RLYM-1EU - Rookmelder FireAngel - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RLYM-1EU FireAngel in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over RLYM-1EU FireAngel
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Rookmelder in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RLYM-1EU - FireAngel en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RLYM-1EU van het merk FireAngel.
GEBRUIKSAANWIJZING RLYM-1EU FireAngel
INHOUD Opmerking: Deze gebruikershandleiding is ook verkrijgbaar in grote letters en andere formaten. Stuur een e-mail naar klantenservice@reangeltech.com voor meer informatie. De originele Engelse versie van de handleiding, waaruit deze vertaling afkomstig is, is onafhankelijk goedgekeurd. In geval van tegenstrijdigheid met de vertaalde onderdelen, bevestigt FireAngel Safety Technology Limited dat de Engelse handleiding waarheidsgetrouw en juist is. Netvoeding 230 V wisselstroom, 50 - 60 Hz. Niet vervangbare batterijback-up (6 V). Het normale bedrijfstemperatuurbereik voor dit product is 0 °C tot 40 °C. WAARSCHUWING: De bedrading moet worden aangebracht door een bevoegd electriciën. Laat deze handleiding achter bij de eindgebruiker. Er staat namelijk belangrijke informatie in over de onderhoud van dit product. Bewaar deze handleiding op een veilige plaats. INLEIDING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .32 INSTALLATIEVOORBEELDEN . . . . . . . . . . . . . .32 INSTALLATIE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .33
RLYM-1 INLEIDING Via het FireAngel-relais RLYM-1 (bedrade koppeling) en WRLYM-1 (draadloze onderlinge koppeling) kunnen netgevoede FireAngel-melders (en eventueel batterijgevoede melders) worden verbonden met andere geschikte systemen, zoals brandpanelen, telezorgsystemen, autodiallers en beveiligingssystemen. De relais RLYM-1 (bedrade koppeling) en WRLYM-1 (bedrade en draadloze onderlinge koppeling) hebben twee NO/NC-uitgangscontacten die door een verbonden FireAngel-alarmsysteem kunnen worden geactiveerd. Het relais RLYM-1 (bedrade koppeling) kan bovendien signalen van rook-/hitte- en CO-melders van elkaar onderscheiden, wat met name bij sommige installatie- instellingen nuttig kan zijn. De RLYM-1 werkt met de volgende modellen: SM-SN-1, SM-F-1EU, HM-SN-1, HM-F-1EU, WSM-SN-1,
De WRLYM-1 werkt met de volgende modellen: WSM-SN-1, WSM-F-1EU, WHM-SN-1, WHM-F-1EU,
alle andere FireAngel-melders die voorzien zijn van Wi-Safe 2-technologie. WRLYM-1 – Draadloze ingangsaansluitingen 230V AC
Bij een brand- of koolmonoxide alarm stuurt de melder een signaal naar het relais dat vervolgens via een bedrade verbinding of een RF-zender een extern paneel of apparaat kan activeren. RLYM-1 & WRLYM-1 – Bedrade uitgangsaansluitingen Extern paneel / apparaten*Extern paneel / apparaten**Voor verbinding met externe apparaten, zie handleiding fabrikant
Relais ARelais B INSTALLATIE De FireAngel-alarmrelais moeten via de 4 bevestigings-punten stevig op een vlakke ondergrond worden gemonteerd. Het systeem moet in een ruimte worden geplaatst waar het niet wordt blootgesteld aan overmatige warmte of vochtigheid. Het relais is bedoeld voor permanente montage en aansluiting op het elektriciteitsnet via het ingebouwde klemmenblok. Het systeem kan ook rechtstreeks aan de wand of het plafond worden bevestigd. BELANGRIJK: Het circuit waarmee het relais van stroom wordt voorzien, moet een 24-uurs spanningscircuit zijn dat niet met een schakelaar kan worden uitgeschakeld.
- Verwijder de deksel.
- Als een kabelgoot nodig is, verwijder dan vóór installatie het lipje uit de uitbreekopening in de montageplaat.
- De bedrading moet als volgt verbonden zijn met het klemmenblok: Fase (L) - Verbinden met de Fase in de bedrading. Nul (N) - Verbinden met de Nul in de bedrading. Interconnect (I) - Desgewenst koppelen aan de doorlus- draad vanaf het meldernetwerk (alleen RLYM-1, zie ‘Bedrade koppeling’). RLYM-1 & WRLYM-1 – Draadloze uitgangsaansluitingen Extern paneel / apparaten* *Voor verbinding met externe apparaten, zie handleiding fabrikant
Gebruik de klem om een eventuele koperen aardings- of groengele kabel veilig af te sluiten. Opmerking: De bedrading moet overeenkomstig de plaatselijke voorschriften worden aangebracht door bevoegd/bekwaam personeel. Loskoppelinrichting (voor apparaten die continue zijn aansloten op de netspanning) Een reeds in de elektrische installatie aanwezige gezekerde installatieautomaat kan toegepast worden om de 230V spanning veilig van het apparaat te ontkoppelen. Led AC-netvoeding 230 V DC-voeding In 12 V (alleen WRLYM-1) Triggeringang 12-24 V Externe ingang TST Testknop LRN Inleerknop (alleen WRLYM-1) Dipswitches Relais B Relais A Schroefbevestigingen 4 x 1.5V AAA Batteries Led DC-voeding In 12 V Triggeringang 12-24 V Externe ingang TST Testknop LRN Inleerknop Dipswitches Relais B Relais A Schroefbevestigingen Stroomingang AC-netvoeding 230 V Stroomingang Kabelgoot YT2 WAARSCHUWING - Sluit de spanning pas aan, nadat de dip-switches zijn ingesteld. Kabelgoot YT2 WAARSCHUWING – Het Relay zal alleen werken als deze met electriciteit gevoed wordt. WAARSCHUWING - Sluit de spanning pas aan, nadat de dip-switches zijn ingesteld. Let op: de schakelaar van de batterij back-up (5) moet in de stand ‘on’ staan voordat de installatie van het relais wordt afgerond en het deksel wordt teruggeplaatst.35
BEDRADE KOPPELING (ALLEEN RLYM-1) Gebruik, om het relais te verbinden met een bestaand netwerk, een drie-aderige kabel met aardingsdraad tussen het relais en de onderling te koppelen melders. Verbind de doorlusdraad tussen alle ‘I’-klemmen zoals aangegeven. De doorlusdraad (van minimaal 0,75 mm
) moet worden beschouwd als spanningvoerend en moet geïsoleerd en omhuld zijn. DOE HET VOLGENDE NIET:
- Meer dan 30 onderling verbonden melders in een netwerk gebruiken.
- Meer dan 250 m draad per circuit gebruiken.
- Verbinden met modellen van een andere fabrikant. RelaisRook- / hittemelderNetvoeding 230VAC KABLINGSNØKKEL = Nul= Fase= Bedrade koppeling= Aarding (I) WAARSCHUWING: Verwissel bij het bedraad koppelen van het relais aan het meldernetwerk nooit de Fase- en Nulaansluiting, anders raken zowel het relais als de melders beschadigd. Gebruik de aardingsdraad NOOIT voor het doorlussen.36
DRAADLOZE ONDERLINGE KOPPELING (ALLEEN WRLYM-1) De WRLYM-1 is bedoeld voor draadloze koppeling aan maximaal 50 producten in het Wi-Safe 2-productassortiment. Het relais is niet bedoeld voor communicatie met draadloze apparaten uit andere assortimenten of van andere fabrikanten. Deze melders moeten worden ‘ingeleerd’ of onderling worden verbonden om met elkaar te kunnen communiceren. Met Wi-Safe 2 zijn geen koppelingsdraden meer nodig, waardoor toekomstige systeemaanpassingen eenvoudig en kostenefciënt zijn uit te voeren. Het WRLYM-1-relais heeft echter wel nog steeds netvoeding nodig op de installatieplaats (zie ‘Installatie’). BELANGRIJK: Obstakels, zoals stalen wapening in beton, kunnen het draadloze signaal blokkeren of hinderen. Hoewel het draadloze bereik bij heldere lucht/open zichtlijn meer dan 200 m bedraagt, kan het werkelijke bereik door muren en andere obstakels worden beperkt. We bevelen aan om melders niet verder dan 35 m van elkaar te plaatsen. RelaisRook- / hittemelder Netvoeding 230VACNetvoeding 230VAC KABLINGSNØKKEL = Nul= Fase= Aarding37
- Meer dan 50 onderling verbonden melders/ apparaten in een netwerk gebruiken.
- FireAngel-melders verbinden met modellen van een andere fabrikant. DRAADLOZE INSTALLATIE Een draadloze melder ‘inleren’ op het relais: Installeer het relais zoals hierboven beschreven (zie ‘Bedrade installatie’). Breng de montageplaat voor de rook-, hitte- of CO-melder aan op een geschikte plaats.
1. Druk met een balpen kort op de inleerknop (LRN)
aan de voorkant van het relais en laat de knop weer los. De inleer-LED zal kort 5 seconden lang blauw oplichten.
2. Druk terwijl de led brandt kort op de testknop
op een melder om melder en relais draadloos met elkaar te verbinden. De melder maakt een hoorbaar geluid dat uit twee cycli van drie luide pieptonen bestaat.
3. De blauwe LED naast de inleerknop van het
relais zal herhaaldelijk knipperen om aan te geven dat het relais is ‘ingeleerd’. Als de testknop niet snel genoeg wordt ingedrukt, zal het ‘inleren’ mislukken. Voer in dat geval de inleerprocedure nogmaals uit. Het relais telt als één apparaat in het netwerk. Als het relais achteraf wordt geïnstalleerd, mogen in het bestaande netwerk niet meer dan 49 apparaten worden gebruikt.38
Plaats ten slotte met de bijgeleverde schroeven de deksel terug op het relais. Uitleren van een relay uit een netwerk: LET OP: Schakel altijd de netspanning uit voordat het relais geopend of verwijderd wordt.
1. Om een relay uit het netwerk te verwijderen
dient u de knop op de achterkant van het relay een keer kort, dan een keer lang in te drukken.
2. Drukt u een keer kort, vervolgens een keer
lang (ca. 5 seconden) de knop in en laat u deze hierna weer los.
3. Na het loslaten van deze knop zal de “blauwe”
LED 2 keer lang oplichten, gevolgd door een korte its, om te laten zien dat het relay succesvol is uitgeleerd uit het netwerk. Als u deze instructies niet juist heeft opgevolgd, zal de “blauwe” LED niet oplichten en zal het uitleren mislukt zijn. Mocht het uitleren niet gelukt zijn dient u deze instructies opnieuw op te volgen. COMPATIBILITEIT MET GECOMBINEERDE SYSTEMEN Beide relais kunnen met gecombineerde systemen werken. Dat betekent dat in één netwerk zowel bedrade als draadloze melders kunnen worden geïnstalleerd, waarna het netwerk wordt verbonden met het juiste relais. Zorg ervoor dat er in elk meldernetwerk slechts één draadloze verbinding is. Als u bijvoorbeeld boven een bedraad netwerk hebt en beneden een draadloos netwerk mag slechts één van de bedrade melders aan een draadloze melder (boven) worden gekoppeld en met het draadloze netwerk (beneden) worden verbonden, dat beide systemen met elkaar verbindt. Het relais kan dan als volgt verbinding maken met een van de melders in het netwerk. Voor RLYM-1 – Bedrade koppeling aan een bedrade melder in het netwerk vereist Voor WRLYM-1 – Draadloze koppeling aan een draadloze melder in het netwerk vereist Zie schema voor bedradingsoptie via kabelgoot en verwijderbare delen aan de zijkant van het apparaat.39
Zodra de netvoeding wordt ingeschakeld, brandt de led aan de voorkant van het relais constant groen. BATTERIJBACK-UP Zowel het netgevoede RLYM-1 relais als het netgevoede WRLYM-1-relais is voorzien van een ingebouwde, niet vervangbare lithiumbatterij (back-up), waarmee bij stroomuitval de voeding van het relais in stand wordt gehouden. Let op: de schakelaar van de batterijback-up (5) moet in de stand ‘on’ staan voordat de installatie van het relais wordt afgerond en de deksel wordt teruggeplaatst. WAARSCHUWING – Sluit de spanning pas aan, nadat de dip-switches zijn ingesteld. YT2 trunking Kabelgoot YT2 Bij een stroomstoring wordt de batterijback-up geactiveerd. De led knippert elke 60 seconden groen om aan te geven dat het relais wordt gevoed door de batterijback-up. Als de stroomstoring voorbij is, brandt de led weer constant groen. Als de batterij bijna leeg is, klinkt zowel bij het RLYM-1- als bij het WRLYM-1-relais elke 60 seconden een zoemtoon, dit is instelbaar via een aparte dipswitch (2), en gaat de rode led knipperen. Als de batterij bijna leeg is, zijn beide relais faalveilig en worden dienovereenkomstig de relaiscontacten geactiveerd.
- Aansluiten op 12 V DC adapter is mogelijk. Adapter niet meegeleverd.
- Zorg ervoor dat het relais zich naast de externe DC- voeding bevindt.
- Zoek de uitgang van de hulpvoeding op de externe DC-voeding en sluit die aan op de DC-ingang van het relais.
- Controleer of de polariteit van de hulpvoeding goed is aangesloten en of de aan-uitled brandt. WAARSCHUWING: De 12 V DC kabel mag niet langer dan 25 meter zijn.
TRIGGERINPUT 12-24 V DC
(RLYM-1 en WRLYM-1) De RLYM-1 en WRLYM-1 relais kunnen een externe triggeringang ontvangen, bijvoorbeeld van een controle/bedieningspaneel. De externe triggeringangsspanning is optioneel en kan worden geactiveerd door een DC-voeding van 12-24 V.
CONTACTEN EN WERKING
Zowel het RLYM-1- als het WRLYM-1-relais is voorzien van 2 NO/NC-contacten met een relaiscontactwaarde van 250 V AC - 5 A / 30 V DC - 5 A. Elk contact werkt zowel in de puls- als in de continustand. Deze stand wordt bepaald door de op het moment van installatie gekozen dipswitch (3&4). In de pulsstand keren de relaiscontacten na 5 seconden terug naar hun oorspronkelijke stand. In de continustand wordt continu een signaal afgegeven zolang het alarm klinkt. Bovendien kan er (alleen) bij het RLYM-1-relais voor worden gekozen om relais B uitsluitend CO- gebeurtenissen te laten melden. Dit is instelbaar via een aparte dipswitch (1). ON ON
Als deze stand is ingeschakeld, zal een alarm van een rook- of hittemelder in het netwerk alleen relais A activeren, maar zal een alarm van een CO-melder alleen relais B activeren. Als deze functie niet wordt ingeschakeld, worden in geval van een alarm in het netwerk beide contacten (relais A en relais B) geactiveerd. RELAISBEDIENING VIA DIPSWITCHES (ACTIVERING) Dipswitch 1=aan WRLYM-1: Nvt RLYM-1: Relay-contact A meldt alleen CO-evenementen Dipswitch 2=aan Zoemer geactiveerd Dipswitch 3=uit Dipswitch 4=uit Relais A en B blijven beide continu aangesproken Dipswitch 3=aan Dipswitch 4=uit Relais A blijft 5 seconden aangesproken, relais B blijft continu aangesproken Dipswitch 3=uit Dipswitch 4=aan Relais A blijft continu aangesproken, relais B blijft 5 seconden aangesproken Dipswitch 3=aan Dipswitch 4=aan Relais A en B blijven beide 5 seconden aangesproken Dipswitch 5=aan Batterijback-up geactiveerd WAARSCHUWING – Sluit de spanning pas aan, nadat de dip-switches zijn ingesteld. LET OP: Bij het gebruik van beide uitgangsrelaiscontacten (A en B), is het raadzaam om producten te installeren (bijvoorbeeld producten die inschakelen bij een alarm), van hetzelfde vermogen Gebruik nooit hoge en lage spanningen door elkaar. Een hogere spanning kan het maximale SELV veligheidsniveau overschrijden.42
Elektrische schok Extra-low voltage (ELV) < 50 < 120 Beperkt risico TESTEN De relais moeten bij installatie door de installateur worden getest op een correcte werking. Beide relais zijn voorzien van een aparte testknop (zie afbeelding). Als de testknop wordt ingedrukt, worden beide relaiscontacten dienovereenkomstig geactiveerd. NB: door de unieke aard van de doorlusfunctie in een netwerk gaan bij het indrukken van de testknop op een rook-, hitte- of CO-melder alle gekoppelde melders af, maar zal het relais de contacten niet schakelen. Het is raadzaam de melders te testen volgens de bijbehorende handleidingen. Voor een continue veilige werking van de relais wordt aangeraden deze regelmatig te testen. Richtlijnen en best practices voor het testen:
1. Nadat het systeem is geïnstalleerd.
2. Na langere tijd van huis te zijn geweest (bv. na een
3. Na reparatie- of onderhoudswerkzaamheden
aan onderdelen van het systeem of aan elektrische huisinstallaties. ALARM Bij een alarm (van een lokaal netwerk of een externe bron) geeft het lokale netwerk een volledig alarm en brandt de rode led op het relais constant. Goed geïnstalleerde en onderhouden rook-, hitte- en CO-melders zijn essentieel voor een goed veiligheidsplan in huis. Informatie en bedieningsinstructies vindt u in de gebruiksaanwijzing van het apparaat.43
FOUTOPSPORING De aan-uit led van het relais brandt niet. Controleer of de schakelaar van de batterij back-up op ON staat. De aan-uitled op het relais moet groen branden. De led knippert elke 60 seconden groen. Het relais krijgt geen netvoeding. Het wordt door de batterij gevoed. De rode led knippert en er klinkt elke 60 seconden een zoemtoon. De back-upbatterij is bijna leeg en het relais moet worden vervangen. De rode led brandt constant. Het netwerk geeft een alarm. Reageer onmiddellijk. Bij voeding door de batterijback-up knippert de led elke 60 seconden groen Melderindicator: bij brand/CO-gebeurtenissen brandt de led constant rood Lage batterijspanning: Led knippert elke 60 seconden rood Bij lage batterijspanning klinkt elke 60 seconden een zoemtoon RF-frequentie: 868,3 MHz (alleen WRLYM-1) Montage: Eenvoudig aan wand of plafond te bevestigen Garantie: 5 jaar Uitgangen: Brandalarmrelais (NO/NC) CO-alarmrelais (NO/NC) – alleen RLYM-1 Relaiscontacten: Alle relaiscontacten hebben een relaiscontactwaarde van 250 V AC bij 5 Amp. Resistief Normaal temperatuurbereik bij bedrijf en opslag: Bereik: 0 – 40ºC Normaal vochtigheidsbereik bij bedrijf en opslag Bereik: 15% tot 95% relatieve vochtigheid – niet-condenserend Afmetingen: 84mm x 198mm x 44mm TECHNISCHE SPECIFICATIES Voedingsspanning: Netvoeding 230 V AC of 12 V DC RF-bereik: 35 meter zonder obstakels (alleen WRLYM-1) Visuele RF-indicator: Intern op module Spanningsindicator: Bij ingeschakelde netvoeding brandt de led constant groen44
AFDANKING Overeenkomstig de WEEE-richtlijn 2012/19/EU mag u afgedankte elektrische producten niet weggooien met het algemeen huishoudelijk afval. De relais moet overeenkomstig de lokale voorschriften worden afgedankt. WAARSCHUWING: Open het relais niet. Verbrand de relais niet. GARANTIE FireAngel Safety Technology Limited garandeert de oorspronkelijke koper dat de bijgevoegde relais vrij is van gebreken in materiaal en vakmanschap bij normaal particulier gebruik en onderhoud gedurende een periode van 5 jaar vanaf de aankoopdatum. Op voorwaarde dat het product voldoende gefrankeerd wordt geretourneerd met bewijs van de aankoopdatum, garandeert FireAngel Safety Technology Limited dat het gedurende een periode van 5 jaar vanaf de aankoopdatum de module naar eigen goeddunken kosteloos zal vervangen. De garantie op de vervanging van de RLYM-1 en WRLYM-1 geldt voor de resterende periode van de oorspronkelijke garantie van de oorspronkelijk gekochte relais. Dat is vanaf de datum van aankoop en niet vanaf de datum van ontvangst van het vervangende product. FireAngel Safety Technology Limited behoudt zich het recht voor om een alternatief product aan te bieden dat vergelijkbaar is met het te vervangen product als het oorspronkelijke model niet meer beschikbaar of in voorraad is. Deze garantie geldt voor de oorspronkelijke koper vanaf de oorspronkelijke aankoopdatum en is niet overdraagbaar. Een aankoopbewijs is vereist. Deze garantie dekt geen schade als gevolg van een ongeval, misbruik, demontage, onjuist gebruik of gebrek aan redelijke zorg voor het product of toepassingen die niet in overeenstemming zijn met de gebruikershandleiding. Gebeurtenissen en omstandigheden waarop FireAngel Safety Technology Limited geen vat heeft, zoals overmacht (brand, noodweer, enz.), zijn niet gedekt. De garantie is niet van toepassing op winkels, service centers, distributeurs of agenten. FireAngel Safety Technology Limited erkent geen wijzigingen aan deze garantie door derden. FireAngel Safety Technology Limited is niet aansprakelijk voor enige incidentele of gevolgschade veroorzaakt door de schending van een expliciete of impliciete garantie. Behalve voor zover verboden door de toepasselijke wetgeving, is elke impliciete garantie van verkoopbaarheid of geschiktheid voor een bepaald doel in duur beperkt tot 5 jaar. Deze garantie heeft geen invloed op uw wettelijke rechten. Behalve in geval van overlijden of lichamelijk letsel, is FireAngel Safety Technology Limited niet aansprakelijk voor enig verlies van gebruik, schade, kosten of uitgaven met betrekking tot dit product, noch voor enige indirecte of gevolgschade, verlies of kosten die door u of een andere gebruiker van dit product zijn opgelopen.45
SimpelGids