Z 8 Edition - Fiets Puky - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Z 8 Edition Puky in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - Z 8 Edition Puky
Gebruikersvragen over Z 8 Edition Puky
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fiets in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Z 8 Edition - Puky en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Z 8 Edition van het merk Puky.
GEBRUIKSAANWIJZING Z 8 Edition Puky
S.V.P. voor in gebruik name van de kinderfiets zorgvuldig lezen en voor verder gebruik goed opbergen.
Gefeliciteerd met de aanschaf van uw PUKY-kinderfiets. U hebt een kwaliteitsproduct in huis gehaald waarvan u zeker veel plezier gaat beleven. Deze handleiding bevat informatie over de montage, het veilig gebruik en het onderhoud van deze nieuwe fiets. Voor vragen of problemen kunt u uw leverancier raadplegen of online contact met ons opnemen: www.puky.de.
2. Verantwoordelijkheid van de ouders
Bij beoogd gebruik zijn gevaren tijdens het spelen grotendeels uitgesloten. Bedenk echter dat door de natuurlijke behoefte aan beweging en het temperament van kinderen en jongeren onverwachte en gevaarlijke situaties kunnen ontstaan, waarvoor de fabrikant niet verant- woordelijk kan worden gehouden. Instrueer daarom kinderen en jongeren in de correcte omgang met de fiets, begeleid hen daarbij en maak ze attent op de mogelijke gevaren.
3. Aanwijzingen voor de gebruiker
Deze kinderfiets is niet geschikt voor sportief gebruik (zoals sprongen). Met de fiets mag alleen op verharde wegen en straten worden gereden zonder obstakels. De fiets is niet geschikt voor sprongen, trucs en onverharde terreinen.
Bij gebruik door kinderen mag met de fiets niet in de buurt van trappen, hellingen, steile terreinen, zwembaden en andere wateren worden gereden. Trappen in de omgeving moeten zodanig worden beveiligd, dat kinderen ze onmogelijk met de fiets op of af kunnen rijden.
Gebruik de kinderfiets uitsluitend in de juiste gebieden en niet op de openbare weg met verkeer. De fiets voldoet niet aan de verkeersregelgeving en mag daarom niet worden gebruikt in het straatverkeer. De relevante nationale wettelijke voorschriften moeten in acht worden genomen.
* Het toegestane totaalgewicht voor deze fiets is 60 kg (fiets + berijder + bagage).
De toelaatbare belasting van de bagagedrager hangt af van de uitvoering ervan (zie indicatie/stempel op de bagagedrager). We raden aan om de bagagedrager bij kinderfietsen niet te gebruiken als lastdrager om redenen van de rijveiligheid. Er mag uitsluitend gebruik worden gemaakt van de gemonteerde standaard bagagedrager.
Het is noodzakelijk om geschikte kleding en dichte schoenen te dragen. PUKY adviseert het dragen van een fietshelm (zie PUKY-accessoires).
De fiets is niet geschikt voor montage van een kinderzitje. Besteed aandacht aan mogelijke beknelling tijdens het gebruik en het onderhoud.
Kinderfiets
Monteer steunwieltjes - alleen wanneer ze nodig zijn om te leren fietsen - stevig en nauwsluitend (voor behoud van het evenwicht) aan de achterkant. Het gebruik van de steunwieltjes is alleen gedurende een korte leerperiode toegestaan omdat ze bij langer gebruik oncontroleerbare krachten op het frame uitoefenen.
Houd er rekening mee dat de remwerking van de voorrem minder is bij nat weer.
Plotseling hard remmen met de velgrem moet worden vermeden, omdat het rijgedrag van de fiets daardoor plotseling verandert en een val het gevolg kan zijn.
Bij lange afdalingen moet continu remmen met de terugtraprem worden vermeden (sterke opwarming van de remnaaf van de terugtraprem).
De ventieldopjes moeten stevig zijn vastgedraaid en buiten het bereik van kinderen worden gehouden (gevaar voor doorslikken). Latere toevoegingen en wijzigingen aan de fiets (vooral aan de remmen) veranderen de rijeigenschappen en kunnen leiden tot gevaar.
4. Uitpakken en leveringsomvang
Gebruik geen scherpe voorwerpen bij het openen van het pakket en bij het verwijderen van de beschermende materialen. Daardoor kunnen de lak of onderdelen van de fiets per ongeluk worden beschadigd.
Houd het verpakkingsmateriaal buiten het bereik van kinderen.
■ Haal alle onderdelen uit de verpakking.
■ Verwijder het beschermingsmateriaal.
- Controleer of de levering compleet is en er geen onderdelen beschadigd zijn. Als er iets ontbreekt, neem dan contact op met uw leverancier voordat u verdere handelingen verricht.
De levering bestaat uit (afb. A):
- Gemonteerde fiets
- Gemonteerd stuur
- Pedalen en gebruiksaanwijzing in een plastic zakje, bij modellen met 3 versnellingen: extra schakelpen
5. Montage en inbedrijfname
Houd bij het rijklaar maken van de fiets rekening met de lengte van het kind. Stel het zadel zodanig in dat ten minste de tenen, of beter nog de voetzolen in hun geheel de grond bereiken om bij stilstand goed in evenwicht te blijven. Let hierbij vooral op de markering voor de minimale insteekdiepte van de zadelpen in de zadelbuis. Meer daarover hieronder.
Het stuur, de handremhendel en de bel moeten bij de ingestelde zadelpositie gemakkelijk toegankelijk zijn voor het kind.
Let hierbij op de markering voor de minimale insteekdiepte van de stuurpen. Als u het stuur hebt ingesteld, draait u de klemschroeven vast. Controleer de fiets voorafgaand aan het eerste gebruik aan de hand van de volgende veiligheidschecklist.
Houd bij het monteren van de pedalen rekening met de linkse of rechtse schroefdraad (aangegeven door R of L op de draadbus van de pedaalas).
De afbeeldingen bij de montage-instructies staan op de laatste pagina van deze handleiding.
Controleer na de montage de gehele fiets aan de hand van de veiligheidschecklist!
Let er bij de montage op dat sommige delen, zoals de schroefdraden van de pedalen en de klemconus, gesmeerd moeten worden.
Voor de montage heeft u het volgende gereedschap nodig (afb. B):
- Inbussleutel 6mm (ZL-modellen) of moersleutel 13 mm (Z-modellen)
- Inbussleutel 5 mm (alleen bij ZL 18-3- modellen)
- Moersleutel 15 mm
- Kruiskopschroevendraaier
Het gereedschap wordt niet meegeleverd.
De installatie moet zorgvuldig door een volwassene worden uitgevoerd, om later ongelukken of verwondingen te voorkomen. Neem daarvoor ruim de tijd. Op sommige plaatsen moeten schroeven worden aangedraaid met een bepaald aanhaalmoment. Dit aanhaalmoment wordt aangeduid in Nm (bijvoorbeeld 2 Nm). Als een schroef met een te laag aanhaalmoment wordt aangedraaid, kan de verbinding te los zitten en niet veilig zijn. Als het aanhaalmoment te groot is, kunnen schroeven en andere onderdelen worden beschadigd of vernield. Als u ergens niet zeker van bent, neem dan contact op met uw leverancier of een werkplaats.
Verwijder eerst de kunststof beschermkappen op de dopmoeren van de voor- en achteras en aan de voorkant van de cantileverremmen. Verwijder ook de beschermfolie van de crankarmen.
Verwijder het stuurkussen en draai met een paar omwentelingen de daaronder liggende bout van de voorbouw los met behulp van een 6 mm inbussleutel (ZL-modellen) of een 13 mm moersleutel (Z-model). Nu kunt u de kunststof beschermkap verwijderen van de klemconus aan de onderkant van de voor-bouwschacht.
Afbeelding 1: Steek het stuur in de vorkbuis (1). Als dit moeilijk gaat, draait u de stuurschroef nog wat losser. Stel het stuur in op de gewenste hoogte, zorg dat het loodrecht op het voorwiel staat uitgelijnd en zet het vast door de bout van de voorbouw (2) aan te draaien met behulp van een 6 mm inbussleutel (ZL-modellen) of een 13 mm moersleutel (Z-model)(15 Nm).
Let daarbij op de markering voor de minimale insteekdiepte van de voorbouwschacht. Bevestig nu het stuurkussen weer op het stuur.
Afbeelding 2: Neem het losse uiteinde van de remkabel en steek het tonnetje in de hier- voor bestemde uitsparing op de remgreep (1). Trek vervolgens voorzichtig aan de buitenmantel van de remkabel om de eindaanslag op de instelschroef van de remgreep te laten aansluiten (2).
Let bij de montage van de remkabel erop dat de kartelschroef van de remkabel recht in de tegenhouder van de koplamp zit. Anders kan de rem niet correct worden gemonteerd.
Afbeelding 3: Druk bij het voorwiel de rechts in de rijrichting liggende cantileverrem in de richting van de velg (1). Nu kunt u het tonnetje van de remkabel in de corresponderende uit-sparing van de rem plaatsen (2). Als dit niet mogelijk is, dan kunt u de spanning van de remkabel op de kabelklemschroef van de, in de rijrichting, linker remarm (zie afb. 4/positie 2) verminderen en de kabelklemschroef vervolgens weer vast draaien.
Afbeelding 4: Zorg ervoor dat beide remblokken parallel staan en correct zijn uitgelijnd op de velg. Ze moeten op een afstand van ca. 1 mm onder de bovenkant van de velg staan.
Als de instelling niet correct is, draait u met een 5 mm inbussleutel de bevestigingsmoer van het remblok (1) los en stelt u het geheel in zoals hierboven beschreven. Trek aan de remhendel en draai de bevestigingsmoer weer vast (5-8 Nm).
Afbeelding 5: Stel nu de remarmen met behulp van de instelschroef zodanig in dat de afstanden tussen de remblokjes en de velg links en rechts identiek zijn. Hiervoor is een kruiskopschroevendraaier nodig. Door de schroef in te draaien, beweegt u de betreffende remarm van de velg af, door de schroef uit te draaien naar de velg toe.
Het is belangrijk de remhendels daarbij meer- dere keren aan te trekken zodat de spanning van de remarmen gelijkmatig aan weerszijden wordt verdeeld en de instelling effectief is. Het contact tussen remblok en velg moet gelijktij- dig aan beide zijden plaatsvinden.
Nog eenmaal afbeelding 4:
De spanning van de remkabel wordt zodanig met de borgmoer (2) ingesteld, dat de remblokjes elk op een afstand van ca. 1,5 mm van de velg staan. Als er een aanpassing nodig is, moet het uitstekende draaduiteinde daarna weer op de rem worden vastgeklemd.
Afbeelding 6: Bij een lichte slijtage van de remblokken kunt u de kartelschroef boven de voorste reflector naar buiten draaien om de remblokken aan beide zijden gelijkmatig dichter bij de velg te positioneren. Stel de rem zodanig in, dat de afstand tussen remblokken en velg ongeveer 1,5 mm bedraagt.
Controleer voor elke rit of de rem correct werkt. Als bijstelling van de rem tijdens het gebruik van het product nodig is, volg dan de bovengenoemde stappen.
Afbeelding 7: Zorg ervoor, dat het pedaal met de rechtse schroefdraad in de rijrichting rechts en het pedaal met de linkse schroefdraad in de rijrichting links is gemonteerd. De pedalen zijn aan de voorkant van de schroefas gemarkeerd met een "R" of "L".
Schroef de pedalen met behulp van een 15 mm inbussleutel stevig op de crankarmen vast (20 Nm) - draai de inbussleutel hiervoor aan beide zijden in de richting van het voorwiel.
Instellen van de zitpositie
Afbeelding 8: Instelling van de zithoogte: na het losdraaien van de zadelklem met een inbussleutel van 5 mm kan het zadel worden uitgetrokken. Stel de zithoogte zodanig in dat ten minste de tenen, of beter nog de voetzolen in hun geheel de grond bereiken om bij stilstand goed in evenwicht te blijven.
Let daarbij op de volgende uitgangspunten:
Minimumhoogte van het zadel als volgt:
Z2 / ZL 12: 45cm
Z6 / ZL 16: 49cm
Z8 / ZL18: 53cm
Maximale hoogte van het zadel:
De minimale insteekdiepte van de zadelpen is 65 mm. Op de zadelpen bevindt zich een overeenkomstige markering (zie afbeelding 8).
Draai daarna de zadelklem weer vast (aanhaalmoment 5-8 Nm).
Instellen van de stuurhoogte: stel de zitpositie zodanig in dat het kind rechtop zit en zo een goed overzicht is gewaarborgd. Het stuur, de handremhendel en de bel moeten gemakkelijk bereikbaar zijn voor het kind.
Aanhaalmoment voor het klemmen van de voorbouw in de vorkbuis: 15 Nm.
Aanhaalmoment voor het klemmen van het stuur in de voorbouw: 12 Nm.
Instelling van de kettingspanning
De ketting moet een verticale speling hebben van ongeveer 1,5 cm. De kettingspanning wordt als volgt ingesteld:
Afbeelding 9: Draai de twee wielmoeren van het achterwiel los
Afbeelding 10: De kettingspanning kan alleen worden ingesteld door het achterwiel in de uitloop te verschuiven.
Daarna draait u de wielmoeren weer vast (aanhaalmoment 15 Nm)
Instellen van de naafversnelling (alleen modellen met 3 versnellingen)
Montage schakelpen
Afbeelding 11: Haal de schakelpen uit het plastic zakje en steek deze tot aan de aanslag met de zwarte veer eerst in de rechterzijde (in rijrichting) van de achteras.
Afbeelding 12: Vervolgens kunt u de schakelkast op de achteras plaatsen en deze met een 5 mm inbussleutel vastdraaien (3-5 Nm). De schakelkast behoeft geen verdere instellingen.
Als in de loop van het gebruik van het product een verdere aanpassing nodig is, gaat u als volgt te werk:

(A)kabelstel-
schroef
(B) schuifstang
(C) uiteinde van de naafas
(D) rode lijn op de schuifstang
(E) gele lijnen
(F) gele deel van
de koppeling
Aanhaalmoment: 1,5 - 2,5 Nm
SET
Schakel de REVOSHIFT-hendel op 2. Draai vervolgens de kabelstelschroef (A), om de rode lijn (D) op de schuifstang aan het uiteinde (C) van de naafas uit te lijnen.
OPMERKING
Controleer tijdens het instellen de twee gele lijnen van bovenaf door het kijkglas. Draai de crankarm en schakel de REVOSHIFT-hendel daarbij van 3 naar 1 en dan weer terug naar 3 Herhaal deze handeling twee of drie keer en controleer of de versnellingen worden gewisseld. Schakel de REVOSHIFT-hendel weer van 1 naar 2 en controleer of de rode lijn op de schuifstang aan het uiteinde van de naafas is uitgelijnd. Als dit niet het geval is, moet u de instelling opnieuw uitvoeren.
Na het instellen van de schakeleenheid IV borgt u de kabelstelschroef met de kabelstelmoer (G).



text_image
(G) (G)(G)kabelstel- moer
Veiligheidschecklist
Zadel
vastgezet (5-8 Nm) ^*

markering van de minimale insteekdiepte in acht genomen □
voetzolen bereiken de grond □
Stuur
minimale insteekdiepte in acht genomen

stuurpenbuis vastgezet (15 Nm) * □
stuur vastgezet
gemakkelijk bereikbaar, rechte zitpositie □
remhendel vastgezet (2 Nm), gemakkelijk toegankelijk

werking correct □
remblokken schoon, vetvrij, goed ingesteld

Terugtraprem
werking getest

Ketting
kettingspanning in orde
(speling ca. 1,5 cm)

voldoende smering □
kettingbeschermer compleet □
Banden
voldoende profiel

voldoende bandenspanning (aan te houden luchtdruk staat op de banden)
Velgen
slagvrij

spaken gelijkmatig gespannen
asmoeren aangedraaid (VR 12 Nm, HR 15 Nm) * □
Pedalen
draaien gemakkelijk rond

zitten goed vast, zonder overmatige speling

Bel
klinkt helder, goed bereikbaar

Visuele controle
Controleer of de componenten zonder gebreken zijn en of alle bevestigde delen, zoals spatborden en bagagedrager, goed vast zitten.

(* Aanhaalmomenten van de schroeven in Newton-meter)
6. Onderhoud en verzorging
Als de hendel van de handrem met meer dan de helft van zijn slag naar het stuur kan worden getrokken zonder remwerking, dan moet de rem worden bijgesteld.
De remvlakken moeten schoon zijn en vetvrij, de remblokjes moeten parallel aan elkaar staan.
Versleten remblokken moeten onmiddellijk worden vervangen! Let bij het vervangen erop dat u de originele remblokjes gebruikt, of dat ze in elk geval bij het materiaal van de velg passen (zoals met de indicatie: "Alloy/Alu" bij aluminium velgen).
Pas op voor slijtage van de velg
Controleer regelmatig de toestand van het wiel en besteed bijzondere aandacht aan de rondom lopende groef die fungeert als slijtage-indicator. Neem tijdig contact op (als de groef nog maar een beetje te zien is) met uw fietsen-maker. Gevaar voor breuken en ongevallen!
Let er vooral op dat het stuur en het zadel goed vastzitten en niet kunnen verdraaien!
Controleer de kettingspanning en stel deze bij als het nodig is (achterwiel losdraaien, uitlijnen en weer vastzetten).
Controleer of de banden goed zijn opgepompt (de vereiste luchtdruk staat op de zijkanten van de banden). Beschadigde of vervormde onderdelen niet terugbuigen, deze moeten beslist worden vervangen. Originele onderdelen zijn verkrijgbaar bij uw PUKY-dealer.
Slijtdelen: banden (incl. binnenbanden), vel-gen, remkabels, remblokjes, ketting, tandwie- len, handvatten.
Voor alle onderhoudswerkzaamheden is vakbekwaamheid vereist, dus betrek uw fietsenmaker hierbij. Kinderhanden hebben hierbij niets van doen, maar de ogen van leergierige kinderen des te meer.
Reiniging en corrosiebescherming
Alle gelakte en metalen oppervlakken kunnen met gewoon in de handel verkrijgbare auto-onderhoudsmiddelen worden gereinigd en beschermd. Gebruik alleen milieuvriendelijke en beslist geen agressieve reinigingsmiddelen. Smeer de ketting regelmatig met olie (ketting-of universele olie), indien nodig reinigen.
De zijkanten van de velgen (remvlakken) moeten vetvrij zijn!
De fiets moet worden beschermd tegen strooizout, langdurige opslag in vochtige ruimten (bijvoorbeeld garage) moet worden vermeden. Als de fiets toch in een vochtige omgeving wordt opgeslagen, doet u er goed aan om de ongelakte metalen onderdelen (schroeven, moeren etc.) te beschermen met een geschikt afdichtingsmiddel (zoals sproeiwas).
De instelling en smering van naven en kogel-lagers moeten van tijd tot tijd worden gecontro-leerd door een vakman. De fiets moet worden beschermd tegen strooizout, langdurige opslag in vochtige ruimten (bijvoorbeeld garage) moet worden vermeden.
Gebruik geen hogedrukreiniger/stoomreiniger voor het reinigen van de fiets.
7. Aansprakelijkheid voor gebreken
De wettelijke aansprakelijkheid voor materiaalgebreken is van toepassing. Schade als gevolg van onjuist gebruik, geweld, onvoldoende onderhoud en normale slijtage valt niet onder de garantie.
Een goede rit toegewenst!
1. Introduction
Typeplaatje aan de ommezijde a.u.b. invullen! De voertuig is voorzien van een PUKY kenplaat – zie ook de volgende afbeedingen- en is bestemd voor het bestellen van reserve-onderdelen door uw dealer.
SimpelGids