IAN 92027 - Weerstation AURIOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis IAN 92027 AURIOL in PDF-formaat.
| Type product | Premium weerstation met anemometer en regenmeter |
| Merk | Auriol |
| Model | IAN 92027 |
| Voeding (station) | 6 batterijen 1,5 V type AA |
| Voeding (anemometer) | 2 batterijen 1,5 V type AA |
| Voeding (regenmeter) | 2 batterijen 1,5 V type AA |
| Transmissiebereik buitensensor | 25 m (vrij gebied) |
| Transmissiefrequentie | 434 MHz |
| Binnentemperatuurbereik | 0 °C tot +50 °C (resolutie 0,1 °C) |
| Buitentemperatuurbereik | -20 °C tot +60 °C (resolutie 0,1 °C) |
| Vochtigheidsbereik | 20 % tot 99 % (resolutie 1 %) |
| Luchtdrukbereik | 850 tot 1050 hPa (mb, inHg) |
| Windsnelheidsbereik | 0 tot 30 m/s (0-108 km/u, 0-67 mph, 0-58,3 knopen, 0-11 Beaufort) |
| Neerslagbereik | 0 tot 9999 mm |
| Hoofdfuncties | Binnen-/buitentemperatuur, luchtvochtigheid, luchtdruk, windsnelheid en -richting, neerslag, weersverwachting, dauwpunt, hitte-index, windchill, wind-/vorst alarm, wekker, DCF-77 radiogestuurd, achtergrondverlichting, min/max geheugen |
| Montage | Station vrijstaand of aan de muur; anemometer op mast (25-31 mm); regenmeter vrijstaand of geschroefd |
| Verlicht scherm | Ja, activering via SNOOZE/LIGHT-toets (10 seconden) |
| Wekker | Ja, met sluimerfunctie (SNOOZE) |
| DCF-77 radiogestuurd | Ja, automatische synchronisatie van tijd en datum |
| Geheugen voor min/max waarden | Ja, voor temperatuur, luchtvochtigheid, dauwpunt, hitte-index, windchill, windsnelheid |
| Reiniging | Vochtige doek; niet onderdompelen |
| Veiligheid | Batterijen buiten bereik van kinderen houden; polariteit in acht nemen; batterijen verwijderen bij langdurig niet gebruiken |
| Batterijtype | AA (LR6) 1,5 V |
Veelgestelde vragen - IAN 92027 AURIOL
Gebruikersvragen over IAN 92027 AURIOL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Weerstation in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding IAN 92027 - AURIOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. IAN 92027 van het merk AURIOL.
GEBRUIKSAANWIJZING IAN 92027 AURIOL
Bedienings- en veiligheidsinstructies
IAN92027
- Algemene informatie.. 65
- Beoogd gebruik.. 65
- Technische gegevens.. 65
- Veiligheidsinstructies.. 66
- Leveringsomvang.. 67
- Verklaring van begrippen.. 67
- Functies 68
- Ingebruikneming.. 68
- Batterijenplaatsen en verrangen.. 70
- Overzicht van het apparaat.. 71
- Voorbereiden van de windmeter en de regenmeter en aanmelden op het weerstation... Pagina 73
1.1 Windmeter kalibreren.. 73
1.2 Regenmeter voorbereiden.. 73
1.3 Automatisch aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation...... Pagina 73
1.4 Handmatig aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation.. 74 - Weerstation basisinstallingen.. 74
2.1 Installing.. 74
2.2 DCF-77 afstemming.. 75
2.3 Installing tijdzone.. 75 - Alarmfungtie.. 76
- Luchtdrukeenheid instellen.. 77
- Luchtdrukaanpassing.. 77
- Instellen van de eenheid voor de windsnelheid.. 77
- Windalarm instellen.. 77
- Wind Chill-alarm instellen.. 78
- Windalarm en Wind Chill-alarm in- en uitschakelen.. 79
- Instellen van de eenheid voor de regenmeting.. 79
- Instellen temperatuurenheit . 79
- Weergaven.. 79
2.1 Tijd en datum.. 79
2.2 Tijdzone.. 79
2.3 Temperatur en luchtvochtigheid binnen/buiten.. 79
22.4 Heat Index en Dew Point weergeven.. 80
2.5 Regenhoeveelheid.. 80
2.6 ljs-/vorstalarm.. 81
2.7 Windrichting.. 81
2.8 Windsnelheid.. 81
22.9 Luchtdrukveränderingen.. 81
22.10 Minimum- en maximumwaarden.. 81
22.11 Weersvoorspelling 82
22.12 Weertendens.. 82 - Onderhoud.. 82
3.1 Weergave laag batterijniveau.. 82
3.2 Regenmeter bladerenzeef.. 82 - Probleemoplossing bij storing van de meetresultaten.. 82
- Reinigen 83
- Verwijdersen.. 83
Premium weerstation
1.Algemeneinformatie
LET OP! VOOR GEBRUK DE GEBRUKSAANWIJZING LEZEN! GEBRUKSAANWIJZING ZORGVULDIG BEWAREN! DIT ARTIKEL IS GEEN SPEELGOED! BUITEN BEREIK VAN KINDEREN HOUDEN.
Lees de veiligheidsinstrumenties zorgvuldig door en gebruik het artikel uitsluitend zoals in de gebruiksaanwijzing is beschreiben, om verwondingen of schadete voorkomen. Voor schade die het gevolg is van ondeskundig gebruik en veronachtzaming van deze veiligheidsinstrumenties, stellen wij ons Niet aansprakelijk.
In deze gebruiksaanwijzing gebruikte tekens:

WAARSCHUWT U VOOR VERWONDINGSGEVAAR!
Hetwoord GEVAAR waarschuwt u voor möglichke ernstige verwondingen en levengevaar.
Hetwoord VOORZICHTIG waarschuwt u voor mogelijkke lichte verwondingen of beschadigingen.

WIJST OP EXTRA/AANVULLENDE INFORMATIE!
2.Beoogdgebruik
Het weerstation met windmeter informeert u over de actuèle weersomstandigheden. Bovendien wordt ook een weersvoorspelling afgegeben. Het weerstation met windmeter is voorzien van een regenmeter, windmeter, barometer, radiogesturde klok en een kalender. Alleen voor privégebruik. Niet voor industrielle toepassingen.
3.Technischegegevens
Meetbereik:
| Binnentemperatuar: | 0,0 °C tot +50,0 °C, Resolutie: 0,1 °C |
| 32,0 °F tot 122,0 °F, Resolutie: 0,1 °F | |
| Buitentemperatuar: | -20,0 °C tot +60,0 °C Resolutie: 0,1 °C |
| -4,0 °F tot +140,0 °F, Resolutie: 0,1 °F |
Luchtvochichtig: 20 tot 99% Resolutie 1%
Luchtdruk: 850 mb tot 1050 mb 850 hPa tot 1050 hPa 25,1 tot 31 in Hg (hoogte van kwikkolom in inch)
Windsnelheid: 0-30 m/s
0-108 km/h
0-67 mph
0-58,3 knot
0-11 Beaufor
Regenmetting:0-9999 mm 0-393,66 inch
Bereik buitensensor: 25m (open terrein)
Overschrijdingmeetbereik:
Bij overschrijding van het meetbereik konnen de volgende indications worden verwacht:
Onderschrijden van de meetwaarden:
Binnentemperatuur onder 0^ : LL.L
- Buitentemperatuur onder -50 °C: LL.L
Luchtvochtigheid onder 20% .. 20%
Luchtdruk onder 850 hPa: 850 hPa
- Heat Index oder 14^ : LL.L
Dew Point onder 0^ :LL.L
- Wind Chill onder -90 °C: LL.L
Overschrijden van de meetwaarden:
Binnentemperatuar boven 50^ : HH.H
Buitentemperatuur boven 70^ HH.H
Luchtvochtigheid boven 99% : 99%
Luchtdruk boven 1050 hPa: 1050 hPa
- Heat Index boven 60^ C : HH.H
Dew Point boven 60^ C: HH.H
- Wind Chill boven 60^ : HH.H
- Regenhoeveelheid boven 9999 mm: HHH
- Windsnelheid boven 50m / s .. 50m / s

LET OP!
Het display zal bij een temperatuur onder ca. -20^ steedsmeerbeperkingenindeafleesbaarheid vertonen.Afhangelijk van het type batterij moet bij lage temperaturen (doorgaans vanaf -20^) rekening worden gehonden met beperkingen van de spanningsvoeding.Stel het weerstation en de buitensor nietbloot aan direct zonlicht.

VOORZICHTIG!
Bij temperaturen boven 60^ valt (eveneens afhankelijk van het type batterij) te vrezen voor uitlopen van batterijzuur.
Spanningsvoeding:
Weerstation: 6 × 1,5V -batterij, type AA
Windmeter: 2 × 1,5V -batterij,type AA
Regenmeter: 2 × 1,5V -batterij, type AA
Levensduer bij volle batterijen: ca. 90 dagen

LET OP!
Wij OWIM GmbH & Co. KG, Stiftsbergstraße 1, D-74167 Neckarsulm, verklaren in eigen verantwoordelijkheid dat het product: Premium weerstation modelnr.: H13726 versie: 07 / 2013, waaropDEXVERKLARING betrekking heeft, overeenstemt met de normen / normatieve documenten van de richtlijn 1999/5/EC.

Deze documenten können desgewenst worden gedownload van www.owim.com.
4. Veiligheidsinstructies

GEVAAR VOOR KINDEREN!
Het inslikken van batterijen is levensgevaarlijk. Batterijen en weerstation要去en buiten bereik vankleine kinderen worden bewaard.Bijinslik ken van de batterij moet onmiddelijk een arts worden bezocht.

GEVAAR VOOR VERWONDINGEN!
Lege batterij uithetapparat verwijderen.
Aansluitpolen in geen geval lately kortsluten.
Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 alsook personen met verminderde psychische, sensorische of mentale vaardigheden of een gebrek aan ervaring en / of kennis worden gebruikt, als zij onder toezicht staan of geinstrueerd werden met betrekking tot het veilige gebruik van het apparaat en de hieruit voortvloeijeende bevaren begrijpen. Kinderen mogen Niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen Niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.

Uitsluitend het aangegeven type batterij gebruiken.
Let op de juiste poolrichting.
De batterijen regelmatig controeren op uitlopen.
- Batterijen uithet apparaat halen,als dit langere tijd Niet wordt gebrukt.
Dompel het weerstation en de buitensensor nooit onder in water of andere vloeistoffen.
Neem de aanwijzingen voor reinigen en bewaren in deze gebruiksaanwijzing in alot.
5.Leveringsomvang






1 1 weerstation met neerzetvoet
2 1 windmeter met geintegreerde temperatuur-en luchtvochtigheidssensor
3 1 regenmeter met bladerenzeef
4 6 schroeven passend voor 5 mm pluggen
6 pluggen 5mm
6 4 binnenzeskantschroeven M6 inclusief 4 moeren en 8 onderlegringen
2 bevestigingsbeugels voor windmeter
6. Verklaring van begrippen
Dew Point:
Bij het dauwpunt (Dew Point) gaat het om het punt waarop de lucht waterdamp in de vorm van mistren/of dauwwater aft Scheidt.
Voorbeeld: als de lucht continu worden afgekoeld, neemt de relatieve luchtvochtigheid bij geleijb blijende luchtvochtigheid toe tot 100% . Dan is het dauwpunt bereikt en bevat de afgekoelde lucht het bij deze temperatuur maximaal möglichke gehalte aan waterdamp.
Heat Index:
Bij de hitte-index (Heat Index) gaat het om de ervaren luchttemperatuur van het menselijk lichaam op grond van de gemeten luchttemperatuur en de heersende luchtvochtigheid.
Wind Chill:
Bij de windkoelte (Wind Chill) gaat het om het verschil tussen de gemeten (luchttemperatuur) en de gevoeldete temperatuur, die afhankelijk is van de windsnelheid. De windkoelte is maat voor afkoeling van een obj ect onder invloed van de wind. De mens voelt deze windkoelte vooral in het gezicht.
Omdat men de windkoelte alleen bij temperaturen bij of onder de 0^ C-grens kan berekenen, worden deze bij hogere temperaturen meestal verrangen door de hitte-index (Heat Index).
7.Functies
Weerstation:
Radiogestuurd DCF-77-tijdssignaalontvangst met tijdsweergave; tijdzone-instelling
-Weergavedatum
- Wekalarm met sluimerfuncties
- Weergave binnentemperatuur en binnenlucht-vochtigheid met opslag van minimale en maxi-male meetwaarden
- Weergave buitentemperatuur en buitenluchtvoch-tigheid met opslag van minimale en maximale meetwaarden
-Weergaveluchtdruk
-Weergaveweertendens
- Weergave batterijniveau (weerstation, windmeteren regenmeter)
-Weergavewindrichting
- Weergave windkracht met windalarm
- Weergave dauwpunt (Dew Point)
- IJs-/vorstalarm
-Weergaveneerslag
- Weergave windsnelheid en windrichting
- Weergave windkoelte (Wind Chill)
- Kan worden neergezet of opgehangen
- Alleen voor binnengebruik
Windmeter:
- Geeft de windsnelheid, temperatuur en lucht-vochtigheid door aan het weerstation via 434 MHz-frequency
Montage aan een mast van ca. 25 - 31mm
Montage uitsluitend op een plaat die vrij ligt van gebouwen, muren of andere hindernissen, odomat anders de meetwaarden worden beinvloed.
Regenmeter:
Geeft regenhoeveelheid door aan het weerstation via 434 MHz-frequentie
- Eenvoudig neerzetten of schroefmontage op een effen oppervlak
- Neerzetten of montage idealiter op eenplaats die nicht gegen regen is beschut.

VOORZICHTIG!
Neem de volgende veiligheidsinstructies voor de windmeter en de regenmeter in acht:
- De meetapparaten nooit onderdompelen in water of andere vloeistoffen
- Meetapparaten nicht in de oven of magnetron plaatsen
- De meetapparaten nicht bloootstellen aan temperaturen onder -20 °C en boven 60 °C.
Chemicalien verre houden van de meetapparaten
8.Ingebruikneming

LET OPI!
Maak u voor de montage vertrouwd met het weerstation, de windmeter en de regenmeter. Met de apparaten in de hand is de gebruiksaanwijzing bete te begrijpen.
Neerzetten van het weerstation:
Het weerstation heeft een voorgemonteerde standvoet, met behulp waarvan het weerstation handig kan worden neergezet.

Wandmontage weerstation:
- Markeer de boorgaten voor het weerstation (afstand horizontal ca. 11,3 cm) en let er voor het boren van de boorgaten (0 5 mm) op dat bij het boren geen elektriciteitsleidingen of waterleidingen o.i.d. beschadigd raken.
- Schuif de pluggen in de boorgaten tot ze.Deze zo afsluiten dat ze gelijk liggen met de wand.
- Schroef de meegeleverde schroeven in de pluggen en LAST een Klein stukje uitsteken, zodat het weerstation waar aan kan worden opgehangen.
De Voorgemonteerde standvoet kan worden losgehaald van het weerstation. Klap de standvoet waar omlaag weg en trek hem uit de uitsparing. Om hem aan te brengenGaat u in omgekeerde volgorde te werk.


Montage windmeter:
Zoek voor de windmeter een geschikte standplaats.
- De standplaats要去 buitenijken.
-
De wind要去 van alle kanten op de windmeter hunnen inwerken, zodate de juiste windkracht en windrichting kan worden gemeten.
-
De windvaan en het windrad mogen Niet geblokkeerd zich om de metingen correct te können uityoeren.
- De windmeter要去 binnen het bereik van de draadloze overdracht worden gemonteerd. Muren en wanden reduceren het bereik van de draadloze overdracht. Controller de draadloze ontvangst voor de definitieve montage met het weerstation.
Idealiter wordt de windmeter op een mast of op het dak van een huis gemonteerd. Op dezeplaatsen kan de wind direct inwerken op de windmeter.
U hebt een mast nodig met een diameter van ca. 25-31 mm (niet meegeleverd), die stabel en loodrecht staat. Bevestig de windmeter Zoals hieronder is afgebeeld met de meegeleverde binnenzeskantschroeven, onderlegringen, bevestigingsbouten en moeren. Vergewis u er na de montage van dat de windmeter waterpas gericht is en stevig vastzit. Een horizontale positie is nodig om een nauwkeurige meting te verrichten.

Plaatsen van de regenmeter:
Zoek een geschikte standplaats voor de regenmeter.
- De standplaats要去 buren zich. Hij mag nicht worden beinvloed door voorwerpen en hindernissen. Niet onder struiken of naast murenplaatsen.
-
De regenval moet ongehinderd op de regenmeter kuren inwerken, zDat een nauwkeurige regemeting kan plaatsvinden.
-
Let erop dat het regenwater zich Niet onder de regenmeter ophoopt. Het moet ongehinderd können weastromen.
- De regenmeter moet binnen het bereik van de draadloze overdracht worden gemonteerd. Muren en wanden reduceren het bereik van de draadloze overdracht. Controleer de draadloze ontvangst voor de definitieve keuze van de standplaats met het weerstation.
Als u een geschikte plaats hebt gezonden, vergewis u er dan van dat de oppervlakte absolut waterpas is, zodate een nauwkeurige regenmeting kan worden uitgevoerd.
U kunt de regenmeter eenvoudig neerzetten of met de meegeleverde schroeven vastzetten.
- Markeer de boorgaten met behulp van de regenmeter en let er voor het boren van de boorgaten (5 mm) op dat bij het boren geen elektriciteitsleidingen of waterleidingen o.i.d. beschadigd raken.
- Schuif de meegeleverde pluggen in de boorgaten tot ze deze zo afsluiten dat ze geglik liggen met de wand.
- Schroef de regenmeter vast met de meegeleverde schroeven.
9. Batterijenplaatsen en verrangen
Plaats de batterijen eerst in de buitensensor (Windmeter/Regenmeter),daarna pas in het weerstation.
Weerstation:
- Open het batterijvak aan dechterzijde van het weerstation in de pijlichting.
- Plaats de batterijen (6 x 1,5 V type AA) in de aangegeven poolrichting. Nadat een van de beiden rijen batterijen is gezuld, volgt al een pieptoon.
- Om het batterijvak te sluitenplaatst u het klepie van het batterijvak boven het batterijvak. Schuif het klepie van het batterijvak gegen de pijlichting tot het vastklikt.

Windmeter:
- Om het batterijvak te openen, draait u de 4 kruskopschroeven op het klepje van het batterijvak los.
- Licht het klepie van het batterijvak af.
- Plaats de batterijen (2 x 1,5 V type AA) in de aangegeven poolrichting. Let erop dat het lusje onder de batterijen ligt. Met dit lusje kut u de batterijen er bij verranging van de batterijen uit trekken.
- Plaats het klepje van het batterijvak waar op het batterijvak. Let erop dat de afdichtingsring op het batterijvak goed in+zijn uitsparing ligt. Alleen dan kan waterdichtheid van het batterijvak worden gewaarborgd.
- Draai de 4 schroeven op het klepje van het batterijvak wee handvast aan.



Regenmeter:
- Draai met een sleufschroevendraaier de 2 gegenoverliggende bevestigingsschroeven los van de behuizing van de regenmeter.
Haal de behuizing voorzichtig van de basis van het apparaat af. - Om het batterijvak te openen, draait u de 4 kruis-kopschroeven op het klepie van het batterijvak los.
- Licht het klepje van het batterijvak af.
- Plaats de batterijen (2 x 1,5 V type AA) in de aangegeven poolrichting.
- Plaats het klepje van het batterijvak waar op het batterijvak. Let erop dat de afdichtingsring op het batterijvak goed in+zijn uitsparing ligt. Alleen dan kan waterdichtheid van het batterijvak worden gewaarborgd.
Draai de 4 schroeven op het klepje van het batterijvak weer handvast aan.
Schuif de behuizing weeer voorzichtig over de basis van het apparaat.
Zet de behuizing weeer met de bevestigings-schroeven vast aan de basis van het apparatus.


Bus voor 6V-DC-adapter (adapter Niet bij de levering inbegrepen)

10. Overzicht van het apparaat
Weerstation:
Weervorspelling en luchtdruk
Temperatuurweergave en
luchtfochtigkeit binnen/buiten

Windsnelheid, windrichting en regenhoeveelheid
Tjid en alarm
Toetsen voorzijde
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| RAIN / CLEAR | Neerslaghoe-veelheid dag/week/maand/totaal | Wissen van de gegevens |
| WIND Gemiddelde | snelheid(AVERAGE) en windvlagen(GUST) | |
| PRESSURE Wijziging lucht- drukeenheid (in Hg, mb of hPa) | Luchtdrukaan- passing | |
| CHANNEL/ SEARCH | Kanaal zoeken (binnen, buiten of afwisseled) | Zoeken van ra- diosensoren |
| HEAT INDEX | Omschakelen weergaveCUSengevoelde tempe- ratuur (Heat In- dex) en dauw- punt (Dew Point) | |
| DEW POINT | ||
| CLOCK Omschakelen weergave tussen lokale tijd, da- tum en dag | Instelling van tijd en datum | |
| ALARM Alarmtijd waar- geven en active- ren/deactiveren | Instelling van alarmtijd | |
| RAIN HISTORY | Weergave neer- slag actueel en van de laatste 6 dagen/weken/ maanden | |
| WIND ALARM | Weergave van wind-alarm en windkoelte- alarm | |
| MEMORY Weergave van de automatisch opgeslagen Min. en Max.- waarden van temperatuur, luchtvochtigheid, dauwpunt (Dew Point), gevoelde temperatuur (Heat Index), windkoelte (Wind Chill) en windsnelheid | ||
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| ▲ Instellingen voor-uit | Instellingen vooruit snel | |
| ▼ Instellingen | achteruit | Instellingenijkenuit snel |
Toetsen achterkant
| Toets 1 x | indrukken | ca. 3 sec. indrukken |
| WIND AL▲ | In- en uitschake- len von wind- alarm en wind- koelte-alarm | |
| WIND UNIT Instellen | instellen van windsnelheids- eenheid (Beau- fort, mph, m/s, km/h of knots) | |
| RAIN UNIT Instellen | instellen van maateenheid regenhoeveel- heid (mm of inch) | |
| Zoeken van het DCF-77 radio- signaal | ||
| ZONE Omschakelen | tussen lokale tijd en wereldtijd | Wereldtijd instellen |
| C/FOmschakelen | van °C maar °F | |
| SNOOZE/ LIGHT | Sluimerfunctie/ acheftergrondver- lichting |
Overzicht van het apparaat / Voorbereiden van de windmeter ...
Windmeter:

- Plaats de batterijen in de juiste poolrichting (zie waaroor onder paragraaf 9. Batterijplaatsen en verrangen/Windmeter)
- De zendsignaal-LED Licht kort op. De windmeter is nu gekalibreerd.

11.2 Regenmeter voorbereiden
- Plaats de batterijen in de regenmeter (zie waar voor onder paragraaf 9. Batterij plaatsen en verrangen/Regenmeter).
- Verwijder de transportbeveiliging waarmee der regenwip is vastbezet.
Regenmeter:


11. Voorbereiden van de windmeter en de regenmeter en aanmelden op het weerstation
11.1 Windmeter kalibreren
Na elke batterijervanging moet de windmeter op-. nieuw worden gekalibreerd. Ga waarvoor als volgt te werk:
- Voordat u de batterijenplaatst, richt u de windvaanaar het noorden.
- Let erop dat het windrad Niet draait.
11.3 Automatisch aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation
Nadat u de windmeter en de regenmeter hebt voorzien van batterijen,plaatst u de batterijen in het weerstation (zie waaroor onder paragraaf 9. Batterij plaatsen en verrangen / Weerstation).
Het weerstation zoekt automatisch de radiosignalen van de windmeter en van de regenmeter. Het proces duurt ca. 4 minutes.

11.4 Handmatig aanmelden van de windmeter en regenmeter op het weerstation
Na elke batterijervanging van de windmeter en van de regenmeter is opnieuw een aanmeling op het weerstation nodig. Nadat u de batterijen hebt verran gen enevt. de windmeter hebt gekalibreerd, drukt u gedurende ca. 5 seconden de CHANNEL /SEARCHtoets op het weerstation in. De invoer worden bevestigd met een bevestigingstoon. Er knipperen nu alle weergegeven waarden van windmeter en regenmeter op het display. Het proces kan maximaal 4 minuten duren.
12. Weerstation basisinstallingen
12.1 Installing
- 12/24-uersformaat
-tijd
-datumformulaat
-datum
Met de CLOCK-toets springt u�ar het volgende menupunt. Met de toets en de toets worden de instellenen aangebracht. Als ca. 60 seconden geen van de instellingstoetsen worden ingedrukt, springt het weerstation automatisch terug�ar de tijsdsweergave.
12/24-ursformaat:
Druk in de tijsdsweergave gedurende ca. 3 seconden de CLOCK-toets, in om maar de instellingsmodus te gaan.
Op het display verschijnt knipperend 24h. Met de toets en de -toets kunt uBeen en wee schakelen tussen 24h- en 12h-weergave. Bij de 12h-weergave verschijnt's middags links naast de tijd bovendien AM/PM.
Uren:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken kommt u in de uren-instelling. In het display knipperen nu de uren. Met de toets en de toets kunt u de uren instellen.

Minutes:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken kommt u in de minutes-instelling. In het display knipperen nu de Minutes. Met de -toets en de -toets kunt u de minutes instellen.

Jaar:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken kommt u in de staat instelling. In het display knippert nu het staat. Met de toets en de toets kunt u het staat instellen.

Datumformulaat:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken kommt in de maandformaat-instelling. In het display knipperen nu de letters D (D = Day = dag) en M (M = Month = maand) bij de datum. Met de -toets en de -toets kut u het datumformaat instellen.

Maand:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de maand-instelling. In het display knippert nu de maand. Met de toets en de -toets kutu de maand instellen.

Dag:
Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken komt u in de dag-instelling. In het display knippert nu de dag. Met de foets en de -foets kutu de dag instellen.

Door nog eens op de CLOCK-toets te drukken keert u terug in de tiidsweergave.
12.2 DCF-77 afstemming
Deze functie stelt automatisch de tijd en datum in. Met de -toets kunt u de afstemming van de radio-gestuurde DCF-77-tijdsinformatie activeren. Druk op de -toets en het -symbool verschijnt op het display. Als het radiosignaal wordt ontvangen, verschijnt er een geanineerd -symbool. Als er geen radiogolven verschijnen, heb u op deze plaats geen DCF-77-ontvangst. Als de ontvangst stabel is, worden het geanineerde -symbool na ca. 3-5 minuten constant op het display weergegeven.
Druk de -toets wee in om de DCF-77-afstemming te deactiveren.

LET OP!
De weergaven van fijd en datum worden in Midden-Europa overgezonden met het zogeheten DCF77-radiosignal. De zender bevindt zich in de buurt van Frankfurt a.M. en verzendt met een transmissieradius van ca. 1500~km Als uw weerstation dit signalaal ontvangt, is het Niet nodig om te schakelen van winter-op zomertijd.
De ontvangstkwaliteit kan natuurlijk in verband met de geografische rigging (bijv. diepe dalen) of bouwkundige omstandigheden (bijv. darüber betonnen mu-ren) beperkt zich.
Evenzo kuren elektromagnetische velden de radioontvangst (van DCF) negatief beinvloeden. Plaats het werkstation en de buitensensor op een geschiktere plaats. Volg de instructies die in de gebruksaanwijzing onder het punt "DCF-77 afstemming" worden beschreiben, om het radiosignalaal weer in te schakelen.
12.3 Installing tijdzone
U kunt tijdens de tijsdsweergave heen en wee schakelen tussen de tijd van uw land en de gekozen zo-neti. De tijdzones waar ingedeeld in 24 zones.U kunt een tijdzone van +12 ur tot-12 uur kiezen.
Installing tijdzone:
Houd de ZONE-toets gedurende ongeveer 3 secon- den ingedrukt. Er klinkt een bevestigingstoon en op het display worden een knipperende O weergegeven.

Met de foets en de foets kurz u de tijdzone instellen. U kurz een tijdzone van +12 urt tot -12 urkiezen.

Met de ZONE-toets keert u weer terug in de tijsweergave. Als tijdens de instelling van de tijdzone 60 seconden geen instellingstoets worden ingedrukt, springt het weerstation eveneens terug maar de tijsweergave.
Met de ZONE-toets=kunt u de gekozen tijdzone laten weergeven. Er verschijnt ZONE naast de tijd. Door nog een op de ZONE-toets te drukken keert u wee terug maar de tijd van uw land.


LET OP!
Bij deinstelling van de tijdzone=kunt uuitgaan van de volgende opgaven:
Set-1eur:
Atlantische Ocean, Groot-Britannie, Ierland, Ijsland, Portugal
Set 0 aur:
Albanie, Belgie, Bosnia-Herzegovina, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Gibraltar, Italié, Kroatié, Liechtenstein, Luxemburg, Malta, Macedoniei, Monaco, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, San Marino, Zweden, Zwitserland, Servie, Slowakije, Slovenie, Spanje (met uitzondering van de Canarische Eilanden), Tsjechie, Hongarije
Set +1 ur:
Bulgarije, Estland, Finland, Griekenland, Letland, Litouwen, Moldavie, Roemenie, Turkije, Oekraine, Cyprus
Alle overige tijdzoneskestu inuw atlas of op het internet vinden.
13. Alarmfunctie
Om de alarmtijd in te stellen houdt u tijdens de tiidsweergave de ALARM-toets 3 seconden ingedrukt. Na het klinken van een bevestigingssigmaal, verschijnt op het display ALARM en knipperen de uren.

Met de toets en de toets=kunt u de uren instellen. Door nog eens op de ALARM-toets te drukken, gaat u maar de minuten-instelling, waar bij de minutes knipperen.

Met de toets en de toetskest u de minuten instellen. Met de ALARM-toets keert u wee terug in detijdsweergave.
De alarmfunctie is geactiveerd en er verschijnt naast de tijd.

Deactiveren van de alarmfunctie:
Druk tweeemaal de ALARM-toets in de tijsdweergave in tot ^4 verdwijnt.

Door nog eens op de ALARM-toets te drukken kunt u de alarmfunctie weeer activeren. Met de CLOCKtoets keert u weer terug in de tijsdsweergave.
Als tijdens de omschakeling ca. 20 seconden geen toets worden ingedrukt, schakelt het weerstation automatisch over op de tijs Sweergave.
Alarmsignaal uitschakelen:
Het alarmsignaal klinkt ca. 2 minutes en knippert. U kunth het voortijdig met de ALARM-toets uitschakelen.

Sluimerfunctie:
Met de SNOOZE / LIGHT-toets sunt het alarmsignaal voor ca. 10 minuten onderbreken. Gedurende deze tijd knippert boven de tijsdsweergave.

Daarna klinkt het alarmsignaal opnieuw gedurende ca. 2 minutes. U kunt het alarmsignaal wee met de SNOOZE / LIGHT-toets onderbreken of met de ALARM-toets uitschakelen.
14. Luchtdrukeenheid instellen
Druk de PRESSURE-toets in om heen en wee ter schakelenussen de eenheden hPA (Hectopascal), mb (millibar) en in Hg (kwikkolom in inch).

15. Luchtdrukaanpassing
Nadat de batterijen in het weerstation zijn geplaatst, verzchijnt een luchtdruk van 1013 hPa. Deze waarde is standard ingesteld. U kunt de luchtdruk aanpassen aan uw actuele standplaats. Achterhaal eerst de actuèle luchtdrukwaarde, bijv.uit de krant of van het internet.
Houd de PRESSURE-toets gedurende ca. 3 secon- den ingedrukt, tot een bevestigingstoon te horen is.
Nu knippert de luchtdrukwaarde. Druk de of de -toets in om de gewenste waarde in te stellen. Met de PRESSURE-toets keert u wee terug maar de gewone weergave. Als ca. 1 minut geen insteltoets worden ingedrukt, eveneens.

16. Instellen van de eenheid voor de windsnelheid
U kunt de windsnelheid in 5 verschillende eenheden\ laten weergeven.
km/h (kilometers per uur)
- mph (mijlen per uur)
- m/s (meters per seconde)
-knotsknopen)
-Beaufort
Druk waaroor de WIND UNIT-toets aan de achterzijde van het weerstation in om:tussen de verschil-lende eenheden heen en wee ter schakelen.

17. Windalarm instellen
U kunt een windalarm voor windvlogen (hoogste slelheid van de LASTE 10 minuten) instellen.
Druk waaroor net zo vaak de WIND ALARM-toets in tot ALARM en GUST (windvlaag) op het display verzchijnt.

Windalarm instellen / Wind Chill-alarm instellen
Houd verwolgens de WIND ALARM-toets gedurende ca. 3 seconden ingedrukt tot een bevestigingstoon klinkt en de waarde knippert.

Druk de of de -toets in om de gewenste waarde in te stellen. Met de WIND ALARM-toets bevestigt u de invoer en verschijnt er links naast de windsnel-heid Hi.

Het windalarm is nu geactiveerd. Met de WIND AL -toets=kunt u het windalarm weer deactiveren. Druk waaroor net zo vaak op de WIND AL -toets, tot Hi verdwijnt.
Als windvlaag de ingestelde waarde bereikt of overschrijdt, klinkt gedurende ca. 1 minut een waarschuwingssignaal. Bovendien knippert nog Hi op het display.

Druk de WIND ALARM-toets in om de alarmtoon voortijdig te onderbreken. Hi blijft net zo lang knipperen tot de windvlogen (van de LASTe 10 minu- ten) wee deralen tot onder de grenswaarde.
18. Wind Chill-alarm instellen
U kunt een Wind Chill-alarm instellen. Druk waar-voor net zo vaak de WIND ALARM-toets in tot ALARM naast de Wind Chill-temperatuur verschijnt.

Houd verwolgens de WIND ALARM-toets geduren de ca. 3 seconden ingedrukt tot een bevestigingstoon klinkt en de waarde knippert.

Druk de of de -toets in om de gewenste waarde in te stellen.
Met de WIND ALARM-toets bevestigt u de invoer en er verschijnt links naast de Wind Chill-temperatuur ALo.

Het Wind Chill-alarm is nu geactiveerd. Met de WIND AL -toetsCNT u het Wind Chill-alarm weer deactiveren.Druk waaroor net zo vaak op de WIND AL -toets, tot verdwijnt.
Als de Wind Chill-temperatuur de ingestelde waarde bereikt of onserschrijdt, klinkt een waarschuwingssignaal gedurende ca. 1 minuut. Bovendien knippert nog ALo op het display.

Druk de WIND ALARM-toets in om de alarmtoon voortijdig te onderbreken. ALo blijft net zo lang knipperen tot de Wind Chill-temperatuur de grenswaarde wee overschrijdt.
19. Windalarm en Wind Chill-alarm in- en uitschakelen
Druk de WIND AL foets in om Windalarm en Wind Chill-alarm in en uit te schakelen. Als het alarm is ingeschakeld, verschijnt het betreffende alarmsymbol Hi/Lo

arm en Wind Chill-alarm uiit

Windalarm aan

Wind Chill alarm aan

arm en Wind Chill-alarm aan
20. Instellen van de eenheid voor de regenmeting
U hebt de keuze de regenhoeveelheid in mm (millimeter) of in in (inch) te lately weergeven. Druk waar voor op de RAIN UNIT-toets aan de achterzijde van het weerstation. Met elke druk wisselt de weergave op het display van eenheid.


21. Instellen temperatuurenheid
U kunt de temperaturen in ^ C (graden Celsius) of in ^ F (graden Fahrenheit) lately weergeven. Druk waarvoor op de C / F-toets aan dechterzijde van
het weerstation. Met elke druk wisselt de weergave op het display van eenheid.


22. Weergaven
Achtergrundverlichting:
Druk op de SNOOZE / LIGHT-toets om de achtergrondverlichting in te schakelen. Na ca. 10 seconden gaat de achtergrondverlichting automatisch UIT.
22.1 Tijd en datum
Druk op de CLOCK-toets, om:tussen de weergave van tijd, datum en dagBeen en weer te schakelen. Als ca. 20 seconden geen toets wordt ingedrukt, keert het weerstation automatisch terug in de tiidsweergave.

Tijd Datum Dog
22.2 Tijdzone
Met de ZONE-toets=kunt u de gekozen tijdzone laten weergeven. Er verschijnt ZONE naast de tijd. Door nog een op de ZONE-toets te drukken keert u wee terug maar de tijd van uw land.

22.3 Temperatur en luchtvochtigheid binnen/buiten
Druk de CHANNEL / SEARCH-toets in om temperatuur en luchtvochtigheid voor binnen of buiten weerte geven. Er bestaat ook de mogelijkheid de waarden voor binnen en buiten afwisseledweer te geven.Dan verschijnt bovendien op het display.

22.4 Heat Index en Dew Point weergeven
Druk de HEAT INDEX; DEW POINT-toets in om heen en wee ter schakelen:tussen Heat Index en Dew Point.

22.5 Regenhoeveelheid
Het werkstation heeft een automatisch geheugen voor de gezallen regenhoeveelheid. U kunt de regenhoeveelheid in verschillende kronieken lately weergeven. De regenhoeveelheid worden in 2 voorstellingen weergegeven, eenmaal als digitale waarde en eenmaal als diagram:
Digitale waarde:

Diagram:

Verloop van de staatde dagen/weken/maanden van actueel (0) tot 6 dagen/weken/maanden erder (-6)
Druk waaroor op de RAIN / CLEAR-toets om te kiezen tussen de volgende weergaven van de regenhoeveelheid:
-totaleregenhoeveelheid
-dagelijkseregenhoeveelheid
- wekelijskeregenhoeveelheid
-maandelijkseregenhoeveelheid
De actuèle waarde worden weergegeven. Daaronder staat in een diagram de bijbehorende geschiedenis van de LASTE 6 eenheden.

Totalehoeveelheid

Dagelijkkehoeveeelheid

Wekelijkehoeveeelheid

Maandelijksehoeveelheid
U kunt de geschiedenis in detail latent weergeven.
Voorbeeld:
Druk op de RAIN / CLEAR-toets tot de dagelijkse regenhoeveelheid worden weergegeven. Als waarde is de regenhoeveelheid van de actuele dag te zien. Daaronder is in het diagram de regenhoeveelheid van zowel de actuèle dag als van de LASTE 6ragen afgebeeld.

Druk op de RAIN HISTORY-toets om de details te zich. Met elke druk op de toets springt u een dag verdier.
Hieronder een weergave van de hoogste 2 dagen:

regenhoeveelheid 250,2 mm met balkweergave bij Ofichage O

regenhoeveelheid 0,0 mm met balkweergave bij -1
22.8 Windsnelheid
Het weerstation geeft de gemiddelde windsnelheid (AVERAGE) van de letzste 2 minuten en de hoogste snelheid voor windvlogen (GUST) van de letzste 10 minutes aan. Druk op de WIND-toets om:tussen de beiden weergaven heen en weer te schakelen.

regenhoeveelheid 156,7 mm met balkweergave bij -2

22.9 Luchtdrukveränderingen
Het weerstation geeft de luchtdrukveranderingen van de LASTe 6 uur aan.
Volgens hetzelfde schema sunt u de geschiedenis voor week- en maandhoeveelheid lately weergeven. Voor de totale hoeveelheid (TOTAL) is er geen geschiedenis!

22.6 ljs-/vorstalarm
Zodra de temperatuur daalt tot onder 4^ , verschijnt het vorstalarm-teken op het display. Dit waarschuwt voor möglichke vorst aan de grond.

22.7 Windrichting
De windmeter geeft automatisch de gemiddelde windrichting van de letzste 2 minutes aan.

N = noorden
NE = noordoosten
E = oosten
SE = zuidoosten
S = zuiden
SW = zuidwesten
W = westen
NW = noordwesten
22.10 Minimum- en maximumwaarden
Met de MEMORY-toets=kunt u de opgeslagen minimum-en maximumwaarden lately weergeven.

22.11 Weersvoorspelling
Het weerstation kan het meer voor de komende 12-24 uur voorspellen. De weersvoorspelling is gebaseerd op de verandering van de luchtdruk en klopt voor maximaal 75% . Omdat weersomstandigheden nooit voor 100% te voorspellen zich, kan de fabrikant Niet aansprakelijk worden gesteld voor schade als gevolg van onjuiste weersvoorspellingen.


Zonnig Licht bewolkt Regen OnweerBewolkt




22.12 Weertendens
Naast de weersvoorspelling wordt ook de weertendens aangegeven. Er is voor stijgend, gelijk blijvend en dalend elk een pijl.

23. Onderhoud
Als de batterijen leeg zijn, verschijnt het symbol op het display. Er is voor het weerstation, de windmeter en de regenmeter een apart symbool.

Als de binnentemperatuur worden weergegeven, staat de weergave laag batterijniveau bij het weerstation. Als de buitentemperatuur worden weergegeven, staat de weergave laag bat terijniveau bij de windmeter.

rijniveau voor de regen-meter
Vervang de batterijen als op het display verschijnt. Als de batterijen zwak of leeg zich, kan geen nauwkeurig meetresultaat worden gegarandeerd. Om de batterijen te verrangenGaat u te werk zoals is beschreiben onder punt 9. Batterijenplaatsen en verrangen. Let erop dat de opgeslagen gegevens van het weerstation bij het verrangen van de batterijen verloren kennen gaan.
23.2 Regenmeter bladerenzeef
Verwijder regelmatig bladeren en andere voorwerpen die zich ophopen in de bladerenzeef van de regenmeter. Alleen zo kan een nauwkeurige regenmeting worden gewaarborgd.
24. Probleemoplossing bij storing van de meetresultaten
LET OP! Het werkstation en de buitensensor bevatten gevoelige elektronische componenten. Radiogolven, uit gezonden door bijv. mobiele telefoons, walkietalkies, radio's, afstandsbedieningen of magnetronovens, können de functies van het werkstation en de buitensensor beinvloeden en tot onnauwkeurige meetresultaten leiden. Houd het werkstation waarop een zo groot möglichke afstand verwijderd van apparaten die radiogolven uitzenden. Tevens kan elekstrostatische lading de meetresultaten beinvloeden. Reset in dat geval het werkstation en de buitensensor. Dit doet u door de batterijen eruit te halen en na ca. 5 seconden er weein teplaatsen.
OPMERKING! Alle opgeslagen gegevens gaan verloren.
Hindernissen zoals bijv. betonnen muren kuren tot gevolg hebben, dat de ontvangst duidelijk worden
verstoord. Verander in dit geval de standplaats (bijv. in de buurt van een raam). Let erop, dat de buitensensor steeds binnen een bereik van max. 25 meter (vrije veld) van het basisstation worden gespositioneerd. De aangegeven reikwijdte is de reikwijde in het vrij veld, wat betekent, dat er zich geen hinderissen tussen de buitensensor en het basisstation bevinden. Een „zichtcontact" tussen buitensensor en basisstation verbeternt in de meeste geallen de transmissie. Kou (buitentemperaturen beneden 0^ ) kan de prestaties van de batterije van de buitensensor en zodoende de transmissie eveneens negatif beinvloeden.
Een andere factor, die tot storingen in de ontvangst kan leiden, zich lege of te zwakke batterijen van de buitensor. Vervang deze door weitere batterijen.
Als het weerstation Niet juist werkkt, haalt u de batterijen er eventjesuit enplaatst u dezeervolgens weeper opnieuw in het apparaat.
25. Reinigen
Reinig de apparaten uitsluitend met een vochtige doek. Nooit het weerstation, de windmeter of de regenmeter onderdompelen in water!
26. Verwijdersen
Apparaten verwijderen:

Voer de apparaten in geen geval af als gewoon huisvuil. De apparaten via een erkend afvalverwijderingsbedrijf of via de gemeentelijk afvalstoffendienst afvoeren. Neem de geldende voorschriften in acht. Neem in geval van twijfel contact op met de afvalstoffendienst van uw gemeente.
Batterijen verwijderen:

Verwijder eerst de batterijen, voordat u de apparaten afvoert. Oude batterijen moot Niet met het huisvuil worden afgevoerd. Geef oude batterijen terug aan
uw winkelier of geef ze af bij een afgiftepunt voor Klein chemisch afval.
Verpakking verwijderen:
Zorg voor een milieuvriendelijk afvoer van alle verpakkingsmaterialen.
EMC C∈IP44
OWIM GmbH & Co. KG
Stiftsbergstraße 1
D-74167 Neckarsulm
Model-No.: H13726
Version: 07/2013