DIAG38APX - Universele zender DIAGRAL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DIAG38APX DIAGRAL in PDF-formaat.
| Producttype | Universele externe zender voor alarmsysteem |
| Merk | DIAGRAL |
| Model | DIAG38APX |
| Afmetingen (L x H x D) | 150 x 85 x 35 mm |
| Gewicht | 224 g |
| Voeding | 3 LR06 alkalinebatterijen (1,5 V) meegeleverd |
| Levensduur | 4 jaar |
| Bedrijfstemperatuur | -20 °C tot +70 °C |
| Beschermingsgraad | IP54 / IK04 |
| Gebruik | Buiten (kabels naar beneden, minstens 1 m boven de grond) |
| Connectorklem nr. 1 (externe contacten) | Tot 5 NC of NO contacten, max lengte 10 m, met mogelijke zelfbeveiliging |
| Connectorklem nr. 2 (technische sondes) | Aansluiting van overstromingssondes (SONIN), stroomstoring (SONCS), vriezerstoring (SONPC) |
| Zelfbeveiliging | Openen van de behuizing en lusonderbreking (indien zelfbeveiligd contact) |
| Testknop | Geïntegreerd (kort indrukken = batterij-/ledtest; lang indrukken = radio-uitzending) |
| Testled | Rood (brandt tijdens tests en activering) |
| Programmering | Via alarmcentrale (parameters: sensortype, detectortype, inhibitie, alarmniveau) |
| Aanleerproces | Op afstand (minimaal 2 m van de centrale) |
| Toepassingen | Openingsdetectie (poort, garagedeur), doorgang (mat), rolluik, glasbreuk, technische schade (overstroming, stroomstoring, vriezer) |
| Garantie | Verlenging mogelijk via registratie op http://garantie.diagral.fr |
| Onderhoud | Periodiek de overstromingssonde reinigen; batterijen vervangen bij spanningsalarm |
| Bevestiging | Bevestigingssteun en schroeven meegeleverd; boring Ø6 mm; verticale oriëntatie verstelbaar |
Veelgestelde vragen - DIAG38APX DIAGRAL
Gebruikersvragen over DIAG38APX DIAGRAL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Universele zender in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DIAG38APX - DIAGRAL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DIAG38APX van het merk DIAGRAL.
GEBRUIKSAANWIJZING DIAG38APX DIAGRAL
1.Voorstelling 44
2.Voorbereiding. 46
- Programming 47
3.1.Universese zender verbonden aan DIAG38APX. 48
3.2.Universese zender verbonden aan D8921 50
3.3.Universese zender verbonden aan MAA01X 51
3.4.Universese zender verbonden aan D8926. 52
3.5. Universezenderverbonden aan SONIN,SONCS,SONPC..... 53
4.Aanleren 54
5.Aansluting. 56
5.1 Aansluiting van een vloercontact DIAG38APX 56
5.2 Deursensor met große speling D8921 57
5.3 Rolluiksensoren MAA01X 57
5.4 Contacttaptijt D8926 58
5.5 Technische sondes : overstroming, stroomonderbreking en diepvriespanner 58
- Bevestiging 61
6.1 Voorzorgen bijplaatsing 61
6.2 Bevestiging van de universele zender 61
7.Test 62
8. Batterijvervanging 64
9. Technische kenmerken 65
1. Voorstelling
De externe universe zender maakt het aansluiten möglichk van verschillende contacten NG (detector voor garagedeur, grote speling,...) een contact NO (waterdicht contacttapijt) of technische sondes (overstroming, diepvriespanne, stroomonderbreking).
Hij kan zowel buiten als in vochtige ruimtes gebruikt worden. Hij is uitgerust met :
- een aansluitklem n^1 waarop exter nete contacten NG of NO kannen aangesloten worden,
- een aansluitklem n^ 2 waarop een technische Sonde kan aangesloten worden,
- een testknop,
- aan testcontrollampje.

OPGELET: de tweete aansluitklemmen können nicht gelijktijdig gebruikt worden.
Toepassingen : inbraakdetector: aansluitklem n°1
- Openingsdetector: gebruik van een openingscontact (overhangend, ingebouwd, met große speling,...).
- Doorgangsdetector: gebruik van een waterdicht contacttapijt.
- Rolluiksensor: geleruik van een specifieke sensor voor rolluiken.
- Glasbreukdetector: gebruik van een piezo-elektrische glasbreukdetector.
Toepassingen: technische detectie: aansluitklem n^2
Gebruik van een sensor voor huishoudelijkke schade (de sensoren voor huishoudelijkke schade werken 24u/24 ongeacht de in- of uitschakelingen van de inbraakbeveiliging:
- overstroming, referentie SONIN: treedt in werkig bij een waterniveau hoger dan 2 mm.
- stroomonderbreking, referentie SONCS: treedt in werkung bij een stroomonderbreking die langer dan 18 min. +/- 20% (korte stroomonderbreking) of langer dan 5 uur +/-20% duurt (lange stroomonderbreking)
- diepvriespanne, referentie SONPC: treedt in werkung bij een temperatuur hoger dan - 12^ .
Toepassingsvoorbeelden:
Voorbeeld n^1
openingsdetectie op een hekje (gebruik van aansluitklem n^1 ).

Voorbeeld n^2
overstromingsdetectie via een technische sonde (gebruik van de aansluitklem n^2 ).

2. Voorbereiding
- Haal het deksel weg.
- Trek de detectorkabel door een van de membranen.
- Sluit de 3 bijgeleverde alkalibatterijen LR06 aan. De detector zal een autotest doorvoeren waar bij het controleampje gedurende 2 sec. zal branden.

Garantielabel
Vervolgens, registreer uw product op http://garantie.diagral.fr om van de garantieverlenging te kunnen genieten.
Referentie van het product
DIAG80ADX
6827
170100123456A
DIAG80ADX
6827
170100123456A
Serienummer

3. Programming
Via de programmering van de universele zender bepaalt men zijn werkinq in functie van de doorgevoerde aansluiting:
- aansluiting van een extern contact: werkig als inbraakdetector
- aansluiting van een technische Sonde : werkig als een technische detector
Om de werkking van de zender te programmeren:
- kies het parameternummer dat overeenstemt met het detectortype,
- kies de parameterwaarde die overeenstemt met de gekozen aansluiting.
De keuze gebeurt met behulp van het overzicht hieronder:
| Soort parameterring | Parameter-number | Mogelijkke programmierungen | Parameter-waarde | Toepassingen |
| Soort sensor | 1 | Sensor zonder toegangsbeheer NO | 6 | Alle toepassingen met uitzondering van openingsdetector voor woningen |
| Sensor zonder toegangsbeheer NG | 7 (fabrieks-configuratie) | Alle toepassingen | ||
| Sensor met toegangsbeheer | 9 | Openingsdetector | ||
| Rolluiksensor | 12 | Rolluiikdetector | ||
| Technische sonde | 13 | Detectie van huishoudelijk schade | ||
| Soort detector | 2 | Detector die de toegang van een wonig Niet beveiligelt | 1 (fabrieks-configuratie) | Rolluikdetector Openingsdetector Glasbreukdetector Contacttapijt |
| Detector die de toegang van een wonig beveiligelt | 2 | Openingsdetector | ||
| Technische detector | 6 | Overstromingsdetector Stroomonderbekingsdetector Detector voor diepvriespanne | ||
| Soort parameterring | Parameter-number | Mogelijke programmeringen | Parameter-waarde | Toepassigen |
| Inhibiteit gedurenche90 sec. | 3 | Inactief | 1 | Geen enkele inhibitie |
| Actief | 2(fabrieks-configatie) | Inhibitie van de detector gedurenche90 sec. na de eerste doorzending | ||
| Alarmniveau | 4 | Inbstraak | 1(fabrieks-configatie) | Alarmniveau beheerd doorde centrale |
| Luid vooralarm | 2 | |||
| Zwak vooralarm | 3 |
OPGELET: het alarmniveau heeft geen betrekking op een universele zender verbonden aan technische sondes.
3.1. Universele zender verbonden aan DIAG38APX
Programming van een sensor met toegangsbeheer NG (parameternummer 1 en parameterwaarde 9) als een detector die een toeing van een woning za beveiligien (parameternummer 2 en parameterwaarde 2) en geen enkele inhibitie (parameternummer 3 en parameterwaarde 1).



3.2. Universezenderverbonden aan D8921
Programming van een sensor zonder toegangsbeheer NG (parameternummer 1 en parameterwaarde 7) als een detector die geen toegang tot de woning zal beveiligien (parameternummer 2 en parameterwaarde 1).


3.3. Universese zender verbonden aan MAA01X
Programming van een rolluiksensor (parameternummer 1 en parameterwaarde 12) als detector die geen toegang tot woning za beveiligden (parameternummer 2 en parameterwaarde 1).


3.4. Universele zender verbonden aan D8926
Programming van een sensor zonder toegangsbeheer NO (parameternummer 1 en parameterwaarde 6) als een detector die geen toegang van de woning za beveiligigen (parameternummer 2 en parameterwaarde 1).


3.5. Universele zender verbonden aan SONIN, SONCS, SONPC
Programming van een technische sonde (parameternummer 1 en parameterwaarde 13) als een technische detector (parameternummer 2 en waarde 6).


4. Aanleren
OPGELET:ijdens het aanleren is het onnodig het aan te leren toestel zich bij de centrale teplaatsen; we raden u in tegendeel aan om een beetje op afstand te gaan staan (plaats het toestel op minstens 2 meter afstand van de centrale).
Dankzij het aanleren herkent de centrale de detector.
1 Neem het deksel van de centrale weg om toegang te krijgen tot het toetsenbord voor de programmering. Hiervoor要去 u:
A. op de knop duwen om het deksel los te koppelen

B. het deksel 90^ maar beneden openen en wegnen.

2 Plaats de centrale in installmentemodus via de volgende code:


3 Voer de volgende aanleringsprocedure ui:
A. Voor een technische detectie:

B. Voor een inbraakdetector:

Voorbeeld: aanleren van de eerste detector verbonden met groep 2 en met onmiddelijk je inwerkingtreding.

4 Verifieer het aanleren.
Druk op de testtoets van de detector tot de centrale via een gesproken bericht de gekozen programmering weergeeft.

Langdurige druk tot aan het antewoord van de centrale
"bip, test technische detector X"
"bip, test detector X, groep Y, onmiddelijk of vertraagd"
Indien de centrale nicht reageert zoals verwacht, herneem dan het aanleren van de detector van bij het begin.
- Plaats het deksel terug op de centrale of voer het aanleren van de andere detectors door.
5. Aansluiting
OPGELET: ontkoppel de alkalibatterijen vór het doorvoeren van de aansluitingen.
De aansluitklemmen
De aansluitklemmen n^1 en n^2 hebben elk 3 klemmen.

Aansluitklem n^ waarop de sensoren op afstand hunnaaagsloten worden.

Aansluitklem n^ 2 waarop een technische
sonde kan aangelseoten worden
5.1 Aansluiting van het vloercontact DIAG38APX
- Het beschermingsomhulsel aanbrengen
Schuif de kabel in het beschermingsomhulsel (length 1 m) totdat hij blokkeert.
Aansluiting
- Sluit de tweetleurige draden (rood-groen) aan op de aansluitklemmen NO/NF en COM (aansluiting van het vloercontact aan de detector).
- Sluit de tweekleurige draden (geel-zwart) aan op de aansluitklemmen AP en COM (zelfbeveiliging gegen het doors)


- Bevestiging
Bevestig de sokkel van het voercontact op de grond rechts of links van uw garagedeur. Het contact moet parallel met de as van de gesloten deur geplaatst worden en zodanig dat het beschemmingsomhulsel Niet door
de autobanden worden verplefterd (schroeven nicht bijgeleverd).

5.2 Deursensor met große speling D8921
- Plaatsen

Gekabelde zelfbeveiligde NG contacten in series

5.3 Rolluiksensor MAA01X
- Bevestiging
De sensor worden via 4 bevestigingspunten op de rolluikkast bevestigd.
- Trek het rolluik hebemaal tot boven op.
- Open de rolluikkast.
- Plaats de sensor op één van de uiteinden van de rolluikkast zodanig dat de detectorkabel zich zo zich mogelijk bij de opening van de rolluikkast bevindt. De kabel要去 beweging van het

rolluik volgen. Verifieer of de rolluikbeweging Niet gehinderd worden door de sensor.
- Doe het rolluik maar beneden en LAST een opening van 20 tot 30 cm.
- Bevestig de sensor in de 4 bevestigingspunten met behulp van zelfborende schroeven.
- Sluit de 3 verbindingsdraten van de sensor aan de aansluitklem van de detector aan waar bij u de kleuren respecteert. (zie schema hieronder).
- Bevestig de detector met behulp van de 2 bijgeleverde schroeven, bij voorkeur aan de buitenkant van de rolluikkast.
Aansluiten
Om de voortplanting van de radiogolven van de detector Niet te verhinderen:
- vermijd dat het rolluiksnoer langs de detector heb loopt.
- Wijzig het snoertrajectory en/of de snoerlengthe indien de

voortplanting van de radiogolven Niet voldoende is.
OPGELET: de selbstbeveiliging van het circuit is Niet möglich bij het aansluien van een rolluiksensor.
5.4 Contacttapijt D8926
Aansluiting

5.5 Technische sondes : overstroming, stroomonderbreking, diepvriespanne
Aansluiting

- Bevestiging
Elke sonde is met de externe universe zender verbonden via een platte verbindingskabel (length 1 m 20) die bij de bevestiging goed gespannen要去en. De kabel heeft een aansluieter die diest doet als veiligheidsvoorziening waardoor de aansluitingen van de sondes op de
universele zender gemakkelijk doorgevoerd können worden.
OVERSTROMINGSSONDE
① Grond.
② Metalenplaat.
③ Schroef.
④ Plug.
⑤ Plint.
⑥ Muur.
⑦ Sonde.
⑧ Magnet.
De sonde kan, volgens de klantenbehoeften, zowel horizontal als verticaal op

de grond geplaatst worden om een waterniveau van minstens 2mm op te sporen. De verticale positie vereenvoudigt een detectie van een hogere waterstand (sonde hoger dan de grond geplaatst)
In elk geval dient u de bijgeleverde metalen plaat te bevestigen en de sonde er gegen te plakken met behulp van de magneet.
- Bepaal op de plint (verticalbevestiging) of op de grond (horizontal bevestiging) het bevestigingspunt van de metalen plaat in functie van de gekozen detectiehoogte. Voor de verticalaageplaatste sonde moet het bevestigingsgaatje van de metalen plaat zich bovenaan bevinden.
Voor een detectie van een
waterniveau van 2 mm要去 onderkant van de plaat op 1 tot 2 cm boven de grond geplaatst worden.
- Voor een detectie van een waterniveau hoger dan 2mm 要去 de metalenplaat op de gewenste hoogte geplaatst worden.

- Bevestig de metalenplaat met behulp van een schroef die aangepast is aan de wand.
- Plaats de sonde met de magneet op de metalenplaat.
Opmerking: om het onderhoud te vereenvoudigen, is de sonde wegneembaar. Het is aangeraden de sonde regelmatig te reinigen om een stofophoping:tussen de sonde en de grond te vermijden.
SONDE VOOR DIEPVRIIESPANNE
① Sonde.
② Verbindingskabel.
③ Kabeldoorgang.
④ Gleuf van de kabendoorgang.
Diepvriesdichting.
- Open de diepvriezer en plaats de sonde temidden van de diepvriesproducten.
- Om vriesverlies te vermijden, is het möglichk om een kabeldoorgang te gebruiken (bijgeleverd met
- De kabel in de gleuf van de kabeldoorgang glijden en deze op diepvriesdichting plakken.

SONDE VOOR
STROOMONDERBREKING
① Stekker.
② Te beschermen toestel.
③ Stopcontact.
④ Ver bindingskabel
⑤ Uorschakelaar.
⑥ Uurschakelaar op 5 u.
⑦ Uurschakelaar op 18 min.
- De stekker worden


geplaatst voór het toestel waarvan de voeding worden gecontroleerd (bijv. de diepvriezer). In geval van stroomonderbreking, reageert de sonde ofwel na een stroomonderbreking van 18 min., ofwel na een stroomonderbreking van 5=uur. De keuze gebeurt via de schakelaar die zich onderaan op de stekker bevindt.
- Na de keuze van de tijsduur ⑥ of ⑦ , dient men de stekker voor het te beschermen toestel aan te sluiten.
6. Bevestiging
6.1 Voorzorgen bijplaatsing
OPGELET: respecteer een afstand van minstens 2 meterussen elk toestel,behaleussen twee detectors.
Indien de universe zender buitenshuis op minstens 1 m van de grond geplaatst worden,要去 hij bevestigd worden met de kabels maar beneden gezicht.
Plaats uw universele zender Niet:
- onmiddelijk op een metalen wand,
- op minder dan 1 meter van een waterleiding.

6.2 Bevestiging van de universe zender
- Plaats het
bevestigingsprofil op de Voorziene plaat en duidt met een potlood de bevestigingspunten op de muur aan. - Boor met een 6 mm boor.
- Bevestig het profiel met behulp van aangepaste pluggen en schroeven.
- Pas de verticale orientatie via het sluitringetje aan.
- Haak de sukkel van de universele zender vast op het bevestigingsprofiel en draai cervolgens de bijGeVeverde klemschroef vast.


Pozidriv 1
OPGELET: om de mechanische beschermingsindex te garanderen, moet men de montagevolgorde respecteren.
- Sluit de 3 bijgeleverde alkalibatterijen LR06 aan. De detector zal een autotest doorvoeren waarbij het controelampje gedurende 2 sec. zal branden.
7. Test
- De batterijen testen
Via een korte druk op de testtoets kan men de batterijstatus controleren. Het rode controleampje za branden.
- De radioverbindungen testen
De centrale要去zich in installatiemodus bevinden om这点estuit te voeren. Een langedruk op de testknop (ongeveer 3 sec.)verooraakt de verzending van een "testbericht".

- Het circuit testen
Bij elke activering van het circuit za het controelampje branden. Om de detectie van het openen van het hekje te verifiernen:
- druk kort op de testknop,
- activeer de openingsdetector (activering van het contact NG). Het testcontrolelampje gaat branden,
- schakel de detector uit (contact NG in rusttoestand). Het testcontrolelampje gaat uit.
-
Een huishoudelijkke schade simuleren:
-
overstroming: dompel de 2 contacten van de sonde onder water. 2 sec. later spoort deze Sonde een overstroming op.
-
diepvriespanne: plaat de sonde gedurende ongeveer 1aar in de diepvriezer opdat deze verzelfde temperatuur zar hebben als de bevroren eetwaren. (-18^) . Neem de sonde uit de diepvriezer weg. Een tiental minuten later zar de temperatuur van de sonde boven de - 12^ stijgen en zar de sonde dus een diepvriespanne opsporen.
-
stroomonderbreking: steek de stekker gedurende 15 min. in het stopcontact alvorens hem eruit te trekken om een stroomonderbreking te simuleren. Na 18 min. +/-20% of 5 u +/- 20% (volgens de configuratie), zal de sonde een stroomonderbreking opsporen.
-
Plaats de sonde weer op haar definitieve plaats.
-
overstroming: de sonde afdrogen en weeer op de metalen plaatplaatsen,
- diepvriespanne: plaat de sonde opnieuw in de diepvriezer. Wanneer de temperatuur weeonder -14^ daalt, schakelt de sonde zich UIT.
- stroomonderbreking: steek de stekker werk in het stopcontact.
- Sluit het deksel
Plaats het deksel op de dokkel en bevestig het met behulp van de 2 bijgeleverde plastic schroeven.

- Zet de centraleteringug in gebruiksmodus door op het toetsbord het volgende te drukken:

8. Batterijvervanging
Spanningsstoring
Na een systeembesturing zal de centrale het gesproken bericht geben:
"Bip, spanningsstoring detector X, bip, spanningsstoring technische detector X"

Om de batterijen te verrangen:
- Zet de centrale in installmentemodus door op het toetsenbord het volgende te drukken:

De programmering van de detector blijft bewaard na een batterijvervanging.
- Open de detectorbehuizing.
- Haal de 2 lege batterijen weg.
- Wacht 2 min. alvorens de 3 neue alkalibatterijen terug in het batterijvakje te steken waar bij u de polariteit respecteert.
- Sluit de detector.
- Zet de centrale terug in gebruiksmodus door op het toetsenbord het volgende te drukken:

Het isoodzakelijk de bijgeleverde batterijen te verrangen doorgelijkaardige alkalibatterijen.Werp de lege batterijen in de waarvoordoorziene recycleercontainers.

| Technische kenmerken | Externe universe zender |
| Aansluitklem voor contact op afstand | aansluitklem n° 1 |
| Aansluitklem voor technische sonde | aansluitklem n° 2 |
| Maximum,aantal contacten op afstand (aansluitklem n° 1) | 5 |
| Maximale lengte van het aansluitingscircuit | 10 m |
| Gebruik | buitenshuis |
| Voeding | 3 alkalibatterijen LR06 |
| Autonomie | 4aar |
| Drukknop voor test | 1 (aan de binnenNZijde) |
| Testcontrolelampje | 1 (aan de binnenNZijde) |
| Werkingsttemperatuur | van -20°C tot + 70°C |
| Zelfbeveiliging | • tegen het openen van de behuizing• tegen het doornijden van het circuit (indien de aansluiting van het contact op afstand zichbeveiligid is) |
| Mechanische beschemingsindex | IP 54 / IK 04 |
| Afmetingen | 150 x 85 x 35 |
| Gewicht | 224 g |
Uw suggests interesseren ons
Indien u opmerkingen hebt ter verbetering van once handledingen en once producten, aarzel dan Niet deze schriftelijk of per e-mail (info@hager.be) op te sturen, waar bij u de aankoopdatum van uw materiaal meedeelt. Alvast bedankt. Om advies te verkrijgenijdens het installereren van uw alarmsysteme of alvorens uw materiaal terug te brengenaar deplaats waar u het gekocht heeft, kan u steedsterecht op once website www.diagral.be waar u anteboorden vindt op de meest gestelde vragen, de belangrijkste technische handleidingen, de video's die u zullen helpen bij de indienststellng...
Bewaar zorgvuldig uw aankoopbewijs of kassaticket, het dient tevens als garantiebewijs.
Hierbij verklaart Hager Security SAS dat de radio-elektrische apparatuur, met referentie DIAG80ADX conform de vereisten is van de richtlijn RE-D 2014/53/EU.
De volledige tekst van de EU-Conformiteitsverklaring is beschikbaar op het internetadres: www.diagral.com.
Niet-contractueel document, onderworpen aan wijzigingen zonder voorafgaande kennisgeving.