Master BCM 311 - Airconditioning

BCM 311 - Airconditioning Master - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BCM 311 Master in PDF-formaat.

📄 148 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Master BCM 311 - page 50
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over BCM 311 Master

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BCM 311 - Master en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BCM 311 van het merk Master.

GEBRUIKSAANWIJZING BCM 311 Master

⚠ BELANGRIJK: Dit toestel is niet geschikt om gebruikt te worden door personen (kinderen inbegrepen) met beperkte fysische, zintuiglijke en mentale capaciteiten, of zonder ervaring, tenminste als ze niet onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.

▶1.1. Tijdens de installatie, de aansluiting op de elektriciteit en de aansluiting op het water, tijdens het gebruik en het onderhoud van de koeler, dient men zich aan alle plaatselijke verordeningen en de geldende normen te houden.
▶1.2. De installatie, de afstelling en het onderhoud van de koeler mag alleen door gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden.
▶1.3. Gebruik dit apparaat voor het koelen, bevochtigen, ventileren of het stof verwijderen.
▶1.4. Om het risico op brand of ernstig letsel te voorkomen, moet de koeler geinstalleerd worden op een veiligheidsafstand ten aanzien van warmtebronnen (kachels, vuur, enz.), van vonken (lasapparaten, schakelborden, enz.), of van verbrandingsrookgassen (afzuigkap-

pen, schoorstenen, enz.).

▶1.5. De onjuiste elektrische aansluiting, of de onjuiste installatie, kan risico's of ernstige defecten veroorzaken.
▶1.6. Controleer, alvorens ongeacht welke handeling uit te voeren, of de koeler, de voedingskabel en het bedieningspaneel, enz., perfect droog zijn om ieder risico of ernstige defecten te voorkomen (werk nooit met natte handen).
▶1.7. Installeer het apparaat alleen buiten.
▶1.8. De koeler moet geïnstalleerd worden op een stabiele en genivelleerde structuur zodat ieder risico vermeden wordt (de structuur en de pluggen moeten geschikt zijn om het gewicht van het apparaat te verdragen).
▶1.9. De minimum veiligheidsafstand, die aanbevolen wordt, tussen de koeler en muren of andere voorwerpen, is 0,5 m.
1.10. Er moet een uitlaat van 0,8 m ^2 gereed gemaakt worden voor iedere 3.600 m ^3 /h lucht die naar de koeler toegevoerd wordt (garandeer altijd een luchtverversing in de gekoelde omgeving). In geval van mechanische ventilatie van de lucht, moet de geëxtraheerde hoeveelheid lager zijn dan 85% van de ingevoerde lucht. De mechanische ventilatie kan gecombineerd worden met natuurlijke ventilatie.
▶1.11. Voorzie de koeler alleen met de spanning en de frequentie die op het gegevensplaatje vermeld staan met ge-

bruik van kabels met een geschikte doorsnede (de voedingsspanning mag geen schommelingen vertonen van meer dan ± 5% ten opzichte van de waarde die op het gegevensplaatje staat.

▶1.12. Zorg dat de koeler een goede aarding heeft.

▶1.13. Zorg dat de polariteiten bij de aansluiting op het elektriciteitsnet worden gerespecteerd. Geadviseerd wordt om een geschikte magnetothermische differentiaalschakelaar te gebruiken (zie gegevensplaatje).

▶1.14. De koeler kan een maximum ingangsdruk van 3 Bar verdragen. Mocht de druk van de watertoevoer hoger zijn, dan moet een drukverlager geïnstalleerd worden.

▶1.15. Vul de tank van de koeler alleen met schoon water.

▶1.16. Er wordt aangeraden gebruik te maken van een horizontale afdekking die bescherming biedt tegen de weersomstandigheden, voor de goede bewaring van de koeler op lange termijn.

▶1.17. Het is verboden de koeler en het elektriciteitsnet of het waternet na de installatie te wijzigen, onklaar te maken of af te stellen, als dat niet door gekwalificeerd personeel gebeurt.

▶1.18. Sluit de luchtinlaten van de koeler niet af, ook niet gedeeltelijk, om ieder risico te voorkomen.

▶1.19. Om ernstige defecten te voorkomen, moet vermeden worden dat stof, vuil of ander materiaal in aanraking met de koeler komt.

▶1.20. Er wordt aangeraden de koeler te gebruiken bij een omgevingstemperatuur tussen 18°C en 45°C en met een watertemperatuur die lager is dan 45°.

▶1.21. Om ernstige defecten te voorkomen wanneer de temperatuur tot ongeveer <2°C daalt, moeten de tank en de leidingen die de koeler van water voorzien, geheel geledigd worden.

▶1.22. Sluit de elektrische voeding af wan- neer de koeler gehanteerd wordt of wan- neer onderhoud erop uitgevoerd wordt (gebruik persoonlijke beschermings- middelen om ieder risico te voorkomen).

▶1.23. Als de voedingskabel beschadigd blijkt, moet die door de technische

dienst worden vervangen om alle risico's te vermijden.

▶1.24. Bescherm de voedingskabel tegen potentiële schade die het gevolg is van de verplaatsing van voertuigen, voetgangers, van weersomstandigheden en warmtebronnen.

▶1.25. Bij een slechte werking van de koeler moet contact worden opgenomen met de technische dienst.

▶1.26. Sluit de koeler af van de voeding wanneer hij gedurende middel-lange tijd niet gebruikt gaat worden.

▶1.27. Het water dat voor het vullen van de tank van de koeler gebruikt wordt, moet afkomstig zijn van een waterleiding. Als het niet mogelijk is van een waterleiding gebruik te maken, moet het ingevoerde water onderworpen worden aan een waterzuiveringsbehandeling volgens de Europese richtlijn 98/83/EG.

-Er wordt aanbevolen water met een hardheid lager dan 15°f te gebruiken.

-De tank van de koeler moet regelmatig, al naargelang het gebruik, geleegd en ontsmet worden.

-De oppervlakken van de pads moeten regelmatig, al naargelang het gebruik, geïnspecteerd en ontsmet worden.

-Voor de ontsmettingswerkzaamheden moeten biociden gebruikt worden conform de Europese verordening 582/2012.

▶▶▶2. UITPAKKEN

BELANGRIJK: HET IS ABSOLUUT VERBODEN DE KOELERS MET TWEE OF MEER UNITS OP ELKAAR TE STAPELEN.

▶2.1. Haal alle verpakkingsmateriaal weg, gebruikt om de koeler te verpakken en te verzenden, en verwijder volgens de geldende normen.

▶2.2. Haal alle artikelen uit de verpakking.

▶2.3. Controleer of er tijdens het transport geen schade is opgetreden. Als de koeler beschadigd is, moet u onmiddellijk de dealer verwittigen, waar het toestel werd gekocht.

▶▶▶3. ASSEMBLAGE EN INSTAL- LATIE (ALLEEN VOOR GEKWALIFI- CEERD PERSONEEL)

OPMERKING: OM TOEGANG TE KRIJGEN TOT DE INTERNE DELEN VAN DE KOELER, MOETEN DE SCHROEVEN EN DE VERDAMPINGSPANLELEN, DIE OP DE ZIJKANTEN VAN HET APPARAAT GEPLAATST ZIJN, VERWIJDERD WORDEN (Fig. 2).

▶▶3.1. VERPLAATSING

Verplaats de koeler met de grootste voorzichtigheid en in de horizontale richting.

▶▶3.2. VOORINSTALLATIE EN INSTAL- LATIEMETHODEN

(Afb. 3)

Tijdens de installatie, de aansluiting op de elektriciteit en de aansluiting op het water, tijdens het gebruik en het onderhoud van de koeler, dient men zich aan alle plaatselijke verordeningen en de geldende normen te houden.

▶3.2.1. De koeler moet geïnstalleerd worden op een stabiele en genivelleerde structuur zodat ieder risico vermeden wordt (de structuur en de pluggen moeten geschikt zijn om het gewicht van het apparaat te verdragen).
▶3.2.2. Installeer de koeler in goed geventileerde zones.
▶3.2.3. De koeler kan alleen buiten geïnstalleerd worden (op het dak of aan de muur).
▶3.2.4. Installeer de koeler ver van kachels, warmtebronnen en mogelijke vonken, om ernstige schade te voorkomen.
▶3.2.5. Doorboor de koeler niet met schroeven of trekstangen tijdens de installatie.
▶3.2.6. De minimale installatieafstand tussen de koeler en de wanden of andere objecten is 0,5 m (zorg dat er rondom de koeler voldoende ruimte is voor het onderhoud).

▶▶3.3. KANALISERINGSMETHODE

Door een leiding op de koeler aan te sluiten, kan de naar buiten komende lucht gebruikt worden waar koeling nodig is.

het is belangrijk dat de gehele leiding die voor de kanalisering gebruikt wordt correct ontworpen en gestructureerd is.

▶3.3.1. Gebruik leidingen met een geschikte doorsnede (de gemiddelde luchtsnelheid in de leiding is 3-6m/s).
▶3.3.2. De kanalisering moet zo kort mogelijk zijn.
▶3.3.3. Vermijd elleboogbochten van de leiding.
▶3.3.4. Vermijd het de luchtstroom te vertakken naar meerdere leidingen en sub-leidingen.

OPMERKING: ER WORDT AANGERADEN LEIDINGEN VAN VERZINKTE PLAAT, PLASTIC OF GLASVEZEL TE GEBRUIKEN.

▶▶3.4. AANSLUITING OP HET ELEKTRICITEITSNET EN AANSLUITING VAN DE SONDE

BELANGRIJK: DE TOTSTANDKOMING VAN DE ELEKTRISCHE VOEDINGSLEIDING EN VAN DE AANSLUITING MOET UITGEVOERD WORDEN DOOR EEN BEVOEGDE TECHNICUS DIE GEBRUIK MAAKT VAN GESCHIKTE APPARATEN EN INSTRUMENTEN VOLGENS DE NATIONALE REGELGEVING EN IN OVEREENSTEMMING MET DE GELDENDE VOORSCHRIFTEN.

▶3.4.1. Door de schroeven op de zijkant van de koeler weg te nemen, wordt toegang verkregen tot de binnenkant van het apparaat (Fig. 2).
▶3.4.2. Voer de kabels (voedingskabel, de kabel van de seriële aansluiting, de kabel van de sonde en de kabel van de elektrische klep) door het gat dat zich vlakbij het elektrische paneel op de bodem van de koeler bevindt (Fig. 4).
▶3.4.3. Sluit de koeler aan en voed hem alleen met de spanning en de frequentie die op het gegevensplaatje staan en met kabels met de geschikte doorsneden.
▶3.4.4. Voor de juiste werking is het van fundamenteel belang om ervoor te zorgen dat de koeler een goede aarding heeft.
▶3.4.5. Sluit het display aan op de seriële kabel (Fig. 5).
▶3.4.6. Sluit de kabel van de temperatuur-/vochtigheidssonde (al naar gelang het model) aan op het elektrische paneel (Fig. 5).
▶3.4.7. Sluit de kabel van de elektroklep aan op het elektrische paneel (Fig. 5).

OPMERKING: ZORG DAT DE POLARITEITEN BIJ DE AANSLUITING OP HET ELEKTRICITEITSNET WORDEN GERESPECTEERD. GEADVISEERD WORDT OM EEN GESCHIKTE MAGNETOTHERMISCHE DIFFERENTIAALSCHAKELAAR TE GEBRUIKEN (ZIE GEGEVENSPLAATJE).

▶▶3.5. INSTALLATIE AFVOERKLEP

(Afb. 6)

Op de basis van de koeler is een afvoerklep aangebracht om het water uit de tank te draineren.

De afvoerklep is op het moment van aankoop in de verkoopverpakking geplaatst.

Handel als volgt om de afvoerklep te installeren:

▶3.5.1. Verwijder de moer die op de basis van de klep geïnstalleerd is.
▶3.5.2. Plaats de klep in de betreffende zitting (op de basis van de koeler).
▶3.5.3. Schroef de moer vast op de klep.

▶▶3.6. AANSLUITING OP HET WATER-NET

(Afb. 7)

BELANGRIJK: VOORZIE DE KOELER ALLEEN VAN SCHOON WATER.

BELANGRIJK: DE KOELER KAN EEN MAXIMUM INGANGSDRUK VAN HET WATER VAN 3 BAR VERDRAGEN. DE LEIDINGEN EN DE KOPPELINGEN DIE GEBRUIKT WORDEN VOOR DE WATERTOEVOER MOETEN EEN GESCHIKTE DOORSNEDE EN STRUCTUUR HEBBEN (ALS DE DRUK VAN HET WATERNET HOOG IS, WORDT AANGERADEN EEN DRUKVERLAGER EN EEN LEIDING MET METAALNET TE GEBRUIKEN).

▶3.6.1. Sluit de koeler aan op het waternet met de schroefdraadkoppeling en de elektrokplep.
▶3.6.2. Sluit de elektroklep aan op het elektrische paneel, voer hiervoor de elektrische kabels door het gat dat zich vlakbij het elektrische paneel op de bodem van de koeler bevindt.
▶3.6.3. Controleer vóór de inwerkingstelling of het circuit geen water lekt.

▶3.7.1. Voer de login uit en ga naar het MAIN-menu.
▶3.7.2. Breng via het menu CONFIG, de installatie in kaart, geef hierbij aan welke van de 31 koelers aanwezig zijn.
▶3.7.3. Selecteer in het menu MAIN alle in de installatie aanwezige koelers (een koeler per keer), ga naar het desbetreffende menu, stel het volgende in:

1- WERKWIJZE ENKEL OF PER GEBIED: -ENKELE WERKING:

Autonome werking waarvoor de aanwezigheid van de sonde is vereist. -WERKING PER GEBIED:

Gekoppelde logica (uit de 4 mogelijke een GEBIED van lidmaatschap toewijzen) en in elk GEBIED een machine "LEADER" definiëren die toegerust moet worden met een temperatuur- / vochtigheidssonde (al naar gelang het model). De koelers "SLAVE" hebben geen sonde nodig om te functioneren.

2 - TYPE FUNCTIE (KOELING / VENTILATIE / AFZUIGING / REINIGING):

Selecteer de knop met betrekking tot de functie die u wilt instellen.

3 - TIJDPROGRAMMERING:

-In het vak TIMER selecteer AUTO om de tijdprogrammering in te stellen (de toets TIMER wordt geactiveerd).

-In het vak TIMER selecteer MAN om de koeler handmatig te kunnen in- en uitschakelen.

4 - WERKWIJZE MET TEMPERATUUR- OF VOCHTIGHEIDSLIMIETEN (AL NAAR GELANG HET MODEL):

In het betreffende uitklapmenu is het, al naar gelang het model, mogelijk om de temperatuur of de vochtigheid als

referentieparameter te kiezen. Door LOCAL te selecteren wordt de koeler "LEADER" van een gebied gedefinieerd, door op analoge wijze GEBIED te selecteren wordt een koeler "SLAVE" gedefinieerd. Door met de cursor op LIMIT te gaan staan, is het mogelijk om de referentiewaarde in te stellen voor de temperatuur of voor de vochtigheid (al naar gelang het model).

5 - ROTATIESNELHEID VAN DE MOTOR:
-Via de knop met de pijl (naar rechts) kan de rotatiesnelheid worden verhoogd.
-Via de knop met de pijl (naar links) kan de rotatiesnelheid worden verlaagd.

▶3.7.4. Als de koeler geconfigureerd wordt voor de werking "ENKEL" of "LEADER", moeten alle parameters worden ingesteld. Als de koeler geconfigureerd wordt voor de werking "SLAVE", wordt de configuratie overgenomen van het apparaat "LEADER" van het gebied waartoe hij behoort.

▶▶▶4. WERKING

(Afb. 9)

WAARSCHUWING: Lees aandachtig de "INLICHTINGEN BETREFFENDE DE VEILIGHEID" vooraleer de koeler aan te zetten.

WAARSCHUWING: Gebruik alleen schoon water om defecten of storingen te voorkomen.

WAARSCHUWING: Controleer of uw elektrische installatie een correcte aarding heeft. De aansluiting op het elektriciteitsnet moet uitgevoerd worden in overeenstemming met de nationale normen die van kracht zijn. Voorzie het apparaat alleen van de spanning en de frequentie die op het gegevensplaatje staan.

BELANGRIJK: De koeler heeft een waterafvoer die zich op de basis van het apparaat bevindt. De koeler voert volledig het water af uit de tank door een spoelcyclus uit te voeren (de tijd van automatische afvoer, in te voeren door te gebruiker). Laattijdens het winterseizoen, of in geval van een langdurige periode van onbruik, het circuit en de tank zonder water.

Raadpleeg voor de juiste werking de specifieke handleiding die bij het display is gevoegd.

▶▶▶5. REINIGING EN ONDERHOUD

WAARSCHUWING: ALVORENS ONGEACHT WELKE ONDERHOUDSINGREEP OF REPARATIE UIT TE VOEREN, MOETEN DE ELEKTRICITEITSTOEVOER EN DE WATERTOEVOER LOSGEKOPPELD WORDEN.

Al naargelang de omgeving waarin het apparaat gebruikt wordt, kunnen stof, vuile en de kwaliteit van het gebruikte water van invloed zijn op de prestaties van de koeler. Er wordt dus aangeraden de buitenkant van de koeler met een zachte doek te reinigen (reinig absoluut niet per een waterstraal onder hoge druk) waarbij eventuele obstructies van de luchtinlaten verwijderd moeten worden.

BELANGRIJK:

-De tank van de koeler moet regelmatig, al naargelang het gebruik, geleegd en ont-smet worden.
-De oppervlakken van de pads moeten regelmatig, al naargelang het gebruik, geïn- specteerd en ontsmet worden.
-Voor de ontsmettingswerkzaamheden moeten biociden gebruikt worden conform de Europese verordening 582/2012.
-Indien aanwezig, één keer per jaar de UV-lamp laten controleren en reinigen door het servicecentrum.

▶▶▶6. STORINGEN

STORING OORZAAK OPLOSSING
Het bedie-ningspaneel functioneert niet1. Geen voeding2. Defecte apparatuur1a. Controleer of het apparaat op de voed-ing aangesloten is1b. Neem contact op met de technische dienst2. Neem contact op met de technische dienst
Er is geen luchtstroom of deze is zeer gering1. Obstructie van de luchtinla-ten2. Defecte apparatuur1a. Verwijder eventuele voorwerpen van de luchtinlaat1b. Neem contact op met de technische dienst2. Neem contact op met de technische dienst
Het apparaat reageert niet op de com-mando's1. Geen communicatie 1a. Controleer of de seriële kabel correct is aangesloten1b. Neem contact op met de technische dienst
Het apparaat verliest water1. De watertoevoerleiding zit los2. De waterafvoer is vuil3. De tank lekt4. Het paneel druppelt1. Schroef de koppeling vast2. Neem contact op met de technische dienst3. Neem contact op met de technische dienst4. Neem contact op met de technische dienst

-Dit product werd ontworpen en gemaakt met hoogwaardige materialen en componenten, die gerecycleerd en herbruikt kunnen worden.

-Wanneer op een product het symbool van de afvalbak op wielen met een kruis erdoor is aangebracht, betekent dit dat het product valt onder de Europese Richtlijn 2012/19/UE.

-Gelieve inlichtingen in te winnen betreffende het plaatselijke systeem voor gedifferentieerde inzameling van elektrische en elektronische toestellen.

-Respecteer de plaatselijke normen die van kracht zijn, en verwijder de oude toestellen niet als gewoon huishoudelijk afval. Een correcte verwijdering van het product helpt om mogelijke negatieve gevolgen voor de gezondheid van mens en milieu te voorkomen.

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Master

Model : BCM 311

Categorie : Airconditioning