Easy Dry 16 - Luchtontvochtiger COMFEE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Easy Dry 16 COMFEE in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Easy Dry 16 COMFEE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Luchtontvochtiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Easy Dry 16 - COMFEE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Easy Dry 16 van het merk COMFEE.
GEBRUIKSAANWIJZING Easy Dry 16 COMFEE
Gebruiksaanwijzing en installatiehandleiding
Comfee

Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u uw nieuwe apparaat installeert of bedient.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing voor toekomstig gebruik.
Easy Dry 16
Easy Dry 20
CDDF7-20DEN7-WFI
CDDF7-16DEN7-WFI
Inhoudsopgave
Veiligheidsmaatregelen
Veiligheidsmaatregelen 3
Voorbereiding
Identificatie van de onderdelen 11
Mededeling wat betreft het ontwerp. 11
Positionering van de unit.... 12
Bij het gebruik van dit apparaat 12
Gebruiksaanwijzing
Functies bedieningspaneel 13
Overige functies.... 15
Het verzamelde water verwijderen 17
Zorg en Onderhoud
Maak het rooster en de behuizing goed schoon.... 18
Maak de emmer altijd goed schoon 18
Maak het luchtfilter altijd goed schoon 18
Als u het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt heeft. 19
Tips voor het oplossen van Problemen
Tips voor het oplossen van Problemen.... 19
Veiligheidsmaatregelen
Lees het hoofdstuk over de veiligheidsmaatregelen voordat u het apparaat gaat installeren en gebruiken.
De volgende aanwijzingen moeten in acht worden genomen om fataal letsel of verwondingen bij de gebruiker of andere mensen en schade aan eigendommen te voorkomen. Verkeerd gebruik als gevolg van het niet in acht nemen van de instructies kan tot fatale ongelukken, verwondingen of schade leiden.

WAARSCHUWING
Dit symbool geeft aan dat er kans is op letsel of overlijden.

OPGELET
Dit symbool geeft aan dat er kans is op schade aan eigendommen of dat er ernstige gevolgen zullen zijn.

WAARSCHUWING
- Overschrijdt de nominale waarde van het stopcontact of apparatuur gebruikt voor de aansluiting niet.
- Bedien of stop het apparaat niet door de voeding in of uit te schakelen.
- Veroorzaak geen schade aan het snoer en gebruik geen niet-gespecificeerd snoer.
- Verstel de snoerlengte niet en sluit het apparaat ook niet aan op een stopcontact dat met andere apparaten wordt gedeeld.
- Raak de stekker niet aan met natte handen.
- Installeer het apparaat niet in een locatie die kan worden blootgesteld aan brandbaar gas.
- Plaats de eenheid niet in de nabijheid van een warmtebron.
- Haal de stekker eruit als er vreemde geluiden te horen zijn, stank te ruiken is, of als er rook uit komt.
- Probeer nooit zelf het apparaat uit elkaar te halen of te repareren.
- Schakel de stroom uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u gaat schoonmaken.
- Gebruik het apparaat niet in de nabijheid van brandbaar gas of brandbare stoffen zoals benzine, benzeen, verdunner enzovoorts.
- Het water afgevoerd uit de eenheid NIET drinken of gebruiken.
- Haal de waterbak er niet uit tijdens gebruik.
- Gebruik de eenheid niet in kleine ruimtes.
- Plaats de eenheid niet op plekken waar waterspatten op de eenheid kunnen komen.
- Plaats de eenheid op een horizontaal en stevig deel van de vloer.
- dek de in- en uitlaten niet af met doeken of handdoeken.
- Let goed op als de eenheid wordt gebruikt in een kamer waarin zich de volgen de personen bevinden: peuters, kinderen, ouderen en mensen ongevoelig voor vochtigheid.
- Gebruik de eenheid niet in ruimtes waar met chemicaliën wordt gewerkt.
- Steek nooit uw vinger of vreemde voorwerpen in het rooster of openingen. Wees extra voorzichtig en waarschuw kinderen voor deze gevaren.
- Plaats geen zware voorwerpen op het snoer en let erop dat het snoer niet wordt platgedrukt. Klim nooit op het apparaat en ga er ook niet op zitten.
- Steek de filters er altijd stevig in. Het filter moet eens in de twee weken gereinigd worden.
- Schakel de eenheid en de stroom uit en neem contact op met een bevoegd technicus als er water in de eenheid is binnengedrongen.
- Plaats geen vazen of andere waterhoudende objecten boven op de eenheid.
-
Gebruik geen verlengsnoeren.
-
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar oud en door personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis vooropgesteld dat ze onder toezicht staan of uitleg hebben gekregen over hoe dit apparaat op een veilige manier te gebruiken en de risico's ervan begrijpen. Kinderen mogen niet spelen met het apparaat. Het schoonmaken en het plegen van onderhoud mag niet door kinderen zonder toezicht worden gedaan. (van toepassing zijn voor Europese landen)
- Dit apparaat is niet bedoeld om gebruikt te worden door personen (waaronder kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis tenzij zij onder toezicht staan of aanwijzingen gekregen hebben over het gebruik van het apparaat door een persoon verantwoordelijk voor hun veiligheid. Kinderen dienen onder toezicht te staan om te voorkomen dat zij met het apparaat gaan spelen. (geldend voor andere landen behalve de Europese landen)
- Als het snoer is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant of de leverancier of gekwalificeerde personen om risico's te voorkomen.
- De stekker moet uit het stopcontact worden gehaald, voordat het wordt schoongemaakt of onderhoud aan wordt gepleegd.
- Installeer het apparaat niet in een locatie die kan worden blootgesteld aan brandbaar gas. Als brandbaar gas zich opeenhoopt rondom het apparaat dan kan er brand worden veroorzaakt.
- Als het apparaat omvalt tijdens gebruik, dan moet u direct de stekker uit het stopcontact halen. Controleer de eenheid visueel om er zeker van te zijn dat deze niet werd beschadigd. Neem contact op met een technicus of de klantenservice voor hulp als u vermoedt dat de eenheid is beschadigd.
- De stekker moet uit het stopcontact worden gehaald tijdens een onweersbui, om te voorkomen dat er schade aan het apparaat ontstaat als gevolg van de bliksem.
- Leg het snoer niet onder het tapijt. Bedek het snoer niet met vloerkleden, lopers of andere soortgelijke bedekkingen. Leg het snoer nooit onder meubels of andereapparaten. Leg het snoer altijd uit de buurt van een gebied waar gelopen wordt zodat niemand er over kan struikelen.
- Gebruik de eenheid niet als het snoer of de stekker is beschadigd. Gooi het apparaat weg of stuur het terug naar een geautoriseerd servicepunt voor onderzoek en / of reparatie.
- Gebruik deze ventilator niet in combinatie met een snelheidsregelaar welke zich in een vaste stand bevindt zodat de kans op brand of een elektrische schok kleiner wordt.
- Het apparaat moet worden geïnstalleerd volgens de landelijke elektriciteitsnormen.
- Neem contact op met een bevoegd onderhoudstechnicus voor onderhoud of reparaties aan dit apparaat.
- Schakel het apparaat uit als het niet wordt gebruikt.
- Het naamplaatje van de fabrikant bevindt zich op het achterpaneel van de eenheid en bevat de specificaties over de elektriciteit en andere technische gegevens specifiek voor deze eenheid.
- Zorg ervoor dat de eenheid goed is geaard. Om de kans op kortsluiting en brand tot een minimum te kunnen beperken, is een goede aarding echter erg belangrijk. Het snoer is voorzien van een geaarde stekker met drie polen ter bescherming tegen het gevaar van kortsluiting.
- Uw eenheid moet worden aangesloten op een goed geaard stopcontact. Als het stopcontact dat u wilt gebruiken niet voldoende geaard is of niet beschermd wordt door een tijd vertragende zekering of stroomonderbreker (raadpleeg daarvoor het het typeplaatje voor de elektrische gegevens), laat dan altijd een gekwalificeerde elektricien het juiste stopcontact installeren.
- Gebruik deze eenheid niet in een natte ruimte zoals een badkamer of wasserette.
- De printplaat (PCB) van deze eenheid is ontworpen met een zekering om te beschermen tegen overstroom.
De specificaties van de zekering zijn te raadplegen op de printplaat, zoals: T 3.15A / 250V (of 350V), enz.
Opmerking over Gefluoreerde Gassen (Dit is niet van toepassing op de unit die R290-koelmiddel gebruikt)
- Gefluoreerde broeikasgassen zitten in de hermetisch afgesloten apparatuur. Voor specifieke informatie over het type, de hoeveelheid en het CO2-equivalent in ton van het gefluoreerde broeikasgas (alleen op sommige modellen) verwijzen wij u door naar het relevante label op de unit zelf.
- De Installatie, onderhoud en reparatie van dit apparaat moet worden uitgevoerd door een gekwalificeerd technicus.
- Het verwijderen en recyclen van het apparaat moet worden uitgevoerd door een gekwalificeerd technicus.
Opmerking
Bij gebruik van deze lucht ontvochtiger in Europese landen moeten de volgende informatie altijd in acht worden genomen:


VERWIJDERING: Gooi dit product nooit weg bij het gewone huisvuil. Dit afval moet apart ingezameld worden voor een speciale verwerking.
Het is echter verboden dit apparaat bij het huisvuil weg te gooien.
Voor verwijdering zijn er altijd verschillende mogelijkheden:
- In uw gemeente bevinden zich inzamelpunten voor afval waar elektronisch afval kosteloos kan worden ingeleverd.
- De winkelier zal het oude apparaat kosteloos innemen bij het kopen van een nieuw apparaat.
- De fabrikant zal het oude apparaat kosteloos innemen ter vernietiging.
- Aangezien oude apparaten waardevolle grondstoffen bevatten, kunnen ze worden verkocht aan schroothandelaren. Het opruimen van afval in bossen en het milieu kan uw gezondheid in gevaar brengen wanneer gevaarlijke stoffen in het grondwater lekken en kunnen eventueel in de voedselketen terechtkomen.

WAARSCHUWING bij het gebruik van het koelmiddel R32/R290.
- Gebruik geen middelen om het ontdooiproces te versnellen of schoon te maken anders dan die welke worden aanbevolen door de fabrikant.
- Het apparaat moet worden opgeslagen in een kamer waarin geen ontstekingsbronnen zijn die constant actief zijn (bijvoorbeeld: open vuren, een werkend gasapparaat of een werkende elektrische kachel).
- Niet doorboren of verbranden.
- Wees ervan bewust dat koelmiddelen geurloos kunnen zijn.
- Het apparaat moet worden geïnstalleerd, gebruikt en worden opgeslagen in een kamer met een vloeroppervlak in overeenstemming met de hoeveelheid koelmiddel dat wordt gebruikt. Voor specifieke informatie over het type gas en de hoeveelheid verwijzen wij u altijd door naar het relevante label op de unit zelf.
- Het apparaat moet worden geïnstalleerd, gebruikt en worden opgeslagen in een kamer met een vloer die groter is dan 4m ^2 .
- De landelijke gasregels dienen te worden nageleefd. Houd de ventilatie-openingen vrij van obstructies.
- Het apparaat dient te worden opgeborgen om te voorkomen dat er mechanische defecten ontstaan.
- Het apparaat moet worden opgeborgen in een goed geventileerde ruimte waar de ruimte van de kamer voldoet aan de specifieke eisen voor het gebruik.
- ledere persoon die werkt met koelmiddelsystemen dient in het bezit te zijn van een geldig certificaat afgegeven door een door de sector bevoegde autoriteit waarop wordt vermeld dat men bevoegd is in het veilig hanteren van koelmiddelen in overeenstemming met een door de sector erkende evaluatiespecificatie.
- Onderhoud mag alleen op een wijze worden gedaan aanbevolen door de fabrikant van de apparatuur. Onderhoud en reparaties waarvoor de hulp van ander geschoold personeel nodig is dient te worden uitgevoerd onder supervisie van een persoon bevoegd in het gebruik van brandbaar koelmiddel.
- Dit apparaat moet worden opgeborgen in een kamer waarin niet constant open vuren (bijvoorbeeld een apparaat dat met gas werkt) en andere ontstekingsbronnen (bijvoorbeeld een elektrische kachel of hete oppervlakken).

Waarschuwing: Risico op brand of eventueel brandbare materialen
Verklaring van de symbolen die op de unit weergegeven worden (Alleen voor de unit gebruikt R32 / R290-koelmiddel):
![]() | WAARSCHUWING | Dit symbool geeft aan dat het apparaat gebruik maakt van een brandbaar koelmiddel. Als er koelmiddel lekt en blootgesteld wordt aan een externe ontstekingsbron, bestaat er eventueel brandgevaar. |
![]() | OPGELET | Dit symbool geeft altijd aan dat de bedieningshandleiding zorgvuldig gelezen moet worden. |
![]() | OPGELET | Dit symbool geeft altijd aan dat onderhoudspersoneel deze apparatuur dient te hanteren in overeenstemming met de installatiehandleiding. |
![]() | OPGELET | Dit symbool geeft aan dat er informatie beschikbaar is, bijvoorbeeld de bedieningshandleiding of eventueel de installatiehandleiding. |
- Transport van apparatuur die ontvlambare koelmiddelen bevat Raadpleeg de transportreglementen.
- Markering van apparatuur met borden Raadpleeg de locale wetgeving.
- Verwijdering van apparatuur die ontvlambare koelmiddelen gebruikt Raadpleeg de landelijke wetgeving.
- Het opslaan van apparatuur/apparaten De opslag van de apparatuur moet in overeenstemming zijn met de instructies die door de fabrikant zijn bedacht.
- Opslag van verpakte (onverkochte) apparatuur De bescherming van de opslagverpakking moet zodanig zijn geconstrueerd dat de mechanische schade aan de apparatuur binnen de verpakkingseenheid geen lekkage van koelmiddel veroorzaakt. Het maximale aantal uitrustingen dat samen mag worden opgeslagen wordt bepaald door lokale regelingen.
- Informatie over het plegen van onderhoud.
1) Controles ter plaatse
Voordat er begonnen mag worden met werkzaamheden aan de systemen die ontvlambare koelmiddelen bevatten, zijn veiligheidscontroles nodig om ervoor te kunnen zorgen dat het risico op een ontsteking tot een minimum beperkt wordt. Voor reparatie aan het koelsysteem moeten de volgende voorzorgsmaatregelen vóór de aanvang der werkzaamheden in acht worden genomen.
2) Werkprocedure
Het werk moet uitgevoerd worden volgens een gecontroleerde procedure om het risico van de aanwezigheid van een brandbaar gas of damp tijdens het werk te kunnen minimaliseren.
3) Algemeen werkgebied
Al het onderhoudspersoneel en andere personen die in dezelfde ruimte werken moeten worden geïnstrueerd over het werk dat wordt uitgevoerd. Werken in besloten ruimtes moet worden vermeden. Het gebied rond de werkruimte moet geïsoleerd worden. Zorg ervoor dat het brandbare materiaal wordt gecontroleerd om de veilige omstandigheden in het gebied te verzekeren.
4) Controleer op de aanwezigheid van koelmiddelen
De ruimte moet voorafgaand aan en tijdens het werk worden gecontroleerd met een geschikte koelmiddeldetector om er zeker van te zijn dat de technicus op de hoogte is van mogelijk ontvlambare atmosferen. Zorg ervoor dat de apparaten voor de opsporing van lekken geschikt zijn voor het gebruik met brandbare koelmiddelen, namelijk vonkvrij, volledig afgesloten of intrinsiek veilig.
5) Aanwezigheid van brandblusser
Als er werkzaamheden met hoge temperatuur moeten worden uitgevoerd aan de koelapparatuur of bijbehorende onderdelen, moet geschikte brandblusapparatuur beschikbaar zijn. Zorg voor een droog poeder- of CO₂ -brandblusser naast het oplaad gebied.
6) Geen ontstekingsbronnen
Niemand mag werkzaamheden verrichten op het koelsysteem als daarbij pijpleidingen moeten worden blootgelegd die brandbaar koelmiddel bevatten of hebben bevat en daarbij ontstekingsbronnen op zodanige wijze gebruiken dat er kans is op een explosie of brand. Alle mogelijke ontstekingsbronnen, inclusief het roken van sigaretten, moeten voldoende ver van de plaats van installatie, reparatie, verwijdering en afvoer liggen, waarbij ontvlambaar koelmiddel mogelijk in de omringende ruimte kan terechtkomen. Vóór de aanvang der werkzaamheden moet het gebied rond het apparaat worden gecontroleerd om ervoor te zorgen dat er geen ontvlambare gevaren of ontstekingsrisico's zijn. Er worden geen symbolen verboden te roken getoond.
7) Geventileerde ruimte
Zorg ervoor dat de ruimte in de buitenlucht is of voldoende is geventileerd voordat er aan het systeem gewerkt gaat worden of hete werkzaamheden gaan worden uitgevoerd. Gedurende de werkzaamheden moet de ventilatie voldoende zijn. De ventilatie moet eventueel vrijgegeven koelmiddel veilig verspreiden en het extern bij voorkeur in de atmosfeer uitzetten.
8) Controles aan de koelapparatuur
Wanneer de elektrische componenten worden vervangen, moeten ze voor het doel geschikt zijn en voldoen aan de juiste specificaties. De onderhouds- en servicerichtlijnen van de fabrikant moeten ten allen tijde opgevolgd worden. Raadpleeg bij twijfel altijd de technische afdeling van de fabrikant voor hulp. De volgende controles moeten altijd worden toegepast op installaties die brandbare koelmiddelen gebruiken:
De grootte van de vulling is in overeenstemming met de grootte van de ruimte waarin de koelmiddel houdende onderdelen geïnstalleerd zijn;
De ventilatieapparatuur en uitlaten werken naar behoren en worden ook niet belemmerd;
Als een indirect koelcircuit gebruikt wordt, dan moet het secundaire circuit gecontroleerd worden op de aanwezigheid van koelmiddel; De markering op de apparatuur blijft zichtbaar en ook leesbaar.
Opschriften en tekens die onleesbaar zijn, moeten gecorrigeerd worden;
Koelleiding of -componenten zijn geïnstalleerd op een plaats waar het onwaarschijnlijk is dat ze blootgesteld worden aan een stof die koelmiddel houdende componenten aan kan tasten, tenzij de componenten gemaakt zijn van materialen die inherent bestand zijn tegen roest of die op passende wijze beschermd zijn tegen roest.
9) Controles aan elektrische apparaten
Reparatie en onderhoud aan elektrische componenten moeten initiele controles op de veiligheid en inspectieprocedures voor componenten bevatten. Als er een storing bestaat die de veiligheid in gevaar kan brengen, mag er geen elektrische voeding op het circuit worden aangesloten totdat deze op bevredigende wijze is behandeld. Als de storing niet onmiddellijk kan worden behandeld, maar de apparaten moeten blijven functioneren, moet er een geschikte tijdelijke oplossing worden gebruikt. Dit wordt gemeld aan de eigenaar van het apparaat, zodat alle partijen op de hoogte zijn gesteld De oorspronkelijke veiligheidscontroles omvatten:
De eerste veiligheidsinspecties omvatten het volgende: zijn de condensators ontladen: dit moet op een veilige manier worden gedaan om vonken te voorkomen; zijn er geen elektrische componenten waar spanning op staat en blootliggende bedrading tijdens het laden; het terugwinnen of zuiveren van het systeem; is de aarding nergens onderbroken.
- Reparaties aan de verzegelde componenten
1) Tijdens reparaties aan verzegelde componenten, moeten alle elektrische voedingen losgekoppeld worden van de apparatuur waaraan gewerkt wordt voordat de verzegelde afdekkingen enz. verwijderd worden. Als het absoluut noodzakelijk is om tijdens het onderhoud een elektrische voeding naar de apparatuur te hebben, moet een permanent werkende vorm van lekdetectie moet op het meest kritieke punt worden geplaatst om te waarschuwen voor een mogelijk gevaarlijke situatie. 2) Er moet echter bijzondere aandacht besteed worden aan het volgende om ervoor te zorgen dat door werkzaamheden aan de elektrische componenten de behuizing niet zodanig gewijzigd wordt en dat het beschermingsniveau hierdoor niet beïnvloed wordt. Dit omvat schade aan kabels, overmatig aantal aansluitingen, klemmen die niet volgens de oorspronkelijke specificatie gemaakt zin, schade aan afdichtingen, onjuiste montage van wartels, enz. Zorg er ook voor dat het apparaat stevig gemonteerd is. Zorg ervoor dat afdichtingen of afdichtings materialen niet zodanig verslechterd zijn en dat ze niet langer dienen om het ontsnappen van brandbare atmosferen te kunnen voorkomen. Vervangende onderdelen moeten altijd in overeenstemming zijn met de specificaties van de fabrikant.
OPMERKING: Het gebruik van een afdichting van silicium kan de effectiviteit van sommige apparatuur dat wordt gebruikt om lekken te detecteren verminderen. Intrinsiek veilige componenten hoeven niet te worden geïsoleerd voordat eraan wordt gewerkt.
- Reparatie van de intrinsiek veilige componenten
Pas geen permanente inductieve of capaciteitsbelastingen toe op het circuit zonder ervoor te zorgen dat dit de toegestane spanning en stroom die is toegestaan voor de gebruikte apparatuur overschrijdt. Intrinsiek veilige componenten zijn de enige typen waaraan gewerkt kan worden terwijl ze in aanwezigheid van een brandbare stoffen bestaan. De testapparatuur moet de correcte rating hebben. Vervang onderdelen alleen door dezelfde of equivalente types, aanbevolen door de fabrikant. Andere onderdelen kunnen leiden tot ontbranding van koelmiddel in de atmosfeer door een lek.
- Bekabeling
Controleer of de bekabeling niet onderhevig is aan slijtage, corrosie, overmatige druk, trillingen, scherpe randen of andere nadelige milieueffecten. Bij de controle moet ook rekening worden gehouden met de effecten van veroudering of voortdurende trillingen door bronnen zoals compressoren of ventilatoren.
10. Detectie van brandbare koelmiddelen
In geen geval mogen potentiële ontstekingsbronnen gebruikt worden bij het zoeken naar of detecteren van koelmiddel lekken. Er mag geen gebruik worden gemaakt van een halogenidelamp (of andere detector met een open vlam).
11. Lekdetectiemethoden
De volgende lekdetectiemethoden worden aanvaardbaar geacht voor systemen met ontvlambare koelmiddelen. Elektronische detectoren moeten worden gebruikt om brandbaar koelmiddel te detecteren, maar is misschien niet adequaat of moet misschien opnieuw worden gekalibreerd. (Detectieapparatuur moet worden gekalibreerd in een ruimte die vrij is van koelmiddel.) Zorg ervoor dat de detector geen potentiële ontstekingsbron is en is geschikt voor het koelmiddel dat wordt gebruikt. Lekdetectieapparatuur moet worden ingesteld op een percentage van de LFL van het koelmiddel en moet worden gekalibreerd op het koelmiddel dat wordt gebruikt en het juiste percentage gas (maximaal 25%) wordt bevestigd. Lekdetectievloeistoffen zijn geschikt voor het gebruik met de meeste koelmiddelen, maar het gebruik van reinigingsmiddelen die chloorproducten bevattan moet worden vermeden aangezien het chloor kan reageren met het koelmiddel en de koperen leidingen aantast. Als er een lek vermoed wordt, moet al het open vuur worden verwijderd of gedoofd. Als er een koelmiddel lekkage gevonden wordt waarvoor solderen vereist is, moet al het koelmiddel uit het systeem teruggewonnen worden of eventueel worden geïsoleerd (door middel van afsluiters) dit in het deel van het systeem dat ver van het lek verwijderd is. Zuurstofvrije stikstof (OFN) zal dan zowel voor en tijdens het soldeer proces door het systeem gespoeld worden.
12. Verwijdering
Bij het inschakelen van het koudemiddel circuit voor reparatie of voor enig ander doel moeten conventionele procedures gebruikt worden. Het is echter belangrijk dat de beste praktijken worden gevolgd, aangezien ontvlambaarheid een overweging is. De volgende procedure moet worden gevolgd: Verwijder het koelmiddel; zuiver het circuit met inert gas; leegmaken.
Weer zuiveren met inert gas; open het circuit door middel van zagen of solderen.
Het koelmiddel moet in de juiste opvangbakken worden opgevangen. Het systeem moet altijd worden gespoeld met OFN om het apparaat veilig te maken. Dit proces kan mogelijk meerdere keren herhaald moeten worden. Voor deze taak mag absoluut geen perslucht of zuurstof gebruikt worden. Het spoelen kan worden bereikt door het vacuum in het systeem met OFN te onderbreken en ook door te gaan met vullen tot de werkdruk bereikt is, vervolgens te ontluchten naar de atmosfeer en als laatste het naar een vacuum te trekken. Dit proces wordt net zolang herhaald totdat er geen koelmiddel meer in het systeem aanwezig is. Wanneer de laatste OFN-vulling gebruikt wordt, moet het systeem eerst ontlucht worden tot de atmosferische druk is bereikt dit om het werk mogelijk te kunnen maken.
Deze handeling is absoluut noodzakelijk als er soldeer werkzaamheden aan de leidingen plaats moeten vinden. Zorg ervoor dat de uitlaat voor de vacuum pomp zich niet in de buurt van ontstekings bronnen kan bevinden en dat er ook voldoendeventilatie aanwezig is.
13. Oplaadprocedures
Naast conventionele oplaad procedures moeten de volgende vereisten gevolgd worden. Zorg ervoor dat er geen vervuiling van de verschillende koelmiddelen optreedt bij het gebruik van de vulapparatuur. Slangen of leidingen moeten zo kort mogelijk zijn dit is om de hoeveelheid koelmiddel erin te kunnen minimaliseren. De cilinders moeten rechtop gehouden worden.
Zorg er altijd voor dat het koelsysteem geaard is voordat u het systeem met koelmiddel vult.
Label het systeem wanneer het opladen voltooid is (indien dit niet al gebeurd is).
Men dient er altijd voor te zorgen dat het koelsysteem niet te vol is. Voordat het systeem opnieuw gevuld wordt, moet het onder druk worden getest met OFN. Het systeem moet op lekken getest worden na voltooiing van het vullen, maar vóór inbedrijfstelling. Voordat de locatie verlaten wordt, moet een vervolg lek test uitgevoerd worden.
14. Ontmanteling
Voordat u deze procedure uitvoert, is het essentieel dat de technicus volledig vertrouwd met de apparatuur is en alle details. Het wordt aanbevolen om alle koelmiddelen veilig terug te winnen.
Voordat de taak wordt uitgevoerd, moet een olie- en koelmiddelmonster worden genomen in geval dat de analyse vereist is voordat het teruggewonnen koudemiddel opnieuw wordt gebruikt. Het is essentieel dat er elektrische stroom beschikbaar is voordat de taak wordt uitgevoerd.
a) Leer de apparatuur en de werking ervan kennen; b) isoleer het systeem elektrisch; c) zorg ervoor dat voordat u aan deze procedure begint, er: mechanische apparatuur voor het hanteren beschikbaar is, indien nodig voor het hanteren van de koelmiddelcilinders; dat er persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig zijn, en dat deze correct worden gebruikt; dat het herstelproces ten alle tijden onder toezicht staat van een bevoegd persoon; dat de herstelapparatuur en cilinders voldoen aan de toepasselijke normen; d) pomp het koelmiddelsysteem, indien dat mogelijk is; e) als een vacuum niet mogelijk, dan moet u een spruitstuk maken zodat het koelmiddel uit de verschillende onderdelen van systeem kan worden verwijderd; f) zorg ervoor dat de cilinder zich op de weegschalen bevindt voordat het herstellen plaats gaat vinden; g) start de herstelmachine en gebruik deze in overeenstemming met de instructies van de fabrikant; h) vul de cilinders niet te vol (Niet meer dan 80% van het volume van de vloeibare lading); i) overschrijdt de maximum werkdruk van de cilinder niet, zelfs niet tijdelijk; j) als de cilinders op de juiste wijze zijn gevuld, en het proces is afgerond, dan moet u ervoor zorgen dat de apparatuur direct uit de ruimte wordt verwijderd en dat alle isolatiekleppen op de apparatuur zijn afgesloten; k) Het teruggewonnen koelmiddel mag niet worden gebruikt in een ander koelmiddelsysteem tenzij het is schoongemaakt en geïnspecteerd.
15. Etikettering
De apparatuur moet voorzien worden van een etiket waarop staat dat deze buiten gebruik gesteld is en dat er geen koelmiddel meer in zit. Het etiket moet gedateerd en ondertekend worden. Zorg ervoor dat er etiketten op de apparatuur zijn waarop dat de apparatuur brandbaar koelmiddel bevat staat vermeld.
16. Herstel
Bij het verwijderen van koelmiddel uit een systeem, hetzij voor onderhoud of buiten bedrijfstelling, wordt aanbevolen om het koelmiddel veilig te verwijderen. Zorg ervoor dat alleen geschikte koelm iddelterugwinningscilinders bij het overbrengen van koelmiddel in cilinders worden gebruikt. Zorg ervoor dat het juiste aantal cilinders voor het vasthouden van de totale vulling van het systeem beschikbaar is. Alle te gebruiken cilinders zijn bedoeld voor het teruggewonnen koelmiddel en gelabeld voor dat koelmiddel (d.w.z. speciale cilinders voor het terugwinnen van koelmiddel). Cilinders moeten compleet zijn met een overdrukklep en bijbehorende afsluiters in goede staat. Lege opvangcilinders worden leeggepompt en, indien mogelijk, gekoeld voordat het herstel plaatsvindt. De terugwinningsapparatuur moet in goede staat staan met een set instructies met betrekking tot de apparatuur die voorhanden is en moet geschikt zijn voor het terugwinnen van brandbare koelmiddelen. Bovendien moet een set gekalibreerde weegschalen beschikbaar en in goede staat zijn. Slangen moeten compleet zijn met lekvrije ontkoppelingskoppelingen en in goede staat verkeren. Controleer voordat u de terugwinningsmachine gebruikt of deze in goede staat verkeert, goed is onderhouden en of alle bijbehorende elektrische componenten zijn afgedicht om ontsteking te voorkomen in het geval dat er koelmiddel vrijkomt. Raadpleeg bij twijfel de fabrikant. Het teruggewonnen koudemiddel wordt teruggestuurd naar de koudemiddelleverancier in de juiste recuperatiecilinder, en de relevante afvaloverdrachtsbrief wordt geregeld. Meng geen koelmiddelen in het terugwinningsaparaat en zeker niet in cilinders. Als compressoren of compressoroliën moeten worden verwijderd, zorg er dan voor dat ze tot een aanvaardbaar niveau zijn afgevoerd om er zeker van te zijn dat er geen brandbaar koelmiddel in het smeermiddel achterblijft. Het evacuatieproces moet worden uitgevoerd voordat de compressor aan de leveranciers wordt geretourneerd. Alleen elektrische verwarming van het compressorlichaam mag worden gebruikt om dit proces te versnellen. Wanneer er olie uit een systeem wordt afgetapt, moet dit op een veilige manier uitgevoerd worden.
Voorbereiding
Identificatie van de onderdelen
OPMERKING:
Alle illustraties in deze gebruiksaanwijzing zijn er alleen ter demonstratie. Uw machine kan ietwat afwijken. De daadwerkelijke vorm heeft voorrang. De eenheid kan worden gebruikt door middel van het bedieningspaneel of de afstandsbediening. Deze gebruiksaanwijzing bevat niet de bediening van de afstandsbediening, Raadpleeg daarvoor de "Afstandsbediening Instructie" die bij het toestel is geleverd voor meer informatie.

Mededeling wat betreft het ontwerp.
Om de optimale prestaties van onze producten te kunnen garanderen, kunnen de ontwerp specificaties van het apparaat zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Positionering van de unit

text_image
40 cm of meer 20 cm of meer 20 cm of meer 40 cm of meer 20 cm of meerZwenkwielen (bevinden zich op vier punten aan de onderkant van het apparaat)
- De zwenkwieltjes kunnen vrij bewegen.
- Forceer de zwenkwieltjes niet over tapijt, en verplaats de eenheid ook niet als er water in de bak zit.
(Het apparaat kan eventueel kantelen en water morsen.)
Een lucht ontvochtiger die in een kelder werkt, heeft weinig of geen effect bij het drogen van een aangrenzende afgesloten opslagruimte, zoals bijvoorbeeld een kast, tenzij er voldoende luchtcirculatie in en uit de ruimte komt.
- Gebruik het apparaat niet buiten.
- Deze luchtontvochtiger is alleen bedoeld voor woonruimtes. Deze lucht ontvochtiger mag echter niet worden gebruikt voor commerciële of industriële toepassingen.
- Plaats de luchtontvochtiger op een vlakke en horizontale vloer dat sterk genoeg is om de eenheid met een volle bak met water te kunnen dragen.
- Laat ten minste 20 cm aan ruimte over rondom de eenheid voor een goede luchtcirculatie (ten minste 40 cm aan ruimte bij de luchtuitlaat).
- Plaats de luchtontvochtiger op een vlakke en horizontale vloer dat sterk genoeg is om de eenheid met een volle bak met water te kunnen dragen.
- Laat ten minste 20 cm aan ruimte over rondom de eenheid voor een goede luchtcirculatie (ten minste 40 cm aan ruimte bij de luchtuitlaat).
- Plaats de eenheid in een ruimte waar de temperatuur niet onder de 5°C (41°F) daalt. Op de spoelen kan een laag vorst ontstaan als de temperatuur tot onder de 5°C (41°F) daalt. Hierdoor zal het apparaat minder goed functioneren.
-
Plaats de eenheid uit de buurt van een droger, kachel of radiator.
-
Gebruik de eenheid in een ruimte waar boeken of waardevolle spullen worden opgeborgen zodat schade als gevolg van vocht wordt voorkomen.
- Gebruik de luchtontvochtiger in een kelder om schade door vocht te voorkomen.
- De luchtontvochtiger moet in een afgesloten ruimte worden gebruikt om heel effectief te zijn.
- Sluit alle deuren, ramen en andere openingen naar buiten toe.
Bij het gebruik van dit apparaat
- Als de luchtontvochtiger voor het eerst wordt gebruikt, dan moet de eenheid de eerste 24 uur continu zijn ingeschakeld. Zorg ervoor dat het plastic deksel op de doorlopen van de afvoer van deze afvoerslang stevig vastzit, zodat er geen lekken kunnen ontstaan.
- De apparaat is ontworpen om te werken in een omgeving met een temperatuur die tussen de 5°C/41°F en 32°C/90°F ligt, en een vochtigheidsgraad die tussen de 30% en 80% ligt.
- Als de eenheid is uitgeschakeld, en weer snel moet worden ingeschakeld, dan heeft het ongeveer 3 minuten nodig om weer correct te kunnen functioneren.
- Sluit de luchtontvochtiger niet aan op een wandcontactdoos met meerdere uitgangen die ook door andere elektrische apparaten worden gebruikt.
- Kies een geschikte locatie, en let erop dat u makkelijk toegang hebt tot een wandcontactdoos.
- Sluit de eenheid aan op een geaarde wandcontactdoos.
- Zorg ervoor dat de waterbak correct is aangesloten, anders zal de eenheid niet correct functioneren.
OPMERKING: als het water in de bak een bepaald peil bereikt, wees dan voorzichtig bij het verplaatsen van het apparaat zodat het niet omvalt.
Gebruiksaanwijzing
Functies bedieningspaneel
OPMERKING: De volgende bedieningspanelen zijn er alleen om uitleg te geven. Het bedieningspaneel van de door u gekochte eenheid kan ietwat afwijken van de modellen. Op uw machine ontbreken misschien enkele indicatoren of knoppen. De daadwerkelijke vorm heeft voorrang. Wanneer u op deze knop drukt om de bedieningsmodus te kunnen wijzigen, zal het apparaat een pieptoon maken, dit om aan te geven dat het van modus verandert.
Bedieningspaneel A1(DF7) Bedieningspaneel B1(DF/DF3/DF5)

text_image
Timer Set Cont, SMD Dryer Full Low Med High Filter Fresh reset filter(3) fresh(3)
text_image
FRESH TIMER FAN High Low Med Full Dryer Cont, SMD MODE POWERBedieningspaneel A2(DF7) Bedieningspaneel B2(DF/DF3/DF5)

text_image
Timer Set Cont. SMD Dryer Full Low Med High Filter Fresh reset filter(S) fresh(S) connect(S)
text_image
FRESH (Tress 3x) TIMER High Low Med Fan - Full Dryer Cont, SMD MODE POWERBedieningspaneel A3(DF7) Bedieningspaneel B3(DF/DF3/DF5)

text_image
Timer Set Cont SMD Dryer Full Low Med High Filter reset filter(30)
text_image
High Low Med Timer FAN - Full Dryer Cont. SMD + MODE POWERBedieningspaneel C(DG) Bedieningspaneel B4(DF2)

text_image
High Low Med Water Full Dryer Cont. SMD Timer Fan — + Mode Power
text_image
PURE TURBO TIMER 8.8°C +°C - MODE POWERBedieningspaneel B5(DF2)

text_image
PURE TURBO TIMER 8.8°C - +°C MODE (3 seconds) POWER| Indicator Functie Indicator Functie | |||
| ∅ | Lampje luchtreiniger Lampje Timer ON (Timer AAN) | ||
| ⊗ | Lampje antischimmel Lampje Timer OFF (Timer UNIT) | ||
| ✕ | Lampje lage ventilatorsnelheid Lampje ontvochtigen | ||
| ✕ | Lampje middelmatige ventilatorsnelheid Lampje drogen | ||
| ✕✕ | Lampje hoge ventilatorsnelheid Lampje Onafgekoken ontvochtigen | ||
| θ | Lampje waterbak vol Lampje Slim ontvochtigen | ||
Opmerking: Druk op een knop (behalve de aan-/uitknop) en de lampjes gaan branden als deze uit waren. Druk op de knop om de gewenste functie te bedienen. (Voor het bedieningspaneel van de B4 en B5)
Vermogen / ON (Aan) / OFF (UNIT) knop

Druk hierop om de lucht ontvochtiger in en uit te kunnen schakelen.
Opmerking: Wanneer de compressor start of stopt met werken, kan het apparaat een luid geluid maken, dit is echter normaal.
Mode (Modus) knop


Druk op de gewenste bedieningsmodus voor Ontvochtigen, Drogen, Onafgebroken ontvochtigen, en slim ontvochtigen.
Opmerking: De modussen Drogen en Slim ontvochtigen zijn optioneel.
FAN (VENTILATOR) knop Fan
Regel de ventilatorsnelheid Druk op de knop om de ventilatorsnelheid in drie stappen te kunnen selecteren: LOW, MED en HIGH. De indicator voor de snelheid van de ventilator gaat branden onder de verschillende snelheidsinstellingen.
Opmerking: als de hoge ventilatorsnelheid wordt ingesteld, dan zullen de lampje voor de lage en middelmatige ventilatorsnelheden gaan branden (niet van toepassing op de bedieningspanelen van de A1, A2, en A3).
Timer knop Timer
Indrukken om het Automatisch starten en stoppen te activeren; gebruik dit in combinatie met de + / ∧ en - / √knoppen.
Swing (Zwenken) knop (sommige eenheden)

Druk op deze knop om de bladen automatisch te laten zwenken. Druk er nogmaals op om te stoppen.
OPMERKING: Houd deze knop ( ) 3 seconden ingedrukt om het ioniseren en de UV-lamp (indien daarmee uitgerust) te activeren. Deze functie zal helpen de lucht binnen te zuiveren. Druk er nogmaals op om te stoppen.
Fresh (Verfrissen) knop (sommige eenheden)

Indrukken om het ioniseren in te schakelen. De ion-generator wordt actief en zal helpen de lucht binnen te zuiveren. Druk er nogmaals op om de functie uit te schakelen.
UP (OMHOOG) (+/^)/DOWN (OMLAAG) (-/↓) knoppen
- Humidity Set Control (Vochtigheidsinstelling Controle) knop
De vochtigheidsgraad kan worden ingesteld binnen het bereik van 35% tot 85% aan relatieve luchtvochtigheid in stappen van 5%. Druk op OMLAAG en stel een lager percentage in (%) voor drogere lucht.
Druk op OMHOOG en stel een hoger percentage in (%) voor lucht met meer vocht.
- TIMER Set Control (Timerinstelling Controle) knop
Gebruik UP/DOWN (OMHOOG/OMLAAG) om het tijdstippen van het automatisch starten en stoppen in te stellen vanaf 0.0 tot 24.
Opmerking: Houd (+) 3 seconden lang ingedrukt en de kamertemperatuur zal ongeveer 10 seconden lang worden weergegeven (voor het bedieningspaneel van de B4).
Reset Filter (Filter resetten) knop (op sommige eenheden) reset filter(3s)
Houd deze knop 3 seconden ingedrukt, en het lampje voor de "Filter" gaat uit.
Pure/Anti-mould (Zuiveren/Anti-schimmel) knop (sommige eenheden).
Druk op deze knop om de luchtreiniger te selecteren die gebruik maakt van de meegeleverde HEPA-filter (High Efficiency Particulate Air) om het gehalte aan stof, bacteriën en allergenen in de ruimte te reduceren.
Houd de knop 3 seconden lang ingedrukt om de anti-schimmelfunctie in te schakelen. Houd deze knop nog een keer 3 seconden lang ingedrukt om de anti-schimmelfunctie uit te schakelen en de eenheid te laten terugkeren naar de vorige toestand.
Wireless connect (Draadloze aansluiting) knop (sommige
eenheden)




Houd deze knop 3 seconden lang ingedrukt voor de modus van de draadloze aansluiting. Op het LED-DISPLAY verschijnt "AP" (op dat moment schakelt de eenheid alle andere functies uit) om aan te geven dat u de draadloze verbinding kunt instellen. Als de (router)verbinding binnen 8 minuten is gelukt dan zal de eenheid de Draadloze verbindingsmodus automatisch verlaten en gaat Draadloos branden en zal de eenheid terugkeren naar de vorige functie. Als de verbinding binnen 8 minuten verbreekt dan verlaat het apparaat automatisch de Draadloze verbinding modus.
Turbo knop (sommige eenheden)

Regel de snelheid van de ventilator. Indrukken om de snelheid van de ventilator in te stellen in drie stappen: Laag, Middelmatig en Hoog. De indicator voor de snelheid van de ventilator gaat branden onder de verschillende snelheidsinstellingen. Als de hoge ventilatorsnelheid wordt ingesteld, dan zullen de lampje voor de lage en middelmatige ventilatorsnelheden gaan branden.
Opmerking: De knop Turbo wordt uitgeschakeld in de modus Drogen, Zelfreinigen, Ontvochtigen of Antischimmel. Houd de Turbo langer dan 3 seconden ingedrukt om het zelfreinigen in te schakelen, en op het LED-DISPLAY verschijnt 5 seconden lang "SC" als de eenheid is ingeschakeld. Houd deze knop nog een keer 3 seconden lang ingedrukt om het zelfreinigen uit te schakelen. Op het LED-DISPLAY gaat "SC" 5 seconden lang knipperen.
Display venster
Op het display verschijnt tijdens het instellen de ingestelde vochtigheidsgraad (35% - 85%) of het tijdstip van het automatisch starten of stoppen (0-24); daarna de daadwerkelijke vochtigheidsgraad van de ruimte (+/- 5%) in het bereik van 30% tot 90%.
Foutcodes:
ES/- Fout bij de temperatuursensor van de verdamperspoel
EH61 -- haal de stekker uit de wandcontactdoos en doe deze er weer in. Neem contact op met de klantendienst als de foutmelding weer terugkomt.
AS/- Fout bij de temperatuursensor van de kamer -- haal EH60 de stekker uit de wandcontactdoos en doe deze er weer in. Neem contact op met de klantendienst als de foutmelding weer terugkomt.
P2- De bak is vol of staat niet recht -- leeg de bak of plaats het weer rechtop.
E4/- Communicatiefout bij het display-paneel -- haal de stekker uit de wandcontactdoos en doe deze er weer in. Neem contact op met de klantendienst als de foutmelding weer terugkomt. (Op sommige modellen.)
P1 - de eenheid is aan het ontdooien -- geef de eenheid de tijd om automatisch onderhoud te plegen. Deze bescherming zal worden opgeheven als de eenheid klaar is met ontdooien. (Op sommige modellen.)

EH00- interne EEPROM-fout - haal de stekker uit de wandcontactdoos en doe deze er weer in. Neem contact op met de klantendienst als de foutmelding weer terugkomt. (Op sommige modellen.)
Overige functies
Lampje waterbak vol
Gaat branden als de bak geleegd kan worden, of als de bak eruit wordt gehaald of niet rechtop staat.
Wanneer forst zich ophoopt op de verdamper spiralen, schakelt de compressor zichzelf automatisch uit en blijft de ventilator door draaien totdat de vorst is verdwenen.
Opmerking: Bij het automatisch ontdooien kan het apparaat een geluid maken doordat koelmiddel stroomt, dit is echter normaal.
De ontvochtiger gaat uit als de bak vol is, eruit wordt gehaald of niet rechtop staat. Bij sommige modellen blijft de ventilatormotor nog voor 30 seconden door draaien.
Als de eenheid onverwacht wordt uitgeschakeld vanwege een stroomuitval, dan zal het automatisch in de vorige instellingen starten als er weer stroom is.
De Timer instellen (met 1 indicatorlampje)
- Indrukken om het Automatisch starten en stoppen te activeren; gebruik dit in combinatie met de knoppen UP (OMHOOG) en DOWN (OMLAAG).
- Druk op Timer (Timer) om het automatisch stoppen in te schakelen als de eenheid is ingeschakeld.
- Druk op deze knop om het automatisch starten in te schakelen als de eenheid is uitgeschakeld.
- Houd UP (OMHOOG) of DOWN (OMLAAG) ingedrukt om de automatische tijd met stappen van een half uur, tot maximaal 10 uur, te veranderen, en daarna met stappen van 1 uur tot maximaal 24 uur. De bediening zal de resterende tijd aftellen tot het moment van starten.
- De geselecteerde tijd zal in 5 seconden worden geregistreerd en het systeem zal automatisch terugkeren naar de vorige vochtigheidsinstelling.
- Het Aan-Uit schakelen van de eenheid of het instellen van de timer op 0.0 zal het Automatisch Starten/Stoppen annuleren.
- Als op het LED display de code P2 verschijnt, dan zal het automatisch stoppen en starten eveneens worden uitgeschakeld.
De Timer instellen (met 2 indicatorlampjes)
- Druk op Timer en het indicatorlampje van de Timer uit gaat branden, als de eenheid is ingeschakeld.
Dit geeft aan dat het automatische stopprogramma is ingeschakeld. Druk er nogmaals op en het indicatorlampje van de Timer Aan gaat branden. Dit geeft aan dat het Automatische Starten is ingeschakeld.
- Druk op Timer (Timer) en het indicatorlampje van de Timer aan gaat branden, als de eenheid is uitgeschakeld. Dit geeft aan dat het automatische startprogramma is ingeschakeld.
Druk er nogmaals op en het indicatorlampje van de Timer Uit gaat branden. Dit geeft aan dat het Automatische Stoppen is ingeschakeld.
- Houd UP (OMHOOG) of DOWN (OMLAAG) ingedrukt om de automatische tijd met stappen van een half uur, tot maximaal 10 uur, te veranderen, en daarna met stappen van 1 uur tot maximaal 24 uur. De bediening zal de resterende tijd aftellen tot het moment van starten.
- De geselecteerde tijd zal in 5 seconden worden geregistreerd en het systeem zal automatisch terugkeren naar de vorige vochtigheidsinstelling.
- Als de tijdstippen van het Automatische starten en Automatische stoppen zijn ingesteld, dan zullen, binnen de sequentie van het programma, de indicatorlampjes de Timer Aan en Uit gaan branden om Aan te geven dat de beide tijdstippen zijn ingesteld.
- Het Aan-Uit schakelen van de eenheid of het instellen van de timer op 0.0 zal het Automatisch Starten/Stoppen annuleren.
- Als op het LED display de code P2 verschijnt, dan zal het automatisch stoppen en starten eveneens worden uitgeschakeld.
Zelfreinigen (op sommige eenheden)
Houd de Turbo 3 seconden ingedrukt om deze functie in te schakelen. Deze functie begint zodra de eenheid wordt uitgeschakeld, en duurt 15 minuten onder de hoge ventilatorsnelheid.
Slim ontvochtigen (op bepaalde modellen)
De eenheid zal in de slimme ontvochtigingsmodus automatisch de vochtigheidsgraad van de kamer comfortabel tussen de 45%\~55% houden, al naargelang de kamertemperatuur.
De functie voor het instellen van de vochtigheid is helaas ongeldig.
Melding voor het schoonmaken van de luchtfilter (op sommige eenheden).
Na 250 draaiuren zal het indicatorlampje van de "Filter" gaan branden. Dit is er om u eraan te herinneren dat u uw filter moet schoonmaken. Houd de knop van de ventilatorsnelheid 3 seconden ingedrukt, en het lampje voor de "Filter" gaat uit om de herinnering te resetten.
Wacht eerst 3 minuten voordat u de operatie weer hervat
Nadat de eenheid werd uitgeschakeld kan het de eerste 3 minuten niet opnieuw worden gestart. Dit is om de eenheid te beschermen. Na 3 minuten zal het apparaat automatisch weer gaan werken.
Anti-mould (Anti-schimmel) functie (op sommige modellen)
Houd Zuiveren 3 seconden ingedrukt om deze functie in te schakelen. Dit is voor het maximaliseren van het comfort van de mensen in de kamer en het reduceren van de groei van schimmel en bacteriën. Houd Zuiveren 3 seconden lang ingedrukt of selecteer een bedieningsmodus met Modus om de functie uit te schakelen.
De lucht reinigen
(van toepassing op het bedieningspaneel van de B4 en B5)
Deze functie reduceert het gehalte aan stof, bacteriën en allergenen in de kamer significant, en gebruikt hiervoor een HEPA-filter (High Efficiency Particulate Air) die bij de eenheid wordt geleverd.
Druk op Zuiveren om de functie voor het reinigen van de lucht in te schakelen. Alle andere modussen en speciale functies worden uitgeschakeld terwijl dit bezig is. Let erop dat u de HEPA-filter hebt bevestigd zoals aangegeven in
Afb. A.
HEPA-filter (van toepassing op het bedieningspaneel van de A1, A2 en A3).
- Installeer de HEPA-filter (High Efficiency Particulate Air) om het gehalte aan stof en allergenen in de kamer te re

text_image
H27A-fiber Rosener Uchinlaut Afb. ADit kan leiden tot een te lage capaciteit voor het ontvochtigen als gevolg van het feit dat er minder lucht wordt ingenomen. Schakel het HEPA-filter uit om het normale ontvochtigen te herstellen.
- Let erop dat u de HEPA-filter hebt bevestigd zoals aangegeven in Afb. A.
Dryer modus (alleen op sommige modellen)
Het apparaat kan de MAX-ontvochtiging functie uitvoeren in de Dryer modus is. De ventilator snelheid is vast ingesteld op een hoge ventilator snelheid.
Voor sommige modellen geld dat de eenheid het drogen zal uitschakelen na maximaal 10 uur te hebben gedraaid.
Opmerking:
- Het drogen moet worden uitgevoerd in een afgesloten kamer, dus geen open deuren en/of ramen.
- Maak eerst natte kleding droog zodat het ontvochtigen het meest effectief is.
- Richt de luchtstroom op de natte kleding.
- In geval van dikke of zware natte kleding wordt misschien niet het beste resultaat qua ontvochtigen bereikt.

text_image
Natte kleding 30~50cm luchtstroom 30 ~ 50 cm Zorg voor een veilige afstand van 30 ~ 50 cm tot de natte kleding aan de boven- enHet verzamelde water verwijderen
Er zijn twee manieren om verzameld water te kunnen verwijderen.
-
Gebruik altijd de emmer
-
De eenheid zal 8 keer (op sommige modellen) een beepgeluid laten horen en het indicatorlampje voor de Volle bak zal gaan knipperen als de eenheid uit is en de bak vol.
- Voor sommige modellen geldt dat de compressor zal uitgaan en de ventilator na 30 seconden om de condensator te drogen als de eenheid is ingeschakeld en de bak vol is; de eenheid zal 8 keer een beepgeluid laten horen en het indicatorlampje voor de Volle bak zal gaan knipperen.
- Trek de bak er langzaam uit. Pak de linker-en rechterhandgrepen stevig vast, en trek de waterbak er voorzichtig uit zodat er geen water wordt gemorst. Plaats de waterbak NIET op de grond omdat de bodem van de waterbak ongelijk is. Anders kan de waterbak vallen en wordt er water gemorst.
- Giet het water weg via de uitlaat, en plaats de waterbak weer terug. Het bak moet op zijn plek zitten en goed zijn vastgemaakt om de luchtontvochtiger goed te laten functioneren.
-
De eenheid zal opnieuw gaan starten als de bak weer in de juiste positie wordt teruggeplaatst.
-
Trek de bak er ietwat uit.

- Houd beide zijkanten van de waterbak gelijkmatig vast, en trek het uit de eenheid.

- Schenk het water eruit.
Opmerking:
- Raak geen onderdelen in de eenheid aan als u de bak eruit verwijderd. De eenheid kan anders beschadigd raken.
- Duw de waterbak zachtjes helemaal in de eenheid. De bak tegen iets aan slaan of het er niet goed in duwen kan ertoe leiden dat de eenheid niet goed functioneert.
-
U moet de eenheid droogmaken als er wat water in zit als u de waterbak eruit haalt.
-
Continu afvoeren
-
Het water kan ook automatisch worden afgevoerd via een afvoer in de vloer door de eenheid daarop aan te sluiten met een waterslang (niet meegeleverd).
- Haal de rubberen plug eruit of snijd de afdekking weg van de slanguitlaat aan de achterzijde. Sluit een afvoerslang aan en leid deze daarna naar de afvoer in de vloer of een andere geschikte afvoer.
- Let erop dat de slang stevig vastzit en dat er geen lekkages zijn.
- Richt de slang op de afvoer en zorg ervoor dat er geen knikken zijn die het stromen van water tegen kunnen houden.
- Doe het uiteinde van de slang in de afvoer en zorg ervoor dat het uiteinde van de slang horizontaal staat of naar beneden wijst om het water vloeiend te laten wegstromen. Laat het nooit open.
- Zorg ervoor dat de waterslang lager zit dan de afvoerslang.
- Stel de gewenste vochtigheidsgraad en de snelheid van de ventilator in om het onafgebroken afvoeren te starten.
Opmerking: Ontkoppel de slang van de uitlaat en plaats de rubberen plug er weer op als het onafgebroken afvoeren niet wordt gebruikt.

text_image
Verwijder de rubberen plugSluit de slang aan op de uitlaat van de afvoerslang.
Zorg en Onderhoud
Verzorging en reiniging van de lucht ontvochtiger
Schakel de lucht ontvochtiger uit en haal ook altijd de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat schoonmaakt.
Maak het rooster en de behuizing goed schoon
- Gebruik water en een zacht schoonmaakmiddel. Gebruik geen bleekmidden ook geen schuurmiddelen.
- Spat geen water in de richting van de hoofdeenheid. Als u dit toch doet, dan kan er een elektrische schok ontstaan, de kwaliteit van het isolatiemateriaal verminderen, en er kan roest vormen op de eenheid.
- De luchtlinlaat en uitlaatroosters kunnen makkelijk vuil raken; gebruik dus een stofzuiger of borstel om deze schoon te maken.
Maak de emmer altijd goed schoon
Reinig de emmer om de paar weken om de groei van schimmel, meeldauw en bacteriën te kunnen voorkomen. Vul de emmer gedeeltelijk met schoon water en voeg dan een klein beetje mild afwasmiddel toe. Spoel het rond in de emmer, maak het daarna leeg en spoel het dan uit.
Opmerking: Gebruik echter nooit een vaatwasser om de emmer schoon te kunnen maken. Na het reinigen moet de emmer op zijn plaats zitten en ook stevig vastzitten om de lucht ontvochtiger weer te kunnen laten werken.
Maak het luchtfilter altijd goed schoon
De luchtfilter achter het rooster aan de voorkant dient ten minste één keer per twee weken of vaker te worden schoongemaakt als dat nodig is.
OPMERKING: SPOEL DE FILTER NIET EN PLAATS HET OOK NIET IN EEN VAATWASSER.
Verwijderen:
- Pak het lipje op de filter vast en trek deze omhoog en daarna naar buiten.
- Maak de filter schoon met warm water met een sopje. Spoel het filter goed af en laat het eerst goed drogen voordat u het terugplaatst. Reinig het filter nooit in de vaatwasser.
- Maak de HEPA-filter schoon met een stofzuiger of borstel. Vervang de HEPA-filter als deze is beschadigd of niet goed kan filteren.
Vastmaken:
- Steek de filter in de eenheid van onderaf naar boven.

OPGELET
Gebruik de luchtontvochtiger NIET zonder deze filter omdat vuil en pluizen het zullen verstoppen en de prestaties ervan zullen doen afnemen.

Model A Model B Model C
Notitie: De behuizing en de voorkant van het apparaat kunnen afgestoft worden met een olievrije doek of gewassen worden met een doek die bevochtigd is met een oplossing van warm water en een mild vloeibaar afwasmiddel. Grondig afspelen en droog vegen. Maak nooit gebruik van harde schoonmaakmiddelen, was of polijstmiddelen op de voorzijde van de kast. Wring het te veel aan water uit de doek voordat u het gaat gebruiken rondom de knoppen. Te veel water in of rondom de knoppen kan schade bij de eenheid veroorzaken.
Als u het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt heeft.
- Wacht een dag voordat u de waterbak leegt nadat u de eenheid hebt uitgeschakeld.
- Maak de hoofdeenheid, de waterbak en de luchtfilter schoon.
- Dek de eenheid af met een plastic zak.
- Berg de eenheid rechtop op in een droge en goed geventileerde ruimte.
Tips voor het oplossen van Problemen
Bekijk eerst het onderstaande diagram voordat u een onderhoudsmonteur erbij gaat halen.
| Probleem Wat u moet controleren | |
| Het apparaat start niet op. | Controleer of de stekker van de luchtontvochtiger helemaal in de wandcontactdoos zit.Controleer de behuizing van de zekering/differentiëelschakelaar.De luchtontvochtiger heeft een vooringesteld niveau bereikt of de bak is vol.De waterbak is niet goed geïnstalleerd. |
| De lucht ontvochtiger droogt de lucht niet zoals het zou moeten. | Te weinig tijd gegeven om het vocht te verwijderen.Zorg ervoor dat er geen gordijnen, luxaflexen, of meubelstukken de voor- of achterzijde van de luchtontvochtiger blokkeren.De vochtigheidsgraad is misschien niet laag genoeg ingesteld.Controleer of alle deuren, ramen en andere openingen goed zijn afgesloten.De kamertemperatuur is te laag, lager dan 5°C/41°F.Er bevindt zich een kachel die op kerosine werkt of een ander apparaat dat waterdamp creëert in dezelfde ruimte. |
| Het apparaat maakt tijdens het gebruik een hard geluid. | De luchtfilter is verstopt.De eenheid is gekanteld en staat niet rechtop zoals het moet.Het vloeroppervlak is niet waterpas. |
| Frost verschijnt op de spoelen | Dit is normaal. De lucht ontvochtiger heeft ook een automatische ontdooifunctie. |
| Water op de vloer | De slang of de aansluiting daarvan zit misschien los.Het was de bedoeling de bak te gebruiken om het water op te vangen, maar de afvoerplug aan de achterzijde is eruit gehaald. |
| Op het display verschijnt ES, AS, E4, P1 of P2 | Dit zijn fout- en beschermingscodes: Zie het gedeelte BEDIENINGSELEMENTEN OP DE ONTVOCHTIGER. |
Het ontwerp en de specificaties kunnen ter verbetering van het product gewijzigd worden zonder voorafgaande mededeling. Neem contact op met de verkoopvertegenwoordiger of fabrikant voor informatie. Updates van de gebruiksaanwijzing zullen worden geüpload naar de onderhoudswebsite; raadpleeg deze website voor de nieuwste versie.




