CARDIO MASTER connecté - Hometrainer CARE FITNESS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis CARDIO MASTER connecté CARE FITNESS in PDF-formaat.

📄 54 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice CARE FITNESS CARDIO MASTER connecté - page 45
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : CARE FITNESS

Model : CARDIO MASTER connecté

Categorie : Hometrainer

Download de handleiding voor uw Hometrainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CARDIO MASTER connecté - CARE FITNESS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CARDIO MASTER connecté van het merk CARE FITNESS.

GEBRUIKSAANWIJZING CARDIO MASTER connecté CARE FITNESS

● Druk in de “Stop”-modus op de ENTER-toets om het programma te selecteren en de waarde in te stellen die knippert in het bijbehorende venster. A: Druk na het selecteren van het programma op Enter om het door u gekozen programma te bevestigen. B: Druk na het instellen op ENTER om de waarde die u vooraf wilt instellen te bevestigen. ● Druk in de “Start”-modus op ENTER om te kiezen voor weergave van de snelheid of de omwentelingen/minuut of automatische afwisseling daarvan. 2.START/STOP: ● Druk op de START/STOP-toets om de programma's te starten of te stoppen. ● Houd deze toets in een willekeurige modus 2 seconden ingedrukt om de computer helemaal te resetten.

● Druk in de “Stop”-modus, terwijl het symbool met de puntenmatrix knippert, op deze toets om het zwaardere programma te kiezen. Druk op deze toets om de waarde te verhogen als de waarde in het bijbehorende venster knippert. ● Druk in de “Start”-modus op deze toets om de trainingsweerstand te verhogen.

● Druk in de “Stop”-modus, terwijl het symbool met de puntenmatrix knippert, op deze toets om het lichtere programma te kiezen. Druk op deze toets om de waarde te verlagen als de waarde in het bijbehorende venster knippert. ● Druk in de “Start”-modus op deze toets om de trainingsweerstand te verlagen.

● Begin met het controleren van uw huidige hartslag en het weergeven van uw hartslag en druk dan op deze toets om naar de recuperatietest van de pols te gaan. ● Druk op deze toets om deze modus te sluiten wanneer het apparaat in de modus 'recuperatie pols' staat. OPMERKING : Om op de toets UP, DOWN te drukken of deze te laten draaien moet een ander model worden gevolgd. Aangeraden wordt om met uw vinger de binnenkant van het gemarkeerde gebied te bedekken om de functies te selecteren in geval van een verkeerde actie. Functies Snelheid KM/U (M/U): geeft uw huidige snelheid weer. Bereik: 0,0~99,9 KM/U (M/U). RPM: geeft het huidige aantal omwentelingen/minuut aan. Bereik: 0~999. TIME: totale duur van de oefening, bereik: 0:00~99M59S. Het vooraf ingestelde bereik voor de duur is: 05:00~99M00S. De computer begint met terugtellen vanaf de vooraf ingestelde duur naar 0:00, met de gemiddelde duur van elk weerstandsniveau. Zodra de nul bereikt is, stopt het programma en gaat het alarm van de computer af. Als u de duur niet vooraf instelt, werkt hij met een minuut korter voor elk weerstandsniveau. DIST: totaal afgelegde afstand tijdens de oefening. Bereik: 0,0~99,9~999 KM (MIJL). Vooraf ingesteld bereik: 1,0~99,0~999. Zodra de afstand op nul uitkomt, stopt het programma en laat de computer een alarmsignaal horen. CALORIE: het totale aantal verbrande calorieën tijdens de oefening. Bereik: 0,0~99,9~999. Vooraf ingesteld bereik calorieën: 10,0~90,0~990. Zodra het aantal calorieën op nul uitkomt, stopt het programma en laat de computer een alarmsignaal horen. PULSE: snelheid van de hartslag tijdens de oefening. Bereik: 60~240 BPM (slagen per minuut) RESISTANCE LEVEL: weerstandsniveau. Bereik: 1~16 WATT: geeft het vermogen in Watt aan van de oefening. De interval moet liggen tussen 30 en 350, met stappen van 10.

1. Sluit het ene uiteinde van de adapter aan op de elektriciteitstoevoer en sluit het andere aan op de fiets.

De computer geeft een piepsignaal en gaat naar de startmodus.

2. Een programma selecteren en een waarde instellen

● Handmatig programma en vooraf ingestelde programma's P1~P10 A. Druk op de toets UP, DOWN om het door u gewenste programma te selecteren. B. Druk op de ENTER-toets om het geselecteerde programma te bevestigen en naar het scherm te gaan voor het instellen van de duur. C. De duur begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste duur in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. D. De afstand begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste afstand in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. E. Daarna begint het aantal calorieën te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om het aantal calorieën in te stellen dat u wilt verbranden. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. F. Druk op START/STOP om te beginnen met de oefening. ● Persoonlijke programma's: CUSTOM1~CUSTOM5 (P11-P15) A. Druk op de toets UP, DOWN om de gebruiker te selecteren. B. Druk op ENTER om uw keuze te bevestigen en naar het scherm te gaan voor het instellen van de duur. C. De weergave van de duur begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste duur voor de oefening in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. D. De afstand begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste afstand in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. E. Daarna begint het aantal calorieën te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om het aantal calorieën in te stellen dat u wilt verbranden. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. F. Het eerste weerstandsniveau begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste weerstand in te stellen. Druk op ENTER om te bevestigen. Herhaal daarna de handeling hierboven om de weerstandsniveaus 2 tot 10 in te stellen. G. Druk op START/STOP om te beginnen met de oefening. De recuperatietest van de pols bestaat uit het vergelijken van uw hartslag voor en na de training. Het doel is de conditie van uw hart te bepalen met behulp van de meting. Voer de test als volgt uit: ● Programma voor het controleren van het vermogen in Watt (WATT PRO:P16) A. Druk op UP, DOWN om het programma voor het controleren van het vermogen in Watt te selecteren. B. Druk op de ENTER-toets om het programma voor het controleren van het vermogen in Watt te bevestigen en naar het scherm te gaan voor het instellen van de duur. C. De duur begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste duur in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. D. De afstand begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste afstand in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. E. Daarna begint het aantal calorieën te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om het aantal calorieën in te stellen dat u wilt verbranden. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. C. De weergave van het aantal Watt begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om het gewenste vermogen voor de training in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. G. Druk op START/STOP om te beginnen met de oefening. OPMERKING : De WATT-waarde wordt bepaald door het koppel en het aantal omwentelingen/minuut. In dit programma blijft de WATT-waarde constant. Als u dus snel trapt, neemt de weerstand af en als u langzaam trapt, wordt de weerstand hoger om dezelfde waarde in Watt te behouden. ● PROGRAMMA VOOR HET CONTROLEREN VAN DE HARTSLAG: 55% H.F., 75% H.F. en 95% H.F. (PULSE PRO: P17-P19) De maximale hartslag hangt af van de leeftijd en dit programma garandeert u een gezonde fysieke oefening zonder overschrijding van uw hartslag. A. Druk op de toets UP, DOWN om het programma voor controle van de hartslag te kiezen. B. Druk op de ENTER-toets om het programma voor controle van de hartslag te bevestigen en naar het scherm te gaan voor het instellen van de leeftijd (AGE). C. De duur begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste duur in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. D. De afstand begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste afstand in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. E. Daarna begint het aantal calorieën te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om het aantal calorieën in te stellen dat u wilt verbranden. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. F. De leeftijd begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste leeftijd van de gebruiker in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. G. Wanneer het programma voor controle van de nagestreefde hartslag knippert, geeft de computer de nagestreefde hartslag van de gebruiker weer op basis van zijn leeftijd. H. Druk op START/STOP om te beginnen met de oefening. ● PROGRAMMA VOOR CONTROLE VAN DE HARTSLAG: NAGESTREEFDE HARTSLAG (PULSE PRO: P20) De gebruiker kan elke hartfrequentie invoeren voor het uitvoeren van de oefening. A. Druk op de toets UP, DOWN om het programma voor TARGET HEART RATE [nagestreefde hartslag] te kiezen. B. Druk op ENTER om uw keuze te bevestigen en naar het scherm te gaan voor het instellen van de duur. C. De weergave van de duur begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste duur voor de oefening in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. D. De afstand begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de gewenste afstand in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. E. Daarna begint het aantal calorieën te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om het aantal calorieën in te stellen dat u wilt verbranden. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. F. De nagestreefde hartslag begint dan te knipperen; druk op de toets UP, DOWN om de nagestreefde hartslag in te stellen. Druk op ENTER om de waarde te bevestigen. G. Druk op START/STOP om te beginnen met de oefening. OPMERKING : Tijdens de oefening is de hartslagfrequentie van de gebruiker afhankelijk van het weerstandsniveau en de snelheid. Het programma voor controle van de hartslag maakt het mogelijk te garanderen dat uw hartslag de vooraf ingestelde waarde niet overschrijdt. Wanneer de computer detecteert dat uw huidige hartslag hoger is dan de vooraf ingestelde waarde, verlaagt hij automatisch het weerstandsniveau. U kunt de oefening ook langzamer uitvoeren. Wanneer uw huidige hartslag lager is dan de vooraf ingestelde waarde, verhoogt hij de weerstand. U kunt de training ook sneller uitvoeren. A. Wanneer u uw handpalmen op de hartsensoren zet of wanneer u de draadloze band voor het meten van de pols gebruikt (indien van toepassing), geeft de computer de huidige snelheid van uw pols weer. B. Druk op RECOVERY om naar de recuperatietest voor de pols te gaan; de computer gaat dan naar de “Stop”-modus. C. Blijf de polsslag meten. D. Er start dan een terugtelling van 60 seconden. E. Na het terugtellen wordt het testresultaat (F1-F6) weergegeven op het scherm. F1 = Uitstekend; F2 = Goed; F3 = Redelijk; F4 = Lager dan gemiddeld; F5 = Net voldoende; F6 = Slecht F. Wanneer de computer uw hartslag niet gedetecteerd heeft, is het niet mogelijk om met een druk op RECOVERY naar de recuperatietest van de pols te gaan. B. Druk tijdens de recuperatietest van de pols op RECOVERY om de test te stoppen en terug te gaan naar de “Stop”-modus.

4. Meting van de pols

Zet uw handpalmen op de contactpunten; de computer geeft dan na 3 of 4 seconden uw hartslag weer op het lcd-scherm in aantal slagen per minuut (BPM). Tijdens de meting knippert een pictogram in de vorm van een hart en wordt de weergave van een elektrocardiogram gesimuleerd. Opmerking: Tijdens het metingsproces van de pols kan de waarde van de meting als gevolg van storingen in het begin instabiel zijn, maar deze komt daarna weer terug op zijn normale niveau. De waarde van de meting mag niet gebruikt worden als grondslag voor een medische behandeling. OPMERKING : Wanneer de computer ook is uitgerust met een systeem voor draadloze meting van de hartslag (door middel van een band met zender) en met de functie voor detectie van de polsslag in de handen, heeft het signaal van het tweede systeem de voorkeur. Programma: 21 programma's als volgt A: 1 handmatig programma B: 10 vooraf ingestelde programma's (PROGRAM:P1-P10) P1: ROLLING [heuvelachtig terrein]; P2: VALLEY [dal]; P3: FATBURN [vetverbranding]; P4: RAMP [bergopwaartse helling]; P5: MOUNTAIN [berg]; P6: INTERVAL [interval]; P7: CARDIO; P8: VOLHARDING ; P9 : SLOPE [bergafwaartse helling]; P10: RALLY [rally] C: 5 persoonlijke programma's: CUSTOM1 tot CUSTOM5 (P11 ~ P15) D: 1 programma voor het controleren van het vermogen in Watt (WATT PRO:P16) E: 4 programma's voor het controleren van de hartslag: (PULSE PRO:P17-P20) 55% H.F., 75% H.F. en

1. Registratie van gebruikersgegevens voor de 5 persoonlijke programma's.

2. Weergave van de snelheid (in omwentelingen/minuut), de duur (TIME) en vermogen (WATT), aantal

verbrande calorieën (CAL) en de afstand (DIST) tegelijkertijd.

3. De computer schakelt na 4 minuten automatisch uit als er geen activiteit, snelheidssignaal en

polssignaal is. Gedurende die tijd slaat hij uw gegevens voor de oefening waarmee u bezig bent op en stelt hij de weerstand in op het minimum. Zodra u een toets aanraakt of begint te bewegen gaat de computer automatisch aan. Bluetooth & applicatie-verbinding Kopieer de link hieronder naar uw brower (Edge, Firefox, Chrome, Safari enz.) https://cloud.carefitness.com/index.php/s/E2WD22KMNBQzERL En volg de gedetailleerde instructie TRAININGSTIPS Attentie: Voor de programmering van uw training moet u rekening houden met uw leeftijd (met name als u ouder dan 35 jaar bent) en uw lichamelijke conditie. Als u eerder een zittend leven heeft, zonder regelmatige lichaamsbeweging, is het absoluut noodzakelijk eerst uw arts te raadplegen om het intensiteitniveau voor uw training vast te stellen. Na deze vaststelling moet u niet proberen uw maximum gelijk al met de eerste trainingen te bereiken maar geduldig blijven: uw prestaties zullen snel toenemen. De harttraining (cardiotraining): Deze training heeft tot doel uw hart en bloedvaten te versterken. Tijdens een harttraining hebben de spieren zuurstof en voedingsstoffen nodig en moeten de vrijgekomen afvalstoffen worden afgevoerd. Ons hart versnelt het ritme en voert via het hart en vaatstelsel een grotere hoeveelheid zuurstof naar het organisme. Een herhaalde en regelmatig uitgevoerde training versterkt het hart net als alle andere gewone spieren. In het dagelijkse leven komt dit tot uitdrukking in een groter vermogen lichamelijke inspanningen te kunnen verwerken en in een vergroting van de intellectuele capaciteiten. Bepaling van uw doelzone: De maximale hartfrequentie (MHF) = 220 - leeftijd (180 - leeftijd voor personen met een zittend leven). De zone voor opwarming en afkoeling na de inspanning is gelijk aan 55% van uw MHF. De zone voor vetverlies ligt tussen 55 / 65% van uw MHF. De aërobe zone ligt tussen 65 / 85% van uw MHF. De anaërobe zone ligt tussen 85% / 100% van uw MHF. De etappes van een geleidelijke trainingsopbouw:

1) Een fase van opwarming (warming-up):

Elke training moet met een geleidelijke opwarming worden begonnen (10-20 minuten, meer na 50 jaar) om uw spieren soepel te maken en uw hartfrequentie geleidelijk aan te verhogen. Het aantal slagen moet stapsgewijs naar 55% van uw MHF (maximale hartfrequentie) worden gebracht. Tijdens de duur van de opwarming moet uw hartfrequentie op dit niveau worden gehouden. U verhoogt het risico op pees- en spierblessures als te snel de eigenlijke training wordt begonnen.

2) Een fase van training:

Dit is het hoofdgedeelte van de training. Afhankelijk van uw eigen doelstellingen en uw lichamelijke conditie kunt u de passende doelzone kiezen en gericht trainen: gewichtsverlies, verbetering van uw hart en bloedvaten (aërobe training) of vergroting van uw uithoudingsvermogen (anaërobe training). De zone voor vetverlies, 55 - 65% De hartfrequentie moet laag en de trainingsduur vrij lang zijn. Deze zone wordt met name aangeraden voor personen die opnieuw een lichamelijke inspanning doen na een lange periode van inactiviteit, personen die overtollig gewicht willen kwijtraken of personen die hartproblemen ondervinden. U moet niet vergeten dat voor dit type training de trainingsduur minstens 30 minuten moet zijn en dat de hartfrequentie (HF) tussen 55 en 65% van de MHF moet liggen. - Geleidelijk verhogen van 30 naar 60 minuten per training. - Regelmatig 3 of 4 keer per week trainen. De aërobe zone, 65 - 85% Deze zone wordt aanbevolen voor personen met een goede lichamelijke conditie die regelmatig trainen. Met een training in deze zone vergroot u uw lichamelijke conditie en brengt u de gevolgen van stress en een druk leven terug. - Duur: 20 tot 30 minuten per training. - Frequentie: minstens 3 of 4 keer per week. De anaërobe zone, 85% - 100% Deze zone is alleen geschikt voor geoefende atleten en wordt afgeraden zonder toestemming of begeleiding door een arts. Deze zone is alleen bedoeld voor goed getrainde personen en wordt gebruikt voor intervaltrainingen (of korte sprintoefeningen) om het uithoudingsvermogen te verbeteren of te meten. De trainingstijd in deze zone moet kort zijn om ongevallen uit te sluiten.

3) Een fase van afkoeling (cool-down):

Dit is de afbouwfase voor de inspanning (10 tot 20 minuten) om het hart en bloedvaten weer tot rust te laten komen (55% van de MHF) en het risico van spierpijn, kramp en stijfheid te voorkomen of verkleinen. De training moet worden afgesloten met rek- en strekoefeningen, terwijl de gewrichten nog warm zijn. Dit ontspant de spieren en bestrijdt stijfheid. U moet langzaam en zonder forceren stretchen: u mag nooit pijn voelen. Elke stretchbeweging 30 tot 60 seconden vasthouden terwijl u uitademt. Controleer uw vooruitgang De verbetering van uw hart en bloedvatstelsel met dit toestel leidt tot een lagere rust HF (hartfrequentie). U zult er steeds langer over doen om uw doelzone te bereiken en het zal steeds gemakkelijker worden uw hartslag binnen deze zone te houden. De trainingssessies zullen u steeds gemakkelijker toelijken en u zult meer uithoudingsvermogen in het dagelijkse leven krijgen. Als uw rust HF hoger dan gebruikelijk is, moet u rusten of de intensiteit van de training verlagen. Trainingsfrequentie: Dagelijkse training = circa 10 minuten per keer. 2 tot 3 trainingen per week = circa 30 minuten per keer. 1 tot 2 trainingen per week = circa 50 minuten per keer.

  • Het gaat om de trainingsfase. De aangegeven tijden houden geen rekening met de opwarming en afkoeling. Laat u niet ontmoedigen door uw eerste trainingssessies: motiveer u door vaste trainingstijden te plannen. Veel succes! Gebrekkige goederen of stukken kunnen pas worden vervangen na hun terugzending op kosten van de transporteur. Er zal geen enkele teruggave van goederen aanvaard worden zonder voorafgaand akkoord.

BESTELLING VAN VERVANGENDE ONDERDELEN

Voor een snellere afhandeling van uw bestelling vragen wij u de volgende elementen onder bereik te houden alvorens onze Klantendienst te bellen: De naam of de referentie van het artikel. Het fabricagenummer dat op het hoofdframe en op de verpakking staat vermeld. Het onderdeelnummer van het ontbrekende of defecte onderdeel dat op de overzichtstekening van het artikel in deze handleiding wordt aangegeven. C.A.R.E. Klantendienst E-mail: service-nl@carefitness.com