GA101 - Garagepoort BERNER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GA101 BERNER in PDF-formaat.

📄 68 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice BERNER GA101 - page 12
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL
SKIP

Veelgestelde vragen - GA101 BERNER

Gebruikersvragen over GA101 BERNER

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Garagepoort in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GA101 - BERNER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GA101 van het merk BERNER.

GEBRUIKSAANWIJZING GA101 BERNER

Handleiding voor montage, bediening en onderhoud

Garagedeuraandrijving

Deutsch. 3
English 6
Francais 9
Nederlands 12

BERNER GA101 - 1

BERNER GA101 - 2

INHALTSVERZEICHNIS

SEITE

1.1.2 Checking the door / door system

A Meegeleverde artikelen 2

B Benodigde werktuigen voor de montage 2

1 BELANGRIJKE AANWIJZINGEN 13

1.1 Belangrijke veiligheidsinformatie 13
1.1.1 Garantie
1.1.2 Controle van de deur / deurinstallatie 13
1.2 Belangrijke aanwijzingen voor een veilige montage 13
1.2.1 Voor de montage 13
1.3 Waarschuwingen 14
1.4 Onderhoudsrichtlijnen 14
1.5 Opmerkingen bij de illustraties 14

BERNER GA101 - Checking the door / door system - 1

Illustrations

15-29

2 DEFINITIES 57
3 VOORBEREIDING VAN DE MONTAGE 57
3.1 Benodigde ruimte voor de montage van de aandrijving 57
3.1.1 Voor de montage van de rail 57
3.1.2 Bedieningstype bij de geleidingsrail 57
3.1.3 Handbediening 58
3.1.4 Automatische bediening 58
3.2 Montage van de garagedeuraandrijving 58
3.2.1 Middenvergrendeling aan de sectionaaldeur 58
3.2.2 Excentrisch versterkingsprofiel aan de sectionaaldeur 58
3.2.3 Spanning van de tandriem 58
3.2.4 Vastleggen van de eindposities bij de montage van de eindaanslagen 58
3.3 Elektrische aansluiting 59
3.3.1 Aansluiting van extra componenten 59
3.3.2 Aansluiting van exter impulsschakelaars voor het activeren of stoppen van de deurbeweging 59
3.3.3 Aansluiting van een extra externe radio-ontvanger 59
3.3.4 Aansluiting van een 2-draads-fotocel 59
3.3.5 Aansluiting van een loopdeurcontact 59
3.3.6 Aansluiting van een optierelais PR 1 59
3.3.7 Noodaccu 59

4 INBEDRIJFSTELLING VAN DE AANDRIJVING 59

4.1 Voorbereiding 59
4.2 Wissen van de deurgegevens 59
4.3 Aanleren 60
4.4 Instellen van de krachten 60
4.5 Radio-ontvanger 60
4.5.1 Geintegreerde radiomodule 60
4.5.2 Aansluiting van een externe radio-ontvanger 60
4.5.3 Wissen van de gegevens van de interne radiomodule 61
4.6 Instellen van de DIL-schakelaars 61
4.6.1 Automatische sluiting 61
4.6.2 Eindpositiemelding "deur dicht" DIL-schakelaar A OFF / DIL -schakelaar B ON 61
4.6.3 Waarschuwingstijd DIL-schakelaar A ON / DIL -schakelaar B OFF 61
4.6.4 Externe verlichting DIL-schakelaar A OFF / DIL -schakelaar B OFF 61
4.6.5 Deurtype DIL-schakelaar C 61
4.6.6 Fotocel DIL-schakelaar D 61

4.6.7 Stop-/ruststroomkring met test DIL-schakelaar E 61
4.6.8 Deur-onderhoudsdisplay DIL-schakelaar F 61

5 BEDIENING VAN DE GARAGEDEUR-AANDRIJVING 62

5.1 Normale bediening 62
5.2 Stroomuitvaloverbrugging metoodaccu 62
5.3 Gebruik na bediening van de mechanische ontgrendeling 62

6 VERVANGING VAN DE LAMP 62
7 MELDINGEN VAN DE AANDRIJVINGS-VERLICHTING BIJ NETSPANNING AAN 62
8 FOUTMELDINGEN 63
9 DEMONTAGE 63
10 OPTIOELE TOEBEHOREN, NIET IN DE LEVERING INBEGREPEN 63
11 GARANTIEBEPALINGEN 63
12 TECHNISCHE GEGEVENS 64

Geachte klant,

Wij verheugen ons dat u heeft gekozen voor een kwaliteit's product van ons huis. Bewaar deze handleiding zorgvuldig!

Lees deze handleiding aandachtig. Zij bevat belangrijke informatie over de montage, de bediening en het correcte onderhoud van de garagedeuraandrijving zodate u vele jaren plezier zult hebben van dit product.

Let op alle verilgheids- en waarschuwingsrichtlijnen die special met OPGELET of Opmerking zich aangeduid.

1 BELANGRIJKE AANWIJZINGEN

BERNER GA101 - BELANGRIJKE AANWIJZINGEN - 1

OPGELET

De montage, het onderhoud, herstellingen en de demontage van de garagedeuraandrijving dienen door een vakman te worden uitgevoerd.

Opmerking

Het controloboek en de handleiding dienen aan de gebruiker te worden overhandig voor een veilig gebruik en onderhoud van de deurinstallatie.

1.1 Belangrijke veiligheidsinformatie

BERNER GA101 - Belangrijke veiligheidsinformatie - 1

OPGELET

Een foutieve montage of een fouitief gebruik van de aandrijving hunnen tot ernstige letsels leiden. Om deze reden dieren alle aanwijzingen, die in deze handleiding zich opgenomen, in ache te worden genomen!

De garagedeuraandrijying is uitsluitend voorzien voor de impulsbediening van sectionaal- en kanteldeuren waarvan het gewicht uitgebalanceerd is door veren voor Niet-industrièle toepassing. Toepassing in de bedrijfssector is Niet toegestaan!

Let op de instructies van de fabrikant betreffende de combinatie deur en aandrijving. Mogelijkke gevaren in het kader van de normen EN 12604 en EN 12453 worden door de constructie en de montage volgens once richtlijnen uitgesloten. Deuren die zich in een openbare omgeving bevinden en slechts beschikken over een veiligheidsvoorziening, b.v. krachtbegrenzing, mogen alleen onder toezicht worden bediend.

1.1.1 Garantie

Wij zijn vrijgesteld van de garantie of de productaansprakelijkheid indien zonder once voorafgaande toestemming eigen constructieve wijzigingen of oneskundige installations in tegenstrijd met de door ons bepaalde montagerichtlijnen worden aangebrachte. Wijijken ook Niet verantwoordelijk voor het verkeerd of achelooos gebruik van de aandrijving en van de toebehoren en voor het oneskundig onderhoud van de deur enhaaruitbalancing. De garantiebepalingen zichniet van toepassing op batterijen en gloeilampen.

Opmerking

Bij het falen van de garagedeuraandrijvingClient onmiddelijk eenvakman te worden aangesteld voor de controle of de herstelling.

1.1.2 Controle van de deur / deurinstallatie

De constructie van de aandrijving is nicht geschikt voor de bediening van zware deuren, d.i. deuren die Niet meer of moeilijk met de hand+kennen worden geopend of gesloten. Om deze reden is hetoodzakelijk de deur voor de montage van de aandrijving te controleren en u ervan te vergewissen dat ze ook gemakkelijk met de hand kan worden bediend.

Hef de leur ca. eén meter omhoog en LAST ze los. De deur dient in deze positie te blijven staan en noch maar beneden, noch hier boven te bewegen. Beweegt de deur toch in eén van beiden richtingen, dan bestaat het gevaar dat de veren Niet juist ingesteld of defect zichn. In dit geval dient met een verhoogde slijtage en een slechte functie van de deurinstallatie rekening te worden gehonden.

BERNER GA101 - Controle van de deur / deurinstallatie - 1

OPGELET: levensgevaar!

Probeer nooit de veren de veerhoulders van de deur zelf te verrangen, bij te regelen, te herstellen of te verplaatsen. Zij staan onder grote spanning en kunnen ernstige letsels voroorzaken. Bovendien dient de volledige deurinstallatie (hefarmen, lagers, kabels, veren en bevestigingsdelen) op slijtage en eventuele beschadigente worden gecontroleerd. Controle op eventuel aanwezige roest, corrosie of scheuren doorvoeren. De deurinstallatie mag Niet worden gezruikt op het ogenblick dat herstellingen of regelingen worden gedaan. Fouten in de deurinstallatie of een foufegeregelde deur+kunnen eveneens tot zware letseis leiden.

Opmerking

Voor u de aandrijving installeert,That voor uw eigeneiligheid werkzaamheden aan de veren van de deur en, indien nodig, onderhouds- of herstellingswerken alleen door een vakman uitvoeren!Alleen een correcte montage en onderhoud door een competent/bevoegd vakbedrivif of een competent/vakbekwaam persoon,uitgevoerd in overeenstemming met de handleiding, kan een veilige en Voorziene werking van de deur garanderen.

1.2 Belangrijke aanwijzingen voor een veilige montage

De vakman dient erop te letten dat bij de montageworkzamheden de geldende voorschriften voor de arbeidsveiligheid en de voorschriften voor de bediening van elektrische toestellen worden nageleefd. Hierbij dienen de nationale richtlijnen te worden gespecteerd. Mogelijk gevaren in het kader van de normen DIN EN 13241-1 worden door de constructie en de montage volgens once richtlijnen vermeden. De gebruiker dient erop te letten dat de nationale voorschriften voor de bediening van elektrische toestellen in ache worden genomen.

1.2.1 Voor de montage van de garagedeuraandrijvingClient te worden nagegaan of de deur mechanisch in een goede toestand en in evenwicht is, zodat ze ook met de hand gemakkelijk kan worden bediend (EN 12604). BovendienClient te worden gecontroleerd of de deur juist geopend en gesloten kan worden (zie hoofdstuk 1.1.2). De mechanische vergrendelingen die Niet nodig+zijn voor de elektrische bediening van de deur dienen buiten werkking te worden gesteld. Het gaat hier meer bepaald om het vergrendelingsmechanisme van het deurslot (zie hoofdstukken 3.2.1/3.2.2).

De garagedeuraandrijving is ontworpen voor de bediening in droge ruimten en mag dus Niet buiten worden gesmoteerd. Het plafond van de garage moet stevig genoeg zich om een veilige bevestiging van de aandrijving te garanderen. Bij een te hoog of te zwak plafond dient de aandrijving aan extra versterkingsprofielen te worden bevestigd.

Opmerking

De meegeleverde montagemiddelen dieren op de geschiktheid voor de Voorziene montageplaats door de installment te worden gecontroleerd.

De vrije ruimteussen het hoogste punt van de deur en het plafondClient (ook bij het openen van de deur) minstens 30mm te bedragen (zie afbeeldingen1.1a/1.1b).Bij een Kleinere vrije ruimte kan de aandrijving, indien voldoende plaats aanwezig is, ook achechter de geopende deur worden gemonteerd. In dit geval dient een verlengde deurmeenemer te worden gebruikt die afzonderlijk moet worden besteld. Bovendien kan de garagedeuraandrijving max. 50~cm excentrisch worden geplaatst, behalte bij sectionaaldeuren met verhoogd loopprailbeslag (H-beslag). Hiervoor is een special beslag nodig. Het moodzakelijkste stopcontact voor de elektrische aansluiting dient ca. 50~cm naast de aandrijvingskast te worden gemonteerd. Controller deze maat!

Opmerking

Het waarschuwingsschild gegen knelgevaarClient permanent op een opvallende plaats of in de buurt van vaste drukknoppen voor de werking van de aandrijving te worden aangebrachte!

1.3 Waarschuwingen

BERNER GA101 - Waarschuwingen - 1

Vaste bedieningselementen (zoals drukknoppen enz.), dienen in het zichtveld van de deur te worden gemonteerd, maar weg van bewegende delen en op een hoogte van minstens 1,5 m. Zij moeten in elk geval buiten het bereik van kinderen worden aangebrachte!

BERNER GA101 - Waarschuwingen - 2

Er dient op gelet te worden dat

  • zich in het bewegingsbereik van de deur geen Personen of voorwerpen bevinden.
  • kinderen nicht vlak bij de deur spelen!

BERNER GA101 - Er dient op gelet te worden dat - 1

  • het trekkoord van de mechanische ontgrendeling van de geleidingsledeniet aan een dakligger of uitspringende delen van de wagen of de deur kan blijven hangen.

BERNER GA101 - Er dient op gelet te worden dat - 2

OPGELET

Voor garages zonder een tweede toegang is een noodontgrendelingoodzakelijk, die het可想而知buitensluien verhindert.Deze dient afzonderlijk te worden besteld en maandelijks op een goede werkig te worden gecontroleerd.

BERNER GA101 - OPGELET - 1

OPGELET

Niet met het lichaamsgewicht aan het ontgrendelingskoord gaan hangen!

1.4 Onderhoudsrichtlijnen

De garagedeuraandrijving is onderhoudsvrij. Voor uw eigeneiligkeit wordt aanbevolen de deurinstallatie volgens de richtlijnen van de fabrikant door een vakman te laten controeren. De controle en het onderhoud mogenaalleen door een vakkundig persoon worden uitgevoerd. Wend u tot uw leverancier. Een optische controle kan door de gebruiker worden uitgevoerd. Wend u voor moodzakelijkheerstellingen tot uw leverancier. Voor een Niet vakkundig uitgevoerde herstelling nemen wij geen aansprakelijkheid.

1.5 Opmerkingen bij de illustraties

Bij de illustraties worden de montage van de aandrijving op een kanteldeur voorgesteld. Bij montageafwijkingen aan een sectionaaldeur worden dit extra aangeduid. Hierbij worden de nummering van de illustraties door de letter

BERNER GA101 - Opmerkingen bij de illustraties - 1
avoorsctionaaldeuren en

BERNER GA101 - Opmerkingen bij de illustraties - 2
b voor kanteldeuren aangegeven.

Enkele illustraties zijn extra voorzien van onderstaand symbool en een tekstverwijzing. Onder deze tekstverwijzingen staat belangrijke informatie voor de montage en de bediening van de garagedeuraandrijving in het aansluitende tekstdeel.

Voorbeeld:

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 1
= zie tekstdeel, hoofdstuk 2.2

Bovendien wordt in de illustraties en het tekstdeel, op deplaatsen waar de DIL-schakelaars van de aanrijving worden toegelicht, het volgende symbol weergegeven.

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 2
= dit symbol kenmerkt de fabrieksinstelling(en) van de DIL-schakelaars.

Door de auteurswet beschermd.

Gehele of gedeelijke nadruk is zonder once toestemming Niet toegestaan. Constructiewijzigingen voorbehonden.

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 3

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 4

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 5

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 6

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 7

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 8

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 9

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 10

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 11

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 12

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 13

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 14

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 15

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 16

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 17

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 18

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 19

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 20

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 21

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 22

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 23

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 24

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 25

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 26

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 27

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 28

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 29

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 30

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 31

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 32

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 33

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 34

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 35

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 36

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 37

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 38

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 39

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 40

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 41

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 42

BERNER GA101 - Voorbeeld: - 43

2DEFINITIONEN

Aufhaltezeit

Wachtijd voor de sluiting van de deur in de eindpositie "deur open" bij automatische sluiting.

Automatische sluiting

Automatische sluiting van de deur na verloop van een bepaaldeijd, vanuit de eindpositie "deur open".

DIL-schakelaar

Op de besturingsprintplaat aanwezige schakelaar voor het instellen van de besturing.

Fotocel

Indien de veiligheidsvoorziening fotocel worden geactiveerd gedurende de beweging in de richting "deur damit, stopt de deur en loopt deze in omgekeerde richting. De openingsstijd worden opnieuw gestart.

Impulsbesturing

Deurbeweging die door een reeks van impulsen de deur afwisseld "open-stop-dicht-stop"aat lopen.

Kracht-leercyclus

Bij een leercyclus worden deoodzakelijkke krachten aangeleerd.

Normale cyclus

Beweging van de deur met aangeleerde bewegingsafstand en krachten.

Referentiecyclus

Deurbeweging in de richting "deur open" om de basisinstelling teplaatsen.

Terugkeerbeweging

Beweging van de deur in tegengestelde richting tot eindpositie "deur open" bij het activeren van de veiligheidsvoorzieningen.

Terugkeergrens

De terugkeergrens scheidt het bereik:tussen de terugloop of het stoppen van de deur bij krachtuitschakeling.

Afstandlercyclus

In een leercyclus worden de noodzakelijkke afstanden aangeleerd.

Waarschuwingstijd

De tijd:tussen het bevel en het begin van de deurbeweging.

Fabrieksinstelling

Resetten van de aangeleerde waarden maar de leveringstoestand.

3 VOORBEREIDING VAN DE MONTAGE

Voor u de aandrijving installeert,That voor uw eigeneiligheid eventuele onderhouds-en herstellingswerken aan de deurinstallatie door een vakman uitvoeren! Alleen een correcte montage en onderhoud door een competent/bevoed vakbedrijf of een competent/ vakbekwaam persoon,uitgevoerd in overeenstemming met de handleiding,kan een veilige en Voorziene werking van de deur garanderen.

De vakmanClient erop te letten dat bij de montagework- zaamheden de geldende voorschriften voor de arbeids

veiligheid en de voorschriften voor de bediening van elektrische toestellen worden nageleefd. Hierbij dienen de nationale richtlijnen te worden gespecteerd. Mogelijk gevaren in het kader van de normen DIN EN 13241-1 worden door de constructie en de montage volgens once richtlijnen vermeden.

Opmerking

Alle veiligheids- en beschemingsfuncties dieren maandelijks op hun functie te worden gecontroleerd en, indien moodzakelijk, dieren aanwezigefouten of Gebreken onmiddelfijk te worden verholpen.

BERNER GA101 - Opmerking - 1

OPGELET:

Bedien de garagedeuraandrijving alleen als u het bewegingsbereik van de deur kunt overzien. Vergewis u er voor het inrijden of uitrijden van dat de deur helemaal geopend is. Controleer de volledige deurinstallatie (hefarmen, lagers en bevestigingsdelen) op slijtage en eventuele beschadigingen. Controle op eventueel aanwezigereest, corrosie of scheuren doorvoeren. De deurinstallatie mag Niet worden gebruikt op het ogenblik dat herstellingen of regelingen worden gedaan. Fouten in de deurinstallatie of een foutief geregelde deur+kunnen tot zware letsels leiden.

Licht alle Personen, die de deurinstallatie gebruiken, in over de voorgeschreven en veilige bediening. Demonstreer en test de mechanische ontgrendeling en de veiligheidsterugloop. Houd waar bij de deurijdens de sluiting met beiden handen gegen. Nu要去 de veiligheidsterugloop worden geactveerd.

Voor de montage dienen de mechanische vergrendelingen, die Niet nodig+zijn voor de elektrische bediening van de deur, buiten werking te worden gesteld. Het gaat hier meer bepaald om het vergrendelingsmechanisme van het deurslot. Bovendien dient te worden rageaan of de deur zich mechanisch in een fouloze toestand bevindt, zDat ze gemakkelijk met de hand kan worden bediend en gemakkelijk kan worden geopend en gesloten (EN 12604).

3.1 Benodigde ruimte voor de montage van de aandrijving

Bij de montage van de aandrijving dient de vrije ruimte tussen het hoogste punt bij deurbeweging en het plafond minstens 30mm te bedragen (zie afbeeldingen 1.1a/1.1b). Controller deze maat! Bij de sectionaaldeur de mechanische deurvergrendeling volledig demonteren en het trekkkoord verwijdenen (zie afbeeldingen 1.2a/1.3a).

3.1.1 Voor de montage van de aandrijvingsrail

Opmerking

Voor de geleidingsrail aan de lately of onder het plafond wordt gemonteerd, dient de geleidingssslede in gekoppelde toestand (zie hoofdstuk 3.1.4) ca. 20 cm vanaf de eindpositie "deur open" te worden geschoven. Dit is Nieteer in gekoppelde toestand möglichk zodra de eindaanslagen en de aandrijving gemonteerd zich (zie afbeelding 2.1).

3.1.2 Functietypes bij de geleidingsrail

Bij de geleidingsrail bestaan twee verschillende functietypes:

BERNER GA101 - Functietypes bij de geleidingsrail - 1

3.1.3 Handbediening (zie afbeelding 4.1)

De geleidingsstele is van het riemslot afgekoppeld, d.i. tussen de deur en de aandrijving bestaat geen directe verbinding zodate de deur met de hand kan worden bewogen.

Om de geleidingsste de ontkoppelen dient aan het koord van de mechanische ontkoppeling te worden getrokken.

Opmerking

Bevindt de geleidingssslede zich bij het ontkoppelen in de eindpositie "deur dicht", moet aan het koord van de mechanische ontkoppeling worden getrokken. Dit dient zo lang aangetrokken te blijven tot de geleidingssslede in de rail zover werk verschoven dat zij Niet meer in de eindaanslag kan inhaken (ongeveer 3 cm afstand van de slede). Om de deur permanent met de hand te bedieren, dient het koord aan de geleidingssslede te worden vastgezet zoals in afbeelding 4.2 worden getoond.

BERNER GA101 - Opmerking - 1

OPGELET

Indien, in landen waar de norm EN 13241-1 geldt, de garagedeuraandrijving door een vakman aan een Hörmann sectionaaldeur zonder verbreukbeveiliging (serie 30) worden aangebouwd, danClient de verantwoordelijkke monteur eveneens eenaanbouwset aan de geleidingssslede te monteren. Deze set bestaat uit een schroef, die de geleidingssslede gegen het oncegcontrolererd ontgrendelen beveiligt en een neueplaatje met afbeeldingen die tonen hoe de set en de geleidingssslede voor de twee functietypes van de geleidingsrails dienen te worden gezruikt.

3.1.4 Automatische bediening (zie afbeeling 5

Het riemslot is in de geleidingssslede gekoppeld. Dit betekent dat de deur en de aandrijing met elkaar verbonden zijn zodate de deur elektrisch kan worden bediend. Om de geleidingssslede op het koppelen voor te bereiden, dient de groene knop te worden ingedrukt. Aansluitend dient de riem zover in de richting van de geleidingssslede te worden verplaatst tot het riemslot hierin worden gekoppeld.

BERNER GA101 - Automatische bediening (zie afbeeling 5 - 1

OPGELET

Breng tijdens de deurbeweging geen vingers in de geleidingsrail Gevaar voor kneuzingen!

3.2 Montage van de garagedeuraandrijving

BERNER GA101 - Montage van de garagedeuraandrijving - 1

OPGELET

Bij de aandrijvingsmontageClient het handkoord te worden verwijderd (zie afbeelding 1.2a).

Opmerking

Bij boorwerkzaamhedenClient de aandrijving te worden afgedekt aangezien boorstof en spaanders hunnen leiden tot functiestoringen.

3.2.1 Middenvergrendeling aan de sectionaaldeur

Bij sectionaaldeuren met een centrale vergrendeling dienen hetlateikantelstuk en de meenemer excentrische to worden geplaatst (zie afbeelding 1a).

3.2.2 Excentrisch versterkingsprofiel aan de sectionaaldeur

Bij uitvoering met excentrisch versterkingsprofiel van de sectionaaldeur dient de meenemer aan het volgende versterkingsprofiel rechts of links te worden gemonteerd (zie afbeelding 1.5a).

Opmerking

Afwijkend van de illustraties dienen bij houten deuren de houtschroeven 5 × 35 uit het toebehorenpak van de deur te worden gezruikt (boring 3mm

De mechanische vergrendelingen bij de kanteldeur dieren buiten werkung te worden gesteld (zie afbeelding 1.3a). Bij de hier nicht aufgebeelde deurmodellen dieren de snappers ter plaatse te worden vastgezet (zie afbeeldingen 1.2b/1.3b/1.4b).

Opmerking

Afwijkend van de illustraties (zie afbeeldingen 1.5b/1.6b), dienen bij kanteldeuren met een kunstsmeeidijzeren handgreep het lateikantelstuk en de meenemer excentrisch te worden aangebracht.

Bij N80-deuren met houtvulling dienen de onderste gaten van het lateikantelstuk voor de montage te worden gebruikt (zie afbeeling 1.6b).

Opmerking

Indien de deur Niet gemakkelijk met de hand in de gewenste eindpositie "deur open" of "deur dicht" kan worden geschoven, is het deurmechanisme voor de bediening met een garagedeuraandrijving te stroef en dient dit de worden gecontroleerd (zie hoofdstuk 1.1.2).

3.2.3 Spanning van de tandriem

De tandriem van de geleidingssteede wrought in de fabriek optimaal voorgespannen. In de start- en remfase kan de tandriem bij grote deuren kortstondig buiten de geleidingsrail hangen. Dit effect brengt geen technische schade aan en heeft ook geen nadelige invloed op de functie en de levensduur van de aandrijving.

3.2.4 Vastleggen van de eindposities bij de montage van de eindaanslagen (zie afbeelding 5:1)

1) De eindaanslag voor de eindpositie "deur open" dientussen de geleidingssslede en de aandrijying los in de geleidingsrail te worden geplaatst en de deur worden, na de montage van de deurmeenemer met de hand in de eindpositie "deur open" geschoven. De eindaanslag worden hierdoor in de juiste positie gebracht. Aansluitend dient de eindaanslag voor de eindpositie "deur open" te worden bevestigd.

Opmerking

Indien de deur in de eindpositie "deur open" Niet de volledige doorrijhoogte bereikt, kan de eindaanslag worden verwijderd zodat de geintegreerde eindaanslag (in de aandrijvingskast) kan worden gebruikt.

2) De eindaanslag voor de eindpositie "deur dicht" dient tussen de geleidingssslede en de deur los in de geleidingsrail te worden geplaatst (zie afbeelding 5.2 en de deur worden met de hand in de eindpositie "deur dicht" geschoven. De eindaanslag worden hierdoor in de buurt van de juiste positie geschoven. Na het bereiken van de eindpositie "deur dicht" dient de eindaanslag ca. 1 cm verdier in de richting "deur dicht" te worden geschoven en aansluitend bevestigd (zie afbeelding 5.2).

3.3 Elektrische aansluiting

Richtlijnen bij elektrische werkzaamheden

BERNER GA101 - Elektrische aansluiting - 1

OPGELET

Bij diverse elektrische werkzaamheden dieren volgende punten in acht te worden genomen:

  • Elektrische aansluitingenogenslendoen door een elektricien wordenuitgevoerd!
  • Deplaatselijke elektrische installmentie dient in overeenstemming te zijn met de betreffende veiligheidsvoorschriften (230/240 V AC, 50/60 Hz)!
  • Bij werkzaamheden aan de aandrijvingClient de
    stekkeruit het stopcontact te worden getrokken! -Een verkeerde spanning op de aansluitklemmen van de besturing leidt tot beschadiging van de elektronica!
  • Om storingen te vermijden dient erop te worden gelet dat de stuurleidingen van de aandrijving (24 V DC) geschienen van de andere toevoerleidingen (230 V AC) worden gelegd!

3.3.1 Aansluiting van extra componenten

Voor de aansluiting van extra componenten dient de klep van de aandrijvingskap te worden geopend (zie afbeelding 3. De klemmen waaraan de radio-ontvanger of de extra componenten zoals potentaalvrije drukknop- of sleutelschakelaars, uitschakelaars of een loopdeurcontact en veiligheidsvoorzieningen zoals fotocellen worden aangesloten, hebben slechts een ongevaarlijke laagspanning van max. 30 V/DC.

Alle aansluitklemmen latent een meervoudige aansluiting toe,ECHTER max. 1× 2,5mm^2 (zie afbeelding 9.Voor de aansluiting in elk geval de stekker uH het stopcontact halen.

Opmerking

De aan de aansluitklemmen beschikbare spanning van ca. +24V kan Niet gebruikt worden voor de stroomvoorziening van een lamp!

3.3.2 Aansluiting van externe impulssschakelaars voor het activeren of stoppen van de deurbeweging

Een of meertere schakelaars met sluitercontacten (potentiaalvrij), zoals drukknop- of sleutelschakelaars, kuren parallel worden aangesloten (zie afbeeldingen 10/11).

3.3.3 Aansluiting van een extra externe radio-ontvanger*

Naast of in planta van een geintegreerde radiomodule (zie hoofdstuk 4.5.2) kan een externe radio-ontvanger voor de impulsfunctie worden aangesloten. De stekker van de ontvanger worden op het betreffende contact aangesloten (zie afbeelding 12.

3.3.4 Aansluiting van een 2-draads-fotocel*

2-draads-fotocellen dienen volgens afbeelding 13 te worden aangesloten.

Opmerking

Bij de montage van een fotocel dient erop te worden gelet dat de zender-ontvanger-behuizing zo zich möglich谈起 den vloer worden gemonteerd -zie handleiding van de fotocel.

3.3.5 Aansluiting van een loopdeurcontact*

Aansluiting van een loopdeurcontact met test (deze moet de opening tot stand brengen). Loopdeurcontacten dienen volgens afbeelding 14 te worden aangesloten.

Opmerking

Door het openen van het contact worden eventuele deurbewegingen onmiddelijk gestopt en permanent verhinder.

3.3.6 Aansluiting van het optierelais PR 1\*

Het optierelais PR 1 kan worden gebruikt voor de eindpositiemelding "deur zich" en de lichtfunctie. Aansluiting volgens afbeeling 15

3.3.7 Noodaccu*

Om bij stroomuitval de deur te konnen bedieren, kan een optioneleoodnaccu worden aangesloten (zie afbeelding 21).De omschakeling op deoodnaccu bij stroomuitval gebeurt automatisch. Tijdens de functie van de accu blijft de aandrijvingsverlichting uitgeschakeld.

4 INBEDRIJFSTELLING VAN DE AANDRIJVING

Algemeen

De aandrijving heeft een geheugen dat beveiligd is gegen stroomuitval. Bij het aanlenen worden hierin de deurgegevens (afgelegde afstand, benodigde krachten tijdens de deurloop) opgeslagen en bij de waarop volgende deurbeweging geactualiseerd. Deze gevevens zijn alleen voor deze deur geldig. Bijplaatsing op een andere deur of indien de deurbeweging sterk veranderd is (bv. bij het later verplaatsen van de eindaanslagen of bij plaatsing van{nieuwe veren enz.) deze geveens wissen en de aanrijving opnieuw aanlen.

Opmerking

Voor de eerste inbedrijfstelling dienen alle aansluitingen op een correcte installmentie aan alle aansluitklemmen te worden gecontroleerd.

4.1 Voorbereiding

De afgekoppelde geleidingsssede dient door een druk op de groene knop aan de geleidingsssede (zie afbeeling 6 voor het aankoppelen te worden voorbereid. De deur worden met de hand verplaatst tot de geleidingsssede in het riemslot aangekoppeld is.

  • de stekker insteken
  • de aandrijvingsverlichting knippert tweemaal (zie afbeelding 18.

4.2 Wissen van de deurgegevens

Bij levering zich geen deurgegevens geprogrammeerd en kan de aandrijving onmiddelijk aangeleerd worden. Bij een opnieuw geplaatste aandrijving dienen de deurgegevens eerst te worden gewist. Indien het opnieuw aanlerenoodzakelijk is, kuren de deurgegevens als volgt worden gewist (zie afbeeling 17):

  1. De stekker uittrekken.
  2. Schakelaar "T" in de motorkast indrukken en ingedrukt honden.
  3. De stekker insteken en de bovenvermelde schakelaar zolang ingedrukt honden tot de aandrijvingsverlichting eenmaal knippert.

De deurgegevens werden gewist. Het aanleren kan onmiddelijk worden doorgevoerd.

4.3 Aanleren

Opmerking

Tijdens het gehele leerproces knippert de aandrijvings-verlichting.

Schakelaar, "T" op de aandrijvingsbesturing bedieren (zie afbeeling 18). Een referentiecyclus in de richting "deur op wordt tot gegen de eindaanslag doorgevoerd. De aandrijving blijft in de eindpositie "deur open" staan. Door de volgende bewegingsimpuls worden de volgende stappen automatisch gezet:

Aanleren van de afstand: een leerbeweging in de richting "deur zicht" tot gegen de eindaanslag.
- Een deurbeweging in de richting "deur open"
Aanleren van de krachten: een leerbeweging in derichting "deur zich" met.afnemende snugheid
- Een deurbeweging in de richting "deur open"
Na het succesvol aanleren van de aandrijving blijft deze met ingeschakelde aandrijvingsverlichting in de positie "deur open" staan.

De aandrijving is nu aangeleerd en bedrijfsklaar.

Opmerking

Blijft de aandrijving met knipperende verlichting staan ofbereikt zij de eindaanslagen Niet, dan+zijn de maximale krachten te Klein en dienen deze te worden bijgere geld (zie hoofdstuk 4.4).Een extra bewegingsimpuls start het gehele leerproces opnieuw.

Opmerking

Werd de eindaanslag "deur open" Niet bereikt, dan is de instelling voor de maximale kracht "open" teklein en dient deze te worden verhoogd (zie hoofdstuk 4.4). Na het verhogen van de maximale kracht "deur open" (max. 1/8 draai per instellingspoging!) moet de deur via een druk op de printplaatschakelaar "T" in de eindpositie "deur dicht" worden gebracht. De sluitbeweging dient voor het bereiken van de eindpositie "deur dicht" door een neue druk op de knop te worden beeindig! Aansluitend dient een deurbe-weging in de richting "deur open" te worden doorgevoerd.

Opmerking

Werd de eindaanslag "deur dicht" Niet bereikt, dan is de instelling voor de maximale kracht "dicht" teklein en dient deze te worden verhoogd (zie hoofdstuk 4.4). Na het verhogen van de maximale kracht "deur dicht" (max. 1/8 draai per instellingspoging!) dienen de deurgegevens te worden gewist (zie hoofdstuk 4.2) en moet het aanleren worden herhaald.

Opmerking

De aangeleerde krachtbegrenzing dient door het opvolgen van de betreffende verilgheidsrichtlijnen in hoofdstuk 4.4 te worden gecontroleerd!

Het leerproces kan op elk moment door een bewegingsimpuls worden onderbroken. Een neue bewegingsimpuls start het gehele leerproces opnieuw.

4.4 Instellen van de krachten

De bij het aanleren voor de opening en sluiting benodigde en opgeslagen krachten worden ook bij de waarop volgende deurbewegingen geactualiseerd. Daarom is het uit veiligheidsoverwegingenoodzakelijkdatdeze waarden bij de langzaam slechter wordende deurbeweging (bv.door het nalaten van de veerspanning) Niet onbegrensd konnen worden bijgere毯, aangezien dan een eventeeloodzakelijkhe handbediening van de deur een voiligheidsrisico

(bv. neervallen van het deurblad) inhoudt. Om deze reden werden de maximale krachten voor de opening en sluiting bij levering begrensd voorgeprogrammeerd (middenpositie van de potentiometer). Indienoodzakelijk kannen dezeECHter worden verhoogd.

Opmerking

De op de potentiometer ingestelde maximale krachten hebben eenkleine invloed op de gevoeligheid van de krachtbegrenzing, aangezien de werkelijkoodzakelijkke krachten tijdens de leercyclus worden opgeslagen. De in de fabriek ingestelde krachten passen voor de bediening van standarde deuren.

Vor het instellen van de maximale krachten bij het openen en sluiten staat een potentiometer ter beschikking, die na het afnemen van het kijkglas toegankelijk is en voorzien is van de beschrichting P1 of P2 (zie afbeelding 19). Met potentiometer P1 kan de maximale kracht in de richting "deur open" worden ingesteld en met potentiometer P2 de maximale kracht in de richting "deur dicht". Hierbij worden de krachten door het draaien in de richting van de wijzers van een klok verhoogd en omgekeerd verkleind.

Opmerking

Het verhogen van de in de fabrik ingestelde maximale krachten (middenpositie van de potentiometer) is alleen dan nodig indien de moodzakelijkheid ervan bij het aanleren blijkt (zie hoofdstuk 4.3).

BERNER GA101 - Opmerking - 1
leiden!

OPGELET: levensgevaar

Er mag geen onnodig hoge positie worden ingesteld aangezien dit kan leiden tot letsels bij personen of beschadigingen bij voorwerpen. Een te hoge instelling van de potentiometer kan tot zware lichamelijke letsels

4.5 Radio-ontvanger

4.5.1 Geintegreider radiomodule

Bij een geintegreerde radiomodule kan de functie "impuls" (open-stop-dicht-stop) op max. 6 verschillende handzenders aangeleerd worden. Worden meer dan 6handzenders aangeleerd, dan worden de eerst aangeleerde code gewist.

Opmerking

De afstandussen handzender en aandrijving dient minstens 1 m te bedragen.

Aanleren van de handzendertoetsen

De schakelaar P op de aandrijvingsbesturing kort indrukken. De rode LED begint tekipperen. In die tijd kan de gewenste handzendertoets worden aangemeld. Hierbij moet de handzendertoets zolang worden ingedrukt tot de rode LED snel knippert. De handzendertoets loslaten. Deze is nu in de andriying opgeslagen (zie afbeeling 20).

4.5.2 Aansluiting van een externe radio-ontvanger*

In plaat van een geintegreerde radiomodule kan een externe radio-ontvanger voor de functie "impuls" worden gebruikt. De stekker van deze ontvanger worden in het betreffende steekcontact gebracht (zie afbeelding 12).>

Om de externe radio-ontvanger operationeel te make, dienen de gegevens van de geintegreerde radiomodule te worden gewist.

4.5.3 Wissen van de gegevens van de interne radiomodule

Schakelaar P op de aandrijvingsbesturing indrukken en ingedrukt honden. De rode LED knippert en signaliseert de möglichkheid tot wissen.

Het knipperen verandert in een sneller ritme.

Aansluitend zich de gegevens van de aangeleerde handzendertoetsen gewist.

Opmerking

De eerste functietesten en het programmeren of uitbreiden van de afstandsbediening dienen altijd binnen in de garage te worden doorgevoerd.

BERNER GA101 - Opmerking - 1

OPGELET

Handzenders horen nicht thuis in kinderhanden en mogen alleen gebruikt worden door Personen die instructies hebben ontvangen over de werkwijze van de radiogestuurde deurinstallatie!

De handzender mag alleen worden bediend bij visuel contact met de deur! Toegang tot de deuropening is pas toegestaan als de garagedeur zich in de eindpositie "deur open" bevindt!

4.6 Instellen van de DIL-schakelaars

Overeenkomstig de nationale bepalingen, de gewenste verilgheidsvoorzieningen en de plaatselijke omstandigheden dienen de DIL-schakelaars A tot F (toegankelijk na

het openen van de klep in het aandrijvingsdeksel, zie afbeelding 8 te worden ingesteld:

Wijzigingen van de DIL-schakelaarstellingen zijn alleen toegestaan indien de aandrijving in ruststand is en indien geen waarschuwingstijd of automatische sluiting actief is.

4.6.1 Automatische sluiting

DIL-schakelaar A ON / DIL-schakelaar B ON

(zie afbeelding 16.1

Functie aandrijving: - Na openingsstijd en waarschuwingstijd automatische sluitinguit eindpositie "deur open"

Aandrijvingsverlichting: - Permanent licht tijdens de openingstijd en de deurbeweging
- Knippert snelijdens de waarschuwingstijd

Functie optierelais: - Permanent contact bij openingsstijd

Pulseertijdens de waarschuwingstijd snel enijdens de deurbeweging langzaam

Opmerking

De automatische sluiting mag in het geldigheidsbereik van DIN EN 12453 slechts actief worden indien een veiligheidsvoorziening is aangesloten.

Opmerking

Het instellen van de automatische sluiting is alleen möglich met geactiveerde fotocel. Hierbij de DIL-schakelaar D op

ON zetten. Na het bereiken van de eindpositie "deur open" worden na verloop van de openingsstijd van ca. 30 sec. de automatische sluiting gestart. Na een impuls, een doorrit of het activeren van de fotocel worden de openingsstijd automatisch met ca. 30 sec. verlangd.

4.6.2 Eindpositiemelding "deur dicht"

DIL-schakelaar A OFF / DIL-schakelaar B ON (zie afbeeling 16.2

Aandrijvingsverlichting: - Permanent Licht tijdens de deurbeweging / naverlichting na eindpositie "deur dicht"

Functie optierelais: -Eindpositiemelding "deur dicht"

4.6.3 Waarsch

DIL-schakelaar A ON / DIL-schakelaar B OFF (zie afbeeling 16.3

Aandrijvingsverlichting: - Waarschuwingstijd, snel knipperend

  • Permanentlichttijdensde deurbeweging

Functie optierelais: - Pulseert langzaam tijdens de deurbeweging (functie van een automatisch knipperend waarschuwingslicht)

4.6.4 Externe verlichting

DIL-schakelaar A OFF / DIL-schakelaar B OFF (zie afbeeling 16.4

Aandrijvingsverlichting: - Permanent licht tijdens de deurbeweging / naverlichting na eindpositie "deur dicht"

Functie optierelais: - Zelfde functie als de aan-drijvingsverlichting (externe verlichting)

4.6.5 Deurtype

DIL-schakelaar C (zie afbeeling 16.5)

ON Kanteldeur, large langzame sluiting

OFF sationaaldeur, korte langzame sluiting

4.6.6 Fotocel

DIL-schakelaar D (zie afbeelding 16.6)

ON Geactiveerd, na het in werkig treden van de fotocel loopt de deur terug tot in de eindpositie "deur open"

DIL-schakelaar E (zie afbeeling 16.7

ON Geactiveerd, voor loopdeurcontact met test OFF Ngeactiveerd

Opmerking

Veiligheidsvoorzieningen zonder test要去en halfjaarliks worden gecontroleerd.

4.6.8 Deur-onderhoudsdisplay

DIL-schakelaar F (zie afbeelding 16.8

ON Geactiveerd, het overschrijden van de onderhoudscyclus worden door heteermaals knipperen van de aandrijvingsverlichting na het einde van elke deurbeweging gesignaliseerd.

OFF N geactiveerd, geen signaal na het overschrijden van de onderhoudscyclus

De onderhoudsinterval worden bereikt indien, na het)[-aatste leerproces, ofwel

de aandrijving langer dan 1aar werk bediend of de aandrijving 2000 deursluitingen heegt bereikt of overschreden.

Opmerking

Het resetten van de onderhoudsgegevens geleurt door een/Newuw leerproces (zie hoofdstuk 4.3).

5 BEDIENING VAN DE GARAGEDEURAANDRIJVING

Bedien de garagedeuraandrijving alleen als u het bewegingsbereik van de deur kunt overzien. Wacht tot de deur tot stilstand is gekommen voor u zich in het bewegingsbereik van de deur begeeft! Vergewis u er voor het inrijden of uitrijden van dat de deur helemaal geopend is.

BERNER GA101 - BEDIENING VAN DE GARAGEDEURAANDRIJVING - 1

OPGELET

Niet met het lichaamsgewicht aan het trekkoord gaan hangen!

Opmerking

Licht alle Personen, die de deurinstallatie gebruiken, in over de voorgeschren en veilige bediening van de garagedeuraandrijving. Demonstreer en test de mechanische ontgrendeling en de veiligheidsterugloop. Houd waar bij de deur tijdens de sluiting met beiden handen gegen. De aandrijving moet nu zicht uitschakelen en de veiligheidsterugloop wordt geactiveerd. Ook要去 de deuraandrijving tijdens het openen zicht uitschakelen en de deurbeweging stoppen.

5.1 Normale bediening

De garagedeuraandrijving functioneert in de normale modus uitsluitend met impulsbesturing waar bij het onbelangrijk is of een externe schakelaar, een geprogrammeerde handzendertoets of de printplaatschakelaar wordt bediend:

1^e impuls: De deur loopt in de richting van de eindpositie.

2^ impuls De deur stotp.
3^ impuls De deur loopt in tegengestelde richting.
4^th impulses De deur stopt.
5^ impuls De deur loopt in de richting van de gekozen eindpositie bij de 1e impuls enz.

De aandrijvingsverlichting brandtijdens de deurbeweging en dooft automatisch na beeing hiervan.

5.2 Stroomuitvaloverbrugging met noodaccu*

Om bij een stroomuitval de deur te kennen bedieren is een optioneeloodaccu aansluitbaar (zie afbeelding 21). De omschakeling op accu-bediening bij stroomuitval gebeurt automatisch. Gedurende de accu-bediening blijft de aanrijvingsverlichting uitgeschakeld.

Opmerking

Alleen de waarvoortoorzieneoodaccu met geintegreerde oplading mag hiervoordwen gebruikt.

5.3 Gebruik na bediening van de mechanische ontgrendeling

Indien de mechanische ontgrendeling wegens een stroomuitval werd geactiveerd, dan dient voor een normale bediening de geleidingssslede wee in het riemslot te worden aangekoppeld:

  • De aandrijving bedieren tot het riemslot in de geleidingsrail voor de geleidingsstele gezood bereikbaar is en de aandrijving stoppen.
  • De groene knop aan de geleidingssslede indrukken (zie afbeelding 3.
  • De deur met de hand bewegen tot de geleidingssteede.
    weer in het riemslot aangekoppeld is

  • Door meerere ononderbroken deurbewegingen controleren of de deur haar gesloten positie volledig bereikt en of de deur helemaal opengaat (de geleidingsstele blijt kort voor de eindaanslag "deur open" staan).

  • De aandrijving is nu weeer klaar voor normale bediening.

Opmerking

De functie van de mechanische ontgrendeling dient maandelijks te worden gecontroleerd. Het trekkoord mag alleen bij gesloten deur worden bediend, anders bestaat het gevaar dat de deur bij zwakke, gebroken of defecte veren of door een gebrekkige gewichtsuitbalancinger te snel dichtloopt.

BERNER GA101 - Opmerking - 1

OPGELET

Niet met het lichaamsgewicht aan het trekkoord gaan hangen!

6 VERVANGING VAN DE LAMP

Bij het verwangen van de lamp dient deze koud te zich en de deur moet gesloten zich.

  • Stekker uittrekken
    Lamp vervangen 24 V / 10 W B(a) 15 s (zie afbeelding 22
  • Stekker insteken
  • De aandrijvingsverlichting knippert vier maal

7 MELDINGEN VAN DE AANDRIJVINGSVERlichtING BIJ NETSPANNING AAN

Indien de stekker aangesloten worden zonder dat de printplaatschakellar "T" (bij geopend kijkvenster) ingedrukt is, knippert de aandrijvingsverlichting twee, drie of vier maal.

Twee maal knipperen

Dit geeft aan dat geen deurgegevens voorhanden zijn of dat deze gewist zich (zoals bij de levering). Deze{kunnen onmiddelijk worden aangeleerd.

Drie maal knipperen

Er zijn opgeslagen deurgegevens aanwezig, maar de LASTE deurpositie is Niet voldoende bekend. De volgende beweging is dus een referentiecyclus "open". Daarna volgen de deurbewegingen normal.

Viermaiknipperen

Er zijn opgeslagen deurgegevens aanwezig en ook de)[-laatste deurpositie is voldoende bekend zodate meteen "normale" deurbewegingen met impulsbesturing (open-stop-dicht-stop-open enz.) kunnen volgen (normale functie na het succesvol aanleren en stroomuitval). Voor zover de deur Niet geopend is, wordt uit veilgheidsoverwegingen na een stroomuitval bij de eerste impuls altiijd een deuopening tot stand gebracht.

8 FOUTMELDINGEN

Foutmeldingen / Diagnose-LED

(lichtdiode, zie afbeelding 8.1)

Met behulp van de diagnose-LED, die door het openen van het kijkvenster ook bij geplaatste motorkap zichtaar is,+kunnen oorzaken voor de Niet-verwachtewerking eenvoudig worden geidentificiererd. In aangeleerde toestand brandt deze LED normal permanent en dooftuit zolang een extern aangesloten impuls bezig is.

LED: knippert 2 x Oorzaak: Fotocel werk onderbroken / niet aangesloten. Oplossing: Fotocel controlleder, eventueel verwangen of aansluiten.
LED: knippert 3 x Oorzaak: De krachtbegrenzung "deur dicht" werk geactiveerd - de veiligheidsterugloop heeftplaatsgevonden. Oplossing: De hindernis ruimen. Indien de veiligheidsterugloop zonder herkenbare reden�ts pleatsgevonden, het deurmechanisme controlleder. Eventueel de deurgegevens wissen en opnieuw aanleren.
LED: knippert 4 x Oorzaak: De ruststroomkring of het loopdeurcontact is geopend of werk gedurende een deurbeweging geopend. Oplossing: Het aangesloten systeme controleren, de stroomkring sluiten.
LED: knippert 5 x Oorzaak: De krachtbegrenzung "open" is geactiveerd - de deur is bij het openen gestopt. Oplossing: De hindernis ruimen. de. Indien het stoppen voor de eindpositie "deur open" zonder herkenbare reden�ts pleatsgevonden, het deurmechanisme controleren. Eventueel de deurgegevens wissen en opnieuw aanleren.
LED: knippert 6 x Oorzaak: Aandrijingsfout/storing in het aandrijingsysteme Oplossing: Eventueel de deurgegevens wissen. Indien de aandrijingsfout herhaaldelijk opttreedt,要去 de motor worden verrangen
LED: knippert 7 x Oorzaak: De aandrijving is nog Niet aangeleerd (dit is slechts een aanwijzing en geen foult). Oplossing: HDe leercyclus kan door een exter schakelaar, de handzender of de printplaatschakelaar "T" (bij geopend kijkvenster) worden geactiveerd.
LED: knippert 8 x Oorzaak: De aandrijving heeft een referentiecyclus "open" nodig. Oplossing: Een referentiecyclus "open" door een exter schakelaar, de handzender of de printplaatschakelaar "T" (bij geopend kijkvefter) activeren. Dit is de normale toestand na stroomuitval indien geen deurgegevens voorhanden+zijn of indien deze gewist zich en/of de laatste deurpositie Niet voldoende bekend is.

9 DEMONTAGE

Laat de garagedeuraandrijving door een vakman demonteren en vakkundig bergen.

10 OPTIONELE TOEBEHOREN, NIET IN DE LEVERING INBEGREPEN

De volledige toebehoren mogen de aandrijving met max. 100 mA belasten.

  • Extreme radio-ontvanger
  • Exterme impulsschakelaar, bv. sleutelschakelaar
  • 1-richtingsfotocel
  • Waarschuwingslam / signaallicht
  • Loopdeurcontact
    Accupak voor noodstroomvoorziening

11 GARANTIEBEPALINGEN

Garantieduur

Naast de wettelijkke garantie van de handelaar, voortvloeiend uit de overeenkomst, leveren wij de volgende garantie vanaf de datum van aankoop:

a) 5aar op het aandrijvingsmechanisme, de motor en de motorbesturing
b) 2aar op de afstandsbediening, de toebehoren en speciale installaties

Een garantieclaim bestaat Niet voor verbruiksartikelen (b.v. zekeringen, batterijen, lampen). Door gezruikmaking van de garantie worden de garantietermijn Niet verlangd. Voor leveringen van verrangdelen en herstellingswerkzaamheden bedraagt de garantietermijnzes maanden met een minimum van de lopende garantietermijn.

Voorwaarden

De garantieclaim geldt alleen voor het land waar het toestel werd gekocht. De producten moeten via de door ons bepaalde distributiekanalen in de handel zich gebracht. De garantieclaim bestaat alleen voor schade aan het product zelf. De vergoeding van uitgaven voor inbouw en demontage, controle van onderdelen en vorderingen voor gederfde winst en schadevergoeding�n van de garantie uitgesloten. De aankoopbon geldt als bewijs voor uw garantieclaim.

Prestatie

Voor de duur van de garantie verhopen wij alle gebreken aan het product waarvan kan worden aangetoond dat ze te wijten zijn aan materiaal- of fabrieksfouten. Wij verplichten ons ertoe, maar eigien keuze, de defecte onderdelen kosteloos te verrangen, te herstellen of te vergoeden.

Uitgesloten is schade door:
- oneskundige inbouw en aansluiting
- ondeskundige inbedrijfstelling en bediening
- externe invloeden zoals vuur, water, abnormale milieuuomstandigheden
- mechanische beschadigingen door een onceval, een val of een schok
- onachtzame of moedwillige vernieling
normale slijtage of gebrekkig onderhoud
- herstelling door nicht-gekwalificeerde personen
- gebruik van delen van vreemde herkomst
- verwijderen of onherkenbaar make n van het typeplaatje

Vervangen onderdelen gaan over in once eigendom.

Bveiligingstype:Alleen voor droge ruimten

Vervanglmp:24 V/10 KW B(a) 15s

Motor: Gelijkstroommotor met
Hallsensor

Transformer: Met thermische beveiliging

Aansluiting: Schroevenloze aansluitings-techniek voor externe toestellen met veiligheidslaagspanning 24 V DC, zoals b.v. druk-knop- en sleutelschakelaars met impulsbediening

Afstandsbediening: Bediening door interne of externe radio-ontvanger

Uitschakelautomaat: Wortd voor beidenrichtingen automatisch gescheiden aangeleerd. Zelflerend, slijtagearm, zonder mechanische schakelaars

Eindpositieuitschakeling/

Krachtbegrenzing: Bij elke deurbeweging bijregelende uitschakelautomaat

Geleidingsrail: Slechts 30 mm hoog, met geintegreerde optilbeveiliging en onderhoudsvrije, gespatenteerde tandriem met automatische riemspanning

Deurloopsnelheid: ca. 13 cm/s (afhankelijk van deurgrootte en -gewicht)

Nominale last: Zie typeplaatje

Max. vermogen: Zie typeplaatje

Speciale functies: -aandrijingsverlichting, 2-minuten-licht ingesteld in de fabriek -stop-/uitschakelaar aansluitbaar - fotocel aansluitbaar - optierelais voor waarschuwingslamp, extra externe verlichting aansluitbaar -loopdeurcontact met test

Noodontgrendeling: Bij stroomuitval van binnen met trekkoord te bedieren.

Universeel beslag: Voor kantel- en sectionaaldeuren

Geluidsemissie garagedeur-aandrijving: ≤ 70 dB (A)

Toepassing: Uitsluitend voor privé-garages. Niet geschikt voor industrieel / commercieel gebruik.

Deurcycli: Zie productinformationatie

DIL ADIL BDIL DFuncties aandrijvingFuncties optierelaisLx
ON ONON Automatische sluiting na openingsstijd en waarschuwingstijdRelais pulseert bij waarschuwingstijd snel en bij deurbeweging normala, permanent contact bij openingstijd
OFF ONZonder speciale functie Relais wordt geactiveerd bij eindpositie "deur dicht". (functie "deur dicht"-melding)
ON OFFZonder speciale functie Relais pulseert bij waarschuwingstijd snel en bij deurbeweging normala (functie waarschuwingslicht)
OFF OFFZonder speciale functie Relais zoals aandrijvingsverlichting (functie exterverlichting)X
DIL C DeurtypeLx
ONKanteldeur
OFFSectionaaldeurX
DIL D FocoleLx
ON Focole geactiveerd (automatische sluiting is alleen met fotocel möglich)
OFF Focole niq tegeactiveerd (geen automatische sluiting möglich)X
DIL E Gesloten kring met testLx
ON Loopdeurcontact met test geactiveerd. De test worden bij elke deurbeweging gecontroleerd (functie alleen met testbaar loopdeurcontact möglich)
OFF Veriligheidsvoorziening zonder testX
DIL F Deur-onderhoudsdisplayLx
ON Geactiveerd, het overschrijden van de onderhoudscyclus worden door het meermaals knipperen van de aandrijvingsverlichting na het einde van elke deurbeweging gesignaleerd
OFF Niet geactiveerd, geen signaal na het overschrijden van de onderhoudscyclusX
DisplayFouten/waarschuwingMogelijkke oorzakenOplossing
2xVeilighedsvoorzieningFotocel werk onderbroken, is Niet aangeslotenFotocel testen, eventueel verrangen
3xKrachtbegrenzing inderichting "deurdlicht"Een hindernis bevdint zich in hetbewegingsbereik van de deurDe hindernis ruimen
4xRuststroomkringloopdeurcontactLoopdeurcontact onderbrokenLoopdeur controleren
5xKrachtbegrenzing inderichting "deuropen"Een hindernis bevdint zich in hetbewegingsbereik van de deurDe hindernis ruimen
6xAandrijvingsfoutNieuwe impulsgrave door een externeschakelaar, radio-ontvanger, ofprintplaatschakelaar "T" - de deurgaat open(referentiecyclus "open")De deurgegevens eventuelwissen. Bij herhaling de motor verrangen
7xAandrijvingsfoutDe aandrijving is nog nicht aangeleerdDe aandrijving aanleren
8xGeenreferentiepuntstroomuiitvalDe aandrijving heeft een referentiecyclus nodigReferentiecyclus in de richting"deur open"
Inhoudsopgave Cliquez un titre pour y accéder
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BERNER

Model : GA101

Categorie : Garagepoort