Küppersbusch KI6130.0SE - Fornuis

KI6130.0SE - Fornuis Küppersbusch - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KI6130.0SE Küppersbusch in PDF-formaat.

📄 84 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Küppersbusch KI6130.0SE - page 47
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Küppersbusch

Model : KI6130.0SE

Categorie : Fornuis

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KI6130.0SE - Küppersbusch en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KI6130.0SE van het merk Küppersbusch.

GEBRUIKSAANWIJZING KI6130.0SE Küppersbusch

,QVWDOODWLH 3ODDWVLQJPHWEHVWHNODGH Wenst u een meubel of besteklade te SODDWVHQRQGHUGHNRRNSODDWGDQPRHW tussen beiden een scheidingsplank geplaatst worden. Op deze wijze wordt toevallig contact met het warme opper- vlak van de behuizing van het apparaat voorkomen. De plank moet 20 mm onder het onderste deel van de kookplaat gemonteerd worden. (OHNWULVFKHDDQVOXLWLQJ Vooraleer de kookplaat op het elektri- FLWHLWVQHWDDQWHVOXLWHQPRHWXFRQWUR leren of de spanning (voltage) en haar frequentie overeenstemmen met de gegevens aangeduid op het typeplaat- MHYDQGHSODDWGDWXRQGHUDDQKHW WRHVWHOYLQGWHQLQKHWJDUDQWLHEHZLMV of eventueel het technische gegevens- blad dat u tijdens de levensduur van het apparaat samen met deze handlei- ding moet bewaren. De elektrische aansluiting gebeurt via HHQPHHUSROLJHVFKDNHODDURIVWHNNHU op voorwaarde dat deze goed bereik- EDDULVJHVFKLNWYRRUGHWHZHHUVWDQH sterkte en de minimale opening tus- sen

GH FRQWDFWHQ PP EHGUDDJW ZDW

uitschakeling verzekert in noodsitua- ties of in geval van reiniging van de plaat. Vermijd contact tussen de invoerkabel en de behuizing van zowel de kook-

SODDWDOVGHRYHQDOVGH]HLQKHW]HOIGH

meubel geïnstalleerd is. 2SJHOHW

+HWEHYDWEHODQJULMNHWHFKQLVFKH JHJHYHQVYDQKHWWRHVWHO 2YHULQGXFWLH 9RRUGHOHQ Met een inductiekookplaat wordt de warmte rechtstreeks op de pan overgebracht. Dit heeft een aantal voordelen: - Tijdbesparing. - Energiebesparing. - Eenvoudig te reinigen omdat het voedsel dat in contact komt met de glazen plaat niet zo snel aanbakt. - Verbeterde energieregeling. De energie wordt op de pan overgebracht zodra de vermogensregeling wordt bediend. En zodra de pan van de

NRRN]RQHZRUGWJHQRPHQVWRSW GH

stroomtoevoer. U hoeft het vermogen niet eerst uit te schakelen. Pannen Op een inductiekookplaat zijn alleen ferromagnetische pannen geschikt. Er bestaan verschillende soorten: JLHWLM]HUHQ JHsPDLOOHHUG VWDDO HQ roestvrijstalen pannen die speciaal bestemd zijn voor gebruik met inductiekookplaten. We r ad e n h et g e b r u ik v a n verdeelplaatjes of materialen zoals dun VWDDODOXPLQLXPJODVNRSHURINOHLDI Iedere kookzone heeft een minimale tijd om de pan waar te nemen. Deze tijd is afhankelijk van het materiaal )LJ groen-geel blauw blauw(grijs) bruin zwart groen-geel blauw blauw(grijs) bruin zwart groen-geel blauw blauw(grijs) bruin zwart groen-geel

blauw blauw(grijs) bruin zwart groen-geel blauw blauw(grijs) bruin zwartNL

en de ferromagnetische diameter van de panbodem. Daarom is het fundamenteel om de kookzone te gebruiken die het beste past bij de bodemdoorsnede van de pan. Probeer een kleinere zone als de pan de geselecteerde kookzone niet waarneemt. Als de Flex Zone wordt gebruikt als HHQHQNHOHNRRN]RQHNXQQHQJURWHUH pannen die geschikt zijn voor dit soort zones worden gebruikt (zie afb. 3). $IE Sommige pannen zonder een volledige ferromagnetische bodem worden verkocht onder het mom geschikt te zijn voor inductie (zie afb. 4). In deze pannen wordt alleen de ferromagnetische bodem verwarmd. Als gevolg wordt de warmte niet gelijkmatig verdeeld over de panbodem. Dit kan betekenen dat het niet-ferromagnetische deel van de panbodem niet de juiste kooktemperatuur bereikt. $IE Andere pannen met ingelegde aluminium delen in de bodem hebben een kleiner oppervlak ferromagnetische materiaal (zie afb. 5). In dit geval kan het lastig of zelfs onmogelijk zijn om de pan waar te nemen. Bovendien kan de stroomtoevoer lager zijn en daardoor de pan niet correct worden opgewarmd. $IE ,QYORHGYDQGHERGHPYDQGHSDQQHQ Het soort bodem dat in de pan wordt

JHEUXLNW NDQ GH JHOLMNPDWLJKHLG

en resultaten van het kookproces beïnvloeden. Pannen met een roestvrijstalen ‘sandwich’-bodem bestaan uit materialen die bijdragen aan de uniforme verdeling en verspreiding

YDQ GH ZDUPWH ZDW ]RUJW YRRU

besparing van tijd en energie. De panbodem moet volledig plat zijn om een uniforme stroomtoevoer te garanderen (zie afb. 6). $IE Verwarm nooit lege pannen en gebruik nooit pannen met een dunne bodem. Deze kunnen snel opwarmen zonder de tijd te nemen om de automatische uitschakelfunctie van de kookplaat in werking te laten treden. % ( / $ 1 * 5 , - . ( $$1%(9(/,1*(1 Gebruik pannen met dezelfde bodemdiameter als die van de kookplaat. Op de kookplaten die het dichtst

ELM KHW EHGLHQLQJVSDQHHO OLJJHQ

moet u de pannen altijd binnen de kookmarkeringen houden die op het glasoppervlak zijn aangegeven en pannen met dezelfde of een kleinere diameter gebruiken dan de kookmarkeringen. Zo wordt oververhitting van de bedieningszone voorkomen. Gebruik de achterste kookplaten voor intensief gebruik van het apparaat. Zo wordt oververhitting van het bedieningspaneel voorkomen. Zorg ervoor dat de pannen niet in de ]RQHYDQKHWEHGLHQLQJVSDQHHONRPHQ vooral niet tijdens het koken. *HEUXLNHQ RQGHUKRXG +DQGOHLGLQJYDQGH DDQUDDNJHYRHOLJH EHGLHQLQJ HANTERING ELEMENTEN (afb. 1)

Algemene aan/uit-schakelaar.

Decimaalpunt van vermogen en/of indicator van restwarmte.

Controlelampje dat aangeeft dat de vergrendelingsfunctie is JHDFWLYHHUG

Activeringssensor voor “Stop&Go”- functie.

Controlelampje dat aangeeft dat

“Min”-sensor voor timer.

“Plus”-sensor voor timer.

'HFLPDOHSXQWYDQGHWLPHU Enkel zichtbaar wanneer ingeschakeld. De maneuvers worden uitgevoerd via de aanraaktoetsen. U moet geen $IENL

kracht uitoefenen op de gewenste aanraaktoets. U moet hem enkel aanraken met uw vingertip om de vereiste functie in te schakelen. (ONHDFWLHZRUGWJHYHUL¿HHUGPHWHHQ pieptoon. Gebruik de cursor schuifregelaar (2) om het stroomniveau aan te passen (0-9) door hem te verschuiven met uw vinger. $OVXQDDUUHFKWVYHUVFKXLIWYHUKRRJW XGHZDDUGHDOVXQDDUOLQNVVFKXLIW verlaagt u de waarde. Het is ook mogelijk rechtstreeks een stroomniveau te selecteren door uw vinger rechtstreeks op het gewenste punt van de cursor schuifregelaar (2) te plaatsen. 2PHHQSODDWWHVHOHFWHUHQ RS GH]H PRGHOOHQ NXQW X GH FXUVRUVFKXLIUHJHODDUUHFKWVWUHHNV DDQUDNHQ

HET APPARAAT INSCHAKELEN

Raak de On touch toets (1) gedurende minimum één seconde aan. De aanraakgevoelige bediening

ZRUGW LQJHVFKDNHOGX KRRUW HHQ

pieptoon en de controlelampjes (3) lichten op en geven een “-” weer. Als een van de kookplaten warm

LV ]DO KHW RYHUHHQVWHPPHQGH

controlelampje knipperen en H en “-” weergeven. Als u niets doet binnen de 10 seconden schakelt de aanraakgevoelige bediening automatisch uit. Als de aanraakgevoelige bediening

LQJHVFKDNHOG LV NXQW X ]H DOWLMG

uitschakelen door de aanraaktoets DDQWHUDNHQ]HOIVDOVGHWRHWV vergrendeld is (vergrendelingsfunctie ingeschakeld). De aanraaktoets

(1) krijgt altijd prioriteit om de aanraakgevoelige bediening uit te schakelen. KOOKPLATEN INSCHAKELEN Zodra de Aanraakgevoelige bediening wordt ingeschakeld met sensor (1) kan elke plaat worden ingeschakeld door deze stappen te volgen: Schuif uw vinger of raak een positie aan van een van de schuifregelaar sensoren (2). De zone werd geselecteerd en getlijktijdig wordt het stroomniveau ingesteld tussen 0 en 9. Die stroomwaarde wordt weergegeven op de overeenstemmende stroomindicator en het decimale punt (4) licht op gedurende 10 seconden. Gebruik de cursor schuifregelaar (2) om een nieuw bereidingsniveau te selecteren tussen 0 en 9. =RODQJGHSODDWJHVHOHFWHHUGLVPHW DQGHUHZRRUGHQDOVKHWGHFLPDOH

Verlaag het stroomniveau naar niveau 0 met de schuifregelaar (2). De kookplaat schakelt uit. $OVHHQNRRNSODDWXLWJHVFKDNHOGZRUGW verschijnt een H in de stroomindicator (3) als het glazen oppervlak van de betrokken kookplaat warm is en er een risico bestaat op brandwonden. Als de WHPSHUDWXXUGDDOWVFKDNHOWGHLQGLFDWRU (3) uit (als de kookplaat uitgeschakeld is) of zo niet licht een “-” op als de kookplaat nog steeds ingeschakeld is.

ALLE PLATEN UITSCHAKELEN

Alle platen kunnen gelijktijdig worden uitgeschakeld met de algemene aan/ uit-sensor (1). Alle plaat-indicatoren (3) schakelen uit. Als de uitgeschakelde NRRNSODDWZDUPLVJHHIWGHLQGLFDWRU H weer. 3DQGHWHFWLH = R U J H U Y R R U G D W G H RQGHUNDQW YDQ GH SDQ ppQ RI PHHUGHUH UHIHUHQWLHV op het NRRNSODDWRSSHUYODNEHGHNNHQ]LH DIEHQWDEHO Inductie kookplaten hebben een ingebouwde pan detectie. De plaat zal dus uitschakelen als er geen pan aanwezig is of als de pan niet geschikt is. De stroomindicator (3) geven een symbool weer om aan te geven dat “er geen pan aanwezig is” als HUPHWGHSODDWLQJHVFKDNHOGJHHQ panwordt gedetecteerd of als de pan niet geschikt is. Als een pan van de kookplaat wordt JHKDDOGWHUZLMOGHSODDWLQJHVFKDNHOGLV zal de plaat automatisch geen energie meer ontvangen en het symbool voor “er is geen pan” verschijnt. Als er opnieuw een pan op de kookplaat

ZRUGW JHSODDWVW ZRUGW RSQLHXZ

energie geleverd op hetzelfde vooraf geselecteerde stroomniveau. $DQKHWHLQGHVFKDNHOWXGHNRRNSODDW

SRWHQWLsOHRQJHYDOOHQ %ORNNHUHQIXQFWLH Met de Blokkeren functie kunt u de DQGHUHVHQVRUHQEORNNHUHQEHKDOYHGH aan/uit sensor (1) om ongewenste bewerkingen te vermijden. Deze functie is nuttig als een kinderbeveiliging. 2PGH]HIXQFWLHLQWHVFKDNHOHQUDDNWX de aanraaksensor (6) gedurende minimum één seconde aan. Daarna schakelt het pilootlampje (7) in om aan te tonen dat het bedieningspaneel geblokkeerd is. Om de functie uit te VFKDNHOHQUDDNWXHHQYRXGLJRSQLHXZ de sensor (6) aan. Als de aan/uit sensor (1) wordt gebruikt om het apparaat uit te schakelen als de blokkeren functie LQJHVFKDNHOGLVLVKHWQLHWPRJHOLMNGH kookplaat opnieuw in te schakelen tot ze gedeblokkeerd is. 'HSLHSWRRQXLWVFKDNHOHQ Als de kookplaat ingeschakeld is en u drukt gelijktijdig op de aanraaktoets (11) en de vergrendeling aanraaktoets (6) gedurende drie seconden wordt de pieptoon die weerklinkt bij elke actie uitgeschakeld. De tijdsindicator (12) geeft “OF” weer. Deze uitschakeling geldt niet voor alle IXQFWLHVELMYRRUEHHOGGHSLHSWRRQYRRU DDQXLWDOVGHWLMGVGXXUYDQGHWLPHUNL

verstreken is of het vergrendelen/ ontgrendelen van de aanraaktoetsen blijft ingeschakeld. Als u de pieptoon opnieuw wilt inschakelen bij de acties drukt u opnieuw gelijktijdig op de aanraaktoets (11) en de vergrendeling toets (6) gedurende drie seconden. De tijdsindicator (12) geeft “On” weer. 6WRS*RIXQFWLH Deze functie schakelt de kookplaat op pauze. De timer wordt ook gepauzeerd als hij ingeschakeld is.

'H6WRS*RIXQFWLHLQVFKDNHOHQ

Raak de Stop&Go-sensor (8) gedurende een seconde in. Het pilootlampje (9) licht op en de stroomindicatoren geven het symbool weer om aan te geven dat het kookproces gepauzeerd is.

'H6WRS*RIXQFWLHXLWVFKDNHOHQ

Raak de Stop&Go sensor (8) opnieuw aan. Het pilootlampje (9) schakelt uit en de bereiding wordt hervat met hetzelfde stroomniveau en timer-instellingen die voor de pauze werden ingesteld. 6WURRPIXQFWLH Deze functie levert “extra” vermogen aan de plaat boven de nominale waarde. Dit vermogen hangt af van de grootte van de plaat met de mogelijkheid de maximum toegelaten waarde van de generator te behalen. Schuif uw vinger boven de overeenste m m e nde c u rsor sc hu if re ge la ar (2 ) to t de stroomindicator (3) “9” weergeeft. Houd de vinger gedurende één seconde ingedrukt of raak onmiddellijk “ ” aan en houd uw vinger gedurende één seconde ingedrukt. De stroomniveau indicator (3) geeft het symbool weer en de plaat begint het extra vermogen te leveren. De Stroomfunctie heeft een maximum duur gepreciseerd in Tabel 1. Als GH]HWLMGVGXXUYHUVWUHNHQLVZRUGWKHW stroomniveau automatisch aangepast op 9. Er weerklinkt een geluidssignaal. Wanneer de Stroomfunctie in een NRRNSODDWZRUGWLQJHVFKDNHOGLVKHW mogelijk dat de prestatie van de andere platen wordt beïnvloed en dat hun vermogen verlaagt. In dat geval wordt dit aangegeven met de indicator (3). De Stroomfunctie kan worden uitgeschakeld voor de tijdsduur verstreken is met de aanraak cursor “schuifregelaar” om het stroomniveau te wijzigen of door stap 3 te herhalen. 7LPHUIXQFWLHDIWHONORN Met deze functie is het gemakkelijker eten te bereiden omdat u niet voortdurend aanwezig moet blijven. U kunt een timer instellen voor een plaat en de plaat schakelt uit zodra de tijdsduur verstreken is. Voor deze modellen kunt u gelijktijdig elke plaat programmeren voor een tijdsduur van 1 tot 99 minuten. (HQWLPHULQVWHOOHQRSHHQSODDW Zodra het stroomniveau ingesteld is op de gewenste zone en terwijl het decimale punt van de zone LQJHVFKDNHOGEOLMIWNXQWXHHQWLPHU instellen voor de kookplaat. Dit doet u als volgt: Raak sensor (10) of (11) aan. De timer indicator (12) geeft “00” weer en de overeenstemmende zone indicator (3) geeft het symbool weer dat alternerend knippert met het huidige stroomniveau. Stel onmiddellijk daarna een bereidingsduur in tussen 1 en 99 minuten met de sensoren (10)

(11). Bij de eerste start de ZDDUGHPHWHQELMGHWZHHGH start ze met 01. Als u de sensoren (10) ó LQJHGUXNWKRXGW wordt de waarde teruggeplaatst op

00. Als er minder dan één minuut

UHVWHHUWEHJLQWGHNORNDIWHWHOOHQLQ seconden. Als de timer indicator (12) stopt met NQLSSHUHQEHJLQWKLMDXWRPDWLVFK af te tellen. De indicator (3) van de kookplaat met timer geeft alternerend het geselecteerde stroomniveau en het symbool weer. Zodra de geselecteerde bereidingstijd YHUVWUHNHQLVVFKDNHOW GHNRRNSODDW met timer uit en de klok geeft een reeks pieptonen weer gedurende een aantal seconden. Om het hoorbare signaal XLWWHVFKDNHOHQUDDNWXHHQVHQVRU aan. De timer indicator (12) geeft een knipperende 00 weer naast het decimale punt (4) van de geselecteerde zone. Als de uitgeschakelde kookplaat

ZDUP LV JHHIW GH VWURRPLQGLFDWRU

alternerend het H-symbool en een “-“ weer. . Als u gelijktijdig een timer wilt inschakelen op andere kookplaat moet u stappen 1 tot 3 herhalen. Als u een timer hebt ingeschakeld voor een of meerdere zones geeft de timer indicator (12) standaard de kortste UHVWHUHQGHWLMGVGXXUZHHUHQHHQ³W´ verschijnt op de betrokken zone. De andere zones met timers geven op hun overeenstemmende indicatorzones een knipperend decimaal punt weer. Wanneer de cursor ‘schuifregelaar”

RI HHQ DQGHUH WLPHU LQJHGUXNW LV

geeft de timer de resterende tijdsduur van die zone weer gedurende een aantal seconden en de indicator geeft alternerend het stroomniveau of de “t” weer.

'H JHSURJUDPPHHUGH WLMGVGXXU

ZLM]LJHQ Om de geprogrammeerde tijdsduur WH ZLM]LJHQ PRHW X GH FXUVRU “schuifregelaar” (2) van de zone met timer indrukken. Daarna kunt u de

WLMGVGXXUDÀH]HQHQZLM]LJHQ

U kunt de geprogrammeerde tijdsduur wijzigen met de sensoren (10) en (11). 'HNORNORVNRSSHOHQ : Als u de klok wilt stopzetten voor de geprogrammeerde tijdsduur verstreken

Selecteer de gewenste plaat. Pas de waarde van de klok aan op “00” met de sensor (10). De klok wordt geannuleerd. Dit is ook mogelijk door snel en gelijktijdig op de sensoren (10) en (11) te drukken. 6WURRPEHKHHUIXQFWLH QDDUJHODQJKHWPRGHO Sommige modellen zijn uitgerust met een stroombeperking functie (stroombeheer) Deze functie biedt de mogelijkheid het totale vermogen van een kookplaat in te stellen op verschillende waarden geselecteerd door de gebruiker. In dit kader hebt u toegang tot het stroombeperking menu tijdens de eerste minuut nadat u de kookplaat hebt aangesloten op het netwerk. Druk gedurende drie seconden op de (11) aanraaktoets. De PL letters verschijnen op de tijdsindicator (12 Druk op de v erg rendeling aanraaktoets (6). De verschillende stroomwaarden waarop de kookplaat kan worden beperkt verschijnen en deze kunnen worden gewijzigd met de (11) en (10) sensoren. Zodra de waarde geselecteerd LV GUXNW X HHQ PDDO RS GH vergrendeling aanraaktoets (6). De kookplaat wordt beperkt op de geselecteerde stroomwaarde. $OVXGHZDDUGHRSQLHXZZLOWZLM]LJHQ moet u de kookplaat loskoppelen en na een aantal seconden opnieuw inschakelen. Zo krijgt u opnieuw toegang tot het stroombeperking menu. Elke maal het stroomniveau van een

NRRNSODDW ZRUGW JHZLM]LJG ]DO GH

stroombeperker het totale vermogen berekenen dat wordt gegenereerd door de kookplaat. Als u de totale

VWURRPOLPLHW KHEW EHUHLNW ]DO GH

aanraakgevoelige bediening u niet toelaten het stroomniveau van die kookplaat te verhogen. De kookplaat geeft een pieptoon weer en het stroom controlelampje (3) zal knipperen op het niveau dat niet mag worden overschreden. Als u die waarde wilt RYHUVFKULMGHQPRHW XKHWYHUPRJHQ van de andere kookplaten verlagen. Soms volstaat het niet een andere te verlagen met een niveau want dit hangt af van het vermogen van elke kookplaat en het ingestelde niveau. Het is mogelijk

GDW DOVXKHWQLYHDX YDQHHQJURWH

NRRNSODDWZLOWYHUKRJHQXPHHUGHUH kleinere platen moet verlagen. Als u de snelle inschakelfunctie gebruikt op maximum vermogen en deze waarde is hoger dan de waarde ingesteld door de limietwaarde wordt de kookplaat ingesteld op het maximum niveau. De kookplaat geeft een pieptoon weer en de stroomwaarde knippert twee maal op het controlelampje (3). 9HLOLJKHLGVXLWVFKDNHOLQJ Worden per vergissing één of meerdere

NRRNYHOGHQ QLHW XLWJHVFKDNHOG GDQ

schakelt het toestel zich na een bepaalde tijd vanzelf uit (zie tabel 1). TDEHO *HVHOHFWHHUG YHUPRJHQVQLYHDX MAXIMALE :(5.,1*67,-' LQXUHQ

PLQXWHQDDQJHSDVW naar niveau 9 1DDUJHODQJKHW model Nadat de veiligheidsuitschakeling XLWJHYRHUGLVYHUVFKLMQWHHQDOV de temperatuur van het glasoppervlak

QLHWJHYDDUOLMNLV YRRUGH JHEUXLNHU

ofwel een H als er gevaar voor brand- wonden bestaat. +RXGHEHGLHQLQJV]RQHYDQ GHNRRNYHOGHQVWHHGVYULMHQGURRJ %LMHONPDQRHXYUHHUEDDUKHLGV SUREOHHPRIQLHWLQGH]HKDQGOHLGLQJ

toch best kloppen op het glas.

best geen potten en pannen over het glas en houdt u de bodems van de pannen schoon en in goede staat.

$DQEHYROHQ GLDPHWHUV YDQ GH

pannenbodem (zie ‘’Technisch gegevensblad’’ dat bij het product werd geleverd). 9RRUNRPGDWVXLNHURIVXLNHU

KRXGHQGHSURGXFWHQRS KHW JODV

YDOOHQZDQWDOVKHWJODVYHUZDUPG ZRUGWNXQQHQ]HHHQUHDFWLHWHZH HJEUHQJHQHQ KHWRSSHUYODNEHV FKDGLJHQ 5HLQLJHQHQ LQVWDQGKRXGLQJ Voor een goede instandhouding van de kookplaat moet u ze na afkoeling reinigen met de juiste producten en hulpmiddelen. Zo is schoonmaken gemakkelijker en vermijdt u dat het vuil zich ophoopt. Gebruik in geen geval agressieve reinigingsproducten of producten die krassen op het oppervlak NXQQHQYHURRU]DNHQQRFKVWRRPDS paraten. Licht vuil kan met een vochtige doek en een zacht reinigingsmiddel of lauw zeepwater verwijderd worden. Maar voor hardnekkige vlekken of vet moet u een reinigingsmiddel voor

NHUDPLVFK JODV JHEUXLNHQ FRQIRUP

de voorschriften van de fabrikant. Ten slotte kan vastplakkend aangebrand vuil verwijderd worden met een krabber met mesje. Kleuririseringen worden geproduceerdNL

door potten of pannen met droge vetresten op de bodem of vet tussen het glas en de pan tijdens het koken. Ze worden van het glasoppervlak ver- wijderd met een nikkelschuursponsje met water of met een speciale glaske-

UDPLHNUHLQLJHU3ODVWLF YRRUZHUSHQ

suiker of voedingsmiddelen die veel suiker bevatten en op de kookplaat

JHVPROWHQ ]LMQ PRHWHQ RQPLGGHOOLMN

YHUZLMGHUGZRUGHQ PHWHHQNUDEEHU als het glas nog warm is. Metallische glanzen worden veroor- zaakt door het verschuiven van meta- len potten en pannen over het glas. Ze kunnen verwijderd worden door grondige reiniging met een speciale

JODVNHUDPLHNUHLQLJHU DOKRHZHO KHW

reinigen mogelijk herhaalde malen dient te gebeuren.

NRRNSODDWGHSRWRISDQQLHWSRJHQ WHYHUZLMGHUHQ+HWNHUDPLVFKHJODV ]RXNXQQHQEUHNHQ 6WDSQLHWRSKHWJODVRIVWHXQ HUQLHWRSKHW]RXNXQQHQEUHNHQ HQXYHUZRQGHQ*HHQYRRUZHUSHQ SODDWVHQRSKHWJODV .SSHUVEXVFK+DXVJHUlWH*PE+ behoudt zich het recht voor in haar handleidingen de wijzigingen aan te brengen die ze noodzakelijk of nuttig

deksel voor iedere pan. Koken zonder deksel verbruikt meer energie. *HEUXLNSDQQHQPHWYODNNHERGHPV en geschikte bodemdiameters die passen op de kookzone. P a nn en fa br ik a n t en g e ve n doorgaans de diameter van de

kleine hoeveelheden om de vitaminen en mineralen van de groenten te behouden en stel het minimale vermogensniveau in om het water aan de kook te houden. Een hoog vermogensniveau is onnodig en verspilt energie.

*HEUXLNNOHLQH SDQQHQ PHW NOHLQH

hoeveelheden voedsel. ,QGLHQLHWVQLHW IXQFWLRQHHUW 9yyU XGH WHFKQLVFKH GLHQVW RSEHOW controleert u best het volgende:

+HW IRUQXLV IXQFWLRQHHUW QLHW

Controleer of de netwerkkabel op het passende stopcontact aangesloten is. 'HLQGXFWLHYHOGHQZDUPHQQLHWRS Onjuiste pot of pan (zonder ferromag- netische bodem of te klein). Controleer of de bodem van de pot of pan aange- trokken wordt door een magneet of gebruik een grotere pot of pan. Bij de aanvang van het koken op de inductievelden is een gezoem te horen: In geval van weinig dikke potten of die QLHWXLWQVWXNJHPDDNW]LMQLVKHW gezoem het resultaat van het rechts- treekse overdragen van de energie naar de bodem van de pot of pan. Dit gezoem LVJHHQJHEUHNPDDUZHQVWXKHWWRFK WHYHUPLMGHQYHUPLQGHUGDQOLFKWMHVKHW gekozen vermogensniveau of gebruik een pot of pan met een dik-kere bodem en/of uit één stuk. 'HDDQUDDNEHGLHQLQJVFKDNHOWQLHW LQRIHHQVLQJHVFKDNHOGIXQFWLRQH HUW]HQLHW Er werd geen enkele plaat geselecte- erd. Controleer of u een plaat geselec- WHHUG KHEW DOYRUHQV HU LHWV PHH WH willen doen. De sensoren zijn met vocht bedekt en/of u heeft vochtige vingers. Het oppervlak van de aanraakbediening en/of uw vingers droog en schoon houden. De blokkering is geactiveerd. Deacti- veer de blokkering. 7LMGHQVKHWNRNHQYDOWHHQYHQWLOD WLHJHOXLGWHKRUHQGDWRRNPHWHHQ

XLWJHVFKDNHOG IRUQXLV QRJVWHHGV

WHKRUHQLV De inductieve zijn voorzien van een ventilator v het koelen van het elektronische systeem. Deze functio- neert slechts bij een hoge temperatuur

YDQKHW HOHNWURQLVFKHV\VWHHPGDDOW

deze dan wordt hij automatisch afge- ]HWRRNELMHHQJHDFWLYHHUGIRUQXLV

YHUPRJHQVLQGLFDWRUYDQHHQSODDW Het inductiesysteem merkt geen aan- wezigheid op van een pot of pan op de plaat of de pot of pan is niet geschikt voor gebruik. (HQSODDWZRUGWXLWJHVFKDNHOGHQGH

PHOGLQJ&RI&YHUVFKLMQWLQGH

LQGLFDWRUHQ Overdreven temperatuur van het elek- tronische systeem of van het glas. Wacht een tijdje tot het elektronische systeem afkoelt of verwijder de pot of pan om het glas te laten afkoelen.

YHUPRJHQVLQGLFDWRUV De aanraakbediening neemt waar dat de aan/uit-sensor (1) afgedekt wordt en zorgt ervoor dat de kookplaat niet inschakelt. Verwijder de mogelijke

YRRUZHUSHQRIYORHLVWRႇHQGLH]LFKRS

het oppervlak van de aanraakbediening EHYLQGHQPDDNGLWVFKRRQHQGURRJKHW totdat het bericht verdwijnt.PT