SCHC2040 - Hi-Fi set PANASONIC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SCHC2040 PANASONIC in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over SCHC2040 PANASONIC
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Hi-Fi set in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SCHC2040 - PANASONIC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SCHC2040 van het merk PANASONIC.
GEBRUIKSAANWIJZING SCHC2040 PANASONIC
Deze afbeelding geeft de SC-HC2020 weer.
Dank u voor de aankoop van dit product.
Gelieve deze gebruiksaanwijzing aandachtig door te lezen voor een optimale prestatie en een veilig gebruik van het systeem.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing.
De installatieinstructies staan op pagina 2, 3 en 26, 27, 28.
Lees deze instructies aandachtig door voordat u de installatie uitvoert.
Veiligheidsmaatregelen
WAARSCHUWING!
Apparaat
- Beperk het risico van brand, elektrische schokken of beschadiging van het product,
- Stel dit apparaat niet bloot aan regen, vocht, druppels of spetters.
- Plaats geen voorwerpen waarin een vloeistof zit bovenop het apparaat plaatsen.
- Gebruik de aanbevolen accessoires.
- Verwijder niet de afdekking.
- Probeer nooit zelf reparaties aan het apparaat uit te voeren. Laat onderhoud over aan erkend onderhoudspersoneel.
– Zorg ervoor dat er geen metalen voorwerpen in het apparaat terechtkomen. - Zet geen zware voorwerpen op dit apparaat.
- Voorkom letsel, bevestig dit apparaat stevig aan de wand volgens de installatie-instructies.
Netsnoer
- Beperk het risico van brand, elektrische schokken of beschadiging van het product,
- Zorg ervoor dat de spanning van de stroomvoorziening overeenkomt met de spanning die op deze unit is afgedrukt.
- Steek de polen van de stekker geheel in het stopcontact.
- Trek niet aan het snoer, buig het niet te sterk en zet er geen zware voorwerpen op.
– Pak de stekker nooit met natte handen vast. - Houd de stekker vast wanneer u deze uit het stopcontact trekt.
- Gebruik niet een beschadigde stekker of een beschadigd stopcontact.
- De stekker voor het stopcontact is het apparaat om de verbinding te verbreken. Installeer dit apparaat zo, dat de stekker voor het stopcontact onmiddellijk uit het stopcontact getrokken kan worden.
VOORZICHTIG!
Apparaat
- In dit apparaat wordt een laser gebruikt. Het gebruik van regelaars en het maken van afstellingen of bedieningen die niet in deze gebruiksaanwijzing beschreven zijn, kan resulteren in blootstelling aan gevaarlijke straling.
- Zet geen open vuur, zoals brandende kaarsen, op het apparaat.
- Tijdens het gebruik is dit apparaat vatbaar voor radiostoring veroorzaakt door een mobiele telefoon. Wanneer dergelijke storing optreedt, moet u dit apparaat en de mobiele telefoon verder van elkaar vandaan gebruiken.
- Dit apparaat is bestemd voor gebruik in een gematigd klimaat.
Opstelling
- Plaats dit toestel op een vlakke ondergrond.
- Beperk het risico van brand, elektrische schokken of beschadiging van het product,
- Zorg voor een goede ventilatie: plaats en gebruik dit apparaat niet in een boekenkast, een ingebouwde kast of een andere gesloten ruimte.
- Zorg dat de ventilatie-openingen van het apparaat niet geblokkeerd worden door kranten, tafelkleedjes, gordijnen, of iets dergelijks.
- Stel dit toestel niet bloot aan rechtstreeks zonlicht, hoge temperaturen, hoge vochtigheid en overmatige trillingen.
Batterij
- Explosiegevaar wanneer de batterij op onjuiste wijze vervangen wordt. Vervang alleen door een batterij van het type dat door de fabrikant wordt aanbevolen.
- Informeer bij de lokale autoriteiten of bij uw leverancier naar de juiste manier voor de afvalverwerking van de batterijen.
- Niet verhitten of blootstellen aan vuur.
- Laat de batterij(en) niet gedurende lange tijd achter in een auto die in de zon staat en waarvan de portieren en ramen gesloten zijn.
- Haal de batterij niet uit elkaar en veroorzaak geen kortsluiting tussen de polen.
- Laad de alkaline of mangaan-batterij niet.
- Gebruik niet een batterij waarvan de mantel is losgeraakt.
- Verwijder de batterij, als u de afstandsbediening lange tijd niet gebruikt. Bewaar de batterijen op een koele, donkere plaats.

Veiligheidsmaatregelen 2
Meegeleverde accessoires ....3
Alles aansluiten 4
Voorbereiden van de afstandsbediening ..... 4
Overzicht van de bedieningsfuncties ....5
Netwerkinstellingen 6
Streamen van muziek over het netwerk....8
De media voorbereiden....10
Media-weergave 11
Radio 13
DAB/DAB+....14
Klok en timers 15
Geluidseffecten 16
Extern muziekapparaat 17
Firmware-updates 18
Overige 19
Verhelpen van storingen 20
Onderhoud. 23
Het apparaat aan een wand bevestigen (optioneel) . . .26
Referenties 28
Meegeleverde accessoires
Gelieve te controleren of de volgende accessoires zijn meegeleverd.
□ 1 Netsnoer
□ 1 DAB-binnenantenne

☐ 1 Afstandsbediening (N2QAYB001204)
□ 1 Batterij afstandsbediening
Pakket voor wandmontage
□ 1 Veiligheidshouder

□ 1 Sjabloon voor wandmontage
- Gebruik deze sjabloon voor wandmontage. (⇒ 26)
□ 2 Wandmontagebeugels


De symbolen op dit product (inclusief de accessoires) geven het volgende weer:
\~ Wisselstroom
--- Gelijkstroom
Apparatuur conform klasse II (de constructie van het product is dubbel geïsoleerd.)
IAAN
Stand-by
Alles aansluiten
Sluit het netsnoer pas aan nadat alle andere aansluitingen zijn uitgevoerd.

text_image
AC IN ~ 2 DAB ANT -/FM ANT 75Ω 11 Sluit de DAB-binnenantenne aan.
Met de DAB-antenne kan dit systeem DAB/DAB+ en FM-zenders ontvangen.
Draai de antenne bij Aom de ontvangst te verbeteren.

text_image
DAB ANT ~/FM ANT 200 Draai de moer vooral geheel vast. Plakband (niet bijgeleverd)Opmerking:
- Gebruik geen andere DAB-antenne dan de geleverde.
- Bevestig de DAB-antenne niet op metalen voorwerpen, zoals waterleidingen of metalen delen van het gebouw.
2 Sluit het netsnoer aan.

Gebruik geen ander netsnoer dan het geleverde.
Stroom besparen
Het systeem verbruikt in de stand Stand-by een geringe hoeveelheid stroom (→24). Haal de stekker uit het stopcontact, als u het systeem niet gebruikt. Sommige instellingen zullen verloren gaan, als u het systeem afsluit. U moet deze opnieuw instellen.
Opmerking:
- Deze luidsprekers zijn niet voorzien van een magnetische afscherming. Zet de luidsprekers niet vlakbij TV-apparaten, PC's of andere apparatuur die makkelijk beïnvloed wordt door magnetisme.
- Bevestig de antenne op een wand waar zich de minste storing voordoet.
- Gebruik een buitenantenne (niet bijgeleverd) als de ontvangst slecht is.
Voorbereiden van de afstandsbediening

Installeer de batterij zo, dat de polen (+ en −) op één lijn staan met de polen op de afstandsbediening.
Overzicht van de bedieningsfuncties
Voer de procedures met de afstandsbediening uit. U kunt ook de toetsen op het apparaat gebruiken, als deze hetzelfde zijn.

text_image
SLEEP CLOCK/TIMER CD FAVOURITE PROGRAM 1 2 3 4 5 6 7 8 9 DEL 0 ≥10 MUTE AUX NET/0 CD/USB RADIO I◄►/II ►►► ◄►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►►▲ D.BASS SOUND PRESET EQ SETUP RADIO MENU PLAY MENU OK DISPLAY DIMMER ALBUM 10 11 12 13 14 15 16 17 18
text_image
① ⑤ ⑥ ⑬ ⑭ ⑲ ⑳ ⑫ ⑶ ⑷ ⑮ -5/1 SELECTOR □ VOLUME + -2 MIND □ VOLUME + VOLUME + 1 2 3 4 5 TAVOURTE WAL MOUNT O.EAIS SURROUND Bovenaanzicht ②1 ②2 ②3 ②4Indrukken om het apparaat aan of uit te schakelen. In de modus Stand-by verbruikt het apparaat nog een geringe hoeveelheid stroom.
② Favoriete radiozenders opslaan of kiezen ( 9, 13, 14)
③Cijfertoetsen
Voor keuze van een 2-cijferig nummer
Voorbeeld: 16: [≥10] → [1] → [6]
④Een geprogrammeerde track verwijderen
⑤Kies de audiobron
Op de afstandsbediening:
Druk op de bijbehorende toets om de bron te kiezen.
[NET/]: NETWORK BLUETOOTH
Op het apparaat: CD → DAB+ → FM → AUX ↓ NETWORK ← BLUETOOTH ← USB
Kies "BLUETOOTH" als de audiobron
Houd de toets ingedrukt als u wilt koppelen via Bluetooth® of de koppeling met een Bluetooth®-apparaat wilt verbreken.
⑥Basis weergaveregeling
⑦Geluidseffecten kiezen
⑧Bekijk het menu voor afspelen
⑨Bekijk de informatie over het afspelen materiaal
⑩De klok en de timers instellen
⑪ Het schuifdeurtje openen of sluiten
⑫Programma afspelen instellen
⑬Pas het volumeniveau aan
⑭Het geluid onderdrukken
Druk opnieuw op de knop als u wilt annuleren. De functie "MUTE" wordt ook geannuleerd wanneer u het volume aanpast of wanneer u het systeem uitschakelt.
⑮Open het installatiemenu
⑯De functies van het radiomenu kiezen
⑰Kies of bevestig de optie
⑱ Dimt het display-paneel en de controlelampjes
Opnieuw indrukken om te wissen.
⑲USB-poort ()
⑳AUX IN-aansluiting (⇒ 17)
②1 Schuifdeurtje
②2Displaypaneel
⑳Sensor afstandsbediening
Afstand: Minder dan ongeveer 7 m Hoek: Ongeveer 20° omhoog en omlaag, 30° naar links en naar rechts
②4Indicator voor netwerk
Netwerkinstellingen
U kunt online muziekdiensten of muziek die opgeslagen is op uw apparaten, naar dit systeem streamen. Om deze functies te gebruiken, moet dit systeem gebruik maken van hetzelfde, met internet verbonden netwerk als het ondersteunde apparaat.
- Update, nadat de netwerkinstellingen zijn afgerond, de firmware van het systeem. (⇒ 18)

flowchart
graph TD
A["Satellite"] --> B["Rutier"]
B --> C["Device 1"]
B --> D["Device 2"]
B --> E["Device 3"]
B --> F["Device 4"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
style E fill:#cff,stroke:#333
style F fill:#ffc,stroke:#333
Kies een methode voor instellen van het netwerk uit de volgende methoden.
Draadloze LAN-aansluiting
Methode 1: Met gebruik van de "Google Home"-app (→ rechts)
U kunt de draadloze netwerkinstellingen bepalen met de "Google Home"-app (gratis).
Bedrade LAN-aansluiting
Methode 2: Met gebruik van een LAN-kabel (→ 7)
Met een LAN-kabel kunt u een stabiele verbinding met het netwerk tot stand brengen.
Opmerking:
De instelling wordt geannuleerd na de ingestelde tijdslimiet. Voer de instelling opnieuw uit.
Draadloze LAN-aansluiting
Dit systeem heeft ingebouwde Wi-Fi® en kan met een draadloze router worden verbonden.
Voorbereiding
- Zet het systeem zo dicht mogelijk bij de draadloze router.
- Sluit geen LAN-kabel aan. Hierdoor zal de Wi-Fi®-functie uitgeschakeld worden.
- Zorg ervoor dat uw smartphone of tablet met hetzelfde netwerk is verbonden als dit systeem.
Methode 1:
Met gebruik van de "Google Home"-app
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] op "NETWORK" te kiezen.
2 Download de "Google Home"-app (gratis) op uw smartphone of tablet.
- Ga voor het downloaden van de "Google Home"-app naar:
3 Start de app en volg de instructies op het scherm.
4 Controleer dat de verbinding tot stand is gebracht.
De indicator voor netwerk licht op.
- Als de verbinding niet tot stand is gebracht, knippert de indicator voor het netwerk. Voer de instelling opnieuw uit.
Opmerking:
- Als de apparaatnaam niet is ingesteld wordt "Panasonic HC2040-" of "Panasonic HC2020-" □□□□ weergegeven.
(" □' staat voor een teken dat uniek is voor elke set.) - U kunt uw netwerkinformatie (SSID, MAC-adres en IP-adres) controlleren met de "Google Home"-app of de "Panasonic Music Control"-app. (⇒ 8)
- Sommige onderdelen van schermweergave van de "Google Home"-app zijn misschien niet van toepassing op dit systeem.
- De beschikbaarheid en prestaties van bepaalde functies, diensten en toepassingen zijn afhankelijk van het apparaat en het netwerk en zijn misschien niet beschikbaar in alle landen/regio's; er kunnen abonnementen nodig zijn en er kunnen extra voorwaarden en/of kosten van toepassing zijn.
Bedrade LAN-aansluiting
Methode 2:
Met gebruik van een LAN-kabel
1 Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact.
2 Sluit het apparaat met een LAN-kabel aan op een breedbandrouter of dergelijke.
Voorbeeld:

text_image
router enz. LAN-kabel (niet bijgeleverd)3 Sluit het netsnoer aan op het apparaat en schakel het systeem in.
Zodra de verbinding tot stand is gebracht, licht de indicator voor het netwerk op.
Opmerking:
- Gebruik LAN-kabels cat. 5 of hoger (STP) voor de aansluiting op randapparatuur.
- De LAN-kabel moet worden aangesloten of losgekoppeld terwijl de stekker uit het stopcontact is.
- Het gebruik in de LAN-poort van elke andere soort kabel dan een LAN-kabel kan het systeem beschadigen.
- Als de LAN-kabel is losgemaakt, moet de instelling opnieuw uitgevoerd worden.
- Als een LAN-kabel is aangesloten, wordt de Wi-Fi-functie uitgeschakeld.
Streamen van muziek over het netwerk
U kunt online muziekdiensten of muziekbestanden vanaf uw smartphone/tablet naar dit systeem streamen.
Streamen van online muziek
Dit systeem is geschikt voor Chromecast-apps. Voor de lijst met Chromecast-apps, ga naar g.co/cast/apps
Voorbereiding
- Afronden van de netwerkinstellingen. (⇒ 6)
- Zorg ervoor dat het netwerk is verbonden met het internet.
1 Maak de verbinding van het apparaat via wifi met hetzelfde netwerk als dat van het systeem.
2 Installeer de Chromecast-app op het mobiele apparaat.
3 Start de Chromecast-app, tik op het cast-icoontje "en kies dit systeem of de groep waarin dit systeem is opgenomen.
Gebruik de "Google Home"-app om luidsprekers te groeperen, als online muziek naar andere ondersteunde luidsprekers wordt gestreamd.
4 Kies en speel de gewenste muziek af op uw Chromecast-app.
"CASTING" verschijnt.
Opmerking:
- Als de apparaatnaam niet is ingesteld wordt "Panasonic HC2040-☐ of "Panasonic HC2020-" ☐☐☐☐ weergegeven.
(" staat voor een teken dat uniek is voor elke set.)
- Niet alle muziekdiensten zijn in alle landen/regio's beschikbaar. Registratie/abonnement noodzakelijk. Er kunnen kosten van toepassing zijn. De diensten kunnen gewijzigd worden. Bezoek voor meer informatie de websites van de individuele muziekdiensten.
Streamen van muziek op netwerkapparaten
U kunt muziekbestanden streamen vanaf het apparaat in uw netwerk naar de luidsprekers van dit systeem met gebruik van de "Panasonic Music Control"-app (gratis).
Voorbereiding
- Afronden van de netwerkinstellingen. (⇒ 6)
- Maak met de volgende apparaten verbinding met hetzelfde netwerk als dit systeem.
- Een apparaat waarop de "Panasonic Music Control"-app is geïnstalleerd.
– Een apparaat waarop muziek staat.
1 Download de "Panasonic Music Control"-app (gratis) op uw smartphone/tablet.

• Android: Google Play™

• : AOS Store

2 Start de app. Gebruik altijd de laatste versie van de app.
3 Kies dit systeem als de luidspreker voor het uitgaande signaal.
4 Kies de muziekbron.
5 Kies een muziekbestand.
- Als muziek wordt afgespeeld van uw apparaat of van Deezer of TIDAL, wordt "NETWORK" weergegeven.
- Bij het afspelen van Radio, wordt "NET RADIO" weergegeven.
- Als een Podcasts wordt afgespeeld, wordt "PODCAST" weergegeven.
Het geluid verbeteren
Bij gebruik van de "Panasonic Music Control"-app kunt u de app-instellingen van de geluidsfuncties wijzigen zoals hieronder aangegeven.
- Equalizer
• D.Bass (zwaar baseffect) - Surround
- Clear Mode Dialog
- Wall Mount
Opmerking:
- Als de apparaatnaam niet is ingesteld wordt "Panasonic HC2040-" of "Panasonic HC2020-" □□□□ weergegeven.
(" □ staat voor een teken dat uniek is voor elke set.)
- Bij het afspelen van muziek van de DLNA-server (pc met Windows 7 of later, smartphone, Network Attached Storage (NAS)-apparaat enz.), moet de inhoud en map van de bibliotheek van de Windows Media® Player, de smartphone of het NAS-apparaat enz. worden toegevoegd.
- De afspeellijst van Windows Media ^® Player kan alleen de inhoud afspelen die in de bibliotheken is opgeslagen.
- Zie "Technische gegevens" voor de ondersteunde formaten. (⇒ 24)
- Afhankelijk van de inhoud en de aangesloten apparatuur, kan het zijn dat er niet juist wordt afgespeeld.
- Zorg ervoor dat het afspelen is gestopt, voordat u het apparaat uitschakelt.
De werking en de schermweergave enz. van de "Panasonic Music Control"-app kunnen worden gewijzigd.
Voor de laatste informatie, ga naar http://panasonic.jp/support/global/cs/audio/app/ (Deze site is alleen in het Engels.)
Belangrijke mededeling:
Voordat u dit systeem weggooit of aan een derde geeft, moet u uitloggen uit uw TIDAL/Deezer-account, zodat ongeoorloofd gebruik van uw account wordt voorkomen.
Opslaan van zenders onder [FAVOURITE] [1] tot [5] (kies Radio en Podcasts uit het menu van de "Panasonic Music Control"-app)
U kunt maximaal 5 zenders opslaan onder [FAVOURITE] [1] tot [5].
- Een zender die eerder is opgeslagen, wordt overschreven als een andere zender onder dezelfde [FAVOURITE] [1] tot [5] wordt opgeslagen.
Voorbereiding
- Zorg ervoor dat het netwerk is verbonden met het internet.
- Maak met een apparaat verbinding met de "Panasonic Music Control"-app die op hetzelfde netwerk als dit systeem is geïnstalleerd.
1 Start de "Panasonic Music Control"-app en kies Radio en Podcasts om af te spelen.
Gebruik altijd de laatste versie van de app.
2 Houd één van de toetsen [1] tot [5] ingedrukt totdat "P □" wordt weergegeven.
(" □ " staat voor een nummer.)
Naar een opgeslagen zender luisteren
Druk op één van de toetsen [1] tot [5].
U kunt ook de voorkeurszender kiezen met de "Panasonic Music Control"-app. Voor meer informatie over de app zie de volgende site.
http://panasonic.jp/support/global/cs/audio/app/
(Deze site is alleen in het Engels.)
Opmerking:
- Als het gekozen voorkeurskanaal niet vooraf is ingesteld, wordt "NO PRESET" weergegeven.
- Deze dienst kan zonder kennisgeving worden opgeheven.
- Niet alle muziekdiensten zijn in alle landen/regio's beschikbaar. Registratie/abonnement noodzakelijk. Er kunnen kosten van toepassing zijn. De diensten kunnen gewijzigd worden. Bezoek voor meer informatie de websites van de individuele muziekdiensten.
De media voorbereiden
Disc
1 Druk herhaaldelijk op [CD/USB, AUX] om "CD" te kiezen.
2 Druk op [CD ▲] (apparaat: [▲]) om het schuifdeurtje te openen.
Plaats een disc in met het label naar u toe.

3 Druk nogmaals op [CD ▲] (apparaat: [▲]) om het schuifdeurtje te sluiten.
Let erop dat uw vingers niet bekneld raken wanneer het schuifdeurtje sluit.
USB

text_image
USB-apparaat (niet bijgeleverd) =5V 1.5ADruk herhaaldelijk op [CD/USB, AUX] om "USB" te kiezen.
Opmerking:
Gebruik geen USB-verlengkabel. Het systeem kan geen USB-apparaten herkennen die via een kabel aangesloten zijn.
Bluetooth®
U kunt draadloos een geluidsapparaat aansluiten en afspelen met behulp van Bluetooth®.
Voorbereiding
- Zet het apparaat aan.
- Schakel over naar de Bluetooth ^ -functie van het apparaat en zet het apparaat vlakbij het systeem.
- Lees de bedieningsinstructies van het apparaat voor meer gedetailleerde informatie.
■ Een apparaat koppelen
Voorbereiding
Is dit systeem verbonden met een Bluetooth®-apparaat, verbreek de verbinding dan. (⇒ 11)
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] om "BLUETOOTH" te kiezen.
Wordt "PAIRING" getoond, ga dan door met stap 3.
2 Druk op [PLAY MENU] om "PAIRING" te kiezen.
Of houd [SELECTOR/ - PAIRING] op het apparaat ingedrukt totdat "PAIRING" wordt weergegeven.
3 Kies dit systeem uit het Bluetooth®-menu van het apparaat.
Indien u gevraagd wordt een sleutel te gebruiken voert u "0000" in.
Het apparaat wordt automatisch met dit systeem verbonden nadat het koppelen aan een passend apparaat voltooid is.
Het MAC-adres (bijv.: 6C:5A:B5:B3:1D:0F) kan worden weergegeven voordat dit systeem verschijnt. De naam van het aangesloten apparaat wordt gedurende enkele seconden weergegeven.
Opmerking:
U kunt maximaal 8 apparaten aan dit systeem koppelen. Als een 9e apparaat wordt gekoppeld, wordt het apparaat dat het langst niet is gebruikt wordt vervangen.
Een apparaat aansluiten
Voorbereiding
Is dit systeem verbonden met een Bluetooth®-apparaat, verbreek de verbinding dan. (⇒ 11)
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] om "BLUETOOTH" te kiezen.
"BLUETOOTH READY" verschijnt.
2 Kies dit systeem uit het Bluetooth®-menu van het apparaat.
De naam van het aangesloten apparaat wordt gedurende enkele seconden weergegeven.
3 Start weergave op het apparaat.
Opmerking:
- Als de apparaatnaam niet is ingesteld wordt "Panasonic HC2040-" of "Panasonic HC2020-" □□□□ weergegeven.
(" □ staat voor een teken dat uniek is voor elke set.) - Als de luidsprekernaam is gewijzigd met de "Panasonic Music Control"-app of tijdens de netwerkinstelling, dan wordt de luidsprekernaam voor Bluetooth® ook gewijzigd.
- Een apparaat moet gekoppeld aan een passend apparaat zijn om aangesloten te worden.
- Dit systeem kan slecht op één apparaat per keer aangesloten worden.
- Wanneer "BLUETOOTH" is geselecteerd als de bron, zal dit systeem automatisch proberen de verbinding met het laatst aangesloten apparaat tot stand te brengen. (Tijdens dit proces wordt "LINKING" weergegeven.)
De aansluiting van een apparaat verbreken
Terwijl een Bluetooth®-apparaat is aangesloten
1 Druk herhaaldelijk op [PLAY MENU] om "DISCONNECT?" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "OK? YES" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Opmerking:
De aansluiting van een apparaat wordt verbroken, als u:
• Kies een andere bron.
- Verplaats het apparaat buiten het maximale bereik.
- Schakel de Bluetooth ^ -transmissie van het apparaat uit.
- Het systeem of het apparaat uitschakelt.
- Houd [SELECTOR/ - AIRING] op het apparaat ingedrukt.
Koppelingsmodus
U kunt de verbindingsstand wijzigen en aanpassen aan het type van de verbinding.
Voorbereiding
Is dit systeem verbonden met een Bluetooth ^® -apparaat, verbreek de verbinding dan. (⇒ hierboven)
1 Druk herhaaldelijk op [PLAY MENU] om "LINK MODE" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om de stand te kiezen en druk vervolgens op [OK].
MODE 1 Nadruk op aansluitbaarheid.
| MODE 2(standaard) | Nadruk op geluidskwaliteit. |
Opmerking:
- Afhankelijk van het apparaat kan het zijn dat het beeld en geluid van de weergave niet gesynchroniseerd worden. Kies in dit geval "MODE 1".
- Kies "MODE 1" als het geluid wordt onderbroken.
- U kunt de instelling wijzigen met de "Panasonic Music Control"-app. (⇒ 8)
Media-weergave
De volgende markeringen duiden de beschikbaarheid van de functie aan.
CD: CD-R/RW in CD-DA-formaat of met MP3-bestanden. ( 12)
USB: USB-apparaat met MP3-bestanden. (⇒ 12)
BLUETOOTH: Bluetooth®-apparaat. (⇒ 10)
NETWORK: Bij verbinding met een apparaat dat wifi/DLNA ondersteunt. (⇒ 8)
Basisweergave
CD USB BLUETOOTH
Afspelen Druk op [▶/III].
Stop Druk op [■]. USB
De positie wordt in het geheugen
opgeslagen.
"RESUME" verschijnt.
Druk nogmaals als u geheel wilt stoppen.
Pauzeren Druk op [▶/III].
Indrukken als u met afspelen door wilt gaan.
Overslaan Druk op [I◄◄] of [►►I] (apparaat: [I◄◄/◄◄] of [►►/►►I]) om een track over te slaan.
CD USB
Druk op [▲, ▼] als u een MP3-album wilt overslaan.
Zoeken Houd [◀◀] of [▶▶] ingedrukt (apparaat: [◀◀/◀◀] of [▶▶/▶▶I]). (behalve BLUETOOTH)
Opmerking:
- Voor het gebruik van de afstandsbediening van dit apparaat met een Bluetooth®-apparaat, moet het Bluetooth®-apparaat AVRCP (Audio Video Remote Control Profile) ondersteunen. Afhankelijk van het Bluetooth®-apparaat zullen sommige bedieningsfuncties misschien niet werken.
- CD, USB: De track kan worden gekozen door de cijfertoetsen in te drukken.
Beschikbare informatie bekijken
CD USB BLUETOOTH NETWORK
U kunt de beschikbare informatie op het display-paneel bekijken.
Druk herhaaldelijk op [DISPLAY].
Opmerking:
- Maximaal aantal tekens dat kan worden weergegeven: Ongeveer 32
- Dit systeem ondersteunt versie 1.0, 1.1 en 2.3 ID3 tags.
- Tekstgegevens die het systeem niet ondersteunt, kunnen er anders uit zien.
- Voorbeeld: Weergave van MP3-album en tracknummers.

text_image
10:27 T0:58Albumnummer Tracknummer
Menu voor afspelen
CD USB
1 Druk herhaaldelijk op [PLAY MENU] om "PLAYMODE" of "REPEAT" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om de instelling te kiezen en druk vervolgens op [OK].
PLAYMODE
| OFFPLAYMODE | Annuleer de instelling. |
| 1-TRACK1 ➡ | Speel één gekozen track af.Druk op [◀◀] of [▶▶] om de track te kiezen. |
| 1-ALBUM1 ➡ | Speel één geselecteerd MP3-album af.Druk op [▲, ▼] om het MP3-album te kiezen. |
| RANDOMRND | Speel alle tracks in willekeurige volgorde af. |
| 1-ALBUMRANDOM1 ➡ RND | Speel alle tracks op één geselecteerd MP3-album in willekeurige volgorde af.Druk op [▲, ▼] om het MP3-album te kiezen. |
REPEAT
| OFF REPEAT Annuleer de instelling. |
ON REPEAT Herhaald afspelen.

Opmerking:
- Tijdens het afspelen in willekeurige volgorde kunt u niet overslaan naar tracks die al zijn afgespeeld of druk op de cijfertoetsen drukken.
- De "PLAYMODE"-functie werkt niet met "Geprogrammeerde afspeelmodus".
- De instelling wordt geannuleerd, wanneer u het schuifdeurtje opent of het USB-apparaat loskoppelt.
Geprogrammeerde afspeelmodus
CD USB
Met deze functie kunt u maximaal 24 muzieknummers programmeren.
CD (CD-DA)
1 Druk op [PROGRAM] in de stand Stop. "PROGRAM" wordt weergegeven.
2 Druk op de cijfertoetsen om de gewenste track te kiezen.
Herhaal deze stap als u andere tracks wilt programmeren.
3 Druk op [▶/II] als u het afspelen wilt starten.
CD (MP3), USB
1 Druk op [PROGRAM] in de stand Stop. "PROGRAM" wordt weergegeven.
2 Druk op [▲, ▼] om het gewentse album te kiezen.
3 Druk op [▶▶] en vervolgens op de cijfertoetsen om de gewenste track te kiezen.
4 Druk op [OK].
Herhaal stappen 2 tot 4 als u andere tracks wilt programmeren.
5 Druk op [▶/II] als u het afspelen wilt starten.
| Inhoudprogrammaregelen | Druk op [l◄◄] of [►►l] in de stand Stop. |
| De laatstetrack wissen | Druk op [DEL] in de stand Stop. |
| Programmafunctie annuleren | Druk op [PROGRAM] in de stand Stop."PGM OFF" wordt weergegeven. |
| Allegeprogrammeerde trackswissen | Druk op [■] in de stand Stop."CLEAR ALL" wordt weergegeven.Druk binnen 5 seconden nogmaals op [■]. |
Opmerking:
Het programmageheugen wordt leeggemaakt, wanneer u het schuifdeurtje opent of het USB-apparaat loskoppelt.
Opmerking over disc
- U kunt op dit systeem CD-R/RW's met materiaal in CD-DA- of MP3-formaat afspelen.
- Dit systeem geeft toegang tot maximaal: – CD-DA: 99 tracks
- Voltooi de disk op het apparaat waarop hij is opgenomen voordat u hem gaat afspelen.
- Er zijn CD-R/RW's die door de conditie van de opname niet kunnen worden afgespeeld.
Opmerking over USB-apparaat
- Dit systeem garandeert niet dat verbinding met alle USB-apparaten tot stand wordt gebracht.
- Dit systeem ondersteunt USB 2.0 Full-speed.
- Dit systeem kan USB-apparaten van tot wel 32 GB ondersteunen.
- Alleen het FAT 12/16/32-bestandssysteem wordt ondersteund.
Opmerking over MP3-bestand
- Bestanden zijn gedefinieerd als tracks en mappen zijn gedefinieerd als albums.
- Tracks moet de extensie ".mp3" of ".MP3" hebben.
- Tracks worden niet noodzakelijkerwijs afgespeeld in de volgorde waarin u ze hebt opgenomen.
- Sommige bestanden kunnen niet werken door de grootte van de sector.
MP3-bestand op schijf
- Dit systeem geeft toegang tot maximaal: - 255 albums (inbegrepen bovenste map) - 999 tracks - 20 sessies
- Discs moeten voldoen aan ISO9660 niveau 1 of 2 (behalve voor uitgebreide formaten).
MP3-bestand op USB-apparaat
- Dit systeem geeft toegang tot maximaal: - 800 albums (inbegrepen bovenste map) - 8000 tracks - 999 tracks per album
Radio
Voorbereiding
Druk herhaaldelijk op [RADIO] om "FM" te kiezen.
Handmatige afstemming
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "TUNE MODE" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "MANUAL" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
3 Druk op [◀◀] of [▶▶] (apparaat: [|◀◀/◀◀] of [▶▶/▶▶I]) om op de zender af te stemmen.
Houd, als u automatisch wilt afstemmen, de knop ingedrukt, totdat de frequentie snel verandert.
"STEREO" verschijnt wanneer een stereoprogramma wordt ontvangen.
Het geheugen vooraf instellen
U kunt tot wel 30 FM-zenders als voorkeuze instellen. De kanalen 1 tot 5 worden ingesteld als de favoriete zenders onder "Wijzigen van de zenders die opgeslagen zijn onder [FAVOURITE] [1] tot [5]". (⇒ rechts)
Automatische voorinstelling
1 Druk op [RADIO MENU] om "A.PRESET" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "LOWEST" of "CURRENT" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Alle te ontvangen zenders worden nu in oplopende volgorde in de geheugenkanalen vastgelegd. Druk op [■] als u wilt annuleren.
LOWEST Het afstemmen begint bij de laagste frequentie.
CURRENT Het afstemmen begint bij de actuele frequentie.
Handmatig voorprogrammeren
Tijdens het luisteren naar de radio-uitzending
1 Druk op [PROGRAM].
2 Kies een vooraf ingesteld nummer door op de cijfertoetsen te drukken.
Voer de stappen 1 tot 2 opnieuw uit als u meer stations vooraf wilt instellen.
Het nieuwe station vervangt elke station dat hetzelfde vooraf ingestelde nummer heeft.
Een voorkeuzestation kiezen
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "TUNE MODE" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "PRESET" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
3 Druk op de cijfertoetsen [|◀◀] of [▶▶▶] (apparaat: [|◀◀/◀◀] of [▶▶/▶▶▶]) om de voorkeurszender te kiezen.
U kunt kanaal 1 tot 5 kiezen door één van de toetsen [FAVOURITE] [1] tot [5] in te drukken.
Wijzigen van de zenders opgeslagen onder [FAVOURITE] [1] tot [5]
U kunt gemakkelijk de zenders wijzigen die onder [FAVOURITE] [1] tot [5] zijn opgeslagen.
Tijdens het luisteren naar de radio-uitzending Houd één van de toetsen [1] tot [5] ingedrukt totdat "P □ wordt weergegeven.
("□" staat voor een nummer.)
Opmerking:
Als u de zender wijzigt die is opgeslagen onder [FAVOURITE] [1] tot [5], worden ook kanaal 1 tot 5 gewijzigd naar de overeenkomstige zenders.
De geluidskwaliteit veranderen
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "FM MODE" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "MONO" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Kies "STEREO" als u wilt annuleren.
"MONO" wordt ook geannuleerd wanneer u de frequentie wijzigt.
De signaalstatus controleren
Druk herhaaldelijk op [DISPLAY] om "FM STATUS" te kiezen.
FM - - - - Het FM-signaal is zwak. Het systeem is niet op een zender afgestemd.
FM ST Het FM-signaal is stereo.
FM MONO "MONO" is gekozen als de "FM MODE". Het FM-signaal is mono.
RDS-uitzendingen
Dit systeem kan de tekstgegevens weergeven die worden uitgezonden door het Radio Data Systeem (RDS) dat in sommige gebieden beschikbaar is.
Druk herhaaldelijk op [DISPLAY].
PS Programmaservice
PTY Programmatype
FREQ Frequentie
Opmerking:
RDS is alleen beschikbaar als bij de ontvangst stereo werkt.
DAB/DAB+
Voorbereiding
Druk herhaaldelijk op [RADIO] om "DAB+" te kiezen.
Opmerking:
Als u "DAB+" voor het eerst selecteert, zal het systeem een automatische afstemming doen.
Handmatige afstemming
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "MANUAL SCAN" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om het frequentieblok te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Als er geen station is gevonden, dan wordt
"SCAN FAILED" weergegeven.
Pas de stand van de antenne aan en probeer het opnieuw.
Automatische afstemming
1 Druk op [RADIO MENU] om "AUTO SCAN" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
"START?" wordt weergegeven.
2 Druk op [OK] om de afstemming te starten.
"DAB AUTO SCAN" wordt weergegeven.
Als er geen station is gevonden, dan wordt
Voer een handmatige afstemming uit.
Een zender kiezen
Kies een zender door op [◀◀] of [▶▶] te drukken.
- Of druk op [◀◀/◀◀] of [▶▶/▶▶] op het apparaat als "STATION" is gekozen als de afstemmingsstand*.
Opmerking:
De vooraf ingestelde frequenties worden gewist, wanneer u een automatische afstemming uitvoert.
Het geheugen vooraf instellen
U kunt tot wel 20 zenders als voorkeur instellen. De kanalen 1 tot 5 worden ingesteld als de favoriete zenders onder "Wijzigen van de zenders die opgeslagen zijn onder [FAVOURITE] [1] tot [5]". (⇒ rechts)
Tijdens het luisteren naar een DAB/DAB+ uitzending
1 Druk op [PROGRAM].
2 Kies een vooraf ingesteld nummer door op de cijfertoetsen te drukken.
Voer de stappen 1 tot 2 opnieuw uit als u meer stations vooraf wilt instellen.
Het nieuwe station vervangt elke station dat hetzelfde vooraf ingestelde nummer heeft.
Opmerking:
U kunt niet een zender als voorkeur instellen als deze niet uitzendt of als u een secundaire dienst hebt geselecteerd.
Een voorkeuzestation kiezen
Druk op de cijfertoetsen, [I◄◄] of [►►I] om de voorkeurszender te kiezen.
- Of druk op [◀◀/◀◀] of [▶▶/▶▶] op het apparaat als "PRESET" is gekozen als de afstemmingsstand*1.
- U kunt kanaal 1 tot 5 kiezen door één van de toetsen [FAVOURITE] [1] tot [5] op het apparaat in te drukken.
*1: Wijzigen van de afstemmingsstand
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "TUNE MODE" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "STATION" of "PRESET" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Wijzigen van de zenders opgeslagen onder [FAVOURITE] [1] tot [5]
U kunt gemakkelijk de zenders wijzigen die onder [FAVOURITE] [1] tot [5] zijn opgeslagen.
Tijdens het luisteren naar de radio-uitzending Houd één van de toetsen [1] tot [5] ingedrukt totdat "P □ wordt weergegeven.
(" □ staat voor een nummer.)
Opmerking:
Als u de zender wijzigt die is opgeslagen onder [FAVOURITE] [1] tot [5], worden ook kanaal 1 tot 5 gewijzigd naar de overeenkomstige zenders.
Secundaire diensten
U kunt naar secundaire diensten luisteren als 'W' wordt weergegeven.
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "DAB SECONDARY" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om de secundaire dienst te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Kies "PRIMARY" als u wilt annuleren.
Opmerking:
De instelling wordt uitgeschakeld als u andere zenders selecteert.
Beschikbare informatie bekijken
U kunt de volgende informatie op het displaypaneel bekijken.
| Dynamisch label Informatie over de DAB-uitzending | |
| Weergave programmatype | Programmatype |
| Ensemble-label De naam van het ensemble | |
| Frequentiedisplay Het frequentieblok en de frequentie | |
| Tijdweergave Huidige tijd | |
Druk op [DISPLAY].
Automatische aanpassing van de klok
U kunt instellen dat de klok automatisch wordt bijgewerkt.
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "AUTO CLOCK ADJ" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "ON ADJUST" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Kies "OFF ADJUST" als u wilt annuleren.
Controleren of verbeteren van de ontvangstkwaliteit van het signaal
Om de ontvangstkwaliteit van het signaal te controleren, moet tenminste 1 frequentieblok met succes in het geheugen zijn opgeslagen.
- Ga verder met "Handmatige afstemming" als "SCAN FAILED" wordt weergegeven nadat "DAB+" is gekozen of na een automatische scan. (⇒ 14)
- Als er al zenders in het geheugen van het apparaat zijn opgeslagen, ga dan verder met "De signaalkwaliteit controleren". (⇒ hieronder).
De signaalkwaliteit controleren
U kunt de signaalkwaliteit controleren door de stand van de antenne aan te passen.
1 Druk herhaaldelijk op [RADIO MENU] om "SIGNAL QUALITY" te kiezen.
2 Druk op [OK].
Achtereenvolgens worden het frequentieblok en de ontvangstkwaliteit weergegeven.
Druk voor het selecteren van andere frequentieblokken op [◀, ▶].

text_image
12 7 7 7 7 7 12 8 7 7 7 7 →# # #
Frequentie Frequentie Ontvangstkwaliteit blok 0 (slecht) tot 8 (uitstekend)
3 Druk opnieuw op [OK] als u wilt afsluiten.
Klok en timers
De klok instellen
De klok werkt volgens het 24-uursysteem.
■ Met gebruik van het netwerkapparaat
Het systeem kan de tijdinformatie van het apparaat ontvangen met gebruik van de "Panasonic Music Control"-app. (⇒ 8)
Voorbereiding
- Afronden van de netwerkinstellingen. (⇒ 6)
- Installeer de "Panasonic Music Control"-app op uw apparaat.
- Maak met uw apparaat verbinding met hetzelfde netwerk als dit systeem.
1 Schakel dit systeem in.
Controleer dat de indicator voor het netwerk (⇒ 5) oplicht. Als deze niet oplicht. moeten de netwerkinstellingen worden gecontroleerd. (⇒ 6)
2 Start de app.
Gebruik altijd de laatste versie van de app. De tijdinformatie wordt naar dit systeem verzonden.
Handmatige instelling
1 Druk herhaaldelijk op [CLOCK/TIMER] om "CLOCK" te kiezen.
2 Druk op [▲, ▼] om de tijd in te stellen en druk vervolgens op [OK].
De tijd controleren
Druk op [CLOCK/TIMER].
Druk in de stand Stand-by op [CLOCK/TIMER].
Opmerking:
- Als u wilt dat de klok gelijk blijft lopen, moet u de klok regelmatig gelijk zetten.
- De klok wordt gereset als er een stroomstoring is of als de stekker uit het stopcontact is gehaald.
Slaaptimer
De slaaptimer schakelt het systeem uit na de ingestelde tijd.
Druk op [SLEEP] om de instelling (in minuten).
Kies "OFF" als u wilt annuleren.

flowchart
graph LR
A["SLEEP 30"] --> B["SLEEP 60"]
B --> C["SLEEP 90"]
C --> D["SLEEP 120"]
D --> E["OFF"]
Opmerking:
- De overblijvende tijd wordt elke minuut weergegeven behalve als er andere functies worden uitgevoerd. "SLEEP 1" wordt altijd weergegeven als er nog 1 minuut resteert.
- De slaaptimer heeft altijd voorrang. Zorg ervoor dat de timers elkaar niet overlappen.
Afspeeltimer
U kunt de timer zo instellen dat het systeem op een bepaalde tijd wordt ingeschakeld om u te wekken.
Voorbereiding
Zet de klok gelijk.
1 Druk herhaaldelijk op [CLOCK/TIMER] om "TIMER ADJ" te kiezen.
2 Druk op [▲, ▼] om de begintijd in te stellen en druk vervolgens op [OK].
3 Herhaal de stap 2 om de eindtijd te stellen.
4 Druk op [▲, ▼] om de muziekbron te selecteren die u wilt afspelen en druk vervolgens op [OK].
De timer inschakelen
1 Druk herhaaldelijk op [CLOCK/TIMER] om "TIMER SET" te kiezen.
2 Druk op [▲, ▼] om "SET" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
"①" wordt weergegeven.
Kies "OFF" als u wilt annuleren.
Het systeem werkt alleen als het apparaat is uitgeschakeld.
De instelling controleren
Druk herhaaldelijk op [CLOCK/TIMER] om "TIMER ADJ" te kiezen.
Druk in de stand Stand-by twee maal op [CLOCK/TIMER].
Opmerking:
- De timer start op een laag volume en neemt geleidelijk toe tot het vooraf ingestelde niveau.
- Wanneer de timer aan staat, schakelt het apparaat iedere dag in, op het ingestelde tijdstip.
- Als u het systeem uitschakelt en dan opnieuw inschakelt als de timer werkt, zal de timer niet stoppen op de eindtijd.
- Als muziekbron kunnen "CD", "USB", "DAB+" en "FM" worden ingesteld.
Geluidseffecten
1 Druk herhaaldelijk op [SOUND] om het geluidseffect te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om de instelling te kiezen en druk vervolgens op [OK].
| MY SOUND "SOUND 1", "SOUND 2" of "SOUND 3" (⇔ hieronder) | |
| BASS -4 tot +4 | |
| TREBLE -4 tot +4 | |
| SURROUND "ON SURROUND" of "OFF SURROUND" Of druk op [SURROUND] op het apparaat. | |
| CLEAR-MODE DIALOG | "ON CLEAR-MODE DIALOG" of "OFF CLEAR-MODE DIALOG" |
| WALL MOUNT "MODE 1 WALL MOUNT", "MODE 2 WALL MOUNT" of "OFF WALL MOUNT" Of druk op [WALL MOUNT] op het apparaat. | |
- De geluidskwaliteit kan iets minder zijn als deze effecten met sommige bronnen worden gebruikt. Schakel de geluidseffecten uit als dit gebeurt.
- Als "AUX" is gekozen als de bron, kunt u "INPUT LEVEL" kiezen om het ingangsniveau van het geluid van het externe apparaat aan te passen. (⇔ 17)
Opslaan van de geluidsinstellingen
U kunt de huidige geluidseffecten opslaan (max. 3 combinaties).
Voorbereiding
Geluidseffecten kiezen.
1 Druk op [SETUP] om "SAVE MY SOUND" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om een nummer voor geluidsinstelling te kiezen en druk vervolgens op [OK].
"SAVED" wordt weergegeven.
De nieuwe instellingen vervangen de bestaande
onder hetzelfde nummer voor geluidsinstelling.
De instelling opvragen
1 Druk op [SOUND] om "MY SOUND" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om een nummer voor geluidsinstelling te kiezen en druk vervolgens op [OK].
D.Bass
Druk herhaaldelijk op [D.BASS] om "ON D.BASS" of "OFF D.BASS" te kiezen.
Opmerking:
De standaardinstelling is "ON D.BASS".
Voorinstelling EQ (Preset EQ)
Druk herhaaldelijk op [PRESET EQ] voor de keuze "HEAVY", "SOFT", "CLEAR", "VOCAL" of "FLAT".
Opmerking:
- Als "PRESET EQ" is gekozen, worden de instellingen van bas en hoge tonen gewijzigd naar de instellingen zoals in de vooraf ingestelde EQ.
- De standaardinstelling is "HEAVY".
Extern muziekapparaat
U kunt muziek van een extern muziekapparaat afspelen.
Voorbereiding
- Schakel de equalizer (indien aanwezig) van het externe muziekapparaat uit om geluidsvervorming te voorkomen.
- Verlaag het volume van het systeem en het externe muziekapparaat voordat u het externe muziekapparaat aansluit of loskoppelt.

text_image
Audiokabel (niet bijgeleverd) 5V 1.5A AUX IN1 Sluit het externe muziekapparaat aan. Stekkertype: ∅ 3,5 mm stereo (niet bijgeleverd)
2 Druk herhaaldelijk op [CD/USB, AUX] om "AUX" te kiezen.
3 Speel het externe muziekapparaat af.
Het invoerniveau veranderen
1 Druk herhaaldelijk op [SOUND] om "INPUT LEVEL" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "LOW" of "HIGH" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Opmerking:
- De standaardinstelling is "HIGH".
- Kies "LOW" (normaal), indien het geluid vervormd is bij invoerniveau "HIGH" (hoog).
- Lees de gebruiksaanwijzing van het externe muziekapparaat voor meer informatie.
- Componenten en snoeren wordt afzonderlijk verkocht.
Firmware-updates
Af en toe zal Panasonic een firmware-update uitbrengen voor dit systeem, waardoor functies worden toegevoegd of de werking wordt verbeterd. Deze updates zijn gratis beschikbaar.

HAAL DE STEKKER NIET uit het stopcontact terwijl een van de volgende berichten wordt weergegeven.
(" □' staat voor een nummer.)
- Tijdens het updaten, kunnen er geen andere processen worden uitgevoerd.
Als er een nieuwe update beschikbaar is, zal het systeem de firmware na middernacht automatisch updaten, indien het niet in gebruik is.
- Maak met dit systeem verbinding met het netwerk. ( 6)
- Zorg ervoor dat het netwerk is verbonden met het internet.
Opmerking:
- Als er een update is gedetecteerd tijdens de netwerkinstellingen, wordt de update als deel van de netwerkinstellingen uitgevoerd.
- Als er een kritische update is gedetecteerd terwijl het systeem in gebruik is, krijgt het updaten prioriteit.
- Afhankelijk van de verbinding kan het zijn dat de update langer duurt of niet goed werkt.
Handmatige updates
Voorbereiding
- Maak met dit systeem verbinding met het thuisnetwerk. ( 6)
- Zorg ervoor dat het netwerk is verbonden met het internet.
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] om "NETWORK" te kiezen.
2 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "FW UPDATE" te kiezen.
3 Druk op [◀, ▶] en kies "OK? YES" en start vervolgens de update door op [OK] te drukken. Kies "OK? NO" als u wilt annuleren.
Tijdens de update wordt "UPDATING" of "UPD1% weergegeven.
("□" staat voor een nummer.)
4 Nadat de update is afgerond, wordt gedurende enkele seconden "SUCCESS" weergegeven en het systeem zal automatisch uitschakelen.
Opmerking:
- Als er geen updates zijn, wordt "NO NEED" weergegeven.
- Afhankelijk van de verbinding kan het zijn dat het downloaden langer duurt of niet goed werkt.
De firmwareversie controleren
Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "FW VER." te kiezen en druk vervolgens op [OK].
De versie van de geïnstalleerde firmware wordt weergegeven.
Druk opnieuw op [OK] als u wilt afsluiten.
Overige
Auto-uit
Dit systeem schakelt zichzelf automatisch uit wanneer u het ongeveer 20 minuten lang niet gebruikt.
1 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "AUTO OFF" te kiezen.
2 Druk op [◀, ▶] om "ON" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Kies "OFF" als u wilt annuleren.
Opmerking:
- Deze functie werkt niet als de radiobron is ingeschakeld of als er verbinding is met een Bluetooth®-apparaat of als "STANDBY MODE" is "ON".
- Als "STANDBY MODE" is ingesteld op "ON", zal deze functie ook op "ON" worden ingesteld. Stel "STANDBY MODE" in op "OFF" voor het wijzigen van de instelling. (⇒ hieronder)
Stand-bystand
Deze functie schakelt het systeem automatisch in als u een Bluetooth®-verbinding tot stand brengt vanaf een gekoppeld apparaat of als dit systeem wordt gekozen als de uitvoerluidspreker voor het netwerkapparaat.
Om deze functie te gebruiken, kiest u "NETWORK" of "BLUETOOTH", voordat dit systeem wordt uitgeschakeld.
Wanneer u het voor de eerste keer verbindt met het thuisnetwerk, wordt deze functie automatisch ingeschakeld.
U kunt ook met de volgende stappen de stand-bystand van het netwerk inschakelen:
1 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "STANDBY MODE" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
2 Druk op [◀, ▶] om "ON" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Als de "STANDBY MODE" is "ON"
- Het netwerk (bedrade LAN/wifi) en Bluetooth® zijn zelfs in de stand-bystand actief.
- Het stroomverbruik in de stand-bystand zal hoger worden. Om het stroomverbruik in de stand-bystand te verminderen, moet de "STANDBY MODE" worden uitgeschakeld.
Uitschakelen van de stand-bystand
Als u de "STANDBY MODE" naar "OFF" hebt geschakeld,
- De stand-bystand van het netwerk en Bluetooth® zullen actief zijn als het systeem naar de stand-bystand wordt geschakeld met de "NETWORK" en "BLUETOOTH"-keuzestand en dit systeem met het netwerk is verbonden.
- Om de "STANDBY MODE" uitgeschakeld te houden, kies een andere bron dan "NETWORK" en "BLUETOOTH", voordat het systeem in de stand-bystand wordt geschakeld.
Opmerking:
- Deze functie keert terug naar de standaardinstelling als u een resetten hebt uitgevoerd. (⇒ 20)
- Als het systeem door deze functie wordt ingeschakeld, kan het zijn dat het begin van de muziek niet wordt afgespeeld.
- Afhankelijk van de app kunnen de omstandigheden, voor het inschakelen van deze functie, verschillen.
- Het kan zijn dat het systeem niet wordt ingeschakeld, zelfs als het is gekozen als de uitvoerluidspreker. Start het afspelen.
Een apparaat opladen
Dit systeem kan een apparaat van stroom voorzien, zoals een Android™-smartphone aangesloten op de USB-poort.
Opmerking:
- Gebruik een kabel die geschikt is voor het apparaat.
- Gebruik de lader die bij het apparaat wordt geleverd als het apparaat niet van stroom wordt voorzien.
- Gebruik niet een kabel of sluit niet een apparaat aan waarvan de nominale waarde hoger is dan 5 V, 1,5 A.
- Kijk in het scherm van het apparaat en controleer of het laden is voltooid. Koppel het apparaat na het opladen los.
- Afhankelijk van het apparaat zal er misschien geen stroomvoorziening zijn.
- Lees de bedieningsinstructies van het apparaat voor meer gedetailleerde informatie.
Wi-Fi-signaalsterkte
Controle van de Wi-Fi-signaalsterkte waar dit systeem zich bevindt.
Voorbereiding
Maak met dit systeem verbinding met het draadloze netwerk. (⇒ 6)
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ⚙ om "NETWORK" te kiezen.
2 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "SIGNAL LEVEL" te kiezen en druk vervolgens op [OK]. Druk opnieuw op [OK] als u wilt afsluiten.
Opmerking:
- Een signaalsterkte van "3" wordt aanbevolen. Wijzig de plaats of de hoek van de draadloze router of van dit systeem als "2" of "1" wordt aangegeven en controleer of de verbinding beter wordt.
- Als "LEVEL 0" wordt weergegeven, kan het systeem geen verbinding met de draadloze router tot stand brengen. (⇒ 21)
Naam van draadloos netwerk (SSID)
Geeft de naam weer van het draadloze netwerk (SSID).
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] om "NETWORK" te kiezen.
2 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "NET INFO" te kiezen.
3 Druk herhaaldelijk op [◀, ▶], om "SSID" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
Druk opnieuw op [OK] als u wilt afsluiten.
Opmerking:
- Als "NO CONNECT" op dit systeem wordt weergegeven, is het niet met een draadloos netwerk verbonden.
- Tekens die niet kunnen worden weergegeven, worden vervangen door "X"
IP/MAC-adres
Controle van het IP-adres of het wifi MAC-adres van dit systeem.
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] of "NETWORK" te kiezen.
2 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "NET INFO" te kiezen.
3 Druk op [◀, ▶] om "IP ADDR." of "MAC ADDR.". Het IP-adres of het MAC-adres wordt gedeeltelijk weergegeven.
4 Druk op [◀, ▶] om de rest van het IP- of MAC-adres weer te geven.
Druk op [OK] om af te sluiten.
De " – " die linksboven of linksonder op het scherm wordt weergegeven, geeft respectievelijk de eerste en de laatste cijfers weer.
Resetten
Instellingen terug wijzigen naar de fabrieksinstellingen. Met deze functie worden de gehele geheugeninhoud en de netwerkinstellingen gereset.
1 Druk herhaaldelijk op [NET/ ] om "NETWORK" te kiezen.
2 Druk herhaaldelijk op [SETUP] om "RESET" te kiezen.
3 Druk op [◀, ▶], om "OK? YES" te kiezen en druk vervolgens op [OK].
"RESET" knippert. Zodra het scherm terugkeert naar "CD", zijn de instellingen gereset.
Verhelpen van storingen
Raadpleeg de onderstaande tips voordat u beroep doet op een servicecentrum. Vraag uw handelaar om advies, als u twijfels hebt over de controlepunten of als u het probleem niet kunt verhelpen.
Is de laatste firmware geïnstalleerd?
Panasonic verbetert de firmware van het systeem doorlopend, zodat onze klanten van de nieuwste technologie kunnen genieten. (⇒ 18)
Voor meer gespecialiseerde hulp, ondersteuning en advies over uw product, ga naar: http://panasonic.jp/support/global/cs/audio/
(Deze site is alleen in het Engels.)
Algemene storingen
Het apparaat kan niet worden aangezet.
- Steek de stekker van de voeding in het stopcontact en wacht minimaal 10 seconden voordat u de unit inschakelt.
Het apparaat werkt niet.
- De veiligheidsapparaat is geactiveerd. Ga als volgt te werk:
- Druk op [⏻/l] op het apparaat, zodat het overschakelt naar de stand-bystand. Als de unit niet naar de stand-bystand overschakelt, haalt u de stekker van het netsnoer uit het stopcontact en steekt het er opnieuw in.
- Druk nogmaals op [∅/l] om de unit in te schakelen. Als het probleem aanhoudt, vraag dan advies aan uw leverancier.
U kunt geen bedieningshandelingen uitvoeren met de afstandsbediening.
- Controleer dat de batterij op de juiste manier is ingezet.
Geluid wordt vervormd of er is geen geluid.
- Pas het volume van het systeem aan.
- Schakel het systeem uit, stel de oorzaak vast en verhelp deze en schakel dan het systeem weer in. Het kan eventueel veroorzaakt worden door overbelasting van de luidsprekers door excessief volume of vermogen, en als het systeem wordt gebruikt in een warme omgeving.
Het is mogelijk dat tijdens de weergave een zoemgeluid te horen is.
- Er bevindt zich een netsnoer of een fluorescerend licht in de buurt van de kabels. Houd andere apparaten en kabels uit de buurt van dit systeem.
Er is ruis te horen.
- Afhankelijk van het apparaat kan er ruis te horen zijn als het apparaat tegelijkertijd op de AUX IN-aansluiting en de USB-poort is aangesloten. Haal de kabel uit de USB-poort.
Disc
Display wordt niet goed weergegeven.
Afspelen start niet.
- U hebt de disc niet goed geplaatst. Plaats de disc goed.
• Disc is vuil. Reinig de disc. - Vervang de disc als deze bekrast of kromgetrokken is, of een afwijkende vorm heeft.
- Er is condens. Laat het systeem 1 tot 2 uur drogen.
Het totale aantal tracks, dat op de display weergegeven wordt, is niet juist.
De disc kan niet gelezen worden.
Er is een vervormd geluid te horen.
- U hebt een disc geplaatst die het systeem niet kan afspelen. Verander dit en steek een afspeelbare disc in.
- U hebt een disc ingestoken, die niet afgerond is.
USB
Geen reactie als u op [▶/III] drukt.
- Trek het USB-apparaat uit en sluit het opnieuw weer aan. Als alternatief kunt u de unit uit- en opnieuw aanzetten.
Het USB-apparaat of de inhoud daarvan kan niet gelezen worden.
- Het formaat van het USB-apparaat of de inhoud daarvan is niet geschikt voor het systeem.
- USB-apparaat met een opslagcapaciteit van meer dan 32 GB zullen onder bepaalde omstandigheden niet werken.
Langzame werking van het USB-apparaat.
- Het duurt langer om een USB-apparaat met een grote inhoud of een groot geheugen te lezen.
De verstreken tijd die getoond wordt, is anders dan de werkelijke afspeeltijd.
- Breng de gegevens over naar een ander USB-apparaat of backup de gegevens en formatteer het USB-apparaat opnieuw.
Bluetooth®
Men kan geen passend apparaat koppelen.
- Controleer de conditie van het Bluetooth®-apparaat.
- Het apparaat staat buiten het communicatiebereik van 10 meter.
Verplaats het apparaat meer dichterbij het systeem.
Het apparaat kan niet aangesloten worden.
- Het koppelen van het passende apparaat heeft niet met succes plaatsgevonden. Koppel het passende apparaat opnieuw.
- De koppeling van het apparaat is vervangen. Koppel het passende apparaat opnieuw.
- Misschien is dit systeem aangesloten op een ander apparaat. Verbreek de verbinding met het andere apparaat en probeer het apparaat weer te verbinden.
- Er kan een probleem zijn met het systeem. Schakel het systeem uit en schakel het vervolgens weer in.
- Als "MODE 2" is geselecteerd in "LINK MODE", selecteer dan "MODE 1". (⇒ 11)
Het apparaat is aangesloten, maar er wordt via het systeem geen geluid gehoord.
- Voor sommige ingebouwde Bluetooth ^® -apparaten moet de geluidsoutput handmatig op dit systeem worden ingesteld. Lees de bedieningsinstructies van het apparaat voor meer gedetailleerde informatie.
Geluid uit het apparaat wordt onderbroken.
- Het apparaat staat buiten het communicatiebereik van 10 meter.
Verplaats het apparaat meer dichterbij het systeem. - Verwijder elk obstakel tussen het systeem en het apparaat.
- Andere apparaten die de frequentieband 2,4 GHz gebruiken (draadloze router, magnetrons, snoerloze telefoons, enz.) geven storing. Verplaats het apparaat dichter naar het systeem toe en vergroot de afstand tot de andere apparaten.
- Kies "MODE 1" voor een stabiele communicatie. (⇒ 11)
Netwerk
Er kan geen verbinding worden gemaakt met het netwerk.
- Bevestig de netwerkverbindingen en -instellingen. (6)
- Als het netwerk is ingesteld op onzichtbaar, moet het zichtbaar worden gemaakt wanneer u het netwerk instelt voor dit apparaat of een bedrade LAN-aansluiting maakt. (⇒ 7)
- De wifibeveiliging van het apparaat ondersteunt WPA2-Enterprise niet. Voor meer informatie over de beveiliging van uw router en hoe de instellingen veranderd kunnen worden, zie de gebruiksaanwijzing van de router of neem contact op met uw internetprovider.
- Zorg ervoor dat de multicast-functie op de draadloze router is ingeschakeld.
Dit systeem kan niet worden gekozen als de luidspreker voor het uitgaande signaal.
- Zorg ervoor dat de apparaten met hetzelfde netwerk zijn verbonden als dit systeem.
- Maak voor de apparaten opnieuw verbinding met het netwerk.
- Schakel de draadloze router uit en dan weer in.
- Schakel dit systeem uit en in, en kies dan dit systeem weer als de luidspreker voor het uitgaande signaal.
Afspelen start niet.
Het geluid wordt onderbroken.
- Als de 2,4 GHz-band op de draadloze router wordt gebruikt, kan het gelijktijdig gebruiken van andere 2,4 GHz-apparaten zoals magnetrons, draadloze telefoons enz. onderbrekingen in de verbinding tot gevolg hebben. Vergroot de afstand tussen dit apparaat en deze andere apparaten.
- Als uw draadloze router de 5 GHz-band ondersteunt, kunt u proberen deze 5 GHz-band te gebruiken. Voor het wijzigen naar de 5 GHz-band moeten de netwerkinstellingen opnieuw worden uitgevoerd (⇒ 6). Zorg ervoor dat uw netwerknaam (SSID) voor de 5 GHz-band bij deze instellingen wordt gekozen.
- Zet dit systeem niet in een metalen kast, omdat dit het Wi-Fi-signaal kan blokkeren.
- Zet dit systeem dichter bij de draadloze router.
- Als meerdere draadloze apparaten gelijktijdig hetzelfde draadloze netwerk als dit systeem gebruiken, probeer dan de andere apparaten uit te schakelen of verminder hun gebruik van het draadloze netwerk.
- Als het afspelen stopt, moet de afspeelstatus op het apparaat worden gecontroleerd.
- Maak voor de apparaten opnieuw verbinding met het netwerk.
- Schakel de draadloze router uit en dan weer in.
• Probeer een bedrade LAN-aansluiting. (→ 7)
De indicator voor netwerk (⇒ 5) knippert.
- Dit kan onder andere voorkomen als de netwerkverbinding onderbroken is.
Radio, DAB/DAB+
Het geluid wordt vervormd of er wordt atmosferische storing gehoord.
- Controleer of de antenne goed is (zijn) aangesloten. (⇒ 4)
- Pas de positie van de antenne aan.
- Houd een zekere afstand tussen de antenne en het netsnoer.
- Gebruik een buitenantenne als er gebouwen of bergen vlakbij zijn.
- Schakel de TV of andere audiospelers uit of koppel ze los van het systeem.
- Houd het systeem uit de buurt van mobiele telefoons als er interferentie ontstaat.
Als er te veel lawaai is bij de FM-ontvangst.
- Wijzig de audio-uitgang naar mono. (⇒ 13)
- Houd de antenne uit de buurt van computers, tv en andere kabels en snoeren.
De ontvangst van DAB/DAB+ is slecht.
Displays hoofdapparaat
"--;--"
- U hebt het netsnoer voor de eerste keer op een stopcontact aangesloten of er is onlangs een stroomonderbreking opgetreden. Zet de klok gelijk.
"ADJUST CLOCK"
- De klok is niet gelijk gezet. Zet de klok gelijk.
"ADJUST TIMER"
- De afspeeltimer is niet ingesteld. Pas de afspeeltimer aan.
"AUTO OFF"
- Het systeem is 20 minuten lang niet gebruikt en schakelt zichzelf binnen een minuut uit. Druk op een knop als u wilt annuleren.
"BLUETOOTH INITIALIZING"
"NETWORK INITIALIZING"
- Het systeem voert een intern proces uit.
– Wacht ongeveer 3 minuten.
- Haal de stekker niet uit het stopcontact. Anders kan dit een storing veroorzaken.
"ERROR"
- Een onjuiste handeling werd uitgevoerd. Lees de gebruiksaanwijzing en probeer het opnieuw.
"F"/'F" ("□" staat voor een nummer.)
- Er is een probleem met dit apparaat.
Haal de stekker uit het stopcontact en steek deze er weer in na ongeveer 30 seconden. Wacht ongeveer 10 seconden en schakel het apparaat weer in. Als het probleem blijft bestaan, trek dan de stekker uit het stopcontact en vraag advies aan uw dealer.
"FAIL"
- Het updaten of instellen is mislukt. Schakel het apparaat eerst uit, haal de stekker uit het stopcontact en steek deze er weer in na ongeveer 30 seconden. Wacht ongeveer 10 seconden, schakel het apparaat weer in en voer de update opnieuw uit.
- Het downloaden van de firmware is mislukt. Druk op een toets om het te beëindigen. Probeer later opnieuw.
- De server kan niet worden gevonden. Druk op een toets om het te beeindigen. Zorg ervoor dat het draadloze netwerk is verbonden met het internet.
"ILLEGAL OPEN"
- Het schuifdeurtje staat niet in de juiste positie. Schakel het systeem uit en schakel het vervolgens weer in.
"INVALID TO PRESET"
- U kunt niet een online muziekdienst als voorkeur instellen.
"LEVEL 0"
- Er is geen verbinding tussen dit systeem en de draadloze router. Probeer het volgende:
- Controleer dat de draadloze router is ingeschakeld.
- Zet het systeem uit en aan opnieuw.
- Reset de instellingen van het draadloze netwerk. (→ 6)
- Als het probleem aanhoudt, vraag dan advies aan uw leverancier.
"LINKING"
- Het systeem probeert te verbinden met het laatst aangesloten Bluetooth®-apparaat als "BLUETOOTH" wordt geselecteerd.
"NO CONNECT"
- Dit systeem kan geen verbinding maken met het netwerk. Controleer de netwerkverbinding. (⇒ 6)
"NO DEVICE"
- Het USB-apparaat is niet aangesloten. Controleer de aansluiting.
"NO DISC"
• U hebt geen disc geplaatst.
"NO PLAY"
- Controleer de inhoud. U kunt alleen ondersteunde formaten afspelen.
- De bestanden in het USB-apparaat kunnen beschadigd zijn. Formatteer het USB-apparaat en probeer het opnieuw.
- Er kan een probleem zijn met het systeem. Schakel het systeem uit en schakel het vervolgens weer in.
"NO PRESET"
- Er zijn geen voorkeuze-instellingen voor het DAB-geheugen uitgevoerd.
"NO SIGNAL"
- Ontvangst van de zender is niet mogelijk. Stel de antenne af.
"NOT SUPPORTED"
- U hebt een USB-apparaat aangesloten dat niet ondersteund wordt.
"PGM FULL"
- Het aantal geprogrammeerde tracks is meer dan 24.
"PLAYER"
- Er wordt een niet-ondersteund MP3-formaat afgespeeld. Het systeem zal in dit geval de betreffende track overslaan en de volgende track afspelen.
"READING"
- Het apparaat controleert de informatie van de "CD/USB". Nadat deze weergave verdwenen is kunt u de bediening starten.
"REMOTE 1"
"REMOTE 2"
- De afstandbediening en het apparaat gebruiken verschillende codes. Wijzig de code van de afstandsbediening.
- Houd, wanneer "REMOTE 1" verschijnt, [OK] en [1] gedurende ten minste 4 seconden ingedrukt.
- Houd, wanneer "REMOTE 2" verschijnt, [OK] en [2] gedurende ten minste 4 seconden ingedrukt.
"SCAN FAILED"
- Er kunnen geen zenders worden ontvangen. Stel de antenne af of voer de afstemfunctie "AUTO SCAN" uit. (⇒ 14) Als "SCAN FAILED" nog steeds wordt aangegeven, zoek dat de beste signaalontvangst met de afstemfunctie "MANUAL SCAN". (⇒ 14)
"SOUND 1 NOT SET"
"SOUND 2 NOT SET"
"SOUND 3 NOT SET"
- U heeft de geluidseffecten niet opgeslagen onder het nummer voor geluidsinstelling.
"USB OVER CURRENT ERROR"
- Het USB-apparaat onttrekt teveel vermogen. Koppel het USB-apparaat los, schakel het systeem uit en schakel het vervolgens weer in.
- Controleer de aansluiting, dit kan door een defecte USB-kabel worden veroorzaakt.
"VBR"
- Het systeem kan de resterende afspeeltijd van tracks met variabele bitsnelheid (VBR) niet tonen.
"WAIT"
- Dit wordt bijvoorbeeld aangegeven als het apparaat bezig is met uitschakelen.
- Dit knippert als het systeem probeert naar de instellingsstand voor het netwerk te gaan.
Code voor de afstandsbediening
Verander de code van de afstandsbediening van dit systeem wanneer andere apparatuur van Panasonic op de afstandsbediening van dit systeem reageert.
Voorbereiding
Druk herhaaldelijk op [CD/USB, AUX] om "CD" te kiezen.
De code instellen op "REMOTE 2"
1 Houd [■] op het apparaat en [2] op de afstandsbediening ingedrukt.
"REMOTE 2" wordt weergegeven.
2 Houd [OK] en [2] ten minste 4 seconden ingedrukt.
De code instellen op "REMOTE 1"
1 Houd [■] op het apparaat en [1] op de afstandsbediening ingedrukt.
"REMOTE 1" wordt weergegeven.
2 Houd [OK] en [1] ten minste 4 seconden ingedrukt.
Onderhoud
Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact vóór uitvoering van onderhoud.
■ Reinig het systeem met een zachte, droge doek
- Als er veel stof op zit, gebruik een vochtige doek met water om het vuil af te vegen en veeg het daarna af met een droge doek.
- Maak de buitenpanelen nooit schoon met alcohol, verfverdunner of wasbenzine.
- Lees voordat u een chemisch behandelde doek gebruikt, de gebruiksaanwijzing ervan zorgvuldig door.
Onderhoud van de lens
- Reinig de lens regelmatig om een slechte werking ervan te voorkomen. Gebruik een luchtblazer om het stof te verwijderen en een katoenen lap als de lens bijzonder vuil is.
- U kunt geen lensreiniger van het type voor CD's gebruiken.
- Laat het schuifdeksel niet lange tijd geopend. De lens kan dan vuil worden.
- Raak de lens niet met uw vingers aan.

text_image
LensDisks reinigen
WEL DOEN NIET DOEN


Neem de disk met een vochtige doek af en daarna met een droge doek.
Voorzorgsmaatregelen bij het hanteren van disks
- Neem de disk vast aan de randen om per ongeluk krassen of vingerafdrukken op de disk te voorkomen.
- Plak geen etiketten of stickers op de disks.
- Gebruik geen reinigingssprays voor LP's, benzine, verdunners, vloeistoffen ter voorkoming van statische elektriciteit of welke andere oplosmiddelen ook.
- Gebruik niet de volgende disks:
- Disks met zichtbaar kleefmiddel van verwijderde stickers of etiketten (gehuurde disks, enz.).
- Disks die erg krom getrokken of gebarsten zijn.
- Onregelmatig gevormde disks, zoals in de vorm van een hart.
Verwijdering of overdracht van dit systeem
- Het systeem kan de informatie van de gebruikersinstellingen opslaan in het apparaat. Als u het apparaat verwijdert door vernietiging of overdracht, volg dan de procedure om de instellingen terug te wijzigen naar de fabrieksinstellingen en alle gebruikersinstellingen te verwijderen. (⇒ 20)
- De geschiedenis van de werking kan opgeslagen zijn in het geheugen van dit apparaat.
Technische gegevens
Algemeen
| Voeding | AC 220 V tot 240 V, 50 Hz |
| Opgenomen vermogen | 27 W |
| Stroomverbruik in Stand-by stand ^1 (Als "STANDBY MODE" ^2 is "OFF") | Ong. 0,2 W |
| (Als "STANDBY MODE" ^2 is "ON") | Ong. 2 W |
Afmetingen (B x H x D) 420 mm x 225 mm x 102 mm
Gewicht (ongeveer) 2,5 kg
Gebruikstemperatuurbereik 0°C tot +40°C
Vochtigheidsbereik
35% tot 80% RV (geen condensatie)
Versterker
RMS-uitgangsvermogen
Kanaal voor (beide kanalen aangestuurd) 20 W per kanaal (8 Ω), 1 kHz, THD 10% Totaal RMS-vermogen 40 W
Luidspreker
Luidspreker(s)
Volledig bereik 8 cm conustype, 2 stuks
Tuner, aansluiting
Voorkeurgeheugen 30 FM-zenders
Frequentiemodulatie (FM)
Frequentiebereik 87,50 MHz tot 108,00 MHz (stap van 50 kHz) Antenne-aansluitingen 75 Ω (asymmetrisch)
Ethernet-interface LAN (10BASE-T/100BASE-TX)
AUX-ingang
Aansluiting Stereo, 3,5 mm bus
DAB deel
Frequentieband (golflengte)
Band III 5A tot 13F (174,928 MHz tot 239,200 MHz)
Gevoeligheid *BER 4x10 ^-4
Disc geschikt voor weergave (8 cm of 12 cm)
CD, CD-R/RW (CD-DA, MP3 ^4 )
Optische lens
Golflengte 790 nm (CD)
USB
| Voedingsspoort USB | DC OUT 5 V, 1,5 A |
| USB-standaard | USB 2.0 volle snelheid |
| Ondersteund mediabestandsformaat | MP3 (*.mp3) |
| Ondersteund audioformaat | MP3 ^※3 |
| Monsterfrequentie | 32 kHz, 44,1 kHz, 48 kHz |
| Bit-diepte audio | 16 bits |
| Aantal kanalen 2 kanalen |
Bestandssysteem USB-apparaat FAT12, FAT16, FAT32
Bluetooth®
| Versie | Bluetooth® Ver. 4.2 |
| Klasse | Klasse 2 |
| Ondersteunde profielen | A2DP, AVRCP |
| Frequentieband | 2,4 GHz-band FH-SS |
| Bedrijfsafstand | 10 meter gezichtslijn |
| Ondersteunde codec | AAC, SBC |
| Bedrijfsfrequentie | 2402 MHz tot 2480 MHz |
| Maximum stroom (e.i.r.p.) | 4 dBm |
Wifi
Wi-Fi
| WLAN-norm | IEEE802.11ac/a/b/g/n |
| Beveiliging | WPA ^TM / WPA2 ^TM |
| Frequentiebereik | 2,4 GHz band / 5 GHz band |
| Bedrijfsfrequentie, Maximum stroom (e.i.r.p.) | |
| 2412 MHz tot 2472 MHz, 19 dBm | |
| 5180 MHz tot 5320 MHz, 19 dBm | |
| 5500 MHz tot 5700 MHz, 19 dBm | |
Ondersteund audioformaat (Panasonic Music Control)
| MP3 ^※3 | |
| Monsterfrequentie | 32 kHz, 44,1 kHz, 48 kHz |
| Bit-diepte audio | 16 bits |
| Aantal kanalen | 2 kanalen |
| Bitfrequentie | 32-320 kbps |
| AAC | |
| Monsterfrequentie | |
| 32 kHz, 44,1 kHz, 48 kHz, 88,2 kHz, 96 kHz | |
| Bit-diepte audio | 16 bits |
| Aantal kanalen | 2 kanalen |
| Bitfrequentie | 8-320 kbps |
| FLAC ^※4 /WAV/AIFF/ALAC | |
| Monsterfrequentie | |
| 32 kHz, 44,1 kHz, 48 kHz, 88,2 kHz, 96 kHz, 176,4 kHz, 192 kHz | |
| Bit-diepte audio | 16 bits, 24 bits |
| Aantal kanalen | 2 kanalen |
Opmerking:
- Specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Gewicht en afmetingen zijn bij benadering.
- De totale harmonische vervorming is gemeten met de digitale spectrumanalyser.
^1 Er is geen apparaat op de USB-poort aangesloten, voordat naar de stand-bystand wordt overgeschakeld.
*2 "STANDBY MODE" is de stand-byinstelling voor zowel het netwerk als Bluetooth®. (⇒ 19)
^3 MPEG-1 Layer 3, MPEG-2 Layer 3
^4 Ongecomprimeerde FLAC-bestanden werken misschien niet goed.
CE
Conformiteitsverklaring (DoC)
"Panasonic Corporation" verklaart hierbij dat dit product conform de essentiële eisen en andere relevante bepalingen van Richtlijn 2014/53/EU is.
Klanten kunnen een kopie van de originele DoC voor onze RE-producten downloaden vanaf onze DoC-server: http://www.ptc.panasonic.eu
Neem contact op met de bevoegde vertegenwoordiger: Panasonic Marketing Europe GmbH, Panasonic Testing Centre, Winsbergring 15, 22525 Hamburg, Duitsland
| Type draadloos | Frequentieband | Maximum stroom (dBm e.i.r.p.) |
| WLAN | 2412 – 2472 MHz | 19 dBm |
| 5180 – 5320 MHz | 19 dBm | |
| 5500 – 5700 MHz | 19 dBm | |
| Bluetooth® | 2402 – 2480 MHz | 4 dBm |
De 5,15 - 5,35 GHz-band is alleen in de volgende landen beperkt tot gebruik binnenshuis.
| AT | BE | BG | CZ | DK | EE | FR | DE | IS | IE | IT |
| EL | ES | CY | LV | LI | LT | LU | HU | MT | NL | NO |
| PL | PT | RO | SI | SK | TR | FI | SE | CH | UK | HR |
Het WLAN-kenmerk van dit product dient uitsluitend in gebouwen gebruikt te worden.
Dit product dient te worden aangesloten op een toegangspunt van 2,4 GHz of 5 GHz WLAN.
Het wegdoen van oude apparatuur en battrijen Alleen voor de Europese Unie en landen met recyclingsystemen

Deze symbolen op de producten, verpakking en/of begeleidende documenten betekenen dat gebruikte elektrische en elektronische producten gebruikte en batterijen niet mogen gemend worden met gewoon huishoudelijk afval.
Voor een correcte behandeling, recuperatie en recyclage van oude producten en lege batterijen moeten zij naar de bevoegde verzamelpunten gebracht worden in overeenstemming met uw nationale wetgeving.
Door ze correct te verwijderen draagt u uw steentje bij tot het beschermen van waardevolle middelen en tot de preventie van potentieel negatieve effecten op de gezondheid van de mens en op het milieu. Voor meer informatie over inzamelen en recycleren, gelieve contact op te nemen met uw plaatselijke gemeente.
Voor een niet-correcte verwijdering van dit afval kunnen boetes opgelegd worden in overeenstemming met de nationale wetgeving.

Opmerking over het batterijensymbool (onderkant symbool):
Dit symbool kan gebruikt worden in verbinding met een chemisch symbool. In dat geval wordt de eis, vastgelegd door de Richtlijn voor de betrokken chemische producten vervuld.
Het apparaat aan een wand bevestigen (optioneel)
Dit apparaat kan tegen een wand worden bevestigd met de meegeleverde wandbeugels, veiligheidshouder enz. Zorg ervoor dat de wand en de gebruikte bevestigingsschroeven tenminste 36 kg kunnen dragen. De schroeven en overige onderdelen worden niet meegeleverd, omdat het type en de afmeting voor elke montage verschillen.
- Zie stap 6 en 7 van de "Instructies voor installatie" voor meer informatie over de benodigde schroeven.
- Bevestig als extra beschermingsmaatregel het apparaat tegen de wand met het valbeschermingskoord.
Accessoires voor installatie
Meegeleverde accessoires
□ 2 Wandmontagebeugels
□ 1 Veiligheidshouder
□ 1 Sjabloon voor wandmontage
Extra accessoires
(in de handel verkrijgbaar)
□ 4 bevestigingsschroeven voor wandbeugels
2 bevestigingsschroeven voor veiligheidshouder
□ 1 Schroefoog
□ 1 valbeschermingskoord
Gebruik een kabel die meer dan 36 kg kan dragen (met een diameter van ongeveer 1,5 mm)
- Houd de schroeven buiten het bereik van kinderen om inslikken ervan te voorkomen.
- Houd de wandbeugels buiten bereik van kinderen om inslikken ervan te voorkomen.
- Houd de schroefogen buiten het bereik van kinderen om inslikken ervan te voorkomen.
Veiligheidsmaatregelen
Een professionele installatie is vereist. De installatie mag nooit door iemand anders dan een vakkundige installatiespecialist worden uitgevoerd. PANASONIC WIJST ELKE AANSPRAKELIJKHEID VOOR MATERIËLE SCHADE EN/OF ERNSTIG LETSEL OF EEN DODELIJK ONGEVAL VAN DE HAND DIE HET GEVOLG ZIJN VAN ONOORDEELKUNDIGE INSTALLATIE OF ONJUISTE BEHANDELING VAN DE APPARATUUR.
WAARSCHUWING:
Voorkom letsel, bevestig dit apparaat stevig aan de wand volgens de installatie-instructies.
Instructies voor installatie
Voorbereiding
- Koppel de antenne en het netsnoer los.
- Plaats een beschermingslaag onder de unit zodat krassen worden voorkomen.
1 Verwijder de bevestigingsschroef aan de achterzijde van het apparaat.

text_image
Standaard Bevestigingsschroef Beschermingslaag2 Demonteer de sokkel van het apparaat door de pallen omhoog te duwen.
Terwijl de pallen omhoog worden geschoven, moet de sokkel voorzichtig naar voren worden getrokken.

Bewaar de verwijderde schroef en sokkel voor later gebruik.
- Als de unit weer wordt gebruikt in een staande positie, moet de sokkel opnieuw aan de unit worden bevestigd en met de schroef worden vastgezet.
3 Bevestig het valbeschermingskoord aan het apparaat, zodat het niet kan vallen.

A Valbeschermingskoord (niet bijgeleverd)
- Buig het snoer twee keer vanaf de punt, elk 45° en 5 mm uit elkaar zodat u het door de gaten kunt steken.
B 5 mm
4 Breng de sjabloon voor wandmontage aan op de wand waar het apparaat moet worden gemonteerd.
- Controleer dat de wifi-signaalsterkte voldoende is, voordat u besluit op welke plaats het apparaat wordt gemonteerd. (⇒ 19)
- Vouw de sjabloon voor wandmontage uit en bevestig deze met plakband op de wand.

text_image
Sjabloon voor wandmontage Plakband (niet bijgeleverd) Wand
text_image
Benodigde ruimte 300 mm 130,5 mm 141 mm 102,5 mm 73 mm 118,5 mm 39 mm 100 mm 420 mm 100 mm5 Boor gaten in de wand in het hart van elk kruis op de sjabloon.
Haal de sjabloon vande wand, nadatuhiermeeklaar bent.
6 Bevestig elke beugels voor wandmontage aan de muur met twee (niet bijgeleverd) schroeven.
Maak voor het uitlijnen van de beugels voor de wandmontage gebruik van een waterpas.

text_image
Ø 4,0 mm Ten minste 30 mm Ø 7,5 mm tot Ø 9,4 mm Beugel voor wandmontage7 Bevestig de veiligheidshouder met twee schroeven (niet bijgeleverd) tegen de wand.

text_image
Ø 4,0 mm Ten minste 30 mm Ø 7,5 mm tot Ø 9,4 mm Veiligheidshouder8 Bevestig het apparaat.
Sluit de antenne en het netsnoer aan. (⇒ 4)
- Haak het apparaat met beide handen goed vast op de wandbeugels.
- Til het apparaat een klein beetje verticaal op totdat de haak van de veiligheidshouder in de sleuf valt.
- Duw het apparaat omlaag tot het is vastgehaakt en met een klik op de veiligheidshouder is vergrendeld.

flowchart
graph TD
A["Wand"] --> B["Device 1"]
A --> C["Device 2"]
B --> D["Netnoer"]
C --> D
D --> E["Device 3"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
style E fill:#ffc,stroke:#333

text_image
1 2 3 Haak Sleuf- Nadat het apparaat hangt, trekt u het voorzichtig iets naar voren om te bevestigen dat het apparaat veilig op de wandbeugels en de veiligheidshouder hangt.

9 Bevestig het valbeschermingskoord tegen de wand.

text_image
Schroefog (niet bijgeleverd) Snoer (niet bijgeleverd) WandHet apparaat van de veiligheidshouder afnemen
- Houd het apparaat stevig met één hand vast.
- Druk twee vingers van de andere hand tegen de twee pallen van de veiligheidshouder.
- Til het apparaat een klein beetje verticaal op terwijl u tegen de twee pallen drukt, totdat de haak van de veiligheidshouder uit de sleuf vrijkomt.

text_image
1 2 Pallen
text_image
3Referenties
Over Bluetooth®
Panasonic is niet verantwoordelijk voor mogelijke beschadiging van data en/of informatie tijdens een draadloze transmissie.
Frequentieband
- Dit systeem maakt gebruik van de frequentieband van 2,4 GHz.
Certificatie
- Dit systeem voldoet aan frequentiebeperkingen en heeft certificatie gekregen op basis van wetten die te maken hebben met frequentie. Om die reden is een draadloze machtiginglesbrief niet nodig.
- In sommige landen zijn de handelingen die hieronder beschreven worden, op grond van de wet strafbaar:
- De eenheid uit elkaar nemen of wijzigen.
- Specificatie-aanduidingen verwijderen.
Gebruiksbeperkingen
- Draadloze transmissie en/of gebruik bij alle met Bluetooth® uitgeruste apparaten is niet gegarandeerd.
- Alle apparaten moeten voldoen aan standaards die ingesteld werden door Bluetooth SIG, Inc.
- Afhankelijk van de specificaties en instellingen van een apparaat, kan deze zich niet verbinden of sommige operaties kunnen anders zijn.
- Dit systeem ondersteunt de veiligingsfuncties van Bluetooth®. Maar afhankelijk van de werkomgeving en/of instellingen, is deze beveiliging mogelijk niet voldoende. Draag data voorzichtig draadloos aan dit systeem over.
- Dit systeem kan geen data overzenden naar een Bluetooth®-apparaat.
Gebruiksbereik
- Gebruik dit apparaat tot een maximaal bereik van 10 meter.
- Het bereik kan verminderen afhankelijk van de omgeving, obstakels of interferentie.
Interferentie van andere apparaten
- Dit systeem zal misschien niet goed functioneren en er kunnen problemen zoals ruis en onderbrekingen in het geluid ontstaan als gevolg van interferentie van radiogolven, als dit apparaat te dicht bij andere Bluetooth®-apparaten of apparaten staat die de 2,4 GHz-band gebruiken.
- Dit systeem zal misschien niet goed functioneren als de radiogolven van een zender, enz., in de buurt te krachtig zijn.
Gebruik waarvoor dit bedoeld is
- Dit systeem is alleen voor normaal, algemeen gebruik.
- Gebruik dit systeem niet vlakbij apparatuur of in een omgeving die gevoelig is voor interferentie door een radiofrequentie (voorbeeld: luchthavens, ziekenhuizen, laboratoria, et cetera).
Licenties

CERTIFIED
Het Wi-Fi CERTIFIED™-logo is een certificeringsmerk van Wi-Fi Alliance®.
"Wi-Fi®" is een gedeponeerd handelsmerk van Wi-Fi Alliance®
"WPA™" en "WPA2™" zijn handelsmerken van Wi-Fi Alliance®.
DLNA, het DLNA-logo en DLNA CERTIFIED zijn handelsmerken, dienstmerken of certificeringsmerken van de Digital Living Network Alliance.
Windows is een handelsmerk of een gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en in andere landen.
iPad, iPhone, iPod en iPod touch zijn handelsmerken van Apple Inc., geregistreerd in de VS en in andere landen.
App Store is een dienstmerk van Apple Inc., geregistreerd in de VS en in andere landen.
Het Bluetooth® woordmerk en logo's zijn gedeponeerde handelsmerken die het bezit zijn van Bluetooth SIG, Inc. en ieder gebruik van dergelijke merken door Panasonic Corporation vindt plaats onder licentie. Andere handelsmerken en handelsnamen zijn die van de respectievelijke eigenaren.
Google, Google Home, Android, Google Play, Chromecast, Chromecast ingebouwd en andere overeenkomstige merken zijn handelsmerken van Google LLC.