N9341 - Batterijlader Emos - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis N9341 Emos in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over N9341 Emos
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Batterijlader in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding N9341 - Emos en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. N9341 van het merk Emos.
GEBRUIKSAANWIJZING N9341 Emos
- Laad nooit andere cellen op dan NiCd, NiMH met AA/ AAA-formaat.
- Laad geen alkaline-, zink-koolstof-, lithium-, enz. cellen op.
- Maak het product schoon met een licht bevochtigd zacht doekje. Gebruik geen oplos- en schoonmaakmiddelen – deze kunnen krassen op de kunststof delen veroorzaken en elektrische circuits beschadigen.
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) die door een lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk onvermogen of door een gebrek aan ervaring of kennis niet in staat zijn het apparaat veilig te gebruiken, tenzij zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Inhoud van de verpakking Batterijoplader BCN-42D 1× Kabel USB-A – USB-C 60 cm 1× Batterij EMOS AA 2700 4× Gebruiksaanwijzing 1× Omschrijving van de installatie Basiscomponenten (zie afb. 1) 1 – Lcd-beeldscherm 2 – Oplaadsleuven 3 – Ingang USB-C 4 – Koelrooster 5 – Bedieningstoetsen 6 – Led-indicatie „Breathing light“ Bedieningstoetsen (zie afb. 2) 1 – Toets MODE – modusselectie 2 – Toets CURR – selectie van de laad-/ontlaadsnelheid 3 – Toets SLOT – selectie van de laadsleuf Lcd-beeldscherm (zie afb. 3) 1 – nummer laadsleuf 2 – Laad/ontlaadtijd 3 – meting van de geladen/ontladen capaciteit 4 – batterijspanning 5 – laad-/ontlaadstroom 6 – einde van de modus 7 – laad-/ontlaadmodus 8 – laad-/ontlaadniveau (10 velden in totaal) 9 – meetmodus voor de batterijcapaciteit/-herstel Voedingskabel (zie afb. 4) 1 – connector USB-C 2 – Connector USB-A Overzichtelijk display Het toestel heeft een overzichtelijk Lcd-display met een grote kijkhoek en een hoog contrast. De witte tekens zijn gemakkelijk te lezen op een blauwe achtergrond en geven informatie over de geselecteerde laadsleuf (CH1-4), laad-/ontlaadtijd (h), laad-/ ontlaadstroom (A), geladen/ontladen capaciteit (mAh), batter- ijspanning (V), laadniveau, geselecteerde modus (laden, ontladen, capaciteitsmeting, herstel) en modusbeëindiging. Bediening van de oplader
- Dit gebeurt via de bedieningstoetsen (zie afb. 1)
- Druk op om het even welke toets om het Lcd-display op te lichten wanneer het gedimd is en de opladerbediening te activeren Toets MODE
- Houd de toets MODE ingedrukt om de optie moduskeuze te activeren
- Door de toets MODE ingedrukt te houden kunt u altijd, terwijl een modus al actief is, de optie voor het instellen van de laad-/ontlaadsnelheid activeren of de modus wijzigen38 Toets CURR
- Druk op de toets CURR om de laad-/ontlaadsnelheid te selecteren*
- nadat de toets MODE ingedrukt wordt gehouden Toets SLOT
- Druk op de toets SLOT om tussen de oplaadsleuven te wisselen
- Het nummer van de sleuf die u heeft geselecteerd wordt linksboven op het display weergegeven
- U kunt dan de getoonde waarden voor de betreffende laadsleuf aezen, of de laadmodus en de laadsnelheid in die laadsleuf wijzigen*
- nadat de toets MODE ingedrukt wordt gehouden Functie van de oplader Detectie van defecte batterijen Deze oplader is uitgerust met detectie van defecte of primaire cellen en verder met beveiliging tegen omgekeerde polariteit. Onafhankelijke oplading Alle 4 sleuven (zie afb. 1) maken het mogelijk onafhankelijk en zonder onderlinge interferentie op te laden. Alle soorten oplaad- batterijen kunnen gelijktijdig worden gecombineerd, namelijk: 1,2 V Ni-MH/CD: AAA, AA. Beschermende functies
- Intelligente identicatie van defecte/beschadigde batterijen en niet-oplaadbare batterijen. Wanneer een dergelijke batterij wordt geplaatst, zal de oplader de batterij evalueren en zal er op het display „Err“ verschijnen en zullen alle velden knipperen (zie afb. 3).
- Temperatuurbeschermingsfunctie: Als de thermische beveiligingsschakelaar detecteert dat de interne temperatuur van de oplader 60 °C ±5 °C heeft bereikt, wordt het laden onderbroken.
- Het opladen wordt bestuurd door de intelligente dV-functie, die de batterijen beschermt tegen overlading en uitgerust is met een veiligheidstimer die het opladen omschakelt naar de onderhoudsmodus.
- Het toestel heeft ook beveiligingsfuncties voor kortsluiting, ompoling, overspanning en onderspanning om de batterijen en de oplader te beschermen tegen schade. Intelligente „Breathing light“-indicatie De oplader heeft een intelligente LED-indicatie van de status. Zognaamde „breathing light“.
- Zonder geplaatste batterijen brandt de LED niet.
- Tijdens het laden/ontladen gaat de LED afwisselend aan en uit.
- Wanneer het laden/ontladen voltooid is, blijft de LED branden. Voeding Voor voeding met de nieuwste adapters is de oplader uitgerust met een USB-C-connector (zie afb. 4). Gebruik voor de voeding van de oplader indien mogelijk altijd een voedingsbron met een snelheid van minimaal 10 W (5 V/2 A). Dit garandeert een optimale werking van de oplader. Overal opladen In de verpakking wordt een Met de meegeleverde USB-A naar USB-C-kabel meegeleverd (zie afb. 4). Deze maakt voeding overal mogelijk van elk apparaat, die voorzien is van een USB-A-voedingspoort. Modustypes
- De oplader biedt in totaal 4 modi. Gebruik de toets MODE om de modi te kiezen. Oplaadmodus: Nadat de batterij volgens de gebruiksaanwijzing is geplaatst, schakelt de oplader na 8 seconden automatisch over op de oplaadmodus „CHARGE“. Tijdens het laden toont het Lcd-display de geladen capaciteit, de laadtijd, de batterijspanning en de laadstroom. Ontladingsmodus: Nadat de batterij volgens de gebruiksaanwijzing is geplaatst, kiest u de ontlaadmodus „DISCHARGE“. Tijdens het ontladen toont het Lcd-display de ontladen capaciteit, de ontlaadtijd, de batterijspanning en de ontlaadstroom. Modus voor capaciteitsmeting: Nadat u de batterij volgens de gebruiksaanwijzing heeft geplaatst, kiest u de modus „TEST“ om de capaciteit van de batterij te meten. Deze modus heeft 3 fasen: opladen – ontladen – opladen. De capaciteit van de batterij wordt gemeten na de voltooiing van de tweede fase. Tijdens de meting toont het Lcd-display de batterijcapaciteit, de ontladingstijd, de batterijspanning en de laadstroom. Batterijherstelmodus: Nadat u de batterij volgens de gebruiksaanwijzing heeft geplaatst, kiest u de modus „CYCLE“ voor „batterijherstel“. Deze modus is geschikt voor oudere batterijen waarbij de oplader verschillende „laad-ontlaad“-cycli zal uitvoeren. Dit zal de batterij geleidelijk doen herleven en het uithoudingsver- mogen (de capaciteit) verbeteren. Deze modus kan tot enkele dagen duren, afhankelijk van de gekozen laad/ontlaadsnelheid, en wordt beëindigd, wanneer de capaciteit van de batterij niet meer aanzienlijk toeneemt. Technologische parameters Ingang: max. DC 5 V/2,0 A Uitgang Opladen: 1,48 V ±0,05 V 250 mA/500 mA/750 mA/1 000 mA ×4 ±10 % Ontladen: 250 mA/500 mA × 4 ± 10 % Bedrijfstemperatuur: +0 °C/40 °C Opslagtemperatuur: -20 °C/80 °C39 Bedieningshandleiding Inbedrijfstelling
1. Steek de USB-C-connector (zie afb. 4) van de meegeleverde
kabel in de USB-C-stekker van de oplader (zie afb. 1).
2. Steek de USB-A-connector (zie afb. 4) van de bijgeleverde
kabel in de adapter of een ander apparaat dat de oplader van stroom zal voorzien.
3. Zorg ervoor dat de adapter aangesloten is op het netwerk
of dat het apparaat voldoende stroom krijgt of opgeladen is (bijv. laptop, powerbank, enz.).
4. Nadat de voeding op juiste manier is aangesloten, voert de
oplader een zelfdetectie en controle uit. Eerst licht het hele display op en na 2 seconden verschijnt het woord „null“ (zie afb. 3). Het toestel is nu klaar om op te laden.
5. Plaats de oplaadbatterij op de juiste manier volgens de
richting die in elke sleuf is aangegeven, d.w.z. met de pluspool (+) naar boven (zie afb. 1).
6. Selecteer het modustype met de toets MODE (zie afb. 3)
en de waarde van de laad/ontlaadstroom met de toets CURR (zie afb. 3).
7. Wanneer de modus is voltooid, verschijnt „END“ (zie afb.
Deponeer niet bij het huisvuil. Gebruik speciale inzamel- punten voor gesorteerd afval. Neem contact op met de lokale autoriteiten voor informatie over inzamelpunten. Als de elektronische apparaten zouden worden wegge- gooid op stortplaatsen kunnen gevaarlijke stoen in het grondwa- ter terecht komen en vervolgens in de voedselketen, waar het de menselijke gezondheid kan beïnvloeden.40 GARANCIJSKA IZJAVA
SimpelGids