GYSMI E200 FV - Lasapparaat GYS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GYSMI E200 FV GYS in PDF-formaat.
| Kenmerken | Details |
|---|---|
| Type lasapparaat | Inverter lasapparaat |
| Voedingsspanning | 230 V |
| Lasmagneetsterkte | 20 tot 200 A |
| Gewicht | 4,5 kg |
| Afmetingen | 300 x 130 x 220 mm |
| Las technologie | MMA (booglassen met beklede elektrode) |
| Thermische bescherming | Ja |
| Gebruik | Geschikt voor het lassen van staal, roestvrij staal en aluminium |
| Inclusief accessoires | Lasmasker, massakabel, elektrodehouder |
| Veiligheidsnormen | Voldoet aan CE-normen |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - GYSMI E200 FV GYS
Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GYSMI E200 FV - GYS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GYSMI E200 FV van het merk GYS.
GEBRUIKSAANWIJZING GYSMI E200 FV GYS
ALGEMENE INSTRUCTIES Voor het in gebruik nemen van het product moeten deze instructies gelezen en goed begrepen wor- den. Voer geen wijzigingen of onderhoud uit die niet in de handleiding vermeld staan. Geen enkel lichamelijk letsel of schade, veroorzaakt door het niet naleven van de instructies in deze handleiding, kan verhaald worden op de fabrikant van het apparaat. Raadpleeg, in geval van problemen of onzekerheid over het gebruik, een bevoegd persoon om het apparaat correct te installeren. OMGEVING Dit apparaat mag enkel gebruikt worden om te lassen, en uitsluitend volgens de in de handleiding en/of op het typeplaa- tje vermelde instructies. De veiligheidsvoorschriften moeten gerespecteerd worden. In geval van onjuist of gevaarlijk gebruik kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld. De installatie mag alleen worden gebruikt en bewaard in een stof- en zuurvrije ruimte, en in afwezigheid van ontvlam- baar gas of andere corrosieve substanties. Zorg voor voldoende luchtstroom tijdens het gebruik. Gebruikstemperatuur : Gebruik tussen -10 en +40°C (+14 en +104°F). Opslag tussen -20 en +55°C (-4 en 131°F). Luchtvochtigheid : Lager of gelijk aan 50% bij 40°C (104°F). Lager of gelijk aan 90% bij 20°C (68°F). Hoogte : Tot 1000 m boven de zeespiegel (3280 voet).
PERSOONLIJKE BESCHERMING EN BESCHERMING VAN ANDEREN
Booglassen kan gevaarlijk zijn en ernstige en zelfs dodelijke verwondingen veroorzaken. Tijdens het lassen worden de individuen blootgesteld aan een gevaarlijke warmtebron, aan de lichtstraling van de las- boog, aan elektro-magnetische velden (waarschuwing voor dragers van een pacemaker), aan elektrocutie gevaar, aan lawaai en aan uitstoting van gassen. Bescherm uzelf en bescherm anderen, respecteer de volgende veiligheidsinstructies : Draag, om uzelf te beschermen tegen brandwonden en straling, droge, goed isolerende kleding zonder omslagen, brandwerend en in goede staat, die het gehele lichaam bedekt. Draag handschoenen die de elektrische en thermische isolatie garanderen. Draag een lasbescherming en/of een lashelm die voldoende bescherming biedt (afhankelijk van de lastoe- passing). Bescherm uw ogen tijdens schoonmaakwerkzaamheden. Contactlenzen zijn speciek verboden. Soms is het nodig om het lasgebied met brandwerende gordijnen af te schermen tegen stralingen, projec- tie en wegspattende gloeiende deeltjes. Informeer de personen in het lasgebied om niet naar de boog of naar gesmolten stukken te staren, en om aangepaste kleding te dragen die voldoende bescherming biedt. Gebruik een bescherming tegen lawaai als het lassen een hoger geluidsniveau bereikt dan de toegestane norm (dit geldt tevens voor alle personen die zich in de las-zone bevinden). Houd uw handen, haar en kleding op voldoende afstand van bewegende delen (ventilator). Verwijder nooit de behuizing van het koelelement wanneer de las-installatie aan een elektrische voedings- bron is aangesloten en onder spanning staat. De fabrikant kan in dit geval niet verantwoordelijk worden gehouden in geval van een ongeluk. De elementen die net gelast zijn zijn heet en kunnen brandwonden veroorzaken bij het aanraken. Zorg ervoor dat, tijdens onderhoudswerkzaamheden aan de toorts of de elektrode-houder, deze voldoende afge- koeld zijn en wacht ten minste 10 minuten alvorens met de werkzaamheden te beginnen. De koelgroep moet in werking zijn tijdens het gebruik van een watergekoelde toorts, om te voorkomen dat de vloeistof brandwonden veroorzaakt. NL48
Dampen, gassen en stof uitgestoten tijdens het lassen zijn gevaarlijk voor de gezondheid. Zorg voor voldoende ventilatie, soms is toevoer van verse lucht tijdens het lassen noodzakelijk. Een lashelm met verse luchtaanvoer kan een oplossing zijn als er onvoldoende ventilatie is. Controleer of de zuigkracht voldoende is, en verieer of deze aan de gerelateerde veiligheidsnormen voldoet. Waarschuwing: bij het lassen in kleine ruimtes moet de veiligheid op afstand gecontroleerd worden. Bovendien kan het lassen van materialen die bepaalde stoen zoals lood, cadmium, zink, kwik of beryllium bevatten bijzonder schadelijk zijn. Ontvet de te lassen materialen voor aanvang van de laswerkzaamheden. De gasessen moeten worden opgeslagen in een open of goed geventileerde ruimte. Ze moeten in verticale positie gehouden worden, in een houder of op een trolley. Het lassen in de buurt van vet of verf is verboden.
BRAND- EN EXPLOSIEGEVAAR
Scherm het lasgebied volledig af, brandbare stoen moeten minimaal op 11 meter afstand geplaatst worden. Een brandblusinstallatie moet aanwezig zijn in de buurt van laswerkzaamheden. Pas op voor projectie van hete onderdelen of vonken, zelfs door kieren heen. Ze kunnen brand of explosies veroorzaken. Houd personen, ontvlambare voorwerpen en containers onder druk op veilige en voldoende afstand. Het lassen in containers of gesloten buizen moet worden verboden, en als ze open zijn dan moeten ze ontdaan worden van ieder ontvlambaar of explosief product (olie, brandstof, gas residuen....). Slijpwerkzaamheden mogen niet worden gericht naar de lasapparaat, of in de richting van brandbare materialen. GASFLESSEN Het gas dat uit de gasessen komt kan, in geval van hoge concentratie in de lasruimte, verstikking veroorzaken (goed ventileren). Vervoer moet veilig gebeuren: de essen goed afgesloten en het lasapparaat uitgeschakeld. Deze moeten verticaal bewaard worden en door een ondersteuning rechtop gehouden worden, om te voorkomen dat ze omvallen. Sluit de es na ieder gebruik. Let op temperatuurveranderingen en blootstelling aan zonlicht. De es mag niet in contact komen met een vlam, een elektrische boog, een toorts, een aardingsklem of een andere warmtebron of gloeiend voorwerp. Uit de buurt houden van elektrische leidingen en lasinstallaties, en nooit een es onder druk lassen. Wees voorzichtig bij het openen van het ventiel van de es, houd uw hoofd ver verwijderd van het ventiel en controleer of het gas geschikt is om mee te lassen. ELEKTRISCHE VEILIGHEID Het elektrische netwerk dat gebruikt wordt moet altijd geaard zijn. Gebruik het op de veiligheidstabel aanbevolen type zekering. Een elektrische schok kan, direct of indirect, ernstige en zelfs dodelijke ongelukken veroorzaken. Raak nooit delen aan de binnen- of buitenkant van de machine aan (toortsen, klemmen, kabels, elektrodes) die onder spanning staan. Deze delen zijn aangesloten op het lascircuit. Koppel, voor het openen van het lasapparaat, dit los van het stroom-netwerk en wacht 2 minuten totdat alle condensatoren ontladen zijn. Raak nooit tegelijkertijd de toorts of de elektrodehouder en de massaklem aan. Zorg ervoor dat, als de kabels of toortsen beschadigd zijn, deze vervangen worden door gekwaliceerde en bevoegde personen. Gebruik alleen kabels met de geschikte doorsnede. Draag altijd droge, in goede staat verkerende kleren om uzelf van het lascircuit te isoleren. Draag isolerend schoeisel, waar u ook werkt.
EMC CLASSIFICATIE VAN HET MATERIAAL
Dit Klasse A materiaal is niet geschikt voor gebruik in een woonomgeving waar de stroom wordt geleverd door een openbare laagspanningsnet. Het is mogelijk dat er problemen ontstaan met de elektromagnetische compatibiliteit in deze omgevingen, vanwege storingen of radiofrequente straling. NL49
Dit materiaal voldoet aan de CEI 61000-3-12 norm. Dit materiaal voldoet aan de norm IEC 61000-3-11 als de impedantie van het netwerk op het aansluitpunt met de elektrische installatie lager is dan de maximaal toegestane impedantie van het netwerk Zmax = 0.281 Ohms. ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES Elektrische stroom die door een geleider gaat veroorzaakt elektrische en magnetische velden. De lass- troom wekt een elektromagnetisch veld op rondom de laszone en het lasmateriaal. De elektromagnetische velden, EMF, kunnen de werking van bepaalde medische apparaten, zoals pacemakers, verstoren. Veiligheidsmaatregelen moeten in acht worden genomen voor mensen met medische implantaten. Bijvoorbeeld : toegangsbeperking voor voorbijgangers of een individuele risico-evaluatie voor de lassers. Alle lassers zouden de volgende procedures moeten opvolgen, om een blootstelling aan elektromagnetische straling veroorzaakt door het lassen zo beperkt mogelijk te houden :
- plaats de laskabels dicht bij elkaar – bind ze indien mogelijk aan elkaar;
- houd uw hoofd en uw romp zo ver mogelijk van het lascircuit af;
- wikkel nooit de kabels om uw lichaam;
- zorg ervoor dat u zich niet tussen de laskabels bevindt. Houd de twee laskabels aan dezelfde kant van uw lichaam;
- bevestig de geaarde kabel zo dicht als mogelijk is bij de lasplek;
- voer geen werkzaamheden uit dichtbij de laszone, ga niet zitten op of leun niet tegen het lasapparaat;
- niet lassen wanneer u het lasapparaat of het draadaanvoersysteem draagt. Personen met een pacemaker moeten een arts raadplegen voor gebruik van het apparaat. De blootstelling aan elektromagnetische straling tijdens het lassen kan gevolgen voor de gezondheid hebben die nog niet bekend zijn. AANBEVELINGEN OM DE LASWERKPLEK EN DE INSTALLATIE TE EVALUEREN Algemene aanbevelingen De gebruiker is verantwoordelijk voor het installeren en het gebruik van het booglasmateriaal volgens de instructies van de fabrikant. Als elektromagnetische storingen worden geconstateerd, is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker van het booglasmateriaal om het probleem op te lossen, met hulp van de technische dienst van de fabrikant. In sommige gevallen kan de oplossing liggen in een eenvoudige aarding van het lascircuit. In andere gevallen kan het nodig zijn om met behulp van lters een elektromagnetisch schild rondom de stroomvoorziening en om het vertrek te creëren. In ieder geval moeten de storingen veroorzaakt door elektromagnetische stralingen beperkt worden tot een aanvaardbaar niveau. Evaluatie van de las-zone Voor het installeren van een booglas-installatie moet de gebruiker de mogelijke elektro-magnetische problemen in de omgeving evalueren. Daarbij moeten de volgende gegevens in acht genomen worden : a) de aanwezigheid boven, onder, of naast het booglasmateriaal van andere voedingskabels, van besturingskabels, signaleringskabels of telefoonkabels; b) ontvangers en zenders voor radio en televisie; c) computers en ander besturingsapparatuur; d) essentieel veiligheidsmateriaal, zoals bijvoorbeeld bescherming van industriële apparatuur; e) de gezondheid van personen in de omgeving, bijvoorbeeld bij gebruik van pacemakers of gehoorapparaten; f) materiaal dat gebruikt wordt bij het kalibreren of meten; g) de immuniteit van overig aanwezig materiaal. De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat alle apparatuur in de werkruimte compatibel is. Dit kan aanvullende veiligheidsmaatregelen vereisen; h) het tijdstip waarop het lassen of andere activiteiten kunnen plaatsvinden. De afmeting van het omliggende gebied dat in acht genomen moet worden hangt af van de structuur van het gebouw en van de overige activiteiten die er plaatsvinden. Het omliggende gebied kan groter zijn dan de begrenzing van de installatie. Evaluatie van de lasinstallatie Naast een evaluatie van de laszone kan een evaluatie van de booglasinstallaties elementen aanreiken om storingen vast te stellen en op te lossen. Bij het evalueren van de emissies moeten de werkelijke resultaten worden bekeken, zoals die zijn gemeten in de reële situatie, zoals gestipuleerd in Artikel 10 van de CISPR 11. De metingen in de specieke situatie, op een specieke plek, kunnen tevens helpen de eciëntie van de maatregelen te bevestigen. NL50
AANBEVELINGEN BETREFFENDE METHODES OM ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES TE REDUCEREN a. Openbare spanningsnet : het lasmateriaal moet aangesloten worden op het openbare net volgens de aanbevelingen van de fabrikant. Als er storingen plaatsvinden kan het nodig zijn om extra voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals het lteren van het openbare stroomnetwerk. Er kan overwogen worden om de voedingskabel van de lasinstallatie af te schermen in een metalen omhulsel of een equivalent daarvan. Het is wenselijk de elektrische continuïteit van het omhulsel te verzekeren over de hele lengte. De bescherming moet aangekoppeld worden aan de lasstroomvoeding, om er zeker van te zijn dat er een goed elektrisch contact is tussen de geleider en het omhulsel van de lasstroomvoeding. b. Onderhoud van het booglasapparaat : onderhoud regelmatig het booglasmateriaal, en volg daarbij de aanbevelingen van de fabrikant op. Alle toegangen, service ingangen en kleppen moeten gesloten en correct vergrendeld zijn wanneer het booglasmateriaal in werking is. Het booglasmateriaal mag op geen enkele wijze veranderd worden, met uitzondering van veranderingen en instellingen zoals genoemd in de handleiding van de fabrikant. Let u er in het bijzonder op dat het vonkenhiaat van de toorts correct afgesteld is en goed onderhouden wordt, volgens de aanbevelingen van de fabrikant. c. Laskabels : De kabels moeten zo kort mogelijk zijn, en dichtbij elkaar en vlakbij of, indien mogelijk, op de grond gelegd worden d. Aarding : Het is wenselijk om alle metalen objecten in en om de werkomgeving te aarden. Waarschuwing : de metalen objecten verbonden aan het te lassen voorwerp vergroten het risico op elektrische schokken voor de gebruiker, wanneer hij tegelijkertijd deze objecten en de elektrode aanraakt. Het wordt aangeraden de gebruiker van deze voorwerpen te isoleren. e. Aarding van het te lassen voorwerp : wanneer het te lassen voorwerp niet geaard is, vanwege elektrische veiligheid of vanwege de afmetingen en de locatie, zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij scheepsrompen of metalen structuren van gebouwen, kan een verbinding tussen het voorwerp en de aarde, in sommige gevallen maar niet altijd, de emissies verkleinen. Vermijd het aarden van voorwerpen, wanneer daarmee het risico op verwondingen van de gebruikers of op beschadigingen van ander elektrisch materiaal vergroot wordt. Indien nodig, is het wenselijk dat het aarden van het te lassen voorwerp rechtstreeks plaatsvindt, maar in sommige landen waar deze directe aarding niet toegestaan is is het aan te raden te aarden met een daarvoor geschikte condensator, die voldoet aan de reglementen in het betreende land. f. Beveiliging en afscherming : Selectieve afscherming en bescherming van andere kabels en materiaal in de omgeving kan problemen verminderen. De beveiliging van de gehele laszone kan worden overwogen voor speciale toepassingen.
TRANSPORT EN VERVOER VAN DE LASSTROOMVOEDING
De lasstroomvoeding is uitgerust met één of meerdere handvatten waarmee het apparaat met de hand gedragen kan worden. Let op : onderschat het gewicht niet. De handvatten mogen niet gebruikt worden om het apparaat aan omhoog te hijsen. Gebruik de kabels of de toorts niet om het apparaat te verplaatsen. Het apparaat moet in verticale positie verplaatst worden. Til nooit het apparaat boven personen of voorwerpen. Til nooit een gases en het materiaal tegelijk op. De vervoersnormen zijn verschillend.
INSTALLATIE VAN HET APPARAAT
- Plaats de voeding op een ondergrond met een helling van minder dan 10°.
- Zorg voor voldoende ruimte om de machine te ventileren en om toegang te hebben tot het controle board.
- Niet geschikt voor gebruik in een ruimte waar stroomgeleidend metaalstof aanwezig is.
- Plaats het lasapparaat niet in de stromende regen, en stel het niet bloot aan zonlicht.
- Het apparaat heeft een beveiligingsgraad IP21, wat betekent dat : - het beveiligd is tegen toegang in gevaarlijke delen van solide voorwerpen waarvan de diameter >12.5 mm en, - dat het beveiligd is tegen verticaal vallende waterdruppels De fabrikant kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor lichamelijk letsel of schade aan voorwerpen veroorzaakt door niet correct of gevaarlijk gebruik van dit materiaal. NL51
- Het onderhoud kan alleen door gekwaliceerd personeel uitgevoerd worden. Een jaarlijkse onderhoudsbeurt wordt aangeraden.
- Haal de stekker uit het stopcontact om de elektriciteitsvoorziening te onderbreken, en wacht twee minuten alvorens werkzaamheden op het apparaat te verrichten. De spanning en de stroomsterkte binnen het toestel zijn hoog en gevaarlijk.
- De kap regelmatig afnemen en met een blazer stofvrij maken. Maak van deze gelegenheid gebruik om met behulp van geïsoleerd gereedschap ook de elektrische verbindingen te laten controleren door gekwaliceerd personeel.
- Controleer regelmatig de staat van het elektrische snoer. Als dit snoer beschadigd is, moet het door de fabri- kant, zijn reparatie dienst of een gekwaliceerde technicus worden vervangen, om ieder gevaar te vermijden.
- Laat de ventilatieopening vrij zodat de lucht gemakkelijk kan circuleren.
- De voeding is niet geschikt voor het ontdooien van leidingen, het opladen van batterijen/accu’s of het ops- tarten van motoren.
INSTALLEREN - GEBRUIK VAN HET PRODUCT
Alleen ervaren en door de fabrikant gekwaliceerd personeel kan de installatie uitvoeren. Verzeker u ervan dat het lasap- paraat tijdens de installatie niet aan het stroomnetwerk aangesloten is. Seriële en parallelle generator-verbindingen zijn verboden. Het wordt aanbevolen om de bij het apparaat geleverde laskabels te gebruiken om de optimale productinstellingen te verkrijgen.
BESCHRIJVING VAN HET MATERIAAL
Dit lasapparaat is een draagbare, enkelfase, geventileerde Inverter, geschikt voor het lassen met beklede elektrode (MMA) en met boogontsteking elektrode (TIG Lift) in gelijkstroom (DC). In MMA kan met ieder type elektrode gelast worden : rutiel, rvs, gietijzer, basisch. In TIG is het lassen van meeste metalen mogelijk, behalve aluminium en alumi- nium-legeringen. De apparaten zijn beveiligd bij generatorgebruik (110V-240V AC).
STROOMVOORZIENING - OPSTARTEN
- Dit apparaat wordt geleverd met een 230V - 16A aansluiting, type CEE7/7. De GYSMI E200 FV is uitgerust met een « Flexible Voltage » systeem, en moet aangesloten worden op een GEAARDE elektrische installatie tussen 110V en 240V (50 - 60 Hz). De eectieve stroomafname (l1e) wordt aangegeven op het toestel bij optimaal gebruik. Controleer of de stroomvoorziening en de beveiligingen (netzekering en/of hoofdschakelaar) compatibel zijn met de elektrische stroom die nodig is voor gebruik. In sommige landen kan het nodig zijn om de elektrische aansluiting aan te passen om het toestel optimaal te kunnen gebruiken. De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat de elektrische aansluitingen goed toegankelijk zijn.
- Het apparaat wordt in werking gesteld door de knop « » in te drukken.
- Het apparaat schakelt de beveiliging in als de voedingsspanning hoger is dan 265V voor de enkelfase apparaten (dis- play geeft aan) Het apparaat gaat weer normaal functioneren zodra de voedingsspanning tot het normale niveau is gedaald.
AANSLUITEN OP EEN GENERATOR
Deze apparaten zijn geschikt voor gebruik met een generator, op voorwaarde dat de hulpstroom aan de volgende eisen voldoet : - De spanning moet wisselspanning zijn, afgesteld zoals gespeciceerd, en met een topspanning die lager is dan 400 V, - De frequentie moet tussen 50 en 60 Hz liggen. Het is belangrijk om deze omstandigheden te controleren, omdat veel generators hoge spanningspieken produceren die het materiaal kunnen beschadigen. LASSEN MET BEKLEDE ELEKTRODE (MMA)
AANSLUITING EN ADVIEZEN
- Sluit de kabels, elektrode-houder en massa-klem aan op de daarvoor bestemde aansluitingen,
- Respecteer de polariteiten en de las-intensiteit, zoals aangegeven op de elektroden-verpakkingen.
- Verwijder de elektrode uit de elektrode-houder wanneer het materiaal niet wordt gebruikt.
- De apparaten zijn uitgerust met 3 specieke Inverter functies : - De Hot Start functie geeft een extra hoge stroom-intensiteit aan het begin van het lassen. - De Arc Force functie geeft een hoge stroom-intensiteit, die voorkomt dat de elektrode plakt wanneer deze in het smeltbad komt. - De Anti-Sticking functie vereenvoudigt het losmaken van de elektrode wanneer deze vastplakt. NL52
LASPROCEDURES BIJ HET LASSEN MET ELEKTRODES• MMA STANDAARD De Standaard MMA lasmodus is geschikt voor de meeste toepassingen. In deze modus kan gelast worden met alle soor- ten beklede elektrodes, rutiel en basisch en op alle soorten materiaal : staal, rvs, gietijzer.Activeren van de MMA modus en instellen van de intensiteit : MMA
- Kies de positie MMA (2) met behulp van keuze-knop (5).• MMA knippert iedere 5 seconden 1 seconde (display (1)).• Instellen van de gewenste intensiteit met behulp van de knoppen (4). • Het apparaat is klaar om te lassen.Volg, om de Hot Start in te stellen, de volgende stappen :Adviezen : - Lage Hot Start, voor jn plaatwerk- Intensieve Hot Start, voor moeilijk te lassen metalen (vervuilde of verroeste metalen)
Wanneer het apparaat in de Standard MMA modus gebruikt wordt :• Druk kort op de keuze-knop (5).• «HS» (Hot Start) knippert, en er verschijnt een cijfer (display (1)).• Stel het gewenste percentage in met behulp van de knoppen (4).• Het apparaat is klaar om te lassen.• MMA PULSDe MMA Puls las-modus is geschikt voor toepassingen in verticaal opgaande lasposities (PF). Met de puls kan een koud smeltbad behouden worden met een goede materiaaloverdracht. Zonder puls-functie vereist het verticaal opgaand las- sen een « dennenboom » beweging, andersgezegd een moeilijke driehoeksbeweging. Dankzij de MMA Puls is het niet meer nodig deze beweging uit te voeren. Afhankelijk van de dikte van het te lassen voorwerp is één rechte omhoog- gaande beweging voldoende. Als u toch uw smeltbad wilt vergroten is een eenvoudige laterale beweging voldoende.In dit geval kunt u de frequentie van uw pulsstroom op het scherm instellen. Deze procedure biedt een grotere controle tijdens het verticaal lassen.Activeren van de MMA gepulseerde modus en afstellen van de intensiteit : PULSE Wanneer het apparaat in de Standaard MMA modus staat :• Druk 3 seconden lang op keuze-knop (5).• «PLS» (Pulse) knippert en er verschijnt een cijfer(display (1)).• Instellen van de gewenste intensiteit met behulp van de knoppen (4).• Het apparaat is klaar om te lassen. NL53
Volg, om de Hot Start in te stellen, de volgende stappen :Adviezen : - Lage Hot Start, voor jn plaatwerk- Intensieve Hot Start, voor moeilijk te lassen metalen (vervuilde of verroeste metalen)
0 - 100 %Wanneer het apparaat in de MMA Pulse modus staat :• Druk kort op de knop (5) voor het afstellen van HOT START.• «HS» (HOT START) knippert, en vervolgens verschijnt er een cijfer(display (1)).• Afstellen van het gewenste percentage (%) met behulp van de knoppen (4).
- Bevestig de door u gewenste waarde door op keuze-knop (5) te drukken.Volg, voor het instellen van de frequentie, de volgende stappen : FREQUENCY0,4 - 20 Hz Wanneer het apparaat in de MMA Puls modus op de HOTSTART functie staat :• Druk kort op de keuze-knop (5) om de frequentie in te stellen.• «FrE» (FREQUENTIE) wordt getoond, en er verschijnt een cijfer(display (1)).• Stel de gewenste frequentie (Hz) af met behulp van de knoppen (4).• Het apparaat is klaar om te lassen.LASSEN MET WOLFRAAM ELEKTRODE MET INERT GAS (TIG MODUS)AANSLUITEN EN ADVIEZENTIG DC lassen vereist het gebruik van een beschermgas (Argon). Volg, voor het TIG lassen, de volgende stappen op :1. Sluit de aardklem aan op de positieve pool (+).2. Koppel een toorts «met ventiel» aan op de negatieve (-) polariteit. (réf. 044425)3. Sluit de gasleiding aan op de drukregelaar van de gases. Het kan soms nodig zijn om de gasleiding af te sluiten voor de moer, indien deze niet geschikt is voor de drukregelaar. 4. Activeren van de TIG modus en afstellen van de intensiteit (zie paragraaf : TIG LIFT)6. Regel de gastoevoer met de drukregelaar van de gases, en open vervolgens het ventiel van de toorts.7. Om op te starten : raak met de elektrode het te lassen metaal aan.8. Aan het einde van de lasprocedure : maak met de toorts een snelle beweging omhoog, of hef 1 keer de boog (hoog - laag), om zo de automatische downslope in werking te stellen (zie paragraaf : downslope functie). Deze beweging moet worden uitgevoerd op een hoogte van 5 tot 10 mm. Sluit vervolgens het ventiel van de toorts om de gas-aanvoer te stoppen na het afkoelen van de elektrode. NL54
- TIG LIFTActiveren van de TIG Lift modus en instellen van de intensiteit : TIG DOWNSLOPE (A)
Wanneer het apparaat in de MMA Puls modus staat :
- Druk 3 seconden lang op de keuze-knop (5).• «tIG» (TIG) knippert, en er verschijnt een cijfer (display (1)).• Stel de door u gewenste intensiteit in (display (1)) met behulp van de toetsen (4).• Het apparaat is klaar om te lassen. De DOWNSLOPE functie : Deze functie regelt de progressieve afname van de lasstroom aan het eind van de lasprocedure en na het activeren van de downslope, tot het uitdoven van de boog. Deze functie maakt mogelijk om scheuren en krater-vorming aan het einde van het lasproces te voorkomen.Activeren van de downslope (uitdoven van de boog) : Wanneer het apparaat in de TIG LIFT modus staat :
- Druk kort op de keuze-knop (5) om de Downslope-duur in te stellen.• «dSt» (DOWNSLOPE) knippert en er verschijnt een cijfer (display (1)).• Instellen van 0 tot 10 seconden.• Bevestig de door u gewenste waarde door op keuze-knop (5) te drukken.• Het apparaat is klaar om te lassen.Geadviseerde combinaties / elektrode slijpenStroom (A)Elektrode-Ø (mm) = draad Ø (toevoegmetaal)Mondstuk Ø (mm) Stroom (Argon l/mn)0,5-5 10-130 1,6 9,8 6-74-8 130-200 2,4 11 7-8Gebruik, voor een optimaal gebruik, een elektrode die als volgt geslepen is :L = 2,5 x d.
Afwijkingen Oorzaken Oplossingen MMA-TIG Het apparaat geeft geen stroom af en het gele thermisch defect lampje brandt (6). De thermische beveiliging van het apparaat is in werking. Wacht ongeveer 2 minuten tot het lasapparaat afgekoeld is. Het lampje (6) gaat uit. De display staat aan maar het lasapparaat levert geen stroom. De kabel van de aardingsklem of elektrodehouder is niet goed aangesloten aan het apparaat. Controleer de aansluitingen. Het apparaat wordt gevoed, een tinteling is voelbaar als u het plaatwerk aanraakt. De aarde-aansluiting is defect. Controleer het stopcontact en de aarding van uw installatie. Het toestel last niet goed. Verkeerde polariteitsaansluiting Controleer de geadviseerde pola- riteit, zoals aangegeven op de elektrode doos. Tijdens het opstarten toont het display . De voedingsspanning wordt niet gerespecteerd (110V-240 V AC) Controleer uw elektrische installa- tie of uw generator TIG Instabiele lasboog Defect komt vanuit de wolfraame- lektrode Gebruik de goede maat wolfraa- melektrode Gebruik een correct geprepareerde wolfraamelektrode Te hoge gastoevoer Reduceer de gastoevoer De wolfraam elektrode oxideert en bezoedelt aan het einde van het lasproces Laszones Controleer alle gasaansluitingen en draai ze goed aan. Wacht tot de elektrode is afgekoeld voor u de gasstroom afsluit. Probleem met gas of te vroege afsluiting van de gastoevoer Controleer of de massakabel aangesloten is aan de positieve pool (+). Elektrode smelt Verkeerde polariteitsaansluiting Controleer of de massakabel aangesloten is aan de positieve pool (+). NL56
- Alle overige schade als gevolg van vervoer.
- De gebruikelijke slijtage van onderdelen (Bijvoorbeeld : kabels, klemmen, enz.).
- Incidenten als gevolg van verkeerd gebruik (verkeerde elektrische voeding, vallen, ontmanteling).
- Gebreken ten gevolge van de gebruiksomgeving (vervuiling, roest, stof). In geval van storing moet het apparaat teruggestuurd worden naar uw distributeur, samen met:77
- Een gedateerd aankoopbewijs (betaalbewijs, factuur ...). - Een beschrijving van de storing. GARANZIA La garanzia copre qualsiasi difetto di fabbricazione per 2 anni, a partire dalla data d’acquisto (pezzi e mano d’opera). La garanzia non copre:
Notice-Facile