6210701X61 - Sneeuwploegen MURRAY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 6210701X61 MURRAY in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 6210701X61 MURRAY
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Sneeuwploegen in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 6210701X61 - MURRAY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 6210701X61 van het merk MURRAY.
GEBRUIKSAANWIJZING 6210701X61 MURRAY
Algemene informatatie
Dit instructieboek is geschreven voor iemand met enige mechanische aanleg. Zoals bij de meeste servicehandleidingen, worden nicht alle stappen beschren. Stappen over hoe bevestigingen los of vast te makeen zich stappen die iedereen kan volgen met enige mechanische aanleg. Lees en volg deze instructies voordat u het toestel gebruikt.
Ken uw product: Indien u het toestel begrijpt en hoe het toestel functioneert, za u het Beste resultaat verkrijgen. Vergelijk de illustraties met het toestel verwijl u deze handleiding leest. Leer de lokatie en de werkking van de bedieningsorganen. Volg de bedieningsinstrumentes en deeiligheidsrichtlijnen om ongevallen te voorkomen. Bewaar deze handleiding voor later gebruik.
BELANGRIJK: Veel toestellen zijn nicht geassembleerd en worden verkocht in dozen. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om te zorgen dat de assemblage-instructies in deze handleiding exact worden geolgdd. Andere toestellen worden aangekocht in
geassembleerde toestand. Bij nicht-geassembleerde toestellen is het de verantwoordelijkheid van de eigenaar om te zorgen dat het toestel correct geassembleerd worden. De eigenaar dient het toestel zorgvuldig te controlleren conform de instructies in deze handleiding voordat het voor de eerste koer worden gebruikt.
Kenmerken van bedieningsorganen en uitrusting (zie figuur 1)
Krukmechanisme (2) - Wijzigt de richting van de afvoerstroom.
Stroomdeflector (3) - Wijzigt de afstand hoever de sneeuw worden weggeworpen.
Afvoerstroom (4) - Wijzigt de richting waarin de sneeuw worden weggeblazen.
Vijzelaandrijvinghefboom (5) - Start en stopt de vijzel (sneeuw verzamelen en wegblazen) en driift ook de sneeuuwblazer voort.
Motorfunctions
Stopschakelaar (8) - Moet maar de ON-positie worden verplaatst om de motor te starten.
Primer-knop (9) - Injecteert brandstof rechtstreeks in de carburator om snel te starten bij koud weir.
Terugslag-starthendel (12) - Om de motor manueel te starten.
Chokeknop (14) - Om een koude motor te starten.
MURRAY
www.briggsandstratton.com
MODEL NO.: 6210701x61NA
SKU No.:
YYYY MM DD:
SERIAL NO.:
3500 min-1
30 kg
C
Vermelde vibratie-emissiewaarden in overeenstemming met richtlij 98/37/EG.
Vibratie-emissie conform EN 1033;1996: 11.6m / s^2
Waarden gemeten aan de hendel verwijl de machine werk bediend met stationair toerental op een betonnen oppervlak aan 3500 min-1.
Vermelde atmosferische geluidsemissies van LwA 104 dB conform richtlijn 2000/14/EG, Bijlage V.
Geluidsdrukniveau op hoogte van gebruiker 84,4 dB.
Waarden gemeten aan hetoor conform de specificaties van EN ISO 11201.
Vermeldatmosferisch
geluidsvermogenniveau van 104 dB(A) is in
overeenstemming met richtlijn 2000/14/EG.

Deze handleiding bevat veiligheidsinformatie, zodat u op de hoogte bent over de bevaren en risico's verbonden met speewblazers en hoe u doit kan.
vermijden. De sneeuuwblazer is ontworpen en bedoeld om sneeuw te verwijderen en mag Niet voor ieits anders worden gebruikt. Het is belangrijk dat u en iedereen die het toestel bedient, deze instructies leest en begrijpt.

WAARSCHUWING
De motoruitlaatgassen van dit toestel bevatten chemische stoffen waarvan bekend is in de staat Californie dat ze kanker, geboorteafwijkingen of een ander voortplantingsrisico inhouden.
Een signalwoord (GEVAAR, WAARSCHUWING, of OPGEPAST) worden gebruikt samen met het waarschuwingspictogram om te wijzen op de waarschijnlijkheid en de möglichke ernst van lichamelijk letsel. Verder kan een gevarensymbol worden gebruikt om het soort gevaar aan te duiden.

GEVAAR duidt op een risico, dat indien het Niet worden vermeden, de dood of een ernstig lichamelijk letsel tot gevolg zal hebben.

WAARSCHUWING duidt op een risico, dat indien het Niet worden vermeden, de dood of een ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben.

OPGEPAST duidt op een risico, dat indien het nicht worden vermeden, een minder ernstig of matig lichamelijk letsel tot gevolg zou können hebben.
OPGEPAST gezrukt sondern het waarschuwingssymbool, duidt op een situation die tot beschadiging van de uitrusting zou kunnen leiden.
Gevaarsymbolen en de betekenis er van
Deze symbolen worden gebruikt op uw toestel en vermeld in de bedieningshandleiding. Herlees de betekenis totdat u ze begrijpt Het gebruik van een van deze symbolen in combinatie met een signaalwoord zal u attent make np maybeke gesaren en hoe u ze kunt vermijden.

Veiligheidswaarschuwing - Duidt op veiligheidsinformatie over gevaren die tot persoonlijk letsel können leiden.

Gebruikshandleiding – Lezen en begrijpen vór hetuitvoeren van enige activiteit of het toestel tebedieren.

Ronddraaiende vijzel

Brand

Ronddraaiend schoepenwiel

Explosion

Toxische gassen

Schok

Ronddraaiendetandwielen

Heet oppervlak

Weggeworpen voorwerpen

Nooit in rondddraaiende onderdelen grijpen.

Een veilige afstand aanhonden tot het toestel.

Aanbevolen oorbescherming tijdens langdurig gebruik.

Schakel de motor uit en verwijder de bougieconnector vór het uitvoeren van onderhouds- of reparatiewerkzaamheden.
Bedieningsymbolen en de betekenis er yan
Deze symbolen worden gebruikt op uw toestel en vermeld in de bedieningshandleiding. Het is belangrijk dat u de betekenis herleest totdat u ze begrijpt. Het Niet-begrijpen van de symbolen kan een gevaar voor uzelf opleveren.
















Olie
Brandstof
Aan Uit
Aanzuigleiding
Gashendel
Chokeuit
Choke aan
Stop
Langzaam
Snel
Activeren
Activeren
Tractie
Vijzelcollector
Vijzelkoppeling
Aandrijfkoppeling



Vooruit
Neutraal
Achteruit

Ontsteking Aan

Ontsteking Uit

Contactsleutel

Duwen om elektrische start te activeren

Elektrische start

Motorstart

Motorloop

Motor af

Activeren

Deactiveren

Hete handgrepen
Afvoerstroom

LINKS

RECHTS
Stroomdeflector

OMHOOG

OMLAAG
RICHTLIJNEN VOOR VEILIGE BEDIENING
Praktische richtlijnen voor veilige bediening van sneeuwblazers
BELANGRIJK: Veiligheisnormen vereisen controleapparatuur die 控oleert of de bediener van het toestel aanwezig is, om het risico op lichamelijk letsel tot een minimum te herleiden. Uw sneeuwblazer is uitgerust met dergelijkmente controleapparatuur. U mag absoluut onder geen enkele voorwaarde proberen de werkking van deze contrôleapparatuur te overbruggen.
Training
- Lees en volg alle instructies op de machine en in de handleidingen op en zorg dat u ze begrijpt vooraleer u met dit toestel begint te werken. Maak u volledig vertrouwd met de bedieningsorganen en het correct gebruik van het toestel. Zorg dat u weet hoe u het toestel snel kut stoppen en de bedieningsorganen uitschakelen.
- Laat nooit kinderen het toestel bedieren. Laat nooit volwassenen het toestel bedieren zonder de passende instructies.
- Zorg dat er zich niemand en vooral geenkleine kinderen of huisdieren in de werkzone ophouden.
- Ga voorzichtig te werk om uitschuiven of vallen te vermijden, vooral wanner de machine in awhile worden bediend.
Voorbereiding
- Inspector het gebied zorgvuldig waar de machine moet worden gezruikt en verwijder alle deurmatten, sleden, snowboards, draden en andere vremeinde voorwerpen.
- Schakel de aandrijvinguit en zet de machine in neutraal voor het starten van de motor.
- Draag altijd passende winterkleding wanner u het toestel bedient. Draag schoeisel waarmee u veilig op gladde oppervlakken kurz lopen. Vermijd loszittende kleding die in bewegende onderdelen vast kan raken.
- Ga voorzichtig om met brandstof; ze is uiterst ontvlambaar.
a. Gebruik een goedgekeurde brandstofbus.
b. Vul nooit brandstof bij wanner de motor loopt of warm is.
c. Vul de brandstoftank buiten en ga hiervoort uiterst voorzichtig te werk. U mag de tank nooit binnen vullen. Sluit de brandstoftank goed af en veeg alle gemorste brandstof weg.
d. Vul nooit reservoirs binnen in een voertuig of op een vrachtwagen of aanhangwagen met een plastic bodembekleding. Plaats reservoirs altijd op de grond,uit de buurt van uw voertuig,vór het vullen.
e. Tijdens het werk den moet u gasaangedreven utrusting uit de vrachtwagen of aanhangwagen halen en ze bijvullen op de grond. Indien dit nicht möglich is, vul ze dan bij op een aanhangwagen met een draagbare brandstoffbus, inplaats van uit een benzinepomp.
f. Houd de tuit altiijd gegen de rand van de brandstoftank of reservoiriopening, tot het bijvullen voltooid is. Gebruik geen vultuit met een grendelmechanisme.
g. Sluit de brandstoftank goed af en veeg gemorste brandstof weg.
h. Indien u brandstof morst op kleding, dient u onmiddelijk andere kleding aan te trekken.
- Gebruik verlengkabels en stopcontacten zoals gespecifieerd door de fabrikant voor alle toestellen met elektrisch aangedreten motor of elektrische startmotor.
-
Stel de hoogte van de collectorbehuizing in zodate ze Niet in contact komt met grind- of kiezelsteenoppervlakken.
-
Probeer nooit instellingen uit te voeren verwijl de motor loopt (behalte indien specifiek aanbevolen door fabrikant).
- Laat motor en sneeuwblazer zich aanpassen aan buitentemperaturen vooraleer te beginnen met het sneeuwruimen.
- Draag algijd veiligheidsbril of oogbescherming tijdens het werken of terwijl u instelleningen of reparaties uitvoert om de ogen te beschemmen gegen vreemde voorwerpen die kuren wegsglingerd worden uit de machine.
Bediening
- Plaats uw handen of voeten Niet in de buurt of onder onderden die ronddraaien. Blij algtduit uit de buurt van de uittlaatopening.
- Ga uiterst voorzichtig te werk wanner u het toestel bedient op inritten, wandelpaden of wegen met grind. Wees altijd op uw hoede voor verborgen gezaren of verkeer.
- Nadat u gegen een vreemd voorwerp bent gestoten, dient u de motor te stoppen, de kabel van de bougie te verwijderen, de stroomkabel van elektrische motors uit het stopcontact te trekken, de sneeuwruimer zorgvuldig te inspecteren op möglichke schade en de schade te repareren voordat u de sneeuwblazer opnieuw start en bedient.
- Indien het toestel abnormaal begint te trillen, dient u de motor te stoppen en deoorzaak onmiddelijk op te sporen. Trillingen zich gewoonlijk een waarschuwing voor defecten.
- Stop de motor telkens u de bedieningspositie verlaat, voordat u de collector/schoopenwielbehuzing of afvoeropening vrijmaakt en tijdens het uitvoeren van reparations, instellenen of inspections.
- Tijdens het schoonmaken, repareren of inspectoren, dient u alkijd te zorgen dat collector/schoopenwiel en alle bewegende onderden stilstaan. Maak de bougiekabel los en houd de kabel UIT de buurt van de bougie om ongewild starten te vermijden.
- Laat de motor Niet binnen lopen, behalte bij het starten van de motor en om de sneeuuwblazer in of uit een gebouw te verplaatsen. Open de buitendeuren; uitlaatgassen zijn gevaarlijk (bebatten KOOLSTOFMONOXIDE, een GEURLOOS en DODELijk GAS).
- Wees uiterst voorzichtig bij het werken op hellingen. Tracht geen steile hellingen van sneeuw vrij te make.
- Bedien de sneeuwblazer nooit zonder dat de passende afterschermingen, platen of andere beschemende visigheidsinrichtingen op hun plaats zitten en functioneren.
- Richt de afvoer nooit waar mensen of gebieden waar beschadiging van eigendom möglichk is. Houd kinderen en andere mensen uit de buurt.
- U mag de capacité van het toestel Niet overbelasten door de sneeuw te snel te wilten verwijderen.
- Bedien de machine nooit aan hoche transportsnelheden op gladde oppervlakken. Kijk,achter u en ga voorzichtig te werk wanner u de machine in awhile bedient.
- Schakel de stroomaar collector/schoepenwieluitijdens het transport van de sneeuwblazer of wanner deze Niet worden gebruikt.
- Gebruik enkel accessoires en toebehoren die goedgekeurd zich door de fabrikant van de sneeuwblazer (zoals starterkits, bandenkettingen, enz.).
-
Bedien de sneeuwblazer nooit zonder goed zicht oflicht. Kijk algijd goed waar uw voeten staan en houd de handgrepen stevig vast. Gaan, nooit lopen.
-
Raak nooit een hete motor of geluidemper aan.
- Bedien de sneeuwblazer nooit in de buurt van glazen afdekkingen, Wagens, vensterkokers, verhangen en dergelijkke, zonder correcte instelling van de hoek waarin de sneeuw worden weggeblazen.
- Richt de afvoerstroom nooit op mensen die toekijken ofThat nooit toe dat≦mand vór het toestel gaat staan.
- Laat een toestel nooit onbeheerdchyter wijl de motor nog loopt. Schakel de vijzel en de tractie altijd uit, zet de motor af en verwijder de contactsleutel.
- Bedien het toestel Niet wanneer u onder invloed bent van alcohol of drugs.
- Denk er aan dat de bediener van het toestel verantwoordelijk is voor ongevallen die zich voordoen bij andere personen of aan hun eigendom.
- Statistieken tonen aan dat personen die met het toestel werken en 60JAar en ouder+zijn, betrokken zijn in een groot percentage van ongevallen die te makeh hebben met stroomaangedreven uitrusting. Deze gebruikers dienen hun vermogen om voldoende veilig met het toestel te werken te beoordelen om zichzelf en andere te beschemen gegen persoonlijk letsel.
- DRAAG GEEN lange sjaals of loszittende kleding die:tussen bewegende onderdelen kannen vastraken.
- Sneeuw kan hindernissen verbergen. Zorg dat alle hindernissen verwijderd zijn uit het vrij te makeen gebied.
Kinderen
Er können zich tragische ongelukken voordoen indien de bediener van het toestel Niet bedacht is op de aanwezigheid van kinderen. Kinderen vinden het toestel vaak interressant en worden aangetrokken door de werkzaamheden. Ga nooit van de veronderstelling uit dat kinderen zullen blijven waar u ze LAST zag.
- Houd kinderen uit de buurt van het gebied en onder veilige bewaking van een andere volwassen person met zin voor verantwoordelijkheid.
- Wees op uw hoede en schakel het toesteluit wanner kinderen in debuurt+zijn.
- Laat nooit kinderen het toestel bedieren.
- Wees extra voorzichtig bij het naderen van blinde hoeken, struiken, bomen of andere voorwerpen die het zich konnen belemmeren.
Vrijmaken van een geblokkerde afvoeropening
Handcontact met het rondraaiende schoepenwilbinnen in de afvoeropening is de meest voorkomende oorzaak van lichamelijk letsel bij sneeuuwblazers. Gebruik nooit uw hand om de afvoeropening vrij te makeen.
Om de afvoeropening vrij te make:
- MOTOR UITSCHAKELN.
- 10 seconden wachten totdat u zeker bent dat de schoopenwielbladen nicht meer ronddraaien.
- Gebruik algijd gereedschap om de uitlaat vrij te make, Niet uw handen.
Service, onderhoud en opslag
- Controller frequent breekpennen en andere bouten om te zien of ze goed vastzitten zoday u er zeker van bent dat de uitrusting in alle veiligheid kan worden bediend.
1741416
- Berg de machine nooit op met benzine in de tank binnen in een gebouw waar ontstekingsbronnen aanwezig+zijn zoals heet water en ruimteverwarmers of kleerdrogers. Laat de motor afkoelen voordat u het toestel in een gesloten ruimte opbergt.
- Raadpleeg algijd de bedieningshandleiding voor belangrijke informatie indien de sneeuwblazer要去 worden opgeslagen gedurende een langeperiode.
- Zorg dat veiligheids- en instructielabelsংaangebracht of verrang ze waar nodig.
- Laat de machine enkele minuten draaien na het sneeuwblazen om te vermijden dat collector/schoopenwiel vastvriezen.
- Indien brandstof werk gemorst, mag u Niet proberen om de motor te starten maar verplaatst u de machine uit de buurt van het gebied waar de brandstof werk gemorst om te vermijden dat er zich een ontstekingsbron zou vormen totdat de brandstofdampen zijn verwlogen.
- Volg altijd de richtlijnen op voor veilig brandstof bijvullen en omgaan met brandstof wanner u het toestel opnieuw vult met brandstof na transport of opslag.
- Volg als de instructies op in de motorhandleiding voor Voorbereiding op opslag vooraleer het toestel op te bergen zowel voor korte als voor lange tijdsperioden.
- Volg altijd de instructies op in de motorhandleiding voor correcte start-procedures wanner u het toestel opnieuw in gebruik neemt.
- Zorg dat veiligheids- en instructielabels+zijn aangebracht of verrang ze waar nodig.
- Zorg dat moeren en bouteen stevig vastzitten en houd de uitrusting in goede staat van werking.
- Nooit veiligheidsinrichtingen trachten uit te schakelen of te overbruggen. Controller regelmatig de goede werkig er van en voer de nodige reparations uit indien ze Niet correct functioneren.
- Componenten zijn onderhevig aan slijtage, beschadiging en ontaarding. Controller componenten freiest en verrang ze met door de fabrikant aanbevolen onderdelen, indienoodzakelijk.
- Controller werking van bedieningsorganen frequent. Aanpassingsen servicewerkzaamheden uitvoeren zoals vereist.
- Gebruik enkel door de fabriek goedgekeurde reserveonderdelen tijdens het uitvoeren van reparaties.
- Volg alkjde fabriekspecificaties op tijdens alle afstellingen en bijstelingen.
- Uitsluitend gemachtigde serviceworkplaatsenogens worden gebruikt voor belangrijke service- en reparatiewerkzaamheden.
- Probeer nooit belangrijke reparaties aan dit toestel uit te voeren, tenzij u de passende opleiding hiervoor hebt genoten. Verkeerde serviceprocedures können resulteren in gevaarlijke bediening, beschadiging van uitrusting en doen de garantievoorwaarden van de fabrikant verrallen.
- Controller frequent breekpennen (pinnen) en andere bouten om te zien of ze goed vastzitten zodate u er zeker van bent dat de uitrusting in alle veiligheid kan worden bediend.
Emissies
- Motoruitlaatgassen van dit toestel bevatten chemische stoffen waarvanbekend is dat ze in bepaalde hoeveelheden, kanker en geboorteafwijkingenveroorzaken of voortplantingsrisico inhouden.
- Indien beschikbaar, raadpleeg dan de relevante informatie over emissieduurperiode en luchtindex op de tabel met motoremissies.
Ontstekingssystem
- Dit system met bougieontsteking is conform met Canadese Vereisten ICES-002.
Lees en volg de assemblage- en instelinstructies voor uw sneeuwblazer. Alle bevestigingen zitten in de zak met onderden. Werp geen onderdelen of materialen weg totdat het toestel geassembleerd is.

WAARSCHUWING: Vór hetuitvoeren van assemblage ofonderhoud aan de sneeuwblazer,
dient u de kabel van de bougie te verwijderen.
OPMERKING: In dit instructieboek, beschrijven links en rechts de lokatie van een onderdeel vanuit de positie van de gebruiker anschter het toestel.
OPMERKING: Draaimoment wordt gemeten in foot pounds (metrisch N.m). Deze meting beschrijft hoe sterk een moer of een bout moet aangespannen zijn. Het draaimoment wordt gemeten met een torsiesleutel.
OPMERKING: Illustrations bevinden zich op pagina 2 en op pagina's 3 tot 6.
Vereist gereedschap
1 Mes
1 Nijptang
Hoe de sneeuuwblazer uit de doos halen
- Zoek waar het oliereservoor zich bevindt en verwijder het.
- Neem alle afzonderlijk verpakte onderdenuit de doos.
- Verwijder het verpakkingsmaterialaard de sneeuuwblazer.
- Snij de vier hoeken van de doos open en plooi de lijpANELen maar beneden.
- Neem de onderste hendel vast en trek de sneeuuwblazer uit de doos.
OPGEPAST: Kabels NIET te sterk buigen.
- Verwijder het verpakkingsmaterial van de hefboominrichting. Verwijder het onderste inzetstuk van de as.
Hoe de hendel assembleren
- Verwijder het verpakkingsmaterial van de bovenste en de onderste hendels.
- (Figuur 2) Draai de knoppen (1) los aan elke kant van de hendel (2).
- Plaats de bovenste hendel (2) omhoog in werkpositionie. Houd de bovenste hendel (2)uit de buurt van de onderste hendel zDat alles Niet bekrast worden.
OPMERKING: Zorg dat de vijzelaandrijfkabel Niet geklemd zit:tussen de bovenste en de onderste hendel.
- Draai de knoppen (1) vast.
Hoe de motor bedrijfsklaar te make

WAARSCHUWING: Volg de instructies van de motorfabrikant voor het type brandstof en olie dat
moet worden gebruikt. Gebruik alsijd een veiligheidsbrandstofbus. Niet roken tijdens het vullen van de brandstoftank. In een afgesloten ruimte mag u de brandstoftank niets bijvullen. Schakel de motoruit, voordat u brandstof bijvult. Laat de motor enkele minuten afkoelen.
Raadpleeg de instructies van de motorfabrikant voor het type brandstof en olie dat要去 worden gebruikt. Vór gebruik van het toestel, dient u de informatie over veriligheid, bediening, onderhoud en opslag te lezen.
OPMERKING: Motor-PK-verbogen kan variieren afhankelijk van de afstelling van de motor, de productvarianten, de werkhoogte, de atmosferische omstandigheden, de gebruekte brandstof en het onderhoud.
Voeg olie bij in de motor (Figuur 3) OPMERKING: De motor kan al een beetje resterende olie bevatten. Controller frequent tijdens het vullen van het motorcarter. NIET te veel olie bijvullen.
De sneeuwblazer werk geleverd samen met een bus van 5W30 motorolie. De olie moet in de motor worden gegoten voor gebruik van het toestel.
- Zorg dat het toestel vlak staat.
- Verwijder de olievuldop/peilstok (1) en vul het motorcarter tot aan het "FULL" (VOL) merkteken op de peilstok. NIET te veel olie bijvullen.
- Draai de olievuldop/peilstok (1) stevig vast telkens u het oliepeil controleert.
OPMERKING: Synthesische olie kan helpen tijdens het starten bij extreem koude temperaten. Synthesische 5W30 is geschikt voor alle temperaten. GEEN olie met benzine(AP)
Benzine bijvullen in de motor
Deze motor is gecertificerd om op benzine te lopen. Uitlaatemissie controlsystem: EM (Engine Modifications) (motormodifications)

WAARSCHUWING: Brandstoffe vermengd met alcohol (gasohol genaamd of brandstoffen met
ethanol of methanol) kann vocht
aantrekken wat leidt totafscheiding en
vorming van zuren tijdens de opslag.
Zuurvormend gas kan het
motorbrandstofsysteme beschadigten
tijdens de opslag.
OPMERKING: Om problemen te vermijden,要去h brandstofsysteme geledigd worden voor opslag gedurende 30 dagen of langer. Start de motor en laat hem lopen totdat de brandstoffleidingen en de carburator leeg zich. Gebruik volgend seizoen verse brandstof.Zie de opslagsectie in deze handleiding voor bijkomende informatie.
Vul de brandstoffankuitsluitend met verse, zuivere, ongelode gewone, ongelode super benzine of autobenzine met een neue samenstelling met een minimum van 85 octaan. GEEN loodhoudende benzine gebruiken. Zorg dat de bus waaruit u de benzine giet, zuiver is en dat er geen roest of andere vremeinde deeltes in zitten. Gebruik nooit benzine die gedurende lange tijd in de bus werd bewaard.
Vór het eerste gebruik
Vór u uw sneeuwblazer de eerste koer gebruikt, dient u de navolgende checklist af te lopen:
Zorg dat alle assemblage-instructies zijnuitgevoerd.
Zorg dat de afvoerstroom vrij is.
Zorg dat er geen losse onderdelen in de doos achechterblijven.
Terwijl u leert hoe u de sneeuwblazer op correcte wijze moet gebruiken, dient u extra te letten op de navolgende belangrijke punten.
Zorg dat de motorolie zich op het correcte peel bevindt. Voor het type motorolie dat dient te worden gebruikt, raadpleegt u de handleiding van de motorfabrikant.
Zorg dat de brandstoffank wel degelijk gezuld is met zuivere, verse, ongelode benzine met een minimum van 85 octaan.
Maak u vertrouwd met de lokatie van alle bedieningsorganen en zorg dat u de functie er van kent.
Vooraleer de motor te starten, dient u te zorgen dat alle bedieningsorganen correct functioneren.
BEDIENING
OPMERKING: Illustrations bevinden sich op pagina 2 en op pagina's 3 tot 6. OPGEPAST: Gebruik enkel accessoires en toebehoren die goedgekeurd zijn door de fabrikant van de sneeuwblazer (zoals bandenkettingen, elektrische startkits, enz.).
Ken uw sneeuuwblazer (Figuur 1)
Lees deze gebruikshandelieding en veiligheidsrichtlijnen voordat u met de sneeuuwblazer begint te werken. Vergelijk de tekening met uw sneeuuwblazer zodat u vertrouwd raakt met de lokatie van de verschillende bedieningsorganen en afstellen.
Hoe het wegblazen van de sneeuw te controlleren

WAARSCHUWING: Richt de wegbeblazen sneeuw nooit op mensen die toekijken.

WAARSCHUWING: Schakel de motor altijd uit voordat u de afvoerstroom of de vijzelbehuizing
vrijmaakt en Voordat u de sneeuwblazer alleen achechterlaat.
- (Figuur 1) Draai aan het krukmechanisme (2) om de richting van de wegblazen sneeuw te wijzigen.
- (Figuur 6) Draai de vleugelmoer (1) los aan de stroomdeflector (2).
- Plaats de stroomdeflector (2) omhoog vooreer afstand of omlaag voor minder afstand.
- Draai de vleugelmoer (1) vast.
Hoe sneeuw wegblazen (Figuur 1)
- Schakel de hendel van de vijzelaandrijving (5) in.
- Om te stoppen met het blazen, schakelt u de hendel van de vijzelaandrijving (5)uit.
WAARSCHUWING: Tijdens het werkken met een sneeuwblazer kuren vreeimde voorwerpen in de ogen worden geblazen, wat kan leiden tot ernstig oogletsel. Draag altijd een veriligeidsbril of oogbescherming tijdens het werkken met de sneeuwblazer. We adviseren een standard veriligeidsbril of het gebruik van een veriligeidsmasker met brede opening over uw bril.
Hoe te stoppen met sneeuwblazen (Figuur 1)
- Om te stoppen met het blazen, schakelt u de hendel van de vijzelaandrijving (5)uit. OPMERKING: Indien de sneeuwblazer langzaam blijft vooruit bewegen, die "Hoe de vijzelbedieningskabel af te regelen" in de sectie Onderhoud.
- Om de motor te stoppen duwt u de stopschakelaar (8) maar de off (uit) positie.
OPGEPAST: Om de motor te stoppen, mag u de chokeknop Niet in de CHOKE-positive zetten. Dit kan leiden tot terugslag van de motor of motorschade.
Hoe vooruit bewegen (Figuur 7)
- Houd de hendel van de vijzelaandrijving (5) gegen de hefboom (2). De vijzel begint rond te draaien.
- Om vooruit te gaan, trekt u de hefboom (2) omhoog zodate rubberen vijzelbladen contact hunnen make met de bodem. Houd de hefboom (2) stevig vast wanner de sneeuuwblazer begint vooruit te bewegen. Stuur de sneeuuwblazer door de hefboom (2) maar links ofaar rechts te bewegen. Probeer de sneeuuwblazer Niet vooruit te duwen.
- Om te stoppen, schakelt u de hendel van de vijzelaandrijving (5)uit.
OPMERKING: Indien de vijzel blijft rond draaien, zie "Hoe de vijzelbedieningskabel af te regelen" in de sectie Onderhoud.
Vóró het starten van de motor
- Voordat u de motor start of er onderhoud aanuitvoert, dient u zichzelf vertrouwd te makemet de sneeuwblanzer. Zorg dat u de werking en lokatie van alle bedieningsorganen kent.
- Zorg dat alle bevestigingen stevig vastzitten.
- Zorg dat de brandstoffank wel degelijk gezuld is met zuivere, verse, ongelode benzine met een minimum van 85 octaan.
- Maak u vertrouwd met de lokatie van alle bedieningsorganen en zorg dat u de functie er van kent.
- Vooraleer de motor te starten, dient u te zorgen dat alle bedieningsorganen correct functioneren.
Hoe de motor te stoppen (Figuur 1)
Om de motor te stoppen duwt u de stopschakelaar (8) maar de off (uit) positie.
OPGEPAST: Om de motor te stoppen, mag u de chokeknop Niet in de CHOKE-positive zetten. Dit kan leiden tot terugslag van de motor of motorschade.
Hoe de motor te starten (Figuur 1)
Zorg dat de motorolie tot aan het FULL (VOL)
-merkteken op de peilstok komt. De motor is
uitgerust met een terugslagsteller. Vooralerer de
motor te starten, dient u de navolgende
informatie aandachtig gelezen te hebben.
Indien de motor verzuipt, zet u de choke in de OPEN/RUN positie en probeert u te starten tot de motor aanslaat.
1741416

WAARSCHUWING: Snel terugtrekken van de starterkoord (kickback) zal uw hand of arm
sneller maar de motor toe trekken dan u de starterkoord kurz loslaten.
- Bij het starten van de motor dient u de starterkoord langzaam uit te trekken totdat u watverstand voelt. Trek daarna snel aan de starterkoord.
Zorg dat componenten, zoals schoepenwiel, riemschijven of hettingwielen stevig vastzitten.
Hoe een koude motor starten (Figuur 1)
- (Figuur 1) Duw de stopschakelaar (8) maar de ON positie.
- Tijdens het starten van de motor mag u de hendel van de vijzelaandrijving nicht inschakelen.
- Beweeg de chokeknop (14) maar de FULL choke positie.
- Duw op deprimer-knop (9) tweemal in. Verwijder vinger van de primer-knop (9)CUSen twee startbeurten.
- (Figuur 4) Trek langzaam aan de terugslagstarthendel (1) totdat u watstand voelt en trek dan snel om de motor te starten. Laat de terugslagstarthendel (1) Niet terug springen. Verplaats de terugslagstarthendel (1) langzaam terug maar de beginpositie.
OPMERKING: Bij temperaturen lager dan -17°C (0°F) dient u de motor warm te latent lopen gedurende enkele minuten voordat u begint met sneeuw te ruimen.

WAARSCHUWING: Laat de motor nooit binnen of in afgesloten en slecht geventileerde ruimten lopen.
Motoruitlaatgassen bevatten
koolmonoxide, een geurloos en dodelijk gas. Houd handen, voeten, haren en loszittende kleding uit de buurt van bewegende onderdelen aan de motor of de sneeuwblanzer. De temperatuur van geluiddempers en gebieden in de buurt hunnen oplopen tot 65^ (150^) . Blijf uit de buurt van deze gebieden.
Hoe een warme motor starten (Figuur 1)
Indien een motor gedraaid heeft en nog warm is,
laat u de chokeknop (14) in de off positie staan
en mag u Niet duwen op de primer-knop (9).
Indien de motor Niet aanslaat, volgt u de
instructies "Hoe een koude motor starten".
OPMERKING: Gebruik deprimer-knop (9) Niet om een warme motor te starten.
Hoe een motor te starten met een bevroren elektrische starter (Figuur 1)
Indien de starter bevroren is en de motor nicht aanslaat, volgt u de onderstaande instructies.
- Trek de terugslagstarthendel (12) zo ver möglichk uit.
- Laat de terugslagstarthendel (12) snel terug los. Laat de terugslagstarthendel (12) terug springen gegen de terugslagstarter.
Indien de motor nog steeds nicht aanslaat, herhaalt u de twee vorige stappen tot de motor aanslaat. Ga dan verder met de instructies "Hoe een koude motor starten".
Om te zorgen dat de terugslagstarter en de motorbedieningsorganen Niet bevriezen, gaat u als volgt te werk na elke sneeuwopruiming.
- Voordat u de sneeuwblazer opbergt,That u de motor enkele minuten lopen om te vermijden dat de vijzel/het schoepenwie aanvriest.
- Laat de motor enkele minuten afkoelen verwijh hij uitgeschakeld is.
- Trek zeer langzaam aan de starterkoord tot u wonderstand voelt, daarna stopt u met trekken. Laat de starterkoord terug springen. Herhaal drie keer.
- Terwijl de motor stil staat, veegt u alle sneeuw en vocht weg van het carburatordeksen in die buurt van hendels en hefbomen. Beweeg eveneens de chokeknop en de starterhendel enkele keren.
Hoe sneeuw of vuil verwijdenen van de vijzelbehuizing (Figuur 1)
WAARSCHUWING: Probeer geen sneeuw of vuil te verwijderen dat vastzit in de vijzelbehuizing zonder
de navolgende voorzorgsmaatregelen te treffen.
- Schakel de hendel van de vijzelaandrijving (5)uit.
- Om de motor te stoppen duwt u de stopschakelaar (8) maar de stop-positie.
- Maak de bougiekabel los.
- Plaats uw handen Niet in de vijzelbehuizing (22) of de afvoeruitlaat (4). Gebruik een breekstang om sneeuw of vuil te verwijderen.
Tips voor het sneeuwruimen
- Deze sneeuwblazer beweegt zichselt voort wanner de hefboom voldoende worden omhoog gebracht zodate de vijzelbladen contact makes met de bodem. De vijzel要去 stoppen wanner de vijzelbesturingstang worden los gelaten. Indien de vijzel blijft rondraaien,zie"Hoe de vijzelbedieningskabel af te regelen" in de sectie Onderhoud.
- Het sneeuwblazen verloopt het meest effectief wanner de sneeuw worden verwijderd onmiddelijk na het vallen. OPGEPAST: U mag de capaciteit van het toestel Niet overbelasten door de sneeuw te snel te wilten verwijderen.
- Voor complete sneeuwopruiming, dient u elk vorig spoor een beetje te overlappen.
- Blaas, indien möglichk, de sneeuw weg met de wind mee.
- De afstand hoever de sneeuw worden weggeblazen, kan worden geregeld door de afvoerstroomdeflector te bewegen. Plaats de deflector hogter grotere afstand of lager voorkleinere afstand.
- Wanneer het hevig waait,That u de deflector zakken zodate wegeblazen sneeuw zichtegen de grond blift en zodoende mindersnel aan ongewenste zones wordt geblazen
- Om veiligheidsredenen en om schade aan de sneeuwblazer te vermiiden, dient u stenen, spelgoed en andere vreemde voorwerpen te verwijderen van het vrij te maken gebied.
- Gebruik het aandrijfmechanisme van de vijzel Niet tijdens het opruimen van inritten met grind of kiezel. Beweeg de hefboom omlaag om de vijzel Lichtjes op te tillen.
-
De voortbewegingssnelheid van de sneeuwblazer is afhankelijk van de dikte en het gewicht van de sneeuw. Uit ervaring zult u leren wat de meest efficiente gebruiksmethode is van uw sneeuwblazer onder verschillende omstandigheden.
-
Laat de motor enkele minuten afkoelen, na het sneeuwblazen. De sneeuw en het aangevroren ijs zullen van de motor afsmelten.
- Maak de sneeuuwblazer schoon na ieder gebruik.
- Verwijder ij, sneeuw en vuil van de volledige sneeuuwblazer. Spoel met water om al het zout en andere chemicalien te verwijden. Veeg de sneeuuwblazer droog.
Droge en gemiddelde sneeuw
-
Sneeuw tot 20 cm dik kan snel en eenvoudig worden verwijderd terwijl u aan een gematigde snelheid vooruit gaat. Voor dikkere sneeuwlagen, dient u trager vooruit te gaan zodate de sneeuw door de afvoeropening kan worden geblazen naarmate de vijzel de sneeuw opruimt.
-
Zorg dat de sneeuw worden weg geblazen in de richting dat de wind waait.
Natte opeengepakte sneeuw
Ga trager vooruit in natte, opeengepakste sneeuw. Indien de vijzel langzamer rond draaat door de natte, opeengepakte sneeuw of de uitlaatopening begirt verstopt te raken, trekt u de sneeuwblanzerAGERuit en dan beweegt u de sneeuwblanzer kort na elkaar voor- enchteruit in de sneeuw. Door de sneeuwblanzer kort na
elkaar vooruit en achechteruit te bewegen, over een afstand van 10 tot 15 cm, zal de sneeuw uit de afvoer verwijderd worden.
Sneeuwbanken en opehopingen
Indien de sneeuw dikker ligt dan het toestel hoog is, gebruikt udezelfde heb-en weergaande techniek zoals hoger beschreven. Draai de afvoeropening weg van de sneeuwbank.Het za longer duren om sneeuw van dit type te verwijderen dan gewone sneeuw.
ONDERHOUDSKAART
VERANTWOORDELIJKHEDEN VAN DE KLANT
| SERVICE LOGBOEK Vul de gevevens in的那一parte u het gewoon onderhoud uitvoert. | Vóró ieder gelebruik | De eerste 2 uren | Om de 5 uren | Om de 10 uren | Om de 25 uren | Elk seizoen | Vóor de opslag | ONDERHOUDSDATA |
| Alle schroeven en bouten controleren en stevig vast draaien | √ | √ | ||||||
| Bougie controleren | √ | √ | ||||||
| Aandrijfrem controleren | √ | |||||||
| Brandstof controleren | √ | |||||||
| Brandstof aflaten | √ | |||||||
| Afvoerregelflens smeren | √ | |||||||
| Afstelling van vrijbedieningskabel controleren | √ | |||||||
| Aandrijfrem vrijzel | √ |
ONDERHOUD
OPMERKING: Illustrations bevinden zich op pagina 2 en op pagina's 3 tot 6.
Gebruik da navolgende onderhoudsectie om uw toestel in goede bedrijfstoestand te honden.
Alle onderhoudsinformatie voor de motor vindt u terug in de richtlijnen van de motorfabrikant. Lees deze handleiding Vooraleer de motor te starten.

WAARSCHUWING: Voordat u een inspectie, afstelling (behalve carburator), of reparatie uitvoert,
dient u de kabel van de bougie los te make.
Emissie Behearsing
Onderhoud, verranging of reparatie van de emissies behearsing voorzieningen en systemen kan uitgevoerd worden door elk reparatiebedrijf of-individu voor Niet op de weg gezruikte motoren. Echter, om " Gratis"emissies behearsing service te krijgen, moet het werk worden
uitgevoerd door een door de fabriek geautoriseerde dealer. Zie de Emissies Garantie.
Algemene aanbevelingen
De garantie van deze sneeuwblazer biedt geen dekking voor items die het onderwerp zich geweest van misbruik of verwaarlozing door de gebruiker. Om ten volte te konnen genieten van de garantie,要去 de gebruiker de sneeuwblazer onderhonden zoals vermeld in deze handleiding.
Er dieren periodiek bepaalde afstellingen te worden uitgevoerd om de sneeuwblazer in goede staat te honden.
Na ieder gebruik
- Controle op loszittende of beschadigde onderdelen.
Alle loszittende bevestigingen vastmaken. - Controle en onderhoud van de vijzel.
-
Controle van bedieningsorganen om te zorgen dat ze correct functioneren.
-
Indien onderdelen versleten of beschadigdijken, dieren ze onmiddelijk te worden verwangen.
- Controle van alle veiligheids- en instructiestickers en labels. Vervangen van alle stickers en labels die ontbreken of Nieteer duidelijk leesbaar zich.
Alle afstellingen in de Onderhoud sectie van deze handleiding dienen tenminste elk seizento worden gecontroleerd.
Hoe de afdekkap verwijderen (Figuur 8)
- Verwijder de vijf schroeven (1)uit de afdekkap (2).
- Verwijder de afdekkap (2).
- Om de afdekkap (4), terug teplaatsen, gaat u in omgekeerde volgorde te werk.
Smering
Vór opslag (Figuur 8)
- Smeer de afvoerregelflens (7). Gebruik een adhesief type smeermiddel zoals Lubriplate.
Hoe de vijzelbedieningskabel afstellen
De vijzelbedieningskabel is af fabrief afgesteld. Tijdens normala gebruik kan de vijzelbedieningskabel uitrekken en dan za de vijzelaandrijvingshendel de vijzel Niet meer zoals het hoort in- en uitschakelen.
- (Figuur 12) Draai de moer (1) los waarmee de kabelspanveer (2) vastzit.
- Schuif de kabelspanveer (2) waar dechterzijde van het toestel totdat de kabel strak gespannen is.
OPMERKING: De vijzelbedieningskabel is correct afgesteld wanner de vrijke kabel strak gespannen is en er geen spanning op de spanrolarm zit.
- Draai de moer (1) vast waarmee de kabelspanveer (2) vastzit.
Indien de riem uitgerekt is, beweegt u het uiteinde van de vijzelbedieningskabel maar het buitenste gat als volgt:
- (Figuur 12) Draai de moer (1) los waarmee de kabelspanveer (2) vastzit.
- Beweeg de kabelspanveer (2) maar de voorzijde van het toestel zodate de kabel maximaal ontspannen worden.
- (Figuur 11) Verwijder het bovenste uiteinde van de vijzelbedieningskabel (3)uit de vijzelaandrijvingshendel (4).
- Monteer de vijzelbedieningskabel (3) in het gat getoond in Figuur 11.
- (Figuur 12) Schuif de kabelspanveer (2)\ aar de weiterzijde van het toestel totdat de\ kabel strak zit.
OPMERKING: De vijzelbedieningskabel (3) is correct afgesteld wanner de vrijke kabel strak gespannen is en er geen spanning op de spanrolarm zit.
- Draai de moer (1) vast waarmee de kabelspanveer (2) vastzit.
- Start de sneeuwblazer om de afstelling te controleren. Zorg dat de vijzel Niet rond draait wanner de vijzelaandrijvingshendel worden los gelaten.
Hoe de afdekkap verwijderen (Figuur 10)
Er zijn geen afstelingen onder de afdekkap (1). Om het motorkoelsystem schoon te makes, dient u de navolgende stappen te volgen om de afdekkap (1) te verwijderen.
- Verwijder schroeven (2) die de stanghouserklem aan de afdekkap (1) bevestigen. Draai de krukmechanismestang (3) omhoog en leg ze op het toestel.
- Verwijder schroeven (4).
- Verwijder borgschoeven (5).
- Verwijder de afdekking (1).
- Om de afdekkap (1), terug teplaatsen, gaat u in omgekeerde volgorde te werk.
Hoe de riemafdekking te verwijderen (Figuur 9)
- Verwijder de schroeven (1) en moeren (2)uit de riemafdekking (3).
- Verwijder borgschoef (4) aan dechterzijde van de riemafdekking (3).
-
Verwijder de riemafdekking (3) van het toestel.
-
Om de riemafdekking (3),'erug te plaatsen, gaat u in omgekeerde volgorde te werk.
OPMERKING: In de riemafdekking (3) zijn riemgeleidingen gegoten aan de binnenzijde van de riemafdekking (3). Wanner u de riemafdekking (3) monteert, dient u de vijzelaandrijvingshendel in te schakelen om de riem gegen de riemschijf te spannen. Hierdoor zal gespaste spel ing ontstaan voor de riemgeleiders bij het monteren van de riemafdekking (3).
Hoe de vijzelaandrijfrem verrangen
De aandrijfrem heeft een speciale constructie en moet worden verrangen door een riem van het originele merk verkrijigbaar bij het dichtstbijzijnde erkende servicecentrum.
Indien de vijzelaandrijfrem beschadigd is, zal de sneeuwblazer de sneeuw Niet opruimen en nicht vooruit bewegen. Vervang de beschadigde riem als volgt:
- Maak de bougiekabel los.
- Verwijder de riemafdekking. Zie "Hoe de riemafdekking verwijdenen".
- Merk hetloopspoor van de vijzelaandrijfrem (1). Hiervoor is een diagramsticker voorzien.
- (Figuur 14) Verwijder de riemgeleiderschroef (2) en de riemgeleider (3). Om de riemgeleider (3) te verwijden, draait u de riemgeleider (3) maar beneden.
- (Figuur 15) Verwijder de spanrolschroef (4) en spanrolschijf (5)uit de spanrolarm (6).
- (Figuur 16) Verwijder de vijzelaandrijfrem (1) van de motorriemschijf en trek door zijkant van motorkast.
- (Figuur 17) Om de vijzelaandrijfrem (1) te verwijderen van het schoopenwiel (7), beweegt u de spanrolschroeefarmaar de ingeschakelde positie. Hierdoor ontstaat een speling (8)ussen het schoopenwiel (7) en de remarm (9) om de vijzelaandrijfrem te verwijderen.
- Om een neue vijzelaandrijfrem (1) te installereren, gaat u in omgekeerde volgorde te werk.
- Controle van de afstelling van de vijzelaandrijfkabel. Zie "Afstelling van de vijzelbedieningskabel".
Hoe de vijzel te verwijderen
- Verwijder de riemafdekking. Zie "Hoe der riemafdekking verwijdenen".
- Verwijder de vijzelaandrijfrem. Zie "Hoe de vijzelaandrijfrem verrangen".
- (Figuur 18) Verwijder de vijzelriemschijf (1) van de vijzelas (schroefdraad is links; in wijzerzin draaien om te verwijdenen).
- Om te zorgen dat de vijzel (6) nicht rond draait,plaatst u een 5 × 10 cm houten blok aan de middelste schoep (3) om de vijzel (6) te borgen.
- Verwijder bouten (4), moerplaatjes (5), en moeren (2) van de voorzijde van rechtter afdekkap (7).
- Verwijder schroef (8) aan achechterijde van rechter afdekkap (7).
- Verwijder bouten (9) en moeren (10).
-
(Figuur 19) Schuif de vijzel (6) waar buiten aan de rechtter zijde van de vijzelbehuizing (11).
-
Schuif de vijzel (6)uit de lager aan de linker zijde van de vijzelbehuizing (11).
- Om de vijzel (6), terug te plaatsen, gaat u in omgekeerde volgorde te werk.
Smering
Hoe de motorolie te controleren (Figuur 3)
Controller het oliepeil vooraleer de motor te starten en telkens na acht (8) uren continu gebruik.
- Zorg dat het toestel vlak staat.
- Verwijder de olievuldop/peilstok (1) en vul het motorcarter tot aan het "FULL" (VOL) merkteken op de peilstok. NIET te veel olie bijvullen.
- Draai de olievuldop/peilstok (1) stevig vast telkens u het oliepeil controleert.
OPMERKING: Synthetische olie kan helpen tijdens het starten bij extreem koude temperaten. Synthetische 5W30 is geschikt voor alle temperaten. GEEN olie met benzine(AP)
Hoe de motorolie te verrangen
Vervang de motorolie alle vijftig (50) uren of tenminste eens peraar indien de sneeuuwblazer nicht gebrukt wordt gedurende vijftig (50) uren.
Om de motorolie te verrangen,要去 de motor\ aar voor worden gekanteld en de olie worden\ afgelaten uit de olievulbuis. Olie verrangen\ wonneer de motor warm is.
- (Figuur 5) Hef dechterzijde van de sneeuuwblazer omhoog en kantel het toestel vooruit. In de correcte positie, zal de sneeuuwblazer rusten op de voorzijde van de vrijzelbehuizing.
- Plaats een olieaflaatkom (1) onder de olievulbuis (2).
- Verwijder voorzichtig de olievuldop/peilstok. De olie zal in de olieaflaatkom (2) beginnen te stromen.
- Wanner alle olie uit de motor is afgelaten, plaatst u de sneeuwblazer overeind in de werkstand.
- (Figuur 3) Vul de motor met S.A.E. 5W30 olie. Zorg dat de olie tot aan het FULL-merkteken op de olievuldop/peilstok komt. NIET TE VEEL OLIE BIJVULLEN.
OPMERKING: Synthetische olie kan helpen tijdens het starten bij extreem koude temperaten. Synthetische 5W30 is geschikt voor alle temperaten. GEEN olie met benzine(AP)
Hoe de bougie te verrangen (Figuur 20) OPMERKING: Dit bougiesysteme is conform met alle vereisten van de Canadese Richtlijnen i.v.m. Interferentieveroorzakende Uitrusting.
OPMERKING: Deze motor is conform met alle restrictions van Australie en Nieuw-Zeeland betreffende elektromagnetische interferentie.
Controleer de bougie (1) alle vijfentwintig (25) uren. Vervang de bougie (1) indien de elektroden putjes vertonen of ingebrand zichn, indien het porselein gebarsten is, of alle 100 gebruiksuren.
- Zorg dat de bougie (1) zuiver is. Maak de bougie (1) zuiver door de elektroden voorzichtig schoon te schrapen (niet zandstralen of een metalen borstel gebruiken).
- Controller de bougie (1) vorkbrug met een voelermaat (2) en stel de vorkbrug opnieuw in op 0,030" indien nodig.
- Vór installmente van de bougie (1), smeert u de schroefdraad een beetje in met olie zodat ze gemakkelijk kan worden verwijderd. Draai de bougie (1) vast met een draaimoment van 15 voet -pound.
Hoe de sneeuuwblazer voorbereiden op de opslag

WAARSCHUWING: U mag de benzine Niet aftappen in een gebouw, dicht bij een vuur of terwijl
u rookit. Benzinedampen können een explosie of een brand veroorzaken.
Indien de sneeuwblazer gedurende een langere期内e要去 worden opgeslagen, dient u de bedieningshandleiding van de motorfabrikant te raadplegen (meegeleverd met bepaalde modellen) voor belangrijke informatie over onderhoud en opslag.
- Laat de brandstoffank leeg lopen.
-
Laat de motor lopen totdat de benzine op is.
-
Berg de sneeuwblazer nooit op met benzine in de tank binnen in een gebouw waar ontstekingsbronnen aanwezig+zijn zoals heet water en ruimteverwarmers, kleerdrogers en dergelijk. Laat de motor afkoelen voordat u het toestel in een gesloten ruimte opbergt.
- Tap de olie af terwijl de motor warm is. Vul het motorcarter met verse olie.
- Verwijder de bougieuit de cilinder. Giet 30 milliliter olie in de cilinder.Trek langzaam aan de terugslagstartgreep zodate de olie de cilinder beschermt.Installer een neue bougie in de cilinder.
- Maak de sneeuwblazer grondig schoon.
- Smeer alle smeerpunten. Zie de Onderhoud sectie.
- Zorg dat alle moeren, bouteen en schroeven stevig vastzitten. Inspecteer alle zichtbare bewegende onderdelen op schade, breuken en slijtage. Vervangen indienoodzakelijk.
- Spuit alle blanke onderdelen van de behuizing van de sneeuuwblazer en de vijzel in met roestwerend smeermiddel.
- Plaats het toestel in een gebouw met goede ventilatie.
- Indien de machine buiten moet worden opgeslagen,plaats dan blokken onder de sneeuuwblazer zodate de complete machine van de grond af staat.
- Bedek de sneeuwblazer met een waarvoor geschikte afdekking die geen vocht opneemt. Gebruik geen plastic.
Hoe verwangonderdelen bestellen
De verwangonderdelen worden getoond op de城县 pagina's van deze gebruikshandleiding of in een afzonderlijke lijst met reserveonderdelen. Gebruik uitsluitend door de fabrikant toegelaten en goedgekeurde verwangonderdelen. De letter vermeld aan het einde van het onderdeelnummer duidt het type afwerking aan voor het onderdeel, C voor chroom, Z voor zink, een PA voor purchased assembly (aangekochtete assemblage). Het is belangrijk dat u dit insluit bij de bestelling van een onderdeel. Gebruik geen toebehoren of accessoires die Niet specifiek aanbevolen zichoor voord dit toestel. Om correcte verwangonderdelen tebekomen, moet u het modelnummer (zie typeplaatje) vermelden. Garantieservice is uitsluitend beschikkaar via Geautoriseerde Servicedealers. U(Int)uchtsbijzijnde dealer vinden in once "locator map" bij www.murray.com.
Vervangonderdelen voor de motor, dwarsas of transmissie zijn verkrijgbaar bij de erkende servicecentra van de fabrikant die u in de gele gids of in het telefoonboek terugvindt. Raadpleeg tevens de afzonderlijke garantie voor motor of transmissie om vervangonderdelen te bestellen.
Voor de bestelling is de navolgende informatie vereist:
(1) Het modelnummer
(2) Seriennummer
(3) Onderdeelnummer
(4) Hoeveelheid
KAART VOOR FOUTOPSPORING EN -VERHELPING
| PROBLEM | OORZAAK | OPLOSSING |
| Moeilijk starten | Defecte bougie. | Bougie verrangen. |
| Water of vuil in brandstofsysteme. | Gebruik carburatorschaal om te spoelen en vul opnieuw met verse brandstof. | |
| Motor loopt met schokken | Geblokkeerde brandstofleiding, lege benzinetank of verschaalde benzine. | Maak de brandstofleiding schoon; controllerer brandstofvoorraad; vul verse benzine bij. |
| Motor blokkeert | Toestel loopt met CHoke aan. | Plaats chokehendel op RUN-positie. |
| Motor loopt met schokken; vermogenverlies | Water of vuil in brandstofsysteme. | Gebruik carburatorschaal om te spoelen en vul opnieuw met verse brandstof. |
| Buitensporig/TRillen | Loszittende onderdelen: beschadigdschoepenwie1. | Stop motor onmiddelijk en ontkoppel bougiekabel. Draai alle bouten vast en voer de nodige reparations uit. Indien het trillen voortduurt,That van het toestel nakijken door een bekwaamvakman. |
| Toestel beweegt zichzelf Niet vooruit | Aandrijfrem zit los of is beschadigd. | Aandrijfrem verrangen. |
| Toestel ruimt de sneeuw Niet op | Vijzelaandrijfrem zit los of is beschadigd. | Stel de vijzelaandrijfrem bij; verrangen indien beschadigd. |
| Vijzelbedieningskabel Niet correct afgesteld. | Stel vijzelbedieningskabel correct af. | |
| Afvoeropening is geblokkeerd. | Stop motor onmiddelijk en ontkoppel bougiekabel. Maak afvoeropening schoon evenals de binnenzijde van de vijzelbehuizing. | |
| Vreemd voorwerp terechtgekomen in vijzel. | Stop motor onmiddelijk en ontkoppel bougiekabel. Verwijder voorwerp uit vijzel. |
BRIGGS & STRATTON CORPORATION GARANTIEBELEID
Effectief 1 januari 2006, verrangt alle nicht-gedateerde garanties en alle garanties gedateerd voor 1 januari 2006
BEPERKTE GARANTIE
Briggs & Stratton Corporation zal alle onderdelen van het product die defect+zijn in materiaal of afwerking of beide kosteloos repareren of herstellen. Transportkosten voor producten terug gestuurd voor reparatie of verranging onder deze garantie moeten worden gedragen door de koper. Deze garantie is van toepassing gedurende de tijdsperioden en onderworpen aan de hierna vermelde voorwaarden. Voor garantieservice, neemt u contact op met de dichtstbijzijnde servicedealer waar u woont. Voor garantieservice, neemt u contact op met de erkende servicedealer op once dealerlokatiekaart op www.murray.com.
ER IS GEEN ANDERE UITDRUKKELIJKE GARANTIE. BEDOELDE GARANTIES, INCLUSIEF DEZE VAN VERKOOPBAARHEID EN GESCHIKTHEID VOOR EEN BEPAALD DOEL, ZIJN BEPERKT TOT EEN JAAR VANAF DATUM VAN AANKOOP, OF IN DE WETTELIJK TOEGELATEN MATE ZIJN ALLE BEDOELDE GARANTIES UITGESLOTEN. AANSPRAKELIJKHEID VOOR INCIDENTELE OF GEVOLGSCHADE IS UITGESLOTEN IN DE MATE DAT UITSLUITING DOOR DE WET IS TOEGELATEN. Bepaalde staten of landen latent geen restrictions toe over hoe lang een impliciete garantie geldig is en bepaalde staten of landen latent geen uitsluiting of beperking toe van incidentele of gevolgschade, zodat de hoger vermelde restrictie en uitsluiting misschien Niet voor u van toepassing is. Deze garantie verleent u specifieke wettelijk rechten en u kunt eveneens beschikken over andere rechten die varieren van staat tot staat of van land tot land.
GARANTIEVOORWAARDEN
Merk / Toestel Consumentgebruik Commercieel gebruik Voorwaarde voor garantietermijn
Enkelvoudige sneeuuwblazer 1aar 90ragen
Dubbele sneeuwblazer 2aar 90ragen
De garantieperiode begint te lopen vanaf de datum van aankoop door de eerste kleinhandelsgebruiker of commerciele gebruiker en is geldig gedurende de tijdsperiode vermeld in de tabel hierboven. "Consumentgebruik" betekent personlijk residentieel gezinsgebruik door een kleinhandelsoconsument. "Commercial gebruik" betekent ieder ander gebruik, inclusief het gebruik voor commerciele, inkomensverstrekkende of huurdoeleinden. Zodra het product het voorwerp hebt uitgemaakt van commercieel gebruik, za het hierna worden beschouwd als commercieel gebruik voor doeleinden van deze garantie.
Er is geen garantieregistratie vereist om te kuren genieten van de garantie op Murray-merkproducten. Bewaar het aankoopticket als bewijs. Indien u geen bewijs Aunt leveren van de oorspronkelijke datum op het ogenblik waarop om garantieservice wordt verzocht, za de productiedatum van het product worden gebruikt om de garantie te bepalen.
U kunt alk i o op one ratie ond garie en we verontschuldigen ons vor het geleden ongemak. ledere erkende servicealer mag reparations oder garie uitvoeren. De meeste reparaties oder garie worden routinematig afgehandel, maar aan bepaalde garieverzoeken kan soms niet worden voldaan. Bijvoorbeeld, garieeservice is Niet van toepassing op het product indien schade werd voroortaakt door verkeerd gebruik, gebrek aan normalaal onderhoud, transport, behandeling, opslag in magazijn of foutieve installmente. De garie is evenmin geldig indien het serienummer op het product werd verwijderd of indien wijzigingen of modificaties aan het product werden uitgevoerd.
Deze garantie dekt uitsluitend productgerelateerd defect materiaal en/of afwerking. Om misverstanden te vermijden die zouden konnen ontstaan tussen de klant en de verkoper, worden hierna bepaalde oorzaken van productstoring vermeld die nicht gedekt zichn door de garantie.
Normale slijtage: Door lichte motor aangedreven apparatuur, zoals alle mechanische toestellen, behoeven periodiek onderdelen en service om goed te funtioneren. Garantie dekt de reparatie Niet wanner de levensduur van het product of het onderdeel door normala gebruik is verstreken.
Installatie: Deze garantie is nicht van toepassing op producten die het voorwerp uitmaken van verkeerde ofiet-goedgekeurde installmente of Waaraan wijzigingen of modificaties werden uitgevoerd. Evenmin op installations die het starten voorkomen en onvoldoende motorvermogen leveren.
Slecht onderhoud: De levensduur van dit product is afhankelijk van de omstandigheden waaronder het worden gebruikt en het onderhoud dat er aan wordt uitgevoerd. Aanbevolen intervallen voor onderhoud en afstelling zijn vermeld in de gebruikshandeldeiding. Producten zoals schuifegploegen, kantensnijders, cirkelmaaiers worden freqent gebruikt in stoffige of vuile omstandigheden, waardoor wat op vroegtijdige slijtage lijkt kan ontstaan. Deze slijtage, indien veroorzaakt door vuil, stof of ander schurend materiaal dat in het productterechtkomt omwille van slecht onderhoud, is nicht gedekt door de garantie. De garantie dekt geen reparaties omwille van problemen veroorzaakt door verrangonderdelen die geen originele productonderdelen zich.
Verkeerde en/of onvoldoende brandstof of smering: Deze garantie dekt geen schade voorzaakt door het gebruik van verschaalde brandstof of aangepaste benzines. Schade aan motor of motorcomponenten, d.w.z. verbrandingskamer, kleppen, klepzittingen, klepgeleiders, verbrande startertermotorwikkelingen voorzaakt door gebruik van alternatieve brandstof zoals vloeijaar petroleumgas, aardgas is Niet gedekt tenzij de motor hiervoer gecertificateid is. Onderdelen die beschadigd of defect zich ondat het product werd gebruikt met onvoldoende of verontreinigde smeerolie of smeerolie van het verkeerde type evenals productcomponenten beschadigd omwille van gebrek aan smeermiddelen zich nicht gedekt door de garantie.
Verkeerd gebruik: Correcte bediening van het product staat vermeld in de gebruikshandleiding. Producten beschadigd door te hoge snelheid, oververhitting of gebruik in een ingesloten ruimte zonder voldoende ventilatie. Producten defect door overmatige trillingverooraakt door loszittende motormontage, losse of Niet-uitgebalanceerde bladen, schoepenwielen, te hoge snelheden of gebogen krukassen door het botsen gegen massieve voorwerpen. Schade of storing als gevolg van ongevallen, verkeerd gebruik of slecht onderhoud of bevriezing of chemische schade, evenals gebruik boven het aanbevolen vermogen zoals gestipuleerd in de gebruikshandleiding zichniet gedekt door de garantie.
Routinematige afstelling, slijtageonderdelen of aanpassingen: Deze garantie is nicht van toepassing op slijtageonderdelen zoals olie, riemen, bladen, O-ringen, filters, enz.
Andere uitsluitingen: Reparatie of aanpassing voor onderdelen die Niet geproduerd zich door Briggs & Stratton Corporation, zich nicht gedekt door de garantie, zich garantie voor respectievelijke fabrikanten. Deze garantie sluit defecten uit die te wijten zich aan overmacht en andere nicht te voorziene geburtenissen buiten de contrôle van de fabrikant. Eveneens uitgesloten zich gebruikte, gereviserde en demonstratieproducten.
Garantieservice is enkel beschikbaar via erkende servicedealers. Lokaliseer uw dichtstbijzijnde dealer op once lokalisatiekaart op www.murray.com.
INDHOLD
FARESYMBOLER OG DERES BETYDNINGER 61
BETJENINGSSYMBOLER OG DERES BETYDNINGER 61
REGLER FOR SIKKER BETJENING 62
MONTERING 64
BRUG 64
VEDLIGEHOLDELS - SKEMA 66
FEJLSOGNING-SKEMA 68
BEGRAENSET GARANTI 69