Wireless G Plus MIMO Route - Router BELKIN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Wireless G Plus MIMO Route BELKIN in PDF-formaat.

📄 256 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BELKIN Wireless G Plus MIMO Route - page 3
Bekijk de handleiding : Français FR Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BELKIN

Model : Wireless G Plus MIMO Route

Categorie : Router

Download de handleiding voor uw Router in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Wireless G Plus MIMO Route - BELKIN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Wireless G Plus MIMO Route van het merk BELKIN.

GEBRUIKSAANWIJZING Wireless G Plus MIMO Route BELKIN

Voordelen van een draadloos netwerk ..................................

De beste plaats voor uw draadloze G+ MIMO router ............

Systeemvereisten voor de Easy Install Wizard software .......

6. Gebruik maken van de geavanceerde web-based

1A4 Dank u voor het aanschaffen van de draadloze G+ MIMO router van Belkin (de router). In de twee volgende paragrafen worden de voordelen van het opzetten van een netwerk in een woning behandeld evenals wat u kunt doen om het bereik en de prestaties van uw draadloze netwerk te optimaliseren. Wij raden u aan deze handleiding volledig door te lezen en extra aandacht te besteden aan het hoofdstuk “De beste plaats voor uw draadloze G+ MIMO router” (volgende bladzijde). Als u de volgende eenvoudige setup-instructies volgt, kunt u met uw thuisnetwerk het volgende doen: • Een high-speed internetverbinding met alle computers in huis delen• Bronnen als bestanden en harde schijven delen met alle aangesloten computers in huis• Eén printer met het hele gezin delen• Documenten, muziek, videomateriaal en digitale foto’s delen• Bestanden opslaan, ophalen en kopiëren van de ene naar de andere computer• Tegelijkertijd on-line spelletjes spelen, via het internet uw e-mail bekijken en chatten Voordelen van een draadloos netwerk Het opzetten van een draadloos netwerk met netwerkproducten van Belkin heeft veel voordelen:Mobiliteit – een speciale computerruimte is voortaan overbodig; u kunt nu overal binnen het draadloze bereik op een notebook of desktopcomputer binnen het netwerk werkenEenvoudige installatie – de Easy Installation Wizard van Belkin maakt installatie heel eenvoudigFlexibiliteit – installatie van en toegang tot printers, computers en andere netwerkapparatuur vanaf elke plek in uw woningEenvoudige uitbreiding – Belkin biedt u keus uit een complete reeks netwerkproducten die het u mogelijk maken uw netwerk uit te breiden met apparaten als printers en gameconsolesBedrading niet vereist – u bespaart uzelf de kosten en de moeite die komen kijken bij het aanleggen van Ethernet-kabels in uw woning of kantoorAlgemeen aanvaard – keuze uit een groot aanbod van interoperabele netwerkproducten 1Inleiding

De beste plaats voor uw draadloze G+ MIMO router Belangrijke factoren die een rol spelen bij plaatsing en setup Uw draadloze verbinding is sterker naargelang de afstand tussen de computer en de router (of het accesspoint) kleiner is. Het bereik van draadloze apparatuur ligt doorgaans tussen de 30 en 60 meter. De prestaties van uw draadloze verbinding zullen iets achteruit gaan naarmate de afstand tussen uw router (of accesspoint) en de aangesloten apparatuur groter wordt. U zal hiervan niet altijd iets merken. Als de afstand tussen uw router (of accesspoint) groter wordt, kan de snelheid van de verbinding afnemen. Objecten die signalen kunnen verzwakken doordat ze de radiogolven van het netwerk blokkeren, zijn metalen apparaten of obstakels en muren. Door de computer naar een andere positie op een afstand van 1,5 tot 3 meter van de router (of het accesspoint) te verplaatsen, kunt u nagaan of de mindere prestaties te maken hebben met de afstand of een blokkade. Neem contact op met de afdeling Technische Ondersteuning van Belkin als u een probleem niet zelf kunt oplossen. Let op: Hoewel de onderstaande factoren de prestaties van een netwerk nadelig kunnen beïnvloeden, beletten zij niet dat het draadloze netwerk functioneert. Als u denkt dat het netwerk niet optimaal presteert, kan deze checklist uitkomst bieden.

1. Plaatsing van uw draadloze router (of accesspoint)

Plaats uw router (of accesspoint), het centrale verbindingspunt binnen uw netwerk, op een centrale plek tussen uw draadloze netwerkapparatuur. De beste netwerkdekking voor uw “draadloze cliënten” (d.w.z. computers aangestuurd door draadloze notebook- en desktopnetwerkkaarten en draadloze USB-adapters van Belkin) bereikt u als volgt:

  • Zorg ervoor dat de netwerkantennes van uw router (of accesspoint) parallel aan elkaar en in verticale stand staan (naar het plafond wijzen). Als de router (of het accesspoint) zelf al verticaal is gepositioneerd, laat de antennes dan zo recht mogelijk naar het plafond wijzen.
  • In woningen met meer verdiepingen plaatst u de router (of het accesspoint) op de verdieping die zich het dichtst bij het midden van de woning bevindt. Dit kan betekenen dat u de router (of het accesspoint) op een hogere verdieping moet plaatsen.
  • Plaats de router (of het accesspoint) niet in de buurt van een draadloze 2,4GHz-telefoon.32 Hoofdstuk Inleiding

2. Vermijd obstakels en interferentie

Plaats uw router (of accesspoint) bij voorkeur niet in de buurt van apparaten die radiogolven uitzenden, zoals magnetrons. De volgende ondoordringbare objecten kunnen draadloze communicatie hinderen: • Koelkasten• Wasmachines en/of drogers• Metalen kasten• Grote aquaria• Gemetalliseerde UV-werende ruitenIndien het signaal van uw draadloze netwerk op sommige plaatsen zwakker lijkt te zijn, zorg er dan voor dat dit soort objecten het signaal niet kunnen hinderen. Zorg er dus voor dat ze niet tussen uw computers en uw router/accesspoint in staan.

3. Draadloze telefoons

Ga als volgt te werk als de prestaties van uw draadloze netwerk niet beter worden nadat u de bovenstaande wenken hebt opgevolgd én u gebruik maakt van een draadloze telefoon: • Kijk wat er gebeurt als u uw draadloze telefoon uit de buurt houdt van uw router (of accesspoint) en uw computers die geschikt zijn voor draadloze communicatie.• Verwijder de batterij uit alle draadloze telefoons die gebruik maken van de 2,4GHz-band (zie informatie van de fabrikant). Als het probleem hiermee is opgelost, is(/zijn) uw telefoon(s) de storingsbron. • Als u voor uw telefoon ook andere kanalen kunt kiezen, kies dan voor het kanaal dat het verst verwijderd is van het kanaal dat door uw draadloze netwerk gebruikt wordt. Verander bijvoorbeeld het kanaal van uw telefoon in kanaal 1 en stel het kanaal van uw router (of accesspoint) in op kanaal 11. Raadpleeg de handleiding van uw telefoon voor gedetailleerde instructies.• Ga zo nodig over op een draadloze telefoon van 900 MHz of 5 GHz.

4. Kies het “stilste” kanaal voor het draadloze netwerk

Op plaatsen waar meerdere woningen of kantoren dicht bij elkaar liggen, zoals appartementen- of kantoorgebouwen, kunnen draadloze netwerken in de omgeving problemen veroorzaken voor uw netwerk. Maak gebruik van de Site Survey-mogelijkheid (site-overzicht) van de Wireless Utility om andere draadloze netwerken te lokaliseren (zie deInleiding

handleiding van uw draadloze notebook- of desktopnetwerkkaart) en verplaats uw router en computers naar een kanaal dat zo ver mogelijk verwijderd is van andere netwerken.

  • Experimenteer met de verschillende beschikbare kanalen om de beste verbinding te vinden en storing door draadloze telefoons en andere draadloze apparaten in de omgeving te voorkomen.
  • Gebruik de Site Survey en de uitgebreide informatie over kanalen voor draadloze netwerken die u bij uw draadloze netwerkkaart heeft gekregen. Raadpleeg de handleiding van uw netwerkkaart voor meer informatie. Bovenstaande suggesties en richtlijnen helpen u bij het optimaliseren van het bereik van uw router (of accesspoint). Als u een nog groter bereik nodig hebt, overweeg dan de aanschaf van een draadloze range extender/accesspoint van Belkin.

5. Veilige verbindingen, VPN’s en AOL.

Veilige verbindingen zijn doorgaans verbindingen waarvoor een gebruikersnaam en een wachtwoord vereist zijn. Hiervan wordt gebruik gemaakt in situaties waar beveiliging van belang is. Veilige verbindingen zijn o.a.:

  • Virtual Private Network (VPN)-verbindingen; deze worden vaak gebruikt om van afstand verbinding te maken met een kantoornetwerk
  • Het “Bring Your Own Access”-programma van America Online (AOL) - dit programma laat u AOL gebruiken via breedband die ter beschikking wordt gesteld door een andere kabel- of DSL-service.
  • De meeste websites voor internetbankieren
  • Veel commerciële websites waarbij toegang uitsluitend verleend wordt nadat een gebruikersnaam en wachtwoord zijn ingevuld Veilige verbindingen kunnen worden onderbroken als de energiebeheerinstel lingen van de computer ervoor zorgen dat de computer overschakelt naar de slaapstand. U kunt opnieuw verbinding maken door de VPN of AOL-software te draaien of door opnieuw op de beveiligde website in te loggen. Een tweede alternatief is het wijzigen van de energiebeheerinstellingen van de computer, zodat deze niet overschakelt naar de slaapstand. Dit is niet noodzakelijkerwijs van toepassing op draagbare computers. Om de energie beheerinstellingen te wijzigingen in Windows, gaat u naar “Power Options” (Energiebeheer) in het “Control Panel” (Configuratiescherm). Als u moeilijkheden blijft houden met de beveiligde verbindingen, VPN en AOL, raden wij u aan de bovenstaande stappen te doorlopen om te zien of u hiermee rekening gehouden hebt.54 Hoofdstuk Inleiding

Ga voor meer informatie over de netwerkproducten van Belkin naar www.belkin.com/networking of neem telefonisch contact op met de afdeling Technische Ondersteuning: Verenigde Staten van Amerika: 877-736-5771 310-898-1100 toestel 2263 Verenigd Koninkrijk: 0845 607 77 87 Australië: 1800 235 546 Nieuw-Zeeland: 0800 235 546 Singapore: 800 616 1790 Europa: www.belkin.com/supportProductenoverzicht

Productkenmerken Binnen een paar minuten kunt u uw Internetverbinding delen en vormen uw computers een netwerk. Hier volgt een overzicht van voordelen die van uw nieuwe draadloze G+ MIMO router van Belkin de ideale oplossing maken als u in uw woning of klein kantoor een netwerk wilt opzetten. Werkt met pc’s en Mac

-computers De router ondersteunt een groot aantal netwerkomgevingen zoals onder meer Mac OS

, 2000 en XP. U hebt niet meer nodig dan een Internetbrowser en een netwerkadapter die TCP/IP (de standaard Internettaal) ondersteunt. LED-display frontpaneel Brandende LED’s aan de voorzijde van de router geven aan welke functies zijn ingeschakeld. U kunt in één oogopslag zien of uw router verbinding heeft gemaakt met het Internet. Deze functie maakt gecompliceerde software en statuscontroleprocedures overbodig. Geavanceerde web-based gebruikersinterface U kunt de geavanceerde functies van de router eenvoudig instellen via uw webbrowser, zonder dat u extra software moet installeren op de computer. U hoeft geen disks te installeren of in de gaten te houden en bovendien kunt u snel en gemakkelijk wijzigingen aanbrengen en setupfuncties uitvoeren vanaf iedere op het netwerk aangesloten computer. NAT IP-adresdeling Uw router maakt gebruik van Network Address Translation (NAT) voor het delen van het unieke IP-adres dat door uw Internet Service Provider aan u is toegewezen, terwijl u de kosten bespaart van het toevoegen van extra IP- adressen aan uw internetserviceaccount. SPI Firewall Uw router is uitgerust met een firewall die uw netwerk beschermt tegen een groot aantal veel voorkomende aanvallen van hackers waaronder IP Spoofing, Land Attack, Ping of Death (PoD), Denial of Service (DoS), IP met lengte nul, Smurf Attack, TCP Null Scan, SYN flood, UDP flooding, Tear Drop Attack, ICMP defect, RIP defect en fragment flooding.76 Hoofdstuk Productenoverzicht

Geïntegreerde 10/100 4-poorts switch De router heeft een ingebouwde 4-poorts netwerkswitch waarmee uw op een kabelnetwerk aangesloten computers onder meer printers, data, mp3-bestanden en digitale foto’s kunnen delen. De switch stelt zich met behulp van auto-sensing automatisch in op de snelheid van de aangesloten apparaten. De switch kan gelijktijdig - zonder onderbrekingen en zonder op bronnen beslag te leggen - data overzenden tussen computers en het Internet. Universal Plug-and-Play (UPnP) UPnP is een technologie die een naadloze werking van voice messaging, video messaging, games en andere applicaties mogelijk maakt die voldoen aan UPnP. Ondersteuning voor VPN Pass-Through Als u met behulp van een VPN-aansluiting van huis uit verbinding maakt met uw bedrijfsnetwerk, dan maakt uw router het mogelijk dat uw met VPN-functionaliteit uitgeruste computer via de router contact maakt met uw bedrijfsnetwerk. Ingebouwd Dynamic Host Configuration Protocol (DHCP) Het ingebouwde Dynamic Host Configuration Protocol (DHCP) zorgt voor absoluut probleemloze netwerkverbindingen. De DHCP-server wijst automatisch aan elke computer IP-adressen toe waardoor een gecompliceerde netwerk-setup overbodig is. Easy Install Wizard De Easy Install Wizard zorgt voor probleemloze installatie van uw router. Deze software bepaalt automatisch de juiste instelling van uw netwerk en maakt de router klaar voor de verbinding met uw Internet Service Provider (ISP). Binnen enkele minuten is uw router geïnstalleerd en aangesloten op het Internet.Let op: De Easy Install Wizard-software is compatibel met Windows 98SE, Me, 2000, XP en Mac OS X. Indien u gebruik maakt van een ander besturingssysteem, dan kunt u bij de setup van de router gebruik maken van de alternatieve setupmethode, zoals beschreven in deze handleiding (zie bladzijde 29).Productenoverzicht

Geïntegreerd draadloos G+ MIMO accesspoint G+ MIMO is een nieuwe draadloze technologie die overdrachtssnelheden tot 54 Mbps mogelijk maakt. Werkelijk gerealiseerde snelheden zijn afhankelijk van de netwerkomgeving. MAC-adressenfilter Voor extra veiligheid, kunt u een lijst met MAC-adressen opstellen (unieke cliëntide ntificatiecodes) die toegang hebben tot uw netwerk. Elke computer heeft een eigen MAC-adres. U stelt eenvoudigweg - met behulp van de geavanceerde web-based gebruikersinterface - een lijst op van deze MAC-adressen waarmee u de toegang tot uw netwerk kunt beheren.98 98 Kennismaken met uw router Hoofdstuk

Inhoud van de verpakking

  • Draadloze G+ MIMO router• Beknopte installatiehandleiding• Cd met de Easy Install Wizard software• RJ45 Ethernet-netwerkkabel van Belkin• Voedingsadapter• Handleiding Systeemvereisten
  • Breedband-Internetverbinding zoals een kabel- of DSL-modem met RJ45-(Ethernet)aansluiting• Ten minste één computer met een geïnstalleerde netwerkinterface-adapter• TCP/IP-netwerkprotocol geïnstalleerd op iedere computer• RJ45-Ethernet-netwerkkabel• Internetbrowser Systeemvereisten voor de Easy Install Wizard software
  • Een pc met Windows 98SE, Me, 2000 of XP, of een Mac -computer met Mac OS

Kennismaken met uw router

De router is ontworpen voor plaatsing op een bureau. Met het oog op praktische bruikbaarheid lopen alle kabels via de achterzijde van de router naar uw apparatuur. Duidelijk zichtbare LED’s aan de bovenzijde van de router houden u op de hoogte van de netwerkactiviteit en de status. A. LED voor draadloos netwerk B. Status-LED’s voor bedrade computers Deze LED’s zijn genummerd van 1 tot 4. De nummering correspondeert met de nummering van de poorten aan de achterkant van de router. Wanneer een computer correct wordt aangesloten op één van de LAN- poorten aan de achterkant van de router, dan zal de LED gaan branden. Wanneer via de poort informatie wordt verzonden, dan knippert de LED snel. (A)

UIT Het draadloze netwerk is UITgeschakeld Groen Het draadloze netwerk is gereed Knipperende LED Er is sprake van draadloze activiteit UIT Er is geen apparaat op de poort aangesloten Groen Verbinding met 10Base-T-apparaat Knipperende LED Poortactiviteit1110

Kennismaken met uw router Hoofdstuk

C. Modem/WAN-status-LED Deze LED licht GROEN op wanneer uw modem op de juiste wijze op de router is aangesloten. De LED knippert snel achterelkaar wanneer via de poort tussen de router en de modem informatie wordt verstuurd. D. LED voor Internet/Verbinding gemaakt Deze unieke LED geeft aan wanneer de router is verbonden met het Internet. Wanneer de LED niet brandt, is de router niet verbonden met het Internet. Wanneer de LED knippert, probeert de router verbinding te maken met het Internet. Wanneer de LED continu groen licht geeft, is de router verbonden met het Internet. Wanneer u gebruik maakt van de functie “Disconnect after x minutes” (Verbinding verbreken na x minuten), dan is deze LED uiterst handig voor het controleren van de status van de verbinding van uw router. E. LED voor Voeding/Gereed Als u de stroom naar de router (opnieuw) inschakelt, heeft de router enige tijd nodig om op te starten. Gedurende deze tijd knippert de “Voeding/Gereed”-LED. Wanneer de router volledig is opgestart, brandt de LED voor “Voeding/Gereed” continu. Dit betekent dat de router klaar is voor gebruik.

UIT Geen WAN-verbinding Groen - brandt continu Goede WAN-verbinding Groen - knippert WAN-activiteit UIT Router heeft geen verbinding met het Internet Groen - knippert Router probeert verbinding te maken met het Internet Groen - brandt continu Router heeft verbinding met het Internet UIT De router is UITgeschakeld Groen - knippert Router is bezig met opstarten Groen - brandt continu Router is klaar voor gebruik1312 Kennismaken met uw router

Achterzijde router F. Voedingsingang – GRIJS Sluit de meegeleverde voedingsadapter (12 V / 0,5 A DC) aan op de voedingsingang. G. Poorten voor bedrade computers – GEEL Sluit uw bekabelde computers (niet-draadloze computers) aan op deze poorten. Deze poorten zijn RJ45 10/100 auto-negotiation, auto-uplink poorten, geschikt voor standaard UTP Category 5 of 6 Ethernet-kabels. De poorten worden aangeduid met de cijfers 1 t/m 4. Deze cijfers corresponderen met genummerde LED’s aan de voorkant van de router. H. Modemaansluiting – BLAUW Deze poort is bestemd voor de verbinding met uw kabel- of DSL-modem. U dient uw modem met de daarbij geleverde kabel op deze poort aan te sluiten. Het gebruik van een andere kabel dan de kabel die bij uw kabelmodem is geleverd, kan problemen geven. (F) (G) (H) (I)

Kennismaken met uw router Hoofdstuk

U gebruikt de resetknop in het zeldzame geval dat de router niet goed functioneert. Door de router te resetten, herstelt u de normale werking van de router terwijl de geprogrammeerde instellingen in behouden blijven. Met de resetknop kunt u ook de fabrieksinstellingen van het draadloze accesspoint terugroepen. U kunt de optie “Restore” (Herstellen) gebruiken wanneer u uw persoonlijke wachtwoord bent vergeten. (a) De router resetten Druk de resetknop in en laat hem weer los. De lampjes op de router zullen even knipperen. De LED “Voeding/Gereed” begint te knipperen. Wanneer de LED voor “Voeding/Gereed” weer continu brandt, is de resetprocedure voltooid. (b) De standaard fabriekswaarden herstellen Houd de resetknop tenminste tien seconden ingedrukt en laat hem daarna los. De lampjes op de router zullen even knipperen. De LED voor “Voeding/Gereed” begint te knipperen. Wanneer de LED voor “Voeding/Gereed” weer continu brandt, is de resetprocedure voltooid.1514 Uw router aansluiten en configureren

Controleer de inhoud van de doos U dient het volgende te hebben ontvangen:

  • Draadloze G+ MIMO router
  • Cat5-netwerkkabel (voor het aansluiten van de router op de computer)
  • Cd met de Easy Install Wizard software
  • Handleiding Modemspecificaties Uw kabel- of DSL-modem moet voorzien zijn van een RJ45 Ethernet-poort. Veel modems hebben zowel een RJ45 Ethernet-poort als een USB-aansluiting. Als u een modem heeft met zowel een Ethernet- als een USB-aansluiting en u op dit moment de USB-aansluiting gebruikt, dan dient u de RJ45 Ethernet-poort te gebruiken tijdens de installatieprocedure. Als uw modem alleen een USB-poort heeft, dan kunt u uw Internet Service Provider vragen om een ander type modem, of u kunt in sommige gevallen een modem kopen dat een RJ45 Ethernet-poort heeft. Easy Install Wizard Met de meegeleverde Easy Install Wizard software van Belkin is het installeren van de router erg gemakkelijk. Hiermee hebt u uw router binnen een paar minuten aan de praat. Om de Easy Install Wizard te kunnen gebruiken moet uw Windows® 98SE, Me, 2000 of XP-computer rechtstreeks zijn aangesloten op het kabel- of ADSL-modem en moet de Internetverbinding actief en operationeel zijn tijdens de installatie. Is dat niet het geval, ga dan te werk volgens het hoofdstuk “Alternatieve installatiemethode” in deze handleiding om uw router te configureren. Bovendien dient u, als u gebruik maakt van een ander besturingssysteem dan Windows 98SE, Me, 2000 of XP, de router in te stellen aan de hand van het onderdeel “Alternatieve installatiemethode” in deze handleiding. Ethernet USB1514

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

Stap 1 Hardware aansluiten – Volg de aanwijzingen in de beknopte installatiehandleiding

Maak de voedingskabel los van uw modem. Plaats de router naast het modem en zorg ervoor dat de antennes omhoog wijzen.

1.2 Lokaliseer de netwerkkabel die uw

modem met uw computer verbindt. Ontkoppel de kabel van uw modem en sluit hem aan op de grijze poort aan de achterzijde van de router.

1.3 Neem de nieuwe netwerkkabel

(meegeleverd met uw router) en sluit hem aan op de gele poort aan de achterzijde van de router. Sluit vervolgens het andere uiteinde van de kabel aan op de zojuist vrijgekomen poort van uw modem.

1.4 Sluit de voedingskabel weer op

het modem aan. Het kan een minuut duren voordat uw modem is opgestart. Sluit de voeding van de router aan op de zwarte poort aan de achterzijde van de router. Sluit het andere uiteinde aan op een stopcontact aan de muur.

1.5 Het kan 20 seconden duren voordat

uw router is opgestart. Kijk naar het display aan de voorzijde van de router. De pictogrammen voor “Wired” (bedraad) en “Router” zouden blauw moeten oplichten. Als dit niet het geval is, controleer dan de verbindingen.

Uw router aansluiten en configureren

2.1 Sluit alle programma’s af die momenteel op uw computer geopend zijn.

Schakel op uw computer alle software voor firewalls of het delen van een internetverbinding uit.

2.2 Plaats de cd in het cd-romstation van uw computer. De Setup-

assistent zal binnen 15 seconden automatisch op uw beeldscherm verschijnen. Klik op “Go” (Starten) om de Setup-Assistent te starten. Volg de instructies op het scherm. Opmerking voor Windows-gebruikers: Indien de Setup-Assistent niet automatisch opstart, dubbelklikt u op uw bureaublad op het pictogram “My computer” (Deze computer). Vervolgens selecteert u het cd-romstation en dubbelklikt u op het bestand met de naam “SetupAssistant”. BELANGRIJK: Draai de Setup-Assistent op de computer die rechtstreeks is aangesloten op de router (Stap 1.2).1716

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

Bevestig dat u alle stappen hebt doorlopen door het vakje naast de pijl aan te vinken. Klik op “Next” (Volgende) om verder te gaan..1918 Uw router aansluiten en configureren

Er verschijnt een voortgangsscherm zodra er een stap in de setup is voltooid.

2.5 Controle van de instellingen

De Setup-Assistent controleert nu de netwerkinstellingen van uw computer en verzamelt de informatie die benodigd is voor het tot stand brengen van de verbinding van de router met het Internet.1918

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

De Setup-Assistent zal nu de hardwareverbindingen controleren.

2.7 Uw draadloze netwerk een naam geven

De Setup-Assistent toont de standaardnaam (of Service Set Identifier (SSID)) voor een draadloos netwerk. De SSID is de naam van het draadloze netwerk waarmee uw computer of apparaten met draadloze netwerkadapters verbinding maken. U kunt de standaardnaam gebruiken of deze naam wijzigen. Noteer deze naam ergens zodat u weet welke naam u hebt gekozen. Klik op “Next” (Volgende) om door te gaan.2120 Uw router aansluiten en configureren

Indien uw internetaccount een gebruikersnaam en wachtwoord vereist, verschijnt er een scherm als op de onderstaande afbeelding. Selecteer uw land of provider in het dropdown-menu.2120

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

De Setup-Assistent configureert nu de router door gegevens naar de router te versturen en hem te herstarten. Daarna hoeft u slechts de aanwijzingen op uw beeldscherm te volgen. Let op: U mag tijdens het herstarten van de router de kabels of de voeding niet ontkoppelen. Als u dit wel zou doen, kan de router onbruikbaar worden.2322 Uw router aansluiten en configureren

We zijn bijna klaar. De Setup-Assistent controleert nu de verbinding met het Internet.2322

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

Gefeliciteerd De installatie van uw nieuwe router van Belkin is klaar. Dit scherm zal verschijnen als uw router verbinding heeft kunnen maken met het Internet. U kunt nu op het Internet gaan surfen door uw browser te openen en een website te bezoeken.2524 Uw router aansluiten en configureren

U kunt de Setup-Assistent gebruiken voor het instellen van uw andere bedrade en draadloze computers zodat deze ook verbinding kunnen maken met het Internet. Als u dit wilt doen, klik dan op “Next” (Volgende). Als u pas later computers wilt toevoegen, selecteer dan “Exit the Assistant” (Sluit de Assistent) en klik op “Next” (Volgende).2524

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

Problemen oplossen Als de Setup-Assistent geen verbinding met het internet kan maken, verschijnt het volgende scherm. Volg de aanwijzingen op het scherm om de oorzaak van het probleem te achterhalen.2726 Uw router aansluiten en configureren

Optioneel: Assistentie bij het aansluiten van andere computers. Deze optionele stap helpt u bij het aansluiten van meer bedrade en draadloze computers op uw netwerk. Volg de aanwijzingen op het beeldscherm op.2726

Uw router aansluiten en configureren Hoofdstuk

Gefeliciteerd Zodra u hebt gecontroleerd of uw andere bedrade en draadloze computers correct zijn aangesloten, is uw netwerk klaar voor gebruik. U kunt nu surfen op het internet. Klik op “Next” (Volgende) om terug te gaan naar het hoofdmenu.2928 Uw router aansluiten en configureren

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

Stap 1 Uw gateway-router aansluiten

Schakel de voeding van uw modem uit door de voeding los te koppelen van het modem.

1.2 Maak de netwerkkabel tussen uw modem en uw computer van uw

computer los maar laat de andere zijde aangesloten op uw modem.

1.3 Sluit het kabeluiteinde dat u zojuist hebt losgemaakt aan aan de

achterkant van de router op de poort aangeduid met “Internet/WAN”.

1.4 Verbind de meegeleverde netwerkkabel vanaf de achterkant van

de computer met een van de poorten die met de cijfers 1 t/m 4 zijn aangeduid. Let op: Het maakt niet uit welke poort u kiest.

1.5 Schakel uw kabel- of DSL-modem in door de voedingskabel weer op

de modem aan te sluiten.

1.6 Voordat u de voedingskabel op de router aansluit, dient u eerst de

stekker in het stopcontact te steken. Meegeleverde blauwe Ethernet-kabel (naar computer)Oorspronkelijk op het kabel- of DSL-modem aangesloten pc- of Mac-computerHuidige netwerkkabel (die met uw modem is meegeleverd)Kabel- of DSL-modemNaar voedingsadapter3130 Alternatieve installatiemethode

1.7 Controleer de lampjes aan de bovenzijde van de router om te zien of uw

modem correct op uw router is aangesloten. Het groene lampje dat wordt aangeduid met “WAN” licht op als uw modem op de juiste wijze op de router is aangesloten. Is dat niet het geval, controleer dan de verbindingen opnieuw.

1.8 Kijk of uw computer correct op de router is aangesloten door de lampjes met

de aanduiding “LAN 1, 2, 3 en 4” te controleren. De LED die correspondeert met de genummerde poort waarop u de computer hebt aangesloten, zal BRANDEN als uw computer correct is aangesloten. Is dat niet het geval, controleer dan de verbindingen opnieuw. Stap 2: De netwerkinstellingen van uw computer configureren voor samenwerking met een DHCP-server Raadpleeg voor instructies het hoofdstuk “Netwerkinstellingen handmatig configureren” in deze handleiding. Stap 3: De router configureren met behulp van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Gebruik uw Internetbrowser om toegang te krijgen tot de geavanceerde web-based gebruikersinterface van de router. Typ in uw browser het getal “192.168.2.1” in (zonder aanhalingstekens en zonder “http://” of “www” ervoor). Druk vervolgens op “Enter”.3130

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

Inloggen op de router In uw browservenster verschijnt nu de homepage van de router. Deze homepage kan desgewenst door elke gebruiker worden bekeken. Om de instellingen van de router te wijzigen, moet u inloggen. Als u klikt op de de “Login”-knop of op één van de links op de homepage gaat u naar het inlogscherm. De router wordt geleverd zonder vooraf geprogrammeerd wachtwoord. Laat het wachtwoord in het inlogscherm blanco en klik op de knop “Submit” (Verzenden) om in te loggen. Router uitloggen Per keer kan slechts één computer op de router inloggen om de instellingen van de router te veranderen. Als een gebruiker heeft ingelogd om wijzigingen aan te brengen, zijn er twee manieren om uit te loggen. Als u op de knop “Logout” (Afmelden) klikt, wordt de computer afgemeld. De tweede methode werkt automatisch. Na een vooraf ingegeven tijdsduur eindigt de inlogtijd. De standaard inlog-timeoutinstelling is 10 minuten. Deze kan worden gewijzigd van 1 tot 99 minuten. Zie voor verdere informatie het onderdeel in deze handleiding getiteld “De inlog-timeoutinstelling wijzigen”.3332 Alternatieve installatiemethode

De werking van de geavanceerde web-based gebruikersinterface De homepage is de eerste pagina die u ziet als u naar de “Advanced User Interface” (Geavanceerde gebruikersinterface) gaat. Deze homepage geeft u een beknopt overzicht van de status en de instellingen van de router. Alle pagina’s voor geavanceerde installatie zijn vanaf deze pagina bereikbaar.

1. Snelnavigatiekoppelingen

U kunt rechtstreeks naar elke pagina van de geavanceerde gebruikersinterface van de router gaan door rechtstreeks op deze links te klikken. Om het opzoeken van een bepaalde instelling te vergemakkelijken, zijn de koppelingen onderverdeeld in logische categorieën en gegroepeerd op tabbladen. Door op de paarse koptekst van een tabblad te klikken krijgt u een beknopte beschrijving van de functie van het tabblad.

De homeknop is beschikbaar op elke pagina van de gebruikersinterface. Met een druk op deze knop gaat u terug naar de homepage.

3. Indicator Internetstatus

Deze indicatie is zichtbaar op alle pagina’s van de router en geeft de verbindingsstatus van de router aan. Wanneer de indicator via een GROEN lampje aangeeft dat de “Verbinding OK” (Connection OK) is, betekent dat dat er een verbinding met Internet tot stand is gebracht. Wanneer er geen verbinding (No connection) met het Internet tot stand is gebracht zal de indicator dit met een ROOD lampje aangeven. Deze indicator wordt automatisch bijgewerkt zodra u de instellingen van de router wijzigt. (8) (9) (2)

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

Met één druk op deze knop kunt u op de router in- en uitloggen. Wanneer u bent ingelogd, verandert de tekst op de knop in “Logout”. Door op de router in te loggen, gaat u naar een afzonderlijke inlogpagina waar u een wachtwoord moet invoeren. Als u bent ingelogd, kunt u wijzigingen aanbrengen in de instellingen. Wanneer u klaar bent met het aanbrengen van wijzigingen, kunt u uitloggen door te klikken op de knop “Logout” (Afmelden). Meer informatie over inloggen op de router vindt u in het hoofdstuk “Inloggen op de router”.

Door middel van de helpknop kunt u de hulppagina’s van de router openen. Op veel pagina’s kunt u ook om hulp vragen met een klik op “More Info” (Meer informatie).

Toont u de instellingen van de Local Area Network (LAN) kant van de router. U kunt deze instellingen wijzigen door op een van de links (IP Address, Subnet Mask, DHCP Server) te klikken of door op de LAN-snelnavigatiekoppeling aan de linkerzijde van het scherm te klikken .

Hiermee wordt de status getoond van de NAT, firewall, en draadloze functies van de router. U kunt deze instellingen wijzigen door te klikken op een van de koppelingen of door te klikken op de snelnavigatiekoppelingen aan de linkerzijde van het scherm.

8. Internetinstellingen

Toont de Internet/WAN-instellingen van de router die verbinding maakt met het Internet. U kunt deze instellingen wijzigen door te klikken op de koppelingen of door te klikken op de “Internet/WAN” snelnavigatiekoppeling aan de linkerzijde van het scherm.

9. Versie-informatie

Toont de firmwareversie, bootcode-versie, hardwareversie en het serienummer van de router.

De pagina waarop u zich bevindt, is herkenbaar aan deze naam. Deze handleiding verwijst soms naar de naam van de pagina’s. Bijvoorbeeld “LAN > LAN Settings” verwijst naar de pagina “LAN Settings” (LAN-instellingen).3534 Alternatieve installatiemethode

Stap 4: Uw router configureren voor verbinding met uw Internet Service Provider (ISP). Via het tabblad “Internet/WAN” stelt u uw router zo in dat deze verbinding kan maken met uw Internet Service Provider. De router kan met vrijwel elke Internetserver verbinding maken mits u de instellingen van de router hebt afgestemd op het type verbinding dat uw provider gebruikt. Uw provider verstrekt u de benodigde gegevens. Om de router te configureren volgens de gegevens die uw provider heeft verstrekt, klikt u op “Connection Type” (Verbindingstype) (A) links op het scherm. Selecteer het type verbinding dat u gebruikt. Als uw provider u DNS-gegevens heeft gegeven, kunt u door op “DNS” (B) te klikken DNS-adresinformatie invoeren voor ISP’s die specifieke instellingen eisen. Door te klikken op “MAC Address” (MAC-adres)(C) kunt u het MAC-adres van uw computer klonen of een specifiek WAN MAC- adres invoeren als uw provider dat eist. Als u klaar bent met het bepalen van de instellingen, laat de Internetstatusindicator de tekst “Connection OK” (Verbinding OK) zien, als uw router correct is geïnstalleerd. (A) (B) (C)3534

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

Uw type verbinding instellen Via de pagina “Connection Type” (Verbindingstype), kunt u het door u gebruikte verbindingstype selecteren. Selecteer het type verbinding dat u gebruikt door op het keuzerondje (1) naast uw type verbinding te klikken en vervolgens te klikken op “Next” (Volgende) (2). (1) (2)3736 Alternatieve installatiemethode

Internetverbinding instellen op “Dynamic IP” Bij kabelmodems wordt meestal een dynamisch verbindingstype gebruikt. Meestal is het voldoende om het type verbinding in te stellen op “Dynamic” om de verbinding met uw ISP tot stand te brengen. Sommige typen dynamische verbindingen vereisen bovendien een hostnaam. U kunt uw hostnaam, mits aan u toegekend, invoeren in de daarvoor bestemde ruimte. Deze hostnaam wordt u toegekend door uw provider. Sommige dynamische verbindingen vereisen dat u het MAC-adres kloont van de pc die oorspronkelijk op de modem was aangesloten.

Deze ruimte is bestemd voor het invoeren van een host-naam die voor uw provider zichtbaar moet zijn. Voer uw hostnaam hier in en klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (3). Laat deze ruimte blanco als uw provider u geen hostnaam heeft toegekend of als u het niet zeker weet.

2. WAN MAC-adres wijzigen

Als uw provider voor aansluiting op de service een specifiek MAC-adres eist, kunt u een specifiek MAC-adres invoeren of via deze koppeling het MAC-adres van de huidige computer klonen. (3)(2) (1)3736

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

Internetverbinding instellen op “Static IP” Het type verbinding dat werkt met statische IP-adressen is minder algemeen dan andere typen verbindingen. Als uw provider gebruik maakt van statische IP-adressering, dan heeft u uw IP-adres, subnetmasker en het gateway-adres van uw provider nodig. Deze informatie is verkrijgbaar bij uw provider of staat vermeld op de documenten die uw provider bij u heeft achtergelaten. Typ uw gegevens in en klik vervolgens op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (5). Nadat u de noodzakelijke wijzigingen hebt aangebracht, geeft de internetstatusindicator de melding “Connection OK” (Verbinding OK), als uw router correct is geïnstalleerd.

Verstrekt door uw provider. Voer uw IP-adres hier in.

Verstrekt door uw provider. Voer uw subnetmasker hier in.

3. Gateway-adres van uw ISP

Verstrekt door uw provider. Voer het gateway-adres hier in.

4. Mijn provider kent meer dan één statisch IP-adres toe

Als uw provider u meer dan één statisch IP-adres toekent, kan uw router in totaal vijf statische WAN IP-adressen hanteren. Selecteer “My ISP provides more than one static IP address” (Mijn provider verstrekt meer dan één statisch IP-adres) en voer de extra adressen in. (1) (2) (3) (5) (4)3938 Alternatieve installatiemethode

Uw Internetverbinding instellen op PPPoE De meeste DSL-providers maken gebruik van PPPoE als type verbinding. Als u een DSL-modem gebruikt om verbinding te maken met het internet, gebruikt uw internetserviceprovider waarschijnlijk PPPoE om u bij zijn dienstenpakket aan te melden. Als u in uw woning of kantoor een internetaansluiting hebt die geen modem nodig heeft, dan maakt u waarschijnlijk gebruik van PPPoE. Uw type verbinding is PPPoE als:

uw provider u een gebruikersnaam en een wachtwoord heeft toegekend die nodig zijn om de Internetverbinding tot stand te brengen

2) uw provider u software als WinPOET of Enternet300 heeft verstrekt om

de internetverbinding tot stand te brengen.

3) u op een ander desktoppictogram dan uw browser moet dubbelklikken

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

Deze ruimte is bestemd voor het invullen van de gebruikersnaam die uw Internet Service Provider (provider) aan u heeft toegekend.

Vul hier uw wachtwoord in en typ het ter bevestiging nogmaals in het vak “Retype Password” (Wachtwoord opnieuw intypen).

Doorgaans is een servicenaam niet vereist bij providers. Als u niet zeker weet of een servicenaam vereist is, laat u deze ruimte open.

De MTU (Maximum Transmission Unit) -waarde mag nooit worden gewijzigd tenzij uw provider u een specifieke MTU-waarde heeft verstrekt. Door wijziging van de MTU-waarde kunnen problemen met uw Internetverbinding ontstaan zoals verbreking van de verbinding, trage toegang tot het Internet en een gebrekkige werking van Internetapplicaties.

5. Verbinding verbreken na X...

De functie “Disconnect” (Verbinding verbreken) wordt gebruikt om de verbinding van uw router met het Internet automatisch te verbreken als er gedurende een bepaalde tijd geen activiteit is. Als u bijvoorbeeld deze optie aanvinkt en het cijfer 5 in het minutenveld invult, wordt de verbinding van de router met het Internet automatisch verbroken als er gedurende vijf minuten geen Internetactiviteit is geweest. Gebruik deze optie als u voor gebruik van het Internet per minuut moet betalen.4140 Alternatieve installatiemethode

Uw type internetverbinding instellen op PPTP (Point-to-Point Tunneling Protocol) [Geldt uitsluitend voor Europese landen] Sommige providers vereisen een verbinding die gebruik maakt van het PPTP- protocol, het meest voorkomende verbindingstype in Europese landen. Dit protocol brengt een rechtstreekse verbinding tot stand tussen de internetabonnee en het systeem van de provider. De door uw provider verstrekte informatie dient u in te vullen in de daarvoor bestemde ruimte. Als hiermee klaar bent, klik dan op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen)(9). Nadat u de noodzakelijke wijzigingen hebt aangebracht, geeft de internetstatusindicator de melding “Connection OK” (Verbinding OK), als uw router correct is geïnstalleerd.

Verstrekt door uw provider. Vul hier de naam van uw PPTP-account in.

Vul hier uw wachtwoord in en typ het ter bevestiging nogmaals in het vak “Retype Password” (Wachtwoord opnieuw intypen).

Verstrekt door uw provider. Voer uw hostnaam hier in.

Verstrekt door uw provider. Vul het IP-adres van uw server hier in.

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

6. Mijn subnetmasker

Verstrekt door uw provider. Vul uw subnetmasker hier in.

7. Verbindingsidentificatiecode (optioneel)

Verstrekt door uw provider. Als uw provider u geen identificatiecode of “Connection ID” heeft verstrekt, laat u deze ruimte open.

8. Verbinding verbreken na X...

De functie “Disconnect” (Verbinding verbreken) wordt gebruikt om de verbinding van uw router met het Internet automatisch te verbreken als er gedurende een bepaalde tijd geen activiteit is. Als u bijvoorbeeld deze optie aanvinkt en het cijfer 5 in het minutenveld invult, wordt de verbinding van de router met het Internet automatisch verbroken als er gedurende vijf minuten geen Internetactiviteit is geweest. Gebruik deze optie als u voor gebruik van het internet per tijdseenheid moet betalen.4342 Alternatieve installatiemethode

Het verbindingstype van uw provider instellen op Point-to-Point Tunneling Protocol (L2TP) [Geldt uitsluitend voor Europese landen] Sommige providers vereisen een verbinding die gebruik maakt van het L2TP- protocol, het meest voorkomende verbindingstype in Europese landen. Dit protocol brengt een rechtstreekse verbinding tot stand met het systeem van de provider. De door uw provider verstrekte informatie dient u in te vullen in de daarvoor bestemde ruimte. Als hiermee klaar bent, klik dan op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen)(9). Nadat u de noodzakelijke wijzigingen hebt aangebracht, geeft de internetstatusindicator de melding “Connection OK” (Verbinding OK), als uw router correct is geïnstalleerd.

Verstrekt door uw provider. Vul hier de naam van uw L2TP-account in.

Vul hier uw wachtwoord in en typ het ter bevestiging nogmaals in in het vak “Retype Password” (Wachtwoord opnieuw intypen).

Verstrekt door uw provider. Voer uw hostnaam hier in.

Verstrekt door uw provider. Vul het IP-adres van uw server hier in.

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

6. Mijn subnetmasker

Verstrekt door uw provider. Vul uw subnetmasker hier in.

7. Verbindingsidentificatiecode (optioneel)

Verstrekt door uw provider. Als uw provider u geen identificatiecode of “Connection ID” heeft verstrekt, laat u deze ruimte open.

8. Verbinding verbreken na X...

De functie “Disconnect” (Verbinding verbreken) wordt gebruikt om de verbinding van uw router met het Internet automatisch te verbreken als er gedurende een bepaalde tijd geen activiteit is. Als u bijvoorbeeld deze optie aanvinkt en het cijfer 5 in het minutenveld invult, wordt de verbinding van de router met het Internet automatisch verbroken als er gedurende vijf minuten geen Internetactiviteit is geweest. Gebruik deze optie als u voor gebruik van het Internet per minuut moet betalen.4544 Alternatieve installatiemethode

Uw type verbinding instellen als u gebruiker bent van Telstra

BigPond [Geldt alleen voor Australië] U krijgt een gebruikersnaam en wachtwoord van Telstra Big Pond. Vul deze informatie hieronder in. Als u uw staat selecteert in het dropdown-menu(6) dan wordt automatisch het IP-adres van uw login-server ingevuld. Als het adres van uw login-server verschilt van het hier verstrekte adres, kunt u het IP-adres van de login-server handmatig invullen door het vakje naast “User decide login server manually” (IP-adres login-server handmatig invoeren) aan te vinken(4) en het adres in te vullen naast “Login Server” (5). Nadat u al uw gegevens heeft ingevoerd, klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen(7). Nadat u de noodzakelijke wijzigingen hebt aangebracht, geeft de internetstatusindicator de melding “Connection OK” (Verbinding OK), als uw router correct is geïnstalleerd.

1. Selecteer uw staat

Selecteer uw staat in het dropdown-menu (6). Het “Login Server”-vakje wordt automatisch gevuld met een IP-adres. Als dit adres niet correspondeert met het adres dat Telstra aan u heeft gegeven, kunt u het adres van de inlogserver met de hand invullen. Zie “User Decide Login Server Manually” (IP-adres server handmatig invoeren) (4).

Verstrekt door uw provider. Vul hier uw gebruikersnaam in.

Vul hier uw wachtwoord in en typ het ter bevestiging nogmaals in het vak “Retype Password” (Wachtwoord opnieuw intypen).

4. User Decide Login Server Manually (IP-adres server handmatig

invoeren) Als het IP-adres van uw login-server niet beschikbaar is in het dropdown-menu (6) (2) (3) (4) (1) (5) (7)4544

Alternatieve installatiemethode Hoofdstuk

“Select your state” (Selecteer uw staat) (6),, kunt u het IP-adres van de login-server handmatig invoeren door het vakje aan te vinken naast “User decide login server manually” (IP-adres login-server handmatig invoeren) en het adres invoeren naast “Login Server” (5). Aangepaste DNS (Domain Name Server) instellingen aanbrengen Een Domain Name Server is een server op het Internet die URL’s (Universal Resource Locater) als “www.belkin.com” vertaalt in IP-adressen. De meeste providers verlangen niet van u dat u deze informatie in de router invoert. Het vakje “Automatic from ISP” (Automatisch van provider) (1) moet zijn aangevinkt als uw provider u geen specifiek DNS-adres heeft gegeven. Als u een statisch IP gebruikt, moet u waarschijnlijk een specifiek DNS-adres en een secundair DNS-adres invullen om ervoor te zorgen dat uw verbinding correct functioneert. Als u een dynamische verbinding of PPPoE gebruikt, hoeft u waarschijnlijk geen DNS-adres in te vullen. Laat het vakje behorend bij “Automatic from ISP” (Automatisch van provider) aangevinkt. Om de gegevens van het DNS-adres in te voeren, verwijdert u het vinkje voor de optie “Automatic from ISP” en vult u uw DNS-gegevens in de daarvoor bestemde ruimte in. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (2) om de instellingen op te slaan. (2) (1)4746 Alternatieve installatiemethode

Het adres van uw WAN Media Access Controller (MAC) configureren Alle netwerkcomponenten waaronder kaarten, adapters en routers hebben een uniek “serienummer” dat bekend is als het MAC-adres. Uw Internet Service Provider (ISP) slaat het MAC-adres van de adapter van uw computer doorgaans op en laat alleen die computer verbinding maken met de internetservice. Wanneer u nu de router installeert, wordt diens eigen MAC-adres door de provider ‘bespeurd’ en komt er waarschijnlijk geen verbinding tot stand. Belkin omzeilt dat probleem door het bieden van de mogelijkheid het MAC-adres van de computer in de router te klonen (kopiëren). Dit MAC-adres wordt op zijn beurt door het systeem van de provider gezien als het oorspronkelijke MAC-adres waardoor de verbinding kan werken. Als u niet zeker weet of uw provider het originele MAC-adres wil zien, kunt u nu voor de zekerheid eenvoudigweg het MAC-adres klonen van de computer die oorspronkelijk op het modem was aangesloten. Het klonen van dit adres levert voor uw netwerk geen enkel probleem op. Uw MAC-adres klonen Bij het klonen van uw MAC-adres moet u ervoor zorgen dat u de computer gebruikt die OORSPRONKELIJK WAS AANGESLOTEN op uw modem voordat de router werd geïnstalleerd. Klik op de knop “Mac Address” (Mac-adres)(1). Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (3). Uw MAC-adres is nu naar de router gekloond. Specifieke MAC-adressen invoeren Onder bepaalde omstandigheden kunt u behoefte hebben aan een specifiek WAN MAC-adres. U kunt zo’n adres met de hand invoeren op de pagina “MAC Address”. Typ een MAC-adres in in de daarvoor beschikbare ruimte (2) en klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (3) om de wijzigingen op te slaan. Het WAN MAC-adres van de router is nu gewijzigd in het door u opgegeven MAC-adres. (3) (2) (1)4746 4746 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Gebruik uw Internetbrowser om toegang te krijgen tot de geavanceerde web-based gebruikersinterface van de router. Typ in uw browser het getal “192.168.2.1” (zonder aanhalingstekens) en niet iets anders als “http://” of “www” ervoor en druk vervolgens op de entertoets.In uw browservenster verschijnt nu de homepage van de router. De LAN-instellingen bekijken Als u klikt op de koptekst van het LAN-tabblad (1) gaat u naar die pagina van het LAN-tabblad. Hier vindt u een beknopte beschrijving van de functies. Om de instellingen te bekijken of één van de LAN-instellingen te wijzigen, klikt u op “LAN Settings” (LAN-instellingen) (2). Als u een lijst wilt bekijken van de aangesloten computers, klikt u op “DHCP Client List” (3).

(1) (2) (3)4948 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

LAN-instellingen wijzigen Hier kunt u alle instellingen van de interne LAN-setup van de router bekijken en aanpassen.

Het “IP Address” is het interne IP-adres van de router. Het standaard IP-adres is “192.168.2.1”. Om de geavanceerde installatie-interface te openen, moet u dit adres in de adresbalk van uw browser typen. U kunt dit adres indien nodig wijzigen. Om het IP-adres te wijzigen, typt u het nieuwe IP-adres in en klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen). Het IP-adres dat u kiest, moet een niet-routeerbaar IP zijn. Hieronder ziet u een paar voorbeelden van een niet- routeerbaar IP:

192.168.x.x (waarbij x elke waarde kan hebben tussen 0 en 255)

10.x.x.x (waarbij x elke waarde kan hebben tussen 0 en 255)

Het subnetmasker hoeft niet te worden veranderd. Dit is een unieke, geavanceerde eigenschap van uw router van Belkin. Weliswaar kunt u het subnetmasker indien nodig wijzigen maar wij raden u aan niets aan het masker te veranderen tenzij u daarvoor een goede reden hebt. De standaardinstelling is “255.255.255.0”. (1) (2) (3) (5) (6) (4)4948

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

De DHCP-serverfunctie maakt het installeren van een netwerk bijzonder gemakkelijk omdat aan elke computer in het netwerk automatisch een IP-adres wordt toegekend. De standaardinstelling is “On” (Ingeschakeld). Indien nodig kan de DHCP-server worden uitgeschakeld, maar om dit te doen moet u voor iedere computer in uw netwerk handmatig een statisch IP-adres instellen. Om de DHCP-server uit te schakelen, selecteert u “Off” (Uitgeschakeld) en klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen).

Dit is een voorraad IP-adressen die u in reserve houdt voor dynamische toewijzing aan de computers in uw netwerk. De standaardwaarde is 2-100 (99 computers). Als u dit aantal wilt veranderen, voert u een nieuw start- en eind-IP-adres in en klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen). De DHCP-server kan honderd IP-adressen automatisch toewijzen. Dit betekent wel dat u geen IP-adressenpool kunt specificeren die groter is dan honderd computers. Als u bijvoorbeeld bij 50 begint, betekent dit dat u bij 150 of lager moet eindigen om de limiet van 100 cliënten niet te overschrijden. Het start-IP-adres moet altijd een lagere waarde hebben dan het eind-IP-adres.

De tijd gedurende welke de DHCP-server het IP-adres voor elke computer bewaart. Het is beter dat de leasetijd ingesteld blijft op “Forever” (Altijd). Ook de standaard-instelling is “Forever” (Altijd). Dit betekent dat het door de DHCP-server aan een computer toegewezen IP-adres voor die bepaalde computer nooit verandert. Door het instellen van kortere leasetijden zoals een dag of een uur komen IP-adressen na de gespecificeerde tijdsduur vrij. Dit betekent ook dat het IP-adres van een bepaalde computer na verloop van tijd zou kunnen veranderen. Als u één van de andere geavanceerde functies van de router heeft ingesteld zoals DMZ of client IP-filters, dan zijn deze afhankelijk van het IP-adres. Daarom is het niet waarschijnlijk dat u het IP-adres wilt wijzigen.

6. Lokale domeinnaam

De standaardinstelling is “Belkin”. U kunt een lokale domeinnaam (netwerknaam) voor uw netwerk instellen. U hoeft deze instelling niet te wijzigen tenzij u daar een speciale reden voor hebt. U kunt het netwerk elke naam geven die u wilt zoals bijvoorbeeld “MIJN NETWERK”.5150 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

De pagina met de DHCP-cliëntenlijst bekijken U kunt een overzicht bekijken van de computers (bekend als “clients” (cliënten)) die zijn aangesloten op uw netwerk. U kunt het IP-adres (1) van de computer evenals de hostnaam (2) (als de computer er één heeft toegewezen gekregen) bekijken en het MAC-adres(3) van de netwerkinterfacekaart (NIC) van de computer. Wanneer u de knop “Refresh” (Vernieuwen) (4) indrukt, wordt de lijst bijgewerkt. Als er iets is gewijzigd, wordt de lijst bijgewerkt. (1) (2) (3) (4)5150

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

De instellingen van het draadloze netwerk configureren Op het tabblad “Wireless” (Draadloos) kunt u veranderingen aanbrengen in de instellingen van het draadloze netwerk. Op dit tabblad kunt u de naam van het draadloze netwerk (SSID), het gebruikte kanaal en de encryptie-instelling veranderen. U kunt de router hier ook configureren voor het gebruik als accesspoint.5352 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

De naam van het draadloze netwerk (SSID) wijzigen Om uw draadloze netwerk te identificeren, wordt een naam gebruikt die bekend is als SSID (Service Set Identifier). De SSID is de naam van uw netwerk. De standaard netwerknaam van de router is “Belkin G+ MIMO_” gevolgd door zes getallen die uniek zijn voor uw router. De netwerknaam zal er ongeveer zo uit zien: “Belkin G Plus MIMO_012345”. U kunt deze naam veranderen in alles wat u maar wilt of u kunt hem onveranderd laten. Onthoudt dat als u de naam van uw draadloze netwerk wijzigt, en er andere draadloze netwerken in uw omgeving actief zijn, dat de nieuwe naam van uw netwerk moet afwijken van die andere draadloze netwerken. Als u de SSID wil veranderen, typ dan de SSID die u wilt gebruiken in het SSID-veld in(1) en klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen)(2). De verandering gaat onmiddellijk in. Als u de SSID verandert, moeten ook uw draadloos werkende computers opnieuw worden geconfigureerd om verbinding te kunnen maken met uw nieuwe netwerknaam. Zie de handleiding van uw draadloze netwerkadapter voor informatie over hoe u deze verandering moet aanbrengen. (2) (1)5352

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Wisselen van draadloze modus Deze schakelaar stelt u in staat de draadloze modus van de router in te stellen. Er zijn drie beveiligingsmodi:

Als uw router gebruik maakt van deze modus, dan zullen alleen G+ MIMO en 802.11g-apparaten onderdeel kunnen uitmaken van het netwerk. Tragere 802.11b-apparaten kunnen dan niet in het netwerk worden opgenomen.

2) 802.11g & 802.11b

Als uw router gebruik maakt van deze modus, dan kunnen zowel G+ MIMO, 802.11g- als 802.11b-apparaten onderdeel uitmaken van het netwerk.

In deze modus wordt het accesspoint van de router uitgeschakeld zodat geen draadloze apparaten in het netwerk kunnen worden opgenomen. Het uitschakelen van de draadloze functie van uw router is een uitstekende manier om uw netwerk te beveiligen als u wat langer van huis bent dan normaal of als u gedurende een bepaalde periode geen gebruik wilt maken van deze functie. (2) (3) (1)5554 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Van draadloos kanaal wisselen U kunt kiezen uit verschillende kanalen. In de Verenigde Staten zijn 11 kanalen beschikbaar. In het grootste deel van Europa, waaronder het Verenigd Koninkrijk, zijn 13 kanalen beschikbaar. Een klein aantal andere landen stelt andere eisen aan het kanaalgebruik. Uw router is zo ingesteld dat hij actief kan zijn op de juiste kanalen voor het land waarin u zich bevindt. Indien nodig kan het kanaal gewijzigd worden. Als er meer draadloze netwerken in uw gebied actief zijn, moet uw netwerk op een ander kanaal worden ingesteld dan de andere draadloze netwerken. Automatische kanaalkeuze en wijziging van het kanaal Voor de beste prestaties dient u voor uw router een kanaal te gebruiken dat tenminste vijf kanalen verwijderd is van dat van de andere draadloze netwerken in de omgeving. Als een ander netwerk bijvoorbeeld kanaal 11 gebruikt, stel uw netwerk dan in op kanaal 6 of lager. Via automatische kanaalkeuze zal het meest geschikte kanaal gekozen worden waarvan de router als hij gestart wordt, gebruik van zal maken. Als de router de fabriek verlaat is de modus “automatische kanaalkeuze” geactiveerd. U kunt handmatig een kanaal kiezen, indien u dat wilt, maar wij raden u aan gebruik te maken van de automatische-kanaalkeuzemodus. Om het kanaal te veranderen, kiest u een kanaal in het dropdown-menu. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen). Deze verandering gaat onmiddellijk in.5554

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Broadcast SSID-functie gebruiken Let op: Deze geavanceerde functie mag uitsluitend door ervaren gebruikers worden gebruikt. Om veiligheidsredenen kunt u ervoor kiezen de SSID van uw netwerk niet uit te zenden. Daardoor blijft de naam van uw netwerk verborgen voor computers die de ether aftasten naar de aanwezigheid van draadloze netwerken. Om de uitzending van uw SSID stil te leggen, maakt u het vakje naast “Broadcast SSID” (SSID uitzenden) leeg en klikt u vervolgens op “Apply changes” (Wijzigingen aanbrengen). De verandering gaat onmiddellijk in. Elke computer moet nu worden ingesteld op het maken van verbinding met uw specifieke SSID; een SSID in de vorm van “ANY” (Elke) wordt niet langer geaccepteerd. Zie de handleiding van uw draadloze netwerkadapter voor informatie over hoe u deze verandering moet aanbrengen. Protected Mode-schakelaar De Protected-modus zorgt voor een goede werking van de 802.11g-apparaten binnen uw G+ MIMO netwerk indien er ook 802.11b-apparaten aanwezig zijn, of als er in de bedrijfsomgeving sprake is van veel 802.11b-verkeer. Indien u gebruik maakt van zowel G+ MIMO draadloze kaarten van Belkin, als 802.11b- of 802.11g-kaarten binnen uw netwerk, dient u gebruik te maken van de Protected-modus. Als u zich in een netwerkomgeving bevindt waarin er weinig tot geen ander 802.11b draadloos netwerk dataverkeer is, zijn de prestaties van uw 802.11g-apparaten beter als de Protected Mode is UITgeschakeld. Als u zich in een netwerkomgeving bevindt waarin sprake is van veel 802.11b-netwerkdataverkeer of interferentie, zijn de prestaties van uw 802.11g-apparaten beter als de Protected-modus is INgeschakeld. Deze instelling heeft geen invloed op de prestaties van G+ MIMO apparaten. De beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk wijzigen Uw router is uitgerust met Wi-Fi Protected Access (WPA), de nieuwste beveiligingsstandaard voor draadloos netwerkverkeer. Tevens wordt WEP (Wired Equivalent Privacy) beveiliging ondersteund. Normaal is de beveiliging van een draadloos netwerk uitgeschakeld. Om beveiliging mogelijk te maken, dient u eerst te bepalen welke standaardinstelling u wilt gebruiken. Om de beveiligingsinstellingen te openen, klikt u op “Security” (Beveiliging) op het tabblad “Wireless” (Draadloos).De router maakt beveiliging van uw netwerk mogelijk via WPA2. WPA2 is de tweede generatie WPA die gebaseerd is op de 802.11i-standaard Dit maakt een betere beveiliging van uw draadloze netwerk mogelijk doordat geavanceerde netwerkauthentificatie en extra krachtige Advanced Encryption Standard (AES) encryptietechnieken worden gecombineerd.5756 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Vereisten voor WPA2 BELANGRIJK:Om WPA2-beveiliging te kunnen gebruiken moeten al uw computers en netwerkadapters zijn bijgewerkt met patches, stuurprogramma’s en cliënt utility-software die WPA2 ondersteunen. U kunt gratis beveiligingspatches van Microsoft

downloaden. Deze patches werkt alleen onder het Windows XP-besturingssysteem. Andere besturingssystemen worden op dit moment nog niet ondersteund. Voor een computer met Windows XP zonder Service Pack 2 (SP2) kan via http://support.microsoft.com/?kbid=826942 gratis een bestand van Microsoft genaamd “Windows XP Support Patch for Wireless Protected Access (KB 826942)” gedownload worden. Voor Windows XP met Service Pack 2 heeft Microsoft een gratis download uitgebracht voor het bijwerken van uw draadloze cliëntcomponenten ter ondersteuning van WPA2 (KB893357). De update kunt u downloaden van: http://support.microsoft.com/default.aspx?scid=kb;en-us;893357 BELANGRIJK: U moet ook controleren of al uw draadloze netwerkkaarten/ adapters WPA2 ondersteunen en dat u de nieuwste stuurprogramma’s hebt gedownload en geïnstalleerd. Voor de meeste draadloze netwerkkaarten van Belkin is er een stuurprogramma-update beschikbaar op de website van Belkin: www.belkin.com/networking. WPA/WPA2-Personal (PSK) instellen Net als WPA-beveiliging is WPA2 beschikbaar in WPA2-Personal (PSK) modus en WPA2-Enterprise (RADIUS) modus. WPA2-Personal (PSK) is de modus die doorgaans gebruikt worddt in een woonomgeving terwijl WPA2- Enterprise (RADIUS) doorgaans wordt geïmplementeerd in werkomgevingen waarin een externe radiusserver de netwerksleutel automatisch distribueert naar alle cliënten. Deze handleiding zal zich voornamelijk richten op WPA2- Personal (PSK) gebruik. Raadpleeg deze handleiding voor meer informatie over beveiliging van draadloze netwerken en verschillende beveiligingsmethoden.

1. Nadat u uw router hebt geïnstalleerd, gaat u naar de pagina “Security”

(Beveiliging) onder “Wireless” (Draadloos) en selecteert u “WPA/ WPA2-Personal (PSK)” in het dropdown-menu “Security Mode” (Beveiligingsmodus).

2. Voor “Authentication” (Authentificatie), selecteert u “WPA-PSK”,

“WPA2-PSK” of “WPA-PSK + WPA2-PSK”. Deze instelling moet voor al uw draadloze cliënten hetzelfde zijn. “WPA-PSK + WPA2-PSK” modus stelt de router in staat cliënten te ondersteunen die gebruik maken van WPA- of WPA2-beveiliging.5756

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

3. Selecteer “TKIP” of “AES” als Encryption Technique

(Encryptietechniek). Deze instelling moet voor al uw draadloze cliënten hetzelfde zijn.

4. Voer uw Pre-Shared Key (PSK) in. Deze sleutel bestaat uit 8 tot 63

tekens, dit kunnen letters, cijfers of symbolen zijn. U dient bij al uw draadloze cliënten dezelfde sleutel te gebruiken. Uw PSK kan er als volgt uitzien: “Netwerksleutel familie Jansen”. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om te eindigen. Ken nu aan al uw draadloze cliënten deze instellingen toe. LET OP: Zorg ervoor dat uw draadloze computers geüpdatet zijn, WPA2 ondersteunen en voorzien zijn van de juiste instellingen die een verbinding met de router mogelijk maken.5958 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

WPA-beveiliging instellen Let op: Om gebruik te kunnen maken van WPA-beveiliging, moeten uw netwerkkaarten uitgerust zijn met software die WPA ondersteunt. Op het tijdstip van publicatie van deze handleiding zal ook een beveiliigngs-patch van Microsoft gratis gedownload kunnen worden. Deze patch werkt uitsluitend met Windows XP. Uw router ondersteunt WPA-PSK (zonder server). WPA-PSK maakt gebruik van een zogenaamde pre-shared key als beveiligingssleutel. Een pre-shared key is een wachtwoord dat tussen de 8 en 39 tekens lang is. Dit wachtwoord kan zijn opgebouwd uit een combinatie van letters, cijfers en andere tekens. Elke cliënt maakt gebruik van dezelfde sleutel om toegang te krijgen tot het netwerk. Dit is de modus die doorgaans gebruikt wordt in woningen. WPA-PSK instellen

Deze instelling moet voor al uw cliënten hetzelfde zijn.

3. Voer uw pre-shared key in. Deze sleutel bestaat uit 8 tot 39 tekens en dit

kunnen letters, cijfers of symbolen zijn. U moet bij al uw cliënten dezelfde sleutel gebruiken.

4. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om te eindigen. Ken nu

aan al uw cliënten deze instellingen toe.5958

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

WEP-encryptie instellen Opmerking voor Mac-gebruikers: De optie “Passphrase” (meervoudig wachtwoord) kan niet gebruikt worden bij Apple

. Om encryptie te configureren voor uw Mac-computer, stelt u de encryptie in met behulp van de handmatige methode beschreven in het volgende gedeelte.

1. Selecteer “128-bit WEP” of “64-bit WEP” in het dropdown-menu.

2. Nadat u de door u gewenste WEP-encryptiemodus hebt geselecteerd, kunt

u de WEP-sleutel opgeven door de hexadecimale WEP-sleutel handmatig in te typen of u kunt een “Passphrase” (Meervoudig wachtwoord) intypen in het daarvoor bestemde veld en klikken op “Generate” (Genereren) om hieruit een WEP-sleutel te creëren. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om te eindigen. Zorg er nu voor dat al uw cliënten op deze manier zijn ingesteld.

3. De encryptie in de router is nu ingesteld. Alle computers van uw draadloze

netwerk moeten nu met hetzelfde wachtwoord worden geconfigureerd. Zie de handleiding van uw draadloze netwerkadapter voor meer informatie over het aanbrengen van deze verandering.6160

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Gebruik maken van een hexadecimale sleutel Een hexadecimale sleutel is een combinatie van cijfers en letters van A t/m F en van 0 t/m 9. 64-bits sleutels bestaan uit tien tekens die kunnen worden opgedeeld in vijf combinaties van twee tekens. 128-bits sleutels hebben een lengte van 26 karakters en kunnen worden opgedeeld in 13 combinaties van twee tekens. Bijvoorbeeld: AF 0F 4B C3 D4 = 64-bits sleutel C3 03 0F AF 0F 4B B2 C3 D4 4B C3 D4 E7 = 128-bits sleutel Stel in de onderstaande vakken uw sleutel samen door twee letters van A t/m F en twee cijfers van 0 t/m 9 in te vullen. U gebruikt deze sleutel om de encryptie-instellingen van uw router en uw draadloze computers te programmeren.Opmerking voor Mac-gebruikers: De oorspronkelijke Apple AirPort-producten ondersteunen uitsluitend 64-bits encryptie. Apple AirPort 2-producten kunnen 64-bits en 128-bits encryptie ondersteunen. Controleer dus eerst welk type apparaat u gebruikt. Als het u niet lukt uw netwerk met 128-bits encryptie te configureren, probeer dan 64-bits encryptie.6362 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Gebruik maken van de accesspointmodus Let op: Deze geavanceerde functie mag uitsluitend door ervaren gebruikers worden gebruikt. De router kan ook zodanig worden geconfigureerd dat hij als draadloos accesspoint fungeert. In deze modus is het gebruik van de functie “NAT IP-sharing” en de DHCP-server niet mogelijk. In AP-modus, dient de router te worden geconfigureerd met een IP-adres dat zich in hetzelfde subnet bevindt als de rest van het netwerk waarmee u verbinding maakt. Het standaard IP-adres is 192.168.2.254 en het subnetmasker is 255.255.255.0. Deze kunnen naar behoefte worden aangepast.

1. Activeer de accesspoint-modus door “Enable” (Activeren) te

selecteren op de pagina “Use as Access Point only” (Alleen gebruiken als accesspoint). Als u deze optie kiest kunt u de IP-instellingen veranderen.

2. Stel uw IP-instellingen in overeenstemming met uw netwerk in. Klik op

“Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen).

3. Sluit een kabel aan tussen de LAN-poort op de router en uw

bestaande netwerk. De router fungeert nu als accesspoint. Om de geavanceerde gebruikersinterface van de router opnieuw te openen, typt u het door u gespecificeerde IP-adres in in de navigatiebalk van uw browser. De encryptie- instellingen, Mac-adressenfiltering, de SSID en het kanaal kunt u normaal instellen.6564

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

MAC-adressen beheren Het MAC-adressenfilter is een krachtig beveiligingsinstrument waarmee u kunt aangeven welke computers toegang hebben tot het draadloze netwerk. Let op: De filterlijst is alleen van toepassing op draadloze computers. U kunt instellen dat elke computer die probeert het draadloze netwerk binnen te komen maar die niet in de filterlijst voorkomt, wordt de toegang geweigerd. Wanneer u deze functie inschakelt, dient u van elke cliënt (computer) het MAC-adres in te voeren om deze toe te laten tot uw netwerk. Met de functie “Block” (Blokkeren) kunt u de toegang tot het netwerk voor elke computer eenvoudig in- en uitschakelen zonder dat u verplicht bent het MAC-adres van deze computer aan de lijst toe te voegen of daaruit te verwijderen. Een lijst creëren met Mac-adressen van computers die toegang krijgen tot het netwerk

Selecteer het keuzerondje voor “Allow” (Toelaten) (1) om een lijst te creëren met computers die u toegang wilt geven tot het draadloze netwerk.

2. Typ nu in het lege “MAC Address” veld (3) het Mac-adres van de

draadloze computer die u tot het draadloze netwerk wilt toelaten en klik vervolgens op “<<Add” (Toevoegen) (4).

3. Doe dit voor elke computer die u toegang wilt verlenen.

4. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (5) om te eindigen.

(1) (3) (4) (5) (2)6766 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Een lijst creëren met Mac-adressen van computers die geen toegang krijgen tot het netwerk De “Deny Access”-lijst stelt u in staat specifieke computers de toegang tot het netwerk te ontzeggen. Elke computer die in die lijst is opgenomen zal de toegang tot het draadloze netwerk geweigerd worden. Alle andere computers zullen wel toegang krijgen.

1. Selecteer het keuzerondje voor “Deny” (Weigeren) (2) om een lijst te creëren

met computers die u toegang tot het draadloze netwerk wilt weigeren.

2. Typ vervolgens in het lege “MAC Address” veld (3), het Mac-adres in van

de draadloze computer die u geen toegang tot het draadloze netwerk wilt verlenen en klik vervolgens op “<<Add” (Toevoegen) (4).

3. Doe dit voor elke computer die u de toegang wilt ontzeggen.

4. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) (5) om te eindigen.6766

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Gebruik maak van een “Wireless Bridge” (draadloze brug) Wat is een “Wireless Bridge”? Een “Wireless Bridge” is eigenlijk een “modus” waarmee uw draadloze router rechtstreeks verbinding kan maken met een secundair draadloos accesspoint. Let op: u kunt met uw draadloze G+ MIMO router (artikelnummer F5D9230-4) alleen een brug (bridge) tot stand brengen bij gebruik van daarvoor geschikte accesspoints. Neem contact op met een medewerker van de afdeling Technische Ondersteuning. U kunt de bridge mode of overbruggingsmodus gebruiken om het bereik van uw draadloze netwerk uit te breiden of om uw netwerk uit te breiden naar een ander deel van uw kantoor of huis zonder dat u kabels hoeft aan te leggen. Range Extension (Uitbreiding van het bereik) Het uitbreiden van het bereik zorgt voor een groter dekkingsgebied in uw huis of kantoor. Onderstaand voorbeeld illustreert het gebruik van “Wireless Bridge”-modus voor het uitbreiden van het bereik van uw draadloze netwerk. In dit voorbeeld wordt de router geconfigureerd voor het maken van verbinding met een accesspoint dat zich in een ander gebied bevindt. Laptops kunnen roamen of zich verplaatsen tussen de twee dekkingsgebieden.6968 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Draadloos en nieuw netwerksegment toevoegen Een overbrugging tussen een accesspoint en uw draadloze router stelt u in staat een nieuw netwerksegment op een andere plaats in uw huis of kantoor toe te voegen aan uw netwerk zonder dat u kabels hoeft te gebruiken. Het aansluiten van een switch of een hub op de RJ45-aansluiting van het accesspoint geeft een aantal computers dat aangesloten is op de switch toegang tot de rest van het netwerk.6968

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Zorgen voor een “bridge” (brug) tussen uw draadloze router en een secundair accesspoint Als u een “bridge” (brug) tot stand wil brengen tussen uw router van Belkin en een secundair accesspoint, dan dient u het geavanceerde setup-hulpprogramma van de router te starten en het MAC-adres van het accesspoint in te vullen op de daarvoor bestemde plaats. Er zijn nog een paar andere vereisten. VOLG DE ONDERSTAANDE STAPPEN NAUWGEZET.

1. Stel uw accesspoint in op hetzelfde kanaal als de router. De router

en het accesspoint worden in de fabriek standaard ingesteld op kanaal 11. Als u dit kanaal nooit gewijzigd heeft, hoeft u niets te doen.

2. Lokaliseer het MAC-adres van het accesspoint op het etiket aan de

onderzijde van het apparaat. Er staan twee MAC-adressen op het etiket aan de onderzijde. U heeft het MAC-adres genaamd “WLAN MAC Address” nodig. Het MAC-adres begint met 0030BD. Hierachter staan zes andere getallen of letters (i.e. 0030BD-XXXXXX). Schrijf het MAC-adres hieronder op. Ga verder met de volgende stap.

3. Plaats uw secundaire accesspoint binnen het bereik van uw

draadloze router en dichtbij het gebied waarnaar u uw bereik wilt uitbreiden of waar het netwerksegment dat u wil toevoegen zich bevindt. Binnenshuis ligt het bereik doorgaans tussen de 15 en 45 meter.

4. Sluit uw accesspoint op het elektriciteitsnet aan. Controleer of het

accesspoint gevoed wordt en ga verder met de volgende stap.

5. Start het geavanceerde setup-hulpprogramma (Advanced Setup

Utility) door uw browser te openen vanaf een computer die al op uw router is aangesloten. In de adresbalk typt u het volgende in: 192.168.2.1. Typ hiervoor geen “www” of “http://” in. Let op: Als u het IP-adres van uw router hebt gewijzigd, maak dan gebruik van het nieuwe IP-adres.7170 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

6. In uw browservenster verschijnt nu de gebruikersinterface van de router.

Klik op “Wireless Bridge” (Draadloze brug) (2) aan de linkerkant van het scherm. U krijgt het volgende scherm te zien.

7. Controleer het vakje waarin staat “Enable ONLY specific Access Points to

connect” (Laat ALLEEN specifieke accesspoints verbinding maken)(1).

8. In het veld genaamd “AP1” (3) typt u het MAC-adres van uw secundaire

accesspoint in. Nadat u het adres hebt ingetypt, klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen).

9. De “bridge” (brug) is nu opgezet.

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Configuratie van de firewall Uw router is voorzien van een firewall die uw netwerk beschermt tegen uiteenlopende hackeraanvallen zoals:• IP Spoofing• Land Attack Ping of Death (PoD)• Denial of Service (DoS)• IP met lengte nul• Smurf Attack• TCP Null Scan• SYN flood• UDP flooding• Tear Drop Attack• ICMP defect• RIP defect• Fragment floodingDe firewall schermt ook gewone poorten af die vaak gebruikt worden om netwerken aan te vallen. Deze poorten zijn dan onzichtbaar gemaakt waardoor zij voor hackers eenvoudigweg niet lijken te bestaan. U kunt de firewallfunctie eventueel uitschakelen hoewel het aanbeveling verdient de firewall ingeschakeld te laten. Door het uitschakelen van de firewallbescherming is uw netwerk weliswaar niet volledig weerloos tegen hackeraanvallen maar toch is beter de firewall ingeschakeld te laten.7372 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Interne forwarding-instellingen configureren De functie Virtuele Servers biedt u de mogelijkheid externe (Internet)verbindingen voor diensten zoals een webserver (poort 80), FTP-server (Poort 21), of andere applicaties, via uw router door te sturen naar uw interne netwerk. Omdat uw interne computers door een firewall worden beveiligd, kunnen computers buiten uw netwerk (via het Internet) hen niet bereiken omdat zij “onzichtbaar” zijn. Er is een lijst van populaire toepassingen beschikbaar voor het geval dat u de functie van de virtuele server voor een specifieke applicatie moet configureren. Als uw applicatie niet in de lijst voorkomt, neem dan contact op met de leverancier van de applicatie om te bepalen welke poortinstellingen u dient te gebruiken. Applicaties kiezen Selecteer de applicatie in het dropdown-menu. Klik op “Add” (Toevoegen). De instellingen worden overgebracht naar de eerste beschikbare regel. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om de instelling voor deze applicatie op te slaan. Om een applicatie te verwijderen, selecteert u het nummer van de regel die u wilt verwijderen en vervolgens klikt u op “Clear” (Leeg maken). Instellingen handmatig in de virtuele server invoeren Om instellingen handmatig in te voeren, typt u het IP-adres in het vak voor de interne (server) computer in, geeft u de poort(en) op die vrijgegeven moeten worden (met een komma tussen de poorten als u meer poorten wilt opgeven), selecteert u het poorttype (TCP of UDP) en klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen). U kunt per intern IP-adres slechts één poort vrijgeven. U neemt een zeker risico door poorten in uw firewall te openen. U kunt instellingen zeer snel in- en uitschakelen. Wij adviseren deze instellingen uit te schakelen wanneer u een bepaalde toepassing niet gebruikt.7372

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Cliënt IP-filters instellen De router kan zo worden geconfigureerd dat toegang tot het Internet, e-mail of andere netwerkdiensten op bepaalde dagen en tijden beperkt is. Deze beperking kan worden ingesteld voor één computer, een groep computers of verschillende computers. Om bijvoorbeeld de toegang tot het Internet voor één enkele computer af te sluiten, moet u het IP-adres van de beoogde computer in de IP-velden invoeren (1). Vervolgens vult u in de beide poortvelden het getal “80” in (2). Selecteer “Both” (Beide) (3). Selecteer “Block” (Blokkeren)(4). U kunt ook “Always” (Altijd) kiezen om de toegang permanent af te sluiten. Selecteer de begindatum bovenaan (5), de begintijd bovenaan (6), de einddatum onderaan (7)en de eindtijd (8) onderaan. Selecteer “Enable” (Activeren) (9). Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen). De computer op het door u opgegeven IP-adres heeft nu binnen de door u aangegeven periode geen toegang tot het Internet. Let op: Zorg ervoor dat u de juiste tijdzone selecteert onder “Utilities> System Settings> Time Zone”. (1) (2) (3) (4) (5) (7) (6) (8) (9)7574 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

URL Blocking (URL-blokkering) U kunt de router zo configureren dat toegang tot specifieke vooraf gedefinieerde websites wordt voorkomen. URL-blokkering zorgt er voor dat LAN-computers geen verbinding kunnen maken met specifieke websites. De beperkingen kunnen voor een enkele website, maar ook voor meerdere websites worden ingesteld.U kunt ook de URL-blokkering activeren of deactiveren door de optie “Enable” (Activeren) (1), bovenaan de pagina, te selecteren respectievelijk door het vinkje te verwijderen. Als u een specifieke website wilt blokkeren, selecteert u de optie “Enable” (Activeren) (1) bovenaan de pagina “URL Blocking” (URL-blokkering). Voer vervolgens in het URL-veld (2) de URL of het IP-adres in van de website waarvoor de toegang geblokkeerd moet worden en selecteerde optie “Enable” (Activeren) (3). U kunt een specifiek URL activeren of deactiveren door de optie “Enable” (Activeren) (3) te selecteren of het vinkje weer te verwijderen. Zo kunt u dus op eenvoudige wijze de blokkering van een bepaalde website activeren of deactiveren. (1) (2) (3)7574

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

De gedemilitariseerde zone (DMZ) activeren Met de DMZ-functie kunt u één van de computers van uw netwerk buiten de firewall plaatsen. Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn als de firewall bij een bepaalde toepassing als een game of video-vergaderen problemen veroorzaakt. Schakel deze functie alleen tijdelijk in. De computer in de gedemilitariseerde zone wordt namelijk NIET beschermd tegen hackeraanvallen. Om een computer in de DMZ te plaatsen voert u de laatste twee cijfers van zijn IP-adres in het IP-veld in en selecteert u “Enable” (Activeren). Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om de wijziging te activeren. Als u meerdere statische WAN IP-adressen gebruikt, kunt u aangeven aan welk WAN IP-adres de DMZ-host wordt gericht. Vul het WAN IP-adres in waaraan de DMZ-host moet worden gericht, voer de laatste twee cijfers in van het IP-adres van de DMZ-hostcomputer, selecteer “Enable” (Activeren) en klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen).7776 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Gebruik maken van een dynamisch DNS De Dynamic DNS service staat statische hostnamen toe voor dynamische IP- adressen in een van de vele domeinen van DynDNS.org, waardoor de toegang tot uw netwerkcomputers vanaf verschillende plaatsen op het internet eenvoudiger is. DynDNS.org biedt deze service, voor maximaal vijf hostnamen, als een gratis dienst voor de internetgemeenschap. De dynamische DNS-service is ideaal voor een privé-website, bestandsserver, maar ook als u vanaf uw werk toegang wilt krijgen tot uw pc thuis en de bestanden die erop staan. Indien u gebruik maakt van deze service verzekert u zich ervan dat uw hostnaam altijd verwijst naar uw IP-adres, zelfs als uw provider dit adres wijzigt. Als uw IP-adres verandert kunnen uw vrienden en collega’s u altijd vinden via yourname. dyndns.org. U kunt zich gratis aanmelden voor een “Dynamic DNS”-hostnaam via http://www.dyndns.org.7776

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

De Dynamic DNS Update Client van de router installeren. Voordat u van deze functionaliteit gebruik kunt maken, dient u zich aan te melden voor de gratis update-service van DynDNS.org. Zodra u dit gedaan hebt, kunt u verder. Volg daartoe onderstaande aanwijzingen.

1. Voer uw DynDNS.org-gebruikersnaam in in het veld “User Name”

(Gebruikersnaam) (1).

2. Voer uw DynDNS.org-wachtwoord in in het veld “Password”

3. Vul uw DynDNS.org-domeinnaam die u met DynDNS.org hebt

opgezet in in het veld “Domain Name” (Domeinnaam) (3).

4. Klik op “Update Dynamic DNS” om uw IP-adres te updaten.

Indien het door uw provider aan u toegewezen IP-adres wijzigt, zal de router uw nieuwe IP-adres automatisch doorspelen aan de DynDNS.org-servers. Door op de knop “Update Dynamic DNS” te klikken kunt u dit ook handmatig doen(4). (1) (2) (3) (4)7978 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

ICMP-pings blokkeren Computerhackers maken gebruik van een techniek die bekend is onder de naam “pingen” om potentiële slachtoffers op het Internet te vinden. Door naar een bepaald IP-adres te pingen en een reactie te ontvangen van het IP-adres, kan een hacker vaststellen of zich daar misschien iets interessants bevindt. De router kan zo worden ingesteld dat hij niet op ICMP-pings van buiten reageert. Dit verhoogt het beveiligingsniveau van uw router. Om het ping-antwoordbericht uit te schakelen, selecteert u “Block ICMP Ping” (ICMP-ping blokkeren)(1) en klikt u op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen). De router reageert nu niet op ICMP-pings. (1)7978

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Hulpprogramma’s In het scherm “Utilities” (Hulpprogramma’s), kunt u verschillende parameters van de router beheren en bepaalde beheerfuncties uitvoeren. Parental Control-webfilter Raadpleeg de meegeleverde Parental Control-handleiding voor meer informatie over deze webfilter.8180 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

De router herstarten Als de werking van de router niet meer optimaal is, kan het soms nodig zijn de router opnieuw te starten. De configuratie-instellingen van de router worden door opnieuw starten NIET gewist. De router opnieuw starten om de normale werking te herstellen

2. De volgende mededeling verschijnt. Klik op “OK”.

3. De volgende melding verschijnt. Het herstarten van de router kan tot 60

seconden duren. Tijdens het herstarten mag u de netvoeding van de router niet uitschakelen. Klik op “OK”.8180

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

4. Op uw beeldscherm worden 12 seconden afgeteld. Zodra de nul

bereikt is, zal de router automatisch herstart worden. De homepage van de router zou nu automatisch moeten verschijnen. Als dat niet gebeurt, typ dan het adres van de router in de navigatiebalk van uw browser in (standaard = 192.168.2.1).8382 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

De fabrieksinstellingen herstellen Wanneer u deze optie gebruikt, worden alle instellingen in de router naar de (standaard-) fabrieksinstellingen teruggezet. Het is verstandig eerst van uw eigen instellingen een reservekopie te maken voordat u de standaardinstellingen herstelt.

1. Klik op de knop “Restore Defaults” (Standaardinstellingen herstellen).

2. De volgende mededeling verschijnt. Klik op “OK”.

3. De volgende melding verschijnt. Tot het herstellen van de

standaardinstellingen behoort ook dat de router opnieuw wordt opgestart. Deze procedure kan tot 60 seconden duren. Tijdens herstarten mag u de stroomvoorziening van de router niet uitschakelen. Klik op “OK”.8382

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

4. Op uw beeldscherm worden 12 seconden afgeteld. Zodra de nul

bereikt is, zullen de standaardinstellingen van de router hersteld zijn. De homepage van de router zou nu automatisch moeten verschijnen. Is dat niet het geval, vul dan het adres van de router (standaard = 192.168.2.1) in op de navigatiebalk van uw browser. De huidige configuratie opslaan Met behulp van deze functie kunt u de huidige configuratie opslaan. Door een reservekopie te maken van uw huidige configuratie kunt u deze later in het geval van verlies of wijziging herstellen. Het is verstandig een reservekopie te maken van uw huidige configuratie voordat u de firmware bijwerkt.8584 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

1. Klik op “Save” (Opslaan). Er gaat een venster open met de naam “File

Download” (Bestand downloaden). Klik op “Save” (Opslaan).

2. Er gaat een venster open waarin u de locatie kunt aangeven waar u het

configuratiebestand wilt opslaan. Selecteer een locatie. U kunt het bestand elke naam geven die u wilt of de standaardbenaming “Config” gebruiken. Zorg ervoor dat u het bestand een naam geeft die u later gemakkelijk kunt terugvinden. Wanneer u de locatie en de naam van het bestand hebt gekozen, klikt u op “Save” (Opslaan).8584

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

3. Als het bestand is opgeslagen, ziet u het onderstaande scherm.

Klik op “Close” (Sluiten). De configuratie is nu bewaard.8786 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Vorige configuratie herstellen Met deze optie kunt u een eerder opgeslagen configuratie herstellen.

1. Klik op “Browse” (Bladeren). Er zal een venster worden geopend dat

u in staat stelt de locatie van het configuratiebestand te selecteren. Alle configuratiebestanden hebben de extensie “.bin”. Zoek het configuratiebestand op dat u wilt herstellen en dubbelklik erop.8786

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

2. U krijgt de vraag of u wilt doorgaan. Klik op “OK”.

3. Er verschijnt een herinneringsvenster. De herstelprocedure van uw

configuratiebestand kan tot 60 seconden in beslag nemen. Klik op “OK”.

Op uw beeldscherm worden 60 seconden afgeteld. Zodra de nul bereikt is, zal de configuratie van de router hersteld zijn. De homepage van de router zou automatisch moeten verschijnen. Als dit niet het geval is, typ dan het adres van de router (standaard = 192.168.2.1) in in de navigatiebalk van uw browser.8988 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

Firmware bijwerken Af en toe brengt Belkin een nieuwe versie uit van de firmware voor de router. Nieuwe firmwareversies bevatten verbeteringen van functies en oplossingen voor eventuele problemen. Wanneer Belkin nieuwe firmware uitbrengt, kunt u deze downloaden van de website en de firmware van de router bijwerken tot en met de nieuwste versie. Beschikbaarheid van nieuwe firmwareversies nagaan Met de knop “Check Firmware” (Firmware controleren) (1) kunt u onmiddellijk nagaan of er nieuwe firmwareversies beschikbaar zijn. Als u op de knop klikt, verschijnt er een browservenster waarin wordt aangegeven dat er geen nieuwe firmware beschikbaar is, of dat er een nieuwe versie beschikbaar is. Als er een nieuwe versie beschikbaar is, kunt u deze downloaden. (1)8988

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Een nieuwe firmwareversie downloaden Als u op de knop “Check Firmware” (Firmware controleren) klikt en er een nieuwe firmwareversie beschikbaar is, verschijnt er een scherm dat lijkt op onderstaande afbeelding.

1. Om de nieuwe firmwareversie te downloaden, klikt u op “Download”.

2. Er gaat een venster open waarin u de locatie kunt aangeven waar u

het firmwarebestand wilt opslaan. Selecteer een locatie. U kunt het bestand elke naam geven die u wilt, of gewoon de standaard naam gebruiken. Zorg ervoor dat u het bestand later ook weer terug kunt vinden. Zodra u een locatie hebt geselecteerd, klikt u op “Save” (Opslaan).9190 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

3. Wanneer het bestand is opgeslagen, ziet u het volgende venster.

Klik op “Close” (Sluiten). Het downloaden van de firmware is voltooid. Om de firmware bij te werken, gaat u te werk als aangegeven onder “Firmware van de router bijwerken”.9190

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

De firmware van de router bijwerken

Op de pagina “Firmware Update” (Firmware bijwerken) klikt u op “Browse” (Bladeren). Er gaat een venster open waarin u de locatie van het bijgewerkte firmwarebestand kunt selecteren.

2. Ga naar het firmwarebestand dat u heeft gedownload. Selecteer het

bestand door te dubbelklikken op de bestandsnaam.

3. Het venster “Update Firmware” (Firmware bijwerken) toont nu de

locatie en de naam van het firmwarebestand dat u zojuist hebt geselecteerd. Klik op “Update” (Bijwerken).9392 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

4. U krijgt de vraag of u zeker weet dat u wilt doorgaan. Klik op “OK”.

5. U krijgt nu nog een melding te zien. Dit bericht laat u weten dat de router

mogelijk pas na één minuut reageert tijdens het laden van de firmware en dat de router opnieuw wordt opgestart. Klik op “OK”.

6. Op uw beeldscherm worden 60 seconden afgeteld. Zodra de nul bereikt is,

zal de firmware van de router zijn bijgewerkt. De homepage van de router zou nu automatisch moeten verschijnen. Als dat niet gebeurt, typ dan het adres van de router in de navigatiebalk van uw browser in (standaard =

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Systeeminstellingen wijzigen Op de pagina “System Settings” (Systeeminstellingen) kunt u een nieuw wachtwoord invoeren voor de systeembeheerder, de tijdzone instellen, beheer op afstand inschakelen en de NAT-functie van de router aan- en uitschakelen. Het wachtwoord voor de systeembeheerder instellen of wijzigen De router wordt geleverd ZONDER vooraf geprogrammeerd wachtwoord. Als u een wachtwoord wilt toevoegen voor meer beveiliging, dan kunt u hier een wachtwoord instellen. Schrijf het wachtwoord op en bewaar het op een veilige plaats, aangezien u het nodig heeft als u in de toekomst wilt inloggen op de router. Het is ook verstandig een wachtwoord in te stellen als u van plan bent de mogelijkheid van extern beheer van uw router te gebruiken.9594 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

De inlog-timeoutinstelling wijzigen Met de optie inlog-timeout kunt u de maximale tijdsduur instellen waarbinnen u ingelogd kunt blijven op de Advanced Setup Interface (Geavanceerde setup-interface) van de router. De tijdklok begint te lopen als er geen activiteit is geweest. U hebt bijvoorbeeld een aantal wijzigingen in de Advanced Setup Interface aangebracht en daarna uw computer alleen gelaten zonder op “Logout” (Afmelden) te klikken. Als de timeout is ingesteld op 10 minuten, dan loopt de inlogsessie 10 minuten nadat u de router alleen hebt gelaten af. Als u meer wijzigingen wilt aanbrengen, dient u opnieuw op de router in te loggen. Deze inlog-timeoutoptie is bedoeld als extra beveiliging en staat standaard ingesteld op 10 minuten. Let op: Er kan slechts één computer tegelijk ingelogd zijn op de Advanced Setup- interface van de router. Tijd en tijdzone instellen De tijdklok van de router wordt geregeld via de aansluiting op een SNTP (Simple Network Time Protocol) server. Hierdoor loopt de systeemklok van de router synchroon met de tijd van het wereldwijde internet. De gesynchroniseerde klok in de router wordt gebruikt voor de registratie van de beveiligingslog en de aansturing van het cliëntenfilter. Selecteer de tijdzone waarin u zich bevindt. U hebt de mogelijkheid een primaire en een backup NTP-server te selecteren om de klok van uw router gesynchroniseerd te houden. Selecteer de gewenste NTP-server in het dropdown- menu, of gebruik de huidige instelling. Selecteer de tijdzone waarin u gevestigd bent. Als u in een land woont dat de zomer- en wintertijd volgt, zet dan een kruisje in het selectievakje naast “Enable Daylight Saving” (Zomer/wintertijd inschakelen). De systeemklok geeft niet onmiddellijk na inschakeling de juiste tijd aan. De router heeft ten minste 15 minuten nodig om een verbinding op te bouwen met de tijdservers op het Internet en voor het ontvangen van een antwoordsignaal. U kunt de klok niet zelf instellen.9594

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Beheer op afstand mogelijk maken Voordat u deze geavanceerde functie van uw router van Belkin inschakelt, DIENT U ERVOOR TE ZORGEN DAT U HET WACHTWOORD VOOR DE SYSTEEMBEHEERDER HEBT INGESTELD. De functie “Remote Management” (Beheer op afstand) biedt u de mogelijkheid vanaf elke internetlocatie ter wereld de instellingen van uw router te wijzigen. Er zijn twee methoden voor het op afstand beheren van de router. Met de eerste kunt u de router vanaf elke internetlocatie openen door het selecteren van “Any IP address can remotely manage the Router” (Elk IP-adres kan de router op afstand beheren). Wanneer u uw WAN IP-adres intypt vanaf iedere willekeurige computer op het Internet, dan krijgt u een inlogscherm te zien waarin u het wachtwoord van uw router moet invoeren. De tweede methode is een specifiek IP-adres uitsluitend te bestemmen voor beheer op afstand. Deze methode is veiliger, maar minder praktisch. Bij deze methode vult u in de daarvoor bestemde ruimte het IP-adres in van de computer waarmee u toegang tot de router wilt hebben en selecteert u “Only this IP address can remotely manage the Router” (Uitsluitend dit IP-adres kan de router op afstand beheren). Voordat u deze functie inschakelt, RADEN WIJ U TEN ZEERSTE AAN uw systeembeheerderwachtwoord in te stellen. Als u geen wachtwoord gebruikt, loopt uw router het risico van indringers. Geavanceerde functie: De optie “Remote Access Port” stelt u in staat de “Remote Access Port for Remote Management”-functie te configureren. De standaard-toegangspoort is poort 80.9796 Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface

NAT (Network Address Translation) inschakelen/uitschakelen Let op: Deze geavanceerde functie mag uitsluitend door ervaren gebruikers worden gebruikt. Voordat u deze functie inschakelt, MOET U ERVOOR ZORGEN DAT U HET BEHEERDERSWACHTWOORD HEBT INGESTELD. Network Address Translation (NAT) is de methode waarvan de router gebruik maakt voor het delen van het enkele IP-adres dat uw provider heeft toegekend met de andere computers binnen uw netwerk. Deze functie dient uitsluitend te worden gebruikt als uw provider u meerdere IP-adressen toekent of als u NAT moet uitschakelen in verband met een geavanceerde systeemconfiguratie. Als u slechts een enkel IP-adres heeft en u schakelt NAT uit, dan zullen de computers binnen uw netwerk geen gebruik kunnen maken van het Internet. Andere problemen kunnen ook voorkomen. Door het uitschakelen van NAT worden uw firewallfuncties niet aangetast. UPnP inschakelen/uitschakelen UPnP (Universal Plug-and-Play) is weer een andere geavanceerde mogelijkheid van uw router van Belkin. Het is een technologie die naadloze voice- en video-messaging, games en andere applicaties mogelijk maakt die voldoen aan UPnP. Voor sommige applicaties dient de firewall van de router op een specifieke manier geconfigureerd te zijn voor een juiste werking. Hiervoor moeten doorgaans de TCP- en UDP- poorten worden geopend en in sommige gevallen triggerpoorten worden ingesteld. Applicaties die voldoen aan UpnP kunnen met de router communiceren, in principe om de router te “vertellen” op welke wijze de firewall moet worden geconfigureerd. Bij aflevering is de UPnP-functie van de router uitgeschakeld. Als u applicaties gebruikt die voldoen aan UpnP en u wilt profiteren van de mogelijkheden van UPpnP dan heeft het zin de UPnP-functie te activeren. U selecteert eenvoudigweg “Enable” (Activeren) de paragraaf “UPnP Enabling” (UPnP activeren) van de pagina “Utilities” (Hulpprogramma’s). Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om de wijziging op te slaan.9796

Gebruik maken van de geavanceerde web- based gebruikersinterface Hoofdstuk

Automatische firmware-updates activeren/deactiveren Deze vernieuwing geeft de router de ingebouwde mogelijkheid automatisch te controleren of er een nieuwe versie bestaat van de firmware en u te waarschuwen als de nieuwe firmware beschikbaar is. Wanneer u inlogt op de geavanceerde interface van de router, dan gaat de router controleren of er nieuwe software beschikbaar is. Als er nieuwe firmware gedownload kan worden, wordt u daarvan op de hoogte gesteld. U kunt er dan voor kiezen de nieuwe versie te downloaden of verder te gaan met hetgene waar u mee bezig was.9998 Netwerkinstellingen handmatig configureren

Installeer EERST de computer die is verbonden met het kabel- of DSL-modem. Volg daarbij de volgende stappen. U kunt deze stappen ook gebruiken om computers aan uw router toe te voegen nadat de router geconfigureerd is voor verbinding met het Internet. Netwerkinstellingen handmatig configureren in Mac OS (tot 9.x)

2. U ziet nu het TCP/IP-configuratiescherm. Selecteer “Ethernet Built-In”

geselecteerd, moet uw router ook worden geconfigureerd voor een statische IP-verbinding.”. Noteer de adresinformatie in de onderstaande tabel. U zal deze informatie in de router moeten invoeren. (2) (1)1

Netwerkinstellingen handmatig configureren Hoofdstuk

4. Als dit niet al bij “Configure” is ingesteld, kiest u “Using DHCP

Server”(Gebruikt DHCP-server). Hierdoor geeft u de computer de opdracht bij de router een IP-adres op te halen.

5. Sluit het venster. Als u veranderingen hebt aangebracht, verschijnt

het volgende venster. Klik op “Save” (Opslaan). Herstart de computer. Wanneer de computer opnieuw is opgestart, zijn uw netwerkinstellingen geconfigureerd voor gebruik met de router.101100 Netwerkinstellingen handmatig configureren

Klik op het pictogram “System Preferences” (Systeemvoorkeuren).

2. Selecteer “Network” (Netwerk) (1) in het menu “System Preferences”

(Systeemvoorkeuren).

Netwerkinstellingen handmatig configureren Hoofdstuk

4. Selecteer het tabblad “TCP/IP” (3). Naast “Configure”

(Configureren)(4) moet nu “Manually” (Handmatig) of “Using DHCP” (DHCP gebruiken) te zien zijn. Is dat niet het geval, ga dan naar het tabblad PPPoE (5) en zorg ervoor dat “Connect using PPPoE” (Met behulp van PPPoE aansluiten) NIET is geselecteerd. Als dat wel het geval is, dan moet u uw router configureren voor een verbinding van het type PPPoE met behulp van uw gebruikersnaam en wachtwoord.

5. Als “Manually” (Handmatig) is geselecteerd, moet uw router worden

geconfigureerd voor een statisch type IP-verbinding. Noteer de adresinformatie in de onderstaande tabel. U zal deze informatie in de router moeten invoeren.

6. Als dit niet al is geselecteerd, selecteert u behalve “Configure”

(Configureren) ook “Using DHCP” (Gebruik maken van DHCP) (4) en klikt u op “Apply Now” (Nu toepassen). Uw netwerkinstellingen zijn nu geconfigureerd voor gebruik met de router.103102 Netwerkinstellingen handmatig configureren

2. Dubbelklik op het pictogram “Network and dial-up connections”

(Netwerk- en inbelverbindingen) (Windows 2000) of het pictogram “Network” (Netwerk) (Windows XP).

3. Klik met uw rechter muisknop op de “Local Area Connection” (Lokale

verbinding) die is gekoppeld aan uw netwerkadapter en selecteer “Properties” (Eigenschappen) in het dropdown-menu.

4. IIn het venster “Local Area Connection Properties”, klikt u op

“Internet Protocol (TCP/IP)” en vervolgens op de knop “Properties” (Eigenschappen). Nu verschijnt het volgende scherm: (1) (2) (3)103102

Netwerkinstellingen handmatig configureren Hoofdstuk

5. Wanneer “Use the following IP address” (Gebruik het volgende IP-

adres) (2) is geselecteerd, moet uw router worden ingesteld voor een statisch IP-verbindingstype. Noteer de adresinformatie in de onderstaande tabel. U zal deze informatie in de router moeten invoeren.

6. Als dit niet al is geselecteerd, selecteer dan “Obtain an IP address

automatically” (IP-adres automatisch ophalen) (1) en “Obtain DNS server address automatically” (DNS-serveradres automatisch ophalen) (3). Klik op “OK”. Uw netwerkinstellingen zijn nu geconfigureerd voor gebruik met de router.105104 Netwerkinstellingen handmatig configureren

Klik in het dropdown-menu met uw rechter muisknop op “My Network Neighbourhood” (Mijn netwerkomgeving).

2. Selecteer “TCP/IP -> Settings” (TCP/IP-instellingen) voor uw geïnstalleerde

netwerkadapter. Het volgende venster zal verschijnen.

3. Wanneer “Specify an IP address” (Specificeer een IP-adres) is geselecteerd,

moet uw router worden ingesteld voor een statisch IP-verbindingstype. Noteer de adresinformatie in de onderstaande tabel. U zal deze informatie in de router moeten invoeren.

4. Schrijf het IP-adres en subnetmasker over van het tabblad “IP Address” (IP-

5. Klik op het tabblad “Gateway” (2). Vul het gatewayadres in het diagram in.

Netwerkinstellingen handmatig configureren Hoofdstuk

6. Klik op het tabblad “DNS Configuration” (DNS-configuratie) (1).

Noteer het DNS-adres/de DNS-adressen in het diagram.

7. Als dit niet al is geselecteerd, selecteert u op het tabblad voor IP-

adressen “Obtain IP address automatically” (IP-adres automatisch ophalen). Klik op “OK”. Start de computer opnieuw. Wanneer de computer opnieuw is opgestart, zijn uw netwerkinstellingen geconfigureerd voor gebruik met de router.107106 Aanbevolen instellingen van de webbrowser

Meestal hoeft u aan de instellingen van uw webbrowser niets te veranderen. Als u problemen hebt met de toegang tot het Internet of de geavanceerde web- based gebruikersinterface, wijzig dan de huidige instellingen van uw browser in de aanbevolen instellingen die u in dit hoofdstuk vindt. Microsoft

Aanbevolen instellingen van de webbrowser Hoofdstuk

2. In het scherm “Internet Options” (Internetopties) vindt u drie

keuzemogelijkheden: “Never dial a connection” (Nooit een verbinding maken), “Dial whenever a network connection is not present” (Maak verbinding indien er geen netwerkverbinding aanwezig is) en “Always dial my default connection” (Altijd mijn standaardverbinding gebruiken). Als u een keus kunt maken, selecteer dan “Never dial a connection” (Nooit een verbinding maken). Als u geen keus kunt maken, ga dan naar de volgende stap.

Klik onder het scherm “Internet Options” (Internetopties) op “Connections” (Aansluitingen) en selecteer “LAN Settings…” (LAN-instellingen).109108 Aanbevolen instellingen van de webbrowser

4. Zorg dat er geen selectievakjes aangekruist zijn naast de geboden opties:

“Automatically detect settings” (Instellingen automatisch detecteren), “Use automatic configuration script” (Script voor automatische configuratie gebruiken) en “Use a proxy server” (Proxyserver gebruiken). Klik op “OK”. Klik vervolgens op de pagina “Internet Options” (Internetopties) opnieuw op “OK”.109108

Aanbevolen instellingen van de webbrowser Hoofdstuk

Start Netscape. Klik op “Edit” (Bewerken) en vervolgens op “Preferences” (Voorkeurinstellingen).

2. Klik in het venster “Preferences” (Voorkeurinstellingen) op

“Advanced” (Geavanceerd) en selecteer vervolgens “Proxies” (Proxy’s). In het venster “Proxies” selecteert u “Direct connection to the Internet” (Rechtstreekse verbinding met het Internet).111110 Aanbevolen instellingen van de webbrowser

Probleem: De installatie-cd start niet automatisch. Oplossing: Indien de cd-rom de Easy Install Wizard niet automatisch start, kan het zijn dat er andere applicaties op de computer draaien die de werking van het cd-romstation nadelig beïnvloeden.

1. Als het scherm van de Easy Install Wizard niet binnen 15 tot 20 seconden

verschijnt, opent u het cd-romstation door te dubbelklikken op het pictogram “My Computer” (Deze computer) op uw desktop.

2. Dubbelklik vervolgens op het cd-romstation waarin de installatie-cd is geplaatst

om de installatie te starten.

3. De Easy Install Wizard zou binnen een paar seconden moeten starten. Als

in plaats daarvan een venster verschijnt met daarin de bestanden op de cd, dubbelklik dan op het pictogram “EasyInstall.exe”.

4. Als de Easy Install Wizard nog steeds niet start, raadpleeg dan het hoofdstuk

“Manually Configuring Network Settings” (Netwerkinstellingen handmatig configureren) (bladzijde 98 van deze handleiding) voor een alternatieve installatiemethode).111110 111110 Problemen oplossen Hoofdstuk

Probleem: Easy Install Wizard kan de router niet vinden. Oplossing: Controleer de volgende punten als de Easy Install Wizard de router niet kan vinden tijdens installeren:1. Het kan zijn dat op de computer geïnstalleerde firewall-software van derden probeert toegang tot het Internet te krijgen. Voorbeelden van firewall-software van derden: ZoneAlarm, BlackICE PC Protection, McAfee Personal Firewall, en Norton Personal Firewall. Als u dergelijke software op uw computer heeft geïnstalleerd, zorg er dan voor dat die software op de juiste wijze is geconfigureerd. U kunt controleren of de firewall-software de toegang tot Internet blokkeert door de software tijdelijk uit te schakelen. Als de internetverbinding goed werkt bij uitgeschakelde firewall dient u de instellingen van de firewall aan te passen. Raadpleeg de instructies van de fabrikant van uw firewall-software voor instructies over het configureren van de firewall op een manier die internettoegang mogelijk maakt.2. Neem de stekker van de router gedurende 10 seconden uit het stopcontact en steek die daarna terug. Controleer of het indicatielampje voor de voeding permanent brandt (groen). Is dit niet het geval, controleer dan of de voedingsadapter goed op de router en het stopcontact is aangesloten.3. Zorg dat er een kabelverbinding bestaat (gebruik de bij de router meegeleverde kabel) tussen (1) de netwerkpoort (Ethernet) aan de achterkant van de computer en (2) één van de LAN-poorten aangeduid met 1 t/m 4 aan de achterzijde van de router. Let op: de computer mag NIET worden aangesloten op de poort “Internet/WAN” op de achterzijde van de router.4.. Kijk wat er gebeurt als u uw computer afsluit, opnieuw opstart en u vervolgens de Easy Install Wizard weer draait. Als de Easy Install Wizard de router nog steeds niet kan vinden, raadpleeg dan het hoofdstuk “Netwerkinstellingen handmatig configureren” (bladzijde 98 van deze handleiding) voor de afzonderlijke installatiestappen. Probleem: De Easy Install Wizard kan mijn router niet met het Internet verbinden. Oplossing: Controleer de volgende punten als de Easy Install Wizard de router niet met internet kan verbinden:113112 Problemen oplossen

1. Gebruik de voorgestelde oplossingen binnen de Easy Install Wizard. Als het scherm

voor het oplossen van problemen niet automatisch opent, klikt u op de knop “Troubleshoot” (Problemen oplossen) in de rechter benedenhoek van het venster van de Easy Install Wizard.

2. Als uw provider een gebruikersnaam en een wachtwoord eist, controleer dan

of u de gebruikersnaam en het wachtwoord correct hebt ingevuld. Bij sommige gebruikersnamen moet de domeinnaam van de provider aan het einde van de naam staan. Een voorbeeld: “mijnnaam@myisp.com”. Het gedeelte “@myisp.com” van de gebruikersnaam moet wellicht ook worden ingetypt naast uw gebruikersnaam. Als u nog steeds geen verbinding met het Internet krijgt, raadpleeg dan het hoofdstuk “Netwerkinstellingen handmatig configureren” (bladzijde 98 van deze handleiding) voor een alternatieve installatiemethode. Probleem:

  • De Easy Install Wizard heeft de installatie voltooid, maar mijn webbrowser werkt niet.
  • Ik kan geen verbinding met het Internet tot stand brengen. Het “WAN”- indicatielampje op de router brandt niet en het indicatielampje voor “Connected” (Verbinding gemaakt) knippert. Oplossing: Als u geen verbinding met het Internet kunt maken, het “WAN”-indicatielampje niet brandt en het indicatielampje “Connected” (Verbinding gemaakt) knippert, zijn uw router en modem waarschijnlijk niet goed op elkaar aangesloten.

1. Zorg ervoor dat de netwerkkabel tussen de modem en de router correct is

aangesloten. We adviseren u nadrukkelijk om de kabel te gebruiken die bij uw kabel- of DSL-modem werd meegeleverd. Het ene uiteinde van de kabel moet worden aangesloten op de poort die wordt aangeduid met “Internet/WAN” en het andere uiteinde op de netwerkpoort van uw modem.

2. Ontkoppel de voeding van het kabel- of DSL-modem. Zet het modem na drie

minuten weer aan en/of sluit de kabel weer aan. Dit kan ervoor zorgen dat het modem de router herkent.

3. Zet de router uit, wacht 10 seconden en zet hem weer aan. De router zal nu

opnieuw proberen contact te zoeken met het modem. Neem contact op met de technische hulpdienst van Belkin als het “WAN”-indicatielampje op de router na deze stappen nog niet brandt.

  • De Easy Install Wizard heeft de installatie voltooid, maar mijn webbrowser werkt niet.
  • Ik kan geen verbinding met het Internet tot stand brengen. Het “WAN”- indicatielampje op de router brandt en het indicatielampje voor “Connected” (Verbinding gemaakt) knippert. Oplossing:

1. Als u geen verbinding met internet kunt maken, het “WAN”-indicatielampje113112

Problemen oplossen Hoofdstuk

brandt en het indicatielampje “Connected” (Verbinding gemaakt) knippert, komt uw verbindingstype mogelijk niet overeen met die van uw provider. 2. Als u een verbinding met een statisch IP-adres hebt, moet u het IP-adres, subnetmasker en gateway-adres van uw provider krijgen. Zie het hoofdstuk “Alternatieve installatiemethode” voor informatie over het wijzigen van deze instelling.

3. Als u een PPPoE-verbinding hebt, wijst uw provider u een gebruikersnaam,

een wachtwoord en soms een servicenaam toe. Zorg ervoor dat het type verbinding van uw router is geconfigureerd als “PPPoE” en controleer of de instellingen correct zijn. Raadpleeg het hoofdstuk “Alternatieve installatiemethode” voor informatie over het wijzigen van deze instelling. 4. U moet wellicht uw router configureren om te kunnen voldoen aan de specifieke vereisten van uw provider. Om in onze Knowledge Base te zoeken naar onderwerpen betreffende provider-gerelateerde zaken, gaat u naar: http://web.belkin.com/support en typt u “ISP” in. Als u nog steeds geen toegang tot internet kunt krijgen nadat u al deze instellingen hebt gecontroleerd, neem dan contact op met de afdeling Technische Ondersteuning van Belkin. Probleem:

  • De Easy Install Wizard heeft de installatie voltooid, maar mijn webbrowser werkt niet.• Ik kan geen verbinding met het Internet tot stand brengen. Het “WAN”-indicatielampje op de router knippert en het lampje voor “Connected” (Verbinding gemaakt), brandt continue. Oplossing: 1. Als het “WAN”-indicatielampje knippert en het “Connected”-indicatielampje brandt maar u geen verbinding met internet krijgt, probeert mogelijk op de computer geïnstalleerde firewall software toegang tot internet te krijgen. Voorbeelden van firewall-software van derden: ZoneAlarm, BlackICE PC Protection, McAfee Personal Firewall, en Norton Personal Firewall.

2. Als u dergelijke software op uw computer hebt geïnstalleerd, zorg er

dan voor dat die software op de juiste wijze is geconfigureerd. U kunt controleren of de firewall-software de toegang tot Internet blokkeert door de software tijdelijk uit te schakelen. Als de internetverbinding goed werkt bij uitgeschakelde firewall moet u de instellingen van de firewall aanpassen.

3. Zie de instructies van de producent van de firewall-software voor het

configureren van de firewall op een manier die de toegang tot het internet mogelijk maakt.Als u nog steeds geen toegang tot internet kunt krijgen nadat u alle firewall software heeft uitgeschakeld, neem dan contact op met de afdeling Technische Ondersteuning van Belkin.115114 Problemen oplossen

Probleem: Ik kan geen draadloze verbinding met het Internet tot stand brengen. Oplossing: Indien u met een draadloze computer geen verbinding met het Internet tot stand kunt brengen, ga dan als volgt te werk:

1. Kijk naar de lampjes op uw router. Indien u gebruik maakt van een router van

Belkin geldt het volgende voor de lampjes:

  • De LED voor de voeding moet nu oplichten.
  • De LED voor “Connected” (Verbinding gemaakt) moet constant branden en niet knipperen.
  • Het “WAN Internet”-lampje zou moeten branden of knipperen.
  • Het “Wireless”-lampje zou moeten branden of knipperen.

2. Open de wireless utility software door te klikken op het pictogram rechts onderin

3. Het precieze venster dat geopend wordt, is afhankelijk van het type draadloze

kaart waarvan u gebruik maakt; onderdeel van alle hulpprogramma’s is echter een overzicht van “Available Networks” (Beschikbare netwerken) de draadloze netwerken waarmee verbinding gemaakt kan worden. Komt de naam van uw draadloze netwerk in dit overzicht voor? Ja, de naam van mijn netwerk wordt vermeld. — Ga naar de paragraaf “Ik kan geen draadloze verbinding met het Internet tot stand brengen maar de naam van mijn netwerk is bekend”. Nee, de naam van mijn netwerk wordt niet genoemd. — Ga naar “Ik kan geen draadloze verbinding met het Internet tot stand brengen en de naam van mijn netwerk is niet bekend”. Probleem: Ik kan geen draadloze verbinding met internet tot stand brengen, maar de naam van mijn netwerk is bekend. Oplossing: Indien de juiste netwerknaam is opgenomen in het overzicht van “Available Networks” (Beschikbare netwerken), volg dan de onderstaande stappen om een draadloze verbinding tot stand te brengen.

1. Klik op de juiste netwerknaam in het overzicht met beschikbare netwerken.

2. Indien voor het netwerk beveiligingsinstellingen (encryptie) zijn geactiveerd, dient

u de netwerksleutel in te voeren. Meer informatie over beveiliging vindt u in het hoofdstuk “WEP-encryptie instellen” (bladzijde 60).

3. Binnen enkele seconden wordt het pictogram in de taakbalk, links onderin uw

scherm, groen. Zo wordt aangegeven dat er een verbinding met het netwerk tot stand is gebracht.115114

Problemen oplossen Hoofdstuk

Probleem: Ik kan geen draadloze verbinding met het Internet tot stand brengen en de naam van mijn netwerk is niet bekend. Oplossing: Doorloop onderstaande stappen als de naam van uw netwerk niet is opgenomen in het overzicht “Available Networks” (Beschikbare netwerken) in de utility:

1. Verplaats, indien mogelijk, de computer tijdelijk op een afstand van

tussen anderhalve en drie meter van de router vandaan. Sluit het hulpprogramma en heropen het. Als de naam van het netwerk nu wel in het overzicht “Available Networks” (beschikbare netwerken) verschijnt, hebt u mogelijk een probleem met het bereik of last van storing. Mogelijke oplossingen hiervoor vindt u in het hoofdstuk “De beste plaats voor uw draadloze G+ MIMO router” in deze handleiding.2. Gebruik een computer die via een netwerkkabel op de router is aangesloten (in plaats van een draadloze verbinding) en zorg dat “Broadcast SSID” is ingeschakeld. Deze instelling vindt u op de pagina voor het configureren van “Channel and SSID” (Kanaal en SSID). Als u nog steeds geen toegang tot Internet kunt krijgen nadat u deze stappen heeft doorlopen, neem dan contact op met de afdeling Technische Ondersteuning van Belkin. Probleem:

  • De prestaties van mijn draadloze netwerk zijn wisselvallig.• De gegevensoverdracht is soms traag.• Het signaal is zwak.• Problemen bij het tot stand brengen/behouden van een Virtual Private Network-verbinding. Oplossing: Draadloze technologie is gebaseerd op radiogolven. Dit betekent dat de connectiviteit en de doorvoersnelheid afnemen naarmate de afstand tussen de apparaten groter is. Andere factoren die een vermindering van de signaalkwaliteit veroorzaken (metaal is meestal de grootste boosdoener) zijn muren en metalen apparaten. Hou er verder rekening mee dat de snelheid van de verbinding af zal nemen naarmate de afstand tot de router (of het accesspoint) groter wordt. Om vast te stellen of problemen met draadloze gegevensoverdracht te maken hebben met afstand, adviseren we u uw computer tijdelijk te verplaatsen, indien mogelijk, op een afstand van 1,5 tot 3 meter van de router.117116 Problemen oplossen

Het draadloze kanaal wijzigen — Het wijzigen van het kanaal kan een positief effect hebben op de prestaties en betrouwbaarheid van uw draadloze netwerk indien ander draadloos verkeer in uw omgeving en interferentie de prestaties van uw netwerk negatief beïnvloeden. Het standaard ingestelde kanaal van de router is

11. Afhankelijk van uw regio kunt u voor verschillende andere kanalen kiezen. Zie

voor meer informatie over het kiezen van een kanaal op pagina 54 het hoofdstuk “Van draadloos kanaal wisselen”. De overdrachtssnelheid verlagen — Het verlagen van de overdrachtssnelheid kan het draadloze bereik en de stabiliteit van de verbinding verhogen. Bij de meeste draadloze netwerkkaarten kan de overdrachtssnelheid aangepast worden. Als u deze eigenschap wilt wijzigen, gaat u naar het “Controle Panel” (Configuratiescherm) in Windows, opent u de map “Network connections” (Netwerkverbindingen) en dubbelklikt u op de verbinding van uw draadloze kaart. Onder “Properties” (Eigenschappen) selecteert u de knop “Configure” (Configureren) op het tabblad “General” (Algemeen). (Gebruikers van Windows 98 dienen de draadloze kaart te selecteren, op Properties (Eigenschappen) te klikken) Vervolgens selecteert u op het tabblad “Advanced” (Geavanceerd) de “Rate Property” (Overdrachtssnelheid). Draadloze cliëntkaarten regelen doorgaans automatisch de draadloze overdrachtssnelheid voor u maar dit kan periodiek onderbreking van de verbinding veroorzaken als het draadloze signaal te zwak is; meestal zijn lagere overdrachtssnelheden betrouwbaarder. Wij raden u aan te experimenteren met verschillende verbindingssnelheden totdat u de beste snelheid voor uw omgeving heeft gevonden. Alle beschikbare overdrachtssnelheden zijn echter geschikt voor Internetgebruik. Raadpleeg voor meer informatie de handleiding bij uw netwerkkaart. Probleem: Ik heb problemen met het installeren van Wired Equivalent Privacy of WEP- beveiliging op een router (of accesspoint) van Belkin Oplossing:

1. Log in op uw draadloze router of accesspoint. Open uw webbrowser en typ

het IP-adres van uw router (of accesspoint in). (De standaardinstelling voor de router is 192.168.2.1. Voor 802.11g accesspoint is dat 192.168.2.254.) Log in op uw router door op de knop “Login” in de rechter bovenhoek van uw scherm te drukken. U wordt gevraagd uw wachtwoord in te voeren. Als u geen wachtwoord hebt ingesteld, vult u dit veld niet in en klikt u op “Submit” (Verzenden). Klik op het tabblad “Wireless”, links op uw scherm. Selecteer het tabblad “Encryption” (Encryptie) of “Security” (Beveiliging) om naar de instellingenpagina voor beveiliging te gaan.

Problemen oplossen Hoofdstuk

3. Nadat u een WEP-encryptiemodus heeft geselecteerd, kunt u uw hexadecimale WEP-sleutel handmatig intypen of een passphrase in het “Passphrase”-veld invoeren en klikken op “Generate” (Genereren) om uit de passphrase een WEP-sleutel te genereren. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om te eindigen. Zorg er nu voor dat al uw cliënten op deze manier zijn ingesteld. Een hexadecimale sleutel is een combinatie van cijfers en letters van A t/m F en 0 t/m 9. Voor 128-bits WEP-encryptie moet u 26 hexadecimale sleutels invoeren. Bijvoorbeeld: C3 03 0F AF 4B B2 C3 D4 4B C3 D4 E7 E4 = 128-bits sleutel4. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om te eindigen. De encryptie in de router is nu ingesteld. U moet nu elke computer in uw draadloze netwerk met dezelfde beveiligingsinstellingen configureren. WAARSCHUWING: Als u de draadloze router (of accesspoint) vanaf een computer met een draadloze cliënt configureert, dient u ervoor te zorgen dat de beveiliging voor die draadloze cliënt is ingeschakeld. Als dat niet gebeurt, krijgt u geen draadloze verbinding. Opmerking voor Mac-gebruikers: De oorspronkelijke Apple AirPort-producten ondersteunen uitsluitend 64-bits encryptie. Apple AirPort 2-producten kunnen 64-bits en 128-bits encryptie ondersteunen. Controleer dus eerst het type Apple Airport-product dat u gebruikt. Als het u niet lukt uw netwerk met 128-bits encryptie te configureren, probeer dan 64-bits encryptie. Probleem: Ik heb problemen met het installeren van Wired Equivalent Privacy (WEP)-beveiliging op een cliëntkaart van Belkin. Oplossing: De cliëntkaart dient de zelfde sleutel te gebruiken als de draadloze router (of het draadloze accesspoint). Als uw router (of accesspoint) de sleutel 00112233445566778899AABBCC gebruikt, dan moet de cliëntkaart exact dezelfde sleutel hebben.

1. Dubbelklik op het signaalindicatorpictogram om het venster “Wireless

Network Utility” te laten verschijnen.

2. Met de knop “Advanced” (Geavanceerd) kunt u meer opties van de kaart

bekijken en deze configureren.3. Nadat u op “Advanced” (Geavanceerd) hebt geklikt, verschijnt de Belkin Wireless LAN Utility. Met dit hulpprogramma kunt u alle geavanceerde functies van de draadloze kaart van Belkin beheren.4. Op het tabblad “Wireless Networks Properties” (Eigenschappen draadloze netwerken) selecteert u een netwerknaam uit de lijst119118 Problemen oplossen

“Available networks” (Beschikbare netwerken) en vervolgens klikt u op de knop “Properties” (Eigenschappen).

5. Selecteer “WEP” onder “Data Encryption” (Dataencryptie)

6. Zorg ervoor dat het selectievakje “The key is provided for me automatically”

(Ik krijg de sleutel automatisch) onderaan niet is aangevinkt. Als u deze computer gebruikt om in te loggen op een bedrijfsnetwerk, vraag dan aan uw netwerkbeheerder of deze optie aangevinkt moet zijn of niet.

7. Typ de WEP-sleutel in in het daarvoor bestemde veld naast “Network Key”

(Netwerksleutel). Belangrijke opmerking: Een WEP-sleutel is een combinatie van cijfers en letters van A tot F en 0 tot 9. Voor 128-bits WEP dient u 26 hexadecimale sleutels in te voeren. Deze netwerksleutel dient overeen te komen met de sleutel die u toekent aan uw draadloze router (of accesspoint). Bijvoorbeeld: C3 03 0F AF 4B B2 C3 D4 4B C3 D4 E7 E4 = 128-bits sleutel

8. Klik op “OK” en vervolgens op “Apply” (Toepassen) om de instellingen op te

slaan. Indien u geen gebruik maakt van een draadloze cliëntkaart van Belkin, raden wij u aan de handleiding die hoort bij uw draadloze cliëntkaart hoort te raadplegen. Probleem: Ondersteunen de producten van Belkin WPA? Oplossing: U moet tevens van de website van Belkin het nieuwste stuurprogramma downloaden voor uw draadloze 802.11g desktop- of notebookkaart van Belkin. Andere besturingssystemen worden op dit moment nog niet ondersteund. De patch van Microsoft ondersteunt uitsluitend apparaten zoals 802.11g-producten van Belkin met stuurprogramma’s die WPA ondersteunen. Download de nieuwste stuurprogramma’s van http://web.belkin.com/support voor de volgende producten: F5D7000, F5D7001, F5D7010, F5D7230-4, F5D7231-4, F5D7130, F5D9010, F5D9050, F5D9230-4 Probleem: Ik heb problemen met het installeren van Wi-Fi Protected Access (WPA) beveiliging op een draadloze router / accesspoint van Belkin voor een thuisnetwerk. Oplossing:

1. Selecteer “WPA-PSK (no server)” (WPA-PSK (zonder server)) in het dropdown-

menu “Security Mode” (Beveiligingsmodus).

2. Selecteer “TKIP” of “AES” als Encryption Technique (Encryptietechniek). Deze

instelling moet voor al uw cliënten hetzelfde zijn.119118

Problemen oplossen Hoofdstuk

3. Voer uw Pre-Shared Key” in. Deze kan bestaan uit 8 tot 63 karakters en

wordt opgebouwd uit letters, cijfers, symbolen en spaties. U dient bij al uw cliënten dezelfde sleutel te gebruiken. Uw PSK kan er als volgt uitzien: “Netwerksleutel familie Jansen”.4. Klik op “Apply Changes” (Wijzigingen aanbrengen) om te eindigen. Ken nu aan al uw cliënten deze instellingen toe. Probleem: Ik heb problemen met het installeren van Wi-Fi Protected Access (WPA) beveiliging op een draadloze cliëntkaart van Belkin voor een thuisnetwerk. Oplossing: Cliënten moeten dezelfde sleutel gebruiken als de draadloze router (of het draadloze accesspoint). Als bijvoorbeeld de sleutel “Netwerksleutel familie Jansen” door de router (of het accesspoint) wordt gebruikt, moeten de cliënten diezelfde sleutel hebben.1. Dubbelklik op het signaalindicatorpictogram om het venster “Wireless Network Utility” te laten verschijnen. Als u op de knop “Advanced” (Geavanceerd) drukt, kunt u meer opties van de kaart bekijken en configureren.2. Nadat u op “Advanced” (Geavanceerd) hebt geklikt, verschijnt de Belkin Wireless Utility. Met dit hulpprogramma kunt u alle geavanceerde functies van de draadloze kaart van Belkin beheren.3. Op het tabblad “Wireless Networks Properties” (Eigenschappen draadloze netwerken) selecteert u een netwerknaam uit de lijst “Available networks” (Beschikbare netwerken) en vervolgens klikt u op de knop “Properties” (Eigenschappen). 4. Selecteer “WPA-PSK (no server)” (WPA-PSK (zonder server)) onder “Network Authentication” (Netwerkauthentificatie).5. Typ de WPA-sleutel in in het veld naast “Network Key” (Netwerksleutel). Belangrijk:WPA-PSK is opgebouwd uit een combinatie van cijfers en letters van A tot Z en 0 tot 9. Voor WPA-PSK kunt u 8 tot 63 tekens invoeren. Deze netwerksleutel dient overeen te komen met de sleutel die u toekent aan uw draadloze router (of accesspoint).6. Klik op “OK” en vervolgens op “Apply” (Toepassen) om de instellingen op te slaan. Probleem: Ik maak GEEN gebruik van een cliëntkaart van Belkin voor een thuisnetwerk en heb problemen met het instellen van Wireless Protected Access (WPA) beveiliging. Oplossing: Als u geen draadloze desktop- of notebooknetwerkkaart van Belkin gebruikt en uw kaart niet voorzien is van software die WPA ondersteunt, dan kunt121120 Problemen oplossen

u van de website van Microsoft kostelooss een bestand downloaden met de naam “Windows XP Support Patch for Wireless Protected Access”. De patch van Microsoft kunt u downloaden door de knowledge base voor Windows XP WPA te doorzoeken. Let op: Dit bestand van Microsoft werkt alleen met Windows XP. Andere besturingssystemen worden momenteel nog niet ondersteund. U moet ook controleren of de producent van de kaart WPA ondersteunt en of u het nieuwste stuurprogramma van hun ondersteuningssite hebt gedownload en geïnstalleerd. Ondersteunde besturingssystemen:

2. Klik met uw rechtermuisknop op het tabblad “Wireless Networks” (Draadloze

netwerken). Zorg ervoor dat de optie “Use Windows to configure my wireless network settings” (Gebruik Windows om de instellingen van mijn draadloze netwerk te configureren) is aangevinkt.

3. Klik in het tabblad “Wireless Networks” (Draadloze netwerken) op de knop

“Configure” (Configureren).

4. Voor gebruik in uw woning of op een klein kantoor, selecteert u onder “Network

Administration” (Netwerkbeheer) “WPA-PSK”. Let op:Selecteer “WPA (with radius server)” (WPA met radiusserver) als u deze computer gebruikt om verbinding te maken met een bedrijfsnetwerk dat een authentificatieserver ondersteunt zoals een radiusserver. Neem voor meer informatie contact op met uw netwerkbeheerder.

5. Selecteer onder “Data Encryption” (Data-encryptie) “TKIP” of “AES”. Deze

instelling moet gelijk zijn aan die van uw draadloze router (of accesspoint).

6. Typ de encryptiesleutel in in het daarvoor bestemde vakje bij “Network Key”

(Netwerksleutel). Belangrijk: Voer uw pre-shared key in. Deze sleutel bestaat uit 8 tot 63 tekens, dit kunnen letters, cijfers of symbolen zijn. U dient bij al uw cliënten dezelfde sleutel te gebruiken.

7. Klik op “OK” om de instellingen op te slaan.

Probleem: Wat is het verschil tussen 802.11b, 802.11g, G+ MIMO en Pre-N? Oplossing: Op dit moment zijn er vier standaarden voor draadloze netwerken, waartussen grote verschillen in overdrachtssnelheden bestaan. Elke norm is gebaseerd op de aanduiding 802.11(x), een benaming die is vastgesteld door het IEEE121120

Problemen oplossen Hoofdstuk

(Institute of Electrical and Electronic Engineers), het Amerikaanse instituut dat verantwoordelijk is voor de ontwikkeling en goedkeuring van ondermeer netwerknormen. De meest gebruikte standaard voor draadloos netwerkverkeer is 802.11b. Deze maakt een gegevensoverdracht van 11 Mbps mogelijk. De standaarden 802.11a en 802.11g maken snelheden tot 54 Mbps mogelijk. G+ MIMO werkt eveneens met snelheden tot 54 Mbps en Pre-N met snelheden tot 108 Mbps. Vergelijkend overzicht van draadloze technologieën Draadloze technologie802.11b G (802.11g)G+ (802.11g met HSM) MIMO(802.11g met MIMO MRC) N1 MIMO (draft 802.11n met MIMO)Snelheid*11Mbps-verbind ingssnelheid/basislijn5x sneller dan 802.11b*10x sneller dan 802.11b*10x sneller dan 802.11b*De snelheid van bedrade netwerken bij een draadloze verbinding*FrequentieDe vrije 2,4GHz-band is gevoelig voor interferentie door stoorsignalen van huishoudelijke apparatuur als draadloze telefoons en magnetronsDe vrije 2,4GHz-band is gevoelig voor interferentie door stoorsignalen van huishoudelijke apparatuur als draadloze telefoons en magnetronsDe vrije 2,4GHz-band is gevoelig voor interferentie door stoorsignalen van huishoudelijke apparatuur als draadloze telefoons en magnetronsDe vrije 2,4GHz-band is gevoelig voor interferentie door stoorsignalen van huishoudelijke apparatuur als draadloze telefoons en magnetronsDe vrije 2,4 GHz-band is gevoelig voor inter ferentie door stoorsignalen van huis-houdelijke apparatuur als draadloze telefoons en magnetrons.Compatibi-liteitCompatibel met 802.11gCompatibel met 802.11b/gCompatibel met 802.11b/gCompatibel met 802.11b/gCompatibel met draft 802.11n** en 802.11b/gBereik*Doorgaans 30–60 m binnenshuisTot 120 m* Tot 210 m* Tot 300 m* Tot 420 m*VoordeelAlgemeen aanvaarde technologie Veel gebruikt – vooral voor het delen van inter netaansluitingenGroter bereik en hogere snelhedenBetere dekking en bereik en constante snelhedenGeavanceerd – beste reikwijdte en doorvoer*Bereik en verbindingssnelheid afhankelijk van netwerkomgeving.**Deze router is compatibel met producten die gebaseerd zijn op dezelfde 802.11n-specificaties. Mogelijkerwijs is een software-upgrade nodig ten behoeve van optimale resultaten.123122 Problemen oplossen

Informatie Hoofdstuk

FCC-verklaring VERKLARING VAN CONFORMITEIT MET DE FCC-VOORSCHRIFTEN VOOR ELEKTROMAGNETISCHE COMPATIBILITEITWij, Belkin International, Inc., gevestigd 501 West Walnut Street, Compton, CA 90220, Verenigde Staten van Amerika, verklaren hierbij dat wij de volledige verantwoordelijkheid aanvaarden dat het product met het artikelnummerF5D9230-4waarop deze verklaring betrekking heeft,voldoet aan Deel 15 van de FCC-voorschriften. Het gebruik ervan is onderworpen aan de beide volgende voorwaarden: (1) het apparaat mag geen schadelijke storingen opwekken en (2) het apparaat moet elke ontvangen interferentie accepteren, waaronder storingen die een ongewenste werking kunnen veroorzaken. Let op: Blootstelling aan radiofrequente straling.Het door dit apparaat afgegeven uitgangsvermogen ligt ver beneden de hiervoor in de FCC-voorschriften vastgelegde grenswaarden voor stralingsfrequenties. Niettemin dient dit apparaat zodanig te worden gebruikt dat bij normaal gebruik de mogelijkheid van persoonlijk contact tot een minimum beperkt blijft. Ook bij het aansluiten van een externe antenne op dit apparaat moet de antenne zodanig worden geplaatst dat bij normaal gebruik de kans op aanraking tot een minimum beperkt blijft. Ter voorkoming van de mogelijkheid dat de in de FCC-voorschriften aangegeven grenswaarden voor de blootstelling aan radiofrequente straling worden overschreden, mogen personen de werkende antenne niet dichter naderen dan tot op een afstand van 20 cm.Kennisgeving van de Federal Communications Commission (FCC)Deze apparatuur is getest en voldoet aan de grenswaarden voor digitale apparaten van Klasse B zoals vastgelegd in Deel 15 van de FCC-voorschriften. Deze normen zorgen bij de installatie in een woonomgeving voor een aanvaardbare bescherming tegen schadelijke interferentie.Deze apparatuur genereert en gebruikt radiofrequente energie en kan deze tevens uitzenden. Als deze apparatuur de radio- of televisie-ontvangst stoort, wat u kunt vaststellen door de apparatuur in- en uit te schakelen, kunt u proberen de storing op te heffen met een of meer van de volgende maatregelen:• Door de ontvangende antenne in een andere richting te draaien of de antenne op een andere plaats te zetten. • Vergroot de afstand tussen de apparatuur en het ontvangende apparaat. • Sluit de apparatuur aan op een stopcontact van een andere groep dan die waarop de ontvanger is aangesloten. • Neem voor advies contact op met de verkoper of een deskundig radio/televisietechnicus.VeranderingenDe Federal Communications Commission eist dat de gebruiker ervoor wordt gewaarschuwd dat elke verandering aan het apparaat die niet uitdrukkelijk door Belkin International, Inc. is goedgekeurd de bevoegdheid van de gebruiker om het apparaat te bedienen teniet kan doen.125124 Informatie

Canada-Industry Canada (IC) De draadloze radio van dit apparaat voldoet aan RSS 139 & RSS 210 Industry Canada. This Class B digital apparatus complies with Canadian ICES-003. Cet appareil numérique de la classe B conforme á la norme NMB-003 du Canada. Kennisgeving betreffende de Europese Unie Radioproducten die voorzien zijn van de CE 0682- of de CE-aanduiding voldoen aan de R&TTE- richtlijn (1995/5/EC) van de Commissie van de Europese Gemeenschap. Het voldoen aan deze richtlijn houdt in dat de betreffende apparatuur beantwoordt aan de volgende Europese normen (de overeenkomstige internationale normen zijn tussen haakjes vermeld).

  • EN 60950 (IEC60950) – Productveiligheid
  • EN 300 328 Technische vereisten voor radioapparatuur
  • ETS 300 826 - Algemene vereisten voor radioapparatuur wat betreft elektromagnetische compatibiliteit. Het gebruikte zendertype is aangegeven op het etiket van het product van Belkin. Producten die zijn voorzien van het CE-merk voldoen aan de Richtlijn voor Elektromagnetische Compatibiliteit (89/336/EEC) en aan de Richtlijn voor Laagspanningsapparatuur (72/23/EEC) van de Commissie van de Europese Economische Gemeenschap. Apparaten die aan deze richtlijn voldoen beantwoorden aan de volgende Europese normen (tussen haakjes zijn de overeenkomstige internationale normen vermeld).
  • EN 60950 (IEC60950) – Productveiligheid Producten die een radiozender bevatten zijn voorzien van het CE 0682- of CE- waarschuwingsmerk en kunnen tevens zijn voorzien van het CE-logo. Beperkte levenslange productgarantie van Belkin International, Inc. Deze garantie dekt het volgende. Belkin International, Inc. garandeert de oorspronkelijke koper van dit Belkin-product dat het product vrij is van ontwerp-, assemblage-, materiaal- en fabricagefouten. De geldigheidsduur van de dekking Belkin International, Inc. garandeert het Belkin-product voor de levensduur van het product. Hoe worden problemen opgelost? Productgarantie. Belkin zal het product dat een defect vertoont naar eigen keus kosteloos (met uitzondering van transportkosten) repareren of vervangen. Wat valt buiten deze garantie? Alle hierin versterkte garanties zijn niet van toepassing als het product van Belkin op verzoek van Belkin niet op kosten van de koper voor onderzoek aan Belkin ter beschikking is gesteld of als Belkin besluit dat het product van Belkin verkeerd is geïnstalleerd, op enige wijze is veranderd of vervalst. De Belkin productgarantie biedt geen bescherming tegen van buiten komend onheil (anders dan blikseminslag), zoals overstromingen, aardbevingen en oorlogsmolest, vandalisme, diefstal, normale slijtage, afslijting, depletie, veroudering, misbruik, beschadiging door netspanningsdalingen (z.g. “brown-outs” en “sags”), ongeoorloofde programmering en/of wijziging van de systeemapparatuur.125124

Informatie Hoofdstuk

Hoe wordt service verleend?Om voor serviceverlening door Belkin in aanmerking te komen, moet u het volgende doen:1. Neem binnen 15 dagen na het voorval schriftelijk contact op met de afdeling Customer Service, Belkin International, Inc., 501 W. Walnut St., Compton CA 90220,of bel (800)-223-5546. Houdt u er rekening mee dat u de volgende gegevens moet kunnen verstrekken: a. Het artikelnummer van het Belkin-product. b. Waar u het product hebt gekocht. c. Wanneer u het product hebt gekocht. d. De originele aankoopbon.2. De medewerker/ster van de Belkin klantenservice zal u vervolgens instructies geven hoe u het aankoopbewijs en het product moet verzenden en hoe u de claim verder af moet wikkelen.Belkin International, Inc. behoudt zich het recht voor het defecte Belkin-product te onderzoeken. De kosten voor verzending van het Belkin-product naar Belkin komen volledig voor rekening van de koper. Als Belkin naar eigen bevinding tot de conclusie komt dat het onpraktisch is de beschadigde apparatuur naar Belkin te verzenden, kan Belkin naar eigen goeddunken een deskundige reparatie-inrichting aanwijzen en deze opdragen de betreffende apparatuur te inspecteren en de reparatiekosten ervan te begroten. De eventuele verzendkosten van het product naar de reparatie-inrichting en van de terugzending naar de koper en van de kostenbegroting komen geheel voor rekening van de koper. Het beschadigde product moet voor onderzoek beschikbaar blijven totdat de claim is afgehandeld. Belkin International, Inc. behoudt zich bij de vereffening van claims het recht voor tot in-de-plaatstreding bij alle geldige verzekeringspolissen waarover de koper van het product beschikt. De garantie en de wet.DEZE GARANTIE OMVAT DE ENIGE GARANTIE VAN BELKIN INTERNATIONAL, INC. EN ER ZIJN GEEN ANDERE GARANTIES, NADRUKKELIJK OF TENZIJ WETTELIJK BEPAALD IMPLICIET, MET INBEGRIP VAN IMPLICIETE GARANTIES OF VOORZIENINGEN VAN VERHANDELBAARHEID OF GESCHIKTHEID VOOR EEN BEPAALD DOEL, EN ZULKE IMPLICIETE GARANTIES, MITS VAN TOEPASSING, ZIJN WAT HUN GELDIGHEID BETREFT TOT DE DUUR VAN DEZE GARANTIE BEPERKT. In sommige staten of landen is het niet toegestaan de duur van impliciete garanties te beperken in welk geval de bovenstaande garantiebeperkingen wellicht niet voor u gelden.ONDER TOEPASSELIJK RECHT IS BELKIN INTERNATIONAL, INC. NIET AANSPRAKELIJK VOOR INCIDENTELE, BIJZONDERE, DIRECTE, INDIRECTE, BIJKOMENDE OF MEERVOUDIGE SCHADE WAARTOE ZONDER ENIGE BEPERKING TE REKENEN SCHADE TEN GEVOLGE VAN GEDERFDE WINST EN/OF GEMISTE OPBRENGSTEN VOORTKOMEND UIT DE VERKOOP OF HET GEBRUIK VAN BELKIN PRODUCTEN, ZELFS ALS DE BETROKKENE VAN MOGELIJKHEID VAN ZULKE SCHADE TEVOREN OP DE HOOGTE WAS GESTELD. Deze garantie verleent u specifieke wettelijke rechten en wellicht hebt u andere rechten die van staat tot staat kunnen verschillen. In sommige staten en landen is het niet toegestaan incidentele, gevolg- en andere schade uit te sluiten, reden waarom de bovenstaande garantiebeperkingen wellicht niet voor u gelden.© 2007 Belkin International, Inc. Alle rechten voorbehouden. Alle handelsnamen zijn geregistreerde handelsmerken van de betreffende rechthebbenden. Mac, Mac OS, Apple en AirPort zijn handelsmerken van Apple Computer, Inc. die gedeponeerd zijn in de Verenigde Staten en in andere landen. Windows, NT en Microsoft zijn in de Verenigde Staten en/of andere landen geregistreerde handelsmerken of handelsmerken van Microsoft Corporation. P74880df-A Draadloze G+ MIMO router Gratis technische ondersteuning