GYS GYSMI E160 - Lasapparaat

GYSMI E160 - Lasapparaat GYS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GYSMI E160 GYS in PDF-formaat.

📄 56 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag 9 vragen ⚙️ Specs
Notice GYS GYSMI E160 - page 37
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : GYS

Model : GYSMI E160

Categorie : Lasapparaat

Technische kenmerken Inverter lasapparaat, MMA-technologie, lasstroom van 10 tot 160 A, voeding 230 V, inschakelduur 60% bij 160 A.
Gebruik Ideaal voor het lassen van staal, roestvrij staal en aluminium, geschikt voor doe-het-zelf klussen en professionals.
Onderhoud en reparatie Controleer regelmatig de elektrische verbindingen en reinig de gasdoppen. Raadpleeg bij storingen de gebruiksaanwijzing voor de probleemoplossingsprocedures.
Veiligheid Draag geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM), zoals handschoenen, een lashelm en brandwerende kleding. Zorg voor goede ventilatie tijdens gebruik.
Algemene informatie Lichtgewicht, draagbaar, compacte afmetingen. 2 jaar garantie. Inclusief: lasdraad, massaklem en gebruiksaanwijzing.

Veelgestelde vragen - GYSMI E160 GYS

De GYS GYSMI E160 lasapparaat gaat niet aan, wat moet ik doen?
Controleer of het apparaat correct is aangesloten op een werkend stopcontact. Zorg ervoor dat de zekering niet is gesprongen. Als het probleem aanhoudt, neem dan contact op met de klantenservice.
Welk type lasdraad wordt aanbevolen voor de GYS GYSMI E160?
Het wordt aanbevolen om MIG/MAG-lasdraden te gebruiken die compatibel zijn met het apparaat, meestal draden met een diameter van 0,6 mm tot 0,8 mm.
Hoe stel ik de lasstroom in op de GYS GYSMI E160?
Gebruik de stroomregelknop op het bedieningspaneel. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor specifieke instellingen afhankelijk van het materiaal dat u last.
Het lasapparaat produceert te veel spatten, wat moet ik doen?
Controleer de kwaliteit van de lasdraad en de reinheid van de te lassen oppervlakken. Pas indien nodig ook de lasstroom aan.
Hoe weet ik of de GYS GYSMI E160 oververhit is?
Het apparaat is uitgerust met een waarschuwingslampje dat oplicht bij oververhitting. Stop het gebruik en laat het apparaat afkoelen als dit gebeurt.
De lasdraad blijft vastzitten in de GYS GYSMI E160, wat moet ik doen?
Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Open het draadcompartiment en controleer of de draad correct is opgerold. Verwijder eventuele verstrengelingen voordat u het apparaat weer aansluit.
Kan ik de GYS GYSMI E160 buiten gebruiken?
Het wordt aanbevolen om dit lasapparaat binnen of onder een afdak te gebruiken om vocht en slechte weersomstandigheden te vermijden.
Hoe onderhoud ik de GYS GYSMI E160?
Reinig het apparaat regelmatig met een droge doek. Controleer de elektrische verbindingen en zorg ervoor dat de ventilator goed werkt.
Is de GYS GYSMI E160 compatibel met een 230V stroomvoorziening?
Ja, de GYS GYSMI E160 is ontworpen om te werken met een 230V voeding. Zorg ervoor dat het stopcontact correct geaard is.

Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GYSMI E160 - GYS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GYSMI E160 van het merk GYS.

GEBRUIKSAANWIJZING GYSMI E160 GYS

ALGEMENE INSTRUCTIES Voor het gebruik moeten deze instructies gelezen en begrepen worden. Voer geen wijzigingen of onderhoud aan het apparaat uit die niet in de handleiding vermeld staan. Ieder lichamelijk letsel of schade, veroorzaakt door het niet naleven van de instructies in deze handleiding kan niet verhaald worden op de fabrikant van het apparaat. Raadpleeg, in geval van problemen of onzekerheid over het gebruik, een gekwaliceerd persoon om het apparaat cor- rect te gebruiken. OMGEVING Deze lasvoeding mag enkel gebruikt worden om te lassen, en uitsluitend volgens de in de handleiding en de op het typeplaatje vermelde instructies. De veiligheidsvoorschriften moeten gerespecteerd worden. In geval van onjuist of gevaarlijk gebruik kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld. De installatie mag alleen worden gebruikt en bewaard in een stof- en zuurvrije ruimte, en in afwezigheid van ontvlam- baar gas of andere corrosieve substanties. Zorg voor voldoende luchtstroom tijdens gebruik. Gebruikstemperatuur : Gebruik tussen -10 en +40°C (+14 en +104°F). Opslag tussen -25 en +55°C (-13 en 131°F). Luchtvochtigheid : Lager of gelijk aan 50% bij 40°C (104°F). Lager of gelijk aan 90% bij 20°C (68°F). Tot 2000 m boven de zeespiegel (6500 voet).

PERSOONLIJKE BESCHERMING EN BESCHERMING VAN ANDEREN

Bij het lassen worden de individuen blootgesteld aan een gevaarlijke warmtebron, aan de lichtstraling van de lasboog, aan elektro-magnetische velden (waarschuwing voor dragers van een pacemaker), aan elektrocutie gevaar, en aan lawaai en uitstoting van gassen. Draag, om uzelf te beschermen tegen brandwonden en straling, droge, goed isolerende kleding zonder omslagen, brandwerend en in goede staat, die het gehele lichaam bedekt. Draag handschoenen die elektrische en thermische isolatie garanderen. Soms is het nodig om het lasgebied met brandwerende gordijnen af schermen tegen stralingen, projectie en wegspattende gloeiende deeltjes. Informeer de personen in het lasgebied om niet naar de boog of naar gesmolten stukken te staren, en om aangepaste kleding te dragen die voldoende bescherming biedt. Het is noodzakelijk om een lashelm type «bivakmuts» te dragen, NR10 of meer, en om de ogen te bescher- men tijdens schoonmaakwerkzaamheden. Contactlenzen zijn speciek verboden. Gebruik een bescherming tegen lawaai als het lasproces een hoger geluidsniveau bereikt dan de toeges- tane norm. Dezelfde regels gelden voor elk persoon die zich in de laszone bevindt Houd uw handen, haar en kleding op afstand van de bewegende delen (ventilator). Verwijder nooit de behuizing van het koelelement :dit onderdeel staat onder spanning, de fabrikant kan niet verantwoordelijk worden gehouden in geval van een ongeluk. De elementen die net gelast zijn zijn heet en kunnen brandwonden veroorzaken bij het aanraken. Zorg ervoor, tijdens onderhoudswerkzaamheden aan de toorts, dat deze voldoende afgekoeld is en wacht minstens 10 minuten alvorens met de werkzaamheden te beginnen. Het is belangrijk om, voor vertrek, het werkgebied veilig achter te laten, om mensen en goederen te beschermen.

Dampen, gassen en stof uitgestoten bij het lassen zijn gevaarlijk voor de gezondheid. Zorg voor goede ventilatie en verse lucht tijdens het lassen. Een lashelm met frisse luchtaanvoer kan een oplossing zijn als er onvoldoende ventilatie is. Controleer of de zuigkracht efciënt is, en verieer of deze aan de gerelateerde veiligheidsnormen vol- doet. Waarschuwing: het is nodig om bij het lassen in beperkte ruimtes de veiligheid op afstand te controleren. Bovendien kan het lassen van materialen die bepaalde stoffen zoals lood, cadmium, zink, kwik of beryllium bevatten bijzonder schadelijk zijn. Het lassen in de buurt van vet of verf is verboden.38 GYSMI E160

Bescherm volledig het lasgebied, brandbare stoffen moeten minimaal op 11 meter afstand geplaatst worden. Een brandblus installatie moet aanwezig zijn in de buurt van laswerkzaamheden. Pas op voor projectie van hete onderdelen of vonken, zelfs door kieren. Deze kunnen brand of explosies veroorzaken. Houd personen, ontvlambare objecten en containers onder druk op veilige en voldoende afstand. Het lassen in containers of gesloten buizen moet worden vermeden, en als ze open zijn dan moeten ze ontdaan worden van ieder ontvlambaar product (olie, brandstof, gas residuen....). Slijpwerkzaamheden mogen niet worden gericht naar het apparaat of naar brandbare materialen. GASFLESSEN Het gas dat uit de gasessen komt kan, in geval van te hoge concentratie in de lasruimte, verstikking veroorzaken (goed ventileren). Vervoer moet veilig worden gedaan: de essen goed dicht en het lasapparaat uit. Deze moeten verticaal bewaard worden en door een ondersteuning rechtop gehouden worden, om te voorkomen dat ze omvallen. De gasessen moeten worden opgeslagen in een open of goed geventileerde ruimte. Ze moeten in verticale positie gehouden worden, in een houder of op een trolley. Sluit de es na ieder gebruik. Let op de temperatuur veranderingen en blootstelling aan zonlicht. De es mag niet in contact komen met een vlam, een elektrische boog, een toorts, een aardingsklem of ieder andere warmtebron of gloeiend voorwerp. Uit de buurt houden van elektrische leidingen en lasinstallaties, en nooit een es onder druk lassen. Voorzichtig bij het openen van het ventiel van de es, houd uw hoofd ver verwijderd van het ventiel en controleer of het gas geschikt is om mee te lassen. ELEKTRISCHE VEILIGHEID Het elektrische netwerk dat gebruikt wordt moet altijd geaard zijn. Gebruik het op de veiligheidstabel aanbevolen type zekering. Een elektrische schok kan, direct of indirect, ernstige en zelfs dodelijke ongelukken veroorzaken. Raak nooit delen aan de binnen- of buitenkant van de machine aan (toortsen, klemmen, kabels, elektroden...) die onder spanning staan wanneer de machine aanstaat. Deze delen zijn aangesloten op het lascircuit. Koppel het apparaat, voor het te openen, van het spanningsnet af en wacht 2 minuten, totdat alle condensators ontladen zijn. Raak nooit tegelijkertijd de toorts of de elektrodehouder en de massaklem aan. Zorg ervoor, als de kabels of toortsen beschadigd zijn, dat ze vervangen worden door gekwaliceerde personen. De afmeting van de accessoires moet passend zijn. Gebruik altijd droge, in goede staat verkerende kleren om uzelf van het lascircuit te isoleren. Draag isolerend schoeisel, waar u ook werkt.

EMC CLASSIFICATIE VAN HET MATERIAAL

Dit Klasse A materiaal is niet geschikt voor gebruik in woonwijken, waar de stroom wordt voorzien door een openbare laagspanningsnet. Het is mogelijk dat er problemen ontstaan met de elektromagnetische compatibiliteit in deze werkomgevingen, vanwege storingen of radiofrequente straling. Dit materiaal is niet conform aan de CEI 61000-3-12 norm en is bedoeld om aangesloten te worden op private laagspanningsnetwerken, aangesloten op een openbaar netwerk met uitsluitend midden of hoogspanning. Als het apparaat aangesloten wordt op een openbaar laagspanningsnetwerk is het de verantwoordelijkheid van de installateur of de gebruiker van het apparaat om de stroomleverancier te contacteren en zich ervan te verzekeren dat het apparaat daadwerkelijk op het netwerk aangesloten kan worden. Dit materieel is conform de EN 61000-3-11 norm als de impedantie van het netwerk, op het aansluitingspunt met de elektrische installatie, lager is dan de maximale impedantie van het netwerk Zmax, zoals gespeciceerd in de volgende tabel : Model E 160 Toegestane Zmax 0.34 Ohms NL39 GYSMI E160

ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES Elektrische stroom die door een geleider gaat veroorzaakt elektrische en magnetische velden. Lassers zouden de volgende adviezen op moeten volgen om de blootstelling aan elektro-magnetische straling van het lascircuit tot een minimum te beperken: De elektromagnetische velden kunnen de werking van sommige medische implantaten, bijvoorbeeld pacemakers,verstoren. Deze veiligheidsmaatregelen moeten in acht worden genomen voor mensen met medische implantaten. Bijvoorbeeld : toegangsbeperking voor voorbijgangers of een individuele risico-evaluatie voor de lassers. Alle lassers zouden de volgende procedures moeten opvolgen, om hun blootstelling aan elektro-magnetische straling veroorzaakt door het lassen zo klein mogelijk te maken : - leg de laskabels dichtbij elkaar - maak ze zo mogelijk aan elkaar vast; - houd uw romp en uw hoofd zo ver mogelijk van het lascircuit af; - rol nooit de laskabels om uw lichaam heen; - zorg ervoor dat u zich niet tussen de kabels bevindt. Houd de twee kabels aan dezelfde kant van uw lichaam.; - bevestig de geaarde kabel zo dicht als mogelijk is bij de lasplek; - voer geen werkzaamheden uit dichtbij het lassen, ga niet zitten op of leun niet tegen de stroomaansluiting van de lasinstallatie; - las niet wanneer u de stroombron of de haspel vasthoudt. Personen met een pacemaker moeten een arts raadplegen voor gebruik van de voeding van het lasap- paraat. De blootstelling aan elektromagnetische straling tijdens het lassen kan gevolgen voor de gezondheid hebben die nog niet bekend zijn. AANBEVELINGEN OM DE LASWERKPLEK EN DE INSTALLATIE TE EVALUEREN Algemene aanbevelingen De gebruiker is verantwoordelijk voor het installeren en het gebruik van het booglasmateriaal volgens de instructies van de fabrikant. Als elektromagnetische storingen worden geconstateerd, is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker van het booglasmateriaal om het probleem op te lossen, met hulp van de technische dienst van de fabrikant. In sommige gevallen kan de oplossing liggen in een eenvoudige aarding van het lascircuit (zie de handleiding). In andere gevallen kan het nodig zijn om met behulp van lters een elektromagnetisch schild rondom de stroomvoorziening en om het vertrek te creëren. In ieder geval moeten de storingen door elektromagnetische stralingen beperkt worden tot een aanvaardbaar niveau. Evaluatie van de lasruimte Voor het installeren van de lasstroomvoorziening, moet de gebruiker de mogelijke elektromagnetische problemen, die zich in de ruimte voor zouden kunnen doen, evalueren. Er moet in het bijzonder rekening gehouden worden met de volgende aanwijzingen : a. Andere bekabeling, controle-bekabeling, telefoon- en communicatiekabels : boven, onder en naast de stroomaansluiting van het lasapparaat. b. Ontvangers en zenders radio en televisie, c. Computers en andere controle apparatuur, d. Essentiële veiligheidsapparatuur zoals controles op de veiligheid van industriële apparatuur, e. De gezondheid van personen in de buurt van de voedingsbron van de lasapparatuur, bijvoorbeeld personen met een pacemaker, een gehoorapparaat enz. ...., f. Ijk- en meetapparatuur, g. De immuniteit van andere machines die in dezelfde ruimte als de lasapparatuur gebruikt worden. De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat alle apparatuur in de werkruimte compatibel is. Dit kan betekenen dat andere of meer veiligheidsmaatregelen genomen moeten worden, h. Het aantal uren per dag dat de lasvoeding moet functioneren, Het oppervlakte van de benodigde ruimte rondom de lasbron heen zal afhangen van de structuur van het gebouw en van de overige activiteiten die op en rondom de werkplek plaatsvinden. De omgeving die in acht genomen moet worden kan groter zijn dan de begrenzing van het bedrijfspand. Evaluatie van de lasinstallatie Naast een evaluatie van de laszone kan een evaluatie van de booglasinstallaties elementen aanreiken om storingen vast te stellen en op te lossen. Bij het evalueren van de emissies moeten de werkelijke resultaten worden bekeken, zoals die zijn gemeten in de reële situatie, zoals gestipuleerd in Artikel 10 van de CISPR 11:2009. De metingen in de specieke situatie, op een specieke plek, kunnen tevens helpen de efciëntie van de maatregelen te bevestigen. AANBEVELINGEN BETREFFENDE METHODES OM ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES TE REDUCEREN a. Openbare stroomnetten : het lasmateriaal moet aangesloten worden op het openbare net volgens de aanbevelin- gen van de fabrikant. Als er storingen plaatsvinden kan het nodig zijn om extra voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals het lteren van het openbare stroomnetwerk. Er kan overwogen worden om de voedingskabel af te schermen in een NL40 GYSMI E160

metalen buis of een equivalent daarvan. Het is wenselijk de elektrische continuïteit van het omhulsel te verzekeren over de hele lengte. De bescherming moet aangekoppeld worden aan de lasstroomvoeding, om er zeker van te zijn dat er een goed elektrisch contact is tussen de geleider en het omhulsel van de lasstroom voeding. b. Onderhoud van de booglasapparaat : onderhoud het booglasmateriaal regelmatig, en volg daarbij de aanbeve- lingen van de fabrikant op. Alle toegangen, service ingangen en kleppen moeten correct vergrendeld zijn wanneer het booglasmateriaal in werking is. Het booglasmateriaal mag op geen enkele wijze veranderd worden, met uitzondering van veranderingen en instellingen zoals genoemd in de handleiding van de fabrikant. Let u er in het bijzonder op dat het vonkenhiaat van de toorts correct afgesteld is en goed onderhouden wordt, volgens de aanbevelingen van de fabrikant c. Laskabels : De kabels moeten zo kort mogelijk zijn, en dichtbij elkaar en vlakbij of, indien mogelijk, op de grond gelegd worden. d. Aarding : Het is wenselijk om alle metalen objecten in en om de werkomgeving te aarden. Waarschuwing : de metalen objecten verbonden aan het te lassen voorwerp vergroten het risico op elektrische schokken voor de gebruiker, wanneer hij tegelijkertijd deze objecten en de elektrode aanraakt. Het is aan te raden de gebruiker van deze voorwer- pen te isoleren. e. Aarding van het te lassen voorwerp : wanneer het te lassen voorwerp niet geaard is, vanwege elektrische veiligheid of vanwege de afmetingen en de locatie, zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij scheepsrompen of metalen structuren van gebouwen, kan een verbinding tussen het voorwerp en de aarde, in sommige gevallen maar niet altijd, de emissies verkleinen. Vermijd het aarden van voorwerpen, wanneer daarmee het risico vergroot wordt op verwon- dingen van de gebruikers of beschadigingen van het andere elektrische materiaal. Indien nodig, is het wenselijk dat het aarden van het te lassen voorwerp rechtstreeks plaatsvindt, maar in sommige landen waar deze directe aarding niet toegestaan is is het aan te raden te aarden met een daarvoor geschikte condensator, die voldoet aan de reglementen in het betreffende land. f. Beveiliging en afscherming : Selectieve afscherming en bescherming van andere kabels en materiaal in de omgeving kan problemen verminderen. De beveiliging van de gehele laszone kan worden overwogen voor speciale toepassingen.

TRANSPORT EN DOORVOER VAN HET APPARAAT

De voeding is uitgerust met een handvat waarmee het apparaat met de hand gedragen kan worden. Let op : onderschat het gewicht niet. Gebruik de kabels of de toorts niet om het apparaat te verplaatsen. Het apparaat moet in verticale positie verplaatst worden. Til nooit een gases en het lasapparaat tegelijk op. De vervoersnormen zijn verschillend. Til nooit een gases en het lasapparaat tegelijk op. De vervoersnormen zijn verschillend. Til het apparaat nooit boven personen of voorwerpen.

INSTALLATIE VAN HET APPARAAT

Respecteer de volgende regels :

  • Plaats de voeding op een ondergrond met een helling van minder dan 10°.
  • Zorg voor voldoende ruimte om de machine te ventileren en om toegang te hebben tot het controle board.
  • Plaats de lasvoeding niet in de stromende regen, en stel hem niet bloot aan zonlicht.
  • Niet geschikt voor gebruik als stroomgeleidend metaalstof aanwezig is.
  • IP21 beschermingsklasse : - beveiligd tegen toegang van gevaarlijke delen van diam en >12,5mm - beschermd tegen verticaal vallende regendruppels. De fabrikant GYS kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor lichamelijk letsel of schade aan voorwer- pen veroorzaakt door niet correct of gevaarlijk gebruik van dit materiaal. ONDERHOUD/ADVIES
  • Het onderhoud kan alleen door gekwaliceerd personeel gedaan worden.
  • Haal de stekker uit het stopcontact om de elektriciteitsvoorziening te onderbreken en wacht tot de ventilator stilstaat alvorens werkzaamheden op het apparaat te verrichten. De spanningen binnenin zijn hoog en gevaarlijk.
  • De kap regelmatig afnemen en met een blazer stofvrij maken. Gebruik deze gelegenheid om met behulp van geïsoleerd gereedschap ook de elektrische verbindingen te laten controleren door gekwa- liceerd personeel.
  • Controleer regelmatig de voedingskabel. Als de voedingskabel beschadigd is, moet deze door de fabrikant, zijn reparatie dienst of een gekwaliceerde technicus worden vervangen, om ieder gevaar te vermijden.
  • Laat de ventilatieopening vrij zodat de lucht gemakkelijk kan circuleren.
  • Niet geschikt voor het ontdooien van leidingen. NL41 GYSMI E160

Alleen ervaren en door de fabrikant gekwaliceerd personeel kan de installatie uitvoeren. Verzekert u zich ervan dat de generator tijdens het installeren niet op het stroomnetwerk aangesloten is. Seriële en parallelle generator-verbindingen zijn verboden.BESCHRIJVING VAN HET MATERIAALDit lasapparaat is een draagbare, enkelfase, geventileerde Inverter, geschikt voor het lassen met beklede elektrode (MMA) en met boogontsteking elektrode (TIG Lift) in gelijkstroom (DC). In MMA kan met ieder type elektrode gelast worden : rutiel, rvs, gietijzer, basisch. In TIG is het lassen van meeste metalen mogelijk, behalve aluminium en alumi- nium-legeringen. Het apparaat is beveiligd bij generator-gebruik (230 V +- 15% of 400V +- 15%, afhankelijk van het model).STROOMVOORZIENING - OPSTARTEN• De apparaten die worden geleverd met een 230V 16A type CEE7/7 aansluiting, moeten worden aangesloten op een GEAARDE elektrische installatie 230 V (50 - 60 Hz). Controleer of de stroomvoorziening en de beveiligingen (netzekering en/of hoofdschakelaar) compatibel zijn met de elektrische stroom die nodig is voor gebruik. In sommige landen kan het nodig zijn om de elektrische aansluiting aan te passen om het toestel optimaal te kunnen gebruiken. Bij intensief gebruik, bij voorkeur een 20A elektrische installatie gebruiken voor de enkelfase modellen vanaf 160A. De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat de elektrische aansluitingen goed toegankelijk zijn.• Het apparaat wordt in werking gesteld door op knop « » te drukken.• Het apparaat schakelt de beveiliging in wanneer de voedingsspanning hoger is dan 265V voor de enkel fase apparaten (display geeft aan) Het apparaat gaat weer normaal functioneren zodra de voedingsspanning tot het normale niveau is gedaald.AANSLUITEN OP EEN GENERATORDeze apparaten zijn geschikt voor gebruik met een generator, op voorwaarde dat de hulpstroom aan de volgende eisen voldoet :- De spanning moet wisselspanning zijn, afgesteld zoals gespeciceerd, en met een topspanning die lager is dan 400 V,- De frequentie moet tussen 50 en 60 Hz liggen.Het is belangrijk om deze omstandigheden te controleren, omdat veel generators hoge spanningspieken produceren die het materiaal kunnen beschadigen.LASSEN MET BEKLEDE ELEKTRODE (MMA)AANSLUITING EN ADVIEZEN• Sluit de kabels, elektrode-houder en massa-klem aan op de desbetreffende aansluitingen,• Respecteer de polariteiten en de las-intensiteit zoals aangegeven op de elektroden-verpakkingen.• Verwijder de elektrode uit de elektrode-houder wanneer het materiaal niet wordt gebruikt.• De apparaten zijn uitgerust met 3 specieke Inverter functies : - De Hot Start geeft een extra hoge stroom-intensiteit aan het begin van het lassen. - De Arc Force geeft een hoge stroomintensiteit, die voorkomt dat de elektrode plakt wanneer deze in het smeltbad komt. - De Anti-Sticking functie vereenvoudigt het losmaken van de elektrode wanneer deze vastplakt.• De apparaten hebben een dalende uitgangskarakteristiek • De inschakelduur volgens de norm EN60974-1 staat aangegeven in de volgende tabel : X @ 40°C (T cycle = 10 min) MMA TIG I max 19% @ 160 A 24% @ 160 A60% 90 A 105 A100% 75 A 95 A Tijdens intensief gebruik (> inschakelduur) kan de thermische beveiliging zich in werking stellen. In dat geval schakelt de boog uit en gaat het beveiligingslampje branden. De thermische testen zijn uitgevoerd volgens de norm bij 40 °C. NL42 GYSMI E160

Activeren van de MMA modus en afstellen van de intensiteit : - Kies de positie MMA (2) met behulp van de selectie-knop (5) - Instellen van de gewenste intensiteit (display(1)) met behulp van de knoppen (4). E160 HOT START 0 > 60% ARC FORCE - Adviezen : Lage Hot Start, voor jn plaatwerk - Intensieve Hot Start voor moeilijker te lassen metalen (vervuilde of verroeste stukken) Voor het afstellen van Hot Start, ga als volgt te werk : Druk gedurende 3 seconden op de selectie-knop (5). «HS» (Hot Start) knippert, en er verschijnt een cijfer. Stel het gewenste percentage in (display (1)) met behulp van de knoppen (4). Bevestig de door u gewenste waarde door op de selectie-knop (5) te drukken. LASSEN MET WOLFRAM ELEKTRODE MET INERT GAS (TIG MODUS) Bij TIG DC lassen moet altijd een beschermgas gebruikt worden (Argon). Volg, voor het TIG lassen, de volgende stappen op :

1. Sluit de aardklem aan op de positieve pool (+).

2. Koppel een toorts met ventiel aan op de negatieve (-) polariteit.

3. Sluit de gasleiding aan op de gasaansluiting van de gases.

Het kan nodig zijn om de gasleiding te verkorten, wanneer deze niet past op de drukregelaar.

4. Kies positie TIG (3) met behulp van de selectie-knop (5).

5. Stel de gewenste intensiteit (display (1)) af met behulp van de knoppen (4), naar

gelang de dikte van het te lassen metaal (30A/mm).

6. Stel eerst de gastoevoer af op de drukregelaar van de gases, open dan het ven-

7. Om op te starten : raak met de elektrode het te lassen metaal aan.

8. Aan het einde van het lassen : beweeg snel de toorts omhoog, sluit de gastoevoer pas af na het afkoelen van de

elektrode. Geadviseerde combinaties / elektrode slijpen Courant (A) Ø Electrode (mm) = Ø l (métal d’apport) Ø Buse (mm) Débit (Argon l/mn) 0,5-5 10-130 1,6 9,8 6-7 4-7 130-190 2,4 11 7-8 Gebruik, voor een optimaal gebruik, een elektrode die als volgt geslepen is : L = 2,5 x d.

Afwijkingen Oorzaken Oplossingen MMA-TIG Het apparaat geeft geen stroom af en het gele thermisch defect lampje brandt (6). De thermische beveiliging van het apparaat is in werking. Wacht ongeveer 2 minuten tot het lasapparaat afgekoeld is. Het lampje (6) gaat uit. De display staat aan maar het lasapparaat levert geen stroom. De kabel van de aardingsklem of elektrodehouder is niet goed aangesloten aan het apparaat. Controleer de aansluitingen. Het apparaat wordt gevoed, een tinteling is voelbaar als u het plaatwerk aanraakt. De aarde-aansluiting is defect. Controleer het stopcontact en de aarding van uw installatie. Het toestel last niet goed. Verkeerde polariteitsaansluiting Controleer de geadviseerde pola- riteit, zoals aangegeven op de elektrode doos. Tijdens het opstarten toont het display

De voedingsspanning wordt niet gerespecteerd (100V-240V AC) Controleer uw elektrische installa- tie of uw generator TIG Instabiele lasboog Defect komt vanuit de wolfraame- lektrode Gebruik de goede maat wolfraa- melektrode Gebruik een correct geprepareerde wolfraamelektrode Te hoge gastoevoer Reduceer de gastoevoer De wolfraam elektrode oxideert en bezoedelt aan het einde van het lasproces Laszones Controleer alle gasaansluitingen en draai ze goed aan. Wacht tot de elektrode is afgekoeld voor u de gasstroom afsluit. Probleem met gas of te vroege afsluiting van de gastoevoer Controleer of de massakabel aangesloten is aan de positieve pool (+). Elektrode smelt Verkeerde polariteitsaansluiting Controleer of de massakabel aangesloten is aan de positieve pool (+). NL44 GYSMI E160