YP 192.C50 - Fornuis FRATELLI ONOFRI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis YP 192.C50 FRATELLI ONOFRI in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over YP 192.C50 FRATELLI ONOFRI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding YP 192.C50 - FRATELLI ONOFRI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. YP 192.C50 van het merk FRATELLI ONOFRI.
GEBRUIKSAANWIJZING YP 192.C50 FRATELLI ONOFRI
Zet de verpakking van uw apparaat niet zomaar bij het afval, maar scheid de verschillende materialen (bijv. laminaat, karton, polystyreenschuim) volgens de plaatselijke voorschriften voor afvalverwerking.
Dit product beantwoordt aan de voorschriften van de communautaire richtlijnen:
- 2006/95/EEG met betrekking tot de "laagspanning".
- 89/336/EEG met betrekking tot de "elektromagnetische storingen".
- 89/109/EEG met betrekking tot "materialen die met levensmiddelen in aanraking komen".
- De bovengenoemde richtlijnen beantwoorden daarnaast aan de richtlijn 93/68/EEG.
- Dit toestel mag uitsluitend worden bestemd voor het gebruik waarvoor het uitdrukkelijk is ontworpen, namelijk "kooktoestel" voor huishoudelijk gebruik.
Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste manier als afval wordt verwerkt, helpt u mogelijk negatieve consequenties voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen die anders zouden kunnen worden veroorzaakt door onjuiste verwerking van dit product als afval.

Het symbool op het product of op de bijbehorende documentatie geeft aan dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. In plaats daarvan moet het worden afgegeven bij een verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten.
Afdanking moet worden uitgevoerd in overeenstemming met de plaatselijke milieuvoorschriften voor afvalverwerking. Voor nadere informatie over de behandeling, terugwinning en recycling van dit product wordt u verzocht contact op te nemen met het stadskantoor in uw woonplaats, uw afvalophaaldienst of de winkel waar u het product heeft aangeschaft.
GEACHTE KLANT,
- Wij verzoeken u vriendelijk om deze gebruiksaanwijzing aandacht door te lezen en goed te bewaren om hem, indien noodzakelijk, te kunnen raadplegen.
- De verpakkingselementen (plastic zakjes, polystyreenschuim, enz.) zijn potentieel gevaarlijk en moeten buiten het bereik van kinderen worden gehouden.
DE GARANTIE
Uw nieuwe toestel wordt gedekt door een garantie.
U vindt het betreffende garantiecertificaat in de bijlage.
Als dit certificaat mocht ontbreken moet u het aan de wederverkoper vragen onder vermelding van de koopdatum, het model en het serienummer zoals vermeld op het typeplaatje van het toestel (fig A - B *).
Bewaar het voor u bestemde gedeelte en toon het, indien noodzakelijk, aan het personeel van de technische dienst samen met de factuur/kassabon. Als u zich niet aan deze procedure houdt is het technische personeel genoodzaakt om u eventuele reparaties in rekening te brengen.
U kunt de originele vervangingsdelen vinden bij onze Erkende Servicecentra en Winkels met Vervangingsonderdelen.
ASSISTENTIE
Dit toestel is vóór het verlaten van de fabriek door deskundig en gespecialiseerd personeel uitgetest en afgesteld voor de beste werkingsresultaten.
Iedere latere eventueel noodzakelijke reparatie of afstelling moet
zo zorgvuldig mogelijk en met de grootst mogelijke aandacht worden uitgevoerd. Om deze reden bevelen wij aan om u altijd tot uw concessionaris of ons dichtstbijzijnde Service Center te wenden onder specificatie van de aard van de storing en het model van het apparaat in uw bezit.
ALGEMENE TIPS EN WAARSCHUWINGEN
LET OP:
- Alvorens het toestel in gebruik te nemen moet u niet vergeten om de plastic afschermingen van sommige onderdelen (bedieningspaneel, roestvrijstalen delen enz.), te verwijderen.
- Gebruik het toestel niet voor het opwarmen van de ruimte.
- Wij raden u dringend aan om, als u het toestel niet gebruikt de elektrische verbinding te verbreken en de gaskraan te sluiten.
IN GEVAL VAN BRAND:
- In geval van brand, moet u de hoofdkraan van het gas sluiten en de elektrische verbinding verbreken; gooi nooit water op brandende of kokendhete olie.
VOOR DE VEILIGHEID VAN UW KINDEREN EN UZELF
- Plaats geen voor kinderen aantrekkelijke voorwerpen op het toestel.
- Houd kinderen uit de buurt van het toestel; houd er rekening mee dat sommige onderdelen van het toestel of de gebruikte pannen heel heet en gevaarlijk worden, zowel tijdens het gebruik als gedurende de voor de afkoeling na het doven noodzakelijke tijd.
- Let goed op de handvatten van de pannen, draai ze zo dat kinderen de pannen niet kunnen omgooien. aangestoken; brandend textiel kan ernstige wonden veroorzaken.
Het apparaat mag niet worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met lichamelijke, sensorische of geestelijke beperkingen of personen zonder ervaring of kennis, tenzij zij over het gebruik van het apparaat zijn voorgelicht door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid.
Jonge kinderen moeten onder toezicht worden gehouden om ervoor te zorgen dat ze niet spelen met het apparaat.
Bij gebruik van de oven of de grill worden de bereikbare delen zeer heet, het verdient aanbeveling om kinderen uit de buurt van het toestel te houden.
Tijdens het gebruik wordt het apparaat erg heet. Let goed op dat u de verwarmingselementen in de oven niet aanraakt.
- Kook geen voedsel op de bodem van de oven.
- Let goed op als u in de buurt van de scharnieren van de ovendeur bezig bent, u kunt zich er gemakkelijk aan verwonden.
- Sta niet toe dat kinderen op de ovendeur zitten of ermee spelen. Gebruik de ovendeur niet als kruk.
LADE ONDER (Fig. A - Fig. B)
Plaats nooit ontvlambaar materiaal of plastic gerei in de bordenwarmer (onder de ovenruimte).

text_image
Fig. A Fig. B
Het apparaat is uitgerust met kookzones van verschillende diameters en vermogens. De posities ervan zijn duidelijk aangegeven en de verwarming ervan vindt uitsluitend plaats binnen de op de het blad afgetekende diameters. Voor een goed rendement en een overeenkomstig energieverbruik is het absoluut noodzakelijk dat uitsluitend geschikte pannen en potten worden gebruikt. De bodems van de potten en pannen mogen niet ruw zijn om krassen op de glaskeramische kookplaat te voorkomenen moeten vóór het gebruik schoon en droog zijn. De doorsnede van de bodem van de pan of koekenpan dient overeen te stemmen met die van de kookzone. De bodems van potten en pannen moeten, als ze nog koud zijn, een beetje naar binnen zijn gebogen zodat ze, als ze heet zijn, uitzetten en goed op de kookplaat aansluiten. Op deze wijze zal de energie optimaal worden overgebracht. De ideale dikte van debodem van de potten en pannen is, bij geëmailleerd metaal, 2-3mm en voor stalen sandwichbodems, 4-6 mm. Een eenvoudige test zal u kunnen helpen bij de aanschaf van de pannen. Om te controleren of de (koude) bodem van een pan inhet midden naar binnen afbuigt moet u het midden van de bodem tegen de rand van een rechte plank houden; vervolgens moet u tussen het midden van de bodem en de rand van de tafel strookjes typepapier trekken. Goede waarden zijn; 5-10 strookjes papier voor geëmailleerd metalen pannen en 2-5 strookjes voor stalen pannen (hoe groter de bodemdiameter, des te meer strookjes er tussen zullen passen)



Dit zijn zeer belangrijke regels en het negeren ervan zal leiden tot een grote verspilling van warmte en dus energie. De niet opgenomen warmte zal zich daarnaast verspreiden over de plaat, de lijst en ook het meubel.
Gebruik van de kookplaat
Tijdens de eerste periode van gebruik van de kookplaat kan een scherpe of brandlucht worden geroken die na enkele malen van bgebruik zal verdwijnen.
Iedere kookzone van de plaat heeft een eigen schakelaar op het bedieningspaneel voor de instelling van de verschillende temperatuurgamma's. Voor een normaal gebruik moet u de pan op de gewenste zone op de plaat zetten en de knop in de stand van het maximumvermogen zetten. Een controlelampje op het bedieningspaneel geeft aan of de zone is in- of uitgeschakeld. Sommige kookplaten hebben een controlelampje aan de voorkant tussen de twee kookzones dat gaat branden zodra één of meer verwarmingszones warmer wordt dan circa 60°C. Het controlelampje zal uitgaan als de temperatuur van de kookzones tot onder circa 60°C is gezakt. Na enkele minuten, als het kookpunt is bereikt, kunt u de knop afhankelijk van de hoeveelheid in een lagere stand zetten om verder te koken en te voorkomen dat de pan overkookt en erelektrische energie wordt verspild.
Belangrijk
Bij gebruik van een glaskeramische kookplaat moet u bijzonder goed opletten en vooral kinderen goed in de gaten houden.
Let op
Het kookoppervlak is erg sterk, maar zeker niet onbreekbaar en kan worden beschadigd als er puntige of harde voorwerpen met een zekere kracht op vallen.
Als er in het kookoppervlak breuken, barsten of scheuren worden geconstateerd moet u het gebruik van de plaat onmiddellijk onderbreken en de Servicedienst waarschuwen.
Bij de eerste ingebruikneming van het plaatje, of als het plaatje gedurende langere tijd niet is gebruikt, wordt het aangeraden om hem 20 min. lang in de stand nr. 1 op te warmen om eventueel door het interne isolatiemateriaal opgenomen vocht te laten verdampen.
- Droog de bodem van de pan goed af alvorens hem op de plaatte zetten.
- Schakel de stroom pas in nadat u de pan op de plaat heeft gezet.
De plaat wordt bediend door een schakelaar die wordt ingeschakeld als de knop in de stand 1 wordt gezet (Fig. C).
GEBRUIK VAN DE PLATEN MET ENERGIEREGELAAR
De plaat wordt bestuurd door een energieregelaar.
Het circuit wordt geactiveerd door de knop op een nummer tussen 1 en 11 draaien Fig. D).

text_image
Fig.C Fig. D
text_image
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13GEBRUIK VAN DE PLATEN MET ENERGIEREGELAAR MET DUBBEL CIRCUIT
De plaat wordt bestuurd door een energieregelaar.
1) Het eerste circuit wordt geactiveerd door de knop op een nummer tussen 1 en 11 draaien.
2) Het tweede circuit wordt geactiveerd door de knop voorbij nummer 11 te draaien (Fig. E).
Om terug te gaan naar de werking met slechts één circuit, de knop terugdraaien naar nul en vervolgens op het gewenste nummer zetten.

text_image
Fig. EDe onderstaande regeltabel dient uitsluitend en alleen ter oriëntatie.
| Pos. | Warmtegraad | Soorten gerechten | |
| 0 | 0 | Uit | |
| 1 - 2 | 1 | Zwak | Voor het smelten van boter, chocolade, enz. Voor het opwarmen van kleine hoeveelheden vloeistof. |
| 3 - 4 | 2 | Zacht | Voor het opwarmen van grotere hoeveelheden vloeistof. Voor het klaarmaken van crèmes en sauzen die lang moeten koken. |
| 5 - 6 | 3 | Langzaam | Voor het ontdooien van diepvriesproducten en het klaarmaken van ragoûts, het koken op de kooktemperatuur, voor het braden van delicaat vlees en vis. |
| 7 - 8 | 4 | Matig Voor het koken van levensmiddelen die aan de kook moeten worden gebracht, voor het braden van delicaat vlees en vis. | |
| 9 -10 | 5 | Krachtig Voor het braden van koteletten en grote stukken kookvlees | |
| 11 | 6 | Intens | Voor het aan de kook brengen van grote hoeveelheden water, om te bakken. |
ADVIEZEN VOOR ENERGIEBESPARING
. De diameter van de pan moet even groot zijn als de diameter van de kookzone, of iets groter. In geen geval kleiner.
. Gebruik pannen met een platte bodem.
. Kook zo mogelijk met een deksel op de pan.
Hierdoor kan de brander op een lagere stand gebruikt worden.
. Kook groenten, aardappelen enz. met weinig water, zodat de kooktijden worden verkort.

Bij de eerste ontsteking van de oven kan zich een scherpe lucht verspreiden, als gevolg van de eerste verwarming van de lijm van de isolatiepanelen die de ovenruimte omringen (het verdient aanbeveling om hem bij een gesloten deur 30-40 minuten lang op de maximumtemperatuur op te warmen). Dit is een absoluut normaal fenomeen en, als dit zich mocht voordoen, moet u wachten tot de rook verdwijnt alvorens er etenswaren in te zetten. De oven is gewoonlijk uitgerust met: een rooster om rechtstreeks voedsel op te koken of om ovenschalen met voedsel op te zetten, een druippan voor gebak, koekjes, of om de sappen en vetten van het rechtstreeks op het rooster geplaatste voedsel in op te vangen. Opmerking: In de onderstaande tabellen vindt u de belangrijkste aanwijzingen voor het klaarmaken van enkele van de meest gangbare gerechten De in de tabel aanbevolen baktijden dienen uitsluitend ter indicatie. Al na een paar keer proberen zult u de noodzakelijke wijzigingen kunnen aanbrengen om de gewenste resultaten te bereiken.
Kooktabel traditioneel systeem
| Gerecht | Temp. °C. | Minuten |
| Vis | 180-240 | sec. afmetingen |
| Vlees | ||
| Ossengebraad | 250 | 30 per kg. |
| Kalfsgebraad | 200-220 | 60 per kg. |
| Kip | 200-240 | 50 circa |
| Eend of gans | 220 | sec. gewicht |
| Schapenbout | 250 | 30 per kg. |
| Varkensgebraad | 250 | 60 per kg. |
| Soufflés | 200 | 60 per kg. |
| Gebak (banket) | ||
| Lange vingers | 160 | 30-50 |
| Zandtaartdeeg | 200 | 15 |
| Bladerdeeg | 250 | 15 |
| Vruchtentaart | 200-220 | 30 |
| Schuimpjes | 100 | 60 |
| Soufflé | 220 | 30 |
| 4 Quarts | 120-140 | 60 |
| Croissants | 160-180 | 45 |
Kooktabel met warme lucht
| Gerecht | Temp. °C. | Minuten | Gewicht kg. |
| Voorgerechten | |||
| Lasagne uit de oven | 200-220 | 20-25 | 0,5 |
| Pasta uit de oven | 200-220 | 25-30 | 0,5 |
| Creoolse rijst | 200-230 | 20-25 | 0,5 |
| Pizza | 210-230 | 30-45 | 0,5 |
| Vlees | |||
| Kalfsgebraad | 160-180 | 65-90 | 1-1,2 |
| Varkensgebraad | 160-170 | 70-100 | 1-1,2 |
| Ossengebraad | 170-190 | 40-60 | 1-1,2 |
| Rundergebraad | 170-180 | 65-90 | 1-1,2 |
| Rosbief | 180-190 | 40-45 | 1-1,5 |
| Lamsgebraad | 140-160 | 100-130 | 1,5 |
| Gebraden kip | 180 | 70-90 | 1-1,2 |
| Gebraden eend | 170-180 | 100-160 | 1,5-2 |
| Gebraden gans | 160-180 | 120-160 | 3-3,5 |
| Gebraden kalkoen | 160-170 | 160-240 | 5 ca. |
| Gebraden konijn | 160-170 | 80-100 | 2 ca. |
| Gebraden haas | 170-180 | 30-50 | 2 ca. |
| Vis | 160-180 | sec. gewicht | |
| Gebak (banket) | |||
| Vruchtentaart | 180-200 | 40-50 | |
| Tulband | 160-180 | 35-45 | |
| Bisquitdeeg | 200-220 | 40-45 | |
| Cake | 200-230 | 25-35 | |
| Druivenfocaccia | 230-250 | 30-40 | |
| Croissants | 170-180 | 40-60 | |
| Strüdel | 160 | 25-35 | |
| Zoet bladerdeeggebak | 180-200 | 20-30 | |
| Appelflappen | 180-200 | 18-25 | |
| Langevingerpudding | 170-180 | 30-40 | |
| Lange vingers | 150-180 | 50-60 | |
| Toasts | 230-250 | 7 | |
| Brood | 200-220 | 40 |
1 NATUURLIJKE CONVECTIE-OVENS (kleine oven)
de oven is uitgerust met:
- een weerstand onder;
- een weerstand boven.
Als u de thermostaatknop rechtsom draait kunt u de gewenste oventemperatuur en, afhankelijk van het model, één of meer functies selecteren:
○ Oven uit
Ovenverlichting
60 ÷ max Inschakeling van de weerstand boven + onder
Inschakeling van de weerstand onder
□ Inschakeling van de weerstand boven
Inschakeling van de grill ( braadspit optioneel 📄 )

de oven is uitgerust met:
- een weerstand onder;
- een weerstand boven;
- een ronde weerstand om de ventilator heen.
N.B.: Voordat u een functie instelt moet u eerst met de thermostaatknop de gewenste temperatuur hebben ingesteld.
Thermostaatknop oven (fig. 1A)
Als u deze knop rechtsom draait kunt u een oventemperatuur instellen van 50°C tot MAX°C.
Oven-functiekeuzeknop (fig. 1B)
Als u de knop van de schakelaar rechtsom draait, kunt u één van de onderstaand vermelde functies selecteren.

text_image
max 225 50 200 75 175 125 Fig. 1A 700 150 Fig. 1BOpmerking:
Voor alle onderstaand beschreven handelingen zal de ovenverlichting worden ingeschakeld.
Op het bedieningspaneel zal een controlelampje blijven branden tot de gewenste temperatuur is bereikt, om vervolgens met onderbrekingen te gaan branden.
Gebruik van de oven
Tijdens het gebruik moet de oven deur altijd gesloten zijn.
Opmerking: ovens met gescheiden thermostaat en functiekeuzeknop.
Bij gebruik van de □ functies,
moet u de thermostaatknop tussen de 180 ÷ 200°C als maximumtemperatuur zetten.
LET OP:
De op het bedieningspaneel vermelde temperatuur zal uitsluitend met de in het midden van de oven gehandhaafde temperatuur overeenstemmen als de geselecteerde functies □ of ⚫ zijn.

Als de bedieningsknop in deze stand is gedraaid, zal het lampje gedurende alle volgende handelingen blijven branden.

Ontdooien met de ventilator
In deze stand kunt u de lucht bij de omgevingstemperatuur om het diepvriesvoedsel laten circuleren om het te laten ontdooien zonder wijziging of alteratie van het proteïnegehalte.

Natuurlijke convectie
In deze stand zullen de weerstanden onder en boven functioneren. Dit is de traditionele kookwijze, bij uitstek geschikt voor het braden van schapenbouten, wild, ideaal voor koekjes, ovenappels en om het voedsel heel krokant te krijgen. Goede resultaten worden verkregen bij het bakken op een plaat met een regeling van de temperatuur vanaf 50°C tot MAX°C.

Geventileerde oven
In deze stand zullen de ventilator en de ronde weerstand functioneren. De tussen de 50°C en MAX°C regelbare warme lucht wordt gelijkmatig over de verschillende niveaus verspreid. Deze functie is ideaal voor het gelijktijdig bereiden van verschillende soorten voedsel (vlees, vis) zonder menging van smaken en luchten. Delicate kookwijze, geschikt voor cake, bisquitdeeg bladerdeeg enz.,

Inschakeling halve grill
In deze stand wordt de weerstand van de halve grill met infrarode stralen ingeschakeld. Deze functie dient voor het roosteren of gratineren van kleine traditionele gerechten.

Inschakeling volledige grill
In deze stand wordt de weerstand van de grill met infrarode stralen ingeschakeld. Deze functie dient voor het roosteren of gratineren van traditionele gerechten. De thermostaat moet tussen de 180÷200°C worden gezet. Bij enkele modellen wordt tegelijkertijd met deze functie ook het motortje van het draaispit aangedreven.

Volledige geventileerde grill
De, door de grillweerstand verwarmde lucht wordt door de ventilator aangezogen om over het voedsel te verspreiden. De geventileerde grill is een uitstekende vervanging van het braadspit en een garantie voor goede resultaten met kip, worstjes en rood vlees, ook in grote hoeveelheden. De thermostaat moet tussen de 180÷200°C worden gezet.

Geventileerde weerstand onder
De, door de weerstand onder verwarmde lucht, wordt door de ventilator aangezogen om over het voedsel te verspreiden. Deze functie is ook geschikt voor het steriliseren van voedsel en kan worden gebruikt tussen de 50 en MAX°C.
Het gebruik van de grill
De grill moet gebruikt worden met het rooster in de derde stand van onderen, op ongeveer 12 cm van het oppervlak. U kunt de hoogte aanpassen aan de persoonlijke smaak en de verschillende vereisten van het voedsel. Alvorens het voedsel in de oven te plaatsen moet u hem 5 minuten laten voorverwarmen.
LET OP (grill kleine oven)
In sommige ovens is het, vanwege het gebruik van de grill, noodzakelijk de speciale beveiliging van de knoppen "S" die met het apparaat is meegeleverd te monteren en de deur half open te zetten (zie fig. 2).

text_image
Fig. 2 S(Optioneel) braadspit kleine oven
- Steek de kip of het te roosteren gedeelte op het spit L en zet het stevig en goed uitgebalanceerd vast tussen de twee vorkjes F, om een onnodige overbelasting van de reductor R (fig. 3) te vermijden.
- Plaats het spit op support G, na het andere uiteinde ervan in het gat P van het motortje R (fig. 3) te hebben gestoken.
- Zet de druippan met een beetje water erin onder het spit.
- (Alleen voor de modellen waarop dit voorzien is, noodzakelijk de speciale beveiliging van de knoppen "S" die met het apparaat is meegeleverd te monteren en de deur half open te zetten zie fig. 2).
- Om het spit te verwijderen moet u andersom te werk gaan en knop A en een handschoen van isolerende wol gebruiken (fig. 3).

Draai voor de werking van het draaispit aan de knop met het symbool ☐.
AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK VAN DE CONTROLEVOORZIENINGEN (AFHANKELIJK VAN DE MODELLEN)
Het toestel kan, afhankelijk van het model, zijn uitgerust met één van de volgende timers.
"LED" KLOK (Fig. 4)
Specifications
24 Uur klok met automatisch programma en kookwekker.
Functions
Duur kooktijd, einde kooktijd, manuele stand, klok, kookwekker. Tijden instelbaar tot 23 uur en 59 minuten.
Weergave
Fluorescerende display met 4 cijfers van 7 segmenten voor de afbeelding van de juiste tijd en de kooktijden.
Duur van de kooktijd of manuele werking = pansymbool
Automatische werking = AUTO
Kookwekker, = kloksymbool
Afhankelijk van de ingestelde functie zal het bijbehorende symbool oplichten.

text_image
23:58| Kookwekker | |
| Kooktijd | |
| Einde kooktijd | |
| Manueel | |
| - | Tijd verkorten |
| + | Tijd verlengen |
Fig. 4
Programmering
Voor de programmering moet u de gewenste functietoets ingedrukt houden en moet u binnen 5 seconden nadat u hem heeft losgelaten, beginnen met het instellen van de tijd met de toetsen + en -.
Toets + en -
Als u de toetsen + en - indrukt zal de tijd toe- of afnemen met een snelheid die zal toenemen naarmate u de toets langer ingedrukt houdt.
Instellen van de juiste tijd
Als u gelijktijdig twee willekeurige toetsen manueel en de toets + of - indrukt kunt u de gewenste tijd instellen. Deze handeling zal de eventueel eerder ingestelde programma's wissen, de contacten uitschakelen.
Manueel gebruik
Bij het indrukken van de manuele toets, worden de contacten van het relais ingeschakeld, gaat het AUTO symbool uit en gaat het pansymbool branden. De manuele werking is alleen mogelijk op het eind van de automatische programmering of na het wissen ervan.
Bij het indrukken van de duur of einde kooktijd toets, wordt de programmering automatisch overgeschakeld van de manuele naar de automatische werking.
Halfautomatische werking met duur van de kooktijd
Druk de duur kooktijd toets in en stel de gewenste tijd in met toets + of -. Het AUTO symbool zal ononderbroken gaan branden, evenals dat van de duur van de kooktijd. Het relais wordt onmiddellijk ingeschakeld. Als het tijdstip van het einde van de kooktijd overeenstemt met de juiste tijd, worden het relais en het symbool van de duur van de kooktijd uitgeschakeld, gaat het geluidssignaal af en begint het AUTO symbool te knipperen.
Halfautomatische werking met einde kooktijd
Druk de einde kooktijd toets in. Op de display zal de juiste tijd worden weergegeven. Selecteer het gewenste tijdstip voor het einde van de kooktijd met toets +. De symbolen AUTO en duur kooktijd zullen ononderbroken gaan branden. De contacten van het relais worden ingeschakeld. Als het tijdstip van het eind van de kooktijd overeenstemt met de juiste tijd, worden het relais en het symbool van de duur van de kooktijd uitgeschakeld. Op het moment dat de tijd is verstreken zal het AUTO symbool gaan knipperen, gaat het geluidssignaal af en zullen zowel het duur kooktijd symbool als het relais uitgaan.
Automatische werking met duur en einde kooktijd
Druk de duur kooktijd toets in en selecteer de gewenste duur met de toets + of -. De symbolen AUTO en duur kooktijd zullen ononderbroken gaan branden. Het relais wordt ingeschakeld. Druk de einde kooktijd toets in. Op de display verschijnt het dichtstbijzijnde tijdstip voor het einde van de kooktijd. Selecteer het gewenste tijdstip voor het einde van de kooktijd met toets +. Het relais en het symbool van de duur van de kooktijd worden uitgeschakeld. Het symbool gaat weer branden als de juiste tijd overeenstemt met de begintijd van het koken. Na het verstrijken van de kooktijd zal het AUTO symbool gaan knipperen. Het geluidssignaal gaat af en zowel het duur kooktijd symbool als het relais zullen uitgaan.
Kookwekker
Druk de kookwekker toets in en selecteer de gewenste kooktijd met toets + of -.
Tijdens de werking van de kookwekker zal het kloksymbool branden. Na het verstrijken van de ingestelde tijd gaat het geluidssignaal af en het kloksymbool uit.
Geluidssignaal
Het geluidssignaal gaat af na het verstrijken van een programmering of de kookwekkerfunctie en heeft een duur van 15 minuten. Om het eerder te onderbreken, zult u één willekeurige functietoets moeten indrukken.
Begin programma en controle
Het programma zal circa 4 seconden na de instelling beginnen. Het ingestelde programma kan op ieder moment worden gecontroleerd door het indrukken van de bijbehorende knop.
Programmeringsfout
Er zal een programmeringsfout optreden als de op de klok afgebeelde tijd zich tussen het begin en het eind van de kooktijd bevindt. U kunt de instellingsfout corrigeren door de duur of het einde van de kooktijd te veranderen. Bij een instellingsfout zijn de relais uitgeschakeld.
Een programma annuleren
U kunt een programma annuleren door de duur kooktijd toets en vervolgens toets - in te drukken tot op de display 00 00 verschijnt. Een ingesteld programma zal na voltooiing automatisch worden verwijderd.
TR 259 ANALOGIC (fig. 5)
Instelling van de juiste tijd
Druk de knop in en draai hem tot de juiste tijd is ingesteld. Draai de knop niet linksom. De onderdelen van de klok worden beschermd door een veiligheidsmechanisme.
Instelling van de wekker
Draai de knop, zonder hem in te drukken, rechtsom, tot de wijzer op de voor de wekker gewenste tijd staat. Na verloop van de vooraf ingestelde tijd zal de wekker afgaan met een ononderbroken geluidssignaal. Om de wekker uit te zetten de knop rechtsom draaien tot de wijzer op het symbool van de doorgestreepte bel staat.

text_image
12 9 3 6Fig. 5
PROGRAMMEERKNOP MET EINDE BEREIDINGSTIJD (fig. 5A).
Om de programmeerknop handmatig te bedienen draait u de knop tegen de wijzers van de klok in naar 📋. Stel de bereidingstijd in door de knop in de richting van de wijzers van de klok te draaien. Kies de bereidingstijd met de daarvoor bestemde knop (max. 90 minuten).
De oven schakelt automatisch uit wanneer de bereidingstijd verstreken is.

text_image
12 9 3 6Fig. 5A
KOOKWEKKER (Fig. 6)
Om de gewenste kooktijd in te stellen moet u de knop rechtsom draaien. De kookwekker kan worden ingesteld van 1 tot 60 min. Na het verstrijken van de ingestelde tijd zal een geluidssignaal het eind van de kooktijd aangeven.

text_image
5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55Fig. 6
PROGRAMMERING EINDE KOOKTIJD (Fig. 7)
Voor een manueel gebruik moet u de knop linksom draaien en op stand ⏻ zetten; om de duur van de kooktijd in te stellen, moet u hem daarentegen rechtsom draaien en met de daarvoor bestemde knop een kooktijd toekennen (max.120 min.).
Op het einde van de kooktijd wordt de oven automatisch uitgeschakeld.

text_image
stop 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 110 120Fig. 7
ELEKTRONISCHE KOOKWEKKER MET TIMER (Fig. 7A)
2. Functies
Toegang
De display knippert.
Instelling van de juiste tijd
Druk de toets links in.
Voer de juiste tijd in met de toetsen "+" en "-"
Deze functie zal 7 seconden lang na de laatste "+"/-"
handeling geactiveerd blijven.
Instelling van de timer
Deze functie is permanent geactiveerd en zal onmiddellijk met de toetsen "+" en "-" worden ingesteld.
De eenheden tijdens de regeling zijn 10 seconden lang.
Tijdens het aftellen heeft de timer voorrang op de display.
De gebruikte eenheden zijn seconden. De maximumtijd is 99 minuten. Het controlecontact is (indien aanwezig)
uitsluitend tijdens het aftellen gesloten.
Resetten van de timer
Druk de toets "+" en "-" tegelijkertijd in en laat eerst de "+" drukknop los.
Signaal
Het geluidssignaal zal na beeindiging van de tijd 7 minuten lang hoorbaar zijn tenzij het wordt onderbroken met drukknop "+" (éénmaal aanraken).
Frequentie van het geluidssignaal
Als de display de juiste tijd afbeeldt kan de frequentie van het signaal worden geselecteerd met de drukknop "-".
Er kunnen 3 verschillende frequenties worden geselecteerd.

text_image
23:58 1 Juiste tijd 2 Timer en inschakeling 3 Timer en inschakeling signaalFig. 7A
SCHOONMAKEN EN ONDERHOUD
Sluit, alvorens met het schoonmaken te beginnen, haal de stekker uit het stopcontact of schakel de stroom op de elektrische voedingslijn uit door middel van de hoofdschake- laar.
Maak de oppervlakken van het toestel niet schoon als ze nog warm zijn.
GEËMAILLEERDE OPPERVLAKKEN
Maak ze schoon met een met water en zeep bevochtigde spons. Vetvlekken kunnen gemakkelijk worden verwijderd met warm water of een specifiek, voor het reinigen van email bestemd middel, verkrijgbaar in de handel. Vermijd het gebruik van schuurmiddelen. Laat geen zure of alkalische substanties (citroensap, azijn, zout, enz.) op het email achter. Roestvrijstalen toestellen moeten met speciale detergenten voor roestvrijstalen oppervlakken worden schoongemaakt. Deze detergenten moeten met een zachte doek worden aangebracht.
GLASKERAMISCHE OPPERVLAKKEN
Voor het schoonmaken van de kookplaat kunt u op dezelfde wijze te werk gaan als voor de ruiten van uw woning. Vlekken en strepen veroorzaakt door de aluminiumbodems van de pannen kunnen met azijn worden verwijderd. Zorg ervoor dat u tijdens het koken geen suiker op de plaat morst. Mocht dit toch gebeuren, schakel dan het bewuste weerstand uit en maak hem zodra het mogelijk is schoon met warm water, voordat de kookzone afkoelt. Na het koken overgebleven verbrande resten suiker of vergelijkbaar moet u met een spatel of een scheermesje verwijderen, voordat de kookzone afkoelt (zie afbeelding).

(Alleen voor de modellen waarop dit voorzien is)
Het binnenglas van de ovendeur kan worden weggenomen:
zet de deur halfopen en neem het glas met twee handen weg, zoals weergegeven op de afbeeldingen 7C.
Reinig het glas en monteer het weer door in omgekeerde volgorde te werk te gaan.
LET OP:
Gebruik geen ruwe of schurende materialen voor het schoonmaken en krab de deurtjes van de oven niet schoon met scherpe metalen voorwerpen, aangezien die krassen kunnen maken en het glas daardoor kan verbrijzelen.

Bij bepaalde modellen kan de ovendeur als volgt worden verwijderd: de scharnieren A zijn hiervoor uitgerust met mobiele veerbeugels B die, indien vastgehaakt aan de sectoren van de scharnieren C ze, bij een volledig geopende deur, blokkeren (fig. 7D).
(Alleen waar dit voorzien is, het interne glas van de deur verwijderen, zie afb. 7C).
Als u dit heeft gedaan kunt u de deur naar buiten optillen met de twee in de tekening afgebeelde bewegingen. Om deze handeling uit te voeren moet u de deur aan beide zijden, in de buurt van de scharnieren, vastpakken . Om de deur weer terug te plaatsen moet u de scharnieren in de speciale zetels steken. Alvorens de deur te sluiten moet u niet vergeten om eerst de mobiele beugels B te verwijderen.
Pas op voor de deurscharnieren; u kunt u er gemakkelijk aan bezeren.

text_image
Fig. 7D A B C COVEN
Maak de geëmailleerde delen ervan schoon met een met water en zeep bevochtigde spons. Vetvlekken kunnen gemakkelijk worden verwijderd met warm water of een specifiek voor het reinigen van email bestemd middel, verkrijgbaar in de handel. Vermijd het gebruik van schuurmiddelen.
AANWIJZINGEN BESTEMD VOOR DE INSTALLATEUR
BUITENAFMETINGEN

Vóór elke reparatie of ingreep moet u haal de stekker uit het stopcontact of schakel de stroom op de elektrische voeding- slijn uit door middel van de hoofdschakelaar.
De erkende monteur is verantwoordelijk voor de correcte installatie in overeenstemming met de geldende veiligheidsnormen. Het toestel moet volgens de wet worden geaard.
De fabrikant onthoudt zich van iedere aansprakelijkheid voor schade aan personen, dieren of zaken als gevolg van het niet nakomen van de bovengenoemde normen.
Gebruik de handgreep van de ovenhendel niet om de oven mee te verplaatsen, of mee uit de verpakking te halen.
Het toestel behoort tot klasse 1 of klasse 2 sub-klasse 1.
BELANGRIJK: De bekleding van het meubel moet uit warmtebestendig materiaal bestaan (minimaal 90°C).
Als het toestel in de nabijheid van meubels moet worden geïnstalleerd moet u de minimale ruimten aanhouden, zoals afgebeeld in de onderstaande tekening.
Het fornuis mag niet op een voetstuk worden gezet.

Het fornuis is uitgerust met 4 voetjes waarmee het in de hoogte met de meubels kan worden uitgelijnd. Voor de montage ervan moet u het fornuis optillen en de vier voetjes in de speciale openingen met schroefdraad in de hoeken onder het toestel schroeven (zie fig. 8 of 8A).

text_image
OK NOFig. 8

De aansluiting van het toestel op het elektriciteitsnet moet worden uitgevoerd door gespecialiseerd personeel dat op de hoogte is van de geldende veiligheidsnormen.
Het toestel moet volgens de wet worden geaard. Alvorens de elektrische aansluiting tot stand te brengen moet u de efficiëntie van de aarding controleren.
Controleer of de afslagschakelaar en de elektrische installatie thuis geschikt zijn voor de belasting van het toestel.
Indien een vast apparaat niet uitgerust is met een voedingskabel en stekker, dient de voedingsbron voorzien te worden van een stroomverbreker waarin de afstand tussen de contacten volledige uitschakeling mogelijk maakt in overeenstemming met overspanningscategorie III, zoals vereist is in de installatievoorschriften.
De geel/groende aardgeleider mag niet door de schakelaar worden onderbroken.
Belangrijk: de geleiders van de kabel hebben de volgende kleuren:
- geel/groen = voor de aarding " 12 " (E)
- blauw = voor neutraal "N"
- bruin = voor de fase "L"
- De elektrische kabel mag niet in aanraking komen met delen met temperaturen van meer dan 50°C boven de omgevingstemperatuur.
-
Bij gebruik van een stekker voor de aansluiting, moeten de op de voedingskabel te monteren stekker en het stopcontact waarin die zal worden gestoken van hetzelfde type zijn (in overeenstemming met de normen).
-
Gebruik een voedingskabel met een geschikte sectie:
| 230V~ | 400V 2N~ | 400V 3N~ | ||
| H05 RR-FH05 RN-F | 3 x 6 mm ^2 (")4 x 4mm | ^2 | 5 x 25 mm ^2 | |
N.B.: Rekening houdend met het gelijktijdigheidscoëfficiënt van 0,61
Verplaats de jumpers overeenkomstig het type voeding (zie onderstaande tabel).

text_image
230 V ~ L1 1 2 3 4 N 12 5 E 400 V 2N~ L1 1 2 3 4 N 5 E 400 V 3N~ L1 1 2 3 4 N 5 EE=geel-groen / N=Blauw / L=Bruin
| plaat | mm | Watt |
| F | 145 | 1200 |
| G - I | 180 | 1800 |
| H | 210 | 2200 |
| L | 265 | 1400/2200 |

text_image
keramische plaat F L I H GVERVANGING VAN DE KABEL
Bij beschadiging van de kabel moet u hem als volgt vervangen:
- open de aansluitdoos zoals afgebeeld in de onderstaande figuur;
- draai schroef "A" die de kabel blokkeert, los;
- vervang de kabel met een andere, even lange, kabel en overeenkomstig de in de tabel beschreven karakteristieken;
- de "geel/groene" aardgeleider moet op klem " 12 " worden aangesloten en circa 10 mm langer zijn dan de stroomgeleiders;
- de neutrale "blauwe" geleider moet op de klem met de letter "N" worden aangesloten;
- de stroomgeleider moet worden aangesloten op de klem met de letter "L".

Vóór elke reparatie of ingreep moet u haal de stekker uit het stopcontact of schakel de stroom op de elektrische voeding- slijn uit door middel van de hoofdschakelaar.
De fabrikant onthoudt zich van iedere aansprakelijkheid voor schade aan personen, dieren of zaken als gevolg van het niet nakomen van de bovengenoemde normen.
De gebruikte ovenlamp is van een speciaal type dat bestendig is tegen hoge temperaturen. Om hem te vervangen moet u als volgt te werk gaan: demonteer het beschermende glas (A) en vervang de verbrande lamp met een vergelijkbaar type en plaats vervolgens het glas weer terug.

SimpelGids