerde item bevestigen. Druk op SRC, draai aan de knop om een bron te kiezen en druk erop om de keuze te bevestigen. VOICE (pagina 15) Activeer de spraakknop. Wanneer de functie App Remote ingeschakeld is, is de spraakherkenning geactiveerd (alleen Android™-telefoon). -APP Meer dan 2 seconden ingedrukt houden om de functie App Remote (verbinding) in te stellen. N-merkteken Raak de regelknop op de Android-telefoon aan om de BLUETOOTH-verbinding tot stand te brengen. Ontvanger voor de afstandsbediening Discsleuf Display (disc uitwerpen) SRC (bron) Hiermee kunt u het apparaat inschakelen. U kunt deze toets ook gebruiken om de bron te wijzigen. -OFF Houd deze toets 1 seconde ingedrukt als u het apparaat wilt uitschakelen. Houd de toets langer dan 2 seconden ingedrukt als u het apparaat en het scherm wilt uitschakelen. (terug) Hiermee keert u terug naar het vorige scherm. MODE (pagina 10, 11, 13, 16) CALL Hiermee kunt u het oproepmenu openen. Hiermee kunt u een gesprek aannemen/ beëindigen. Houd deze toets langer dan 2 seconden ingedrukt om het BLUETOOTH-signaal te wijzigen. MENU Open het instellingenmenu. -DSPL (display) Ingedrukt houden, druk dan om display-items te wijzigen. Hoofdapparaat6NL Cijfertoetsen (1 tot 6)Voor het ontvangen van opgeslagen DAB-diensten of radiozenders. Houd ingedrukt als u DAB-diensten of radiozenders wilt opslaan.U kunt deze toetsen ook gebruiken om een opgeslagen telefoonnummer te bellen. Houd een van deze toetsen ingedrukt om een telefoonnummer op te slaan.ALBUM /Hiermee kunt u een album op een audioapparaat overslaan. Houd de toets ingedrukt om albums te blijven overslaan. (herhalen) (willekeurig)MIC (pagina 15)PAUSE AF (alternatieve frequenties)/TA (verkeersinformatie)Stel AF en TA in.-PTY (programmatype)Houd deze toets ingedrukt als u PTY te wilt selecteren in DAB of RDS. AUX-ingang USB-poort Het voorpaneel verwijderen U kunt ter voorkoming van diefstal het voorpaneel van het apparaat verwijderen. 1 Houd OFF ingedrukt. Het apparaat wordt uitgeschakeld. 2 Druk op de toets om het voorpaneel los te maken en verwijder het voorpaneel door het naar u toe te trekken. WaarschuwingstoonAls u de contactschakelaar in de stand OFF zet zonder dat u het voorpaneel hebt verwijderd, klinkt gedurende enkele seconden de waarschuwingstoon. U hoort de waarschuwingstoon alleen als de ingebouwde versterker wordt gebruikt.SerienummersControleer of de serienummers aan de onderzijde van het toestel en op de achterzijde van het voorpaneel overeenkomen. Anders is geen BLUETOOTH-koppeling, verbinding en ontkoppeling met NFC mogelijk. Aan de slag Het voorpaneel bevestigen7NL De klok instellen 1 Druk op MENU, selecteer [GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 2 Selecteer [CLOCK-ADJ] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. De aanduiding voor het uur gaat knipperen. 3 Stel de uren en minuten in door de regelknop te verdraaien. Druk op SEEK +/– om de digitale aanduiding te verplaatsen. 4 Druk op MENU na het instellen van de minuten. Het instellen is voltooid en de klok begint te lopen.Druk op DSPL om de klok weer te geven. Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden U kunt muziek beluisteren of handenvrij bellen door een geschikt BLUETOOTH-toestel aan te sluiten. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het toestel voor meer informatie over het aansluiten.Vooraleer u het toestel aansluit, verlaagt u het volume van dit apparaat. Doet u dit niet, dan kunnen er luide geluiden geproduceerd worden.Wanneer u een BLUETOOTH-toestel (mobiele telefoon, audioapparaat enz.) voor het eerst aansluit, moet er een wederzijdse registratie uitgevoerd worden (dit proces wordt "koppelen" genoemd). Door een koppeling door te voeren, kunnen dit apparaat en andere toestellen elkaar herkennen. 1 Plaats het BLUETOOTH-toestel niet meer dan 1 m verwijderd van dit apparaat. 2 Druk op CALL, selecteer [PAIRING] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. knippert.Het apparaat schakelt over naar de stand-bystand voor koppeling. 3 Voer de koppeling uit op het BLUETOOTH-toestel zodat het dit apparaat detecteert. 4 Selecteer [Sony Car Audio] op het scherm van het BLUETOOTH-toestel. Als [Sony Car Audio] niet weergegeven wordt, herhaalt u dit proces vanaf stap 2. 5 Als u een wachtwoord* moet invoeren op het BLUETOOTH-apparaat, voert u [0000] in. p. 265
  • Het wachtwoord kan, afhankelijk van het apparaat, "toegangscode", "PIN-code", "PIN-getal", "wachtwoord", enz. worden genoemd.Als de koppeling doorgevoerd is, blijft branden. 6 Selecteer dit apparaat op het BLUETOOTH-toestel om de BLUETOOTH- verbinding te activeren. of licht op wanneer de verbinding tot stand is gebracht.OpmerkingZolang er een BLUETOOTH-verbinding actief is, kan dit apparaat niet worden gedetecteerd vanaf een ander toestel. U kunt detectie mogelijk maken door de koppelingsstand in te schakelen en dit apparaat vanaf een ander apparaat te zoeken.Het koppelen annulerenVoer stap 2 uit om de koppelingsmodus te annuleren wanneer dit apparaat en het BLUETOOTH-toestel gekoppeld zijn. Koppelen en verbinding maken met een BLUETOOTH-toestel [0000]Wachtwoord invoeren8NL Om een gekoppeld toestel te kunnen gebruiken, moet het verbonden zijn met dit apparaat. Sommige gekoppelde toestellen worden automatisch verbonden. 1 Druk op CALL, selecteer [BT SIGNL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Controleer of oplicht. 2 Activeer de BLUETOOTH-functie op het BLUETOOTH-toestel. 3 Bedien het BLUETOOTH-toestel om verbinding te maken met dit apparaat. of licht op.Pictogrammen op het display: Verbinding maken met het laatste verbonden toestel vanaf dit apparaat Activeer de BLUETOOTH-functie op het BLUETOOTH-toestel.Druk op SRC.Selecteer [BT PHONE] of [BT AUDIO].Druk op ENTER om verbinding te maken met de mobiele telefoon of op PAUSE om verbinding te maken met het audioapparaat.OpmerkingTijdens het streamen van BLUETOOTH-audio kunt u niet vanaf dit apparaat een verbinding tot stand brengen met de mobiele telefoon. Maak in plaats daarvan verbinding met dit apparaat vanaf de mobiele telefoon. Tip Met BLUETOOTH-signaal ingeschakeld: wanneer u de contactsleutel omdraait, brengt dit apparaat automatisch opnieuw de verbinding tot stand met de mobiele telefoon waar het het laatst mee verbonden was. Microfoon installeren Meer informatie over het aansluiten van de microfoon vindt u in de bijgeleverde handleiding "Montage/Aansluitingen".Door de regelknop op het toestel met een voor NFC* geschikte smartphone aan te raken, wordt het toestel automatisch gekoppeld aan en verbonden met de smartphone.* NFC (Near Field Communication) is een technologie voor draadloze communicatie op korte afstand tussen diverse apparaten, zoals mobiele telefoons en IC-tags. Dankzij de NFC-functie is gegevenscommunicatie eenvoudig mogelijk door gewoon het relevante symbool of de gewenste locatie aan te raken op voor NFC geschikte apparaten.Voor een smartphone waarop Android OS 4.0 of lager geïnstalleerd is, moet de app "NFC Easy Connect" gedownload worden in Google Play™. De app kan in bepaalde landen/regio's mogelijk niet worden gedownload. 1 Activeer de NFC-functie op de smartphone. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de smartphone voor meer informatie. 2 Raak het N-merkteken-gedeelte van het toestel aan met het N-merkteken- gedeelte van de smartphone. Controleer of oplicht op het display van het toestel. Verbinding verbreken met One touch Raak het N-merkteken-gedeelte van het toestel nogmaals aan met het N-merkteken-gedeelte van de smartphone.Opmerkingen Behandel de smartphone voorzichtig wanneer u de verbinding tot stand brengt, om krassen te vermijden. One touch-verbinding is niet mogelijk wanneer het toestel reeds verbonden is met een ander apparaat dat geschikt is voor NFC. In dit geval verbreekt u de verbinding met het andere apparaat en brengt u de verbinding met de smartphone opnieuw tot stand. Verbinding maken met een gekoppeld BLUETOOTH-apparaat Licht op wanneer er een mobiele telefoon verbonden is met het apparaat.Licht op wanneer er een audioapparaat verbonden is met het apparaat.Geeft de signaalsterkte aan van de aangesloten mobiele telefoon. Verbinding maken met een smartphone door middel van One touch (NFC)9NL Wanneer er een iPhone/iPod met iOS5 of recenter aangesloten wordt op de USB-poort, wordt het apparaat automatisch gekoppeld en verbonden met de iPhone/iPod.Om de automatische BLUETOOTH-koppeling in te schakelen, moet [AUTO PAIRING] bij de BT-instellingen ingesteld zijn op [ON] (pagina 21). 1 Activeer de BLUETOOTH-functie op de iPhone/iPod. 2 Sluit een iPhone/iPod aan op de USB- poort. Controleer of oplicht op het display van het toestel.Opmerkingen Automatische BLUETOOTH-koppeling is niet mogelijk wanneer het apparaat al verbonden is met een ander BLUETOOTH-toestel. In dit geval koppelt u het andere toestel los en sluit u de iPhone/iPod opnieuw aan. Als de automatische BLUETOOTH-koppeling niet lukt, raadpleegt u "Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden" voor meer informatie (pagina 7). Een iPod/USB-apparaat aansluiten 1 Verlaag het volume op het apparaat. 2 Sluit de iPod/het USB-apparaat aan op het apparaat. Gebruik voor het aansluiten van een iPod/iPhone de USB-verbindingskabel voor iPod (niet bijgeleverd). Een ander draagbaar audioapparaat aansluiten 1 Schakel het draagbare audioapparaat uit. 2 Verlaag het volume op het apparaat. 3 Sluit het draagbare audioapparaat met behulp van een verbindingskabel (niet bijgeleverd)* aan op de AUX-ingang (stereominiaansluiting) op het apparaat.
  • Gebruik een rechte stekker. 4 Druk op SRC om [AUX] te selecteren. Het volumeniveau van het aangesloten apparaat afstemmen op andere bronnenStart het afspelen op het draagbare audioapparaat bij een gemiddeld volume en stel uw gebruikelijke luistervolume in op het hoofdapparaat.Druk op MENU en draai de regelknop. Selecteer [SOUND] [AUX VOL] (pagina 20). Verbinding maken met een iPhone/ iPod (automatische BLUETOOTH- koppeling) iPhone 5 aansluiten10NL Om naar de radio te luisteren, drukt u op SRC om [TUNER] te selecteren.Wanneer u de DAB-band voor de eerste keer selecteert nadat de accu van de auto is vervangen of de aansluitingen zijn verwisseld, wordt de eerste scan automatisch gestart. Breek de eerste scan niet af. (Als u de eerste scan onderbreekt, start deze dan opnieuw wanneer u de volgende keer de DAB-band selecteert.) Voer een auto-scan uit, als er geen DAB-station is opgeslagen bij de eerste scan (pagina 11). Tip Stel [ANT-PWR] in op [ON] (standaard) of [OFF] afhankelijk van het type DAB-antenne (pagina 19). DAB ontvangen DAB (Digital Audio Broadcasting) is een transmissiesysteem op landgebaseerde netwerken. DAB-zenders bundelen radioprogramma's ("diensten") in een ensemble en iedere dienst bevat een of meer componenten. Een dienst kan soms op verschillende frequenties worden ontvangen. 1 Druk op MODE en selecteer [DAB1], [DAB2] of [DAB3]. 2 Druk op SEEK +/– als u een dienst wilt zoeken binnen een ensemble; houd SEEK +/– ingedrukt als u in verschillende ensembles wilt zoeken. Het zoeken stopt wanneer een dienst/ensemble wordt ontvangen. Zoek tot u de dienst van uw keuze ontvangt. 1 Terwijl u de dienst ontvangt die u wilt opslaan, houdt u een cijfertoets (1 tot 6) ingedrukt tot [MEM] wordt weergegeven. 1 Selecteer de band van uw keuze en druk vervolgens op een cijfertoets (1 tot 6). U kunt het zoeken vergemakkelijken door een lijst van diensten weer te geven. 1 Druk tijdens DAB-ontvangst, op (bladeren). De Quick-BrowZer-stand op het apparaat wordt geactiveerd en er wordt een lijst van diensten weergegeven. 2 Selecteer de dienst van uw keuze door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken. De ontvangst wordt gestartDe Quick-BrowZer-stand verlatenDruk op (bladeren).Bepaalde typen DAB-aankondigingen die u instelt, kunnen de op dat moment ingestelde bron onderbreken. 1 Druk tijdens DAB-ontvangst op MENU, selecteer [GENERAL] door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken. 2 Selecteer [ANNOUNCE] door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken. 3 Selecteer het gewenste type aankondigingen door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken. 4 Selecteer [ON] of [OFF] door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken. Opmerkingen De DAB-functie voor aankondigingen is beschikbaar wanneer niet is afgestemd op de MW/LW-band. Tijdens een DAB-aankondiging wordt het volume aangepast tot het niveau dat is ingesteld voor TA in RDS (pagina 11).Type aankondiging Luisteren naar de radio Handmatig naar een dienst zoeken Een dienst handmatig opslaan Opgeslagen diensten ontvangen Zoeken naar een dienst op naam (Quick-BrowZer™) DAB-aankondigingen instellen ALARM (Alarm), TRAFFIC (Verkeersinformatie), TRAVEL (Transportinformatie), WARNING (Waarschuwing/Dienst), NEWS (Nieuwsflits), WEATHER (Lokaal weer), EVENT (Aankondiging van evenementen), SPECIAL (Speciale Evenementen), RAD_INFO (Programma-informatie), SPORTS (Sportverslagen), FINANCE (Financiële berichtgeving)11NL Als u zelfs bij een zwakke ontvangst naar hetzelfde programma wilt luisterenStel [FM LINK] in op [ON] (pagina 19).[FM-LINK] gaat branden wanneer het bijbehorende FM-programma wordt ontvangen. 1 Druk op MODE en selecteer [DAB1], [DAB2] of [DAB3]. 2 Druk op MENU, selecteer [GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 3 Selecteer [AUTOSCAN] door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken. Het apparaat werkt de lijst van diensten bij in de stand Quick-BrowZer. FM/MW/LW gebruiken 1 Druk op MODE om de band te wijzigen (FM1, FM2, MW of LW). 2 Druk op MENU, selecteer [GENERAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 3 Selecteer [BTM] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Het apparaat slaat de zenders in de volgorde van frequentie op onder de cijfertoetsen. 1 Druk op MODE om de band te wijzigen (FM1, FM2, MW of LW). 2 Stem af op de gewenste zender. Handmatig afstemmenHoud SEEK +/– ingedrukt om ongeveer op de gewenste frequentie af te stemmen en druk vervolgens herhaaldelijk op SEEK +/– om fijn af te stemmen op de gewenste frequentie.Automatisch afstemmenDruk op SEEK +/–.Het zoeken stopt wanneer een zender wordt ontvangen. Herhaal deze procedure tot de zender van uw keuze wordt ontvangen. 1 Als u de zender ontvangt die u wilt opslaan, houdt u een cijfertoets (1 tot 6) ingedrukt tot [MEM] wordt weergegeven. 1 Selecteer de band en druk vervolgens op een cijfertoets (1 tot 6). Radio Data System (RDS) gebruiken AF stemt continu opnieuw af op de zender met het sterkste signaal in een netwerk, en TA biedt u de huidige verkeersinformatie of verkeersprogramma's (TP) wanneer deze worden ontvangen. 1 Druk op AF/TA om [AF-ON], [TA-ON], [AF/TA-ON] of [AF/TA-OFF] te selecteren. RDS-zenders met de AF- en TA-instelling opslaanU kunt RDS-zenders samen met een AF-/TA-instelling voorprogrammeren. Stel AF/TA in en sla de zender vervolgens op met BTM of handmatig. Als u handmatig voorprogrammeert, kunt u ook niet-RDS-zenders voorprogrammeren.Noodberichten ontvangenAls AF of TA is ingeschakeld, wordt de geselecteerde bron automatisch onderbroken door de noodberichten.Het volumeniveau aanpassen tijdens een verkeersberichtHet niveau wordt los van het normale volumeniveau opgeslagen in het geheugen voor toekomstige verkeersinformatie.Op een regionaal programma afgestemd blijven (REGIONAL)Wanneer de functies AF en REGIONAL ingeschakeld zijn, schakelt het apparaat niet over naar een andere regionale zender met een sterkere frequentie. Wanneer u het ontvangstgebied van het regionale programma verlaat, stelt u tijdens FM-ontvangst [REG-OFF] in bij de instelling GENERAL (pagina 19). De lijst van diensten automatisch bijwerken (Automatische scan) Automatisch opslaan (BTM) Afstemmen Handmatig opslaan De opgeslagen zenders ontvangen Alternatieve frequenties (AF) en verkeersinformatie (TA) instellen12NL Deze functie werkt niet in het Verenigd Koninkrijk en sommige andere gebieden.Local Link-functie (alleen voor het Verenigd Koninkrijk)Met deze functie kunt u andere lokale zenders in het gebied selecteren, ook als deze niet zijn opgeslagen onder de cijfertoetsen.Druk tijdens FM-ontvangst op een cijfertoets (1 tot 6) waaronder een lokale zender is opgeslagen. Druk binnen 5 seconden nogmaals op de cijfertoets van de lokale zender. Herhaal dit tot de lokale zender wordt ontvangen.Met de CT-gegevens van de RDS-uitzending wordt de klok ingesteld. 1 Stel [CT-ON] in bij de instelling GENERAL (pagina 19). Programmatypes (PTY) selecteren Gebruik PTY om een gewenst programmatype weer te geven of ernaar te zoeken. 1 Houd PTY ingedrukt tijdens DAB- of FM- ontvangst. 2 Draai de regelknop tot het gewenste programmatype wordt weergegeven en druk op de regelknop. Het apparaat begint te zoeken naar een zender die het geselecteerde programmatype uitzendt.Programmatypen* Kunnen worden weergegeven tijdens DAB-ontvangst afhankelijk van de dienst. Een disc afspelen 1 Plaats de CD (met het label omhoog). Het afspelen start automatisch. Een iPod/USB-apparaat afspelen In deze gebruiksaanwijzing wordt "iPod" gebruikt als algemene verwijzing naar de iPod-functies van een iPod en iPhone, tenzij anders aangegeven in de tekst of afbeeldingen.Zie "Informatie over iPod" (pagina 23) voor informatie over de geschiktheid van uw iPod of ga naar de ondersteuningssite op het achterblad.USB-apparaten van het type MSC (Mass Storage Class) (zoals een USB-flashstation, digitale mediaspeler, Android-telefoon) die de USB-norm ondersteunen, kunnen worden gebruikt.Afhankelijk van de digitale mediaspeler of Android-telefoon moet de USB-verbindingsstand mogelijk ingesteld worden op MSC.Opmerkingen Ga naar de ondersteuningssite op het achterblad voor meer informatie over de compatibiliteit van het USB-apparaat. Het afspelen van de volgende MP3-/WMA-/WAV-bestanden wordt niet ondersteund. Bestanden die zonder gegevensverlies zijn gecomprimeerd (lossless) Auteursrechtelijk beveiligde bestanden DRM-bestanden (Digital Rights Management - beheer van digitale rechten) Meerkanaalsaudiobestanden 1 Sluit een iPod/USB-apparaat aan op de USB-poort (pagina 9). Het afspelen wordt gestart.Als er al een apparaat aangesloten is, drukt u om het afspelen ervan te starten op SRC om [USB] te selecteren ([IPD] wordt weergegeven op het display als de iPod herkend wordt). 2 Pas het volume op dit apparaat aan. De kloktijd instellen (CT) NONE (Geen Programmatype)*, NEWS (Nieuws), AFFAIRS (Actualiteiten), INFO (Informatie), SPORT (Sport), EDUCATE (Onderwijs), DRAMA (Drama), CULTURE (Cultuur), SCIENCE (Wetenschap), VARIED (Gevarieerd), POP M (Pop-muziek), ROCK M (Rock- muziek), EASY M (Lichte muziek), LIGHT M (licht klassiek), CLASSICS (klassiek), OTHER M (overige muziek), WEATHER (weerberichten), FINANCE (financiën), CHILDREN (kinderprogramma's), SOCIAL A (maatschappelijke zaken), RELIGION (religie), PHONE IN (Phone In), TRAVEL (reizen), LEISURE (ontspanning), JAZZ (jazz-muziek), COUNTRY (country-muziek), NATION M (nationale muziek), OLDIES (oldies), FOLK M (folk-muziek), DOCUMENT (documentaires) Afspelen13NL Het afspelen stoppenHoud OFF gedurende 1 seconde ingedrukt.Het apparaat verwijderenStop het afspelen en verwijder het apparaat.Waarschuwing voor iPhoneAls u een iPhone aansluit via USB, wordt het gesprekvolume geregeld door de iPhone, niet door het apparaat. Om plotselinge harde geluiden na een oproep te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat u tijdens de oproep het volume van het apparaat niet per ongeluk verhoogt.Houd tijdens het afspelen MODE ingedrukt tot [MODE IPOD] verschijnt om rechtstreeks via de iPod te bedienen.Het volume kan alleen worden aangepast op het apparaat.Passagiersbediening verlatenHoud MODE ingedrukt tot [MODE AUDIO] weergegeven wordt. Een BLUETOOTH-toestel afspelen U kunt inhoud afspelen op een verbonden apparaat dat ondersteuning biedt voor BLUETOOTH A2DP (Advanced Audio Distribution Profile). 1 Stel een BLUETOOTH-verbinding in met het audioapparaat (pagina 7). 2 Druk op SRC om [BT AUDIO] te selecteren. 3 Bedien het audio-apparaat en start het afspelen. 4 Pas het volume op dit apparaat aan. Opmerkingen Afhankelijk van het audioapparaat wordt informatie zoals de titel, het tracknummer, de tracktijd en de afspeelstatus mogelijk niet weergegeven op dit apparaat. Zelfs als op dit apparaat een andere bron wordt gekozen, wordt de weergave van het audioapparaat niet stopgezet. [BT AUDIO] verschijnt niet op het display wanneer de toepassing "App Remote" via de BLUETOOTH-functie wordt gebruikt.Het volumeniveau van het BLUETOOTH-apparaat afstemmen op andere bronnenStart het afspelen op het BLUETOOTH-audioapparaat bij een gemiddeld volume en stel uw gebruikelijke luistervolume in op het hoofdapparaat.Druk op MENU en draai de regelknop. Selecteer [SOUND] [BTA VOL] (pagina 20). Tracks zoeken en afspelen 1 Tijdens het afspelen drukt u op (herhalen) om herhaaldelijk af te spelen, of (willekeurig) om willekeurig af te spelen. 2 Druk herhaaldelijk op (herhaaldelijk) of (willekeurig) om de gewenste afspeelstand te selecteren. Het duurt even voor het afspelen start in de geselecteerde weergavestand.De beschikbare weergavestanden verschillen afhankelijk van de geselecteerde geluidsbron. 1 Druk tijdens het afspelen van een CD, USB- of BT- audioapparaat*

om de lijst met zoekcategorieën weer te geven. Wanneer de tracklijst wordt weergegeven, drukt u herhaaldelijk op (terug) om de gewenste zoekcategorie weer te geven.*1 Alleen beschikbaar voor audioapparaten die ondersteuning bieden voor AVRCP (Audio Video Remote Control Profile) 1.4 of hoger.*2 Druk tijdens het afspelen via USB gedurende meer dan 2 seconden op (bladeren) om rechtstreeks terug te keren naar het begin van de categorielijst. 2 Selecteer de zoekcategorie van uw keuze door de regelknop te verdraaien en bevestig deze met een druk op de regelknop. 3 Herhaal stap 2 om de gewenste track te zoeken. Het afspelen wordt gestart.De Quick-BrowZer-stand verlatenDruk op (bladeren). Een iPod rechtstreeks bedienen (passagiersbediening) Herhaaldelijk en willekeurig afspelen Zoeken naar een track op naam (Quick- BrowZer™)14NL 1 Druk op (bladeren). 2 Druk op SEEK +. 3 Draai de regelknop en selecteer het item. De lijst wordt doorbladerd in stappen van 10% van het totale aantal items in de lijst. 4 Druk op ENTER om terug te keren naar de Quick-BrowZer-stand. Het geselecteerde item wordt weergegeven. 5 Selecteer het item van uw keuze door de regelknop te verdraaien en er vervolgens op te drukken. Het afspelen wordt gestart.Om een mobiele telefoon te kunnen gebruiken, moet u deze verbinden met dit apparaat. Zie "Een BLUETOOTH-toestel voorbereiden" (pagina 7) voor meer informatie. Een oproep beantwoorden 1 Druk op CALL wanneer u een gesprek met een beltoon ontvangt. Het telefoongesprek wordt gestart.OpmerkingDe beltoon en het stemgeluid worden alleen uitgevoerd via de voorluidsprekers.Een oproep weigerenHoud OFF gedurende 1 seconde ingedrukt.Een gesprek beëindigenDruk nogmaals op CALL. Iemand opbellen U kunt iemand uit het telefoonboek of de gesprekkenhistorie bellen wanneer er een mobiele telefoon die ondersteuning biedt voor PBAP (Phone Book Access Profile) verbonden is. 1 Druk op CALL, selecteer [PHONEBOOK] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 2 Selecteer een eerste letter uit de lijst van eerste letters door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop. 3 Selecteer een naam uit de naamlijst door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop. 4 Selecteer een nummer uit de nummerlijst door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop. Het telefoongesprek wordt gestart. Zoeken door items over te slaan (Overspring-stand) Handenvrij bellen Bellen vanuit het telefoonboek15NL 1 Druk op CALL, selecteer [RECENT CALL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Er wordt een lijst van gesprekken in de gesprekkenhistorie weergegeven. 2 Selecteer een naam of telefoonnummer uit de gesprekkenhistorie door de regelknop te verdraaien en druk vervolgens op de regelknop. Het telefoongesprek wordt gestart. 1 Druk op CALL, selecteer [DIAL NUMBER] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 2 Verdraai de regelknop om het telefoonnummer in te voeren en selecteer als laatste [ ] (spatie). Druk vervolgens op ENTER*. Het telefoongesprek wordt gestart.* Druk op SEEK +/– om de digitale aanduiding te verplaatsen.OpmerkingIn het display wordt [_] weergegeven in plaats van [#]. 1 Druk op CALL, selecteer [REDIAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Het telefoongesprek wordt gestart.U kunt maximaal 6 contacten opslaan in de voorkeuzetoetsen. 1 Selecteer in het telefoonboek of in de gesprekkenhistorie een telefoonnummer dat u wilt opslaan onder de voorkeuzetoetsen. U kunt ook rechtstreeks een telefoonnummer invoeren. Het telefoonnummer wordt weergegeven op het display van dit apparaat. 2 Houd een cijfertoets (1 tot 6) ingedrukt tot [MEM] wordt weergegeven. Het contact is opgeslagen in het geselecteerde voorkeuzenummer. 1 Druk op SRC, selecteer [BT PHONE] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 2 Druk op een cijfertoets (1 tot 6) om de contactpersoon te selecteren die u wilt bellen. 3 Druk op ENTER. Het telefoongesprek wordt gestart.U kunt een persoon bellen door de spraak-tag uit te spreken die opgeslagen is in een verbonden mobiele telefoon die uitgerust is met een functie voor spraakgestuurd kiezen. 1 Druk op CALL, selecteer [VOICE DIAL] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. U kunt ook drukken op ENTER terwijl de functie App Remote uitgeschakeld is. 2 Zeg de spraak-tag die op de mobiele telefoon is opgeslagen. Uw stem wordt herkend en het nummer wordt gebeld.Spraakgestuurd kiezen annulerenDruk op ENTER. Beschikbare bedieningen tijdens een gesprek Het volume van de beltoon en de stem van de spreker vooraf instellenU kunt het volume van de beltoon en de stem van de spreker vooraf instellen.Het volume van de beltoon regelen:Verdraai de regelknop terwijl u een gesprek ontvangt.Het volume van de stem van de spreker regelen:Verdraai de regelknop tijdens een gesprek.Het volume aanpassen voor de andere persoon (aanpassing van de microfoonversterking)Druk op MIC.Regelbaar volumeniveau: [MIC-LOW], [MIC-MID], [MIC-HI]. Bellen vanuit de gesprekkenhistorie Bellen door een nummer in te toetsen Bellen door nummerherhaling Telefoonnummers voorprogrammeren Een voorkeuzenummer bellen Bellen via spraak-tags16NL Echo en ruis verminderen (echo- onderdrukking/ruisonderdrukking) Houd MIC ingedrukt. Instelbare standen: [EC/NC-1], [EC/NC-2]. Een gesprek doorsturen Druk op MODE of gebruik uw mobiele telefoon om het betreffende toestel (dit apparaat/mobiele telefoon) te activeren/deactiveren. OpmerkingAfhankelijk van de mobiele telefoon zal de handenvrije verbinding mogelijk worden verbroken wanneer u probeert een gesprek door te sturen. De status van SMS/e-mail controleren* knippert wanneer er een nieuwe SMS/e-mail arriveert en blijft branden wanneer er ongelezen berichten zijn.

  • Alleen beschikbaar voor een mobiele telefoon die ondersteuning biedt voor MAP (Message Access Profile). App Remote met iPhone/ Android-telefoon De toepassing "App Remote" moet worden gedownload van App Store voor de iPhone of van Google Play voor Android- telefoons. Wanneer de toepassing "App Remote" wordt gebruikt, zijn de volgende functies beschikbaar: Het apparaat bedienen om compatibele applicaties te starten en te bedienen op iPhone/ Android-telefoon. De iPhone/Android-telefoon bedienen met eenvoudige vingerbewegingen om de bron van het toestel te bedienen. Een toepassing/audiobron starten of het trefwoord van de toepassing zoeken door een woord of zinsnede in de microfoon te zeggen (alleen Android-telefoon). Binnenkomende tekstberichten, SMS, e-mail, Twitter, Facebook, Kalender, enz., automatisch voorlezen en tekstberichten, SMS en e-mail kan worden beantwoord (alleen Android-telefoon). De geluidsinstellingen (EQ10, balans/fader, luisterpositie) van het toestel aanpassen via de iPhone/Android-telefoon. Opmerkingen Houd u voor uw eigen veiligheid aan de plaatselijke verkeersregels en bedien de toepassing niet tijdens het rijden. De beschikbare functies verschillen afhankelijk van de toepassingen. Ga naar de ondersteuningssite op het achterblad voor meer informatie over beschikbare toepassingen. App Remote ver. 2.0 via USB is compatibel met iPhones waarop iOS 5/iOS 6 geïnstalleerd is. App Remote ver. 2.0 via BLUETOOTH is compatibel met Android-apparaten waarop Android 2.2, 2.3, 3.*, 4.0, 4.1 of 4.2 geïnstalleerd is. Afhankelijk van uw smartphone werkt de spraakherkenningsfunctie niet. In dat geval gaat u naar [Instellingen] en selecteert u [Spraakherkenning]. SMS/e-mails/meldingen kunnen worden gelezen met Android-apparaten waarop TTS-engine geïnstalleerd is. De toepassing "Smart Connect" van Sony Mobile Communications is vereist om Twitter/Facebook/Kalender, enz., voor te lezen. Handige functies17NL 1 Sluit de iPhone aan op de USB-poort of de Android-telefoon met de BLUETOOTH-functie. 2 Start de toepassing "App Remote". 3 Houd APP op het toestel langer dan 2 seconden ingedrukt. De verbinding met de iPhone/Android-telefoon wordt gestart.Meer informatie over bedieningshandelingen met de iPhone/Android-telefoon vindt u in de helpfunctie van de toepassing. Als het apparaatnummer verschijnt Controleer of dezelfde getallen worden weergegeven (bijv. 123456) op dit toestel en op het mobiele toestel, druk daarna op ENTER op dit toestel en selecteer [Ja] op het mobiele toestel. De verbinding beëindigen Houd APP ingedrukt. De bron of toepassing selecteren U kunt het apparaat bedienen om de gewenste bron of toepassing op uw smartphone te selecteren. 1 Selecteer de bron of applicatie van uw keuze door de regelknop te draaien en er vervolgens op te drukken.Druk, als u een andere bron of toepassing wilt selecteren, op SRC en selecteer vervolgens de gewenste bron of toepassing door de regelknop te draaien. Omroepen van bepaalde informatie via de spraakgids (alleen voor Android- telefoons) Wanneer een SMS/e-mail of Twitter-/Facebook-/Kalender-meldingen enz. arriveren, worden deze automatisch omgeroepen via de luidsprekers van de auto.Raadpleeg de helpfunctie van de toepassing voor meer informatie over de instellingen. De spraakherkenning activeren (alleen voor Android-telefoons) Door toepassingen te registreren, kunt u deze bedienen via spraakopdrachten. Raadpleeg de helpfunctie van de toepassing voor meer informatie. De spraakherkenning activeren 1 U kunt spraakherkenning activeren door op ENTER te drukken. 2 Zeg de gewenste spraakopdracht in de microfoon wanneer [Say Source or App] weergegeven wordt op de Android-telefoon.Opmerkingen In sommige gevallen is de stemherkenning mogelijk niet beschikbaar. De stemherkenning werkt mogelijk niet correct afhankelijk van de prestaties van de aangesloten Android-telefoon. Gebruik deze functie wanneer er minimale omgevingsgeluiden hoorbaar zijn in de auto. Wanneer er een muziek- of videotoepassing geselecteerd is* Activeer de stand HID door op 1 of 2 te drukken, selecteer een af te spelen item door op SEEK +/– te drukken en start vervolgens het afspelen door op ENTER te drukken.* Deze functie is alleen beschikbaar voor Android-telefoons die ondersteuning bieden voor HID (Human Interface Device Profile). De verbinding met App Remote instellen18NL Geluidsinstellingen doorvoeren U kunt de instellingen voor EQ, BAL/FAD/SW Level en Position via uw smartphone instellen.Raadpleeg de helpfunctie van de toepassing voor meer informatie over de instellingen. De DEMO-stand annuleren U kunt het demonstratiescherm annuleren dat wordt weergegeven wanneer het apparaat uitgeschakeld is. 1 Druk op MENU, selecteer [DISPLAY] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 2 Selecteer [DEMO] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. 3 Selecteer [DEMO-OFF] door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Het instellen is voltooid. 4 Druk twee keer op (terug). Het display keert terug naar de normale ontvangst-/weergavestand. Algemene bediening voor instellingen U kunt items instellen in het menu via de volgende procedure.De volgende items kunnen ingesteld worden, afhankelijk van de bron en de instelling. 1 Druk op MENU. 2 Selecteer de instellingencategorie door de regelknop te verdraaien en er vervolgens op te drukken. De volgende instelcategorieën zijn beschikbaar: GENERAL-instellingen (pagina 19) SOUND-instellingen (pagina 19) DISPLAY-instellingen (pagina 20) BT (BLUETOOTH)-instellingen (pagina 21) APP REM (App Remote)-instellingen (pagina 21) 3 Selecteer de opties door de regelknop te verdraaien en druk er vervolgens op. Terugkeren naar het vorige displayDruk op (terug). Instellingen19NL GENERAL-instellingen CLOCK-ADJ (klok aanpassen) (pagina 7) CAUT ALM (waarschuwingstoon) De waarschuwingstoon inschakelen: [ON], [OFF] (pagina 6). (Alleen beschikbaar wanneer het apparaat uitgeschakeld is.) BEEP De pieptoon inschakelen: [ON], [OFF]. AUTO OFF Automatisch uitschakelen na de gewenste tijd wanneer het apparaat is uitgeschakeld: [NO], [30S] (30 seconden), [30M] (30 minuten), [60M] (60 minuten). AUX-A (AUX-audio) Het AUX-bronscherm inschakelen: [ON], [OFF]. (Alleen beschikbaar wanneer het apparaat uitgeschakeld is.) CT (kloktijd) De CT-functie inschakelen: [ON], [OFF] (pagina 12). REGIONAL De ontvangst beperken tot een specifieke regio: [ON], [OFF]. (Alleen beschikbaar wanneer FM ontvangen wordt.) BTM (pagina 11) ANNOUNCE (aankondiging) Schakelt aankondigingen van uitzendingen in (pagina 10). FM LINK Zoekt automatisch naar hetzelfde programma en stemt daarop af wanneer het signaal van het actuele programma te zwak is: [ON], [OFF]. (Alleen beschikbaar tijdens DAB-ontvangst.) ANT-PWR (antennevermogen) Voedt de DAB-antenne (antenne-ingang): [ON], [OFF]. (Alleen beschikbaar wanneer het apparaat uitgeschakeld is en tijdens DAB-ontvangst.) AUTOSCAN (auto scan) Het apparaat voert een auto-scan uit en werkt de lijst van diensten bij in de stand Quick- BrowZer. (Alleen beschikbaar tijdens DAB- ontvangst.) SOUND-instellingen C.AUDIO+ (ClearAudio+) Reproduceert geluid door het digitale signaal te optimaliseren met de door Sony aanbevolen geluidsinstellingen: [ON], [OFF]. (Wordt automatisch op [OFF] gezet wanneer [EQ10 PRESET] wordt gewijzigd). EQ10 PRESET Selecteert een equalizercurve uit 10 equalizercurves of uit: [R AND B], [ROCK], [POP], [DANCE], [HIP-HOP], [ELECTRONICA], [JAZZ], [SOUL], [COUNTRY], [CUSTOM], [OFF]. Voor iedere bron kan de equalizercurve in het geheugen worden opgeslagen. EQ10 SETTING Hiermee kunt u [CUSTOM] instellen voor EQ10. BASE Selecteert een voorgeprogrammeerde equalizercurve als basis voor verdere aanpassing: [BAND1] 32 Hz, [BAND2] 63 Hz, [BAND3] 125 Hz, [BAND4] 250 Hz, [BAND5] 500 Hz, [BAND6] 1 kHz, [BAND7] 2 kHz, [BAND8] 4 kHz, [BAND9] 8 kHz, [BAND10] 16 kHz. Het volume kan worden aangepast in stappen van 1 dB, van –6 dB tot +6 dB. POSITION (luisterpositie) SET F/R POS (positie voor/achter instellen) Simuleert een natuurlijk geluidsveld door het uitsturen van het geluid uit de luidspreker voor/ achter te vertragen en aan te passen aan uw positie. FRONT L (): linksvoor FRONT R (): rechtsvoor FRONT (): middenvoor ALL (): in het midden van uw auto CUSTOM: positie ingesteld door App Remote OFF: geen positie ingesteld ADJ POSITION* (positie aanpassen) Regelt de instelling van de luisterpositie erg nauwkeurig af. Aanpasbaar bereik: [+3] – [CENTER] – [-3]. SET SW POS* (subwoofer-positie instellen) NEAR (): dichtbij NORMAL (): normaal FAR (): ver BALANCE De geluidsbalans aanpassen: [RIGHT-15] –

[CENTER] – [LEFT-15].20NL

FADER Het relatieve niveau aanpassen: [FRONT-15] – [CENTER] – [REAR-15]. DSEE (digital sound enhancement engine) Verbetert digitaal gecomprimeerd geluid door hoge frequenties die verloren zijn gegaan in het compressieproces te herstellen. Deze instelling kan voor iedere bron (behalve de tuner) in het geheugen worden opgeslagen. Selecteert de DSEE-stand: [ON], [OFF]. LOUDNESS Hoge en lage tonen versterken voor helder geluid bij lagere volumeniveaus: [ON], [OFF]. AAV (geavanceerd automatisch volume) Het volumeniveau van alle weergavebronnen aanpassen naar het optimale niveau: [ON], [OFF]. RB ENH (versterking lage tonen achter) Versterking lage tonen achter laat het basgeluid toenemen door de instelling van een laagdoorlaatfilter op de achterluidsprekers toe te passen. Door middel van deze functie kunnen de achterluidsprekers werken als subwoofer als er geen subwoofer is aangesloten. (Alleen beschikbaar wanneer [SW DIREC] is ingesteld op [OFF].) RBE MODE (stand versterking lage tonen achter) De stand voor versterking van de lage tonen achteraan selecteren: [1], [2], [3], [OFF]. LPF FREQ (frequentie van laagdoorlaatfilter) De kantelfrequentie van de subwoofer selecteren: [50Hz], [60Hz], [80Hz], [100Hz], [120Hz]. LPF SLOP (steilheid laagdoorlaatfilter) Selecteert de LPF-steilheid: [1], [2], [3]. SW DIREC (rechtstreekse subwooferverbinding) U kunt een subwoofer zonder versterker gebruiken door deze aan te sluiten op de achterluidsprekerkabel. (Alleen beschikbaar wanneer [RBE MODE] is ingesteld op [OFF].) Sluit hiervoor een subwoofer van 4 - 8 ohm aan op een van de achterluidsprekerkabels. Sluit in dat geval geen luidspreker aan op de andere achterluidsprekerkabel. SW MODE (subwooferstand) De subwooferstand selecteren: [1], [2], [3], [OFF]. SW PHASE (fase subwoofer) De fase van de subwoofer selecteren: [NORM], [REV]. SW POS* (subwooferpositie) De subwooferpositie selecteren: [NEAR], [NORMAL], [FAR]. LPF FREQ (frequentie van laagdoorlaatfilter) De kantelfrequentie van de subwoofer selecteren: [50Hz], [60Hz], [80Hz], [100Hz], [120Hz]. LPF SLOP (steilheid laagdoorlaatfilter) Selecteert de LPF-steilheid: [1], [2], [3]. S.WOOFER (subwoofer) SW LEVEL (subwooferniveau) Het subwoofervolume aanpassen: [+10 dB] - [0 dB] - [-10 dB]. ([ATT] wordt weergegeven bij de laagste instelling.) SW PHASE (fase subwoofer) De fase van de subwoofer selecteren: [NORM], [REV]. SW POS* (subwooferpositie) De subwooferpositie selecteren: [NEAR], [NORMAL], [FAR]. LPF FREQ (frequentie van laagdoorlaatfilter) De kantelfrequentie van de subwoofer selecteren: [50Hz], [60Hz], [80Hz], [100Hz], [120Hz]. LPF SLOP (steilheid laagdoorlaatfilter) Selecteert de LPF-steilheid: [1], [2], [3]. HPF (hoogdoorlaatfilter) HPF FREQ (frequentie hoogdoorlaatfilter) De kantelfrequentie van de voor-/ achterluidspreker selecteren: [OFF], [50Hz], [60Hz], [80Hz], [100Hz], [120Hz]. HPF SLOP (steilheid hoogdoorlaatfilter) De HPF-steilheid selecteren (werkt alleen als [HPF FREQ] niet op [OFF] ingesteld is): [1], [2], [3]. AUX VOL (AUX-volumeniveau) Past het volumeniveau aan voor elk aangesloten randapparaat: [+18 dB] – [0 dB] – [-8 dB]. Dankzij deze instelling is het niet nodig het volumeniveau tussen bronnen aan te passen. BTA VOL (volumeniveau BLUETOOTH-audio) Het volumeniveau voor elk aangesloten BLUETOOTH-toestel aanpassen: [+6 dB] – [0 dB] – [-6 dB]. Dankzij deze instelling is het niet nodig het volumeniveau tussen bronnen aan te passen.

  • Wordt niet weergegeven wanneer [SET F/R POS] ingesteld is op [OFF]. DISPLAY-instellingen DEMO (demonstratie) De demonstratie inschakelen: [ON], [OFF]. DIMMER De helderheid van het display wijzigen. AT (automatisch) Het display automatisch dimmen wanneer u de lichten aanzet. (Alleen beschikbaar wanneer de bedieningskabel voor de verlichting is aangesloten.)

Dimt het display.21NL OFF Deactiveert de dimmer. COLOR (voorkeuzekleur - dynamische kleurilluminator) Selecteert de voorkeuzekleur van het display en de toetsen op de hoofdeenheid. Maakt een keuze uit 12 voorkeuzekleuren, 1 speciale kleur en 5 voorkeuzepatronen. CUSTOM-C (speciale kleur) Registreert een speciale kleur voor het display en de toetsen. BASE Selecteert een voorkeuzekleur als uitgangspunt voor verdere aanpassingen: [RGB RED], [RGB GRN], [RGB BLUE]. Aanpasbaar kleurbereik: [0] – [32] ([0] kan niet worden ingesteld voor alle kleurbereiken). DAYNIGHT Stelt verschillende kleuren in voor DAY/NIGHT, afhankelijk van de dimmerinstelling. [DAY]: [DIMMER] staat op [OFF] of [AUTO] (koplamp uitschakelen). [NIGHT]: [DIMMER] staat op [ON] of [AUTO] (koplamp inschakelen). SND SYNC (geluidssynchronisatie) Selecteert de kleur met geluidssynchronisatie: [ON], [OFF]. WHT MENU (wit menu) U kunt het menu duidelijker weergeven (wit) zonder gevolgen voor de kleurinstelling: [ON], [OFF]. START-WHT (wit starten) Wanneer op SRC wordt gedrukt, worden het display en de toetsen op het hoofdtoestel één keer wit, daarna gaan ze naar de speciale kleur: [ON], [OFF]. AUTO SCR (automatisch rollen) Lange items automatisch laten rollen: [ON], [OFF]. BT (BLUETOOTH)-instellingen PAIRING (pagina 7) PHONEBOOK (pagina 14) REDIAL (pagina 15) RECENT CALL (pagina 15) VOICE DIAL (pagina 15) DIAL NUMBER (pagina 15) RINGTONE Hiermee selecteert u of dit apparaat of de aangesloten mobiele telefoon de beltoon uitvoert: [1] (dit apparaat), [2] (mobiele telefoon). AUTO ANS (automatisch beantwoorden) Het apparaat beantwoordt automatisch een binnenkomend gesprek: [OFF], [1] (ongeveer 3 seconden), [2] (ongeveer 10 seconden). AUTO PAIRING Start BLUETOOTH-koppeling automatisch wanneer een iOS-toestel met versie 5.0 of recenter wordt verbonden via USB: [ON], [OFF]. BT SIGNL (BLUETOOTH-signaal) (pagina 8) De BLUETOOTH-functie inschakelen: [ON], [OFF]. BT INIT (BLUETOOTH initialiseren) U kunt alle instellingen die met de BLUETOOTH- functie verband houden (koppelingsinformatie, voorkeuzenummer, apparaatinformatie enz.) initialiseren. Initialiseer alle instellingen wanneer u het apparaat weggooit. (Alleen beschikbaar wanneer het apparaat uitgeschakeld is.) APP REM (App Remote)- instellingen Begint en eindigt de functie App Remote (verbinding).22NL Voorzorgsmaatregelen Laat het apparaat afkoelen als de auto geparkeerd heeft gestaan in de volle zon. Laat het voorpaneel of audioapparaten niet achter in de auto. Deze kunnen beschadigd raken door de hoge temperaturen van direct zonlicht. De elektrisch bediende antenne schuift automatisch uit. Condensvorming Als er vocht condenseert in het apparaat, verwijdert u de disc en wacht u ongeveer een uur tot het apparaat is gedroogd; anders kan de werking van het apparaat worden verstoord. Hoge geluidskwaliteit behouden Mors geen vloeistof op het apparaat of de discs. Stel een disc niet bloot aan direct zonlicht of warmtebronnen, zoals die van de verwarming in de auto, en laat een disc niet achter in een auto die in de volle zon staat geparkeerd. Veeg een disc van het midden naar de buitenrand schoon met een doekje voordat u deze afspeelt. Gebruik geen oplosmiddelen zoals benzine, thinner en in de handel verkrijgbare reinigingsmiddelen. Dit apparaat is ontworpen voor het afspelen van discs die voldoen aan de CD-norm (Compact Disc). DualDiscs en sommige muziekdiscs die zijn gecodeerd met copyrightbeveiligingstechnologieën voldoen niet aan de CD-norm (Compact Disc) en kunnen daarom mogelijk niet worden afgespeeld met dit apparaat. Discs die NIET kunnen worden afgespeeld met dit apparaat Discs waarop labels, stickers, tape of papier zijn geplakt. Hierdoor kan de werking worden verstoord of de disc worden beschadigd. Discs met afwijkende vormen (bijvoorbeeld hart, vierkant, ster). Als u dit toch probeert, kan het apparaat worden beschadigd. 8 cm-discs. Opmerkingen over CD-R's/CD-RW's Het maximumaantal: (alleen CD-R/CD-RW) mappen (albums): 150 (inclusief hoofdmap) bestanden (tracks) en mappen: 300 (mogelijk minder dan 300 als de map-/bestandsnaam veel tekens bevat) tekens die kunnen worden weergegeven voor de naam van een map/bestand: 32 (Joliet)/ 64 (Romeo) Als een disc met Multi Session (meerdere sessies) begint met een CD-DA-sessie, wordt deze herkend als een CD-DA-disc en worden andere sessies niet afgespeeld. Discs die NIET kunnen worden afgespeeld met dit apparaat CD-R's/CD-RW's met slechte opnamekwaliteit. CD-R's/CD-RW's die zijn opgenomen met een incompatibel opnameapparaat. CD-R's/CD-RW's die onjuist zijn gefinaliseerd. CD-R's/CD-RW's die niet zijn opgenomen in de muziek-CD-indeling of MP3-indeling conform ISO9660 Level 1/Level 2, Joliet/Romeo of Multi Session (meerdere sessies). Aanvullende informatie Opmerkingen over discs Afspeelvolgorde van MP3-/WMA- bestanden MP3/WMAMap (album)MP3-/WMA-bestand (track)23NL U kunt de volgende iPod-modellen aansluiten. Werk de software van uw iPod bij naar de nieuwste versie vóór gebruik. Compatibele iPhone/iPod-modellen "Made for iPod" en "Made for iPhone" betekenen dat een elektronisch accessoire speciaal is ontworpen om aan te sluiten op respectievelijk een iPod of iPhone en dat de ontwikkelaar van het accessoire verklaart dat het voldoet aan de prestatienormen van Apple. Apple is niet verantwoordelijk voor de werking van dit apparaat of voor het voldoen ervan aan de veiligheids- en overheidsvoorschriften. Merk op dat het gebruik van dit accessoire met een iPod of iPhone de draadloze prestaties kan beïnvloeden. Wat is BLUETOOTH -technologie? De draadloze technologie van BLUETOOTH is een draadloze technologie met een kort bereik die de draadloze gegevenscommunicatie tussen digitale apparaten, zoals een mobiele telefoon en een headset, mogelijk maakt. De draadloze technologie van BLUETOOTH werkt binnen een bereik van ongeveer 10 m. Gewoonlijk worden twee apparaten met elkaar verbonden, maar sommige apparaten kunnen tegelijkertijd met meerdere apparaten verbonden zijn. U hebt geen kabel nodig om verbinding te maken, aangezien BLUETOOTH een draadloze technologie is. Het is evenmin nodig de apparaten naar elkaar te richten, wat bijvoorbeeld wel moet bij infraroodtechnologie. U kunt bijvoorbeeld een apparaat gebruiken dat u in een tas of in uw zak draagt. De BLUETOOTH-technologie is een internationale standaard die door miljoenen bedrijven over de gehele wereld wordt ondersteund en door diverse bedrijven overal ter wereld wordt toegepast. Over BLUETOOTH-communicatie De draadloze technologie van BLUETOOTH werkt binnen een bereik van ongeveer 10 m. Het maximale bereik van de communicatie kan variëren afhankelijk van obstakels (personen, metalen, wanden enz.) of de elektromagnetische omgeving. De volgende omstandigheden kunnen van invloed zijn op de gevoeligheid van BLUETOOTH- communicatie. Er staat een obstakel zoals een persoon, een metalen voorwerp of een wand tussen dit apparaat en het BLUETOOTH-toestel. Er is een apparaat dat de 2,4 GHz-frequentie gebruikt, zoals een draadloos LAN-apparaat, een draadloze telefoon of een magnetron, in gebruik in de buurt van dit apparaat. Aangezien BLUETOOTH-apparaten en een draadloos LAN (IEEE802.11b/g) dezelfde frequentie gebruiken, kan er storing worden veroorzaakt door microgolven. Als dit apparaat in de buurt van een apparaat voor draadloos LAN wordt gebruikt, kan dit een lagere communicatiesnelheid, ruis of een ongeldige verbinding tot gevolg hebben. Ga, als dat het geval is, als volgt te werk. Gebruik dit apparaat op een afstand van minstens 10 m van het apparaat voor draadloos LAN. Als het apparaat wordt gebruikt op minder dan 10 m van een apparaat voor draadloos LAN, dient u het apparaat voor draadloos LAN uit te schakelen. Installeer dit apparaat en het BLUETOOTH- toestel zo dicht mogelijk bij elkaar. Microgolven die worden uitgestraald door een BLUETOOTH-toestel kunnen de werking van elektronische medische apparaten beïnvloeden. Schakel dit apparaat en andere BLUETOOTH- toestellen uit op de volgende plaatsen, omdat dit ongelukken kan veroorzaken. waar brandbaar gas aanwezig is, in een ziekenhuis, trein, vliegtuig of benzinestation in de buurt van automatische deuren of een brandmelder Informatie over iPod Compatibel model USB iPhone 5 iPhone 4s iPhone 4 iPhone 3GS iPhone 3G iPod touch (5e generatie) iPod touch (4e generatie) iPod touch (3e generatie) iPod touch (2e generatie) iPod classic iPod nano (7e generatie) iPod nano (6e generatie) iPod nano (5e generatie) iPod nano (4e generatie) iPod nano (3e generatie) Informatie over de BLUETOOTH-functie24NL Dit apparaat ondersteunt veiligheidsvoorzieningen die voldoen aan de BLUETOOTH-norm voor een veiligere verbinding wanneer de draadloze BLUETOOTH-technologie wordt gebruikt, maar deze beveiliging zal afhankelijk van de omstandigheden mogelijk niet voldoende zijn. Wees voorzichtig wanneer u communiceert met behulp van draadloze BLUETOOTH-technologie. Wij aanvaarden geen verantwoordelijkheid voor het uitlekken van informatie tijdens BLUETOOTH- communicatie. Wij kunnen niet garanderen dat er een verbinding tot stand kan worden gebracht met alle BLUETOOTH-apparaten. Een apparaat met BLUETOOTH-functie moet voldoen aan de BLUETOOTH-standaard die is opgesteld door BLUETOOTH SIG en moet worden geverifieerd. Zelfs als het aangesloten toestel beantwoordt aan de hierboven vernoemde BLUETOOTH- standaard, is het mogelijk dat sommige toestellen niet verbonden kunnen worden of niet correct werken, afhankelijk van de kenmerken of specificaties van het toestel. Wanneer u handenvrij belt, kan er ruis klinken, afhankelijk van het apparaat of de communicatieomgeving. Afhankelijk van het apparaat waarmee de verbinding tot stand wordt gebracht, kan het even duren voordat de communicatie van start gaat. Overige De BLUETOOTH-functie van een mobiele telefoon functioneert mogelijk niet correct, afhankelijk van radiogolven en de locatie waar het apparaat wordt gebruikt. Als u ongemakken ervaart bij het gebruik van een BLUETOOTH-toestel, moet u meteen stoppen met het gebruik van het BLUETOOTH-toestel. Als een bepaald probleem aanhoudt, neem dan contact op met uw Sony-handelaar. Met alle vragen of problemen met betrekking tot dit apparaat die niet aan bod komen in deze gebruiksaanwijzing, kunt u terecht bij uw Sony- handelaar. Onderhoud Aansluitingen schoonmaken De werking van het apparaat kan worden verstoord als de aansluitingen tussen het apparaat en het voorpaneel niet schoon zijn. U kunt dit voorkomen door het voorpaneel (pagina 6) te verwijderen en de aansluitingen te reinigen met een wattenstaafje. Gebruik hierbij niet te veel kracht. Anders kunnen de aansluitingen worden beschadigd. Opmerkingen Uit veiligheidsoverwegingen moet u de motor uitschakelen en de sleutel uit de contactschakelaar halen voordat u de aansluitingen reinigt. Raak de aansluitingen nooit rechtstreeks aan met uw vingers of een metalen voorwerp. Technische gegevens Tuner

Afstembereik: 174,928 – 239,200 MHz Bruikbare gevoeligheid: -97 dBm Antenne-aansluiting: Aansluiting voor externe antenne

Afstembereik: 87,5 – 108,0 MHz Antenne-aansluiting: Aansluiting voor externe antenne Tussenfrequentie: 25 kHz Bruikbare gevoeligheid: 8 dBf Selectiviteit: 75 dB bij 400 kHz Signaal-ruisverhouding: 80 dB (stereo) Scheiding: 50 dB bij 1 kHz Frequentiebereik: 20 – 15.000 Hz MW/LW Afstembereik: MW: 531 – 1.602 kHz LW: 153 – 279 kHz Antenne-aansluiting: Aansluiting voor externe antenne Tussenfrequentie: 9.124,5 kHz of 9.115,5 kHz/4,5 kHz Gevoeligheid: MW: 26 μV, LW: 45 μV CD-speler Signaal-ruisverhouding: 120 dB Frequentiebereik: 10 – 20.000 Hz25NL Snelheidsfluctuaties: minder dan meetbare waarden Overeenkomstige codec: MP3 (.mp3) en WMA (.wma) USB-speler Interface: USB (High-speed) Maximale voeding: 1 A Het maximale aantal herkenbare tracks: 10.000 Overeenkomstige code: MP3 (.mp3), WMA (.wma) en WAV (.wav) Draadloze communicatie Communicatiesysteem: BLUETOOTH-standaard versie 3.0 Uitgestuurd vermogen: BLUETOOTH-standaard Power Class 2 (max. +4 dBm) Maximaal communicatiebereik: In een rechte lijn zonder obstakels ong. 10 m*

A2DP (Advanced Audio Distribution Profile) 1.3 AVRCP (Audio Video Remote Control Profile) 1.5 HFP (Handsfree Profile) 1.6 PBAP (Phone Book Access Profile) SPP (Serial Port Profile) MAP (Message Access Profile) HID (Human Interface Device Profile) *1 Het werkelijke bereik varieert afhankelijk van factoren zoals obstakels tussen apparaten, magnetische velden rond een magnetron, statische elektriciteit, ontvangstgevoeligheid, prestaties van de antenne, besturingssysteem, software-applicatie, enz. *2 BLUETOOTH-standaardprofielen geven een aanduiding van het doel van BLUETOOTH- communicatie tussen apparaten. Versterker Uitgang: luidsprekeruitgangen Luidsprekerimpedantie: 4 – 8 ohm Maximaal uitgangsvermogen: 55 W × 4 (bij 4 ohm) Algemeen Uitgangen: Audio-uitgangen (voor, achter, sub) Aansluiting elektrische antenne/versterker (REM OUT) Ingangen: Afstandsbedieningsingang DAB-antenne-ingang FM/MW/LW-antenne-ingang MIC-ingang AUX-ingang (stereominiaansluiting) USB-poort Voeding: 12 V gelijkstroom autoaccu (negatieve aarde) Afmetingen: Ongev. 178 mm × 50 mm × 177 mm (b/h/d) Afmetingen voor montage: Ongev. 182 mm × 53 mm × 160 mm (b/h/d) Gewicht: ongeveer 1,2 kg Inhoud verpakking: Hoofdapparaat (1) Microfoon (1) Onderdelen voor installatie en aansluitingen (1 set) Het is mogelijk dat niet alle vermelde accessoires verkrijgbaar zijn bij uw Sony-handelaar. Neem contact op met uw Sony-handelaar voor meer informatie. Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving. Het woordmerk Bluetooth® en de logo's van Bluetooth zijn gedeponeerde handelsmerken die het eigendom zijn van Bluetooth SIG, Inc. en Sony Corporation gebruikt deze merken onder licentie. Overige handelsmerken en merknamen zijn eigendom van de respectieve eigenaars. Het N-merkteken is een handelsmerk of een gedeponeerd handelsmerk van NFC Forum Inc. in de Verenigde Staten en andere landen. Windows Media is een gedeponeerd handelsmerk of een handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen. Dit product wordt beschermd door bepaalde intellectuele eigendomsrechten van Microsoft Corporation. Het gebruik of de verspreiding van dergelijke technologie buiten dit product om is verboden zonder een licentie van Microsoft of een erkend dochterbedrijf van Microsoft. iPhone, iPod, iPod classic, iPod nano en iPod touch zijn handelsmerken van Apple Inc., gedeponeerd in de VS en andere landen. App Store is een servicemerk van Apple Inc. MPEG Layer-3 audio-codeertechnologie en - patenten gebruikt onder licentie van Fraunhofer IIS en Thomson. Google, Google Play en Android zijn handelsmerken van Google Inc. Auteursrechten26NL Problemen oplossen De onderstaande controlelijst kan u helpen bij het oplossen van problemen die zich met het apparaat kunnen voordoen. Voordat u de onderstaande controlelijst doorneemt, moet u eerst de aanwijzingen voor aansluiting en gebruik controleren. Meer informatie over het gebruik van de zekering en het verwijderen van het apparaat uit het dashboard vindt u in de handleiding voor installatie/aansluitingen geleverd bij dit apparaat. Als het probleem niet is opgelost, gaat u naar de ondersteuningssite op het achterblad. Algemeen Geen geluid. De positie van de faderregelaar [FADER] is niet ingesteld op een systeem met 2 luidsprekers. Geen pieptoon. Er is een optionele versterker aangesloten en u gebruikt de ingebouwde versterker niet. De geheugeninhoud is gewist. De voedingskabel of de accu is losgekoppeld of niet juist aangesloten. Opgeslagen zenders en de juiste tijd zijn gewist. De zekering is doorgebrand. Maakt geluid wanneer de stand van het contactslot wordt gewijzigd. De kabels zijn niet goed verbonden met de voedingsaansluiting voor accessoires van de auto. Tijdens het afspelen of radio-ontvangst wordt de demonstratie gestart. Als er gedurende 5 minuten geen handeling wordt uitgevoerd en [DEMO-ON] ingesteld is, wordt de demonstratie gestart. Stel [DEMO-OFF] in (pagina 20). Het display verdwijnt van/verschijnt niet in het display-venster. De dimmer is ingesteld op [DIM-ON] (pagina 20). Het display verdwijnt als u OFF ingedrukt houdt. Houd OFF op het apparaat ingedrukt tot het display verschijnt. De aansluitingen zijn vuil (pagina 24). De bedieningstoetsen werken niet. De disk wordt niet uitgeworpen. Druk langer dan 2 seconden op AF/TA/PTY en (terug)/MODE om het apparaat te resetten. De geheugeninhoud wordt gewist. Reset het apparaat voor uw eigen veiligheid niet tijdens het rijden. Radio-ontvangst Er kunnen geen zenders worden ontvangen. Het geluid is gestoord. De aansluiting is niet juist. Controleer de aansluiting van de auto-antenne. Als de automatische antenne niet uitschuift, controleert u de aansluiting van de bedieningskabel van de elektrische antenne. Zie [NO SERV] (pagina 29) voor details wanneer het DAB-signaal niet kan worden ontvangen. Er kan niet worden afgestemd op voorkeuzezenders. Het signaal van de uitzending is te zwak. RDS SEEK begint na enkele seconden afspelen. De zender is geen TP-zender of heeft een zwak signaal. Schakel TA uit (pagina 11). Geen verkeersinformatie. Schakel TA in (pagina 11). De zender is een TP-zender, maar zendt toch geen verkeersinformatie uit. Stem af op een andere zender. PTY geeft [- - - - - - - -] weer. De huidige zender is geen RDS-zender. Geen RDS-gegevens ontvangen. De zender geeft het programmatype niet door. De programmaservicenaam knippert. Er is geen alternatieve frequentie voor de huidige zender. Druk op SEEK +/– terwijl de programmaservicenaam knippert. [PI SEEK] wordt weergegeven en het apparaat gaat zoeken naar een andere frequentie met dezelfde PI-gegevens (programma- identificatie). CD's afspelen De CD wordt niet afgespeeld. CD defect of vuil. De CD-R/CD-RW is niet geschikt voor audiogebruik (pagina 22). MP3-/WMA-bestanden kunnen niet worden afgespeeld. De disc is niet compatibel met de MP3-/WMA- indeling en -versie. Ga naar de ondersteuningssite voor meer informatie over discs en indelingen die kunnen worden afgespeeld.27NL MP3-/WMA-bestanden worden minder snel afgespeeld dan andere bestanden. Bij de volgende discs duurt het langer voordat het afspelen wordt gestart. Discs opgenomen met een ingewikkelde structuur. Discs die in Multi Session (meerdere sessies) zijn opgenomen. Discs waaraan gegevens kunnen worden toegevoegd. Het geluid verspringt. CD defect of vuil. USB afspelen U kunt items niet via een USB-hub afspelen. Dit apparaat kan geen USB-apparaten via een USB-hub herkennen. Het duurt langer voordat een USB-apparaat wordt afgespeeld. Het USB-apparaat bevat bestanden met een ingewikkelde boomstructuur. Het geluid wordt onderbroken. Het geluid kan worden onderbroken bij een hoge bitsnelheid van meer dan 320 Kbps. De geopende toepassing en de toepassing in App Remote zijn niet gelijk. Start de toepassing opnieuw via de toepassing "App Remote". NFC-functie One touch-verbinding (NFC) is niet mogelijk. Als de smartphone niet reageert op aanraking. Controleer of de NFC-functie van de smartphone ingeschakeld is. Breng het N-merkteken-gedeelte van de smartphone dichter bij het N-merkteken- gedeelte van dit toestel. Als de smartphone in een etui zit, haalt u hem eruit. De NFC-ontvangstgevoeligheid is afhankelijk van het apparaat. Als One touch-verbinding met de smartphone verschillende keren mislukt, brengt u de BLUETOOTH-verbinding handmatig tot stand. BLUETOOTH-functie Het toestel dat de verbinding tot stand wil brengen, kan dit apparaat niet detecteren. Zet dit apparaat in de stand-bystand voor koppeling, voordat de koppeling tot stand wordt gebracht. Zolang er een BLUETOOTH-verbinding bestaat, kan dit apparaat niet worden gedetecteerd vanaf een ander toestel. Verbreek de actuele verbinding en zoek dit apparaat vanaf een ander toestel. Wanneer de koppeling tussen de apparaten tot stand is gebracht, activeert u het uitsturen van het BLUETOOTH-signaal (pagina 8). Er is geen verbinding mogelijk. De verbinding wordt via één zijde aangestuurd (dit apparaat of het BLUETOOTH-toestel), niet via beide zijden. Maak vanaf een BLUETOOTH-toestel verbinding met dit apparaat of vice versa. De naam van het gedetecteerde apparaat wordt niet weergegeven. Afhankelijk van de status van het andere apparaat zal het misschien niet mogelijk zijn de naam op te vragen. Geen beltoon. Regel het volume door de regelknop te verdraaien terwijl u een gesprek ontvangt. Afhankelijk van het apparaat dat de verbinding tot stand brengt, wordt de beltoon misschien niet goed verzonden. Stel [RINGTONE] in op [1] (pagina 21). De voorluidsprekers zijn niet aangesloten op het apparaat. Sluit de voorluidsprekers aan op het apparaat. De beltoon is alleen hoorbaar via de voorluidsprekers. De stem van de spreker is niet hoorbaar. De voorluidsprekers zijn niet aangesloten op het apparaat. Sluit de voorluidsprekers aan op het apparaat. Het stemgeluid worden alleen uitgevoerd via de voorluidsprekers. Een gesprekspartner zegt dat het volume te laag of te hoog is. Pas het volume overeenkomstig met de aanpassing van de microfoonversterking aan (pagina 15). Er klinkt een echo of ruis in de telefoongesprekken. Breng het volume omlaag. Stel de stand EC/NC in op [EC/NC-1] of [EC/NC-2] (pagina 16). Als de overige omgevingsgeluiden luid zijn, probeert u dit lawaai te verminderen. Bijv.: Als er verkeerslawaai, enz. door een raam klinkt, sluit dan het raam. Als een airco veel lawaai maakt, zet deze dan in een lagere stand. De telefoon is niet aangesloten. Wanneer BLUETOOTH-audio wordt afgespeeld, is de telefoon niet aangesloten, ook niet als u op CALL drukt. Maak verbinding vanaf de telefoon.28NL De kwaliteit van het geluid van de telefoon is slecht. De kwaliteit van het geluid van de telefoon hangt af van de ontvangstomstandigheden van de mobiele telefoon. Verplaats uw auto naar een plaats waar uw mobiele telefoon een beter signaal ontvangt, als de ontvangst slecht is. Het volume van het aangesloten audio-apparaat is laag (hoog). Het volumeniveau kan verschillen afhankelijk van het audio-apparaat. Pas het volume aan van het aangesloten audio-apparaat of van dit apparaat. Het geluid hapert tijdens het afspelen van een BLUETOOTH-audioapparaat. Verklein de afstand tussen het apparaat en het BLUETOOTH-audioapparaat. Als het BLUETOOTH-audioapparaat in een houder wordt bewaard die het signaal kan verstoren, verwijdert u de houder tijdens het gebruik van het audioapparaat. Er worden een aantal BLUETOOTH-apparaten of andere apparaten die radiogolven uitzenden in de buurt gebruikt. Zet de andere apparaten uit. Vergroot de afstand tot de andere apparaten. Het afspelen van geluid stopt een ogenblik wanneer de verbinding tussen dit apparaat en de mobiele telefoon tot stand wordt gebracht. Dit is geen storing. Het is niet mogelijk het BLUETOOTH- audioapparaat te bedienen. Controleer of het BLUETOOTH-audioapparaat waarmee verbinding is gemaakt ondersteuning biedt voor AVRCP. Sommige functies werken niet. Controleer of het apparaat waarmee verbinding tot stand is gebracht de betreffende functie ondersteunt. Er wordt onbedoeld een oproep beantwoord. De telefoon waarmee verbinding tot stand wordt gebracht is zo ingesteld dat een oproep automatisch wordt beantwoord. Koppelen is mislukt door een time-out. Afhankelijk van het apparaat waarmee verbinding tot stand wordt gebracht kan de tijdslimiet voor het koppelen kort zijn. Probeer de koppeling binnen de gestelde tijd te voltooien. De BLUETOOTH-functie werkt niet. Schakel het apparaat uit door langer dan 2 seconden op OFF te drukken, en schakel het vervolgens weer in. Er wordt tijdens een handenvrije oproep geen geluid uitgestuurd via de luidsprekers van de auto. Als het geluid wordt uitgestuurd via de mobiele telefoon, stel de mobiele telefoon dan zo in dat het geluid via de luidsprekers van de auto wordt uitgestuurd. De geopende toepassing en de toepassing in App Remote zijn niet gelijk. Start de toepassing opnieuw via de toepassing "App Remote". Terwijl de toepassing "App Remote" via BLUETOOTH wordt gebruikt, schakelt het display automatisch over naar [BT AUDIO]. De toepassing "App Remote" of de BLUETOOTH- functie vertoont een probleem. Voer de toepassing opnieuw uit. Foutmeldingen/berichten ERROR De disc is vuil of is omgekeerd geplaatst. Reinig de disc of plaats deze op de juiste manier. Er is een lege disc in het apparaat geplaatst. De disc kan niet worden afgespeeld wegens een probleem. Plaats een andere disc. Het USB-apparaat is niet automatisch herkend. Sluit het opnieuw aan. Druk op als u de disc wilt verwijderen. HUB NO SUPRT (geen hub-ondersteuning) Een USB-hub wordt niet ondersteund door dit apparaat. IPD STOP (iPod stoppen) Wanneer herhaaldelijk afspelen niet ingesteld is, stopt het afspelen na de laatste track van het album. De muziekapplicatie op de iPod/iPhone is gesloten. Druk op PAUSE om het afspelen opnieuw te starten. NO AF (geen alternatieve frequenties) Er is geen alternatieve frequentie voor de huidige zender. Druk op SEEK +/– terwijl de programmaservicenaam knippert. Het apparaat gaat zoeken naar een andere frequentie met dezelfde PI-gegevens (programma-identificatie) ([PI SEEK] wordt weergegeven). NO DATA Er is geen programmatype voor de actuele DAB- dienst. Druk op (terug).29NL NO DEV (geen apparaat) [USB] is geselecteerd als bron terwijl er geen USB-apparaat is aangesloten. Een USB-apparaat of een USB-kabel is losgeraakt tijdens het afspelen. Het is belangrijk dat u een USB-apparaat en een USB-kabel aansluit. NO INFO (geen informatie) Er is geen label-Informatie voor de actuele DAB- dienst. NO MUSIC De disc of het USB-apparaat bevat geen muziekbestanden. Plaats een muziek-CD. Sluit een USB-apparaat aan waarop muziekbestanden staan. NO SERV (geen dienst) Het DAB-signaal kan niet worden ontvangen. Voer een auto-scan uit (pagina 11). Controleer de aansluiting van de DAB-antenne. Controleer dat [ANT-PWR] is ingesteld op [ON] (pagina 19). NO TP (geen verkeersprogramma's) Het apparaat blijft zoeken naar beschikbare TP- zenders. OVERLOAD Het USB-apparaat is overbelast. Koppel het USB-apparaat los en wijzig de bron door op SRC te drukken. Het USB-apparaat vertoont een storing of er is een niet-ondersteund apparaat aangesloten. PUSH EJT (drukken en uitwerpen) De disc kan niet worden uitgeworpen. Druk op (uitwerpen). READ Alle track- en albuminformatie op de disc wordt gelezen. Wacht totdat het lezen is voltooid en het afspelen automatisch wordt gestart. Afhankelijk van de discstructuur kan dit meer dan een minuut duren. RECEVING (wordt ontvangen) De DAB-band is geselecteerd en het apparaat wacht op de ontvangst van een dienst. USB NO SUPRT (geen USB-ondersteuning) Het aangesloten USB-apparaat wordt niet ondersteund. Ga naar de ondersteuningssite voor meer informatie over de compatibiliteit van het USB- apparaat. [] of [] Tijdens het snel terug- of vooruitspoelen hebt u het begin of het einde van de disc bereikt en nu kunt u niet verder.