Gaia - Weerstation TFA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Gaia TFA in PDF-formaat.

📄 32 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice TFA Gaia - page 22
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : TFA

Model : Gaia

Categorie : Weerstation

Download de handleiding voor uw Weerstation in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Gaia - TFA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Gaia van het merk TFA.

GEBRUIKSAANWIJZING Gaia TFA

16. Relatieve vochtigheid buitenlucht in % RH

17. Hi/Lo alarm: Grenswaarde voor over- of onderschrijden buiten-

18. Aanduiding buitentemperatuur in °C/°F

19. Buitentemperatuur

20. Alarmsymbool voor buitenwaarden

21. Symbolen weersvoorspelling

22. Aanduiding weertendens

23. Alarm bij te hoge luchtdrukwaarde

24. Keuze van absolute of relatieve luchtdruk

25. Alarm bij te lage luchtdrukwaarde

26. Luchtdrukverloop gedurende de laatste 24 uren

29. Alarmsymbool voor luchtdruk

Toetsenbediening B1: ”SET“ Toets B2: “ALM“ Toets B3: “MIN/MAX“ Toets B4: “+“ Toets B5: “SNOOZE/LIGHT“ Toets Behuizing C1: Wandophanging C2: Batterijvak C3: Standaard (uitklapbaar) 2.2. Zender Fig. 2 D1: Weergave buitentemperatuur en luchtvochtigheid D2: Houder voor wandophanging D3: Batterijvak

3. Inbedrijfstelling

3.1 Plaats de batterijen

  • Verwijder de houder en open het batterijvak van de zender (vastgeschroefd) en ontvanger en leg de toestellen op een afstand van ca. 1,5 meter van elkaar op een tafel. Vermijd de nabijheid tot eventuele stoorbronnen (elektronische toestellen en radioge- stuurde installaties).
  • Plaats de 2 x AAA 1,5 V batterijen in het batterijvak van de zender en direct daarna 3 x AA 1,5 V batterijen in het basisstation. Let bij het inzetten van de batterijen op de juiste polariteit.

3.2 Ontvangst buitenwaarden en radiografische tijd

  • Bij het inzetten van de batterijen in het basisstation hoort u een kort signaal en verschijnen gedurende 3 sec. alle LCD-scherm- segmenten. Het station schakelt nu naar leermodus om de sensor te leren. GAIA – Radiografisch weerstation

Uw nieuw radiografisch weerstation bestaat uit een basisstation met binnensensoren voor de kamertemperatuur, luchtvochtigheid en luchtdruk en met een buitensensor voor het meten van de buitentem- peratuur en luchtvochtigheid. Zo beschikt u over informatie omtrent het klimaat en weer rond uw huis. Dit is interessant en maakt nieuwsgierig naar meer. Lees de gebruiksaanwijzing niet alleen zorgvuldig maar bewaar ze ook.

  • Buitentemperatuur en luchtvochtigheid via draadloze buiten- zender (433 MHz), bijzonder groot zendbereik tot 100 m (vrij veld)
  • Binnentemperatuur en luchtvochtigheid
  • Weersverwachting met symbolen en luchtdruktendens
  • Absolute en relatieve luchtdruk
  • Programmeerbare alarmtoestanden voor veel parameters, bijv. temperatuuralarm, stormwaarschuwing, enz.
  • Minimale en maximale waarden met bijbehorende tijd en datum van opslag
  • Radiografische tijd met alarm, sluimerfunctie en datumweergave

1. DST (Daylight Saving Time – zomertijd)

6 Weekdag / tijdzone

9. Hi/Lo alarm: Grenswaarde voor over- of onderschrijden binnen-

10. Binnentemperatuur

11. Aanduiding binnentemperatuur in °C/°F

12. Alarmsymbool voor binnenwaarden

13. Signaal buitenzender

14. MIN/MAX informatie

15. Dauwpunttemperatuur

  • Het toestel beschikt over 5 schermsegmenten: Tijd en datum, binnenbereik, buitenbereik, weersvoorspelling en luchtdruk- tendens.
  • Is de normaalmodus actief, houd dan de “SET“ toets 3 seconden ingedrukt om de normale instelmodus op te roepen.
  • Gebruik de “+“ of “MIN/MAX“ toets om de waarden te veran- deren. Houd in de instelmodus de toetsen ingedrukt om de ver- snelde weergavemodus te activeren.
  • Het toestel verlaat automatisch de instelmodus als u langer dan 10 seconden geen toets indrukt of druk daarvoor op de “SNOOZE/ LIGHT“ toets.
  • Druk de “SET“ toets om de volgende instellingen te kiezen:

1. Tijdzone +-12 uur: De instelling van de tijdzone is vereist als

het DCF-signaal kan worden ontvangen, maar de tijdzone van de DCF-tijd afwijkt (bijv. +1 = één uur later).

2. 12/24 uren tijdformaat

3. Handmatige tijdinstelling (uren/minuten)

Kalenderinstelling (jaar/maand/datum, weekdag wordt berekend)

5. Temperatuuraanduiding in °C of °F

6. Luchtdrukaanduiding in hPa of inHg

7. Instelling relatieve luchtdruk van 919 hPa – 1080 hPa (stan-

daard 1013,2 hPa). De relatieve luchtdruk geldt voor zeeniveau en moet voor de specifieke hoogte van uw woonplaats worden ingesteld. Informeer u over de actuele luchtdruk in uw om- geving (meteorologisch instituut, internet, opticien, geijkte weerstations aan openbare gebouwen, luchthaven).

8. Drempelwaarde voor luchtdruk (standaard 2 hPa)

9. Drempelwaarde voor stormwaarschuwing (standaard 4 hPa)

Opmerking: Stel de gewenste meeteenheden in voordat u met de metingen begint. Verandert u van meeteenheid, rekent het interne berekeningsalgoritme de opgeslagen waarden terugwerkend in de nieuwe eenheid om, wat omrekeningsverschillen kan opleveren.

4.2 Snelweergavemodus

  • In de snelweergavemodus kunt u individuele weergegevens oproe- pen en zich snel informeren. Is de normaalmodus actief, druk dan op de “SET” toets om het gewenste weergavescherm op te roepen en op “+” of “MIN/MAX” om de gewenste waarde te kiezen.

1. Buitentemperatuur / dauwpunt

2. Absolute luchtdruk / relatieve luchtdruk

  • Is de normaalmodus actief, druk dan op de “MIN/MAX” toets om de maximummodus op te roepen.
  • Met de “+” toets kunt u van de volgende parameters de hoogste waarden met datum en tijd van registratie op het scherm oproepen. GAIA – Radiografisch weerstation
  • De zender stuurt eerst de temperatuur en luchtvochtigheid, daarna wordt de ontvangst van de radiografische tijd (DCF) geactiveerd. Terwijl de radiografische tijd wordt ontvangen (max 10 minuten) worden geen buitenwaarden gezonden.
  • Belangrijk: Tijdens de eerste 10 minuten, wanneer het station zich in leermodus bevindt, mag u geen toetsen indrukken. U kunt de buitenzender buitenshuis aanbrengen zodra de buitenwaarden en de radiografische tijd op het scherm verschijnen. Ontvangt u de radiografische tijd niet, kunt u de tijd ook handmatig instellen. Ver- schijnen de buitenwaarden niet of hebt u een toets ingedrukt voor- dat de buitenwaarden ontvangen werden, moet u de ingebruik- nameprocedure nog eens overdoen. Dit is ook het geval wanneer u de batterijen vervangt. Wacht 10 s vooraleer de batterijen weer in te zetten. Radiografisch tijdsignaal DCF:
  • Het tijdsignaal komt van de cesium atoomklok van het Duits Fede- raal Fysiotechnisch Bureau in Braunschweig. De afwijking is kleiner dan 1 seconde in een miljoen jaren. De tijd wordt vanuit Mainflin- gen bij Frankfort aan de Main met een DCF-77 (77,5 kHz) frequen- tiesignaal gecodeerd uitgezonden en heeft een zendbereik van ongeveer 1500 km. Uw radiografisch weerstation ontvangt dit sig- naal, zet het om en geeft de tijd precies weer. Ook het overschake- len van zomer- en wintertijd gaat automatisch. De ontvangst hangt hoofdzakelijk af van de geografische ligging. Normaliter zouden er binnen een straal van 1500 km rondom Frankfort geen ontvangst- problemen mogen opduiken Let op het volgende:
  • Het is raadzaam ten minste 1,5-2 meter afstand tot mogelijke storingsbronnen zoals computerschermen of televisietoestellen te houden.
  • In ruimten met gewapend beton (kelders, torenflats) is het ont- vangen signaal van nature zwakker. In extreme gevallen is het raadzaam het toestel dichter bij het raam te zetten en/of te draaien om het radiosignaal beter te ontvangen.
  • 's Nachts zijn atmosferische storingen meestal zwakker en is ont- vangst in de meeste gevallen wel mogelijk. Een enkele ontvangst per dag is voldoende om de nauwkeurigheid te waarborgen en afwijkingen onder 1 seconde te houden.
  • Slaagt de ontvangst niet, verdwijnt het ontvangstsymbool van het scherm, maar het toestel poogt nog verder de ontvangst op te bouwen. Is de ontvangst mogelijk, wordt de handmatig inge- stelde tijd overschreven.

De tendenspijlen knipperen wanneer het weer verandert. De ten- denspijlen blijven onveranderd op het scherm staan wanneer de weersomstandigheden gedurende 3 uren stabiel gebleven zijn. Opmerking bij de gevoeligheidswaarden van de weersymbolen:

  • U kunt de drempelwaarde voor het aanduiden van een weers- verandering zelf bepalen door een luchtdrukverandering tussen

2 - 4 hPa in te stellen (standaard 3 hPa). Kiest u bijvoorbeeld

4 hPa, wordt een weersverandering pas zichtbaar na een lucht- drukdaling of -stijging met meer of minder dan 4 hPa. In gebie- den met veelvuldige luchtdrukveranderingen dient de drempel- waarde hoger te worden ingesteld dan in gebieden met stabiele luchtdruksituatie.

4.4.2 Stormwaarschuwing

U kunt de drempelwaarde voor een stormwaar- schuwing zelf tussen 5 - 9 hPa instellen. De stormmelder wordt actief zodra de luchtdruk binnen de 3 uren onder de ingestelde drempel- waarde valt (standaardwaarde 6 hPa): het regensymbool en de tendenspijlen knipperen gedurende drie uur.

  • U kunt het weerstation zo instellen, dat een alarm afgaat wan- neer bepaalde weersomstandigheden optreden. Hiervoor kunt u voor veel parameters een bovenste en onderste grenswaarde invoeren die niet over- of onderschreden mag worden.
  • Is de normaalmodus actief, druk dan op de “ALM“ toets om de invoermodus voor de bovenste grenswaarde op te roepen.
  • Druk nu op de “SET“ toets om de volgende parameters te kiezen. De bovenste grenswaarde voert u met de “+“ of “MIN/MAX“ toets in. Houd in de instelmodus de toetsen ingedrukt om de ver- snelde weergavemodus te activeren.
  • Het bijhorend alarm activeert en deactiveert u met de „ALM“ toets. Naast de overeenkomstige waarde op het scherm ver- schijnen of verdwijnen “HI AL“ en een alarmsymbool.

1. Wekalarm (uren/minuten, zelfde instelling voor onderste en

bovenste grenswaarde)

2. Vochtigheid binnenlucht

3. Binnentemperatuur

4. Vochtigheid buitenlucht

5. Buitentemperatuur

  • Is de normaalmodus actief, druk dan twee keer op de “ALM“ toets om de invoermodus voor de onderste grenswaarde op te roepen.
  • Druk nu op de “SET“ toets om de volgende parameters te kiezen. De onderste grenswaarde voert u met de “+“ of “MIN/MAX“ toets in. Houd in de instelmodus de toetsen ingedrukt om de versnelde weergavemodus te activeren. Het bijhorend alarm activeert en GAIA – Radiografisch weerstation
  • Drukt u op de “SET” toets terwijl de maximumwaarde verschijnt, wordt de maximumwaarde door de actuele waarde vervangen.
  • Vochtigheid binnenlucht
  • Vochtigheid buitenlucht
  • Is de normaalmodus actief, druk dan twee keer op de “MIN/MAX” toets om de minimummodus op te roepen.
  • Met de “+” toets kunt u van de volgende parameters de laagste waarden met datum en tijd van registratie op het scherm oproe- pen. Drukt u op de “SET” toets terwijl de minimumwaarde verschijnt, wordt de minimumwaarde door de actuele waarde vervangen:
  • Vochtigheid binnenlucht
  • Vochtigheid buitenlucht

4.4 Weersvoorspelling

  • Het radiografisch weerstation gebruikt 4 verschillende weersym- bolen (zonnig, halfbewolkt, bewolkt, regen).
  • De weersymbolen tonen een weersverbetering of -verslechtering uitgaande van de heersende weersomstandigheden, wat nochtans niet met het weer van het weersymbool hoeft overeen te stemmen.

4.4.1 Aanduiding weertendens

  • De weertendenspijlen bevinden zich tussen de weersymbolen en geven aan of de luchtdruk momenteel stijgt of daalt. Een pijl naar rechts betekent, dat de luchtdruk stijgt en beter weer te verwach- ten is. Een pijl naar links betekent, dat de luchtdruk daalt en slechter weer te verwachten is.

5. Opstellen van het basisstation en bevestigen van de

  • U kunt het basisstation ofwel met de uitklapbare standaard ach- teraan opstellen ofwel met het ophangoog aan de muur bevesti- gen. Vermijd de nabijheid van andere elektrische toestellen (tele- visie, computer, draadloze telefoons) en massieve metalen voorwerpen.
  • Zoek een schaduwrijke tegen regen beschermde plaats uit voor de zender. (Directe zonbestraling vervalst de meetwaarden en conti- nue vochtigheid belast de elektronische componenten onnodig).
  • Controleer of een overdracht van de meetwaarden van de zender op de gewenste opstellingsplaats naar het basisstation plaats- vindt (reikwijdte open veld ca. 100 meter, bij massieve wanden, in het bijzonder met metalen delen kan de reikwijdte van de zender aanzienlijk gereduceerd worden).
  • Zoek eventueel een nieuwe opstellingsplaats voor zender en/of ontvanger.
  • Is de transmissie geslaagd, kunt u de houder met 3 schroeven aan de muur bevestigen en de zender inzetten. (D2)
  • Vervangt u de batterijen in de zender, moet u ook de batterijen in het basisstation opnieuw inzetten om de sensor opnieuw te laten leren.
  • Gebruik alkalibatterijen. Let bij het inzetten van de batterijen op de juiste poolrichting. Vervang zwakke batterijen zo snel moge- lijk en vermijd zo dat ze eventueel gaan lekken. Batterijen be- vatten zuren die de gezondheid schaden. Draag beklede hand- schoenen en een beschermbril wanneer u met uitgelopen batterijen hanteert! Opgelet: Batterijen en technische apparaten mogen niet met het huisvuil worden weggegooid. Breng ze naar uw handelaar of naar de daarvoor ingerichte inzamelplaatsen voor een milieuvriende- lijke verwijdering volgens de nationale of lokale voorschriften.

7. Technische gegevens

Zendbereik vrij veld: 100 meter max. Frequentie: 433 MHz Meetinterval sensor: 48 s Tijdsduur alarm: 120 s Temperatuur Meeteenheid: °C/°F Meetbereik buiten: -40…+65°C / -40…+149°F (aanduiding OFL buiten het meetbereik) Meetbereik binnen: 0…+60°C / 32…+140°F (aanduiding OFL buiten het meetbereik) GAIA – Radiografisch weerstation

deactiveert u met de “ALM“ toets. Naast de overeenkomstige waarde op het scherm verschijnen of verdwijnen “LO AL“ en een alarmsymbool.

1. Wekalarm (uren/minuten, zelfde instelling voor onderste en

bovenste grenswaarde)

2. Vochtigheid binnenlucht

3. Binnentemperatuur

4. Vochtigheid buitenlucht

5. Buitentemperatuur

  • Opmerking: Drukt u voor de eerste keer op de “ALM“ toets, ver- schijnt “---“ in alle schermvelden. Later verschijnen de ingevoerde grenswaarden voor zover ze geactiveerd zijn.
  • Wordt de ingestelde alarmwaarde onder- of overschreden, hoort u gedurende 120 s een alarmsignaal. De overeenkomstige waarde “HI AL” of “LO AL” en het alarmsymbool knipperen zolang tot de weersomstandigheden weer binnen de ingestelde grenswaarde liggen. U kunt het alarmsignaal met een willekeurige toets uit- schakelen.
  • Voorbeeld: De ingestelde grenswaarde voor de dauwpunt werd overschre- den:
  • De uurweergave begint te knipperen en u kunt nu met de “+“ of “MIN/MAX” toets de uren instellen. Met de “SET” toets schakelt u naar de minuteninstelling. De alarmfunctie activeert en deacti- veert u met de “ALM“ toets (luidsprekersymbool verschijnt op het scherm). Bevestig met de “SET“ toets.
  • Het weksignaal dat u hoort kunt u met om het even welke toets uitschakelen.
  • Met de “SNOOZE/LIGHT” toets bovenop het toestel activeert u de sluimerfunctie. De alarmtoon wordt dan 10 minuten onder- broken.

Luchtvochtigheid Meeteenheid: %RV Meetbereik buiten: 20% tot 95% RV Meetbereik binnen: 1% tot 99% RV Resolutie: 1% Precisie: ±5% @ 0...45°C Luchtdruk Meeteenheid: hPa / inHg Meetbereik: 919 hPa – 1080 hPa Resolutie: 0,1 hPa Precisie: ±1,5 hPa Batterijen (niet bijgeleverd) Basisstation: 3 x AA 1.5V LR6 Alkaline Zender: 2 x AAA 1.5V LR6 Alkaline

  • Houd uw radiografisch weerstation op een droge plaats.
  • Vermijd extreme temperaturen, trillingen en schokken.
  • Reinig het toestel met een zachte, licht vochtige doek. Vermijd schuur- of oplosmiddelen!
  • Houd het toestel op een afstand van andere elektronische appa- raten en grote metaaldelen.
  • Functioneert het station niet correct, herneem dan de ingebruik- stelling vanaf het begin. Vervang de batterijen.

9. Uitsluiting van aansprakelijkheid

  • Het toestel is geen speelgoed. Houd het buiten de reikwijdte van kinderen.
  • Het toestel is niet geschikt voor medische doeleinden of voor openbare informatie, maar is bestemd voor particulier gebruik.
  • De technische gegevens van dit apparaat kunnen zonder vooraf- gaande informatie worden gewijzigd.
  • Deze handleiding of gedeelten eruit mogen alleen met toe- stemming van TFA Dostmann worden gepubliceerd.
  • Ondeskundige behandeling of niet geautoriseerd openen van het toestel heeft het verlies van de garantie tot gevolg. Hiermee verklaren wij, dat deze radiografische installatie voldoet aan de belangrijkste eisen van de R&TTE richtlijn 1999/5/EG. TFA Dostmann GmbH & Co. KG, D-97877 Wertheim www.tfa-dostmann.de TFA_No_35.1083_Anleitung 08.09.2008 12:15 Uhr Seite 26 (Schwarz/Process Black Auszug)GAIA – Estación meteorológica radiocontrolada