PARKSIDE PSKO 24 B2 - Luchtcompressor

PSKO 24 B2 - Luchtcompressor PARKSIDE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PSKO 24 B2 PARKSIDE in PDF-formaat.

📄 56 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice PARKSIDE PSKO 24 B2 - page 28
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL

Gebruikersvragen over PSKO 24 B2 PARKSIDE

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Luchtcompressor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PSKO 24 B2 - PARKSIDE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PSKO 24 B2 van het merk PARKSIDE.

GEBRUIKSAANWIJZING PSKO 24 B2 PARKSIDE

STILLE COMPRESSOR Bedienings- en veiligheidsinstructies Vertaling van de originele handleiding

1. Verklaring van de symbolen op het apparaat

Lees voorafgaand aan de inbedrijfstelling de gebruikshandleiding en de veiligheids- voorschriften!

Draag gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn.

Waarschuwing voor hete delen! (A afb. 10)

Waarschuwing voor elektrische spanning

Waarschuwing! De eenheid wordt op afstand aangestuurd en mag zonder waarschu- wing starten.

Waarschuwingen en veiligheidsvoorschriften in acht nemen! NL BE Stel de machine niet bloot aan regen. Het apparaat mag alleen in droge omgevingscon- dities worden gestationeerd, opgeslagen en gebruikt.

Specificatie van het geluidsvermogensniveau in dB NL BE Specificatie van het geluidsdrukniveau in dB25NL/BE

Fabrikant: scheppach Fabrikation von Holzbearbeitungsmaschinen GmbH Günzburger Straße 69 D-89335 Ichenhausen Geachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. Aanwijzing: De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:

  • ondeskundige behandeling,
  • het niet in acht nemen van de gebruikshandleiding,
  • reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmensen,
  • inbouw en vervanging van niet-originele onderdelen,
  • niet doelmatig gebruik,
  • uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht ne- men van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE0113. Let op: Lees voor de montage en voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding door. De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelijker te ma- ken, uw elektrisch gereedschap te leren kennen en de beoogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten. De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het elektrisch gereedschap veilig, vakkundig en econo- misch werkt en hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uit- spaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en le- vensduur van het elektrisch gereedschap verhoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze gebruiks- aanwijzing moet u absoluut de voor de werking van het elek- trisch gereedschap geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het elektrisch gereedschap in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De ge- bruiksaanwijzing moet door elke bediener van het apparaat voor aanvang van het werk gelezen en zorgvuldig nageleefd worden. Aan het elektrisch gereedschap mogen alleen perso- nen werken, die voor het gebruik van het elektrisch gereed- schap geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn. Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen veiligheids- voorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van machines van hetzelfde type. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handlei- ding of de veiligheidsvoorschriften.

3. Apparaatbeschrijving (afb. 1-10)

3. Aan/uit-schakelaar

6. Aftapplug voor condenswater

9a. Aftapmoer 9b. Verbindingsbeveiliging 9c. Dop van de aftapmoer

12. Manometer (ingestelde druk kan afgelezen worden)

13. Manometer (keteldruk kan afgelezen worden)

1x luchtfilter 1x standaard 2x wiel 1x persluchtslang 1x montagemateriaal 1x gebruikshandleiding

De compressor wordt gebruikt voor het genereren van pers- lucht voor persluchtgereedschap dat kan worden bediend met een luchtvolume tot ca. 150 l/min. (bijv. bandenpomp, lucht- pistool en verfspuitpistool). Door de beperkte luchtstroom is het niet mogelijk om gereedschappen met een zeer hoog lucht- verbruik te bedienen (bijv. vlakschuurmachine, rechte slijper en slagschroevendraaier). De compressor mag alleen in droge en goed geventileerde bin- nenruimtes worden gebruikt. De machine mag uitsluitend voor het voorgeschreven doel wor- den gebruikt. Elk ander of verdergaand gebruik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/bediener en niet de fabrikant is aansprakelijk voor ontstane schade of elke vorm van letsel.26 NL/BE Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd gebruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wan- neer het apparaat in bedrijfsmatige, ambachtelijke of industri- ele ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet.

6. Veiligheidsvoorschriften

Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektri- sche apparaten m WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsvoor- schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni- sche gegevens die bij dit elektrisch apparaat zijn meegeleverd. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij- zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip “Elektrisch gereedschap” is van toepassing op netgevoed elektrisch ge- reedschap (met netsnoer) of op accugevoed elektrisch gereed- schap (zonder netsnoer). Veiligheid op de werkplek a. Houd uw werkomgeving schoon en goed ver- licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen lei- den tot ongevallen. b. Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeistoffen, gas of stof bevin- den. Elektrisch gereedschap kan vonken veroorzaken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. c. Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische gereed- schap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektri- sche apparaat verliezen. Elektrische veiligheid a. De aansluitstekker van het elektrische gereed- schap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereed- schap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok. b. Let op dat uw lichaam geen contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radia- toren, elektrische haarden, koelkasten. Er be- staat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. c. Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elektrische schok. d. Gebruik de kabel niet om het elektrisch gereed- schap te dragen, aan op te hangen of om de stek- ker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, scherpe randen of bewegende apparaat- delen. Beschadigde of opgewikkelde kabels verhogen het risico op een elektrische schok. e. Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een ver- lengsnoer dat ook geschikt is voor gebruikt buiten. Het gebruik van een voor buiten geschikt verleng- snoer vermindert het risico op een elektrische schok. Ge- bruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld. Ge- bruik de snoeren alleen als de trommel is afgerold. f. Als het gebruik van het elektrische gereed- schap in een vochtige omgeving niet kan wor- den vermeden, gebruik dan een aardlekscha- kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok. Veiligheid van personen a. Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werk- zaamheden met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van onacht- zaamheid bij gebruik van het elektrisch gereedschap kan leiden tot ernstig letsel. b. Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een helm of gehoorbescher- ming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepas- sing ervan, verkleint het risico op verwondingen. c. Voorkom onbedoelde inbedrijfstelling. Contro- leer of het elektrisch gereedschap is uitgescha- keld voordat u het op de stroomvoorziening en/of de accu aansluit, het gereedschap op- pakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektri- sche gereedschap uw vinger op de schakelaar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroom- voorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden. d. Verwijder instelgereedschap of steeksleutels voordat u het elektrisch gereedschap inscha- kelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draai- end onderdeel bevindt, kan verwondingen veroorzaken. e. Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f. Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kle- ding of sieraden. Houd haren, kleding en hand- schoenen uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegrepen door bewegende delen. Bij werkzaamheden in de buitenlucht, adviseren wij rubber handschoenen en antislip schoeisel. Draag bij lang haar een haarnetje.27NL/BE g. Als er stof- en opvangrichtingen gemonteerd kunnen worden, moet u controleren of deze aangesloten zijn en correct worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h. Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos han- delen kan in een fractie van een seconde tot ernstige ver- wondingen leiden. Gebruik en behandeling van het elektrisch ge- reedschap a. Zorg dat het apparaat niet overbelast raakt. Gebruik voor de werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrisch gereed- schap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermo- gensbereik. b. Gebruik geen elektrisch gereedschap, waar- van de schakelaar defect is. Een elektrisch ge- reedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet gerepa- reerd worden. c. Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver- wijder de uitneembare accu voordat u de appa- raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor- zorgsmaatregelen voorkomen dat het elektrische gereed- schap onbedoeld start. d. Bewaar ongebruikt elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk als deze door onervaren personen worden gebruikt. Elektrisch gereed- schap dat niet wordt gebruikt, moet op een droge, hoog- gelegen, afgesloten plaats, buiten het bereik van kinderen, worden bewaard. e. Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische apparaten en inzetstukken. Controleer of bewe- gende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de func- tie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhouden elektrisch gereedschap. f. Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorg- vuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden komt minder snel vast te zit- ten en is makkelijker te gebruiken. g. Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstan- digheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werk- zaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. h. Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greep- oppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden. Service a. Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwalificeerd deskundig personeel re- pareren met uitsluitend originele reserveon- derdelen. Hiermee blijft veilig gebruik van het elektrisch gereedschap gewaarborgd. Veiligheidsvoorschriften voor compressoren m Let op! Bij gebruik van deze compressor dient u de volgen- de fundamentele veiligheidsmaatregelen te nemen ter bescher- ming tegen elektrische schokken, letsel en brandgevaar. Lees deze aanwijzingen voordat u het apparaat gaat gebruiken. Veilig werken.

1. Onderhoud zorgvuldig uw gereedschap

- Houd de compressor schoon om goed en veiliger te kun- nen werken. - Neem de onderhoudsvoorschriften in acht. - Controleer regelmatig het netsnoer van het elektrisch gereedschap en laat deze bij beschadiging door een erkende specialist vervangen. - Controleer regelmatig de verlengsnoeren en vervang deze als ze zijn beschadigd.

2. Neem de stekker uit het stopcontact

- Als u het elektrisch gereedschap niet gebruikt, voordat u onderhoud uitvoert of gereedschappen wisselt, zoals zaagbladen, boren en frezen.

3. Controleer het elektrisch gereedschap op eventuele be-

schadigingen - Voor verder gebruik van het elektrisch gereedschap moeten veiligheidsvoorzieningen of licht beschadigde onderdelen zorgvuldig op probleemloze en beoogde werking worden gecontroleerd. - Controleer of de bewegende delen probleemloos func- tioneren en niet vastklemmen of onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen moeten juist zijn gemonteerd en aan alle voorwaarden voldoen om het probleemloos gebruik van het elektrisch gereedschap te kunnen waar- borgen. - Beschadigde veiligheidsvoorzieningen en onderdelen moeten conform de voorschriften door een erkende dealer worden gerepareerd en vervangen, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing is aangegeven. - Gebruik geen defecte of beschadigde aansluitkabels.

- Gebruik voor uw eigen veiligheid alleen accessoires en hulpapparaten, die in de gebruikshandleiding zijn aangegeven of door de fabrikant worden aanbevolen of aangegeven. Bij gebruik anders dan in de gebruikshandleiding of in de catalogus aanbevolen inzetstukken of accessoires kan gevaar voor persoonlijk letsel ontstaan.28 NL/BE

5. Het snoer vervangen

- Als het snoer wordt beschadigd, moet deze door de fa- brikant of een elektricien worden vervangen om gevaar te voorkomen. Gevaar door elektrische schokken.

6. Vullen van banden

- Controleer de bandenspanning direct na het vullen met behulp van een geschikte manometer, bijvoorbeeld bij een tankstation.

7. Mobiele wegcompressoren in de bouw

- Let op dat alle slangen en armaturen geschikt zijn voor de hoogst toelaatbare werkdruk van de compressor.

8. Opstellingslocatie

- Plaats de compressor uitsluitend op een vlak oppervlak.

9. Het is aan te bevelen, om toevoerslangen bij een druk bo-

ven 7 bar van een veiligheidskabel te voorzien, bijv. een staalkabel.

10. Vermijd zware belasting van het leidingsysteem door flexi-

bele slangaansluitingen te gebruiken en knikken te vermij- den. Aanvullende veiligheidsvoorschriften Neem de overeenkomstige gebruikshandleidin- gen van de betreffende persluchtgereedschappen / persluchtvoorzetapparatuur in acht! De volgende algemene aanwijzingen moeten eveneens in acht worden ge- nomen. Veiligheidsvoorschriften voor werkzaamheden met perslucht en luchtpistolen

  • Neem voldoende afstand tot het product, ten minste echter 2,50 m en houd de persluchtgereedschappen / perslucht- voorzetapparatuur tijdens het gebruik uit de buurt van de compressor.
  • Compressorpomp en leidingen bereiken tijdens bedrijf hoge temperaturen. Contact leidt tot brandwonden.
  • De door de compressor aangezogen lucht moet vrijgehou- den worden van toevoegingen die brand of explosies in de compressorpomp kunnen veroorzaken.
  • Houd bij het losmaken van de slangkoppeling het koppelstuk van de slang met de hand vast. Zo voorkomt u letsel door de terugspringende slang.
  • Draag bij de werkzaamheden met het persluchtpistool een veiligheidsbril en luchtwegmasker. Stoffen zijn schadelijk voor de gezondheid! Door vreemde deeltjes en weggebla- zen onderdelen kunnen verwondingen ontstaan.
  • Met het luchtpistool niet richting personen blazen of kleding op het lichaam wordt gedragen, reinigen. Gevaar voor letsel! Veiligheidsvoorschriften bij het gebruik van spuit- en sproeivoorzetapparaten (bijv. verf spuiten)
  • Houd bij het vullen het sproeivoorzetapparaat uit de buurt van de compressor, zodat er geen vloeistof in aanraking kan komen met de compressor.
  • Spuit met de sproeivoorzetapparaten (bijv. verf spuiten) nooit in de richting van de compressor. Vocht kan leiden tot elektrische gevaren!
  • Verwerk geen lak of oplosmiddelen met een vlampunt lager dan 55 °C. Explosiegevaar!
  • Lak en oplosmiddelen niet verwarmen. Explosiegevaar!
  • Als er vloeistoffen worden verwerkt die schadelijk zijn voor de gezondheid, zijn er filterapparaten (gelaatsmaskers) no- dig ter bescherming. Neem ook de specificaties in acht die door de fabrikanten van dergelijke stoffen wordt verstrekt met betrekking tot voorzorgsmaatregelen.
  • De specificaties en aanduidingen van de verordening inza- ke gevaarlijke stoffen die op de omverpakking van de ver- werkte materialen zijn aangebracht, moeten in acht worden genomen. Indien nodig moeten aanvullende voorzorgsmaat- regelen worden getroffen, met name wat betreft het dragen van geschikte kleding en maskers.
  • Tijdens het spuiten alsook in de werkruimte mag niet worden gerookt. Explosiegevaar! Ook verfdampen zijn licht ontvlam- baar.
  • Vuur, open verlichting of vonkende machines mogen niet aanwezig zijn resp. bediend worden.
  • Bewaar of consumeer geen voedsel en dranken in de werk- omgeving. Verfdampen zijn schadelijk voor de gezondheid.
  • De werkruimte moet groter zijn dan 30 m³ en er moet wor- den gezorgd voor voldoende luchtverversing tijdens het spui- ten en drogen.
  • Spuit niet tegen de wind in. Neem altijd de voorschriften van de plaatselijke politie in acht bij het spuiten van brandbare of gevaarlijke spuitmateriaal.
  • Verwerk geen media zoals testbenzine, butylalcohol en me- thyleenchloride in combinatie met de PVC-drukslang. Deze media vernietigen de drukslang.
  • De werkomgeving moet door de compressor zijn losgekop- peld, zo dat deze niet direct met het werkbereik in aanraking kan komen. Gebruik van drukvaten
  • Iedereen die een drukvat bedient, moet het conform de voorschriften in goede staat houden, goed bedienen, con- troleren, noodzakelijke onderhouds- en instandhoudings- werkzaamheden onverwijld uitvoeren en de door de om- standigheden vereiste veiligheidsmaatregelen treffen.
  • De toezichthoudende autoriteit kan in individuele gevallen nodige controlemaatregelen vereisen.
  • Een drukvat mag niet worden gebruikt als het defecten ver- toont die werknemers of derden in gevaar brengen.
  • Controleer vóór elk gebruik het drukvat op roestvorming en beschadigingen. De compressor mag niet gebruikt worden als het drukvat beschadigd of roestig is. Neem contact op met de klantendienst-werkplaats als u beschadigingen con- stateert. Bewaar de veiligheidsvoorschriften zorgvuldig. Restrisico‘s Volg de in de gebruikshandleiding voorgeschreven onder- houds- en veiligheidsvoorschriften op. Let altijd goed op tijdens het werk en zorg dat derden op een veilige afstand van uw werkplek blijven. Ook bij een juiste wijze van gebruik van het apparaat blijven er altijd bepaalde restrisico‘s bestaan, die niet kunnen worden uitgesloten. Uit het soort en de constructie van het apparaat kunnen de volgende potentiële gevaren worden afgeleid:29NL/BE
  • Onopzettelijk inschakelen van het product.
  • Beschadiging van het gehoor, als de voorgeschreven ge- hoorbescherming niet wordt gedragen.
  • Vuildeeltjes, stof enz. kunnen ondanks het dragen van de veiligheidsbril in uw ogen of gezicht terechtkomen.
  • Inademen van opstuivende vuildeeltjes. Waarschuwing! Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstan- digheden interfereren met actieve of passieve medische implan- taten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine wordt gebruikt.

Inhoud drukvat..................................................................ca. 24 l Bedrijfsdruk ....................................................................ca. 8 bar Theor. aanzuigcapaciteit ......................................ca. 257 l/min Effectieve afgiftehoeveelheid bij 7 bar ...................ca. 80 l/min Effectieve afgiftehoeveelheid bij 4 bar ................ca. 110 l/min Effectieve afgiftehoeveelheid bij 1 bar ................ca. 150 l/min Geluidsdrukniveau L

........................................................2,19 dB Beschermingsgraad ..............................................................IP30 Apparaatgewicht ......................................................ca. 24,8 kg Max. plaatsingshoogte (boven NAP) ............................ 1000 m De geluidsemissiewaarden zijn volgens EN ISO 3744: 1995 bepaald. Draag gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn.

8. Voor de ingebruikname

  • Open de verpakking en haal het apparaat er voorzichtig uit.
  • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).
  • Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
  • Controleer het apparaat en de hulpstukken op transport- schade.
  • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd. GEVAAR Het apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkings- gevaar!
  • Controleer vóór het aansluiten of de specificaties op het ty- peplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroom- net.
  • Controleer het apparaat op transportschade. Meld eventu- ele schade direct bij het transportbedrijf die de compressor heeft bezorgd.
  • De opstelling van de compressor moet nabij de verbruiker plaatsvinden.
  • Lange luchtleidingen en lange snoeren (verlengsnoeren) moeten worden voorkomen.
  • Let er op dat de aanzuiglucht droog en stofvrij is.
  • De compressor niet in vochtige of natte ruimtes plaatsen.
  • De compressor mag uitsluitend in geschikte ruimtes (goed geventileerd, omgevingstemperatuur +5 °C tot 40 °C) wor- den gebruikt. In de ruimte mag geen sprake zijn van stof, zuren, dampen, explosieve of brandbare gassen.
  • De compressor is geschikt voor gebruik in droge ruimtes. In het bereik waar met spatwater wordt gewerkt, is gebruik niet toegestaan.
  • De compressor mag alleen kortstondig, bij droge omge- vingscondities, buitenshuis worden gebruikt.
  • De compressor moet altijd droog worden gehouden en mag na de werkzaamheden niet buitenshuis achter worden ge- laden.

9. Montage en bediening

m Let op! Het apparaat moet voor de ingebruikname volle- dig zijn gemonteerd! Voor de montage heb je nodig: 1x steeksleutel 14 mm 1x kruiskopschroevendraaier (niet bij de levering inbegrepen)

9.1 Montage van de wielen (afb. 3)

  • Monteer de bijbehorende wielen (5) zoals wordt weerge- geven.

9.2 Montage van de standaard (afb. 4)

  • Monteer de meegeleverde standaard (7) zoals wordt weer- gegeven.

9.3 Montage van het luchtfilter (afb. 5, 6)

  • Verwijder de transportdeksel (16) en schroef het luchtfilter (4) op het apparaat vast.
  • De compressor is voorzien van een netsnoer met een geaarde stekker. Deze kan op elke geaard stopcontact 230 V∼ 50 Hz, welke met 16 A is afgezekerd, worden aangesloten.
  • Let bij de ingebruikname er op dat de netspanning overeenkomt met de bedrijfsspanning en met het machinevermogen overeen- komstig de gegevens op het typeplaatje van de machine.
  • Lange toevoerleidingen, alsook verlengstukken, kabelhas- pels enz. veroorzaken spanningsverlies en kunnen het star- ten van de motor verhinderen.
  • Bij lage temperaturen onder +5 °C wordt het starten van de motor door zwaar lopen in gevaar gebracht.30 NL/BE

9.5 Aan/uit-schakelaar (afb. 1)

  • Voor het inschakelen van de compressor wordt de aan/uit- schakelaar (3) omhoog getrokken.
  • Voor het uitschakelen wordt de aan/uit-schakelaar (3) om- laag gedrukt.

9.6 Drukinstelling (afb. 1, 2)

  • Met de drukregelaar (15) wordt de druk op de manometer (12) ingesteld.
  • De ingestelde druk kan bij de snelkoppelingen (10, 11) wor- den afgelezen.
  • De drukschakelaar (2) is in de fabriek ingesteld. Inschakeldruk ca. 5,5 bar Uitschakeldruk ca. 8 bar

9.8 Montage van de persluchtslang (afb. 1, 2)

  • Sluiten van de steeknippel (14a) van de persluchtslang (14) aan op een van de snelkoppelingen (10, 11). Sluit vervol- gens het persluchtgereedschap aan op de snelkoppeling (14b) van de persluchtslang (14).

9.9 Thermische veiligheidsschakelaar

De thermische veiligheidsschakelaar is in het apparaat inge- bouwd. Ga als volgt te werk als de thermische stroomonderbreker wordt geactiveerd:

  • Trek het netsnoer uit het stopcontact.
  • Wacht ongeveer twee tot drie minuten.
  • Sluit het apparaat weer aan.
  • Herhaal het proces als het apparaat niet start.
  • Als het apparaat niet opnieuw start, schakel het apparaat dan met de aan/uit-schakelaar (3) uit en aan.
  • Als u al het bovenstaande heeft uitgevoerd en het apparaat werkt nog steeds niet, neem dan contact op met de klanten- service.

10. Elektrische aansluiting

De geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangesloten. De aansluiting voldoet aan de rele- vante VDE- en DIN-voorschriften. De netaansluiting van de klant en het gebruikte verlengsnoer moe- ten eveneens aan deze voorschriften voldoen. Bij werkzaamheden met spuit- en sproeivoorzetapparaten als- ook bij tijdelijk gebruik in de buitenlucht moet het apparaat absoluut middels een aardlekschakelaar met een afscha- kelstroom van 30 mA of minder worden aangesloten.

10.1 Belangrijke aanwijzingen

Bij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelf uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer wor- den ingeschakeld.

10.2 Defecte elektrische aansluitkabel

Bij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de iso- latie op. Mogelijke oorzaken zijn:

  • Versleten plekken, als aansluitkabels door venster- of deur- openingen worden geleid.
  • Knikken door een onvakkundige bevestiging of geleiding van de aansluitkabel.
  • Snijplekken omdat over de aansluitkabel is gereden.
  • Beschadigde isolatie omdat de stekker uit het stopcontact is getrokken.
  • Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet wor- den gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie is bescha- digd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Let erop dat bij het controleren de aansluitkabel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten. Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend snoeren met dezelfde aanduiding. Op de aansluitkabel moet de typeaanduiding vermeld staan.

10.3 Wisselstroommotor

  • De netspanning moet 230 V∼ 50 Hz zijn.
  • Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m een door- snede hebben van 1,5 vierkante millimeter. Aansluitingen en reparaties van de elektrische uitrusting mogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitgevoerd. Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:
  • Stroomtype van de motor
  • Gegevens van het typeplaatje van de machine
  • Gegevens van het typeplaatje van de motor

11. Reiniging, onderhoud en opslag

m Let op! Trek bij reinigings- en montagewerkzaamheden altijd de stek- ker uit het stopcontact! Gevaar voor verwonding door stroom- stoten! m Let op! Wacht tot het apparaat volledig is afgekoeld! Gevaar voor brandwonden! m Let op! Voorafgaand aan alle reinigings- en onderhoudswerkzaam- heden moet het apparaat drukloos worden gemaakt! Gevaar voor letsel!

  • Houd het apparaat zoveel mogelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het apparaat met een schone doek schoon of blaas het met perslucht bij een lage druk uit.
  • Wij adviseren om het apparaat direct na elk gebruik te rei- nigen.31NL/BE
  • Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen agressieve reinigings- of op- losmiddelen. Hierdoor kunnen de kunststofonderdelen van het apparaat worden aangetast. Let op dat er geen water in het apparaat terecht komt.
  • Slang en spuitgereedschap moeten voor reiniging van de compressor worden losgekoppeld. De compressor mag niet worden gereinigd met water, oplosmiddelen of soortgelijk.

11.2 Onderhoud van het drukvat (afb. 1)

Let op! Om het drukvat (8) in goede staat te houden, moet u na elk gebruik het condenswater aftappen door de aftapplug (6) te openen. Tap eerst de keteldruk af (zie 11.6.1). Open de aftapplug (6) door deze linksom te draaien (gezien vanaf de onderzijde van de compressor op de schroef). Om het condenswater volledig uit het drukvat (8) af te tappen, moet deze iets opzij worden gekanteld zodat de aftapplug (16) het laagste punt vormt. Draai vervolgens de aftapplug (6) weer vast (rechtsom). Con- troleer (8) vóór elk gebruik het drukvat op roestvorming en be- schadigingen. De compressor mag niet gebruikt worden als het drukvat (8) beschadigd of roestig is. Neem contact op met de klantendienst- werkplaats als u beschadigingen constateert.

11.3 Veiligheidsklep (afb. 7)

De veiligheidsklep (9) is ingesteld op de maximaal toegestane druk van het drukvat (8). Het is niet toegestaan om de veilig- heidsklep (9) te verstellen of de verbindingsbeveiliging (9b) tus- sen de aftapmoer (9a) en de kap (9c) te verwijderen. De vei- ligheidsklep (9) moet elke 30 bedrijfsuren ten minste echter 3 keer per jaar worden bediend, zodat deze correct functioneert als dit nodig mocht zijn. Draai de geperforeerde aftapmoer (9a) tegen de wijzers van de klok in om te openen en trek dan de klepstang met de hand naar buiten over de geperforeerde aftapmoer (9a) om de uitloop van het veiligheidsklep (9) te openen. De klep laat nu hoorbaar lucht uit. Aansluitend draait u de aftapmoer (9a) weer rechtsom vast.

11.4 Reinigen van het luchtfilter (afb. 8, 9)

Het luchtfilter (4) voorkomt het inzuigen van stof en vuil. Het is noodzakelijk om dit luchtfilter (4) ten minste elke 300 be- drijfsuren te reinigen. Een verstopt luchtfilter (4) vermindert de capaciteit van de compressor aanzienlijk. Draai het luchtfilter (4) linksom om deze te verwijderen. Draai het filterdeksel (4c) open en verwijder het. U kunt nu het fil- terelement (4b) verwijderen. Klop het filterelement (4b), het filterdeksel (4c) en het filterhuis (4a) voorzichtig uit. Deze com- ponenten moeten daarna met perslucht (ca. 3 bar) worden uit- geblazen en in omgekeerde volgorde worden teruggeplaatst.

11.5 Service-informatie

Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Luchtfilter

  • niet persé in de leveringsomvang opgenomen!

m Let op! Haal de stekker uit het stopcontact, ontluchten het apparaat en alle aangesloten persluchtgereed- schap. Stel de compressor dusdanig af dat deze niet door onbevoegden in gebruik kan worden genomen. m Let op! De compressor alleen bewaren in een droge om- geving die niet toegankelijk is voor onbevoegden. Niet kantelen, uitsluitend rechtop bewaren!

11.6.1 Aftappen van de overdruk

Laat de overdruk in de compressor ontsnappen door de com- pressor uit te schakelen en de nog aanwezige perslucht in het drukvat (8) te gebruiken, bijv. met een persluchtgereedschap op stationair toerental of met een luchtpistool.

Gebruik voor het transport de transportgreep (1) en verplaats hiermee de compressor. Let bij het tillen van de compressor op het gewicht (zie techni- sche gegevens). Zorg bij het transport van de compressor in aangedreven voer- tuigen voor een goede laadbeveiliging.

13. Afvalverwerking en hergebruik

Het apparaat zit in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en kan dus op- nieuw gebruikt worden of kan terugkeren in de kringloop van grondstoffen. Het apparaat en de accessoires ervan bestaan uit verschillen- de soorten materiaal, zoals metaal en kunststoffen. Verwijder defecte componenten als speciaal afval. Informeer hiernaar bij uw speciaalzaak of bij de gemeente! De verpakking is gemaakt van milieuvriendelijke materialen die u bij lokale recyclingcentra kunt in- leveren. Informatie over het afvoeren van versleten appa- ratuur kunt u opvragen bij uw gemeente.32 NL/BE Oude apparatuur mag niet bij het huisafval worden gegooid! Dit symbool geeft aan dat dit product conform de richtlijn inzake verbruikte elektrische en elektronische apparatuur (2012/19/EU) en nationale wettelijke bepalingen niet bij het huishoudelijk vuil mag worden gegooid. Dit product moet bij een hiervoor bestemde verza- melpunt worden afgegeven. Dit kan bijv. door teruggave bij de aanschaf van een soortgelijk product of door inlevering bij een erkend verzamelpunt voor het recyclen van verbruikte elektrische en elektronische apparatuur. Het onjuist afvoeren van oude apparatuur kan door mogelijke gevaarlijke stoffen, die veelal in verbruikte elektrische en elektronische apparatuur zijn verwerkt, negatieve effecten op het mi- lieu en de gezondheid van de mens hebben. Door een juiste afvoer van dit product levert u bovendien een bijdrage aan een effectief gebruik van natuurlijke ressources. Informatie inzake inzamelpunten voor verbruikte apparatuur kunt u opvragen bij de gemeente, de publieke afvalver- werker, een erkend afvalverwerkingsstation voor het afvoeren van verbruikte elektrische en elektronische apparatuur of uw afvalverwerkings- station.

14. Verhelpen van storingen

Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Compressor draait niet. Netspanning niet aanwezig. Kabel, stekker; zekering en stopcontact controleren. Netspanning te laag. Te lang verlengsnoer vermijden. Verlengsnoer met vol- doende aderdoorsnede gebruiken. Buitentemperatuur te laag. Werk niet onder +5 °C buitentemperatuur. Motor oververhit. Motor laten afkoelen, evt. de oorzaak van de oververhit- ting wegnemen. Compressor loopt, maar geen druk. Veiligheidsklep lek. Neem contact op met uw lokaal servicecentrum. Repara- ties uitsluitend laten uitvoeren door geschoold personeel. Afdichtingen defect. Afdichtingen controleren, een defecte afdichting bij een gespecialiseerde werkplaats laten vervangen. Aftapplug voor condenswater lek. Schroef met de hand aanhalen. Afdichting op de schroef controleren, evt. vervangen. De compressor loopt, de druk wordt aangegeven op de manometer, maar het gereedschap loopt niet. Slangverbindingen lek. Persluchtslang en gereedschap controleren, evt. vervan- gen. Snelkoppeling lek. Neem contact op met uw lokaal servicecentrum. Repara- ties uitsluitend laten uitvoeren door geschoold personeel. Te lage druk op de drukregelaar ingesteld. Drukregelaar weer opendraaien.33NL/BE

Geachte klant, onze producten zijn aan een strenge kwaliteitscontrole onderhevig. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, spijt het ons ten zeerste en vragen u zich tot onze servicedienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs te wenden. Wij staan ook graag telefo- nisch tot uw dienst via het hieronder vermelde servicetelefoonnummer. Voor vorderingen in verband met garantie geldt het volgende:

  • Deze garantievoorwaarden regelen bijkomende garantieprestaties. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor uw gratis.
  • De garantieprestatie heeft uitsluitend betrekking op gebreken die te wijten zijn aan materiaal- of fabricagefouten en is beperkt tot het verhelpen van deze gebreken of het vervangen van het apparaat. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet geconstrueerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Een garantieovereenkomst komt daarom niet tot stand als het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. Uitgesloten van onze garantie zijn verder schadeloosstellingen voor transportschade, schade door nietnaleving van de montage-instructies of op grond van ondeskundige installatie, niet-naleving van de handleiding (zoals door b.v. aansluiting op een verkeerde netspanning of stroomsoort), oneigenlijke of on- oordeelkundige toepassingen (zoals b.v. overbelasting van het apparaat of gebruik van niet toegestane inzetgereedschappen of toebeho- ren), niet-naleving van de onderhouds- en veiligheidsbepalingen, binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals b.v. zand, stenen of stof), gebruikmaking van geweld of invloeden van buitenaf (zoals b.v. schade door neervallen) alsmede door normale slijtage die zich bij het doelmatig gebruik van het apparaat voordoet. Er kan geen aanspraak op garantie worden gemaakt als op het apparaat reeds ingrepen werden uitgevoerd.
  • De garantieperiode bedraagt 3 jaar en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het geldend maken van garantie- claims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt noch tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstuk- ken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.
  • Om een garantieclaim geldend te maken neem contact op met het hieronder vermelde serviceadres. Als de klacht binnen de garantiepe- riode valt, ontvangt u van ons een retourbon waarmee u uw defecte apparaat gratis naar ons kunt retourneren. Wij verzoeken u de reden van de klacht zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie bezorgen wij u per omgaande een hersteld of nieuw apparaat terug. Uiteraard staan wij ook tot u dienst om mits betaling van de kosten defecten van het apparaat te verhelpen die buiten de garantieomvang val- len. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres op. Service-hotline / Hotline du service (NL/BE):

17. Conformiteitsverklaring

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : PARKSIDE

Model : PSKO 24 B2

Categorie : Luchtcompressor