IAN 100521 - Weerstation AURIOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis IAN 100521 AURIOL in PDF-formaat.
| Producttype | Premium weerstation met windmeter en regenmeter |
| Merk | Auriol |
| Model | IAN 100521 |
| Voeding weerstation | 6 batterijen van 1,5 V, type AA |
| Voeding windmeter | 2 batterijen van 1,5 V, type AA |
| Voeding regenmeter | 2 batterijen van 1,5 V, type AA |
| Werktijd | Ongeveer 90 dagen met volle batterijen |
| Binnen temperatuurbereik | 0,0 °C tot +50,0 °C |
| Buiten temperatuurbereik | -20,0 °C tot +60,0 °C |
| Luchtvochtigheidsbereik | 20 % tot 99 % |
| Luchtdrukbereik | 850 tot 1050 hPa (mb) / 25,1 tot 31 inHg |
| Windsnelheidsbereik | 0-30 m/s (0-108 km/u, 0-67 mph, 0-58,3 knopen, 0-11 Beaufort) |
| Regenvalbereik | 0-9999 mm (0-393,66 inch) |
| Bereik buitensensor | 25 m in open veld |
| Tijdweergave | DCF-77 radiogestuurde klok met handmatige instelling |
| Hoofdfuncties | Binnen-/buitentemperatuur en -vochtigheid, weersverwachting, luchtdruk, windsnelheid en -richting, regenval, dauwpunt, hitte-index, wind chill, alarmen, min/max geheugen, achtergrondverlichting |
| Veiligheid | Niet onderdompelen, gebruik aanbevolen batterijen, buiten bereik van kinderen houden |
| Onderhoud | Reinigen met een vochtige doek, regelmatig vuil uit het filter van de regenmeter verwijderen |
| Beschermingsgraad | IP44 |
| DCF-77 ontvangst | Ja, bereik circa 1500 km vanuit Frankfurt |
Veelgestelde vragen - IAN 100521 AURIOL
Gebruikersvragen over IAN 100521 AURIOL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Weerstation in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding IAN 100521 - AURIOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. IAN 100521 van het merk AURIOL.
GEBRUIKSAANWIJZING IAN 100521 AURIOL
Bedienings- en veiligheidsinstrumenties
IAN100521

AT



NL Bedienings- en veiligheidsinstructies Pagina 63

Inhaltsverzeichnis
- Algemene informatie.. 64
- Beoogd gebruik.. 64
- Technische gegevens.. 64
- Veiligheidsinstructies.. 65
- Leveringsomvang.. 66
- Verklaring van begrippen.. 66
- Functies 67
- Ingebruikneming.. 67
- Batterijenplaatsen en verrangen.. 69
- Overzicht van het apparaat.. 70
- Voorbereiden van de windmeter en de regenmeter en aanmelden op het weerstation... Pagina 72
11.1 Windmeter kalibreren.. 72
11.2 Regenmeter voorbereiden . 72
11.3 Automatisch aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation...... Pagina 72
11.4 Handmatig aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation.. 73 - Weerstation basisinstallingen.. 73
12.1 Instselling.. 73
12.2 DCF-77 afstemming.. 74
12.3 Instelling tijdzone.. 74 - Alarmfungie.. 75
- Luchtdrukeenheid instellen.. 76
- Luchtdrukaanpassing.. 76
- Instellen van de eenheid voor de windsnelheid.. 76
- Windalarm instellen.. 76
- Wind Chill-alarm instellen.. 77
- Windalarm en Wind Chill-alarm in- en uitschakelen.. 78
- Instellen van de eenheid voor de regenmeting.. 78
- Instellen temperatuurenheit . 78
- Weergaven.. 78
22.1 Tijd en datum . 78
22.2 Tijdzone.. 78
22.3 Temperatur en luchtvochtigheid binnen/buiten.. 78
22.4 Heat Index en Dew Point weergeven.. 79
22.5 Regenhoeveelheid.. 79
22.6 Ijs-/vorstalarm.. 80
22.7 Windrichting.. 80
22.8 Windsnelheid.. 80
22.9 Luchtdrukveränderingen.. 80
22.10 Minimum- en maximumwaarden.. 80
22.11 Weersvoorspelling.. 81
22.12 Weertendens.. 81 - Onderhoud.. 81
23.1 Weergave laag batterijniveauau . 81
23.2 Regenmeter bladerenzeef . 81 - Probleemoplossing bij storing van de meetresultaten.. 81
- Reinigen . 82
- Verwijderen.. 82
Algemene informatatie/Beoogd gebruik/Technische gegevens
Premium weerstation
1.Algemeneinformatie
LET OPI VOOR GEBRUIK DE GEBRUIKSAAN- WIJZING LEZEN! GEBRUIKSAANWIJZING ZORGVULDIG BEWAREN! DIT ARTikel IS GEEN SPEELGOED! BUITEN BEREIK VAN KINDEREN HOUDEN.
Lees de veiligeidsinstructies zorgvuldig door en gebruik het artikel uitsluitend zoals in de gebruiksaanwijzing is beschreiben, om verwondenen of schade te voorkomen. Voor schade die het gevolg is van ondeskundig gebruik en veronachtzaming van deze veiligeidsinstructies, stellen wij ons Niet aansprakelijk.
In deze gebruiksaanwijzing gebruikte tekens:

WAARSCHUWT U VOOR VERWONDINGSGEVAAR!
Hetwoord GEVAAR waarschuwt u voor möglichke ernstige verwondingen en levengevaar.
Hetwoord VOORZICHTIG waarschuwt u voor mogelijkke lichte verwondingen of beschadigingen.

WIJST OP EXTRA/AANVULLENDE INFORMATIE!
2.Beoogdgebruik
Het weerstation met windmeter informeert u over de actuele weersomstandigheden. Bovendien worden ook een weersvoorspelling afgegeben. Het weerstation met windmeter is voorzien van een regenmeter, windmeter, barometer, radiogestuurde klok en een kalender. Alleen voor privilegebruik. Niet voor industrielle toepassingen.
3.Technischegegevens
Meetbereik:
Binnentemperatuur: 0,0^ tot +50,0^, Resolutie: 0,1°C 32,0°F tot 122,0°F, Resolutie: 0,1°F
Buitentemperatuur: -20,0°C tot +60,0°C Resolutie: 0,1°C -4,0°F tot +140,0°F Resolutie: 0,1°F
Luchtvochtigheid: 20 tot 99% Resolutie 1%
Luchtdruk: 850 mb tot 1050 mb 850 hPa tot 1050 hPa 25,1 tot 31 in Hg (hoogte van kwikkolom in inch)
Windsnelheid: 0-30 m/s
0-108 km/h
0-67 mph
0-58,3 knot
0-11 Beaufor
Regenmetting:0-9999 mm 0-393,66 inch Bereik buitensensor: 25m (open terrein)
Overschrijdingmeetbereik:
Bij overschrijding van het meetbereik konnen de volgende indications worden verwacht:
Onderschrijden van de meetwaarden:
Binnentemperatuur onder O ^ C LL.L
Buitentemperatuur onder -50 °C: LL.L
Luchtvochtigheid onder 20% .. 20%
Luchtdruk onder 850 hPa: 850 hPa
- Heat Index onder 14 °C: LL.L
Dew Point onder 0^ LL.L
Wind Chill onder -90°C:LLL
Overschrijden van de meetwaarden:
Binnentemperatuur boven 50^ HH.H
Buitentemperatuur boven 70^ HH.H
Luchtvochtigheid boven 99% : 99%
Luchtdruk boven 1050 hPa: 1050 hPa
- Heat Index boven 60^ : HH.H
Dew Point boven 60^ C: HH.H
- Wind Chill boven 60^ : HH.H
Technische gegevens/Veiligheidsinstructies
- Regenhoeveelheid boven 9999 mm: HHH
- Windsnelheid boven 50m / s .. 50m / s

LET OPI!
Het display zal bij een temperatuur onder ca. -20^ steedsmeerbeperkingenindeafleesbaarheid vertonen.Afhankelijk van het type batterij moet bijlage temperaturen (doorgaans vanof -20^) rekening worden gehonden met beperkingen van de spanningsvoeding.Stel het weerstation en de buitensor nietbloot aan direct zonlicht.

VOORZICHIG!
Bij temperaturen boven 60^ valt (eveneens afhankelijk van het type batterij) te vrezen voor uitlopen van batterijzuur.
Spanningsvoeding:
Weerstation: 6 × 1,5V -batterij,type AA
Windmeter: 2 × 1,5 V-batterij, type AA
Regenmeter: 2 × 1,5V -batterij, type AA
Levensdur bij volle batterijen: ca. 90 dagen

LET OPI!
Wij OWIM GmbH & Co. KG, Stiftsbergstraße 1, D-74167 Neckarsulm, verklaren in eigen verantwoerdelijkheid dat het product: Premium weerstation, modeln.: H13726, versie: 07 / 2014, waarop deze verklaring betrekking heeft, overeenstemt met de normen / normatieve documenten van de richtlij 1999/5/EC.

Deze documenten können desgewenst worden gedownload van www.owim.com.
4. Veiligheidsinstructies

GEVAAR VOOR KINDEREN!
Het inslikken van batterijen is levensgevaarlijk. Batterijen en weerstation要去en buiten bereik vankleine kinderen worden bewaard.Bij inslik ken van de batterij moet onmiddelijk een arts worden bezocht.

GEVAAR VOOR VERWONDINGEN!
Lege batterij uithet apparaat verwijderen.
Aansluitpolen in geen geval lately kortsluiten.
- Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 alsook Personen met verminderde psychische, sensorische of mentale vaardigheden of een gebrek aan ervaring en / of kennis worden gebruikt, als zij onder toezicht staan of geinstrueerd werden met betrekking tot het veilige gebruik van het apparaat en de hieruit voortvloeije gevaren begrijpen. Kinderenogens Niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoudogens Niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.

Uitsluitend het aangegeven type batterij gebruiken.
Let op de juiste poolrichting.
De batterijen regelmatig controeren op uitlopen.
- Batterijen uit het apparaat halen, als dit langere tijd Niet worden gebruikt.
Dompel het weerstation en de buitensensor nooit onder in water of andere vloeistoffen.
Neem de aanwijzingen voor reinigen en bewaren in deze gebruiksaanwijzing in acht.
Leveringsomvang/Verklaring van begrippen
5.Leveringsomvang







1 weerstation met neerzehvoet
2 1 windmeter met geintegreerde temperatuur- en luchtvochtigheidssensor
3 1 regenmeter met bladerenzeef
4 6 schroeven passend voor 5 mm pluggen
5 6 pluggen 5 mm
6 4 binnenzenskantschroeven M6 inclusief 4 moeren en 8 onderlegringen
2 bevestigingsbeugels voor windmeter
6. Verklaring van begrippen
Dew Point:
Bij het dauwpunt (Dew Point) gaat het om het punt waarop de lucht waterdamp in de vorm van mist en/of dauwwater aft Scheidt.
Voorbeeld: als de lucht continu worden afgekoeld, neemt de relatieve luchtvochtigheid bij gelijk blijvende luchtvochtigheid toe tot 100% . Dan is het dauwpunt bereikt en bevat de afgekoelde lucht het bij deze temperatuur maximaal möglichke gehalte aan waterdamp.
Heat Index:
Bij de hitte-index (Heat Index) gaat het om de ervaren luchttemperatuur van het menselijk lichaam op grond van de gemeten luchttemperatuur en de heersende luchtvochtigheid.
Wind Chill:
Bij de windkoelte (Wind Chill) gaat het om het verschil tussen de gemeten (luchttemperatuur) en de gevoelde temperatuur, die afhankelijk is van de windsnelheid. De windkoelte is maar voor afkoeling van een object onder invloed van de wind. De mens voelt deze windkoelte vooral in het gezicht.
Omdat men de windkoelte alleen bij temperaturen bij of onder de 0^ C-grens kan berekenen, wordt deze bij hogere temperaturen meestal verrangen door de hitte-index (Heat Index).
7.Funcies
Weerstation:
- Radiogestuurd DCF-77-tijdssignaalontvangst met tijdsweergave; tijdzone-instelling
-Weergavedatum - Wekalarm met sluimerfuncties
Weergave binnentemperatuur en binnenlucht-vochtigheid met opslag van minimale en maxi-male meetwaarden - Weergave buitentemperatuur en buitenluchtvoch-tigheid met opsgan minimale en maximale meetwaqarden
-Weergaveluchtdruk
-Weergaveweertendens - Weergave batterijniveau (weerstation, windmeteren regenmeter)
-Weergavewindrichting - Weergave windkracht met windalarm
- Weergave dauwpunt (Dew Point)
- IJs-/vorstalarm
-Weergaveneerslag - Weergave windsnelheid en windrichting
- Weergave windkoelte (Wind Chill)
- Kan worden neergezet of opgehangen
Alleen voor binnengebruik
Windmeter:
Geeft de windsnelheid, temperatuur en lucht-vochtigheid door aan het weerstation via 434 MHz-frequentie
Montage aan een mast van ca. 25-31 mm
Montage uitsluitend op een planta die vrij ligt van gebouwen, muren of andere hindernissen, odomat anders de meetwaarden worden beinvloed.
Regenmeter:
Geeft regenhoeveelheid door aan het weerstation via 434 MHz-frequency
- Eenvoudig neerzetten of schroefmontage op een effen oppervlak
- Neerzetten of montage idealiter op eenplaats die nicht gegen regen is beschut.

VOORZICHTG!
Neem de volgende veiligheidsinstructies voor de windmeter en de regenmeter in acht:
- De meetapparaten nooit onderdompelen in water of andere vloeistoffen
- Meetapparaten nicht in de oven of magnetron plaatsen
- De meetapparaten nicht blootstellen aan temperaturen onder -20 °C en boven 60 °C.
Chemicalien verre houden van de meetapparaten
8.Ingebruikneming

LET OP!
Maak u voor de montage vertrouwd met het weerstation, de windmeter en de regenmeter. Met de apparaten in de hand is de gebruiksaanwijzing beter te begrijpen.
Neerzetten van het weerstation:
Het weerstation heeft een voorgemonteerde standvoet, met behulp waarvan het weerstation handig kan worden neergezet.

67 NL
Ingebruikneming
Wandmontage weerstation:
- Markeer de boorgaten voor het weerstation (afstand horizontal ca. 11,3cm ) en let er voor het boren van de boorgaten ( 5mm ) op dat bij het boren geen elektriciteitsleidingen of waterleidingen o.i.d. beschadigd raken.
- Schuif de pluggen in de boorgaten tot ze.Deze zo aflsuiten dat ze geling liggen met de wand.
- Schroef de meegeleverde schroeven in de pluggen en LAST een Klein stukje uitsteken, zodat het weerstationARAAN kan worden opgehangen.
De voorgemonteerde standvoet kan worden losgehaald van het weerstation. Klap de standvoetaar omlaag weg en trek hem uit de uitsparing. Om hem aan te brengenGaat u in omgekeerde volgorde te werk.


Ophanging
Montage windmeter:
Zoek voor de windmeter een geschikte standplaats.
- De standplaats要去 buitenijken.
-
De wind moet van alle kanten op de windmeter können inwerken, zodate de juiste windkracht en windrichting kan worden gemeten.
-
De windvaan en het windrad mogen Niet geblokkeerd zich om de metingen correct te{kunnenuitvoeren.
- De windmeter要去 binnen het bereik van de draadloze overdracht worden gemonteerd. Muren en wanden reduceren het bereik van de draadloze overdracht. Controller de draadloze ontvangst voor de definitieve montage met het weerstation.
Idealiter wordt de windmeter op een mast of op het dak van een huis gemonteerd. Op dezeplaatsen kan de wind direct inwerken op de windmeter.
U hebt een mast nodig met een diameter van ca. 25-31 mm (niet meegeleverd), die stabel en loodrecht staat.
Bevestig de windmeter zoals hieronder is afgebeeld met de meegeleverde binnenzenskantschroeven, onderlegringen, bevestigingsbauten en moeren.
Vergewis u er na de montage van dat de windmeter waterpas gericht is en stevig vastzit. Een horizontale positie is nodig om een nauwkeurige meting te verrichten.

Plaatsen van de regenmeter:
Zoek een geschichte standplaats voor de regenmeter.
- De standplaats要去 buren zich. Hij mag zich worden beinvloed door voorwerpen en hindernissen. Niet onder struiken of naast murenplaatsen.
- De regenval要去 ongehinderd op de regenmeter können inwerken, zodate een nauwkeurige regenmeting kanplaatsvinden.
Ingebruikneming / Batterijenplaatsen en verrangen
- Let erop dat het regenwater zich nicht onder de regenmeter ophoopt. Het要去 ongehinderd konnen wegstromen.
- De regenmeter moet binnen het bereik van de draadloze overdracht worden gemonteerd. Muren en wanden reduceren het bereik van de draadloze overdracht. Controller de draadloze ontvangst voor de definitieve keuze van de standplaats met het weerstation.

Als u een geschichte plaats hebt gezonden, vergewis. u er dan van dat de oppervlakte absolut waterpas is, zodate een nauwkeurige regenmeting kan worden uitgevoerd.
U kunt de regenmeter eenvoudig neerzetten of met de meegeleverde schroeven vastzetten.
- Markeer de boorgaten met behulp van de regenmeter en let er voor het boren van de boorgaten ( 5mm) op dat bij het boren geen elektriciteitsleidingen of waterleidingen o.i.d. beschadigd raken.
- Schuif de meegeleverde pluggen in de boorgaten tot ze deze zo aflsuiten dat ze geglik liggen met de wand.
- Schroef de regenmeter vast met de meegeleverde schroeven.
Windmeter:
Zowel bij de eerste ingebruikname evenals bij iedere keer dat de batterijen worden verrangen, moet de windmeter opnieuw gekalibreerd worden. Neem hiervoar alinea 11.1 in acht. Om het batterijvak te openen, draait u de 4 kruskop-schroeven op het kleje van het batterijvak los.
- Licht het klepje van het batterijvak af.
- Plaats de batterijen (2 x 1,5 V type AA) in de aangegeven poolrichting. Let erop dat het lusje onder de batterijen ligt. Met dit lusje kunt u de batterijen er bij verranging van de batterijen uit trekken.
- Plaats het klepje van het batterijvak wee op het batterijvak. Let erop dat de afdichtingsring op het batterijvak goed in zich uitsparing ligt. Alleen dan kan waterdichtheid van het batterijvak worden gewaarborgd.
- Draai de 4 schroeven op het klepje van het batterijvak wee handvast aan.
9. Batterijenplaatsen en verrangen
Plaats de batterijen eerst in de buitensensor (Windmeter/Regenmeter), daarna pas in het weerstation.
Weerstation:
- Open het batterijvak aan dechterzijde van het weerstation in de pijrichting.
- Plaats de batterijen (6 x 1,5 V type AA) in de aangegeven poolrichting. Nadat een van de beiden rijen batterijen is gezuld, volgt al een pieptoon.
- Om het batterijvak te sluitenplaatst u het klepje van het batterijvak boven het batterijvak. Schuif het klepje van het batterijvak gegen de pijlichting tot het vastklikt.



69NL
Batterijenplaatsen en verrangen / Overzicht van het apparaat
Regenmeter:
- Draai met een sleufschroevendraaier de 2 gegen overliggende bevestigingsschroeven los van de behuizing van de regenmeter.
Haal de behuizing voorzichtig van de basis van het apparaat af. - Om het batterijvak te openen, draait u de 4 kruiskopschroeven op het kleje van het batterijvak los.
- Licht het klepje van het batterijvak af.
- Plaats de batterijen (2 x 1,5 V type AA) in de aangegeven poolrichting.
- Plaats het klepje van het batterijvak waar op het batterijvak. Let erop dat de afdichtingsring op het batterijvak goed in+zijn uitsparing ligt. Alleen dan kan waterdichtheid van het batterijvak worden gewaarborgd.
- Draai de 4 schroeven op het klepje van het batterijvak waar handvast aan.
- Schuif de behuizing waar voorzichtig over de basis van het apparaat.
Zet de behuizing wee met de bevestigings-schroeven vast aan de basis van het apparatus.

Bus voor 6V-DC-adapter (adapter nicht bij de levering inbegrepen)

10. Overzicht van het apparaat
Weerstation:
Weervorspelling en luchtdruk
Temperatuurweergave en luchtfochtigkeit binnen/buiten

Windsnelheid, windrichting en regenhoeveelheid
Tijd en alarm
Toetsen voorzijde
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| RAIN/CLEAR | Neerslaghoe-veelheid dag/week/maand/totaal | Wissen van de gegevens |
| WIND Gemiddelde | ||
70NL
Overzicht van het apparatus
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| PRESSURE Wijziging lucht- drukeenheid (in Hg, mb of hPa) | Luchtdukaan- passing | |
| CHANNEL/ SEARCH | Kanaal zoeken (binnen, buiten of afwisseled) | Zoeken van ra- diosensoren |
| HEAT INDEX | Omschakelen weergave tussen gevoelde tempe- ratuur (Heat In- dex) en dauw- punt (Dew Point) | |
| DEW POINT | ||
| CLOCK Omschakelen weergave tussen lokale tijd, da- tum en dag | Instelling van tijd en datum | |
| ALARM Alarmtijd waar- geven en active- ren/deactiveren | Instelling van alarmtijd | |
| RAIN HISTORY | Weergave neer- slag actueel en van de LASTE 6ragen/weken/ maanden | |
| WIND ALARM | Weergave van wind-alarm en windkoel- te-alarm | |
| MEMORY Weergave van de automatisch opgeslagen Min. en Max.-waarden van temperatuur, luchtvochtigheid, dauwpunt (Dew Point), gevoelde temperatuur (Heat Index), windkoelte (Wind Chill) en windsnelheid | ||
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| ▲ Instellingen voor-uit | Instellingen vooruit snel | |
| ▼ Instellingen | achteruit | Instellingeninceruit snel |
Toetsen achterkant
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| WIND AL▲ | In- en uitschake- len von wind- alarm en wind- koelte-alarm | |
| WIND UNIT Instellen van windsnelheid- seenheid (Beau- fort, mph, m/s, km/h of knots) | ||
| RAIN UNIT Instellen van maateenheid regenhoeveel- heid (mm of inch) | ||
| ■ | Zoeken van het DCF-77 radio- signal | |
| ZONE Omschakelen:tussen lokale tijd en wereldtijd | Wereldtijd instellen | |
| C/F Omschakelen van °C maar °F | ||
| SNOOZE/ LIGHT | Sluimerfunctie/ allergrundver- lichting | |
Overzicht van het apparatus / Voorbereiden van de windmeter ...
Windmeter:
Behuizing met geintegreerder thermometer en hygrometer
Windvoan met ge-integreerd kompas

- Plaats de batterijen in de juiste poolrichting (zie waarvoor onder paragraaf 9. Batterijplaatsen en verrangen/Windmeter)
- De zendsignal-LED Licht kort op. De windmeter is nu gekalibreerd.

11.2 Regenmeter voorbereiden
Regenmeter:

- Plaats de batterijen in de regenmeter (zie waar voor onder paragraaf 9. Batterijplaaten en verwangen/Regenmeter).
- Verwijder de transportbeveiliging waarmee der regenwip is vastbezet.

11. Voorbereiden van de windmeter en de regenmeter en aanmelden op het weerstation
11.1 Windmeter kalibreren
Zowel bij de eerste ingebruikname evenals bij iederere keer dat de batterijen worden verrangen, moet de windmeter opnieuw gekalibreerd worden. Ga waarvoor als volgt te werk:
- Voordat u de batterijen plaatst, richt u de windvagn maar het noorden.
- Let erop dat het windrad en de windvaan nicht draaien.
11.3 Automatisch aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation
Nadat u de windmeter en de regenmeter hebt voorzien van batterijen,plaatsu de batterijen in het weerstation (zie waaroor onder paragraaf 9. Batterij plaatsen en verrangen / Weerstation).
Voorbereiden van de windmeter ... / Weerstation basisinstellingen
Het weerstation zoekt automatisch de radiosignalen van de windmeter en van de regenmeter. Het proces duurt ca. 4 minutes.

11.4 Handmatig aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation
Na elke batterijvervanging van de windmeter en van de regenmeter is opnieuw een aanmeling op het weerstation nodig. Nadat u de batterijen hebt verrangen en evt. de windmeter hebt gekalibreerd, drukt u gedurende ca. 5 seconden de CHANNEL /SE-ARCH-toets op het weerstation in. De invoer worden bevestigd met een bevestigingstoon. Er knipperen nu alle weergegeven waarden van windmeter en regenmeter op het display. Het proces kan maximaal 4 minutes duren.
Uren:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de uren-instelling. In het display knipperen nu de uren. Met de toets en de toetskest u de uren instellen.

Minutes:
Door nogiens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de minutes-instelling. In het display knipperen nu de minutes. Met de toets en de -toets kunt u de minutes instellen.
12. Weerstation basisinstellungen
12.1 Installing
- 12/24-uursformaat
-tijd
-datumformulae
-datum
Met de CLOCK-toets springt u maar het volgende menupunt. Met de toets en de toets worden deinstallingen aangebracht. Als ca. 60 seconden geen van de instellingstoetsen worden ingedrukt, springt het weerstation automatisch terug�d ijsdsweergave.

Jaar:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de staat instelling. In het display knippert nu het staat. Met de toets en de toets kunt u het staat instellen.

12/24-ursformulaat:
Druk in de tijsdsweergave gedurende ca. 3 seconden de CLOCK-toets, in om waar de instellingsmodus te gaan.
Op het display verschijnt knipperend 24h. Met de toets en de toets kunt uBeen en weer schakelen tussen 24h- en 12h-weergave. Bij de 12h-weergave verschijnt's middags links naast de tijd bovendien AM/PM.
Datumformat:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de maandformaat-instelling. In het display knipperen nu de letters D (D = Day = dag) en M (M = Month = maand) bij de datum. Met de
-toets en de -toets kunt u het datumformaat instellen.
Weerstation basisinstellingen

Maand:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de maand-instelling. In het display knippert nu de maand. Met de toets en de -toets kutu de maand instellen.

Dag:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de dag-instelling. In het display knippert nu de dag. Met de toets en de -toets kunt u de dag instellen.

Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken keert u terug in de tijdsweergave.
12.2 DCF-77 afstemming
Deze functie stelt automatisch de tijd en datum in. Met de -toets=kunt u de afstemming van de radiogesturde DCF-77-tijdsinformatie activeren. Druk op de -toets en het -symbool verschijnt op het display. Als het radiosignal worden ontvangen, verschijnt er een geanineerd -symbool. Als er geen radiogolven verschijnen, hebt u op.Deze plantaes geen DCF-77-onvangst. Als de ontvangst stabil is, wordt het geanineerde -symbool na ca. 3-5 minuten constant op het display weergegeven.
Druk de -toets wee in om de DCF-77-afstemming te deactiveren.

LET OPI!
De weergaven van tijd en datum worden in Midden-Europa overgezonden met het zogeheten DCF-77-radiosignaal. De zender bevindt zich in de buurt van Frankfurt a.M. en verzendt met een transmissieradius van ca. 1500~km Als uw weerstation dit signaal ontvangt, is het nicht nodig om te schaken van winter-op zomertijd.
De ontvangstkwaliteit kan natuurlijk in verband met de geografische rigging (bijv. diepe dalen) of bouwkundige omstandigheden (bijv. darüber betonnen mu- ren) beperkt zich.
Evenzo kann elektromagnetische velden de radio-ontvangst (van DCF) negatief beinvloeden.
Plaats het weerstation en de buitensensor op een geschiktere plaats. Volg de instructies die in de gebruiksaanwijzing onder het punt "DCF-77 afstemming" worden beschreiben, om het radiosignal weer in te schakelen.
12.3 Installing tijdzone
U kunt tijdens de tijdsweergave heen en weer schakelenussen de tijd van uw land en de gekozen zonetijd. De tijdzones zich ingedeeld in 24 zones. U kunt een tijdzone van +12 ur tot -12 uurkiezen.
Installing tijdzone:
Houd de ZONE-toets gedurende ongeveer 3 secon- den ingedrukt. Er klinkt een bevestigingstoon op het display worden een knipperende O weergegeven.

Met de toets en de -toets kunt u de tijdzone instellen. U kunt een tijdzone van +12 uur tot -12 uur kiezen.
Weerstation basisinstellungen/Alarmfunctie

Met de ZONE-toets keert u weer terug in de tijdsweergave. Als tijdens de instelling van de tijdzone 60 seconden geen instellingstoets worden ingedrukt, springt het weerstation eveneens terug maar de tijdsweergave.
Met de ZONE-toets kutu de gekozen tijdzone laten weergeven. Er verschijnt ZONE naast de tijd. Door nog een op de ZONE-toets te drukken keert u weer terug maar de tijd van uw land.


LET OP!
Bij de instelling van de tijdzone kut uuitgaan van de volgende opgaven:
Set-1eur:
Atlantische Ocean, Groot-Britannie, Ierland, Ijsland, Portugal
Set 0 aur:
Albanie, Belgie, Bosnii-Herzegovina, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Gibraltar, Italié, Kroatie, Liechtenstein, Luxemburg, Malta, Macedonie, Monaco, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, San Marino, Zwerden, Zwitserland, Servié, Slowakije, Slovenie, Spanje (met uitzondering van de Canari-sche Eilanden), Tsjechie, Hongarije
Set +1 aur:
Bulgarije, Estland, Finland, Griekenland, Letland, Litouwen, Moldavie, Roemenie, Turkije, Oekraine, Cyprus
Alle overige tijdzoneskest in uw atlas of op het internet vinden.
13. Alarmfunctie
Om de alarmtijd in te stellen houdt u tijdens de tijsdweergave de ALARM-toets 3 seconden ingedrukt. Na het klinken van een bevestigingsignaal, verschijnt op het display ALARM en knipperen de uren.

Met de foets en de foets kurz u de uren instellen. Door nogiens op de ALARM-foets te drukken, gaat u maar de minuten-instelling, waar bij de minuten knipperen.

Met de toets en de toets kurz u de Minutes instellen. Met de ALARM-toets keert u wee terug in de tijdsweergave.
De alarmfunctie is geactiveerd en er verschijnt naast de tijd.

Deactiveren van de alarmfunctie:
Druk tweeemaal de ALARM-toets in de tijsdsweergave in tot ^ 喜 verdwijnt.

Door nog eens op de ALARM-toets te drukken kunt u de alarmfunctie weeer activeren. Met de CLOCKtoets keert u weer terug in de tijs Sweergave.
.../Luchtdrukeenheid .../Luchtdrukaanpassing/Instellen .../Windalarm ...
Als tijdens de omschakeling ca. 20 seconden geen toets worden ingedrukt, schakelt het weerstation automatisch over op de tijdsweergave.
Alarmsignal uitschakelen:
Het alarmsignaal klinkt ca. 2 minutes en knippert. U kunth het voortijdig met de ALARM-toets uitschakelen.

Sluimerfunctie:
Met de SNOOZE / LIGHT-toets kunt het alarmsignaal voor ca. 10 minuten onderbreken. Gedurende ze tijknpert boven de tijsdweergave.

Daarna klinkt het alarmsignal opnieuw gedurende ca. 2 minutes. U(Int) het alarmsignal weer met de SNOOZE / LIGHT-toets onderbreken of met de ALARM-toets uitschakelen.
14. Lichtdrukeenheid instellen
Druk de PRESSURE-toets in om heb en wee ter schakelen:tussen de eenheden hPA (Hectopascal), mb (millibar) en in Hg (kwikkolom in inch).

15. Luchtdrukaanpassing
Nadat de batterijen in het weerstation zich geplaatst, verschijnt een luchtdruk van 1013 hPa. Deze waarde is standard ingesteld. U(Int)knt de luchtdruk aanpassen aan uw actuele standplaats. Achterhaal eerst de actuEle luchtdrukwaarde, bijv.uit de krant of van het internet.
Houd de PRESSURE-toets gedurende ca. 3 secon- den ingedrukt, tot een bevestigingstoon te horen is.
Nu knippert de luchtdrukwaarde. Druk de of de -toets in om de gewenste waarde in te stellen. Met de PRESSURE-toets keert u waar terug maar de gewone weergave. Als ca. 1 minuut geen insteltoets worden ingedrukt, eveneens.

16. Instellen van de eenheid voor de windsnelheid
U kunt de windsnelheid in 5 verschillende eenheden\ laten weergeven.
- km/h (kilometers per uur)
- mph (mijlen per uur)
- m/s (meters per seconde)
-knots(knopen)
Beaufort
Druk waarvoorde WIND UNIT-toets aan de achterzijde van het weerstation in om:tussen de verschil-lende eenheden heen en weer te schakelen.


17. Windalarm instellen
U kunt een windalarm voor windvlagen (hoogste slelheid van de LASTe 10 minuten) instellen. Druk waaroor net zo vaak de WIND ALARM-toets in tot ALARM en GUST (windvlaag) op het display verschijnt.

Windalarm instellen / Wind Chill-alarm instellen
Houd verwolgens de WIND ALARM-toets gedurende ca. 3 seconden ingedrukt tot een bevestigingstoon klinkt en de waarde knippert.

Druk de of de toets in om de gewenste waarde in te stellen. Met de WIND ALARM-toets bevestigt u de invoer en verschijnt er links naast de windsnel-heid Hi.

Het windalarm is nu geactiveerd. Met de WIND AL -toets kunt u het windalarm wee deactiveren. Druk waarvoor net zo vaak op de WIND AL -toets, tot Hi verdwijnt.
Als windvlaag de ingestelde waarde bereikt of overschrijdt, klinkt gedurende ca. 1 minut een waarschuwingssignaal. Bovendien knippert nog Hi op het display.

Druk de WIND ALARM-toets in om de alarmtoon voortijdig te onderbreken. blijft net zo lang knipperen tot de windvlagen (van de LASTe 10 minu-ten) wee darlen tot onder de grenswaarde.
18. Wind Chill-alarm instellen
U kunt een Wind Chill-alarm instellen. Druk waarvoor net zo vaak de WIND ALARM-toets in tot ALARM naast de Wind Chill-temperatuur verschijnt.

Houd verwolgens de WIND ALARM-toets geduren de ca. 3 seconden ingedrukt tot een bevestigingstoon klinkt en de waarde knippert.

Druk de of de -toets in om de gewenste waarde in te stellen.
Met de WIND ALARM-toets bevestigt u de invoer en er verschijnt links naast de Wind Chill-temperatuur ALo.

Het Wind Chill-alarm is nu geactiveerd. Met de WIND AL -toets kunt u het Wind Chill-alarm weer deactiveren. Druk waarvoor net zo vaak op de WIND AL -toets, tot Verdwijnt.
Als de Wind Chill-temperatuur de ingestelde waarde bereikt of onserschrijdt, klinkt een waarschuwingsignaal gedurende ca. 1 minuut. Bovendien knippert nog ALo op het display.

Druk de WIND ALARM-toets in om de alarmtoon voortijdig te onderbreken. A lo blift net zo lang knipperen tot de Wind Chill-temperatuur de grenswaarde wee overschrijdt.
Windalarm .../Instellen van de .../Instellen temperatuurenheid/Weergaven
19. Windalarm en Wind Chill-alarm in- en uitschakelen
Druk de WIND AL foets in om Windalarm en Wind Chill-alarm in en uit te schakelen. Als het alarm is ingeschakeld, verschijnt het betreffende alarmsymbol Hi/Lo

arm en Wind Chill-alarm unit

Windalarm aan

Wind Chill alarm gan

arm en Wind Chill-alarm aan
20. Instellen van de eenheid voor de regenmeting
U hebt de keuze de regenhoeveelheid in mm (millimeter) of in in (inch) te latent weergeven. Druk waar voor op de RAIN UNIT-toets aan dechterzijde van het werkstation. Met elke druk wisselt de weergave op het display van eenheid.


21. Instellen temperatuurenheid
U kunt de temperaturen in ^ C (graden Celsius) of in ^ F (graden Fahrenheit) lately weergeven. Druk waarvoor op de C / F-toets aan dechterzijde van
het weerstation. Met elke druk wisselt de weergave op het display van eenheid.


22. Weergaven
Achtergrundverlichting:
Druk op de SNOOZE / LIGHT-toets om de achtergrondverlichting in te schakelen. Na ca. 10 seconden gaat de achtergrondverlichting automatisch UIT.
22.1 Tijd en datum
Druk op de CLOCK-toets, om:tussen de weergave van tijd, datum en dag heen en weer te schakelen. Als ca. 20 seconden geen toets wordt ingedrukt, keert het weerstation automatisch terug in de tiidsweergave.

Tijd Datum Dag
22.2 Tijdzone
Met de ZONE-toets=kunt u de gekozen tijdzone laten weergeven. Er verschijnt ZONE naast de tijd. Door nog een op de ZONE-toets te drukken keert u wee terug maar de tijd van uw land.

22.3 Temperatur en luchtvochtigheid binnen/buiten
Druk de CHANNEL / SEARCH-toets in om temperatuur en luchtvochtigkeit voor binnen of buiten waer te Geven. Er bestaat ook de mogelijkheid de Waarden voor binnen en buiten afwisseIend weer te Geven. Dan verschijnt bovendien op het display.
Weergaven
25.44% 25.443% 25.443%
22.4 Heat Index en Dew Point weergeven
Druk de HEAT INDEX; DEW POINT-toets in om heen en weer te schakelen tussen Heat Index en Dew Point.

22.5 Regenhoeveelheid
Het weerstation heeft een automatisch geheugen voor de gezallen regenhoeveelheid. U kunt de regenhoeveelheid in verschillende kronieken lately weergeven. De regenhoeveelheid worden in 2 voorstellingen weergegeven, eenmaal als digitale waarde en eenmaal als diagram:

Digitale waarde:

Diagram:
Eenheid in Inch Eendheid in Millimeter
Verloop van de)[-dagen/weken/maanden van acteel (0) tot 6 dagen/weken/maanden erder (-6)
Druk waaroor op de RAIN / CLEAR-toets om te kiezenCUSSEN de volgende weergaven van de regenhoeveelheid:
-totaleregenhoeveelheid
-dagelijkseregenhoeveelheid
- wekelijkseregenhoeveelheid
-maandelijkseregenhoeveelheid
De actuèle waarde worden weergegeven. Daaronder staat in een diagram de bijbehorende geschiedenis van de LASTE 6 eenheden.

Totale hoeveelheid

Dagelijkkehoeveeelheid

Wekelijkehoeveeelheid

Maandelijkse hoeveeilheid
U kunt de geschiedenis in detail lately weergeven.
Voorbeeld:
Druk op de RAIN / CLEAR-toets tot de dagelijkse regenhoeveelheid worden weergegeven. Als waarde is de regenhoeveelheid van de actuele dag te zien. Daaronder is in het diagram de regenhoeveelheid van zowel de actuele dag als van de LASTE 6ragen afgebeeld.

Druk op de RAIN HISTORY-toets om de details te zien. Met elke druk op de toets springt u een dag verder.
Hieronder een weergave van de lastste 2 dagen:

regenhoeveelheid 250,2 mm met balkweergave bij Ofichage O
Weergaven

regenhoeveelheid 0,0 mm met balkweergave bij -1

regenhoeveelheid 156,7 mm met balkweergave bij -2
Volgens hetzelfde schema sunt u de geschiedenis voor week- en maandhoeveelheid latent weergeven. Voor de totale hoeveelheid (TOTAL) is er geen geschiedenis!
22.6 ljs-/vorstalarm
Zodra de temperatuur daalt tot onder 4^ , verschijnt het vorstalarm-teken op het display. Dit waarschuwt voor möglichke vorst aan de grond.

22.7 Windrichting
De windmeter geeft automatisch de gemiddelde windrichting van de LASTe 2 minuten aan.

N = noorden
NE = noordoosten
E = oosten
SE = zuidoosten
S = zuiden
SW = zuidwesten
W = westen
NW = noordwesten
22.8 Windsnelheid
Het weerstation geeft de gemiddelde windsnelheid (AVERAGE) van de LASTe 2 minuten en de hoogste slelheid voor windvlogen (GUST) van de LASTe 10 minutes aan. Druk op de WIND-toets om:tussen de beiden weergaven heen en weer te schakelen.


22.9 Luchtdrukveränderingen
Het weerstation geeft de luchtdrukveranderingen van de staat 6aar aan.

22.10 Minimum- en maximumwaarden
Met de MEMORY-toets=kunt u de opgeslagen minimum en maximumwaarden lately weergeven.

80NL
Weergaven / Onderhoud / Probleemoplossing bij storing van de ...
22.11 Weersvoorspelling
Het werkstation kan hetা voor de komende 12-24 uur voorspellen. De weersvoorspelling is gebaseerd op de verandering van de luchtdruk en klopt voor maximaal 75% . Omdat weersomstandigeden nooit voor 100% te voorspellen zich, kan de fabrikant Niet aansprakelijk worden gesteld voor schade als gevolg van onjuiste weersvoorspellingen.

Zonnig

Licht bewolkt


Regen OnweerBewolk


22.12 Weertendens
Naast de weersvoorspelling worden ook de weertendens aangegeven. Er is voor stijgend, gewiek blijvend en dalend elk een pijl.

23. Onderhoud
Als de batterijen leeg zich, verschijnt het symbol op het display. Er is voor het weerstation, de windmeter en de regenmeter een apart symbool.

Als de binnentemperatuur worden weergegeven, staat de weergave laag batterijniveau bij het weerstation. Als de buitentemperatuur worden weergegeven, staat de weergave laag bat terijniveau bij de windmeter.

rijniveau voor de regen-meter
Vervang de batterijen als op het display verschijt. Als de batterijen zwak of leeg zich, kan geen nauwkeurig meetresultaat worden gegarandeerd. Om de batterijen te verrangen gaat u te werk zoals is beschreiben onder punt 9. Batterijenplaatsen en verrangen. Let erop dat de opgeslagen gegevens van het weerstation bij het verrangen van de batterijen verloren+kunnen gaan.
23.2 Regenmeter bladerenzeef
Verwijder regelmatig bladeren en andere voorwerpen die zich ophopen in de bladerenzeef van de regenmeter. Alleen zo kan een nauwkeurige regenmeting worden gewaarborgd.
24. Probleemoplossing bij storing van de meetresultaten
LET OP! Het werkstation en de buitensensor bevatten gevoelige elektronische componenten. Radiogolven, uit gezonden door bijv. mobiele telefoons, walkietalkies, radio's, afstandsbedieningen of magnetronovens, können de functies van het werkstation en de buitensensor beinvloeden en tot onnauwkeurige meetresultaten leiden. Houd het werkstation waarom op een zo groot möglichke afstand verwijderd van apparaten die radiogolven uitzenden. Tevens kan elekstrostatische lading de meetresultaten beinvloeden. Reset in dat geval het werkstation en de buitensensor. Dit doet u door de batterijen eruit te halen en na ca. 5 seconden er weein in teplaatsen.
OPMERKING! Alle opgeslagen gegevens gaan verloren.
Hindernissen zoals bijv. betonnen muren kunnen tot gevolg hebben, dat de ontvangst duidelijk worden
Probleemoplossing bij storing van de .../ Reinigen / Verwijderen
verstoord. Verander in dit geval de standplaats (bijv. in de buurt van een raam). Let erop, dat de buitensensor steeds binnen een bereik van max. 25 meter (vrije veld) van het basisstation wordt gespositioneerd. De aangegeven reikwijdtte is de reikwijdtte in het vrij veld, wat betekent, dat er zich geen hindernissen tussen de buitensensor en het basisstation bevinden. Een „zichtcontact" tussen buitensensor en basisstation verbeter in de meeste gezallen de transmissie. Kou (buitentemperaturen beneden 0^ ) kan de prestaties van de batterije van de buitensensor en zodoende de transmissie eveneens negatif beinvloeden.
Een andere factor, die tot storingen in de ontvangst kan leiden, zich lege of te zwakke batterijen van de buitensensor. Vervang deze door neue batterijen.
Als het weerstation nicht juist werkkt, haalt u de batterijen er eventjes uit en staat u deze verrolgens weeer opnieuw in het apparatus.
uw winkelierofgeefzeaf bijeena fagitepunt voorklein chemisch afval.
Verpakking verwijderen:
Zorg voor een milieuvriendelijk afvoer van alle verpakkingsmaterialen.
CE IP44
25. Reinigen
Reinig de apparaten uitsluitend met een vochtige doek. Nooit het werkstation, de windmeter of de regenmeter onderdompelen in water!
26. Verwijdersen
Apparaten verwijderen:

Voer de apparaten in geen geval af als gewoon huisvul. De apparaten via een erkend afvalverwijderingsbedrijf of via de gemeentelijke afvalstoffdienst afvoeren. Neem de geldende voorschriften in acht. Neem in geval van twijfel contact op met de afvalstoffdienst van uw gemeente.
Batterijen verwijderen:

Verwijder eerst de batterijen, voordat u de apparaten afvoert. Oude batterijen mooten Niet met het huisvuil worden afgevoerd. Geef oude batterijen terug aan
82NL


OWIM GmbH & Co. KG
Stiftsbergstraße 1
D-74167 Neckarsulm
Model-No.: H13726
Version: 07/2014