VC125 - Multimeter VOLTCRAFT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VC125 VOLTCRAFT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VC125 VOLTCRAFT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VC125 - VOLTCRAFT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VC125 van het merk VOLTCRAFT.
GEBRUIKSAANWIJZING VC125 VOLTCRAFT
NL GEBRUKSAANWIJZING PAGINA 66 - 89
a) Multimeter inschakelen 74
b) Spanningsmeting "V" 75
c)Gelijkstroommeting "ADC" 76
d) Gelijkstroommeting mA / A DC" 77
e) Weerstandsmeting. 78
f) Akoestische doorgangstest 78
g) Diode test 79
h) Batterijtest. 79
- BIJKOMENDE FUNCTIONS 80
a) HOLD-functie 80
b) Schermverlichting 80
- REINIGING EN ONDERhOUD 80
a) Algemeen 80
b) Reiniging 81
c) Plaatsen en verrangen van de batterij 81
d) Vervangen van zekeringen 82
- AFVOER 83
- VERHELPEN VAN STORINGEN 83
- TECHNISCHE GEGEVENS 84
1. INLEIDING
Geachte klant,
Wij danken u hartelijk voor het aanschaffen van dit Voltcraft®-product. Hiermee heeft u een uitstekend apparaat in扣除 huis gehaal.
U hebt een kwaliteitproduct aangeschaft dat ver boven het gemiddelde uitsteekt. Een product uit een merkfolie die zich op het gebied van meet-, laad-, en voedingstechniek met name onsderscheidt door specifieke vakkundigheid en permanente innovatie.
Met Voltcraft® worden gecompliceerde taken voor u als kieskeurige doe-het-zelver of als professionele gebruiker al gauw kinderspel. Voltcraft® biedt u betrouwbare technologie met een buitengewoon gunshot verhouding van prijs en prestaties.
Wij zijn ervan overtuigd: Uw keuze voor Voltcraft is tegelijkkertijd het begin van een langdurige en prettige samenwerking.
Vee plezier met uw nieuwe Volcraft®-product!
Bij technischevragenkuntuzichwenden totonze helpdesk.
Voor meer informatie kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be
- Meting en weergave van de elektrische grootheden binnen het bereik van de meetcategorie CAT III (tot max. 600 V t.o.v. aardpotentiaal, volgens EN 61010-1 en alle lagere meetcategorieën. Het meetapparaat mag Niet in de meetcategorie CAT IV worden gezrukt.
- Meten van gewijk- en wisselspanning tot max. 600 V
- Meting van gelijkstroom tot max. 10 A
- Meten van waarstanden tot 2000k
- Akoestische doorgangstest (< 30)
- Diode test
- Batterijtest voor 9 V-blok- en 1,5 V Ronde cellenbatterijen
De meetfuncties worden gekozen via een draaischakelaar. De selectie van hetmeetbereik gebeurt bij alle meetfunctions manueel.
Bij de VC-125 worden gemiddelde waarden in het AC-spanningsbereik weergegeven. De polariteit worden bij een negatieve meetwaarde automatisch met het min-voorteken (-) weergegeven.
Het gebruik van een persoonlijke beschemmingsuitrusting is aangewezen voor metingen in een CAT III-omgeving. Het meetapparaat mag Niet in de meetcategorie CAT IV worden gebruikt.
De multimeter worden aangedreten door een standard 9V-blokbatterij (type 6F22, NEDA 1604 of identiek). Het gebruik is alleen toegestaan met de aangegeven batterijtypen. Accu's mogen omwille van het mindere vermogen en de waaruit volgende korte bedrijfstijd Niet worden gebruikt.
De multimeter mag in geopende toestand met open batterijvak of een ontbrekend batterijdeksel nicht worden gebruikt.
Metingen in explosieve omgevingen (Ex) of vochtige ruimten of onder ongunstige omstandigheden zichn Niet toe-gestaan. Ongunstige omstandigheden zichn: Vocht of hoge luchtvochtigheid, stof en brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen, onweer of onweerachtige omstandigheden zoals sterke elektrostatice velden, enz.
Gebruik voor het meten alleen de meegeleverde meetsnoren resp. meetaccessoires, die op de specificaties van de multimeter afgestemd�.
Het meetapparaat mag uitsluitend worden bediend door Personen, die met de nodige voorschriften voor het meten en de möglichke gezaren vertrouwd zijn. Het gebruik van een persoonlijke beschermingsuitrusting is aangewezen.
Een andere toepassing dan hierboven beschrenven, kan leiden tot beschadiging van het product. Daarnaast bestaat het risico van bijv. kortsluiting, brand of elektrische schokken. Het totale product mag nicht worden gewijzigd resp. omgebouwd!
Lees deze handleiding zorgvuldig door en bewaar deze voor toekomstig gebruik.
De veiligeidsvoorschriften dieren absolut in acht te worden genomen!
3. BEDIENINGSELEMENTEN
1 Scherm
2 HOLD-toets met vergrendelfunctie voor het behouden van het meetschem
3 Draaischakelaar voor meetfunctieselectie
4 10 A-stroommeetbus
5 COM-meetbus (referentiemassa „min-referentie")
6 VΩmA-meetbus (plus-referentie")
7 Opstelbeugel uitklapbaar
8 Batterijvak
9 Toets voor schermverlichting
4. LEVERINGSOMVANG
- Digitale multimeter VC-125
- 9V-blokbatterij
- 2 veiligheidsmeetleidingen met afneembare CAT III-afdekkappen
- Gebruiksaanwijzing
5. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

Lees de volledige gebruiksaanwijzing voor de ingebruikname goed door, deze bevat belangrijke aanwijzingen voor een correcte werking.
Bij schade veroorzaakt door het Niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing, vervalt hetrecht op garantie! Voor gevolgschade die hieruit ontstaat, zich wij Niet aansprakelijk!
Voor materièle of persoonlijke schade, die door ondeskundig gebruik of nicht inachtname van de veiligheidsvoorschriften veroorzaakt worden zich wij Niet aansprakelijk. In zulke geallen vervalt de garantie.
Het toestel heeft de fabriek in veiligheidstechnisch perfecte staat verlaten.
Volg de instructies en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing op om deze status van het toestel te handhaven een veilige werkig te garanderen.
Let op de volgende symbolen:

Een uitroepteken in een drihoek wijst op belangrijke instructies in deze gebruiksaanwijzing die absolut要不要en worden opgevolgd.

Een blinksemschicht in een driehoek waarschuwt voor een elektrische schok of een veiligheidsbeperking van elektrische onderdelen in het apparaat.

Het „pijl“-symbool wijst op speciale tips en aanwijzingen voor de bediening van het product.

Dit apparaat is CE-goedgekeurd en voldoet aan de betrokken Europese richtlijnen

Beschermingsniveau 2 (dubbele of versterkte isolatie, dubbel geïsoleerd).

Let op: Lees de handleiding.
CATI
Meetcatagorie I voor metingen aan elektrische en elektronische apparaten die Nietrechtstreeks via de netspanning worden voorzien (vb. batterijaangedeven apparaten, lage verilgheidsspanning, signal- en stuurspanningen, etc.)
CAT II
Meetcategorie II voor metingen aan elektrische en elektronische apparaten, die via een netstekker rechtstreeks worden voorzien van spanning. Deze categorie omvat ook alle Kleinere categorieen (bijv. CAT I voor het meten van signal- en stuurspanningen).
CAT III
Meetcategorie III voor metingen in de gebouwinstallatie (b.v. stopcontacten of onderverdelingen). Deze categorie omvat ook alle Kleinere categorieën (bijv. CAT II voor het meten aan elektrische apparaten). Het meetbedrijf in CAT III isuitsluitend toegelaten met meetstiften met een maximale vrije contactengte van 4 mm of met afdekkappen over de meetstiften.
CAT IV
Meetcategorie IV voor metingen aan de bron van de laagspanningsinstallatie (vb. hoofdverdeler, huis-overdrachtspunten van de energieleverancier, etc.) en in de open lucht (vb. werken aan aardingskabels, bovengrondse leidingen, etc.). Deze categorie omvat ook alle Kleinere categorieën. Het meetbedrijf in CAT IV is uitsluitend toegelaten met meetstiften met een maximale vrije contactlengthe van 4mm of met afdekkappen over de meetstiften.

Aardpotentiaal
Om veiligheids- en keuringsredenen (CE) is het eigenmachtig ombouwen en/of veranderen van het toestel Niet toegestaan.
Raadpleeg een vakman wanneer u twijfelt over de werking, veiligheid of aansluiting van het toestel.
Meetapparaten en accessoires zich geen spelelgoed; houd deze buiten bereik van kinderen!
In industrielle omgevingen dienen de Arbovoorschriften ter voorkoming van ongevallen met betrekking tot elektrische installaties en bedrijfsmiddelen in acht te worden genomen.
In scholen, opleidingscentra, hobbyruimten en werkplaatsen要去 door geschoold personeel voldoende toezicht worden gehonden op de bediening van meetapparaten.
Zorg bij elke meting ervoor dat het meetapparaat zich nicht in een andermeetbereik bevindt. Let ook op dat de HOLD-toets bij het begin van de meting Niet wordt ingedrukt (schermweergave bij ingedrukte HOLD-toets ,HOLD"). Bij ingedrukte HOLD-toets bij het begin van de meting, wordt er geen meetwaarde weergegeven!
Bij gebruik vanmeetleidingen zonder afdekappen mogen metingen:tussen meetapparaat en aardpotentiaal nicht boven de meetcategorie CAT II worden uitgevoerd.
Bij metingen in de meetcategorie CAT III要去 den afdekkappen op de meestiften worden gestoken om ongewilde kortsluitingenijdens het meten te vermijden.
Steek de afdekkappen op de meetstiften tot ze inklikken. Om te verwijderen trekt u de kappen met een beetje kracht van de punten.
Vór elke wisseling van het meetbereik moeten demeetstiften van hetmeetobject worden verwijderd.

De spanning:tussen de aansluitpunten van het meetapparaat en aardpotentiaal mag Niet hoger+zijn dan 600 V DC/ AC in CAT III.
Wees vooral voorzichtig bij de omgang met spanningen >33V wissel- (AC) resp. >70V gelijkspanning (DC)! Reeds bij deze spanningenkest u door het aanraken van elektrische geleiders een levensgevaarlijke elektrische schok krijgen.
Om een elektrische schok te voorkomen, dient u ervoor te zorgen dat u de te meten aansluitingen/meetstiften tijdens de meting Niet (ook nicht indirect) aanraakt. Pak tijdens het meten Niet boven de voelbare handgreepmarkerin gen op de meetstiften vast.
Controleer voor elke meting uw meetapparaat en de meetsnoeren op beschadiging(en). Voer in geen geval metingenuit als de beschemende isolatie beschadigd (gescheurd, verwijderd enz.) is. De meegeleverdemeetkabels hebben een slijtage-indicator. Bij schade worden een tweede, anderskleurige isoleerlaag zichtaar. Het meetaccessaire mag Niet meer worden gebruikt en moet worden verrangen.
Gebruik de multimeter nooit kort voor,ijdens, of kort na een onweersbui (blikseminslag! / energierijke overspanningen!). Zorg dat uw handen, schoenen, kleding, de vloer, schakelingen en onderdelen van de schakeling enz. absluut droog�.
Vermijd gebruik van het toestel in de direct omgeving van:
- sterke magnetische of elektromagnetische velden
- zendantennes of HF-generatoren.
Daardoor kan de meetwaarde worden vervalst.
Wanner kan worden aangenomen dat een veilig gebruik Niet meer mogelijk is, mag het apparaat Niet meer worden gebruikt en moet het worden beveiligd gegen onbedoeld gebruik. U mag ervan uitgaan dat een veilig gebruik Nieteer möglichk is indien:
- het apparaat zichtaar is beschadigd
- het apparaat Niet meer werkdt,
- het apparaat langdurig onder ongunstige omstandigheden is opgeslagen
- het apparaat tijdens transport te zwaar is belast.
Schakel het meetapparaat nooit onmiddelijk in, nadat het van een koude maar een warmeru ruimte is gebracht. Door het condenswater dat wordt gezormd, kan het apparaat onder bepalde omstandigheden beschadigd raken. Laat het apparaat uitgeschakeld op kamertemperatuurkommen.
Laat het verpakkingsmateriaal Niet achteeloos liggen. Dit kan voor kinderen gevaarlijk spelgoed zijn.
Neem ook de veiligheidsvoorschriften in de afzonderlijke hoofdstukken in acht.
De meetwaarden worden op de multimeter (hierna DMM genoemd) in een verlicht digitaal scherm weergegeven. Het scherm van de DMM bestaat uit 2000 counts (count =kleinst möglichke schermwaarde).
Het meetapparaat is bestemd voor hobbygebruik maar ook voor professionele toepassenen tot aan CAT III.
In de afgewikkelde stekkers van de meegeleverdemeetleidingen bevinden zich transportbeschemkappen. Verwijder deze voor u de stekkers in de meetapparaatbussen steekt.
Aan de darüberijde is een uitklapbare opstelbeugel (7) aanwezig waarmee de DMM kan wordenrechtgezet. Dat vergemakkelijk het aflezen van het scherm.
Draaischakelaar (3)
De afzonderlijke meetfuncties en meetbereiken worden gekozen via een draaischakelaar.
De multimeter is op stand "OFF"uitgeschakeld. Schakel het meetapparaat alkijd uit als u het nicht gebruikt.
De volgende symbolen en gegevens zich op het apparaat of op het scherm aanwezig.
OFF Schakelstand „Uit"
HOLD Data-Hold-functionie oproepen/uitschakelen. Data-Hold-functionie is actief
OL Overflowschem; het meetbereik werk overschreten

Symbool batterijen verrangen Als dit symbol op het scherm verschijnt,要去 de batterij ommiddelijk worden verrangen ommeetfouten te voorkomen!

Symbool voor de gebruikte batterijgegevens

Symbool voor de diodetest

Symbool voor de akoestische doorgangsmeter

AC Symbool voor wisselstroom

DC Symbool voor gelijktstroom
V, mV Volt (eenheid van elektrische spanning), milli-Volt (exp.-3)
A Ampère (eenheid van elektrische stroomsterkte)
Milli-Ampere (exp.-3), micro-Ampere (exp.-6)
, kΩ Ohm (eenheid van elektrische waarstand), Kilo-Ohm (exp.3)

Toets voor het in- en uitschakelen van de schermverlichting

Symbool voor de gebruekte zekeringen
BATT
Meetunctie voor batterijrtest
8. MEETBEDRIJF


Zorg dat de max. toegestane ingangswaarden in geen geval worden overschreden. Raak schakelingen en schakeldelen Niet aan als waarop een hogere spanning dan 33 V ACrms of 70 V DC kan staan! Levensgevaarlijk!
pleer voor aanvang van de meting de aangeslotenmeetleidingen op beschadigingen, zoals sneden, scheuren of afknellingen. Defecte meetsnoeren moot Niet meer worden gebruikt! Levensgevaarlijk!
Pak tijdens het meten de meetsnoeren Niet boven de tastbare handgreepmarkeringen vast.
Ermight altdie twee meetsnoeren op het meetapparaat aangesloten zijn, die nodig zin. Voor de meetfuncties.Verwijder om veiligheidsredenen alle nicht-benodigde meetsnoeren uit het apparaat voor u een meting uitvoert.
Metingen in stroomcircuits >33V / AC en >70V / DC mogen alleen door elektriciens en hiervoor aangewezen personeel, die op de hoogte zijn van de van toepassing zichnde voorschriften en de waaruit volgende gezaren, uitgevoerd worden.
Zorg bij elke meting ervoor dat het meetapparaat zich nicht in een ander meetbereik bevindt. Let ook op dat de HOLD-toets bij het begin van de meting Niet wordt ingedrukt (schermweergave bij ingedrukte HOLD-toets „HOLD"). Bij ingedrukte HOLD-toets bij het begin van de meting, worden er geenmeetwaarde weergegeven!
Neem de nodige verilgheidsvoorschriften, voorschriften en beschermingsmaatregelen in het belang van uw eigen verilgheid in acht.

Begin elke meting steeds op het grootste meetbereik. Schakel daarna indien nodig maar het volgende kleinere meetbereik. Voor u het meetbereikt verandert, verwijdert u.altijd demeetstiften van het meetobject. Van zodra "OL" (= overloop) verschijnt, hebt u het meetbereik overschreden.
a) Multimeter inschakelen
De multimeter worden door de draaischakelaar in- en uitgeschakeld. Draai de schakelaar op de betreffende meetfuncie (3). Draai de schakelaar op de stand "OFF" om het apparaat uit te zetten. Schakel het meetapparaat.altijd uit als u het Niet gebruikt.

Voordat u het meetapparaat(Intkunt gebruiken, moet eerst de meegeleverde batterij worden geplaatst. Hetplaaten en verrangen van de batterijen wordt in het hoofdstuk „Onderhoud en reiniging" beschreiben.
Voor het meten van gelijkspanningen „V DC" (V-) gaat u als volgt te werk:
- Schakel de DMM in en kies het overeenkomstig meetbereik „V DC".
- Verbind de rode/meetleiding met de V-meetbus (6), de Zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Maak nu met de beiden meetstiften contact met het meetobject (batterij, schakeling, enz.). De rode meetstift komt overeen met de pluspool, de zwarte meetstift met de minpool.
- De huditige meetwaarde worden op het scherm weergegeven.
- Verwijder na het meten de meetsnoeren van het meetobject en schakel de DMMuit.


Is er bij gewelijkspanning een min „-” voor de meetwaarde verschijnt, is de gemeten spanning negatief (of demeetleidingen zich verwisseld).
Het spanningsbereik „V DC" bezit een ingangsweerstand van >1 MOhm.
Voor het meten van wisselspanningen „V AC" (V-)gaat u als volgt te werk:
- Schakel de DMM in en kies het overeenkomstig meetbereik „V AC".
- Verbind de rodemeetleiding met de V-meetbus (6), de zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Verbind nu beiden meetstiften met hetmeetobject (generator, schakeling, enz.).
- De huditige meetwaarde worden op het scherm weergegeven.
- Verwijder na het meten demeetleidingen van het meetobject en schakel de DMM UIT.

Het spanningsbereik, V AC" bezit een ingangsweerstand van >1 MΩ.
c) Gelijkstroommeting „A DC"

De max. toegestane spanning in het stroommeetcircuit gegen aardpotentiaal mag 600 V in CAT II en CAT III Niet overschrijden.
De stroommeting gebeurt algid in series met de verbruiker. Voor het meetapparaat wordt aangesloten, moet het stroomcircuit stroomloos worden geschakeld. Na het meten alijd eerst het meetcircuit stroomloos schakelen voor de meetleidingen worden verwijderd. Dit voorkomt het ontstaan van spanningsbogen.
Stroommetingen >5 A mogen max. 30 seconden duren en worden uitgevoerd met een interval van min. 15 minutes.
Voor het meten van gelijkstromen (A/DC 一 > 200 mA gaat u als volgt te werk:
- Schakel de DMM met de draaischakelaar (3) in en kies het meetbereik „10 A".
- Verbind de rode meetleiding met de V-meetbus (4), de zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Verbind nu de beiden meetstiften in série met de verbruiker. De rode meetstift kommt overeen met de pluspool, de zwarte meetstift met de minpool. Zet het meetstroomcircuit aan.
- De meetwaarde worden op het scherm weergegeven.

Is er bij een gelijkstroommeting een min „-” voor de meetwaarde verschijnt, dan loopt de stroom tegengesteld (ofijken demeetleidingen verwisseld).

- Schakel na het einde van de meting het meetcircuit stroomloos en verwijder de meetstiften van het meetobject. Schakel het apparaat UIT. Draai de draaischakelaar in de stand "OFF".
d) Gelijkstroommeting „mA/μA DC"

De max. toegestane spanning in het stroommeetcircuit gegen aardpotentiaal mag 600V in CAT II en CAT III nicht overschrijden.
De stroommeting gebeurt alkijd in series met de verbruiker. Voor het meetapparaat wordt aangesloten, moet het stroomcircuit stroomloos worden geschakeld. Na het meten alkijd eerst het meetcircuit stroomloos schakelen voor demeetleidingen worden verwijderd. Dit voorkomt het ontstaan van spanningsbogen.
De binnenweerstand van het meetapparaat veroorzaakt door de geinteggreerde zekering in het mA-meetbereik een geringe spanningsdaling in het meetcircuit (max. 200mV ) dat echter meestal verwaarloosbaar is.
Voor het meten van gelijkstromen (mA/μA DC =) >200 mA gaat u als volgt te werk:
- Schakel de DMM met de draaischakelaar (3) in en kies het meetbereik „mA/μA".
- Verbind de rode meetleiding met de mA-meetbus (6), de Zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Verbind nu de beiden meetstiften in série met de verbruiker. De rode meetstift kommt overeen met de pluspool, de Zwarte meetstift met de minpool. Zet het meetstroomcircuit aan.
- De meetwaarde worden op het scherm weergegeven.

Is er bij een gelijkstroommeting een min „-” voor de meetwaarde verschijnt, dan loopt de stroom tegengesteld (of+zijn demeetleidingen verwisseld).
- Schakel na het einde van de meting het meetcircuit stroomloos en verwijder de meetstiften van het meetobject. Schakel het apparaat UIT. Draai de draaischakelaar in de stand "OFF".
e) Weerstandsmeting

Controller of alle te meten schakeldelen, schakelingen en componenten evenals andere meetobjecten absolut spansningsloos en ontladen zich.
Voor de onderstandsmeting gaat u als volgt te werk:
- Schakel de DMM in en kies het overeenkomstig meetbereik „ /k ".
- Verbind de rodemeetleiding met de -meetbus (6), de Zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Controller de meetsnoren op doorgang door beiden meetstiften met elkaar te verbinden. Nu要去 zich een onderstandswaarde van ca. 0 - 1,5 Ohm instellen (de eigendoorstand van de meetsnoren).
- Sluit nu de beiden meetstiften aan op het metobject. De meetwaarde worden op het scherm weergegeven, mits het metobject Niet hoogohmig of onderbroken is. Wacht tot de schermwaarde gestabiliseerd is. Bij waarstanden >1 MOhm kan dit enkele seconden duren.
- Van zodra "OL" (= overflow) op het scherm verschijnt, heeft u het meetbereik overschreden of is het meetcircuit onderbroken.
- Verwijder na het meten de meetsnoeren van het meetobject en schakel de DMMuit.


Wanner u een onderstandsmeting uitvoert, moet u erop letten dat de meetpunten waarmee de meetstiften in contact komen, vrij় van vuil, olie, soldeerhars of dergelijkke. Dergelijkke omstandigheden konnen het meetresultaat verversen.
f) Akoestische doorgangstest

Controleer of alle te meten schakeldelen, schakelingen en componenten evenals andere meetobjecten absolut spansningsloos en ontladen zich.
- Schakel de DMM in en kies de meetfungte
- Verbind de rode meetleiding met de V-meetbus (6), de zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Als doorgang worden een meetwaarde van ca. < 30 ohm herkend en werklijk er een pieptoon. De schermweergave is bij deze test nicht relevant.
- Van zodra „OL" (= overflow) op het scherm verschijnt, heeft u het meetbereik overschreden of is het meetcircuit onderbroken.
- Verwijder na het meten de meetsoeren van het meetobject en schakel de DMM UIT.
g) Diodetest

Controller of alle te meten schakeldelen, schakelingen en componenten evenals andere meetobjecten absluut spanningsloos en ontladen zich.
- Schakel de DMM in en kies het meetbereik
- Verbind de rode/meetleiding met de V-meetbus (6), de Zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Controller de meetsnoeren op doorgang door beiden meetstiften met elkaar te verbinden. Daarop要去 zich een waarde van ca. 000 instellen. De DMM geeft een pieptoon waar diechyter voor de diodetest nicht relevant is.
- Sluit nu de beiden meetsnoren aan op het meetobject (diode).
- Op het scherm worden de doorlaatspanning "UF" in milli-Volt (mV) weergegeven. Als "OL" verschijnt, worden de diode in sperrichting (UR) gemeten of is de diode defect (onderbreking). Voer ter controle een meting door met omgekeerde polariteit. Bij een doorlaatspanning van ca. < 30mV werkblinkt er een pieptoon dieECHTER nicht relevant is.
- Verwijder na het meten de meetsnoeren van het meetobject en schakel de DMMuit.

h) Batterijtest
De batterijtest maakt de contrôle van de klemspanning van 9 V blokbatterijen en 1,5 V Ronde cellenbatterijen möglichk. Bij de test wordt de batterij met een geringe belastingsstroom belast, wat tot een krachtig testresultaat leidt.
- Schakel de DMM in en kies het overeenkomstig meetbereik „BATT".
- Verbind de rode meetleiding met de V-meetbus (6), de Zwarte meetleiding met de COM-meetbus (5).
- Sluit nu de beiden meetstiften aan op hetmeetobject (batterij).
- Op het scherm worden de kleemspanning van de batterij onder belasting in Volt weergegeven.
- Verwijder na het meten de meetsnoeren van het meetobject en schakel de DMMuit.

9. BIJKOMENDE FUNCTIONS
a) HOLD-function
De HOLD-functie houdt de huidige meetwaarde op het scherm vast om deze rustig te kunnen afluen of verwerken.

Zorg bij het testen van spanningvoerende leidingen dat deze functie bij aanvang van de test is gedestructiveerd. Er worden anders een verkeerd meetresultaat gesimuleerd!
Let ook op dat de HOLD-toets bij het begin van de meting Niet wordt ingedrukt (schermweergave bij ingedrukte HOLD-toets „HOLD"). Bij ingedrukte HOLD-toets bij het begin van de meting, worden er geen meetwaarde weergegeven!
Voor het inschakelen van de hold-functionie drukt u op de toets „HOLD" (2). De toets klikt en op het scherm worden „HOLD" weergegeven.
Om de HOLD-functionie uit te schakelen, drukt u nog een keer op de toets „HOLD". De aanduiding „HOLD" verdwijnt.
b) Schermverlichting
Bij een ingeschakelde DMM kan via de verlichtingstoets met vergrendelfunctie (9) de schermverlichting worden inen uitgeschakeld. Elke keer drukken schakelt de verlichting in of uit. De verlichting blijft ingeschakeld tot de functie via de verlichtingstoets (9) of de draaischakelaar (stand "OFF") worden gedeactiveerd.
10. REINIGING EN ONDERHOUD
a) Algemeen
Om de nauwkeurigheid van de multimeter over een langere periode te konnen garanderen, moet het apparaat aanrijks worden gekalibreerd.
Afgezien van een incidentele reinigingsbeurt en het verwangen van de batterij of zekering is het meetapparaat onderhoudsvrij.
Het verwangen van batterijen en zekeringen vindt u verderop in de gebruiksaanwijzing.

Controleer regelmatig de technische veiligheid van het apparaat en demeetleidingen, bijv. op beschadiging van de behuizing of afknellen, enz.
b) Reiniging
Voordat u het apparaat reinigt, dient u absolutut de volgende veiligheidsvoorschriften in acht te nemen:

Bij het openen van afdekkingen of het verwijderen van onderdelen, ook wanner dit handmatig möglich is, können spanningvoerende onderdelen wordenblootgelegd.
Vóör reiniging of reparatie moeten de aangesloten snoeren van het meetapparaat en van alle meetobjecten worden gescheiden. Schakel de DMM UIT.
Gebruik voor het schoonmaken geen schurende schoonmaakmiddelen, benzine, alcohol of soortgelijke producten. Hierdoor worden het oppervlak van het meetapparaat aangetast. Bovendien zijn de dampen schadelijk voor de gezondheid en explosief. Gebruik voor de reiniging ook geen scherp gereedschap, schroevendraaiers of staalborstels en dergelijkke.
Gebruik een schone, pleasvrijne, antistatische enlicht vochtige schoonmaakdoek om het product te reinigen. Laat het apparaat goed drogen voordat u het wee in gebruik neemt.
c) Plaatsen en verrangen van de batterij
Voor het gebruik is een 9 V blokbatterij (vb. 6F22 of identiek) nodig. Bij de eerste ingebruikname of wanner het symbol voor verwang ingen in het scherm verschijnt,要去en十几年e, volle batterijen worden geplaatst.
Voor hetplaatsen ofervangen gaat u als volgt te werk:
- Ontkoppel de aangesloten meetsnoeren van het meetcircuit en van uw meetapparaat. Schakel de DMM UIT.
- Klap de opstelbeugel aan dechterzijde omhoog en maak beiden schroeven aan dechterzijde op het batterijdeksel (8) met een passende kruiskopschroeevendraaier los. Verwijder het batterijvakdeksel van het apparaat.
- Vervang de lege batterij voor een neue van hetzelfde type. Verbind de neue batterij met de juiste polariteit met de batterijclip enplaats de batterij in hetvak. Let op de polariteitgegevens in het batterijvak.
- Sluit de behuizing weer zorgvuldig.



Gebruik het meetapparaat in geen geval in geopende toestand. !LEVENSGEVAAR!
een lege batterij in het meetapparaat aangezien zichs batterijen die gegenlekken zijn beveiligd, kuren corroderen, waardoor chemicalien vrij kuren kome die schadelijk voor uw gezondheid of schade veroorzaken aan het apparaat.
Laat batterijen nicht achteeloos rondslingeren. Deze{kunnen door kinderen of huisdieren worden ingeslikt. Raadpleeg bij inslikken onmiddelijk een arts.
Verwijder de batterij als u het apparaat gedurende langere tijd Niet gebruikt om lekkage te voorkomen.
Lekkende of beschadigde batterijen können bij huidcontact bijtende wonden veroorzaken. Draag waarom in dit geval beschermende handschoenen.
Let op, dat batterijen nicht worden kortgesloten. Gooi geen batterijen in het vuur.
Batterijenmonary werenopogeladen ofgedemonteerd.Erbestaatbrand-enexplosiegevaar.

Een passende alkalinebatterij kutn u bestellen onder het volgende bestelnummer:
Bestelnr. 65 25 09 (1x bestellen a.u.b.).
Gebruik uitsluitend alkalinebatterijen,,ondat deze krachtig zich en een lange gebruiksduur hebben.
d) Vervangen van zekeringen
De stroommeetbereiken zijn met hogevermogenszekeringen gegen overbelasting beveiligd. Als er geen metingen in het stroommeetbereik更是 möglichelijk zijn, zich dezekeringen vermoedelijk defect en要去en worden verrangen.

Neem bij het verwangen van zekeringen absolut de veiligheidsvoorschriften in acht!
Zorg dat bij het verwangen van zekeringen alleen zekeringen van het aangeduide type en de aangegeven nominale stroomsterkte als verwang ing worden gebruikt. Het gebruik van verkeerde of gerepareerde zekeringen resp. het overbruggen van de zekeringhouder is Niet toegestaan en kan brand tot gevolg hebben.
Voor het verwangen van een zekering gaat u als volgt te werk:
-
Ontkoppel de aangesloten meetsnoeren van het meetcircuit en van uw meetapparaat. Schakel de DMMuit.
-
Maak de vier behuizingsschroeven aan dechterzijde met een passende kruskopschroevendraaier los. Maak beiden behuizingshelften voorzichtig van elkaar los en draai hetijkenste deel zoals afgebeeld, zijdelings weg. Let op de batterijkabel.
- Vervang de defecte zekering door een neue zekering van hetzelfde type en nominale stroomsterkte.
FUSE1:FF200mA600V5mm×20mm
FUSE2:F10A 600 V 5 mm x 20 mm


Let darüber op de informatatie op het apparaat of de gezekeringswaarden.
- Sluit de behuizing weer zorgvuldig.

Gebruik het meetapparaat in geen geval in geopende toestand. !LEVENSGEVAAR!
11. AFVOER

Oude elektronische apparaten können gerecycled worden en horen nicht thuis in het huisvuil. Indien het toestel onbruikbaar is geworden, dient het in overeenstemming met de geldende wettelijk voorschriftten te worden afgevoerd waar de gemeentelijk verzamelplaatsen. Afvoer via het huisvuil is Niet toegestaan.
Verwijdering van lege batterijen!
U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege batterijen en accu's in te leveren; verwijdering via het huisvuil is Niet toegestaan!

Op batterijen/accu's die schadelijke stoffen bevatten, vindt u de hiernaast vermelde symbolen. Deze gehen aan dat ze Niet via het huisvuil mogen worden verwijderd. De aanduidingen voor zware metalen zich: Cd = cadmium, Hg = kwik, Pb = lood. U kurz verbruike batterijen/accu's gratis bij de verzamelpunten van uw gemeente, once filialen of overal waar batterijen/accu's worden verkocht, afgeven!
Zo voldoet u aan uw wettelijkke verplichtingen en draagt u bij aan bescherming van het milieu!
12. VERHELPEN VAN STORINGEN
U heeft met de DMM een product aangeschaft dat volgens de{niewste stand der techniek is ontwikkeld en veilig is in het gebruik.
Toch kunnen zich problemen of storingen voordoen.
Hieronder vindt u enkele maatregelen om eventuele storingen eenvoudig zelf te verhelpen:

Neem altijd de veiligheidsvoorschriften in acht!
| Fout Mogelijk oorzaak Mogelijk oplossing | ||
| De multimeter functio-neert nicht. | Zijn de batterijen verbruikt? Controller de toestand. Batterijen verrangen. | |
| Geen verandering vanmeetwaarden | Is een foutrieve meetfunctie actief (AC/DC)? | Controller het meetbereik (AC/DC) en schakel de functie EVT. om. |
| Steken de meetsnoeren goed in de meetbussen? | Controller de zitting van de meet-leidingen | |
| Is de HOLD-functie geactiveerd (weergave "HOLD") | Druk op de toets "HOLD" om deze functie te deactiveren. | |
| Zekering in het stroommeetbereik defect | Controller de overeenkomstige bekering. | |

Andere reparaties zoals hiervoor omschreven mogen alleen door een geautoriseerdevakman worden uitgevoerd. Bij vragen over het gebruik van het meetapparaat staat荃ontechnische helpdesk ter beschikking.
Spanningsvoorziening. 9 V blokbatterij (NEDA 1604 6F22 of identiek)
Bedrijfsvoorwaarden. 0 tot 50^ (<70%)rF
Bedrijfshoogte max. 2000 m
Opslagvoorwaarden -20 ^ C tot +60^ (< 80% rF)
Gewicht ca.210g
Afmetingen (LxBxH) 138 x 68 x 37 (mm)
Meetcategorie...CAT III 600 V
Verontreinigingsgraad 2
Meettolerancies
Weergave van de nauwkeurigheid in ± (% van de aflezing + weergavefouten in counts (= aantal kleiste posities)). De nauwkeurigheid geldt 1aar lang bij een temperatuur van +23^ ( ± 5^ ), bij een rel. luchtvochtigheid van minder dan 75% , nicht condenserend.
Gelikspanning (V DC)
| Bereik Nauwkeurigheid Resolutie | ||
| 200,0 mV | ±(0,7% + 3) | 0,1 mV |
| 2000 mV 1 mV | ||
| 20,00 V 0,01 V | ||
| 200,0 V | ±(1,0% + 3) | 0,1 V |
| 600 V 1 V | ||
| Overbelastingsbeveiliging 600 V; impedantie: >1 MΩ | ||
Wisselspanning (VAC)
| Bereik Nauwkeurigheid (bij 5060 Hz) Resolutie | ||
| 200 V | ±(1,5% + 12) | 0,1 V |
| 600 V 1 V | ||
| Frequentiebereik 45 – 450 Hz; overbelastingsbeveiliging 1,000 V; impedantie: >1 MΩ | ||
Gelijkstroom
| Bereik Nauwkeurigheid Resolutie | ||
| 2000 μA | ±(1,5% + 3) | 1 μA |
| 20 mA 0,01 mA | ||
| 200 mA 0,1 mA | ||
| 10 A ±(2,5% + 2) 0,01 A | ||
| Overbelastingsbeveiliging 600 V; keramische zekeringen voor hoog vermogen: | ||
Weerstand
| Bereik Nauwkeurigheid Resolutie | ||
| 200.0 Ω | ±(1,2% + 4) | 0,1 Ω |
| 2000 Ω 1 Ω | ||
| 20,00 kΩ 0,01 kΩ | ||
| 200,0 kΩ 0,1 kΩ | ||
| 2000 kΩ ±(1,5% + 2) 1 kΩ | ||
| Overbelastingsbeveiliging 250 V, max. 15 s | ||
Batterijtest
| Bereik Nauwkeurigheid Resolutie | ||
| 1,5 V | ±(1,5% + 3) | 0,001 V |
| 9 V 0,01 V | ||
| Belastingsstroom:1,5 V-bereik: 100 mA9 V-bereik: 6 mA | ||
Diodetest
| Testspanning Resolutie | |
| ca. 2,8 V 1 mV | |
| Overbelastingsbeveiliging: 250 V max. 15 s; teststroom max. 1 mA | |
Akoest. doorgangsmeter
Overbelastingsbeveiliging: 250 V, max. 15 Ω; <30 Ω continuoon

Zorg dat de max. toegestane ingangswaarden in geen geval worden overschreden. Raak schakelingen en schakeldelen Niet aan als waarop een hogere spanning dan 33 V/ACrms of 70 V/DC kan staan! Levensgevaarlijk!
D Impressum
Dit is een publicatie van Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com).
Alle rechten, vertaling inbegren, voorbehonden. Reproducties van welke aard dan ook, bijvoorbeeld fotokopie, microverfilming of de registratie in elektronische gegevensverwerkingssapparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels, verboden. De publicatie voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen.