GKB477W - Fornuis Pelgrim - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GKB477W Pelgrim in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GKB477W - Pelgrim en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GKB477W van het merk Pelgrim.
GEBRUIKSAANWIJZING GKB477W Pelgrim
Inleiding Als u deze gebruiksaanwijzing doorleest, bent u snel op de hoogte van alle mogelijkheden die dit toestel u biedt. U vindt informatie voor uw veiligheid en over het onderhoud van het toestel. Verder vindt u milieutips en aanwijzingen om energie te besparen. Bewaar deze handleiding. Een eventueel volgende gebruiker van dit toestel kan daar zijn voordeel mee doen. Veel kookplezier! uw gaskookplaat
Waar u op moet letten Zorg voor voldoende ventilatie tijdens het gebruik ■ Houd natuurlijke ventilatieopeningen open. ■ Bij langdurig gebruik van de kookplaat is extra ventilatie noodzakelijk. Zet bijvoorbeeld een raam open of installeer een mechanische ventilator. Gebruik de kookplaat alleen voor het bereiden van gerechten ■ Het toestel is niet geschikt om ruimtes te verwarmen. Flambeer nooit onder een afzuigkap ■ Door de hoge vlammen kan brand ontstaan, ook bij een uitgeschakelde ventilator. De branderdelen zijn heet tijdens en direct na het gebruik ■ Vermijd directe aanraking en contact met niet-hittebestendige materialen. ■ Dompel hete branderdoppen en pandragers nooit onder in koud water. Door de snelle afkoeling kan het email beschadigen. De afstand van de pan tot een knop of niet-hittebestendige wand moet altijd groter zijn dan twee centimeter ■ Bij kleinere afstanden kunnen door de hoge temperatuur de knoppen of de wand verkleuren en/of vervormen. Gebruik altijd de pandragers en geschikt kookgerei ■ Plaats de pan altijd op de pandrager. Het plaatsen van de pan direct op de branderkop kan tot gevaarlijke situaties leiden. ■ Aluminium bakjes of folie zijn niet geschikt als kookgerei. Ze kunnen inbranden op de branderkoppen en pandragers. Plaatsen van branderdelen en pandragers ■ De kookplaat kan alleen goed functioneren wanneer de branderdelen via de geleidingsnokken in elkaar zijn gezet. ■ Zorg er voor dat de pandragers recht tegen elkaar en vlak op de vangschaal liggen. Alleen op deze manier kunnen de pannen stabiel geplaatst worden. Ontsteken en instellen Elke brander kan traploos worden geregeld tussen vol- en kleinstand. GKB410 De bedieningsknop van de brander ingedrukt linksom draaien en met een lucifer de brander ontsteken.
GKB415/417/470/472/475/475W/477/477W/478/478W
Druk de bedieningsknop in en draai hem linksom. De brander ontsteekt. Vlambeveiliging (GKB416/478/GKB478W) De vlambeveiliging zorgt ervoor dat de gastoevoer gesloten wordt als de vlam tijdens het kookproces dooft. Houd de bedieningsknop, in volstand, ongeveer 5 seconden ingedrukt. De vlambeveiliging schakelt in. 0-stand kleinstand volstand 0-stand kleinstand volstand98 onderhoud comfortabel koken De kookplaat optimaal gebruiken ■ Zorg er altijd voor dat de vlammen onder de pan blijven. Als vlammen om de pan heen spelen gaat veel energie verloren. Bovendien kunnen de handgrepen dan te heet worden. ■ Gebruik geen pannen met een kleinere bodemdiameter dan 12 cm. Kleinere pannen staan niet stabiel. ■ (Roer)bakken, doorkoken van grote hoeveelheden en frituren kunt u (indien van toepassing) het beste doen op de sterk-, of wokbrander. Sauzen berei- den, sudderen en doorkoken kunt u het beste doen op de sudderbrander. Op de vol-openstand is deze brander groot genoeg voor het doorkoken. Gebruik voor alle andere gerechten de normaalbranders. ■ Kook met het deksel op de pan. U bespaart dan tot 50% energie. ■ Gebruik pannen met een vlakke, schone en droge bodem. Pannen met een vlakke bodem staan stabiel en pannen met een schone bodem dragen de warmte beter over naar het gerecht. Wokbrander Met de wokbrander kunt u gerechten op een zeer hoge temperatuur bereiden. Het is hierbij van belang dat u: ■ van te voren de ingrediënten in reepjes, plakjes of stukjes snijdt; ■ bij het roerbakken olie van goede kwaliteit gebruikt, zoals olijf-, maïs-, zonnebloem- of arachide-olie. Een klein beetje is al genoeg. Boter en margarine verbranden door de grote hitte; ■ de ingrediënten met de langste bereidingstijd het eerst in de pan doet, zodat aan het eind van de bereidingstijd alle ingrediënten tegelijk (beet)gaar zijn. Algemeen Uw toestel is vervaardigd uit hoogwaardige materialen, die u eenvoudig reinigt. ■ Branderdelen mogen niet in de vaatwasser gereinigd worden. De onderdelen kunnen door het vaatwasmiddel aangetast worden! Gebruik niet te veel vocht, aangezien dit de brander of ventilatieopeningen kan binnendringen. ■ Reinig de ontstekingsbougies bij voorkeur met een doekje. Betracht hierbij wel enige voorzichtigheid. Bij een te zware belasting kan de afstand van de bougiepunt tot aan de brander wijzigen, waardoor de brander slechter of niet ontsteekt. De bougie werkt alleen goed in een droge omgeving. Bij zware vervuiling kunt u de punt met een fijn borsteltje reinigen. ■ Plaats de pandragers rechtstandig naar beneden, zonder over de vangschaal te schuiven. ■ Zet de branderdelen in elkaar met behulp van de geleidingsnokken. ■ Regelmatig onderhoud direct na gebruik voorkomt dat overgekookt voedsel lange tijd kan inwerken en hardnekkige, moeilijk te verwijderen vlekken veroorzaakt. Gebruik hiervoor een mild reinigingsmiddel. ■ Reinig eerst de bedieningsknoppen, branders en pandragers en dan pas de vangschaal. Hiermee voorkomt u dat de plaat tijdens het reinigen opnieuw vuil wordt.11 milieuaspecten Verpakking en toestel afvoeren Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hieromtrent informatie verschaffen. De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn: ■ karton; ■ papier; ■ polyethyleenfolie (PE); ■ CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim); ■ polypropyleenband (PP). Deze materialen op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen afvoeren.
onderhoud Algemeen Hardnekkige vlekken op email (roosters, branderdoppen, vangschalen) Hardnekkige vlekken kunt u het beste verwijderen met een vloeibaar reinigingsmiddel of een kunststof schuursponsje. Gebruik nooit schuurpoeders, schuurpads, scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen. Hardnekkige vlekken op roestvaststaal (vangschalen) Met name overgekookte rode kool, rode bieten, ketjap, appelmoes, rabarber en andere sterk suikerhoudende voedingsmiddelen en zure vloeistoffen kunnen een verkleuring van het oppervlak veroorzaken. Wanneer u hardnekkige vlekken op roestvaststaal wilt verwijderen kunt u het beste een speciaal roestvaststaal-reinigingsmiddel gebruiken. Poets dan wel altijd met de structuur van het staal mee om glansplekken te voorkomen. (Schades die hierdoor ontstaan vallen niet onder de garantie!) Wanneer de vlekken met de hierboven beschreven methode niet te verwijderen zijn kunt u de kookplaat reinigen met HG oven & grillreiniger. Houd er echter rekening mee dat u de hele vangschaal moet behandelen om "kleur"verschil te voorkomen. U moet de vangschaal bovendien nabehandelen met een glans- of onderhoudsmiddel voor roestvaststaal. Het is overigens normaal dat het oppervlak gedurende de levenscyclus enigszins verkleurt.1312 installatievoorschrift Gasaansluiting RC 1/2˝ (ISO 7/1-RC 1/2) Let op: De gassoort en het land waarvoor het toestel is ingericht staan vermeld op het gegevensplaatje. De gasaansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften. Voor Nederland zijn dit onder andere de GAVO-voorschriften (NEN 1078). Deze bepalen onder andere dat: – uitsluitend goedgekeurde materialen gebruikt mogen worden; – achter een inbouwoven en onder de kookplaat slechts een volledig metalen slang gebruikt mag worden. ■ Wij adviseren de kookplaat aan te sluiten met een vaste leiding. Aansluiting door middel van een speciaal daarvoor bestemde veiligheidsslang is ook toegestaan. In alle gevallen moet er voor het toestel een aansluitkraan geplaatst worden op een makkelijk bereikbare plaats, bijvoorbeeld in het naastgelegen keukenkastje. ■ Een veiligheidsslang mag niet worden geknikt en niet in aanraking komen met bewegende delen van het keukenmeubel. ■ Alvorens het toestel in gebruik te nemen de aansluitingen met zeepsop controleren op gasdichtheid. installatievoorschrift Algemeen Dit toestel mag alleen door een erkend gastechnisch installateur aangesloten worden. Let op: ■ Dit toestel wordt niet aangesloten op een rookgas-afvoerkanaal. Zorg dus voor voldoende ventilatie. ■ Plaats een kookplaat niet naast een hoge kast of wand van brandbaar materiaal. (Indien niet anders mogelijk, houdt dan een minimale afstand van 100 mm tussen buitenkant kookplaat en deze wand. Houd ook een afstand van minimaal 650 mm aan tussen de kookplaat en een eventueel te plaatsen afzuigkap.) Elektrische aansluiting (alleen voor toestellen met vonkontsteking) Elektrische aansluiting: 230 V - 50 Hz. Dit toestel voldoet aan de voorschriften van de richtlijn 89/336/EEG inzake elektro-magnetische compatibiliteit. ■ De elektrische aansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften. Voor Nederland is dit onder andere NEN 1010. ■ Stopcontact en stekker moeten te allen tijde bereikbaar blijven. ■ Wilt u een vaste aansluiting maken, zorg er dan voor dat er een omnipolaire schakelaar met een contactafstand van minimaal 3 mm in de toevoerleiding wordt aangebracht. Let op: ■ Dit toestel moet worden geaard. ■ Wanneer de aansluitkabel is beschadigd mag deze alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn serviceorganisatie of gelijkwaardig gekwalificeerde personen, om gevaarlijke situaties te voorkomen.Inbouwen
1. Maak de uitsparing in het aanrechtblad. Zorg ervoor dat u voldoende ruimte
vrij laat aan de zij- en achterkant.
Let op: ■ De afstand tussen de kookplaat en de achterwand moet minimaal 50 mm bedragen.
2. Maak een uitsparing in de zijwand van de keukenkast voor het doorvoeren
3. Laat de kookplaat in de uitsparing zakken.
4. Zet de kookplaat vast.
5. Maak de gasaansluiting. Controleer de aansluitingen met zeepsop op
gasdichtheid (zie “gasaansluiting”).
6. Maak de elektrische aansluiting (zie “elektrische aansluiting”).
7. Controleer de werking van het toestel.
Het inbouwen in combinatie met een inbouw-oven staat beschreven in het installatie-voorschrift van de oven. Pas op: ■ De onderkant van de inbouwkookplaat wordt heet. Let erop, dat u geen brandbare of kunststof voorwerpen in de eventueel onder het toestel aanwezige lade legt!
installatievoorschrift
Notice-Facile