5WK630FF0 - Wijnkelder BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 5WK630FF0 BLAUPUNKT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 5WK630FF0 BLAUPUNKT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Wijnkelder in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 5WK630FF0 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 5WK630FF0 van het merk BLAUPUNKT.
GEBRUIKSAANWIJZING 5WK630FF0 BLAUPUNKT
Lees deze gebruiksaanwijzing vóór installatie en inbedrijfstelling zorgvuldig door en bewaar hem op een veilige plaats. Als u het product doorgeeft aan een andere persoon, geef deze gebruiksaanwijzing dan mee.
BELANGRIJKE
VOORZORGSMAATREGELEN
Wanneer u een elektrisch apparaat gebruikt, moet u altijd de basisvoorzorgsmaatregelen in acht nemen om het gevaar voor brand, elektrische schokken en lichamelijke letsels te beperken, inclusief het volgende:
VOOR UW VEILIGHEID
Lees aandachtig alle voorschriften, zelfs wanneer u het apparaat tamelijk goed kent.
- Het apparaat is bedoeld om wijn te bewaren. Gebruik het apparaat alleen in overeenstemming met de beschrijving in deze handleiding. Andere niet-aanbevolen toepassingen kunnen brand, elektrische schokken of lichamelijke letsels veroorzaken.
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door mensen met een verminderd fysiek, zintuiglijk of mentaal vermogen, of met een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij ze onder het gepaste toezicht staan van een verantwoordelijke persoon, om ervoor te zorgen dat ze het apparaat op een veilige manier kunnen gebruiken.
- Elektrische apparaten zijn geen speelgoed. Houd het apparaat altijd buiten het bereik van kinderen.
- Jonge kinderen moeten onder toezicht staan, om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen. Houd het netsnoer buiten het bereik van kinderen. Laat het netsnoer niet over de rand van de tafel of het aanrecht waarop het apparaat staat, hangen.
- Ter bescherming tegen het gevaar voor elektrische schokken mag u het apparaat, het snoer of de stekker NIET ONDERDOMPELEN in water of besproeien met een andere vloeistof.
- Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact wanneer het niet wordt gebruikt, wanneer u het verplaatst en vóór het wordt schoongemaakt.
- Om het apparaat los te koppelen, grijpt u de stekker vast en trekt u die uit het stopcontact. Trek nooit aan het snoer.
- Bedien het apparaat nooit wanneer er
- explosieve en/of brandbare dampen aanwezig zijn.
- Plaats het apparaat of onderdelen ervan niet dicht bij een open vlam, kook- of andere verwarmingsapparaten.
- Bedien het apparaat niet met een beschadigd snoer of een beschadigde stekker, wanneer het slecht functioneert of wanneer het gevallen of op welke manier ook beschadigd is. Is het netsnoer
beschadigd, dan moet u het laten vervangen door de fabrikant of door een erkend servicecentrum of vergelijkbaar gekwalificeerde personen, om gevaar te voorkomen.
- Koppel het apparaat altijd los van de voeding (trek de stroomkabel uit het stopcontact), voordat u schoonmaakt of de lamp vervangt.
- Het gebruik van accessoires die niet door de fabrikant worden aanbevolen, kan gevaarlijk zijn.
- Plaats het apparaat op een droog, effen oppervlak.
- Bedien het apparaat niet, wanneer de ombouw verwijderd of beschadigd is.
- Een stekker die los in het wisselstroomstopcontact
- zit, kan oververhitting en een vervorming van de stekker veroorzaken. Neem contact op met een bevoegde elektricien, om het losse of versleten stopcontact te vervangen.
- Houd het apparaat uit de buurt van direct zonlicht en warmtebronnen (kachel, verwarming, radiator enz.).
- Dit apparaat is CFK- en HFK-vrij en bevat kleine hoeveelheden isobutaan (R600a), een milieuvriendelijk koelmiddel. Zorg er tijdens het transport en de opbouw van het apparaat voor dat er geen onderdelen van het koelsysteem worden beschadigd. Lekkend koelmiddel kan schadelijk zijn voor de ogen.
Als er sprake is van schade:
- Vermijd open vlammen en alles wat vlammen veroorzaakt,
- Koppel het apparaat los van het stroomnet,
- Verlucht enkele minuten lang de ruimte waarin het apparaat staat, en
- Neem voor advies contact op met de onderhoudsafdeling.
- Hoe meer koelmiddel er in een apparaat zit, des te groter moet de ruimte zijn waarin het wordt geïnstalleerd. In geval van een lek, als het apparaat in een kleine ruimte staat, bestaat er gevaar voor ophoping van brandbare gassen. Voor elke 8 g koelmiddel is er minstens 1 kubieke meter ruimte vereist. De hoeveelheid koelmiddel in het apparaat is terug te vinden op de gegevensplaat aan de binnenzijde van het apparaat.
- WAARSCHUWING: beschadig het koelcircuit niet. Gebruik nooit een apparaat met een beschadigd circuit.
- WAARSCHUWING: gebruik alleen de mechanische hulpmiddelen of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, die worden aanbevolen door de fabrikant.
- WAARSCHUWING: zorg ervoor dat ventilatieopeningen, in het omhulsel van het apparaat of in de inbouwstructuur, niet worden versperd. Er zal geen aansprakelijkheid worden aanvaard voor schade die wordt veroorzaakt door verkeerd gebruik van het apparaat of ten gevolge van reparaties die werden uitgevoerd door onbevoegd personeel. In dat geval zullen noch de garantie, noch andere aansprakelijkheidsclaims van toepassing zijn.
- WAARSCHUWING: bedien geen elektrische apparaten aan de binnenzijde van het apparaat.
- Probeer geen onderdelen van uw apparaat te repareren of te vervangen, tenzij dat specifiek wordt aanbevolen in deze handleiding. Alle andere onderhoudswerkzaamheden moeten worden toevertrouwd aan een bevoegde technicus.
- Voor personen die geen bevoegde onderhoudsmedewerkers zijn, is het gevaarlijk om onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit te voeren aan dit apparaat. In het Australische Queensland moet de bevoegde persoon houder zijn van een vergunning voor gaswerkzaamheden voor koolwaterstofkoelmiddelen, voordat hij onderhouds- of reparatiewerkzaamheden mag uitvoeren waarbij afdekplaten moeten worden verwijderd.
- Plaats na het onderhoud alle panelen terug, voordat u het apparaat bedient.
- Schakel minstens twee mensen in om het apparaat te verplaatsen en te installeren. Zo voorkomt u rug- of andere letsels.
- Maak de onderdelen van het apparaat nooit schoon met brandbare vloeistoffen. De dampen ervan kunnen brandgevaar of een ontploffing veroorzaken. Zorg er bovendien voor dat u geen benzine of andere brandbare dampen en vloeistoffen in de buurt van dit of om het even welk ander apparaat opslaat of gebruikt. De dampen kunnen brandgevaar of een ontploffing veroorzaken.
- Stop de stekker niet in het stopcontact, of haal de stekker er niet uit, wanneer uw handen nat zijn.
- Het is raadzaam dat u een apart circuit gebruikt, dat uitsluitend voor uw apparaat bestemd is. Gebruik geen stopcontacten die kunnen worden uitgeschakeld door middel van een schakelaar of een trekketting.
- Hebt u een vergrendelbaar apparaat, bewaar de sleutel dan niet naast het apparaat of binnen het bereik van kinderen.
WAARSCHUWING: om het gevaar voor brand, elektrische schokken of lichamelijke letsels te beperken, moet u het apparaat loskoppelen van de voeding, voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN
Ondervindt u problemen, raadpleeg dan de leidraad voor de opsporing en verhelping van problemen achteraan in deze handleiding. U vindt er oorzaken van minder belangrijke problemen met de bediening in terug, die u zelf kunt corrigeren.
AFVALVERWERKING
Ontdoe u op de juiste manier van de verpakking van uw apparaat. Zorg ervoor dat plastic wikkels, zakken enz. veilig worden verwijderd en buiten het bereik van baby's en jonge kinderen worden gehouden. Gevaar voor verstikking!
Koelapparatuur moet op de juiste manier worden verwijderd, op een professionele en toepasselijke wijze, in overeenstemming met de actuele plaatselijke voorschriften en wetten ter bescherming van het milieu. Dit is van toepassing op uw oude apparaat en op uw nieuwe apparaat, zodra het einde van de levensduur ervan bereikt is.
WAARSCHUWING: zorg ervoor dat oude, versleten apparaten onbruikbaar worden gemaakt voordat u zich ervan ontdoet, door de stekker te verwijderen, de netwerkkabel door te snijden en druksluitingen of bouten te verwijderen of te vernietigen. Zo voorkomt u dat spelende kinderen opgesloten raken in het apparaat (gevaar voor verstikking), of dat hun leven op welke manier ook in gevaar wordt gebracht. Ontdoe u niet op een stortplaats van het apparaat, aangezien het isolatiegas (cyclopentaan) en het koelgas (R600a) die in deze apparaten aanwezig zijn, brandbaar zijn.
Voorschriften voor afvalverwerking:
- Het apparaat mag niet in de vuilnisbak of bij het normale huisvuil terechtkomen.
- Het koelmiddelcircuit, in het bijzonder de warmtewisselaar aan de achterzijde/onderzijde van het apparaat, mag niet worden beschadigd.
- Het symbool op het product of de verpakking ervan geeft aan dat dit product niet als normaal huisvuil mag worden behandeld, maar naar een inzamelpunt voor
recycling voor elektrische en elektronische producten moet worden gebracht. Door u op de juiste manier van dit product te ontdoen, draagt u bij aan de bescherming van het milieu en aan de gezondheid van uw medemensen. Een onjuiste afvalverwerking brengt de gezondheid en het milieu in gevaar. Voor meer informatie over de recycling van het product kunt u terecht in uw stad- of gemeentehuis, het departement voor vuilnisophaling of de winkel waar u het product hebt gekocht.
AANSLUITING OP DE NETVOEDING UK, IRL, HK, SINGAPORE
Ga na of de stroomspanning die op het product staat, overeenstemt met uw voedingsspanning.
Dit product is uitgerust met een stekker van 13 A die in overeenstemming is met BS1363. Is deze stekker niet geschikt, of moet de stekker worden vervangen, houd dan rekening met het volgende:
Belangrijk: de draden in het netsnoer zijn gekleurd in overeenstemming met de volgende code:
GROEN/GEEL - AARDE BLAUW - NULLEIDER BRUIN - STROOMDRAAD
Dit apparaat is uitgerust met een stekker met een zekering van 13 ampère. Mocht de zekering uitvallen, dan moet die worden vervangen door een zekering met ASTA-goedkeuring (conform BS1362) van dezelfde klasse. Moet u de stekker vervangen, of is de stekker van het verkeerde type voor uw stopcontact, verwijder
die dan en vervang de stekker door een geschikt type. Ontdoe u op een veilige manier van de oude stekker
Wanneer de kleuren van de draden in het netsnoer van dit apparaat niet overeenstemmen met de gekleurde markeringen die de aansluitklemmen in uw stekker identificeren, moet u als volgt te werk gaan: De GROENE/GELE draad is de AARDE en moet worden aangesloten op de aansluitklem met marking 'E' of het symbool , of met de kleur GROEN of GROEN/GEEL.
De BLAUWE draad is de NULLEIDER en moet worden aangesloten op de aansluitklem met markering 'N' of met de kleur ZWART.
De BRUINE draad is de STROOMDRAAD en moet worden aangesloten op de aansluitklem met markering 'L' of met de kleur ROOD.
Zorg er altijd voor dat de stekkersnoerklem juist bevestigd is.
Doe bij twijfel een beroep op een bevoegde elektricien die dat met plezier voor u zal doen. Dit product is in overeenstemming met EG-richtlijn 92/31 /EEG betreffende elektromagnetische compatibiliteit.
NIET OPNIEUW BEDRAADBARE NETSTEKKER
Wordt uw apparaat geleverd met een niet opnieuw bedraadbare stekker die op het netsnoer aangebracht is, dan zult u merken dat de stekker een zekering bevat, waarvan de waarde wordt aangegeven aan de onderzijde van de stekker of op de zekeringhouder. Moet de zekering worden vervangen, dan moet u een zekering met ASTA-goedkeuring (conform BS1362) van dezelfde klasse gebruiken.
Is het zekeringdeksel zoekgeraakt, dan mag de stekker pas worden gebruikt wanneer u een vervangstuk hebt verkregen bij een leverancier van elektrische onderdelen.
Moet u de stekker verwijderen, snijd de stekker dan los van het netsnoer en ontdoe u er onmiddellijk van. Probeer nooit om deze stekker opnieuw te gebruiken of in een stopcontact te stoppen, aangezien het gevaar voor elektrische schokken bijzonder groot is.
HOOFDKENMERKEN VAN HET PRODUCT
- Ingebouwde of vrijstaande installatie met één, twee of drie temperatuurzones.
- Traploze elektronische temperatuurregeling met digitaal display en touchpadinvoer.
- Temperatuur instelbaar van 5° tot 20 °C (41° tot 68 °F) voor de twee compartimenten en temperatuurweergave mogelijk in graden Fahrenheit of Celsius.
- Kan worden ingesteld op de rijpingstemperatuur voor lange bewaring of een specifieke serveertemperatuur voor rode/witte/mousserende wijnen.
- Koeling en verwarming om de perfecte bewaar-en/of serveeromstandigheden te handhaven.
- Koeling via een dynamische compressor om circulatie van de binnenlucht met een gelijkmatige verdeling van de temperatuur en de vochtigheid te garanderen.
- Zachte witte led-binnenverlichting met aanuit-schakelaar – functiemodus en presentatiemodus.
- Waarschuwingssysteem voor openstaande deur en defecten.
- Dankzij de sabbatmodus zullen de lichten gedoofd kunnen blijven tijdens bepaalde religieuze plechtigheden.
- Temperatuurgeheugenfunctie - als de stroom onderbroken is (vermogenssprong, beveiligingsschakelaar enz.) en het apparaat vervolgens opnieuw wordt ingeschakeld, zal het apparaat met de laatste ingestelde temperatuur functioneren.
- Automatische ontdooiing met verdamping van dooiwater.
- De omkeerbare deur in gehard tweelaags/drielaags rookglas beschermt uw wijn tegen uv-licht en creëert een aantrekkelijk display met weinig condensatie en een laag geluidsniveau.
- Het zwart gecoate buitenframe in mat staal en de kunststof voering aan de binnenzijde bieden prestatievermogen en stabiliteit gedurende de volledige levensduur. De zwarte voering voorkomt dat een overdaad aan licht het rijpingsproces schade berokkent.
- Optionele glazen deur met roestvrijstalen frame en roestvrijstalen handgreep.
- Optionele uitrolbare en verstelbare stevige gelakte planken in beukenhout zorgen voor een maximum aan comfort en flexibiliteit, om flessen met verschillende formaten te dragen.
- Milieuvriendelijk koel- en schuimisolatiegas.
- Optioneel veiligheidsslotsysteem met sleutels.
- Optioneel systeem voor vochtigheidsregeling (vochtigheidsdoos).
- Optionele actieve-koolluchtfilter.
INSTALLATIE
VOORDAT U UW WIJNKLIMAATKAST GEBRUIKT
- Verwijder alle verpakking aan de buitenzijde en de binnenzijde. Maak de binnenzijde schoon met lauw water met behulp van een zachte doek. Er kan aanvankelijk sprake zijn van restgeuren, die zullen verdwijnen naarmate het apparaat koelt.
- Voordat u de wijnklimaatkast op de stroombron aansluit, moet u de kast gedurende minstens 24 uur laten rechtop staan. Hierdoor zal de kans op een defect in het koelsysteem, dat wordt veroorzaakt door de behandeling tijdens het transport, worden verkleind. Wij raden u aan om de deur tijdens die periode open te laten staan, om eventuele restgeuren te laten verdwijnen.
- De deur op dit apparaat kan zowel vanaf de linkerzijde als vanaf de rechterzijde worden geopend. Het apparaat wordt geleverd met een deur die aan de linkerzijde opengaat. Wilt u de deur vanaf de rechterzijde openen, volg dan de voorschriften onder 'Het deurscharnier omkeren'.
- Installeer indien nodig de handgreep op de deur.
INSTALLATIE VAN UW WIJNKLIMAATKAST
- De apparaten zijn ontworpen om ingebouwd, verzonken of vrijstaand te worden geïnstalleerd.
- WAARSCHUWING: bewaar of installeer het apparaat niet in de buitenlucht. Het apparaat is bedoeld om binnenshuis te worden gebruikt.
- Plaats uw apparaat op een vloer die sterk genoeg is om het te dragen, wanneer het volledig vol is. Om uw apparaat te nivelleren, verstelt u de stelpoot vooraan aan de onderzijde van het apparaat.
- Voor een vrijstaande installatie wordt 100 mm ruimte aangeraden tussen de achterzijde en de zijkanten van het apparaat, wat de juiste luchtcirculatie om de compressor en de condensator te koelen mogelijk maakt, voor energiebesparing. Zelfs bij de inbouwinstallatie moet er aan elke zijde en aan de bovenzijde 5 mm ruimte worden gelaten, om de juiste toegang voor onderhoud en de juiste ventilatie te garanderen. Houd er rekening mee dat het luchtafvoerkanaal aan de voorzijde van het apparaat nooit op welke manier ook bedekt of versperd mag zijn.
- Houd het apparaat uit de buurt van direct zonlicht en warmtebronnen (kachel, verwarming, radiator enz.). Direct zonlicht kan de acrylcoating aantasten en warmtebronnen kunnen het elektriciteitsverbruik doen toenemen. Extreem koude omgevingstemperaturen kunnen er ook toe leiden dat het apparaat niet naar behoren functioneert.
- Plaats het apparaat niet in vochtige zones.
- Stop de stekker van het apparaat in een exclusief, eenvoudig bereikbaar stopcontact. Vragen over het vermogen en/of de aarding moeten aan een bevoegde elektricien of een erkend productonderhoudscentrum worden gesteld.
- Het apparaat moet in overeenstemming met de nationale en lokale voorschriften op alle elektrische verbindingen, buisleidingen, wateraansluitingen en afvoeraansluitingen worden geïnstalleerd.
• BELANGRIJK: ZEER VOCHTIG KLIMAAT.
Tijdens zeer vochtige periodes kan er wat condensatie verschijnen op het buitenvlak van de glazen deur. Deze condensatie zal verdwijnen wanneer de vochtigheidsgraad zakt. Ter preventie is het raadzaam om het apparaat met voldoende ventilatie op een droge plaats en/of een plaats met klimaatregeling te installeren.
OPMERKING: zorg ervoor dat het stopcontact en de aan-uitschakelaar eenvoudig bereikbaar zijn, nadat het apparaat geïnstalleerd is.
ONDERBOUWVOORSCHRIFTEN
Zorg ervoor dat uw installatie het ventilatierooster aan de voorzijde niet verspert. Moet er op het geïnstalleerde apparaat een keukenplint worden aangebracht, zorg er dan voor dat de ventilatieopeningen minstens 300 vierkante centimeter groot zijn, en verwijder de ventilatieroosters zodat de warme lucht ongehinderd kan worden verspreid. Anders moet het apparaat harder werken, wat resulteert in een stijging van het elektriciteitsverbruik.
OPMERKING: wanneer u het apparaat in de nis duwt, moet u ervoor zorgen dat de netkabel niet wordt ingesloten.

text_image
2575 500 822-892 820-890 100-170 440 75 115 556 720 Min. 300cm²VOORSCHRIFTEN VOLLEDIG GEİNTEGREERDE INBOUWZUIL
De deur van de wijnklimaatkast sluit het geïnstalleerde apparaat bijna volledig af. Er moet dus een luchtafvoerkanaal worden voorzien in de onderzijde van de ombouw. Verwarmde lucht moet via het ventilatiekanaal naar de achterwand van de ombouw worden geleid en vervolgens naar boven worden verdreven. De ventilatiekanalen moeten een dwarsdoorsnede van minstens 200 vierkante centimeter hebben.

text_image
Nom 170 M4.46 M1.96 145 P12 X5 10 800 50 550WAARSCHUWING: om te garanderen dat het apparaat naar behoren functioneert, mogen luchtafvoerkanalen nooit versperd of bedekt zijn.
VOORSCHRIFTEN INBOUWKAST
Zorg ervoor dat uw installatie het ventilatierooster aan de voorzijde niet verspert. En vergewis u ervan dat deur op de gekozen locatie naar behoren open en dicht zal gaan.
ELEKTRISCHE VERBINDING
WAARSCHUWING: onjuist gebruik van de geaarde stekker kan gevaar voor elektrische schokken met zich meebrengen. Is het stroomsnoer beschadigd, laat het dan vervangen door een bevoegde elektricien of een erkend onderhoudscentrum.
Alle elektriciteitswerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een geschikt gekwalificeerde en bevoegde persoon, in overeenstemming met de lokale en nationale veiligheidsvoorschriften. Ga na of de stroomspanning die op het product staat, overeenstemt met uw voedingsspanning.
Sluit dit apparaat aan op een apart circuit van minstens 13 A.
De verbinding moet tot stand worden gebracht via een eenvoudig bereikbaar geschikt geschakeld stopcontact. Voor extra veiligheid is het raadzaam om een aardlekschakelaar (ALS) met een uitschakelstroom van 30 mA te installeren.
Laat het stopcontact en het circuit controleren
door een bevoegde elektricien, om te garanderen dat het stopcontact juist geaard is.
Opmerking: op locaties waar het regelmatig bliksemt, is het raadzaam om overspanningsafleiders te gebruiken.
Sluit het apparaat niet op de netvoeding aan met behulp van een verlengsnoer. Verlengsnoeren garanderen de vereiste veiligheid van het apparaat niet (bv. gevaar voor oververhitting).
Het apparaat mag niet worden aangesloten op een wisselrichter en mag niet worden gebruikt met een stekkeradapter, aangezien deze schade kunnen toebrengen aan de elektronische unit van het apparaat.
Het snoer met veilig achter het apparaat rusten en mag niet onbeschermd neerliggen of neerhangen.
Het is mogelijk om de deur van dit apparaat om te keren als dat nodig is.
Volg hiervoor de onderstaande stappen:
Opmerking: Alle verwijderde onderdelen moeten worden bewaard voor het opnieuw installeren van de deur.

- Verwijder de afdekkappen (3) en verwijder vervolgens de glazen deur door de vier schroeven (1) en (2) los te draaien. Zorg ervoor dat u de glazen deur stevig vasthoudt na het verwijderen van de schroeven en plaats deze op een gewatteerde ondergrond om beschadiging te voorkomen.
- Verwijder de afdekkappen aan de linkerkant van de behuizing en gebruik ze om de schroefgaten aan de rechterkant af te dekken.
- Draai de glazen deur 180° en plaats de glazen deur terug aan de tegenoverliggende kant. Schroef hem vervolgens vast en draai hem vast nadat de deur waterpas is gezet.
HET APPARAAT BEVEILIGEN
Verwijder de twee afdekdopjes aan de andere kant van het scharnier en zet het apparaat vast in de uitsparing door de schroeven door de montagebeugel aan te draaien als het apparaat is uitgerust met een montagebeugel.

Dit apparaat is ontworpen om bij bepaalde omgevingstemperaturen te worden bediend. De klimaatklasse wordt gespecificeerd op de typeplaat.
Het apparaat werkt mogelijk niet naar behoren als het voor een lange periode op een temperatuur buiten het gespecificeerde bereik wordt gehouden. Zo kan de binnentemperatuur gaan schommelen, als u uw apparaat in extreem koude of warme omstandigheden plaatst. Het bereik tussen 5 °C en 20 °C (41 °F en 68 °F) wordt mogelijk niet bereikt.
| Klimaatklasse | Omgevingstemperaturen |
| SN | +10 °C tot +32 °C |
| N | +16 °C tot +32 °C |
| ST | +18 °C tot +38 °C |
| T | +18 °C tot +43 °C |
OPMERKING: apparaten zonder verwarming zullen de binnentemperatuur niet doen stijgen wanneer de omgevingstemperatuur van de locatie van het apparaat lager is dan de ingestelde temperatuur.
Opmerking:
- Wanneer u de wijnklimaatkast voor het eerst gebruikt of opnieuw inschakelt nadat het apparaat lang uitgeschakeld geweest is, kan er sprake zijn van enkele graden verschil tussen de temperatuur die u selecteert, en de temperatuur die wordt aangegeven op het led-display. Dit is normaal en is toe te schrijven aan de duur van de activeringstijd. Zodra de wijnklimaatkast enkele uren in werking is, zal alles opnieuw normaal zijn.
- Als het apparaat losgekoppeld is, als de stroom uitgevallen is of het apparaat uitgeschakeld is, moet u 3 tot 5 minuten wachten voordat u het apparaat opnieuw inschakelt. Als u het vroeger opnieuw probeert in te schakelen, zal dat niet lukken.
De bedieningselementen van uw wijnklimaatkast

text_image
① + - 8 12.°C F + - ★VOEDING
Om het apparaat in/uit te schakelen, houdt u de toets ① seconde lang ingedrukt.
OPMERKING: door één keer op de toets te drukken, kan het geluidsalarm worden uitgeschakeld, wanneer het alarm in werking is.
LICHT

Om het licht aan de binnenzijde in/uit te schakelen.
HOGER +^
Gebruikt om de ingestelde temperatuur met 1°C/1°F te verhogen (verwarmen).
LAGER — √
Gebruikt om de ingestelde temperatuur met 1°C/1°F te verlagen (afkoelen).
Display
Weergave van de digitale INGESTELDE temperatuur en onderhoudsindicatoren.
Indicatielampje
Het indicatielampje is terug te vinden in de rechterbenedenhoek van het display. Het indicatielampje zal branden wanneer de functie voor meerdere toetsen geselecteerd is. Om de functie voor meerdere toetsen uit te voeren, houdt u de eerste toets ingedrukt en drukt u vervolgens minstens 5 seconden lang op de resttoets. Vervolgens laat u alle toetsen los.
Keuzeschakelaar °F/°C
Stel de temperatuurweergave in op graden Fahrenheit of Celsius. Om de temperatuur van Fahrenheit in Celsius of van Celsius in Fahrenheit te veranderen, houdt u de "LICHT"-toets 5 seconden lang ingedrukt.
Toetsenvergrendeling (optioneel)
Wordt er gedurende 2 minuten of langer geen toets ingedrukt, dan zal de toetsenvergrendeling automatisch worden geactiveerd. Om de toetsen te ontgrendelen, drukt u minstens 5 seconden lang tegelijkertijd op de "HOGER"- en "LAGER"-toetsen. Het indicatielampje zal drie keer knipperen, om de actie te bevestigen.
De temperatuurregeling instellen
- Het apparaat heeft één temperatuurzone. De temperatuur kan worden ingesteld tussen 5 °C en 20 °C (41 °F en 68 °F), wat ideaal is voor de bewaring van rode, witte of mousserende wijn.
- Wanneer het apparaat voor het eerst wordt ingeschakeld, zal het automatisch opstarten volgens de vooraf ingestelde standaardwaarden. De temperatuur die vooraf in de fabriek wordt ingesteld, bedraagt 12 °C (54 °F).
- U kunt de temperatuur naar wens instellen door op de "HOGER"- of "LAGER"-toets te drukken. Wanneer u voor het eerst op de twee toetsen drukt, zal op het display de temperatuur verschijnen die het laatst vooraf werd ingesteld. De temperatuur zal met 1 °C / 1 °F stijgen wanneer u één keer op de "HOGER"-toets drukt, of de temperatuur zal met 1 °C / 1 °F dalen wanneer u één keer op de "LAGER"-toets drukt. Het display knippert terwijl u de instelling uitvoert.
- Het display geeft altijd de INGESTELDE temperatuur weer. De INGESTELDE temperatuur zal knipperen als de actuele temperatuur in de zone met meer dan 5 °C verschilt van de INGESTELDE temperatuur.
De bedieningselementen van uw wijnklimaatkast
VOEDING ①
Om het apparaat in/uit te schakelen, houdt u de toets ⑪ seconde lang ingedrukt.
OPMERKING: door één keer op de toets te drukken, kan het geluidsalarm worden uitgeschakeld, wanneer het alarm in werking is.
HOGER +^
Om de ingestelde temperatuur met 1°C of 1F te verhogen (verwarmen).
LAGER—√
Om de ingestelde temperatuur met 1°C of 1°F te verlagen (afkoelen).
LICHT
Om het licht aan de binnenzijde in/uit te schakelen.
Display
Weergave van de digitale temperatuur en onderhoudsindicatoren.
is voor temperatuurzone BOVENAAN LINKS en is voor temperatuurzone ONDERAAN RECHTS.
Indicatielampje
Het indicatielampje is terug te vinden in de rechterbenedenhoek van het display. Het indicatielampje zal branden wanneer de functie voor meerdere toetsen geselecteerd is. Om de functie voor meerdere toetsen uit te voeren, houdt u de eerste toets ingedrukt en drukt u vervolgens minstens 5 seconden lang op de resttoets. Vervolgens laat u alle toetsen los.
Keuzeschakelaar °F/°C
Stel de temperatuurweergave in op graden Fahrenheit of Celsius. Om de temperatuur van Fahrenheit in Celsius of van Celsius in Fahrenheit te veranderen, houdt u de "LICHT"-toets 5 seconden lang ingedrukt.
Toetsenvergrendeling (optioneel)
Wordt er gedurende 2 minuten of langer geen toets aangeraakt, dan zal de toetsenvergrendeling automatisch worden geactiveerd. Om de toetsen te ontgrendelen, drukt u minstens 5 seconden lang tegelijkertijd op de "HOGER"- en "LAGER"-toetsen. Het indicatielampje zal drie keer knipperen, om de actie te bevestigen.
De temperatuurregeling instellen
- Het apparaat heeft twee aparte temperatuurzones. De temperatuur van beide zones kan worden ingesteld tussen 5 °C en 20 °C (41 °F en 68 °F). De temperatuurzone ONDERAAN RECHTS is ideaal voor de bewaring van witte en rode wijn bij een instelling van 13 °C tot 20 °C (55 °F tot 68 °F). De temperatuurzone BOVENAAN LINKS is geschikt voor de bewaring van champagne en witte wijn bij een instelling van 5 °C tot 13 °C (41 °F tot 55 °F).
- Wanneer het apparaat voor het eerst wordt ingeschakeld, zal het automatisch opstarten volgens de vooraf ingestelde standaardwaarden. De vooraf ingestelde temperatuur in de fabriek voor de temperatuurzone BOVENAAN LINKS bedraagt 10 °C (50 °F) en voor de temperatuurzone ONDERAAN RECHTS 16 °C (60 °F).
- U kunt de "HOGER"- en "LAGER"-toetsen aan de linkerzijde indrukken om de
binnentemperatuur van de temperatuurzone BOVENAAN LINKS te regelen, en de "HODER"- en "LAGER"-toetsen aan de rechterzijde indrukken om de binnentemperatuur van de temperatuurzone ONDERAAN RECHTS te regelen. Wanneer u de twee toetsen voor het eerst indrukt, zal op het display de temperatuur verschijnen die het laatst vooraf werd ingesteld.
OPMERKING: de temperatuur die wordt ingesteld voor de temperatuurzone ONDERAAN RECHTS, moet altijd even hoog of hoger zijn dan die in de temperatuurzone BOVENAAN LINKS. Voor een optimaal prestatievermogen moet de ingestelde temperatuur van de twee zones met minstens 4 °C verschillen.
- De temperatuur die u wilt instellen, zal met 1 °C of 1 °F stijgen als u één keer op het "HÖGER"-teken drukt; de temperatuur zal daarentegen met 1 °C of 1° F dalen als u één keer op het "LAGER"-teken drukt. Het display knippert terwijl u de instelling uitvoert.
- Het display geeft altijd de INGESTELDE temperatuur weer. De INGESTELDE temperatuur zal knipperen als de actuele temperatuur in de zone met meer dan 5 °C verschilt van de INGESTELDE temperatuur.
TEMPERATUURDISPLAY
Tijdens de normale werking geeft het temperatuurdisplay op het bedieningspaneel altijd de INGESTELDE temperatuur weer. Het temperatuurdisplay zal knipperen als
- Er een andere temperatuur wordt ingesteld,
- De temperatuur in de zone verschilt met meer dan 5°C van de ingestelde temperatuur.
Het knipperende temperatuurdisplay garandeert dat de temperatuur niet ongemerkt kan stijgen of dalen, en schade kan toebrengen aan de wijn.
Wanneer zich een stroomonderbreking (vermogenssprong, beveiligingsschakelaar enz.) voordoet, kan het apparaat de vorige temperatuurinstellingen onthouden, en wanneer de stroomtoevoer hersteld is, zal de
kasttemperatuur terugkeren naar dezelfde ingestelde temperatuur, waarvan sprake was toen het apparaat werd uitgeschakeld.
TEMPERATUURALARM
Er zal een alarm weerklinken als de temperatuur in een van de zones buiten het temperatuurbereik stijgt of zakt. Het toepasselijke temperatuurdisplay zal op hetzelfde ogenblik knipperen.
De temperatuur waarop het apparaat ingesteld is, bepaalt de temperatuur die het apparaat herkent als te warm of te koud.
Het alarm zal weerklinken en het temperatuurdisplay zal knipperen:
- Wanneer u het apparaat inschakelt, als de temperatuur aan de binnenzijde van het apparaat sterk verschilt van de ingestelde temperatuur.
- Wanneer zich een langdurige stroomonderbreking heeft voorgedaan.
- Wanneer te veel items tegelijk in het apparaat geplaatst zijn.
- Wanneer de deur niet goed gesloten is.
DEURALARM
Als de deur gedurende meer dan 60 seconden openstaat, zal het alarm weerklinken.
Zodra de temperatuur in het apparaat bereikt is, valt het alarm stil en knippert het toepasselijke temperatuurdisplay niet langer. Als het lawaai u echter stoort, kunt u het alarm vroeger uitschakelen, door één keer op de "VOEDING"-knop te drukken. Het alarm zal stilvallen. Het toepasselijke temperatuurdisplay blijft knipperen tot de ingestelde temperatuur bereikt is. Het display blijft vervolgens branden en het alarmsysteem is opnieuw volledig actief.
BINNENVERLICHTING
De binnenverlichting maakt het eenvoudig om de etiketten van uw wijnen te bekijken, en plaatst uw collectie meer in de kijker. Door het "LICHT"-teken aan te raken, wisselt u af tussen 2 bedrijfsmodi voor de binnenverlichting: functionele (standaard)modus en presentatiemodus. Staat het apparaat in de functionele (standaard)modus, dan zal de verlichting worden ingeschakeld wanneer de deur open is. Staat het apparaat in de presentatiemodus, dan zal de verlichting ook ingeschakeld zijn als de deur gesloten is.
"DYNAMISCH KLIMAAT"-MODUS / STILLE MODUS
Dankzij deze "dynamisch klimaat"-modus kunnen de relatieve vochtigheid in het apparaat en de temperatuur gelijkmatig worden verdeeld over de binnenzijde, zodat u al uw wijn in precies dezelfde uitstekende omstandigheden kunt bewaren. Als u het apparaat wilt gebruiken om wijn op lange termijn te bewaren, is de "dynamisch klimaat"-modus een noodzaak. Deze modus zal een continu klimaat in de kast creëren, dat het klimaat van een wijnkelder nabootst.
In de "dynamisch klimaat"-modus laat de ventilator aan de binnenzijde de binnenlucht gelijkmatig circuleren, zelfs wanneer de ingestelde temperatuur bereikt is. De "dynamisch klimaat"-modus is de modus die vooraf in de fabriek ingesteld wordt, en die lawaai produceert. Om over te schakelen op de stille modus, houdt u de "HÖGER"-toets ongeveer vijf seconden lang ingedrukt. Het wijnkoelsysteem zal drie pieptonen laten weerklinken, om te bevestigen dat de stille modus ingeschakeld is. Om terug over te schakelen op de "dynamisch klimaat"-modus, houdt u de "LAGER"-toets ongeveer vijf seconden lang ingedrukt. Het wijnkoelsysteem zal vijf pieptonen laten weerklinken, om te bevestigen dat de "dynamisch klimaat"-modus ingeschakeld is.
SABBATMODUS
De sabbatmodus is beschikbaar voor de viering van bepaalde religieuze feestdagen. Deze modus schakelt de displays, de binnenverlichting en de geluidsalarmen uit, en voorkomt dat deze opnieuw worden ingeschakeld. Er zal nog altijd een normale koeling plaatsvinden.
Om de sabbatmodus in te schakelen, drukt u minstens 5 seconden lang tegelijkertijd op de "VOEDING"- en "LICHT"-toetsen. Het indicatielampje zal vier keer knipperen en bevestigen dat de sabbatmodus ingeschakeld is.
De sabbatmodus kan worden opgeroepen door het bovenstaande proces te herhalen. De sabbatmodus zal na 96 uur automatisch worden uitgeschakeld.
KASTPLANKEN
- BELANGRIJK - bedek de planken in geen geval met aluminiumfolie of om het even welk ander materiaal dat een adequate luchtcirculatie in de kast zal belemmeren.
- Om beschadiging van de deurafdichting te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat de
deur volledig open is wanneer u planken uit het railcompartiment trekt.
- Voor een eenvoudige toegang tot de bewaarde flessen, trekt u de planken voor ongeveer 1/3 naar buiten. De planken zijn ontworpen met een noodstop, om te voorkomen dat deze te ver worden verwijderd wanneer er flessen op liggen.
ONTDOOIING / VOCHTMETING / VENTILATIE
Uw wijnklimaatkast is ontworpen met een automatisch ontdooisysteem. Tijdens de "uitschakelcyclus" ontdooit de verdamper achter de achterwand van het apparaat automatisch. Het condensaat wordt verzameld in de afvoer achter de achterwand van het apparaat, en stroomt door het afvoergat in de afdruipbak naast/boven de compressor. De warmte wordt overgebracht via de afvoerleiding of de compressor en verdampt al het condensaat dat in de bak verzameld is. Een deel van het resterende water wordt in de wijnklimaatkast verzameld, om vochtigheidsredenen.
Dit systeem maakt het mogelijk om voor de juiste vochtigheidsgraad in uw wijnklimaatkast te zorgen, die wordt vereist door de natuurlijke kurk om een langdurige afdichting in stand te houden.
De wijnklimaatkast is niet volledig dicht: de toevoer van verse lucht wordt mogelijk gemaakt via de afvoerleiding. De lucht wordt in heel het apparaat verspreid door middel van (een) ventilator(en) en de holle planken.
OPMERKING: de rijp kan zich echter ophopen op de verdamper, wanneer het apparaat herhaaldelijk wordt geopend op een zeer warme of zeer vochtige locatie. Als die niet binnen 24 uur verdwijnt, zal uw apparaat handmatig moeten worden ontdooid.
BEWARING VAN FLESSEN
Er zijn heel wat flessen van verschillende grootte. Het eigenlijke aantal flessen dat u kunt bewaren, kan bijgevolg variëren.
De flescapaciteiten zijn geschatte maxima wanneer u traditionele bordeauxflessen van 750 ml bewaart, en omvatten bewaring in bulk.
U kunt uw wijnflessen op één rij rangschikken of stapelen, waarbij u het volgende in acht moet nemen: als u niet voldoende flessen hebt om uw wijnklimaatkast volledig te vullen, is het beter om de flessen over heel de
wijnklimaatkast te verdelen, zodat wordt vermeden dat alle flessen bovenaan of onderaan liggen.
- Verwijder of verplaats verstelbare houten planken om grotere flestyles toe te voegen, of vergroot indien nodig de capaciteit van het apparaat door de flessen te stapelen. (Zie "Planken verwijderen")
- Bewaar een korte afstand tussen de wanden en de flessen, om luchtcirculatie mogelijk te maken. Net zoals in een ondergrondse kelder is de luchtcirculatie belangrijk om schimmel te voorkomen, en voor een homogenere temperatuur in het apparaat.
- Plaats niet te veel flessen in uw wijnklimaatkast, om de luchtcirculatie te vergemakkelijken.
- Versper de ventilatoren aan de binnenzijde niet (vanbinnen op het achterpaneel van de wijnklimaatkast).
- Probeer de planken niet voorbij de vaste positie naar buiten te trekken, om te voorkomen dat de flessen vallen.
- Trek nooit meer dan één plank met flessen tegelijk naar buiten, aangezien de wijnklimaatkast daardoor naar voor kan kantelen als die niet naar behoren geïnstalleerd is.
TABEL MET SERVEERTEMPERATUREN VAN WIJN
Alle wijnen rijpen op dezelfde temperatuur, dat wil zeggen een constante temperatuur tussen 11 °C en 14 °C. De onderstaande tabel is een indicatieve temperatuurtabel, die de beste temperatuur voor het drinken van wijn aangeeft.
| Wijnstijl | °C | °F |
| Champagne NV, mousserende wijn, spumante | 6 | 43 |
| Droge witte sémillon, sauvignon | 8 | 46 |
| Vintage champagne | 10 | 50 |
| Droge witte chardonnay | 10 | 50 |
| Droge witte gewürztraminer, riesling, | 10 | 50 |
| Zoete witte sauternes, barsac, montbazillac, ijswijn, late harvest | 10 | 50 |
| Beaujolais | 13 | 55 |
| Zoete witte vintage: sauternes... | 14 | 57 |
| Witte vintage chardonnay | 14 | 57 |
| Rode pinot noir | 16 | 61 |
| Rode grenache, syrah | 16 | 61 |
| Rode vintage pinot noir | 18 | 65 |
| Cabernet en merlot: Frans, Australisch, Nieuw-Zeeland, Chileens, Italiaans, Spaans, | 20 | 68 |
| Vintage bordeaux ... | Kamer-temperatuu r niet hoger dan 20°C/68°F | |
BELANGRIJKE INFORMATIE OVER DE TEMPERATUUR
Uw wijnklimaatkast werd ontworpen om de optimale omstandigheden voor het bewaren en/of serveren van uw wijnen te garanderen.
Voortreffelijke wijnen moeten lang en langzaam kunnen rijpen en hebben specifieke omstandigheden nodig, waarin de wijnen hun volle potentieel kunnen bereiken.
Alle wijnen rijpen op dezelfde temperatuur, dat wil zeggen een constante temperatuur tussen 11 °C en 14 °C. Alleen de degustatietemperatuur varieert naargelang van het type wijn (zie "Tabel met serveertemperaturen van wijn" hierboven). Dat gezegd zijnde, en net zoals dat het geval is voor natuurlijke kelders die worden gebruikt door wijnproducenten om wijn lang te bewaren, is het niet de precieze temperatuur die belangrijk is, maar wel de consistentie ervan. Met andere woorden, zolang de temperatuur van uw wijnklimaatkast constant is (tussen 11 °C en 14 °C), zullen uw wijnen in perfecte omstandigheden worden bewaard.
Niet alle wijnen zullen met de jaren beter worden. Sommige wijnen moeten vroeg worden opgedronken (2 tot 3 jaar), terwijl andere enorm oud kunnen worden (50 jaar en ouder). Alle wijnen hebben een piek op het gebied van rijpheid. Neem contact op met uw wijnhandelaar voor de toepasselijke informatie.
ZORG EN ONDERHOUD
WAARSCHUWING: als u het apparaat tijdens het onderhoud en de schoonmaak niet loskoppelt, kan dat tot elektrische schokken of andere lichamelijke letsels leiden.
PLANKEN VERWIJDEREN
Om een plank te verwijderen, trekt u de plank zo ver mogelijk uit het railcompartiment en verwijdert u alle flessen van de plank. Druk de rechter ontgrendelingshendel omlaag en til tegelijkertijd de corresponderende linker ontgrendelingshendel omhoog en trek het schap naar buiten totdat het vrij is van de rails en de kast.
Om het schap terug te plaatsen, lijnt u de linker en rechter geleiderails uit met de rails in de kast. Zorg ervoor dat de rails aan beide zijden gelijkmatig in elkaar grijpen en duw de legplank voorzichtig in de kast tot de lipjes vastklikken.
OPMERKING: Zorg ervoor dat de lipjes op de geleiders van de volledig uitgeschoven plank volledig vastklikken voordat u flessen plaatst. Trek de plank uit tot STOP en duw hem een paar keer terug om te controleren of de vergrendelingslipjes goed vastzitten.

- Het apparaat is uitgerust met een systeem om de juiste vochtigheidsgraad te handhaven. In extreem droge omgevingsomstandigheden moet u mogelijk wat water toevoegen in de vochtigheidsdoos, die bij uw wijnklimaatkast wordt geleverd.
- Vul het kleine plastic reservoir (vochtigheidsdoos) voor 34 met water en
bevestig het op de looprails die terug te vinden zijn op de bovenste plank van het apparaat. Controleer regelmatig het waterpeil en voeg indien nodig water toe.
- Zorg ervoor dat het reservoir juist op de looprails op de bovenste plank wordt geplaatst, om te voorkomen dat er water wordt gemorst.

Vervang één keer per jaar de actieve-koolluchtfilter door een nieuwe. Deze filter kan worden gekocht bij uw handelaar of bij het departement voor reserveonderdelen.
- Pak de filter beet en draai de filter 90° naar rechts of naar links om deze te verwijderen.
- Plaats de nieuwe filter in de verticale positie. Draai de filter 90° naar rechts of naar links tot de filter vastklikt.

- Uw apparaat is uitgerust met een slot met sleutel.
- De sleutels zitten in de plastic zak waarin ook de gebruiksaanwijzing zit. Stop de sleutel in het slot en draai de sleutel naar links, om de deur te ontgrendelen. Om de deur te vergrendelen, gaat u omgekeerd te werk. Zorg er daarbij voor dat de metalen pen volledig gekoppeld is. Verwijder de sleutel en bewaar deze op een veilige plaats.
UW WIJNKLIMAATKAST SCHOONMAKEN
- Schakel het apparaat uit, koppel het los en verwijder alle items, inclusief planken en rek.
- Maak de binnenzijde schoon met een oplossing van warm water en zuiveringszout. De oplossing moet uit 2 eetlepels zuiveringszout in een halve liter water bestaan.
- Maak de planken schoon met een milde detergentoplossing.
- Wring de spons of de doek goed uit, wanneer u zones met bedieningselementen schoonmaakt.
- Maak de buitenzijde van de kast schoon met warm water en een mild vloeibaar detergent. Goed afspoelen en droog vegen met een schone zachte doek.
- Maak het roestvrije staal niet schoon met staalwol. Het is raadzaam om een "alles in één"-schoonmaakmiddel voor roestvrij staal te gebruiken om het roestvrije staal schoon te maken, en maak daarbij altijd schoon in de vezelrichting.
STROOMSTORING
- Bij een stroomonderbreking worden alle vorige temperatuurinstellingen automatisch opgeslagen. Als de stroom onderbroken is (vermogenssprong, beveiligingsschakelaar enz.) en het apparaat vervolgens opnieuw wordt ingeschakeld, zal het apparaat met de laatste ingestelde temperatuur functioneren.
- De meeste stroomstoringen worden binnen enkele uren verholpen en zouden de temperatuur van uw apparaat niet mogen beïnvloeden, als u het aantal keren dat de deur wordt geopend tot een minimum beperkt. Als de stroom voor een langere periode onderbroken zal zijn, moet u de gepaste maatregelen nemen om de inhoud van uw wijnklimaatkast te beschermen.
- OPMERKING: ongeacht de oorzaak, als u een abnormale temperatuur of vochtigheidsgraad in uw wijnklimaatkast opmerkt, kunt u er gerust over zijn dat alleen een lange en regelmatige blootstelling aan deze abnormale omstandigheden nadelige gevolgen voor uw wijnen kan hebben.
VAKANTIEPERIODES
- Korte vakanties: laat de wijnklimaatkast functioneren voor vakanties van minder dan drie weken.
- Lange afwezigheid: als het apparaat meerdere maanden lang niet wordt gebruikt, moet u alle items verwijderen en het apparaat uitschakelen en loskoppelen. Zorg ervoor dat u de binnenzijde grondig schoonmaakt en droogt. Om geurontwikkeling en schimmelvorming te voorkomen, laat u de deur een klein beetje openstaan: blokkeer indien nodig de openstaande deur.
UW WIJNKLIMAATKAST VERPLAATSEN
- Verwijder alle items.
- Plak alle losse items (planken) in uw apparaat vast met tape.
- Draai de verstelbare poot omhoog tegen de onderzijde, om schade te voorkomen.
- Plak de gesloten deur vast met tape.
- Zorg ervoor dat het apparaat stevig rechtop blijft staan tijdens het transport. Bescherm ook de buitenzijde van het apparaat met een deken of iets vergelijkbaars.
TIPS VOOR ENERGIEBESPARING
- Het apparaat moet in de koelste zone van de ruimte worden geplaatst, uit de buurt van apparaten die warmte produceren, en uit direct zonlicht.
- Zorg ervoor dat het apparaat op gepaste wijze wordt geventileerd. Bedek de
PROBLEMEN MET UW APPARAAT
luchtafvoerkanalen nooit. Verwijder regelmatig stof en vuil van de condensator.
- Open de deur alleen als dat noodzakelijk is en doe de deur zo snel mogelijk weer dicht.
- Bewaar de inhoud op een gestructureerde manier.
- Overlaad het apparaat niet, zodat de lucht kan circuleren.
U kunt heel wat veel voorkomende problemen eenvoudig zelf oplossen, wat u de kostprijs van mogelijke onderhoudswerkzaamheden bespaart.
Probeer de onderstaande voorstellen uit om te zien of u het probleem kunt oplossen, voordat u een beroep doet op de klantenservice.
LEIDRAAD VOOR DE OPSPORING EN VERHELPING VAN PROBLEMEN
| PROBLEEM | MOGELIJKE OORZAAK | OPLOSSING |
| Apparaat werkt niet. | Apparaat is niet aangesloten op een voeding.Het apparaat is uitgeschakeld.De stroomonderbreker werd geactiveerd of doorgeslagen zekering. | Sluit het apparaat aan.Schakel het apparaat in.Stel stroomonderbreker terug of vervang zekering. |
| Apparaat is niet koud genoeg. | De temperatuur is niet juist ingesteld.De omgevingstemperatuur vereist mogelijk een hogere ingestelde temperatuur.De deur werd te vaak geopend.De deur was niet volledig gesloten.Deur is niet hermetisch gesloten.De condensator is te vuil.De ventilatieopening is versperd of te stoffig. | Controleer de ingestelde temperatuur.Stel een hogere temperatuur in.Open de deur alleen als dat nodig is.Sluit de deur zoals het hoort.Controleer de deurafdichting:schoonmaken of vervangen.Maak indien nodig de condensator schoon.Maak de versperring ongedaan en verwijder het stof. |
| Apparaat wordt regelmatig automatisch in- en uitgeschakeld. | De kamertemperatuur is hoger dan gemiddeld.Er werd een grote hoeveelheid flessen in het apparaat geplaatst.De deur is te vaak open.De deur is niet volledig gesloten.De deurafdichting sluit niet af zoals het hoort. | Plaats het apparaat op een koelere plaats.Laat het apparaat een tijdje functioneren tot de ingestelde temperatuur bereikt is.Open de deur alleen als dat nodig is.Sluit de deur zoals het hoort .Controleer de Deurafdichting:schoonmaken of vervangen. |
| De verlichting werkt niet. | Apparaat is niet aangesloten op een voeding.De stroomonderbreker werd geactiveerd of doorgeslagen zekering.De verlichting werd uitgeschakeld op het bedieningspaneel. | Sluit het apparaat aan.Stel stroomonderbreker terug of vervang zekering.Schakel de verlichting in. |
| Trillingen. | Het apparaat staat niet vlak zoals het hoort. | Nivelleer het apparaat met de verstelbare poot. |
| Het apparaat lijkt te veel lawaai te maken. | Het ratelende geluid kan afkomstig zijn van de stroming van het koelmidde wat normaal is. Op het eindevan elke cyclus hoort u mogelijk klaterende geluiden die worden veroorzaakt door de stroming van het koelmiddel in uw apparaat. Doen er zich temperatuurschommelingen voor, dan kunnen de samentrekking en de uitzevan de binnenwanden plof- en kraakgeluiden veroorzaken. | |
| Het apparaat staat niet vlak zoals het hoort. | Nivelleer het apparaat met de verstelbare poot. | |
| De deur sluit niet zoals het hoort. | Het apparaat staat niet vlak zoals het hoort.De deur werd omgekeerd en niet geïnstalleerd zoals het hoort.De afdichting is vuil.De planken bevinden zich niet op hun plaats. | Nivelleer het apparaat met de verstelbare poot.Controleer het deurscharnier en hermonteer de deur zoals het hoort.Maak de deurafdichting schoon .Controleer de planken en zorg ervoor dat deze juist geplaatst zijn. |
| Weergave "E1" of "E2". | De luchttemperatuursensor is uitgevallen. | Vraag om onderhoud. |
| Het alarm weerklinkt en het temperatuurdisplay knippert. | Heeft de deur van het apparaat langer dan 60 seconden opengestaan? Is dat niet het geval, dan is de temperatuur boven of onder de ingestelde temperatuur gestegen of gezakt. Dat kan aan het volgende te wijten zijn:De deur van het apparaat werd te vaak geopend.De ventilatieopening is versperd of te stoffig.Een lange stroomonderbreking.Er werd een grote hoeveelheid flessen in het apparaat geplaatst. | Zo ja, sluit de deur.Open de deur alleen als dat nodig is.Maak de versperring ongedaan en verwijder het stof.Laat het apparaat een tijdje functioneren tot de ingestelde temperatuur bereikt is. |
| Het pictogram "--" brand en knippert in het temperatuurdisplay. | De temperatuur op het display bevindt zich buiten het bereik. | Alleen temperaturen binnen het bereik 0~99 °F / -9~37 °C die het apparaat kan weergeven, zullen worden getoond. Bevindt de temperatuur zich niet binnen dat bereik, dan zal in plaats daarvan het pictogram "--" worden weergegeven. Dat is normaal. |
GARANTIE
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Is het product defect, neem dan contact op met uw plaatselijke handelaar.
Moeten er werkzaamheden worden uitgevoerd, voorzie dan de volgende documenten wanneer u het apparaat retourneert:
- Een kopie van het ontvangstbewijs met aankoopdatum.
- Een reden voor de claim of een beschrijving van het defect.
De garantie is exclusief:
- Beschadiging tijdens het vervoer of wanneer het apparaat wordt verplaatst.
- Schade die wordt veroorzaakt door onoplettendheid, een ongeval, verkeerd gebruik, verkeerde installatie/bediening of gebruik voor doeleinden die niet worden beschreven in de gebruiksaanwijzing.
- Schade die wordt veroorzaakt door uw product op de verkeerde stroombron aan te sluiten.
- Beschadiging door een stroomstoring.
- Onjuiste installatie of wijziging die werd aangebracht tijdens de installatie.
- Schade die wordt veroorzaakt door reparaties door onbevoegden.
- Schade die het gevolg is van overmacht, brand of een natuurramp.
- Veranderingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant.
- Onderdelen zoals de verlichting, de verwijderbare planken of plastic.
- Bederf van of schade aan wijnen of andere inhoud als gevolg van mogelijke defecten aan het apparaat.
Opmerking: de garantiebepalingen en -specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.