ALE 300 N - Ontvochtiger ATIKA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ALE 300 N ATIKA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over ALE 300 N ATIKA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ontvochtiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ALE 300 N - ATIKA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ALE 300 N van het merk ATIKA.
GEBRUIKSAANWIJZING ALE 300 N ATIKA
Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing

Blz. 93
Osuszacz powietrza
U mag het toestel niet in gebruik nemen, voordat u deze gebruiksaanwijzing heeft gelezen, alle voorschriften heeft opgevolgd en het toestel als voorgeschreven heeft gemonteerd.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing voor alle toekomstige toepassingen op.

Elektrische toestellen behoren niet in de huisafval. Toestellen, toebehoren en verpakking naar een milieuvriendelijk recycling brengen.
Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/EU over oude
elektronische apparaten en electronica moeten niet meer bruikbare elektrische toestellen apart worden verzamend en een milieuvriendelijk recycling worden toegevoerd.
Terwijl het afgedankte elektrisch apparaat wacht op afvoer naar een afvalinzamelaar en -verwerker, dient u ervoor te zorgen dat er geen schade kan ontstaan aan de koelkring in het apparaat, om ongecontroleerd uitlopen van de koelvloeistof te voorkomen.
Inhoud
| EG-conformiteitsverklaring 98 | |
| Leveringsomvang | 98 |
| Symbolen toestel 99 | |
| Symbolen in de gebruiksaanwijzing 99 | |
| Reglementaire toepassing 99 | |
| Restrisico | 99 |
| Koelvloeistof | 99 |
| Veiligheidsinstructies | 99 |
| • Elektrische veiligheidsinstructies 100 | |
| Werking | 100 |
| Samenbouw 101 | |
| Opstellen van de luchtontvochtiger 102 | |
| • Plaatsen | 102 |
| • Netaansluiting | 102 |
| • Netzekering | 102 |
| Ingebruikname | 102 |
| • Vóór ingebruikname 102 | |
| • Bedieningsveld | 102 |
| • Inschakelen | 103 |
| • Uitschakelen | 103 |
| • Luchtvochtigheidswaarde instellen 103 | |
| • Ontdooiautomatiek | 103 |
| • Bedrijfsurenteller | 103 |
| Wateruitloop | 103 |
| • Verwijderen van de wateropvangbak 103 | |
| • Continu bedrijf of langere bedrijfstijd | 103 |
| Transport | 104 |
| Reiniging en onderhoud 104 | |
| • Reiniging luchtfilter 104 | |
| • Verwijderen van de filter 104 | |
| • Inzetten van de filter 104 | |
| • Reiniging van het toestel | 104 |
| • Onderhoud | 105 |
| Opslag | 105 |
| Mogelijke storingen | 105 |
| • Storingweergave | 106 |
| Technische gegevens | 106 |
| Schakelschema | 107 |
| Koelcircuit | 107 |
| Reserveonderdelen | 108 |
| Garantie | 108 |
EG-conformiteitsverklaring
Nr. (S-No.): 14761
volgens de richtlijn 2014/35/EU
Hiermede verklaren wij
Altrad Lescha Atika GmbH
Josef-Drexler-Str. 8 - 89331 Burgau - Germany
in uitsluitende verantwoordelijkheid, dat het product
Luftentfeuchter (luchtontvochter) type / model ALE 300 N
Serienummer: 000001-020000
aan de bepalingen van de boven vermelde EG-richtlijnen alsook aan de bepalingen van de volgende verdere richtlijnen beantwoordt: 2014/30/EU en 2011/65/EG
De volgende geharmoniseerde normen werden toegepast:
EN 60335-1:2012+A11:2014+A13:2017+A1:2019+A2:2019+A14:2019;
EN 60335-2-40:2003+A11:2004+A12:2005+A1:2006+A2:2009+A13:2012;
EN 62233:2008; EN 55014-1:2017; EN 55014-2:2015;
EN 61000-3-2:2014; EN 61000-3-3:2013
Bewaring van de technische documenten:
Altrad Lescha Atika GmbH – Technisch kantoor – Josef Drexler Str. 8 – 89331 Burgau - Germany

text_image
-89331 Burgau - Germany i. A.Burgau, 25.08.2020 i. A. G. Koppenstein, Constructieleiding
Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken de inhoud van de verpakking op:
▶ aanwezigheid van alle onderdelen
▶ eventuele transportschade
Meld mogelijke klachten direct aan uw leverancier of fabrikant. Latere reclamaties worden niet in behandeling genomen.
• voorgemonteerde toesteleenheid
• 1 transporthendel
• 2 wielen
- slang
- gebruiksaanwijzing
• garantieverklaring
Symbolen toestel

Vóór ingebruikname de gebruiks-aanwijzing en veiligheidsinstructies lezen en opvolgen.

Vóór reparatie-, onderhoud- en reinigingswerkzaamheden de luchtontvochter stopzetten en de stekker uit het stopcontact nemen.

Luchtontvochter niet kantelen of liggend transporteren.

Waarschuwing!
De luchtontvochtiger is gevuld met de brandbare koelvloeistof R290.
Bij verkeerde hantering van het apparaat bestaat gevaar voor ernstig lichamelijk letsel of materiële schade.
Symbolen in de gebruiksaanwijzing

Dreigend gevaar of gevaarlijke situatie. De veronachtzaming van deze aanwijzingen kan schade of verwondingen ten gevolg hebben.

Belangrijke aanwijzing voor het vakkundig gebruik. Het niet opvolgen van deze aanwijzingen kan tot leiden.

Gebruikersaanwijzingen. Deze aanwijzingen helpen u het toestel optimaal te benutten.

Montage, bediening en onderhoud. Hier wordt precies uitgelegd wat u moet doen.
Reglementaire toepassing
De luchtontvochter is alleen voor het gebruik in het huis geschikt, voor het drogen van vochtige wanden, na waterschade of voor het reduceren van de luchtvochtigheid in gesloten ruimten.
Tot de reglementaire toepassing behoort ook het opvolgen van de gebruiks-, onderhouds- en reparatievoorschriften en het opvolgen van de veiligheidsvoorschriften van de fabrikant.
De voor het bedrijf geldige ongevallenpreventievoorschriften alsook de overige algemeen erkende werkmedische en veiligheidstechnische regels moeten worden opgevolgd.
Alle verdere toepassingen gelden als onreglementair. Voor hieruit resulterende schade van eenieder soort is de fabrikant niet aansprakelijk: het risico draagt alleen de gebruiker.
Eigenmachtige verbouwingen aan de luchtontvochtiger sluiten een aansprakelijkheid van de fabrikant voor hieruit voortvloeiende schade van een ieder soort uit.
Restrisico's
⚠️ Ook bij reglementair gebruik kunnen ondanks opvolging van alle gebruikelijke veiligheidsbepalingen zijn er op grond van de constructie voor de toepassing van deze machine nog een aantal restrisico's.
De restrisico's kunnen geminimaliseerd worden, wanneer de "Veiligheidsinstructies" en de "Reglementaire toepassing" alsook de gehele gebruiksaanwijzing in acht genomen worden.
Consideratie en voorzichtigheid verminderen het risico van personenletsels en beschadigingen.
- Gevaar door stroom door het niet juist aansluiten van de elektrische aansluitleidingen.
- Het aanraken van onder spanning staande delen bij geopende elektrische delen.
Verder kunnen er ondanks alle genomen maatregelen niet zichtbare restrisico's bestaan.
Koelvloeistof
- De luchtontvochtiger is gevuld met het milieuvriendelijke koelmiddel R290.
- Deze koelvloeistof behoort tot klasse A3 (conform ISO 817): lage toxiciteit (A) en licht ontvlambaar (3).
■ Deze koelvloeistof is geurloos. - Uitgelopen koelvloeistof kan echter, onder zeer ongunstige omstandigheden, exploderen, wanneer een bepaalde luchtconcentratie bereikt is. Bij gebruik volgens de specificaties is dit echter hoogst onwaarschijnlijk.
- De luchtontvochtiger mag niet opgesteld worden in de buurt van vuurbronnen, zoals een open vlam, een ingeschakelde gasbrander of een elektrische verwarming met een gloeiende spiraal.
Veiligheidsinstructies
Lees en volg vóór de ingebruikname van dit product de onderstaande aanwijzingen, de voorschriften ter voorkoming van ongevallen en de algemene veiligheidsvoorschriften resp. de in het desbetreffend land geldige veiligheidsbepalingen op, om u zelf en anderen tegen verwondingen te beschermen.
i Geef de veiligheidsvoorschriften aan alle personen, die met deze machine werken, door.
Bewaar deze veiligheidsvoorschriften goed.
- Maakt u zich voor gebruik met het toestel vertrouwd, dit met behulp van de gebruiksaanwijzing.
- Gebruik het toestel alleen voor het gebruiksdoeleinde, waarvoor het werd geconstrueerd (zie Reglementaire toepassing).
- Neem het toestel alleen bij vermelde netspanning in bedrijf.
- De bedienende persoon is binnen het arbeidsbereik van de machine verantwoordelijk ten opzichte van derden.
NL
- Kinderen en jongeren van minder dan 16 jaar mogen het toestel niet bedienen. Ze zijn zich de gevaren niet bewust die met het gebruik van deze toestellen zijn verbonden.
- Houd kinderen uit de buurt van het toestel vandaan.
- Werk alleen met alle en op de juiste wijze aangebrachte veiligheidsvoorzieningen en verander aan het toestel niets, dat de veiligheid zou kunnen belemmeren.
- Schakel het toestel bij bedrijfsstoringen niet aan of wanneer het toestel is gevallen en ten gevolge daarvan de kabel of de stekker werden beschadigd of indien een ander onderdeel een schade vertoont.
- Reparaties aan elektrische toestellen mogen slechts door gekwalificeerde personen worden uitgevoerd. De gebruikter van het toestel kan door ondeskundige reparaties zware beschadigingen van de geszondheid ondervinden.
- Schakel het toestel uit en neem de stekker uit het stopcontact, wanneer u het niet benut of wanneer u het toestel transporteert of alvorens u het reinigt.
- Schakel bij storingen van het toestel het toestel uit, neem de stekker uit het stopcontact en informeer de klantenservice.
■ Dompel het toestel nooit in water of in een andere vloeistof.
■ Leg geen voorwerpen op het toestel. - Houdt vreemde lichamen van de luchtingangs- of uitgangsopening vandaan.
- Ledig voor het transport de waterbak, om een morsen te voorkomen.
- Kantel het toestel niet, omdat het uitlopend water anders beschadigingen aan de luchtontvochter kan veroorzaken.
■ Giet of spuit nooit water over het toestel.

Elektrische veiligheid
- Maak gebruik van verlengingskabels volgens IEC 60245 (H 07 RN-F), met een draaddoorsnede van ten minste:
- 1,5 mm ^2 bij een lengte tot 25 m
- 2,5 mm ^2 bij een lengte vanaf 25 m.
- Lange en dunne aansluitkabels zorgen voor een spanningsverlies. De motor bereikt zijn maximaal vermogen niet meer, de werking van het toestel wordt gereduceerd.
- Stekker en aansluitdozen aan aansluitleidingen moeten uit rubber, zacht PVc of een ander thermoplastisch materiaal van dezelfde mechanische vastheid zijn of met dit materiaal zijn gecoat.
- Let er bij het leggen van de aansluitkabel erop dat deze niet bekneld raakt, geknikt wordt en de steekverbinding niet nat wordt.
- Wikkel bij gebruik van een kabeltrommel de kabel geheel af.
- Gebruik de kabel niet voor doeleinden, waarvoor hij niet bestemd is. Bescherm de kabel tegen hitte, olie of scherperanden. Gebruik de kabel niet, om de steker uit het stopcontact te trekken.
- Controleer de verlengingskabel regelmatig en vervang het, wanneer het beschadigt is.
- Gebruik geen defecte aansluitkabels.
- Maak geen gebruik van provisorische elektrische aansluitingen.
- Veiligheidsvoorzieningen nooit overbruggen of buiten werking stellen.
- Het toestel via een veiligheidsschakelaar (30 mA) aansluiten.
⚠ Elektrische aansluitingen of reparaties aan elektrische onderdelen van de machine mogen alleen door een erkend bedrijf of een van onze reparatiewerkplaatsen worden uitgevoerd. De plaatselijke voorschriften vooral met betrekking tot veiligheidsmaatregelen moeten worden opgevolgd.
⚠️ Reparaties aan andere delen van de machine mogen alleen door de fabrikant resp. door een door van zijn klantenwerkplaatsen uitgevoerd worden.
Alleen de originele toebehoren en onderdelen gebruiken. Bij het gebruik van niet originele onderdelen kunnen risico's voor de gebruiker ontstaan. Voor hieruit resulterende schade is de fabrikant niet aansprakelijk.
Werking
De luchtontvochter werkt volgens het condensatieprincipe.
De ruimtelucht wordt door een filter en door een koelelement gezogen, waar de waterdampen van de lucht tot waterdruppels condenseren. De waterdruppels lopen vervolgens in een condensatiewaterbak en verder in de waterbakken, terwijl de gedroogde koude lucht door de condensator van het toestel wordt gevoerd en verwarmd weer in de ruimte wordt geblazen. De temperatuur van de uitgeblazen lucht ligt ca. 2-5 °C boven de ruimtetemperatuur. Deze warmtewinst ontstaat door de de compressor en ventilator toegevoerde energie alsook door de warmte die bij het condenseren van de waterstoom vrij wordt.
Door de permanente circulatie van de ruimtelucht door het toestel wordt de relatieve vochtigheid van de lucht langzamerhand gedaald, waardoor een snel en voorzichtig uitdrogen van de ruimte wordt behaalt.
De waterdampen van de lucht bewegen zich eenvoudig en ongestoord door de lucht. Vandaar is het belangrijk, de ruimte zo goed als mogelijk te „verzegelen“, d.w.z. deuren en ramen moeten gesloten worden gehouden en het naar binnen en buiten gaan uit de ruimte moet verregaand worden beperkt. Anders wordt het droogeffect van het toestel aanzienlijk gereduceerd.
Samenbouw
Montage onderstel / transporthendel
- Leg de luchtontvochtiger neer
- Verwijder de transportgreep (1) . Schroef hiervoor de zeskantschroeven M6x40 eruit.

text_image
A 1 M6x40- Draai de transportgreep (1). Schroef de greep aan weerszijden met 2 zeskantschroeven M6x40 en schijven A6,4 aan de behuizing.
i Trek de schroeven niet te vast aan.

text_image
B 1 2x M6 x 40 2x A6,4- Zet de verbindingsstukken (4) in de standvoeten (2/3) in. Steek de standbenen in de transporthendel en schroef ze met de 6 zeskantschroeven M 6x40 en de schijven A 6,4 aan de behuizing.
i Trek alle schroeven vast aan.

text_image
C 3 2 2 4 2 3x M6 x 40 3x A6,4Montage transportwielen
- Monteer de wielas (5) met de twee zeskantschroeven (M 6 x 30) en breng de spieën aan.

text_image
D 5 2x 2x M6 x 302 Zeker de spieën tegen eruit vallen, doordat u de einden van de spieën met een tang ombuigt en schuif de schijven (∅ 15,5) op de wielas.

text_image
E 2x Ø 15,5- Schuif de wielen (6) en de schijven op de wielas. Zeker de wielen met de borgpennen (7).

text_image
F 6 2x Ø 15,5 7 2xLaat het toestel na de montage ten minste één uur lang rechtop staan, alvorens u het toestel inschakelt. Zo kan zich het onthouden koelmiddel weer zetten.
Opstellen van de luchtontvochtiger
Plaatsing
De luchtontvochter dient, zo ver dit mogelijk is, midden in de ruimte te worden geplaats, zo dat een goede luchtcirculatie in de gehele ruimte wordt behaalt.
Is dit niet mogelijk, moet de luchtontvochter zo worden geplaatst dat de lucht ongestoord aangezogen en uitgeblazen kan worden.
De minimale afstand tot de wand moet 10 cm bedragen.
Stel de luchtontvochter
⇒ horizontal op, opdat het gecondenseerde water ongestoord kan afvloeien.
⇒ niet in de buurt van een warmtebron (bv een radiator).
Houdt rekening ermee dat ramen en deuren in de te ontvochten ruimte gesloten zijn.
⚠ De luchtontvochtiger mag niet opgesteld worden in de buurt van vuurbronnen, zoals een open vlam, een ingeschakelde gasbrander of een elektrische verwarming met een gloeiende spiraal.
⚠ Het apparaat moet worden opgesteld, gebruikt en opgeslagen in een ruimte waarvan de vloeroppervlakte groter is dan "A _min ".
("A _min ": zie "Technische gegevens → min. ruimtevlakte").
Netaansluiting
Vergelijk de op het typeplaatje van het toestel vermelde spanning, bv 230 V / 50 Hz met de netspanning en sluit de luchtontvochter aan het desbetreffend en reglementair stopcontact aan.
Maak gebruik van een stopcontact: netspanning 230 V met veiligheidsschakelaar (FI-schakelaar 30 mA).
Netzekering
10 A
Ingebruikname
Vóór ingebruikname
Heeft u de luchtontvochter liggend of schuiner dan 45° getransporteerd?
① Laat het toestel voor gebruik ten minste één uur rechtop staan.
i Aanwijzingen
-
De luchtontvochter werkt niet, wanneer de ingestelde vochtigheidswaarde hoger is dan die van de omgeving.
-
Gebruik de luchtontvochter alleen bij een ruimtetemperatuur van 5 °C tot 32 °C. Buiten dit bereik werkt de luchtontvochter niet.
-
Gebruik de luchtontvochter niet in sterk stof- of chloorhoudige omgeving.
-
Gedurende het ontvochten moeten de ventilatormotor en de compressor ten minste 3 min. draaien, nadat de compressor werd gestart. Om beschadigingen aan de compressor te voorkomen, dient u, wanneer de luchtontvochter zich heeft uitgeschakeld, 3 minuten wachten, alvorens u het toestel opnieuw inschakelt.
-
Ligt de ruimtetemperatuur onder 10 °C en is de omgevende relatieve luchtvochtigheid vrij laag, is het niet noodzakelijk de luchtontvochter te benutten.
-
Het luchtontvochtingsvermogen van het toestel is afhankelijk van de ruimtelijke gesteldheid, de ruimtetemperatuur en de relatieve luchtvochtigheid van de ruimte.
-
Ledig de bak, wanneer hij vol is. Zet vervolgens de lege waterbak weer in, opdat het toestel weer kan werken.
-
Transporteer het toestel alleen in rechte positie.
-
Indien het toestel niet werkt of het bedrijf uit niet bekende redenen ineens wordt onderbroken → zie „Mogelijke storingen“.
-
Is de luchtontvochter in bedrijf, vervaardigt de compressor afvalwarmte en de ruimtetemperatuur stijgt licht. Het handelt zich hierbij om een normaal verschijnsel.
Bedieningsveld

text_image
G 9 8 7 6 69% RH 00002:38 ON/OFF 1 2 3 4 51 → Toets „ON / OFF = AAN / UIT“
2 → Weergave „relatieve luchtvochtigheid in %“ of storingsfout
3 → Toets "Luchtvochtigheidswaarde stijgt"
4 → Weergave „Bedrijfsurenteller“
5 → Toets "Luchtvochtigheidswaarde reduceren"
6 → Symbool „Ontdooien“
7 → Symbool „Ventilator draait“
8 → Symbool "Wateropvangbak vol"
9 → Symbool „Ontvochtingsbedrijf“
continu weergave = toestel ontvocht (compressor en ventilator ingeschakeld)
knipperende weergave = toestel ontvocht niet (compressor uitgeschakeld - ventilator ingeschakeld)
Storingweergave
Worden de storingsfouten E3 – E4 – E5 in de weergave 2 „relatieve luchtvochtigheid“ weergegeven → zie „Mogelijke storingen“.
Inschakelen
Wanneer u het aansluitkabel in het stopcontact steekt, weerklinkt een signaaltoon.
Weerklinkt de signaaltoon niet, is een storing voorhanden.
Controleer de toevoerleiding, het stopcontact en de zekering.
Druk de toets in, om de luchtontvochter in te schakelen.
In de weergave 2 → „Luchtvochtigheidswaarde“ wordt de door de fabriek ingestelde luchtvochtigheid van 60% weergegeven. Na 5 sec. geeft de weergave de actuele luchtvochtigheid weer. De weergave “Luchtvochtigheidswaarde” toont de vochtigheid in een bereik tussen 30% en 90% aan.
Uitschakelen
Druk opnieuw de toets in, om de luchtontvochter uit te schakelen.
Luchtvochtigheidswaarde instellen
Bedien toets ▲„Luchtvochtigheidswaarde stijgt“ of ▼ „Luchtvochtigheidswaarde reduceren“ om de gewenste luchtvochtigheid in te stellen.
Bedragt de ingestelde luchtvochtigheidswaarde minder dan 30 %, ontvocht het toestel permanent en de weergave 2 geeft "CO" weer.
Tip: Een relatieve luchtvochtigheid van 50 – 60 % is in de regel voldoende om een aangenaam ruimteklimaat tot stand te brengen en de vorming van condensatiewater aan onderdelen en voorzieningen te voorkomen.
① Onderschrijft de gewenste vochtigheidswaarde de actuele luchtvochtigheid om 3 % schakelt zich de luchtontvochter (compressor) automatisch aan. Continu weergave van het symbool ♦ „Ontvochtingsbedrijf” in het display.
Overschrijdt de gewenste vochtigheidswaarde de actuele luchtvochtigheid om 3 % schakelt zich de luchtontvochter (compressor) weer zelfstandig uit. Het symbool ♠ „Ontvochtingsbedrijf“ knippert.
Ontdooiautomatiek
Bij een ruimtetemperatuur onder 20 °C vormt zich niet alleen condensaat aan de koude verdamperoppervlakte maar ook ijs. Dit ijs zet de warmtewisselaar dicht, zo dat het luchtdebiet gehinderd wordt. De ingebouwde ontdooiautomatiek ontdooit de verdamper. Dit maakt een ontvochtingsbedrijf tot een temperatuur van +5 °C mogelijk.
Gedurende het ontdooien wordt het symbool het display weergegeven, de compressor draait verder, maar de ventilator schakelt zich automatisch uit.
Na beëindiging van het ontdooiproces schakelt de luchtontvochter weer op ontvochtingsbedrijf en het symbool gaat uit.
Bedrijfsurenteller
De luchtontvochter is met een bedrijfsurenteller uitgerust.

Wordt de luchtontvochter ingeschakeld, 25:38 worden de bedrijfsuren die het toestel reeds in bedrijf was, op het display weergegeven. Zo lang het toestel ingeschakeld is, wordt deze tijd tot de reeds afgelopen tijd opgeteld.

Wateruitloop
De wateropvangbak van de luchtontvochter is met een vlotter uitgerust die het toestel automatisch uitschakeld, wanneer de opvangbak vol is.
Na 45 sec. schakelt zich de compressor uit en de ventilator blijft staan en er weerklinkt een signaaltoon. In het display wordt het symbool 📄 en de storingfout E4 weergegeven.
Wordt de wateropvangbak niet meteen geledigd, weerklinkt alle 5 minuten een signaaltoon.
Verwijderen van de wateropvangbak
- Schakel het toestel uit.
- Open de kastdeur.
- Verwijder de bak (8) en ledig hem onmiddellijk.

Let erop, dat u de bak in de juiste positie brengt en de slang (a) weer in de opening van de bak steekt.
- Sluit de klep van de behuizing.
- Schakel de luchtontvochter weer in. Het symbool en de storingsfout E4 worden niet meer weergegeven. Wordt het symbool en de storingfout verder weergegeven? Verwijder de bak opnieuw en zet hem weer in.
Continu bedrijf of langere bedrijfstijd
Bij hoge luchtvochtigheid is het van voordeel, wanneer u de luchtontvochter in continu bedrijf exploiteert. Bij continu bedrijf valt de regelmatige lediging van de wateropvangbak weg.
Handelwijze:
- Open de deur van de behuizing en verwijder de sluitstop (9) uit de behuizingsdeur.

- Steek de slang (14) eerst op het waterafvoerstuk (a) en dan door de behuizingdeur.

text_image
J a 14i Let op het volgende:
→ Let erop dat het water steeds vrij kan afvloeien.
→ Het water dient bij voorkeur in een dieper liggende afvoer te worden gevoerd.
Let erop dat de slang in zijn positie blijft, met hoogteverschil wordt verlegd, niet geknikt of samengerold is.
Transport

Vóór ieder transport het toestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact nemen.
Transporteer de luchtontvochter steeds staande, om beschadigingen aan de compressor te voorkomen.
Tip: Wanneer u de luchtontvochter liggend heeft getransporteerd resp. te sterk heeft gekanteld, moet de luchtontvochter vóór gebruik ten minste één uur rechtop staan.
Reiniging en onderhoud

Vóór iedere reiniging en ieder onderhoud het toestel uitschakelen en stekker uit het stopcontact nemen.
Verdere onderhouds- en reinigingswerkzaamheden dan die in dit hoofdstruk staan beschreven, mogen slechts door de klantenservice worden uitgevoerd.
Slechts originele onderdelen toepassen. Andere onderdelen kunnen tot onvoorspelbare beschadigingen en verwondingen leiden.
Reiniging Luchtfilter
Een verontreinigde filter
→ reduceert het prestatievermogen van de luchtontvochter.
→ leidt tot verontreinigingen in het binnenste van het toestel.
① Reinig de filter al naar bedrijfscondities in regelmatige afstanden.
Verwijderen van de filter
- Open de kastdeur.
- Neem de filter (10) eruit.

Maak gebruik van een stofzuiger of klop de filter licht uit.
Sterke verontreiniging
Was de filter met lauwwarm zeepsop (max. 40 °C) voorzichtig uit en laat hem vervolgens goed drogen. Stel de filter voor het drogen niet aan direct zonnelicht of andere warmtebronnen bloot.
Inzetten van de filter
- Zet de filter na de reiniging weer in de opnamen van de behuizingsdeur.
- Sluit de behuizingsdeur.
Reiniging van het Toestel
Reinig het toestel in regelmatige afstanden buiten met een vochtige doek en een mild reinigingsmiddel (zeepsop). Let erop dat geen water in het binnenste van het toestel geraakt.
Gebruik voor de reiniging geen reinigings- of oplosmiddelen, deze kunnen delen van het toestel aantasten.
Eenmaal per jaar of al naar bedrijfscondities dient de luchtontvochtre door de klantenservice binnen op verontreinigingen te worden gecontroleerd.
Onderhoud
De luchtontvochter is met oog op een probleemvrije werking en een minimale controle geconstrueerd.
Alle beweeglijke onderdelen hebben een permanente smering. Er bevinden zich geen verdere te onderhouden onderdelen in het binnenste van het toestel.
Ops lag
Bewaar ongebruikte toestellen op een droge, afgesloten plaats buiten de reikwijdte van kinderen op.
Let op het volgende, om de levensduur van de luchtontvochter te verlengen en een foutvrije werking te waarborgen:
→ Ledig de wateropvangbak en droog hem zorgvuldig.
→ Reinig de filter.
→ Voer een grondige reiniging uit.
→ Controleer de luchtontvochter op een foutvrije toestand, opdat na een langere opslag een betrouwbaar gebruik van het toestel is gewaarborgd.
→ Dek de luchtontvochter zorgvuldig af.
Mogelijke storingen

Vóór iedere storing het toestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact nemen.
| Storing | Mogelijke | oorzaak | Remedie |
| Motor start niet Netspanning ontbreekt Zekering controleren | |||
| Aansluitkabel defect Laten controleren (elektromonteur) | |||
| Wateropvangbak vol Wateropvangbak ledigen | |||
| Ruimteluchtvochtigheid lager dan ingestelde ingesteld | ingestelde luchtvochtigheidswaarde eventueel andere waarde instellen | controleren, | |
| Toestel condenseert weinig of geen water | Ruimtetemperatuur of luchtvochtigheid liggen niet in het werkbereik | a) Ruimtetemperatuur controleren (5 °C tot 32 °C)b) Luchtvochtigheid controleren (ten minste 30 % r. v.)c) ingestelde luchtvochtigheidswaarde controle-ren, eventueel andere waarde instellen | |
| Luchtfilter verontreinigd Luchtfilter reinigen (zie “Reiniging en onderhoud”) | |||
| Luchttoevoer of afvallucht geblokkeerd | controleren, eventueel toestel anders plaatsen) op minimale afstand (10 cm) tot de wand letten) | ||
| a) Toestel van binnen sterk ver-ontreinigdb) Koelcircuit defect | Neem contact op met de fabrikant of klantenservice! | ||
| Deuren en/of ramen open Deuren en/of ramen sluiten | |||
| Toestel schakelt uit bij continu bedrijf met afvoerslang | a) Afvoerslang geknikt of opgeroldb) niet voldoende helling | Afvoerslang anders verleggen, opdat het water ongehinderd kan afvloeien. | |
| Water in de slang bevriest Maatregelen | nemen die een vriezen van het water voorkomen | ||
| Water loopt uit het toestel | Wateropvangbak ondicht | a) Wateropvangbak controlerenb) Wateropvangbak vervangen | |
| Buitengewone geluiden resp. trillingen | Toestel staat op oneffen vloer | Toestel op effen vloer plaatsen | |
| Schroeven, moeren of andere onderdelen losmaken | Onderdelen bevestigen.Zijn de onderdelen niet te bevestigen, bevinden ze zich in het binnenste van het toestel of blijven de geluiden: fabrikant resp. klantenservice opzoeken. | ||
① Werden alle functiecontroles uitgevoerd en konden de storingen niet worden verholpen, richt u zich alstublieft aan de fabrikant resp. de klantenservice.
Indien een toestel niet foutvrij werkt, moet het onmiddellijk buiten bedrijf worden genomen!
Storingweergave
De volgende storingen kunnen in de weergave 2 "relatieve luchtvochtigheid" worden weergegeven:
| Storing | Fout |
| E3 | Vochtigheidssensor |
| E4 | Wateropvangbak |
| E5 | Koelcircuitsensor |
defect vol defect
Verschijnen de storingsmeldingen E3 en E5, richt u zich alstublieft voor het verhelpen van het probleem aan de fabrikant resp. de klantenservice.
Bij verdere storingen of vragen richt u zich alstublieft aan uw locale leverancier.
Technische gegevens
| Type / Model ALE 300 N | |
| Bouvwjaar zie laatste pagina | |
| Luchtdebiet 350 m3/h | |
| Nominaal vermogen 570 W | |
| Nominale stroomopname 2,64 A | |
| max. vermogen 710 W | |
| max. stroomopname 3,1 A | |
| Vermogen, ventilator 40 W | |
| Stroomvoeding 230 V~ / 50 Hz | |
| Netzekering 10 A | |
| Temperatuurbereik 5 – 32°C | |
| Luchtvochtigheidsbereik 30 – 90% relatieve vochtigheid | |
| Ontvochtingsvermogen bij 30 °C / 80% r.v. 30 l / 24 h | |
| Veiligheidsklasse IP X0 | |
| Diepvriesdruk | 2,5 MPa |
| Stoomdruk | 1,0 MPa |
| Koelvloeistof | R290 |
| Hoeveelheid koelvloeistof | 0,145 kg |
| Tankvolume max. 5,0 l | |
| LED-weergave „Tank vol“ bij | 4,3 l |
| Ruimtevolume (bij een plafondhoogte van 2,5 m) | 75 - 125 m3 |
| Ruimtevlakte A_max | 30 - 50 m2 |
| Ruimtevlakte A_min | 7 m2 |
| Geluidsniveau L_WA | < 70 dB (A) |
| Geluidsdrukpegel L_WA | < 70 dB (A) |
| Gewicht | 27,5 kg |
Schakelschema

flowchart
graph TD
A["Ontdooi-sensor"] --> B["TEMP"]
C["Ontvochtigings-sensor"] --> B
D["Ventilator"] --> B
E["2-weg-klep"] --> F["Regel-eenheid"]
G["Compressor"] --> H["Ventilator"]
G --> I["Klep"]
G --> J["N"]
K["230 V~ 50 Hz"] --> L["bruin"]
L --> M["geel/groen"]
M --> N["blauw"]
O["Tank vol""] --> P["Tank vol""]
Q["Regel-eenheid"] --> R["Pomp"]
S["Tank vol""] --> T["Tank vol""]
U["Bedieningsplaat"] --> V["Tank vol""]
W["Temp"] --> X["HUM"]
Y["HUM"] --> Z["Tank vol"]
Koel circuit

flowchart
graph TD
A["Capillaire pijp"] --> B["Condensator"]
B --> C["Ontdoiautomatiek"]
C --> D["Compressor"]
D --> E["Ventilator"]
E --> F["Verdamper"]
F --> B
C --> G["①"]
G --> D
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
style E fill:#cff,stroke:#333
style F fill:#ffc,stroke:#333
style G fill:#fcc,stroke:#333
Lijst met reservedelen
| Pos.-nr. | Reservedeel-nr. | Benaming | Pos.-nr. | Reservedeel-nr. | Benaming | |
| 1 | 417718 | Transporthendel | 8 | 417726 | Wateropvangbak | |
| 2 | 417716 | Standbein rechts | 9 | 417722 | Sluitstop | |
| 3 | 417717 | Standbein links | 10 | 417723 | Luchtfilter | |
| 4 | 417702 | Verbindingsstuk | 11 | 417721 | Deurknop | |
| 5 | 417724 | Wielas | 12 | 417618 | Veiligheidssticker | |
| 6 41 | 7725 Transportwiel ∅ 150 mm | 13 | 417658 | Schakelaarafscherming (sticker) | ||
| 7 | 417706 | Borgpen | 14 | Slang (zonder afbeelding) | ||
Bij bestelling van reservedelen in ieder geval vermelden:
type luchtontvochter, bouwjaar en reservedeelnummer.
Anders is een correcte levering niet mogelijk.

Houdt u alstublieft rekening met de ingesloten garantieverklaring.
Technische wijzigingen voorbehouden!

RO An de constructie
SK Výrobný rok
SLC Leto izdelave
417710 - 02 08/20