246 BIO - Bosmaaier HUSQVARNA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 246 BIO HUSQVARNA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Bosmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 246 BIO - HUSQVARNA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 246 BIO van het merk HUSQVARNA.
GEBRUIKSAANWIJZING 246 BIO HUSQVARNA
- Overzicht Motorrembeugel Boven-duwboom Beneden-duwboom Startgreep Gebruiksaanwijzing Productlabel Waarschuwingsetiket DK - Oversigt
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Indien deze grasmaaimachine niet op de juiste wijze wordt gebruikt, kan de machine gevaar opleveren. De machine kan ernstig letsel veroorzaken aan de bediener en omstanders; voor redelijke veiligheid en efficientie bij het gebruik van de grasmaaier, dienen de waarschuwingen en veiligheidsvoorschriften nauwkeurig te worden opgevolgd. De bediener draagt de verantwoordelijk voor het opvolgen van de waarschuwingen en veiligheidsvoorschriften, die in deze handleiding en op de grasmaaimachine vermeld staan. Verklaring van de symbolen op de roterende Indien er benzine wordt gemorst, mag de motor niet worden gestart en dient de machine uit de buurt van de gemorste grasmaaimachine met benzinemotor vlek te worden geduwd; elke vorm van ontsteking moet worden vermeden totdat de vlek geheel is vervlogen. Zorg, dat de tankdop en dop van de container altijd Waarschuwing goed vast worden gedraaid. Voordat u de motor start, dient u de machine uit de buurt te duwen van de plaats waar u de tank heeft bijgevuld. Lees de handleiding voor de Brandstof moet op een koele plaats worden gebruiker aandachtig door, zodat u opgeslagen, uit de buurt van open vlammen. volledig vertrouwd bent met de Voorbereiding verschillende bedieningselementen
1. Maai het gras nooit op blote voeten of met sandalen
en de werking daarvan. aan. Draag altijd geschikte kleding, handschoenen Zorg, dat de maaimachine tijdens het en stevige schoenen. maaien altijd in contact blijft met de grond.
2. Het gebruik van oorbeschermers wordt aanbevolen.
Als de machine wordt opgetild of
3. Controleer, dat er geen stokken, botten, ijzerdraad en
gekanteld, kunnen er onder hoge snelheid rommel in het gras liggen; deze kunnen door het mes stenen naar buiten worden geworpen. onder hoge snelheid naar buiten worden geworpen. Zorg, dat omstanders uit de buurt
4. Controleer de machine vóór gebruik en na harde
blijven. Gebruik de maaimachine niet schokken altijd op eventuele slijtage en als er zich mensen, en vooral beschadigingen en repareer deze zo nodig. kinderen of huisdieren, op het te
5. Om de juiste balans te behouden, dient men bij
maaien terrein bevinden. vervanging van het mes altijd de hele bevestigingsset te vervangen. Wees voorzichtig met uw voeten en
6. Defecte geluiddempers dienen vervangen te worden.
handen. Houd uw handen of voeten Gebruik veilig uit de buurt van het roterende
1. Gebruik de machine niet in een afgesloten ruimte, waar
mes snijbladen. de uitlaatgassen (koolmonoxide) zich kunnen ophopen. Alvorens onderhoud uit te voeren aan de
2. Gebruik de maaimachine alleen bij daglicht of goed
machine of de machine te reinigen of af te kunstmatig licht. stellen, of wanneer de machine gedurende
3. Vermijd waar mogelijk gebruik van de machine als
langere tijd niet zal worden gebruikt, dient het gras nat is. de bougie te worden verwijderd.
4. Wees voorzichtig dat u niet uitglijdt als het gras nat is.
5. Wees op hellingen extra voorzichtig dat u niet
Het mes blijft nog een tijdje roteren uitglijdt en draag niet-slippend schoeisel. nadat de machine uitgeschakeld werd.
6. Hellingen dienen altijd in overdwarse richting te worden
Wacht totdat alle machine-onderdelen gemaaid, en niet van boven naar beneden of andersom. volledig stilliggen voordat u ze aanraakt. STOP
7. Wees uiterst voorzichtig wanneer u op een helling
Algemeen van richting verandert.
1. De grasmaaimachine mag nooit worden gebruikt door
8. Grasmaaien op hellingen en taluds kan gevaarlijk
kinderen of personen die niet op de hoogte zijn van de zijn. Niet maaien op taluds of steile hellingen. instructies voor gebruik. Volgens plaatselijke wettelijke
9. Loop niet achteruit met de grasmaaier, omdat u dan
voorschriften kan er een minimum leeftijd van zou kunnen struikelen. Altijd lopen, nooit rennen. toepassing zijn voor bedieners van deze machine.
10. Maai het gras nooit door de maaimachine naar u toe
2. De grasmaaier is uitsluitend bestemd voor gebruik
te trekken. op de wijze waarop en voor de doeleinden die in
11. Voordat de maaimachine over oppervlakken zonder
deze instructies worden beschreven. gras wordt geduwd en wanneer de machine naar en
3. Gebruik de grasmaaier nooit als u moe, ziek of
van het te maaien terrein wordt vervoerd, dient de onder invloed bent van alcohol, drugs of medicijnen. motor te worden uitgeschakeld door de
4. De bediener of gebruiker is aansprakelijk voor
motorrembeugel uit te schakelen. eventuele ongevallen of gevaren die worden
12. De machine mag niet worden gebruikt als de
veroorzaakt aan andere personen of hun eigendom. beschermplaten beschadigd of afwezig zijn. Veiligheid van brandstof
13. De motor mag niet te hard lopen en de instellingen
WAARSCHUWING - benzine is uiterst brandbaar van de toerenregelaar mogen niet worden Draag beschermende kleding wanneer u werkt met gemodificeerd. Te hard rijden is gevaarlijk en verkort brandstoffen en smeeroliën. de levensduur van de maaimachine. Voorkom contact met de huid.
14. Voordat de motor wordt gestart, dienen alle mes
Verwijder benzine en machine-olie voordat u het aandrijfkoppelingen vrij te worden gezet. product vervoert.
15. Houd uw handen en voeten altijd uit de buurt van de
Benzine dient te worden bewaard in een speciaal snij-inrichting, vooral wanneer u de motor aanzet. voor dit doel bestemde container. Over het algemeen
16. De grasmaaimachine mag niet worden gekanteld bij
zijn plastic containers ongeschikt voor dit doel. het starten van de motor. De tank dient altijd buitenshuis te worden bijgevuld
17. De maaimachine mag niet worden opgetild of
en er mag niet worden gerookt. gedragen met lopende motor. De tank dient te worden bijgevuld VOORDAT de
18. De bougiekabel kan heet worden - wees voorzichtig.
motor wordt gestart. De tankdop mag nooit wordt
19. Voer nooit onderhoud uit aan de machine als de
geopend en de tank mag ook niet worden bijgevuld motor heet is. als de motor loopt of heet is. NEDERLANDS - 1 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
20. Laat de motorrembeugel los om de motor te stoppen,
wacht totdat het mes is uitgedraaid, koppel de kabel van de bougie los en wacht totdat de motor is afgekoeld:- als u de machine enige tijd onbeheerd wilt achterlaten; - voordat u de benzinetank bijvult; - voordat u een verstopping verwijdert; - voordat u controles, reiniging of onderhoud uitvoert aan het apparaat; - als u een vreemd voorwerp raakt. Gebruik de machine niet totdat u zeker bent dat de hele grasmaaimachine veilig is voor gebruik; - als de maaimachine abnormaal trilt. U dient dit onmiddellijk te controleren. Te grote trillingen kan letsel veroorzaken. Onderhoud en opslag
1. Zorg, dat alle moeren, bouten en schroeven goed
zijn aangedraaid zodat de maaier altijd veilig kan worden gebruikt.
2. Vervang versleten of beschadigde onderdelen
3. Gebruik voor vervanging uitsluitend originele, voor
deze machine bestemde snijbladen en bladbouten.
4. Zet de maaier nooit in een ruimte/gebouw waar
benzinedampen in aanraking kunnen komen met open vuur of vonken als er nog benzine in de tank zit.
5. Laat de motor altijd eerst afkoelen voordat de
machine wordt opgeborgen in een afgesloten ruimte.
6. Om brandgevaar te vermijden, dienen de motor,
geluiddemper, accubak en de brandstoftank vrij te zijn van gras, bladeren of overmatig veel vet.
7. Als de benzinetank moet worden geleegd, dient dit
8. Wees voorzichtig bij het afstellen van de machine dat
uw vingers niet bekneld raken tussen bewegende snijbladen en vaste onderdelen van de grasmaaier. MONTAGE-INSTRUCTIES
1. Zet de onderste handvaten in de houders.(A)
2. Monteer de onderkant van de duwboom zo dat de
gevormde uiteinden op de juiste manier in de overeenkomstige gleuven aan beide zijden van de gazonmaaier zitten.(B)
3. Druk de plastic pluggen in aan beide kanten. (C)
4. Monteer het bovengedeelte van de duwboom.
Vergeet niet het ringetje te monteren tussen de moer en de duwboom. (D) Terugloop van het starterkoord Voordat u aan het starterkoord trekt, moet u eerst de motorrembeugel tegen de duwboom aantrekken zodat de rem van de motor af is.
1. Maak de bougiekabel los.(H)
2. Trek aan de motorrembeugel-hendel om de
motorrem los te koppelen. (E1)
3. Trek het starterkoord in de uiterste stand. (E2)
4. Voer het snoer nu door de kabelgeleider op de
handgreep.(E3). Stuurstangstop
2. Om de stuurstang in positie te vergrendelen dienen
de stoppen volgens illustratie (F) te worden geplaatst.
3. Plaats -H- aan de rechterkant en -V- aan de
1. Vul het carter met de bijgeleverde motorolie, SAE 30. (G)
HET INSTELLEN VAN DE MAAIHOOGTE
1. Maak altijd de bougiekabel los tijdens
werkzaamheden aan de grasmaaier. (H)
2. Het wiel uit de sleuf trekken en in de gewenste
1. Controleer het oliepeil regelmatig en na elke vijf
2. Vul de olie bij indien noodzakelijk om het oliepeil op
de aanduiding FULL op de peilstok te houden.
3. Gebruik SAE 30 4-takt olie van goede kwaliteit.
a) Verwijder de oliedop. b) Vul de tank tot de aanduiding FULL op de peilstok wordt bereikt.
5. Ververs de olie na de eerste vijf gebruiksuren; vervolgens
dient de olie na elke 25 gebruiksuren te worden ververst.
6. Ververs de olie altijd als de motor warm is, maar niet
heet - voer echter nooit onderhoud aan de machine uit als de motor heet is. Benzine
1. Gebruik nieuwe, standaard loodvrije benzine.
2. Vul de benzinetank nooit bij als de motor heet is.
3. Bij het vullen van de benzinetank mag niet worden
4. Vul de benzinetank nooit met lopende motor.
5. Veeg eerst alle gras en vuil van de dop van de
benzinetank voordat u deze verwijdert om te voorkomen dat er vuil in de tank komt.
6. U wordt aanbevolen om de benzine door een
trechter met een filter in de tank te gieten.
7. Verwijder alle gemorste brandstof voordat de motor
STARTEN EN UITSCHAKELEN
1. Zet de maaier op een vlakke ondergrond. Niet op
grind o.i.d. Vul de benzinetank met loodvrije benzine, geen oliemengsel. (K)
2. Vu geen benzine bij terwiji de motor draait.
Eventueel gemorste benzine met water wegspoelen. De motor niet rechtstreeks met water afspoelen.
3. De bougiekabel aansluiten
1. Starten met koude motor
Druk de membraanpomp 3 maal stevig in voordat u de koude motor start. (Ook als de motor is gestopt door brandstoftekort, bijvullen en de membraanpomp 3 maal indrukken. (L)
Starten met varme motor LET OP: Voorpompen is normaal gesproken niet nodig bij het herstarten van een warme motor. Alleen bij koud weer kan opnieuw voorpompen noodzakelijk zijn. MOTORREMBEUGEL
3. Trek de motorrembeugel omhoog tot de bovenste
handgreep, voordat u de motor starten. U dient de motorrembeugel in deze positie vast te houden solang de motor draait. (M)
4. Als u de motorrembeugel loslaat, slaat de motor
5. Geef een flink ruk aan het starterkoord Zodra de
6. Het stoppen van de motor
Laat de motorrembeugel los. (M) NEDERLANDS - 2 GEBRUIK De grasmaaier niet gebruiken op hellingen of taluds met een hoek groter dan 30˚. 0Anders komen er problemen met de smering van de motor. (P) Voordat u gaat maaien, stenen, takken, speelgoed etc. verwijderen van het gazon. (Q) Vorkoom dat het snijblad tegen stenen, wortels e. d. stoot, daar dit kan leiden tot verbuiging van de aandrijfas. Maai het gazon twee maal per week in de grootste groeiperiode. Niet meer dan 1/3 van de totale lengte maaien, vooral niet in een droge periode. (R) Indien het gras erg lang is, eerst in de hoogste maaistand maaien, daarna op de gewenste maaihoogte instellen. Eventueel twee maal maaien. ONDERHOUD Voordat u begint met schoonmaken, reparaties of afstellen, altijd eerst de bougiekabel losmaken. Bouten en moeren kontroleren na vijf draaiuren. Olipeil kontroleren en zonodig bijvullen. Als de maaier op de zijkant wordt gelegd, zorg dan dat de bougie naar boven zijn gericht. REGELMATIG
1. Al het gras, gebladerte e.d. van de maaier afspoelen
2. Olipeil kontroleren en zonodig bijvullen.
JAARLIJKS Wees altijd uiterst voorzichtig met het mes - de scherpe randen kunnen letsel veroorzaken. DRAAG HANDSCHOENEN. Ongeacht van de conditie, dient het metalen mes na 50 gebruiksuren - of 2 jaar, afhankelijk van welke u het eerste bereikt - te worden vervangen. Als het mes is gebarsten of beschadigd, dient dit te worden vervangen door een nieuw snijblad.
1. Slijpen en balanceren van het maaimes. De
bougiekabel losmaken. Schroef het mes er af en breng het naar de werkplaats voor slijpen en balanceren.Bij het weer aanbrengen de schroef goed vastdraaien.Aandrai moment: 35–40 Nm.(T)
2. Na 25 draaiuren of tenminste éénmaal per jaar moet
de olie ververst worden. Laat de motor warm draaien. De bougiekabel losmaken. Haal de peilstok eruit, de bodemdop openen en de olie eruit laten lopen. Vang de afgewerkte olie op in een blik of kan en breng dit naar een plaats waar olie wordt verzameld. De dop dichtschroeven en nieuwe oli er in doen, SAE 30.(V)
3. De motorremkabel dient altijd zodanig afgesteld te
sijn dat de motor binnen 3 sek. stopt. LET OP! Gebruik voor het afstellen een erkende dealer. (W)
4. Verwijder de bout en deksel. Het filterelement eruit
5. Maak het filter schoon in petroleum. Doe daarna een
beetje olie op het schoongemaakte filter en knijp dit vit. VERVOER De bougiekabel losmaken. Maak de kabel los van de handgreep voordat u deze voorzichtig inklapt. Voorkom beschadiging van de kabel. Ledig de benzinetank. Bij openbaar vervoer dienen zowel olie-als benzinetank geledigd te worden. VERZORGING Aan het einde van het maaiseizoen
1. Vervang, indien noodzakelijk, het mes en de bouten,
moeren of schroeven.
2. Reinig de maaimachine grondig.
3. Laat het luchtfilter grondig reinigen door uw
plaatselijke service-centrum, en laat daar indien noodzakelijk ook de benodigde service- of reparatiewerkzaamheden uitvoeren.
4. Tap alle olie en benzine in de motor af.
De maaimachine opbergen
1. Berg uw maaimachine nooit direct na gebruik op.
2. Wacht altijd tot de motor voldoende is afgekoeld om
potentieel brandgevaar te vermijden.
3. Reinig uw maaimachine.
4. Berg de machine op een koele, droge plaats op
waar de maaier niet kan worden beschadigd. NEDERLANDS - 3 Schema voor motoronderhoud Volg het schema van het aantal gebruiksuren of tijdsduur - welke het eerste van toepassing is. Indien de machine in ongunstige omstandigheden wordt gebruikt, dient het onderhoud eerder te worden uitgevoerd. Eerste 5 uur - olie verversen. Elke 5 uur of dagelijks - oliepeil controleren. Vingerbeveiliger reinigen. Reinigen om de geluiddemper. Elke 25 uur of elk seizoen - olie verversen indien machine wordt gebruikt voor zware lading of bij hoge omgevingstemperaturen. Service uitvoeren aan luchtreiniger. Elke 50 uur of elk seizoen - olie verversen. Vonkafleider inspecteren, indien van toepassing. Elke 100 uur of elk seizoen - Koelsysteem reinigen*. Bougie vernieuwen. Bij stoffige omstandigheden, of als de machine langdurig wordt gebruikt voor hoog, droog gras en er veel stof- en grasresten in de lucht zweven, dient dit vaker te worden uitgevoerd.
INFORMATIE MET BETREKKING TOT HET MILIEU
Husqvarna Outdoor Products worden gefabriceerd onder de richtlijnen van een Environmental Management System (ISO 14001) waarbij men, voor zover dat praktisch is, gebruik maakt van componenten die op de meest milieuverantwoordelijke manier zijn gefabriceerd, volgens bedrijfsprocedures en met de mogelijkheid voor recycling aan het einde van hun levensduur.
- De verpakking kan gerecycled worden en plastic componenten zijn van een label voorzien (voor zover dat mogelijk was) voor recycling op categorie.
- Milieubewuste overwegingen dienen mee te spelen bij het weggooien van een product aan het einde van haar levensduur.
- Indien nodig, neemt u contact op met de gemeentelijke autoriteit voor informatie over de verwerking.
VERWERKING VAN BRANDSTOFFEN EN
- Draag beschermende kleding wanneer u werkt met brandstoffen en smeeroliën.
- Voorkom contact met de huid.
- Verwijder benzine en machine-olie voordat u het product vervoert.
- Neem contact op met de gemeentelijke autoriteit voor informatie over het dichtstbijzijnde recycling/verwerkingsstation.
- Gooi brandstoffen en oliën NIET weg met het huishoudelijk afval.
- Afgewerkte brandstoffen of oliën zijn schadelijk voor het milieu en dienen te worden verwerkt via de erkende recyclingfaciliteiten.
- Gooi afgewerkte brandstoffen of oliën NIET weg in water.
- NIET verbranden. ONDERHOUD
3. Controleer of de tank voldoende benzine bevat en of
het luchtventiel in de tankdop niet is verstopt.
4. Verwijder de bougie en maak deze goed droog.
5. De benzine is wellicht oud. Aftappen en vervangen.
6. Controleer of de bout van het mes goed vastzit. Als
de bout los zit, kunnen er startproblemen ontstaan.
7. Als de motor niet start, dient u onmiddellijk de
2. Maak de bougiekabel los en laat de motor afkoelen.
3. Verwijder alle restanten gras die zich om de motor
en luchtinlaten bevinden en aan de onderkant van het dek, zoals de uitwerpgoot en ventilator.
4. Reinig het luchtfilter (uw plaatselijke service-centrum
kan een grondige reiniging voor u uitvoeren).
5. De benzine is wellicht oud. Aftappen en vervangen.
6. Als de motor nog steeds niet genoeg kracht
heeft en/of oververhit raakt, dient u de bougiekabel onmiddellijk los te maken.
7. RAADPLEEG UW PLAATSELIJKE ERKENDE
SERVICE-CENTRUM. Overmatige trilling
1. Maak de bougiekabel los.
2. Controleer of het mes goed is gemonteerd.
3. Als het snijblad is beschadigd of versleten, dient u
een nieuw snijblad te plaatsen.
4. Als de trillingen hierdoor niet minder worden,
dient u de bougiekabel onmiddellijk los te maken.
5. RAADPLEEG UW PLAATSELIJKE ERKENDE
De motor die in uw grasmaaimachine is gemonteerd, valt onder garantie van de fabrikant van de motor. Voor verdere informatie kunt u contact opnemen met uw dealer (zie onderstaande gegevens).
AANBEVELINGEN VOOR ONDERHOUD
1. U wordt ten zeerste aangeraden uw product ten
minste elke twaalf maanden een service-beurt te geven, vaker indien het beroepshalve veelvuldig wordt gebruikt.
2. Gebruik altijd uitsluitend originele
3. De meeste erkende winkels hebben pakketten
reserveonderdelen in voorraad.
4. Uw product is voorzien van een unieke identificatie
in de vorm van een zilver en zwart gekleurd productkwaliteitslabel.
5. Indien uw machine een storing ontwikkeld, kunt u
contact opnemen met uw plaatselijke erkende service-centrum. Zorg wel, dat u de gegevens van het productlabel bij de hand hebt als u belt.
6. Indien er werkzaamheden moeten worden
uitgevoerd door het service-centrum, is het belangrijk dat u de gehele machine bij het centrum brengt. Als er werkzaamheden moeten worden uitgevoerd, kunt u gewoonweg contact opnemen of een bezoekje afleggen aan het service-centrum. Indien deze werkzaamheden onder uw garantie vallen, dient u het service-centrum een bewijs van aankoop te overhandigen. Alle centra gebruiken alleen originele onderdelen. LET OP: Andere onderhoudscentra werken uitsluitend namens zichzelf en zijn niet gemachtigd om verbindingen aan te gaan voor Husqvarna Outdoor of Husqvarna Outdoor Products op welke wijze dan ook (wettelijk) te verplichten.
GARANTIE EN GARANTIEBELEID
Als er binnen de garantieperiode onderdelen defect blijken als gevolg van fabrieksfouten, dan verzorgt Husqvarna Outdoor Products via diens bevoegde monteurs gratis voor reparatie of vervanging, mits: (a) de fout direct via de erkende reparateur is gemeld; (b) de klant een bewijs van aankoop heeft overhandigd; (c) het defect niet is veroorzaakt door fout gebruik, verwaarlozing of foute afstelling door de gebruiker; (d) het defect niet het gevolg is van normale slijtage door gebruik; (e) de machine niet is onderhouden of gerepareerd, uit elkaar gehaald of gemodificeerd door een persoon die hiervoor niet uitdrukkelijk is gemachtigd door Husqvarna Outdoor Products; (f) de machine niet is verhuurd; (g) de machine in het bezit is van de oorspronkelijke eigenaar; (h) Het product is niet gebruikt in een land anders dan het land waarin het gekocht is; (i) de machine niet voor commerciÎle doeleinden is gebruikt.
- Deze garantie is een aanvulling op uw wettelijk geldende rechten als consument, en tasten uw rechten op geen enkele wijze aan. Defecten die het gevolg zijn van de hieronder genoemde oorzaken vallen niet onder de garantie, en het is dan ook uiterst belangrijk dat u de instructies in de handleiding goed doorleest en het gebruik en onderhoud van de machine begrijpt. Defecten die niet onder de garantie vallen:
- Vervanging van versleten mes
- Defecten die het gevolg zijn van het niet melden van een fout.
- Defecten die het gevolg zijn van een schok/stoot.
- Defecten die het gevolg zijn van gebruik dat afwijkt van de instructies en aanbevelingen in de handleiding.
- Machines die gebruikt zijn voor verhuur vallen niet onder de garantie.
- De volgende onderdelen zijn onderhevig aan slijtage en hun levensduur is afhankelijk van regelmatig onderhoud en vallen daarom gewoonlijk niet onder een garantieclaim: Snijblad, aandrijfriem.
- Voorzichtig! Husqvarna Outdoor Products aanvaardt geen aansprakelijkheid onder de garantie voor defecten die geheel of gedeeltelijk, direct of indirect, het gevolg zijn van het monteren van vervangingsonderdelen of aanvullende onderdelen die niet zijn gemaakt noch zijn goedgekeurd door Husqvarna Outdoor Products, of indien de machine op welke wijze dan ook is gemodificeerd. NEDERLANDS - 4 SIKKERHET Hvis denne gressklipperen ikke blir brukt riktig, kan den være farlig! Gressklipperen kan forårsake alvorlig skade på brukeren og andre. Advarslene må tas alvorlig og sikkerhetsreglene må følges nøye slik at det sørges for rimelig sikkerhet og effektivitet når klipperen er i bruk. Brukeren har ansvaret for å ta hensyn til advarslene og følge sikkerhetsanvisningene i denne bruksanvisning og de som finnes på etiketter på klipperen.. Forklaring av symboler på gressklipperen Tørk skitt og gressrester av tanklokket før det skrues av, dette for å forhindre at man får rusk i bensintanken Bensin må fylles FØR klipperen startes. Varmkjørt motor bør stå og kjølne 4-5 min. før bensinlokket tas Advarsel av og ny bensin fylles på Hvis det søles bensin under fylling må det ikke gjøres forsøk på å starte klipperen før maskinen er flyttet bort fra der det ble sølt, og det må sørges for Les bruksanvisningen nøye for å at det ikke oppstår muligheter for tenning før være sikker på at du er kjent med bensinen har fordampet samtlige betjeningsknapper og Gammel bensin som er igjen fra sesongen før, eller hvordan de virker. drivstoff som har vært under oppbevaring over lang tid, bør ikke brukes. Unntak er miljøtilpasset bensin Hold gressklipperen på bakken, hele Samtlige lokk på bensintank og beholdere må settes tiden, mens du klipper. Hvis forsvarlig på plass igjen gressklipperen tippes eller løftes kan Bensin bør oppbevares kjølig og unna åpen ild det medføre at steiner slynges ut. Forgasseren er forhåndsinnstilt og produsert uten justerbare dyser for å tilfredstille dagens krav til utslipp Bensin bør oppbevares kjølig, unna åpen ild. Hold andre unna området der du Forberedelse klipper. Ikke klipp mens andre, særlig
1. Plasser nedre håndtak i håndtakfestene. (A)
2. Monteer de onderkant van de duwboom zo dat de
gevormde uiteinden op de juiste manier in de overeenkomstige gleuven aan beide zijden van de gazonmaaier zitten.(B)
Notice-Facile