MSG90 - Afzuigkap M-SYSTEM - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MSG90 M-SYSTEM in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MSG90 M-SYSTEM
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Afzuigkap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MSG90 - M-SYSTEM en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MSG90 van het merk M-SYSTEM.
GEBRUIKSAANWIJZING MSG90 M-SYSTEM
AANWIJZING VOOR GEBRUIK EN INSTALLATIE
DESCRIPTION
De wasemkap kan worden gebrukt in de filter- of afzuiqversie.
Filterversie (afb. 1): de afzugkap zuijt de met verbrandingsgassen en onaangename luchtjes doordrongen kooklucht af en zuivert de lucht via de vetfilters en het koolstofffilter waarna de schone lucht wee in de ruimte geblazen worden. Om ervoor te zorgen dat de werkig voortdurend doeltreffend is要去en het koolstoffilters regelmatig verrangen worden. De koolstoffilters zichn nicht bijgeverd.
Afzuigversie (afb.2): de afzuiigkap zuigt de met verbrandingsgassen en onaangename luchtjes doordrongen kooklucht af en zorgt ervoor dat de lucht door de vetfilters gaat en verrolgens via een afvoerpijprechtstreeksaar buiten geleid wordt. Bij deze versie is de toepassing van koolstoffilters Niet nodig. Bepaal vanaf het begin het type installmentie (filterof afzuiigversie). Voor een grotere doeltreffendheid adviseren wij u om (indien maybe) de afzuiigkap in de afzuiigversie te installereren.
INSTALLATIE
LET OP: Dit apparaat moet door minstens twee personen gemonteerd worden. De installmentiekan het Beste overgelaten worden aan vakmensen. Voor de montage de vetfilters verwijdenen. Zo worden het werk vergemakkelijk.
- Verwijdering van de metalen rooster (alleen aanwezig in bepaalden modellen): trek aan de stop enplaats het metalen rooster omhoog (Afb.3a).
Verwijdering van de vetfilters: Verwijder het vetfilter door het omlaag te duwen en het in buitenwaartse richting te draaien (Afb.3b / 3c).
INSTALLATIE IN DE AFZUIGVERSIE: alvorens de afzugkap te bevestigen moet u eerst de pijp voor de luchtafvoer maar buiten in orde make. Gebruik een afvoerpijp die de volgende eigenschappen heeft: - minimum benodigde lengte; - zo min möglichk bochten (maximaal toegestane hoek van de bochten: 90^ ); - materiaal dat goedgekeurd is volgens de voorschriften (afhankelijk van het land); - binnenkant zo glad möglichk. Er worden bovendien geadviseerd om drastische veranderingen van de doorsnede van de pijp te vermijden (geadviseerde diameter: 150 mm). Om de lucht waar buiten af te voeren moet u alle andere aanwijzingen die op het blad "Opgelet" staan opvolgen. Bereid de elektrische voeding voor binnen het ruimtebeslag van de sierpijp (volg voor de elektrische aansluiting alle andere aanwijzingen op die vermeld worden in het hoofdstuk "Opgelet"). - Monteer de planta van de elektrische installment (afhankelijk van de versies) door hem vast te zetten met 2 schroeven en 2 metalen schijfjes (Fig.4).
- Bevestiging aan de muur: teken op de verticale aslijn van uw kookplaat een lijn op de muur af. Teken de 2 gaten die geboord要去en op de muur af en houd waar bij de maten aan die op afb. 5 staan; boor de 2 gaten en steek er de (meegeleverde) pluggen in. Zoals reeds vermeld in het hoofdstuk "Waarschuwingen" moet u er rekening mee honden dat de afstand tussen de onderste rand van de afzuigkap en de kookplaat 350mm moet bedragen. Bevestig de metalen beugel (A) aan de muur in de 2 zojuist geboorde gaten - afb.6- (de schroeven voor bevestiging van de beugel zich bijgeleverd).
Gebruik de beiden driehoekjes die uitgesneden zijn in de beugel om de beugel exact langs de verticale aslijn van de afzuigkap teplaatsen.
Haak de afzuiigkap daarna aan de beugel (Afb.7). Stel de horizontale positie af door de afzuiigkap maar rechts of waar links te verplaatsen zodat de afzuiigkap precies op een lijn met de keukenkasten komt te zitten. Mocht hetoodzakelijk+zijn om de afzuiigkap ook in de hoogte af te stellen, dan moet u aan de speciale stelschroeven (B) draaien (meegeleverd). Teken na de afstelling, zonder de kap weg te halen, de andere 6 gaten die要去en worden geboard (C) af op de muur; haak de kap los en boor de gaten die u getekend heeft (diameter 8mm ); maak verrolgens gebruik van de 6 meegeleverde pluggen en schroeven om de afzuiigkap definitief te bevestigen.
- Monteer de flens op de opening van de luchtuitgang van het apparaat door een lichte druk uit te oefenen (Afb.8).
5. Bevestiging van de telescopische pijp:
5a - Zet de buishouder in elkaar met gebruik van de 4 bijgeleverde schroeven (Afb.9); Zet verwolgens de beugel vast aan het plafond, met de bijgeleverde pluggen en schroeven (F), zodate hijrecht is ten opzichte van de kap (Afb.10).
5b - Verbind de luchtafvoerpijt met de luchtafvoeropening van de kap; gebruik een buigzame slang en zet deze aan de luchtuitgang van de afzuigkap vast met een metalen bandje - afb.11 - (slang en bandje worden nicht bijgeverd). Bij de afzuigversie moet de bovenste pijp ondersteboven geplaatst worden zodate deluchtafvoerroosters aan de onderkant kome te zitten (Afb.12).
5c - Breng de elektrische aansluiting van de afzuiigkap door middel van de voedingskabel tot stand. Doe de telescopische pijpen erin en-Laat ze op de afzuiigkap steunen; doe de bovenste pijp tot aan het plafond omhoog en maak hem met de beiden schroeven (H) - Afb.13 vast.
INSTALLATIE IN DE FILTERVERSIE: Bereid de elektrische voeding voor binnen het ruimtebeslag van de sierpijp (volg voor de elektrische aansluiting alle andere aanwijzingen op die vermeld worden in het hoofdstuk "Waarschuwingen").
Bevestiging aan de muur: zie de aanwijzingen voor de afzuiqversie om de kap aan de muur te bevestigen (zie punt 2, 3, 4), en ga verwolgens verder met onderstaande aanwijzingen.
Bevestiging van de telescopische pijpen: Zet de buishouder in elkaar met gebruik van de 4 bijgeleverde schroeven (Afb.9); - Zet verwolgens de beugel vast aan het plafond, met de bijgeleverde pluggen en schroeven (F), zodat hijrecht is ten opzichte van de kap (Afb.10). - Monteer het verloopstuk ter hoogte van het luchtuitlaatpunt op de afzuigkap (Afb.14).
-
Neem het afbuigrooster en zet er een buizame slang op vast (diameter 125 mm), en blokkeer hem met een metalen bandje (slang en bandjes worden nicht bijgeverd); bevestig het afbuigrooster aan de bovenste slang (Afb.15) met 4 schroeven.
-
Verbind de slang met de reductie op de luchtuitgangsopening (Afb.16). - Breng de elektrische aansluiting van de afzuigkap tot stand met de voedingskabel. Steek de telescopische pijpen erin en LAST ze op de afzuigkap steunen; schuif de bovenste pijp tot aan het plafond omhoog en maak hem met de beiden schroeven (H) Afb.13 vast. - Installeer de koolstofffilter door de 2 lipjes van de filter in de waarvoord bestemde behuizing te steken (Afb.17) en draai hem maar boven.
WERKING
Afhankelijk van de versies is het apparaat uitergerust met de volgende bedieningselementen: BEDIENINGSELEMENTENvan Afb.18:
A) Lampjesuit.
B) Lampjes aan.
C) Verlaagt de slelheid, tot aan de minimum slelheid. Indien gedurende 2" ingeduwd, valt de motor stil.
D) Start de motor (de LAST gebruike snelheid worden opgeroepen) en versnel maximaal.
E) RESET FILTERALARM / TIMER: de knop indrukken tijdens de weergave van het filteralarm (bij uitgeschakelde motor) om de timer terug te stellen. De knop indrukken verwijl de motor draait om de TIMER in te schakelen. De kap worden na 5 minuten automatisch uitgeschakeld.
L1) De 4 GROENE leds geben de bedrijfssnelheid wee.
L2) Wanneer de LED rood is (bij uitgeschakelde motor) wijst dit op het FILTERALARM. Wanneer de LED groen is (knipperend) wijst dit erop dat de TIMER werd ingeschakeld met de knop E.
FILTERALARM:
Na 30u Werking, wordt de led L2 ROOD; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd.
Na 120u Werking, wordt de led L2 ROOD en gaat hij knipperen; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd en de koolstoffilters moeten worden verrangen.
Wanneer de vetfilters gereinigd zich (en/of de koolstoffilters verrangen zich), wordenijdens de weergave van het filteralarm gedrukt op de knop E om de UREN-telling opnieuw te starten (RESET).
BEDIENINGSELEMENTEN van Afb.19:
P1) OFF/- verlichting: verlaagt de Lichtsterkte, tot aan de minimum intensiteit. Indien deze toets 2'' ingedrukt blijft, gaan de lichten uit.
P2) ON/+ verlichting: schakelt de verlichting in op de LAST ingestelde Lichtsterkte (voor de LAST uitschakeling). Verhoogt de lichtsterkte, tot aan de maximum intensiteit.
P3) OFF/- Motor: verlaagt de snelheid, tot aan de minimum snelheid. Indien deze toets 2'' ingedrukt blijft, wordt de motor afgezet. Indien deze toets 2'' ingedrukt blijft wanner FILTERS ALARM actief is, wordt de UREN-teller teruggezet op nul.
P4) ON/+ Motor: schakelt de motor in op de LAST ingestelde snelheid (voor de LASTe uitschakeling).
Verhoogt de motorsnelheid, tot aan de maximum能力和 at least one of the following:
Indien deze toets 2" ingedrukt blijft, worden de Timer van 5 minuten geactiveerd, hetgeen AANGEDUID worden door het knipperen van de leds die bij de op dat moment ingestelde snugheid horen.
Indien deze toets 2'' ingedrukt blijft wanner deTimer actief is, wordt deze GEELIMINEERD.
P5) INT: functioneert alleen als de MOTOR AAN is.
Bij de eerste keer indrukken, activeert hij de EERSTE intensieve snelheid, als hij een tweede keer ingedrukt worden, activeert hij de TWEDE intensieve snelheid, indien hij de DERDE keer ingedrukt worden keert hij terug maar de snelheid die ingesteld was voor de intensieve snelheid (d.w.z. een van de eerste 4)
L1) De 4 GROENE leds geben de bedrijffssnelheid wee.
L2) Tweekleurige led: GROEN = geeft de Eerste intensieve snelheid aan. ROOD = geeft de Tweede intensieve snelheid aan.
FILTERALARM:
Na 30 eer werking knipperen de eerste 2 leds (L1). Dit betekent dat de vetfilters gereinigd moeten worden. Na 120 uer Werking knipperen de laatste 2 leds (L1). Dit betekent dat de vetfilters gereinigd en de koolstoffilters verrangen moeten worden. Wanner de vetfilters gereinigd zichn (en/of de koolstoffilters verrangen zichn), wordenijdens de weergave van het filteralarm gedrukt op de knop P3 om de UREN-telling opnieuw te starten (RESET).
BEDIENINGSELEMENTEN van Afb.20:
A)verlichtinguit.
B)verlichting aan.
C) Mindert de snelheid van de motor, tot de nulsnelheid worden bekomen. Indien hij 2" lang worden ingedrukt wanner het Filteralarm actief is, zet hij de UREN-telling terug op nul.
D) Schakelt de motor in (op de LAST gebruike snelheid) en verhoogt de snelheid van de motor tot de maximale snelheid wirdt bereikt.
E) Activeert/deactivateert de Sensor (AUTOMATISCH of HANDBEDIENING). In de Automatische bediening is de sensor actief en verschijnt op de Display (L) de letter "A".
L) Display:
-
geeft de huidige snelheid weer
-
geeft de Automatische bediening weeer aan de hand van de letter "A". Indien de snelheid van de motor worden gewijzigd, worden de huidige snelheid 3-maal knipperend weergegeven, waarna opnieuw de letter "A" verschijnt.
-
meldt het Filteralarm (motor uitgeschakeld) door het centraal segment 30" lang werk te gezven.
FILTERALARM: worden aangegeven met Uitgeschakelde Motor, gedurende 30^
Na 30u Werking, verschijnt op de display het centraal segment; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd.
Na 120u Werking, knippert op de display het centraal segment; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd en de koolstoffilters moeten worden verrangen.
Wanneer de vetfilters gereinigd zich (en/of de koolstoffilters verrangen zich), wordenijdens de weergave van het filteralarm gedrukt op de knop C om de UREN-telling opnieuw te starten (RESET).
GEVOELIGHEID VAN DE GASSensor: de gevoeligheid van de sensor kan volgens de eigen behoefte worden gewijzigd.
Om de gevoeligheid te wijzigen, dient het apparaat zich in de handbediening te vinden (op de display mag Niet de letter
"A" maar要去 de huidige snelheid weergegeven zich); zo Niet, druk op de knop E.
Wijzig de gevoeligheid van de sensor door tegelijk te drukken op de knoppen D en E. De ingestelde gevoeligheid worden weergegeven op de display. Met de knoppen C(-) en D(+) worden de gevoeligheid ingesteld Bewaar de "nieuwe" gevoeligheid door te drukken op de knop E.
OPGELET: OMDESENSORNIETTEBESCHADIGEN, WORDENVLAKBIJDEAFZUIGKAPGEENSILICONENPRODUCTEN GEBRUIKT!
BEDIENINGSELEMENTEN van Afb.21:
A) Mindert de lichtsterkte tot het minimum. Wanner 2" op de knop worden gedrukt, gaat de verlichting UIT.
B) schakelt de verlichting in, volgens de LAST ingestelde lichtsterkte. Verhoogt de lichtsterkte tot het maximum.
C) Mindert de snelheid van de motor, tot de minimumsnelheid wordt bereikt. Indien hij 2" lang worden ingedrukt, worden de motor uitgeschakeld.
Indien hij 2" lang worden ingedrukt wonneer het Filteralarm actief is, zet hij de UREN-telling terug op nul.
D) Schakelt de motor in (op de LAST gebruike snelheid) en verhoogt de snelheid van de motor tot de maximale snelheid wirdt bereikt.
E) Activeert/deactivateert de Sensor (AUTOMATISCH of HANDBEDIENING). In de Automatische bediening is de sensor actief en verschijnt op de Display (L) de letter "A".
L) Display:
-
geeft de huidige snelheid wee.
-
geeft de Automatische bediening wee an de hand van de letter "A". Indien de snelheid van de motor worden gewijzigd, worden de huidige snelheid -maal knipperend weergegeven, waarna opnieuw de letter "A" verschijnt.
-
meldt het Filteralarm (motor uitgeschakeld) door het centraal segment 30^ lang wee ter given.
FILTERALARM: worden aangegeven met Uitgeschakelde Motor, gedurende 30":
Na 30u Werking, verschijnt op de display de letter "F"; betekent dat de vetfilters要去en worden gereinigd.
Na 120u Werking, knippert op de display de letter "F"; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigdende koolstoffilters moeten worden verrangen.
Wanneer de vetfilters gereinigd zich (en/of de koolstoffilters verrangen zich), wordenijdens de weergave van het filteralarm gedrukt op de knop C om de UREN-telling opnieuw te starten (RESET).
GEVOELIGHEID VAN DE GASSensor: de gevoeligheid van de sensor kan volgens de eigene behoefte worden gewijzigd. Om de gevoeligheid te wijzigen, dient het apparaat zich in de handbediening te vinden (op de display mag Niet de letter "A" maar要去 de huidige slelheid weergegeven zich); zo Niet, druk op de knop E.
Wijzig de gevoeligheid van de sensor door tegelijk te drukken op de knoppen D en E. De ingestelde gevoeligheid worden weergegeven op de display. Met de knoppen C(-) en D(+) worden de gevoeligheid ingesteld Bewaar de "nieuwe" gevoeligheid door te drukken op de knop E.
OPGELET:OMDESENSORNIETTEBESCHADIGEN,WORDENVLAKBIJDEAFZUIGKAPGEENSILICONENPRODUCTEN GEBRUIKT!
Vetfilters: bijzondere zorg dient te worden besteed aan de vetfilters die regelmatig moeten worden schoongemaaakt, wonneer het alarm "vetfilters"verschijnt. Voor instructies over het alarm van de filters,zie de paragraaf Bedieningselementen. Demonteer de filters zoals beschreiben onder punt 1 en was hen af met een neutraal reinigingsmiddel.
Koolstoffilters: als het apparaat gebruikt worden in de filterversie,要去en de koolstofffilters periodiek worden verrangen, wonneer het alarm "koolstofffilters" verschijnt. Voor instructies over het alarm van de filters, zie de paragraaf Bedieningselementen. Demontage koolstofffilter(s): Verwijder het metalen rooster (Afb.3a) en het vetfilter (Afb.3b/3c). Verwijder het koolstofffilter door de stop�n te duwen en het filter te draaien tot de twee lipjes uithun zitting verwijderd worden (Afb.17).
Verlichting: om bij de lampen te konnen verwijdert u de metalen steun door de twee schroeven los te draaien (Afb.22) en het hier rechts te verplaatsen. Om de halogeenlampen te verrangen draait u de ringmoer gegen de wijzers van de klok in, en trekt u de lamp los (Afb.23). Vervangen door lampen van hetzelfde type.

Dit apparaat voldoet aan de Europese richtlijnen 2002/96/EC voor elektrische en elektronische afval. Door dit apparaat correct te verwijderen, helpt u het potentièle negatieve gevolg voor de omgeving en menselijkke gezondheid te voorkomen., welke anders door onjuiste verwijdering zou worden veroorzaakt. Het symbool op het product duidt aan dat dit product Niet behandeld zal worden als huishuidelijk afval. Inplaatsaarvan za het apparaat maar het verzamelpunt voor de recycling van elektrische en elektronische uitrusting gaan. De verwijdering moet in overeenstemming metplaatselijkke milieuvoorschriften voor afvalverwerking uitgevoerd worden. Voormeer gedetailleerde informatie over de verwijderingvan dit product, neemt u contact op met uw gemeenklijke reinigingsdienst of de dealer waar u het apparaat heeft gekocht.







5

6
7

8


9

10 11


12


14

15








20



21




22

23