TK-3160 - Walkietalkies KENWOOD - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TK-3160 KENWOOD in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over TK-3160 KENWOOD
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Walkietalkies in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TK-3160 - KENWOOD en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TK-3160 van het merk KENWOOD.
GEBRUIKSAANWIJZING TK-3160 KENWOOD
Hartelijk dank voor uw aanschaf van deze KENWOOD-transceiver voor mobiele toepassingen. Wij zijn ervan overtuigd dat deze transceiver u van een betrouwbaar communicatiemiddel voorziet, waardoor uw personeel zo efficient möglichk kan werkken.
KENWOOD-transceivers zijn uitgerust met de{nieuwste, geavanceerde technologie. Wij waren daarom van overtuigd dat u tevreden zult zijn met de kwaliteit en de eigenschappen van dit product.
MODELLEN BESCHREVEN IN DEZE INSTRUCTIEHANDLEIDING
De wet verbiedt het gebruik van transceivers zonder vergunning op overheidsterreinen.
Illegaal gebruik is strafbaar met een boete, gezangenisstraf of beside.
Raadpleeg onderhoud en reparatie uitsluitend uitvoeren door een vakbekwame technicus.
Veiligheid: Het is belangrijk dat de gebruiker zich bewust is en kennis heeft van de gezaren die verbonden zijn aan het gebruik vanijdere transceiver.

WAARSCHUWING
Schakel de transceiver UITijdens het brandstof tanken en+tijdens het parkeren bij een benzinestation.
VOORZORGSMAATREGELEN
Neem de onderstaande voorzorgsmaatregelen in acheit om brand, persoonlijk letsel en beschadiging van de transceiver te voorkomen.
- Breng onder geen bedding veranderingen aan in deze transceiver.
Stel de transceiver Niet langdurig bloat aan direct zonlicht, en plaats deze nicht in de buurt van verwarmingsapparatuur.
Zet de transceiver Niet op bijzonder stoffige, vochtige en/of natte plaatsen, of op een onstabiele ondergrond. - Als uit de transceiver een abnormale geur of rook worden waargenomen, schakelt u deze onmiddelijk UIT en haalt u de optionele accu eruit. Neem daarna contact op met uw KENWOOD-dealer.
INHOUDSOPGAVE
APPARAAT UITPAKKEN EN CONTROLEREN 1
Bijgeleverde Accessoires 1
VOORBEREIDING 2
VOORZORGSSMAATREGELEN MET BETREKKING TOT DE BATTERIJ 2
(OPTIONE) OPLAADBARE ACCU OF ALKALIBATTERIJENHOUDER
OPLADEN EN ERAF HALEN 7
ALKALIBATTERIJEN PLAATSEN EN ERUIT HALEN 8
(OPTIONE) ANTENNE BEVESTIGEN 9
RIEMKLEM BEVESTIGEN 9
AFDEKPLAATJE OVER DE LUIDSPREKER/MICROFOON-AANSLUITING
BEVESTIGEN 10
(OPTIONELE) LUIDSPREKER/MICROFOON AANSLUITEEN 10
EERSTE KENNISMAKING 11
PROGRAMMERBARE EXTRA FUNCTIONS 14
BASISBEDIENING 15
APPARAAT IN- EN UITSCHAKELEN 15
VOLUME INSTELLEN 15
KANAAL KIEZEN 15
OPROEP DoEN 16
OPROEP ONTVANGEN 16
SCANNEN 17
PRIORITEITSKANAAL-SCANNEN 17
TIJDELIJK KANALEN VERGRENDELEN 18
RETOURKANAAL 18
5-TOON-SIGNALERING 19
ONTVANGEN 19
Zenden 19
DTMF-SIGNALERING 20
BEDIENING VAN FleetSync 21
ONTVANGEN 21
Zenden 21
QUIET TALK (QT)/DIGITAL QUIET TALK (DQT) 22
SCRAMBLER 23
VOX-BEDIENING 24
NOODOPROEPEN 26
GEAVANCEERDE BEDIENGINEN 27
ZENDVERMOGEN KIEZEN 27
MONITOR/SQUELCH UIT 27
BEDIENINGEN IN DE ACHTERGROND 28
TIME-OUT-TIMER (TOT) 28
LADINGBESPARING 28
WAARSCHUING VOOR WEINIG LADING 29
KANAAL-BeZET-BLOKKERING (BCL) 29
STUNNEN 29
SIGNAAL VOOR BEGIN/EINDE VAN HET ZENDEN 29
Opmerking: De volgende uitpakinstructies zijn voor gebruik door uw KENWOOD-dealer, een ergend KENWOOD-servicecentrum of de fabriek.
Pak de transceiver voorzichtiguit. Wij adviseren u de onderden vermeld in onderstaande tabel identificiert voordat u het verpakkingsmateriaal weggooit. In het geval onderden ontbreken of tijdens transport beschadigd zijn, moet u onmiddelijk een schadeclaim indieren bij de transporteur.
BIGELEVERDE ACCESSOIRES
| Item | Onderdeelnu-mmer | Aantal |
| Riemklem | J29-0701-XX | 1 |
| Opsluitplaatje van de luidspreker/microloon-stekker | J21-8464-XX | 1 |
| Afdekplaatje van de luidspreker/microloon-aansluiting | B09-0676-XX | 1 |
| Bevestigingssschroef | N35-3004-XX | 1 |
| Gebruiksaanwijzing | B62-1788-XX | 1 |

Riemklem

Opsluitplaatje van de luidspreker/ microfoon-stekker

Afdekplaatje van de luidspreker/ microfoon-aansluiting

Bevestigingschroef
VOORZORGSMAATREGELEN MET BETREKKING TOT DE BATTERIJ

LET OP
Laad de batterij Niet opniew op wanner deze reeds geheel opgeladen is. Dat kan de levensduur van de batterij verkorten of de batterij kan beschagidr raken.
Nadat de batterij is opgeladen dient u deze van de oplader te ontkoppelen. Als de oplader oppiew wordt ingeschakeld (op AAN nadat deze op UIT werden gezet), begint het opladen oppieuw en raakt de batterij overladen.
Gebruik de zendontvanger nicht wanner de batterij worden opgeladen. We raden aan de zendontvanger op UIT te zetten wanner deze worden opgeladen.
Sluit de batterijcontacten nicht kort enwerp de batterij nicht in het vuur.
Probeer nooit het omhulsel van de batterij te verwijderen.
Informatie met betrekking tot de (optionele) Li-ion-batterij:
De batterij bevat brandbare materialen zoals organische oplosmiddelen. Door een ruwe behandeling kan de batterij scheuren (wat vlammen of intenseitteverooraakt), slechter functioneren of wordt anderszins schade aan de batterij toegebracht. Neem de volgende verbodsbepalingen in acht.

GEVAAR
- Demonteer of reconstrueer de batterij Niet!
De batterij heeft een veiligheidsvoorziening en een beveiligingschakeling om gevaar te voorkomen. Wanner de batterij ernstig beschadigd raakt, kan dezeitte of rook producieren, scheuren of in brand vliegen.
De + en - polen nicht met elkaar verbinden met behulp van metaaal (zoals een paperclip of een draadje). De batterij Niet vervoeren of bewaren in houders die metalen voorwerpen bevatten (zoals draden, halskettingen of haarspelden). Als de batterij worden kortgesloten, za er een zeer sterke stroom vloeien en kan de batterij hitte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen. Hierdoor raken metalen objecten ook verhit.
- De batterij Niet aansteken of verwarmen!
Als de isolatie smelt, het gasontsnappingsventiel of de beveiligingsfunctie beschadigd raakt of het elektrolyt worden aangestoken, kan de batterij hurte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De batterij Niet gebruiken in de buurt van vuren, ovens of andere hittebronnen (plaatsen waar het warmer is dan 80^ !
Als de polymeerafscheiding smelt als gevolg van hoge temperaten, kan er interne kortsluiting ontstaan in de afzonderlijke cellen en kan de batterij hitte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De batterij Niet in water onderdompelen of natCTXn worden!
Als de beveiligingsschakeling van de batterij wordt beschadigd, kan de batterij met een zeer hoge stroomsterkte (of spanning) worden opgeladen en kan zich een uitzonderlijke chemische reactie voordoen. De batterij kan把它 of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De batterij Niet opladen in de buurt van een vuur of in direct zonlicht!
Als de beveiligingsschakeling van de batterij wordt beschadigd, kan de batterij met een zeer hoge stroomsterkte (of spanning) worden opgeladen en kan zich een uitzonderlijke chemische reactie voordoen. De batterij kan把它 of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- Gebruik alleen de aangegeven oplader en neem de vereisten voor het opladen in acht!
Als de batterij wordt opgeladen onder nicht-gespecifieerde omstandigheden (temperatuur boven de toegestane waarde, spanning of stroomsterkte boven de toegestane waarde of met behulp van een omgevormde oplader), kan de batterij overladen raken of kan zich een uitzonderlijke chemische reactie voordoen. De batterij kan把它 of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De batterij Niet doorboren, nied op de batterij slaan of erop staan!
Daardoor kan de batterij breken of vervormd raken, wat kortsluiting tot gevolg heeft. De batterij kanitte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- Niet met de batterij slaan of gooien!
Door een schok kan de batterij gaanlekken,itte of rook producieren, scheuren en/of in brand vliegen. Als de beveiligingsschakeling van de batterij worden beschadigd, kan de batterij met een zeer hove stroomsterkte (of spanning) worden opgeladen en kan zich een uitzonderlijke chemische reactie voordoen. De batterij kaniteit of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De batterij Niet gebruiken als deze op enigerlei wijze is beschadigd!
De batterij kanitte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
Niet recktstreeks op de batterij solderen!
Als de isolatie smelt of het gasventiel of de beveiligingsfunctie beschadigd raakt, kan de batterijHSVtte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De polariteit (en de aansluitingen) van de batterij Niet omdraaien!
Wonneer een batterij omgekeerd worden opgeladen, kan zich een uitzonderlijke chemische reactie voordoen. In sommige geallen kan er een onverwacht groe stroomsterkte ontstaan bij het ontladen. De batterij kan把它 of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- De batterij Niet omgekeerd opladen of aansluten!
De batterij heeft een positieve en een negatieve pool. Als de batterij Niet makkelijk aan is te sluiten op een oplader of op apparatuur, gebruik dan geen geweld; contrôleer de polariteit van de batterij. Als de batterij omgekeerd op de oplader is aangesloten, worden deze omgekeerd opgeladen en kan zich een uitzonderlijke chemische reactie voordoen. De batterij kanHSVt of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- Een geschuurde en lekkende batterij Niet aanraken!
Als de elektrolytvloeistof uit de batterij in uw ogen komt, spoel uw ogen dan zo snel möglichk uit met schoon water, zonder in uw ogen te wrijven. Ga onmiddelijk maar het ziekenhuis. Als het nicht behandeld worden, kan dat oogproblemen geben.

WAARSCHUWING
- De batterij Niet langer dan de aangegevenijd opladen!
Stop met opladen als de batterij zichs na de aangegeven oplaadtijd nog nicht—helemaal is opgeladen. De batterij kanHSV rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- Plaats de batterij Niet in een magnetron of hagedrukvat!
De batterij kanitte of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
- Houd geschuurde en lekkende batterijen buiten bereik van vuur!
Als de batterij lekt (of een kwalijke geur verspreidt), verwijder们都 dan meteen uit de buurt van brandhaarden. Elektrolyt dat uit een batterij lekt kan makkelijk vlam vatten en kan de batterij doen roken of in brand doen vliegen.
- Geen abnormale batterij gebruiken!
Als de batterij een kwalijke geur verspreidt, verkleurd of verrormd is of er om een andere reden Niet normal auitziet, haal deze dan UIT de oplader of uit het apparaat en gebruik de batterij Niet. De batterij kan把它 of rook produceren, scheuren of in brand vliegen.
Gebruik van de Li-ion-batterij
Laad de batterij voor gebruik op.
- Om het ontladen van de batterij zoveel möglich te beperken, dient u de batterij uit het apparaat te halen wanner dit nicht in gebruik is. Bewaar de batterij op een koele en droge plaats.
- Wanneer u de batterij langereijd Niet gebruikt:
1 Verwijder de batterij uit het apparaat.
2 Ontlaad de batterij, indien möglichk.
3 Bewaar de batterij op een koele (minder dan 25^ ) en droge plaats.
■ Eigenschappen van de lithiumion-accu
- Door het herhaaldelijk opladen en ontladen van de accu, worden de maximale acculading langzaam lager.
Zelfs als de accu Niet worden gebruikt, verliest deze langzaam lading.
In een koele omgeving duurt opladen van de accu langer. - De levensduur van de accu worden korter als deze worden opgeladen en ontladen in een warmed omgeving. Als de accu op een warmeplaats worden bewaard, verliest deze sneller lading. Laat de accu Niet in een voertuig of nabij verwarmingsapparatuur liggen.
- Als de gelebruiksduur van een accu korter worden, zichs als deze volledig is opgeladen, moet u de accu verrangen. Als u de accu toch blijft opladen en ontladen, kan dit leiden tot elektrolytlekkage.
Lithiumion-accu Opladen
Als u een transceiver met een KNB-24L accu oplaadt, kan het verilgheidsklepje van de accu uitsteken tot voor bij de accu. Als u de transceiver met de accu op de acculader bevestigt, za het verilgheidsklepje de metalen contactpunter van de acculader raken en de LED op de acculader kortstandig rood branden. Zorg ervoor dat u de transceiver helemaal in de accugleuf duwt, zodat het verilgheidsklepje de contactpunter van de acculader Niet meer raakt. Eenmaal op zich plantaats bevestigt, za de accu worden opgeladen.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de KSC-25 voor de Gebruiksaanwijzing.
(OPTIONELE) OPLAADBARE ACCU OF ALKALIBATTERIJENHOUDER OPLADEN EN ERAF HALEN
1 Lijn de geleiders op de accuuit met de bijbehorende gleuven bovenaan op de achterkant van de transceiver en druk de accuervolgens stevig op de transceiver om deze te vergrendelen.

2 Sluit het veiligheidsklepje om te voorkomen dat per ongeluk op de ontgrendelknop worden gedrukt en de accu/batterijenhouder worden ontgrendeld.

3 Om de accu van de transceiver af te halen, klapt u eerst het veiligheidskleje omlaag, drukt u cervolgens op de ontgrendelknop, en trekt u tenslotte de accu van de transceiver af.

Opmerkingen:
Om het veiligheidsklepje van de accu omlaag te klappen, hebt u een hardplastic of metalen voorwerp nodig, zoals bijv. een schroeventraier, dat nat breder is dan 6 mm en nicht dikker is dan 1 mm. Het is uiterst belangrijk dat u dit voorwerp alleen onder de lip van het veiligheidsklepje steekt zDat u de ontgrendelknop Niet beschadigt.
Voordat u een accu oplaadt die op de transceiver is bevestigd, controleert u dat het verilgheidsklepje goed is gesloten.
Tijdens het gebruik van de transceiver met een lithiumion-accu of nikkel-metaalhydride-accu opplaatsen met een omgevingstempoatuur van -10^ en lager, kan de gebruiktijd van de accu korter worden.

WAARSCHUWING
Plaats de batterijen Niet in een gevaarlijke omgeving waar vonden een explosie hunnen veroorzaken.
Gooi oude batterijen nooit in een vuur. Door de zeer hoge temperaturen können de batterijen explodeen.
Sluit de aansluitingen van de batterijenholder nicht kort.
Gebruik geen los verkrijgbare oplaadbare batterijen in de batterijenhouder.
Opmerkingen:
Als u de transceiver gedurende een langeijd Niet denkt te gaan gebruiken, haalt u de batterijen uit de batterijenhouser.
Deze batterijenhouder is ontwikkeld voor zenden op een vermogen van ongeveer 1 watt (de instelling voor laag zendvermogen op uw transceiver). Als u een sterker signaal wilt zenden (met de instelling voor hoog zendvermogen op uw transceiver), gezruikt u een optionele, oplaadbare accu.
1 Druk op de 2 lipjes langs de achterrand van de bovenkant van de batterijenhouser en trek cervolgens de 2 helften van elkaar af om de batterijenhouser te openen.
2 Plaats 6 alkalibatterijen van AA-formaat (type LR 6) in de batterijenhouder.
Zorg ervoor dat de polen van de batterijen in de richting liggen die is aangegeven binnen de batterijenhouser.
3 Lijn de uitsteekels op het deksel van de batterijenhouder uit met de uitsparingen in de onderste helft, en druk verwolgens het deksel omlaag totdat deze op+zijn plaats vastklikt.



(OPTIONELE) ANTENNE BEVESTIGEN
Schroef de antennine in de aansluiting op de bovenkant van de transceiver door de antennene onderaan vast te houden en rechtsom te draaien tot deze goed vast zit.

RIEMKLEM BEVESTIGEN
Opmerking: Als u de riemklem wilt bevestigen, moet u eerst de accu van de achterkant van de transceiver afhalen.
1 Verwijder de 2 schroeven vanaf de achechterkant van de transceiver en verwijderervolgens hetkleine, kunststoffen, zwarte afdekplaatje dat ermee was bevestigd.
2 Leg de bevestigingsplaat van de riemklem in de uitsparing op de achterkant van de transceiver.
3 Bevestig met behulp van de 2 schroeven de riemklem op+zijn plaats.
Opmerking: Gooi het kunststoffen, Zwarte afdekplaatje Niet weg! Als u de riemklem later eraf wilt halen, moet u het afdekplaatje wee in de uitsparing op de achterkant van de transceiver bevestigen. Het afdekplaatje of de riemklem要去 zich bevestigd waar anders anders de accu Niet goed op de transceiver blijft zitten.


AFDEKPLAATJE OVER DE LUIDSPREKER/MICROFOON-AANSLUITING BEVESTIGEN
Opmerking: Als u het afdekplaatje over de luidspreker/microfoon-aansluiting wilt bevestigen, moet u eerst de accu van de achterkant van de transceiver afhalen.
Als u geen luidspreker/microfoon gebruikt, bevestigt u het afdekplaatje over de luidspreker/microfoon-aansluiting door de lip van het afdekplaatje in de uitsparing op de zichkant van de transceiver te schuiven totdat.Deze op+zijn plaats klikt.
Opmerking: Om te voorkomen dat vocht in de transceiver kan binnendringen, moet u de luidspreker/ microfoon-aansluiting afdekken met behulp van het bijgeleverde afdekplaatje.

(OPTIONELE) LUIDSPREKER/MICROFOON AANSLUITEN
Opmerking: Als u de optionele luidspreker/microfoon en het bijbehorende opsuiitplaatje wilt aansluiten, moet u eerst de accu van de achterkant van de transceiver afhalen.
1 Steek de stekker van de luidspreker/microfoon in de luidspreker/microfoon-aansluiting.
2 Bevestig het opsluitplaatje met behulp van de bijgeleverde schroef.
Opmerking: Als u het opsluitplaatsje wilt optillen nadat dit reeds is bevestigd, gebruikt u een hardplastic of metalen voorwerp, zoals eenkleine schroevendraar. Til het opsluitplaatje op aan het uitsteeksel naast het schroefgat en let waar bij op het opsluitplaatje Niet te beschaden.


① LED-indicator
| Kleur van de LED | Brandt continu | Knippert |
| Rood | Tijdens het zenden | Acculading laag |
| Groen | Tijdens het ontvangen | Tijdens het scannen |
| Oranje | • Tijdens het monitoren (alleen op transceivers ingesteld op het gebruik van 5-Toon-Signalering). • Tijdens het testen van het VOX-Versterkingsniveau. | 1 seconde: Tijdens het ontvangen van een gecodeerde oproep die overeenkomt met de code ingesteld in uw transceiver. 2 seconde: Nadat de Automatische Terugsteltijd van de 5-Toon-oproep is verstreten (als deze is ingesteld door uw dealer). |
| Rood/Oranje | — | Het gekozen kanaal is nicht geprogramm-eerd en kan nicht worden gelebruikt. |
| Groen/Oranje | — | Terwijl de PTT-knop ingedrukt worden gehouden terwijl de stunfunctie in werkig is. |
| Rood/Groen | — | Terwijl de transceiver in de VOX-Versterkings-functie staat. |
② Kanaalknop
Draai deze knop om een kanaal te kiezen van 1 t/m 16.
③ AAN/UIT-/Volumeknop
Draai deze knop rechtsom om de transceiver AAN te schaken. Draai deze knop om het volumeniveau te veranderen. Daar deze knop helemaal linksom om de transceiver UIT te schaken.
AUX-toets
Dit is een programmeerbare functietoets (PF-toets). Druk op deze toets om de extra functie in werkig te stellen (pageina 14). De standardinstelling voor deze toets is Geen.
Druk op deze knop en praat verwolgens in de microfoon om een station op te roepen.
⑥ Zijde 1-toets
Dit is een programmeerbare functietoets (PF-toets). Druk op deze toets om de extra functie in werkig te stellen (pageina 14). De standardinstelling voor deze toets is Oproep1.
⑦ Zijde 2-toets
Dit is een programmeerbare functietoets (PF-toets). Druk op deze toets om de extra functie in werkig te stellen (pageina 14). De standardinstelling voor deze toets is Monitoren, Wisselen.
⑧ SP/MIC-aansluitingen
Sluit hierop een externe luidspreker/microfoon aan.
PROGRAMMEERBARE EXTRA FUNCTIONS
De AUX-, Zijde 1- en Zijde 2-toetsen;kennen wordengeprogrammeerd met de extra functies uit onderstaande lijst.
- Oproep1
- Oproep2
Noodfunctie 2 - Monitoren, Tijdelijk
Monitoren, Wisselen - Geen
Laag zendvermogen - Scannen
- Scannen, Tijdelijk Wissen
- Scrambler
- Squelch Uit, Tijdelijk
- Squelch Uit, Wisselen
1 Deze functies zich uitsluitend beschikbaar op transceiver ingesteld op het gebruik van 5-Toon-signalering.
2 Deze functie kan alleen worden geprogrammeerd onder de AUX-toets.
APPARAAT IN- EN UITSCHAKELEN
Draai de AAN/UIT-/Volume-knop rechtsom om de transceiver AAN te schakelen.
Draai de AAN/UIT-/Volume-knop linksom om de transceiver UIT te schakelen.
VOLUME INSTELLEN
Draai de AAN/UIT-/Volume-knop om het volumeniveau in te stellen. Rechtsom draaien verhoogt het volumeniveau en linksom draaien verlaagt het volumeniveau.
- Het is möglichk dat u het volume verder moet instellen tijdens het communicatoren met andere.
Opmerking: Als uw dealer Squelch Uit, Tijdelijk of Squelch Uit, Wisselen onder een PF-toets heeft geprogrammeerd, kut u op die toets drukken om het achtergrondgeluid te horen verwijl u het volumeniveau instelt (zie “MONITOREN” op pagina 27).
KANAAL KIEZEN
Draai de Kanaal-knop om een gewenst kanaal te kiezen UIT 1 t/m 16. Rechtsom draaien verhoegt het kanaalnummer en linksom draaien verlaagt het kanaalnummer.
- Als een kanaal Niet is geprogrammeerd, kan het Niet worden gezruikt. Als u een Niet-geprogrammeerd kanaal kiest, knippert de LED-indicator rood en oranje en klinkt een waarschuwingstoon.
OPROEP DOEN
1 ControllerDat niemand anders zendt op het kanaal dat u hebt gekozen.
2 Druk op de PTT-knop en spreek in uw normale stem in de microfoon.
- U krijgt de.best geluidskwaliteit bij het ontvangende station, als u de microfoon ongeveer 3 tot 4 cm van uw mond houdt.
3 Laat de PTT-knop los om te kunnen ontvangen.
OPROEP ONTVANGEN
Uw dealer kan de QT- of DQT-signalering voor de kanalen in uw transceiver programmeren. Als het kanaal dat u heb te gekozen is geprogrammeerd met een van deze functies, hoort u alleen oproepen wanner iemand anders in uw systeme een oproep doet. Alle andere oproepen kut u Niet horen.
Als het kanaal dat u hebt gekozen Niet is geprogrammeerd met QT- of DQT-signalering,kest u de oproepen van iedereen horen (en nicht alleen die op uw system).
Scannen is handig voor het monitoren van signalen op de transceiverkanalen. Tijdens het scannen controleert de transceiver ieder kanaal op een signalaal, en stopt alleen als een signalaal worden ontvangen.
De transceiver blijft staan op een bezet kanaal totdat het signaal Niet更是 wordt ontvangen. Uw dealer kan de vertragingstijdCUSussen het wegvallen van het signaal en het hervatten van het Scannen programmeren. Als tijdens deze vertragingstijd een signaal worden ontvangen, blijft de transceiver op hetzelfde kanaal staan.
Opmerkingen:
U kunt het Scannen alleen gebruiken als uw dealer minstens 2 kanalen in uw transceiver heeft geprogrammeerd. Bovendien要去en minstens 2 kanalen Niet vergrendeld zich voor Scannen.
Vraag uw dealer voor een beschrijving over hoe het Scannen van Kanalen werkket bij gebruik van 5-Toon- of DTMF-signalering.
Om met het scannen te beginnen, drukt u op de toets waaronder Scannen is geprogrammeerd.
- Het scannen begint bij het huidige kanaal en doorloopt alle kanalen in oplopende volgorde.
- De LED-indicator knippert groen.
- Als een signaal worden ontvangen op een kanaal en de signalering overeenkomt, brandt de LED-indicator groen.
Om het scannen te stoppen, drukt u nogmaals op de toets waaronder de Scan-functie is geprogrammeerd.
Als uw dealer een Prioriteitskanaal in uw transceiver heeft geprogrammeerd, za de transceiver automatisch overschakelenaar het Prioriteitskanaal wonneer waarop een oproep worden ontvangen, zelfs als op een normala kanaal reeds een oproep worden ontvangen.
De transceiver blijft op het Prioriteitskanaal staan totdat het signaal wegvalt. Uw dealer kan de vertragingsstijdCUSen het wegvallen van het signaal en het hervatten van het Scannen programmeren.
TIJDELLIK KANALEN VERGRENDELEN
Als een toets is geprogrammeerd met de functie Scannen Tijdelijk Wissen, kut u tijdens het Scannen een kanaal tijdelijkuit de scanvolgorde verwijderen. Als het Scannen bij een kanaal stopt, kut u dat kanaaluit de scanvolgorde verwijderen door op de Scannen Tijdelijk Wissen-toets te drukken.
- Om het Kanaal werk in de Scanvolgorde op te nemen,要去 u de Scanfunctie verlaten of de transceiver UIT en waar AAN schakelen.
RETOURKANAAL
Als u tijdens het Scannen op de PTT-knop drukt om te zenden, za de transceiver het Retourkanaal kiezen. Uw dealer kan het Retourkanaal programmeren met behulp van een van de volgende methoden:
- Laatst opgeroepen: Het LAST ontvangen kanaal worden geprogrammeerd als het retourkanaal.
- Laatst gezruikt: Het LAST beantwoorde kanaal worden geprogrammeerd als het retourkanaal.
- Gekozen: HetIRST gekozen kanaal wordt geprogrammeerd als het retourkanaal.
- Gekozen + Talkback: Alsijdens het Scannen het kanaal is veranderd, worden het/Newu gekozen kanaal geprogrammeerd als het retourkanaal. De transceiver zendtECHTER ook op het kanaal waarop het Scannen tijdelijk werd onderbroken.
- Prioriteit: Als uw dealer een Prioriteitskanaal heeft geprogrammeerd, is dat automatisch het retourkanaal.
- Prioriteit + Talkback: Als uw dealer een Prioriteitskanaal hebelt geprogrammeerd, is dat automatisch het retourkanaal. De transceiver zendechter ook op het kanaal waarop het Scannen tijdelijk werden onderbroken.
5-TOON-SIGNALERING
Uw dealer kan 5-Toon-Signalering in- of uitschakelen. Deze functie opent de squelch alleen wanner de transceiver de 5 tonen ontvangt die in uw transceiver zich geprogrammeerd. U kurz de transceivers die nicht de correcte tonen zenden, nicht horen.
Uw dealer kan tevens de Groepoproepfunctie op uw transceiver inschaken.
ONTVANGEN
Wanner u een signaal ontvangt dat de correcte tonen bevat,\ wordt de squelch geopend en=kunt u de oproep horen.
- De LED-indicator knippert orangje.
- De LED-indicator blij branden nadat u op een willekeurige toets hebt gedrukt.
- Om de luidspreker te onderbreken nadat de squelch is geopend, drukt u op de toets waaronder de functie Monitoren, Tijdelijk of Monitoren, Wisselen is geprogrammeerd.
- U dealer kan programmeren dat de squelch weeer moet worden gesloten nadat een bepaalde tjidsduur is verstreken. De LED-indicator knippert dan oranje (2 seconden).
- Als Antwoorden is geprogrammeerd voor 5-Toon-Signalering, worden een bevestigingssignaal terug gezondenaar het oproepende station.
- Als Waarschuwingstoon is geprogrammeerd voor 5-Toon-Signalering, za een waarschuwingstoon klinken nadat de correcten tonen zich ontvangen.
ZENDEN
Om een 5-Toon-signaal te zenden, drukt u op de PTT-knop en doet u de oproep. Als het gekozen kanaal is geprogrammeerd met een 5-Toon-signaal, za dit worden gezonden wanner de oproep worden gedaan.
Uw dealer kan DTMF-Signalering in- of uitschakelen. Deze functie opent de squelch alleen wonneer de transceiver de DTMF-code (van 3 t/m 10 digits) ontvangt, die in uw transceiver is geprogrammeerd. Normaal gesproken is in iedere transceiver een unieke code geprogrammeerd. U kunt geen oproepen horen vanaf transceivers waarvan de geprogrammeerde code nicht overeenkomt.
Uw dealer kan tevens een Groepcode in uw transceiver programmeren. Vraag uw dealer voor verdere informatie.
Wanner u een signaal ontvangt dat de correcte tonen bevat,\ wordt de squelch geopend en=kunt u de oproep horen.
- De LED-indicator knippert orangje.
- Om de luidspreker te onderbreken nadat de squelch is geopend, drukt u op de toets waaronder de functie Monitoren, Tijdelijk of Monitoren, Wisselen is geprogrammeerd.
- Uw dealer kan programmeren dat de squelch weeer moet worden gesloten nadat een bepaalde tijdsduur is verstreten.
- Als Antwoorden is geprogrammeerd voor DTMF-Signalering, worden een bevestigingssignaal terug gezondenaar het oproepende station.
- Als Waarschuwingstoon is geprogrammeerd voor DTMF-Signalering, za een waarschuwingstoon klinken nadat de correcte tonen zijn ontvangen.
FleetSync is een protocol in eigendom van KENWOOD
Corporation en kan door uw dealer worden in- of uitgeschakeld. Deze functie opent de squelch alleen wanner de transceiver de Vloot-code en ID-code ontvangt, die in uw transceiver is geprogrammeerd. U=kunt de oproepen die nicht de correcte codes bevatten, Niet horen.
ONTVANGEN
Als u een oproep ontvangt die zowel uw Vroot-code als uw IDcode ontvangt, worden de squelch geopend en kunt u de oproep horen.
- Een waarschuwingstoon klinkt.
- De LED-indicator knippert orangje.
- Om de luidspreker te onderbreken nadat de squelch is geopend, drukt u op de toets waaronder de functie Monitoren, Tijdelijk of Monitoren, Wisselen is geprogrammeerd.
ZENDEN
Om een Voot-siŋaal te zenden, drukt u op de PTT-knop en doet u de oproep. Als het gekozen kanaal is geprogrammeerd met een FleetSync PTT-ID zar dit worden gezonden wanner de oproep worden gedaan.
Uw dealer kan de QT- of DQT-signalering voor de kanalen in uw transceiver programmeren. Een QT-toon of DQT-code is een onhoorbare toon of code waarmee u de signalen van andereendie op hetzelfde kanaal zenden kutn negeren (niet horen).
Als een kanaal is ingesteld met een QT-toon of DQT-code, zal de squelch alleen worden geopend als een oproep met een overeenkomende toon of code worden ontvangen. Opdezelfde manier worden de signalen die u zendt alleen goehord door anderen waarvan de QT/DQT-signalering overeenkomt met die op uw transceiver.
Als een oproep met een andere toon of code worden gedaan op hetzelfde kanaal dat u gebruikt, worden de squelch Niet geopend en kurz u de oproep Niet horen. Op deze manier kurz dergelijkke oproepen negeren (niet horen). Ondanks dat het met het gebruik van QT/DQT-signalering lijkt alsof u uw eigien privékanaal hebt,+kunnen anderen nog steeds uw oproepen horen als ze op hun transceiverdezelfde toon of code instellen.
SCRAMBLER
Met de QT- en DQT-functions (pagea 22)kest u ongewenste oproepen slechts negeren, maar met de Scrambler bent u ervan verzekererd dat uw gesprekken prive zich. Wanner de Scrambler is ingeschakeld,+kennen eventuele andereen die hier uw kanaal luisteren uw gesprek Niet verstaan. De transceiver verrormt uw stem zodate ithemand die hier uw gesprek luistert Niet kan verstaan wat u zegt.
Om uw oproep te kunnen verstaan verwijl u de Scrambler gebruikt,要去en de andere leden in uw groep ook de Scrambler hebben ingeschakeld op hun transceivers. Hiermee worden iedereens stem verrormdijdens het zenden en weer hersteld wonneer u een bericht ontvangt op uw eigen transceiver.
Om de Scrambler in te schakelen, drukt u op de toets waaronder de Scrambler is geprogrammeerd.
Om de Scrambler uit te schakelen, drukt u nogmaals op de Scrambler toets.
Opmerking: Er zijn 2 mögelijkheden voor het gebruiken van de Scrambler. uw dealer kan de ingebouwde Scrambler in- of uitschaken, of kan een nog veiligere, optionele scrambler-kaart in uw transceiver inbouwen. Vraag uw dealer voor verdere informatie.
Uw dealer kan de VOX-bediening in- of uitschakelen.
Met de VOX-bediening=kunt u uw transceiver handsfree bedieren. Deze functie kan alleen worden gebruikt met een compatibile hoofdtelefooN.
Voor het gebruik van de VOX-bediening, moet u het VOX-versterkingsniveau instellen. Deze instelling maakt het möglichk voor de transceiver om het juiste geluidsniveau vast te stellen. Als de microloon te gevoelig is, zal de transceiver beginnen te zenden als er achtergrundgeluid is. Als de microloon Niet gevoelig genoeg is, zal deze uw stemgeluid Niet waarnemen als u begint te praten. Voor probleemloos zenden zorgt u ervoor dat het VOX-versterkingsniveau staat ingesteld op de juiste gevoeligheid.
Voer de volgende stappenuit om de VOX-bediening in te schakelen en het VOX-versterkingsniveauau in te stellen.
1 Sluit de hoofdtelefoon aan op de transceiver.
- De VOX-bediening kan nicht worden ingeschakeld als geen hoofdtelefon is aangesloten op de accessoire-aansluiting van de transceiver.
2 Terwijl de transceiver is UIT geschakeld, houdt u de Zijde 1-toets gedurende 2 seconden ingedrukt verwijl u de transceiver AAN schakelt.
- De LED-indicator knippert rood en groen.
3 Druk op de Zijde 1-toets om het VOX-versterkingsniveau te verhogen en op de Zijde 2-toets om het niveau te verlagen.
- De VOX-versterking kan worden ingesteld op een niveau van 1 t/m 10 en op Uit.
4 Praatijdens het instellen van het versterkingsniveau in de microfoon van de hoofdtelefoon zoals u bij normala gebruik zou doe, om de gevoeligheid ervan te testen.
Zodra de microfoon het geluid vaststelt, brandt de LED-indicator orangje. Met behulp hiervan kutu een geschikt versterkingsniveau instellen waarop het achtergrundgeluid de VOX-bediening nicht inschakelt, maar het praten in de microfoon wel.
- Tijdens deze testprocedure zendt de transceiver uw stemgeluid Niet.
5 Schakel de transceiver UIT en daarna weeer AAN om de instelling op te slaan en de VOX-bediening in te schakelen.
Om de VOX-bediening uit te schakelen, roept u de VOX-versterkingsniveau-instelling op (zie stap 2 op de vorige pag.) en drukt u op de PTT-knop, en cervolgens schakelt u de transceiver UIT en weeer AAN.
Opmerkingen:
Als een luidspreker/microfoon is aangesloten op de transceiver terwijl de VOX-bediening is Aan geschakeld en het VOXversterkingsniveau staat ingesteld op een hoger, gevoeliger niveau, können luide ontvangen signalen ertoe leiden dat de transceiver begint te zenden.
Als u de VOX-bediening gebrukt, moet u de optionele accessoire KHS-1 of KHS-2 gebruiken.
Als de Noodfunctie in uw transceiver is geprogrammeerd,kest u moodoproepen doeon.
Opmerking: De Noodfunctie kan alleen onder de AUX-toets worden geprogrammeerd.
1 Houdt de toets ingedrukt waaronder de Nood-functionie is geprogrammeerd.
- De tijdsduur gedurende welke u de Nood-toets ingedrukt要去 honden varieert afhankelijk van de vertragingstijd die in uw transceiver is geprogrammeerd.
- Wanner de transceiver de Noodfunctie instelt za een toon klinken en za de transceiver overschakenaar het moodkanaal en beginnen met zenden, afhankelijk van hoe uw transceiver is ingesteld door uw dealer.
- Nadat het zenden klaar is, klinkt een tweede toon. De transceiver zal vanaf dat moment met regelmatteussenpoen op het noodkanaal zenden, waar bij aan het begin en einde tonen klinken. De duur van de tussenpoen is door uw dealer ingesteld.
2 Om de Noodfunctie te verlaten, houdt u nogmaals de Noodtoets ingedrukt.
- Nadat de Noodfunctie het ingestelde aantal cycli heeft doorlopen, za de Noodfunctie automatisch worden uitgeschakeld en za de transceiver terugkeren maar het kanaal dat gebruikt werden voordat de Noodfunctie werden ingeschakeld.
Opmerking: Uw dealer kan uw transceiver zodenig instellen dat tijdens het gebruik van de Noodfunctie tonen worden gezonden en signalen worden ontvangen, of de luidspreker worden onderbroken.
ZENDVERMOGEN KIEZEN
leder kanaal is door uw dealer geprogrammeerd met een hoog of laag zendvermögen. U kutt alleen het zendvermögen veranderen van kanalen die met een hoog zendvermögen zijn geprogrammeerd. Als de communicatie met anderen betrouwbaar is zonder een hoog zendvermögen te gebruiken, stelt u een laag zendvermögen in door op de toets te drukken waaronder Laag zendvermögen is geprogrammeerd. Iedere keer dat u op Laag zendvermögen drukt, schakelt het zendvermögen om+tussen hoog en laag.
- Door een laag zendvermogen te gebruiken bespaart u accu-/baterijlading en verlaagt u het risico andere communications te storen.
Opmerkingen:
Als u op Laag zendvermögen drukt verwij u een kanaal gebruikt dat geprogrammeerd is met een laag zendvermögen, za een foutoon klinken.
Als u de instelling van een kanaal verandert van een hoog zendvermögen maar een laag zendvermögen, zullen alle kanalen die met een hoog zendvermögen zijn geprogrammeerd veranderenaar een laag zendvermögen.
MONITOR/SQUEELCH UT
U kurz de Monitor/Squelch Uit-toets gebruiken om maar zwakke signalen te luisteren die u bij normale bediening nicht kurz horen, en om het volumeniveau in te stellen wanner er op het gekozen kanaal geen signalen ontvangen worden.
Uw dealer kan een toets programmeren met een van de 4 möglich functies:
- Squelch Uit, Tijdelijk: Houd de toets ingedrukt om het achtergrundgeluid te horen. Laat de toets los om terug te keren maar de normale bediening.
- Squelch Uit, Wisselen: Druk kort op de toets om het achtergrondgeluid te horen. Druk nogmaals op de toets om terug te keren maar de normale bediening.
- Monitoren, Tijdelijk: Houd de toets ingedrukt om de QT-, DQT- of 5-Toon-Signalering uit te schaken. Laat de toets los om terug te keren maar de normale bediening.
- Monitoren, Wisselen: Druk kort op de toets om de QT-, DQT- of 5-Toon-Signalering uit te schakenen. Druk nogmaals op de toets om terug te keren maar de normale bediening.
Uw dealer kan een—hele reeks functies in uw transceiver programmeren die zonder bediening in de achtergrund werken.
TIME-OUT-TIMER (TOT)
De Time-out-Timer worden gebruikt om te voorkomen dat een gebruiker gedurende een lange tijd een kanaal bezet houdt.
Als u continu zendt gedurende een tjdsduur langer dan de geprogrammeerde tjdsduur (de standardinstelling is 60 seconden), zal de transceiver het zenden afbreken en een alarmtoon klinken. Om de toon te stoppen,要去 u de PTT-knop loslaten.
Indien door uw dealer geprogrammeerd, klinkt een waarschuwingstoon voordat de tijsduur verstrikt. Bovendien zal, indien door uw dealer geprogrammeerd, u enigeijd要去en wachten voordat u waarkest kun den. Als u gedurende deze wachtelijk op de PTT-knop drukt, klinkt een waarschuwingstoon en kan de transceiver nicht zenden.
LADINGBESPARING
De Ladingbesparingsfunctie verlaagt de hoeveelheid lading die wordt gebruikt wanneer geen signaal worden ontvangen en geen bedieningen worden uitgevoerd (d.w.z. op geen toetsen worden gedrukt en aan geen knappen worden gedraaid).
Als het kanaal Niet bezet is en gedurende 10 seconden geen bediening worden uitgevoerd, worden de Ladingbesparingsfunctie ingeschakeld. Zodra een signaal worden ontvangen of een bediening worden uitgevoerd, worden de Ladingbesparingsfunctie uitgeschakeld.
De Waarschuwing voor Weinig Lading waarschuwt u wanner de accu要去 worden opgeladen of de alkalibatterijen要去en worden verrangen. Wannerijdens het zenden of ontvangen de resterende lading te weinig worden, begint de LED-indicator rood te knipperen. Indien door uw dealer geprogrammeerd, klinkt een waarschuwingstoon.
KANAAL-BEZET-BLOKKERING (BCL)
Indien ingeschakeld, voorkomt BCL dat u anderen stoort die hetzelfde kanaal gebruiken als u hebt gekozen. Als u op de PTT-knop drukt verwijl het kanaal in gebruik is, klinkt een waarschuwingstoon en is het zenden met uw transceiver geblokkeerd (u kutn Niet zenden). Laat de PTT-knop los om de toon te stoppen en terug te keren maar de ontvangst functie.
STUNNEN
Als de transceiver een oproep met een stuncode ontvangt, worden de zendfunctie uitgeschakeld, of worden zowel de ontvangstfunctie als de zendfunctie uitgeschakeld (standaardinstelling). (Deze functie worden gebruikt in geval een transceiver is gestolen of verloren.) De Stunfunctie worden uitgeschakeld wanner de transceiver een oproep met een wekcode ontvangt.
SIGNAL VOOR BEGIN/EINDE VAN HET ZENDEN
De identificatiesignalen voor het Begin van Zenden en Einde van Zenden worden gezruikt voor het verkrijgen en opgeven van toegang tot bepaalde repeaters en telefoonsystemen.
Als het Begin van Zenden is ingesteld, worden het ID-sigmaal gezonden als u op de PTT-knop drukt.
Als het Einde van Zenden is ingesteld, worden het ID-sigmaal gezonden als u de PTT-knop loslaat.
Als beiden worden ingestelld, worden het ID-signal gezonden wanner u op de PTT-knop drukt en deze loslaat.
KENWOOD
C€ 0168①