Supramatic E 9 - Garagepoort Hormann - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Supramatic E 9 Hormann in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - Supramatic E 9 Hormann
Gebruikersvragen over Supramatic E 9 Hormann
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Garagepoort in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Supramatic E 9 - Hormann en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Supramatic E 9 van het merk Hormann.
GEBRUIKSAANWIJZING Supramatic E 9 Hormann
Handleiding voor montage, bediening en onderhoud
Garagedeuraandrijving
1.1.2 Checking the door / door system
A Meegeleverde artikelen 2
B Benodigde werktuigen voor de montage 2
1 Belangrijke aanwijzingen 13
1.1 Belangrijke veilgheidsaanwijzingen 13
1.1.1 De garantiebepalingen en de productaansprakelijkheid van de fabrikant verrallen indien ... 13
1.1.2 Controle van de deur/deurinstallatie 13
1.2 Belangrijke aanwijzingen voor een veilige montage 13
1.2.1 Voor de montage 13
1.2.2Bij montagewerkzaamheden 13
1.3 Waarschuwingsaanwijzingen 14
1.4 Onderhoudsaanwijzingen 14
1.5 Aanwijzingen bij de illustraties 14

Illustrations
18-40
2 Montagehandleiding 62
2.1 Benodigde vrije ruimte voor de montage van de aandrijving 62
2.2 Vergrendelingen bij de kanteldeur 62
2.3 Vergrendelingen bij de sectionaldeur 62
2.4 Kanteldeuren met kunstsmeedijzeren handgreep 62
2.5 Middenvergrendeling bij sectionaleur 62
2.6 Excentrisch versterkingsprofil bij sectionaldeur 62
2.7 Spanning van de aandrijvingsriem 62
3 Inbedrijfstelling / Aansluiting van de
extra componenten / Bediening 62
3.1 Vastleggen van de eindposities door montage van de eindaanslagen 62
3.2 Richtlijnen voor elektronische werkzaamheden 62
3.3 Elektrische aansluiting 62
3.3.1 Montage-overzicht 62
3.3.2 Schakelplan garagedeuraandrijving 62
3.3.3 Aansluitklemmen 62
3.3.4 Aandrijvingsverlichting 63
3.3.5 Aansluiting van de ontvanger 63
3.4 Aansluiting van extra componenten 63
3.4.1 Aansluiting van een externe "impuls"-toets 63
3.4.2 Aansluiting van een exter drukknop „deur open" 63
3.4.3 Aansluiting van een exter drukknop ,deur zich 63
3.4.4 Aansluiting van eenichtschakelaar 63
3.4.5 Aansluiting van een uitschakelaar 63
3.4.6 Aansluiting van een fotocel 63
3.4.7 Aansluiting van een onderloopbeveiliging 63
3.4.8 Aansluiting aan een optioneel relais 63
4 Inbedrijfstelling van de aandrijving 64
4.1 Normale bediening 64
4.2 Algemeen 64
4.3 Menukeuze 64
4.4 Inbedrijfsstelling 64
4.4.1 Klantenmenu's: menu 1 64
4.4.2 Aandrijving aanleren 64
4.4.3 Bediening na stroomonderbreking 64
4.4.4 Besturing opniew instellen 64
5 Functiekeuze 64
5.1 Klantenmenu's: menu 2 64
5.1.1 Aandrijvingsverlichting instellen 64
5.2 Servicemenu's: menu 3 - menu 9 65
5.2.1 Automatische sluiting instellen 65
5.2.2 Fotocel/onderloopbeveiliging instellen 65
5.2.3 Functie van het optierelais instellen 65
5.2.4 Krachtbeperking in sluitrichting 66
5.2.5 Regeling van de eindpositie „dicht" 66
5.2.6 Krachtbeperking in openingsrichting 66
5.2.7 Regeling van de eindpositie "open" 66
6 Fouten- en controlehandleiding 66
7 Garantiebepalingen 66
Gehele of gedeeltelijke nadruk is zonder once toestemming
niet toegestaan. Constructiewijzigingen voorbehonden.
NEDERLANDS
Geachte klant,
Wij danken U dat U heeft gekozen voor een kwaliteitproductuit ons huis.Bewaar deze handleiding zorgvuldig!
Let op de hiernavolgende aanwijzingen. Zij gehen U belangrijke informatatie over de montage en de bediening van de garagedeuraandrijving zodate U jarenlang veel plezier zult beleven aan dit product.
1 Belangrijke aanwijzingen

ATTENTIE
Een foutrieve montage of gebruik van de aanrijving kan leiden tot ernstige letsels. Neem alle in deze handleiding opgenomen aanwijzingen in ache!
1.1 Belangrijke veiligheidsaanwijzingen
De garagedeuraandrijying isuitsuitend bestemd voor de automatische bediening van kantel-en sectionaldeuren,uitgebalanceerd door veren, voor nicht-industrièle toe-passing.
Toepassing in de bedrijfssector is Niet toegestaan!
1.1.1 Wij zijn vrijgesteld van garantie of productaan
sprakelijkheid indien, zonder once voorafgaande toestemming, wijzigingen of ondeskundige installations in tegenstrijd met once montagerichtlijnen worden aangebracht. Wij zich ook Niet verantwoordelijk voor verkeerd of achteloos gebruik van de aandrijving en van de toebehoren of het ondeskundig onderhoud van de deur en van de gewichtsuitbalancing.
De garantiebepalingen zijn nicht van toepassing op batterijen en gloeilampen.
1.1.2 Controle van de deur/deurinstallatie
De aandrijving werden nicht ontworpen voor de bediening van zware deuren, d.w.z. deuren die Niet更是 slechts zeer moeilijk met de hand worden geopend of gesloten. Om die reden is hetoodzakelijkde deur te controleren voor de montage van de aandrijving en te verzekeren dat de deur ook handmatig gemakkelijk te bedieren is.
Hef de deur ca. 1 meter omhoog en LAST ze los. De deur moet in deze positie blijven staan en noch maar onder, noch waar boven bewegen. Beweegt de deur toch in een van beide richtingen, dan bestaat het gevaar dat de uitbalancering Niet juist ingesteld of defect is. In dit geval moet met slijtage of slechte functie van de deur rekening worden gezchoolen.

Opgelet: levensgevaar!
Probeer nicht zich de veren voor de uitbalancing van de deur of de veerhouders te verrangen, bij te regelen, te herstellen of te verplaatsen. Zij staan onder große spanning en+kennen ernstige letselsveroorzaken.
Controleer bovendien de volledige deur (hefarmen, lagers, kabels, veren en bevestigingspunten) op
slijtage en eventuele beschadigingen. Ga na of roest, corrosie of scheuren aanwezig zich. De deur Niet gebruiken wonneer herstellingen of regelingen要去en gebeuren odomat fouten in de deurinstallatie of een slecht geregelde deur eveneens letsels konnenveroorzaken.
Tip
Alvorens de aandrijving te installererenaat U, voor uw eigeneigilheid, werkzaamheden aan de compensatieveren van de deur en, indienoodzakelijk, onderhouds- en herstellingswerken alleen door een gekwalificeerde garagedeur-servicedienst uitvoeren!
1.2 Belangrijke aanwijzingen voor een veilige montage
De gebruiker dient erop te letten dat de nationale voorschriften voor het gebruik van elektrische apparaten in acht worden genommen.
1.2.1 Voor de montage van de garagedeuraandrijving moet worden nagegaan of de deur mechanisch in goede toestand en in evenwicht is. Ook moet gecontroleerd worden of de deur goed geopend en gesloten kan worden (zie hoofdstuk 1.1.2).
Bovendien要去 de mechanische vergrendelingen die niedzakelijk zijn voor de elektrische bediening van de deur, buiten werkung worden gesteld. Dit geldt in het bijzonder voor het vergrendelingsmechanisme van het deurslot (zie hoofdstuk 2.2 en 2.3).
De aandrijving is ontworpen voor gebruik in droge ruimten en mag dus Niet in de openlucht worden gemonteerd. Het plafond van de garage moet stevig genoeg zich om een verilige bevestiging van de aandrijving te verzekeren. Bij een te hoog of te Licht plafond moet de aandrijving aan extra versterkingsprofielen worden bevestigd.
1.2.2 Bij montagewerkzaamheden moeten de veiligheidsvoorschriften in acht worden genomen.

Let op
Bij boorwerkzaamheden moet de aandrijving afgedekt worden,ondat boorstof en spaanders konnen leiden tot functiestoringen.
De vrij ruimte tussen het hoogste punt van de deur en het plafond (ook bij het openen van de deur) moet min. 30mm bedragen (zie afbeelding 1.1a / 1.1b). Bij geringe vrij ruimte kan de aandrijving, voor zover voldoendeplaats aanwezig is, ookchter de geopende deur gemonteerd worden. In dit geval moet een verlangde deurmeenemer gebruikt worden, die afzonderlijk moet besteld worden. De deuraandrijving kan max. 50~cm buiten het midden geplaatst worden. Uitzondering hierop zich sectionaldeuren met verhoogd loopprailbeslag (H-beslag). Hier is een spe- ciaal beslag nodig.
Het noodzakelijkige verilgheidsstopcontact voor de elektrische aansluiting moet ca. 50 cm naast de motor worden geplaatst.
Deze maat moet gecontrolerd worden!
NEDERLANDS
Aanwijzing
Het waarschuwingsbordje gegen het knellen moet permanent op een opvallende plaats of in de nabijheid van een vast bedieningselement van de aandrijving aangebracht worden!
1.3 Waarschuwingsaanwijzingen

Vaste bedieningselementen (zoals drukknuppen) moeten in het zich van de deur worden gemonteerd, maar weg van de bewegende delen en op een hoogte van minstens 1,5 meter. Zij moeten absolut uuten het bereik van kinderen worden aangebracht!

- zich geen personen of voorwerpen in het bewegingsbereik van de deur bevinden.
- kinderen nicht vlak bij de deur spelen!
- het trekkoord van de mechanische ontgrendeling aan de geleidingsssledeniet kan blijven hangen aan een dak-ligger of aan uitspringende delen van de wagen of de deur.


LET OP:
Voor garages zonder tweede toegang is een noodontgrendeling vereist, die het möglichk buitensluiten verhindert. Deze moet afzonderlijk worden besteld en maandelijks op een goede werkung worden gecontroleerd.

OPGELET
niet met uw volle lichaamsgewicht aan de ontgrendelingsklok trekken!
1.4 Onderhoudsaanwijzingen
De garagedeuraandrijing is onderhoudsvrij. Voor uw eigen veiligheid bevelen wij echter aan de deur eenmaal perJAar te laten controleren door een gekwalificeerde garagedeur-servicedienst.
1.5 Aanwijzingen bij de illustraties
In de illustraties worden de montage van de aandrijving aan een kanteldeur voorgesteld.
Bij montage-afwijkingen aan een sectionaldeur worden dit aanvullend getoond.
Hierbij worden bij de beeldnummering de letter
avoortkanteldeuren en
bvooresectionaleurentoegevoegd
Enkele illustraties bevatten aanvullend onderstaand symbol met een tekstverwijzing. Onder deze tekstverwijzingen staat belangrijke informatatie over de montage en de bediening van de garagedeuraandrijving in het overeenkomstig tekstgedeelte.
Voorbeeld:

= zie tekstdeel, punt 2.2
SOMMARIO
PAGINA
2 Montagehandleiding
2.1 Benodigde vrij ruimte voor de montage van de aanrijving
Bij de montage van de aandrijving moet de vrij ruimte tussen het hoogste punt van de deur en het plafond min. 30 mm bedragen (zie afbeelding 1.1a / 1.1b).
2.2 De mechanische deurvergrendelingen aan de kanteldeur要去en buiten werking worden gesteld (zie afbeeling 1a). Bij de hier Niet afgebeelde deurmodellen要去en de snappers ter plaatse vastgezet worden.
2.3 Bij de sectionaldeur要去 de mechanische binnenver-grendeling volledig gedemonteerd worden (zie afbeelding 1b).

LET OP
Bij de montage van de aandrijving moet het handkoord verwijderd worden.
(zie afbeelding 1.2b).
2.4 Aanwijzing
Kanteldeuren met kunstsmeeidijzeren handgreep
Afwijkend van de illustratie (zie afbeelding 2a / 3.2a)要去en bij deze deuren de kantelstukbevestiging en de meenemer excentrisch geplaatst worden.
2.5 Middenvergrendeling bij sectionaldeur
Bij sectionaldeuren met een middenvergrendeling moeten bij deze deuren de kantelstukbevestiging en de meenemer excentrisch geplaatst worden (zie afbeeding 2b).
2.6 Excentrisch versterkingsprofil bij sectionaldeur
Bij uitvoering met excentrisch versterkingsprofiel van de sectionaldeur moet het meenemerhoekstuk aan het vol-gende versterkingsprofiel rechts of links gemonteerd worden (zie afbeelding 2b).
Aanwijzing
Afwijkend van de illustratie moeten bij houten sectionaldeuren de houtschroeven 5× 35 uit het toebehorenpak gebruikt worden (boring 3mm
2.7 Spanning van de aandrijvingsriem
De tandriem van de aandrijvingsrail worden in de fabriek optimaal voorgespannen. In de aanloop- en afremmingsfase kan de tandriem bij grote deuren kortstondig buiten de geleidingsrail hangen. Dit effect brengt geen schade toe aan de techniek en heeft ook geen nadelige invloed op de functie en de levensduur van de aandrijving.

LET OP
Tijdens de deurloop Niet met de vingers in de geleidingsrail grijpen knelgevaar!
3 Inbedrijfstelling / Aansluiting van de extra componenten / Bediening
3.1 Vastleggen van de eindposities door montage van de eindaanslagen
1) De eindaanslag voor de eindpositie "deur open"要去 in de geleidingsrailussen de geleidingsslede en de aandrijving geplaatst worden (zie afbeelding 4) en de deur moet na de montage van de deurmeenemer (zie afbeelding 6.1a / 6.2a / 6.1b / 6.2b) met de hand in de eindpositie "deur open" worden geschoven De eindaanslag wordt daardoor in de juiste positie geschoven (zie afbeelding 7).
2) De eindaanslag voor de eindpositie "deur open" vast-zetten.
3) De eindaanslag van de eindpositie "deur dicht"要去 in de geleidingsrailussen de geleidingssslede en de deur geplaatst worden (zie afbeelding 4) en de deur要去 met de hand in de eindpositie "deur dicht" worden geschoven De eindaanslag wordt daardoor in de buurt van de juiste positie geschoven (zie afbeelding 8).
4) De eindaanslag voor de eindpositie "deur zich"要去 ca. 1 cm verder in de richting "dicht" geschoven en aansluitend bevestigd worden.
Aanwijzing
Indien de deur nicht gemakkelijk in de gewenste eindposities "deur open" of "deur dicht" kan geschoven worden, loopt deze te stroef voor de bediening met aandrijving en要去 verworkervoan gecontroleerd worden (zie 1.1.2)!
3.2 Richtlijnen bij elektronische werkzaamheden

LET OP
Bij diverse elektrische werkzaamheden要去en volgende punten in achegenomen worden:
- Elektrische aansluitingenogenslendoen door een elektrotechnischvakman gebeuren!
- Deplaatselijke elektrische installmentie moet in overeenstemming zijn met de vereiste verilgheidsvoorschriften (230/240 V AC, 50/60 Hz).
- Bij werkzaamheden aan de aandrijving要去 de stekkeruitgetrokken worden!
- Een verkeerde spanning aan alle aansluitklemmen van de besturing leidt tot beschadiging van de elektronica (met uitzondering van de klemmen .6, .5 en .8)!
- Om storingen te vermijden要去 erop gelet worden dat de stuurleidingen van de aandrijving (24 V DC) geschienen van de andere toevoerleidingen (230 V AC) gelegd worden!
3.3 Elektrische aansluiting
3.3.1 Montage-overzicht (zie afbeelding 10)
3.3.2 Schakelplan garagedeuraandrijving (zie afbeelding 11)
3.3.3 Aansluitklemen (zie afbeelding 12 / 12.2)
De aansluitklemmen zijn toegankelijk na het afnemen van het deksel aan dechterzijde.
Opmerking: alle aansluitklemmen lien een meervoudige aansluiting toe,ECHTER max. 1× 2,5mm^2
3.3.4 Aandrijvingsverlichting (zie afbeelding 12.1)
Vervanglamp E14 230 V / 40 W / R50
3.3.5 Aansluiting van de draadloze ontvanger
De draadloze ontvanger要去 als volgt worden aangesloten:
Steekcontact (zie afbeeling 13)
De stekker van de ontvanger worden in het betreffende contact van de aandrijving gestoken. De kap要去 hiervoortiet algenomen worden.
Het decimaalpunt van het display brandtijdens de duur van de impuls van de ontvanger.
Bij de ingesloten handzender-ontvanger-set is in het al-gemeen de bovenste toets van de handzender reeds op de ontvanger ingesteld. De manier waarop handzendertoetsen bij andere ontvangers geprogrammeerd要去en worden, vindt u in de desbeteffende handleiding.
Aanwijzing
De antennne moet volledig uitgerold worden enaar boven en schuin in de richting van de deuropening aan het plafond van de garage bevestigd worden. De antennekabel mag Niet rond metalen delen zoals nagels, profielen e.d. gewikkeld worden. De beste richting moet door een test worden bepaald.
868 MHz: GSM 900-toestellen können bij geleijktijdig gebruik de reikwijdte van de afstandsbediening beinvloeden.
3.4 Aansluiting van extra componenten
3.4.1 Aansluiting van een externe "impuls"-toets voor het activeren of stoppen van de deurbeweging
Een of Meerdere toetsen met sluitercontacten (potentiaalvrij) zoals drukknoppen of sleutelschakelaars worden (parallel) als volgt aangesloten (zie afbeelding 14).
1) eerste contact aan klem 21 (impulsingang)
2) tweede contact aan klem 20 (0 V).
Het decimaalpunt van het display brandtijdens de duur van de impuls van de ontvanger.
3.4.2 Aansluiting van een exter drukknop „deur open"
Een exter deukknop,deur open" kan op klemmen 15 en 14 worden aangesloten (zie afbeelding 15).
1) eerste contact aan klem 15 (impulsingang)
2) tweede contact aan klem 14 (0 V).
3.4.3 Aansluiting van een exter drukknop „deur zich
Een exter deukknop,deur dicht" kan op klemmen 17 en 14 worden aangesloten (zie afbeelding 16).
1) eerste contact aan klem 17 (impulsingang)
2) tweede contact aan klem 14 (0 V).
Aanwijzing
Is voor een externe toets hulpp spanning nodig, dan is aan klem 5 een spanning van ca. +24V (tegen klem 20 = 0V ) aanwezig, waar bij de totaal opgenomen stroom aan klem 5 max. 100mA mag bedragen.
3.4.4 Aansluiting van een lichtschakelaar (potentiaalvrij)
Een externe potentiaalvrije schakelaar kan op klemmen 10 en 20 aangesloten worden waarmee de aandrivingsverlichting aan- en uitgeschakeld kan worden (zie afb. 17).
3.4.5 Aansluiting van een uitschakelaar of een loopdeurcontact (deze要去 zelfopenend zich) voor het stoppen of/en uitschakelen van de aandrijving (stop- of nood-uit-kring)
Een uitschakelaar met openercontacten (0 V schakeling of potentaalvrij) worden als volgt aangesloten (zie afbeeling 18):
1) De in de fabriek geplaatste draadbrugussen klem 12 (stop of moodstop - ingang) en klem 13 (0 V) die een normale functie van de aandrijving möglichk maakt, moet verwijderd worden!
2)-Schakeluitgang of eerste contact aan klem 12 (stop of moodstop - ingang).
-0 V (massa) of tweede contact aan klem 13 (0 V).
Aanwijzing
Door het openen van het contact worden eventuele deurbewegingen onmiddelijk gestopt en permanent onderbroken.
3.4.6 Aansluiting van een fotocel
Geaarde (0 V)oto-elektrische cellen moeten als volgt worden aangesloten (zie afbeelding 19):
| Aansluiting Klem | |
| A Harding (0 V) 20 Schakeluitgang signaal 71 Testingang (optioneel) 18 Voorziening (+24 V) 5 |
Bij vrijlichtstraal-schakeluitgang (signaal) 0 Volt. Bij fotocellen zonder testingang klem 18 Niet aansluten.
Na het activeren van de fotocel stopt de aandrijving en vindt een veiligheidsterugloop van de deurplaats waar de bovenste eindpositie.
3.4.7 Aansluiting van een onderloopbeveiliging
Geaarde (0 V) onderloopbeveiligingen moeten als volgt worden aangesloten (zie afbeelding 20):
| Aansluiting Klem | |
| A Harding (0 V) 20Schakeluitgang signaal 19Testingang (optioneel) 18Voorziening (+24 V) 5 |
Bij vrijichtsraal-schakeluitgang (signaal) 0 Volt. Bij ongevalbeveiligingen zonder testingang klem 18 Niet aansluien. Na het activeren van de onderloopbeveiliging stopt de aanrijving en de deur loopt een stukje terug maar boven.
3.4.8 Aansluiting aan het optioneel relais
Met de potenialvrije contacten van het optioneel relais kan bv. een exter verlichting of een Niet-knipperende waarschuwingslamp ingeschakeld worden (zie afbeelding 21). Voor de voeding van een exter verlichting要去 een exter spanning worden gebruikt!
| Klem .6 Openercontact max. contact- |
| Klem .5 gemeeschappelijk belasting:contact 2,5 A / 30 V DC |
| Klem .8 Sluitercontact 500 W / 250 V AC |
Aanwijzing
De aan klem 5 beschikbare spanning van ca. +24 V kan
niet voor de voeding van een lamp worden gebruikt!
4 Inbedrijfstelling van de aandrijving
4.1 Normale bediening
De garagedeuraandrijying werkt bij normale bediening met impulsbesturing die via een exter drukknop of een geprogrammeerde handzendertoets geactiveerd wordt:
1e impuls: de deur loopt in de richting van een eindpositie.
2e impuls: de deur stopt.
3e impuls: de deur loopt in tegengestelde richting.
4e impuls: de deur stopt.
5e impuls: de deur loopt in de richting van de eindpositie die bij de 1e impuls gekozen werd.
enz.
De aandrijvingsverlichting brandt tijdens de deurbeweging en dooft automatisch na 3 minutes.
4.2 Algemeen
De aandrijving bevat negen menu's waarmee de gebruiker talrijke functies kan kiezen. Alleen de cyclus moet nog aangeleerd worden. Menu 1 (leermodus) en menu 2 (aandrijvingsverlichting) zijn menu's voor de gebruiker. Menu's 3 - 9 zijn servicemenu's en alleen te wijzigen indien dit nodig is. Bij de eerste inbedrijfstelling schakelt de bestur ing automatisch over op de leermodus. Na aflsuiting van de leercyclus of na 60 seconden volgt steeds een automatische schakeling op menu 0 (normale bediening).
4.3 Menukeuze
De menukeuze worden met de PRG-toets doorgevoerd. Door te drukken op deze toets worden automatisch op het volgend menu overgeschakeld. Na het bereiken van menu 9 worden waar overgeschakeld maar menu 0.
4.4 Inbedrijfsstellung
4.4.1 Klantenmenu's: menu 1 (leermodus)
Bij de eerste inbedrijfstelling schakelt de besturing automatisch over op menu 1 (leermodus). Hier kan de aan-driying op de deur worden afgestemd.
4.4.2 Aandrijving aanleren
Om de aandrijving op de deur af te stemmen moet eerst een zogenoemde leercyclus doorgevoerd worden. Daar bij wordt de lenghte van de af te leggen weg en de moodzakelijkke kracht voor het openen en sluiten automatisch opgeslagen.
Bij oneffenheden in de vloer is het möglichk de leercyclus zonder de mechanische eindaanslag door te voeren. Na verloop van de leercyclus moet de mechanische eindaanslag in elk geval ingesteld worden om de functie van de mechanische optilbeveiliging te garanderen.
Aanleren van de eindpositions (zie afbeelding 24)
(opgelet: de geleidingssslede要去 ingeschakeld..., zijn, zie afbeeding 22)
Breng indien nodig de besturing in leermodus door met de PRG-toets menu 1 te kiezen. Op het display verschijnt naast de "1" een knipperende letter ,L".
Druk erst op de „open“-toets (♂) om de deur tot aan de mechanische aanslag te brengen. Daarna drukt U op de „dicht“-toets (♀). Na het bereiken van de eindpositie „deur zicht" volgt automatisch een volledige opening.
Minstens drie ononderbroken cycli doorvoeren. Daarna is de aandrijving bedrijfsklaar.
4.4.3 Bediening na stroomonderbreking
Bij een stroomonderbreking blijven de opgeslagen deurgegevens behouden. Wel moet de deur eenmaal volledig geopend worden (referentiecyclus) zodate een correcte functie verzekerd worden. Belangrijk hierbij is dat het riemslot in de geleidingssslede gekoppeld is. Is dit nicht het geval, dan loopt het riemslot in de aandrijschijf enplaatst de aandrijvingaar een fouitief referentiepunt.Indien dit toch zou gebeuren, verplaatst U de aandrijving in sluitrichting tot het riemslot in de geleidingssslede gekoppeld wordt. Nadat U de aandrijving van het net gekoppeld heeft, voert U een neue referentiecyclus door. Het sluiten van de deur na een spanningsuitval is uit veilheidsoverwegingen alleen in dodemensfunctie (aanhoudend indrukken van de toets) mogelijk.
4.4.4 Besturing opniew instellen
Om de besturingteringug in originele positie teplaatsen, moet als volgt tewerk gegaan worden:
- Stekker uit het stopcontact trekken
- PRG-toets indrukken en ingedrukt honden
- Stekker in het stopcontact steken
- PRG-toets loslaten nadat „C" in het display verschijnt
- Aandrijving aanleren
5 Functiekeuze
5.1 Klantenmenu's: menu 2 (aandrijvingsverlichting)
Na de keuze blijht het menu gedurende eén seconde op het display staan. Aansluitend verschijnt dan de betreffende menuparameter. Deze parameter kan onmiddelijk met de „open" en „dicht"-toets geactiveerd of veranderd worden.
5.1.1 Aandrijvingsverlichting instellen (zie afbeelding 25)
Kies met de PRG-toets menu 2. Het knipperend getal toont de instelling van de nachtverlichtingsduur van de aandrijvingsverlichting.
| Cijfer Aandrijving | |
| 0 Lamp uit | |
| 1 60 sec. | |
| 2 90 sec. | |
| 3 120 sec. | |
| 4 150 sec. | |
| 5 * | 180 sec. |
| 6 210 sec. | |
| 7 240 sec. | |
| 8 270 sec. | |
| 9 300 sec. | |
* = in de fabriek ingestelde posities
Schakel aansluitend met de PRG-toets over op menu 0.
5.2 Servicemenu's: menu 3 - menu 9
Na de keuze blijht het menu gedurende eén seconde op het display staan. Aansluitend verschijnt dan de betreffende menuparameter. Om deze parameter te wijzigen要去 de PRG-toets drie seconden ingedrukt worden. Hierdoor verschijnt het nummer van het menu opnieuw in het display. Na verloop van de drie seconden knippert de parameter waar in het display. Nu kan met de "open" of „dicht"-toets een neue waarde ingesteld worden. Werd de PRG-toets voortijdig losgelaten, dan verschijnt het volgende menu. Wordt binnen de 60 Seconden in aangeleerde toestand geen toets ingedrukt, dan schakelt de besturing automatisch overaar de normale functie (menu 0).
5.2.1 Automatische sluiting instellen (voorwaarde is de inbouw van een fotocel en/of onderloopbeveiliging. Bovendien moet in menu 4 een waarde verschillend van O gekozen worden) (zie afbeeling 26)
Kies met de PRG-toets menu 3. Het knipperend cijfer toont de ingestelde wachtijd van de deur die met de „open“- of „dicht“-toets kan worden gewijzigd:
| Cijfer Wachttijd |
| 0 * geen automatische sluiting |
| 1 10 sec. |
| 2 20 sec. |
| 3 30 sec. |
| 4 45 sec. |
| 5 60 sec. |
| 6 90 sec. |
| 7 120 sec. |
| 8 150 sec. |
| 9 180 sec. |
Wanneer de automatische sluiting actief is, knippert de aanrijvingsverlichting twee seconden voor het begin van de sluiting. Wordt gedurende zeijd de afstandsbesturing bediend, begint de ingestelde wachtijd van de deur in de eindpositie „open" opnieuw te lopen. Een bedieningsimpuls gedurende zeijd start opnieuw de wachtijd. Raakt de deur bij 2 op elkaar volgende sluitingen een hindernis en loopt ze terug in de eindpositie „deur open", dan blijft de deur in ze dee eindpositie staan met een foutmelding.
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
5.2.2 Fotocel / onderloopbeveiliging instellen
(zie afbeeling 27)
Kies met de PRG-toets menu 4.
Het knipperend cijfer toont volgende instellenen die met de „open“- of „dicht“-toets konnen worden gewijzigd:
LS = fotocel
SKS = onderloopbeveiliging
Onze fotocellen en onderloopbeveiligingen beschikken over een zichontrole.
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
5.2.3 Functie van het optierelais instellen (zie afbeelding 28) Kies met de PRG-toets menu 5. Het knipperend cijfer toont de ingestelde functie van het optierelais die met de „open“- of „dicht“-toets kan worden gewijzigd:
| Display | Functie |
| 0* | Aandrijving: geen bijzondere functie.Relais: UITAandrijingsverlichting: continuijdens de deurloop met geprogrammeerde nachtverlichtingsduur. |
| 1 | Aandrijving: 2 sec. waarschuwingstijdRelais: schakelt langzaamijdens dewaarschuwingstijd en de deurloop.Aandrijingsverlichting: knippert snelijdens de waarschuwingstijd. Brandtcontinuijdens de deurloop met geprogrammeerde nachtverlichtingsduur. |
| 2 | Aandrijving: 2 sec. waarschuwingstijdRelais:ijdens de waarschuwingstijd en de deurloop permanent ingeschakeld.Aandrijingsverlichting: knippert snelijdens de waarschuwingstijd. Brandtcontinuijdens de deurloop met geprogrammeerde nachtverlichtingsduur. |
| 3 | Aandrijving: geen bijzondere functie.Relais: trekt met de aandrijingsverlichting aanAandrijingsverlichting: continuijdens de deurloop met geprogrammeerde nachtverlichtingsduur.zoals 1, maar 5 sec. waarschuwingstijdzoals 2, maar 5 sec. waarschuwingstijdAandrijving: geen bijzondere functie.Relais:ijdens de deurloop permanent ingeschakeld (bv. voor de schakeling van een traphalschakelaar met 100 %inschakelduur).Aandrijingsverlichting: continuijdens de deurloop met geprogrammeerde nachtverlichtingsduur. |
Aansluiting zie afbeelding 21.
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
NEDERLANDS
5.2.4 Krachtbeperking in sluitrichting (zie afbeelding 29)
In menu 6 kan de automatische krachtbeperking voor de sluiting minder gevoelig worden ingesteld (in de fabrik ingesteld op 4). Dit is alleen bij zeer ongelijkmatig ropende deurenoodzakelijk. Er mag geen onnodig hoog niveau worden ingesteld. Een te hoog ingestelde kracht kan leiden tot beschadigingen van voorwerpen of verwondingen van Personen.
Bijlichtlopende deuren kan een lagere waarde worden gekozen als de gevoeligheid gegenover hinderissen要去 worden verhoogd.
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
5.2.5 Regeling van de eindpositie „dicht"
(zieafbeelding30)
In menu 7 kan de automatische riemontspanning en de remverhouding in de eindpositie „dicht" worden beinvoed:
| Display Softstop Ontspanning | |
| 0 lang automatisch | |
| 1 lang zonder | |
| 2 lang kort | |
| 3 * kort automatisch | |
| 4 kort zonder | |
| 5 kort kort | |
| 6 zonder automatisch | |
| 7 zonder zonder | |
| 8 zonder kort | |
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
Opmerking
Voor kanteldeuren bevelen wij aan een lange Softstop in te stellen.
5.2.6 Krachtbeperking in openingsrichting
(zie afbeeling 31)
In menu 8 kan de automatische krachtbeperking voor de opening minder gevoelig worden ingesteld (in de fabrik ingesteld op 4). Dit is alleen bij zeer ongelijkmatig ropende deurenoodzakelijk. Er mag geen onnodig hoog niveau worden ingesteld. Een te hoog ingestelde kracht kan leiden tot beschadigingen van voorwerpen of verwondingen van Personen.
Bijlichtlopende deuren kan een lagere waarde worden gekozen als de gevoeligheid gegenoverhindernissen要去 worden verhoogd.
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
5.2.7 Regeling van de eindpositie ,open"
(zie afbeeling 32)
In menu 9 kan de automatische riemontspanning en de remverhouding in de eindpositie „open“ worden beinvoed:
| Display Softstop Ontspanning | |
| 0* | lang automatisch |
| 1 lang zonder | |
| 2 lang kort | |
| 3 | kort automatisch |
| 4 kort zonder | |
| 5 kort kort | |
| 6 zonder automatisch | |
| 7 zonder zonder | |
| 8 zonder kort |
Schakel met de PRG-toets over op menu 0.
Opmerking
Voor kanteldeuren bevelen wij aan een lange Softstop in te stellen.
6 Fouten- en controlehandleiding (zie pagina 68)
7 Garantiebepalingen
Duur van de garantie
Bovenop de wettelijkke garantie van de handelaaruit het koopcontract verlenen wij de volgende deelgarantie vanaf koopdatum:
a) 5aar op het aandrijfmechanisme, de motor en de motorbesturing
b) 2aar op radiosignal, impulsgeber, toebehoren en speciale installations
Bij verbruiksmiddelen bestaat geen garantieverlening (bijv. zekeringen, batterijen, verlichtingselementen). Door gebruikmaking van de garantie worden de garantie Niet verlangd. Voor onderdenleveringen en nabewerkingen bedraagt de garantieperiode ze maanden, minimaalECHTER de lopende garantieperiode.
Voorwaarden
De garantieverlening geldt alleen voor het land waarin het product ward gekocht. Het product moet via de door ons voorgeschreven verkoopweg gekocht+zijn. De garantieverlening bestaat alleen voor schade aan het contract-voirwerp zelf. De vergoeding van kosten voor demontage en montage, controle van desbeteffende onderdelen, evenals vorderingen na winstverlies en schadevergoedig. zich van de garantieverlening uitgesloten. De koopkwitanie geldt als bewijs voor uw garantieverlening.
Service
Voor de duur van de garantie verhopen wij alle gebreken aan het product die aantoonbaar terug te voeren zich op een materiaal- of productiefout. Wij verplichten ons, het gereclareerde productaar once keuze gratis door een foulloos product te verrangen, bij te werken of een minderwaarde te vergoeden.
Uitgesloten is schade door:
- ondeskundige montage en aansluiting
- ondeskundige ingebruikname en bediening
- invloeden van buitenaf, zoals brand, water, abnormale milieuomstandigheden
NEDERLANDS
- mechanische schade door onceval, vallen, stoten
- nalatige of opzettelijke beschadiging
- normale slijtage of onderhoudsgebreken
- reparatie door nicht-gekwalificeerd personeel
- gebruik van door derden geprodueerde onderdelen
- verwijderen of onherkenbaar make van het productienummer
Vervangen onderdelen gaan in ons eigendom over.
Bveiligingstype:Alleen voor droge ruimten.
Uitschakelautomaat: Wortd voor beidenrichtingen automatisch gescheden aangeleerd.
Eindpositie-Zelflerend,slijtagevast zonder
uitschakeling/ mechanische schakelaars, extra
Krachtbegrenzig: geintegreerde looptijdbegrenzinqan ca.45 sec.Bij elke deurbeweging bijregelende uitschakelautomaat.
Nominate last: (zie typeplaatje)
Trek- en drukkracht: (zie typeplaatje)
Kortstondige toplast: (zie typeplaatje)
Motor: Gelijkstroommotor met Hall-sensor.
Aansluiting: Aansluitingstechniek zonder
schroeven voor externe toestellen met veiligheidsspanning 24 V DC, voor drukknop- en sleutelschakelaars met impulsbediening.
Speciale functies:
Aandrijvingsverlichting in de fabriek ingesteld op 3 minutes.
-Afsluitbare stop/-uitschakelaar.
- Fotocel of onderloopbeveiliging aansluitbaar
- Optioneel relais voor waarschuwingslamp, extra externe verlichting
Snelontgrendeling:
Bij stroomuitval van binnen met trekkoor de bedieren.
Afstandsbediening:
2-toetsen-handzender HS 2 en afzonderlijke ontvanger.
Universeel beslag:
Voor kantel- en sectionaldeuren.
Loopsnelheid: ca. 14 cm/s (afhankelijk van de deurmaten en het gewicht).
Geluidsemissie van
de garagedeuraan
driying:
≤ 70 dB (A)
Geleidingsrail:
Slechts 30~mm Hoog, met geintegreerde optilbeveiliging en onderhoudsviige, gespatenteerdetandriem met automatische riemspaning.
Toepassing:
Uitsluitend voor privé-garages. Niet geschikt voor industrielle / bedriifstoepassenen.
Geschiktheid voor
parkeerplaatsen max.: 4-5 parkeerplaatsen.
NEDERLANDS
| 6 Fouten- en contrôlehandelding | ||||
| Weergave in het display Storing | Mogelijk teoorzaak Herstelling | |||
| Aangeleerde kracht te hoog aanlen was | De benodigde kracht bij het Deurloop contris ≥ 350 N | trolieren | ||
| Deur loopt zeer stroef Aandrijving afkop | pelen, deur moet ge-makkelijk met de hand te bedieren zijn | |||
| Ingave Niet In menu mogelijk alleen inges | 4 is de waarde gelijk aan 0 In menu 3 karsteld worden als in menu 4 | de automatische sluiting de onderloopbeveiliging of de fotocel geactiveerd is | ||
| Looptijd- Riem gesc begrenzing | heurd Riem verrangen | |||
| Aandrijving defect Aandrijving verrangen | ||||
| Overstroom | Interne fout | Aandrijving opnieuw aanlen of verrangen | ||
| Krachtbeperking | Deur loopt te stroef | Deurloop corrigeren | ||
| Hindernis in het deurbereik Hindernis verwijderen, eventueel aandrijving opnieuw aanlen | ||||
| Ruststroomkring | Verbinding:tussen klemmen 12 en 13 geopend | Klem 12, 13 overbruggen | ||
| Uitschakelaar geopend | Uitschakelaar sluiten | |||
| Toerental Veerspanning | not in orde Veerspanning corrigeren (voorzichtig!) | |||
| Veren gebroken | Veren door de garagedeur-servicedienst latent verrangen | |||
| Fotocel | Fotocel onderbroken | Fotocel regelen | ||
| Fotocel defect | Fotocel verrangen | |||
| Onderloop-beveiliging | Lichtstraal onderbroken | Zender en ontvanger controeren, eventueel verrangen of onderloop-beveiliging volledig verrangen | ||
| Geen referentie-punt | Stroomuitval | Deur in eindhoven „OPEN" brengen | ||
| Aandrijving nicht | Aandrijving nog nicht aangeleerd | Aandrijving aanlen | ||
| De deur bevindt zich in de eindpositie open | De deur bevindt zich in middelste positie | De deur bevindt zich in de eindpositie richtig | De impulsingang (zender, drukknoop) verbediend | |