DigitRadio 143 CD - Ontvanger TECHNISAT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DigitRadio 143 CD TECHNISAT in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DigitRadio 143 CD - TECHNISAT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DigitRadio 143 CD van het merk TECHNISAT.
GEBRUIKSAANWIJZING DigitRadio 143 CD TECHNISAT
Lees voor uw veiligheid de veiligheidsvoorschrien aandachtig door voordat u uw DIGITRADIO 143 CD in gebruik neemt. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door onjuist gebruik en het niet naleven van de volgende veiligheidsmaatregelen: - Open nooit het apparaat. Het aanraken van onder spanning staande onderdelen is levensgevaarlijk. - Eventueel noodzakelijke ingrepen mogen alleen door vakkundige medewerkers worden uitgevoerd. - Het apparaat mag alleen in gematigde omgevingsomstandigheden worden gebruikt. - Zet het apparaat na langdurig transport bij koud weer en daarna plaatsing in warme ruimtes niet onmiddellijk aan. Laat het eerst op temperatuur komen. - Stel het apparaat niet bloot aan druipend of spaend water. Als er water in het apparaat is binnengedrongen, schakelt u het uit en neemt u contact op met de Service-afdeling - Stel het apparaat niet bloot aan warmtebronnen die het apparaat behalve door normaal gebruik nog verder kunnen verwarmen. - Tijdens onweer moet u het apparaat van het stopcontact loskoppelen. Overspanning kan het apparaat beschadigen. - Zet bij een in het oog springend defect van het apparaat, het waarnemen van geur of rook, aanzienlijke functionele storingen of schade aan de behuizing, het apparaat uit en neem contact op met de serviceafdeling. - Het apparaat mag alleen worden aangesloten op een netspanning van 100V-240V ~, 50/60 Hz. Probeer het apparaat nooit met een andere spanning te gebruiken.171
- Het apparaat mag pas worden aangesloten nadat de installatie correct is voltooid. - Als het apparaat schade vertoont, mag het niet in gebruik worden genomen. - Trek de stekker niet aan het snoer uit het stopcontact. - Gebruik het apparaat niet in de buurt van een badkuip, zwembad of sproeiwater. - Probeer nooit zelf een defect apparaat te repareren. Neem altijd contact op met een van onze servicepunten. - Vreemde voorwerpen, zoals naalden, munten, enz., mogen niet in het apparaat vallen. Raak de aansluitpunten niet met metalen voorwerpen of met de vingers aan. Dit kan kortsluiting tot gevolg hebben. - Er mogen geen open vuurbronnen zoals brandende kaarsen op het apparaat worden geplaatst. - Laat nooit kinderen dit apparaat zonder toezicht gebruiken. - Het apparaat blij zelfs als het is uitgeschakeld of in de stand-by op het lichtnet aangesloten. Z - Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuigelijke of mentale capaciteiten of met gebrek aan ervaring en/of kennis, tenzij deze onder toezicht van een persoon staan die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of instructies voor het gebruik van het apparaat hebben ontvangen. - Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen. - Het is verboden om wijzigingen aan het apparaat aan te brengen. - Beschadigde apparaten of beschadigde accessoires mogen niet langer worden gebruikt.
1.2 Afvalverwijdering
De verpakking van uw apparaat bestaat uitsluitend uit recyclebare materialen. Voer deze gesorteerd af volgens de lokale aanwijzingen. Dit product is geëtikeeerd in overeenstemming met Richtlijn 2012/19/EU voor elektro en elektronische apparaten (WEEE) en mag aan het einde van zijn levensduur niet met het huisafval worden afgevoerd, maar moet worden ingeleverd bij een verzamelpunt voor het recyclen van elektrische en elektronische apparatuur. Dit wordt aangeduid door het -symbool op het product, de gebruiksaanwijzing of de verpakking. De gebruikte materialen kunnen aankelijk van hun etikeering worden hergebruikt. Met hergebruik, recycling of andere vormen van verwerking van oude apparatuur levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van ons milieu.172 Informeer bij de gemeentelijke instanties naar de verantwoordelijke instantie voor afvalverwijdering. Houd er rekening mee dat de lege baerijen van de afstandsbediening en elektronisch afval niet bij het gewone huisvuil horen, maar op juiste wijze moeten worden verwerkt (inleveren bij de winkel, chemisch afval). Baerijen en accu's kunnen giige stoen bevaen die schadelijk zijn voor uw gezondheid en het milieu. Voor baerijen en accu's geldt de Europese richtlijn 2006/66/EG. Deze mogen niet met het normale huishoudelijke afval worden afgevoerd. Informatie over de verwijdering Afvoer van de verpakking: Uw nieuwe apparaat werd tijdens het transport naar u toe beschermd door de verpakking. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en recyclebaar. Help mee en voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. Informatie over de huidige afvalverwijderingsmethoden vindt u bij uw plaatselijke dealer of bij de gemeentelijke afvalverwerking. Verstikkingsgevaar! Geef de verpakking of onderdelen ervan niet aan kinderen. Er bestaat verstikkingsgevaar door folie en andere verpakkingsmaterialen. Apparaat afdanken: Oude apparaten zijn geen waardeloos afval. Door milieuvriendelijke verwijdering kunnen waardevolle grondstoen worden teruggewonnen. Informeer bij uw gemeentelijke instanties naar de mogelijkheden om het apparaat milieuvriendelijk en op de juiste manier af te voeren. Voordat u het apparaat afvoert, moeten de baerijen/accu's worden verwijderd.173
1.3 Juridische informatie
TechniSat verklaart hierbij dat de DIGITRADIO 143 CD-radioapparatuur voldoet aan de richtlijn 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring is beschikbaar op de volgende website: hp://konf.tsat.de/?ID=22631 TechniSat is niet aansprakelijk voor productschade als gevolg van externe invloeden, slijtage of onjuiste behandeling, ongeoorloofde reparatie, veranderingen of ongelukken. Wijzigingen en drukfouten voorbehouden. Laatst gewijzigd 09/19. Kopiëren en vermenigvuldigen alleen met toestemming van de uitgever. De huidige versie van de handleiding is beschikbaar in PDF-formaat via het downloadgedeelte op de homepage van TechniSat op www.technisat.de. DIGITRADIO 143 CD en TechniSat zijn geregistreerde handelsmerken van: TechniSat Digital GmbH TechniPark Julius-Saxler-Straße 3 D-54550 Daun/Eifel www.technisat.de Namen van de genoemde bedrijven, instellingen of merken zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van hun respectievelijke eigenaren. The Spotify Soware is subject to third party licenses found here: hps://www.spotify.com/connect/third-party-licenses. In de onderstaande landen mag het apparaat alleen binnenshuis in het 5 GHz WLAN-bereik worden gebruikt. BE CY FI FR HU LV LI LU NL ES SE UK CH174
1.4 Service-instructies
Dit product is getest op kwaliteit en hee een weelijke garantieperiode van 24 maanden vanaf de datum van aankoop. Bewaar de factuur als aankoopbewijs. Neem voor garantieclaims contact op met de dealer van het product. Opmerking Voor vragen en informatie of als er een probleem is met dit apparaat, kunt u terecht bij onze technische hotline: Ma. - vr. 8:00 - 18:00 via tel.: +49 03925/9220 1800 bereikbaar. U kunt reparaties ook direct online op www.technisat.de/reparatur aanvragen. Gebruik in geval van retourzending van het apparaat alleen het volgende adres: TechniSat Digital GmbH Service-center Nordstr. 4a 39418 Staßfurt175
2 Aeeldingen en beschrijving Vooraanzicht Achteraanzicht176 Beschrijving vooraanzicht 1 Display toont informatie over de geselecteerde bron of het menu. 2 IR-ontvanger 3 USB-aansluitingvoor de weergave van bijv. mp3's op USB-sticks of USB-harddisks. Opladen externe apparaten (5 V, 1 A laadstroom). 4 CD-drive voor weergave van audio of mp3-cd's. 5 MODE voor het omschakelen tussen de weergavebronnen DAB, FM, Bluetooth, cd, Line- IN, internetradio, Spotify en muziekweergave via USB of een gedeeld netwerkstation. 6 MENU kort indrukken voor het oproepen van het hoofdmenu. 7 Weergave/Pauze pauze/hervaen bij het afspelen van muziek/cd. 8 STOP alleen bij gebruik van cd, weergave stoppen. 9 Vorige nummer/achteruit zoeken in de afspeelmodus cd/muziek. Kort indrukken start het huidige nummer opnieuw, 2x drukken naar het vorige nummer, ingedrukt houden om terug te spoelen. 10 Volgende nummer/vooruit zoeken alleen in de afspeelmodus cd/muziek. Kort indrukken springt naar de volgende nummer, ingedrukt houden om snel vooruit te spoelen. 11 PRESET voor het opslaan en oproepen van favorieten. Ingedrukt houden om favorieten op te slaan, kort indrukken om toegang te krijgen tot favorieten. 12 Hoofdtelefoonaansluiting voor hoofdtelefoon met 3,5 mm jackplug. 13 Druk kort op de CD-uitwerpknop om de cd-lade te openen/sluiten. 14 SCROLL&SELECT Draai aan de draaiknop om door menu's te navigeren of waarden te wijzigen. Indrukken om de selectie te accepteren/op te slaan. 15 Volume/Aan-/Stand-by draairegelaar draaien om het volume te veranderen. Indrukken om het apparaat in te schakelen of op stand-by te zeen. Het alarm uitschakelen.177
Beschrijving achteraanzicht Afstandsbediening 16 Netsnoer voor aansluiting op 110-240 V ~ 50/60 Hz. 17 WLAN-antenne Draadloze verbinding met een router. 18 Audio-Out analoog voor aansluiten op een A/V-ontvanger of een stereo- installatie. 19 Audio-ingang Analoog (Line-IN) voor weergave van externe audiobronnen. 20 Optical-Out digitaal Audio- uitgang voor aansluiting op een A / V-ontvanger of een stereo-installatie. 21 Coaxial-out Digital Audio-uitgang voor aansluiting op een A/V-ontvanger of een stereo-installatie. 22 LAN-ingang voor aansluiting van een netwerkkabel voor de internetverbinding. 23 Antenneaansluiting voor de ontvangst van DAB+ of FM-signalen. Er kan een actieve of een passieve antenne worden aangesloten.
Beschrijving afstandbediening 1 Druk kort op de CD-uitwerpknop om de cd-lade te openen/sluiten. 2 Afspelen/pauzeren alleen in de afspeelmodus cd/muziek, afspelen pauzeren/hervaen. 3 Vorige nummer/achteruit zoeken in de afspeelmodus cd/muziek. Kort indrukken start het huidige nummer opnieuw, 2x drukken naar het vorige nummer, ingedrukt houden om terug te spoelen. 4 Nummerherhaling 5 Shue afspelen van nummers in willekeurige volgorde. 6 INFO Omschakelen tussen meerdere displayweergaven/informaties. 7 BACK schakelt in menu's, een stap terug, instellingen worden geannuleerd. 8 MODE voor het omschakelen tussen de weergavebronnen DAB, FM, Bluetooth, cd, Line-IN, internetradio, Spotify en muziekweergave via USB of een gedeeld netwerkstation. 9 OK Selectie overnemen of opslaan, navigatie in het menu. 10 VOL- verlaagt het volume. 11 MENU kort indrukken voor het oproepen van het hoofdmenu. 12 Cijfertoetsen 1 - 10 13 Mute 14 Aan-/Stand-by voor in- en uitschakelen van het apparaat. Alarm beëindigen. 15 Volgende nummer/vooruit zoeken alleen in de afspeelmodus cd/muziek. Kort indrukken springt naar de volgende nummer, ingedrukt houden om snel vooruit te spoelen. 16 STOP alleen in de afspeelmodus cd/muziek, afspelen stoppen. 17 Wekker voor activeren en bewerken van de alarmfunctie. 18 SLEEP activeert de slaaptimer, druk meerdere keren voor verschillende tijden. 19 EQ roept de equalizerselectie op. 20 SCAN start de zenderscan in DAB+ en FM-modus.179
21 F+ voor het doorschakelen van de mapstructuur op een gedeeld netwerkstation of een mp3-cd. 22 Pijltoets omhoog voor navigeren door menu's en wijzigen van waarden. 23 VOL+ verhoogt het volume. 24 Pijltoets omlaag voor navigeren door menu's en wijzigen van waarden. 25 F- voor het doorschakelen van de mapstructuur op een gedeeld netwerkstation of een mp3-cd. 26 PRESET voor het opslaan en oproepen van favorieten. Ingedrukt houden om favorieten op te slaan, kort indrukken om toegang te krijgen tot favorieten. 3 Apparaat aansluiten en bedienen
Bij de levering zijn inbegrepen: 1x DIGITRADIO 143 CD, 1x bedieningshandleiding, 1x afstandbediening + baerijen, antenne voor DAB+/FM, WLAN-antenne
3.2 Baerijen plaatsen
> Schuif het deksel van het baerijvak aan de achterkant van de afstandsbediening omhoog. Plaats twee "AAA" (micro) 1,5 V baerijen in het baerijvak, let op de aangegeven polariteit. Baerijen zijn meegeleverd. > Sluit het deksel van het baerijvak voorzichtig totdat het deksel vastklikt. Vervang zwakker wordende baerijen op tijd. Vervang altijd beide baerijen tegelijkertijd en gebruik baerijen van hetzelfde type. Lekkende baerijen kunnen de afstandsbediening beschadigen. Verwijder de baerijen uit de afstandsbediening als het apparaat gedurende langere tijd niet zal worden gebruikt. Belangrijke aanwijzing voor afvalverwijdering: baerijen kunnen giige stoen bevaen die schadelijk zijn voor het milieu. Zorg daarom dat u de baerijen weggooit in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving. Doe de baerijen nooit bij het normale huisafval.180
> Voor het aansluiten op een A/V-versterker of een stereo-installatie zijn de audio-uitgangen Audio-Out Analog (18), Optical-Out Digital (20) of Coaxial-Out Digital (21) op het achterpaneel beschikbaar. > Sluit de meegeleverde draadantenne aan op de antenneaansluiting (23). > Aankelijk van of u de LAN-verbinding of een WLAN-verbinding wilt gebruiken, sluit u de LAN-kabel van uw netwerk aan op de LAN-aansluiting (22) of stelt u de WLAN-antenne op (17). > Sluit vervolgens het netsnoer aan op een 110-240 V ~ 50 / 60 Hz stopcontact.
> Druk voor het aanzeen van de DIGITRADIO 143 CD, op de toets Aan-/Stand-by op het apparaat (15) of op de afstandbediening (14). > Druk voor het uitzeen opnieuw op de toets Aan-/Stand-by op het apparaat (15) of op de afstandbediening (14).
> Druk meerdere keren op de knop MODE op het apparaat (5) of op de afstandsbediening (8) om door de beschikbare bronnen te schakelen. Alternatief: > Open het submenu van de huidige bron door op de toets MENU te drukken en >Hoofdmenu te selecteren. De momenteel geselecteerde bron wordt op het display weergegeven.
3.6 Volume aanpassen
> Draai de volumeknop (15) van het apparaat naar rechts of druk op de toets VOL+ (23) van de afstandsbediening om het volume te verhogen. Draai de volumeknop (15) van het apparaat naar links of druk op de toets VOL+ (10) van de afstandsbediening om het volume te verlagen. Het ingestelde volume wordt tijdens de regeling op het display weergegeven.
Het menu is verdeeld in het Hoofdmenu, in het Submenu van de momenteel geselecteerde bron en in de Systeeminstellingen die op alle bronnen van toepassing zijn. De bediening in het menu gebeurt met de SCROLL&SELECT draaiknop (14) op het apparaat of met de pijltoetsen omhoog/omlaag (22, 24) en de toets OK (9) op de afstandbediening. > Om het submenu van de momenteel geselecteerde bron te openen, drukt u op de MENU-knop van het apparaat of van de afstandsbediening. In het submenu van de momenteel geselecteerde bron zijn de bronspecifieke instellingen en opties te vinden. Van hieruit hebt u ook toegang tot het >Hoofdmenu en de >Systeeminstellingen. > De markering kunt u door de draairegelaar SCROLL&SELECT naar links en rechts te draaien of door te drukken op de pijltoetsen p of q van de afstandsbediening , omhoog en omlaag bewegen. > Door op de SCROLL&SELECT draaiknop of de toets OK op de afstandbediening te drukken, kunt u een selectie bevestigen. Als een waarde is gewijzigd, kunt u de SCROLL&SELECT-knop of de OK-knop indrukken om deze op te slaan. Als er een pijl (>) naast een menu-optie staat, hebt u door op de SCROLL&SELECT-knop of de OK-knop te drukken toegang tot verdere instellingen of functies. > Druk op de MENU-knop om het menu af te sluiten. Aankelijk van het submenu of de optie waarin u zich bevindt, moet u mogelijk meerdere keren op de MENU-knop drukken. > Als u een instelling wilt annuleren zonder op te slaan, drukt u op de knop MENU of op de knop BACK (7) van de afstandsbediening. De verdere beschrijving van de functies van het apparaat in deze handleiding wordt aan de hand van de knoppen van de afstandsbediening beschreven.182182
3.8 Mute inschakelen
> U kunt het volume dempen met de knop Mute (13). "Mute" verschijnt op het display en in de statusbalk . > Druk nogmaals op de knop om het geluid weer in te schakelen.
3.9 Displayweergave oproepen
> Door tijdens het afspelen van een bron herhaaldelijk op de INFO-knop (6) te drukken, kunt u de volgende informatie weergeven en doorschakelen: Internet-radio: Titel, artiest Beschrijving Genre Betrouwbaarheid Bitsnelheid, geluidsformaat Afspeelbuer Datum Muziek afspelen (UPnP/USB-media): Artiest Album Bitsnelheid, geluidsformaat Afspeelbuer Datum DAB-modus: Titel, artiest DLS: doorlopende tekst met aanvullende informatie die de omroepen eventueel aanbieden Programmasoort Ensemble/Multiplex (groepsnaam) frequentie, kanaal Signaalsterkte Bit error rate in kbps geluidsformaat Datum Stationsnaam FM-modus: RT radiotekst (indien uitgezonden) PTY - programmatype Frequentie, datum183
CD/mp3 en USB-weergave: Titel Artiest Album Map Pad Bit- en samplefrequentie Afspeelbuer Datum Speelduur ID3 aan/uit (tekstuele informatie weergeven, indien beschikbaar) Spotify Connect: Titel Artiest Album Bit- en samplefrequentie Afspeelbuer Speelduur In de DAB-modus worden door sommige stations aeeldingen of extra informatie weergegeven (slideshow), die het hele scherm kunnen vullen. Deze venster-in-venster weergaven kunnen met de OK-knop worden verkleind om zo met de INFO-knop de verschillende info's en vensters weer te geven.
3.10 Displayweergave
Aankelijk van de geselecteerde functie/bron, kan het weergegeven display verschillen. Let op de aanwijzingen op het display. Statusbalk Huidige bron Tijd Stationsnaam, Titel, artiest, Aanvullende informatie, menu, lijsten184 4 Eerste installatie Na de eerste keer inschakelen van de DIGITRADIO 143 CD start de installatieassistent. Alle instellingen kunnen naderhand op elk moment worden gewijzigd. > Om de wizard voor de eerste installatie te starten, kiest u met de pijltoetsen van de afstandsbediening het veld [JA] en drukt u op de knop OK. > In de volgende stap kunt u het formaat van de tijdaanduiding kiezen. Selecteer de gewenste instelling [12] of [24] en druk op de knop OK om naar de volgende stap te gaan. > Hier kunt u selecteren via welke bron (DAB +, FM of internet) de DIGITRADIO de tijd en de datum verkrijgt en bijwerkt. Nadat u de selectie hebt gemaakt, voert u in de volgende stap de tijdzone in zodat de tijd correct wordt weergegeven. > Geef vervolgens aan of de zomertijd of wintertijd van kracht is op het moment van aanpassing. > In de volgende stap kunt u opgeven of de DIGITRADIO in de stand-bymodus met het internet verbonden moet blijven. Hierdoor wordt het verbruik in stand-by wel hoger. > Vervolgens start de netwerkassistent en kunt u een internetverbinding tot stand brengen. Selecteer het u bekende WLAN-netwerk met de knop OK en voer het juiste wachtwoord in met behulp van het toetsenbord op het scherm. Selecteer vervolgens en druk op de knop OK. Als het wachtwoord correct was, wordt een verbinding met dit netwerk tot stand gebracht. Of er verbinding is, kunt u zien aan de signaalbalk in de statusbalk van het display. Als u de invoer wilt areken, selecteert u en drukt u op de knop OK. Als u een typefout gemaakt hee, kunt u ook de laatste ingevoerde leers met wissen. Terwijl het virtuele toetsenbord op het display wordt weergegeven, kunt u navigeren met de pijltoetsen en de VOL+/- knoppen van de afstandsbediening. De pijltoetsen omhoog/omlaag verplaatsen de markering op en neer, de VOL+/- knoppen verplaatsen de markering naar rechts en links. > Als u de DIGITRADIO via een LAN-kabel op het netwerk hebt aangesloten, selecteert u [KABEL]. > Nadat u de netwerkconfiguratie hebt voltooid, bevestig het bericht dat de eerste installatie is voltooid door op de knop OK te drukken.185
5 Internetradio De DigitRadio 143 CD is met een internetradio-ontvanger uitgerust. Om internetradiostations/-zenders te ontvangen, hebt u een internetverbinding nodig via een aangesloten LAN-kabel of een draadloos netwerk nodig. Hoe u een internetverbinding configureert, leest u in hoofdstuk 14.2. > Druk herhaaldelijk op de MODE-knop tot [Internetradio] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > Internetradio. Als u zich in een submenu bevindt, selecteert u het hoofdmenu (zie punt 3.7). Als u de internetradio voor het eerst start, zonder dat er een LAN- of WLAN-verbinding is geconfigureerd tijdens de eerste installatie, wordt de zoekwizard weergegeven, die u alle bereikbare WLAN-stations toont. Selecteer het u bekende WLAN-netwerk met de knop OK en voer het juiste wachtwoord in met behulp van het toetsenbord op het scherm. Selecteer vervolgens en druk op de knop OK. Als het wachtwoord correct was, wordt een verbinding met dit netwerk tot stand gebracht. Of er verbinding is, kunt u zien aan de signaalbalk in de statusbalk van het display. Als u de invoer wilt areken, selecteert u en drukt u op de knop OK. Als u een typefout gemaakt hee, kunt u ook de laatste ingevoerde leers met wissen.
5.1 Laatst geluisterd
> Kies het MENU > Laatst beluisterd om een lijst met de laatst beluisterde stations weer te geven. > Selecteer een station met de pijltoetsen omhoog/omlaag en druk nogmaals op OK.
> Druk op de knop MENU en selecteer Zenderoverzicht uit de beschikbare categorieën. Onder Zenderoverzicht zijn alle internetradiostations onderverdeeld in verschillende categorieën. Bovendien hebt u hier ook toegang tot uw Favorieten. > Selecteer aan de hand van categorie/land/genre een station en druk op de OK-knop.186 Als u een station aan de lijst Mijn favorieten wilt toevoegen, houdt u tijdens het afspelen de knop OK ingedrukt totdat [Favoriet toegevoegd] verschijnt. Alternatief: > Houd de toets PRESET ingedrukt, tot [Instellingen opslaan] op het display verschijnt. Hier kunt u nu met de pijltoetsen omhoog/omlaag een van de 30 geheugenplaatsen voor uw favorieten selecteren. Druk op de knop OK om de stations op te slaan wanneer de markering zich op de gewenste geheugenplaats bevindt. Op het display verschijnt [opgeslagen]. Alternatief: > Houd een van de cijfertoetsen 1...10 ingedrukt om een station onder deze cijfertoets op te slaan. Druk op de INFO-knop om aanvullende informatie over het huidige station te krijgen. Om eigen stations of favorieten toe te voegen, kunt u deze registreren op de website: hp://nuvola.link/sr. Hiervoor hee u een toegangscode nodig, die u in de DigitRadio 143 CD via Internetradio> MENU > Zenderoverzicht > Help > kunt aanvragen. Verdere instructies voor het gebruik van de NUVOLA-website vindt u in het downloadgedeelte van de DIGITRADIO 143 CD. Om uw favoriete stations op te halen, hebt u ook verschillende opties: > Selecteer Internetradio> MENU> Zenderoverzicht> Mijn favorieten> Stations. Hier zijn alle favorieten te vinden die u door de knop OK ingedrukt te houden of via de website hebt toegevoegd. Selecteer een station met de pijltoetsen omhoog/omlaag en druk op de OK-knop om deze weer te geven. > Druk kort op de PRESET-toets en selecteer met de pijltoetsen een station uit het opgeslagen zenderoverzicht. Druk op de OK-knop om het station weer te geven. > Druk op een van de cijfertoetsen 1...10 om het station rechtstreeks te selecteren.187
6 Muziek afspelen (UPnP-media) U kunt via de DIGITRADIO 143 CD muziekmedia afspelen die zijn opgeslagen op een UPnP-server of een aangesloten USB-apparaat voor massaopslag. Om toegang te krijgen tot een UPnP-server is een verbinding met een netwerk (router) noodzakelijk. Houd ook rekening met de aanwijzingen in het punt 14.2 over het configureren van een netwerkverbinding.
6.1 Afspelen via UPnP
De UPnP-mediaserver moet zich in hetzelfde netwerk als de DigitRadio 143 CD bevinden. > Druk herhaaldelijk op de MODE-knop totdat [Muziek afspelen] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > Muziek afspelen. Als u zich in een submenu bevindt, selecteert u eerst het hoofdmenu zoals beschreven onder punt 3.7. Als u de muziekweergave de eerste keer start zonder dat er een WLAN-verbinding is geconfigureerd, verschijnt de scanassistent, die alle WLAN-stations binnen bereik toont. Meer informatie over het configureren van een netwerkverbinding vindt u onder punt 14.2.
6.1.1 Media afspelen
> Kies [Gedeelde media] en selecteer vervolgens de server waar uw muziek zich bevindt. De weergave van de mappenstructuur is aankelijk van de mappenstructuur op uw mediaserver. Selecteer [Playlist] om afspeellijsten af te spelen die zich op uw mediaserver bevinden. In het menu zijn de afspeelopties [Willekeurig afspelen] en [Herhalen] beschikbaar. Het betreende symbool verschijnt in de statusbalk. Als u een mediaserver hebt geselecteerd, kunt u direct titels zoeken met Zoeken]. > Selecteer een nummer met de pijltoetsen en bevestig de selectie door op de OK-toets te drukken. > Met de weergavetoetsen Afspelen/Pauze (2), Stop (16) en Volgende nummer (3, 15) kan het afspelen worden aangepast.188
6.1.2 Muziek via de Windows Media Player
Als alternatief voor een UPnP-server kunt u muziek afspelen via Windows Media Player versie 10 of hoger. In de Windows Media Player moet hiervoor een muziekshare worden ingesteld. > Controleer of de Windows-PC en de DigitRadio 143 CD zich op hetzelfde netwerk bevinden en zijn ingeschakeld. > Start de mediaspeler en schakel de mediastream-share in. > Selecteer indien nodig DigitRadio 143 CD in het volgende apparaatoverzicht en selecteer Toestaan. Aankelijk van de Windows/Media Player-versie kan de procedure verschillen.
6.2 Afspelen via USB-massaopslag
Ondersteunde muziekbestanden op een USB-apparaat voor massaopslag kunnen worden afgespeeld op de DIGITRADIO 143 CD. Plaats hiervoor het USB-apparaat voor massaopslag, bijvoorbeeld een USB-stick in de USB-aansluiting (3) aan de voorzijde van de DIGITRADIO 143 CD. > Selecteer in het submenu Muziek afspelen > [USB afspelen] en druk op de knop OK. > Selecteer een nummer met de pijltoetsen en bevestig de selectie door op de OK-toets te drukken. > Met de weergavetoetsen Afspelen/Pauze (2), Stop (16) en Volgende nummer (3, 15) kan het afspelen worden aangepast. 7 Spotify Connect Gebruik je smartphone, tablet of computer als afstandsbediening voor Spotify. Op spotify.com/connect vind je meer informatie. Voor de Spotify-soware gelden licenties van derden die u hier kunt vinden: hp://www.spotify.com/connect/third-party-licenses189
8 De DAB-functie DAB+ is een nieuw digitaal formaat dat kristalhelder geluid zonder ruis mogelijk maakt. In tegenstelling tot traditionele analoge radiostations, zendt DAB+ meerdere stations op een en dezelfde frequentie uit. Meer informatie vindt u bijv. onder www. dabplus.de of www.dabplus.ch.
8.1 DAB radio-ontvangst
> Druk herhaaldelijk op de MODE-knop totdat [DAB-radio] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > DAB. Als u zich in een submenu bevindt, selecteert u eerst het hoofdmenu zoals beschreven onder punt 3.7. Wanneer DAB voor de eerste keer wordt gestart, wordt een volledige kanaalscan uitgevoerd. Vervolgens wordt de zenderlijst weergegeven (zie paragraaf 8.3).
De automatische scan [Volledige scan] scant alle DAB band III-kanalen en vindt dus alle zenders die in het ontvangstgebied worden uitgezonden. Na voltooiing van de zoekopdracht wordt het eerste station in alfanumerieke volgorde afgespeeld. > Druk op de SCAN-toets om een volledige scan uit te voeren. [Scan] verschijnt op het display. Het zoeken begint, het display toont de voortgangsbalk. > Druk als u klaar bent op p of q en OK om een station te selecteren. Alternatief: > Druk op de knop MENU en kies met p of q >Volledige scan. Bevestig door op OK te drukken. Als er geen station wordt gevonden, controleert u de uitrichting van de antenne en wijzigt u indien nodig de installatielocatie. Controleer of er digitale radiozenders in uw regio worden uitgezonden.190
8.3 Zender selecteren
> U kunt de gevonden stations op het apparaat controleren. Druk daarvoor op p of q, het Zenderoverzicht verschijnt. > Druk op OK om een station te selecteren. > Als alternatief kunt u ook op de MENU-toets drukken en met p of q >Zenderoverzicht selecteren.
8.4 DAB-stations opslaan
In het geheugen van de favorieten kunnen maximaal 30 stations in het DAB-bereik worden opgeslagen. De opgeslagen stations blijven ook bij stroomuitval bewaard. > Het gewenste station instellen. > Houd de PRESET-knop ingedrukt totdat de lijst met favoriete stations verschijnt. > Gebruik de p of q-knoppen om een opslaglocatie van 1...30 te selecteren en druk op de OK-knop. [opgeslagen] verschijnt op het display. Alternatief: > Houd een van de nummerknoppen 1...10 ingedrukt tot [opgeslagen] op het display verschijnt. > Herhaal de procedure om meer stations op te slaan.
8.5 Selecteer de geprogrammeerde stations
> Druk kort op de PRESET-knop. > Selecteer met de p of q-knoppen een geheugenlocatie 1...30 en druk op de knop OK om de daar opgeslagen zender af te spelen. Alternatief: > Druk op de gewenste cijfertoets 1...10. Als u geen station op het geselecteerde kanaal hebt opgeslagen, verschijnt [Geheugenplaats leeg].191
8.6 Een opgeslagen programmalocatie verwijderen
> Sla eenvoudig als beschreven onder punt 8.4 een nieuw station op onder de betreende programmaplaats.
> Druk herhaaldelijk op INFO totdat de signaalsterkte wordt weergegeven: Minimale signaalsterkte Signaalsterkte > De besturing van de balk gee het huidige niveau weer. Stations met een signaalsterkte die lager is dan de vereiste minimale signaalsterkte zenden geen voldoende signaal uit. Richt de antenne eventueel opnieuw. > Onder de menu-optie Handmatig instellen kunt u de ontvangstkanalen afzonderlijk selecteren en hun signaalsterkte laten weergeven. Zo kunt u de telescopische antenne optimaal uitlijnen met kanalen die op de locatie van de radio een slechte ontvangst hebben. Daardoor kunnen stations die eerder bij het zoeken niet werden gevonden, mogelijk toch gevonden en beluisterd worden. Selecteer hiervoor MENU > Handmatig instellen en vervolgens een zendfrequentie. Vervolgens wordt de signaalsterkte van deze zender weergegeven. Door meerdere keren op de INFO-toets te drukken, bladert u door verschillende informatie, zoals programmatype, multiplexnaam, frequentie, signaalfoutenpercentage, gegevensbitsnelheid, programma-indeling, datum, DLS.192
De mate van compressie compenseert dynamische fluctuaties en bijbehorende volumevariaties. > Druk op de knop MENU en selecteer > Volumeregeling om de gewenste compressieverhouding te selecteren. > Selecteer met de compressieverhouding: DRC hoog - Hoge compressie DRC laag - Lage compressie DRC uit - Compressie uitgeschakeld. > Bevestig door op OK te drukken.
8.9 Inactieve stations verwijderen
Met de functie Inactieve zenders verwijderen kunt u de lijst met stations wissen die momenteel niet meer zenden of kunnen worden ontvangen. > Druk op de knop MENU en selecteer met p of q > Inactieve stations verwijderen. > Bevestig de keuze door op de toets OK te drukken. > Selecteer met p of q > Ja en bevestig door op OK te drukken.
8.10 Volgorde van de stations aanpassen
> Druk op de knop MENU en selecteer met p of q >Stationvolgorde. > Selecteer een sorteermethode en bevestig uw selectie met OK. U hebt de keuze tussen: Alfanumeriek, Aanbieder en Geldig.193
> Druk herhaaldelijk op de MODE-knop tot [FM-radio] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > FM. Als u zich in een submenu bevindt, selecteert u het hoofdmenu (zie punt 3.7). Bij de eerste keer inschakelen is de frequentie 87,5 MHz ingesteld. Als u al een station hebt ingesteld of opgeslagen, speelt de radio de als laatste ingestelde zender af. Bei RDS-zenders verschijnt de naam van de zender. Om de ontvangst te verbeteren, kunt u de antenne eventueel opnieuw richten.
9.2 FM-ontvangst met RDS-informatie
RDS is een methode voor het verzenden van aanvullende informatie via FM-zenders. Omroepen met RDS verzenden bijv. hun stationsnaam of programmatype. Dit wordt op het display weergegeven. Het apparaat kan de RDS-informatie RT (radiotext), PS (stationsnaam), PTY (programmatype) weergeven.
9.3 Handmatige zenderkeuze
> Druk op p of q in de FM-modus om op het gewenste station af te stemmen. Het display toont de frequentie in stappen van 0,05 MHz.194
9.4 Automatische zenderkeuze
> Druk op de knop SCAN om het automatisch zoeken naar stations te starten. Op het display loopt de zendfrequentie op.
> Houd p of q ongeveer 2 seconden ingedrukt om automatisch naar het volgende station met voldoende signaal te zoeken. Als een FM-station met een voldoende sterk signaal wordt gevonden, stopt het zoeken en wordt het station afgespeeld. Als een RDS-zender wordt ontvangen, verschijnt de zendernaam en eventueel radiotekst. Gebruik voor het instellen van zwakkere stations de handmatige zenderkeuze. U kunt in het Menu > Zoeken instellen instellen of de zoekopdracht alleen sterke zenders moet zoeken (Alleen sterke zenders > JA) of alle zenders (Alleen sterke zenders> NEE). Druk hiervoor u op de MENU-knop en > Zoekinstellingen. Bevestig uw keuze met OK.
9.5 Mono/Stereo instellen
> Druk op de knop MENU en kies met p of q > Audio instelling. > Selecteer JA of NEE om bij een zwakke FM-ontvangst in mono af te spelen. > Bevestig door op OK te drukken.
9.6 FM-stations opslaan
In het geheugen van de favorieten kunnen maximaal 30 stations in het FM-bereik worden opgeslagen. De opgeslagen stations blijven ook bij stroomuitval bewaard. > Het gewenste station instellen. > Houd de PRESET-knop ingedrukt totdat de lijst met favoriete stations verschijnt.195
> Gebruik de p of q -knoppen om een opslaglocatie van 1...30 te selecteren en druk op de OK-knop. [opgeslagen] verschijnt op het display. Alternatief: > Houd een van de nummerknoppen 1...10 ingedrukt tot [opgeslagen] op het display verschijnt. > Herhaal de procedure om meer stations op te slaan.
9.7 Selecteer de geprogrammeerde stations
> Druk kort op de PRESET-knop. > Selecteer met de p of q-knoppen een geheugenlocatie 1...30 en druk op de knop OK om de daar opgeslagen zender af te spelen. Alternatief: > Druk op de gewenste cijfertoets 1...10. Als u geen station op het geselecteerde kanaal hebt opgeslagen, verschijnt [Geheugenplaats leeg].
9.8 Een opgeslagen programmalocatie verwijderen
> Sla eenvoudig als beschreven onder punt 9.6 een nieuw station op onder de betreende programmaplaats. 10 Bluetooth
10.1 Bluetoothmodus activeren
> Druk herhaaldelijk op de MODE-knop tot [Bluetooth audio] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > Bluetooth. Als u zich in een submenu bevindt, selecteert u het hoofdmenu (zie punt 3.7). In de statusbalk van het display wordt door een knipperend Bluetooth-pictogram de koppelingsmodus aangeduid.196 Als de DIGITRADIO 143 CD al aan een ander apparaat is gekoppeld dat zich binnen het bereik bevindt, wordt de verbinding automatisch tot stand gebracht.
> Schakel bluetooth in op uw muziekspeler, bijv. een smartphone of tablet. Hoe u Bluetooth op uw muziekspeler activeert, kunt u in de betreende bedieningsinstructies van het apparaat dat u met de DigitRadio wilt koppelen lezen. Houd er rekening mee dat maar een apparaat tegelijk verbinding kan maken met de DIGITRADIO 143 CD. > Selecteer op uw muziekspeler de lijst met gevonden Bluetooth-apparaten. > Zoek in de lijst naar DIGITRADIO 143 CD en selecteer deze. Als u wordt gevraagd om een pincode in te voeren, voert u 0000 (4 x nul) in. > Als het koppelen met succes is voltooid, stopt het Bluetooth-symbool op het display van de DIGITRADIO met knipperen.
10.3 Muziek afspelen
> Selecteer op uw muziekspeler een nummer en speel het af. > Het geluid wordt nu afgespeeld op de DIGITRADIO 143 CD. U kunt de afspeelknoppen op de afstandsbediening van de Digitradio gebruiken om het afspelen op uw muziekspeler te regelen (alleen met compatibele apparaten). U kunt ook de afspeelbediening op uw weergaveapparaat gebruiken. Let op dat u het volume van uw muziekspeler niet te laag instelt. Vergeet niet dat het maximale Bluetooth-bereik van 10 meter niet mag worden overschreden om een perfecte afspeelkwaliteit te waarborgen.197
11 Audio-ingang U kunt via de DIGITRADIO 143 CD het geluid van een extern apparaat beluisteren. > Sluit het externe apparaat aan op de audio-ingang (19) van de DIGITRADIO 143 CD. > Druk zo vaak op de MODE-knop tot [Line in] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > Line in. Om het volume optimaal aan te passen, gebruikt u zowel de volumeregelaar op de radio als op het aangesloten apparaat. Bij een zeer lage volume-instelling van het aangesloten apparaat en overeenkomstig hogere volume-instelling van de radio, zullen storende geluiden en ruis meer versterkt worden en dus duidelijker te horen zijn. Het is aan te raden om het volume van DIGITRADIO 143 CD bijv. op een DAB+ of FM-station in te stellen, dan naar de audio-ingang over te schakelen en vervolgens het volume van het aangesloten apparaat aan te passen, zodat het totale volume van de audio-ingang ongeveer gelijk is aan het volume van de DAB+/FM-zender. Op deze manier kunt u ook grote volumeverschillen voorkomen bij het schakelen tussen de functies van DIGITRADIO 143 CD. 12 CD/mp3 player
12.1 Algemene informatie over cd’s/mp3-cd’s
Het apparaat is geschikt voor muziek-cd's die zijn opgenomen met audiogegevens (cd-da of mp3 voor cd-r en cd-rw). Mp3- formaten moeten met ISO 9660 Level 1 of Level 2 worden aangemaakt. Multisessie-cd's kunnen niet gelezen worden. In de mp3-modus zijn de termen "Folder" = album en "Titel" bepalend. „Album“ komt overeen met de map op de pc, „Titel“ met het bestand op de pc of de titel van een cd-da. Het apparaat sorteert de albums of tracks van een album in alfabetische volgorde op naam. Als u de voorkeur gee aan een andere volgorde, kunt u de naam van het nummer of album veranderen door er een cijfer voor te plaatsen. Bij het branden van cd-r en cd-rw met audiogegevens kunnen zich verschillende problemen voordoen die soms het storingsvrije afspelen bemoeilijken. Dit komt door defecte soware- en hardware-instellingen of de gebruikte beschrijare cd. Als dergelijke fouten optreden, neem dan contact op met de klantenservice van de fabrikant van uw cd-brander/brandersoware of zoek de juiste informatie op (bijv. op internet).198 Als u audio-cd's maakt, houd dan rekening met de weelijke voorschrien en schendt de auteursrechten van derden niet. Houd het cd-vak altijd gesloten om te voorkomen dat zich stof op de laseroptiek verzamelt. Het apparaat kan cd's met mp3-gegevens en normale audio-cd's (cd-da) afspelen. Gebruik geen andere extensies, zoals *.doc, *.txt, *.pdf etc. bij het converteren van audiobestanden naar mp3. Muziekbestanden met andere extensies, zoals *.AAC, *.DLF, *.M3U en *.PLS resp. *.WMA kunnen niet worden afgespeeld. Vanwege de verscheidenheid aan verschillende encodersoware kan niet worden gegarandeerd dat elk mp3-bestand probleemloos kan worden afgespeeld. Bij foutieve titels/bestanden wordt het afspelen met de volgende titel/bestand voortgezet. Het is het beste om bij het branden van de cd op lage snelheid te branden en om de cd als single-sessie en afgesloten te maken.
12.1.1 Welke discs kunt u gebruiken
De cd-speler is compatibel met cd-, cd-r / rw- en mp3 op cd-media. U kunt alle hier vermelde discs (discformaat 12 cm/8 cm cd's, speelduur 74 of max. 24 minuten) met dit toestel zonder adapter afspelen. Verwijder de disc uit het station wanneer u het apparaat verplaatst. Daarmee voorkomt u schade aan de cd-speler en de disc. De afspeelkwaliteit van mp3-cd's is aankelijk van de instelling van de bitsnelheid en de gebruikte brandsoware.
> Druk herhaaldelijk op de MODE-knop tot [CD] op het display verschijnt. Alternatief: > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > CD. > Om cd's in te leggen, drukt u kort op de cd-uitwerpknop van het apparaat (13) of van de afstandsbediening (1). De cd-lade (4) gaat naar voren open. Deze mag daarbij niet belemmerd worden.199
Zorg ervoor dat er geen vreemde voorwerpen in het apparaat kunnen komen wanneer de cd-lade open is. De lens van de laserscanner mag nooit worden aangeraakt. Open de cd-lade alleen wanneer de cd stilstaat. Plaats de cd voorzichtig met de bedrukte kant naar boven. Zorg ervoor dat de cd niet scheef zit. Pak de cd voor het inleggen/eruit halen aan de randen vast. > Sluit het cd-vak met de uitwerpknop van het apparaat (13) of van de afstandsbediening (1). De cd wordt ingelezen. Dit kunt u op het display (1) zien. Wanneer het lezen is voltooid, verschijnt [Stop] op het display. Bij mp3-cd's verschijnt bovendien het albumnummer. Als de cd verkeerd is geplaatst of als de cd defect is, verschijnt "No cd" op het display. Wacht met gebruik tot de inhoud van de cd volledig is gelezen om er zeker van te zijn dat alle vereiste informatie van de cd is gelezen. Dit proces kan vooral bij mp3-cd's enige tijd in beslag nemen. > Door op de knop Afspelen/Pauzeren van de afstandsbediening (2) te drukken, kunt u het afspelen starten/pauzeren (op het display knippert de speelduur). > Druk op de knop STOP van de afstandsbediening (16) om het afspelen te stoppen. Op het display verschijnt het totale aantal nummers. Stop het afspelen altijd voordat u de cd eruit neemt. Als het afspelen niet start, schakelt de DIGITRADIO 143 CD na ongeveer 15 minuten over naar de stand-by.
12.2.1 Titel instellen
> U kunt mappen/albums met de F- of F+ -knoppen (25, 21) van de afstandsbediening selecteren. > Met de knoppen Nummer vooruit/achteruit (3, 15) van de afstandsbediening gaat u naar het volgende of vorige nummer. Het display toont het momenteel ingestelde titel/nummer (F = map / album, T = titel)200
U kunt snel vooruit of achteruit spoelen in het huidige nummer, om een bepaalde plek te zoeken. Tijdens het zoeken is er geen geluidsweergave. > Houd de Nummer vooruit/achteruit-toetsen (3, 15) van de afstandsbediening ingedrukt om binnen het nummer snel vooruit of achteruit te spoelen.
12.2.3 Herhaalfunctie
U kunt kiezen of u een nummer, de hele map, het album (alleen bij mp3-cd's) of alle nummers op de cd wilt herhalen. > Druk hiervoor herhaaldelijk op de knop Nummer herhalen op uw afstandsbediening (4). De geselecteerde modus wordt op het display weergegeven (Nummer herhalen , Map/album herhalen , Alle nummers herhalen ). > Om de functie uit te zeen, drukt u herhaaldelijk op de knop Nummer herhalen totdat de aanduiding van de herhaling verdwijnt.
12.2.4 Willekeurig afspelen
Met de willekeurige generator kunt u de nummers van een cd in willekeurige volgorde afspelen. > Druk tijdens het afspelen op de knop Shue van de afstandsbediening (5). Het symbool voor willekeurig afspelen verschijnt op het display . > Druk nogmaals op Shue om de functie weer uit te schakelen.
12.2.5 Programmeerfunctie
Met de programmeerfunctie kunt u maximaal 32 nummers van een muziek-cd of 64 nummers van een mp3/wma-cd in een door u vastgelegde volgorde afspelen. De programmering is alleen mogelijk als er zich een cd in de gesloten cd-lade bevindt en het apparaat in de stop-modus staat. > Druk op STOP op de afstandsbediening (16) om naar de stopfunctie te gaan.201
> Druk op de PRESET-knop (26) van de afstandsbediening. Op het display ziet u (bij een normale audio-cd) [Program], het nummer van de titel [T001] knippert, plus de opslagplaats [P01]. > Gebruik de knoppen Nummer vooruit/achteruit (3, 15) van de afstandsbediening om het eerste nummer te selecteren dat u wilt programmeren. > Sla het gewenste nummer op met de knop OK van de afstandsbediening (9). Het nummer is nu op de programmaplaats P01 als de eerste titel geprogrammeerd. Op het display ziet u nu het nummer van de volgende programmaplaats P02. Programmeer de gewenste volgorde van titels op deze manier. > Druk op de PRESET-knop of de STOP-knop van de afstandsbediening (26, 16) om het programmeren af te breken. > Druk op de knop Afspelen/Pauzeren van de afstandsbediening (2) om de geprogrammeerde selectie af te spelen. > Als u het afspelen van de geprogrammeerde selectie wilt stoppen, drukt u eenmaal op de knop Afspelen/Pauzeren van de afstandsbediening (2). > Om het geprogrammeerde afspelen te stoppen, drukt u op de knop STOP op de afstandsbediening (16). Wanneer u de cd-lade opent of een andere bron selecteert, wordt het programmageheugen gewist. Tweemaal drukken op de toets STOP (16) beëindigt het programmeren eveneens. Geef voor mp3-cd's ook het map-/albumnummer (F) op. > Nadat u bent begonnen met programmeren met de PRESET-toets, knippert op het display eerst een F gevolgd door het map-/albumnummer. Mappen/albums kunnen met de F- of F+ -knoppen (25, 21) op de afstandsbediening worden geselecteerd. De invoer van de titel gaat dan hetzelfde als bij de audio-cd.
12.3 Aanwijzingen voor de cd
Bewaar de cd altijd in het hoesje en pak deze alleen bij de randen vast. Het in regenboogkleuren glinsterende oppervlak mag niet worden aangeraakt en moet altijd schoon zijn. Geen papier of plakband op de etiketzijde van de cd plakken. De cd moet van fel zonlicht en warmtebronnen zoals kachels vandaan gehouden worden.202 Ook mag een cd niet in een in de zon geparkeerd staande auto liggen, omdat de binnentemperatuur in de auto extreem hoog kan oplopen. Vingerafdrukken en stof op de opgenomen kant met een schone, droge reinigingsdoek schoonmaken. Voor de reiniging van cd's mogen geen discreinigers zoals plaatspray, schoonmaakmiddelen, antistatische spray of oplosmiddelen zoals benzine, thinner of andere in de handel verkrijgbare chemicaliën worden gebruikt. Hardnekkige vlekken kunnen worden verwijderd met een vochtige zeem. Veeg vanaf het midden naar de rand van de disc. Draaiende bewegingen bij het reinigen veroorzaken krassen. Deze kunnen tijdens het afspelen tot fouten leiden. 13 Uitgebreide functies
Met de slaaptimer kunt u de DIGITRADIO 143 CD na een ingestelde tijd automatisch in stand-by laten schakelen. > Druk op de knop MENU en selecteer vervolgens in het Hoofdmenu > Slaaptimer. Als u zich in een submenu bevindt, selecteert u het hoofdmenu (zie punt 3.7). > Met de p of q-knoppen kunt u in stappen van Sleep uit, 15, 30, 45, 60 minuten de tijd instellen waarna het apparaat vanuit elke modus naar de stand-bymodus gaat. Alternatief: > Druk herhaaldelijk op de SLEEP-knop. In de statusbalk van het display verschijnt een klokpictogram met de nog beschikbare tijd totdat de DigitRadio overschakelt naar de stand-bymodus.
> Via MENU > Hoofdmenu > Wekker kunt u de wekkerinstellingen oproepen. Alternatief: > Druk op de toets WEKKER (17) op de afstandsbediening om direct naar de wekkerinstellingen te gaan.203
13.2.1 Wektijd instellen
U kunt de wekfunctie pas gebruiken nadat de juiste tijd is ingesteld. Aankelijk van de configuratie gebeurt dit automatisch of moet dit handmatig worden ingesteld. De tijd kan handmatig worden ingesteld of automatisch worden bijgewerkt via DAB FM of internet. Zie voor verdere informatie punt 14.3. > Selecteer een van de alarmopslagplaatsen Wekker 1 of Wekker 2 en stel punt voor punt de gewenste waarden in met behulp van de pijltoetsen p / q (22, 24) en OK (9) van de afstandsbediening. Herhaling Kies tussen de herhalingen Uit (wekker is uitgeschakeld), Dagelijks, Eenmaal, Weekend (ZA-ZO), Werkdagen (MA-VR). Tijd Stel de tijd in waarop u gewekt wilt worden. Als onder Herhalen Eenmaal is geselecteerd, dan wordt de datum ook gevraagd. Modus Selecteer de bron waarmee u gewekt wilt worden. U kunt kiezen uit Zoemer, Internet Radio, DAB, FM. Programma Selecteer of van de laatst ingestelde bron het Laatst gehoorde of een van de Opgeslagen favorieten moet worden afgespeeld. Volume Kies het volume waarmee u gewekt wilt worden. Opslaan Slaat de wekkerinstellingen op. De instellingen van de wekker worden pas na het selecteren van [Opslaan] overgenomen. De wekker is actief als u de wekkerherhaling hebt ingesteld op Dagelijks, Eenmaal, Weekend of Werkdagen. Op de statusbalk wordt vervolgens een alarmpictogram weergegeven met het nummer van de actieve wekker . In de stand Uit wordt de wekker niet op de ingestelde tijd actief.
13.2.2 Wekker na alarm uitschakelen
> Druk op de knop Aan/Stand-by (14) of Wekker (17) op de afstandsbediening om de wekker uit te schakelen. Op het display verschijnt [Alarm uit] en blij het wekkerpictogram verschijnen wanneer de wekkerherhaling is ingesteld op Dagelijks, Weekend of Weekdagen.204
13.2.3 Wekker uitschakelen/deactiveren
> Selecteer zoals onder 13.2.1beschreven de opgeslagen Wekker 1 of Wekker 2 die u wilt in- of uitschakelen. > Open [Herhalen] en zet deze op [Uit] om de wekker uit te schakelen. De instellingen van de wekker worden pas na het selecteren van [Opslaan] overgenomen. De instellingen van de wekker blijven behouden, zodat deze later eenvoudig weer kunnen worden ingeschakeld/ geactiveerd.
13.2.4 Wekker inschakelen/activeren
> Selecteer de opgeslagen wekker die u wilt in- of uitschakelen, Wekker 1 of Wekker 2. > Open [Herhalen] en stel deze in op Dagelijks, Eenmaal, Weekend of Werkdagen om de wekker met de bestaande instellingen te activeren (zie punt 13.2.1). Indien nodig kunt u de andere instellingen aanpassen zoals beschreven in punt 13.2.1. De instellingen van de wekker worden pas na het selecteren van [Opslaan] overgenomen.
13.3 Gebruik van koptelefoon
Luister niet naar muziek op hoog volume via een koptelefoon. Dit kan tot blijvende gehoorschade leiden. Stel het volume zo laag mogelijk in voordat u een koptelefoon gaat gebruiken. > Gebruik alleen koptelefoons met een 3,5 mm jackplug. > Steek de stekker van de headset in de koptelefoonaansluiting (12) aan de voorzijde van de DIGITRADIO. Wanneer de koptelefoon is aangesloten, wordt het geluid parallel via de koptelefoon en de audio-uitgangen weergegeven. Ook de volumeregeling loopt parallel. 14 Systeeminstellingen De systeeminstellingen gelden voor alle bronnen in gelijke mate. > Om de systeeminstellingen in te voeren, drukt u op de knop MENU en selecteert u > Systeeminstellingen.205
Om het geluid van de DIGITRADIO 143 CD aan te passen, gebruikt u de equalizer met de standaardinstellingen Midden, Klassiek, Rock, Pop en Jazz tot uw beschikking. > U kunt de equalizerinstellingen openen via MENU > Systeeminstellingen > Equalizer. Alternatief: > Druk op de toets EQUALIZER (EQ.) van de afstandsbediening (19) om direct naar de equalizerinstellingen te gaan. > Selecteer de gewenste equalizerinstelling en druk op de OK-knop. Een * gee de huidige selectie/instelling aan.
Voor de configuratie van de netwerkverbinding via netwerkkabel (LAN), kunt u de netwerkwizard gebruiken of deze handmatig uitvoeren.
14.2.1.1 Configuratie met de netwerkwizard
> Sluit de LAN-kabel aan op de DIGITRADIO-aansluiting met het label LAN-ingang (22). > Selecteer de [Netwerkwizard] om deze te starten. De netwerkwizard zoekt nu naar alle WLAN-netwerken binnen bereik en gee deze vervolgens weer, evenals de optie [Kabel]. > Als u de netwerkverbinding via de netwerkkabel (LAN) wilt gebruiken, selecteert u [Kabel] en drukt u op de knop OK. Na bevestiging worden automatisch de benodigde instellingen zoals bijvoorbeeld IP-adres, gateway en subnetmasker van uw router opgehaald, als op de router de DHCP-functie is ingeschakeld.206
14.2.1.2 Handmatige configuratie
> Selecteer [Handmatige instellingen] en vervolgens [Kabel] om de handmatige configuratie te starten. > Selecteer nu of u het IP-adres, de gateway enz. automatisch van uw router wilt laten ophalen (DHCP actief) of deze handmatig wilt invoeren (DHCP inactief). Bedenk wel dat het automatisch ophalen van het IP-adres, de gateway en het subnetmasker alleen werkt als de DHCP- functie in uw router is geactiveerd. > Voer achter elkaar het IP-adres, subnetmasker, gateway-adres, primaire DNS en, indien nodig, secundaire DNS achtereenvolgens in met behulp van de pijltoetsen van de afstandsbediening. Bevestig elke ingestelde waarde met de OK-knop.
14.2.2 Verbinding via WLAN
Voor de configuratie van de netwerkverbinding via WLAN kunt u de netwerkwizard gebruiken of deze handmatig uitvoeren.
14.2.2.1 Configuratie met de netwerkwizard
> Selecteer de [Netwerkwizard] om deze te starten. De netwerkwizard zoekt nu naar alle WLAN-netwerken binnen bereik en gee deze weer. > Selecteer vervolgens uw WLAN-netwerk. Nu kunt u kiezen of u de WPS-functie wilt gebruiken of handmatig uw WLAN-wachtwoord wilt invoeren. > Als u de WPS-functie wilt gebruiken, start u deze eerst op uw router volgens de bedieningsinstructies en vervolgens selecteert u [Toets indrukken] in de netwerkwizard. Let op de vermeldingen op het display. Het verbindingsproces is meestal na enkele seconden voltooid en de WLAN- verbinding kan nu worden gebruikt. > Als u uw WLAN- wachtwoord handmatig wilt invoeren of als uw router de WPS-functie niet ondersteunt, selecteert u [WPS overslaan]. > Voer vervolgens uw WLAN-wachtwoord in met behulp van het virtuele toetsenbord en bevestig door OK te selecteren.207
Het ingevoerde wachtwoord wordt nu gecontroleerd. Dit proces is meestal na enkele seconden voltooid en de WLAN- verbinding kan nu worden gebruikt.
14.2.2.2 Configuratie met de WPS-functie
Hiermee wordt een directe verbinding met de router tot stand gebracht. Een selectie en/of invoer van een draadloos netwerk (SSID) en wachtwoord is niet nodig. > Start de WPS-functie op uw router volgens de gebruikershandleiding daarvan. > Selecteer vervolgens [PBC Wlan instellen] om de verbindingsprocedure te starten. Let op de vermeldingen op het display. Het verbindingsproces is meestal na enkele seconden voltooid en de WLAN- verbinding kan nu worden gebruikt.
14.2.2.3 Handmatige configuratie
> Selecteer [Handmatige instellingen] en vervolgens [Draadloos] om de handmatige configuratie te starten. > Selecteer nu of u het IP-adres, de gateway enz. automatisch van uw router wilt laten ophalen (DHCP actief) of deze handmatig wilt invoeren (DHCP inactief). Vergeet niet dat het automatisch ophalen van het IP-adres, de gateway en het subnetmasker alleen werkt als de DHCP- functie in uw router is geactiveerd. > Voer achter elkaar het IP-adres, subnetmasker, gateway-adres, primaire DNS en, indien nodig, secundaire DNS achtereenvolgens in met behulp van de pijltoetsen van de afstandsbediening. Bevestig elke ingestelde waarde met de OK-knop. > Voer nu de naam (SSID) van uw WLAN-netwerk in met het virtuele toetsenbord en bevestig door OK te selecteren. > Selecteer of uw WLAN-netwerk Open of met WEP of WPA / WPA2 gecodeerd is en bevestig het volgende punt. > Voer ten sloe met behulp van het virtuele toetsenbord uw WLAN-wachtwoord in en bevestig door OK te selecteren om de verbindingsprocedure te starten. Normaal gesproken kan de WLAN-verbinding na enkele seconden worden gebruikt.208
14.2.3 Instellingen weergeven
> Selecteer [Instellingen weergeven] om de huidige netwerkinstellingen weer te geven.
14.2.4 Handmatige instelling
De handmatige instelling van de verbindingsparameters voor LAN is onder punt 14.2.1.2 en voor een draadloos netwerk (WLAN) onder punt 14.2.2.3 beschreven.
14.2.5 NetRemote PIN-instelling
Onder bepaalde omstandigheden kan het nodig zijn om de verbinding met de DIGITRADIO 143 CD met een pincode te beveiligen. > Voer in [NetRemote PIN-instelling] een 4-cijferige pincode in.
14.2.6 Netwerkprofiel verwijderen
Gebruik deze menu-optie om een bestaande verbinding met een draadloos netwerk te beëindigen en de gemaakte instellingen te verwijderen. Als u het apparaat opnieuw wilt verbinden met dit netwerk, moet u alle instellingen opnieuw uitvoeren.
14.2.7 WLAN/LAN-verbinding in stand-by
> Selecteer onder [WLAN/LAN in stand-by toestaan?] of de WLAN/LAN-verbinding in de stand-by wel (JA) of niet (NEE) moet worden behouden.
14.3 Tijdinstellingen
> Via MENU > Systeeminstellingen > Tijd en datum kunt u de tijd- en datuminstellingen oproepen en configureren.
14.3.1 Tijds-/datuminstelling
> Selecteer [Tijd-/datuminstelling] om de tijd en datum handmatig in te stellen. > Verander met de pijltoetsen p of q een waarde en bevestig door op de toets OK te drukken. Telkens wanneer u OK indrukt, springt de markering naar de volgende waarde.209
> Selecteer onder [Instellingen vernieuwen] of de tijd en datum automatisch via DAB [Update via DAB], FM [Update via FM] of Internet [Update via NET] moeten worden bijgewerkt dan wel [Geen update] moet worden uitgevoerd. Als Update via NET is geselecteerd, zijn automatisch de menu-opties [Tijdzone-instelling] en [Zomertijd] beschikbaar. Als [Geen update] is geselecteerd, moeten de datum en tijd zoals beschreven onder punt 14.3.1 handmatig worden ingesteld.
14.3.3 Formaat instellen
> Onder [Formaat instellen], kunt u selecteren of de tijd in 12- of 24-uursformaat moet worden weergegeven.
14.3.4 Tijdzone instellen
(alleen bij update via NET) > Selecteer onder [Tijdzone] de tijdzone die overeenkomt met uw locatie.
(alleen bij updaten via NET) > Onder [Zomertijd] stelt u in of het momenteel zomertijd (Aan) of wintertijd (Uit) is.
> Ga naar MENU> Systeeminstellingen> Fabrieksinstellingen om uw DIGITRADIO 143 CD naar de fabrieksinstellingen te reseen. Bedenk wel dat in dit geval alle door u gemaakte instellingen (bijv. voor netwerkverbinding of opgeslagen zenders) verloren gaan en vervolgens opnieuw moeten worden ingevoerd om de radio weer gewoon te kunnen gebruiken.210 > Als u de radio werkelijk opnieuw wilt instellen, selecteert u [JA] in de beveiligingsvraag die verschijnt of u breekt de procedure af met [NEE]. Na het voltooien van de fabrieksinstellingen schakelt de radio over naar stand-by. De volgende keer dat deze wordt ingeschakeld, wordt de installatieassistent (paragraaf 4) opnieuw gestart.
Van tijd tot tijd worden soware-updates ter beschikking gesteld, die verbeteringen of oplossingen voor fouten kunnen bevaen. De DIGITRADIO is daardoor altijd up-to-date. > Ga naar MENU > Systeeminstellingen > Soware-update. > Als de DIGITRADIO 143 CD periodiek naar nieuwe sowareversies moet zoeken, selecteert u bij [Auto-update] > [JA] of [NEE] als dat niet automatisch moet gebeuren. > Selecteer [Nu controleren] als u direct wilt controleren of er een nieuwere sowareversie beschikbaar is. Als er een soware-update is gevonden, volgt u de instructies op het display. Om soware-updates te zoeken en downloaden, moet de radio verbonden zijn met het internet. Schakel de DIGITRADIO 143 CD niet uit tijdens het updateproces!
14.7 Installatieassistent
De installatieassistent wordt automatisch gestart nadat de DIGITRADIO 143 CD voor het eerst wordt ingeschakeld, na het herstellen van de fabrieksinstellingen of handmatig in MENU > Systeeminstellingen > Installatieassistent. Hoe u de installatieassistent configureert ziet u onder punt 4.
> Onder MENU > Systeeminstellingen > Informatie kunt u de momenteel geïnstalleerde SW-versie evenals bijvoorbeeld de Spotify-versie vinden.211
> Gebruik MENU > Systeeminstellingen > Verlichting om toegang te krijgen tot de instellingen van de achtergrondverlichting. > Selecteer [Operationele modus] of [Stand-by modus] om de operationele of stand-bymodus in te stellen. > U kunt nu de helderheid tijdens gebruik in drie stappen van Hoog, Gemiddeld tot Laag instellen en voor stand-by onder [Displayverlichting] op Hoog, Gemiddeld, Laag en Uit instellen. Voor de stand-by modus kunt u bovendien onder [Time-out] de tijdsduur instellen waarna de displayverlichting na het uitschakelen in de ingestelde helderheid moet veranderen. 15 Schoonmaken Maak het apparaat niet schoon met een vochtige doek of onder stromend water om het risico van een elektrische schok te vermijden. Trek de stekker voor het schoonmaken uit het stopcontact. Gebruik geen schuursponsjes, schuurpoeder en oplosmiddelen zoals alcohol, benzine, spiritus, verdunner, enz. Deze kunnen het oppervlak van het apparaat beschadigen. Gebruik geen van de volgende stoen: zout water, insecticiden, chloorhoudende of zure oplosmiddelen (salmiak). Reinig de behuizing met een zachte met water bevochtigde doek. Maak het display alleen met een zachte katoenen doek schoon. Gebruik indien nodig een katoenen doek met kleine hoeveelheden niet-alkalisch, verdund zeepsop op waterbasis. Wrijf zachtjes over het oppervlak met de katoenen doek totdat deze helemaal droog is. 16 Storingen verhelpen Als het apparaat niet werkt zoals bedoeld, controleer het dan met behulp van de volgende tabellen.212
16.1 Algemene problemen
Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing Ik kan het apparaat niet aanzeen. Het apparaat krijgt geen stroom. Sluit de stekker op de juiste manier op het stopcontact aan. Misschien ander stopcontact nemen. Ik hoor niets. Verhoog het volume. Misschien is de verkeerde bron geselecteerd. Mogelijk is mute actief? Het display gaat niet aan. Zet het apparaat uit, haal de stekker uit het stopcontact, zet het apparaat aan. Er is een ruis te horen. In de buurt van het apparaat zendt een mobiele telefoon of een ander apparaat storende radiogolven uit. Verwijder de mobiele telefoon of het apparaat uit de omgeving van uw apparaat. Er treden andere bedieningsfouten, harde ruis of een gestoorde displayweergave op. Elektronische componenten van het apparaat zijn gestoord. Trek de stekker eruit. Laat het apparaat ca. 10 seconden los van de stroombron. Sluit het apparaat opnieuw aan.213
16.2 Problemen met USB-media
Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing Afspelen lukt niet. Het apparaat bevindt zich niet in USB-modus. Schakel met MODE de betreende bron in. Medium niet geplaatst of leeg. Medium correct plaatsen of er muziek op zeen.
16.3 Problemen met de afstandbediening
Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing De afstandsbediening werkt niet. Baerijen verkeerd geplaatst of zwak. Controleer de polariteit. Vervang de baerijen. IR-verbinding onderbroken. Verwijder objecten die zich tussen de afstandsbediening en het apparaat bevinden. Afstand te groot. Max. afstand tot het apparaat: ca. 4 meter214
16.4 Problemen met de radio
Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing Er wordt geen enkele radiozender ontvangen. Het apparaat staat niet in de radio- modus. Druk op de knop MODE en selecteer DAB of FM. Er wordt geen DAB-signaal ontvangen. Controleer of in het gebied DAB-ontvangst mogelijk is. Richt de antenne anders. Probeer om andere stations te ontvangen. Voer een scan uit. Het geluid is zwak of van slechte kwaliteit. Andere apparaten, bijvoorbeeld televisies, storen de ontvangst. Zet het apparaat verder weg van deze apparaten. De antenne is verkeerd geplaatst of niet goed gericht. Verander de positie/locatie van de draadantenne215
16.5 Problemen met de cd-speler
Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing De cd wordt niet weergegeven of springt bij het afspelen verder. Het apparaat staat niet in cd-modus. Verkeerde cd geplaatst. De cd-lade is niet gesloten. Sluit de cd-lade. De cd is verkeerd geplaatst. Leg de cd met de beschreven kant naar boven in de lade. De cd moet goed gecentreerd in de cd-lade liggen. De cd is vervuild of defect. Reinig de cd, gebruik een andere cd. In de cd-lade is vocht neergeslagen. Neem de cd eruit en laat de cd-lade ca. 1 uur open staan om te drogen. De speeltijd van de cd bedraagt meer dan 74 minuten. Het geluid valt weg. Het volume is te hoog ingesteld. Verlaag het volume. De cd is beschadigd of vervuild. Reinig de cd of vervang deze. Het apparaat wordt blootgesteld aan trillingen. Plaats het apparaat op een trillingsarme plek.216
16.6 Problemen met de externe ingang
Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing Geen geluid van de externe ingang (AUX). Is het externe apparaat correct aangesloten? Is AUX geselecteerd als de ingangsbron? Is het afspelen op het externe apparaat gestart en is het uitgangsvolume ingesteld? Als u de storing na de beschreven controles nog steeds niet kunt verhelpen, neem dan contact op met de technische hotline (zie informatie hierover op Seite 174).217
Notice-Facile