SONY CMT-M100MDB - Hi-Fi Systeem

CMT-M100MDB - Hi-Fi Systeem SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis CMT-M100MDB SONY in PDF-formaat.

📄 192 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice SONY CMT-M100MDB - page 70
Bekijk de handleiding : Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over CMT-M100MDB SONY

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Hi-Fi Systeem in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CMT-M100MDB - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CMT-M100MDB van het merk SONY.

GEBRUIKSAANWIJZING CMT-M100MDB SONY

Gebruiksaanwijzing NL

Stel dit apparaat niet bloot aan regen of vocht, om brandgevaar of elektrische schokken te voorkomen.

Om brand te voorkomen, mogen de ventilatieopeningen van het apparaat niet worden afgedekt door kranten, tafelkleden, gordijnen, enz. Zet ook geen brandende kaarsen op het apparaat.

Om gevaar van brand of elektrische schok te voorkomen, mogen er geen met water gevulde voorwerpen zoals vazen op het apparaat worden geplaatst.

Installeer de stereo-installatie niet in een krappe ruimte, zoals een boekenkast of ingebouwde kast.

Octrooien in de Verenigde Staten en in andere landen vallen onder de licentie van Dolby Laboratories.

CLASS 1 LASER PRODUCT LUOKAN 1 LASERLAITE KLASS 1 LASERAPPARAT

Dit apparaat is geclassificeerd als een KLASSE 1 LASER product. Deze aanduiding bevindt zich aan de achterkant van het apparaat.

Dit waarschuwingslabel bevindt zich binnenin het apparaat.

CAUTION : INVISIBLE LASER RADIATION WHEN OPEN AND INTERLOCKS DEFEATED, AVOID EXPOSURE TO BEAM. ADVARSEL : USYNLIG LASERSTRALING VIED ABNING NÄR SKOKERHEDSAFBRYDERE ER UDE AF FUNKTION, UNIDÄ UDSMETTELSE FOR STRALING. VORSICHT : UNSCHTBARE LASERSTRALUNG, WENN ABDECKUNG GEÖFFNET UND SICHEREITSVERNIEGELUNG, ÜSERBRÜCKT, NICHT DEM STRAHL ASUSETZEN. VARO / : AVATTASSA JA SUOJALKUTUS ÖHETTAESSA QLET ALT- TINA NAKYMÄTTÖMÄLLE LASERSÄTELYLLE, ÄLÄ KATSO SÄTEESBEN. VARNING : USYNLIG LASERSTRALING NÄR DENNA DELÄR ÖPPNAD OCK SPÄRNREN ÅR UKKOPPLAD, BETRAKTA EJ STRÅLEN. ADVERSEL : USYNLIG LASERSTRALING NÄR DEKSEL ÄPNES OG SKOKERHEDSLÄS BRYTES, UNIDÄ EKSPONERING FOR STRÅLEN. VIGYAZATT : A BURKOLAT NYITÄSAXOR LÄTHATATLAN LËZERSU- GÄRVESZELY! KENÖLIE A BESUGÄRZÄSTI

Dit apparaat bevat een vast ingebouwde batterij die niet vervangen hoeft te worden tijdens de levensduur van het apparaat.

Raadpleeg uw leverancier indien de batterij toch vervangen moet worden. De batterij mag alleen vervangen worden door vakbekwaam servicepersoneel.

SONY CMT-M100MDB - Stel dit apparaat niet bloot aan regen of vocht, om brandgevaar of elektrische schokken te voorkomen. - 3

Gooi de batterij niet weg maar lever deze in als klein chemisch afval (KCA).

Lever het apparaat aan het einde van de levensduur in voor recycling, de batterij zal dan op correcte wijze verwerkt worden.

IN GEEN ENKELE SITUATIE KAN DE VERKOPER AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR DIRECTE SCHADE, INCIDENTELE SCHADE OF GEVOLGSCHADE DIE VOORTVLOEIT UIT GEBRUIK VAN HET APPARAAT OF EEN DEFECT HIERIN, NOCH VOOR HIERMEE SAMENHANGENDE ONKOSTEN OF VERLIEZEN.

Inhoudsopgave

Onderdelen

Hoofdapparaat 4

Afstandsbediening.... 5

Voorbereidingen

Aansluiten van het systeem 6

Plaatsing van twee R6 (AA-formaat) batterijen in de afstandsbediening ..... 7

Instellen van de klok 8

Stroom besparen in de wachtstand ..... 8

CD

Plaatsing van een CD 9

Afspelen van een CD

— NORMAL-afspeelfunctie/

SHUFFLE-afspeelfunctie/

REPEAT-afspeelfunctie 9

Programmeren van CD-muziekstukken

— PROGRAM-afspeelfunctie ..... 11

Gebruik van het CD-display 12

Invoeren van CD-titels

— CD-geheugen .... 13

MD - Afspelen

Plaatsing van een MD 15

Afspelen van een MD

— NORMAL-afspeelfunctie/

SHUFFLE-afspeelfunctie/

REPEAT-afspeelfunctie 15

Programmeren van MD-muziekstukken — PROGRAM-afspeelfunctie ...... 17

Alleen de muziekstukken in de gewenste groep afspelen.... 18

Gebruik van het MD-display.... 19

MD - Opnemen

Alvorens met het opnemen te beginnen 19

Muziekstukken opnemen in groepen — Groepsfunctie .... 20

Een CD opnemen op een MD .... 22 — CD-MD-synchroonopname/ Versnelde CD-MD-synchroonopname

Een tape opnemen op een MD — TAPE-MD-synchroonopname..... 24

Handmatig opnemen op een MD — Handmatig opnemen.... 25

De opname laten beginnen met 6 seconden aan audiogegevens uit het buffergeheugen — Tijdmachine-opname .... 25

Opnametips 26 — Lange opnamen/Aanbrengen van muziekstuknummers/Smart Space/Instellen van het opnameniveau

MD - Monteren

Alvorens met het monteren te beginnen 30

Invoeren van MD-titels — NAME-functie .... 30

Invoeren van groepstitels — NAME-functie .... 32

Opgenomen muziekstukken toewijzen aan een nieuwe groep — Creëerfunctie ... 33

Deblokkeren van groepstoewijzingen — Deblokkeerfunctie .... 34

Wissen van opnamen .... 35 — ERASE-functie/TRACK ERASE- functie/ALL ERASE-functie/ A-B ERASE-functie

Verplaatsen van opgenomen muziekstukken — MOVE-functie .... 37

Onderverdelen van opgenomen muziekstukken — DIVIDE-functie ... 38

Samenvoegen van opgenomen muziekstukken — COMBINE-functie .... 39

Ongedaan maken van de laatste wijziging — UNDO-functie .... 40

Veranderen van het opnameniveau na het opnemen — S.F EDIT-functie ...... 41

Tuner

Voorprogrammeren van radiozenders ..... 43

Luisteren naar de radio — Afstemmen op voorgeprogrammeerde zenders ..... 44

Toewijzing van een naam aan een voorgeprogrammeerde zender — Station Name .... 45

Gebruik van het radio-informatiesysteem (RDS)*.... 45

Tape – Afspelen

Plaatsing van een tape 46

Afspelen van een tape 46

Tape – Opnemen

Een CD opnemen op een tape — CD-TAPE-synchroonopname ..... 46

Een MD opnemen op een tape — MD-TAPE-synchroonopname..... 47

Handmatig opnemen op een tape — Handmatig opnemen.... 48

Geluidsregeling

Regeling van het geluid.... 49

Timer

Inslapen met muziek — SLEEP-timerfunctie .... 49

Ontwaken met muziek — DAILY-timerfunctie .... 50

Radioprogramma's opnemen met de timer 51

Los verkrijgbare componenten

Aansluiten van los verkrijgbare componenten 53

Aanvullende informatie

Voorzorgsmaatregelen 54

Systeembeperkingen van MD's .... 56

Verhelpen van storingen 57

Zelfdiagnose-display 61

De onderdelen zijn vermeld in alfabetische volgorde.

Voor nadere bijzonderheden dient u de tussen haakjes () aangegeven bladzijden te raadplegen.

Hoofdapparaat

1 2 3 4 5 6 7 8 9 21 20 19 10 11 12 13 18 17 16 15 14

Afstandsbedieningssensor 6

CD ▶ Ⅱ 3 (9, 11)

Deksel 17

Disc-lade voor CD 12 (9)

Display 4

ENTER/START 13 (22, 24, 46, 47)

FM MODE 15 (44)

PHONES-aansluiting 18

Cijfertoetsen 20 (10, 13, 16, 31, 44)

Aansluiten van het systeem

Volg de hiernaast vermelde procedure 1 t/m 3 op om uw systeem met behulp van de bijgeleverde snoeren en accessoires aan te sluiten.

AM-raamantenne FM-antenne Linker luidsprekerRechter luidsprek

1 Sluit de luidsprekers aan.

Verbind de luidsprekersnoeren als volgt met de SPEAKER-aansluitingen op het systeem.

Linker luidsprekersnoer Rechter luidsprekersnoer

2 Sluit de FM/AM-antennes aan.

Installeer de AM-raamantenne en sluit deze daarna aan.

AM-raamantenne Trek de FM-draadantenne er horizontaal uit

3 Steek de stekker in het stopcontact.

De demonstratie wordt op het display weergegeven.

Indien de stekker van het netsnoer niet in het stopcontact past, dient u de bijgeleverde adapter te ontkoppelen. Om het systeem in te schakelen, drukt u op I/∅.

Plaatsing van twee R6 (AA-formaat) batterijen in de afstandsbediening

SONY CMT-M100MDB - Plaatsing van twee R6 (AA-formaat) batterijen in de afstandsbediening - 1

Wanneer u het systeem niet langer op afstand kunt bedienen, dient u beide batterijen te vernieuwen.

Opmerking

Indien u de afstandsbediening lange tijd niet denkt te gebruiken, dient u de batterijen te verwijderen om mogelijke beschadiging door batterijlekkage en corrosie te voorkomen.

Instellen van de klok

1 Druk op I/∅ om het systeem in te schakelen.
2 Druk op CLOCK/TIMER SET op de afstandsbediening.

Ga door naar stap 5 wanneer u de klok voor het eerst instelt.

3 Druk herhaald op I◄◄ of ►►I op de afstandsbediening totdat "CLOCK SET" verschijnt.
4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

De uur-indicatie begint te knipperen.

5 Druk op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening om het uur in te stellen.
6 Druk op ENTER/YES of CURSOR→ op de afstandsbediening.

De minuten-indicatie begint te knipperen.

7 Druk op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening om de minuten in te stellen.
8 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

De klok begint te lopen.

Veranderen van de tijd

Begin opnieuw vanaf stap 2.

Stroom besparen in de wachtstand

Ook wanneer het systeem is uitgeschakeld, wordt er door het systeem nog stroom verbruikt om de tijd te kunnen weergeven en om te kunnen reageren op commando's van de afstandsbediening. Met de energiebesparingsmodus kunt u het stroomverbruik in de wachtstand tot een minimum terugbrengen.

In deze modus wordt de klokindicatie niet weergegeven.

Om over te schakelen op de energiebesparingsmodus, drukt u – met het systeem uitgeschakeld – herhaald op DISPLAY op de afstandsbediening totdat de demonstratie en de klokindicatie zijn verdwenen.

Om de indicatie te veranderen

Druk herhaald op DISPLAY op de afstandsbediening terwijl het systeem is uitgeschakeld.

Bij elke druk op de toets verandert het display als volgt:

Demonstratiemodus → Klokdisplay* → Energiebesparingsmodus

* De tijd wordt alleen weergegeven wanneer u de klok hebt ingesteld.

Uitschakelen van de energiebesparingsmodus

Met het systeem uitgeschakeld, drukt u herhaald op DISPLAY op de afstandsbediening totdat de demonstratie of de klokindicatie verschijnt.

Tip

Ook in de energiebesparingsmodus blijft de timer werken.

Plaatsing van een CD

1 Druk op ▲ CD.

De disc-lade gaat open.

2 Plaats een CD met de labelkant naar boven in de disc-lade.

Wanneer u een CD-single (8 cm CD) afspeelt, dient u deze — op de binnenste cirkel van de lade te plaatsen.

SONY CMT-M100MDB - Plaats een CD met de labelkant naar boven in de disc-lade. - 1

3 Druk opnieuw op ▲ CD om de disc-lade te sluiten.

Opmerking

Indien u op ▲ CD drukt om de disc-lade te openen of te sluiten terwijl u naar een andere geluidsbron luistert, zal het pictogram van de CD ook oplichten indien er geen CD is geplaatst.

Om het pictogram van de CD uit te schakelen, drukt u herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie CD.

Afspelen van een CD

— NORMAL-afspeelfunctie/SHUFFLE-afspeelfunctie/REPEAT-afspeelfunctie

Met dit systeem kunt u de CD op verschillende manieren afspelen.

Muziekstuknummer Afspeelduur
CD 1 0.35 L - SYNC

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie CD.

2 Druk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat de gewenste modus verschijnt.

Kies Voor afspelen van
Geen indicatie(NORMAL-afspeelfunctie)De muziekstukken op de CD in de oorspronkelijke volgorde.
SHUF(SHUFFLE-afspeelfunctie)Alle muziekstukken op de CD in willekeurige volgorde.
PGM(PROGRAM-afspeelfunctie)De muziekstukken op de CD in de volgorde waarin u deze wilt afspelen (zie “Programmeren van CD-muziekstukken” op blz. 11).

3 Druk op CD ▶II.

wordt vervolgd

Afspelen van een CD (vervolg)

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
Het afspelen te stoppenDruk op ■.
Te pauzeren Druk op CD ▶■. Druk opnieuw om verder te gaan met afspelen.
Een muziekstuk te kiezenDruk herhaald op ◀◀◀ of ▷▶▶ (of ◀◀◀ of ▷▶▶ op de afstandsbediening) totdat u het gewenste muziekstuk hebt gevonden.
Een bepaald punt in een muziekstuk te vindenHoud tijdens het afspelen ◀◀◀ of ▷▶ ingedrukt en laat deze los wanneer het gewenste punt is bereikt.
Herhaald af te spelen (REPEAT-afspeelfunctie)Druk tijdens het afspelen herhaald op REPEAT totdat “REP” of “REP1” verschijnt.REP: Alle muziekstukken op de CD tot vijfmaal.REP1: Slechts één muziekstuk.Om het herhaald afspelen te annuleren, drukt u herhaald op REPEAT totdat “REP” en “REP1” beide zijn verdwenen.
De CD te verwijderenDruk op ▲CD.

Tip

Tijdens het afspelen in normale volgorde of geprogrammeerde volgorde kunt u het afspelen bij het gewenste muziekstuk laten beginnen.

Druk na stap 2 herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt.

In plaats daarvan kunt u ook de betreffende cijfertoetsen op de afstandsbediening indrukken. Het afspelen begint automatisch.

Om op de afstandsbediening muziekstuknummer 10 of hoger in te voeren

1 Druk op >10.
2 Druk op de betreffende cijfertoetsen. Om "0" in te voeren, drukt u op 10/0.

Voorbeeld:

Om muziekstuknummer 30 in te voeren, drukt u eerst op >10 en daarna op 3 en 10/0.

Programmeren van CD- muziekstukken

— PROGRAM-afspeelfunctie

U kunt een programma creëren van maximaal 25 muziekstukken.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie CD.
2 Druk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat "PGM" verschijnt.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt.

Gekozen muziekstuknummer CD 7 PGM 4.09 L-SYNC Afspeelduur van het gekozen muziekstuk

4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Het muziekstuk is nu geprogrammeerd. "Step" verschijnt, gevolgd door het nummer van het muziekstuk in de geprogrammeerde volgorde. Het nummer van het laatste geprogrammeerde muziekstuk verschijnt, gevolgd door de totale afspeelduur van het programma. Indien u zich hebt vergist, kunt u het laatste geprogrammeerde muziekstuk uit het programma wissen door indrukken van CLEAR op de afstandsbediening.

Laatst geprogrammeerde muziekstuk Totale afspeelduur CD 7 4.09 PGM L-SYNC

5 Om nog meer muziekstukken te programmeren, herhaalt u de stappen 3 en 4.
6 Druk op CD ▶II.

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
De volgorde van de geprogrammeerde muziekstukken te controlerenDruk tijdens geprogrammeerd afspelen herhaald op ◀◀◀ of ▷▶◀ (of ◀◀◀ of ▷▶◀ op de afstandsbediening).
Het totale aantal geprogrammeerde muziekstukken te controlerenDruk in de stopstand op DISPLAY op de afstandsbediening. Het totale aantal geprogrammeerde stappen verschijnt, gevolgd door het nummer van het laatste geprogrammeerde muziekstuk en de totale afspeelduur van het programma.
Te stoppen met geprogrammeerd afspelenDruk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat “PGM” en “SHUF” beide zijn verdwenen.
In de stopstand een muziekstuk aan het programma toe te voegenVolg de stappen 3 en 4.
Een muziekstuk te wissenDruk in de stopstand op CLEAR op de afstandsbediening. Elke keer wanneer u deze toets indrukt, wordt steeds het laatste geprogrammeerde muziekstuk gewist.
Met de cijfertoetsen op de afstandsbediening het gewenste muziekstuk te kiezenIn plaats van de stappen 3 t/m 5 uit te voeren, gebruikt u de cijfertoetsen. Zie blz. 10 voor het gebruik van de cijfertoetsen.

wordt vervolgd

Programmeren van CD- muziekstukken (vervolg)

Tips

  • Uw programma blijft in het geheugen bewaard nadat het is afgespeeld. Om hetzelfde programma nogmaals af te spelen, drukt u op CD ▶II. Het programma wordt echter gewist wanneer u de CD verwijdert.
  • De indicatie “--.-” verschijnt op het display wanneer de totale afspeeltijd van uw CD-programma langer is dan 100 minuten, of wanneer u probeert om 21 of meer muziekstukken te programmeren.

Gebruik van het CD- display

Druk herhaald op DISPLAY op de afstandsbediening.

Wanneer er een CD TEXT-disc is geplaatst, kunt u de gegevens die op de disc zijn vastgelegd, zoals de titels, controleren.

Bij elke druk op de toets verandert het display als volgt:

Tijdens afspelen in normale volgorde

Het nummer en de verstreken afspeelduur van het huidige muziekstuk → Het nummer en de resterende afspeelduur van het huidige muziekstuk → De resterende afspeelduur van de CD → Muziekstuktitel van het huidige muziekstuk* → Klok → BASS-niveau → TREBLE-niveau

In de stopstand

Totaal aantal muziekstukken en totale afspeelduur → CD-disctitel* → Klok → BASS-niveau → TREBLE-niveau

* Indien er een CD zonder titel is geplaatst, wordt de disctitel van de CD overgeslagen. Indien de CD meer dan 20 muziekstukken bevat, wordt CD TEXT vanaf muziekstuk 21 niet meer aangegeven.

Invoeren van CD-titels

— CD-geheugen

U kunt maximaal 50 CD's voorzien van titels van elk maximaal 20 symbolen en tekens. Elke keer wanneer u een CD met een titel plaatst, verschijnt de titel.

Opmerkingen

  • U kunt geen titel geven aan een CD waarbij "TEXT" op het display verschijnt.
  • Wanneer u CD's voor het eerst een titel geeft, dient u vooraf altijd alle disctitels te wissen die in het systeemgeheugen zijn vastgelegd (zie "Wissen van een disctitel" op de volgende bladzijde).

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie CD.

Indien “SHUF” of “PGM” verschijnt, drukt u herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat beide indicaties zijn verdwenen.

2 Druk in de stopstand op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening.

De cursor begint te knipperen.

3 Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening om het gewenste soort teken te kiezen.

Bij elke druk op de toets verandert het display als volgt:

Selected AB* (hoofdletters) →

Selected ab* (kleine letters) →

Selected 12 (cijfers)

* Druk herhaald op cijfer 1 om de volgende symbolen te laten verschijnen.

$$ ^ {\prime} - I,. ():!? \tag {1.1} $$

Wanneer de bovenstaande symbolen verschijnen, kunt u bovendien door herhaald indrukken van of (of of op de afstandsbediening) nog de volgende symbolen laten verschijnen.

4 Voer een teken in.

Indien u hoofdletters of kleine letters hebt gekozen

1 Druk herhaald op de betreffende lettertoets totdat het teken dat u wilt invoeren knippert.
In plaats daarvan kunt u ook eenmaal de toets indrukken en daarna herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) drukken.

2 Druk op CURSOR→ op de afstandsbediening.

Het knipperende teken is nu ingevoerd en de cursor gaat naar rechts.

Indien u cijfers hebt gekozen

Druk op de betreffende cijfertoets.

Het cijfer is nu ingevoerd en de cursor gaat naar rechts.

Om een spatie in te voeren

1 Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening om hoofdletters of kleine letters te kiezen.

2 Druk op 10/0 op de afstandsbediening. Er wordt een blanco spatie ingevoerd en de cursor gaat naar rechts.

5 Herhaal de stappen 3 en 4 om de volledige titel in te voeren.

Om een teken te veranderen

1 Druk herhaald op ←CURSOR of CURSOR→ totdat het teken dat u wilt veranderen knippert.

2 Druk op CLEAR op de afstandsbediening om het teken te wissen en herhaal daarna de stappen 3 en 4.

wordt vervolgd

Invoeren van CD-titels (vervolg)

6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening om de titelinvoer te beëindigen.

Om de titelinvoerfunctie uit te schakelen

Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Controleren van de disctitels

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie CD.
2 Druk in de stopstand op MENU/NO op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Name Check?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om de disctitels te kiezen die in het systeemgeheugen zijn vastgelegd (01 t/m 50).

Om de huidige disctitel te controleren

Druk in de stopstand op SCROLL op de afstandsbediening.

Wissen van een disctitel

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie CD.
2 Druk in de stopstand op MENU/NO op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Name Erase?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om de disctitel te kiezen die u wilt wissen.
De disctitel verschijnt bewegend op het display.
“No Name” verschijnt indien er geen disctitel is ingevoerd.

5 Druk opnieuw op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

Om alle disctitels te wissen, drukt u herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat bij stap 3 de indicatie “All Erase?” verschijnt en druk daarna tweemaal op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Om de wisfunctie uit te schakelen

Druk tijdens de stappen 2 t/m 4 op MENU/NO.

Opmerking

Wanneer de stekker uit het stopcontact wordt getrokken of wanneer er een stroomstoring optreedt, blijven de disctitels nog ongeveer een dag in het systeemgeheugen bewaard.

Plaatsing van een MD

Plaats een MD.

Met de labelkant naar boven en het schuifdeksel aan de rechterkant

Met het pijltje naar het deck gericht

SONY CMT-M100MDB - Plaats een MD. - 1

Alvorens een MD te plaatsen

Wanneer het systeem is ingeschakeld, dient u zich ervan te verzekeren dat het pictogram van de MD niet verschijnt. Indien het pictogram wel verschijnt, betekent dit dat er reeds een MD is geplaatst. Druk op ▲ MD om de MD te verwijderen.

Afspelen van een MD

— NORMAL-afspeelfunctie/SHUFFLE-afspeelfunctie/REPEAT-afspeelfunctie

Met dit systeem kunt u MD's op verschillende manieren afspelen.

Muziekstuknummer Afspeelduur MD 1 0.35 L- SYNC

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.

2 Druk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat de gewenste modus verschijnt.

Kies Voor afspelen van
Geen indicatie(NORMAL-afspeelfunctie)De muziekstukken op de MD in de oorspronkelijke volgorde.
SHUF(SHUFFLE-afspeelfunctie)Alle muziekstukken op de MD in willekeurige volgorde.
PGM(PROGRAM-afspeelfunctie)De muziekstukken op de MD in de volgorde waarin u deze wilt afspelen (zie “Programmeren van MD-muziekstukken” op blz. 17).

3 Druk op MD ▶II.

wordt vervolgd

Afspelen van een MD (vervolg)

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
Het afspelen te stoppenDruk op ■.
Te pauzeren Druk op MD ▶■. Druk opnieuw om verder te gaan met afspelen.
Een muziekstuk te kiezenDruk herhaald op ◀◀◀ of ▷▶◀ (of ◀◀◀ of ▷▶◀ op de afstandsbediening) totdat u het gewenste muziekstuk hebt gevonden.
Een bepaald punt in een muziekstuk te vindenHoud tijdens het afspelen ◀◀◀ of ▷▶ ingedrukt en laat deze los wanneer het gewenste punt is bereikt.
Herhaald af te spelen (REPEAT-afspeelfunctie)Druk tijdens het afspelen herhaald op REPEAT totdat “REP” of “REP1” verschijnt.REP: Voor het tot vijfmaal herhalen van alle muziekstukken op de MD.REP1: Slechts één muziekstuk.Om het herhaald afspelen te annuleren, drukt u herhaald op REPEAT totdat “REP” en “REP1” beide zijn verdwenen.
De MD te verwijderenDruk op ▲MD.

Tip

Tijdens het afspelen in normale volgorde of geprogrammeerde volgorde kunt u het afspelen bij het gewenste muziekstuk laten beginnen.

Druk na stap 2 herhaald op ◀◀◀ of ▷▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt.

In plaats daarvan kunt u ook de betreffende cijfertoetsen op de afstandsbediening indrukken. Het afspelen begint automatisch.

Om op de afstandsbediening muziekstuknummer 10 of hoger in te voeren

1 Druk op >10.
2 Druk op de betreffende cijfertoetsen. Om "0" in te voeren, drukt u op 10/0.

Voorbeeld:

Om muziekstuknummer 30 in te voeren, drukt u eerst op >10 en daarna op 3 en 10/0.

Programmeren van MD- muziekstukken

— PROGRAM-afspeelfunctie

U kunt een programma creëren van maximaal 25 muziekstukken.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat "PGM" verschijnt.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt.

Gekozen muziekstuknummer Afspeelduur van het gekozen muziekstuk MD 7 PGM 4.09 L-SYNC

4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Het muziekstuk is nu geprogrammeerd. “Step” verschijnt, gevolgd door het nummer van het muziekstuk in de geprogrammeerde volgorde. Het nummer van het laatste geprogrammeerde muziekstuk verschijnt, gevolgd door de totale afspeelduur van het programma. Indien u zich hebt vergist, kunt u het laatste geprogrammeerde muziekstuk uit het programma wissen door indrukken van CLEAR op de afstandsbediening.

Laatst geprogrammeerde muziekstuk MD 7 PGM C Totale afspeelduur 4.09 L - SYNC

5 Om nog meer muziekstukken te programmeren, herhaalt u de stappen 3 en 4.
6 Druk op MD ▶II.

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
De volgorde van de geprogrammeerde muziekstukken te controlerenDruk tijdens geprogrammeerd afspelen herhaald op ◀◀◀ of ▷▶◀ (of ◀◀◀ of ▷▶◀ op de afstandsbediening).
Het totale aantal geprogrammeerde muziekstukken te controlerenDruk in de stopstand op DISPLAY op de afstandsbediening. Het totale aantal geprogrammeerde stappen verschijnt, gevolgd door het nummer van het laatste geprogrammeerde muziekstuk en de totale afspeelduur van het programma.
Te stoppen met geprogrammeerde afspelenDruk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat “PGM” en “SHUF” beide zijn verdwenen.
In de stopstand een muziekstuk aan het programma toe te voegenVolg de stappen 3 en 4.
Een muziekstuk te wissenDruk in de stopstand op CLEAR op de afstandsbediening. Elke keer wanneer u deze toets indrukt, wordt steeds het laatste geprogrammeerde muziekstuk gewist.
Met de cijfertoetsen op de afstandsbediening het gewenste muziekstuk te kiezenIn plaats van de stappen 3 t/m 5 uit te voeren, gebruikt u de cijfertoetsen. Zie blz. 16 voor het gebruik van de cijfertoetsen.

wordt vervolgd

Programmeren van MD- muziekstukken (vervolg)

Tips

  • Uw programma blijft in het geheugen bewaard nadat het is afgespeeld. Om hetzelfde programma nogmaals af te spelen, drukt u op MD ▶II. Het programma wordt echter gewist wanneer u de MD verwijdert of GROUP indrukt.
  • Wanneer de totale afspeelduur van uw MD-programma meer dan 1 000 minuten is, verschijnt “---.”

Alleen de muziekstukken in de gewenste groep afspelen

Met deze functie kunt u luisteren naar alleen uw favoriete muziekstukken die u aan een groep hebt toegewezen. Voor nadere bijzonderheden over de groepsfunctie, zie blz. 20.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk in de stopstand herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
3 Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat de gewenste groep verschijnt.
Wanneer u het afspelen laat beginnen vanaf het eerste muziekstuk in de groep, ga dan door naar stap 5.
4 Om het afspelen te laten beginnen vanaf een bepaald muziekstuk in de groep, drukt u herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuk verschijnt.

5 Druk op MD ▶II.

Het afspelen begint.

Wanneer het afspelen van het laatste muziekstuk in de groep is geëindigd, stopt het MD-deck automatisch.

Tip

De bedieningen die zijn beschreven onder “Afspelen van een MD” (blz. 15) en “Programmeren van MD-muziekstukken” (blz. 17) kunnen alleen worden uitgevoerd voor de muziekstukken in de groep.

Opmerking

Indien u een groep kiest en afspeelt waaraan geen muziekstukken zijn toegewezen, begint het afspelen bij het eerste muziekstuk van de eerste groep op de MD.

Gebruik van het MD- display

Druk herhaald op DISPLAY op de afstandsbediening.

Bij elke druk op de toets verandert het display als volgt:

Tijdens afspelen in normale volgorde

Het nummer en de verstreken afspeelduur van het huidige muziekstuk → Het nummer en de resterende afspeelduur van het huidige muziekstuk → Resterende speelduur van de MD*¹ → Muziekstuktitel van het huidige muziekstuk*² → Klok → BASS-niveau → TREBLE-niveau

In de stopstand

Totaal aantal muziekstukken en totale afspeelduur ^3 → Resterende opnameduur (alleen bij een voor opname geschikte MD) → Disctitel van de MD ^4 → Klok → BASS-niveau → TREBLE-niveau

*1 Wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld, wordt de resterende tijd van alle muziekstukken binnen de groep weergegeven.
*2 Indien een muziekstuk geen titel heeft, wordt de muziekstuktitel overgeslagen.
*³ Wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld, wordt het totale aantal groepen (wanneer er geen groep is gekozen) of het totale aantal muziekstukken en de afspeelduur binnen de groep (wanneer er een groep is gekozen) weergegeven. Wanneer de totale afspeelduur van uw MD-programma meer dan 1 000 minuten is, verschijnt “---.--”.
*4 Indien een MD geen titel heeft, wordt de disctitel overgeslagen. Wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld, wordt de groepstitel weergegeven.

Tips

  • U kunt een muziekstuktitel op elk moment tijdens het afspelen controleren. Wanneer u op SCROLL drukt op de afstandsbediening, verschijnt er een muziekstuktitel bewegend op het display. Om de bewegende muziekstuktitel stop te zetten, drukt u op een willekeurig punt tijdens de bewegende weergave op SCROLL op de afstandsbediening. Om de bewegende weergave te hervatten, drukt u opnieuw op SCROLL op de afstandsbediening.
  • Om een disctitel of een muziekstuktitel in te voeren, zie “Invoeren van MD-titels” op blz. 30. Om een groepstitel in te voeren, zie “Invoeren van groepstitels” op blz. 32.

MD – Opnemen

Alvorens met het opnemen te beginnen

De MD (MiniDisc) maakt het mogelijk muziek digitaal op te nemen en af te spelen met een uitstekende geluidskwaliteit. Een ander kenmerk van MD's is het aanbrengen van muziekstuknummers. Door het aanbrengen van muziekstuknummers kunt u een bepaalde passage later snel terugvinden en de opgenomen muziekstukken gemakkelijk monteren. De manier waarop de signalen worden opgenomen en de muziekstuknummers worden vastgelegd verschilt echter afhankelijk van de opnamebron.

Wanneer de opnamebron de volgende is:

  • De CD-speler van dit systeem
    – Het MD-deck maakt een digitale opname.* ^1
  • De muziekstuknummers worden automatisch aangebracht zoals op de oorspronkelijke CD.

- Andere digitale componenten die zijn aangesloten op de DIGITAL OPTICAL IN-aansluiting

- Het MD-deck maakt een digitale opname.*

- De manier waarop de muziekstuknummers worden vastgelegd verschilt echter afhankelijk van de opnamebron.

- De tuner van dit systeem en andere analoge componenten die zijn aangesloten op de ANALOG IN-aansluitingen

- Het MD-deck maakt een analoge opname. ^*2

– Een muziekstuknummer wordt aangebracht aan het begin van elke opname. Wanneer u echter de opnamefunctie Level Synchro Recording (zie “Aanbrengen van muziekstuknummers” op blz. 27) inschakelt, worden er automatisch muziekstuknummers aangebracht in overeenstemming met het niveau van het ingangssignaal.

*1 Zie “Systeembeperkingen van MD’s” op blz. 56 voor bijzonderheden over de beperkingen op digitale opnamen.
^*2 Zelfs indien er een digitale component is aangesloten, zal het MD-deck een analoge opname maken.

Indien de MD voor een gedeelte reeds opnamen bevat

In dit geval begint het opnemen na het laatst opgenomen muziekstuk.

Alvorens met het opnemen te beginnen (vervolg)

Opmerking betreffende de muziekstuknummers op een MD

Op een MD worden de muziekstuknummers (volgorde van de muziekstukken), de informatie over het begin- en eindpunt van elk muziekstuk, enz. opgenomen in het TOC*3-gebied, onafhankelijk van de geluidsinformatie. Hierdoor kunt u opgenomen muziekstukken snel monteren door de TOC-gegevens te wijzigen.

^*3 TOC: Table of Contents (Inhoudsopgave)

Na het opnemen

Druk op ▲ MD om de MD te verwijderen of druk op I/⏻ (spanning) om het systeem uit te schakelen.

“TOC” of “STANDBY” begint te knipperen. De inhoudsopgave wordt bijgewerkt en de opname is voltooid.

Alvorens u de stekker uit het stopcontact trekt

Wanneer de inhoudsopgave (TOC: Table of Contents) van de MD is bijgewerkt, is het opnemen van de MD beëindigd. De inhoudsopgave wordt bijgewerkt wanneer u de MD verwijdert of op I/∅ drukt om het systeem uit te schakelen. Trek de stekker niet uit het stopcontact voordat de inhoudsopgave is bijgewerkt of terwijl de inhoudsopgave wordt bijgewerkt (terwijl “TOC” of “STANDBY” knippert), dit om ervan verzekerde te zijn dat de opname volledig wordt uitgevoerd.

Beschermen van een opgenomen MD

Om een MD te beschermen tegen abusievelijk opnemen, schuift u het nokje aan de zijkant van de MD open. Met het nokje in deze positie kan er niet meer op de MD worden opgenomen.

Om op de MD te kunnen opnemen, schuift u het nokje weer dicht om de opening af te dekken.

Nokje Verschuif het nokje

Muziekstukken opnemen in groepen

— Groepsfunctie

Wat is de groepsfunctie?

Met de groepsfunctie kunt u de muziekstukken op een MD in groepen afspelen, opnemen en monteren. Dit is handig wanneer u meerdere CD-albums die in de stand MDLP zijn opgenomen, op één MD wilt zetten. Om de groepsfunctie in of uit te schakelen, drukt u op GROUP.

Groepsfunctie: Uit

Disc Muziekstuk 1 2 3 4 5 6 7 8 9

Groepsfunctie: Aan

SONY CMT-M100MDB - Groepsfunctie: Aan - 1

flowchart
graph TD
    A["Disc"] --> B["Groep 1"]
    B --> C["Muziekstuk"]
    C --> D["1"]
    C --> E["2"]
    C --> F["3"]
    C --> G["4"]
    C --> H["5"]
    C --> I["1"]
    J["Groep 2"] --> K["Muziekstuk"]
    K --> L["2"]
    K --> M["3"]
    K --> N["4"]

Bedieningen met de groepsfunctie

  • Alleen de muziekstukken in de gewenste groep afspelen (blz. 18)
  • Invoeren van groepstitels (blz. 32)
  • Opgenomen muziekstukken toewijzen aan een nieuwe groep (blz. 33)
  • Deblokkeren van groepstoewijzingen (blz. 34)

Opmerking

MD's die zijn opgenomen met de groepsfunctie van dit systeem, kunnen ook worden gebruikt op andere systemen die geschikt zijn voor de groepsfunctie. U dient er echter rekening mee te houden dat de groepsfunctie bij andere systemen mogelijk op een andere manier moet worden bediend dan bij dit systeem.

Hoe worden de groepsgegevens vastgelegd?

Bij opname met de groepsfunctie worden de groepsbeheergegevens automatisch als de disctitel vastgelegd op de MD.

Een tekenreeks zoals hieronder wordt vastgelegd in het disctitelgebied.

Disctitelgebied

0 ; Favourites // 1 - 5 ; Rock // 6 - 9 ; Pops // ... ① ② ③

① De disctitel is “Favourites”.
②De muziekstukken 1 t/m 5 worden vastgelegd in de groep “Rock”.
③De muziekstukken 6 t/m 9 worden vastgelegd in de groep “Pops”.

Wanneer er een met de groepsfunctie opgenomen MD wordt geplaatst in een systeem dat niet geschikt is voor de groepsfunctie, of in dit systeem terwijl de groepsfunctie is uitgeschakeld, zal de bovenstaande tekenreeks dan ook in zijn geheel worden weergegeven als de disctitel.

Indien deze tekenreeks bij gebruik van de naamgevingsfunctie abusievelijk wordt overschreven, is de kans aanwezig dat u geen gebruik kunt maken van de groepsfunctie van die MD.\*

* De GROUP-indicator knippert. Om de groepsfunctie opnieuw te gebruiken, moet u eerst de procedure van “Deblokkeren van de toewijzingen van alle muziekstukken op een MD” op blz. 35 uitvoeren en de groepstoewijzingen van alle muziekstukken op de MD deblokkeren.

Opmerkingen

  • Ook nadat u de MD hebt verwijderd of het systeem hebt uitgeschakeld, blijft de instelling van de groepsfunctie gehandhaafd.
  • Wanneer de groepsfunctie is geactiveerd, worden de niet aan een groep toegewezen muziekstukken niet weergegeven en kunnen deze niet worden afgespeeld.
  • U kunt de groepsvolgorde niet wijzigen.
  • Indien u een disc plaatst waarbij de groepsbeheergegevens niet in de juiste vorm zijn vastgelegd, knippert de GROUP-indicator. In dat geval kunt u de groepsfunctie niet gebruiken.

Opnemen in een nieuwe groep

U kunt nieuwe groepen creëren op basis van CD-album, artiest, enz.

1 Plaats een voor opname geschikte MD.
2 Druk herhaald op FUNCTION om de bron te kiezen waarvan u wilt opnemen.
3 Druk herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
4 Druk op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening).

"New Group" knippert en het MD-deck staat in de wachtstand voor opnemen.

5 Druk op MD ▶II en begin daarna met het afspelen van de bron waarvan u wilt opnemen.

Om verder te gaan en op te nemen in een andere nieuwe groep, schakelt u na het opnemen over op de functie MD en drukt u herhaald op ■ totdat het totale aantal groepen verschijnt, en daarna verricht u de stappen 2 t/m 5.

Indien "Group Full!" verschijnt wanneer u bij stap 4 op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening) drukt

In dit geval kunt u niet met opnemen beginnen omdat er onvoldoende tekenruimte voor groepsbeheer aanwezig is.

Wis onnodige tekens (disctitel of muziekstuktitels) totdat de groep kan worden opgenomen (zie blz. 32).

Tip

Tijdens het opnemen kunt u de resterende opnameduur op de MD controleren door indrukken van DISPLAY op de afstandsbediening.

Opmerkingen

  • De nieuwe groep wordt samen met de daaraan toegewezen muziekstukken toegevoegd na eventuele bestaande groepen.
  • Op één MD kunnen maximaal 99 groepen worden vastgelegd.
  • Indien “Group Full!” tijdens het opnemen verschijnt, worden er geen muziekstuknummers aangebracht.

wordt vervolgd

Muziekstukken opnemen in groepen (vervolg)

Opnemen in een bestaande groep

U kunt muziekstukken toevoegen aan een bestaande groep.

1 Volg dezelfde aanwijzingen als bij stap 1 t/m 3 van "Opnemen in een nieuwe groep" op blz. 21.
2 Druk op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening).
"New Track" knippert en het MD-deck staat in de wachtstand voor opnemen.
3 Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat de gewenste groep verschijnt.
4 Druk op MD ▶II en begin daarna met het afspelen van de bron waarvan u wilt opnemen.

Indien "Group Full!" verschijnt wanneer u bij stap 2 op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening) drukt

In dit geval kunt u niet met opnemen beginnen omdat er onvoldoende tekenruimte voor groepsbeheer aanwezig is.

Wis onnodige tekens (disctitel of muziekstuktitels) totdat de groep kan worden opgenomen (zie blz. 32).

Opmerkingen

  • Het opgenomen muziekstuk wordt toegevoegd aan het einde van de groep.
  • Wanneer u een nieuw muziekstuk opneemt in een bestaande groep en u daarna de groepsfunctie uitschakelt, zullen de muziekstuknummers die volgen op het nieuw opgenomen muziekstuk mogelijk veranderen.
  • Indien “Group Full!” tijdens het opnemen verschijnt, worden er geen muziekstuknummers aangebracht.

Een CD opnemen op een MD

— CD-MD-synchroonopname

1 Plaats een voor opname geschikte MD.
2 Plaats een CD die u wilt opnemen.
Om zonder de groepsfunctie op te nemen, gaat u door naar stap 4.
3 Om met de groepsfunctie op te nemen, drukt u herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
4 Druk herhaald op SYNCHRO MODE totdat "CD-MD SYNC" verschijnt.

5 Druk op ENTER/START.

"Press START" knippert.

Het MD-deck staat nu in de wachtstand voor opnemen en de CD-speler in de pauzestand voor afspelen.

Om zonder de groepsfunctie op te nemen, gaat u door naar stap 7.

6 Om met de groepsfunctie op te nemen, verricht u de volgende procedure, al naar gelang waar u wilt opnemen:

Opnemen in een nieuwe groep

Ga door naar stap 7.

Opnemen in een bestaande groep

Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat de gewenste groep verschijnt.

7 Druk op ENTER/START terwijl "Press START" knippert.

Het opnemen begint.

Wanneer de opname van alle gekozen muziekstukken is beëindigd, stoppen de CD-speler en het MD-deck automatisch.

Om te stoppen met opnemen

Druk op ■.

Tips

  • Met de PROGRAM-afspeelfunctie kunt u een opname maken van alleen uw favoriete muziekstukken op een CD. Na stap 2 volgt u dezelfde procedure als bij stap 1 t/m 5 van “Programmeren van CD-muziekstukken” op blz. 11 en daarna gaat u door naar stap 3.
  • Al naar gelang de disc worden soms ook de CD TEXT-gegevens gekopieerd (behalve wanneer u tegelijkertijd op een MD en een tape opneemt). Wanneer “TEXT” tijdens het opnemen knippert, zie “Invoeren van MD-titels” op blz. 30.

Opmerking

Indien de MD tijdens het opnemen vol raakt, stoppen de CD-speler en het MD-deck automatisch.

Een CD tegelijkertijd opnemen op een MD en een tape

1 Plaats een voor opname geschikte MD en tape.
2 Plaats een CD die u wilt opnemen.
3 Druk herhaald op SYNCHRO MODE totdat "DUAL SYNC" verschijnt.
4 Volg dezelfde aanwijzingen als bij stap 4 t/m 6 van "Een CD opnemen op een tape" op blz. 46.

Tip

Wanneer tijdens het opnemen het einde van de MD of de tape wordt bereikt, gaat het andere opnamemedium gewoon door met opnemen.

Een CD versneld opnemen op een MD

— Versnelde CD-MD-synchroonopname

U kunt een CD digitaal opnemen op een MD met tweemaal de snelheid van normale CD-MD-synchroonopname.

Bij stap 4 van "Een CD opnemen op een MD" drukt u herhaald op SYNCHRO MODE totdat "HISPEED SYNC" verschijnt.

Bij stap 5 verschijnt “· 2”.

Tijdens versnelde opname kunt u niet meeluisteren naar het signaal dat wordt opgenomen.

Indien "Retry" knippert nadat u bij stap 5 ENTER/START hebt ingedrukt

In dit geval is er een leesfout opgetreden en probeert het systeem om de gegevens opnieuw te lezen.

  • Indien de gegevens nu wel gelezen kunnen worden, gaat het systeem verder met de versnelde CD-MD-synchroonopname.
  • Indien de geplaatste CD of het systeem in slechte staat verkeert en de hernieuwde poging mislukt, wordt de versnelde CD-MD-synchroonopname geannuleerd. In dit geval knippert “· 1” en begint het MD-deck automatisch met CD-MD-synchroonopname op normale snelheid. Wanneer dit gebeurt, kunt u niet meeluisteren naar het signaal dat wordt opgenomen.

wordt vervolgd

Een CD opnemen op een MD (vervolg)

Opmerkingen

  • Tijdens versnelde CD-MD-synchroonopname kunt u het opnemen niet tijdelijk onderbreken.
  • Indien de functie voor herhaald afspelen of afspelen in willekeurige volgorde is gekozen, wordt er bij stap 4 van “Een CD opnemen op een MD” automatisch overgeschakeld op normaal afspelen.
  • Tijdens versnelde CD-MD-synchroonopname kunnen de volgende functies niet worden gebruikt: —de functie Auto Cut
    —de functie voor het instellen van het opnameniveau in het menu Setup

Een tape opnemen op een MD

— TAPE-MD-synchroonopname

U kunt een tape analoog opnemen op een MD. U kunt gebruikmaken van TYPE I (normale) tape.

1 Plaats een voor opname geschikte MD.
2 Plaats een tape die u wilt opnemen.
3 Druk herhaald op SYNCHRO MODE totdat "TAPE-MD SYNC" verschijnt.

4 Druk op ENTER/START.

"Press START" knippert. Het MD-deck staat nu in de wachtstand voor opnemen en het tapedeck staat in de pauzestand voor afspelen.

SONY CMT-M100MDB - — TAPE-MD-synchroonopname - 1

flowchart
graph TD
    A["Press START"] --> B["MD"]
    A --> C["TAPE"]
    B --> D["+"]
    C --> E["-"]
    D --> F["SYNC REC"]
    E --> F

Af te spelen kant van tape

▶ verschijnt voor de bovenkant en ◀ voor de onderkant. Om de niet aangegeven kant af te spelen, drukt u op ■. Verwijder de cassette om de tape om te keren en volg daarna opnieuw de stappen 3 en 4.

5 Druk herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION totdat ⇌ verschijnt om één kant af te spelen of op ⇌ (of ⇌) om beide kanten af te spelen.

6 Druk op ENTER/START terwijl "Press START" knippert.

Het opnemen begint. Wanneer de opname van alle gekozen muziekstukken is beeindigd, stoppen het tapedeck en het MD-deck automatisch.

Om te stoppen met opnemen

Druk op ■.

Opmerking

Indien de MD tijdens het opnemen vol raakt, stoppen het tapedeck en het MD-deck automatisch.

Handmatig opnemen op een MD

— Handmatig opnemen

Bij handmatig opnemen kunt u alleen de door u gewenste muziekstukken van een CD opnemen of ergens midden op de tape met opnemen beginnen. U kunt ook een radioprogramma opnemen.

1 Plaats een voor opname geschikte MD.
2 Druk herhaald op FUNCTION om de bron te kiezen waarvan u wilt opnemen.
3 Druk op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening).
Het MD-deck staat nu in de wachtstand voor opnemen.
4 Druk op MD ▶II en begin daarna met het afspelen van de bron waarvan u wilt opnemen.

Om te stoppen met opnemen

Druk op ■.

Tip

Tijdens het opnemen kunt u de resterende opnameduur op de MD controleren door indrukken van DISPLAY op de afstandsbediening.

De opname laten beginnen met 6 seconden aan audiogegevens uit het buffergeheugen

— Tijdmachine-opname

Bij het opnemen van een FM-uitzending of een satelliet-uitzending gaan de eerste paar seconden van de uitzending vaak verloren omdat het even kan duren voor u tot opnemen besluit en op de opnametoets drukt. Om het verlies van dit materiaal te voorkomen, zorgt de tijdmachine-opnamefunctie ervoor dat voortdurend de meest recente audiogegevens in een buffergeheugen worden opgeslagen. Hierdoor kunt u steeds de laatste 6 seconden aan audiogegevens opnemen die voorafgaan aan het tijdstip waarop de eigenlijke opname begint, zoals op de onderstaande afbeelding is aangegeven:

SONY CMT-M100MDB - — Tijdmachine-opname - 1

flowchart
graph TD
    A["Wanneer u bij stap 5 op ENTER/YES op de afstandsbediening drukt"] --> B["6 seconden"]
    C["Einde van het programma dat u wilt opnemen"] --> D["Tijd"]
    E["Begin van het programma dat u wilt opnemen"] --> F["Opgenomen gedeelte"]

1 Plaats een voor opname geschikte MD.
2 Druk herhaald op FUNCTION om de bron te kiezen waarvan u wilt opnemen.
3 Druk op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening).
Het MD-deck staat nu in de wachtstand voor opnemen.
4 Begin met het afspelen van de bron waarvan u wilt opnemen.
5 Op het punt waar u met de opname wilt beginnen, drukt u op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Om de tijdmachine-opname te stoppen

Druk op ■.

Opmerking

Het MD-deck begint met het opslaan van audiogegevens wanneer het in de wachtstand voor opnemen staat (stap 3) en u begint met het afspelen van het programma. Indien er sinds het indrukken van ENTER/YES op de afstandsbediening minder dan 6 seconden zijn verstreken, begint de tijdmachine-opname met minder dan 6 seconden aan audiogegevens.

Opnametips

— Lange opnamen/Aanbrengen van muziekstuknummers/Smart Space/Instellen van het opnameniveau

Lange opnamen

Dit systeem biedt twee standen voor lange opnamen: LP2 en LP4 (MDLP-opname). In de modus LP2 Stereo kunt u tweemaal zolang opnemen als in de normale opnamemodus, en in de modus LP4 Stereo kunt u viermaal zolang opnemen als in de normale opnamemodus. In mono kunt u ongeveer tweemaal zo lang opnemen als in stereo.

Met de modus LP4 Stereo (waarmee u 4·zolang kunt opnemen) kunt u een lange stereo-opname maken door gebruik van een speciaal compressiesysteem. Wanneer u de nadruk wilt leggen op de geluidskwaliteit, wordt de opnamemodus Stereo of LP2 Stereo (waarmee u 2·zolang kunt opnemen) aanbevolen.

1 Druk herhaald op REC MODE om de gewenste opnamemodus te kiezen alvorens u begint met opnemen (CD-MD-synchroonopname, enz.).

Bij elke druk op de toets verandert het display als volgt:

$$ \begin{array}{l} \text { STEREO REC (Stereo) } \rightarrow \text { LP2 REC (LP2 } \ \text { Stereo } \rightarrow \text { LP4 REC (LP4 Stereo) } \rightarrow \ \text { M O N O R E C (M o n o) } \ \end{array} $$

2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Om door te gaan met opnemen, volgt u de aanwijzingen op de diverse pagina's over opnemen.

Tip

Omdat de gekozen opnamemodus ook na beëindiging van de opname bewaard blijft, dient u altijd de opnamemodus te controleren alvorens u gaat opnemen.

Opmerkingen

  • MD's die zijn opgenomen in de modus MDLP (LP2 of LP4) Stereo kunnen niet worden afgespeeld op een systeem dat niet geschikt is voor de modus MDLP.
  • De opnamemodus kan niet worden gewijzigd, ook niet wanneer u tijdens het opnemen of tijdens een opnamepauze op REC MODE drukt.
  • Ook indien u herhaald op REC MODE drukt om MONO te kiezen, zal het signaal waarnaar u tijdens het opnemen luistert niet veranderen in mono.
  • Bovendien is bij muziekstukken die zijn opgenomen in de modus MDLP geen schaalfactormontage (S.F Edit) mogelijk en kunnen ook bepaalde andere MD-montagefuncties niet worden uitgevoerd.

Om tijdens een MDLP-opname "LP:" aan het begin van een muziekstuktitel toe te voegen

“LP:” verschijnt indien u probeert om het muziekstuk af te spelen op een systeem dat niet geschikt is voor de modus MDLP. Met deze handige functie kunt u in één oogopslag zien dat het muziekstuk niet kan worden afgespeeld. De fabrieksinstelling is “On”.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▷▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Setup?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat “LP Stamp On” of “LP Stamp Off” verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) om de gewenste instelling te kiezen en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Om Kies

“LP:” toe te voegen LP Stamp On(fabrieksinstelling)
“LP:” niet langer toe te voegen
LP Stamp Off

6 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Opmerkingen

  • De opgenomen toevoeging “LP:” is een stempel waarmee wordt aangegeven dat het muziekstuk niet kan worden afgespeeld op een deck dat niet geschikt is voor de modus MDLP. De toevoeging verschijnt niet bij systemen die wel geschikt zijn voor de modus MDLP.
  • Wanneer “LP:” op “On” is gezet, wordt “LP:” opgenomen als deel van de muziekstuktitel waardoor er per MD minder tekens kunnen worden ingevoerd. Indien een muziekstuk met de toevoeging “LP:” wordt onderverdeeld door gebruikmaking van de functie voor het onderverdelen van muziekstukken, wordt “LP:” ook toegevoegd\~Yä27het laatste muziekstuk.

Aanbrengen van muziekstuknummers

- Automatisch tijdens het opnemen

Tijdens het opnemen van de CD-speler van dit systeem of componenten die zijn aangesloten op de DIGITAL OPTICAL IN-aansluiting worden de muziekstuknummers automatisch aangebracht zoals op de oorspronkelijke bron. Gebruik de opnamemethode Level Synchro Recording om tijdens het opnemen van de tuner van dit systeem of componenten die zijn aangesloten op de ANALOG IN-aansluitingen automatisch de muziekstuknummers te laten aanbrengen.

- Op een willekeurig punt tijdens het opnemen

Tijdens het opnemen van elke willekeurige bron kunt u op ieder gewenst tijdstip muziekstuknummers aanbrengen.

- Na het opnemen

Gebruik de DIVIDE-functie (zie "Onderverdelen van opgenomen muziekstukken" op blz. 38).

Automatisch aanbrengen van muziekstuknummers tijdens het opnemen

De opnamefunctie Level Synchro Recording is in de fabriek ingeschakeld zodat de muziekstuknummers automatisch worden aangebracht. Indien "L-SYNC" tijdens het opnemen niet op het display verschijnt, schakel dan als volgt Level Synchro Recording in. Een muziekstuknummer wordt automatisch aangebracht telkens wanneer het ingangssignaal langer dan twee seconden beneden een bepaald niveau blijft en daarna weer naar een hoger niveau terugkeert.

Opmerking

Muziekstuknummers worden niet automatisch aangebracht indien de opnamebron veel ruis bevat (bijv. tapes of radio-uitzendingen).

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Setup?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat "T.Mark Off" of "T.Mark LSync" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) om de gewenste instelling te kiezen en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Om Kies
De functie Level Synchro Recording in te schakelenT.Mark LSync (fabrieksinstelling)
De functie Level Synchro Recording uit te schakelenT.Mark Off

Wanneer u de functie Level Synchro Recording instelt, licht "L-SYNC" op.

6 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Om door te gaan met opnemen, volgt u de aanwijzingen op de diverse pagina's over opnemen.

wordt vervolgd

Opnametips (vervolg)

Om het activeringsniveau van Level Synchro Recording te wijzigen

Volg de onderstaande procedure om het signaalniveau waarop Level Synchro Recording wordt geactiveerd, te wijzigen.

1 Druk tijdens de opnamepauze op MENU/NO op de afstandsbediening om "Setup?" te laten verschijnen en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
2 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat "LS(T)" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) om het niveau te kiezen en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening. U kunt het niveau met stappen van 2 dB instellen op een willekeurige waarde tussen -72 dB en 0 dB. De fabrieksinstelling is -50 dB.
4 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Aanbrengen van muziekstuknummers op specifieke punten tijdens het opnemen

— Track Mark

Tijdens handmatig opnemen kunt u op ieder gewenst tijdstip muziekstuknummers aanbrengen, ongeacht het soort geluidsbron.

Wacht tijdens handmatig opnemen totdat het punt is bereikt waar u een muziekstuknummer wilt toevoegen en druk dan op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening).

De muziekstukken die volgen op het toegevoegde muziekstuknummer worden opnieuw genummerd.

Opmerking

Bij het herhaald opnemen van één en hetzelfde muziekstuk van dezelfde CD wordt er soms slechts één muziekstuknummer aangebracht.

Inlassen van een 3-seconden interval tussen de muziekstukken

— Smart Space

Smart Space: Tijdens digitaal opnemen van een CD kunt u met deze functie de stille passages tussen muziekstukken automatisch laten vervangen door een niet-opgenomen interval van 3 seconden. Wanneer bij andere soorten opnamen de functie Smart Space is geactiveerd en er tijdens het opnemen gedurende circa 3 seconden of langer (maar minder dan 30 seconden) geen geluid wordt ingevoerd, zal het MD-deck deze stilte vervangen door een niet-opgenomen interval van circa 3 seconden en doorgaan met opnemen.

Geen geluidsinvoer gedurende minder dan 30 seconden

Uit Aan

Vervangen door niet-opgenomen interval van circa 3 seconden en opnemen gaat door

Auto Cut: Wanneer de functie Smart Space is geactiveerd en er tijdens het opnemen gedurende 30 seconden of langer geen geluid wordt ingevoerd, zal het MD-deck deze stilte vervangen door een niet-opgenomen interval van circa 3 seconden en overschakelen in de pauzestand voor opnemen.

Geen geluidsinvoer gedurende 30 seconden of langer Uit Aan

Vervangen door niet-opgenomen interval van 3 seconden en opnemen wordt tijdelijk stopgezet

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Setup?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "S.Space Off" of "S.Space On" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om de gewenste instelling te kiezen en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Om Kies
De functie SmartS.Space On
Space in te schakelen(fabrieksinstelling)
De functie SmartS.Space Off
Space uit te schakelen

6 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Om door te gaan met opnemen, volgt u de aanwijzingen op de diverse pagina's over opnemen.

Tip

Wanneer “Auto Cut” verschijnt, drukt u op MD ▶II om de opname opnieuw te laten beginnen.

Instellen van het opnameniveau

Wanneer u opneemt op een MD, kunt u het opnameniveau instellen op het gewenste volume. U kunt het opnameniveau niet alleen bij het maken van een analoge opname instellen, maar ook bij het maken van een digitale opname van een CD, enz.

1 Begin met het afspelen van de bron waarvan u wilt opnemen.
2 Druk op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening).

Het MD-deck staat nu in de wachtstand voor opnemen.

3 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Setup?" te laten verschijnen en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Level Adjust?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om het opnameniveau in te stellen.

Stel het niveau zo in dat op het display in het luidste gedeelte (het gedeelte met het hoogste afspeelniveau) niet de indicatie "OVER" verschijnt.

6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.
7 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.
8 Druk op ■.

Het MD-deck stopt.

Om door te gaan met opnemen, volgt u de aanwijzingen op de diverse pagina's over opnemen.

Tips

  • U kunt het opnameniveau ook tijdens het opnemen instellen.
  • Nadat het opnameniveau is ingesteld, blijft het gehandhaafd totdat u het opnieuw instelt.
  • Tijdens CD-MD-synchroonopname kan het opnameniveau niet worden veranderd.

Alvorens met het monteren te beginnen

U kunt een MD alleen in de volgende situaties monteren:

  • Wanneer de MD geschikt is voor opname.
  • Wanneer de MD in de normale afspeelfunctie wordt afgespeeld.

Alvorens met het monteren te beginnen, dient u de volgende punten te controleren.

1 Controleer het nokje van de te monteren MD.

Verschuif het nokje om de opening af te dekken. Indien de MD beveiligd is, kunt u de MD niet monteren.

2 Druk in de stopstand herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat "SHUF" en "PGM" beide zijn verdwenen.

U kunt de MD alleen monteren tijdens normaal afspelen. U kunt de MD niet monteren tijdens afspelen in willekeurige of geprogrammeerde volgorde.

Ongedaan maken van de laatste wijziging (blz. 40)

Met de UNDO-functie kunt u de laatste wijziging ongedaan maken en de oorspronkelijke inhoud van de MD van vóór de montage herstellen.

Om te stoppen tijdens het monteren

Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

Na het monteren

Druk op ▲ MD om de MD te verwijderen of druk op I/⏻ (spanning) om het systeem uit te schakelen.

“TOC” of “STANDBY” begint te knipperen. De inhoudsopgave (TOC: Table Of Contents) wordt bijgewerkt en het monteren is beëindigd.

Alvorens u de stekker uit het stopcontact trekt

Wanneer de inhoudsopgave (TOC: Table of Contents) van de MD is bijgewerkt, is het monteren van de MD beëindigd. De inhoudsopgave wordt bijgewerkt wanneer u de MD verwijdert of op I/½ drukt om het systeem uit te schakelen. Trek de stekker niet uit het stopcontact voordat de inhoudsopgave is bijgewerkt of terwijl de inhoudsopgave wordt bijgewerkt (terwijl “TOC” of “STANDBY” knippert), dit om ervan verzekerde te zijn dat de opname volledig wordt uitgevoerd.

Invoeren van MD-titels

— NAME-functie

U kunt als volgt titels samenstellen voor uw opgenomen MD's en muziekstukken.

Tijdens het opnemen

Wanneer “TEXT” tijdens het opnemen oplicht of knippert, kunt u de CD TEXT-gegevens als volgt opnemen op de MD:

- Automatisch tijdens het opnemen Wanneer “TEXT” brandt, worden de CD TEXT-gegevens automatisch opgenomen.

- Handmatig tijdens het opnemen Wanneer “TEXT” knippert, druk dan op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening en druk vervolgens op ENTER/YES op de afstandsbediening om de titel van het huidige muziekstuk op te nemen.

Opmerkingen

  • Al naar gelang de disc worden de CD TEXT-gegevens soms niet automatisch opgenomen.
  • Wanneer u een CD tegelijkertijd op een MD en een tape opneemt, worden de CD TEXT-gegevens niet opgenomen.

Na het opnemen

Gebruik de NAME-functie op deze bladzijde. U kunt voor de disctitel, muziekstuktitels en groepstitels op één MD in totaal ongeveer 1 700 tekens invoeren.

De volgende procedure geldt voor het invoeren van titels wanneer de groepsfunctie is uitgeschakeld.

Om een groepstitel in te voeren, zie "Invoeren van groepstitels" op blz. 32.

Wanneer u een met de groepsfunctie opgenomen MD wilt voorzien van een titel, dient de groepsfunctie bij het toewijzen van de titel altijd ingeschakeld te zijn om te voorkomen dat de groepsbeheergegevens abusievelijk worden overschreven.

Nadere bijzonderheden over de groepsbeheergegevens vindt u op blz. 20.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Verricht de volgende procedure, al naar gelang waarvoor u een titel wilt invoeren:

Invoeren van muziekstuktitels

Druk herhaald op ◀◀◀ of ▷▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt en druk daarna op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening.

Invoeren van MD-titels

Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening terwijl het totale aantal muziekstukken (of groepen wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld) wordt weergegeven.

De cursor begint te knipperen.

3 Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening om het gewenste soort teken te kiezen.

Bij elke druk op de toets verandert het display als volgt:

Selected AB* (hoofdletters) → Selected ab* (kleine letters) → Selected 12 (cijfers)----

* Druk herhaald op cijfer 1 om de volgende symbolen te laten verschijnen.

$$ ^ {\prime} - I,.. ():!? $$

Wanneer de bovenstaande symbolen verschijnen, kunt u bovendien door herhaald indrukken van of (of of op de afstandsbediening) nog de volgende symbolen laten verschijnen.

4 Voer een teken in.

Indien u hoofdletters of kleine letters hebt gekozen

1 Druk herhaald op de betreffende lettertoets totdat het teken dat u wilt invoeren knippert. In plaats daarvan kunt u ook eenmaal de toets indrukken en daarna herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) drukken.
2 Druk op CURSOR→ op de afstandsbediening. Het knipperende teken is nu ingevoerd en de cursor gaat naar rechts.

Indien u cijfers hebt gekozen

Druk op de betreffende cijfertoets.

Het cijfer is nu ingevoerd en de cursor gaat naar rechts.

Om een spatie in te voeren

1 Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening om hoofdletters of kleine letters te kiezen.
2 Druk op 10/0 op de afstandsbediening. Er wordt een blanco spatie ingevoerd en de cursor gaat naar rechts.

5 Herhaal de stappen 3 en 4 om de volledige titel in te voeren.

Om een teken te veranderen

1 Druk herhaald op ←CURSOR of CURSOR→ totdat het teken dat u wilt veranderen knippert.
2 Druk op CLEAR op de afstandsbediening om het teken te wissen en herhaal daarna de stappen 3 en 4.

6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening om de titelinvoer te beëindigen.

wordt vervolgd

Invoeren van MD-titels (vervolg)

Opmerkingen

  • U kunt een muziekstuk een titel geven tijdens het afspelen. Het afspelen wordt herhaald totdat u klaar bent met het invoeren van de titel.
  • Indien u bij disctitels het symbool “//” tussen de tekens invoert, bijvoorbeeld “abc//def”, bestaat de kans dat u geen gebruik kunt maken van de groepsfunctie.

Controleren van de titels

Om de disctitels te controleren, drukt u in de stopstand op SCROLL op de afstandsbediening. Om de muziekstuktitel te controleren, drukt u tijdens het afspelen op SCROLL op de afstandsbediening. De titel verschijnt bewegend op het display. Druk op SCROLL op de afstandsbediening om het bewegen van de titels te laten stoppen. Druk nogmaals op de toets om het bewegen weer te laten beginnen.

Wissen van de titels

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk in de stopstand op MENU/NO op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Nm Erase?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat de gewenste titel verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
"Complete!" verschijnt.

Invoeren van groepstitels

— NAME-functie

U kunt voor de disctitel, muziekstuktitels en groepstitels op één MD in totaal ongeveer 1 700 tekens invoeren.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
3 Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat de gewenste groep verschijnt.
4 Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening terwijl het totale aantal muziekstukken in de gekozen groep wordt weergegeven. De cursor begint te knipperen.

5 Volg dezelfde aanwijzingen als bij stap 3 t/m 6 van "Invoeren van MD-titels" op blz. 30.

Opmerking

Indien u bij disctitels het symbool “//” tussen de tekens invoert, bijvoorbeeld “abc//def”, bestaat de kans dat u geen gebruik kunt maken van de groepsfunctie.

Controleren van de titels

1 Druk in de stopstand herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
2 Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat de gewenste groep verschijnt en druk daarna op SCROLL op de afstandsbediening.

De titel verschijnt bewegend op het display. Druk op SCROLL op de afstandsbediening om het bewegen van de titels te laten stoppen. Druk nogmaals op de toets om het bewegen weer te laten beginnen.

Wissen van de titels

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk in de stopstand herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
3 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Nm Erase?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat het gewenste groepsnummer verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
"Complete!" verschijnt.

Opmerking

Van een groep waaraan geen muziekstukken zijn toegewezen, kan de titel niet worden gewist.

Opgenomen muziekstukken toewijzen aan een nieuwe groep

— Creëerfunctie

Met deze functie kunt u een nieuwe groep creëren en een muziekstuk of opeenvolgende muziekstukken toewijzen die nog niet aan die groep zijn toegewezen.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
3 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Gp Create?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Volg dezelfde aanwijzingen als bij stap 3 t/m 6 van "Invoeren van MD-titels" op blz. 30.
6 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het nummer van het eerste muziekstuk dat u wilt toewijzen verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
7 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het nummer van het laatste muziekstuk dat u wilt toewijzen verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening. (Wanneer u slechts één muziekstuk toewijst, drukt u gewoon opnieuw op ENTER/YES op de afstandsbediening zonder enige andere bedieningen uit te voeren.)
"Complete!" verschijnt.

wordt vervolgd

Opgenomen muziekstukken toewijzen aan een nieuwe groep (vervolg)

Tips

  • Om een groep te creëren zonder muziekstukken toe te wijzen, drukt u herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat “None” verschijnt en druk daarna bij stap 6 op ENTER/YES op de afstandsbediening. “Complete!” verschijnt.

- U kunt ook muziekstukken toewijzen die zijn opgenomen op een systeem dat niet geschikt is voor de groepsfunctie.

Opmerkingen

  • U kunt één en hetzelfde muziekstuk niet aan meerdere groepen toewijzen.
  • Indien alle muziekstukken op een MD zijn toegewezen aan groepen, verschijnt na stap 5 de indicatie “Assign None” en kunt u geen muziekstukken meer toewijzen.
  • Wanneer u een groep creëert zonder muziekstukken toe te wijzen, dient u de groepstitel in te voeren.
  • Indien u bij stap 5 geen groepstitel invoert, verschijnt in plaats van de groepstitel de indicatie "Group ** (groepsnummer)".

Deblokkeren van groepstoewijzingen

— Deblokkeerfunctie

Met deze functie kunt u de groepstoewijzingen eenvoudig deblokkeren door aan te geven van welke groep u de toewijzingen wilt deblokkeren. Daarnaast kunt u ook de groepstoewijzingen van alle muziekstukken op een MD in één keer deblokkeren.

Eén groep deblokkeren

— Groepsdeblokkeerfunctie

U kunt de groepstoewijzingen van alle muziekstukken binnen de opgegeven groep deblokkeren en die groep wissen. (De muziekstukken worden echter niet gewist.)

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
3 Druk herhaald op GROUP SKIP op de afstandsbediening totdat de gewenste groep verschijnt.
4 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Gp Release?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
“REL Gp** (gekozen groepsnummer)??” verschijnt.
6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.
"Complete!" verschijnt.

Deblokkeren van de toewijzingen van alle muziekstukken op een MD

— Volledige deblokkeerfunctie

U kunt de groepstoewijzingen van alle muziekstukken op een MD allemaal tegelijk deblokkeren.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk in de stopstand herhaald op GROUP op de afstandsbediening totdat de GROUP-indicator oplicht.
3 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Gp All REL?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening. "All REL??" verschijnt.

5 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

Wissen van opnamen

— ERASE-functie

Met dit MD-deck kunt u ongewenste muziekstukken snel en gemakkelijk wissen. Er zijn drie mogelijkheden voor het wissen van opgenomen materiaal:

  • Wissen van één muziekstuk (TRACK ERASE-functie)
  • Wissen van alle muziekstukken (ALL ERASE-functie)
  • Wissen van een gedeelte van een muziekstuk (A-B ERASE-functie)

Wissen van één muziekstuk

— TRACK ERASE-functie

U kunt een muziekstuk wissen door gewoon het betreffende muziekstuknummer in te voeren. Wanneer u een muziekstuk wist, vermindert het totale aantal muziekstukken op de MD met één en worden alle muziekstukken die volgen op het gewiste muziekstuk opnieuw genummerd.

Voorbeeld: Wissen van muziekstuk 2.

SONY CMT-M100MDB - — TRACK ERASE-functie - 1

flowchart
graph TD
    A["Oorspronkelijke muziekstukken"] --> B["A"]
    A --> C["B"]
    A --> D["C"]
    A --> E["D"]
    F["Na ERASE"] --> G["A"]
    F --> H["C"]
    F --> I["D"]
    J["Muziekstuknummer"] --> K["1"]
    J --> L["2"]
    J --> M["3"]
    N["Wijmuziekstuk 2"] --> O["4"]
    N --> P["3"]
    Q["1"] --> R["2"]
    Q --> S["3"]

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Tr Erase?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

wordt vervolgd

Wissen van opnamen (vervolg)

4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt.
5 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

Opmerkingen

  • “ Tr Protect” verschijnt wanneer het muziekstuk op een ander deck werd opgenomen of gemonteerd en tegen wissen is beveiligd. Wanneer “Tr Protect” verschijnt, kunt u op dit deck geen muziekstukken wissen.
  • Bij het wissen van alle muziekstukken binnen een groep wordt de groep tegelijk met alle daarin aanwezige muziekstukken gewist.

Wissen van alle muziekstukken

— ALL ERASE-functie

U kunt de disctitel, groepstitels, alle opgenomen muziekstukken en de titels daarvan in één keer wissen.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "All Erase?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
"All Erase??" verschijnt.
4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.
"Complete!" verschijnt.

Opmerking

Indien u de bovenstaande bedieningen verricht terwijl de groepsfunctie is ingeschakeld, worden niet alleen de muziekstukken binnen die groep, maar ook alle andere muziekstukken op de MD gewist.

Wissen van een gedeelte van een muziekstuk

— A-B ERASE-functie

U kunt op eenvoudige wijze een gedeelte van een muziekstuk markeren en dit vervolgens wissen. U kunt het gewenste gedeelte met intervallen van een frame*, minuut of seconde verschuiven.

* 1 frame is 1/86 seconde.

Voorbeeld: Wissen van een gedeelte van muziekstuk 2.

SONY CMT-M100MDB - — A-B ERASE-functie - 1

flowchart
graph TD
    A["Oorspronkelijke muziekstukken"] -->|1| B["A"]
    A -->|2| C["B"]
    A -->|3| D["C"]
    E["Na A-B ERASE"] -->|1| F["A"]
    E -->|2| G["B(①+②)"]
    E -->|3| H["C"]

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "A-B Erase?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het gewenste muziekstuknummer verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

“—Rehearsal—” en “Point A ok?” verschijnen beurtelings terwijl het deck het gekozen muziekstuk vanaf het begin tot aan punt A afspeelt.

5 Terwijl u meeluistert naar het geluid, drukt u bij het beginpunt (punt A) van het te wissen gedeelte herhaald op I◄◄ of ►►► (of I◄◄ of ►►► op de afstandsbediening).

U kunt het beginpunt met intervallen van 1/86 seconde (1 frame) verschuiven*. Om het punt met intervallen van een seconde of minuut te verschuiven, drukt u op ◀◀ of ▶▶ zodat de seconde of minuut gaat knipperen en daarna drukt u op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening).

* U kunt het beginpunt steeds met een interval van twee frames (in modus Mono en modus LP2 Stereo) of met een interval van vier frames (in modus LP4 Stereo) verschuiven.

6 Herhaal stap 5 totdat de positie van punt A juist is.
7 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening wanneer de positie van punt A juist is.

“Point B set” verschijnt op het display en er wordt begonnen met het afspelen om het eindpunt van het te wissen gedeelte (punt B) in te stellen.

8 Ga door met afspelen totdat punt B is bereikt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

“A-B Ers” en “Point B ok?” verschijnen beurtelings en het deck herhaalt achtereenvolgens de paar seconden vóór punt A en na punt B.

9 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om punt B te vinden.

De procedure is dezelfde als bij stap 5.

10 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening wanneer de positie van punt B juist is.

"Complete!" verschijnt.

Verplaatsen van opgenomen muziekstukken

— MOVE-functie

Met deze functie kunt u de volgorde van de muziekstukken op de disc veranderen. Wanneer u muziekstukken verplaatst, worden de muziekstukken automatisch opnieuw genummerd.

Voorbeeld: Verplaatsen van muziekstuk 3 naar positie 2.

SONY CMT-M100MDB - — MOVE-functie - 1

flowchart
graph TD
    A["Oorspronkelijke muziekstukken"] -->|1| B["A"]
    A -->|2| C["B"]
    A -->|3| D["C"]
    A -->|4| E["D"]
    F["Na MOVE"] --> G["1"]
    F --> H["2"]
    F --> I["3"]
    F --> J["4"]
    style A fill:#ccc,stroke:#333
    style B fill:#ccc,stroke:#333
    style C fill:#ccc,stroke:#333
    style D fill:#ccc,stroke:#333
    style E fill:#ccc,stroke:#333
    style F fill:#ccc,stroke:#333
    style G fill:#ccc,stroke:#333
    style H fill:#ccc,stroke:#333
    style I fill:#ccc,stroke:#333
    style J fill:#ccc,stroke:#333

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Move?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het muziekstuknummer dat u wilt verplaatsen verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

wordt vervolgd

Verplaatsen van opgenomen muziekstukken (vervolg)

5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het nummer van de nieuwe positie van het muziekstuk verschijnt.

Oorspronkelijk muziekstuknummer Nieuwe positie van muziekstuk 3 2 L - SYNC TOC

6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

Opmerking

Wanneer u een muziekstuk verplaatst naar een muziekstuknummer dat is toegewezen aan een groep, wordt het verplaatste muziekstuk opnieuw toegewezen aan de groep met het muziekstuknummer waarnaar het muziekstuk is verplaatst. Wanneer u een aan een groep toegewezen muziekstuk verplaatst naar een muziekstuknummer dat niet aan een groep is toegewezen, wordt de groepstoewijzing van het verplaatste muziekstuk gedeblokkeerd. Wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld, kunt u echter alleen muziekstukken binnen de gekozen groep verplaatsen.

Onderverdelen van opgenomen muziekstukken

— DIVIDE-functie

Met deze functie kunt u muziekstuknummers aanbrengen nadat de opname is beëindigd. Het totale aantal muziekstukken vermeerdert met één en alle muziekstukken die volgen op de onderverdeelde muziekstukken worden opnieuw genummerd.

Voorbeeld: Muziekstuk 2 onderverdelen in twee muziekstukken.

Muziekstuknummer

Oorspronkelijke muziekstukken 1 2 3 A B C D Verdeel muziekstuk 2 in de muziekstukken B en C Na DIVIDE 1 2 3 4 A B C D

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ (of ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening) totdat "Divide?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het nummer van het muziekstuk dat u wilt onderverdelen verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

“—Rehearsal—” verschijnt en het gedeelte dat moet worden onderverdeeld, wordt herhaald afgespeeld.

5 Terwijl u meeluistert naar het geluid, drukt u herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of I◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om het gewenste punt van onderverdeling te kiezen.

U kunt het punt verschuiven met intervallen van 1/86 seconde (1 frame)*.

Om het punt met intervallen van een seconde of minuut te verschuiven, drukt u op ◀◀ of ▶▶ zodat de seconde of minuut gaat knipperen en daarna drukt u op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening).

* U kunt het beginpunt steeds met een interval van twee frames (in modus Mono en modus LP2 Stereo) of met een interval van vier frames (in modus LP4 Stereo) verschuiven.

6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening wanneer het punt van onderverdeling juist is.

"Complete!" verschijnt.

Opmerking

Wanneer u een muziekstuk met een titel onderverdeelt (zie "Invoeren van MD-titels" op blz. 30), behoudt alleen het eerste van de twee muziekstukken de titel.

Voorbeeld:

1 2 3 4 Andante Adagio Allegro 1 2 3 4 5 Andante Adagio Allegro Het nieuwe muziekstuk heeft geen titel

Samenvoegen van opgenomen muziekstukken

— COMBINE-functie

Met deze functie kunt u twee muziekstukken samenvoegen tot één muziekstuk. Het totale aantal muziekstukken vermindert met één en alle muziekstukken die volgen op de samengevoegde muziekstukken worden opnieuw genummerd.

Met deze functie kunt u ook onnodige muziekstuknummers wissen.

Voorbeeld: Samenvoegen van de muziekstukken 3 en 1.

Muziekstuknummer

Oorspronkelijke muziekstukken 1 2 3 4 A B C D Na COMBINE 1 2 3

Voorbeeld: Samenvoegen van de muziekstukken 1 en 4.

SONY CMT-M100MDB - — COMBINE-functie - 2

flowchart
graph TD
    A["Oorspronkelijke muziekstukken"] --> B["1"]
    A --> C["2"]
    A --> D["3"]
    A --> E["4"]
    A --> F["5"]
    G["Na COMBINE"] --> H["1"]
    G --> I["2"]
    G --> J["3"]
    G --> K["4"]
    G --> L["B"]
    G --> M["C"]
    G --> N["D"]

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.

wordt vervolgd

Samenvoegen van opgenomen muziekstukken (vervolg)

3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Combine?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het nummer van het eerste van de twee samen te voegen muziekstukken verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Om bijvoorbeeld de muziekstukken 4 en 1 samen te voegen, kiest u 4.

5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het nummer van het tweede van de twee samen te voegen muziekstukken verschijnt.

Tweede van de samen te voegen muziekstukken Nieuw muziekstuknummer 4 + 1 + 3 L SYNC

6 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

Opmerkingen

  • Bij het samenvoegen van twee muziekstukken die zijn toegewezen aan verschillende groepen, wordt het tweede muziekstuk opnieuw toegewezen aan de groep met het eerste muziekstuk. Indien u muziekstuk dat aan een groep is toegewezen samenvoegt met een muziekstuk dat niet aan een groep is toegewezen, wordt het tweede muziekstuk aan dezelfde groep toegewezen als het eerste muziekstuk. Wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld, kunt u echter alleen muziekstukken binnen de gekozen groep samenvoegen.
  • Muziekstukken die in verschillende opnamemodi (stereo, LP2, LP4 of MONO) zijn opgenomen, kunnen niet worden samengevoegd.
  • Indien beide samengevoegde muziekstukken van een titel waren voorzien, zal de titel van het tweede muziekstuk worden gewist.

Ongedaan maken van de laatste wijziging

— UNDO-functie

Met deze functie kunt u de laatste wijziging ongedaan maken om de oorspronkelijke inhoud van de MD van vóór de montage te herstellen.

Een wijziging door montage kan echter niet ongedaan worden gemaakt indien u na de montage één van de volgende handelingen hebt verricht:

  • Verrichten van een andere montage.
  • Drukken op ● MD (of MD ● op de afstandsbediening) of ENTER/START.
  • Bijwerken van de inhoudsopgave (TOC) door uitschakelen van het systeem of verwijderen van de MD.
  • Trekken de stekker uit het stopcontact.

De montage met de S.F EDIT-functie kan niet ongedaan worden gemaakt, ook niet indien u daarvoor de UNDO-functie gebruikt.

1 Druk in de stopstand op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
2 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Undo?" verschijnt.

Wanneer er geen wijzigingen zijn aangebracht die u ongedaan kunt maken, zal "Undo?" niet verschijnen.

3 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Er verschijnt een melding, al naar gelang de laatste wijziging die u het gemaakt.

4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

Veranderen van het opnameniveau na het opnemen

— S.F EDIT-functie

Met de functie S.F Edit (schaalfactormontage) kunt u het volume van opgenomen muziekstukken veranderen. Het oorspronkelijke muziekstuk wordt opnieuw opgenomen met het nieuwe opnameniveau. Wanneer u het opnameniveau verandert, kunt u de functie voor opnemen met infaden kiezen om het signaalniveau aan het begin van de opname geleidelijk te doen toenemen, of de functie voor opnemen met uitfaden om het signaalniveau aan het einde van de opname geleidelijk te doen afnemen.

Veranderen van het algehele opnameniveau

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "S.F Edit?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
4 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Tr Level?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
5 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat het muziekstuknummer verschijnt waarvan u het opnameniveau wilt veranderen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
"Level 0dB" verschijnt.

6 Terwijl u meeluistert naar het geluid, drukt u herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) om het opnameniveau te veranderen.

U kunt het opnameniveau in stappen van 2 dB instellen op een willekeurige waarde van -12 dB t/m +12 dB. Stel het niveau zo in dat op het display in het luidste gedeelte (het gedeelte met het hoogste afspeelniveau) niet de indicatie “OVER” verschijnt.

7 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"S.F Edit OK?" verschijnt.

8 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Het bestaande muziekstuk wordt nu opnieuw opgenomen. “S.F Edit: ** %” wordt weergegeven terwijl het muziekstuk wordt opgenomen. De benodigde tijd voor het opnieuw opnemen van het muziekstuk is ongeveer gelijk aan of iets langer dan de afspeelduur van het muziekstuk. Wanneer de opname is beëindigd, verschijnt “Complete!”.

Om de functie uit te schakelen

Druk tijdens stap 3 t/m 7 op MENU/NO op de afstandsbediening. Nadat bij stap 8 de opname is begonnen, kunt u de bediening niet meer onderbreken.

Opnemen met infaden en uitfaden

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie MD.
2 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening om "Edit Menu" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "S.F Edit?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

wordt vervolgd

Veranderen van het opnameniveau na het opnemen (vervolg)

4 Druk herhaald op l of L (of . of > op de afstandsbediening) totdat "Fade In?" of "Fade Out?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

5 Druk herhaald op l of L (of . of > op de afstandsbediening) totdat het muziekstuknummer verschijnt waarvan u het opnameniveau wilt veranderen, en druk daarna op ENTER/ YES op de afstandsbediening. "Time 5.0s" verschijnt.

6 Terwijl u meeluistert naar het geluid, drukt u herhaald op l of L (of . of > op de afstandsbediening) om de opnameduur van het infaden of uitfaden te veranderen. Het systeem speelt het gedeelte af dat opnieuw zal worden opgenomen met de functie voor opnemen met infaden of uitfaden. De duur kan met stappen van 0,1 seconde worden ingesteld op een willekeurige waarde van minimaal 1,0 seconde en maximaal 15,0 seconden. U kunt geen duur instellen die langer is dan het muziekstuk.

7 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening. “S.F Edit OK?” verschijnt.

8 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening. Het bestaande muziekstuk wordt nu opnieuw opgenomen. “S.F Edit: ** %” wordt weergegeven terwijl het muziekstuk wordt opgenomen. Wanneer de opname is beëindigd, verschijnt “Complete!”.

Om de functie uit te schakelen Druk tijdens stap 3 t/m 7 op MENU/NO op de afstandsbediening. Nadat bij stap 8 de opname is begonnen, kunt u de bediening niet meer onderbreken.

Opmerkingen

  • Trek de stekker niet uit het stopcontact en verplaats het systeem niet terwijl de opname wordt gemaakt. Hierdoor kunnen de opnamegegevens beschadigd raken waardoor de opname niet goed kan worden uitgevoerd.
  • Gebruik geen beschadigde of vuile MD. Hierdoor kunnen de opnamegegevens niet goed worden opgenomen.
  • Door het herhaald veranderen van het opnameniveau verslechtert de geluidskwaliteit.
  • Wanneer het opnameniveau eenmaal is veranderd en u daarna wilt terugkeren naar het oorspronkelijke niveau, zal het oorspronkelijke niveau niet meer precies hetzelfde zijn.
  • Het opnameniveau kan niet worden veranderd terwijl de timer is geactiveerd.
  • De montage met de S.F EDIT-functie kan niet ongedaan worden gemaakt, ook niet indien u daarvoor de UNDO-functie gebruikt.

Tuner

Voorprogrammeren van radiozenders

U kunt 20 FM-zenders en 10 AM-zenders programmeren.

1 Druk op I/⏻ om het systeem in te schakelen.
2 Druk herhaald op TUNER BAND om "FM" of "AM" te kiezen.
3 Druk herhaald op TUNING MODE totdat "AUTO" verschijnt.
4 Druk op ◀◀ of ▶▶.

De frequentie-indicatie begint te veranderen en stopt wanneer het systeem op een zender is afgestemd. "TUNED" en "STEREO" (voor een stereoprogramma) verschijnen.

5 Druk op MENU/NO op de afstandsbediening.

6 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ (of ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening) totdat "Memory?" verschijnt en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Er verschijnt een preselectienummer. De zenders worden vastgelegd vanaf preselectienummer 1.

Preselectienummer

Memory FM L - SYNC TUNED AUTO

7 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

"Complete!" verschijnt.

8 Herhaal stap 2 t/m 7 om andere zenders in het geheugen vast te leggen.

Om te stoppen met zoeken naar frequenties

Druk op TUNING MODE.

Om af te stemmen op een zender met een zwak signaal

Druk herhaald op TUNING MODE totdat bij stap 3 de indicaties “AUTO” en “PRESET” beide zijn verdwenen, en druk daarna herhaald op ◀◀ of ▶▶ om op de zender af te stemmen.

Om het preselectienummer te veranderen

Begin opnieuw vanaf stap 2.

Om het AM-afsteminterval te veranderen (behalve bij het Europese model)

Het AM-afsteminterval is in de fabriek ingesteld op 9 kHz (in bepaalde gebieden 10 kHz). Om het AM-afsteminterval te veranderen, dient u eerst op een willekeurige AM-zender af te stemmen en daarna het systeem uit te schakelen. Terwijl u ▷▶▶ ingedrukt houdt, schakelt u het systeem weer in. Wanneer u het interval verandert, worden alle voorgeprogrammeerde AM-zenders uit het geheugen gewist. Om het oorspronkelijke interval te herstellen, herhaalt u deze procedure.

Opmerking

In de energiebesparingsmodus kunt u het AM-afsteminterval niet veranderen.

Tip

Wanneer de stekker uit het stopcontact wordt getrokken of wanneer er een stroomstoring optreedt, blijven de voorgeprogrammeerde zenders nog ongeveer een dag in het geheugen bewaard.

Luisteren naar de radio

— Afstemmen op voorgeprogrammeerde zenders

Programmeer eerst de radiozenders in het systeemgeheugen (zie “Voorprogrammeren van radiozenders” op blz. 43).

1 Druk herhaald op TUNER BAND om "FM" of "AM" te kiezen.
2 Druk herhaald op TUNING MODE totdat "PRESET" verschijnt.
3 Druk herhaald op TUNING + of - (of - of + op de afstandsbediening) om de gewenste voor te programmeren radiozender (of zendernaam* of RDS-zendernaam**) te kiezen.

* De zendernaam verschijnt alleen indien u de zender een naam hebt gegeven (zie "Toewijzing van een naam aan een voorgeprogrammeerde zender" op de volgende bladzijde).
**Alleen Europees model.

Om de radio uit te schakelen

Druk op I/∅.

Om bij stap 3 preselectienummer 10 of hoger op de afstandsbediening in te voeren

1 Druk op >10.
2 Druk op de betreffende cijfertoetsen. Om “0” in te voeren, drukt u op 10/0.

Voorbeeld:

Om muziekstuknummer 20 in te voeren, drukt u eerst op >10 en daarna op 2 en 10/0.

Luisteren naar niet- voorgeprogrammeerde radiozenders

- Druk herhaald op TUNING MODE totdat bij stap 2 de indicaties “AUTO” en “PRESET” beide zijn verdwenen, en druk daarna herhaald op ◀◀ of ▶▶ om op de zender af te stemmen (Handmatige afstemming).

- Druk herhaald op TUNING MODE totdat bij stap 2 de indicatie “AUTO” verschijnt en druk daarna op ◀◀ of ▶▶. De frequentie-indicatie begint te lopen en stopt wanneer het systeem op een zender is afgestemd (Automatische afstemming).

Om de functie voor automatische afstemming uit te schakelen

Druk op TUNING MODE.

Tips

  • Voor een optimale ontvangst dient u de bijgeleverde antennes opnieuw te richten of een in de handel verkrijgbare buitenantenne aan te sluiten.
  • Wanneer er tijdens een FM-programma ruis optreedt, druk dan herhaald op FM MODE totdat "MONO" verschijnt. Er is dan geen stereo-effect, maar de ontvangst verbetert.

Toewijzing van een naam aan een voorgeprogram- meerde zender

— Station Name

Aan elke voorgeprogrammeerde zender kunt u een naam van maximaal 12 tekens (Station Name) toewijzen.

1 Stem af op de zender waaraan u een naam wilt geven (zie "Luisteren naar de radio" op blz. 44).
2 Volg dezelfde aanwijzingen als bij stap 2 t/m 6 van "Invoeren van CD-titels" op blz. 13.

Om het preselectienummer en de frequentie te controleren

De zendernaam verschijnt op het display wanneer u hebt afgestemd op een zender met een naam.

Om het preselectienummer en de frequentie te controleren, drukt u op DISPLAY op de afstandsbediening. Het preselectienummer en de frequentie verschijnen, gevolgd door de zendernaam.

Om de zendernaam te wissen

1 Stem af op de zender.
2 Druk op NAME EDIT/SELECT op de afstandsbediening.
3 Druk herhaald op CLEAR op de afstandsbediening om de naam te wissen.
4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Gebruik van het radio-informatiesysteem (RDS)

(Uitsluitend het Europese model)

Wat is het radio-informatiesysteem?

Het radio-informatiesysteem (RDS: Radio Data System)* is een omroepdienst die radiozenders in staat stelt om extra informatie uit te zenden naast het gewone programmasignaal.

Opmerking

RDS zal mogelijk niet juist werken indien de zender waarop u hebt afgestemd het RDS-signaal niet juist uitzendt of het signaal te zwak is.

* Niet alle FM-zenders verzorgen de RDS-dienst of hetzelfde soort RDS-dienst. Als u niet vertrouwd bent met het RDS-systeem, doe dan navraag bij uw plaatselijke radiozenders voor details betreffende RDS-diensten in uw gebied.

Ontvangen van RDS- uitzendingen

Kies gewoon een zender op de FM-band.

Wanneer u afstemt op een zender die RDS-diensten verzorgt, zal de zendernaam op het display verschijnen.

Controleren van de RDS-informatie

Elke keer wanneer u op DISPLAY op de afstandsbediening drukt, verandert het display als volgt:

Zendernaam* → Frequentie → Klok → BASS → TREBLE

* Als de RDS-uitzending niet goed wordt ontvangen, kan de zendernaam niet worden weergegeven.

Plaatsing van een tape

1 Druk op ▲ PUSH OPEN/CLOSE.
2 Plaats een tape.

Met de kant die u wilt afspelen/opnemen aan de bovenkant

SONY CMT-M100MDB - Plaatsing van een tape - 1

Afspelen van een tape

U kunt gebruikmaken van TYPE I (normale) tape.

1 Druk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie TAPE.
2 Druk herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION totdat ⇌ verschijnt om één kant af te spelen of op ⇌ (of (↔)*) om beide kanten af te spelen.

3 Druk op TAPE ◀▶.

Druk opnieuw op TAPE ◀▶ om de achterkant af te spelen.

* Nadat deze bediening vijfmaal is herhaald, stopt het tapedeck automatisch.

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
Het afspelen te stoppenDruk op ■.
Te pauzeren Druk op ▪ TAPE. Druk opnieuw om verder te gaan met afspelen.
Snel vooruit te spoelen of terug te spoelenDruk op ◀◀ of ▶▶.
De tape te verwijderenDruk op ▲ PUSH OPEN/CLOSE.

Tape – Opnemen

Een CD opnemen op een tape

— CD-TAPE-synchroonopname

U kunt gebruikmaken van TYPE I (normale) tape.

1 Plaats een voor opname geschikte tape.
2 Plaats de CD die u wilt opnemen.
3 Druk herhaald op SYNCHRO MODE totdat "CD-TAPE SYNC" verschijnt.

4 Druk op ENTER/START.

"Press START" knippert.

Het tapedeck staat nu in de wachtstand voor opnemen en de CD-speler in de pauzestand voor afspelen.

Druk opnieuw op TAPE ◀▶ om op de achterkant op te nemen.

5 Druk herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION totdat ⇌ verschijnt om op één kant op te nemen, of op ⇌ (of ⇌) om op beide kanten op te nemen.

6 Druk op ENTER/START terwijl "Press START" knippert.

Het opnemen begint.

Wanneer de opname is beeindigd, stoppen de CD-speler en het tapedeck automatisch.

Om te stoppen met opnemen

Druk op ■.

Tips

  • Wanneer u op beide kanten wilt opnemen, dient u altijd te beginnen bij de bovenkant. Als u het opnemen vanaf de onderkant laat beginnen, wordt de opname aan het einde van de onderkant stopgezet.
  • Als u voor opname op beide kanten kiest en de bovenkant halverwege een muziekstuk ten einde is, wordt het gehele muziekstuk vanaf het begin van de onderkant opnieuw opgenomen.
  • Met de PROGRAM-afspeelfunctie kunt u een opname maken van alleen uw favoriete muziekstukken op een CD. Na stap 2 volgt u dezelfde procedure als bij stap 1 t/m 5 van “Programmeren van CD-muziekstukken” op blz. 11 en daarna gaat u door naar stap 3.

Opmerking

Indien de tape tijdens het opnemen vol raakt, stoppen de CD-speler en het tapedeck automatisch.

Een CD tegelijkertijd opnemen op een MD en een tape

1 Plaats een voor opname geschikte MD en tape.
2 Plaats de CD die u wilt opnemen.
3 Druk herhaald op SYNCHRO MODE totdat "DUAL SYNC" verschijnt.
4 Volg dezelfde aanwijzingen als bij stap 4 t/m 6 van "Een CD opnemen op een tape" op blz. 46.

Om te stoppen met opnemen

Druk op ■.

Tip

Wanneer tijdens het opnemen het einde van de MD of de tape wordt bereikt, gaat het andere opnamemedium gewoon door met opnemen.

Een MD opnemen op een tape

— MD-TAPE-synchroonopname

U kunt gebruikmaken van TYPE I (normale) tape.

1 Plaats een voor opname geschikte tape.
2 Plaats een MD die u wilt opnemen.
3 Druk herhaald op SYNCHRO MODE totdat "MD-TAPE SYNC" verschijnt.
4 Druk op ENTER/START.

"Press START" knippert.
Het tapedeck staat nu in de wachtstand voor opnemen en het MD-deck staat in de pauzestand voor afspelen.
Druk opnieuw op TAPE ◀▶ om op de achterkant op te nemen.

5 Druk herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION totdat ⇌ verschijnt om op één kant op te nemen, of op ⇌ (of ⇌) om op beide kanten op te nemen.

6 Druk op ENTER/START terwijl "Press START" knippert.

Het opnemen begint.

Wanneer de opname van alle gekozen muziekstukken is beeindigd, stoppen het tapedeck en het MD-deck automatisch.

Om te stoppen met opnemen Druk op ■.

wordt vervolgd

Een MD opnemen op een tape (vervolg)

Tips

  • Wanneer u op beide kanten wilt opnemen, dient u altijd te beginnen bij de bovenkant. Als u het opnemen vanaf de onderkant laat beginnen, wordt de opname aan het einde van de onderkant stopgezet.
  • Als u voor opname op beide kanten kiest en de bovenkant halverwege een muziekstuk ten einde is, wordt het gehele muziekstuk vanaf het begin van de onderkant opnieuw opgenomen.
  • Met de PROGRAM-afspeelfunctie kunt u een opname maken van alleen uw favoriete muziekstukken op een MD. Na stap 2 volgt u dezelfde procedure als bij stap 1 t/m 5 van "Programmeren van MD-muziekstukken" op blz. 17 en daarna gaat u door naar stap 3.

Opmerking

Indien de tape tijdens het opnemen vol raakt, stoppen het MD-deck en het tapedeck automatisch.

Handmatig opnemen op een tape

— Handmatig opnemen

Met deze functie is het mogelijk om alleen de door u gewenste passages van een CD of een MD op te nemen op een tape. U kunt ook een radioprogramma opnemen.

U kunt gebruikmaken van TYPE I (normale) tape.

1 Plaats een voor opname geschikte tape.
2 Druk herhaald op FUNCTION om de bron te kiezen waarvan u wilt opnemen.

3 Druk op ● TAPE.

Het tapedeck staat nu in de wachtstand voor opnemen.

Druk opnieuw op TAPE ◀▶ om op de achterkant op te nemen.

4 Druk herhaald op PLAY MODE/ DIRECTION totdat ⇌ verschijnt om op één kant op te nemen, of op ⇌ (of ⇌) om op beide kanten op te nemen.

5 Druk op II TAPE en begin daarna met het afspelen van de bron waarvan u wilt opnemen.

Om te stoppen met opnemen

Druk op ■.

Tips

  • Wanneer u op beide kanten wilt opnemen, dient u altijd te beginnen bij de bovenkant. Als u het opnemen vanaf de onderkant laat beginnen, wordt de opname aan het einde van de onderkant stopgezet.
  • Als u voor opname op beide kanten kiest en de bovenkant halverwege een muziekstuk ten einde is, wordt het gehele muziekstuk vanaf het begin van de onderkant opnieuw opgenomen.

Regeling van het geluid

Verkrijgen van een krachtiger geluid (Dynamic Sound Generator)

Druk op DSG op de afstandsbediening.

Om DSG uit te schakelen, drukt u opnieuw op DSG.

Instellen van de lage en hoge tonen

1 Druk herhaald op BASS/TRE op de afstandsbediening om BASS of TREBLE te kiezen.
2 Wanneer "BASS" of "TREBLE" verschijnt, drukt u herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening om het niveau naar wens in te stellen.
U kunt de lage of hoge tonen instellen in 7 stappen.

Inslapen met muziek

— SLEEP-timerfunctie

U kunt het systeem na verloop van een vooraf ingestelde tijd automatisch laten uitschakelen, zodat u kunt inslapen met muziek.

Druk op SLEEP op de afstandsbediening.

Bij elke druk op deze toets verandert de minuten-indicatie (de uitschakeltijd) als volgt: SLEEP OFF → AUTO* → 90min → 80min → ⋯ → 10min

* In dit geval wordt het systeem automatisch uitgeschakeld nadat het afspelen van de huidige CD, MD of tape is beëindigd (na maximaal 100 minuten).
Wanneer de functie TUNER is gekozen, wordt het systeem na 100 minuten uitgeschakeld.

Andere bedieningsfuncties

Om Druk
De resterende tijd te controlereneenmaal op SLEEP op de afstandsbediening.
De uitschakeltijd te wijzigenop SLEEP op de afstandsbediening om de gewenste tijd te kiezen.
De SLEEP-timerfunctie uit te schakelenherhaald op SLEEP op de afstandsbediening totdat “SLEEP OFF” verschijnt.

Opmerking

Tijdens synchroonopname op een MD of een tape mag niet de instelling "AUTO" gekozen worden.

Ontwaken met muziek

— DAILY-timerfunctie

U kunt op een vooraf ingestelde tijd ontwaken met muziek. Zorg eerst dat de klok juist is ingesteld (zie “Instellen van de klok” op blz. 8).

1 Tref de nodige voorbereidingen bij de geluidsbron die u wilt afspelen.

  • CD: Plaats een CD. Om te beginnen bij een bepaald muziekstuk dient u eerst een programma samen te stellen (zie "Programmeren van CD-muziekstukken" op blz. 11).
  • MD: Plaats een MD. Om te beginnen bij een bepaald muziekstuk dient u eerst een programma samen te stellen (zie "Programmeren van MD-muziekstukken" op blz. 17).
  • Tape: Plaats een tape.
  • Radio: Stem af op de voorgeprogrammeerde radiozender (zie "Luisteren naar de radio" op blz. 44).

2 Druk op VOLUME + of – (of VOL + of – op de afstandsbediening) om het volume in te stellen.

3 Druk op CLOCK/TIMER SET op de afstandsbediening om "DAILY SET" te laten verschijnen.

4 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

“ON” licht op en de uur-indicatie begint te knipperen.

5 Stel de starttijd voor afspelen in.

Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening om het uur in te stellen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening. De minuten-indicatie begint te knipperen. Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening om de minuten in te stellen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

6 Stel de stoptijd voor afspelen in volgens de procedure bij stap 5.

7 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening totdat de gewenste geluidsbron verschijnt.

Bij elke druk op de toets verandert de indicatie als volgt:

SONY CMT-M100MDB - Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening totdat de gewenste geluidsbron verschijnt. - 1

flowchart
graph LR
    A["TUNER"] <--> B["CD PLAY"]
    C["TAPE PLAY"] <--> D["MD PLAY"]

8 Druk op ENTER/YES op de afstandsbediening.

De starttijd, de stoptijd en de geluidsbron verschijnen beurtelings en daarna verschijnt weer de oorspronkelijke indicatie.

9 Druk op I/⏻ om het systeem uit te schakelen.

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
De instellingen van de timer te controleren of de timer te activeren1 Druk op CLOCK/TIMER SELECT op de afstandsbediening.2 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening totdat “DAILY SELECT” verschijnt, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
De instelling te wijzigenBegin opnieuw vanaf stap 1.
De timer uit te schakelen1 Druk op CLOCK/TIMER SELECT op de afstandsbediening.2 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening totdat “TIMER OFF?” verschijnt, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Opmerkingen

  • U kunt de DAILY-timerfunctie niet tegelijkertijd met de opname-timerfunctie gebruiken.
  • Wanneer u de DAILY-timerfunctie en de SLEEP-timerfunctie tegelijkertijd gebruikt, heeft de instelling van de SLEEP-timerfunctie voorrang.
  • Bedien het systeem niet vanaf het tijdstip waarop het systeem wordt ingeschakeld tot aan het tijdstip waarop het afspelen begint (ongeveer 30 seconden vóór de ingestelde tijd).
  • De optionele componenten die zijn verbonden met de ANALOG IN-aansluitingen kunnen niet als geluidsbron voor de DAILY-timerfunctie worden gebruikt.

Radioprogramma's opnemen met de timer

Om met de timer te kunnen opnemen, moet u van tevoren de radiozender voorprogrammeren (zie “Voorprogrammeren van radiozenders” op blz. 43) en de klok instellen (zie “Instellen van de klok” op blz. 8).

1 Stem af op de voorgeprogrammeerde radiozender (zie "Luisteren naar de radio" op blz. 44).
2 Druk op CLOCK/TIMER SET op de afstandsbediening om "DAILY SET" te laten verschijnen.
3 Druk herhaald op I◄◄ of ►►I op de afstandsbediening om "MD REC SET" of "TAPE REC SET" te kiezen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

“ON” licht op en de uur-indicatie begint te knipperen.

4 Stel de starttijd voor opnemen in.

Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening om het uur in te stellen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

De minuten-indicatie begint te knipperen.

Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶▶ op de afstandsbediening om de minuten in te stellen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

5 Stel de stoptijd voor opname in volgens de procedure bij stap 4.

6 Wanneer u op een MD opneemt, druk dan herhaald op I◄◄ of ►►I op de afstandsbediening om de opnamemodus (bijvoorbeeld LP2) te kiezen, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

De instellingen voor de timeropname verschijnen en daarna keert de oorspronkelijke indicatie terug.

wordt vervolgd

Radioprogramma's opnemen met de timer (vervolg)

7 Plaats een voor opname geschikte MD of tape.

Indien de MD voor een gedeelte reeds opnamen bevat, begint het opnemen na het laatst opgenomen muziekstuk.

Bij gebruikmaking van een tape begint het opnemen bij de bovenkant. Plaats een tape, met de kant waarop u wilt opnemen omhoog gericht.

8 Druk op I/⏻ om het systeem uit te schakelen.

Andere bedieningsfuncties

Om Doe het volgende
De instellingen van de timer te controleren of de timer te activeren1 Druk op CLOCK/TIMER SELECT op de afstandsbediening.2 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening totdat “MD REC?” of “TAPE REC?” verschijnt, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.
De instelling te wijzigenBegin opnieuw vanaf stap 1.
De timer uit te schakelen1 Druk op CLOCK/TIMER SELECT op de afstandsbediening.2 Druk herhaald op ◀◀◀ of ▶▶◀ op de afstandsbediening totdat “TIMER OFF?” verschijnt, en druk daarna op ENTER/YES op de afstandsbediening.

Tip

Wanneer u van de radio opneemt, wordt de zendernaam (zie "Toewijzing van een naam aan een voorgeprogrammeerde zender" op blz. 45, of de frequentie indien aan de zender geen naam is toegewezen) samen met de starttijd en stoptijd automatisch opgenomen op de MD.

Opmerkingen

  • U kunt de DAILY-timerfunctie niet tegelijkertijd met de opname-timerfunctie gebruiken.
  • Wanneer u de DAILY-timerfunctie en de SLEEP-timerfunctie tegelijkertijd gebruikt, heeft de instelling van de SLEEP-timerfunctie voorrang.
  • Bedien het systeem niet vanaf het tijdstip waarop de spanning wordt ingeschakeld tot aan het tijdstip waarop het opnemen begint (ongeveer 30 seconden vóór de ingestelde tijd).
  • Wanneer u voor de opname een geheel nieuwe MD gebruikt, begint de opname pas na 15 seconden.
  • Indien de spanning niet eerder dan 30 seconden vóór de ingestelde tijd is aangesloten, zal de timeropname niet geactiveerd worden.
  • Tijdens de opname wordt het volume tot het minimum verminderd.
  • Wanneer de MD-timeropname wordt ingesteld terwijl de groepsfunctie is ingeschakeld, maar er geen nieuwe groep wordt opgegeven, wordt het materiaal opgenomen in een nieuwe groep.

Aansluiten van los verkrijgbare componenten

Op dit systeem kunt u een digitale of analoge component aansluiten. U kunt ook een PC aansluiten op de PC LINK-aansluiting en het systeem vanaf de PC bedienen.

Naar de audio-uitgangsaansluitingen van een analoge component PC LINK

Naar de digitale uitgangsaansluiting van een digitale component*
* Indien er op de aansluiting een dop is aangebracht, dient u deze vóór gebruik te verwijderen.

Om Doe het volgende
Te luisteren naar de aangesloten digitale componentDruk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie OPTICAL IN.
Te luisteren naar de aangesloten analoge componentDruk herhaald op FUNCTION om over te schakelen op de functie ANALOG IN.
Het systeem vanaf een PC te bedienenSluit de PC aan op de PC LINK-aansluiting door gebruikmaking van een Sony PC-aansluitset (los verkrijgbaar) die dit systeem ondersteunt.

Voorzorgsmaatregelen

Netspanning

Controleer vóór bediening van het systeem of de bedrijfsspanning van uw systeem overeenkomt met de plaatselijke netspanning.

Voor uw veiligheid

  • Het apparaat blijft op de stroombron (netspanning) aangesloten zolang de stekker in het stopcontact zit, zelfs indien het apparaat zelf is uitgeschakeld.
  • Trek de stekker uit het stopcontact als u denkt het systeem geruime tijd niet te gebruiken.
    Om de aansluiting van de stekker op het stopcontact te verbreken, dient u de stekker vast te pakken. Trek nooit aan het snoer zelf.
  • Mocht er een vast voorwerp of vloeistof in het systeem terechtkomen, trek dan de stekker uit het stopcontact en laat het systeem eerst door een deskundige controleren alvorens het weer in gebruik te nemen.
  • Het netsnoer mag uitsluitend door een erkend servicecentrum worden vernieuwd.
  • Wanneer u de stekker van het systeem in het stopcontact steekt, begint het systeem met het opladen voor de afstandsbedienings- en timerfuncties, ook al is het systeem zelf uitgeschakeld. Hierdoor zal de buitenkant van het apparaat warm worden. Dit is normaal.
  • Om brand te voorkomen, mogen de ventilatieopeningen van het apparaat niet worden afgedekt door kranten, tafelkleden, gordijnen, enz. Zet ook geen brandende kaarsen op het apparaat.

Installeren

- Installeer het systeem niet in een hellende positie.

- Installeer het systeem niet;

— op uiterst warme of koude plaatsen
— op stoffige of vuile plaatsen
— in een zeer vochtige omgeving
— op plaatsen die aan trillingen onderhevig zijn
— op plaatsen die zijn blootgesteld aan direct zonlicht.

- Wees voorzichtig wanneer u het apparaat of de luidsprekers op een ondergrond plaatst die een speciale behandeling heeft ondergaann (met was, olie, polijstmiddel, enz.) aangezien er hierdoor vlekken op de ondergrond kunnen ontstaan of de ondergrond kan gaan verkleuren.

Ontwikkeling van hitte

  • Tijdens gebruik wordt het systeem warm. Dit is echter geen defect.
  • Installeer het systeem op een plaats met voldoende ventilatie om ontwikkeling van hitte in het systeem te voorkomen.

Indien u dit systeem voortdurend met een hoog volume gebruikt, zal de temperatuur van de behuizing aan de bovenkant, zijkanten en onderkant aanzienlijk stijgen.

Om te voorkomen dat u zich brandt, mag u de behuizing niet aanraken.

Om een defect te voorkomen, mag de ventilatieopening van de koelventilator niet worden afgedekt.

Bediening

  • Indien het systeem rechtstreeks van een koude naar een warme omgeving wordt gebracht, of in een zeer vochtige kamer is geplaatst, kan vocht uit de lucht condenseren op de lens in de CD-speler of het MD-deck. In dergelijke gevallen zal het systeem niet juist werken. Verwijder de CD of MD en laat het systeem ongeveer een uur ingeschakeld staan totdat de condens is verdampt.
  • Zorg dat u alle discs verwijdert wanneer u het systeem gaat verplaatsen.

Indien u vragen of problemen het betreffende uw systeem, neem dan contact op met uw dichtstbijzijnde Sony-handelaar.

Luidsprekersysteem

Dit luidsprekersysteem is niet magnetisch afgeschermd. Hierdoor kan op sommige TV-toestellen magnetische vervorming van het beeld optreden. In dergelijke gevallen dient u de TV eenmaal uit te schakelen en vervolgens na 15 à 30 minuten weer in te schakelen.

Indien de storing hierdoor niet wordt

verholpen, dient u het luidsprekersysteem verder van het TV-toestel te plaatsen. Plaats ook geen voorwerpen waaraan magneten zijn bevestigd of waarin magneten worden gebruikt, zoals audiorekken, TV-standers en speelgoed, dicht bij het luidsprekersysteem. Deze kunnen magnetische vervorming van het TV-beeld veroorzaken ten gevolge van hun inwerking op het systeem.

Opmerkingen over MD's

  • Stel de MD niet bloot door het schuifdeksel te openen. Indien het schuifdeksel opengaat, moet u dit onmiddellijk sluiten.
  • Plak het label dat met de disc is bijgeleverd, alleen op de aangegeven label-inkeping. Plak het label niet rondom het schuifdeksel of op een andere plaats. De vorm van de inkeping is afhankelijk van de disc.

Plaats van label Schuifdeksel

  • Veeg de beschermhoes van de disc schoon met een droge doek.
  • Stel de MD niet bloot aan direct zonlicht of warmtebronnen zoals een warmeluchtuitlaat. Laat uw MD niet achter in een auto die in direct zonlicht is geparkeerd.

  • Bij de volgende CD's kan er bij het opnemen op een MD een leesfout of ruis optreden:
    — CD's waarop etiketten zijn geplakt
    — CD's met een onregelmatige vorm (bijvoorbeeld hart- of stervormige CD's)
    — CD's waarbij alle tekst op slechts één kant is gedrukt
    — CD's die oud zijn
    — CD's met krassen
    — CD's die vuil zijn
    — CD's die zijn kromgetrokken

- Indien zich tijdens het afspelen of opnemen van een CD één van de volgende verschijnselen voordoet, kan er bij de opname een leesfout of ruis optreden:

— wanneer er tegen de CD-lade of een ander onderdeel van het systeem wordt aangestoten;
— wanneer het systeem op een oneffen of zachte ondergrond wordt geplaatst; of
— wanneer het systeem zich in de nabijheid van een luidspreker, deur of andere trillingsbron bevindt.

- Indien de bovenstaande leesfouten optreden, wordt er soms een extra geluidloos muziekstuk gecreëerd. U kunt deze extra muziekstukken wissen met de ERASE-functie (zie “Wissen van opnamen” op blz. 35).

Opmerkingen over CD's

  • Alvorens u een CD gaat afspelen, dient u het oppervlak van de CD schoon te vegen met een doek. Veeg vanaf het midden naar de rand.
  • Gebruik geen CD met plakband, etiketten of lijm erop omdat het systeem hierdoor beschadigd kan raken.
  • Gebruik geen oplosmiddelen.
  • Stel de CD niet bloot aan direct zonlicht of warmtebronnen.
  • Discs met een onregelmatige vorm (bijvoorbeeld een hart, vierkant of ster) kunnen op dit systeem niet worden afgespeeld. Indien u probeert om dat wel te doen, kan het systeem beschadigd raken. Maak daarom geen gebruik van dergelijke discs.

Opmerking betreffende het afspelen van CD-R's en CD-RW's

Discs die zijn opgenomen in CD-R- en CD-RW-stations kunnen soms niet worden afgespeeld vanwege krassen of vuil, of vanwege de conditie van de opname of de kenmerken van het station. Ook kunnen discs die aan het einde van de opname nog niet voltooid zijn, niet worden afgespeeld.

Reiniging van de behuizing

Reinig de behuizing, het paneel en de regelaars met een zachte doek die licht is bevochtigd met een oplossing van mild schoonmaakmiddel. Gebruik hiervoor geen schuurkussentjes, schuurpoeder of oplosmiddelen zoals verdunner, wasbenzine of alcohol.

Alvorens een tape in het tapedeck te plaatsen

Trek de tape strak indien deze loshangt. Anders zou de tape in het mechanisme van het tapedeck verwikkeld kunnen raken, met kans op beschadiging.

Bij gebruik van een tape die langer is dan 90 minuten

Een dergelijke tape rekt gemakkelijk uit. Vermijd daarom herhaald afspelen en stoppen, of herhaald vooruit- en terugspoelen. Hierdoor kan de tape in het tapedeck verstrikt raken.

Beveiligen van een opgenomen tape

Om een opgenomen tape tegen abusievelijk wissen te beveiligen, verwijdert u het nokje van kant A of B (zie afbeelding).

Verwijder het wispreventielipje

Indien u later opnieuw op de tape wilt opnemen, dient u de opening met plakband te bedekken.

Reinigen van de koppen van het tapedeck

Reinig de koppen na ongeveer iedere 10 uren van gebruik. Reinig ook de koppen telkens vóór het opnemen van belangrijk materiaal of na het afspelen van een oude tape. Gebruik voor het reinigen een los verkrijgbare reinigingscassette van het droge of natte type. Voor nadere bijzonderheden dient u de gebruiksaanwijzing van de reinigingscassette te raadplegen.

Demagnetiseren van de tapekoppen

Na elke 20 à 30 uur dient u de tapekoppen en de metalen onderdelen die met de tape in aanraking komen, te demagnetiseren met een los verkrijgbare demagnetiseercassette. Nadere bijzonderheden vindt u in de gebruiksaanwijzing van de demagnetiseercassette.

Systeembeperkingen van MD's

Het opnamesysteem in uw MD-deck heeft een aantal beperkingen die hieronder zijn beschreven.

Deze beperkingen zijn echter inherent aan het ontwerp van het MD-opnamesysteem en zijn niet te wijten aan mechanische oorzaken.

"Disc Full!" verschijnt voordat de maximale opnameduur van de MD is bereikt

Wanneer er 255 muziekstukken op de MD zijn opgenomen, verschijnt "Disc Full!", ongeacht de totale opnameduur. Op de MD kunnen maximaal 255 muziekstukken worden opgenomen. Om verder te gaan met opnemen, dient u onnodige muziekstukken te wissen of een andere voor opname geschikte MD te gebruiken.

"Disc Full!" verschijnt voordat het maximale aantal muziekstukken (255) is bereikt

In bepaalde gevallen kunnen de zachtere passages binnen muziekstukken worden opgevat als pauzes ertussen, zodat het aantal muziekstuknummers toeneemt en “Disc Full!” vroeger dan normaal verschijnt.

"Group Full!" verschijnt in het uitleesvenster

  • Wanneer de groepsfunctie is ingeschakeld en er een montage wordt uitgevoerd, kan "Group Full!" verschijnen. Dit betekent dat er onvoldoende tekens aanwezig zijn voor groepsbeheer. Wis overbodige disctitels, groepstitels of andere tekens.
  • Ook wanneer de groepsfunctie is uitgeschakeld, worden de groepsbeheergegevens automatisch bijgewerkt wanneer de functies voor het verplaatsen, onderverdelen of andere montages worden uitgevoerd zodat “Group Full!” kan verschijnen.

De resterende opnameduur neemt niet toe, ook niet na het wissen van meerdere korte muziekstukken

Muziekstukken die korter zijn dan 12 seconden* tellen niet mee, zodat het wissen ervan niet altijd totmeer beschikbare opnameduur zal leiden.

* Tijdens stereo-opname:
In de modus Mono of LP2 Stereo: circa 24 seconden
In de modus LP4 Stereo: circa 48 seconden

Bepaalde muziekstukken laten zich niet met andere samenvoegen

Muziekstukken kunnen soms niet worden samengevoegd wanneer één van de muziekstukken die u wilt samenvoegen reeds al te vaak werd gemonteerd.

De totale verstreken opnameduur plus de resterende opnameduur op de MD komen in totaal niet aan de maximale opnameduur

Het opnemen wordt verricht in minimumeenheden van 2 seconden*, ongeacht de mogelijk kortere duur van het opgenomen materiaal. De opgenomen inhoud kan daarom korter zijn dan de maximale opnameduur. Bovendien kan de beschikbare ruimte op de disc verder beperkt worden door krassen.

* Tijdens stereo-opname:
In de modus Mono of LP2 Stereo: circa 4 seconden In de modus LP4 Stereo: circa 8 seconden

Tijdens het doorzoeken van gemonteerde muziekstukken kan het geluid soms wegvallen

Bij muziekstukken die door montage zijn samengesteld, kan tijdens het gebruik van de zoekfuncties het geluid soms wegvallen. Dit komt omdat het snel opzoeken van de posities op de disc tijd in beslag neemt wanneer de muziekstukken her en der over de disc verspreid zijn.

De muziekstuknummers worden niet correct aangebracht

Wanneer tijdens analoog opnemen "L-SYNC" (blz. 27) op het display oplicht, worden de muziekstuknummers soms niet aan het begin van het muziekstuk aangebracht:

  • indien u hetzelfde muziekstuk op dezelfde disc herhaald opneemt met de functie voor het herhalen van één muziekstuk, enz.;
  • indien u muziekstukken van verschillende discs, maar met hetzelfde muziekstuknummer achter elkaar opneemt;
  • indien het ingangssignaal tussen muziekstukken gedurende minder dan twee seconden beneden een bepaald vastgelegd niveau blijft;
  • indien het ingangssignaal in het midden van het muziekstuk langer dan twee seconden beneden een bepaald vastgelegd niveau blijft;
  • indien u een muziekstuk van 4 seconden of minder opneemt*.
    * In de opnamemodus Stereo, Mono of LP2 Stereo (in de opnamemodus LP4 Stereo: 8 seconden of minder).

Er worden extra muziekstukken gecreëerd

Wanneer er tussen twee muziekstukken op de CD een lange stilte aanwezig is, kan er een extra muziekstuk worden gecreëerd.

Overzicht van het één-generatie kopieersysteem ("Serial Copy Management System")

Digitale audiocomponenten zoals CD's, MD's en DAT's, verwerken de muziek als een digitaal signaal zodat u de muziek met een hoge kwaliteit kunt kopieren.

Teneinde muziekprogramma's met copyright te beschermen, maakt dit systeem gebruik van het "Serial Copy Management System" waardoor u via de digitaal-naar-digital-aansluitingen slechts één kopie kunt maken van een opgenomen digitale bron.

U kunt alleen een eerste-generatie kopie\* maken via een digitaal-naar-digital-aansluiting.

Bijvoorbeeld:

1 U kunt een kopie maken van een in de handel verkrijgbaar digitaal geluidsprogramma (bijv. een CD of MD), maar u kunt geen tweede kopie maken van de eerste-generatie kopie.
2 U kunt een kopie maken van een digitaal signaal van een digitaal opgenomen analoog geluidsprogramma (bijv. een analoge grammofoonplaat of een muziekcassette) of van een digitale satellietuitzending, maar u kunt geen tweede kopie maken.

* Een eerste-generatie kopie is een digitale opname van een digitaal signaal op een digitaal opnameapparaat. Wanneer u bijvoorbeeld opneemt van de CD-speler van dit systeem naar het MD-deck, maakt u een eerste-generatie kopie.

Verhelpen van storingen

Indien er tijdens het gebruik van dit systeem een storing optreedt, raadpleeg dan de onderstaande storingsgids.

Controleer eerst of de stekker van het systeem goed in het stopcontact zit en of de luidsprekers juist en stevig zijn aangesloten.

Als een probleem niet te verhelpen is, neem dan contact op met uw dichtstbijzijnde Sonyhandelaar.

Algemeen

Er is geen geluid.

  • Druk op VOLUME + of - (of VOL + of - op de afstandsbediening).
  • Zorg dat de hoofdtelefoon niet is aangesloten.
  • Controleer de luidsprekeraansluitingen (zie blz. 7).
  • Er wordt een versnelde CD-MD-synchroonopname gemaakt.

Het geluid komt van slechts één kanaal, of het links/rechts-volume is niet gebalanceerd.

  • Sluit de luidsprekersnoeren goed aan (zie blz. 7).
  • Plaats de luidsprekers zo symmetrisch mogelijk.
  • Sluit de bijgeleverde luidsprekers aan.

Er is veel brom of ruis.

  • Zet het systeem verder weg van de storingsbron.
  • Sluit het systeem aan op een ander stopcontact.
  • Monteer een ruisfilter (in de handel verkrijgbaar) op de elektriciteitsleiding.

"0:00" (bij het Europese model) of "12:00 AM" (bij de overige modellen) knippert op het display.

- Stel de klok en de timer opnieuw in (zie blz. 8).

De timer kan niet worden ingesteld.

- Stel de klok en de timer opnieuw in (zie blz. 8).

wordt vervolgd

Verhelpen van storingen (vervolg)

De timer werkt niet.

  • Druk op CLOCK/TIMER SELECT op de afstandsbediening om de timer in te stellen en de indicatie “ ^1 DAILY” of “ ^2 REC” op het display te doen oplichten (zie blz. 50 en 52).
  • Controleer de instellingen en zorg dat de klok goed is ingesteld (zie blz. 50 en 52).
  • Schakel de SLEEP-timerfunctie uit (zie blz. 49).

De afstandsbediening werkt niet.

  • Verwijder het obstakel.
  • Breng de afstandsbediening dichter naar het systeem.
  • Richt de afstandsbediening naar de sensor op het systeem.
    • Vernieuw de batterijen (R6/formaat AA).
  • Plaats het systeem op grotere afstand van de TL-buisverlichting.

CD-speler

De disc-lade sluit niet.

  • Plaats de CD precies in het midden van de lade.
  • Sluit de lade altijd door indrukken van ▲ CD. Wanneer u probeert om de lade met uw hand te sluiten, kan dit problemen met de CD-speler veroorzaken.

De CD kan niet worden verwijderd.

- Neem contact op met uw dichtstbijzijnde Sonyhandelaar.

Het afspelen begint niet.

  • Open de CD-lade en controleer of er een CD is geplaatst.
    • Veeg de CD schoon (zie blz. 55).
    • Vervang de CD.
  • Plaats de CD precies in het midden van de lade.
  • Plaats de CD in de lade, met de labelkant naar boven.
  • Verwijder de CD en veeg het vocht van de CD. Laat het systeem daarna een paar uur ingeschakeld totdat het vocht is verdampt.
  • Druk op CD ▶II om het afspelen te laten beginnen.

De CD slaat over.

• Veeg de CD schoon (zie blz. 55).
• Vervang de CD.
- Verplaats het systeem zo mogelijk naar een plek zonder trillingen (bijvoorbeeld op een stabiele stander).
- Plaats de luidsprekers zo mogelijk op grotere afstand van het systeem, of plaats ze op aparte standers.
Wanneer u naar een muziekstuk luistert met lage tonen en een hoog volume, is de kans aanwezig dat de CD door de trillingen van de luidsprekers overslaat.

Het afspelen begint niet vanaf het eerste muziekstuk.

- Druk herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat "PGM" en "SHUF" beide zijn verdwenen om terug te keren naar normaal afspelen.

"OVER" verschijnt op het display.

- Het einde van de CD is bereikt. Houd ◀◀ ingedrukt of druk op ◀◀ om terug te keren naar de gewenste positie voor afspelen.

MD-deck

Een MD kan niet worden geplaatst.

- Plaats de MD met de labelkant naar boven en het pijltje naar het deck gericht.

De toetsen werken niet.

  • Vervang de MD door een nieuw exemplaar.
  • Probeer de bedieningshandelingen opnieuw nadat "TOC" of "STANDBY" is uitgegaan.

Het afspelen begint niet.

• Vervang de MD.
- Plaats de MD en laat het systeem een paar uur ingeschakeld totdat het vocht is verdampt.
- Druk op MD ▶II om het afspelen te laten beginnen.
- Druk op GROUP op de afstandsbediening om de GROUP-indicator uit te schakelen.

De MD slaat over.

• Vervang de MD.
- Verplaats het systeem zo mogelijk naar een plek zonder trillingen (bijvoorbeeld op een stabiele stander).
- Plaats de luidsprekers zo mogelijk op grotere afstand van het systeem, of plaats ze op aparte standers.
Wanneer u naar een muziekstuk luistert met lage tonen en een hoog volume, is de kans aanwezig dat de MD door de trillingen van de luidsprekers overslaat.
- Plaats de disc en wacht 10 à 20 minuten, met het systeem ingeschakeld.

Het afspelen begint niet vanaf het eerste muziekstuk.

- Druk herhaald op PLAY MODE/DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) totdat “PGM” en “SHUF” beide zijn verdwenen om terug te keren naar normaal afspelen.

"OVER" verschijnt op het display.

- Het einde van de MD is bereikt. Houd ◀◀ ingedrukt of druk op ◀◀ om terug te keren naar de gewenste positie voor afspelen.

Tijdens het opnemen zal "OVER" oplichten.

- Stel het opnameniveau lager in (zie blz. 29).

De opname of montage is wel uitgevoerd, maar de inhoudsopgave (TOC) is niet bijgewerkt.

- De opname- en montagegegevens van de MD worden weggeschreven naar de MD wanneer de MD wordt verwijderd. Daarom dient u de MD na het opnemen of monteren altijd te verwijderen (zie blz. 20 en 30).

Er kan niet worden opgenomen.

  • Verwijder de MD en schuif het nokje dicht zodat de opening niet meer zichtbaar is (zie blz. 20).
  • Sluit de los verkrijgbare component goed aan (zie blz. 53).
  • Schakel over op een andere geluidsbron.
  • Vervang de MD door een voor opname geschikte MD of gebruik de ERASE-functie om onnodige muziekstukken te wissen (zie blz. 35).

Het geluid van een door u opgenomen MD is te laag (of te hoog).

- Stel het opnameniveau opnieuw in (zie blz. 41).

Tapedeck

De tape neemt niet op.

  • Er is geen cassette geplaatst. Plaats een cassette.
  • Het wispreventienokje is verwijderd. Bedek de opening met plakband (zie blz. 55).
  • Het einde van de tape is bereikt.

De tape neemt niet op en speelt niet af, of het geluidsniveau vermindert.

  • De koppen zijn vuil. Reinig deze.
  • De opname- en weergavekoppen zijn gemagnetiseerd. Demagnetiseer deze (zie blz. 55).

De tape wordt niet volledig gewist.

- De opname- en weergavekoppen zijn gemagnetiseerd. Demagnetiseer deze (zie blz. 55).

Er is veel wow of flutter, of het geluid valt weg.

- De aandrukassen in het tapedeck zijn vuil. Reinig deze met een reinigingscassette (zie blz. 55).

De ruis neemt toe of de hoge frequenties worden gewist.

- De opname- en weergavekoppen zijn gemagnetiseerd. Demagnetiseer deze (zie blz. 55).

Los verkrijgbare componenten

Er is geen geluid.

  • Raadpleeg de algemene rubriek “Er is geen geluid.” op blz. 57 en controleer de toestand van het systeem.
  • Sluit de component goed aan (zie blz. 53) en controleer daarbij:
  • of de snoeren goed zijn aangesloten.
  • of de stekkers van de snoeren er goed zijn ingeduwd.
  • Schakel de aangesloten component in.
  • Raadpleeg de gebruiksaanwijzing die is meegeleverd met de aangesloten component en begin met afspelen.

Het geluid is vervormd.

- Stel het opnameniveau lager in (zie blz. 29).

wordt vervolgd

Verhelpen van storingen (vervolg)

Tuner

Er is veel brom of ruis, of zenders kunnen niet worden ontvangen.

  • Stel de juiste golfband en frequentie in (zie blz. 43).
  • Zorg dat de antenne goed is aangesloten (zie blz. 7).
  • Zoek een plaats en een oriëntatie die geschikt zijn voor een goede ontvangst en installeer daarna de antenne opnieuw. Indien u geen goede ontvangst krijgt, is het raadzaam om een in de handel verkrijgbare buitenantenne aan te sluiten.
  • De bijgeleverde FM-draadantenne ontvangt de signalen over de volle lengte. Daarom moet u de antenne volledig uittrekken.
  • Plaats de antennes zo ver mogelijk van de luidsprekersnoeren.
  • Indien de bijgeleverde AM-antennedraad is losgeraakt van de kunststof stander, dient u contact op te nemen met uw dichtstbijzijnde Sony-handelaar.
  • Schakel de elektrische apparatuur in de buurt uit, indien mogelijk.

Een stereo FM-programma kan niet in stereo worden ontvangen.

  • Druk herhaald op FM MODE totdat "STEREO" op het display verschijnt.
  • Zie “Er is veel brom of ruis, of zenders kunnen niet worden ontvangen.” en controleer de antenne.

Tijdens het opnemen op een MD is er cyclische statische ruis te horen.

- Stel de oriëntatie en positie van de antenne zodanig af dat de ruis stopt.

Indien het systeem ook na het nemen van de bovenstaande maatregelen nog niet goed werkt, dient u het systeem als volgt opnieuw in te stellen:

1 Trek de stekker uit het stopcontact.
2 Steek de stekker van het netsnoer weer in het stopcontact.
3 Druk op I/⏻ om het systeem in te schakelen.
4 Druk ■, ENTER/START en I/ ⏻ tegelijkertijd in.

Het systeem is nu opnieuw ingesteld en de fabrieksinstellingen zijn weer van kracht. Alle door u gemaakte instellingen, zoals de voorgeprogrammeerde zenders, klokinstelling, timerinstellingen en CD-disctitels, zijn geannuleerd en moeten opnieuw worden ingesteld.

Zelfdiagnose-display

Dit systeem heeft een zelfdiagnose- displayfunctie om u te waarschuwen wanneer het systeem niet goed werkt. Op het display verschijnen beurtelings een code van drie tekens en een melding waarmee de storing wordt aangegeven. Raadpleeg de onderstaande lijst om de storing te verhelpen. Indien een storing niet door uzelf kan worden verholpen, neem dan contact op met uw dichtstbijzijnde Sony-handelaar.

SONY CMT-M100MDB - Zelfdiagnose-display - 1

flowchart
graph TD
    A["C11"] --> B["Protected"]
    B --> A

C11/Protected

De MD is beschermd tegen abusievelijk wissen.

→Verwijder de MD en schuif het nokje dicht zodat de opening niet meer zichtbaar is (zie blz. 20).

C12/Cannot Copy

U probeert een CD of MD met een voor dit systeem ongeschikt formaat af te spelen, zoals een CD-ROM.

→Verwijder de disc, schakel het systeem eenmaal uit en schakel het vervolgens weer in.

C13/REC Error

De opname werd niet goed uitgevoerd.

→Breng het systeem naar een plaats zonder trillingen en neem daarna opnieuw op vanaf het begin.

De MD is vuil of er zitten krassen op, of de MD voldoet niet aan de normen.

→Vervang de MD en neem daarna opnieuw op vanaf het begin.

C13/Read Error

Het MD-deck kan de gegevens op de disc niet goed lezen.

→Verwijder de MD eenmaal en plaats deze daarna opnieuw.

C14/Toc Error

Het MD-deck kan de gegevens op de disc niet goed lezen.

→Vervang de MD.

→Wis alle opnamen op de MD door gebruik van de functie All Erase (zie blz. 36).

C41/Cannot Copy

De geluidsbron is een kopie van in de handel verkrijgbare muzieksoftware.

→Het "Serial Copy Management System" voorkomt dat u een digitale kopie kunt maken (zie blz. 57).

Meldingen

Tijdens bediening kan er op het display één van de onderstaande meldingen verschijnen of knipperen.

MD

Assign None

Alle muziekstukken op een MD worden aan groepen toegewezen.

Auto Cut

Tijdens digitaal opnemen is er een stilte van 30 seconden of meer ingevoerd waardoor het opnemen door het MD-deck tijdelijk wordt stopgezet.

Blank Disc

Er is een geheel nieuwe, voor opname geschikte MD geplaatst of alle muziekstukken op de MD zijn gewist.

Cannot Edit

- Er zit een voorbespeelde MD in het deck.

- U probeert te monteren in de stand voor afspelen in geprogrammeerde of willekeurige volgorde.

Cannot REC

- Er zit een voorbespeelde MD in het deck.

- De functie MD is ingesteld.

Cannot SYNC!

- Er zit geen disc in het MD-deck, of de MD is beschermd tegen abusievelijk wissen.

- Er is geen opnametijd meer over op de MD.

wordt vervolgd

Zelfdiagnose-display (vervolg)

Complete!

Er is geen opnametijd meer over op de MD.

Eject

De MD wordt door het MD-deck verwijderd.

Group Full!

Er is getracht een nieuwe groep te creëren terwijl het maximale aantal groepen reeds is bereikt, of er zijn onvoldoende tekens voor het bijwerken van de groepsbeheergegevens.

Impossible

  • U probeert een montagehandeling te verrichten die niet mogelijk is.
  • Vanwege de beperkingen van het systeem kunnen de muziekstukken op de MD niet worden samengevoegd of gewist.
  • U kunt als positie van onderverdeling niet het beginpunt of eindpunt van een muziekstuk kiezen.

Incomplete!

Het veranderen van het opnameniveau na het opnemen of een bewerking met infaden en uitfaden werd niet goed uitgevoerd omdat het systeem werd blootgesteld aan trillingen of omdat de geplaatste disc beschadigd of vuil is. Zet het systeem op een stabiele plaats neer teneinde schokken en trillingen zoveel mogelijk te beperken. Gebruik geen discs die beschadigd of vuil zijn.

Initialize

Er is een lange stroomstoring geweest waardoor het systeem automatisch opnieuw wordt geïntialiseerd.

Name Full

Er is geen ruimte meer voor het opslaan van muziekstuk-, disc- of groepstitels.

No Change

Terwijl u probeerde om het opnameniveau te veranderen na het opnemen, hebt u ENTER/YES ingedrukt zonder daadwerkelijk het opnameniveau te veranderen waardoor de beoogde verandering dus niet is uitgevoerd.

No Disc

Er zit geen disc in het MD-deck.

OVER

Het einde van de MD is bereikt terwijl u ▶▶ ingedrukt houdt en het systeem zich in de pauzestand voor afspelen bevindt.

Step Full!

U probeert om 26 of meer muziekstukken (stappen) te programmeren.

Push STOP!

Tijdens het afspelen hebt u op PLAY MODE/ DIRECTION (of PLAY MODE op de afstandsbediening) gedrukt.

—Rehearsal—

Bij gebruik van de functie A-B Erase en de functie Divide wordt het aangegeven punt van onderverdeling door het MD-deck ter bevestiging afgespeeld.

S.F Edit!

Er is getracht een andere bediening uit te voeren in de modus S.F Edit (veranderen van het opnameniveau na het opnemen, infaden, uitfaden).

S.F Edit NOW

U hebt I/○ ingedrukt in de modus S.F Edit (veranderen van het opnameniveau na het opnemen, infaden, uitfaden).

Smart Space

Tijdens digitaal opnemen is er weer een signaal ingevoerd na een stilte van 3 seconden of meer, maar minder dan 30 seconden.

Text Protect

Er zijn CD TEXT-gegevens die niet op een MD opgenomen kunnen worden.

TOC Reading

Het MD-deck is bezig met het lezen van de inhoudsopgave (TOC).

TOC Writing

Het MD-deck is bezig met het wegschrijven van de opname- en montagegegevens.

Track End

Het einde van het muziekstuk is bereikt tijdens het instellen van de positie van onderverdeling met behulp van de DIVIDE-functie.

Tr Protect

Er is getracht een beveiligd muziekstuk te wissen.

CD

Cannot Edit

U probeert een titel in te voeren voor een CD TEXT-disc.

CD No Disc

Er is geen CD geplaatst.

Complete!

De bewerking van de CD is voltooid.

Name Full

Er zijn reeds 50 disctitels in het systeem ingevoerd.

OVER

Het einde van de CD is bereikt terwijl u tijdens het afspelen of pauzeren ▶▶ ingedrukt houdt.

Step Full!

U probeert om 26 of meer muziekstukken (stappen) te programmeren.

TAPE

Cannot SYNC!

Er zit geen tape in het tapedeck, of het wispreventienokje is verwijderd.

No Tab

U kunt de tape niet opnemen omdat het wispreventienokje is verwijderd.

No Tape

Er zit geen tape in het tapedeck.

Technische gegevens

Hoofdapparaat (HCD-M10)

Versterker

Europees model:

DIN-uitgangsvermogen (nominaal): 10 + 10 W (6 ohm bij 1 kHz, DIN)

Continu RMS-uitgangsvermogen (referentie): 15 + 15 W (6 ohm bij 1 kHz, 10% THD)

Muziek-uitgangsvermogen (referentie): 25 + 25 W

Overige modellen:

DIN-uitgangsvermogen (nominaal): 10 + 10 W (6 ohm bij 1 kHz, DIN)

Continu RMS-uitgangsvermogen (referentie): 15 + 15 W (6 ohm bij 1 kHz, 10% THD)

Ingangen

ANALOG IN (tulpstekkers): spanning 250 mV, impedantie 47 kilohm

DIGITAL OPTICAL IN (Ondersteunde bemonsteringsfrequencies: 32 kHz, 44,1 kHz en 48 kHz)

Uitgangen

PHONES (stereo-mini-aansluiting): geschikt voor hoofdtelefoon van 16 ohm of meer.

SPEAKER: geschikt voor impedantie van 6 tot 16 ohm.

CD-speler

Systeem Compactdisc- en digitaal audiosysteem

Laser Halfgeleider-laser ( =780 nm) Emissieduur: continu

Frequentiebereik 2 Hz – 20 kHz (±0,5 dB)

wordt vervolgd

Technische gegevens (vervolg)

MD-deck

Systeem MiniDisc digitaal

audiosysteem

Laser Halfgeleider-laser

( = 780 ~nm)

Emissieduur: continu

Bemonsteringsfrequentie 44,1 kHz

Frequentiebereik 5 Hz – 20 kHz (±0,5 dB)

Tapedeck

Opnamesysteem 4-sporen 2-kanaals stereo

Frequentiebereik 50 – 13 000 Hz (±3 dB),

bij gebruik van Sony

TYPE I cassettes

Wow en flutter ±0,15% W. Peak (IEC)

0,1% W. RMS (NAB)

±0,2% W. Peak (DIN)

Tuner

Antenneaansluitingen 75 ohm asymmetrisch

Middenfrequentie 10,7 MHz

AM-tuner

Afstembereik

Europees model: 531 - 1 602 kHz

(met interval ingesteld op 9 kHz)

Overige modellen: 531 – 1 602 kHz

(met interval ingesteld op 9 kHz)

530 - 1710 kHz

(met interval ingesteld op 10 kHz)

Antenne AM-raamantenne

Buitenantenneaansluitingen

Middenfrequentie 450 kHz

Luidspreker (SS-CM100)

Luidsprekersysteem 2-weg, basreflex-type

Luidsprekereenheden

Woofer: 10 cm diameter,

conus-type

Tweeter: 2,5 cm diameter,

koepel-type

Nominale impedantie 6 ohm

Algemeen

Stroomvoorziening

Europees model: 230 V AC, 50/60 Hz

Overige modellen: 220 – 240 V AC, 50/60 Hz

Stroomverbruik

Europees model: 55 W

0,5 W (in de

energiebesparingsmodus)

Overige modellen: 55 W

Afmetingen (b/h/d), inclusief uitstekende onderdelen en regelaars

Versterker/tuner/tapedeck/MD-deck/CD-speler:

Optionele accessoires Sony PC-aansluitset

(Zie de catalogus en

andere promotiematerialen

voor de datum waarop

deze worden uitgebracht.)

De optionele accessoires

voor dit systeem kunnen

zonder nadere

aankondiging worden

gewijzigd. Voor nadere

bijzonderheden dient u uw

dichtstbijzijnde Sony-

handelaar te raadplegen.

Ontwerp en technische gegevens kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SONY

Model : CMT-M100MDB

Categorie : Hi-Fi Systeem