303001 - Koekenpan PRINCESS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 303001 PRINCESS in PDF-formaat.

📄 60 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice PRINCESS 303001 - page 3
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : PRINCESS

Model : 303001

Categorie : Koekenpan

Download de handleiding voor uw Koekenpan in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 303001 - PRINCESS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 303001 van het merk PRINCESS.

GEBRUIKSAANWIJZING 303001 PRINCESS

Gefeliciteerd! U heeft een product van Princess aangeschaft. Ons doel is om kwaliteitsproducten met een smaakvol ontwerp en tegen een betaalbare prijs te bieden. We hopen dat u vele jaren plezier zult hebben van dit product. Het apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met een lichamelijke, zintuiglijke, geestelijke of motorische handicap of zonder de benodigde ervaring en kennis indien ze onder toezicht staan of instructies krijgen over hoe het apparaat op een veilige manier kan worden gebruikt alsook de gevaren begrijpen die met het gebruik samenhangen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen tenzij ze ouder zijn dan 8 jaar en onder toezicht worden gehouden. Houd het apparaat en het netsnoer buiten bereik van kinderen jonger dan 8 jaar. Beschrijving (fig. A) Uw 303001 Princess inductiekookplaat is ontworpen voor het koken met behulp van inductieverwarming om pannen direct te verwarmen. Het apparaat is uitsluitend geschikt voor gebruik binnenshuis. Het apparaat is alleen geschikt voor huishoudelijk gebruik. Geschikte pannen: stalen pannen, roestvrijstalen pannen, gietijzeren pannen, geëmailleerd ijzeren pannen, pannen met platte bodem met een diameter van 14,5 tot 21 cm. Niet geschikte pannen: keramische pannen, glazen pannen, koperen pannen, aluminium pannen, pannen met afgeronde bodem met een diameter van minder dan 10 cm.

3. Temperatuurknop (°C)

11. Kookplaat met kookzone

Eerste gebruik Voordat u verder gaat, vragen wij graag uw aandacht voor de volgende punten: - Zorg ervoor dat er voldoende ruimte rondom het apparaat is voor het ontsnappen van de warmte en voor voldoende ventilatie. Reinig het apparaat. • Zie het gedeelte "Reiniging en onderhoud". Reinig de accessoires. • Zie het gedeelte "Reiniging en onderhoud".• Plaats het apparaat op een stabiel, vlak en • hittebestendig oppervlak. Plaats de netstekker in het stopcontact. De • aan/uit-indicator (2) knippert. Plaats een geschikte pan op de kookplaat • (11). Druk op de aan/uit-knop (1) om het • apparaat in te schakelen. De aan/uit- indicator (2) brandt continu. Stel de maximale temperatuur in (240 °C). • Het apparaat begint met opwarmen. Druk op de aan/uit-knop (1) om het • apparaat uit te schakelen. De aan/uit- indicator (2) knippert. Verwijder de netstekker uit het stopcontact. • De aan/uit-indicator (2) gaat uit. Laat het apparaat volledig afkoelen.• Let op: Bij de eerste keer inschakelen van het apparaat kan gedurende korte tijd een lichte rookontwikkeling ontstaan en een karakteristieke geur vrijkomen. Dit is normaal.4

Gebruik Instellen van de temperatuur (fig. A) De temperatuur kan worden ingesteld van 60 °C tot 240 °C. Druk op de temperatuurknop (3). • De temperatuurindicator (4) gaat branden. Druk op de +/- knoppen (9) om de • temperatuur te verhogen of te verlagen. De display (10) toont de ingestelde temperatuur. Druk op de aan/uit-knop (1). • De temperatuurindicator (4) gaat uit. Instellen van het vermogen (fig. A) Het vermogen kan worden ingesteld op 10 verschillende vermogensniveaus. Druk op de vermogensknop (5). • De stroomindicator (6) gaat branden. Druk op de +/- knoppen (9) om het • vermogen te verhogen of te verlagen. De display (10) toont het ingestelde vermogen. Druk op de aan/uit-knop (1). De • spanningsindicator (6) gaat uit. Instellen van de timer (fig. A) De timer kan worden ingesteld van 1 minuten tot 240 minuten (4 uur). Let op: De timer kan uitsluitend worden ingesteld wanneer de temperatuur of het vermogen is ingesteld. Druk op de timerknop (7). De timer-• indicator (8) knippert. De cijfers voor de uren beginnen op de display (10) te knipperen. Druk op de +/- knoppen (9) om de uren in • te stellen. Druk nogmaals op de timerknop (7). De • timerindicator (8) knippert. De cijfers voor de minuten beginnen op de display (10) te knipperen. Druk op de +/- knoppen (9) om de • minuten in te stellen. De timerindicator (8) brandt continu. Aanwijzingen voor gebruik Voordat u verder gaat, vragen wij graag uw aandacht voor de volgende punten: - Zorg ervoor dat er voldoende ruimte rondom het apparaat is voor het ontsnappen van de warmte en voor voldoende ventilatie. Plaats het apparaat op een stabiel, vlak en • hittebestendig oppervlak. Plaats de netstekker in het stopcontact. • De aan/uit-indicator (2) knippert. Plaats een geschikte pan op de kookplaat • (11). Let op: Indien u het apparaat zonder pan op de kookplaat inschakelt, zal het apparaat piepen en niet werken. Druk op de aan/uit-knop (1) om het • apparaat in te schakelen. De aan/uit- indicator (2) brandt continu. Verricht een van de volgende stappen:• - Stel de temperatuur in. Zie het gedeelte "Instellen van de temperatuur". - Stel het vermogen in. Zie het gedeelte "Instellen van het vermogen". Stel de timer in. Zie het gedeelte "Instellen • van de timer". Het apparaat begint met opwarmen. De display (10) toont tijdens het proces de ingestelde temperatuur of het ingestelde vermogen. Druk op de timerknop (7) om de • resterende tijd op de display (10) te zien. Als de timer volledig heeft afgeteld, klinkt • een zoemer en schakelt het apparaat automatisch uit. Druk op de aan/uit-knop (1) om het • apparaat uit te schakelen. De aan/uit- indicator (2) knippert. Verwijder de netstekker uit het • stopcontact. De aan/uit-indicator (2) gaat uit. Laat het apparaat volledig afkoelen.• Foutcodes (fig. A) In geval van specifieke fouten zal de display (10) foutcodes tonen. Zie onderstaande tabel voor een uitleg van de foutcodes. Foutcode Oorzaak / Oplossing E-0 Er staat geen pan op de kookplaat. Er staat een pan met een diameter van minder dan 10 cm op de kookplaat. / Plaats een pan met een diameter van 14,5 tot 21 cm op de kookplaat.5

E-1 Beveiliging tegen hoge temperaturen. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Kortsluitbeveiliging. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Ga naar een gekwalificeerde elektricien. De temperatuursensor werkt niet. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Ga naar een gekwalificeerde elektricien. E-2 De bodem van de pan is heet. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Kortsluitbeveiliging. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Ga naar een gekwalificeerde elektricien. De temperatuursensor werkt niet. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Ga naar een gekwalificeerde elektricien. E-3 Het voltage is meer dan 270 V. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het voltage weer normaal is. E-4 Het voltage is minder dan 140 V. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het voltage weer normaal is. E-5 Overspannings-/onderspanningsbeveiliging. / Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het voltage weer normaal is. Reiniging en onderhoud (fig. A) Voordat u verder gaat, vragen wij graag uw aandacht voor de volgende punten: - Schakel voor reiniging en onderhoud het apparaat uit, verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. - Dompel het apparaat niet onder in water of andere vloeistoffen. Voordat u verder gaat, vragen wij graag u uw aandacht voor de volgende punten: - Reinig het apparaat niet met bijtende of schurende reinigingsmiddelen. - Gebruik geen scherpe voorwerpen om het apparaat te reinigen. - Gebruik geen schuursponsjes om het apparaat te reinigen. - Gebruik geen staalborstels om het apparaat te reinigen. Controleer het apparaat regelmatig op • mogelijke schade. Reinig de buitenkant van het apparaat met • een zachte, vochtige doek. Droog de buitenkant van het apparaat grondig met een schone, droge doek. Veiligheidsinstructies Algemene veiligheid Lees voor gebruik de gebruiksaanwijzing • zorgvuldig door. Bewaar de gebruiks- aanwijzing voor toekomstig gebruik. Gebruik het apparaat en de accessoires • uitsluitend voor de beoogde doeleinden. Gebruik het apparaat en de accessoires niet voor andere doeleinden dan beschreven in de gebruiksaanwijzing. Gebruik het apparaat niet als een • onderdeel of een accessoire beschadigd of defect is. Laat een beschadigd of defect onderdeel of een accessoire door de fabrikant of een erkend servicecentrum vervangen. Houd altijd toezicht op kinderen om te • voor komen dat ze met het apparaat spelen. Het gebruik van dit apparaat door • kinderen of personen met een lichamelijke, zintuiglijke, geestelijke of motorische handicap of zonder de benodigde kennis en ervaring kan gevaar veroorzaken. Personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid moeten uitdrukkelijke instructies geven of toezicht houden op het gebruik van het apparaat. Gebruik het apparaat niet in de buurt van • badkuipen, douches, wastafels of andere voorzieningen die water bevatten. Dompel het apparaat niet onder in water • of andere vloeistoffen. Verwijder het apparaat niet met uw handen als het apparaat is ondergedompeld in water of andere vloeistoffen. Haal onmiddellijk de stekker uit het stopcontact.6

Gebruik het apparaat niet langer als het in water of andere vloeistoffen ondergedompeld is geweest. Elektrische veiligheid Houd het apparaat en het netsnoer buiten • bereik van kinderen jonger dan 8 jaar. Controleer voor gebruik altijd of de • netspanning overeenkomt met de spanning op het typeplaatje van het apparaat. Sluit het apparaat op een geaard • stopcontact aan. Gebruik indien nodig een geaarde verlengkabel met een geschikte diameter (minimaal 3 x 1 mm

Installeer voor extra bescherming een • aardlekschakelaar (RCD) met een nominale reststroom van maximaal 30 mA. Bedien het apparaat niet door middel van • een externe timer of een apart afstandsbedieningssysteem. Zorg dat er geen water in de aansluitpunten • van het netsnoer en het verlengsnoer kan komen. Wikkel netsnoer en het verlengsnoer altijd • volledig af. Zorg dat het netsnoer niet over de rand • van een werkblad hangt, dat het niet per ongeluk verstrengeld kan raken en dat niemand erover kan struikelen. Houd het netsnoer uit de buurt van • warmtebronnen, olie en scherpe randen. Gebruik het apparaat niet als het netsnoer • of de stekker beschadigd of defect is. Laat een beschadigd of defect netsnoer of een stekker door de fabrikant of een erkend servicecentrum vervangen. Trek de stekker niet aan het netsnoer uit • het stopcontact. Haal de stekker uit het stopcontact als het • apparaat niet in gebruik is, voordat u het gaat monteren of demonteren en voordat u reinigings- en onderhoudswerk- zaamheden gaat uitvoeren. Veiligheidsinstructies voor inductiekookplaten Gebruik het apparaat niet buitenshuis.• Plaats het apparaat op een stabiel en vlak • oppervlak. Plaats het apparaat op een hittebestendig • en spatvrij oppervlak. Plaats het apparaat niet op een kookplaat.• Zorg ervoor dat er voldoende ruimte • rondom het apparaat is voor het ontsnappen van de warmte en voor voldoende ventilatie. Zorg ervoor dat het apparaat niet in • contact komt met brandbaar materiaal. Houd het apparaat uit de buurt van • warmtebronnen. Bedek het apparaat niet.• Plaats geen vel papier tussen het kookgerei • en de kookplaat om te voorkomen dat het papier wordt verbrand. De toegankelijke oppervlakken van het • apparaat kunnen zeer heet worden tijdens gebruik. Raak de hete kookplaat niet aan. De kookplaat wordt zeer heet tijdens • gebruik. Raak de kookplaat niet aan direct na het verwijderen van het kookgerei. Het kookgerei wordt zeer heet tijdens • gebruik. Gebruik ovenhandschoenen om het kookgerei van de kookplaat te verwijderen. Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, • lepels en deksels kunnen heet worden en mogen dan ook niet op de kookplaat worden geplaatst. De kookplaat is gemaakt van gehard glas. • Gebruik het apparaat niet wanneer de kookplaat beschadigd is. Indien het oppervlak is gebarsten, schakelt het apparaat uit om de mogelijkheid van een elektrische schok te voorkomen. Plaats geen leeg kookgerei op de kookplaat. • Het verwarmen van leeg kookgerei schakelt de oververhittingsbeveiliging in en het apparaat schakelt automatisch uit. Plaats geen voorwerpen die worden • beïnvloed door magneten (radio's, televisies, bankkaarten, etc.) in de buurt van het apparaat. Verplaats het apparaat niet wanneer het is • ingeschakeld of nog heet is. Verwijder de netstekker uit het stopcontact en wacht totdat het apparaat is afgekoeld. Disclaimer Wijzigingen voorbehouden; specificaties kunnen zonder opgave van redenen worden gewijzigd.7