CS1825ST1 - Elektrische zaag BLACK & DECKER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CS1825ST1 BLACK & DECKER in PDF-formaat.
| Producttype | Draadloze kettingzaag |
| Merk | Black & Decker |
| Model | CS1825ST1 |
| Spanning | 18 V DC |
| Geleidelengte | 250 mm |
| Kettingsnelheid (onbelast) | 3,5 m/s |
| Maximale snijlengte | 250 mm |
| Oliecapaciteit | 55 ml |
| Gewicht | 3,1 kg |
| Batterijtype | Li-Ion 18 V, 2 Ah |
| Lader | 906349** of 905902**, ingang 200-240 V |
| Laadtijd | Ongeveer 5 uur (met lader 400 mA) |
| Geluidsdrukniveau (LpA) | 70,5 dB(A) (onzekerheid 1,5 dB) |
| Geluidsvermogensniveau (LwA) | 90,5 dB(A) (gegarandeerd 92 dB(A)) |
| Trillingen (ah) | 4,49 m/s² (onzekerheid 1,5 m/s²) |
| Garantie | 24 maanden |
| Beoogd gebruik | Zagen en snoeien, huishoudelijk gebruik |
| Hoofdfuncties | Aan/uit-schakelaar, ontgrendelknop, ketting spanningsinstelling, oliepeilindicator |
| Veiligheid | Kettingbeschermer, terugslagbeveiliging, vergrendelknop |
| Onderhoud | Regelmatig reinigen, slijpen, controle van de kettingspanning |
| Reserveonderdelen | Vervangende kettingen en geleiders beschikbaar |
Veelgestelde vragen - CS1825ST1 BLACK & DECKER
Gebruikersvragen over CS1825ST1 BLACK & DECKER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CS1825ST1 - BLACK & DECKER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CS1825ST1 van het merk BLACK & DECKER.
GEBRUIKSAANWIJZING CS1825ST1 BLACK & DECKER
Uw BLACK+DECKER™, CS1825ST1, GKC1825L20, GKC1825LSTKettingzaag is ontworpen voor lichte zaag- en snoeiwerkzaamheden. Dit gereedschap is uitsluitend bestemd voor consumentengebruik.
Veiligheidsinstructies
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

Waarschuwing! Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Wanneer de volgende waarschuwingen en voorschriften niet in acht worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies als referentiemateriaal. Het hierna gebruikte begrip 'elektrisch gereedschap' heeft betrekking op elektrische gereedschappen voor gebruik op de netspanning (met netsnoer) of op een accu (snoerloos).
- Veilige werkomgeving
a. Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkruimte kan tot ongevallen leiden.
b. Gebruik elektrisch gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar, zoals in de nabijheid van brandbare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap veroorzaakt vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c. Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het apparaat verliezen.
- Elektrische veiligheid
a. De netstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden omgebouwd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde gereedschappen. Nietomgebouwde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b. Vermijd aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c. Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d. Gebruik het snoer niet voor een verkeerd doel.
Gebruik het snoer niet om het gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen of bewegende delen. Beschadigde of in de war geraakte snoeren vergroten het risico van een elektrische schok.
e. Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengsnoeren te gebruiken die zijn goedgekeurd voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis, beperkt het risico van een elektrische schok.
f. Als u een elektrisch gereedschap moet gebruiken in een vochtige locatie, moet u een reststroomschakelaar (RCD) gebruiken. Met een aardlekschakelaar wordt het risico van een elektrische schok verkleind.
3. Veiligheid van personen
a. Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van elektrische gereedschappen. Gebruik elektrisch gereedschap niet wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan leiden tot ernstige verwondingen.
b. Draag een persoonlijke beschermende uitrusting.
Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van een persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.
c. Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer of de schakelaar in de uit-stand staat voordat u het gereedschap aansluit op het stopcontact en/of de accu en voordat u het gereedschap optilt of gaat dragen. Wanneer u bij het dragen van het gereedschap uw vinger op de schakelaar houdt of wanneer u het gereedschap per ongeluk inschakelt, kan dat leiden tot ongevallen.
d. Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan leiden tot verwondingen.
e. Reik niet te ver. Zorg er altijd voor dat u stevig staat en in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het gereedschap beter onder controle houden in onverwachte situaties.
f. Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen.
Loshangende kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen.

g. Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van stofopvangvoorzieningen beperkt het gevaar door stof.
4. Gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap a. Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw toepassing het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het geschikte elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b. Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c. Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu uit het elektrisch gereedschap voordat u het gereedschap instelt, toebehoren wisselt of het gereedschap opbergt. Met deze voorzorgsmaatregel voorkomt u onbedoeld starten van het gereedschap.
d. Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet vertrouwd mee zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen.
Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze worden gebruikt door onervaren personen.
e. Verzorg het gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet klemmen, en of er onderdelen zodanig zijn gebroken of beschadigd dat de werking van het gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het gereedschap gebruikt. Veel ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
f. Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.
g. Gebruik elektrische gereedschappen, toebehoren, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan leiden tot gevaarlijke situaties.
- Gebruik en onderhoud van snoerloos elektrisch gereedschap
a. Laad accu's alleen op met de door de fabrikant aanbevolen lader. Een lader die geschikt is voor een bepaald type accu, kan brandgevaar opleveren wanneer deze in combinatie met andere accu's wordt gebruikt.
b. Gebruik elektrisch gereedschap alleen in combinatie met specifiek vermelde accu's. Het gebruik van andere accu's kan gevaar voor letsel en brand opleveren.
c. Houd accu's die niet worden gebruikt uit de buurt van andere metalen voorwerpen, zoals paperclips, munten, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding van de ene pool naar de andere tot stand kunnen brengen. Als kortsluiting tussen de polen van de accu's wordt gemaakt, kunnen brandwonden of brand worden veroorzaakt.
d. Onder extreme omstandigheden kan er vloeistof uit de accu spuiten. Vermijd contact. Indien onbedoeld contact plaatsvindt, spoelt u met water. Als vloeistof in aanraking komt met ogen, raadpleegt u bovendien uw huisarts. Vloeistof die uit de accu spuit, kan irritatie of brandwonden veroorzaken.
- Onderhoud
a. Laat het gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt de veiligheid van het gereedschap gewaarborgd.
Aanvullende veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

Waarschuwing! Aanvullende veiligheidswaarschuwingen voor kettingzagen
Houd het elektrische gereedschap vast bij de geïsoleerde greepoppervlakken als u een handeling uitvoert waarbij het zagende inzetstuk in aanraking kan komen met onzichtbare draden of het eigen snoer. Wanneer het zagende inzetstuk in aanraking komt met een draad onder spanning, komen de onbedekte metalen delen van het elektrische gereedschap onder spanning te staan en kunt u een elektrische schok krijgen.
Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting terwijl de kettingzaag in bedrijf is. Controleer voordat u de kettingzaag start of de zaagketting vrij kan draaien. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van kettingzagen kan ertoe leiden dat kledingstukken of lichaamsdelen in de kettingzaag verstrikt raken.
- Houd altijd uw rechterhand op de achterste handgreep van de kettingzaag en uw linkerhand op de voorste handgreep. Houd de kettingzaag nooit anders beet, aangezien hierdoor het gevaar voor lichamelijk letsel toeneemt.
- Draag een veiligheidsbril en gehoorbeschermers. Ook beschermende uitrusting voor hoofd, handen, benen en voeten wordt aanbevolen. Adequaat beschermende kleding verkleint eventueel letsel door rondvliegende snippers of ongewild contact met de zaagketting.
- Gebruik de kettingzaag niet terwijl u zich in een boom bevindt. Dit kan lichamelijk letsel tot gevolg hebben.
Zorg er altijd voor dat u stevig staat en gebruik de kettingzaag alleen wanneer u op een stabiel, veilig en horizontaal vlak staat. Bij gladde of instabiele vlakken (zoals ladders) kunt u uw evenwicht of de controle over de kettingzaag verliezen.
- Wees er bedacht op dat takken die onder spanning staan, kunnen terugveren wanneer u deze doorzaagt. Zodra de spanning in de houtvezels vrijkomt, kunt u door de tak worden geraakt en/of de controle over de kettingzaag verliezen.
Ga zeer voorzichtig te werk bij het zagen van struikgewas of jong hout. Het dunne materiaal kan in de zaagketting vast komen te zitten en naar u toe zwiepen of u uit balans trekken.
- Draag de kettingzaag aan de voorste handgreep, in uitgeschakelde toestand en van uw lichaam af gericht. Plaats altijd de kap over het zwaard als u de kettingzaag vervoert of bewaart. Een correct gebruik van de kettingzaag verkleint de kans op een ongewild contact met de bewegende zaagketting.
♦ Volg de instructies voor het smeren en spannen van de ketting, en het vervangen van accessoires nauwgezet op. Een onjuist gespannen of gesmeerde ketting kan breken en vergroot de kans op terugslag.
- Houd de handvatten droog, schoon en vrij van olie en vet. Vette handgrepen zijn glad waardoor u de controle over het gereedschap kunt verliezen.
- Zaag uitsluitend hout. Gebruik de kettingzaag niet voor doeleinden waarvoor deze niet bestemd is. Bijvoorbeeld: Gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van kunststof, metselwerk of bouwmaterialen die niet van hout zijn. Gebruik voor andere doeleinden dan waarvoor de kettingzaag bestemd is, kan leiden tot gevaarlijke situaties.
- De gekartelde stootrand kan scherp worden naarmate u het apparaat langer gebruikt. Let hier goed op.
- De kettinggeleider kan heet worden tijdens het zagen. Let hier goed op.
Aanvullende veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap

Waarschuwing! Aanvullende veiligheidswaarschuwingen voor de compacte kettingzaag.
In deze instructiehandleiding wordt ingegaan op het beoogde gebruik. De kettingzaag mag niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan waarvoor deze is bestemd.
De machine mag daarom bijvoorbeeld niet gebruikt worden voor het vellen van bomen. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken, dan wel de uitvoering van andere handelingen dan in deze gebruikershandleiding worden aanbevolen, kan tot persoonlijk letsel leiden.
- Draag nauwsluitende en beschermende kleding, en tevens een veiligheidshelm met veiligheidsglas of een veiligheidsbril, anti-slipschoeisel, beschermende broek en stevige lederen handschoenen.
◆ Zorg dat u buiten de baan blijft van vallende takken.
- De veilige afstand tussen een tak die wordt afgesnoeid en omstanders, gebouwen en andere objecten is ten minste 2 1/2 keer de lengte van de tak. Een omstander, gebouw of object binnen deze afstand loopt het risico door de vallende tak te worden geraakt.
- Plan van tevoren een veilige uitweg, uit de buurt van vallende takken. Zorg dat de vluchtweg vrij is van obstakels die u zouden kunnen hinderen. Bedenk dat nat gras en vers gezaagde boomschors glad zijn.
◆ Zorg dat er iemand in de buurt (maar op veilige afstand) is voor het geval er zich een ongeluk voordoet.
- Gebruik het gereedschap niet als u in een boom, op een ladder of op een ander onstabiel oppervlak staat.
◆ Zorg altijd dat u stevig en in evenwicht staat.
- Houd het gereedschap stevig met beide handen vast als de motor draait.
- Zorg dat het uiteinde van de kettinggeleider nergens mee in aanraking komt als de zaagketting draait.
◆ Zaag uitsluitend met de ketting draaiend op volle snelheid.
- Steek de zaag niet in een vorige zaagsnede. Maak altijd een nieuwe zaagsnede.
- Wees bedacht op bewegende takken of andere krachten die de zaagsnede kunnen dichtknijpen of met de ketting in aanraking kunnen komen.
- Zaag geen takken af waarvan de diameter groter is dan de zaaglengte van de kettingzaag.
- Verwijder de accu altijd van de machine en plaats de kettingbeschermer over de ketting wanneer het apparaat wordt opgeborgen of vervoerd.
- Zorg dat de ketting geslepen en op de juiste spanning blijft. Controleer regelmatig de kettingspanning.
NEDERLANDS
(Vertaling van de originele instructies)
- Schakel het apparaat uit, laat de ketting tot stilstand komen en verwijder de accu uit het apparaat voordat aanpassingen, reiniging of onderhoud worden uitgevoerd.
- Gebruik uitsluitend de juiste, voor het apparaat bestemde reserveonderdelen en accessoires.
Oorzaken en voorkoming van terugslag
Er kan terugslag optreden wanneer de punt van het zwaard op een voorwerp stoot of het hout terugveert en de zaagketting in de zaagsnede klem komt te zitten.
Als de punt een voorwerp raakt, kan het zwaard plotseling omhoog en naar achter slaan in de richting van uw lichaam. Wanneer de zaagketting aan de bovenzijde van het zwaard klem komt te zitten, kan het zwaard snel achterwaarts in de richting van uw lichaam worden geduwd.
Door deze beide reacties kunt u de controle over de kettingzaag verliezen en ernstig lichamelijk letsel oplopen. Vertrouw niet uitsluitend op de ingebouwde veiligheidsvoorzieningen van de kettingzaag. Als gebruiker van de kettingzaag kunt u ook zelf het nodige doen om ongevallen of letsel tijdens de zaagwerkzaamheden te voorkomen.
Terugslag is het gevolg van het verkeerde gebruik of onjuiste gebruiksomstandigheden van het gereedschap. Met geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder zijn beschreven, kan terugslag worden voorkomen.
Zorg voor een stevige grip door uw duimen en vingers om de handgrepen te sluiten. Houd de kettingzaag met beide handen vast en houd uw lichaam en armen zodanig dat u weerstand kunt bieden aan de terugslagkrachten. Met geschikte voorzorgsmaatregelen kunt u de terugslagkrachten onder controle houden. Laat de kettingzaag niet los.
- Reik niet te ver en zaag niet boven schouderhoogte. Dit voorkomt ongewild contact met de punt en zorgt ervoor dat u de kettingzaag in onverwachte situaties beter onder controle kunt houden.
- Gebruik uitsluitend door de fabrikant aanbevolen vervangingsonderdelen. Onjuiste vervangende zwaarden en kettingen kunnen kettingbreuk en/of terugslag veroorzaken.
♦ Volg voor de zaagketting de slijp- en onderhoudsinstructies van de fabrikant. Verkleining van de dieptemaat kan tot meer terugslag leiden.
Veiligheidsaanbevelingen voor de kettingzaag
-
Onervaren gebruikers wordt sterk aangeraden een ervaren gebruiker om praktische instructies over het gebruik van de kettingzaag en veiligheidsuitrusting te vragen. De eerste ervaringen kunnen het beste worden opgedaan met het zagen van stammen op een zaagbok of montageframe.
-
Wij adviseren u tijdens het dragen van de kettingzaag de accu te verwijderen en de zaagketting naar achteren te richten.
- Onderhoud uw kettingzaag als u deze niet gebruikt. Berg de kettingzaag niet op zonder dat u eerst de ketting en het zwaard uit de zaag hebt verwijderd en ondergedompeld in olie hebt bewaard. Bewaar alle onderdelen van uw kettingzaag op een droge, veilige plaats, buiten bereik van kinderen.
- Laat het oliereservoir leeglopen voordat u de kettingzaag opbergt.
- Zorg dat u stevig staat en zoek van tevoren naar een veilige uitweg voor vallende bomen of takken.
- Maak gebruik van wiggen om controle te houden over het kapproces en om te voorkomen dat de ketting en het zwaard in de zaagsnede vast komen te zitten.
- Onderhoud de zaagketting. Houd de zaagketting scherp en zorg dat deze stevig tegen het zwaard ligt. Zorg dat de zaagketting en het zwaard schoon en goed geolied zijn. Houd de handvatten droog, schoon en vrij van olie en vet.
Terugslag kan worden veroorzaakt door:
- Het per ongeluk raken van takken of andere voorwerpen met de punt van de zaag, terwijl de zaagketting in beweging is.
- Het raken van metaal, cement of andere harde materialen in of in de buurt van het hout.
◆ Een botte of losse ketting.
◆ Het zagen boven schouderhoogte. - Gebrek aan aandacht bij het vasthouden of leiden van de kettingzaag tijdens het zagen.
- Te hoog reiken. Zorg altijd voor een juiste, stabiele houding en reik niet te ver.
- Steek de zaag niet in een vorige zaagsnede. Dit kan een terugslag veroorzaken. Maak elke keer een nieuwe zaagsnede.
- Gebruik geen kettingzaag als u zich in een boom, op een ladder of op een ander onstabiel oppervlak bevindt. Als u dit wel doet, dient u te beseffen dat deze posities extreem gevaarlijk zijn.
- Bij het zagen van een tak die onder spanning staat, moet u er rekening mee houden dat deze kan terugspringen. Zorg dat u dan niet geraakt wordt.
Zaag niet:
◆ In geprepareerd hout.
◆ In de grond.
◆ In gaasafrasteringen, spijkers, enz.
In kort struikgewas of jong hout, want dun materiaal kan in de zaagketting vast komen te zitten en naar u toe zwiepen of u uit balans trekken.
- Gebruik de kettingzaag niet boven schouderhoogte.
- Zorg dat er iemand in de buurt (maar op veilige afstand) is voor het geval er zich een ongeluk voordoet.
- Zorg dat de kettingzaag niet meer op de netspanning is aangesloten wanneer u de zaagketting om bepaalde redenen moet aanraken.
- Het geluidsniveau van dit product kan meer dan 80 dB(A) bedragen. Het is daarom raadzaam om adequate maatregelen te nemen om uw gehoor te beschermen.
Overige risico's
Er kunnen zich tijdens het gebruik van het gereedschap ook andere risico's voordoen, die misschien niet in de bijgevoegde veiligheidswaarschuwingen worden vermeld. Deze risico's kunnen zich voordoen als gevolg van onoordeelkundig gebruik, langdurig gebruik, enz.
Zelfs als de veiligheidsvoorschriften in acht worden genomen en de veiligheidsvoorzieningen worden geïmplementeerd, kunnen bepaalde risico's niet worden vermeden. Deze omvatten:
- Verwondingen die worden veroorzaakt door het aanraken van draaiende of bewegende onderdelen.
◆ Verwondingen die worden veroorzaakt bij het vervangen van onderdelen, bladen of accessoires. - Verwondingen die worden veroorzaakt door langdurig gebruik van het gereedschap. Als u langere periodes met het gereedschap werkt, is het raadzaam om regelmatig een pauze in te lassen.
♦ Gehoorbeschadiging. - Gezondheidsrisico's als gevolg van het inademen van stof dat door gebruik van het gereedschap wordt veroorzaakt (bijvoorbeeld tijdens het werken met hout, vooral eiken, beuken en MDF).
Trillingen
De aangegeven waarden voor trillingsemissie in de technische gegevens en de conformiteitsverklaring zijn gemeten conform een standaardtestmethode die door EN 60745 wordt geboden. Hiermee kan het ene gereedschap met het andere worden vergeleken. De aangegeven waarde voor trillingsemissie kan ook worden gebruikt bij een voorlopige bepaling van blootstelling.
Waarschuwing! De waarde voor trillingsemissie tijdens het werkelijke gebruik van het gereedschap kan verschillen van de aangegeven waarde afhankelijk van de manieren waarop het gereedschap wordt gebruikt. Het trillingsniveau kan hoger worden dan het aangegeven niveau.
Wanneer de blootstelling aan trillingen wordt vastgesteld teneinde veiligheidsmaatregelen te bepalen die worden vereist door 2002/44/EG ter bescherming van personen die tijdens hun werk regelmatig elektrische gereedschappen gebruiken, moet bij een schatting van de blootstelling aan trillingen rekening worden gehouden met de werkelijke omstandigheden van het gebruik en de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt. Daarbij moet ook rekening worden gehouden met alle stappen in de gebruikscyclus, zoals het moment waarop het gereedschap wordt uitgeschakeld en wanneer het gereedschap stationair loopt alsook de aanlooptijd.
Labels op het gereedschap
Naast de datumcode is het gereedschap voorzien van de volgende symbolen:

Waarschuwing! De gebruiker moet de instructiehandleiding lezen om het risico op letsel te verminderen.

Draag een veiligheidsbril of een stofbril als u deze machine gebruikt.

Draag altijd hoofd-, gehoor- en gezichtsbescherming.

Draag gehoorbeschermers als u dit gereedschap gebruikt.

Richtlijn 2000/14/EG gegarandeerd geluidsvermogen

Let op: Niet te strak afstellen. Draai het hulpstuk met de hand vast. Alleen handvast afstellen

Schakel het gereedschap uit. Haal, voordat u onderhoudswerkzaamheden aan het gereedschap uitvoert, de accu uit het gereedschap.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor accu's en laders
Accu's
◆ Probeer accu's niet te openen, om welke reden ook.
◆ Stel de accu niet bloot aan water.
◆ Stel de accu niet bloot aan hitte.
- Bewaar de accu niet op locaties met temperaturen die hoger zijn dan 40°C.
- Laad de accu alleen op bij een omgevingstemperatuur tussen 10 en 40°C.
- Gebruik alleen de lader die bij het gereedschap/ apparaat is geleverd. Het gebruik van de verkeerde lader kan resulteren in een elektrische schok of oververhitting van de accu.
- Gooi lege accu's weg volgens de instructies in het gedeelte "Milieu".
NEDERLANDS
(Vertaling van de originele instructies)
- De accubehuizing mag niet worden beschadigd of vervormd door er gaten in te laten komen of ertegen aan te stoten, aangezien dit kan leiden tot letsel of brand.
◆ Laad beschadigde accu's niet op.
Onder extreme omstandigheden kunnen accu's lekkages vertonen. Wanneer de accu's nat of vochtig zijn, veegt u de vloeistof voorzichtig af met een doek. Vermijd huidcontact. Bij huid- of oogcontact volgt u de onderstaande instructies.
Waarschuwing! De accuvloeistof kan letsel of materiële schade veroorzaken. Bij huidcontact moet u de vloeistof direct afspoelen met water. Raadpleeg uw huisarts als er rode vlekken ontstaan of bij een pijnlijke of geïrriteerde huid. Bij oogcontact moet u de vloeistof direct afspoelen met water en uw huisarts raadplegen.
Laders
Waarschuwing! De lader is ontworpen voor een specifieke spanning. Controleer altijd of de netspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje.
Waarschuwing! Probeer de lader nooit te vervangen door een normale netstekker.
- Gebruik de lader van BLACK+DECKER alleen voor de accu in het gereedschap/apparaat waarbij de lader is bijgeleverd. Andere accu's kunnen exploderen met letsel en materiële schade als gevolg.
- Niet-laadbare accu's mogen nooit worden opgeladen.
Als het netsnoer is beschadigd, moet dit worden vervangen door de fabrikant of een BLACK+DECKER-servicecentrum om gevaren te voorkomen.
◆ Stel de lader niet bloot aan water.
◆ Open de lader niet.
◆ Prik nooit met een scherp voorwerp in de lader.
◆ Laad het de lader op een goed geventileerde locatie op.
Labels op de oplader
De volgende symbolen staan op de lader:

De lader is uitsluitend bestemd voor gebruik binnenshuis

Lees voor gebruik deze gebruikershandleiding..
Elektrische veiligheid

De lader is dubbel geïsoleerd, zodat een aardaansluiting niet nodig is. Controleer altijd of de netspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje. Probeer de lader nooit te vervangen door een normale netstekker.
- Als het netsnoer is beschadigd, moet dit worden vervangen door de fabrikant of een Black & Decker-servicecentrum om gevaren te voorkomen.
Onderdelen
- Aan/uit-schakelaar
- Ontgrendelingsknop
- Oliedop
- Beschermkap voorzijde
- Afstelring kettingspanning
- Ketting
- Zwaard
- Beschermkap
- Vergrendelingsknop kettingafstelling
10.Kettingbeschermer - Oliepeilaanwijzer
12.AccU
Montage

Waarschuwing! Draag altijd beschermende handschoenen wanneer u aan de kettingzaag werkt.

Waarschuwing! Als u onderhoud gaat uitvoeren aan een onderdeel of aan elektrisch gereedschap, schakelt u het gereedschap uit en neemt u de stekker uit het stopcontact.

Waarschuwing! Verwijder eerst de kabelbinder waarmee de ketting aan de kettinggeleider is bevestigd.
Het kettingzwaard en de ketting installeren. (fig. A - L)
◆ Plaats de kettingzaag op een stabiele ondergrond (fig. A).
- Draai de vergrendelingsknop voor het afstellen van de ketting (9) (fig. B) helemaal los.
◆ Verwijder de kettingbeschermer (10) (fig. C).
- Draai de afstelring (5) zo ver mogelijk linksom zodat de pijl op de afstelring (5) is uitgelijnd met de markering op de kettingbeschermer (13) (fig. D).
- Plaats de ketting (6) over het zwaard (7) en zorg ervoor dat de zaagtanden aan de bovenkant van het zwaard (7) naar voren wijzen (fig. E).
- Leid de ketting (6) om het zwaard (7) en trek deze aan zodat aan de achterkant van het zwaard (7) een lus naar één zijde ontstaat.
- Leid de ketting (6) om het aandrijfkettingwiel (14). Plaats het zwaard (7) op de verbindingsbouten (15) (fig. F en G).
- Plaats de kettingbeschermer (10) op de kettingzaag (fig. H) en zorg daarbij dat de pijlen zijn uitgelijnd (fig. I).
- Draai de vergrendelingsknop (9) naar rechts om de kettingbeschermer (10) te bevestigen, maar draai de knop niet te vast (fig. I).
- Draai de vergrendelingsknop (9) 180 graden naar links om de spanning te verminderen (fig. J).
- Draai de afstelring (5) rechtsom totdat de ketting (6) strak staat. Controleer of de ketting (6) netjes rondom het zwaard (7) zit (fig. K).
- Controleer de kettingspanning zoals hierna beschreven. Stel deze niet te strak af.
- Draai de vergrendelingsknop voor het afstellen van de ketting (9) vast (fig. L).
De kettingspanning controleren en afstellen (fig. K)
Voor gebruik, en na iedere 10 minuten gebruik, dient u de kettingspanning te controleren.
◆ Verwijder de accu (12).
- Trek licht aan de ketting (6) (zie de inzet van fig. K). De spanning is juist als de ketting (6) terugspringt nadat u deze 3 mm van het zwaard (7) af hebt getrokken. De ketting (6) mag niet "doorzakken" aan de onderzijde van het zwaard (7).
Opmerking: Stel de ketting niet te strak af. Dit leidt tot overmatige slijtage en beperkt de levensduur van het zwaard en de ketting
Opmerking: Wanneer de ketting nieuw is, moet u de spanning tijdens de eerste twee gebruiksuren regelmatig (na ontkoppeling van de netspanning) controleren, aangezien een nieuwe ketting enigszins uitzet.
De spanning verhogen (fig. J, K en L)
- Draai de vergrendelingsknop (9) 180 graden naar links om de spanning te verminderen. (fig. J).
- Draai de afstelring voor de kettingspanning (5) rechtsom totdat de ketting strak staat (fig K).
- Draai de vergrendelingsknop voor het afstellen van de ketting (9) vast (fig. L).
De accu plaatsen en verwijderen (fig. M)
- U plaatst de accu (12) door deze op één lijn te plaatsen met het contragedeelte op het gereedschap. Schuif de accu in het contragedeelte en duw totdat de accu vastklikt.
Als u de accu wilt verwijderen, drukt u op de vergrendelingsknoppen (16) en trekt u tegelijkertijd de accu uit het contragedeelte.
Gebruik van het gereedschap
Waarschuwing! Laat het gereedschap in zijn eigen tempo werken. Overbelast de machine niet.
De accu opladen (fig. N)
De accu moet vóór het eerste gebruik worden opgeladen en ook zodra deze niet meer voldoende vermogen levert voor taken die eerst gemakkelijk konden worden uitgevoerd. Tijdens het opladen kan de accu warm worden. Dit is normaal en duidt niet op een probleem.
Waarschuwing! Laad de accu niet op bij omgevingstemperaturen onder 10°C of boven 40°C. Aanbevolen laadtemperatuur: ongeveer 24°C.
Opmerking: De lader functioneert niet als de temperatuur van de accu lager is dan ongeveer 10°C of hoger dan 40°C.
Laat de accu in de lader zitten. De lader wordt automatisch ingeschakeld wanneer de accu de juiste temperatuur heeft.
Als u de accu (12) wilt opladen, schuift u de accu in de lader (19). De accu past maar op één manier in de lader. Forceer dit niet. Zorg ervoor dat de accu goed in de lader is geplaatst.
◆ Steek de stekker van de lader in een stopcontact.
Als het lampje (18) continu brandt, is de accu volledig opgeladen. Het lader en de accu kunnen voor onbepaalde tijd verbonden blijven. Het oplaadlampje gaat branden wanneer de lader de accu van tijd tot tijd bijlaadt.
- Lege accu's dient u binnen een week op te laden. Als u accu's leeg bewaart, wordt de levensduur van de accu's aanzienlijk verminderd.
De accu in de lader laten zitten
U kunt de accu gedurende onbeperkte tijd in de lader laten zitten terwijl het oplaadlampje brandt. De lader zorgt ervoor dat de accu altijd volledig opgeladen is.
Problemen met de accu
Als er wordt geconstateerd dat de accu bijna leeg is of beschadigd is, gaat het oplaadlampje (18) snel rood knipperen. Ga in dat geval als volgt te werk:
◆ Plaats de accu (12) opnieuw.
Als het oplaadlampje snel rood blijft knipperen, gebruikt u een andere accu om te controleren of de lader wel goed werkt.
- Als de andere accu goed wordt opgeladen, is de oorspronkelijke accu defect. Breng de accu naar een servicecentrum voor recycling.
Als het lampje ook bij de andere accu snel knippert, moet u de lader laten testen bij een erkend servicecentrum.
Opmerking: Het kan soms 30 minuten duren om na te gaan of de accu goed functioneert. Als de accu te warm of te koud is, knippert het oplaadlampje afwisselend snel en langzaam rood.
Oliereservoir vullen (fig. O)
- Verwijder de oliedop (3) en vul het reservoir met de aanbevolen kettingolie. U kunt het oliepeil controleren met de oliepeilindicator (11). Plaats de oliedop (3) terug.
Schakel de zaag regelmatig uit en controleer vervolgens de oliepeilindicator (11). Verwijder de accu uit de kettingzaag en vul het reservoir met de juiste olie bij zodra de indicator op minder dan een kwart staat.
Ketting oliën
Het is raadzaam om tijdens de levensduur van uw kettingzaag alleen olie van Black & Decker te gebruiken. De reden hiervoor is dat mengsels van verschillende oliën de kwaliteit van de olie kunnen verslechteren. Dit heeft tot gevolg dat de zaagketting veel korter meegaat en er extra veiligheidsrisico's ontstaan.
Gebruik nooit afvalolie, dikke olie of zeer dunne naaimachineolie. Deze kunnen uw kettingzaag beschadigen.
De zaagketting (6) moet vóór elk gebruik en na reiniging uitsluitend worden geolied met de juiste oliekwaliteitsklasse (cat. nr. A6023-QZ).
- Smeer de kettingzaag (6) door vóór het maken van elke snede vier keer langzaam op de bol (17) (fig. O) op de oliedop (3) de drukken. Houd de bol telkens één seconde ingedrukt.
Inschakelen (fig. O)
- Grijp uw kettingzaag met beide handen stevig vast. Trek met uw duim aan de ontgrendelingsknop (2) en druk vervolgens op de aan/uit-schakelaar (1) om te starten.
- Neem uw duim van de ontrendelingsknop (2) en grijp de handgreep stevig vast zodra de motor is gestart.
Oefen geen druk uit op het gereedschap en laat het werk over aan de zaagketting. Het gereedschap werkt het effectiefst en het veiligst op de snelheid waarvoor het is ontworpen. Bij te veel kracht kan de zaagketting (6) uitrekken.
Als de zaagketting (6) of het zwaard (7) vast komt te zitten
◆ Schakel het gereedschap uit.
◆ Verwijder de accu (12).
- Open de snede met wiggen om de spanning van het zwaard (7) weg te nemen. Probeer de kettingzaag niet los te wrikken.
◆ Ga verder met een nieuwe zaagsnede.
Vellen (fig. P, Q en R)
Onervaren gebruikers kunnen beter niet proberen om bomen te vellen. De gebruiker kan letsel oplopen of schade veroorzaken als de boom in de verkeerde richting valt of versplintert, of als er beschadigde/dode takken tijdens het zagen omlaag vallen.
De veilige afstand tussen een te vellen boom en omstanders, gebouwen en andere objecten is ten minste 2 ½ keer de hoogte van de boom. Elke omstander en elk gebouw of voorwerp binnen deze afstand loopt het gevaar om geraakt te worden door de vallende boom.
Voordat u een boom velt:
- Controleer of er geen wetten of voorschriften zijn die het vellen van de boom verbieden.
- Houd rekening met alle factoren die de valrichting kunnen beïnvloeden, zoals:
◆ De beoogde valrichting.
◆ De natuurlijke overhelling van de boom:
◆ Een verdikking of rotte plek. - Omstaande bomen en obstakels zoals bovengrondse kabels en ondergrondse afvoeren.
◆ De richting en kracht van de wind.
Plan van tevoren een veilige uitweg, uit de buurt van vallende bomen of takken. Zorg dat de vluchtweg vrij is van obstakels die u kunnen hinderen. Bedenk dat nat gras en vers gezaagde boomschors glad zijn.
- Vel geen bomen waarvan de stamdiameter groter is dan de zaaglengte van de kettingzaag:
◆ Maak een inkeping om de valrichting te bepalen.
Maak hiervoor aan de voet van de boom haaks op de vallijn een horizontale snede tot een diepte van 1/5e tot 1/3e van de stamdiameter (fig. P).
Maak vervolgens van bovenaf onder een hoek van circa 45° een tweede snede die het einde van de eerste snede kruist en zo de inkeping vormt.
Maak hierna vanaf de andere zijde 25 tot 50 millimeter boven het midden van deze inkeping een enkele horizontale snede. (fig. Q). Zaag niet helemaal tot aan de inkeping, aangezien u hierdoor de controle over de valrichting kunt verliezen. - Sla een of meer wiggen in de zaagsnede om deze te openen en de boom om te laten vallen (fig. R).
Bomen snoeien
Controleer of er geen wetten of voorschriften zijn die het snoeien van de boomtakken verbieden. Snoei alleen als u al wat meer ervaring met de zaag hebt opgedaan. Hierbij bestaat namelijk een grotere kans dat de zaagketting klem komt te zitten en terugslaat.
Houd vóór het snoeien rekening met alle voorwaarden die de valrichting kunnen beïnvloeden, waaronder:
◆ De lengte en het gewicht van de te zagen tak.
◆ Een verdikking of rotte plek.
◆ Andere bomen of obstakels zoals bovengrondse kabels.
◆ De richting en kracht van de wind:
◆ Vervlechtingen van de tak met andere takken.
Houd rekening met de toegankelijkheid van de tak en de valrichting. Takken hebben de neiging om naar de boomstam te zwaaien. Behalve de gebruiker loopt elke omstander, elk object of elk gebouw onder de tak gevaar.
- Maak ter voorkoming van versplintering de opwaartse eerste snede tot een diepte van maximaal eenderde van de takdiameter.
- Maak vervolgens een neerwaartse tweede snede tot aan de eerste.
Blokken zagen (fig. S, T en U)
De manier van zagen is afhankelijk van de ondersteuning van het blok.
Maak zo mogelijk gebruik van een zaagbok. Begin een zaagsnede altijd terwijl de zaagketting draait en de gekartelde stootrand (20) het hout raakt (fig. S). Maak met de gekartelde stootrand draaibewegingen tegen het hout.
Bij ondersteuning over de volle lengte:
- Zaag in neerwaartse richting, maar zorg dat u de grond niet raakt, want hierdoor wordt uw zaag snel bot.
Bij ondersteuning aan beide uiteinden:
- Zaag eerst tot eenderde omlaag om versplintering te voorkomen en vervolgens tot aan de eerste snede.
Bij ondersteuning aan één uiteinde:
- Zaag eerst tot eenderde omhoog en vervolgens omlaag om versplintering te voorkomen.
Zagen op een helling:
◆ Ga altijd heuvelopwaarts van het werk staan.
Als u het blok op de grond wilt zagen (fig. T):
- Zet het werkstuk met klampen of wiggen vast. Ga niet op het blok staan of zitten om het blok stabiel te houden. Vraag dit ook niet aan anderen. Zorg ervoor dat de zaagketting de grond niet raakt.
Bij gebruik van een zaagbok (fig. U):
Het wordt sterk aanbevolen om indien mogelijk een zaagbok te gebruiken.
- Plaats het blok in een stabiele positie. Zaag altijd aan de buitenkant van de armen van de zaagbok. Zet het werkstuk met klemmen of riemen vast.
Takken afzagen (fig. V)
Het verwijderen van takken van een omgevallen boom.
Wanneer u takken afzaagt, laat u grotere takken onderaan zitten zodat de boom van de grond wordt gehouden. Verwijder de kleine takken in één zaagbeweging. Takken die onder
spanning staan, moeten van onderaf naar boven worden gezaagd om te voorkomen dat de kettingzaag vast komt te zitten.
Snoei takken vanaf de overkant en houdt de stam tussen u en de zaag. Maak nooit sneden met de zaag tussen uw benen en klem de af te zagen tak niet tussen uw benen.
Problemen oplossen
| Probleem Mogelijke oor | zaak Mogelijke oplossing | |
| Apparaat start niet Verg | endelingsknop niet ingedrukt | Druk de vergrendeling-sknop in |
| Accu niet geplaatst Plaats | de accu | |
| De accu is niet opgeladen | Laad de accu op | |
| Accu niet correct geplaatst | Verwijder de accu uit en plaats hem opnieuw | |
| De ketting stopt niet binnen twee seconden nadat het gereedschap is uitgeschakeld | De ketting is te slap afgesteld | Controleer de ket-tingspanning |
| Het zwaard en/of de ketting is zeer heet/er komt rook af | Het oliereservoir is leeg | Controleer het oliepeil |
| Oliegaatje in de kettinggeleider is geblokkeerd | Reinig de oliegaatjes (21 - fig. E) en maak de groef om de rand van de kettinggeleider schoon | |
| De ketting is te strak gespannen | Controleer de ket-tingspanning | |
| De neus van het aandri-jfkettingwiel van het zwaard moet worden gesmeerd | Olie de neus van het aandrijfkettingwiel van het zwaard | |
| De kettingzaag zaagt niet goed | De ketting is achterste-voren gemonteerd | Controleer/wijzig de richting van de ketting |
| Slijp de zaag | ||
| De kettingzaag verbruikt geen olie | Olie in het reservoir is verontreinigd | Tap de olie af en vul het reservoir met schone olie |
| Het oliegaatje in de dop is geblokkeerd | Maak het gaatje schoon | |
| De kettinggeleider is vies | Reinig de kettingge-leider | |
| Het olieafvoergaatje is verstopt | Verwijder het vuil | |
| Kettingzaak stopt plotseling tijdens het gebruik | Accu leeg Laad de accu in | dien nodig opnieuw op |
| Accu te heet Laat de accu | minstense een half uur afkoelen voordat u verdergaat of de accu oplaadt | |
| Overspanningsbev-eiliging | Start de kettingzaag opnieuw. Laat het gereedschap in zijn eigen tempo werken. Overbelast de machine niet |
Onderhoud
Wanneer u de zaag regelmatig onderhoudt, kunt u deze lang gebruiken. Controleer regelmatig de volgende zaken.
Waarschuwing! Doe altijd het volgende voordat u onderhouds- of reinigingswerkzaamheden aan elektrisch gereedschap uitvoert:
- Zet het gereedschap uit en haal de stekker uit het stopcontact.
Oliepeil
Het peil in het reservoir mag niet onder een kwart komen.
Zaagketting en zwaard
- Verwijder telkens na enkele uren gebruik de zaagketting (6) en het zwaard (7), en reinig deze grondig. Doe dit ook als u het gereedschap gaat opbergen.
- Zorg dat de beschermkap schoon is en dat er geen zaagafval op zit.
- Smeer de neus van het aandrijfkettingwiel en kettinggeleider via de tandwielsmeergaten (21) (fig. E). Hierdoor wordt de slijtage gelijkmatig over de zwaardrails verdeeld.
Zaagketting slijpen
Voor optimale prestaties van het gereedschap moet u de tanden van de zaagketting scherp houden. Richtlijnen voor deze procedure vindt u op de verpakking van de slijper.
Versleten ketting vervangen
Reservekettingen zijn verkrijgbaar in de detailhandel of bij Black & Decker servicecentra. Gebruik alleen reserveonderdelen van BLACK+DECKER.
Scherpte van zaagketting
De zaagtanden worden direct bot als deze tijdens het zagen de grond of een spijker raken.
Spanning van zaagketting
Controleer regelmatig de kettingspanning.
Reparatie van de kettingzaag
Uw kettingzaag voldoet aan de geldende veiligheidseisen. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door bevoegde vakmensen en met behulp van originele reserveonderdelen. Niet-naleving van deze regel kan aanzienlijk gevaren voor de gebruiker opleveren. Bewaar deze gebruiksaanwijzing op een veilige plaats.
Het milieu beschermen

Gescheiden afvalinzameling. Producten en accu's die zijn voorzien van dit symbool mogen niet bij het normale huishoudafval worden weggegooid.
Producten en accu's bevatten materialen die kunnen worden teruggewonnen of gerecycled, wat de vraag naar grondstoffen doet afnemen. Recycle elektrische producten en accu's volgens de ter plaatse geldende bepalingen.
Accu's

Gooi afgedankte accu's op verantwoorde wijze weg:
◆ Voorkom dat de polen van de accu worden kortgesloten.
- Werp accu's niet in het vuur. Dit kan letsel of een explosie tot gevolg hebben.
- Ontlaad de accu volledig en verwijder deze vervolgens uit het gereedschap.
Accu's kunnen worden gerecycled. Plaats de accu('s) in een geschikte verpakking om te voorkomen dat de polen wordenkortgesloten. Brengdezenaareenservicecentrum of een inzamellocatie in uw woonplaats.
Technische gegevens
| CS1825ST1H1 | GKC1825L20H1 | GKC1825LSTH1 | ||
| Spanning | V_DC | 18 18 18 | ||
| Lengte zwaard mm | 250 250 250 | |||
| Max. lengte zwaard | mm 2 | 50 250 250 | ||
| Kettingsnelheid (onbelast) | m/sm 3 | 5 3.5 3.5 | ||
| Maximale lengte zaagsnede | mm 2 | 50 250 250 | ||
| Olie-inhoud ml | 55 | |||
| Gewicht | kg 3. | 3.1 3.1 |
| Accu BL2018ST B | L2018 B | L2018ST | ||
| Spanning | V_DC | 18 18 18 | ||
| Capaciteit | Ah 2 2 2 | |||
| Type | Li-Ion Li-Ion | Li-Ion | ||
| Lader 906349** | 905902** | (Type 1) | 905902**(Type 1) | |
| Ingangsspan-ning | V_DC | 200-240 100 - | 240 100 - 240 | |
| Uitgangsspan-ning | Ah 8-20 | 8 - 20 8 - 20 | ||
| Laadstroom | mA 10 | 00 400 400 | ||
| Oplaadtijd ca. | h 2 | 5 | ||
| Geluidsdrukniveau volgens EN60745: |
| LpA (geluidsdruk) 70.5 dB(A), meetonzekerheid (K) 1.5 dB(A)LwA (geluidsvermogen) 90.5 dB(A), meetonzekerheid (K) 1.5 dB(A) |
| Totale trillingswaarden (som triaxvector) volgens EN 60745: |
| Waarde trillingsemissie ( a_h ) = 4.49 m/s2, meetonzekerheid (K) = 1.5 m/s2 |
EG-conformiteitsverklaring
MACHINERICHTLIJN
RICHTLIJN VOOR GELUID BUITENSHUIS
C€
CS1825ST1, GKC1825L20, GKC1825LST – Kettingzaag
Black & Decker verklaart dat deze producten, die zijn beschreven bij 'Technische gegevens', voldoen aan:
2006/42/EC, EN 60745-1:2009 +A11:2010, EN 60745-2-13:2009 +A1:2011
2006/42/EC, Kettingzaag, bijlage IV DEKRA Certification B.V., Utrechtseweg 310, 6802 ED Arnhem, Nederland Aangemelde instantie ID Nr.: 0344
Akoestisch vermogen, volgens 2000/14/EC (Artikel 13, bijlage III): L_WA (gemeten geluidsvermogen) 90.5 dB(A) L_WA (gegarandeerd geluidsvermogen) 92 dB(A)
Deze producten voldoen tevens aan richtlijn 2014/30/EU en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met Black & Decker op het volgende adres of raadpleeg de achterzijde van de handleiding.
Ondergetekende is verantwoordelijk voor de compilatie van het technische bestand en doet deze verklaring namens Black & Decker.

text_image
R. vaneeR. Laverick
Black & Decker heeft vertrouwen in zijn producten en biedt consumenten een garantie van 24 maanden vanaf de aankoopdatum. Deze garantie vormt een aanvulling op uw wettelijke rechten en beperken deze niet. De garantie is geldig op het grondgebied van de Lidstaten van de Europese Unie en de Europese Vrijhandelszone. Voor een garantie-aanspraak moet uw aanspraak in overeenstemming zijn met de Voorwaarden en Condities van Black&Decker en moet u een bewijs van aankoop overleggen aan de verkoper of aan een geautoriseerde reparatiemonteur.
Voorwaarden en condities van de 2-jarige garantie van Black&Decker en het adres van de vestiging van het geautoriseerde reparatiecentrum bij u in de buurt, kunt u vinden op internet op www.2helpU.com, of door contact op te nemen met het Black & Decker-kantoor ter plaatse, op het adres dat in deze handleiding wordt vermeld.
Bezoek onze website www.blackanddecker.nl, waar u uw nieuwe Black & Decker-product kunt registreren en informatie kunt verkrijgen over nieuwe producten en speciale aanbiedingen.