VOLTCRAFT PSW 1000-12-G - Niet gecategoriseerd

PSW 1000-12-G - Niet gecategoriseerd VOLTCRAFT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PSW 1000-12-G VOLTCRAFT in PDF-formaat.

📄 76 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice VOLTCRAFT PSW 1000-12-G - page 57
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL

Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PSW 1000-12-G - VOLTCRAFT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PSW 1000-12-G van het merk VOLTCRAFT.

GEBRUIKSAANWIJZING PSW 1000-12-G VOLTCRAFT

7.3 Aan gelijkspanningsbron aansluiten ......................................................62

-product. Hiermee heeft u een uitstekend apparaat in huis gehaald. Voltcraft

- Deze naam staat op het gebied van meettechniek, laadtechniek en voedingsspan- ning voor onovertroffen kwaliteitsproducten die worden gekenmerkt door gespecialiseerde vak- kundigheid, buitengewone prestaties en permanente innovaties. Voor ambitieuze elektronica-hobbyisten tot en met professionele gebruikers ligt voor de meest ingewikkelde taken met een product uit het Voltcraft

-assortiment altijd de perfecte oplossing binnen handbereik. Bovendien: bieden wij u de geavanceerde techniek en betrouwbare kwaliteit van onze Voltcraft

-producten tegen een nagenoeg niet te evenaren verhouding van prijs en prestaties. Daarom scheppen wij de basis voor een duurzame, goede en tevens succesvolle samenwerking. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe Voltcraft

-product! Alle vermelde bedrijfs- en productnamen zijn handelsmerken van de respectievelijke eigenaren. Alle rechten voorbehouden. Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informatie kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be58 3 Verklaring van symbolen De volgende symbolen zijn te vinden op het product/apparaat of in de tekst: Het symbool met de bliksem in een driehoek wordt gebruikt als er gevaar bestaat voor uw gezondheid (bv. door elektrische schokken). Het symbool met het uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing die in ieder geval moeten worden opgevolgd. Dieses Symbol kennzeichnet auf dem Wechselrichter eine Anschlussklemme für Erdpotential. Dit symbool markeert een aansluitklem voor aardpotentiaal op de omvormer. Het product is uitsluitend geschikt voor het gebruik in droge binnenruimtes. Het mag niet vochtig of nat worden. Houd rekening met de gebruiksaanwijzing hiervan. 4 Leveringsomvang

Aansluitkabel met kabelschoenen

Gebruiksaanwijzing 5 Meest recente productinformatie Download de laatste productinformatie op www.conrad.com/downloads of scan de afgebeelde QR-code. Volg de aanwijzingen op de website.59 6 Voorgeschreven gebruik De omvormer wekt van een gelijkspanning (naargelang de versie van de omvormer hetzij 12 V/DC of 24 V/DC) een sinusgelijkaardige wisselspanning van 230 V/AC, 50 Hz. Bestelnr. 1277820, 1277821, 1277822: Bedrijfsspanning 12 V/DC Bestelnr. 1277827, 1277832, 1277836: Bedrijfsspanning 24 V/DC Aangezien de netspanning echter slechts sinusoïdaal is, maar niet precies sinusvormig, kan niet worden gegarandeerd dat elke elektrische verbruiker probleemloos via de omvor- mer kan worden aangedreven. Het maximale uitgangsvermogen van de omvormer en andere belangrijke karakteristieke vindt u in het hoofdstuk „Technische gegevens” aan het einde van deze gebruiksaanwijzing. Elektrische verbruikers met een hogere nominale vermogensopname dan het maximale continu uitgangsvermogen van de omvormer mogen niet worden aangesloten. Let bij het aansluiten van elektrische verbruikers (vb. boormachine, koelkast, etc.) aan de om- vormer op dat deze tijdens het inschakel- of opstartmoment vaak kortstondig een hoger vermo- gen vereisen dan op het kentekenplaatje van de verbruiker is aangegeven. De omvormer levert daarom kortstondig een hoger uitgangsvermogen. De omvormer schakelt zichzelf uit wanneer de ingangsspanning onder een bepaalde waarde daalt. Dit beschermt een voertuigaccu tegen schadelijke diepontlading. De veiligheidsinstructies en alle andere informatie in deze gebruiksaanwijzing dienen absoluut in acht te worden genomen! Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u het ap- paraat aansluit en in gebruik neemt! Berg deze gebruiksaanwijzing op of geef ze aan derden door samen met het product. Een andere toepassing dan hierboven beschreven kan leiden tot beschadiging van het product. Daarnaast bestaat het risico van bijv. kortsluiting, brand of een elektrische schok. Het totale product mag niet worden gewijzigd resp. omgebouwd!60 7 Veiligheidsvoorschriften Bij schade veroorzaakt door het niet opvolgen van deze gebruiksaanwijzing, vervalt het recht op garantie! Voor gevolgschade die hieruit ontstaat, zijn wij niet aansprakelijk! Voor materiële of persoonlijke schade, die door ondeskun- dig gebruik of niet inachtname van de veiligheidsvoorschriften veroorzaakt worden zijn wij niet aansprakelijk. In zulke gevallen vervalt de garantie. Geachte klant: de volgende veiligheidsvoorschriften hebben niet enkel de bescher- ming van uw gezondheid, maar ook de bescherming van het product tot doel. Lees daarom de volgende punten eerst aandachtig door voordat u het product aan- sluit en in gebruik neemt.

Om veiligheids- en toelatingsredenen is het eigenhandig ombouwen en/of wijzigen van het product niet toegestaan. Demonteer het apparaat daarom nooit.

U mag het product alleen door een vakman of een reparatiedienst laten onderhouden, instellen en repareren. De ingebouwde toestelzekering mag uitsluitend door een elektro- technicus worden vervangen.

Dit product is geen speelgoed: houd het daarom buiten bereik van kinderen!

Laat het verpakkingsmateriaal niet rondslingeren. Dit kan voor kinderen gevaarlijk speel- goed zijn.

U mag de stekker nooit met vochtige of natte handen aanraken. Dit kan levensgevaarlijke elektrische schokken tot gevolg hebben!

Bescherm alle kabels tegen schade. Beschadigde kabels mogen niet meer worden ge- bruikt. Vervang deze onmiddellijk.

Installeer de kabels zo dat niemand erover kan struikelen.

Wanneer de omvormer of de kabel van de aangesloten verbruiker tekenen van schade vertoont, mag u het niet aanraken. Er bestaat levensgevaar door elektrische schok! Schakel eerst de omvormer uit en verbreek de verbinding met de spannings-/stroomverzorging.

Behandel het product voorzichtig, door stoten, schokken of een val - zelfs van geringe hoogte - kan het beschadigen.

Neem de gebruiksaanwijzingen in acht van alle apparaten die aan de omvormer worden aangesloten.

Indien u vragen heeft over de correcte aansluiting of het gebruik van de omvormer of als er problemen zijn waar u in de gebruiksaanwijzing geen oplossing voor kunt vinden, neemt u dan contact op met ons of met een andere elektromonteur.61

Houd kinderen weg van het product. Kies de opstelplaats zo dat het niet door kinderen bereikt kan worden. Kinderen kunnen proberen voorwerpen in het product te steken. Er bestaat hierbij levensgevaar door een elektrische schok!

Het product is uitsluitend geschikt voor gebruik in gesloten, droge ruimten binnenshuis. Het gehele product mag niet vochtig of nat worden. Elektrische schokken zijn levensgevaarlijk!

Kies voor het product een stabiele, effen, schone en voldoende grote opstelplaats.

Vermijd de volgende ongunstige omstandigheden op de opstelplaats bij het opbergen of tijdens het vervoer: – vocht of een te hoge luchtvochtigheid, – koude of hitte, direct zonlicht, – stof of brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen – sterke trillingen, stoten, schokken – sterke magnetische velden, zoals in de omgeving van machines of luidsprekers

Zet het product niet naast radiatoren, ventilatoren, airconditioningtoestellen, etc. Houd het product ver weg van stof en vuil.

Het product beschikt over een ingebouwde ventilator. Plaats het product zo dat de ventila- tor geen losse voorwerpen, gordijnen, etc. kan aanzuigen. Anders bestaat er niet enkel het gevaar voor schade aan het apparaat, maar er bestaat ook brandgevaar.

Zet het product nooit op brandbare oppervlakken (vb. tapijt, tafelkleed). Gebruik altijd een geschikte onbrandbare, hittebestendige ondergrond.

Plaats het product niet zonder geschikte bescherming op kostbare meubeloppervlakken. Door hitte-inwerking kan het tot veranderingen in kleur of materiaal komen. Bovendien zijn krassporen of drukplaatsen op het meubeloppervlak mogelijk.

Houd het product weg van licht ontvlambare materialen (vb. gordijnen, papier), vloeistoffen (vb. benzine) of gassen. Er bestaat brand- en explosiegevaar! Dit geldt in het bijzonder voor gassen uit accu’s (zoals bij loodaccu’s). Let daarom op een overeenkomstige verluchting en plaats omvormer en accu niet in dezelfde ruimte.

Houd de omvormer weg van open vuurbronnen (vb. kaarsen), plaats deze niet op de om- vormer.

Het product moet makkelijk toegankelijk zijn zodat het vb. bij geval van defect uitgeschakeld of van de spanningsbron en de aangesloten verbruiker kan worden ontkoppeld.

Vermijd een gebruik van het apparaat in de buurt van sterke magnetische of elektromag- netische velden, zendantennes of HF-generatoren. Hierdoor kan de besturingselektronica beïnvloed worden.62

Zet geen voorwerpen met vloeistoffen, bijv. vazen of planten, op of naast het product. Wanneer er vloeistoffen in de omvormer raken, wordt deze vernietigd en bovendien bestaat er ernstig gevaar voor een levensgevaarlijke elektrische schok. Ontkoppel in dat geval het product onmiddellijk van de spannings-/stroomverzorging.. Gebruik het product niet meer. Laat het product door een reparatiedienst controleren of verwijder het op milieuvriendelijke wijze.

Beveilig of bevestig de omvormer en alle kabels, vb. bij gebruik in een voertuig zodat het voertuig probleemloos kan gebruikt worden en de omvormer niet kan loskomen.

7.3 Aan gelijkspanningsbron aansluiten

Draag geen metalen of geleidende materialen, zoals vb. juwelen (kettingen, armbanden, ringen, etc.). Door een kortsluiting aan de accu of de omvormer bestaat er verwondings-, brand- en explosiegevaar.

Gebruik een geschikte aansluitkabel met een voldoende grote kabeldiameter. Bij een te lage kabeldiameter kan de aansluitkabel warm worden. Er bestaat brandgevaar! Door zeer sterke oververhitting kan bovendien de isolatie van de aansluitkabel defect raken waardoor kortsluiting kan ontstaan. Er bestaat explosiegevaar door de accu!

Houd de aansluitkabel zo kort mogelijk.

Hoe langer de aansluitkabel, hoe groter de kabeldiameter moet zijn..

Voor de omvormer aan de gelijkspanningsbron wordt aangesloten, moet deze worden uit- geschakeld.

Houd bij de aansluiting van de accu altijd rekening met de juiste polariteit (plus/+ en min/-). De rode klem van de omvormer is de pluspool (+), de zwarte klem is de minpool (-).

De omvormer mag nooit rechtstreeks aan een gelijkspanningsbron (vb. een voertuigaccu) worden aangesloten, maar uitsluitend via een overeenkomstig grote zekering. Deze zeker- ing moet zo dicht mogelijk bij de gelijkspanningsbron worden geplaatst.

Afhankelijk van het uit de omvormer genomen vermogen moet de gelijkspanningsbron (bi- jvoorbeeld een voertuigaccu) een overeenkomstig hoge stroom kunnen leveren..

Controleer regelmatig alle aansluitingen op hun vaste zitting en een goed elektrisch contact. Hoge overgangsweerstanden verminderen niet alleen het vermogen van de omvormer,m aar kunnen tot oververhitting en brand leiden.

De omvormer mag niet met elektrische systemen (vb. een voertuigaccu) worden ver- bonden, waarbij de pluspool geaard of aan het chassis van het voertuig aangesloten is.63

Trek de stekker nooit aan de kabel uit het stopcontact van de omvormer.

Verbind de 230 V-uitgang van de omvormer nooit met een andere 230 V-bron (vb. een contactdoos). De omvormer mag niet worden gebruikt voor het voeden van netspanning in een elektrische huisinstallatie.

Als apparaten met stopcontacten met aarding aan het stopcontact van de omvormer worden aangesloten, moet evt. een aarding van de omvormer worden uitgevoerd. Hiervoor is een overeenkomstige aansluiting aan de om- vormer beschikbaar (met aardingssymbool aangeduid, zie symbool rechts). De gebruikte aardingsleiding (groen/gele kabel) moet over een diameter van minstens 6 mm² beschikken.

Laat de omvormer niet onbewaakt tijdens het gebruik.

Raak de onbeschermde, stroomvoerende contacten, aansluitklemmen of kabelschoenen op de ingangszijde van de omvormer nooit aan..

Ook na het activeren van de interne beveiligingsinrichting kunnen onderdelen van de om- vormer nog onder spanning staan!

De behuizing van de omvormer warmt tijdens he gebruik op (afhankelijk van het uitgangs- vermogen). Let daarom altijd op dat er voldoende verluchting is voor de omvormer. Dek deze tijdens gebruik nooit af. Sluit de verluchtingsopeningen van de omvormer nooit. Houd een minimumafstand van 5 cm rond de behuizing van de omvormer t.o.v. andere apparaten aan.

Gebruik de omvormer nooit direct wanneer het van een koude ruimte in een warme ruimte is gebracht. Het condenswater dat wordt gevormd, kan onder bepaalde omstandigheden het apparaat beschadigen of storingen veroorzaken! Er bestaat het levensgevaar door een elektrische schok! Laat de omvormer daarom eerst op kamertemperatuur komen, vóórdat u hem aansluit of in gebruik neemt. Dit kan een paar uur duren!

Gebruik de omvormer uitsluitend in een gematigd klimaat; niet in een tropisch klimaat. Neem hierbij ook de omgevingsvoorwaarden van het hoofdstuk „Technische gegevens” in acht.

Demonteer de omvormer nooit. Ondanks de uitgebreide veiligheidsschakelingen kan een defect of beschadiging van de omvormer of de aangesloten apparaten nooit 100% worden uitgesloten.64

De omvormer is niet toegelaten voor gebruik in combinatie met levensondersteunende medische apparaten.

Schakel de omvormer uit en ontkoppel deze van de spannings-/ stroomverzorging, wan- neer u deze niet meer nodig heeft.

I n scholen, opleidingscentra, hobbyruimten en werkplaatsen dient door geschoold person- eel voldoende toezicht te worden gehouden op de bediening van het product.

In commerciële omgevingen dienen de Arbo-voorschriften ter voorkoming van ongevallen met betrekking tot elektrische installaties en bedrijfsmiddelen te worden opgevolgd!

Schakel het product uit en ontkoppel deze van de spannings-/ stroomverzorging, wanneer u deze niet meer nodig heeft. Bewaar deze op een schone, droge, koele en voor kinderen niet-toegankelijke plaats.65 8 Aan de spanningsbron aansluiten Voor u de omvormer aansluit en in bedrijf neemt, leest u de gehele gebruiksaanwi- jzing. Let daarbij in het bijzonder op het hoofdstuk „Veiligheidsvoorschriften”.

Schakel de omvormer uit (schakelaarstand „O”).

Als de omvormer in een voertuig wordt aangesloten, schakelt u de ontsteking van het vo- ertuig uit.

Controleer of de aan de omvormer aangegeven ingangsspanning met de spanning van de door u gebruikte spanningsbron (vb. een voertuigaccu) overeenkomt. Als dit niet het geval is, mag de omvormer niet aan de spanningsbron worden aangesloten.

Afhankelijk van het uit de omvormer genomen vermogen moet de gelijkspanningsbron (bi- jvoorbeeld een voertuigaccu) een overeenkomstig hoge stroom kunnen leveren. Let op dat de daadwerkelijk benodigde stroom door schommelingsverliezen in de om- vormer hoger is (ongeveer 20%). Voorbeeld: Aan de omvormer wordt een verbruiker met een vermogensopname van 120W aanges- loten. Bij een omvormer met een ingangsspanning van 12 V/DC volgt een stroom van 10 A. Door schommelingsverliezen bedraagt de ingangsstroom 10 A + 20% = 12 A. Bij een omvormer met een ingangsspanning van 24 V/DC volgt een stroom van 5 A. Door schommelingsverliezen bedraagt de ingangsstroom 5 A + 20% = 6 A.

Verbind eerst de zwarte aansluitklem van de omvormer via de meegeleverde aansluitkabel met de minpool (-) van de spanningsbron.

Vervolgens verbindt u de rode aansluitklem van de omvormer via de meegeleverde aanslu- itkabel met de pluspool (+) van de spanningsbron.66 Let tijdens de aansluiting van de omvormer altijd op de correcte polariteit. Verwissel de aansluitingen nooit!

Rode aansluitklem = pluspool (+)

Zwarte aansluitklem = minpool (-) De omvormer mag nooit rechtstreeks aan een gelijkspanningsbron (vb. een voer- tuigaccu) worden aangesloten, maar uitsluitend via een overeenkomstig grote ze- kering. Deze zekering moet zo dicht mogelijk bij de gelijkspanningsbron worden geplaatst. Een kortsluiting tussen de polen van een accu kan niet alleen tot een lichtboog en het smelten van de aansluitklemmen leiden, maar ook tot een explosie! Hierdoor bestaat er niet alleen brandgevaar, maar ook groot verwondingsgevaar (vb. door de zuren in een loodaccu). Ga daarom bij het anasluiten van de verbindingskabels tussen omvormer en accu zeer zorgvuldig te werk. Let op dat de kabels niet in de draaiende onderdelen van het voertuig kunnen raken (ventilator, V-riemen, etc.). Gebruik voor de aansluiting alleen de meegeleverde kabels of minstens gelijkwaar- dige kabels met een voldoende kabeldiameter en geschikte kabelsschoenen. Als er langere kabels moeten worden gebruikt, zijn o.m. kabels met een grotere ka- beldiameter nodig. Het volgende geldt: Hoe groter de kabeldiameter en hoe korter de kabel, hoe lager het spanningsverlies op de leiding. Een te hoog spanningsverlies op de kabel kan tot een voortijdige onderspannings- uitschakeling van de omvormer leiden. Voor de aansluiting van de leidingen aan de klemmen van de omvormer zijn ge- schikte kabelschoenen nodig. Het inklemmen van de open kabeleinden of volledig solderen is niet toegelaten. Draai de schroefklemmen met de handvast, gebruik geen gereedschap of geweld. Beveilig of bevestig de omvormer en alle kabels, vb. bij gebruik in een voertuig zodat het voertuig probleemloos kan gebruikt worden en de omvormer niet kan loskomen.67 9 Werking Welke verbruiker die met een nominale spanning (230 V/AC, 50 Hz) wordt gebruikt, kan aan een omvormer worden aangesloten? In principe kunnen alle verbruikers aan een omvormer worden aangesloten. Alleszins hebben veel verbruikers tijdens het inschakelmoment een hogere vermogensopname dan op het kentekenplaatje is aangegeven. Dit speelt bij aansluiting aan het openbare stroom- net geen grote rol, omdat er steeds voldoende vermogenreserves beschikbaar zijn. De omvormer is in zijn uitgangsvermogen beperkt. Hij kan echter kortstondig een topuitgangs- vermogen leveren om de hoge vermogensopname tijdens het inschakelmoment van de verbrui- ker te kunnen opvangen. Als de vermogensopname tijdens het inschakelmoment van de verbruiker hoger is dan het top- uitgangsvermogen van de omvormer (of duurt dit te lang), wordt de overbelastingsbescherming van de omvormer geactiveerd. De verbruiker kan niet aan de omvormer worden aangesloten en er samen mee worden gebruikt. Voorbeelden:

Een kleine compressoraangedreven koelkast met een nominaal vermogen van ca. 50 W kan tijdens het inschakelmoment gedurende 5 seconden een 10-voudige vermogensop- name hebben (500 W), aangezien de elektrische motor opstart.

Een gloeilamp met een nominaal vermogen van ca. 60 W kan tijdens het inschakelmoment gedurende 1 seconde een 10-voudige vermogensopname hebben (600 W), aangezien de laag-ohmsche gloeispiraal opwarmt. Pas bij stijgende temperatuur verhoogt ook de elek- trische weerstand en daalt de vermogensopname tot het nominaal vermogen. Omwille van het grote aanbod aan elektrische verbruikers kan geen nauwkeurige oplijst- ing worden gegeven van waar er problemen te verwachten zijn. Problematisch zijn bijvoorbeeld verbruikers met een ingebouwde elektrische motor, con- densatoren in netdelen, apparaten met inductieve belasting, gloeilampen of warmtestra- lers.68 Na de aansluiting van de omvormer aan de spanningsbron (vb. een voertuigaccu) kan de omvormer in gebruik worden genomen.

Sluit een verbruiker aan het stopcontact van de omvormer aan. De nominale spanning van de verbruiker (zie kentekenplaatje op de verbruiker of in de gebruiksaanwijzing) mag het uitgangsvermogen van de omvormer niet overschrijden.

Zet de omvormer aan met de Aan-/Uitschakelaar (schakelaarstand „I”).

Bij correcte aansluiting licht nu de „Power”-LED op, wat duidt op de correcte werking van de omvormer. Beide aangesloten verbruikers zijn gebruiksgereed.

Om de omvormer uit te schakelen plaatst u de Aan/Uitschakelaar in de schakelaarstand „O”. 10 Beveiligingsfuncties

10.1 Onderspanningsbeveiliging

De omvormer geeft een alarmtoon wanneer de ingangsspanning onder een bepaalde waarde daalt.

12 V omvormer. Spanning daalt onder de 10,5 V/DC (tolerantie ±0,5 V/DC)

24 V omvormer. Spanning daalt onder de 21,0 V/DC (tolerantie ±0,5 V/DC) Als de ingangsspanning verder daalt, wordt de omvormer en de aangesloten verbruiker uitge- schakeld. Dit beschermt bijvoorbeeld een voertuigaccu, die voor de werking van de omvormer wordt gebruikt, tegen schadelijke diepontlading.

12 V omvormer. Spanning daalt onder de 10,0 V/DC (tolerantie ±0,5 V/DC)

24 V omvormer. Spanning daalt onder de 20,0 V/DC (tolerantie ±0,5 V/DC) Als de omvormer onderspanning herkent, licht de „Fault”-LED op. Schakel in dit geval de om- vormer via de Aan-/Uitschakelaar uit.

10.2 Overspanningsbeveiliging

De omvormer schakelt zichzelf en de aangesloten verbruiker uit van zodra de ingangsspanning te hoog is.

12 V omvormer. Spanning stijgt boven de 15,0 V/DC (tolerantie ±0,5 V/DC)

24 V omvormer. Spanning stijgt boven de 30,0 V/DC (tolerantie ±0,5 V/DC) Als de omvormer overspanning herkent, licht de „Fault”-LED op. Schakel in dit geval de omvor- mer via de Aan-/Uitschakelaar uit. Controleer de spanningsbron.69

10.3 Overbelastingsbeveiliging

De omvormer schakelt zichzelf tijdelijk uit wanneer de aan de uitgang aangesloten verbruiker een te hoge vermogensopname heeft. Als de vermogensopname daalt, schakelt de omvormer zichzelf opnieuw automatisch in. Bij overbelasting licht de „Fault”-LED op. Schakel de omvormer via de Aan-/Uitschakelaar uit en neem de oorzaak van de overbelasting weg.

10.4 Oververhittingsbeveiliging

Door de overgang van ingangsspanning naar netspanning en de daarbij optredende overgangs- verlies ontstaat in principe warmte. Een geïntegreerde ventilator helpt om de elektronica van de omvormer te koelen. Afhankelijk van de vermogensopname van de aangesloten verbruiker of de omgevingstempera- tuur kan het tot een oververhitting van de omvormer komen. In dit geval schakelt de omvormer zichzelf uit. Nadat de omvormer voldoende is afgekoeld, schakelt hij zichzelf opnieuw in. Als de omvormer oververhitting herkent, licht de „Fault”-LED op.

10.5 Verpolingsbeveiliging

Als de polariteit van de ingang bij de aansluiting wordt verwisseld, werkt de omvormer niet en kan hij niet worden ingeschakeld. Let bij het aansluiten op de juiste polariteit.

Rode aansluitklem = pluspool (+)

Zwarte aansluitklem = minpool (-)70 11 Onderhoud en reiniging Het apparaat is nagenoeg onderhoudsvrij en mag absoluut niet worden geopend. Laat het apparaat uitsluitend door een deskundige of elektrotechnisch bedrijf repareren; anders bestaat het gevaar dat het product defect raakt en bovendien vervalt hierdoor de goedkeuring (CE) en de garantie. De ingebouwde toestelzekering mag uitsluitend door een elektrotechnicus worden vervangen. Voordat u het product reinigt moet u het uitschakelen en van de spannings-/stroomverzorging loskopppelen. Ontkoppel ook een aangesloten verbruiker. U mag het product alleen met een schone, zachte, droge en pluisvrije doek schoonmaken. U mag geen reinigingsmiddelen gebruiken die oplosmiddelen bevatten. Hierdoor kunnen de behuizingen en de opschriften aangetast worden. Stof kan eenvoudig worden verwijderd met een stofzuiger of schone, zachte borstel. 12 Verhelpen van storingen Omvormer kan niet worden ingeschakeld. „Power”-LED licht niet op.

De voor de werking gebruikte accu is leeg. Sluit de omvormer aan een andere, volledig opgeladen accu aan.

De polariteit werd bij de aansluiting omgewisseld. Controleer de bedrading.

De kabelverbindingen naar de accu zijn niet correct, vb. de aansluitkabel is niet vast- geschroefd. Draai de schroefverbindingen van de aansluitklemmen vast. De omvormer werkt alleen met een verbruiker met lage vermogensopname.

De aansluitkabel naar de accu is te lang of de kabeldiameter is te klein. Vervang de aanslu- itkabel door een korter exemplaar, gebruik een kabel met een grotere kabeldiameter.

De verbruiker heeft een te hoge vermogensopname voor de omvormer.

De verbruiker heeft een te hoge vermogensopname bij het inschakelmoment. De aangesloten verbruiker werkt niet en de „Fault”-LED licht op.

De verbruiker heeft een te hoge vermogensopname voor de omvormer, de overbelastings- beveiliging werd geactiveerd.

De verbruiker heeft een te hoge vermogensopname bij het inschakelmoment, de overb- elastingsbeveiliging werd geactiveerd.71 Er is een alarmtoon hoorbaar.

De onderspanningsherkenning werd geactiveerd. De accu die voor de spannings-/stroom- verzorging van de omvormer wordt gebruikt, is leeg. Sluit de omvormer aan een andere, volledig opgeladen accu aan.

De oververhittingsbeveiliging werd geactiveerd. Schakel de omvormer uit en laat hem vol- doende afkoelen.

Controleer of de omvormer voldoende is verlucht.

Gebruik de omvormer in een koelere omgeving.

Sluit een verbruiker met een lagere vermogensopname aan. Bedrijfsduur is te kort.

Gebruik een accu met een grotere capaciteit.

De accu is niet volledig opgeladen. Ontkoppel de accu van de omvormer en laad hem volledig op.

De accu is oud/versleten, vervang hem door een nieuwe accu.72 13 Afvoer Alle elektrische en elektronische apparatuur die op de Europese markt wordt gebracht, moet met dit symbool zijn gemarkeerd. Dit symbool geeft aan dat dit apparaat aan het einde van zijn levensduur gescheiden van het ongesorteerd ge- meentelijk afval moet worden weggegooid. Iedere bezitter van oude apparaten is verplicht om oude apparaten gescheiden van het onge- sorteerd gemeentelijk afval af te voeren. Eindgebruikers zijn verplicht oude batterijen en accu‘s die niet bij het oude apparaat zijn ingesloten, evenals lampen die op een niet-destructieve ma- nier uit het oude toestel kunnen worden verwijderd, van het oude toestel te scheiden alvorens ze in te leveren bij een inzamelpunt. Distributeurs van elektrische en elektronische apparatuur zijn wettelijk verplicht om oude ap- paratuur gratis terug te nemen. Conrad geeft u de volgende gratis inlevermogelijkheden (meer informatie op onze website):

in de door Conrad gemaakte inzamelpunten

in de inzamelpunten van de openbare afvalverwerkingsbedrijven of bij de terugnamesyste- men die zijn ingericht door fabrikanten en distributeurs in de zin van de ElektroG Voor het verwijderen van persoonsgegevens op het te verwijderen oude apparaat is de eindge- bruiker verantwoordelijk. Houd er rekening mee dat in landen buiten Duitsland andere verplichtingen kunnen gelden voor het inleveren van oude apparaten en het recyclen van oude apparaten.73 14 Technische gegevens Bestelnr. 1277820, 1277821,

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : VOLTCRAFT

Model : PSW 1000-12-G

Categorie : Niet gecategoriseerd