A1000 - Ontvanger Renkforce - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis A1000 Renkforce in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - A1000 Renkforce
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding A1000 - Renkforce en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. A1000 van het merk Renkforce.
GEBRUIKSAANWIJZING A1000 Renkforce
c) Aansluiting van de besturingskabels voor de afstandsbediening ......................................................
Geachte klant, Hartelijk dank voor de aanschaf van dit product. Dit product voldoet aan de voorwaarden van de nationale en Europese wetgeving. Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om deze status van het apparaat te handhaven en een ongevaarlijke werking te garanderen! Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Deze bevat belangrijke instructies voor de inge- bruikname en bediening. Let hierop, ook wanneer u dit product aan derden doorgeeft. Bewaar deze handleiding om haar achteraf te raadplegen! Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be64
2. Voorgeschreven gebruik
De Renkforce versterker A-1000 dient voor het versterken van audiosignalen met een laag niveau in thu- isinstallaties en wordt daarbij tussen de te versterken signaalbron en de luidsprekers geschakeld. De zender versterker mag alleen door een geluidsbron met een laag niveau worden aangestuurd. Dit product is alleen goedgekeurd voor aansluiting op 230 V/50 Hz wisselspanning. Het product mag uitsluitend in gesloten ruimten worden gebruikt, dus niet in de open lucht. Contact met vocht, bijv. in de badkamer, moet absoluut worden voorkomen. Een andere toepassing dan hierboven beschreven, kan leiden tot beschadiging van het product. Daarnaast bestaat het risico van bijv. kortsluiting, brand of elektrische schokken. Aan het complete product mag niets worden veranderd resp. omgebouwd en de behuizing mag niet wor
den geopend. Volg alle veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing op!
3. Verklaring van symbolen
Een bliksemschicht in een driehoek waarschuwt voor onbeschermde spanningvoerende onder- delen resp. componenten binnen in de behuizing of voor contactgevaarlijke aansluitpunten. Aan- raking van deze onderdelen resp. aansluitpunten kan levensgevaarlijk zijn. Leidingen die op dergelijke aansluitpunten worden aangesloten, mogen alleen door een vakman worden aangesloten of er moeten leidingen worden gebruikt die volledig aansluitklaar zijn. In het toestel bevinden zich geen onderdelen die door de gebruiker moeten worden onderhou
den. Het toestel mag daarom nooit worden geopend. Het symbool met een uitroepteken wijst de gebruiker erop, dat hij/zij voor de ingebruikneming van het apparaat de gebruiksaanwijzing moet lezen en deze bij het gebruik in acht moet nemen. Het symbool met de pijl wijst op speciale tips en bedieningsvoorschriften.
- Gebruiksaanwijzing65
5. Veiligheidsaanwijzingen
Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing, vervalt het recht op garantie. Voor gevolgschade die hieruit ontstaat, zijn wij niet aansprakelijk. Voor materiële of persoonlijke schade, die door ondeskundig gebruik of niet inachtname van de veiligheidsvoorschriften veroorzaakt worden zijn wij niet aansprakelijk. In zulke gevallen vervalt de garantie. Geachte klant: De volgende veiligheids- en gevarenvoorschriften hebben niet alleen de bescher
ming van het product, maar ook de bescherming van uw gezondheid tot doel. Lees de volgende punten zorgvuldig door:
- Om veiligheidsredenen is het eigenmachtig ombouwen en/of veranderen van de hoofdtelefoon niet toegestaan.
- Het apparaat is gebouwd volgens Veiligheidsklasse II. Als spanningsbron mag enkel een intact stopcontact van het openbare lichtnet worden gebruikt (230 V/50 Hz).
- Zorg voor een correcte ingebruikneming van het apparaat. Neem hierbij deze gebruiksaanwij
- Zorg dat het netsnoer niet wordt afgekneld, geknikt, door scherpe randen wordt beschadigd of op andere wijze mechanisch wordt belast. Vermijd overmatige thermische belasting van het netsnoer door te grote hitte of koude. Verander het netsnoer niet. Indien u hier niet op let, dan kan het netsnoer beschadigd raken. Een beschadigd netsnoer kan een levensgevaarlijke elektrische schok tot gevolg hebben.
- Als het netsnoer beschadigd is, mag u het niet aanraken. Schakel eerst de betreende wand
contactdoos stroomloos (bijv. via de bijbehorende veiligheidsschakelaar en dierentieelscha
kelaar) en trek daarna de netstekker voorzichtig uit de wandcontactdoos.
- Om een volledige scheiding te krijgen van het stroomnet moet de stekker van het apparaat uit het stopcontact worden getrokken. Het volstaat niet het apparaat met de aan/uit-schakelaar uit te schakelen.
- Houd het product buiten bereik van kinderen; het is geen speelgoed. Kinderen kunnen niet inschatten welke gevaren aan het gebruik van elektrische apparatuur zijn verbonden.
- Zorg dat elektrische apparatuur niet in contact komt met vloeistof. Zet voorwerpen waar vloei
stof in zit niet boven op elektrische apparaten (bijv. vazen). Er bestaat brandgevaar of gevaar voor een levensgevaarlijke elektrische schok. Schakel in dit geval de bijhorende wandcontact- doos spanningsloos (bijv. veiligheids- en dierentieelschakelaar uitschakelen) en trek vervol- gens de netstekker uit het stopcontact. Maak alle kabels los van het apparaat. Het product mag daarna niet meer worden gebruikt, breng het naar een onderhoudswerkplaats.
- Netstekkers mogen nooit met natte handen in de contactdoos worden gestoken of er uit wor
- Let tijdens het gebruik op voldoende ventilatie rondom het apparaat. Dek de verluchtingsope
ningen niet met tijdschriften, dekens, gordijnen of dergelijken af.
- Stel het toestel niet bloot aan hoge temperaturen, druip- of spatwater, sterke trillingen of hoge mechanische belastingen.
- Zet geen brandende voorwerpen, zoals kaarsen, op het apparaat.66
- Raadpleeg een vakman wanneer u twijfelt over de werking, veiligheid of aansluiting van het toestel.
- Het toestel mag nooit zonder toezicht in werking zijn.
- Gebruik het product uitsluitend in een gematigd klimaat; niet in een tropisch klimaat.
- Laat verpakkingsmateriaal niet achteloos slingeren. Dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn.
- Neem ook de veiligheidsvoorschriften in de afzonderlijke hoofdstukken van deze gebruiksaan
- Neem ook de veiligheidsinstructies en gebruiksaanwijzingen in acht van de andere apparaten die op het apparaat worden aangesloten.
- Indien u vragen heeft over de correcte aansluiting of als er problemen zijn waar u in de ge
bruiksaanwijzing geen oplossing voor kunt vinden, neem dan contact op met onze technische helpdesk of met een vakman.
- 2 x 50 W uitgangsvermogen
- 5 stereo-cinchingangen incl. phono-ingang voor de aansluiting van een platenspeler
- Bijkomende aansluitingen voor een opname-apparaat en een equalizer
- Gescheiden bass- en hoge toonregelaar
- Equalizer met 3 voorinstellingen
- Aansluitingen voor koptelefoons en microfoon
- Systeemafstandsbediening ook voor de overige onderdelen van het Renkforce HiFi-systeem67
Houd bij de keuze van de opstellingsplaats rekening met de ruimtelijke omstandigheden, zoals de positie van de dichtstbijzijnde contactdoos etc. Let bij het plaatsen van het apparaat ook op dat blootstelling aan direct zonlicht, trillingen, stof, hitte, kou en vocht moet worden voorkomen. Er mogen zich geen sterke transformatoren of motoren in de nabijheid van het apparaat bevinden. Gebruik het apparaat uitsluitend op een stabiele, horizontale ondergrond. Rondom het apparaat moet voldoende luchtcirculatie kunnen zijn om de ontstane warmte te kunnen afvoeren. Plaats het apparaat daarom alleen op een glad oppervlak, dus niet op bijv. een tapijt. Dek de ventila- tieopeningen van de behuizing nooit af. Het niet opvolgen van deze instructies kan leiden tot beschadiging van het apparaat. Boor voor het bevestigen van het apparaat niet in de behuizing en gebruik geen extra schroe- ven. Daardoor wordt het apparaat beschadigd en is het mogelijk in aanraking te komen met een levensgevaarlijke netspanning. Zorg dat het apparaat stabiel wordt geplaatst aangezien omlaag vallende apparatuur ongeluk
ken kan veroorzaken. Vanwege de verschillende soorten lak en politoer die bij meubels gebruikt worden, kan het niet uitgesloten worden, dat de voetjes van het apparaat door een chemische reactie zichtbare resten op meubels achterlaten. Het apparaat dient daarom niet zonder geschikte bescherming op kostbare meubeloppervlakken te worden geplaatst.68
Controleer voor de aansluiting of de netstekker uit het stopcontact is getrokken. Ontkoppel alle apparaten die moeten worden aangesloten eveneens van de betreende stroombronnen. Let op, dat de audioaansluitingen correct worden verbonden, d.w.z. altijd links met links en rechts met rechts verbinden. a) Aansluiten van de cinchbussen Gebruik voor de aansluiting van de cinch-bussen alleen hiervoor geschikte, afgeschermde cinch-kabels. Bij gebruik van andere kabels kunnen zich storingen voordoen. Om vervormingen of onjuiste aanpassingen te voorkomen die tot beschadiging van het apparaat kunnen leiden, mogen op de cinch-bussen uitsluitend apparaten worden aangesloten die ook zijn voorzien van cinch-aansluitingen. De witte cinch-bus wordt met de linker cinch-aansluiting van het betreende apparaat (bijv. cd- speler) verbonden. De rode cinch-bus wordt met de rechter cinch-aansluiting van het betreende apparaat (bijv. cd-speler) verbonden. Cd-speler
- Verbind de uitgangen van uw cd-speler met de bus CD. Aansluitingen AV1/AV2
- Op deze aansluitingen kunt u uw AV-apparatuur zoals televisie, dvd-speler e.d. aansluiten.
- Verbind ook hier de uitgangen van de AV-apparaten met de bussen AV1 resp. AV2.69 Cassettedeck
- Verbind de uitgangen van uw cassettedeck (meestal aangegeven met PLAY of LINE OUT) met de bus TAPE PLAY.
- Verbind de opname-ingangen van uw cassettedeck (meestal aangegeven met REC of LINE IN) met de bus TAPE REC. Equalizeraansluitingen
- Op deze uitgangen kan een equalizer of signaalprocessor worden aangesloten.
- Verbind de uitgangen van uw equalizer (meestal aangegeven met OUTPUT of LINE OUT) met de bus EQ PLAY.
- Verbind de ingangen van uw equalizer (meestal aangegeven met INPUT of LINE IN) met de bus EQ REC.70 Phono-aansluitingen
- Verbind de uitgangen van uw platenspeler met de bus PHONO. Deze aansluitingen zijn uitsluitend geschikt voor het aansluiten van platenspelers. Sluit hier in ieder geval geen line-apparaten op aan (cd-speler, tuner, enz.) aangezien de phono-ingang dan overstuurd raakt. Dit kan leiden tot schade aan de versterker of luidsprekers. Tuner
- Verbind de uitgangen van uw tuner met de bus TUNER.71 b) Aansluiten van de luidsprekeruitgangen De bedrading naar de luidsprekers moet steeds tweedraads worden uitgevoerd. Isoleer alle aansluitpunten. Zorg dat snoeren niet door scherpe randen kunnen worden beschadigd. Ge
bruik uitsluitend luidsprekers met voldoende belastingscapaciteit (zie de „technische gege- vens“). Verbind de luidsprekers rechtstreeks met de versterker. Gebruik geen koptelefoonadapters of verdelerboxen. Neem in geval van twijfel contact op met een deskundige. Zorg dat alle luidsprekers volgens de juiste polariteit zijn aangesloten, dus de plus- en minte
kens moeten overeenstemmen. De versterker is ontwikkeld voor gebruik met luidsprekerimpedanties van 6 tot 8 ohm. Gebruik in geen geval luidsprekers met een lagere impedantie. Sluit op de uitgangen steeds één lu
idsprekerbox aan. Sluit de twee luidsprekers op de met SPEAKERS aangegeven klemmen aan.
- Verbind de (+)-pool van de linker luidspreker met de rode luidsprekerklem waarop „LEFT+“ staat aange
- Verbind de (-)-pool van de linker luidspreker met de zwarte luidsprekerklem waarop „LEFT-“ staat aan
- Verbind de (+)-pool van de rechter luidspreker met de rode luidsprekerklem waarop „RIGHT+“ staat aangegeven.
- Verbind de (-)-pool van de rechter luidspreker met de zwarte luidsprekerklem waarop „RIGHT-“ staat aangegeven.
R72 c) Aansluiting van de besturingskabels voor de afstandsbediening Wanneer u andere apparaten van de Renkforce HiFi-serie op de versterker gaat aansluiten, kunt u deze apparaten via de systeemafstandsbediening op afstand bedienen. Hiervoor moeten de besturingsbussen van de afzonderlijke apparaten worden verbonden met de bestu
ringsbussen van de versterker. De besturingskabels worden bij de afzonderlijke apparaten geleverd.
- Verbind de besturingsbus van de equalizer met de besturingsbus REMOTE SYSTEM EQ op de achterzijde van de versterker.
- Verbind de besturingsbus van het cassettedeck met de besturingsbus REMOTE SYSTEM TAPE op de achterzijde van de versterker.
- Verbind de besturingsbus van de tuner met de besturingsbus REMOTE SYSTEM TUNER op de achterzijde van de versterker.
- Verbind de besturingsbus van de cd-speler met de besturingsbus REMOTE SYSTEM CD op de achterzijde van de versterker. d) Stroomtoevoer aansluiten Let voor het verbinden van het netsnoer op dat de aan het apparaat aangegeven apparaatspan- ning met de aanwezige netspanning overeenstemt. Als de gegevens niet overeenkomen met de beschikbare netspanning, kunt u het apparaat niet aansluiten. Bij een verkeerde voedingsspan- ning ontstaat ernstige schade. Wees voorzichtig bij het omgaan met netsnoeren en netaansluitingen. Netspanning kan levens
gevaarlijke elektrische schokken veroorzaken. Het stopcontact waarop het apparaat wordt aangesloten, moet gemakkelijk bereikbaar zijn zodat het in geval van storingen snel en zonder gevaren van de netspanning kan worden ge
scheiden. De versterker en alle aangesloten apparaten moeten bij het aansluiten van de voedingsspan
ning zijn uitgeschakeld. Laat kabels niet los liggen. Deze dienen op deskundige wijze gelegd te worden om gevaar voor ongevallen te voorkomen. Controleer of alle elektrische verbindingen, verbindingsleidingen tussen de apparaten en even
tuele verlengsnoeren volgens de voorschriften en in overeenstemming met de gebruiksaan- wijzing zijn aangesloten. Bij gebruik van een verlengsnoer moet u er zeker van zijn dat deze geschikt zijn voor de betreende belasting.
- Steek de netstekker van de versterker in een wandcontactdoos (230 V/50 Hz) van het stroomnet.73
Neem het apparaat pas in gebruik wanneer u zich met de functies en met deze gebruiksaanwij- zing vertrouwd hebt gemaakt. Controleer nog een keer of alle aansluitingen correct zijn. Houd er rekening mee dat geluidregelaars die sterk zijn opengedraaid, van de versterker ook al bij gemiddelde volumes een zeer hoog uitgaand vermogen vragen waardoor deze al gauw over- stuurd raakt. Dit komt tot uiting in vervormingen die schadelijk zijn voor de luidsprekers. Let bij hogere volumes en/of ver opengedraaide klankregelaars daarom of er vervormingen ont
staan en draai in dit geval direct de volume- of klankregelaar terug om beschadiging van de luidsprekers te voorkomen. a) Algemeen (1) Toets POWER Met deze toets wordt de versterker in- en uitgeschakeld. Stand ON > apparaat is ingeschakeld, stand OFF > apparaat is uitgeschakeld. (2) Indicator FUNCTION Deze indicator geeft de gekozen audio-ingang aan. Als de volume-instelling wordt veranderd, geeft deze indicatie het volumeniveau optisch weer. De indicatie keert na korte tijd terug naar de weergave van de gekozen audio-ingang.74 (3) Infraroodontvanger REMOTE SENSOR Deze sensor ontvangt de infraroodsignalen van de afstandsbediening. Richt de afstandsbediening bij het zenden altijd op deze sensor. (4) Toets PRESET EQ Druk achtereenvolgens op deze toets om een van de volgende klankinstellingen te selecteren: Pop (groen) Rock (rood) Klassiek (oranje) FLAT (geen kleur). (5) Regelaar VOLUME Met deze regelaar wordt het geluidsniveau geregeld. Tijdens een wijziging van het volume geeft de indicator FUNCTION (2) het geluidsniveau optisch weer. De indicator keert na korte tijd terug naar de weergave van de gekozen audio-ingang. (6) Toets EXTERNAL PROCESSOR Druk op deze toets om een op de bus EQ aangesloten equalizer of signaalprocessor in de signaalleiding op te nemen. (7) Regelaar MIC LEVEL Met deze regelaar stelt u het volume van de op aansluiting MIC (8) aangesloten microfoon in. (8) Aansluiting MIC Op deze aansluiting kan een dynamische microfoon worden aangesloten. (9) Toets PHONO Met deze toets wordt de phono-ingang geselecteerd. (10) Toets CD Met deze toets wordt de cd-ingang geselecteerd. (11) Toets AV1/AV2 Met deze toets wordt de ingang AV1/AV2 geselecteerd. De beide ingangen AV1 en AV2 worden door meerdere keren drukken op de toets AV1/AV2 (11) geselecteerd. 1x drukken > AV1 geselecteerd > indicatie FUNCTION (2) brandt groen 2 x drukken > AV2 geselecteerd > indicatie FUNCTION (2) brandt rood75 (12) Toets TUNER Met deze toets wordt de TUNER-ingang geselecteerd. (13) Toets TAPE Met deze toets wordt de TAPE-ingang geselecteerd. (14) Regelaar TREBLE Met deze regelaar wordt de klank in het hogetonenbereik geregeld. Draai de regelaar naar rechts om het volume van de hoge tonen te verhogen; draai naar links om dit te verlagen. (15) Regelaar BASS Met deze regelaar wordt de klank in het lagetonenbereik geregeld. Draai de regelaar naar rechts om het volume van de lage tonen te verhogen; draai naar links om dit te verlagen. (16) Toets MUTE Druk op deze toets om de toon eventjes stom te schakelen zonder het ingestelde volume te veranderen (bijv. om een telefoongesprek te voeren). (17) Aansluiting PHONES Hier kunt u de koptelefoon aansluiten. De luidsprekers worden stom geschakeld zodra een koptelefoon met deze aansluiting wordt ver- bonden.76 b) Geluidsbron afspelen
- Draai de volumeregelaar VOLUME (5) geheel linksom.
- Draai de regelaars TREBLE (14) en BASS (15) op de middenstand.
- Schakel de geluidsbronnen, zoals cd-speler, cassettedeck, enz. in.
- Zet de versterker aan met de toets POWER (1).
- Selecteer met de keuzetoetsen voor de ingangen (9-13) de gewenste ingangsbron (bijv. cd-speler).
- Draai de volumeknop VOLUME (5) rechtsom totdat het gewenste volume is bereikt.
- Met de regelaars TREBLE (14) en BASS (15) resp. met de toets PRESET EQ (4) kunt u de klank verande
- Voor het uitschakelen van de versterker draait u de volumeregelaar VOLUME (5) weer geheel naar links en zet u de versterker met de toets POWER (1) uit. Houd deze volgorde aan. Door de in- en uitschakeling in een andere volgorde uit te voeren, kunnen de luidsprekers of de versterker beschadigd raken. c) Opname
- Selecteer met de keuzetoetsen voor de ingangen (9-13) de gewenste opnamebron (bijv. cd-speler).
- Druk op het opnameapparaat op de opnametoets. Het opnameapparaat moet zijn aangesloten op de bus TAPE REC.
- De volume-instelling en klankinstellingen hebben geen eect op de opname.77
10. Afstandsbediening
Met de meegeleverde afstandsbediening kunt u de hoofdfuncties van de versterker en andere apparaten van de Renkforce HiFi-serie comfortabel vanuit uw luie stoel regelen. a) Batterijen plaatsen/vervangen Batterijen buiten bereik van kinderen houden. Batterijen zijn klein chemisch afval en horen niet thuis in het huisvuil. Let bij het plaatsen van de batterijen op de juiste poolrichting. Verwijder de batterijen wanneer u het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt. Laat batterijen niet achteloos liggen; er bestaat het gevaar dat deze door kinderen of huisdieren worden ingeslikt. Raadpleeg bij inslikken onmiddellijk een arts. Let op dat de batterijen niet worden kortgesloten of in vuur worden geworpen. Ze mogen boven
dien niet worden opgeladen. Er bestaat explosiegevaar. Lekkende of beschadigde batterijen kunnen bij huidcontact bijtende wonden veroorzaken; draag in dit geval beschermende handschoenen.
- Verwijder het deksel van het batterijvak aan de achterkant van de afstandsbediening.
- Plaats twee nieuwe 1,5 V-mignoncellen (AA) volgens de juiste poolrichting in het batterijvak. Zie voor de juiste polariteit de bodem van het batterijvak.
- Schuif het deksel van het batterijvak weer op de afstandsbediening.
- Wanneer het bereik van de afstandsbediening minder wordt of helemaal niet meer functioneert, zijn de batterijen leeg en moeten worden vervangen zoals hierboven beschreven.
- Gebruik bij voorkeur alkalinebatterijen. Deze gaan aanzienlijk langer mee dan gewone batterijen.
- Gebruik altijd een combinatie van batterijen of accu‘s van hetzelfde type en merk en met dezelfde laad
status.78 b) Functie van de toetsen (1) Toetsen BAND / MEMO SCAN / MEMO HOLD Toetsen voor gebruik van de tuner: BAND schakelt het ontvangstbereik naar AM > FM > AM > FM... MEMO SCAN loopt de op de stationstoetsen opgeslagen zenders af. MEMO HOLD schakelt de MEMO SCAN functie uit en geeft de zojuist gehoorde zender continu weer. (2) Toetsen VOLUME +/- Volume harder/zachter (3) Toets EXTERNAL PROCESSOR Deze toets heeft dezelfde functie als toets (6) op de versterker. (4) Toets PRESET EQ Deze toets heeft dezelfde functie als toets (4) op de versterker. (5) Functietoetsen voor de cd-speler Deze toetsen hebben dezelfde functies als de toetsen op de cd-speler. (6) Toetsen voor selectie van de ingangen op de versterker Deze toetsen hebben dezelfde functies als de toetsen (9-13) op de versterker.79
- Steek de netstekker nooit direct in een contactdoos als het toestel van een koude in een warme ruimte is gebracht. Het condenswater dat wordt gevormd, kan onder bepaalde omstandigheden het toestel beschadigen. Laat het toestel eerst op kamertemperatuur komen, voordat u de stekker in de contactdoos steekt. Wacht tot al het condenswater is verdampt.
- Trek nooit aan het netsnoer om de stekker uit de contactdoos te verwijderen, pak altijd de netstekker beet bij de daarvoor bestemde greepvlakken om deze uit de contactdoos te verwijderen.
- Neem de netstekker uit de contactdoos als u deze langere tijd niet gebruikt.
- Neem bij onweer de netstekker altijd uit de contactdoos.
- Het wordt afgeraden gedurende een langere periode naar muziek met een te hoog volume te luisteren. Hierdoor kan het gehoor beschadigd raken.
Controleer regelmatig de technische veiligheid van het apparaat, bijvoorbeeld op beschadiging van het netsnoer en de behuizing. Wanneer kan worden aangenomen dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is, mag het apparaat niet meer worden gebruikt en moet het worden beveiligd tegen onbedoeld gebruik. Neem de stekker uit de contactdoos! U mag ervan uitgaan dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is indien:
- het apparaat of het netsnoer zichtbaar beschadigd is
- het toestel niet meer functioneert
- het toestel gedurende langere tijd onder ongunstige omstandigheden is opgeslagen of
- het toestel tijdens transport te zwaar is belast Neem altijd de volgende veiligheidsinstructies in acht voordat u het apparaat gaat schoonmaken of on
derhouden: Bij het openen van deksels en/of het verwijderen van onderdelen van het toestel kunnen span- ningvoerende delen vrij komen te liggen. Daarom moet het toestel voor onderhoud of reparatie worden losgekoppeld van alle spannings
bronnen. Condensatoren in het toestel kunnen nog geladen zijn, zelfs als ze van alle spanningsbronnen zijn losgekoppeld. Een reparatie mag uitsluitend plaatsvinden door een technicus die vertrouwd is met de risico‘s resp. de van toepassing zijnde voorschriften. Reiniging De buitenkant van het apparaat mag slechts met een zachte, droge doek of kwast worden gereinigd. U mag in geen geval agressieve schoonmaakmiddelen of chemische oplosmiddelen gebruiken daar hierdoor de behuizing aangetast en de werking benadeeld kan worden.80
Elektronische apparaten zijn recycleerbare stoen en horen niet bij het huisvuil! Na afloop van de economisch nuttige levensduur moet het product in overeenstemming met de van kracht zijnde wettelijke bepalingen voor afvalverwerking worden verwijderd. Verwijder evt. geplaatste batterijen en gooi deze afzonderlijk van het product weg. Afvoeren van lege batterijen/accu´s U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege batterijen en accu‘s in te leveren; verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan. Batterijen/accu‘s met schadelijke stoen worden met het nevenstaande symbool aangeduid dat wijst op het verbod om het apparaat met het huishoudelijk afval weg te gooien. De aanduidingen voor irriterend werkende, zware metalen zijn: Cd = cadmium, Hg = kwik, Pb = lood. Lege batte
rijen/accu‘s kunnen gratis ingeleverd worden bij de verzamelplaatsen van uw gemeente of bij verkooppunten van batterijen en accu‘s.
14. Verhelpen van storingen
U heeft met dit systeem een product aangeschaft dat volgens de nieuwste stand der techniek is ontwikkeld en veilig is in het gebruik. Toch kunnen zich problemen of storingen voordoen. Daarom wordt hieronder beschreven hoe eventuele storingen kunnen worden verholpen: Neem altijd de veiligheidsinstructies in acht. Er is geen geluid hoorbaar:
- Een apparaat in de afspeelketen is niet ingeschakeld.
- Op de versterker is de verkeerde ingang geselecteerd.
- Op de versterker werd de toets EXTERNAL PROCESSOR (6) ingedrukt, maar het aangesloten apparaat is niet ingeschakeld of er is geen apparaat aangesloten.
- De volumeregelaar VOLUME (5) staat op minimum. Een kanaal werkt niet:
- Er is een cinchkabel van de geluidsbron (bijv. cassettedeck) of versterkeringang los geraakt.
- Een luidsprekerkabel is uit de luidsprekerklemmen los geraakt. Er is een brommend geluid hoorbaar:
- Een cinchkabel is defect.81 Er treedt vervorming op:
- De ingang van de versterker wordt met een te groot signaal aangestuurd.
- Het volume is te hard ingesteld zodat het geluid van de luidsprekers vervormd raakt.
- De klankregelaars voor Bass en hoge tonen zijn de ver opengedraaid.
- De geluidsbron is een apparaat met een hoog niveau en is per ongeluk op de phono-ingang van de versterker aangesloten. De weergave vindt plaats zonder basgeluid:
- Een luidspreker is verkeerdom aangesloten.
- De regelaar BASS (15) op de versterker staat op minimum. De weergave vindt plaats zonder hoge tonen:
- De regelaar TREBLE (14) op de versterker staat op minimum. Andere reparaties zoals hiervoor omschreven mogen alleen door een geautoriseerde vakman worden uitgevoerd.
Notice-Facile