DUA301Z - Zaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DUA301Z MAKITA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DUA301Z MAKITA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DUA301Z - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DUA301Z van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING DUA301Z MAKITA
| Model: DUA301 | ||
| Totale lengte (zonder zaagblad) 2.530 - 3.760 mm | ||
| Nominale spanning 36 V gelijkspanning | ||
| Nettogewicht *1 7,8 kg | ||
| *2 7,8 - 8,5 kg | ||
| Standaard zaagbladlengte 300 mm | ||
| Aanbevolen zaagbladlengte met | 90PX 250 - 300 mm | |
| met 91PX 250 - 300 mm | ||
| Toepasselijk type zaagketting(raadpleeg de onderstaande tabel) | 90PX91PX | |
| Standaard kettingwiel Aantal tanden 6 | ||
| Kettingsnelheid 0 - 20 m/s | (0 - 1.200 m/min) | |
| Volume kettingolietank 160 cm | ^3 | |
- In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons het recht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
• De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
*1: Gewicht, met de grootste accu en een lege olietank, en zonder zaagblad, zaagketting en schouderdraagstel, volgens EN ISO11680-1.
*2: De lichtste en zwaarste combinatie in gewicht volgens de EPTA-procedure 01/2014. Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken, waaronder de accu.
Toepasselijke accu's en laders
| Accu | BL1820B / BL1830B / BL1840B / BL1850B / BL1860B |
| Lader | DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH |
- Sommige van de hierboven vermelde accu's en laders zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu's en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik eenige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand.
Aanbevolen draagbare voedingseenheid
| Draagbare voedingseenheid | PDC01 / PDC1200 |
• De hierboven vermelde draagbare voedingseenhe(i)d(en) is/zijn mogelijk niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.
- Alvorens de draagbare voedingseenheid te gebruiken, leest u de instructies en waarschuwingsopschriften op de draagbare voedingseenheid.
Combinatie van zaagketting, zaagblad en kettingwiel
| Type zaagketting | 90PX | |
| Aantal kettingschakels | 46 | |
| Zaagblad | Lengte zaagblad | 300 mm |
| Zaaglengte | 296 mm | |
| Steek 3/8" | ||
| Maat | 1,1 mm | |
| Type | Tandwielzaagblad | |
| Kettingwiel | Aantal tanden 6 | |
| Steek 3/8" | ||
| Type zaagketting 91PX | ||
| Aantal kettingschakels 46 | ||
| Zaagblad Lengte zaagblad 300 mm | ||
| Zaaglengte 296 mm | ||
| Steek 3/8" | ||
| Maat 1,3 mm | ||
| Type Tandwielzaagblad | ||
| Kettingwiel Aantal tanden 6 | ||
| Steek 3/8" | ||
A WAARSCHUWING: Gebruik de juiste combinatie van zaagblad en zaagketting. Anders loopt u de kans op lichamelijk letsel.
Symbolen
Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken.












Stel niet bloot aan vocht.
Lees de gebruiksaanwijzing.
Draag een veiligheidshelm, veiligheidsbril en gehoorbescherming.
Draag veiligheidshandschoenen.
Draag stevige schoenen met antislipzolen. Veiligheidsschoenen met stalen neuzen worden aanbevolen.
Let goed op elektriciteitskabels: gevaar van elektrische schok.
Houd minstens 15 meter afstand.
Maximaal toegestane zaaglengte
Draairichting van de ketting
Kettingolietank
Hete delen - brandgevaar voor vingers en handen.
Alleen voor EU-landen Als gevolg van de aanwezigheid van schadelijke componenten in het apparaat, kunnen oude elektrische en elektronische apparaten, accu's en batterijen negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de gezondheid van mensen. Gooi elektrische en elektronische apparaten en accu's niet met het huisvuil weg! In overeenstemming met de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en inzake accu's en batterijen en oude accu's en batterijen, alsmede de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dienen oude elektrische apparaten, accu's en batterijen gescheiden te worden opgeslagen en te worden ingeleverd bij een apart inzamelingspunt voor huishoudelijk afval dat de milieubeschermingsvoorschriften in acht neemt. Dit wordt op het apparaat aangegeven door het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer.

Gegarandeerd geluidsvermogenniveau conform EU-richtlijn inzake geluidsemissie buitenhuis.

Geluidsvermogenniveau conform de Regelgeving Geluidsregeling van NSW, Australië
Gebruiksdoeleinden
Het gereedschap is bedoeld voor het snoeien van kleine en grote takken.
Geluidsniveau
De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens ISO22868(ISO11680-1):
Geluidsdrukniveau (LpA): 92 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (LWA): 103 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.
⚠ WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
⚠ WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
Trilling
| Linkerhandgreep (voorhandgreep) Rechterhandgreep (achterhandgreep) Toepasselijke norm | ||||
| ah (m/s2) Onzekerheid K (m/s2) ah (m/s2) Onzekerheid K (m/s2) | ||||
| 2,5 of minder 1,5 2,8 | 1,5 ISO22867(ISO11680-1) | |||
OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.
WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
A WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
EG-verklaring van conformiteit
Alleen voor Europese landen
De EG-verklaring van conformiteit is bijgevoegd als Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap
⚠ WAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onderstaande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).
Veiligheidswaarschuwingen voor een telescopische accustoksnoeizaag
Algemene voorzorgsmaatregelen
- Lees alvorens het gereedschap te starten deze gebruiksaanwijzing om u bekend te maken met de juiste manier van omgaan met het gereedschap.
-
Leen het gereedschap niet uit aan een persoon met onvoldoende ervaring met of kennis van het omgaan met gereedschap.
-
Wanneer u het gereedschap uitleent, geeft u altijd deze gebruiksaanwijzing erbij.
- Sta niet toe dat kinderen of jonge mensen onder de 18 jaar het gereedschap gebruiken. Houd hen uit de buurt van het gereedschap.
- Hanteer het gereedschap met de hoogstmogelijke zorg en aandacht.
- Gebruik het gereedschap nooit na het gebruik van alcohol of drugs, of wanneer u zich moe of ziek voelt.
- Probeer nooit het gereedschap te wijzigen.
- Gebruik het gereedschap niet bij slechte weersomstandigheden, met name wanneer de kans op bliksem bestaat. Dit verkleint de kans om door de bliksem getroffen te worden.
- Het gebruik van het gereedschap kan landelijk gereglementeerd zijn. Houd u aan de regelgeving zoals die in uw land geldt voor het hante- ren van het gereedschap.
Persoonlijke-beschermingsmiddelen
- Draag een veiligheidshelm, een veiligheidsbril en veiligheidshandschoenen om uzelf te beschermen tegen rondvliegend afval en vallende voorwerpen.
- Draag gehoorbescherming, zoals oorkappen, om gehoorschade te voorkomen.
- Draag geschikte kleding en schoenen waarmee veilig kan worden gewerkt, zoals een werkoverall en stevige schoenen met antislipzolen. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Loshangende kleding, sieraden en lang haar kunnen verstrikt raken in bewegende delen.
- Draag altijd veiligheidshandschoenen wanneer u de zaagketting hanteert of de kettingspanning instelt. De zaagketting kan flinke snijwonden veroorzaken in blote handen.
Veiligheid op de werkplek
-
Houd het gereedschap ten minste 15 meter uit de buurt van hoogspanningsleidingen en communicatiekabels (inclusief de boomtakken die ze aanraken). Als u een hoogspanningsleiding nadert of aanraakt met het gereedschap, kan dat leiden tot de dood of ernstig letsel. Kijk of er hoogspanningsleidingen of schrikdraada-frasteringen in de buurt van het werkgebied zijn voordat u met de werkzaamheden begint.
-
Bedien het gereedschap alleen bij goed zicht en daglicht. Bedien het gereedschap niet in het donker of in mist.
- Tijdens het gebruik mag u nooit op een instabiele of gladde ondergrond of op een steile helling staan. Let in de winter op ijs en sneeuw, en zorg er altijd voor dat u stevig staat.
- Houd tijdens het gebruik omstanders en dieren ten minste 15 meter uit de buurt van het gereedschap. Zet het gereedschap uit zodra iemand dichterbij komt.
- Als u met twee of meer mensen werkt, houdt u ten minste 15 meter of meer afstand tussen elkaar, en zorg dat een leidinggevende aanwezig is.
- Onderzoek het werkgebied op draadafrasteringen, muren en andere massieve voorwerpen voordat u met de werkzaamheden begint. Zij kunnen de zaagketting beschadigen.
Voorbereidingen
- Alvorens het gereedschap te monteren of af te stellen, schakelt u het gereedschap uit en verwijdert u de accu.
- Trek altijd veiligheidshandschoenen aan voordat u de zaagketting hanteert of de kettingspanning instelt.
- Voordat u het gereedschap start, inspecteert u het gereedschap op beschadigingen, losse bouten/moeren en verkeerde montage. Als de zaagketting bot is, slijpt u hem. Als de zaagketting verbogen of beschadigd is, vervangt u hem. Controleer of alle bedieningshendels en -schakelaars gemakkelijk kunnen worden bediend. Maak de handgrepen schoon en droog.
- Probeer nooit het gereedschap te starten als het gereedschap beschadigd of niet volledig gemonteerd is. Anders kan ernstig letsel ontstaan.
- Stel het schouderdraagstel af op de lichaams-grootte van de gebruiker.
- Stel de kettingspanning correct in. Vul zo nodig kettingolie bij.
Het gereedschap starten
- Draag de persoonlijke-beschermingsmiddelen voordat u het gereedschap start.
- Voordat u het gereedschap start, verzekert u zich ervan dat zich geen personen of dieren binnen het werkgebied bevinden.
- Wanneer u een accu aanbrengt, houdt u de zaagketting en het zaagblad uit de buurt van uw lichaam en andere voorwerpen, inclusief de grond. De zaagketting kan gaan bewegen bij het starten en kan ernstig letsel of schade aan de zaagketting en/of eigendommen veroorzaken.
- Plaats het gereedschap op een stevige ondergrond. Zorg ervoor dat u een goede balans hebt en dat u stevig staat.
Bediening
- In geval van nood zet u het gereedschap onmiddellijk uit.
-
Als u tijdens het gebruik een ongebruikelijke situatie opmerkt (bijvoorbeeld geluid of trillingen), schakelt u het gereedschap uit. Gebruik het gereedschap niet meer totdat de oorzaak is opgespoord en verholpen.
-
De zaagketting blijft gedurende een korte tijd doordraaien nadat het gereedschap is uitgeschakeld. Raak de zaagketting niet onmiddel- lijk aan.
- Gebruik tijdens het werk het schouderdraagstel. Houd het gereedschap stevig tegen uw rechterzij.
- Houd de voorhandgreep met uw linkerhand vast, en houd de achterhandgreep met uw rechterhand vast, ongeacht of u links- of rechtshandig bent. Vouw uw vingers en dui-men om de handgrepen.
- Houd het gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde vlakken omdat de zaagketting met verborgen bedrading in aanraking kan komen. Wanneer de zaagketting in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-ge-isoleerde metalen delen van snoeischaar met verlengd bereik onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
- Probeer nooit het apparaat met één hand te bedienen. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan dat leiden tot ernstig of fataal letsel. Om de kans op letsel te verkleinen, houdt u uw handen en voeten uit de buurt van de zaagketting.
- Reik niet te ver. Zorg altijd voor een stevige stand en goede lichaamsbalans. Kijk uit voor verborgen obstakels, zoals boomstronken, boomwortels en greppels, om te voorkomen dat u valt. Ruim afgevallen takken en andere voorwerpen op.
- Werk nooit op een ladder of in een boom om te voorkomen dat u de controle over het gereedschap verliest.
- Nadat hard tegen het gereedschap is gestoten of het is gevallen, controleert u de staat ervan voordat u de werkzaamheden hervat. Als enige beschadiging zichtbaar is of als u twijfelt, vraagt u een erkend Makita-servicecentrum om inspectie en reparatie.
- Raak de kop van het gereedschap niet aan. De kop van het gereedschap wordt heet tijdens gebruik.
- Neem een pauze om te voorkomen dat u door vermoeidheid de controle over het gereedschap verliest. Wij adviseren u ieder uur 10 tot 20 minuten te rusten.
- Wanneer u het apparaat achterlaat, al is het maar even, schakelt u altijd het gereedschap uit en verwijdert u de accu. Het draaiende en onbeheerd gereedschap kan door onbevoegden worden gebruikt en tot een ernstig ongeval leiden.
- Hef tijdens het gebruik van het gereedschap uw rechterhand niet boven schouderhoogte.
- Stoot tijdens het gebruik de zaagketting nooit tegen harde obstakels, zoals stenen of spijkers. Wees met name voorzichtig wanneer u takken langs een muur, draadafrastering en dergelijke, afzaagt.
-
Als takken verstrikt raken in het gereedschap, schakelt u altijd het gereedschap uit en verwijdert u de accu. Anders kan door onbedoeld starten ernstig letsel ontstaan.
-
Als de zaagketting verstopt raakt, schakelt u altijd het gereedschap uit en verwijdert u de accu voordat u schoonmaakt.
- Door het toerental van het gereedschap te verhogen terwijl de zaagketting verstopt zit, wordt de belasting hoger en wordt het gereedschap beschadigd.
- Zorg ervoor dat u een vluchtroute hebt, weg van de vallende tak, voordat u de tak afzaagt. Ruim eerst alle obstakels op, zoals grote en kleine takken, uit het werkgebied. Verplaats alle gereedschappen en voorwerpen op de vluchtroute naar een veilige plaats.
- Alvorens kleine en grote takken af te zagen, controleert u de valrichting ervan, rekening houdend met de toestand van de kleine en grote takken, naastgelegen bomen, de windrichting, enz. Let goed op de valrichting en het terug omhoog springen van de tak nadat deze op de grond is gevallen.
- Houd het gereedschap nooit vast onder een hoek groter dan 60°. Anders kunnen vallende voorwerpen de gebruiker raken en ernstig letsel veroorzaken. Ga nooit onder de tak staan die wordt afgezaagd.
- Let goed op geknakte of gebogen takken. Zij kunnen terugspringen tijdens het zagen en onverwacht letsel veroorzaken.
- Voordat u de beoogde tak doorzaagt, verwijdert u de takjes en bladeren eromheen. Als u dat niet doet, kunnen deze in de zaagketting klem komen te zitten.
- Om te voorkomen dat de zaagketting vastloopt in de zaagsnede, mag u de hendel niet loslaten voordat u het gereedschap uit de zaagsnede hebt getrokken.
- Als de zaagketting in de zaagsnede is vastgelopen, schakelt u onmiddellijk het gereedschap uit, beweegt u voorzichtig de tak om de zaagsnede te openen en bevrijdt u het gereedschap eruit.
- Voorkom terugslag (roterende reactiekracht in de richting van de gebruiker). Om terugslag te voorkomen, mag u nooit de punt van het zaagblad gebruiken om een zaagsnede te beginnen. Let altijd goed op de positie van de punt van het zaagblad.
- Controleer de kettingspanning vaak. Alvorens de kettingspanning te controleren of in te stellen, schakelt u het gereedschap uit en verwijdert u de accu. Als de ketting te los staat, spant u hem.
Vervoeren
-
Alvorens het gereedschap te vervoeren, zet u het gereedschap uit en verwijdert u de accu. Plaats altijd de zaagbladschede over het zaagblad wanneer u het gereedschap gaat vervoeren.
-
Wanneer u het gereedschap vervoert, draagt u het horizontaal door de handgreep vast te pakken.
Onderhoud
-
Laat uw gereedschap onderhouden door ons erkende servicecentrum met gebruikmaking van uitsluitend originele vervangingsonderde- len. Een verkeerde reparatie of slecht onderhoud kan de levensduur van het gereedschap verkorten en de kans op ongelukken vergroten.
-
Alvorens enige onderhouds-, reparatie- of reinigingswerkzaamheden uit te voeren aan het gereedschap, schakelt u het gereedschap altijd uit en verwijdert u de accu. Wacht totdat het gereedschap is afgekoeld.
-
Draag altijd veiligheidshandschoenen wanneer u de zaagketting hanteert.
-
Draai na ieder gebruik alle schroeven, bouten en moeren vast, uitgezonderd de stelschroeven.
-
Houd de zaagketting scherp. Als de zaagketting bot is geworden en hij slecht zaagt, vraagt u een erkend Makita-servicecentrum om hem te slijpen of te vervangen door een nieuwe.
-
Probeer geen onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit te voeren die niet in deze gebruiksaanwijzing worden beschreven. Vraag een erkend Makita-servicecentrum om dergelijke werkzaamheden uit te voeren.
-
Gebruik altijd uitsluitend originele vervangingsonderdelen en accessoires van Makita. Als u onderdelen of accessoires van derden gebruikt, kan het gereedschap defect raken, eigendommen worden beschadigd en/of ernstig letsel worden veroorzaakt.
Opbergen
- Alvorens het gereedschap op te bergen, voert u alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden uit. Plaats de zaagbladschede over het zaagblad. Verwijder de accu. Tap de kettingolie af nadat het gereedschap is afgekoeld.
- Berg het gereedschap op een droge en hoge of afgesloten plaats op, buiten het bereik van kinderen.
- Laat het gereedschap nooit ergens tegenaan leunen, zoals tegen een muur. Als u dit doet, kan het plotseling vallen en letsel veroorzaken.
Elektrische veiligheid en accu
-
Werp de accu(s) niet in een vuur. De accu kan exploderen. Raadpleeg de lokale regelgeving voor mogelijke speciale verwerkingsvereisten.
-
Open of vervorm de accu('s) niet. Het elektrolyt is agressief en kan letsel toebrengen aan de ogen en huid. Het kan giftig zijn bij inslikken.
-
Laad de accu niet op in de regen of op een natte plaats.
-
Laad de accu niet buitenshuis op.
-
Raak de lader, inclusief de stekker en de contacten van de lader, niet met natte handen aan.
-
Vermijd gevaarlijke omgevingen. Gebruik het gereedschap niet op vochtige of natte plaatsen en stel het niet bloot aan regen. Als water binnendringt in het gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter.
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.
⚠ WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig letsel.
Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu
- Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
- Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
- Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
- Als elektrolyt in uw ogen is terechtgekomen, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
- Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten. - Bewaar en gebruik het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.
- Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wan- neer hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.
- Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijke handelingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
- Gebruik nooit een beschadigde accu.
-
De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.
Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd.
Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving.
Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking. -
Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.
- Gebruik de accu's uitsluitend met de gereedschappen die door Makita zijn aanbevolen. Als de accu's worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.
- Als u het gereedschap gedurende een lange tijd niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
- Tijdens en na gebruik, kan de accu heet worden waardoor brandwonden of koude brandwonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.
- Raak de aansluitpunten van het gereedschap niet onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.
- Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Dit kan leiden tot slechte prestaties of een defect van het gereedschap of de accu.
- Behalve indien gebruik van het gereedschap is toegestaan in de buurt van hoogspanningsleidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
- Houd de accu uit de buurt van kinderen.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
A LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu's. Het gebruik van niet-originele accu's, of accu's die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroorzaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita.
Tips voor een maximale levensduur van de accu
- Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
- Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
- Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.
- Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader.
- Laad de accu op als u deze gedurende een lange tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.
BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN
▶ Fig.1
| 1 | Bedrijfslampje | 2 | Functie-indicator | 3 | Hoofdschakelaar |
| 4 | Bevestigingsoog | 5 | Uit-vergrendelknop | 6 | Accu |
| 7 | Trekkerschakelaar | 8 | Achterhandgreep | 9 | Zaagketting |
| 10 | Zaagblad 11 Olietankdop 12 Vergrendelring | ||||
| 13 | Bevestigingsmoer 14 Stelschroef voor de zaagketting 15 Zaagbladschede | ||||
| 16 | Voorhandgreep | - | - | - | - |
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES
ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren.
De accu aanbrengen en verwijderen
ALET OP: Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
ALET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt.
▶ Fig.2: 1. Rood deel 2. Knop 3. Accu
Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu uit het gereedschap.
Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk in het gereedschap tot u een klikgeluid hoort. Wanneer het rode deel zichtbaar is, zoals aangegeven in de afbeelding, is de accu niet geheel vergrendeld.
▲LET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.
⚠LET OP: Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht.
De resterende acculading controleren
Alleen voor accu's met indicatorlampjes
▶ Fig.3: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop
Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.
| Indicatorlampjes | Resterende acculading | ||
| Brandt | Uit | Knippert | |
| 75% tot 100% | |||
| 50% tot 75% | |||
| 25% tot 50% | |||
| 0% tot 25% | |||
| Laad de accu op. | |||
| Er kan een storing zijn opgetreden in de accu. | |||
OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading.
OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicatorlampje knippert wanneer het accubeveiligingssysteem in werking is getreden.
Gereedschap-/accubeveiligingssysteem
Het gereedschap is voorzien van een gereedschap-/accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stoppen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld:
Overbelastingsbeveiliging
Als de accu wordt gebruikt op een manier waardoor een abnormaal hoge stroom wordt getrokken, stopt het gereedschap automatisch en knippert het bedrijfslampje groen. In dat geval schakelt u het gereedschap uit en stopt u met het gebruik waardoor het gereedschap overbelast raakte. Schakel daarna het gereedschap in om verder te gaan.
Oververhittingsbeveiliging
Wanneer het gereedschap of de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en gaat het bedrijfs-lampje rood branden. In dat geval laat u het gereedschap en de accu afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt.
OPMERKING: In een omgeving met een hoge temperatuur treedt de oververhittingsbeveiliging sneller in werking waardoor het gereedschap automatisch stopt.
Beveiliging tegen te ver ontladen
Als de acculading onvoldoende is, stopt het gereedschap automatisch en knippert het bedrijfslampje rood. In dat geval verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en laadt u de accu op.
Hoofdschakelaar
⚠ WAARSCHUWING: Zet altijd de hoofdschakelaar uit indien niet in gebruik.
Om het gereedschap in te schakelen, drukt u op de hoofdschakelaar totdat het bedrijfslampje groen brandt. Om uit te schakelen, drukt u opnieuw op de hoofdschakelaar.
▶ Fig.4: 1. Bedrijfslampje 2. Functie-indicator 3. Hoofdschakelaar
OPMERKING: Het bedrijfslampje knippert groen wanneer u de hoofdschakelaar inschakelt terwijl u de uit-vergrendelknop ingedrukt en de trekkerschakelaar ingeknepen houdt. Laat in dit geval de trekkerschakelaar en de uit-vergrendelknop los, en schakel daarna de hoofdschakelaar in.
OPMERKING: Dit gereedschap maakt gebruik van de automatische uitschakelfunctie. Om onbedoeld starten te voorkomen, wordt de hoofdschakelaar automatisch uitgeschakeld wanneer de trekkerschakelaar niet is ingeknepen gedurende een bepaalde tijdsduur nadat de hoofdschakelaar is ingeschakeld.
U kunt het gereedschap gebruiken in de koppelboostfunctie voor het zagen van dikke of harde takken. Om het gereedschap in de koppelboostfunctie te gebruiken, drukt u, terwijl het gereedschap is uitgeschakeld, gedurende enkele seconden op de hoofdschakelaar totdat de functie-indicator groen brandt.
OPMERKING: In de koppelboostfunctie kunt u het gereedschap gedurende 60 seconden gebruiken. Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden, kan deze functie omschakelen naar de normale functie in minder dan 60 seconden.
OPMERKING: Als de functie-indicator groen knippert wanneer u gedurende enkele seconden op de hoofdschakelaar drukt, is de koppelboostfunctie niet beschikbaar. Volg in dat geval de onderstaande stappen.
- De koppelboostfunctie is niet beschikbaar onmiddellijk na het zagen. Wacht langer dan 10 seconden en druk daarna opnieuw gedurende enkele seconden op de hoofdschakelaar.
- Als u de koppelboostfunctie meerdere keren gebruikt, wordt het gebruik van de koppelboostfunctie beperkt om de accu te beschermen. Als de koppelboostfunctie niet beschikbaar is nadat u langer dan 10 seconden hebt gewacht, vervangt u de accu door een volledig opgeladen accu, of laadt u de accu op.
OPMERKING: Als het bedrijfslampje rood brandt, of rood of groen knippert, raadpleegt u de instructies voor het gereedschap-/accubeveiligingssysteem.
De trekkerschakelaar gebruiken
⚠ WAARSCHUWING: Voor uw veiligheid is dit gereedschap uitgerust met een uit-vergren-delknop die voorkomt dat het gereedschap onbedoeld start. Gebruik het gereedschap NOOIT wanneer het start door alleen de trekkerschake-laar in te knijpen zonder de uit-vergrendelknop in te drukken. Stuur het gereedschap naar ons erkende servicecentrum voor deugdelijke reparatie ZONDER het verder te gebruiken.
⚠ WAARSCHUWING: U mag NOOIT het doel of de werking van de uit-vergrendelknop teniet doen of deze vastplakken.
LET OP: Alvorens de accu in het gereedschap te plaatsen, moet u altijd controleren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert naar de stand "OFF".
KENNISGEVING: Knijp de trekkerschakelaar niet hard in zonder de uit-vergrendelknop in te drukken. Hierdoor kan de schakelaar kapot gaan.
Om te voorkomen dat de trekkerschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendelknop aangebracht. Om het gereedschap te starten, houdt u de uit-vergren-delknop ingedrukt en knijpt u de trekkerschakelaar in. De snelheid van het gereedschap neemt toe naarmate u meer druk uitoefent op de trekkerschakelaar. Laat de trekkerschakelaar los om te stoppen.
▶ Fig.5: 1. Trekkerschakelaar 2. Uit-vergrendelknop
De buislengte afstellen
Om de buis in of uit te schuiven, draait u de vergrendelring los door hem linksom te draaien, stelt u de lengte van de buis af, en draait u de vergrendelring weer vast door hem rechtsom te draaien.
▶ Fig.6: 1. Vergrendelring 2. Buis
Elektronische functies
Het gereedschap is uitgerust met elektronische functies voor een eenvoudige bediening.
- Constant-toerentalregeling De toerentalregelfunctie zorgt voor een constant toerental ongeacht de belastingsomstandigheden.
MONTAGE
ALET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren.
ALET OP: Raak de zaagketting niet met blote handen aan. Draag altijd handschoenen wanneer u de zaagketting hanteert.
Het gereedschap monteren
- Verwijder 2 doppen vanaf de buis en 1 dop vanaf de kop van het gereedschap.
▶ Fig.7: 1. Dop 2. Buis 3. Kop van het gereedschap - Draai 3 bouten los en verwijder daarna 1 bout met behulp van de inbussleutel.
▶ Fig.8: 1. Bout - Steek de buis zo ver mogelijk in het gereedschapshuis en lijn het gat in de buis uit met het gat in het gereedschapshuis.
▶ Fig.9: 1. Gat 2. Buis - Draai 3 bouten vast met behulp van de inbussleutel.
▶ Fig.10: 1. Bout - Draai 2 bouten los en verwijder daarna 1 bout.
▶ Fig.11: 1. Bout - Draai de vergrendelring los door hem linksom te draaien, schuif de buis ongeveer 10 cm of meer uit, en draai de vergrendelring weer vast door hem rechtsom te draaien.
▶ Fig.12: 1. Vergrendelring 2. 10 cm of meer 3. Buis - Steek de buis zo ver mogelijk in de kop van het gereedschap en lijn het gat in de buis uit met het gat in de kop van het gereedschap.
▶ Fig.13: 1. Gat 2. Buis - Draai 2 bouten vast met behulp van de inbussleutel.
▶ Fig.14: 1. Bout
De zaagketting aanbrengen of verwijderen
ALET OP: De zaagketting en het zaagblad zijn kort na gebruik nog heet. Laat ze eerst afkoelen, voordat u enige werkzaamheden aan het gereedschap uitvoert.
⚠ LET OP: Voer de procedure voor het aanbrengen of verwijderen van de zaagketting uit in een schone omgeving, vrij van zaagsel en dergelijke.
Om de zaagketting te verwijderen, gaat u als volgt te werk:
- Draai de stelschroef voor de zaagketting los en draai daarna de bevestigingsmoer los.
▶ Fig.15: 1. Stelschroef voor de zaagketting -
Bevestigingsmoer
-
Verwijder de afdekking van het kettingwiel en verwijder daarna de zaagketting en het zaagblad vanaf het gereedschapshuis.
Om de zaagketting aan te brengen, gaat u als volgt te werk:
- Controleer de richting van de zaagketting. Zorg ervoor dat de richting van de zaagketting hetzelfde is als die van de markering op het gereedschapshuis.
- Leg één kant van de zaagketting op de bovenkant van het zaagblad. Leg het andere uiteinde van de zaagketting rond het kettingwiel. Verzeker u ervan dat de zaagketting goed om het kettingwiel ligt en goed in de groef van het zaagblad ligt.
- Bevestig het zaagblad aan het gereedschapshuis, lijn het gat in het zaagblad uit met de pen op het gereedschapshuis.
- Steek het uitsteeksel op de afdekking van het kettingwiel in het gereedschapshuis, en sluit daarna de afdekking zodat de bout en pen op het gereedschapshuis op hun plaats in de afdekking vallen.
▶ Fig.17: 1. Uitsteeksel 2. Afdekking van het kettingwiel 3. Bout 4. Pen - Draai de bevestigingsmoer vast om de afdekking van het kettingwiel vast te zetten, en draai hem daarna iets los om de spanning te kunnen afstellen.
▶ Fig.18: 1. Bevestigingsmoer
De kettingspanning afstellen
⚠ LET OP: Span de zaagketting niet te strak. Bij een buitensporig hoge spanning op de zaagketting kan de zaagketting breken en het zaagblad slijten.
LET OP: Een zaagketting die te los zit kan van het zaagblad af springen en een ongeluk met letsel veroorzaken.
De zaagketting kan na vele gebruiksuren los gaan zitten. Controleer regelmatig de kettingspanning vóór gebruik.
-
Draai de bevestigingsmoer iets los om de afdekking van het kettingwiel iets los te maken.
▶ Fig.19: 1. Bevestigingsmoer -
Til het uiteinde van het zaagblad iets omhoog en stel de kettingspanning af. Draai de stelschroef voor de zaagketting linksom om de zaagketting strakker te zetten en rechtsom om hem losser te zetten.
Zet de zaagketting strakker totdat de onderkant van de zaagketting in de zaagbladrail past zoals afgebeeld.
▶ Fig.20: 1. Zaagblad 2. Zaagketting 3. Stelschroef voor de zaagketting
- Houd het zaagblad licht vast en bevestig de afdekking van het kettingwiel.
Zorg ervoor dat de zaagketting aan de onderrand van het zaagblad niet los hangt.
- Draai de bevestigingsmoer vast om de afdekking van het kettingwiel vast te maken.
▶ Fig.21: 1. Bevestigingsmoer
BEDIENING
Smering
KENNISGEVING: Wanneer u voor het eerst kettingolie bijvult, of de olietank bijvult nadat deze geheel leeg is geraakt, vult u olie bij tot aan de onderrand van de vulnek. Anders kan de olie-toevoer gehinderd worden.
KENNISGEVING: Gebruik zaagkettingolie exclusief voor Makita-kettingzagen of een in de winkel verkrijgbare gelijkwaardige kettingolie.
KENNISGEVING: Gebruik nooit olie die is verontreinigd met vuil- en stofdeeltjes of vluchtige olie.
KENNISGEVING: Gebruik botanische olie voor het snoeien van bomen. Minerale olie kan schadelijk zijn voor bomen.
KENNISGEVING: Voordat u begint te zagen, controleert u of de bijgeleverde olietankdop erop is gedraaid.
De zaagketting wordt automatisch gesmeerd tijdens het gebruik van het gereedschap. Controleer regelmatig hoeveel olie er nog in de olietank zit.
▶ Fig.22: 1. Olietank
Om de tank weer te vullen, legt u het gereedschap op een horizontale ondergrond, duwt u op de knop van de olietankdop zodat de knop aan de ander kant omhoog gaat staan, en verwijdert u de olietankdop door deze te draaien. De correcte hoeveelheid olie is 160 ml. Draai na het bijvullen van de olietank altijd de olietankdop stevig erop.
▶ Fig.23: 1. Olietankdop 2. Vastdraaien 3. Losdraaien
OPMERKING: Als het moeilijk is om de olietankdop te verwijderen, steekt u de pijpsleutel in de gleuf van de olietankdop en verwijdert u de olietankdop door hem linksom te draaien.
▶ Fig.24: 1. Gleuf 2. Pijpsleutel
Houd na het bijvullen het gereedschap uit de buurt van de boom. Start hem en wacht tot de zaagketting voldoende gesmeerd is.
▶ Fig.25
Het schouderdraagstel bevestigen
ALET OP: Wanneer u het gereedschap in combinatie met de ruggedragen voeding, zoals de draagbare voedingseenheid, gebruikt, gebruikt u het schouderdraagstel dat bij het gereedschap werd geleverd niet, maar gebruikt u de draagband die wordt aanbevolen door Makita.
Als u het schouderdraagstel dat bij het gereedschap werd geleverd en het schouderdraagstel van de ruggedragen voedingseenheid tegelijkertijd aantrekt, is het lastig om het gereedschap of de ruggedragen voedingseenheid te verwijderen in geval van nood, waardoor een ongeval of letsel kan ontstaan. Vraag een erkend Makita-servicecentrum naar de aanbevolen draagband.
⚠ LET OP: Gebruik altijd het schouderdraagstel bevestigd aan het gereedschap. Stel voor gebruik het schouderdraagstel af op de lichaamsgrootte van de gebruiker om vermoeidheid te voorkomen.
LET OP: Verzeker u er voor gebruik van dat het schouderdraagstel goed is bevestigd aan het bevestigingsoog van het gereedschap.
LET OP: Verzeker u er vóór het gebruik van dat de gesp van het schouderdraagstel stevig is vergrendeld.
⚠ LET OP: Gebruik altijd het schouderdraagstel dat bij dit gereedschap hoort. Gebruik geen ander schouderdraagstel.
- Trek het schouderdraagstel aan en maak de gesp vast.
▶ Fig.26: 1. Gesp
OPMERKING: Als u het schouderdraagstel af wilt doen, ontgrendelt u de gesp en verwijdert u het schouderdraagstel.
- Stel het schouderdraagstel af op een comfortabele werkhouding.
▶ Fig.27
- Maak de haak van het schouderdraagstel vast aan het bevestigingsoog van het gereedschap.
▶ Fig.28: 1. Haak 2. Bevestigingsoog
Het schouderdraagstel is voorzien van een snelontgren- delingsmethode. Knijp eenvoudigweg de zijkant van de gesp in om het schouderdraagstel los te maken.
▶ Fig.29: 1. Gesp
Werken met het gereedschap
ALET OP: Houd alle delen van uw lichaam uit de buurt van de zaagketting wanneer de motor draait.
▲LET OP: Houd het gereedschap stevig vast met beide handen wanneer de motor draait.
ALET OP: Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u altijd stevige steun voor de voeten hebt en uw evenwicht behoudt.
ALET OP: Wees voorzichtig wanneer u takken doorzaagt dat u niet uw evenwicht verliest als gevolg van het gewicht van de gereedschapskop.
ALET OP: Zorg altijd voor een vluchtroute voor het geval een afgezaagde tak in de richting van de gebruiker valt.
⚠LET OP: Gebruik nooit de punt van het zaagblad voor het zagen. Anders kan gevaarlijke terugslag optreden, en kan dat leiden tot persoonlijk letsel.
KENNISGEVING: Gooi nooit met het gereedschap en laat het niet vallen.
KENNISGEVING: Dek de luchtuitstroomopeningen van het gereedschap niet af.
KENNISGEVING: Forceer het gereedschap niet. Anders kan het gereedschap worden beschadigd.
Sta op een stabiele ondergrond en houd het gereedschap uit de buurt van de takken zodat de hoek van het gereedschap 60° of minder is ten opzichte van de horizontale grond.
Start het gereedschap en duw zaagketting zachtjes in de tak.
Als u lange takken afzaagt, kunt u de valplek van de afgezaagde tak controleren door de tak op te delen in stukken en vanaf het uiteinde in delen af te zagen. Let op de vallende takken aangezien deze kunnen terug-springen in de richting van de gebruiker nadat ze de grond hebben geraakt.
▶ Fig.31
Als u dikke takken doorzaagt, maakt u eerst een ondiepe zaagsnede aan de onderkant en maakt u vervolgens de definitieve zaagsnede vanaf de bovenkant.
▶ Fig.32
Als u een dikke tak vanaf de onderkant probeert door te zagen, kan de tak tijdens het zagen doorbuigen en de zaagketting beknellen. Als u een dikke tak vanaf de bovenkant probeert door te zagen zonder een ondiepe snede aan de onderkant, kan de tak splinteren.
▶ Fig.33
Het gereedschap dragen
Alvorens het gereedschap te dragen, verwijdert u de accu's vanaf het gereedschap, brengt u de zaagbladschede aan en schuift u de buis in. Plaats ook het accudeksel op de accu.
▶ Fig.34: 1. Zaagbladschede 2. Accudeksel
Het gereedschap gebruiken met een accuadapter
Optioneel accessoire
Gebruik de draagband wanneer u het gereedschap gebruikt met een accuadapter.
De draagriem bevestigen
- Bevestig de haken van de draagriem aan de ringen van het schouderdraagstel of de heupgordel, zoals aangegeven in de afbeelding. Selecteer het type riem en de bevestigingsmethode die geschikt is voor uw toepassing.
▶ Fig.35: 1. Ring 2. Haak
▶ Fig.36: 1. Ring 2. Haak
2. Bevestig de haak aan het gereedschap.
▶ Fig.37: 1. Haak
Het gereedschap loskoppelen
Wanneer u het gereedschap neerlegt, ontgrendelt u de gesp van de draagband met één hand terwijl u het gereedschap vasthoudt met de andere hand.
▶ Fig.38: 1. Gesp
OPMERKING: De gesp wordt mogelijk niet bijgeleverd, afhankelijk van het type riem.
Als u het gereedschap snel wilt loskoppelen, volgt u de onderstaande stappen.
- Knijp de hendels van de gesp van de heupgordel in om de gesp los te koppelen.
▶ Fig.39: 1. Gesp 2. Hendel - Trek het schouderdraagstel uit om het gereedschap en de eenheid te verwijderen.
▶ Fig.40: 1. Schouderdraagstel
ONDERHOUD
A LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.
LET OP: Draag bij inspectie- of onderhoudswerkzaamheden altijd handschoenen.
KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.
De zaagketting slijpen
Slijp de zaagketting als:
- Poederachtig zaagsel wordt geproduceerd tijdens het zagen van vochtig hout;
- De zaagketting moeizaam in het hout binnendringt, zelfs wanneer hoge druk wordt uitgeoefend;
• De zaagsnijrand duidelijk beschadigd is; - De kettingzaag naar links of rechts trekt in het hout. (veroorzaakt door een ongelijkmatige scherpte van de zaagketting, of een beschadiging aan slechts een kant)
Slijp de zaagketting veelvuldig, maar iedere keer slechts weinig. Twee of drie bewegingen met een vijl zijn doorgaans voldoende voor regelmatig bijslijpen. Als de zaagketting meerdere malen is bijgeslepen, laat u deze een keer slijpen door een in ons erkende servicecentrum.
Criteria bij het slijpen:
⚠ WAARSCHUWING: Een buitensporige afstand tussen de zaagsnijrand en de dieptevoeler vergroot de kans op terugslag.
▶ Fig.41: 1. Lengte van het mes 2. Afstand tussen de zaagsnijrand en de dieptevoeler 3. Minimumlengte van het mes (3 mm)
— Alle messen moeten gelijk van lengte zijn. Door een verschillende lengten van messen kan de zaagketting niet gelijkmatig lopen en kan de zaagketting breken.
— Slijp de zaagketting niet verder als de lengte van de messen 3 mm of korter is. De zaagketting moet worden vervangen door een nieuwe.
— De dikte van spaanders wordt bepaald door de afstand tussen de zaagsnijrand en de dieptevoeler (ronde neus).
— De beste zaagresultaten verkrijgt u met de volgende afstand tussen de zaagsnijrand en de dieptevoeler.
• Kettingmes 90PX: 0,65 mm
• Kettingmes 91PX: 0,65 mm
▶ Fig.42
— De slijphoek van 30° moet voor alle messen gelijk zijn. Bij verschillende slijphoeken zal de zaagketting ruw en ongelijkmatig lopen, de slijtage toenemen en de zaagketting kunnen breken.
— Gebruik een geschikte ronde vijl tegen de tanden zodat een correcte slijphoek behouden blijft.
- Kettingmes 90PX: 55^
- Kettingmes 91PX: 55^
Vijl en vijlbeweging
— Gebruik een speciale ronde zaagkettingvijl (optioneel accessoire) voor het slijpen van de ketting. Een gewone ronde vijl is niet geschikt.
— De doorsnede van de ronde vijl voor elke zaagketting is als volgt:
— De vijl mag het mes alleen in voorwaartse richting raken. Haal de vijl van het mes voor de terugwaartse beweging.
— Slijp eerst het kortste mes. De lengte van dit mes wordt dan de maatstaf voor alle andere messen op de zaagketting.
— Beweeg de vijl zoals aangegeven in de afbeelding.
— De vijl kan gemakkelijker worden bewogen als een vijlhouder (optioneel accessoire) wordt gebruikt. Op de vijlhouder staan merktekens voor de juiste slijphoek van 30° (lijn de merktekens parallel uit met de zaagketting) en beperkt de diepte waartoe de vijl doordringt (tot 4/5 van de vijldiameter).
— Nadat de zaagketting is geslepen, controleert u de hoogte van de dieptevoeler met behulp van het kettingmeetgereedschap (optioneel accessoire).
▶ Fig.45
— Verwijder eventueel uitstekend materiaal, ongeacht hoe klein, met een speciale vlakke vijl (optioneel accessoire).
— Maak de voorkant van de dieptevoeler weer rond.
Het zaagblad schoonmaken
Spaanders en zaagsel zullen zich in de groef van het zaagblad ophopen. Deze kunnen de groef verstoppen en de oliestroom belemmeren. Verwijder de spaanders en het zaagsel elke keer wanneer u de zaagketting slijpt of vervangt.
▶ Fig.46
De afdekking van het kettingwiel schoonmaken
Spaanders en zaagsel zullen zich binnenin de afdekking van het kettingwiel ophopen. Verwijder de afdekking van het kettingwiel en de zaagketting vanaf het gereedschap, en verwijder vervolgens de spaanders en het zaagsel.
▶ Fig.47
De olie-uitstroomopening schoonmaken
Kleine vuil- of stofdeeltjes kunnen zich tijdens gebruik ophopen in de olie-uitstroomopening. Deze vuil- of stofdeeltjes kunnen het uitstromen van de olie belemmeren waardoor de hele zaagketting onvoldoende wordt gesmeerd. Wanneer onvoldoende toevoer van kettingolie optreedt aan het uiteinde van het zaagblad, maakt u de olie-uitstroomopening als volgt schoon.
- Verwijder de afdekking van het kettingwiel en de zaagketting vanaf het gereedschap.
- Verwijder de kleine vuil- of stofdeeltjes met een platkopschroevendraaier of iets dergelijks.
▶ Fig.48: 1. Platkopschroevendraaier 2. Olie-uitstroomopening
- Plaats de accu in het gereedschap. Knijp de trekkerschakelaar in om opgehoopte vuil- en stofdeeltjes uit de olie-uitstroomopening te persen door kettingolie eruit te laten stromen.
- Verwijder de accu van het gereedschap. Monteer de afdekking van het kettingwiel en de zaagketting weer op het gereedschap.
Het kettingwiel vervangen
ALET OP: Een versleten kettingwiel zal de nieuwe zaagketting beschadigen. Laat in dat geval het kettingwiel vervangen.
Controleer de staat van het kettingwiel voordat u een nieuwe zaagketting monteert. Als het kettingwiel versleten of beschadigd is, vraagt u een erkend Makita-servicecentrum hem te vervangen.
▶ Fig.49: 1. Kettingwiel 2. Plaatsen die slijten
Het gereedschap opbergen
- Maak het gereedschap schoon voordat u het opbergt. Haal de afdekking van het kettingwiel eraf en verwijder alle spaanders en zaagsel vanaf het gereedschap.
- Laat na het schoonmaken het gereedschap onbelast draaien om de zaagketting en het zaagblad te smeren.
- Plaats de zaagbladschede over het zaagblad en schuif daarna de buis in.
- Maak de olietank leeg.
Instructies voor periodiek onderhoud
Om zeker te zijn van een lange levensduur, om schade te voorkomen en om zeker te zijn van de volledige werking van de veiligheidsvoorzieningen, moet het volgende onderhoud regelmatig worden uitgevoerd. Garantieclaims kunnen alleen worden geaccepteerd als deze werkzaamheden regelmatig en correct worden uitgevoerd. Als deze voorgeschreven onderhoudswerkzaamheden niet worden uitgevoerd, kan dat ongelukken veroorzaken! De gebruiker van het gereedschap mag echter geen werkzaamheden uitvoeren die niet worden beschreven in de gebruiksaanwijzing. Dergelijke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd door ons erkende servicecentrum.
| Controlepunt / Bedrijfstijd Vóór het gebruik | Elke dag Elke week Elke 3 | maanden | Jaarlijks Vóór opbergen | ||
| Gehele gereedschap | Inspecteren. | √ | ---- | ||
| Schoonmaken. | √ | ---- | |||
| Laten contro-leren door een erkend ser-vicecentrum. | ---- | √ | |||
| Zaagketting Inspecteren. ---- | √ | ||||
| Slijpen indien nodig. | ---- | ||||
| Zaagblad Inspecteren. ---- | √ | √ | |||
| Verwijderen vanaf het gereedschap. | ---- | ||||
| Kettingsmering | Controleren van de olietoe-voersnelheid. | √ | ---- | ||
| Trekkerschakelaar | Inspecteren. ---- | √ | |||
| Uit-vergrendelknop | Inspecteren. ---- | √ | |||
| Olietankdop Controleren op vastzitten. | √ | ---- | |||
| Bouten en moeren | Inspecteren. | -- | √ | ---- | |
PROBLEMEN OPLOSSEN
Alvorens u verzoekt om reparatie, kunt u zelf als volgt het probleem opsporen en oplossen. Als u met een probleem kampt dat in deze handleiding niet wordt beschreven, probeer dan niet het gereedschap te demonteren. Laat reparaties over aan een erkend Makita-servicecentrum, uitsluitend met gebruik van originele Makita-vervangingsonderdelen.
| Symptoom of storing Oorzaak Handeling | ||
| Het gereedschap start niet. De accu is niet geplaatst. Plaats een opgeladen accu. | ||
| Probleem met de accu (onvoldoende spanning). | ||
| De hoofdschakelaar staat uit. Het gereedschap wordt automatisch uitgeschakeld wanneer deze gedurende een bepaalde tijdsduur niet wordt bediend. Schakel de hoofdschakelaar weer in. | ||
| De motor slaat al na korte tijd af. De lading van de accu is bijna op. | Laad de accu's op. Als het opladen geen verbetering brengt, vervangt u de accu door een nieuwe. | |
| Geen olie op de zaagketting. De olietank is leeg. Vul de olietank. | ||
| De olietoevoergroef is verstopt. Maak de groef schoon. | ||
| Slechte olietoevoer. Stel de hoeveelheid toe gevoerde olie af met behulp van de stelschroef. | ||
| Het gereedschap bereikt niet zijn maximumtoerental. | De accu is verkeerd aangebracht. Plaats de accu zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. | |
| De accuspanning wordt minder. Laad de accu op. Als het opladen geen verbetering brengt, vervangt u de accu door een nieuwe. | ||
| Het aandrijfsysteem werkt niet goed. Vraag een erkend servicecentrum in uw regio het gereedschap te repareren. | ||
| Het bedrijfslampje knippert groen. | De trekkerschakelaar wordt ingeknepen bij omstandigheden waaronder bediening onmogelijk is. | |
| Abnormale trillingen: Schakel onmiddellijk het gereedschap uit! | Losgeraakt zaagblad of zaagketting. Stel het zaagblad en de kettingspanning af. | |
| Het gereedschap is defect. | ||
| De koppelboostfunctie is niet beschikbaar nadat de accu is vervangen door een volledig opgeladen accu. | Afhankelijk van de gebruiksomstandighe- den is de koppelboostfunctie niet beschik- baar nadat de accu is vervangen. | |
| De zaagketting kan niet worden aangebracht. | De combinatie van zaagketting en ketting- wiel is niet juist. | |
⚠LET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van persoonlijke letsel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.
Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met het plaatselijke Makita-servicecentrum.
- Zaagketting
- Zaagblad
• Zaagbladschede
• Vijl
• Originele Makita-accu en -acculader
⚠ WAARSCHUWING: Als u een zaagblad van een andere lengte dan het standaardzaagblad aanschaft, koopt u tevens een bijbehorende zaagbladschede. Deze moet passen en het zaagblad van de kettingzaag volledig bedekken.
OPMERKING: Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Deze kunnen van land tot land verschillen.
ESPECIFICACIONES