HUSQVARNA R50S - Motorfiets

R50S - Motorfiets HUSQVARNA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis R50S HUSQVARNA in PDF-formaat.

📄 80 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice HUSQVARNA R50S - page 26
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Producttype Zelfrijdende grasmaaier
Snijbreedte 50 cm (schatting)
Snijhoogte Verstelbaar, meerdere posities
Capaciteit van de opvangbak 60 L (schatting)
Gewicht 35 kg (schatting)
Afmetingen (L x B x H) 150 x 55 x 100 cm (schatting)
Voeding Loodvrije benzine (4-takt motor); model R50SE met oplaadbare accu
Motor 4-takt (Briggs & Stratton of equivalent)
Starten Automatische terugslagstart (R50S); elektrisch met sleutel (R50SE)
Hoofdfuncties Maaien, opvangen, mulchen (met mulchset), zelfrijdende vooruitgang
Veiligheid Motorrem, veiligheidsbeugel (CPO), uitschakelbaar mes (BBC bij sommige modellen)
Onderhoud en reiniging Reinigen met borstel (geen water), olie verversen elke 25 uur, mes vervangen elke 2 jaar
Onderdelen en repareerbaarheid Messen, bouten, filters, bougies, accu beschikbaar; onderhoud door erkend servicecentrum
Algemene informatie Merk HUSQVARNA, model R50S, handleiding beschikbaar in meerdere talen

Veelgestelde vragen - R50S HUSQVARNA

Hoe start ik de Husqvarna R50S grasmaaier?
Sluit de bougiekabel aan, zet de gasklep op SNEL, breng de veiligheidsbeugel naar het stuur en trek aan het startkoord. Voor het model R50SE draait u de contactsleutel om.
Hoe stel ik de snijhoogte in?
Trek de hendel uit de gleuven en plaats hem in de gewenste stand. Er zijn meerdere standen beschikbaar.
Hoe maak ik de grasmaaier schoon?
Gebruik nooit water. Gebruik een borstel om gras onder de behuizing, rond de motor, wielen en opvangbak te verwijderen. Droog af met een droge doek.
Welk type olie moet ik gebruiken?
Gebruik olie van goede kwaliteit voor 4-taktmotoren SAE 30. Controleer regelmatig het oliepeil en ververs de olie na de eerste 5 uur, daarna elke 25 uur.
Hoe vervang ik het mes?
Koppel de bougie los. Draai de mesbout linksom los. Monteer het nieuwe mes met de snijranden naar buiten. Draai de bout vast zonder te veel kracht. Draag handschoenen.
Hoe laad ik de accu van het model R50SE op?
Zet de maaier uit, koppel de bougie los. Verwijder de dop van de aansluiting, sluit de lader aan en steek de stekker in het stopcontact. Laat 24 uur laden.
Hoe gebruik ik de mulchfunctie?
Zet de maaier uit, koppel de bougie los. Til de veiligheidsklep op en steek de mulchset in het uitwerpkanaal. Sluit de klep. De set voorkomt opvang.
Wat is de aanbevolen onderhoudsfrequentie?
Controleer de olie elke 5 uur. Ververs de olie elke 25 uur. Reinig het luchtfilter elke 25 uur. Vervang het mes elke 50 uur of elke 2 jaar.
Hoe berg ik de grasmaaier op aan het einde van het seizoen?
Maak de maaier grondig schoon, tap de olie en benzine af, vervang het mes indien nodig. Bewaar de maaier op een koele, droge plaats, uit de buurt van vuur.
Wat moet ik doen als de motor niet start?
Controleer of de veiligheidsbeugel is ingeschakeld, de gasklep op SNEL staat, er brandstof is en de bougie droog is. Als het probleem aanhoudt, neem contact op met een erkend servicecentrum.

Gebruikersvragen over R50S HUSQVARNA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Motorfiets in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding R50S - HUSQVARNA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. R50S van het merk HUSQVARNA.

GEBRUIKSAANWIJZING R50S HUSQVARNA

Handleiding voor de gebruiker

Lees de handleiding aandachtig door zodate u de inhoud goed begrijpt voordat u de grasmaaimachine in gebruik neemt.

NO

Bruksanvisning

HANDSCHUHE VERWENDEN

Veiligheidsvoorschriften

HUSQVARNA R50S - Veiligheidsvoorschriften - 1

Indien deze grasmaaimachine Niet op de juiste wijze worden gebruikt, kan de machine gevaar opleveren. De machine kan ernstig letsel veroorzaken aan de bediener en omstanders; voor redelijke verilheidn efficiente bij het gebruik van de grasmaaier, dienen de waarschuwingen en veriligeidsvoorschriften nauwkeurig te worden opgevolgd. De bediener draagt de verantwoordelijk voor het opvolgen van de waarschuwingen en veriligeidsvoorschriften, die in deze handleiding en op de grasmaaimachine vermeld staan. De maiden alleen gelebruiken als de door de fabrikant geleerde grasbak of bescherming op zijn plaat s arengabracht.

Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 1

Waarschuwing

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 2

Lees de handleiding voor de gebruiker aanachtig door, zdat u volledig vertrouwd bent met de verschillende bedieningselementen en de werkkingaarvan.

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 3

Zorg, dat de maaimachineijdens het maaien altijd in contact blijf met de grond. Als de machine worden opgetild of gekanteld, können er onder hoge sleidheid stenen maar buiten worden geworpen.

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 4

Zorg, dat omstanders uit de buurt blijven. Gebruik de maaimachine nicht als er zich mensen, en vooral kinderen of huisdieren, op het te maaien terrein bevinden.

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 5

Wees voorzichtig met uw voeten en handen. Houd uw handen of voeten veilig uit de buurt van het roterende mes.

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 6

Alvorens onderhoud uit te voeren aan de machine of de machine te reinigen of af te stellen, of wanner de machine geduurrende langere vrij nicht zal worden gebruikt, dient de bougie te worden verwijderd.

HUSQVARNA R50S - Verklaring van symbolen op uw Husqvarna R 50S, 50SE en 50SBBC - 7

Het mes blijt nog eenijdje roteren nadat de machine uitgeschakelld ward. Wacht totdat alle machine-onderdelen volledig stilliggen voordat u ze aanraakt.

Algemeen

  1. De grasmaaimachine mag nooit worden gebruikt door kinderen of personen die Niet op de hoogte zichen van de instructies voor gebruik. Volgens plaatselijke wettelijkke voorschriften kan er een minimum leeftijd van toepassing zichen voor bedieners van deze machine.
  2. De grasmaier is uitsluitend bestemd voorGbruik op de wijze waarop en voor die doeleinden die in deze instructies worden beschrenve.
  3. Gebruik de grasmaier nooit als u moe, ziek of onder invloed bent van alcohol, drugs of medicijnen.
  4. De bediener of gebruiker is aansprakelijk voor eventuele ongevalten of bevaren die wordenverooraakt aan andere personen of hun eigendom.

Veiligheid van brandstof

WAARSCHUWING - benzine is uiterst brandbaar

  • BenzineClient te worden bewaard in een speciaal voor dit doel bestemde container.Over het algeemen zijn plastic containers ongeschikt voor dit doel.
  • De tank dient als jdtbuitenshuis te worden bijgevuld en er mag Niet worden geroekt.
  • De tank dient te worden bijgevuld VOORDAT de motor wordt gestart. De tankdop mag nooit wordenJ3 geopend en de tank mag ook nicht worden bijgevuld als de motor loopt of heet is.
  • Indien er benzine worden gemorst, mag de motor nicht worden gestart en dient de machine uit de buurt van de gemorste vlek te worden geduwd; elke vom van ontsteking moet worden vermeden totdat de vlek geheel is verrlogen.
    Zorg, dat de tankdop en dop van de container algijd goed vast worden gedraaid.
  • Voordat u de motor start, dient u de machine uit de buurt te duwen van de plaats waar u de tank hebigt bijgevuld.

Veiligheidsprocedure voor het opladen van de batterij (R 50SE)

  1. Controller de kabel van de lader regelmatig op tekenen van beschadiging of slijtage.
  2. Gebruik de grasmaaier nooit als de kabel van de lader niet in goede staat verteert.
  3. Probeer nooit andere producten op te laden met de lader van dit apparaat.
  4. Probeer deze accu nooit op te laden met de lader van een ander apparaat.
  5. De accu要去en veilige plaats worden opgeladen, waar niemand op de apparatuur kan staan of erover kan struikelen.
  6. De ruimte dient goed geventileerd te zich.
  7. Tijdens het opladen worden de lader warm. Dit is normala en duidt erop dit de lader goed werkst.
  8. Tijdens het opladen mogen de accu en de lader nicht worden afgedekt.
  9. Zorg, dat de lader noch de accu worden blootgesteld aan vocht.
  10. Vermijd extreme temperatures.
  11. De lader werknet nicht in temperaturen onder het vriespunt of boven 40^
  12. Veroorzaak geen kortsluiting:tussen de occupolen.

Voorbereiding

  1. Maai het gras nooit op blote voeten of met sandalen aan. Draag algtd geschikte kleding, handschoenen en stevige schoenen.
  2. Het gebruik van oorbeschemmers worden aanbevolen.
  3. Controleer, dat er geen stokken, botten, izerdraad en rommel in het gras liggen; deze kunnen door het mes onder hove sleneheid naar buiten worden geworpen.
  4. Controller de machine vór Gebruik en na harde schokken altijd op eventuele slijtage en beschadigingen en repareer.Deze zo nodig.
  5. Om de juiste balans te behouden, dient men bij verravgung van het mes.altijd de hele bevestigingsset te verrangen.
  6. Defecte geluideddempers dienen vervangen te worden.

Veiligheidsvoerschriften

Gebruik

  1. Gebruik de machine nicht in een afgesloten ruimte, waar de uitlaatgassen (koolmonoxide) zich konnen ophopen.
  2. Gebruik de maaimachine alleen bij daglicht of good kunstatmatig Licht.
  3. Vermijd waar möglich gebruik van de machine als het gras nat is.
  4. Wees voorzichtig dat u Niet uitglijdts het grits nat is.
  5. Wees op hellingen extra voorzichtig dat u nietsuitglichten en draag Niet-slippend schoeisel.
  6. Hellingen dieren altijd in overdwarse richting te worden gemaaid, en Niet van bovenaar beneden of andersom.
  7. Wees uiterst voorzichtig wonneer u op een helling van richting verandert.
  8. Grasmaien op hellingen en taluds kan gevaarlijk zich. Niet maaien op taluds of steile hellingen.
  9. Loop Niet achteruit met de grasmaaier, odomat u dan zou kunden struikenel. Altijd lopen, nooit rennen.
  10. Maai het ges nooit door de maaimachine maar u toe te trekken.
  11. Schakel de motor uit voordat u de grasmaaimachine over andere oppervlakken dan gras wilt duwen en voor transport van de maaimachine van en maar het te maaien terrein.
  12. De machine mag nicht worden gebrukt als de beschermplaten beschadigd of afwezig zich.
  13. De motor mag Niet te hard lopen en de instellenen van de toerenregelaar mogen Niet worden gemodificeer. Te hard rijden is gevaarlijk en verkort de levensduur van de maaimachine.
  14. Voordat de motor worden gestart, dienen alle mes aandrijfkoppelingen vrij te worden gezet.
  15. Houd uw handen en voeten altdij udt de buurt van de snij-inrichting,vooral wanneer u de motor aanzet.
  16. De grasmaaimachine mag Niet worden gekantelt bij het starten van de motor.
  17. Zorg, dat u uw handen uit de buurt houdt van de gesuitworp als de motor loopt.
  18. De maaimchine mag niet worden opgetild of gedragen met lopende motor.
  19. De bougiekabel kan heet worden - wees voorzichtig.
  20. Voer nooit onderhouduit aan de machine als de motor heet is.

  21. Schakel de motor uit en wacht tot het maimes helemaal tot stilstand is gegomen:-

  22. als u de machine enige hijt onbeheerd wilt hinterlaten;

  23. Zet de regeling voor aanwezigheid van gebruiker in zijn vrij om de machine te stoppen, wacht totdat het mes isuitgedraaid, koppel de kabel van de bougie los en wacht totdat de motor is afgekoeld:-
  24. voordat u de benzinetank bijvult.
  25. voordat u een verstopping verwijdert;
  26. voordat u controts, reiniging of onderhoud uitvoert aan het apparata;
  27. als u een vreemd voorwerp raakt. Gebruik de machine Niet totdat u zeker bent dat de hele grasmaaachine veilig is voor gebruik;
  28. als de maaimachine abnormaal trilt, moet u stoppe.
    Te große trillingen kan letsel voorzaken.

  29. Als u klaar bent met grasmaienClient u gas te verminderen om de motor uit te zetten en, indien de machine is uiterust met een kraan,.Deze uit zetten.

Onderhoud en opslag

  1. Zorg, dat alle moeren, bouteen en schroeven goed zijn aangaedraaid zodate maaiert alkijd veilig kan worden gebruikt.
  2. Controller de grasopvangbak/-zak regelmatig op slijtage.
  3. Vervang versleten of beschadigde onderden onmiddelijk.
  4. Gebruik voor verranging uitsluitend originele, voor deze machine beste maaimessen, bladbouten, vulplaatijes en rotorbladen.
  5. Zet de maaier nooit in een ruimte/gebouw waar benzinedampen in aanraking+kennen met open vuur of vonden als er nog benzine in de tank zit.
  6. Laat de motor altiid eerst afkoelen voordat de machine worden opgeborgen in een afgesloten ruimte.
  7. Om brandevaar te vermiinden, dienen de motor, geluiddemper, accubak en brandstoftank vrij te zichen van gras, bladeren of overmatigveel vet.
  8. Als de benzinetank要去 worden geleegd, dient dit buiten te gebruuren.
  9. Wees voorzichtig bij het afstellen van de machine dat uw vingers Niet bekneid rakenussen bewegende maaimessen en vaste onderdelen van de grasmaaier.

Montage-Instructies

A2-a - stelschroef

De handgreep stellen

  1. Bij aflevering van uw machine liggen de handgrepen over de machine geklapt (A1).
  2. Draai de stelschroeven voor de handgrepen (A2) aan beiden kanten van het product los, en trek de gehele handgreep omhoog.
  3. Stel de handgreep in op de meest comfortabele gebruiksspositie (A3) en draai de stelschroeven (A2) aan beiden zijden wee vast.

Terugloopstarter

  1. Verwijder de bougiekabel.
  2. Trek aan de OPC-hendel (Operator Presence Control) (B1) om de motorem los te koppelen. UITSLUITEND R 50S EN R 50SE.

Voordat u aan het starterkoord trekt, moet u erst de OPC gegen de duwboom aantrekken zodat der rem van de motor af is.

  1. Voer het starterkoord door de kabelgeleider van de onderste handgreep (B2).
  2. Voer het starterkoord door de kabelgeleider van de bovenste handgreep (B3).

De grasopvangbakplaatsen

  1. Licht de beveiligingsklep op (C1).
  2. Bevestig de grasopvang-bak aan de machine (C2).
  3. Bevestig de beveilig-ingsklep aan de bovenkant van de grasopvangbak (C3). Controller er dat de grasbak goed vast zit.

Opgelet:- Overtuig u ervan dat er geen opening tussen de beschermingsklep en de grasbak is.

Indien grasopvang Nietoodzakelijkiskuntukookgebruik maken van de grasmaier zonder de grasbak.Zorg ervoor dat de beschemmingsklep volledig gesloten is.

Motor-Informatie

Olie

  1. Controller het oliepeil regelmatig en na elke vijf gebruiksuren.
  2. Vul de olie bij indien noodzakelijk om het oleipeil op de aanduiding FULL op de peilstok te houden.
  3. Gebruik SAE 30 vier takt van goede kwaliteit.
  4. Olie bijvullen: a) Verwijder de oliedop. (D1) b) Vul de tank tot de aanduiding FULL op de peilstok worden bereikt. (D2)
  5. Ververs de olie na de eerste vijf gebruiksuren; cervolgens dient de olie na elke 25 gebruiksuren te worden ververst.
  6. Ververs de olie altijd als de motor warm is, maar nicht heet - voer echter nooit onderhoud aan de machine uit als de motor heet is.

Benzine

  1. Gebruik neue, standardloodvrije benzine of Aspen.
  2. Vul de benzinetank nooit bij als de motor heet is.
  3. Bij het vullen van de benzinetank mag Niet worden geroekt.
  4. Vul de benzinetank nooit met lopende motor.
  5. Veeg eerst alle gras en vuil van de dop van de benzinetank voordat u deze verwijdert om te voorkomen dat er vuil in de tank konmt. (E1)
  6. U worden aanbevolen om de benzidine door een trechter met een filter in de tank te gieten.(E2)
  7. Verwijder alle gemorste brandstof voordat de motor wordt gestart.
  8. NL: Aspen is een milieu vrien delyke brandstof met vele voordelen. Informeer by uw dealer

Let op: Verplaats de machine uit de buurt van het gebied waar de brandstof worden bijgewuld voordat u de maaimachineeer start.

Starten - De Motor Voorpompen

Let op: Voordat de motor voor het eerst worden gestart, dient u olie en benzine bij te vullen zoals beschreven in de bovenstaande sectie Olie en benzine.

Als u met een warme motor start, is het gebruik van de opvoerpomp gewoonlijk overbodig. Bij koudere temperaturen moet de pomp soms wel worden gebruikt.

De motor voor het eerst starten

  1. Duw de gashendel in de stand FAST +' , zoals worden goedoon in de sectie Gebruik: aan- en afzetten.
  2. Duw de opvoerknop (F) vijf keer diep in.
  3. Volg de instructies in de sectie Gebruik: aan- en afzetten.

  4. Als de motor na drie pogingen met het starterkoord nog Niet loopt,Client u de opvoerknoop nog eens drie keer in te drukken en verrolgens het bovenstaande punt 3 te herhalen.

De motor starten in het verwolg

  1. Duw de gashendel in de stand FAST ^+ en duw de opvoerknop drie keer diep in voordat u de motor start. (Als de machine zonder brandstof is komen te staan, dient u de tank bij te vullen en de opvoerknop drie keer in te drukken.)

Gebruik: Aan- En Afzetten

G1-a - Gashendel

G3-a - Terugloop van het starterkoord

Aan- en afzetten - R 50S

Aanzetten

  1. Sluit de bougiekabel aan.
  2. Schu if de gashendel in de stand FAST ^+ voordat de machine worden gestart (G1).
  3. Knijp de OPC-hendel in op de handgripom de motor-en mesrem los te zetten (G2).
  4. Trek de terugloopstarter—helemaal maar u toe tot het verste punt, duw de hendel dan langzaam terug en trek de hendel cervolgens—helemaal tot het uiterste maar u toe. (G3)
  5. Laat de motor eerst 30 seconden lopen voordat u de maaimachine gekruikt.

De aandrijving inschakelen

  1. Met gelebruik van de hendel van de Powerdrive, die zich bovenop de handgreep befindt (G4), worden de voorwaartse aandrijving in- en uitgeschakeld.
  2. Door de Powerdrive-hendel los te lately, worden de voorwaartse aandrijing automatisch uitzgeschakelijk.

Stoppen

  1. Laat de Powerdrive-hendel los.
  2. Laat de OPC-hendel los.

Aan- en afzetten - R 50SE

Aanzetten

  1. Volg stap 1 t/m 3 van de R 50S.
  2. Draai de sleutel om en houd hem in deze stand totdat de motor start (H). Zodra u de sleutel loslaat, springt deze weein de oorspronkelijke positie terug.
  3. Als de motor Niet aanslaat met de sleutel, kan het zich dan de accu moet worden opgeladen.

J1 - Snelheidshendel

De aandrijving inschakelen - zie R 50S

De slenheit wird bepaalm met gebruik van de slenheidshendel (J).

Stoppen - zie R 50S

Let op: U aunt uw R 50SE ook met de hand startendoor stap

1 t/m 5 in Aan- en afzetten - R 50S

te volgen.

Alleen voor machines met startseultel - de accuwordtijdens het maaien oppgeladen door de motor.

Aan- en afzetten - R 50S/BBC

  1. Volg stap 1,2, 4,5 van de R 50S.
  2. Trek de BBC-arm maar de hendel (K1).
  3. Houd de BBC-arm vast en duw de BBC-besturingshefboom maar voren totdat u een klik hoort (K2).
  4. Laat de BBC-besturingsheboomboed, zoatz de Judaer weer in jiers oorspronkelijkste positie terugkeert.
  5. Als de BBC-arm wordt losgelaten, stopt het maaimaes met ronddraien.

Let op:

Als u de motor gedurende langere tijd LAST lopen zonder dat het snijmes draait, kan de motor oververhit raken.

De aandrijying inschakelen - zie R 50S

De slenheit wird bepaalt met gebruik van de slenheidshendel (J).

Stoppen

  1. Laat de Powerdrive-hendel los.
  2. Laat de BBC-arm los.
  3. Zet de gashendel cervolgens in de stand '-.

Gebruik - Gras Maaien

Gras maaien

  1. Let op, dat u alsijd de juiste maaiositie (L1) gebruikt.
  2. Begin het gazon alsijd vanaf de buitenrand te maaien, en maai in stroken telkens in tegengestelde richting (L2).
  3. Maai het gras in het maaiseizoen tweemaal per week. Het is Niet goed voor het gras als er in een keer meer dan eenderde van de lenghte worden afgesneden. Dit kan tevens leiden tot een verslechtering van het verzamelen van het gras.

Let op: Zorg, dat u de maaimachine nicht overbelast.

Als u lang, dik gras maait, kutn u overbelasting van de motor verminderen en risico op beschadiging van uw machine vermijden door de snijhoogte in te stellen op de hoogste stand -zie Snijhoogte.

De maaihoogte instellen

  1. De maaihoogte worden ingesteld door de afstel-hendel van de locatiesleuven weg trekken en in de gewenste positie te zetten (L3).

Indicator voor grasopvangbak

  1. Uw maaimachine is uitergerust met een indicator, die aangeeft wanneer de grasopvangbak vol is (L4).
  2. Als de indicator boven in de buis zit, betekent dit dat het gras worden verzameld in de bak.

  3. Als de indicator begint te dalen, worden hetijd om de opvangbak te legen. Zet de machine stil en LAST de motor 10 seconden lopen. Laat de OPC-hendel of de BBC-arm los, en verwijder de opvangbak zDat deze kan worden geleegd (L5).

De grasopvangbak legen

  1. Maak het veerslot van de opvangbak los (L6).
  2. Maak de opvangzak los uit het frame van de opvangbak (L7).
  3. Leeg de opvangzak (L8).

Gebruiken als mulcher

  1. Uw maaimachine is uitgerust met een afsluitstop (L9), die gebruikt kan worden om het gazon te mulchen.
  2. Zet uw maaimachine uit, zoals beschreiben in Gebruik - aan- en afzetten, en ontkoppel de bougiekabel.
  3. Licht de beveiligingsklep op. Schuif de afsluitstop met een draaiende beweging in de darüberkant van de afvoergoot (L10).
  4. Controller, of de afsluitstop goed vast zit (L11).
  5. De afsluitstop blokkeert de verzamelgoot aan de onderkant van het ekd (L12), zDat het afgesneden grit neer meert worden opgeraat.
  6. Controller, of de beveiligingsklep juist is geplaatst (L13).

Onderhoud

BELANGRIJK

Voer nooit onderhoud uit aan uw maaimachine als de motor heet is.

Reinigen

BELANGRIJK

Reinig uw maaimachine nooit met water. Gebruik ook geen chemische middelen, inclusief benzine, of oplosmiddelen - deze{kunnen de belangrijke plastic onderdeni aantasten.

  1. Verwijder de restanten gras onder het dem ket een borstel (M1 & M2).
  2. Gebruik een zachte borstel, en veeg alle grasresten weg bij de luchtinlaten en uitlaat van de motor (M3), de afstelling voor de snijhoogte (M4), rond de wielen (M5) en grasopvangbak (M6 en M7).
  3. Wrijf met een droge doek het oppervlak van uw maaimachine af.

Snijmechanisme

Het maimes verwijderen

N1 of N2 (uitsluitend BBC)

Maak de bougiekabel los.
1. Draai het blad linksom los met een steeksleutel.
2. Verwijder de bout van het blad, het blad en het vulplaatje.
3. Inspector de onderdelen op beschadiging en reinig het blad.

Het maimes monteren

N1 of N2 (uitsluitend BBC)

  1. Zet het snijblad op de machine zodate scherperanden van de machine af wijzen.
  2. Monteer de bout van het blad via het snijblad en het vulplaatje.
  3. Houd het blad steigv vast, en draai de bout goed aan met een steekestreutel. Draai de bout niet te vast.

Let op

Voor machines dieijken uitgerust met BBC, worden de\ beide bouteen verwijderd met een zeskantsleutel.

Wees altijd uiterst voorzigrecht met het maimes - de scherpe randen hunnen letset veloorzaken.

DRAAG HANDSCHOENEN

Ongeacht van de conditie, dient het metalen maaimes na 50 gebruiksuren - of 2aar, afhankelijk van welke u het eerste bereikt - te worden verrangen.

Als het maimes is gebarsten of beschadigd, dient dit te worden verrangen door een neuen maimes.

De accu opladen (UITSLUITEND 50SE)

P1 - Kabelbundel

P2 - Laadpunt

P3 - Dop

  1. Stop de grasmaaimachine.
  2. Maak de bougiekabel los.
  3. Verwijder de dop van het laadpunt aan de onderkant van de kabelbundel (fig. P).
  4. Sluit de kabel van de lader aan op de aansluiting van de accu-kabelbundel.
  5. Steek de stekker van de lader in een gewoon stopcontact.
  6. De accu worden nu geladen.
  7. Laat de accu gedurende 24 uur opladen.
  8. Als de accu are geladen, kan de lader uit het stopcontact en het laadpunt worden verwijdert.
  9. Plaats de dop weeer op het laadpunt.
  10. De machine kan wee worden gebruikt.

Onderhoud

INFORMATIE MET BETREKKING TOT HET MILIEU

De producten van Electrolux Outdoor Products worden geproducede volgens EMS (ISO 14001), waar bij, waar dit uitvoerbaar is, gelebruik worden gemaakt van componenten die zich geproducede op de meest milieuvriendelijk manier volgens de werkijken van het bedrijf en met de möglichkeid om aan het einde van de levensduur van het product gerecycled te worden.

  • De verpakking kan gerecycled worden en plastic componenten zijn van een label voorzien (voor zover dat möglichk was) voor recycling op categorie.
  • Milieubewuste overwegingen dieren mee spelelen bij het weglooien van een product aan het einde van de levensduur.
  • Indien nodig,UNTU kontakt opnemen met de gemeentelijke autoriteit voor informatie over de verwerkung.

VERWERKING VAN ACCU'S

  • De accuClientaar een erkend onderhousbedrijf of aan uwplaatselijke recyclingstation te worden gebracht.
  • Gooi lege accu's NIET weg bij het huishoudelijk afval.
  • Loodzwavelzuuuraccu's hunnen schadelijk zijn voor het milieu en dienen te worden verwerkt via de erkende recyclingfacilititeit in overeenstemming met de Europese regelgeving.
    Gooi een accu NIET weg in water.
  • NIET verbranden.

VERWERKING VAN BRANDSTOFFEN EN SMEEROLIEN

  • Draag beschermende kleding wanner u werkte met brandstoffen en smeeroliën.
    Voorkom contact met de huid.
  • Verwijder benzine en machine-olie voordat u het product vervoert.
  • Neem contact op met de gemeentelijk autoriteit voor informatie over het dichtstbijzijdene recycling-/wenwerkingsstation.
  • Gooi brandstoffen en oliën NIET weg met het huishoudelijk afval.
  • Afgewerkte brandstoffen of oliën zijn schadelijk voor het milieu en dieren te worden verwerkt via de erkende recyclingfacilitieten.
  • Gooi aufgewerkte brandstoffen of oliën NIET weg in water.
  • NIET verbranden.

Accu verwangen

  1. De accu befindt zich onder een dekplaat awhile de motor.
  2. Stop de grasmaaimachine en maak de bougiekabel los.
  3. Verwijder de schroeven van de dekplaat.
  4. Verwijder de dekplaat om de accu te können verwijden.

BELANGRIJK - Nieuwe accu's moeten vóró gebruik eerst worden geladen.

Zorg, dat de lader en de accu nicht worden blootgesteld aan vocht.

Het accu-pak kan worden verrangen door de accuuit zich behuizing los te makeen en het accu-pak verrolgens los te koppelen van de accukabels.

Algemene richtlijnen voor laadbare accu's

  1. Laadtijd bedraagt 24研究成果
  2. Bij normala gebruik worden de accu opgeladen door de motor.
  3. Om de accu in optimale conditie te houden, dient deze minstens eén keer per 6 maanden te worden opgeladen.
  4. Als de accu hinter vaak worden opgeladen, kan dit de levensduur nadelig bevinoleden.
  5. Bescherm de voedingskabel. De accu mag nooit aan de elektrische kabel worden opgetild of gedragen.
  6. Een oude accu die snel leegaakt nadatdezegedurende 24 uur is opgeladen, moetwaarschijnlijk worden verragen.
  7. Probeer nooit de kast van de batterij te openen.
  8. Reinig de accu uitsluitend met een zachte droge doek.
  9. Reinig de accu nooit met een vochtige doek of met brandbare vloeistoffen zoals benzine, spiritus, oplosmiddelen, enz.
  10. Gooi oude accu's op juiste en veilige wijze weg.

De motorremkabel dient alkjd zodanig afgesteld te崽 dat de motor binnen 3 sek. stopt. LET OP! Gebruik voor het afstellen een erkende dealer.

Aan het einde van het maaseizoen

  1. Vervang, indien noodzakelijk, het maaimes en de boute, moeren of schroeven.
  2. Reinig de maaimachine grondig.
  3. Laat het luchtfilter grondig reinigen door uwplaatselijke service-centrum, en laat waar indiennoodzakelijk ook de benodigde service-of reparatiewerkzaamheden uitvoeren.
  4. Tap alle olie en benzine in de motor af.

De maaimachine opbergen

  1. Berg uw maaimachine nooit direct na gebruik op.
  2. Wacht altijd tot de motor voldoende is afgekoeld om potentieel brandevaar te vermijden.
  3. Reinig uw maaimachine.
  4. Berg de machine op een koele, droge plaats op waar de maaier Niet kan worden beschadigd.

Onderhoud

Aanbevelingen voor onderhoud

Uw product is voorzien van een uneke identificatie in de vorm van een silver en zwart gekleurd productkwaliteitslabel.

U worden ten zeerste aangeraden uw product ten minste elkte twaalf maanden een service-beurt te给他们, vaker indien het beroepshalve veelvuldig worden gebruikt.

Schema voor motoronderhoud

Volg het schema van het+aantal gebruiksuren of tijsduur - welke het eerste van toepassing is. Indien de machine in ongunstige omstandigheden worden gebruikt, dient het onderhoud erder te worden uitgevoerd.

Eerste 5 aur - olie verversen.

Elke 5 uu of dagelijks - olieeil controlleren. Vingerbeveiliger reinigen. Reinigen om de geluiddempert.

Elke 25研究成果 of elk seizoen - olie verversen indien machine worden gebruikt voor zware belasting of bij hoge omgevingstemperaturen. Service uitvoeren aan luchtreiniger.

Elke 50 uur of elk seizoen - olie verversen. Vonkafleider inspecteren, indien van toepassing.

Elke 100 uur of elk seizoen - Koelsystemein reigen*. Bougie vernieuwen.

  • Bij stoffige omstandigheden, of als de machine langdurig worden gebruikt voor hoog, droog gras en er veel stof- en grasresten in de lucht zweven, dient dit vaker te worden uitgevoerd.

Motoronderhoud en garantie

De motor die in uw grasmaaimachine is gemonteerd, valt onder garantie van de fabrikant van de motor. Voor verdere informatie kunt u contact opnemen met uw dealer (zie onderstaande gegevens). Briggs en Stratton

U=knt de dichtstbijzindene service-dealer voor Briggs en Stratton vinden in de Gouden Gids

Storingen en oplossingen

Motor start nicht

  1. Controller dat de OPC-hendel/BBC-arm in de startup positie staat.
  2. Controller dat de hendel in de stand ^+ staat.
  3. Controller of de tank voldoende benzine bevat en of het luchtventiel in de tankdop nicht is verstopt.
  4. Verwijder de bougie en maak deze goed droog.
  5. Benzine is misschien oud, vul met neue benzine. Nadat de benzine is verrangen, kan het even duren voordat de neue benzine helemaal door het systeem gefilterd is.
  6. Controller of de bout van het maaimes goed vastzit. Als de bout los zit, können er startproblemen ontstaan.
  7. Als de motor Niet start, dient u onmiddelijk de bougiekabel los te make.
  8. RAADPLEEG UW PLAATSELIJKE ERKENDE SERVICE-CENTRUM.

Motor draait nicht (uitsluitend elektrostart)

  1. Controller dat de OPC-hendel/BBC-arm in de startup positie staat.
  2. Als de accu leeg is,kest u de machine met de hand starten.
  3. Als de motor Niet start, dient u onmiddelijk de bougiekabel los te make.
  4. RAADPLEEG UW PLAATSELIJKE ERKENDE SERVICE-CENTRUM.

Onvoldoende kracht in de motor en/of oververhitting

  1. Controller of bedieningshefboom in de 'normale' stand staat.
  2. Maak de bougiekabel los en LAST de motor afkoelen.
  3. Verwijder alle restanten gras die zich om de motor en luchtinlaten bevinden en aan de onderkant van het Dek, zoals de uitwerpgoot en ventilator.
  4. Reinig het luchtfilter (uwplaatselijkke servicecentrum kan een grondige reiniging voor uuiuvoeren).
  5. Benzine is misschien oud, vul met neue benzine. Nadat de benzine is verrangen, kan het even duren voordat de neue benzine helemaal door het systeem gefilterd is.
  6. Als de motor nog steeds Niet genoeg kracht heeft en/of oververhit raakt, dient u de bougiekabel ommiddelijk los te makeen.
  7. RAADPLEEG UW PLAATSELIJKE ERKENDE SERVICE-CENTRUM.

Overmatige trilling

  1. Maak de bougiekabel los.
  2. Controller of het maaimes goed is gemonteerd.
  3. Als het maaimes is beschadigd of versleten, dient u een新产品 maaimes te plaatsen.
  4. Als de trillingen hierdoor Niet minder worden, dient u de bougiekabel onmiddelijk los te makek.
  5. RAADPLEEG UW PLAATSELIJKE ERKENDE SERVICE-CENTRUM.

Sikkerhet

HUSQVARNA R50S - Sikkerhet - 1

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HUSQVARNA

Model : R50S

Categorie : Motorfiets