CP 78S F8 - Airconditioner HOTPOINT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CP 78S F8 HOTPOINT in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CP 78S F8 - HOTPOINT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CP 78S F8 van het merk HOTPOINT.
GEBRUIKSAANWIJZING CP 78S F8 HOTPOINT
Belangrijk Teneinde de efficiéntie en de veiligheid van dit apparaat te garanderen: + _dientuzich uitsluitend tot erkende technische service centers te wenden + dientu altijd het gebruik van originele onderdelen te eisen 1 Ditapparaatis vervaardigd voor niet-professioneel ge- bruik binnenshuis. 2 Dezeinstructies zijn alleen geldig voor die landen waar- van de symbolen zijn afgebeeld in de handieiding en op het typeplaatje van het apparaat. 3 Dit apparaat behoort tot de klasse 1 (losstaand) of klasse 2 - subklasse 1 (ingebouwd tussen 2 meu- bels). 4 Voordat u het apparaat gaat gebruiken wordt u verzocht de gebruiksaanwijzingen in deze handleiding aandach- tig te lezen, aangezien zij belangrijke gegevens bevat- ten betreffende de veiligheid van de installatie, het ge- bruik en het onderhoud. Bewaar dit boekje zorgvuldig voor eventuele verdere raadpleging. 5 Na het verwijderen van de verpakking moet men zich ervan verzekeren dat het fornuis geheel gaaf is. In ge- val van twijfel moet u het fornuis niet gebruiken en zich tot een bevoegde installateur wenden. Het verpakkings- materiaal (plastic zakken, piepschuim, spijkers enz.) dient buiten het bereik van kinderen worden gelegd, aangezien het een mogelijk gevaar kan opleveren. 6 Deinstallatie moet door een bevoegde installateur wor- den uitgevoerd en volgens de instructies van de fabri- kant. Een verkeerde installatie kan schade veroorza- ken aan personen, dieren of dingen; voor deze geval- len kan de fabrikant niet verantwoordelijk worden ge- steld. 7 De elekirische veiligheid van dit apparaat is slechts dan verzekerd als het op de juiste wijze is geaard zo- als voorgeschreven door de geldende normen voor de elektrische veiligheid. Het is belangrijk zich hiervan te verzekeren en, in geval van twijfel, een grondige con- trole te laten uitvoeren door een bevoegde elektricien. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die veroorzaakt is door nalatigheid betreffende het aarden van de installatie. 8 Voordat het apparaat wordt aangesloten moet men zich ervan verzekeren dat de gegevens van het typeplaatje (op het apparaat en/of de verpakking) overeenkomen met de kenmerken van het elektrische net en de gasleiding. 9 Controleer dat het elektrische vermogen van het neten van de stopcontacten voldoende is voor het maximum vermogen van het apparaat zoals aangegeven op het typeplaatje. In geval van twijfel moet u zich tot een bevoegde elekiricien wenden. 10 Voor de installatie dient men een meerpolige schake- laar aan te brengen met een afstand tussen de contact- punten van minstens 3 mm. Als de stekker en het stopcontact niet in elkaar pas- sen moet de stekker vervangen worden door een be- voegde elektricien. Deze moet vooral ook controleren dat de doorsnede van de kabels van het stopcontact voldoende is voor het vermogen van het apparaat. Het is in het algemeen af te raden adapters, dubbelstekkers en/of verlengsnoeren te gebruiken. Als het gebruik hier- van echter onvermijdelijk is, moet men enkelvoudige of meervoudige adapters en verlengsnoeren gebruiken die voldoen aan de geldende veiligheidsnormen. Let er echter op de vermogensgrens van de stroom niet te overschrijden zoals is aangegeven op de enkele adapter en op de verlengsnoeren, en het maximum vermogen aangegeven op de meervoudige adapter. 12 Laat het apparaat niet onnodig aan staan. Sluit de stroom van het apparaat af wanneer het niet gebruikt
wordt en sluit de gaskraan af. 13 Laat de ventilatie-openingen of warmte-afvoer vri. 14 De voedingskabel van het apparaat mag niet door de gebruiker zelf vervangen worden. In geval van schade of vervanging van de kabel moet men zich uitsluitend tot een door de fabrikant bevoegde installateur wenden. 15 Dit apparaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het doel waarvoor het vervaardigd is. leder ander gebruik (b.v. het verwarmen van een vertrek) moet als onjuist worden beschouwd en is dus gevaarlijk. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade die te wijten is aan onjuist, verkeerd en onre- delijk gebruik. 16 Het gebruik van ieder elektrisch apparaat houdt het in acht nemen van bepaalde fundamentele regels in. In het bijzonder: + raak het apparaat niet aan met natte of vochtige handen of voeten +__gebruik het apparaat niet als u blootsvoets bent +__gebruik geen verlengsnoeren ofwel slechts met de grootste voorzichtigheid + _trek niet aan het snoer of aan het apparaat zelf om de stekker uit het stopcontact te trekken + __stel het apparaat niet bloot aan de elementen (re- gen, zon enz.) *__zorg dat kinderen of onbekwame personen het ap- paraat niet onbewaakt kunnen gebruiken 17 Sluit altijd, voordat u overgaat tot reiniging of onder- houd, eerst de stroom af door de stekker uit het stop- contact te halen of door de schakelaar om te zetten. 18 Als u het apparaat niet meer gebruikt raden we u aan het buiten werking te stellen door de kabel door te snij- den, nadat u de stekker uit het stopcontact heeft ge- trokken. We raden u ook aan die onderdelen onklaarte maken die een gevaar zouden kunnen opleveren, vooral voor kinderen die ermee zouden willen spelen. 19 Plaats geen wankele of vervormde pannen op de bran- ders en kookplaten om omvallen te vermijden. Zorg dat de handvaten naar het midden van het fornuis zijn ge- richt zodat men er niet tegen kan stoten. 20 Enkele delen van het fornuis blijven na gebruik nog lang warm. Raak ze niet aan. 21 Gebruik geen ontvlambare vloeistoffen (alcohol, benzine enz.) in de buurt van het fornuis als dit in gebruik is. 22 Als u elektrische huishoudapparaten gebruikt in de buurt van het kookvlak, let dan op dat het snoer ervan niet op de hete delen terechtkomt. 23 Controleer altijd dat de knoppen in de positie “”/"O” staan als het fornuis niet gebruikt wordt. 24 Gedurende het gebruik van de oven worden de verwarmingselementen en enkele delen van de oven- deur zeer heet. Raak ze niet aan en houdt kinderen op afstand. 25 Gasfornuizen hebben voor een goede werking be- hoefte aan regelmatige luchtverversing. Controleer dat bij het installeren aan de vereisten is voldaan die beschreven worden in de paragraaf “Plaatsing”. 26 De glazen dekplaat (aanwezig op enkele modellen) kan barsten bij oververhitting. Het is daarom belangrijk dat alle branders of eventuele elektrische kookplaten uit zijn voordat de dekplaat wordt gesloten. 27 Als het fornuis op een voetstuk wordt geplaatst moet u ervoor zorgen dat het er niet af kan schuiven.
Instructies voor de installatie Deze instructies zijn voor de bevoegde installateur, zodat hij het apparaat op de juiste wijze en volgens de geldende normen kan installeren, regelen en onderhouden. Belangrijk: sluit altijd eerst de stroom af voordat u tot onderhoud of regeling overgaat. dit apparaat mag alleen worden geïnstalleerd en dienst doen in permanent goed geventileerde vertrek- ken volgens de voorschriften van de geldende Normen. De volgende eisen moeten in acht genomen worden: a) Het vertrek moet een afvoersysteem naar buiten toe hebben voor de verbrandingsrook. Dit kan door middel van een afzuigkap of door middel van een elektrische ventilator die automatisch aangaat wanneer men de apparatuur aanzet.
In schoorsteen of vertakt rookkanaal {bestemd voor de kookapparatuur) Rechtstreeks naar buiten toe b) Het vertrek moet luchttoevoersystemen hebben die vereist zijn voor de normale verbranding van het gas. De luchttoevoer die vereist wordi voor de normale verbranding moet minstens 2 m/h zijn per kW geïnstalleerd vermogen. Ditsysteem kan worden uitgevoerd door lucht direct van buiten te onttrekken door middel van een buis met een doorsnede van minstens 100 cm en die zodanigis vervaardigd dat hij niet per ongeluk verstopt kan raken. Bij apparaten die geen veiligheidssysteem hebben (voor als de Vlam uitgaat), moeten de ontluchtingsopeningen met 100% wor- den vergroot, met een minimum van 200cm° (Fig. A). Een andere manier kan zijn door op indirecte wiize lucht te onttrekken aan aangrenzende vertrekken, die doormiddel van een ventilatiebuis, zoals boven beschreven, met buiten verbonden zijn en die geen gemeenschappelike delen zijn van het gebouw, ofruimtes met brandgevaar, of slaapkamers (Fig. B). Detail A ‘Te ventileren vertrek. Aangrenzend vertrek. Voorbeeld van ventilatie openingen voor verbrandingslucht Fig. À Vergroting van de opening tussen de deur en de vioer Fig. B c) Als U het apparaat intensief en lang achter elkaar ge- bruikt kan het nodig zijn het vertrek te luchten, b.v. door het raam te openen of door de afzuigkap, indien aanwezig, op de hoogste stand te zetten. Vloeibaar petroleumgas (LPG) is zwaarder dan lucht en blijft laag hangen. Dus moeten vertrekken waar zich LPG-flessen bevinden laag geplaatste ontluchtingsopeningen hebben voor het afvoeren van eventueel ontsnapt gas. Lege of halfvolle LPG-flessen mogen dus niet worden geïnstalleerd of bewaard in vertrekken die lager liggen dan de vloer (kelders enz.). Het is beter alleen de in gebruik zijnde fles in de keu- ken te bewaren, zodanig geplaatst dat hij niet in recht- streeks contact staat met warmtebronnen (oven, open haard, kachel, enz.) die hem tot temperaturen hoger dan 50°C zouden kunnen brengen. Alvorens het fornuis te plaatsen moeten de bijgeleverde verstelbare stelschroeven van 95-155 mm hoog in de daar- voor bestemde gaten aan de onderzijde van het fornuis (fig. F) worden bevestigd. De verstelbare voetjes kunnen worden geregeld doordat ze schroefbaar zijn, zodat het fornuis waterpas kan worden gesteld.
evovvve. fig. F fig. E Installatie van het fornuis Het fornuis kan naast kastjes worden geplaaist die niet hoger zijn dan de kookplaat. De muur die in contact staat met de achterkant van het fornuis mag niet van brandbaar materiaal zijn gemaakt. Tijdens werking kan de achter- kant van het fornuis een warmite bereiken die 50°C hoger is dan de kamertemperatuur. Voor een juiste installatie van het fornuis moeten de volgende voorzorgsmaatregelen in acht genomen worden: Voor een goede werking van het ingebouwde apparaat moeten de minimum afstanden, zoals aangeduid op de figuur E, gerespecteerd worden. Bovendien moeten de aangrenzende oppervlakken en de achterwand uit hitte- bestendig materiaal vervaardigd zijn om een boven- temperatuur van 65°C te weerstaan.
a) Het apparaat kan hetzij in de keuken, hetzij in de eet- zaal of in een kamer worden geplaatst, maar niet in de badkamer. Eventuele afzuigkappen moeten volgens de instructies die in hun gebruiksaanwijzing staan worden geïnstal- leerd. Als het fornuis onder een keukenkastje wordt geïnstal- leerd, moet de afstand tussen de twee minstens 420 mm (millimeter) zijn. De minimum afstand waarin brand- bare keukenelementen direct boven het werkvlak mo- gen worden geplaatst is 700 mm (Fig. C e D). De muur die in contact staat met de achterkant van het fornuis mag niet van brandbaar materiaal zijn gemaakt.
Instructies voor de installatie Ho0D I Ex Min. 600 mm. nr Min. 900 mm. — L + 17 É É Ft
ÿ ÿ HE gl gl < [58 Ë Ê ÊER 000000 © = 00 00 00 Fig. C Gasaansluiting Het aansluiten van het apparaat aan de gasleiding of aan de gasfles moet volgens de geldende normen worden uit- gevoerd, nadat u zich ervan heeft verzekerd dat het appa- raat is ingesteld op het soort gas waarmee het zal worden voorzien. Is dit niet het geval dan moeten de handelingen in de paragraaf “Aanpassing aan de verschillende soorten gas” worden uitgevoerd. Op enkele modellen kan de gas- aansluiting zowel links als rechts worden uitgevoerd; om de aansluiting te veranderen moet u de slanghouder ver- wisselen met de afsluitdop en de bijgeleverde pakking vervangen. Bij gebruik van vloeibaar gas uit een gasfles, dient u drukregulators te gebruiken die voldoen aan de geldende normen. Belangrijk: voor het veilig functioneren, een juist gebruik van energie en een langere duurzaamheid van het appa- raat moet u zich ervan verzekeren dat de gasdruk corres- pondeert aan de waarden die zijn aangegeven in tabel 1 “Kenmerken van branders en straalpijpjes”. Fig. D Aansluiting met flexibele slang Aansluiting door middel van een flexibele gasslang die voldoet aan de waarden van de geldende normen. De in- terne diameter van de slang moet zijn: - 8mm voor voeding met vloeibaar gas; - 18mm voor voeding met aardgas. Het is belangrijk dat wanneer zulke flexibele slangen in gebruik worden genomen men de volgende aanwijzingen opvolgt: +__ De slang mag op geen enkel punt van zijn verloop in de buurt komen van onderdelen die warmer zijn dan 70°C; +__ De slang mag niet korter zijn dan 1500 mm; +__ De slang mag niet onderhevig zijn aan trekkracht, kron- kels of nauwe bochten. +__ De slang mag niet in contact komen met scherpe voor- werpen, scherpe randen of beweegbare onderdelen en mag niet in de knel raken; + __ De slang moet over de gehele lengte makkelik te in- specteren zijn zodat u probleemloos kunt controleren of hij in goede staat verkeert; Verzeker uzelf ervan dat de slang goed vastzit aan de twee uiteinden en zet hem vast met slangklemmen die voldoen aan degeldende normen. Wanneer aan een of meer van deze vereisten niet kan worden voldaan, zal men flexi- bele metalen buizen moeten gebruiken, die voldoen aan de geldende normen. Wanneer het fornuis wordi geïnstalleerd volgens de ver- eisten van de klasse 2 subklasse 1 dient men zich uit- sluitend aan het gasnet te verbinden door middel van een flexibele metalen slang volgens de geldende normen. Aansluiting met een roestvrij stalen flexibele buis aan een onafgebroken wand met aanhechtingen met schroefdraad Verwijder de slanghouder die zich op het apparaat bevindit. Het verbindingsstuk waardoor het gas toegang krijgt tot het fornuis is voorzien van schroefdraad: 2 gas cilindrische schroefbout. Gebruik uitsluitend buizen en pakkingen die voldoen aan de voorgeschreven nationale geldende nor- men. Het in werking stellen van deze buizen moet zodanig worden uitgevoerd dat de lengte van de buizen, geheel uitgestrekt, niet meer dan 2000 mmis. Controle gasdichtheid Belangrijk: nadat het installeren heeft plaats gevonden moet de gasdichtheid worden gecontroleerd met een zeep- oplossing en nooit met een vlam. Nadat de aansluiting heeft plaats gevonden moet U con- troleren dat de flexibele metalen slang niet in contact is met beweegbare delen of dat hij knel zit. Het aansluiten van de voedingskabel aan het elektrische net Bevestig een stekker op de voedingskabel, die geschikt is voor de lading die aangegeven wordt op het typeplaatje. In het geval er een directe aansluiting aan het elektrische net plaatsvindt, moet u tussen het apparaat en het net een meerpolige schakelaar aanbrengen met een minimum afstand tussen de contactpunten van 3 mm. Deze moet aan de lading aangepast zijn en voldoen aan de geldende normen (de geaarde kabel mag niet door de schakelaar onderbroken worden). De voedingskabel moet zodanig geplaatst worden dat hij nergens een temperatuur bereikt die 50°C hoger is dan de kamertemperatuur. V6ér het aan- sluiten moet u controleren dat: +__ de hoofdzekering en uw elektrische net de lading van het apparaat kunnen dragen (zie typeplaatje); +__ de voedingsinstallatie goed geaard is volgens de nor- men en voorschriften van de wet; + _ de stekker of meerpolige schakelaar gemakkelijk te bereiken zijn als de apparatuur eenmaal geïnstalleerd is. N.B.: gebruik geen adapters, dubbelstekkers of dergelijke, aangezien deze oververhitting en verbrandingen kunnen veroorzaken. Aanpassing van het kookvlak aan de verschillende types gas Om het fornuis aan te passen aan een ander type gas dan waarvoor hij is ingesteld (aangegeven op het typeplaatje achter op het apparaat en op de verpakking), moet u de volgende handelingen uitvoeren: a) Vervang de aangebrachie slanghouder met degene die u vindt in de verpakking “fornuisonderdelen”. Let op: Op de slanghouder voor vloeibaar gas staat het nummer 8, op die voor aardgas staat het nummer 13. Zorg in ieder geval voor een nieuwe pakking. b) Het vervangen van de straalpijpen van de branders van het kookvlak: +__ verwijder de roosters en de branders van het kookvlak. + schroef de straalpijpen los met een steeksleutel van 7mm en vervang ze met de straalpijpen die geschikt zijn voor het nieuwe type gas (zie tabel 1 “Kenmerken van de branders en straalpijpen”.
Instructies voor de installatie zet alle onderdelen in omgekeerde volgorde weer op hun plaats. c) Het regelen van de minimum stand van de branders: + _zet het kraantje op minimum; verWwijder de knop en draai aan de regelschroef die zich aan de binnenkant of aan de zijkant van het kraan- staafje bevind totdat u een kleine regelmatige vlam heeït. N.B.: in het geval van gebruik van vloeibaar gas moet u de regelschroef helemaal dichtschroeven. draai de knop snel van maximum naar minimum om te zien of de vlammen blijven branden. d) Het regelen van de primaire lucht van de branders van het kookvlak: De branders hebben geen regulatie van de primaire lucht nodig. Belangrijk Aan het einde van deze handelingen moet u het oude eti- ket dat de gasinstelling aangeeft, vervangen met het eti- ket dat overeenkomt met het nieuwe gas dat u gaat ge- bruiken; u vindt deze in het zakje met de bijgeleverde straal- pipies. NB.
Als de gasdruk van het gebruikte gas verschillend (of va- riabel) is van wat is voorzien, moet op de toevoerbuis een drukregulator worden aangebrachit die voldoet aan de plaat- selijk geldende normen betreffende “regulatoren voor ge- kanaliseerd gas”. Kenmerken van de branders en de straalpijpjes Tab 1 (Voor Belgie) Vloeibaar gas Aardgas Brander | Warmtecapacit-| By-pass | Inspuiter Débit * Inspuiter] Debiet doorsnee | eit kW (H.s.*) 1/100 1/100 gh 1/00 Uul BRANDER (mm) mm) | (mm) (mm) Nom. Ger. G30 G31 G20 G25 C. Snel 100 3.00 0.7 40 86 218 214 116 286 332 B. Halfsnel 75 1.90 0.4 30 70 138 118 106 181 210 A. Hulp 55 1.00 0.4 30 50 73 71 79 95 111 D.Drievoudige vlamkroonbrander (T.C.) Vioeibaar gas 130 3.25 15 63 91 236 232 D. Drievoudige vlamkroonbrander (T.C.) Aardgas 130 3.40 15 133 324 376 Nom.(mbar) 28-30 | 37 20 25 Voedingsdruk Min.(mbar) 20 25 17 20 Max.(mbar) 35 45 25 30
- Bei 15°C und 1013 mbar-Trockengas Propangas G31 Hs (oberer Heizwert) = 50,37 MJkg Butangas G30 Hs (oberer Heizwert) = 49,47 MJ/kg Methangas G20 Hs (oberer Heizwert) = 37,78 MJ/ms Methangas G25 Hs (oberer Heizwert) = 32,49 MJ/mS
Technische gegevens Afmetingen van de oven: breedte in cm 48,5 diepte in cm 40 hoogjie in cm. 32 Inhoud van de oven: 56 liter Afmetingen van de verwarmingslade: breedie in cm. 46 diepte in cm. 42 hoogie in cm. 8,5 ENERGY LABEL Richtlin 2002/40/CE op etiket van de elektrische ovens Norm EN 50304 Energieverbruik convectie aardgas verwarmingsfunctie: ETraditioneel Energieverbruik verklaring Klasse convectie Hetelucht verwarmingsfunctie: [=] Gebak Voltage en frequentie van de elektrische voeding: zie typeplaatje Branders: geschikt voor alle soorten gas aangegeven op het typeplaatje Dit apparaat voldoet aan de volgende EU Richtlijnen: -__78/23/EEG van 19/02/73 (laagspanning) en daaropvol- gende wijzigingen; - 89/336/EEG van 03/05/89 (elektromagnetische compatibiliteit) en daaropvolgende wijzigingen:; - 90/396/EEG van 29/06/90 (Gas) en daaropvolgende Wijzigingen; - _93/68/EEG van 22/07/93 en daaropvolgende wijzigin- gen. Fornuis met Pirà oven 6] El Ke] El El 8 Éanueren ns Lekplaat Gasbrander Elektronische ontsteking Rooster van de kookplaat Bedieningspaneel Stelschroeven Lekplaat of bakplaat Veiligheidssysteem gasbranders Ovenrooster Keuzeknop kookfuncties Temperatuurknop Knoppen van de gasbranders Elektronische programmeerknop — Hiermee kunt u iedere functie voor het koken programmeren met het instellen van kooktijd en einde kooktijd. Er is ook een timerfunctie. OZETAIONMOOWx»
1 Ovenverlichting 2 Regelentimer/klok 3 Einde kooktijd 4 Kooktid 5 Verminderen minuten 6 Vermeerderen minuten 7 Aanwijzer minutenteller actief 8 Indicator voorverwarming (L5 knippert) of kooktijd (4 blijvend) is bezig 9 Indicator programmering kooktijd/einde kooktijd uitge- voerd 10 Indicator blokkering deur Gebruiksaanwijzing De verschillende functies van de oven worden gekozen door middel van de knoppen op het bedieningspaneel. KOOKPLAAT De knoppen van de gasbranders van het fornuis (N) Bij iedere knop is met een ingevuld cirkeltje * de positie aange- geven van de gasbrander waar hij bij hoort. Om een van de branders te ontsteken dient u er een vlam of aansteker bij te houden, de knop in te drukken en tegen de klok in te draaïen tot op hetmaximum 0. Elke brander kan op het maximum, op het minimum, of op de helft van zijn vermogen werken. Voor deze verschillende prestaties zijn op de knop, behalve de stand ‘uit, aangegeven door het symbool * wanneer deze op de stand staat die is aangegeven door de betreffende aanwizer, ook de posities van maximum Ô enminimum 6 aangegeven. U dient hiervoor de knop tegen de klok in te draaien vanuit de ‘uit stand. Om het gas uit te zetten, draait u de knop met de klok mee totdat hij niet verder kan (wederom tot het symbool ®. Elektronische ontsteking van de gasbranders van het fornuis Voor het aansteken van de gewenste gasbrander drukt u de bijbehorende knop geheel in en draait u hem tegen de klok in tot aan de maximum ô stand; houdt hem ingedrukttotdat de bran- der aanis. Belangrijk: mochteen gasbrander per ongelukuïtgaan, draai dan de knop op‘uit’en wacht minstens 1 minuut voordat u hem weer probeert aan te steken. Modellen met veiligheidssysteem tegen gaslekken voor de gasbranders van het fornuis U kunt deze modellen herkennen aan de aanwezigheid van het systeem (zie punt H). Belangrijk: aangezien de gasbranders zijn voorzien van een veiligheidssysteem is het noodzakelijk de knop ongeveer 3 seconden ingedrukt te houden voor de doorgang van het gas, totdat de thermokoppel beveiliging warm is. Praktische raadgevingen voor het gebruik van de branders Voor het beste rendement moet u het volgende onthouden: + gebruik vooriedere brander de pan die erop past (zie tabel) om te vermijden dat de vlammen er onderuit vandaan ko- men. +__gebruikalleen pannen met een platte bodem. + draaide knop ophet minimum zodra het kookpunt is bereikt. + gebruikaltijd pannen met deksels. Brander 9 Diameter pan (cm) Snel (R) 24 - 26 Half-snel (S) 16-20 Spaarbrander (A) 10-14 Drievoudige Ring (TC) 24 - 26 N.B. Op modellen die voorzien zijn van een vamverspreider moet deze alleen worden gebruikt op de extra brander wanneer men pannen gebruikt die een doorsnede hebben van minder dan 12 cm. OVEN: De7 Koks Ovenverenigt in één enkel apparaat de voordelen van de traditionele oven (statisch) met die van de moderne heteluchtoven (geventileerd). Dit is een veelzijdig apparaat waarmee u op eenvoudige en veilige wijze kunt kiezen tussen 7 verschillende manieren van koken. U kiest de verschillende functies met behulp van de keuzeknop“L” op het bedieningspaneel. Belangrijk: Wij raden u aan bij het eerste gebruik de oven ongeveer een half uur leeg te laten functioneren op maxi- mum temperatuur en met de deur dicht. Als deze tijd verstre- ken is opent u de ovendeur en lucht u het vertrek. De geur die men soms gedurende deze handeling waarneemt is te Wijten aan het verdampen van de middelen die gebruikt wor- den om de oven te beschermen in de periode tussen de productie en de installatie van het product. Uitzetten “Demo Mode” Als op de display de woorden “DEMO ON” verschijnen dient u de knop“L”op stand 0 te zetten en daarna de toetsen “1” a “6” in te drukken om de oven weer in werking te kunnen stellen. Het instellen van de digitale klok Hetinstellen van de klokis alleen mogelijk met de knop“L”’in de positie 0. Na het aansluiten op het elektrische net ofna een black-out, kunt u de tijd instellen door de knop “2” ingedrukt te hou- den totdat op de display de tijd verschijnt; u kunt hem
Gebruiksaanwijzing bijstellen door op de volgende toetsen te drukken — en/ of +. Timer Vergeet niet dat de timer niet het aan- en uitgaan van de oven controleert, maar alleen een geluidssignaal geeft als de inge- stelde tijd is verstreken. Dit signaal kan worden uitgezet door op een willekeurige knop te drukken. Voor het instellen van de timer drukt u op de knop “2” en vervolgens regelt u het met de toetsen — en/of +. Door het symbool À kunt u zien dat de timer aan is. Als de ingestelde tijd verstreken is, hoort u een geluidssignaal dat hetzij na 1 min. vanzelf ophoudt hetzij na het indrukken van een willekeurige knop. N.B.: Wanneer de display “end” aangeeft is de timer func- tie niet beschikbaar. Ovenlicht Ook als de oven uit is kan het ovenlicht op ieder willekeu- rig moment aan of uit worden gezet door op toets “1” te drukken of door de ovendeur te openen. Tijdens het koken blijft het licht altijd aan. Venitilator Om de oven aan de buitenkant niet te heet te laten worden zijn enkele modellen voorzien van een verkoelingsventilator die een luchtstroom creëert tussen het voorpaneel en de ovendeur. N.B.: Aan het einde van de kooktijd blijft de ventilator aan totdat de oven voldoende is afgekoeld. N.B.: In “Fast cooking” en “Gebak oven” gaat de ventilator pas aan als de oven warm is. Belangrijk: het apparaat is voorzien van een diagnostisch systeem dat eventuele storingen opspoort. De gebruiker wordt hierop attent gemaakt door een boodschap van het soort:“Er XV” (xy=code nummers tussen de 01 en de 99). In dit geval moet de technische dienst worden gewaarschuwd, aange- Zien de oven niet functioneert. Gebruik oven N.B.: Wanneer de ovendeur geblokkeerd is (bijvoorbeeld direct na een FAST CLEAN) is het niet mogelijk de oven te gebruiken als gevolg van de te hoge temperatuur van de oven. De display zal u dit aangeven door middel van de bood- schap “HOT”. Alleen nadat het symbool “sleutel” zal ver- dwijnen kan men de oven weer gebruiken. Door aan de knop “L” te draaien kunt u het gewenste kook- programma kiezen. De oven gaat meteen in de voorverwarmingsfase en het symbool en op de display gaat knipperen; de kook- temperatuur die bij het gekozen programma hoort ver- schijnt: mocht dit niet de temperatuur zijn die u wilt heb- ben, dan kunt u hem eenvoudigweg veranderen door aan knop “M” te draaien. Als de voorverwarming klaar is hoort u drie achtereen- volgende geluidssignalen en ziet u dat het symbool ‘1, aan zal blijven en niet meer knippert. Nu kunt u het gerecht dat u wilt koken in de goed verwarmde oven plaatsen. N.B.: voor de functies FAST COOKING en GRILL is de voor- verwarming niet noodzakelik. Vergeet niet dat gedurende het koken nog altijd de mogelijk- heid bestaat om: +__het programma te veranderen met behulp van knop“L”; +__ de temperatuur te veranderen met behulp van knop “M”; + __ de duuren het einde van de kooktijd te programmeren (zie paragraaf “Kooktijd programmeren” ). +__de kooktijd te allen tijde te onderbreken door de knop “L” op de stand 0. terug te brengen. + _hetinstellen van de timer. Belangrijk: Zet de bijgeleverde lekplaat voor het opvangen van sappen en’of druipend vet op de eerste ovenstand van onder , maar alleen als u de grill of het braadspit (slechts bij enkele modellen aanwezig) gebruikt. Voor ander soort ge- bruik nooit de onderste ovenstand gebruiken en geen voor- werpen onderin de oven plaatsen terwijl u aan het koken bent, aangezien dit schade aan het email kan veroorzaken. Plaats uw ovenschotels, aluminiumfolie en dergelijke altijd op het bijgeleverde rooster, dat u in de gleuven van de oven schuift. Traditionele oven Positie thermostaatknop “M”: Tussen de 40°C en 250°C. In deze stand gaan de twee onderste en bovenste verwarmingselementen aan. Dit is de klassieke, ouder- wetse oven, die verheven is tot een uitzonderlijk niveau van temperatuurverspreiding en energiebesparing. De tra- ditionele oven blijft onovertroffen voor het koken van oven- schotels, waarvan de verschillende ingrediënten een ge- heel vormen zoals b.v.: kool met varkensvlees, stokvis- schotels, rijst met kalfsvlees enz.. Uitstekende resulta- ten verkrijgt u bij het koken van gerechten die gebaseerd Zijn op rundvlees, varkensvlees of kalfsvlees zoals: stoof- schotels, goulash, wild, varkenshaas enz.. die langzaam gekookt en bedropen moeten worden. Het is ook het beste systeem voor het bakken van taarten en koekjes, ge- stoofde vruchten en voor het koken in speciaal voor de oven geschikte pannen. Gebruikt U bij het koken in de traditionele oven liever slechts één rek, aangezien op meerdere roosters koken de juiste verspreiding van de warmte verhindert.Bij gebruik van meerdere roosters kunt u de hoeveelheid warmte tussen de bovenste stand en de onderste stand tegen elkaar afwegen. Als meer boven- of onderwarmte vereist is, zet u de schotel hoger of lager in de oven. Oven Multikoken L*] Stand thermostaatknop “M”: Tussen de 40°C en 250°C. Alle verwarmingselementen gaan om de beurt aan en de ventilator gaat werken. Aangezien de warmite in de hele oven constant en gelijkmatig is, zorgt de lucht dat de gerechten op gelijkmatige wijze gekookt en gebakken worden. U kunt ook verschillende gerechten tegelijkertijd koken mits de kook- tijden gelijk zin. Het is mogelijk maximaal 2 rekken tegelijk te gebruiken volgens de aanwijzingen in de paragraaf“Tege- lijkertijd op meerdere niveaus koken”. Deze functie is vooral aangewezen voor gerechten die gegratineerd moeten worden of die vrij lang moeten koken zoals: lasagne, macaronischotel, kip met gebakken aardappelen enz.... Goede resultaten krijgt u ook met braadstukken, aangezien de verspreiding van de temperatuur het mogelijk maakt lagere temperaturen
Gebruiksaanwijzing te gebruiken, wat ervoor zorgt dat minder vleessappen verloren en waardoor het braadstuk mals blijft en minder aan gewicht verliest.… De Multikoken oven i bijzonder geschikt voor het stoven van vis, waarbij slechts weinig vetten en kruiden nodig zijn, zodat de vorm en smaak van de vis bewaard blijven. Voor wat betreft groentes kan men zeer goede resultaten bereiken met bijvoorbeeld het stoven van courgettes, aubergines, paprika's, tomaten enz... Desserts: uitstekend geschikt voor taarten die moeten rijzen. De functie “Multikoken” kan ook worden gebruikt voor het ontdooien van rood en wit vlees en brood, met een tempera- tuur van 80°C. Voor het ontdooien van kwetsbaardere ge- rechten zet u de temperatuur op 60°C of gebruikt u alleen het circuleren van koude lucht met de thermostaat op 0°C. Grill Stand thermostaatknop “M”: 50%, 75%, 100%. Het bovenste verwarmingselement gaat aan en het braad- spit (waar aanwezig) gaat draaien. De hoge en rechistreekse hitte grilt de buitenkant van het vlees onmiddellijk zodat er geen vocht verloren gaat en de binnenkant mals blijft. De grill wordt aangeraden voor die gerechten die een hoge temperatuur nodig hebben voor het grillen van de buitenkant b.v. kalfs- of runderbiefstuk, entrecote, filet, hamburgers enz... Kook de gerechten met de ovendeur dicht. U vindi enkele voorbeelden voor het gebruik in de tabel “Prak- tische raadgevingen voor het koken”. N.B.: door aan de knop “M” te draaien ziet u op de display 3 verschillende energiepercentages verschijnen die res- pectievelijk het minimum niveau (50%), het middelste ni- veau (75%) en het maximum niveau (100%) aangeven. Gratineren Stand thermostaatknop “M”: Tussen de 40°C en 250°C. Het bovenste verwarmingselement gaat aan en de ventilator en het braadspit (waar aanwezig) gaan werken. Hiermee wordt de rechtstreekse bovenhitte van de grill ge- combineerd met de circulatie van de lucht in de oven. Het eventuele verbranden van de buitenkant wordt zo vermeden en de warmte dringt gemakkelijker door naar de binnenkant. U verkrijgt uitstekende resultaten met de hetelucht grill bij het bereiden van vlees aan de spies, worsties, spareribs, lamskoteletten, kip, kwartel, varkenshaas enz.. Houdi bij het gratineren de ovendeur dicht, en stel een temperatuur van maximaal 200°C in. Gratineren is perfect voor het bereiden van zaagbaars, zwaardvis, gevulde inktvis enz.…. . Pizza-oven Stand thermostaatknop “M”: Tussen de 40°C en 250°C. De onderste en de cirkelvormige verwarmingselementen gaan aan en de ventilator gaat draaien. Met deze combinatie wordt de oven snel warm dankzij het aanzienlijke vermogen (2800 W) dat vooral van onderaf komt. De pizza oven is vooral geschikt voor gerechten die een hoge temperatuur nodig hebben, b.v. pizza en grote braadstukken. Gebruik één lekplaat of rooster per keer; indien u op meer niveaus kookt moeten de gerechten halverwege de kooktijd van plaats verwisseld worden. Gebak Oven Stand thermostaatknop “M”: Tussen de 40°C en 250°C. Het achterste verwarmingselement gaat aan en de ventilator gaat draaien, zodat een gelijkmatige zachte warmte gega- randeerd wordt. Deze functie is aanbevolen voor het bakken van fine ge- rechten en vooral voor taarten die moeten rijzen en sommige kleine taartjes op 3 hoogtes tegelijkertijd. Enkele voorbeel- den: beignets, zoete koekjes en kaaskoekjes, gerechten in bladerdeeg, gegratineerde groentegerechten, enz.…. “Fast cooking” oven («| Stand thermostaatknop “M”: Tussen de 40°C en 250°C. Alle verwarmingselementen gaan aan en de ventilator gaat draaien zodat een gelijkmatige en constante warmte wordt gegarandeerd. Deze functie is vooral aangewezen voor het vlug koken (zon- der voorverwarming) van b.v. diepvriesproducten, voorgekookte gerechten en bepaalde zelfgemaakte gerechten . De “Fast cooking” resultaten zijn het best als slechts één rek wordt gebruikt (het 2e van onderaf), zie tabel “Praktische raadgevingen voor het koken”. ?Ontdooi” oven Stand thermostaatknop “M”: onverschillig De ventilator achter in de oven doet de lucht op kamer- temperatuur circuleren. Deze functie wordt aanbevolen voor het ontdooien van vrijwel alle etenswaren, maar in het bij- zonder voor gerechten die geen hitte kunnen verdragen, zoals bijvoorbeeld ijstaarten, taarten met crèmes of slag- room, vruchtentaarten. De normale ontdooitijd wordt met deze methode ongeveer gehalveerd. Bij vlees, vis of brood kunt u de tijd versnellen door de “Multikoken” functie te gebruiken met een temperatuur van 80° - 100°C. Automatische reiniging door middel van fast clean Deze functie gebruikt u om de oven grondig te reinigen. Voor informatie betreffende Fast Clean, zie de paragraaf “ Automatische reiniging door middel van Fast Clean”. Herstellen na een elektrische black-out In het geval de temperatuur in de oven niet teveel is ge- zakt, is het apparaat voorzien van een systeem dat in staat is de kooktijd/pyrolyse te hervatten vanaf het punt dat de black-out begon. Vergeet niet dat deze functie zal worden geannuleerd wanneer u tijdens de black out aan de knoppen “L” e “M” draaït. Vergeet ook niet aan het einde van de kooktijd/pyrolyse de tijd weer in te stellen. NB. Denk eraan dat, voor veiligheidsredenen, de programme- ringen betreffende kooktijden/pyrolyse die nog wachten op een startsignaal niet worden hersteld bij het terugkeren van de stroom.
Geprogrammeerd koken Het programmeren van de duur en/of het einde van de kooktijd moet worden uitgevoerd nadat de gewenste func- tie is gekozen. Programmeren van de kooktijd Druk op de toets “4” en regel de kooktijd door te drukken op de toetsen — en +. Druk op de toets “4” ; de instel- ling zal worden onthouden en op de display zal om de beurt de ingestelde temperatuur, die u kunt aanpassen met de knop “M”, en de resterende kooktijd verschijnen. Als deze tijd is verstreken ziet u op de display het woord «end» verschijnen en hoort u een aantal geluidssignalen die aankondigen dat de kooktijd voorbij is. + Druk op een willekeurige toets om het geluidssignaal te onderbreken. +. Draai de knop “L” op stand O0 om de boodschap «end» te verwijderen. Voorbeeld Het is 9:00 uur en u programmeert een kooktijd van 1 uur en 15 minuten. De kooktijd wordt automatisch onderbroken om 10:15 uur. 9h00 10h00 11h00 12h00 FOh1S Tijdsduur = 1h15° Tijd Handmatige Automatisch einde start Programmeren van het einde van de kooktijd Druk op de toets “3” en regel door te drukken op de toet- sen — en +. Druk op de toets “3”; de instelling zal wor- den onthouden en op de display zal om de beurt de inge- stelde temperatuur en de resterende kooktijd verschijnen. Als deze tijd is verstreken ziet u op de display het woord «end» verschijnen en hoort u een aantal geluidssignalen die aankondigen dat de kooktijd voorbij is. + Druk op een willekeurige toets om het geluidssignaal te onderbreken. +. Draai de knop “L” op stand O0 om de boodschap «end» te verwijderen. Automatische rei Door de functie Fast Clean te activeren bereikt de temperatuur in de oven de 500°C die nodig zijn voor het verbranden van voedselresten. Door de glasruit van de ovendeur kunt u deeltjes zien die oplichten gedurende de verkoling door pyrolyse, doordat ze in contact komen met de verwarmingselementen: dit is momentverbranding, een absoluut normaal fenomeen dat geen enkel gevaar met zich mee brengt. Enige nuttige wenken voordat het automatisch reinigen begint
1- Probeer met een vochtige spons de hardnekkigste
etensresten te verwijderen. Gebruik absoluut geen schoonmaakmiddelen of welk product dan ook wat wordt aangeraden voor het reinigen van ovens.
2- Verwijder alle accessoires uit de oven, aangezien deze
niet tegen zulke hoge temperaturen zijn bestand. Bovendien zouden sommige accessoires de automatische reiniging in de weg kunnen staan doordat ze de circulatie van hete lucht Voorbeeld Het is 9:00 uur en het einde van de kooktijd wordt op 10:15 ingesteld. De kooktijd zal 1 uur en 15 minuten bedragen. riésduurims9h00 10h00 11h00 12h00 Tijd Handmatige Automatisch einde start Programmeren van een uitgestelde kooktijd Druk op de toets “4” en regel de kooktijd door te drukken op de toetsen — en +. Druk op de toets “4”;de instel- ling zal worden onthouden en op de display zal om de beurt de temperatuur en de ingestelde tijd verschijnen. Druk op de toets “3” en regel de tijd door te drukken op de toetsen — en -. Druk op de toets “3”; de instelling zal worden onthouden en op de display zal om de beurt de eindtijd en de ingestelde temperatuur verschijnen. Voorbeeld Het is 9:00 uur, u programmeert een kooktijd van 1 uur en 15 minuten en de eindtijd om 12:30. De kooktijd zal automatisch om 11:15 beginnen. Tidsduur= 15, 9h00 10h00 11h09, 12h00 sement ! Pret | } inde vindt plants om 1230 4 À À Automatische _ Geprogrammeerd start einde Het symbool A laat zien dat u de duur en/of het einde van de kooktijd heeft geprogrammeerd. Het annuleren van een programma Voor het annuleren van een reeds ingesteld programma draait u de knop “L” tot aan de positie “0”. iging door middel van Fast Clean op de wanden zouden verhinderen. De accessoires kunnen gewoon worden afgewassen (00k in de vaatwasser) .
3- Laat geen keukendoeken aan het handvat hangen.
Belangrijk: gedurende de automatische reiniging kan de buitenkant van de oven zeer warm worden. Houdi kleine kinderen op een afstand. Het activeren van Fast Clean — Sluit de ovendeur. — Zet de keuzeknop op —_ Voor het programmeren van de tijdsduur en/of het einde van Fast Clean volgt u de instructies in de paragraaf “Programmeren Fast Clean”. U kunt kiezen voor een tijdsduur van tussen de 60 en de 120 minuten naar gelang hoe vuil de oven is. Veiligheidssystemen Gezien de hoge temperatuur die wordt bereikt, is de oven voorzien van enkele veiligheidssystemen:
Automatische reiniging door middel van Fast Clean + _ de deur wordt automatisch geblokkeerd zodra de temperatuur erg hoog oploopt, teneinde ieder risico van verbranding te vermijden:; + _de verwarmingselementen worden niet meer elek- trisch gevoed, om te voorkomen dat zich een storing zou kunnen voordoen. + __Als de deur geblokkeerd is kunnen de tijdsduur en de eindtijd niet meer veranderd worden. +__Wanneer de temperatuur dichtbij de elektrische onder- delen van het apparaat de veiligheidswaarden zal heb- ben bereikt, zal het niet mogelijk zijn de functie “Fast clean” te starten. Op de display zult u “HOT” zien staan. U zult moeten wachten totdat de ventilator uitgaat voor- dat u “Fast clean” opnieuw kan starten. Wat gebeurt er aan het einde van de automatische reiniging? Aan het einde van de automatische reiniging verschijnt het woord “end” op de display en hoort u een geluids- signaal dat uitgezet kan worden door op een willekeurige toets te drukken. Door de knop “L” op “0” te zetten ver- dwijnt het woord “end”. De ovendeur kan pas worden geopend als de temperatuur tot een acceptabel niveau is gezakt. U kunt nu wat wit poeder waarnemen op de bodem en op de wanden van de oven; verwijder dit met een vochtige spons zodra de oven helemaal is afgekoeld. Als u wilt profiteren van de overgebleven warmte van de oven om te gaan koken, kunt u het witte poeder rustig laten liggen aangezien het geen enkel gevaar oplevert voor het gerecht dat u wilt koken. Belangrijk: teneinde de efficiëntie van het apparaat te verbeteren en de levensduur ervan te verlengen, is het aan te raden de automatische reiniging uit te voeren wanneer het kookviak uit is. Programmeren van Fast clean Het programmeren van de duur en/of het einde van Fast Clean moet worden uitgevoerd nadat u de Fast Clean functie heeft geselecteerd en in ieder geval in de eerste 10 minu- ten na het in werking stellen van het programma. Programmeren tijdsduur van de Fast Clean Druk op de toets “4” en regel de tijdsduur door te drukken op de toetsen — en +. Druk op de toets “4”;de instel- ling zal worden onthouden en op de display zal de tijd ver- schijnen die nog rest voor het einde van Fast clean. Als deze tijd is verstreken verschijnt op de display het woord «end» en hoort u een aantal geluidssignalen die aankondigen dat het reinigen klaar is. + Druk op een willekeurige toets om het geluidssignaal te onderbreken. +__Draai de knop “L” op stand 0 om de boodschap «end» te verwijderen. Voorbeeld Het is 9:00 uur en u programmeert een Fast Clean sessie van À uur en 15 minuten. Fast Clean wordt automatisch onderbroken om 10:15 uur. 9h00 10h00 11h00 12h00 FOh1S Tijdsduur = 1h15° Handmatige Automatisch einde start Programmeren van het einde van Fast Clean Druk op de toets “3” en regel door te drukken op de toet- sen — en +. Druk op de toets “3”;de instelling zal wor- den onthouden en op de display zal de tijd verschijnen die nog rest voor het einde van Fast clean. Aan het einde van de Fast Clean tijd die u van tevoren heeft gekozen, verschijnt op de display het woord “end” en hoort u een aantal geluidssignalen die aangeven dat het reinigen is afgelopen. + Druk op een willekeurige toets om het geluidssignaal te onderbreken. +__Draai de knop “L” op stand 0 om de boodschap «end» te verwijderen.
Voorbeeld Hetis 9:00 uur en het einde van Fast Clean wordt ingesteld om 10:15. De Fast Clean sessie zal 1 uur en 15 minuten duren. 9h00 Tijdsduur = 1h15° 11h00 10h00 12h00 10m Tijd Handmatige Automatisch einde start Programmeren van een uitgestelde Fast Clean Druk op de toets “4” en regel de tijdsduur door te drukken op de toetsen — en +. Druk op de toets “4”;de instel- ling zal worden onthouden en op de display verschijnen. Druk op de toets “3” en regel de eindtijd door te drukken op de toetsen — en +. Druk op de toets “3”; de instel- ling zal worden onthouden en op de display zal om de beurt de eindtijd en de resterende tijd verschijnen. Voorbeeld Het is 9:00 uur, de tijdsduur van de Fast Clean wordt ingesteld op 1 uur en 15 minuten en het einde om 12:30. De Fast Clean zal automatisch om 11:15 beginnen. Tijdsduur = 10h00 11h09, 12h00 geprogramt 1 L ñ einde vindt LA D EL ï + om 12.30 # Automatische Geprogrammeerd start einde Het symbool A laat zien dat u de duur en/of het einde van de Fast Clean heeft geprogrammeerd. Het annuleren van een programma Voor het annuleren van een reeds ingesteld programma draait u de knop “L”tot aan stand “0”.
Schrik niet wanneer 1 aan het begin van de Fast Clean sessie de koeling- ventilator op lage snelheid functioneert; 2 gedurende het gebruik van Fast Clean de zekering van het net doorslaat: het net is overbelast (gebruik van meerdere elektrische apparaten tegelik); 3 de ovendeur geblokkeerd is gedurende het Fast Clean programma: dit is een veiligheidsmaatregel van het apparaat; de deur kan pas weer worden opengemaakt als de oven is afgekoeld; 4 na de Fast Clean sessie er nog kleine vlekken op de binnenwanden van de oven zijn: het is nuttig om indien nodig voor de zelfreiniging de meest hardnekkige etens- resten te verwijderen en een tijdsduur van het pro- gramma in te stellen die overeenkomt met de hoeveel- heid vuil in de oven; 5 aanheteinde van de bereidingstijd nog geventileerde lucht uit de oven komt: dit is de normale fase die nodig is voor het afkoelen van de oven; 6 bij de grillfunctie de bovenste weerstand niet aldoor aan blijft staan (rode kleur): het functioneren wordt door een thermostaat geregeld; 7 er stoom ontsnapt wanneer de deur gedurende het ko- ken wordt geopend; 8 er waterdruppels of stoom ontstaan in de oven als u na de bereidingstijd het gerecht in de oven laat staan; Kooktips De oven biedt een grote verscheidenheid mogelijkheden die het mogelijk maken ieder soort gerecht op de beste wijze te koken. Met verloop der tijd zult u leren het fornuis op de beste wijze te gebruiken; de volgende aanwijzingen zijn dus relatief en zullen door uw persoonlike ervaringen worden uitgebreid. Tegelijkertijd op meer ovenrekken koken Als u op meer rekken tegelijk wilt koken kunt u de functie “gebak oven” LË]gebruiken, of de functie Ex] “Multikoken” ; dit zijn de enige waarbij deze mogelijkheid bestaat. Voor het koken van vertijnde gerechten op meer dan een rek kunt u het beste de functie “gebak oven” LI gebrui- ken, die de mogelijkheid biedt om op 3 rekken tegelijk te koken (ste, 8e en 5e). U vindt enkele voorbeelden in de tabel “Praktische raadgevingen voor het koken”. Voor andere gerechten op meer rekken gebruikt u de func- tie [X]“muitikoken” en houdit u rekening met de volgende aanwijzingen: +__ De oven heeft 5 posities. Bij hetelucht gebruikt u twee van de drie middelste posities, de onderste en de bo- venste positie van de oven worden rechtstreeks door de hete lucht geraakt, hetgeen bij kwetsbaarder gerech- ten het aanbranden zou kunnen veroorzaken. + Normaal gesproken gebruikt u het 2e en het 4e rek van beneden af, en plaatst u op de 2e verdieping het ge- recht dat de meeste warmte nodig heeft. Als u b.v.een braadstuk wilt braden tegelijk met een ander gerecht, plaats dan het braadstuk op de 2e verdieping en het andere, kwetsbaardere gerecht op de 4e; + Als u verschillende gerechten tegelijkertijd in de oven heeft staan, en deze hebben verschillende kooktijden en temperaturen nodig, stel dan een gemiddelde tem- peratuur tussen de twee in, zet het meest kwetsbare gerecht op de 4e positie en haal het gerecht dat de minste tijd nodig heeft het eerst uit de oven. + Gebruik de lekplaat op de onderste positie en de grill op de bovenste positie; Gebruik van de functie “Fast cooking” Functioneel, snel en praktisch voor wie “voorgekookte” producten gebruikt (b.v.: diepvries of kant en klare gerech- ten) en niet alleen; u vindt nuttige aanwijzingen in de tabel “Praktische raadgevingen voor het koken”. Gebruik van de grill De “7 Koks” oven biedi verschillende mogelijkheden voor het bakken onder de grill. Gebruik de functie = “grill”, met de ovendeur dicht, plaats het gerecht in het midden van het rek op de 3e of 4e stand vanaf beneden. Plaats de bijgeleverde lekplaat voor het opvangen van drui- pend vet op de 1ste verdieping. Als u deze functie gebruikt is het raadzaam de stroomsterkte op maximum in te stellen, ook al zou u lagere sterktes in kunnen stellen door de thermostaatknop op de gewenste stand te zetten. De functie F“Gratineren”, altijd met een gesloten oven- deur, is handig voor snel grillen; de hitte van de grill wordt verspreid zodat zowel de bovenkant bruin wordt en de onderkant gaar. U kunit deze functie ook gebruiken voor gerechten die op het einde aan de bovenkant gebruind moeten worden, zo- als b.v. een macaronischotel, lasagne enz.. Bij gebruik van deze functie plaatst u het gerecht op de 2e of 3e verdieping van beneden af (zie tabel) en plaats u de lekplaat voor het opvangen van druipend vet op de 1ste verdieping van onderen. Belangrijk: houdt bij het koken met de functie “Gratineren’ altijd de ovendeur dicht, u bereikt zo be- tere resultaten en een aanzienlijke energiebesparing (on- geveer 10%). Bij deze functie wordt aangeraden de thermostaat op 200°C te zetten aangezien dit het beste rendement geeft, gebaseerd op de uitstraling van infrarode stralen. Natuur- lijk kunt u ook lagere temperaturen instellen door de thermostaatknop op de gewenste temperatuur te zetten. De beste resultaten bij gebruik van de grill krijgt u met het rek op de hoogste standen (zie tabel) en, teneinde het vet op te vangen en rookproductie te voorkomen, de bijgeleverde lekplaat op de laagste stand.
Kooktips Taarten Bij het bakken van taarten en cakes moet de oven altijd warm zijn voordat u ze erin plaatst. Open de ovendeur niet gedurende het bakken om inzakken te vermijden . In het algemeen: Taart te droog Zet de volgende keer de temperatuur 10°C hoger en verminder de bereidingstijd. Taart ingezakt Maak het deeg wat minder vloeibaar of verlaag de temperatuur met 10°C. Bovenkant taart te donker Zet de taart op een lagere ovenstand, stel de temperatuur wat lager in en verleng de bereidingstijd. Goed van buiten, maar niet gaar van binnen Maak het deeg minder vloeibaar, verlaag de temperatuur, verleng de bereidingstijd. De taart komt niet uit de vorm Smeer de vorm goed in met boter en bestrooi hem met meel of gebruik ovenpapier. Ik heb op meer dan een rooster gekookt (in de functie "hetelucht") en de gerechten zijn niet allen even gaar. Stel een lagere temperatuur in. Gerechten die tegelijkertid in de oven zijn geplaatst hoeven er niet tegelijkertijd uit te worden gehaald.
Pizza bakken Gebruik voor het bakken van een goede pizza de functie “pizza-oven” . Verwarm de oven minstens 10 minuten voor Gebruik een lichte aluminium vorm en zet hem op het speciale ovenrooster. Bij gebruik van de bakplaat (lek- plaat) duurt het langer en krijgt u waarschijnlijk geen krokante pizza. Open de ovendeur zo min mogelijk gedurende het bak- ken. Bij zeer gevulde pizza's (capricciosa, quattro stagioni) raden wij aan de mozzarella pas halverwege de kook- tijd toe te voegen. Als u op meer dan een rek tegelijkertijd kookt (tot aan
2) kunt u het beste de ovenfunctie Multikoken x] ge-
bruiken aangezien de functie pizza-oven stand van onderaf meer zou verwarmen. Vis en vlees Gebruik voor wit vlees, gevogelte en vis temperaturen van 180°C tot 200°C. Bij rood vlees waarvan men wil dat de buitenkant goed wordt gebraden en de binnenkant mals blijft, is het goed te beginnen met een hoge temperatuur (200°C - 220°C) en vervolgens de temperatuur te verlagen. Over het algemeen geldt de regel: hoe groter het stuk vlees, hoe lager de temperatuur en hoe langer de kooktijd. Zet het vlees in het midden van het ovenrooster en zet de lekplaat eronder om het vet op te vangen. Plaats het rek zodanig dat het vlees zich midden in de oven bevindt. Voor meer onderwarmte zet u het rek wat lager. Voor een heerlijk braadstuk kunt u het met spek of spekvet bedekken (vooral ook eend en wild) en zo plaat- sen dat het zich boven in de oven bevindit.
Onderhoud en reiniging. Voor elk onderhoud dient u de stroom uit te zetten. Voor een lange levensduur van het fornuis dient u het re- gelmatig grondig te reinigen. Vergeet u niet: + voor het schoonmaken geen stoomapparaten te gebruiken + _ de eventuele geëmailleerde delen en zelfreinigende panelen dienen met lauw water te worden gereinigd zonder gebruik van schuurmiddelen of bijtende midde- len die schade kunnen aanrichten; +__de binnenkant van de oven moet regelmatig met warm sop worden gereinigd als hij nog lauw is, en daarna worden afgespoeld en goed afgedroogd de vlamverspreiders moeten regelmatig in een warm sop schoongemaakt worden zodat eventueel aan- gekoekt vuil verwijderd kan worden. Bij fornuizen die voorzien zijn van een automatische onisteking moet het uiteinde van de elektronische onistekingselementen regelmatig gereinigd worden en moeten de gaatjes van de vlamverspreiders gecontro- leerd worden om te zien dat ze niet verstopt zijn; de delen van roestvrij staal kunnen vlekken vertonen na lang contact met kalkhoudend water of agressieve schoonmaakmiddelen (fosforhoudend). Spoel ze dus na het reinigen goed af en droog ze. Droog altijd even- tueel gemorst water af. bij de modellen met een glazen dekplaat moet u deze schoon maken met warm water. Gebruik nooit ruwe doeken of schuurmiddelen. N.B.: sluit de dekplaat niet af zolang de gasbranders nog warm zijn. Verwijder eventuele gemorste vloei- stoffen van de dekplaat voordat u hem opent. Belangrijk: controleer regelmatig de staat van de gasslang en vervang hem zodra hij niet meer geheel in orde is; het is aan te bevelen de gasslang ieder jaar te vervangen.
Vervangen ovenlamp + Sluit allereerst de stroom af door de stekker uit het stopcontact te trekken of door middel van de schake- laar die de oven aan het elektrische net verbindt. Verwijder het glazen schermpje met behulp van een plat, smal voorwerp (schroevendraaier, handvat van lepeltje enz.). Schroef het lampje los en vervang het met eenzelfde soort lampje: - spanning 230/240 V - stroomsterkte 15 W - fitting E 14 Breng het glazen plaatje weer aan en let erop dat de afsluiting op zijn plaats zit. Bu> rpm guamnaene Onderhouden van de kranen Met verloop van de tijd kan een kraan stroef worden of vast blijven zitten; in dat geval is het noodzakelijk de kraan te vervangen. N.B.: Dit moet worden uitgevoerd door een door de fabrikant bevoegde installateur.
Notice-Facile