Precisa 2.0 - Zaag SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Precisa 2.0 SCHEPPACH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Precisa 2.0 SCHEPPACH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Precisa 2.0 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Precisa 2.0 van het merk SCHEPPACH.
GEBRUIKSAANWIJZING Precisa 2.0 SCHEPPACH
Hartelijk dank, voor de aankoop van een scheppach-machine. Vanwege haar deskundigheid en ervaring is scheppach één van de belangrijkste producenten en aanbieders van houtbewer- kingsmachines.
Met haar grote keuze aan machines heeft scheppach zich in de wereld van de houtbewerking een naam opgebouwd en biedt klussers zoals ambachtslieden de mogelijkheid, alle bekende houtbewerkingen uit te voeren.
scheppach hoopt, dat u de mogelijkheden van de machine volledig zult gebruiken en wenst u veel aangename werkuren.
INHOUD
64

65

65

66

67

68-77

78-83

84

85-88

89

90-91

92

-
BESCHRIJVING VAN DE MACHINE
-
AANBEVELINGEN
-
RESTRISICO'S
-
ALGEMENE VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN
-
VOORZICHTSMAATREGELEN VAN DE MACHINE
-
INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE
-
GEBRUIK VAN DE MACHINE
-
ONDERHOUD EN INSTANDHOUDING
-
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
-
HET ZOEKEN NAAR FOUTEN
-
ONDERDELENPAKKET
-
CONFORMITEITSVERKLARING
1. BESCHRIJVING VAN DE MACHINE
| Doorsnede motoras | 30 mm |
| Doorsnede zaagblad | 200 mm |
| Helling zaagblad | von 90 bis 45° |
| Max. zaaghoogte 45° / 90° | 45/60 mm |
| Toerental | 4750 upm |
| Tafelafmetingen | 535 x 400 mm |
| Tafelgrootte met uitbreiding | 535 x 700 mm |
| Zaagbreedte met parallelaanslag | 150 mm |
| Machineafmetingen | 660 x 430 x 460 mm |
| Wisselstroommotor P1/P2 | 1900 / 1300 W |
| Draaistroommotor P1/P2 | 1800 / 1300 W |
| Massa | 43 kg |
b. Geluidskenmerken
| EN ISO 3744 | WerkingNulla | |
| Geluidsniveau: LWA | 89,3 dB (A) | 100,9 dB (A) |
| EN ISO 11201 | Nullast | Werking |
| Geluidsniveau op de werkplek: L_pAeq | 76,6 dB (A) | 83,6 dB (A) |
- De vermelde waarden zijn emissiewaarden en betekenen dus niet tegelijkertijd veilige arbeidswaarden.
- Hoewel er geen correlatie tussen emissie- en immissieniveau's bestaat, kan daaruit niet precies afgeleid worden of extra veiligheidsmaatregelen noodzakelijk zijn.
- Factoren die het op dat moment op de werkplek aanwezige immissieniveau beïnvloeden, omvatten de duur van de inwerking, de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen, enz., bijv. het aantal machines en andere aangrenzende processen.
- De toegestane werkplekwaarden kunnen bovendien van land tot land verschillen.
-Deze informatie dient de gebruiker echter in staat te stellen, een betere inschatting te kunnen maken van gevaren en risico's. - Meetonzekerheid van de waarden + - 4dB
2. AANBEVELINGEN



Zoals bij alle houtbewerkingsmachines met handmatige toevoer blijft ondanks gebruik en correct justeren van de veiligheidsinrichtingen altijd een bepaald risico bestaan van de toegang op het werktuig.
Het is daarom absoluut belangrijk, de handen uit de gevarenzone te houden en aan het uiteinde van het werkstuk een duwhout te gebruiken.
Vergrendel daarom beslist de schakelaar of trek de netstekker uit het stopcontact, voordat u enigerlei onderhoudswerkzaamheden of wisselen van werktuigen uitvoert.
Verwissel alle werktuigen, die slijtagesporen, scheuren of vervormingen tonen.
Ben u bewust van de risico's of verwondingsgevaren, die met het toevoeren van werkstukken zijn verbonden.
Volg de pictogrammen op aan de machine in de nabijheid van de bedieningselementen en de afneembare onderdelen. Zij geven op grafische wijze

4. ALGEMENE VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN
Raadpleeg altijd deze veiligheidsaanwijzingen, als het waarschuwingssymbool wordt weergegeven.
a. Veiligheidsaanwijzingen
- Lees deze bedieningshandleiding zorgvuldig. Neem indien u iets niet begrijpt contact op met de klantenservice.
- De machine moet door een volwassenen en in het gebruik geschoolde persoon worden bediend (lees deze bedieningshandleiding). Aan de machine mag slechts één persoon werken.
- Houd rekening met een veiligheidszone rondom het werkgedeelte, om het terugslaggevaar te vermijden (3).
- Door de machine regelmatig te onderhouden wordt goed functioneren en de veiligheid gewaarborgd, en hierdoor wordt een lange levensduur van het product gegarandeerd.
- Schakel voorafgaand aan het uitvoeren van onderhouds- en reparatiewerkzaamheden de machine uit en haal absoluut de netstekker uit het stopcontact. Wacht, tot de machine volledig stilstaat en van het net is losgekoppeld, voordat u begint met de onderhoudswerkzaamheden.
- Bij het gebruik van elektrische werktuigen, moeten de basisveiligheidsmaatregelen worden opgevolgd, om de risico's voor brand, elektrische schok en verwonding van personen uit te sluiten. Ga alsvolgt te werk :
lees alle instructies en volg ze op, voordat u dit product in bedrijf neemt. Bewaar deze gebruiksaanwijzing.
b. Milieuvoorwaarden
- De omgevingstemperatuur moet tussen +5°C en +40°C liggen. Bij 40°C mag de luchtvochtigheid niet hoger zijn dan 50 %.
Stel de machine niet bloot aan regen.
- Zorg voor goede verlichting van de werkplek en werk op een droge plaats, die goed wordt geventileerd en voor de werkzaamheden is ingericht.
- Verwijder alle niet noodzakelijke voorwerpen of werktuigen van de werkplek en van de machinetafel, om de gevaren te vermijden.
c. Veiligheidsinrichting
- Draag tijdens het werk aan de machine veiligheidsschoenen, veiligheidsbrillen, gehoorbescherming en een stofmasker.
- Draag nauwsluitende kleding. Draag geen kettingen die in het draaiende werktuig kunnen komen.
- Bescherm lange haren met een haarnetje. (Zie de
«Veiligheidsmaatregelen».)
d. Controleren van de machine
- bij ontvangst van de bestelling
- voorafgaand aan elk gebruik en transport van de machine
- Let bijzonderl goed op de bedienings- en toevoeronderdelen
5. VEILIGHEIDSMAATREGELEN
Het is absoluut noodzakelijk om voor een correct gebruik van de machine de bedieningshandleiding zorgvuldig te lezen. De machine kan ernstige verwondingen veroorzaken als ze niet weloverwogen wordt gebruikt.








Het wordt dringend aanbevolen, bij de werkzaamheden aan machine een helm, veiligheidsbril, en veiligheidshandschoenen te dragen bij het verwisselen van het werktuig. Handschoenen dienen alleen bij verwisselen van het werktuig te worden gedragen. Vermijd loszittende kleding, sieraden en loshangend haar dat door bewegende onderdelen kan worden gegrepen. Draag anti-slip schoenen bij werkzaamheden in het veld.
De zaag kan ook schadelijk lawaai veroorzaken. Het wordt daarom aanbevolen een helm of gehoorbescherming te dragen.
De door bepaalde houtsoorten geproduceerde houtstoffen kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid. Het wordt daarom aanbevolen een stofmasker te dragen.
Het niet correct gebruiken van de machine kan ernstige verwondingen veroorzaken, vooral sneden en wonden aan de handen.
Het is om veiligheidsoverwegingen absoluut noodzakelijk om de machine voor aanvang van de onderhoudswerkzaamheden en verwisselen van het werktuig van het stroomnet los te koppelen.

text_image
scheppaeh Precisa 2.0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 ISO1301301 Scheppaeh Precisa 2.0 ISO1301302 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Scheppaeh Precisa 2.0 Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepech Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeh Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb Schepeb6. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE
a. In de leveringsomvang meegeleverde onderdelen
- Pakket
| N° Bezeichnung Anzahl | |
| 1 Basismachine, motor, tafel 1 | |
| 2 Zaagbladbescherming 1 | |
| 3 Drager parallelaanslag 1 | |
| 4 Profiel parallelaanslag 1 | |
| 5 Handgreep 1 | |
| 6 Dwarszaagmal 1 | |
| 7 Bedieningshandleiding 1 | |
| 8 Speciale sleutel voor zaagblad 1 | |
| 9 Eenvoudige handgreep 1 | |
| 10 Duobele vlakke sleutel 1 | |
| 11 Inbussleutel 1 |
2. Beschrijving
- De machine wordt met een zaagblad geleverd.
- De voor de montage en instelling van de machine noodzakelijke werktuigen worden meegeleverd.
6. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE
b. Leverbare toebehoren (niet meegeleverd)
- Pakket

e. Bevestiging en verankering op de grond.
De machine moet op een stevige, vlakke en horizontale ondergrond of een overige basis worden verankerd, zoals bijvoorbeeld de door scheppach als speicale toebehoren geleverde onderstel.
Controleer met een waterpas, of de machinetafel daadwerkelijk horizontaal staat. Indien nodig, de hoogte corrigeren (4).
f. Montage van de basisuitrusting
Volg de op elk werktuig aangegeven snelheden.
Er wordt als voorzorgsmaatregel aanbevolen om bij het hanteren met werktuigen handschoenen te dragen.
Alle werktuigen, die voor de aan- en uitbouw van machineonderdelen of werktuigen worden gebruikt, zijn in de leveringsomvang opgenomen.
1. Bescherming van de machinetafel (5)
Neem de machine uit de verpakking. Hiervoor moeten de 4 schroeven van de beschermplaat worden losgedraaid.

text_image
E D C A B 06
text_image
G1 H F 07
text_image
J1 I 086. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE
f. Montage van de basisuitrusting
2. Montage van de zaagbladbeveiliging (06)
- Draai de bevestigingsmoer van de zaagbladbescherming los.
- Legde zaagbladbescherming(A) zodanig op de splijtwig (B), dat de gaten van de beide elementen overeenkomen.
- Bevestig de schroef (C), de borgring (D) en de moer (E) weer op de zaagbladbescherming.
- Stel de zaagbladbescherming zo in, dat de zaagbladtanden goed zijn afgedekt.
- Draai alles goed vast.
3. Montage van de parallelaanslag (07)(08)
- Laat de steun van de aanslag (F) in het profiel (G1) glijden.
-
Draai met de knop (H) alles vast, dat zich onder de flens bevindt.
-
Draai de knop van de parallelaanslag zo ver mogelijk los (J1).
- Geleid de aanslag op de schaal van de machinetafel (I).
- Stel de gewenste maat in.
- Draai de knop vast.
6. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE

- Draai de knop van de dwarszaagmal los (K).
- Schuif het duwonderdeel van de dwarszaagmal (L) in één van de beide groeven van de machinetafel.
- Stel de gewenste hoek in. (zie «Instellen van de dwarszaagmal».)
- Draai de knop goed vast.

5. Bewaren van het duwhout (10)
- Het duwhout voor korte werkstukken bevindt zich in de opening van de machinebehuizing.

g. Montage van de speciale uitrusting (optioneel)
1. Montage van het onderstel (11)
- Monteer eerst de schroeven in het onderstel.
- Schuif de machine zodanig op het onderstel, dat de schroefkoppen in de holle ruimtes van het profiel aan de onderkant van de machine glijden
- Draai de 4 moeren goed aan

g. Montage van de speciale uitrusting
2. Montage van de tafelverbreding (12)
- Laat de beide profielen van de tafeluitbreiding langs de machinetafel glijden.
- Draai de 6 schroeven goed vast..
- De 2 platen van de tafeluitbreiding glijden in de profielen.
- De profielaanslag wordt met de knop (J2) vergrendeld.
3. Montage van de duwslede (13)
- Geleid de 2 profielen (G2) van de duwslede onder de tafel (M1).
- Draai de 4 schroeven goed vast..
- De duwslede glijdt tot aan het einde van de rail.
- Hij bestaat uit een beweegbare aanslag en een lengte-aanslag.
6. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE

g. Montage van de speciale uitrusting
5. Montage van de afzuiger (15)
- Steek de 2 einden van de afzuigslang op de 2 afzuigaansluitstukken van de zaagbladbescherming en van de machinebehuizing.
- Draai de 2 metalen ringen (N) op de afzuigslangen aan de machineaansluitstukken goed vast.
6. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE
h. Elektrische aansluiting
Het geïnstalleerde elektrische systeem moet op een aarding worden aangesloten en met 16 A worden beveiligd (wisselstroom). Bij een draaistroommotor bedraagt de beveiliging 16 A.
De machine is bestemd voor een wisselstroom- en draaistroomvoorziening met de volgende eigenschappen:
| stroomsoort | AC | AC |
| continuspanning | 230 V | 380 V |
| frequentie | 50 Hz | 50 Hz |
| nominale stroom | 16 A | 16 A |
| totale vermogen | 1300 / 1800 W | 1300 / 1800 W |
Wisselstroomaansluiting 230V (18)
De aansluitkabel (niet meegeleverd) moet 3 aders van het type H07RN-F / 1,5 mm², een CEE-stekker voor de netaansluiting en een CEE-stopcontact voor de machineaansluiting hebben.
2 aders dienen voor de stroomtoevoer L1 en N, de derde (groen/geel) is bestemd voor de aarding.
Draaistroomaansluiting 380V (19)
De aansluitkabel (niet meegeleverd) moet 5 aders van het type H07RN-F / 1,5 mm², een CEE-stekker voor de netaansluiting en een CEE-stopcontact voor de machineaansluiting hebben. De 4e ader (groen/geel) moet aan de aardingsklem worden aangesloten.


h. Stroomaansluiting
Controleer na aansluiting van de draaistroommachine de draairichting van het werktuig. Verwissel naar behoefte 2 van de 3 faseaders (omkeren van de 2 fasen in de stekker met behulp van een schroevendraaier), om de juiste draairichting te krijgen.
Bij een verwisseling van de aansluiting op het draaistroomnet (meerdere ingebouwde stopcontacten), moet de draairichting elke keer opnieuw worden gecontroleerd.
Indien de aansluitkabel langer is dan 10 m, moet de minimum diameter 2,5 mm² bedragen.
Sluit de kabel op de schakelaarbehuizing (20) van de machine aan en verbindt het met een goed toegankelijk en correct geaard CEE-stopcontact.
De elektrische aansluitingen binnen in de machine zijn in de fabriek gebruiksklaar geproduceerd. Het schakelschema bevindt zich binnen in de schakelaarbehuizing.
Aansluitingen en reparaties aan de elektrische installatie mogen alleen door een elektriciën worden uitgevoerd.
i. Stofafzuiging
- De aansluiting op een spanen- en stofafzuiging is verplicht, om te voldoen aan de hygiène- en veiligheidsvoorschriften en om de goede werking van de machine te waarborgen (21). (Bekijk de in de catalogus als speciale toebehoren aangeboden scheppachafzuiginstallatie.)
- Afzuigslangen moeten moeilijk ontvlambaar zijn. - De machine en afzuiginstallatie moet gelijktijdig beginnen. (Bekijk de catalogustoebehoren scheppach-Inschakelautomatie.) - De op de machine aangesloten afzuiginstallatie moet de onderstaande minimale eigenschappen bezitten :
| Luchtvermogen | 565 m3/h |
| Optimale luchtsnelheid in de slangen | 20 m/s |
| Aansluitdoorsnede op de machine | 100/50 mm |
| Aansluitdoorsnede op de zaagbladbescherming | 25 mm |
7. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE

a. Instellen van de zaaghoogte (22)
- Draai het handwiel (Q), om het werktuig op de gewenstie hoogte te brengen.
- Stel het zaagblad zo in, dat de tanden enkele millimeters boven het werkstuk uitsteken.

text_image
R Q 23b. Instellen van de zaagbladhelling (23) (24)
- Oefen een continue druk uit op het handwiel (Q), tot het in de vertanding van de plaat vastklemt.
- Maak de hendel (R) los.
- Beweeg terwijl u druk blijft uitoefenen, het handwiel tot de gewenste schuinte is bereikt (23).
- Laat de hendel weer vastklemmen (R).
- Laat het handwiel (Q) los.
Belangrijk : boven een 30° helling verplaatst u het zaagblad 10 mm naar beneden.

text_image
45° 247. INGEBRUIKNEMEN VAN DE MACHINE

text_image
T S 25c. Wisselen van het zaagblad
(25)(26)
- Verwijder de afdekplaat (S), nadat u de 2 schroeven hebt losgedraaid.
- Zet het zaagblad vast met behulp van de speciale sleutel (T).
- Draai de schroef, die het zaagblad vasthoudt, los met de vlakke sleutel.
- Vervang het zaagblad en houd hierbij rekening met de draairichting.
- Schroef alles weer vast met15 N/m wieder.
- Monteer nu weer de afdekplaat.
- Laat de machine onbelast lopen en controleer hierbij de draairichting van het zaagblad.
- De parallelaanslag moet na elke vervanging van het zaagblad opnieuw worden ingesteld.

text_image
2,8 a 3,2 mm Ø 30 mm Ø 200 mm maxi 26Belangrijk : aan de machine mogen alleen zaagbladen worden gebruikt met de hiernaast weergegeven afmetingen (26). Gebruik geen zaagbladen van snelstaal (HSS).
Er mogen alleen werktuigen worden gebruikt die voldoen aan de norm EN 847-1.

- Verzeker u ervan, dat de splijtwig een afstand van ongeveer 2 tot 8 mm heeft ten opzichte van het zaagblad (27).
- De splijtwig voorkomt, dat er hout aan het achterste deel van het zaagblad vast gaat zitten.
7. GEBRUIK VAN DE MACHINE
d. Instellen van de parallelaanslag (28)(29)

text_image
P P 28- Maak de 3 bevestigingsschroeven aan het meetlint los (I).
- Justeer de parallelaanslag aan de hand van het meetlint «O».
- Verschuif alles zo ver mogelijk in de richting van het zaagblad.
- Controleer, of de aanslag parallel ten opzichte van het zaagblad verloopt.
- Fixeer alles provisorisch met de linker schroef (P3).
- Zet de parallelaanslag in het verlengde van de rechter tafelgroef.
- Draai de 2 andere schroeven van het meetlint vast.

- Door de schroef onder de drager (H) los te draaien kan het profiel van de parallelaanslag in de lengte worden gejusteerd, of omgedraaid worden, om zich aan te passen aan de werkstukhoogte en de zaagbladhelling (30).

- De dwarszaagmal kan links of rechts van het zaagblad in de tafelgroef worden gemonteerd.
- Zij maakt nauwkeurige zaagsneden mogelijk tussen 45° en 90°.
- Maak om de hoek te veranderen de knop (J3) los.
- Stel de gewenste hoek in, door de markering op het duwonderdeel (L) in overeenstemming te brengen met de schaal.
- Draai de knop weer vast.

text_image
G1 32f. Zagen van werkstukken (32)(33)
- De te zagen werkstukken worden altijd in dezelfde richting naar het zaagblad aangevoerd.
- Leg het werkstuk vlak op de machinetafel.
- Duw het langs de aanslag en let hierbij op uw handen.
- Duw het hout altijd met 2 handen. Gebruik het duwhout (U1) als u in de nabijheid van het zaagblad werkt.
- Gebruik om het omkiepen van grote werkstukken te vermijden, de tafeluitbreidingen.
- Voor een rechte geleiding werkt u aan de parallelaanslag (G1).

text_image
B A U1 33Belangrijk : het is absoluut verboden, groeven, tappen of sponningen met de machine te maken. Het is bovendien verboden, de zaagbladbescherming (A) of de splijtwig (B) te verwijderen.
7. GEBRUIK VAN DE MACHINE

f. Zagen van werkstukken
(34)(35)(36)
- Gebruik de dwarszaagmal, om rechte of hoekzaagsneden te maken.

Belangrijk : Gebruik de machine in geen geval, om tappen in de werkstukken te zagen.

text_image
M2 36- Gebruik het duwonderdeel (M3) voor moeilijke zaagsnedes (36).
7. GEBRUIK VAN DE MACHINE

text_image
M2 M3 37f. Zagen van werkstukken
(37)
- Gebruik voor het zagen van grote werkstukken de tafeluitbreiding (optioneel) (M2) en/of een rolbok (optioneel) (M3). (Zie «Montage van de tafeluitbreiding».)
g. Schoonmaken van de machine
- De machine moet na elk gebruik worden schoongemaakt en verwijder de spanen in uw omgeving.
- Zie de paragraaf «Onderhoud» voor het grondig schoonmaken.
Samenvatting
Door goed doordacht met de machine om te gaan wordt het veilig werken gewaarborgd.
- Kies het werktuig dat geschikt is voor de toevoersnelheid en voor het hout.
- Controleer het werktuig (toestand van de snijvlakken en de contactoppervlakken), want alleen hoogwaardige werktuigen garanderen kwalitatief werk.
- Monteer het werktuig in de juiste draairichting.
- Stel de zaaghoogte en de zaaghoek in (bij stilstaande machine).
- Stel de aanslag en de zaagbladbescherming in (bij stilstaande machine).
- Draai voor een optimale veiligheid alle beweegbare onderdelen aan (handwielen, hendels...).
- Overtuig u ervan, dat er geen werktuig op de machine ligt.
- Overtuig u er ook van, dat er geen risico bestaat, dat één of ander onderdeel in contact komt met het draaiende zaagblad.
- Maak alleen testzaagsnedes als alle veiligheidsinrichtingen zijn gemonteerd.
- Schakel de machine in door op de knop (V1) te drukken. (38)
- Leg uw handen op de correcte posities, om een terugslag van werkstukken te voorkomen.
- Bewerk het werkstuk (zie «Bewerking van het werkstuk».)
- Bescherm uzelf tijdens het werk (zie «Veiligheidsmaatregelen»).
- Schakel de machine uit door op de knop (V12) te drukken. (38)

text_image
V1 V2 38
8. ONDERHOUD EN HANDHAVING
a. Onderhoudsvoorschriften
Trek de netstekker voor het onderhoud of verhelpen van storing. De machine is in de fabriek gesmeerd. De motoren en lagers zijn onderhoudsvrij (dichte lagers).
De volgende onderhoudswerkzaamheden moeten na elk continugebruik worden uitgevoerd:
- Maak de machine grondig schoon en maak de tafels schoon met een schone doek. Gebruik ter bescherming van de tafels en voor verbeterd glijden van het hout Scheppach SPEED dat onder het artikelnummer 30 2976 006 kan worden besteld.
- Verwijder stof van de mechanische onderdelen (draadstangen, tandraden, assen, duwonderdelen, schroeven, moeren ...).
- Maak de machine schoon met een mengsel van olie en petroleum door volledig heen en weer te bewegen, smeer vervolgens met fijne olie. Vermijd te vette producten, die het bewegen verhinderen en mogelijk door binden met zaagmeel uitharden.
- Controleer regelmatig de werking van de noodstop-knop, alsook de veiligheidsschakelaar.
- Controleer de toestand van het duwhout aan het doorgangseinde en vervang ze, zodra ze niet meer feilloos functioneren.
- Laat de werktuigen door een vakman slijpen, of vervang ze naar behoefte.
- Vervang onmiddellijk alle werktuigen die slijtage, scheuren of vervormingen vertonen.
- Controleer de toestand en spanning van riemen. Vervang ze naar behoefte.

b. Toegang voor onderhoudswerkzaamheden (39)
De toegang voor onderhoudswerkzaamheden geschiedt door de afneembare behuizing van de machine (6 schroeven losdraaien).
c. Aanvullende onderhoudswerkzaamheden
Voor alle overige onderhoudswerkzaamheden, die de kennis van een
vakman vereisen, neemt u contact op met uw klantenservice of met uw scheppach-dealer,
9. VEILIGHEIDSREGELS
a. Voorafgaand aan de werkzaamheden
Let op : bij het gebruik van elektronische werktuigen moeten ter bescherming voor een elektrische schok, verwondings- en brandgevaar de volgende principiële veiligheidsmaatregelen worden opgevolgd.
Lees alle instructies, voordat u dit elektronische werktuig gebruikt en bewaar de veiligheidsinstructies goed.
- Montage van de tafelverbreding
-
De omgeving van de werkplek moet schoon zijn. Een rommelige werkplek leidt tot verwondingen.
-
Werk rustig en ben alert
- Werk niet aan de machine als u onder invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen.
-
Houd een oog op de omgeving van de werkplek
-
Stel de machine niet bloot aan regen.
- Werk niet met de machine in een vochtige omgeving.
- Zorg voor goede verlichting van de werkplek.
- Werk niet met de machine in de nabijheid van brandbare vloeistoffen of gas.
- Zorg voor goede ventilatie van de werkplek of gebruik een geschikte afzuiginstallatie, want een bepaalde ophoping van stof in de lucht kan bij contact met een vlam of een vonk tot een explosie leiden.
-
Installeer een poederblusser in de werkplaats.
-
Bescherm uzelf tegen een elektrische schok
- Vermijd lichaamscontact met geaarde oppervlakken.
- Houd andere personen op afstand
- Voorkom, dat personen, in het bijzonder kinderen, die niets met het werk van doen hebben, de machine, de stroomkabel of de kabelverlenging aanraken. Houd ze uit de buurt van de werkplek.
- Bewaren van de ongebruikte machine
- Het wordt aanbevolen, de niet gebruikte machine op een afgesloten en droge plaats, buiten het bereik van kinderen, te bewaren.
- De prestatie van de machine mag niet worden overschreden - De machine produceert de beste prestatie en veiligheid, als ze met de kracht wordt gebruikt waarvoor ze werd geconstrueerd.
9. VEILIGHEIDSREGELS
A. Voorafgaand aan het werk
-
Gebruiken van de juiste werktuigen
-
Forceer kleine machines er niet toe, werk te verrichten, dat normaalgesproken bedoeld is voor de grote machines.
- Verzeker u ervan, of grootte en type van de machine geschikt zijn voor het werk.
-
Gebruik de machine niet voor werkzaamheden, waarvoor zijn niet is bedoeld, bijvoorbeeld: gebruik de cirkelzaag niet voor het zagen van rondhout of noesten.
-
Draag geschikte kleding
-
Draag geen losse kleding of sieraden, deze zouden door draaiende onderdelen kunnen worden gegrepen.
- Het dragen van anti-slip schoenen wordt aanbevolen tijdens het werken in het vrije veld.
-
Bescherm lang haar met een haarnetje.
-
Bescherm uw lichaam
-
Draag een veiligheidsbril.
- Draag een stofmasker, als u stoffig werk doet. Draag gehoorbescherming.
-
Draag handschoenen, als u met snijwerktuigen werkt.
-
Gebruik de veiligheidsvoorziening aan de machine
-
Justeer en vergrendel de veiligheidsvoorzieningen.
- Breng onder geen beding uitbouwen aan
- Verzeker u ervan, dat het werktuig noch het werkstuk noch de veiligheidsvoorziening aanraakt.
-
Verwijder zaagafval uit de snijzone.
-
De afzuiginstallatie aansluiten
-
Indien aansluitstukken voor een afzuiginstallatie aanwezig zijn, dient een dergelijke installatie correct te worden aangesloten.
-
De afzuiginstallatie moet gelijk inschakelen met de machine.
-
Beschadig de stroomkabel niet
-
Trek nooit aan de kabel, om de stekker uit de contactdoos te trekken.
- Houd de kabel uit de nabijheid van hitte, ingevette onderdelen en snijdende kanten.
9. VEILIGHEIDSREGELS
b. Tijdens het werk
- De handmatige toevoer moet continu, regelmatig en zonder schokken geschieden. Hardhout of hoge werkstukken worden langzaam aangevoerd.
- Houd handen en vingers altijd uit de nabijheid van het werktuig.
- Werk met schone en vetvrije handen.
- Laat het werkstuk niet los tijdens het zagen.
- Vermijd ongemakkelijke posities waarbij de handen tegen het snijwerktuig kunnen glijden.
- Buig u niet over het lopende werktuig.
- Verwijder nooit houtafval dat zich aan het werktuig bevindt, zolang de machine loopt.
- Voer geen werkzaamheden uit op de machinetafel (aftekenen, samenvoegen of voorbereiden) zolang de machine loopt.
1. Het werkstuk vasthouden
- Gebruik zo mogelijk ringen of een bankschroef om het werkstuk vast te houden. Dit is veiliger dan het gebruiken van de handen.
2. Overschat uw krachten niet
- Zorg er altijd voor dat u stevig staat en behoud uw evenwicht.
- Zorg er altijd voor dat u stevig staat en behoudt uw evenwicht.
- Houd de snijwerktuigen scherp en schoon, om een goede en veilige prestatie te bereiken.
- Vervang onmiddellijk twijfelachtige of beschadigde onderdelen.
- Gebruik altijd correct geslepen werktuigen en let op de draairichting. Een stomp werktuig kan tot terugslag leiden.
- Volg de voorschriften op met betrekking tot smering en werktuigvervanging.
- Controleer regelmatig de stroomkabel. Als deze is beschadigd, moet het door een erkende vakman worden vervangen.
- Controleer regelmatig de verlengkabel en vervang het als het beschadigd is.
- Houd handgrepen droog, schoon en vet- en olievrij.
4. Koppel de machine los van het net
- Koppel de machine bij onderhoudswerkzaamheden en vervanging van het werktuig of toebehoren los van het net.
5. Verwijderen van de instelsleutel
- Maak er een gewoonte van, om te controleren, of alle sleutels zijn verwijderd van de machine, voordat u de machine inschakelt.
6. Vermijd te snel inschakelen
- Verzeker u ervan, dat de schakelaar op UIT staat, voordat u de stekker in de contactdoos steekt.
9. VEILIGHEIDSREGELS
b. Tijdens het werk
- Gebruik van de elektrische verlengingen in het vrije veld
- Indien de machine in het vrije veld wordt gebruikt, gebruikt u alleen verlengingen voor natte ruimtes, die gekenmerkt zijn voor het gebruik in het vrije veld.
- Blijf alert
- Bewaak uw werk, maak gebruik van uw gezonde verstand en werk niet aan de machine als u moe bent.
- Controleer beschadige onderdelen
- Voorafgaand aan het opnieuw ingebruiknemen van de machine wordt aanbevolen, alle onderdelen zorgvuldig te controleren op beschadigingen, om er zeker van te zijn, dat ze feilloos werken.
- Controleer de uitlijning en bevestiging van de zich bewegende onderdelen, een mogelijke breuk, de montage en alle verdere omstandigheden, die de werking van de machine kunnen beïnvloeden.
- Voor zover in de voorschriften niet het tegenovergestelde staat, wordt aanbevolen, veiligheidsvoorzieningen of overige beschadigde onderdelen door een erkend servicebedrijf te laten repareren of te laten vervangen.
- Defecte schakelaars moeten door een erkende vakman worden vervangen.
- Gebruik de machine niet meer, indien de schakelaar niet meer kan worden in- of uitgeschakeld.
- Waarschuwing
- Het gebruik van toebehoren, dat niet in de bedieningshandleiding wordt aanbevolen, kan tot verwondingen leiden.
- Laat de machine en werktuigen door een vakman repareren
- Deze elektrische machine voldoet aan de van toepassing zijnde veiligheidsvoorschriften.
- Reparaties mogen alleen door vakkundig personeel worden uitgevoerd door gebruik te maken van originele onderdelen. Het gebruik van andere onderdelen kan in een aanzienlijk gevaar voor de bediener resulteren.
9. VEILIGHEIDSREGELS
c. Na het werk
- Laat de lopende machine niet zonder toezicht.
- Loop niet weg bij de machine, voordat het werktuig niet absoluut stilstaat.
- Maak de machine en de omgeving schoon. Op deze manier is ze klaar voor nieuwe werkzaamheden.
10. HET ZOEKEN NAAR FOUTEN
| - Trillingen en geluiden aan de machine | - Niet vergrendelde elementen (instelhandwiel, vergrendelhendel, grepen of andere aanslagen).- Controleer de spanning van de werktuigen.- Het zaagblad is niet goed geslepen of stomp.- De machine staat los. Aan de vloer bevestigen.- Laat de kogellagers vervangen als deze lawaai maken.- Controleer de riemspanning. |
| - De zaagsnede maakt het hout zwart | - De werktuigen zijn niet scherp genoeg- De werktuigen zijn verkeerd gemonteerd. Let op de draairichting |
| - Snelle slijtage van het werktuig | - De werktuigen zijn niet scherp genoeg- De toevoersnelheid is te hoog- De toevoer niet forceren- Schuif het werkstuk zonder te schokken- Het hout is vuil (cement, zand, spijkers...) |
| - De motor wordt ongebruikelijk warm | - Laat de motor door een elektriciën controleren, als hij niet meer met de hand kan worden aangepakt. kann. |
| - De motor schakelt vaak uit | - Laat hem door een elektriciën controleren |
| - De machine klemt | - Zaaghoogte te groot. Verminder de hoogte en maak meerdere doorgangen.- Toevoersnelheid te hoog- Versleten werktuigen. Verwisselen of scherp slijpen. |
| - De beweegbare elementen kunnen moeilijk worden bewogen | - Maak tandraden en assen schoon en smeer ze naar behoefte- Maak de draadspillen regelmatig schoon en verwijder de verontreinigingen door vet vermengd met zaagmeel.- Controleer de soepele loop van handgrepen |
| - De machine start niet | - Controleer, of de zekeringen van de schakelkast in orde zijn.- Controleer de positie van de veiligheidsvoorzieningen- Controleer, of de deuren aan de machine goed zijn gesloten- De uitschakelknop is geblokkeerd. - Laat het door een elektriciën controleren. |
| - Het werk gaat ongebruikelijk langzaam | - Controleer de scherpte van het zaagblad- De tafels zijn vuil- Controleer de riemspanning |
- Indien het probleem na controle van de instellingen en de hiernaast weergegeven punten niet kan worden verholpen, is het noodzakelijk dat u contact opneemt met uw dealer.
Belangrijk: Raadpleeg bij de bestelling van onderdelen de explosietekeningen en noemt u het exacte bestelnummer, die in de tekeningen is weergegeven.
Zichtbare gebreken moeten binnen de 8 dagen na ontvangst van de goederen worden gemeld, zo niet verliest de verkoper elke aanspraak op grond van deze gebreken. Onze machines worden geleverd met een garantie voor de duur van de wettelijke garantietermijn. Deze termijn gaat in vanaf het moment dat de koper de machine ontvangt. De garantie houdt in dat wij elk onderdeel van de machine dat binnen de garantietermijn aantoonbaar onbruikbaar wordt als gevolg van materiaal- of productiefouten, kosteloos vervangen. De garantie vervalt echter bij
verkeerd gebruik of verkeerde behandeling van de machine. Voor onderdelen die wij niet zelf produceren, geven wij enkel de garantie die wij zelf krijgen van de oorspronkelijke leverancier. De kosten voor de montage van nieuwe onderdelen vallen ten laste van de koper. Eisen tot het aanbrengen van veranderingen of het toestaan van een korting en overige schadeloosstellingsclaims zijn uitgesloten.