VVH33F3151 - Oven VIVA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VVH33F3151 VIVA in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - VVH33F3151 VIVA
Gebruikersvragen over VVH33F3151 VIVA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VVH33F3151 - VIVA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VVH33F3151 van het merk VIVA.
GEBRUIKSAANWIJZING VVH33F3151 VIVA
Belangrijkeveiligheidsvoorschriften 74
Oorzaken van schade. 76
Uw neue oven 76
Bedieningspaneel 76
Functieknop 77
Sensors en indicatepipeel. 77
Sensors voor het wijzigen van de geprogrammeerde waarden 77
Binnenzijde van de oven 77
De toebehoren 78
Invoeren van de accessoires. 78
Voor het eerste gebruik. 78
De tijdprogrammeren 78
De oven verwarmen 78
Reiniging van de accessoires 78
De oven programmeren 79
Verhittingstype en temperatuur. 79
Snelverwarmen 79
Programmeren van de tijdfuncties 79
Kookwekker 79
Duur van de baktijd 80
Eindtijd 80
Tijd 81
De basisinstallingen wijdigen 81
Automatische uitschakeling 81
Zelfreiniging 82
Belangrjke aanwijzingen 82
Voor de zelfreiniging 82
Installing. 82
Na de zelfreiniging. 83
Onderhoud en reiniging. 83
Reinigungsmiddelen 83
Lichtfunctie 83
De roosters of rails links en rechts los-en vasthaken 84
De overdeur afnemen en ophangen 84
Monteren en demonteren van de ovenruiuten 85
Wat te doein geval van een storing. 86
Storingstabel. 86
Vervangen van de ovenlamp. 86
Beschermglas 86
Servicedienst 87
E-nummer en FD-nummer 87
Energie-en milieutips 87
Energie bespare 87
Verwijdering van afvalstoffen op milieusparende wijze. 87
Voor u in once kookstudio uitgetest. 87
Gebak 87
Suggesties en praktische tips voor het bakken 90
Vlees,gevogelte,vis 90
Tips voor het braden en grillen 92
Gegratineerde gerechten, souflés, toast. 93
Bereide producten 93
Bijzondere gerechten 94
Ontdooien 94
Drogen. 94
Jam koken 95
Acrylamide in het voedsel 95
Testgerechten 96
Bakken 96
Braden op de grill 96
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kurz u uw apparaat goed en veilig bedieren. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geben aan een volgende eigenaar.
Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installmentevoorschrift inRCT.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegdvakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht
gebruikt worden. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of personen die gebrek aan kennis oferving hebben, wonneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust�n van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen Niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8aar of ouder zich en onder toezurecht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger zichn dan 8aaruit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Risico van brand!
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard+kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanner er spreke is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Wonneer de apparaatdeur geopend worden, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag en nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vom. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag Niet uitsteken over de toebehoren.
Risico van verbranding!
- Het toestel worden zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altojd latent afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen.altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Alcohol dampen hunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen keine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
Kans op verbranding!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijkke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- Door water in de hete binnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenuimte gieten.
Risico van letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geenschraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparations worden gevaarlijk. Reparations mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zich geinstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uith het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- De kabelisolation van hetetoestelonderdelen kan smelten. Zorgervoor dat er nooit aansluitkabels vanelektrische toestellen in contactkommenet hete onderdelen van het apparaat.
Binnendringend vocht kan een schokveroorzaken. Geen hogedrukreiniger ofstoomreiniger gebruiken.
Bij verranging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot verranging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. - Een defect toestel kan een schokveroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in demeterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Risico van brand!
- Losse voedselresten, vet en braadjus küssen tijdens de zelfreiniging vlam vatten. Verwijder voor de zelfreiniging altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte en van de toebehoren.
- De buitenkant van het apparaat worden tijdens de zelfreiniging zeer heet. Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. Zorg ervoor dat de voorkant van het toestel vrij blijft. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt�n.
Risico van verbranding!
-
De binnenruimte wordenijdens de zichfreiniging zeer heet. Nooit de apparaatdeur openen of de vergrendelingshaak met de hand versuschuiven. Het toestel latent afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt+zijn.
-
De buitenkant van het apparaat worden tijdens de zelfreiniging zeer heet. De apparaatdeur nooit aanraken. Het apparaat lately afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
Ernstig gezondheidsrisico!
Het toestel worden zeer heetijdens de zelfreiniging. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen worden aangetast en er ontstaan giftige gassen. Nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen bij de zelfreiniging. Alleen geëmailleerde toebehoren meereinigen.
Oorzaken van schade
Attentie!
Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen
vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur vaneer dan 50^ ingesteld is. Er ontstaat dan een oopenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen Nieteer en het email worden beschadigd.
Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
Vochtige levensmiddelen: Geen vouchtige levensmiddelen langere tijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak Niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt,That vlekken acheer die nicht更是kunnen worden verwijderd. Gebruik zo maybe braadslede.
Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen latent afkoelen wanner deze afgesloten is. Ook wanner de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd.
- Sterk verwulde deurdichting: is de deurdichting sterk verwulld, dan sluit de apparaatdeurijdens het gebruik Niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd.Zorg ervoor dat de deurdichting allijd schoon is.
Apparaatdeur als vlak om op ieits op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kuren de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
Apparaat transporteren: Het apparaat Niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat Niet en kan afbreken.
Uw{nieuwe oven
Wij presenteren u uw nieuwe oven. In dit hoofdstuk worden defuncties van het bedieningspaneel en van de afzonderlijke onderdelen uitgelegd. Bovendien worden informatie geveven over de accessoires en de onderdelen binnenin de oven.
Bedieningspaneel
Hieronder ziet u een algemeen overzicht van het bedieningspaneel. Op het indicatiepaneel konnen nicht alles symbolen tegetelijk getoond worden. De elementen konnen varieren afhankelijk van het model van het apparatusat.

Intrekbaredraiknop
Bij sommige ovens is de draaiknop intrekbaar. Druk op de draaiknop als hij op de nulstand staat, om hem vast te zetten ofuit te trekken.
Sensors
Druk de sensors nicht krachtig in. Druk alleen op het overeenkomstige symbool.
Functieknop
De functieknop dient ertoe om het verhittingstype te kiezen.
Stand Gebruik
| ○ Nulstand De oven is uitgeschakeld. | |
| Snel verwarmen De oven bereikt zeer snel de geprogrammeerde temperatuur. | |
| Hete lucht 3D* Voor taarten en banket. Het is möglichkom op drie niveaus te bakken. Een tur-bine, die zich in de achechterwand van de oven bevindt, verdweit de warmtegelijkmatig over de oven. | |
| Boven- en onder-warmte* | Voor taarten, gegratineerde gerechten en mager braadvlees, bv. kalfsvlees of wild, op een niveau. De warmte isafkomstig van de bovenste en onder-steesterwerstand. |
| Heteluchtgrill Braden van stukken vlees, gezogelter vis. De grillweerstand en de ventilator worden afwisselend in- en uitgeschakeld. De turbine zorgt ervoor dat de door de grill afgeveen warmte rond het voedsel circuleert. | |
| Grill, groot oppervlak | Op de grill braden van biefstukken, worstjes, toast en vis. Het—hele oppervlak onder de grillweerstand wordenverwarmd. |
| Onderwarmte Konfijten, bakken en gratineren. De warmte is afkomstig van de onderstewerstand. | |
| Zelfreiniging Automatische reiniging van de binnen-zijde van de oven. De oven worden ver-hit totdat het vuil verdwijnt. | |
| Lampje Het ovenlampje aandoen. | |
| * Verhittingstype waarmee de energia-efficiëntieklasse wordenbepaald volgens EN60350. | |
| Wonneer een verhittingstype geselecteerd worden, verschijnt ophetindicatiepaneel --. | |
| Sensors en indicatiepaneel | |
| Met de sensors kuren verschillende functies wordenafgesteld. Op hetindicatiepaneel verschijnen de ingesteldewaarden. | |
| Sensor Functie van de sensor | |
| Temperatuur Selecteer de temperatuur en het grillni-veau of de reiniging. | |
| Tijdfuncties | Selecteren van de kookwekker , deduur van de baktijd ➔l, de eindtijd ➔l ende tijd ♂. |
| – Lager Verlagen van de geprogrammeerde waarden. | |
| + Hoger | Verhogen van de geprogrammeerdewaarden. |
Op het indicatiepaneel gaat het symbool branden dat overeenstemt met deijdfunctie die in werkig is.
Sensors voor het wijzigen van de geprogrammeerde waarden
Met de sensors + of - küssen alle vastgestelde en aanbevolen waarden gewijzigd worden.
- = Verhogen van de geprogrammeerde waarden.
- = Verlagen van de geprogrammeerde waarden.
Bereiken
| 30-270 | Temperatuurbe-reik | De temperatuur binnenin de oven in °C. |
| 1-3 | Grillniveau | De niveaus voor de grill met een groot oppervlak ☑.1 = niveau 1, laag2 = niveau 2, middelhoog3 = niveau 3, hoog |
| Reinigingsni-veaus | De reinigingsniveau voor de zelfreiniging ☑.1 = niveau 1, laag2 = niveau 2, middelhoog3 = niveau 3, hoog | |
| 1 s. - 23:59 u. | Duur van de baktijd. | |
| 1 s. - 23:59 u. | Tijd van de kookwekker. | |
Symbool van verhitting
Terwijl de oven verhit, blijf het symbool 日 op het individatiepaneel branden. Wanner de oven het optimale moment bereikt heeft voor het invoeren van het voedsel en de temperatuur behoudt, dan dooft het symbool 日 uit.
Op de grill-en reinigingsniveauauslicht het symboliet op.
BinnenNZijde van de oven
Het lampje bevindt zich binnenin de oven. Een ventilator vermijdt dat de oven te heet worden.
Lampje
Het ovenlampje blijft branden verwijl de oven in werkung is. De lamp发展格局 to 60^ worden ingesteld, en ook tijdens de automatische reiniging. Hiermee is een optimale precisiefstelling möglichk.
De lamp kan darüber ook aangaan als de oven uit staat met de functieknop in stand.
Ventilator
De ventilator gaat zonodig aan of uit. De warme lucht ontsnapt via de boenzijde van de deur. Opgelet! Bedek de ventilatieopening Niet. De oven kan anders oververhit raken.
Nadat de oven is uitgezet blijdt de ventilator nog een bepaalde tijd werken, zodat de oven sneller afkoelt.
De toebehoren
De meegeleverde toebehoren zijn geschikt voor vele gerechten. Let erop dat u de toebehoren algijd op de juiste manier in de binnenruimte staat.
Het grote assortment speciale toebehoren zorgt ervoor dat vele van uw gerechten nog beter lukken en u de oven nog comfortableer kunt gebruiken.
Invoeren van de accessoires
De accessoires können in de oven worden geplaatst op 5 verschillende hoogtes. Voer de accessoires altijd tot aan de aanslag in, zodat ze het glas van de deur nicht raken.

De accessoires können tot de helft uitgenomen worden, totdat ze vast blijven zitten. Op die manier kurz u het voedsel gemakkelijk uit de oven halen.
Zorg er bij het invoeren van een accessoire in de oven voor dat de kromming zich aan dechterzijde van het accessoire bevindt. Alleen op die manier kan het perfect inpassen.

Als het apparaat voorzien is van uitschuiftrails blijven deze, afhankelijk van de uitrusting, enigszins vastzitten wanner ze
helemaal uitgeschoven zijn. Zo kan het accessoire gemakkelijk worden geplaatst. Duw de uitschuifrails, om te ontgrendelen, opnieuw in de oven door een beetje druk uit te oefenen.
Aanwijzing: Als de accessoires heet worden können ze cervormen. Als ze wee afkoelen verwijdnt de cervorming. Dit hebft geen weerslag op de normale werking.
Uw oven beschibt alleen over sommige van onderstaande toebehoren.
Het toebehoren kan aangekocht worden bij de technische Dienst of bij gespecialiseerde zaken. Raadpleeg de commerciele catalogus om het beschikbare toebehoren te bekijken.

Rooster
Voor schalen, bakvormen, gebraad, braadstukken en diepvriesgerechten.
Voer het rooster in met de open zichde maar de ovendeur en de krommingaar onderen

Vlakke geemailleerde bakplaat
Voor taarten, gebakjes en koekjes.
Doe deplaat in de oven met het gedeelte met niveauverschil in derichting van de ovendeur.

Diepe geemallee standarde plateau
Voor sappige taarten, pasta, diep-vriesgerechten en groot gebraad. Deze kan ook gelebruikt worden voor het opvangen van vet bij het bradenrechtstreeks op het rooster.
Doe deplaat in de oven met het gedeelte met niveauverschil in derichting van de ovendeur.

Steuenvooraccessoires
Tijdens de zelfreiniging konnen ook de diepe standardaard plaat of de vlakke bakplaat gereinigd worden.
Voer het accessoire rechts en links in.
Voor het eerste gebruik
Hier vindt u alles wat u moet去做 voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met de oven. Lees eerst het hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
De tijd programmeren
Na de aansluiting lichten op het indicatiepaneel het symbool en 0:00 op. Stel de tijd opniew in.
1.Druk op de sensor
Op het indicatiepaneel worden deijd 12:00 getoond.
2.Stel deijd in met de sensors + of -
3.Bevestig de tijd met de sensor
Na enkele seconden worden de geprogrammeerdeijd weergegeven.
De oven verwarmen
Verwarm de oven leeg en gesloten om de neue geur weg te nemen. De meest doeltreffende manier is om de oven een uur lang te verhitten met boven- en onderwarmte op 240^ . Controller of er geen resten van verpakkingsmateriaal in de oven zijn achtergebleven.
- Selecteer de boven- en onderwarmte met de functieknop.
2.Druk op de sensor + tot 240 °C weergegeven wordt op het indicatiepaneel.
Zet de oven na een uuruit. Zet de functieknop daartoe op denulstand.
Reiniging van de accessoires
Reinig de accessoires alvorens ze voor de eerste keer te gebruiken grondig met warm water, een beetje afwasmiddel en een doekje.
De oven programmeren
Er bestaan verschillende manieren om de oven te programmeren. Hieronder worden de programmering van het verhittingstype en de temperatuur of het grilliveau beschreiben. Met de oven kan de kooktijd (duur) en de eindtijd van elk gerecht geprogrammeerd worden. Raadpleeg voor nadere informatatie het hoofdstuk De tijdfuncties programmeren.
Verhittingstype en temperatuur
Voorbeeld van de afbeeling: boven- en onderwarmte op 190^
- Kies het verhittingstype met de functieknop.

- Stel de temperatuur of het gewenste grillniveau in met de sensors + of -

De oven begint te verwarmen.
De oven uitzetten
Zet de functieknop op de nulstand.
Installingen wijzigen
Het verhittingstype en de temperatuur of het grillniveau konnen algid worden gewijzigd.
Snelverwarmen
Met de functie snel verwarmen bereikt de oven zeer snel de geprogrammeerde temperatuur.
Het snel verwarmen moet gebruikt worden voor temperaturen hoger dan 100^ .
Voor een gelijkmatig resultaat mag het voedsel pas in de oven worden gedaan als het snel verwarmen is afgelopen.
-
Selecteer snel verwarmen met de functieknop.
-
Selecteer de gewenste temperatuur met de sensors + en -- Het symbol 8 gaat branden op het indicatiepaneel. De oven begint te verwarmen.
Einde van het snel verwarmen
Er klinkt een signal, het symbol 日 wordtuitgeschakeld.Zet het voedsel in de oven en selecteer de gewenste functie en temperatuur.
Snelverwarmenannuleren
Zet de functieknop op de nulstand. De oven wordtuitgeschakeld.
Aanwijzing: Met de functie snel verwarmen kan de duur van de baktijd Niet worden geprogrammeerd.
Programmeren van de tijdfuncties
Deze oven heeft verschilende tijdfuncties. Met de sensor ① wordt het menu geopend en kan men van de ene maar de andere functie verspringen. De tijdsymbolen blijven verlicht terwijl de instelleningen worden ingeoerd. Het is möglich een reeds geprogrammeerde tijdfunctie te wijzigem met de sensors+ of -
Kookwekker
De werkking van de kookwekker is Niet afhankelijk van de werkking van de oven. De kookwekker heeft een eigena signaal. Op die manier kan men herkennen of de tijsduur van de kookwekker is verstreten of dat de oven automatisch isuitgeschakeld (duur van de baktijd).
- Druk op de sensor
Op het indicatiepaneel is het symbol verlicht.
- Programmeer deijd van de kookwekker met de sensors + of -
Voorgestelde waarde van de sensor + = 10 minutes Voorgestelde waarde van de sensor - = 5 minutes
Na enkele seconden verschijnt de geprogrammeerde tijsdsduur. Deijd van de kookwekker begint te lopen. Op het individatiepaneel is het symbool verlicht en de wekkertijd loopt zichtaar af.
De tijd van de kookwekker is verstreten
Er klinkt een signaal. Op het indicatiepaneel verschijnt 00:00. Schakel de kookwekker uit met de sensor 念
Wijzigen van de tijd van de kookwekker
Wijzig deijd van de kookwekker met de sensors + of - De gewijzigdeijd worden na enkele seconden getoond.
Annuleren van de tijd van de kookwekker
Bij het uitschakelen van de oven, blijf de kookwekker werkken.
Stel deijd van de kookwekker in op 00:00 met de sensor -
De kookwekker wordenuitgeschakeld.
De tijdinstellungen opvragen
Indien verschillendeijdfuncties geprogrammeerd,zijn,lichten op het individatiepaneel de overeenstemmende symbolen op.
Druk, voor het raadplegen van de kookwekker , de duur van de baktijd i, de eindtijd of de tijd, verschillende keren op de sensor tot het gewenste symbol goats branden. De overeenstemmende waarde worden gedurende enkele seconden op het individatiepaneel getoond.
Duur van de baktijd
Met de oven kan de duur van de baktijd voor elk voedsel worden geprogrammeerd. Na het verstreijken van deze tijd worden de oven automatisch uitgeschakeld. Zo worden vermeden dat andere taken要去en worden onderbroken om de oven uit te schakelen of dat de baktijd per ongeluk overschreden worden. Voorbeeld van de afbeelding: duur van de baktijd 45 minuten.
1.Kies het verhittingstype met de functieknop.
2.Druk tweeemaal op de sensor 念
Op het indicatiepaneel verschijnt 00:00 en het symbool van de duur van de bakrijk I I.

- Programmeer de duur van de baktijd met de sensors + of -. Voorgestelde waarde van de sensor + = 30 minutes Voorgestelde waarde van de sensor - = 10 minutes

4.Druk op de sensor.
Stel de temperatuur of het gewenste grilliveau in met desensors + of -
Na enkele seconden worden de oven ingeschakeld. Op het indicatiepaneel worden de geprogrammeerde temperatuur getoond en gaat het symbol I→I branden.
De baktijd is verstreken
Er klinkt een signaal. De oven verwarmt Niet meer. Op het indicatiepaneel verschijnt 00:00. Druk tweemaal op de sensor 念 .Een neue baktijd kan worden ingesteld met de sensors ^+ of -. Of druk op de sensor en stel de functieknop in de nulstand. De oven isuitgeschakeld.
Wijzigen van de duur van de baktijd
Druk tweeemaal op de sensor .Wijzig de eindtijd met desensors + of -
Annuleren van de baktijd
Druk tweeemaal op de sensor ⑤. Stel de baktiid in op 00:00 met de sensor - Deijd is geannuleerd.
De tijndinstellingen opvragen
Indien verschillende tijdfuncties geprogrammeerd zich, lichten op het individatiepaneel de overeenstemmende symbolen op.
Druk, voor het raadplegen van de kookwekker , de duur van de baktijd de eindtijd of de tijd, verschillende keren op de sensor tot het gewenste symbol gaat branden. De overeenstemmende waarde worden gedurende enkele seconden op het individatiepaneel getoond.
Eindtijd
Met de oven kan men het tijdslip programmeren waarop het gerecht klaar要去en. In dat geval wordt de oven automatisch ingeschakeld en op de gewenste tijd uitgeschakeld. Men kan het voedsel bijvoorbeeld's morgens in de oven zetten en de oven zo programmeren dat het gerechtussen de middag klaar is.
Pas wel op dat het voedsel Niet bederft doordat het te lang in de oven staat.
Voorbeeld van de afbeelding: het is 10.30 u, de baktijd bedraagt 45 minutes en de oven要去uitgeschakeld worden om 12.30 u.
1.Stel de functieknop in.
2.Druk tweeemaal op de sensor
3. Programmeer de duur van de baktijd met de sensors + of -
4.Druk op de sensor
Op het indicatiepaneel verschijnt hetijdstrip waarop het gerecht klaar zaen en het eindsymbol I.

5.Stel de eindhoven in met de sensors ^+ of -

6.Druk op de sensor
Stel de temperatuur of het gewenste grilliveau in met desensors + of -
Op het indicatiepaneel worden de geprogrammeerde temperatuur en het symbool I getoond, de oven is afgesteld in de wachtstand. Wanner de oven ingeschakeld worden de geprogrammeerde temperatuur en het symbool I getoond. Het symbool I wordtuitgeschakeld.
De baktijd is verstreken
Er klinkt een signaal. De oven verwarmt nicht meer. Op het indicatiepaneel verschijnt 00:00. Druk tweemaal op de sensor 念 . Een neue baktijd kan worden ingesteld met de sensors ^+ of -. Of druk op de sensor en stel de functieknop in de nulstand. De oven is uitgeschakeld.
Wijzigenvandeindtijd
Druk driemaal op de sensor .Wijzig de eindhoven met desensors ^+ of -. De gewijzigdeijd worden na enkele secondengetoond. Wijzig de eindhoven Niet als de kooktijd eenmaal is ingegaan. Het eindresultaat kan anders variieren.
Annuleren van de eindtijd
Druk diemaal op de sensor 念 en stel de eindtijd opniew in op de huidigeijd met de sensor. De oven wordt ingeschakeld.
De tijdinstellungen opvragen
Indien verschillendeijdfuncties geprogrammeerd,zijn,lichten op het indicatiepaneel de overeentstemmende symbolen op. Druk,voor het raadplegen van de kookwekker 己 ,de duur van debaktijd 1 ,de eindtijd 1 of de tijd,verschillende keren op de sensor tot het gewenste symbol gaat branden.De overeentstemmende waarde worden gedurende enkele seconden op het indicatiepaneel getoond.
Tijd
Na de aansluiting of na de stroomuitval, lichten op het indicatiepaneel het symbool en 0:00 op. Stel de tijd opnieuw in.
1.Druk op de sensor
De tijd wordengetoond 12:00
2. Stel deijd in met de sensors + of -
3. Bevestig de tijd met de sensor 日
Na enkele seconden worden de geprogrammeerdeijd weergegeven.
De tijd wijzigen
Er mag geen andere tijdfunctie geprogrammeerd zich, de oven moet uitgeschakeld zich.
- Druk tweeemaal op de sensor
Het symbol 日 gaat branden op het individatiepaneel.
- Wijzig deijd met de sensors + of -
- Bevestig de tijd met de sensor 日
De geprogrammeerdeijd worden na enkele seconden getoond.
De tijd onzichtbaar make
Het is möglich deijd onzichtbaar te make. Zie hoofdstuk Basisinstellungen.
De basisinstellungen wijzigen
Deze oven is voorzien van verschillende basisinstellungen. Deze instelleningen können worden aangepast aan de behoeften van de gebruiker.
Basisinstalling Selectie 0 Selectie 1 Selectie 2 Selectie 3
| c1 | Duur van het signaal na het.beëindigen van de baktijd of -ca. 10 s. ca. 2 min. ca 5 min. | ||
| c2 | Tijdsindicator nee ja* -- | ||
| c3 | Wachtijd tot eeninstalling toegepast wordt -ca. 2 s. ca. 4 s.* ca. 10 s. | ||
| c5 | De schuifgeleiders zich opnieuw geënstalleerd nee ja - | ||
| c6 | Selecteer de fabrieksinstellungen voor alle waarden nee* ja - | ||
| * Fabrieksinstelling | |||
De oven moet uitgeschakeld zich.
- Druk de sensor gedurende ca. 4 seconden in.
Op het indicatiepaneel worden de huidige basisinstelling voor de duur van het signala getoond, bv. c'selectie -
Wijzig de basisinstalling met de sensors + of -
-
Bevestig met de sensor
Op het indicateipaneel verschijnt onderstaande basisinstelling. Met de sensor können alle instellenen en sensors ^+ of - worden doorgenomen en gewijzigd. - Druk tenslotte de sensor in gedurende ca. 4 seconden. Alle basisinstellungen zijn toegepast.
De basisinstellungen können op elk moment opniewu gewijzigd worden.
Automatische uitschakeling
Indien verschillende uren verstrieken en de instellenen van het apparaat Niet gewijzigd worden dan wordt de automatische uitschakeling geactiveerd. De oven verwarmt Niet meer. Dit is afhankelijk van de temperatuur en van het geselecteerde grillniveau.
De automatisch uitschakeling worden geactiveerd
Er klinkt een signaal. Op het indicatiepaneel verschijnt F8. De oven verwarmt Niet meer.
Draai de functieknop maar de nulstand. De oven wordenuitgeschakeld.
Eliminen van de automatische uitschakeling
Opdat de automatische uitschakeling Niet per ongeluk zou worden geactiveerd,要去 een duur van de kooktijd geselecteerd worden. De oven verhitten tot deze duur verstreten is.
Zelfreiniging
Tijdens de zelfreiniging worden de oven verhit op ca. 500^ . De braad- en bakresten worden verbrand en dan hoeft enkel het as UIT de oven worden verwijderd.
Er zich drie reinigingsniveauaus beschikkaar.
Niveau Reinigingsgraad Duur
| i | laag ca. 1=uur en 15 minuten |
| 2 | gemiddeld ca. 1=uur en 30 minuten |
| 3 | intensief ca. 2=uur |
Hoe vuiler en langer vuil, hoe hoger het reinigingsniveau要去en. De binnenzijde van de oven van de oven dient om de tweettot drie maanden te worden gereinigd. Voor de reiniging is ca..2,5 - 4,7 kilowatt-uur vereist.
Belangrijke aanwijzingen
Voor uw verilgheid vergrendelt de ovendeur automatisch. De ovendeur kan pas waar worden geopend wanner de binnenruimte enigszins is afgekoeld en het slot-symbool van de vergrendeling verdwenen is.
Tijdens de zelfreiniging brandt de ovenlamp in de binnenruimte Niet.
Risico van verbranding!
De binnenruimte wordenijdens de zelfreiniging zeer heet. Nooit de apparaatdeur openen of de vergrendelingshaak met de hand verschuiven. Het apparaat lately afkoelen. Zorg ervoor dat kinderen uit de buurt blijven.
De buitenkant van het apparaat wordenijdens de zelfreiniging zeer heet. De apparaatdeur nooit aanraken. Het apparaat lately afkoelen. Zorg ervoor dat kinderen uit de buurt blijven.
Risico van brand!
De buitenkant van het apparaat worden tijdens de zelfreiniging zeer heet. Nooit brandbare voorwerpen, bijv. theedoeken aan de deurgreep hangen. Zorg ervoor dat de voorkant van het apparaat vrij blijft.
Vórdezelfreiniging
De binnenzijde van de oven要去 leeg�. Verwijder de toebehoren, de pannen en de roosters of rails links en rechts. Raadpleeg hoofdstuk Onderhoud en reiniging om de roosters of rails links en rechts los te haken.

Reinig de ovendeur en de zijvlakken aan de binnenzijde van de oven bij de zone van de voegen.
Brandgevaar!
Etensresten, vet en braadjus können vlam vatten. Reinig met een vochtige doek de binnenzijde van de oven en de toebehoren die gereinigd zullen worden in de oven.
Gezamenlijke reiniging van het toebehoren
De rooster of rails links en rechts zichn nicht geschikt voor zelfreiniging. Neem deze uit de oven.
Voor een optimale reiniging van de binnenzijde van de oven wordt aanbevolen de zelfreiniging Niet te gebruiken met de bakplaten. Niettemin kan met de steun voor toebehoren die diepe geemailleerde universele plaat of de vlakke geemailleerde bakplaat gereinigd worden met zelfreiniging. Reinig alttijd een toebehoren tegelijkkertijd.
Het rooster mag nicht worden gereinigd met de functie zelfreiniging
Indien uw oven Niet voorzien is van deze steun,(Int, u deze kopen via de technische dienst of via Internet met materiaialummer 466546.
De steun voor toebehoren worden links en rechts ingevoegd.


Verwijder voedsel-, olie- en braadvochtresten van het toebehoren met water.
Plaats de universe bleadslede of vlokke bakplaat op de steun.
Belangrijke risico's voor de gezondheid!
Voer geen bakplaten noch antikleefbakvormen in tijdens de reining. De hevige warmte doet de antiaanbaklaag verdwijnen en giffige gassen ontstaan.
Installing
Stel, nadat het reinigingsniveau gekozen is, de oven in.
- Selecteer de functie Zelfreiniging met de functieknop.
2.Stel het gewenste reinigingsniveau in met de sensors + of -
Op het indicatiepaneel worden het reinigingsniveau en het symbool getoond. De zelfreiniging begint na verloop van enkele seconden.
Net na de aanvang worden de ovendeur geblokkeerd. Op het indicatiepaneel is het symbool verlicht. Wanner het symbool uit is, kan de ovendeur opnieuw geopend worden.
De zelfreiniging is beeindigd
Op het indicatiepaneel verschijnt 00:00. De oven verwarmt zicheer. Draai de functieknop waar de nulstand. De oven wordtuitgeschakeld. De overendeur kan opnieuw geopend worden wanner het symbol 品 van het indicatiepaneel uitdooft.
Wijzigen van het reinigingsniveau
Na de aanvang kan het reinigingsniveau niet gewijzigd worden.
Onderbreken van de zelfreiniging
Draai de functieknop maar de nulstand. De oven wordtuitgeschakeld. De ovendeur kan opniew geopend worden wonneer het symbool van het individatiepaneel uitdooft.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Met de oven kan men het tijdstip programmeren waarop de zelfreiniging beeindigd moet worden. Zo kan de zelfreiniging bijvoorbeeld's nachts uitgevoerd worden, zodat de oven overdag gezrukt kan worden.
Programmeer Zoals beschreiben in punt 1 en 2. Druk, voordat de zelfreiniging gestart worden, driemaal op de sensor en stel de eindtijduit met de sensors ^+ of-
De oven gaat nu in de wachtstand staan. Op het indicatiepaneel verschijnen het reinigingsniveau en het symbool I. Wanner de zelfreiniging gestart worden, verschijnen het reinigingsniveau en het symbool I. Het symbool I wordt uitgeschakeld.
De tijdinstellungen opvragen
Om de duur, het reinigingsniveau of de eindtijd van de zelfreiniging te raadplegen, druk verschillende keren op de sensor tot het gewenste symbol waar branden. De overeenstemmende waarde worden gedurende enkele seconden op het individatiepaneel getoond.
Na de zelfreiniging
Reinig, wanneer de binnenzijde van de oven afgekoeld is, de asresten met een vochtige doeck.
Onderhoud en reiniging
Door de oven goed te reinigen en te onderhonden blijft hij er lang glanzend uit zien en blijft de werkking goed. Hierna worden beschreiben hoe de oven moet worden onderhonden en gereinigd.
Aanwijzingen
Het is möglichd dat er verschillende kleurschakeringen aan de voorzijde van de oven ontstaan, als gevolg van de verschillende materialen zoals glas, plastic of metaal.
- De schaduwen die op het glas van de deur zichtbaar zijn en die op vuil lijken,+zijn in werkelijkheid Lichtweerkaatsingen van de ovenlamp.
Het email verbrandt bij zeer hoge temperaturen. Hierdoor kuren lichte verkleuringen ontstaan. Dit verschijnsel is normal en heeft geen invloed op de werking van de oven. De randen van de dunne bakplaten kuren Niet hebemaal geemailled worden. Daarom kuren ze ruw aanvoelen. Dit heeft geen invloed op de antiroestbescherming.
Reinigingsmiddelen
Neem de aanwijzingen in de tabel in acheit, zodate verwischillende oppervlaktes van de oven Niet beschadigd raken door het gebruik van een ongeschikt reinigingsmiddel. Gebruik geen:
■bijtende of zure reinigingsmiddelen,
sterke alcoholhoudende producten,
schuursponzen of harde sponzen,
hogedrukreinigers of stoommachines.
Was neue doekjes goed UIT alvorens ze te gebruiken.
Zone Reinigingsmiddelen
| Voorzijde van de oven | Warm water met een beetje afwasmiddel: Schoonmaken met een doeke en afdro-gen met een zachte doek. Gebruik geen glasreiniger of glassschrapers. |
| Roestvrij staal | Warm water met een beetje afwasmiddel: Schoonmaken met een doeke en afdro-gen met een zachte doek. Maak vlekken veroorzaakt door kalk, vet, maismeel en eiwit onmiddelijk schoon. Onder deze vlekken kan anders corrosie ontstaan. Bij de Technische Dienst of gespecialiseerde handelszaken�n speciale produc- ten voor het onderhoud van roestvrij staal verzrikrijkbaar, die geschikt�n voor warmer opervlakken. Breng het reinigingsmiddel met een heel fijn, zacht doeke aan. |
Glas Glasreiniger: Reinigen met een zachte doek. Gebruik geen glasschaper.
Zone Reinigingsmiddelen
| Display Glasreiniger:Reinigen met een zachte doek. Gebruik geen alcohol, azijn noch andere bijtende reinigingsmiddelen of zuren. | |
| Glas van de deur Glasreiniger:Reinigen met een zchte doek. Gebruik geen glasschrapers. | |
| Afdekking van de deur | Specifieke producten voor de reiniging van roestvrijstaal (verkrijngbaar bij de centra van de technische dienst of gespeciali-seerde handelszaken). Leef de aanwijzin-gen van de fabrikant na. |
| Binnenzijnde van de oven | Warm water met een beetje afwasmiddel of water met azijn:Reinigen met een doekej.Gebruik bij hardnekig vuil een schuur-sponsje of een speciaal ovenreinigingspro-duct. Gebruik dit alleen als de oven van binnen koud is.Gebruik bij voorkeur de functie zelfreini-ging. Raadpleeg waaroor het hoofdstuk Zelfreiniging. |
| Beschemglas van de ovenlamp | Warm water met een beetje afwasmiddel:Reinigen met een doekej. |
| Roovers of rails Warm water met een beetje afwasmiddel:Zet ze in de week en reinig ze met een doekej of een borstel. | |
| Schuifgeleiders Warm water met een beetje afwasmiddel:Reinigen met een doekej of een borstel.Zet ze Niet in de week en was ze Niet in de vaatwasser. | |
| Toebehoren Warm water met een beetje afwasmiddel:Zet ze in de week en reinig ze met een doekej of een borstel. | |
Lichtfunctie
Om het schoonmaken van de oven te vergemakkelijken kan het ovenlampje worden aangezet.
Het ovenlampje aandoen
Draai de functieknop maar de stand
Het lampje gaat aan.
Uitzetten van de ovenlamp
Draai de functieknop maar de stand o.
De roosters of rails links en rechts los-en vasthaken
De roosters en rails links en rechts kuren verwijderd worden voor de reiniging. De oven要去 koud zich.
1.Til het rooster of de rail aan de voorzijde op en haak hem los (afbeelding A).
2.Trek het rooster of de rail verwolgens helemaalaar voren en neem hem uit (afbeelding B).


Maak de roosters of rails schoon met afwasmiddel en een spons. Voor hardnekkige vlekken worden aanbevolen om een borstel te gebruiken.
De roosters of rails ophangen
1.Steek het rooster of de rail eerst in dechterste gleuf door hem ie'saar achteren te drukken (afbeelding A)
2.en streek hem cervolgens in de voorste gleuf (afbeelding B).


De roovers of rails können maar links ofaar rechts worden afgesteld. De kromming moetশ onderen wijzen.
De ovendeur afnemen en ophangen
Om de deur gemakkelijker te demonteren en het glas schoonte make, kan de ovendeur worden afgenomen.
De scharnieren van de ovendeur zich uitergerust met een blokkeerhendel. Als de blokkeerhendel gesloten is (afbeelding A), kan de deur Niet worden afgenomen. Als de blokkeerhendel geopend worden om de deur af te nemen (afbeelding B), dan blokkeren de scharnieren. Op die manier+kennen ze nicht plotseling sluiten.


Gevaar voor verwonding!
Als de scharnieren Niet geblokkeerd zijn met de hendel, dan können ze plotseling sluiten. Zorg ervoor dat de blokkeerhendels altijd gesloten zijn, behalte bij het afnemen van de deur, en dat de hendels open zijn.
De deur afnemen
1.Doe de ovendeur helemaal open.
2.Neem beidenblokkeerhendels die zich links en rechts bevindenuit (afbeelding A).
3.Sluit de ovendeur tot hij Niet verder kan (afbeelding B). Pak de deur met beiden handen, rechts en links beet. Doe de deur een beetje verder zich en neem hem UIT.


De deur ophangen
Hang de deur weeop, doordezelfde stappen in omgekeerde volgorde op te volgen.
1.Let er bij het weer ophangen van de deur op, dat beide scharnieren precies in hun respectievelijke openings passen (afbeelding A).
2.De onderste gleuf van de scharnieren moeten in beide kanten inpassen (afbeelding B).


Als de scharnieren Niet op de juiste wijze worden gemonteerd, kan het zich dat de deur er nichtrecht in komt.
3.Sluit de blokkeerhendel opnieuw (afbeelding C). Sluit de ovendeur.

Gevaar voor verwonding!
Raak de scharnieren Niet aan als de deur per ongeluk valt of als een scharnier plotseling sluit. Neem contact op met de Technische Dienst
Monteren en demonteren van de ovenruiuten
De ovenruien können worden gedemonteerd zodat ze beter können worden schoongemaakt.
Uitbouwen
- Neem de ovendeur af en leg hem op een doek met de handgreep maar beneden (afbeelding A).
- Schroef eerst de twee onderste bouteen los en nervolgens de twee bovenste bouteen (afbeelding B).


- Neem de achterkant van de deur eruit (afbeelding C).

- Verwijder de twee beugels op het glas (afbeelding D). Druk hiertoe de beugel Lichtjesaar beneden met de duim en trek aan het flapje met de wijsvinger (afbeelding E).


- Hef het binnenste glas op, druk het Lichtjes maar boven en verwijder het langs beneden (afbeelding F).

Maak de glazen schoon met glasreiniger en een zachte doek. Gebruik geen schurende of bijtende reinigingsmiddelen of glassschrapers, deze können het glas beschadigen.
Monteren
Let er bij het monteren van de glazen op dat de inscriptie "right above" linksonder omgekeerd is.
- Voeg het onderste glas waar boven gekanteld in enplaats het langs beneden (afbeelding A).

- Plaats de beugels opnieuw linksboven en rechtsboven (afbeelding B). Haak hiertoe de beugels vast aan de bovenzijde van de steun en druk hierop tot deze vastzitten (afbeelding C).


- Plaats de achechterkant van de deur opnieuw volledig (afbeelding D).
- Trek de boute npiew aan, eerst de onderste boute en verwolgens de bovenste boute (afbeeling E).


Gebruik de oven pas waar als de glazen op de juiste manier gemonteerd zijn.
Wat te doen in geval van een storing
Als zich er een storing voordoet, is dat vaak te wijten aan eenkleine afwijking die eenvoudig te verhelpen is. Probeer de storing te verhelpen met behulp van de onderstaande tabel, alvorens de technische Dienst te bellen.
Storingstabel
| Storing Mogelijk oor-zaak | Oplossing/aanbevelingen | |
| De oven doeht het Niet. | De zekering is defect. | Controler in de zekering-kast of de zekering zich in goede staat bevindt. |
| Stroomuitval. Controller of het Licht in de keuken aan gaat en of andere huishoudelijk apparaten werken. | ||
| Op de indicatorlichten ➀ ennullen op. | Stroomuitval. Stel deijd opnieuw in. | |
| De oven ver-warmt Niet. | Er ligt stof op de contacten. | Draai de draaiknop verschil-lende keren in beiden richtin-gen. |
| De ovendeurgaat Niet open. Op de indicatoris het symboolverlicht. | De ovendeur is geblokkeerd wegens de zelf-reiniging ➁. | Wacht tot hij afgekoeld is en het symbooluitgedoofd is. |
| Op de indicatorverschijnt FG. | De automati-sche uitschake-ling is geactiveerd. | Draai de functieknop maar de nulstand. |
Foutberichten
Druk, wanner er op de indicator een foutbericht getoond wordt met ±b op de sensor Het bericht verdwijnt. De ingestelde tijdfunctie worden gewist. Indien het foutbericht nicht verdwijnt, waarschuw dan de technische Dienst.
Onderstaande fouterberichten kuren verholpen worden door gebruiker.
| Foutbericht | Mogelijk oor-zaak | Oplossing/aanbevelingen |
| EBIT | Een sensor is te lang ingedrukt of is vastgelopen. | Druk alle sensors=een voor eén in. Controller of een sen-sor vastgelopen, bedekt of vuil is. |
| EBIT | De vergrende-ling van de deur is geactiveerd met geopende deur. | Druk op de sensor ⑨. U(Int)kunt opnieuwprogrammeren. |
| EBIT | De temperatuur in de oven is te hoog. | De ovendeur is geblokkeerd en de verhitting is onderbro-ken. Wacht tot de oven afge-koeld is. Druk op de sensor ⑩ en stel deijd opnieuw in. |
Gevaar voor elektrische schokken!
Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door behoorlijk opgeleid personeel van de Technische Dienst.
Vervangen van de ovenlamp
Indien de ovenlamp beschadigd is, moet deze worden verrangen. U kan verrangslampjes aankopen met 220-240V, basis E14, 25W en hittebestendig (T300 °C) bij de technische service of gespecialiseerde handel. Gebruik enkel deze lampjes.
Gevaar voor elektrische schokken!
Sluit het apparaat af van het verdemailnet. Zorg ervoor dat het apparaat waar behoren uitgeschakeld is.
1.Leg een keukendoek in de koude oven om schade te vermijden.
2.Verwijder het beschemmglas door dit maar links te draaien.

3.Vervang het lampje door een gelijkwaardig lampje.
4.Draai het beschermglas opnieuw vast.
5.Neem de keukendoek weg en sluit het apparaat opnieuw aan op het verdemailnet.
Beschermglas
Beschadigde beschemglazen要去en worden verrangen. Beschemglazen zijn verkrijgbaar bij de technische dienst. Vermeld het productnummer en het fabrieksnummer van het apparatusat.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
E-summernFD-number
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst+kennen. Het typeplaatje met de nummers vindt u rechts, aan de zijkant van de ovendeur. Om Niet te lang te hoeven zoeken wanner u de klantenservice nodig hebft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-nr.
FD-nr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ookijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens voor alle landen vindt u in de bijgaande klantenservicemap.
Energie- en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie bespare
- Verwarm de oven alleen voor als dat in het recept of de tabel is aangegeven.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de warmte beter op.
Houd de ovendeur gesloten tijdens de cycli van bakken of braden.
Bij het bereiden van verschillende taarten is het better om zemeteen na elkaar te bakken. De oven is dan nog warm. Op die manier worden de bereidingstijd van de tweede taart verdort. Er kuren ook twee rechtshoeke gabinet boven ingevoerd worden, naast elkaar.
Bij lange kooktijden kan de oven 10 minuten voor het verstreijken van deijd uitgeschakeld worden en worden de restwarmte gebruikt voor het beeindigen.
Verwijdering van afvalstoffen op milieuusparende wijze
Gooi het verpakkingsmaterial op een ecologische manier weg.

Dit apparaat is geidentificierd conform de Richtlijn betreffende Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur WEEE 2002/96/EG. Deze richtig omschrijft het kader voor de recyclage en het opnieuw gebruiken van afgedankte apparaten binnen het hele Europese grondgebied.
Voor u in once kookstudio uitgetest.
Hier vindt u een keur aan gerechten en de waar bij behorende optimale instellenen. Wij latentu zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijt informatatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijt tips over de te gebruiken vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt alsijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst.
Alleen voorverwarmen wonneer dit in de tabel worden aangegeven. Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren. - De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in de vakhandel kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen. Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u Niet nodig heeft uit de binnenruimte. - Gebruik altijd een pannenlap wanner u hete toebehoren of vormen uit de oven neemt.
Gebak
Bakken op een niveau
Bakeen taart bij voorkeur met Boven- en onderwarmte
Indien gebakken worden met Hete Iucht 3D , worden onderstaande hoogten aanbevolen om de toebehoren in te voeren:
Gebakjes in bakvormen: hoogte 2
Gebakjes op deplaat: hoogte 3
Bakken op verschillende niveaus
Gebruik de Hete-luchtmodus 3D
Bakken op 2 niveaus:
Standaardplaat:hoogte 3
Bakplaat:hoogte 1
Bakken op 3 niveaus:
Standaardplaat:hoogte 5
Bakplaat:hoogte 3
Bakplaat:hoogte 1
Bakplaten die tegelijkkertijd in de oven geplaatst zich, hoeven nichtoodzakelijk op hetzelfde ogenblick klaar te zich.
In de tabellen treft u talrijke tips aan voor uw gerechten.
Indien 3 rechtsboekige bakvormen tegelijkertijd gebruikt worden,plaats deze dan op het rooster zoals aangegeven op de afbeelding.

Bakvormen
Het meest geschikt+zijn donkere metalen bakvormen.
Bij lichte bakvormen van dunwandig metaal of glazen vormen is de baktijd langer en wordt het gebak Niet zo gelijkmatig bruin.
Wanner u siliconen vormen wilt gebruiken, raadpleeg dan de informatatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zich vaak kleiner dan normale vormen. De deegvormen en receptgegevens konnen afwijken.
Tabellen
In de tabel staan de optimale verhittingstypes voor alle soorten gebak of toetjes. De temperatuur en de baktijd zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de dichtheid van het deeg. Daarom worden in de kooktabellen.altijd tijdmarges aangegeven. Probeer altijd eerst met de laagste. Een lagere temperatuur geeft een gelijkmatigere, goudgele kleur. Indien nodig kan de temperatuur de volgende keer worden verhoogd.
Indien de oven voorverwarmd worden de kooktijden 5 tot 10 Minutes verminderd.
In de bijlage bij de tabellen, Tips voor het bakken, vindt u meer informatie.
Plaats, om slechts een taart op eeniveau te bakken, de bakvorm op de geemailleerde bakplaat.
Indien verschillende taarten gelijktijdig gebakken worden,\ kunnen de bakvormen samen op het rooster geplaatst worden.
| Gebakjes in bakvormen Bakvorm Hoogte Verhittings- | type | Temperatuur in °C | Duur in minutes | |
| Gebak van cakedeeg, gemakkelijk Tulband/rechthoekige bakvorm 2 | ® | 160-180 60-75 | ||
| 3 rechthoekige bakvormen 3+1 | ® | 140-160 70-90 | ||
| Taart van geklopt deeg,+fijn Tulband/rechthoekige bakvorm 2 | ☐ | 150-170 60-70 | ||
| Taartbodem, cakedeeg Taartvorm 3 | ☐ | 160-180 20-30 | ||
| Fijne vruchtentaart, cakedeeg Ronde bakvorm/springvorm 2 | ☐ | 160-180 50-60 | ||
| Cakedeeg, 2 eieren (voorverwarmen) | Taartvorm 2 | ☐ | 150-170 20-30 | |
| Cakedeeg, 6 eieren (voorverwarmen) | Springvorm | 2 | ☐ | 150-170 40-50 |
| Bodem van zeer+fijn deeg met rand | Springvorm | 1 | ☐ | 180-200 25-35 |
| Vruchten- of kwarktaart, met bodem van verzier+fijn deeg* | Springvorm | 1 | ☐ | 160-180 70-90 |
| Zwitsserse quiche | Pizzaplaat 1 | ☐ | 220-240 35-45 | |
| Cake in tulbandvorm | Tulbandvorm | 2 | ☐ | 150-170 60-70 |
| Pizza, dunne bodem met lichte laag (voorverwarmen) | Pizzaplaat 1 | ☐ | 270 | 10-20 |
| Hartige taart* | Springvorm | 1 | ☐ | 170-190 45-55 |
- Laat de taart ongeveer 20 Minutes afkoelen in de uitgeschakelde en dichte oven.
| Gebakjes bereid op de plaat | Toebehoren | Hoopte | Verhittings-type | Temperatuur in °C | Duur in minutes |
| Cakedeeg met droge laag | Standaardplaat | 2 | ☐ | 170-190 | 20-30 |
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ® | 160-170 | 30-40 | ||
| Cakedeeg met sappige laag, fruit | Standaardplaat | 2 | ☐ | 170-190 | 25-35 |
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ® | 140-160 | 40-50 | ||
| Gistdeeg met droge laag | Standaardplaat | 3 | ☐ | 170-180 | 25-35 |
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ® | 150-170 | 35-45 | ||
| Gistdeeg met sappige laag, fruit | Standaardplaat | 3 | ☐ | 160-180 | 40-50 |
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ® | 150-160 | 50-60 | ||
| Zeer fijn deeg met droge laag | Standaardplaat | 1 | ☐ | 180-200 | 20-30 |
| Zeer fijn deeg met sappige laag, fruit | Standaardplaat | 2 | ☐ | 160-180 | 60-70 |
| Zwitsserse quiche | Standaardplaat | 1 | ☐ | 210-230 | 40-50 |
| Opgerolde cake (voorverwarmen) | Standaardplaat | 2 | ☐ | 170-190 | 15-20 |
| Gistvlecht met 500 g meel | Standaardplaat | 2 | ☐ | 170-190 | 25-35 |
| Zoet brood met 500 g meel | Standaardplaat | 3 | ☐ | 160-180 | 60-70 |
| Zoett brood met 1 kg meel | Standaardplaat | 3 | ☐ | 150-170 | 90-100 |
| Gebakjes bereid op deplaat | Toebehoren | Hoogte Verhittings-type | Temperatuur in °C | Duur in minutes |
| Bladerdeegtaart, zoet Standaardplaat 2 | ☐ | 190-210 55-65 | ||
| Pizza Standaardplaat 2 | ☐ | 200-220 25-35 | ||
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ◎ | 180-200 40-50 | ||
| Geflambeerde taart (voorverwarmen) Standaardplaat 2 | ☐ | 270 15-20 | ||
| Börek Standaardplaat 2 | ☐ | 190-200 40-55 |
| Kleine gebakjes Toebehoren Hoogte Verhittings- | type | Temperatuur in °C | Duur in minutes | ||
| Gebakjes en koekjes Standaardplaat | 3 | ® | 140-160 15-25 | ||
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 130-150 25-35 | ||
| 2 bakplaten + standaardplaat 5+3+1 | ® | 130-150 25-40 | |||
| Theekoekjes (voorverwarmen) | Standaardplaat | 3 | □ | 140-150 30-40 | |
| Standaardplaat | 3 | ® | 140-150 20-30 | ||
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 140-150 25-35 | ||
| 2 bakplaten + standaardplaat 5+3+1 | ® | 140-150 25-35 | |||
| Amandelgebak | Standaardplaat | 2 | □ | 110-130 30-40 | |
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 110-120 35-45 | ||
| 2 bakplaten + standaardplaat 5+3+1 | ® | 110-120 35-45 | |||
| Schuiimtaart | Standaardplaat | 3 | ® | 80-100 | 100-150 |
| Taartjes | Rooster metplaat-taartjesvorm | 3 | □ | 180-200 20-25 | |
| 2 roosters metplaat-taartjesvorm | 3+1 | ® | 160-180 25-30 | ||
| Ensaimada (typisch koffiebroodje van Mallorca) | Standaardplaat | 2 | □ | 210-230 30-40 | |
| Bladerdeegtaart | Standaardplaat | 3 | ® | 190-200 25-35 | |
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 190-200 30-40 | ||
| 2 bakplaten + standaardplaat 5+3+1 | ® | 170-180 35-45 | |||
| Banket van gistdeeg | Standaardplaat | 2 | □ | 190-210 20-30 | |
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 160-180 25-35 | ||
Brood en broodjes
Verwarm de oven voor om het brood te bereiden, behalve wanner anders aangegeven worden.
Doe nooit water in de warme oven.
| Brood en broodjes | Toebehoren | Hoopte | Verhittings-type | Temperatuur in °C | Duur in minutes |
| Gistbrood met 1,2 kg meel | Standaardplaat | 2 | ☐ | 270 | 8 |
| 200 | 35-45 | ||||
| Zuurdesembrood met 1,2 kg meel | Standaardplaat | 2 | ☐ | 270 | 8 |
| 200 | 40-50 | ||||
| Broodcake | Standaardplaat | 2 | ☐ | 270 15-20 | |
| Broodjes (niet voorverwarmen) | Standaardplaat | 3 | ☐ | 200 20-30 | |
| Zoete broodjes van gistdeeg | Standaardplaat | 3 | ☐ | 180-200 15-20 | |
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 150-170 20-30 |
Suggesties en praktische tips voor het bakken
| U kunt desgewenst een eigen recept gebruiken. | U kunt zich oriëfteren door een soortgelijk product in de kooktabel. |
| Manier om te controlleden of de taart van geklopt deeg al gaar is. | Prik ongeveer 10 minuten voor het verstreijken van de in het recept aangeduide baktijd met een houten prikker in het hoogste punt van het gebak . Als de prikker er schoon uitkomt, zonder deegresten, dan is de taart gaar. |
| De taart is ingezakt of Niet gerezen. | Gebruik de volgende keer minder vloeistof selecteer een baktemperatuur van 10 graden lager. Houd u aan de in het recept aangegevenijd voor het kloppen van deeg. |
| De taart is in het midden goed gerezen, maar aan de zijkanten minder hoog. | Vet de bakvorm Niet in. Haal de taart, als hij gaar is, voorzichtiguit de bakvorm met behulp van een mes. |
| De taart is te bruin aan de bovenkant. Zet de taart lager in de oven, selecteer een lagere baktemperatuur en LAST hem langer bakken. | |
| De taart is te droog. Prik verschillende keren met een prikker in de taart als hij klaar is. Sprenkel een paar druppels citroensap of alcoholische drank op de taart. Selecteer de vol-gende keer een baktemperatuur van 10 graden hoger en verminder de baktijd. | |
| Het brood of banket (bijvoorbeeld kwarktaart) zien er van buiten goed uit, maar+zijn van binnen klef (vochtig, met natte gedeeltes). | Gebruik de volgende keer minder vloeistof en LAST het product langer in de oven staan, op een lagere temperatuur. Bak bij taarten met een sappige bekleding eerst de bodem. Stroiervolgens gehakte amandelen of paneermeel over de bodem van de taart alvorens de vulling er op te doen. Volg de aanwijzingen van het recept en de baktijden op. |
| De gebakjes,zijn op onregelmatige manier gebakken. | Door een lagere temperatuur te selecteren wordt het gebak gewelijkmatiger. Bak fijn Gebakjes met boven- en onderwarmte ☐ op eeniveau. Bakpapier dat buiten de rand uitkomt heeft ook invloed op de luchtcirculatie. Knip het altijd pre-cies op de maat van de bakplaat. |
| Devruchtentaart is te Licht van kleur aan de onderzijde. | Zet de volgende keer het gebak een niveau lager. |
| Het sap loopt er uit. Gebruik de volgende keer de braadslede indien deze beschikbaar is. | |
| Kleine gebakjes met gist+kunnen aan elkaar kle-ven tijdens het bakken. | Laat een ruimte van 2 cmussen de gebakjes. Zo hebben ze voldoende ruimte om uit te zetten en aan alle zijden goudbruin te bakken. |
| Er is op verschillende niveaus gebakken. Op de bovenste bakplaat+zijn de gebakjes donkerder dan op de onderste. | Gebruik om op verschillende niveaus te bakken altijd de harelucht 3D ®. Ook al worden er verschillende bakplaten tegelijk gebruikt, wil dat Niet zaggen dat deze op hetzelfdemevent klaar+zijn. |
| Bij het bakken van sappige taarten komt er condens vrij. | Tijdens het bakken kan er waterdamp ontstaan. Een gedeelte van deze damp wordt afgevoerd via het handvat van de overdeur, waar bij op het bedieningsspa-neel of aan de voorzijde van de meubels naast de oven waterdruppels te zien+zijn. Dit is naturukundig bepaald. |
Vlees, gevogelte, vis
Schalen
U Aunt een willekeurige hittebestendige schaal gebruiken. Voor grote gebraden kan ook de geëmailleerde bakplaat gebruikt worden.
Het meest geschikt zijn glazen schalen. Controller of het deksel van de braadpan goed past en sluit.
Indien geämlleerde schalen gebruikt worden, moet meer vloeistof gebruikt worden.
Indien braadpannen van roestvrij staal gebruikt worden, za het vlees Niet zo goudbruin bakken en kan het zichs weinig doorbakken zijn. Verleng in dit geval de kooktijd.
Gegevens aangeduid in de tabellen:
Schaal zonder deksel = open
Schaal met deksel = gesloten
Plaats de schalen alkijd midden op het rooster.
Zet glazen schalen die heet zichn alkijd op een droge keukendoek. Het glas kan barsten als het steunoppervlak vochtig of koud is.
Braden
Voeg aan mager vlees een beetje vloeistof toe. De bodem van de vom dient ca. 12 cm bedekt te zichn.
Voeg aan stoofvlees royaal vloeistof toe. De bodem van de vorm dient ca 1 - 2 cm bedekt te zichn.
De hoeveelheid vloeistof is afhankelijk van het soort vlees en het materiaal van de vormen. Wanner u vlees in geëmailleerde braadvormen klaarmaakt, is er wat meer vloeistof nodig dan in glazen vormen.
Braadsledes van roestvrij staal,zijn slechts beperkt geschikt. Het vlees gaart langzamer en wordt minder bruin.Houd een hogere temperatuur en/of een langere bereidingsstijd aan.
Braden op de grill
Braad altijd op de grill met gesloten oven.
Verwarm de oven, om te braden op de grill, gedurende ca 3 Minutes voor, alvorens het product in de oven te doein.
Leg de stukken rechtstreeks op het rooster. Als u slechts een stuk wilt grillen,ukt dit het best wanner u het midden op het rooster legt.
Plaats de geëmailleerde bakplaat op hoogte 1. Zo worden de vleesjus opgevangen en worden de oven minder vies.
Plaats de bakplaat of braadslede Niet op hoogte 4 of 5.
Wegens de hitte kan deze verrormen en de binnenzijde van de oven beschadigen bij het verwijderen.
Gebruik indien möglichst stukken van bezelfde dikte. Zo worden deze gelijkmatig goudbruin gebakken en blijven deze sappig. Bestrooi de filets pas met zout na het grillen.
Draai de stukken om na het verstreijken van de 3 / 2 kooktijd.
De grillweerstand worden automatisch in- en uitgeschakeld. Dit is normalaal. De frequentie is afhankelijk van het geprogrammeerde grillniveau.
Draai stukken vlees na de helft van deijd om.
Als het vlees klaar is, moet het nog 10 minutes in deuitgeschakelde, gesloten oven blijven. Het�回t kan zich dan beter verdelen.
Wikkel rosbief na de bereiding in aluminiumfolie en LAST het 10 minuten in de oven nagaren.
Snijd bij varkensvlees met zwoerd, het zwoerd kruisgewijs in en leg het vlees eerst met het zwoerd maar beneden in de vorm.
Vlees
| Vlees Gewicht Toebehoren en schalen Hoogte Verhit- | ttingstype | Temperatuur in °C, grillniveau | Duur in minutes | |||
| Rundvlees | ||||||
| Stoofschotel van rundvlees 1,0 kg gesloten 2 | ☐ | 200-220 100 | ||||
| 1,5 kg 2 | ☐ | 190-210 120 | ||||
| 2,0 kg 2 | ☐ | 180-200 140 | ||||
| Rundfilet, medium 1,0 kg open 2 | ☐ | 210-230 60 | ||||
| 1,5 kg 2 | ☐ | 200-220 80 | ||||
| Rosbief, medium 1,0 kg open 1 | ☑ | 220-240 60 | ||||
| Biefstuk, 3 cm dik, medium Rooster + standardplaat 5+1 | ☐ | 3 | 15 | |||
| Kalfsvlees | ||||||
| Kalfsgebraad | 1,0 kg | open 2 | ☐ | 190-210 110 | ||
| 1,5 kg 2 | ☐ | 180-200 130 | ||||
| 2,0 kg 2 | ☐ | 170-190 150 | ||||
| Kalfsbout | 1,5 kg | open 2 | ☐ | 210-230 140 | ||
| Varkensvlees | ||||||
| Gebraad zonder korst ( bijv. nek) | 1,0 kg | open | 1 | ☑ | 190-210 120 | |
| 1,5 kg 1 | ☑ | 180-200 150 | ||||
| 2,0 kg 1 | ☑ | 170-190 170 | ||||
| Gebraad met korst ( bijv. rug) | 1,0 kg | open | 1 | ☑ | 190-210 130 | |
| 1,5 kg 1 | ☑ | 180-200 160 | ||||
| 2,0 kg 1 | ☑ | 170-190 190 | ||||
| Varkenslendestuk | 500 g | Rooster + standardplaat | 3+1 | ☑ | 230-240 30 | |
| Varkensgebiaad, mager | 1,0 kg | open 2 | ☐ | 190-210 120 | ||
| 1,5 kg 2 | ☐ | 180-200 140 | ||||
| 2,0 kg 2 | ☐ | 170-190 160 | ||||
| Schouderham met been | 1,0 kg | gesloten | 2 | ☐ | 210-230 70 | |
| Biefstuk, 2 cm dik | Rooster + standardplaat | 5+1 | ☑ | 3 | 15 | |
| Varkensmedaillons, 3 cm dik | Rooster + standardplaat | 5+1 | ☑ | 3 | 10 | |
| Lamsvlees | ||||||
| Lamsrug met bot | 1,5 kg | open | 2 | ☑ | 190-210 60 | |
| Lamsbout zonder bot, medium | 1,5 kg | open 1 | ☑ | 160-180 120 | ||
| Wild | ||||||
| Reemedaillons met bot | 1,5 kg | open 2 | ☐ | 200-220 50 | ||
| Reebout zonder bot | 1,5 kg gesloten | 2 | ☐ | 210-230 100 | ||
| Everzwijngebraad | 1,5 kg gesloten | 2 | ☐ | 180-200 140 | ||
| Hertgebiaad | 1,5 kg | gesloten | 2 | ☐ | 180-200 130 | |
| Konijn | 2,0 kg | gesloten | 2 | ☐ | 220-240 60 | |
| Gehakt | ||||||
| Gebraad van gehakt | van 500 g vlees | open 1 | ☑ | 180-200 80 | ||
| Worstjes | ||||||
| Worstjes | Rooster + standardplaat | 4+1 | ☐ | 3 | 15 | |
Gevogelte
Het gewicht van de tabel verwijst maar bevogelte zonder vulling en klaar om te braden.
Leg het hele gezogelte op het rooster, eerst met de borst maar beneden. Draai het om na het verstreijken 23 van de geschatte tijd.
Draai de stukken gebraad, kalkoenrollade of kalkoenborst om nadat de helft van de kookitijd verstreken is. Draai de stukken gezogelte om na 2% van dearend.
Indien eend of gans bereid wordt, prik dan in het vel onder de vleugels zodat het vet vrijkomt.
Het gezogelte worden heel goudbruin en knapperig gebakken als het gegen het einde van de kookitijd worden bestreken met boter, water met zout of sinaasappelsap.
Plaats bij het braden op de grill rechtstreeks op het rooster de geemailleerde bakplaat op hoogte 1.
| Gevogelte Gewicht Toebehoren en | schalen | Hoopte Verhittings-type | Temperatuur in °C, grillniveau | Duur in minutes | |
| Kip, hele 1,2 kg Rooster 2 | ‡ | 220-240 60-70 | |||
| Poularde, hele 1,6 kg Rooster 2 | ‡ | 210-230 80-90 | |||
| Kip, helften van 500 g per stuk | Rooster | 2 | ‡ | 220-240 40-50 | |
| Stukken kip van 150 g per stuk | Rooster 3 | ‡ | 210-230 30-40 | ||
| Stukken kip van 300 g per stuk | Rooster 3 | ‡ | 210-230 35-45 | ||
| Kippenborst | van 200 g per stuk | Rooster | 3 | 3 | 30-40 |
| Eend, hele | 2,0 kg Rooster 2 | ‡ | 190-210 100-110 | ||
| Eendenborst | van 300 g per stuk | Rooster | 3 | ‡ | 240-260 30-40 |
| Gans, hele | 3,5-4,0 kg | Rooster | 2 | ‡ | 170-190 120-140 |
| Ganzenbouten | van 400 g per stuk | Rooster 3 | ‡ | 220-240 40-50 | |
| Kleine kalkoen, hele | 3,0 kg Rooster 2 | ‡ | 180-200 80-100 | ||
| Kalkoenrollade | 1,5 kg open | 1 | ‡ | 200-220 110-130 | |
| Kalkoenborst | 1,0 kg gesloten | 2 | ‡ | 180-200 90 | |
| Kalkoendij zonder bot | 1,0 kg Rooster | 2 | ‡ | 180-200 90-100 | |
Vis
Draai de stukken gevogelte om na 2 / 3 van dearend.
Hele vissen hoeven Niet te worden gekeerd. Plaats de hele vis in de zwemstand, met de rugvin waar boven, in de oven. Doe, opdat de vis stabel blijft liggen, een gesneden aardappel of
klein schaaltje dat geschikt is voor de oven in de buik van de vis.
Voeg, als u visfilets bakt, enkele eetlepels vloeistof toe om te smoren.
Plaats bij het braden op de grill rechtstreeks op het rooster de geemailleerde bakplaat op hoogte 1.
| Vis | Gewicht | Toebehoren en schalen | Hoopte | Verhittings-type | Temperatuur in °C, grillniveau | Duur in minutes |
| Vis, hele | van ca. 300 g | Rooster | 2 | □ | 2 | 20-25 |
| 1,0 kg | Rooster | 2 | □ | 200-220 | 45-55 | |
| 1,5 kg | Rooster | 2 | □ | 190-210 | 60-70 | |
| 2,0 kg | gesloten | 2 | □ | 190-210 | 70-80 | |
| Vis, buikgedeelte 3 cm dik | Rooster | 3 | □ | 2 | 20-25 | |
| Visfilet | gesloten | 2 | □ | 210-230 | 25-30 |
Tips voor het braden en grillen
| Voor het gewicht van het vlees staan geen gegevens in de tabel. | Maak uw keuze in overeenstemming met het eerstvolgende, lagere gewicht en houd een langereijd aan. |
| Hoe(Intkunt u vaststellen of het vlees klaar is? | Gebruik de vleestermometer (verkrijgbaar in de specialzaak) of doe de "lepeltest". Druk met een lepel op het vlees. Voelt het stevig aan, dan is het klaar. Geeft het mee, dan heeft het nog watijd nodig. |
| Het vlees is te donker en de korst is op enkeleplaatsen verbrand. | Controleer de inschuifhoogte en de temperatuur. |
| Het vlees ziet er goeduit, maar de jus is aangebrand. | Neem de volgende keerkleiner braadgerei of voeg wateer vloeistof toe. |
| Het vlees ziet er goeduit, maar de jus istelicht en te waterig. | Gebruik de volgende keer groter braadgerei en voeg minder vloeistof toe. |
| Bij het overgieten van het vlees ontstaat waterdamp. | Dit is normaal. Een groot deel van de waterdamp ontsnaptuit de oven. Het kan neer-slaan op het koudere schakelpaneel of op meubilair en als condens neerdruppelen. |
Gegratineerde gerechten, souflés, toast
Plaats de schaal.altijd op het rooster.
Plaats bij het braden rechtstreeks op het rooster, zonder schaal, de geëmailleerde bakplaat op hoogte 1. Zo blijft de oven schoner.
De mate waarin het gerecht gegratineerd is, is afhankelijk van de afmeting van de schaal en van de hoogte van de gegratineerde schotel. De gegevens die vermeld staan in de tabel zich enkel richtwaarden.
| Gerecht Toebehoren en schalen Hoogte Verhittings- | type | Temperatuur in °C, grillniveau | Duur in minutes | |
| Gegratineerde gerechten | ||||
| Zoete, gregarineerde gerechten Bakvorm om te gratineren 2 | ☐ | 180-200 50-60 | ||
| Soufflé Bakvorm om te gratineren 2 | ☐ | 180-200 35-45 | ||
| Bakvormpjes voor een portie 2 | ☐ | 200-220 25-30 | ||
| Gegratineerd pastagerecht Bakvorm om te gratineren 2 | ☐ | 200-220 40-50 | ||
| Lasagne Bakvorm om te gratineren 2 | ☐ | 180-200 40-50 | ||
| Gegratineerd gerecht | ||||
| Gegratineerde aardappelen met rauwe ingrediënten, max. 4 cm hoop | 1 bakvorm om te gratineren 2 | \( ☑ \) | 160-180 60-80 | |
| 2 bakvormen om te gratineren 3+1 | \( ☑ \) | 150-170 60-80 | ||
| Toast | ||||
| 4 stuks, gregarineerd Rooster + standardplaat | 3+1 | \( ☑ \) | 160-170 10-15 | |
| 12 stuks, gregarineerd | Rooster + standardplaat | 3+1 | \( ☑ \) | 160-170 15-20 |
Bereide producten
Volg de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking op. Leg bakpapier op het toebehoren en controllerer of dit papier geschikt is voor hoge temperatures. Pas de maat van het
papier aan op de maat van het gerecht dat moet worden bereid.
Het verkreten resultaat is rechtstreeks afhankelijk van het type voedsel. Er kuren onregelmatigheden en kleurverschillen optreden bij rauwe producten.
| Gerecht | Toebehoren | Hoopte | Verhittings-type | Temperatuur in °C | Baktijd, minuten |
| Diepvriespizza | |||||
| Pizza met dunne bodem | Standaardplaat | 2 | ☐ | 210-230 | 15-30 |
| Standaardplaat + rooster | 3+1 | ® | 180-200 | 25-35 | |
| Pizza met dikke bodem | Standaardplaat | 2 | ☐ | 180-200 | 20-30 |
| Standaardplaat + rooster | 3+1 | ® | 170-190 | 30-40 | |
| Pizza-stokbrood | Standaardplaat | 3 | ☐ | 190-200 | 20-25 |
| Minipizza | Standaardplaat | 3 | ☐ | 190-210 | 10-20 |
| Diepvriespizza | |||||
| Pizza (voorverwarmen) | Standaardplaat | 1 | ☐ | 190-210 | 10-20 |
| Diepvriesproducten gemaakt van aardappelen | |||||
| Frites | Standaardplaat | 3 | ☐ | 190-210 | 20-30 |
| Standaardplaat + bakplaat | 3+1 | ® | 190-200 | 35-45 | |
| Krokten | Standaardplaat | 3 | ☐ | 200-220 | 25-30 |
| Aardappelomelet, gemulde aardappelen | Standaardplaat | 3 | ☐ | 210-230 | 15-25 |
| Diepvriesbakkersproducten | |||||
| Broodjes, stokbrood | Standaardplaat | 3 | ☐ | 180-200 | 10-20 |
| Duits brood Brezel (bakkersdeeg) | Standaardplaat | 3 | ☐ | 210-230 | 15-25 |
| Voorgebaktern bakkersproducten | |||||
| Broodjes, stokbrood | Standaardplaat | 2 | ☐ | 190-210 | 10-20 |
| Standaardplaat + rooster | 3+1 | ® | 160-180 | 20-25 | |
| Gefrituurdene gerechten, diepvriesgerechten | |||||
| Vissticks | Standaardplaat | 2 | ☐ | 220-240 | 10-20 |
| Kipsticks, nuggets | Standaardplaat | 3 | ☐ | 200-220 | 15-25 |
| Gerecht Toebehoren Hoogte Verhittings- | type | Temperatuur in °C | Baktijd, minutes | |||
| Diepvriesbladerdeegtaart | ||||||
| Bladerdeegtaart Standaardplaat 3 | 200-220 35-40 | |||||
| Bijzondere gerechten | 3.Giet dit in koppen of potten en dek deze af met plastic folie. | |||||
| Bijlage temperatuur worden een smeuige smakelijkke yoghurt en een luchtig gistdeeg verkreten. | 4.Verwarm de oven voor zoals is aangeduid. | |||||
| Haal eerst de accessoires en de roovers of rails links en rechtsuit de oven. | 5.Zet verzolgens de koppen of potten in de oven op de bodem en ga te werk zoals is aangegeven. | |||||
| Yoghurt bereiden | Laat het gistdeeg rijzen | |||||
| 1.Kook 1 liter melk (3,5% vetgehalte) en LAST het afkoelen tot 40 °C. | 1.Bereid het gistdeeg op de gebruikelijke wijze. Doe het deeg in een hittebestendige aardewerken schaal en dek deze af. | |||||
| 2.Meng 150 g yoghurt (op koelkasttemperatuur). | 2.Verwarm de oven voor zoals is aangeduid. | |||||
| 3.Schakel het apparaatuit en LAST het deeg in de oven rijzen als de ovenuit is. | ||||||
| Gerecht Schalen Hoogte Verhittingsstype | Temperatuur | Tijd | ||||
| Yoghurt | Plaats de koppen of potten | op de bodem in de oven | ® | Voorverwarmen op 50 °C | 5 min. | |
| 50 °C | 8 u | |||||
| Laat het gistdeeg rij- zen | Plaats een hittebestendige schaal | op de bodem in de oven | ® | Voorverwarmen op 50 °C schakel het apparaatuit en plaats het gistdeeg in de oven. | 5-10 min. | |
| 20-30 min. | ||||||
| Ontdooien | Leg het gezogelt op een bord met de zijde van de borst maar beneden. | |||||
| De ontdooitijd is afhankelijk van het type en de hoeveelheid voedsel. | Aanwijzing: De ovenlamp gaat pas aan als een temperatuur van 60 °C bereikt worden. Dit zorgt voor een optimale nauwkeurige instelling. | |||||
| Volg de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking op. | ||||||
| Haal het diepvriesvoedseluit de verpakking en plaats het in een geschikte schaal op het rooster. | ||||||
| Gerecht | Toebehoren | Hoogte | Soort verwarming | Temperatuur | ||
| Fijne diepvriesproducten | Rooster | 1 | ® | 30 °C | ||
| Bv. slagroomlaarten, roomtaarten, taarten met chocolde- of suiker-glazuur, fruit, etc. | ||||||
| Andere diepvriesproducten | Rooster | 1 | ® | 50 °C | ||
| Kip, worst en vlees, brood en broodjes, gebakjes en ander banket | ||||||
| Drogen | Plaats de standardplaat op hoogte 3 en het rooster op hoogte 1. | |||||
| Gebruik uitsluitend fruit en groente in perfecte staat, en was het altijd goed. | Bedek de standardplaat en het rooster met specialbakkapier of met permakentpapier. | |||||
| Laat het water goed uitlekken en droog ze helemaal af. | ||||||
| Gerecht | Hoogte | Soort verwarming | Temperatuur in °C | Baktijd, uren: | ||
| 600 g appel in schijfjes | 1+3 | ® | 80 | ca. 5 u | ||
| 800 g peren, in stukjes | 1+3 | ® | 80 | ca. 8 u | ||
| 1,5 kg pruimen | 1+3 | ® | 80 | ca. 8-10 u. | ||
| 200 g aromatische kruiden, schoongemaakt | 1+3 | ® | 80 | ca. 1½ u. | ||
Aanwijzing: Als het fruit of de groente veel sap of water bevatten, moeten ze meertere keren worden omgedraaid. Verwijder ze, als ze gedroogd+zijn, meteen van het papier.
Jam koken
Voor het koken moeten de potten en de elastiekjes schoon en in perfecte staat zijn. Gebruik indien möglichk potten van gelijke groote. De waarden van de tabellen verwijzenaar Ronde potten van een liter.
Attentie!
Gebruik geen grotere of hogere potten. De deksels konnen springen.
Gebruikuitsluitend fruit en groente in perfecte staat. Was dit grondig.
De tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Deze kunnen varieren afhankelijk van omgevingstemperatuur, het aantal potten, de hoeveelheid en de temperatuur van de inhoud van de potten. Kijk voordat u het apparaat uitschakelt of er zich in de potten belletjes gezormd hebben.
Bereiding
- Doe het fruit of de groente in de potten, maar Niet tot de rand.
-
Reinig de rand van de potten; deutsche moeten schoon zijn.
-
Plaats op elke pot een vochtig elastiekje en een deksel.
- Sluit de potten met klemmen.
Zet nooit meer dan zes potten tegelijk in de oven.
Programming
- Plaats de standardplaat op niveau 2. Plaats de potten op de planta zonder dat deze elkaar raken.
- Giet 1 / 2 liter warm water (ca. 80^) op de standaardplaat.
- Sluit de ovendeur.
4.Zet de functieknop op onderwarmte - Stel de temperatuur af:tussen 170 en 180^
Jam koken
Na ca. 40 - 50 minutes vormen zich belletjes met krine tussenpauzen. Schakel de ovenuit.
Haal de potten uit de oven na ca. 25 - 35 Minutes (gedurende zeijd worden de restwarmte benut). Indien deze langer afkoelen in de oven, kunden zich kiemen vormen die de verzuring van de jam in de hand werkken.
Fruit in potten met een inhoud van 1 liter Vanaf het verschijnen van belletjes Restwarmte
| Appels, bessen, aardbeien uitschakelen ca. 25 minuten |
| Kersen, abrikozen, perziken, bessen uitschakelen ca. 30 minuten |
| Appel-, peren-, pruimenmoes uitschakelen ca. 35 minuten |
Groente koken
Stel, zodra zich belletjes vormen in de potten, de temperatuur opniew in op ca. 120 - 140 °C. Ca. 35 - 70 Minutes afhankelijk van het type groente. Schakel, na het verstrijken van deze tijd, de oven uit en benut de restwarmte.
| Groenten met koude bereiding in potten met een inhoud van een liter | Vanaf het verzchijnen van de belletjes 120-140 °C | Restwarmte |
| Augurken - ca. 35 minutes | ||
| Rode bieten ca. 35 minutes ca. 30 minutes | ||
| Spruitjes | ca. 45 minutes ca. 30 minutes | |
| Bonen, koolrabi, rodekool | ca. 60 minutes ca. 30 minutes | |
| Erwten | ca. 70 minutes ca. 30 minutes |
Haal de potten uit de oven
Neem de pottenuit de oven wanner de bereiding beeindigd is.
Attentie!
Plaats geen hare potten op een koude of vochtige bodem.
De potten können anders kapotspringen.
Acrylamide in het voedsel
Acrylamide ontstaat vooral bij op hoge temperaturen bereide graan- en aardappelproducten, bv. frites, toast,broodjes, brood en fijn gebak (koekjes, gekruide pasta, kerstkoekjes).
| Tips voor het bereiden van voedsel met een laag acrylamidegehalte | |
| Algemeen | ■ Beperk de kooktijd zoveel möglichk. ■ Bak het voedsel goudbruin, maar het Niet te bruin bakken. ■ Groot en dik voedsel bevat weinig acrylamide. |
| Bakken | Met boven- en onderwarmte max. 200 °C Met hare lucht 3D max. 180 °C. |
| Gebakjes en koekjes | Met boven- en onderwarmte max. 190 °C. Met hare lucht 3D max. 170 °C. Ei en eierdooier verminderen acrylamidevorming. |
| Frites in de oven | Verdeel de frites gelijkmatig in een laag over de plaat. Bak minstens 400 g. per plaat zodat de frites Niet te droog worden |
Testgerechten
Deze tabellen zijn gemaakt voor onderzoeksinstituten om het controlleren en testen van verschillende apparaten te vergemakkelijken.
Volgens EN 50304/EN 60350 (2009) resp. IEC 60350.
Bakken
Bakken op 2 niveaus:
Plaats de universele braadslede op het bovenste niveau en de vlakke bakplaat op het ondersteiveau.
Bakken op 3 niveaus:
Plaats de universele braadslede algid op het bovenste niveau.
Boterkoekjes
Bakplaten die tegelijkkertijd in de oven geplaatst zich, hoeven Nietoodzakelijk op hetzelfde ogenblick klaar te zich.
Bedekte appeltaart op 1 niveau:
Plaats donkere springvormen van elkaar verwijderd.
Bedekte appeltaart op 2 niveaus:
Plaats donkere springvormen op elkaar.

Gebakjes in blikken springvorm:
Bak met Boven- en onderwarmte op 1 niveau. Gebruik de standardplaat in plaats van het rooster en plaats hierop de springvormen.
| Gerecht Toebehoren en bakvormen Hoogte Verhit- | tingstype | Temperatuur in °C | Tijd in minutes | |
| Boterkoekjes (voorverwarmen*) Standaardplaat 3 | ☐ | 150-160 20-30 | ||
| ◎ | 140-150 20-30 | |||
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ◎ | 140-150 25-35 | ||
| 2 bakplaten + standaardplaat 5+3+1 | ◎ | 140-150 25-35 | ||
| Gebakjes (voorverwarmen*) Standaardplaat 3 | ☐ | 150-170 20-30 | ||
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ◎ | 140-160 25-35 | ||
| Standaardplaat 3 | ◎ | 150-160 25-30 | ||
| 2 bakplaten + standaardplaat 5+3+1 | ◎ | 140-150 25-30 | ||
| Luchtige cake (voorverwarmen*) Springvorm op het rooster 2 | ☐ | 170-180 30-40 | ||
| Luchtige cake Springvorm op het rooster | 2 | ◎ | 165-175 35-45 | |
| Vlakke gisttaart | Standaardplaat 3 | ☐ | 160-180 30-40 | |
| Standaardplaat 3 | ◎ | 140-160 35-45 | ||
| Standaardplaat + bakplaat 3+1 | ◎ | 160-170 30-40 | ||
| Bedekte appeltaart | Rooster + 2 springvormen 0 20 cm. | 1 | 190-210 70-90 | |
| 2 roosters + 2 springvormen 0 20 cm. | 3+1 | ◎ | 170-190 60-80 | |
- Gebruik geen snel verwarmen voor het Voorverwarmen van de oven
De roosters en bakplaten können worden aangeschaft als optioneel toebehoren bij gespecialiseerde handelszaken.
Braden op de grill
Plaats, indien het voedsel rechtstreeks op het rooster gelegd wordt, de geemailleerde bakplaat op hoogte 1. Zo wordt de vleesjus opgevangen en wordt de oven minder vies.
| Gerecht | Accessoires | Hoopte | Soort verwarming | Grillniveau | Tijd in minutes |
| Toast lichtbruin bakken (10 min. voorverwarmen.) | Rooster | 5 | ☐ | 3 | 1½-2 |
| Hamburger rundvlees, 12 stuks* (niet voorverwarmen) | Rooster + geëmailleerde bakplaat | 4+1 | ☐ | 3 | 25-30 |
- Draai om na het verstreijken 2/3 van dearend.