FM 02 - Smartphone BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FM 02 BLAUPUNKT in PDF-formaat.
| Producttype | Smartphone |
| Merk | Blaupunkt |
| Model | FM 02 |
| Voeding (oplader) | 100-240 V, 50/60 Hz |
| Opladeruitgang | 5 V, 500 mA |
| Batterijtype | Li-ion 3.7 V |
| Batterijcapaciteit | 800 mAh |
| Netwerk | GSM 900/1800 MHz |
| SAR-waarde (hoofd) | 0.605 W/kg |
| SAR-waarde (lichaam) | 0.572 W/kg |
| Camera | Ja |
| Berichten | SMS |
| Bel functies | Oproepen, noodoproepen |
| Uitbreidbaar geheugen | SD-kaart |
| Beveiliging | Telefoonwachtwoord (4 tot 8 cijfers, standaard 1234) |
| SIM-kaarttype | Standaard |
| Aanbevolen initiële oplaadtijd | 4 uur |
| Oplaadtemperatuur | 0 °C tot 45 °C |
| Inbegrepen accessoires | Oplader, batterij |
| Conformiteit | Richtlijn 2014/53/EU, RoHS 2011/65/EU |
| Handleiding beschikbaar in | Frans, Duits, Engels, Nederlands, Pools, Tsjechisch, Slowaaks |
Veelgestelde vragen - FM 02 BLAUPUNKT
Gebruikersvragen over FM 02 BLAUPUNKT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Smartphone in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FM 02 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FM 02 van het merk BLAUPUNKT.
GEBRUIKSAANWIJZING FM 02 BLAUPUNKT
- Veiligheid 2
- Technische gegevens van het toestel 3
- Informatie over de toetsen 3 4. Aan de slag 4
4.1 De SIM-kaart plaatsen 4 4.2 De geheugenkaart plaatsen 5 4.3 De batterij plaatsen 5 4.4 De batterij verwijderen 5 4.5 De batterij opladen 6 4.6 De batterij onderhouden 6
5 In- en uitschakelen 7 6. Bel functies 7
6.1 Bellen 7 6.2 Oproepen aannemen 8 6.3 Noodoproep 8
- Berichten beheren 9
7.1 Berichten opstellen 9 7.2 Inkomende berichten 9
- Camera. 10
- Wachtwoord van de telefoon 10
- Conformiteitsverklaring 10
1. Veiligheid
Lees de veiligheidsvoorschriften zorgvuldig door, want het niet in acht nemen ervan kan gevaarlijk of illegaal zijn.
De eigenaar van het toestel is verantwoordelijk voor het gebruik ervan.
Beperkte toepassingsgebieden
Schakel het apparaat uit als het gebruik ervan is verboden of als het interferentie of gevaar kan veroorzaken, bijvoorbeeld in een vliegtuig, in een ziekenhuis of in de buurt van medische apparatuur, brandstof of in omgevingen met explosiegevaar. Volg de voorschriften op beperkte toepassingsgebieden.
Veiligheid op de weg
Volg de lokale wetten en voorschriften. Gebruik het apparaat niet tijdens het rijden. De veiligheid op de weg heeft voorrang.
Interferentie
Elk draadloos apparaat kan gevoelig zijn voor interferentie, wat de prestatie van het apparaat kan beïnvloeden.
Gekwalificeerde service
Laat reparaties aan het apparaat alleen uitvoeren door gekwalificeerd personeel.
Oplader, batterij en overige toebehoren
Gebruik uitsluitend zulke batterijen, opladers en overige toebehoren die door de fabrikant goedgekeurd zijn. Sluit geen incompatibele producten aan.
Gehoorbescherming
Luister niet gedurende langere tijd naar luide muziek of radio om gehoorbeschadiging te voorkomen.
Waterbestendigheid
Het toestel is niet waterbestendig, houd het dus altijd droog.
Gebruiksomgeving
Het apparaat voldoet aan de aanbevolen waardes voor het uitzenden van radiogolven indien het van het oor op een afstand
NL
van minstens 1,5 cm verwijderd wordt gehouden. Indien de telefoon in een telefoonhoesje, met riemgesp of in een houder bewaard wordt, zorg ervoor dat deze geen metalen bevatten en dat de telefoon daardoor een beetje van het lichaam verwijderd is. In geval van gebruik van andere accessoires kan het functioneren conform de richtlijnen inzake radiogolven niet gegarandeerd worden. Indien u geen telefoonhoesje gebruikt en de telefoon niet aan uw oor houdt, houd het apparaat minstens op een afstand van 2,5 cm van uw lichaam, met name bij dataverzending.
2. Technische gegevens van het toestel
Kenmerken van de voedingsadapter:
- Ingangsvoltage: (AC), 100-240 V - 50/60 Hz - 0.1 A
- Uitgangsvoltage: (DC), 5 V - 500 mA
Batterijtype en spanning: Li-ion batterij, 3.7 V, 800 mAh
Type van het netwerk: GSM 900/1800 MHz
SAR-waarde (stralingswaarde): 0.605 W/kg (hoofd) - 0,572 W/kg (lichaam)
Opmerking: De exacte werkingsvoorwaarden zijn afhankelijk van de lokale omstandigheden, van de netwerkomgeving en van de gewoontes van de gebruiker.
3. Informatie over de toetsen
- Linkse softwaretoets / rechtse softwaretoets: opent het menu dat onderaan op het beeldscherm links/rechts verschijnt.
- Beltoets: dient voor bellen/oproep aannemen en bij standby-modus opent de belgeschiedenis.
- Einde/aan/uit-toets: lang ingedrukt houdend kan het toestel in- en uitgeschakeld worden; kort ingedrukt houdend kan een oproep afgewezen worden of u kunt het menu verlaten.
- Ok-toets: druk op deze toets om de aangegeven functie uit te voeren. Druk in standby-modus op deze toets om de gekozen
hyperlink te kuren openen.
- Navigatietoetsen: druk op de pijlen naar boven/beneden/links/rechts om in het menu te kunnen scrollen. In standby-modus druk op de pijlen naar boven/beneden/links/rechts om het snelmenu te kunnen bereiken dat u aan de bovenkant van het beeldscherm kunt zien en druk op de Ok-toets om deze taak uit te voeren. 6.0-9 alfanumeriek toetsenbord: Druk op de juiste toetsen om cijfers in te voeren wanneer u belt of om de bij de cijfers horende karakters te kunnen gebruiken wanneer u een tekst schrijft.
In standby-modus: een van de toetsen tussen "2" en "9" lang ingedrukt houdend kunt u het snelkeuzemenu gebruiken (indien deze in het menu ingesteld is [Contactenlijst/Sneltoetskeuze]).
Druk tweemaal op de * toets om het "+" teken voor internationale voorkiesnummers te kunnen gebruiken.
- * (Sterretje) toets: Houd in standby-modus de * toets lang ingedrukt om het "+" teken voor internationale voorkiesnummers te kunnen gebruiken. Druk deze kort in menu-modus in om het toetsenbord af te sluiten. # (Hekje) toets: Houd deze in standby-modus lang ingedrukt om de stille modus te activeren/uit te schakelen.
4. Aan de slag
4.1 De SIM-kaartplaatsen
Om het toestel te kunnen gebruiken plaatst u een geldige SIM-kaart in. Hiermee kunt u uw toestel op het GSM-netwerk aansluiten. Om het verlies en beschadiging van de inhoud van de SIM-kaart te voorkomen, raak nooit het metalen deel van de SIM-kaart met uw hand aan en houd het uit de buurt van elektronische apparaten. Indien de SIM-kaart beschadigd wordt, kan het toestel niet meer op het GSM-netwerk aangesloten worden. Voordat u de SIM-kaart plaatst of verwijdert, controleert u eerst of
NL
het toestel uitgeschakeld is. Vervolgens verwijdert u de achterklep van het toestel.
Opmerking: Zoek aan de achterklep van het toestel de sleuf voor de SIM-kaart en schuif de kaart er in de aangegeven richting volledig in. Plaats de chip omlaag gericht in het toestel en let op de juiste richting.
4.2 De geheugenkaart plaatsen
De geheugenkaart is geen onderdeel van het basispakket van het toestel maar het geheugen van het toestel kan met een SD-kaart uitgebreid worden. Controleer voor gebruik of de geheugenkaart op de juiste manier geplaatst is.
Houd er rekening mee dat het toestel elektrische schokken kan veroorzaken en de geheugenkaart uit zijn plaats kan komen. Buig de geheugenkaart niet, kras er niet op, stel het niet bloot aan statische elektriciteit en maak het niet nat. Plaats de geheugenkaart met de chip omlaag gericht in de sleuf op de achterklep van het toestel zoals het op het toestel afgebeeld is.
Ga altijd met de geheugenkaart zorgvuldig om, met name wanneer u deze verwijdert. Sommige geheugenkaarten dienen voor het eerste gebruik via computer geformatteerd te worden.
4.3 De batterijplaatsen
- Laat de chip van de batterij de vooruitstekende metalen strip in de gleuf voor de batterij aanraken en plaats de batterij erin. Druk de bovenkant ervan naar beneden totdat de batterij met een klik op zijn plaats komt.
- Plaats de achterklep van het toestel terug.
4.4 De batterij verwijderen
Schakel eerst het toestel uit om de batterij te verwijderen. Verwijder vervolgens de klep en haal de batterij eruit, terwijl u de bovenkant vasthoudt.
Opmerking: Als u de batterij verwijdert, kunnen de bewaarde instellingen op het toestel en op de SIM-kaart verloren gaan. Verwijder de batterij uitsluitend wanneer het toestel
NL
uitgeschakeld is. Het kan foutieve werking veroorzaken als u de batterij eruit haalt wanneer het toestel ingeschakeld is.
4.5 De batterij opladen
Sluit de oplader aan op het toestel en steek het andere uiteinde in het stopcontact. Indien het toestel ingeschakeld is terwijl de batterij oplaadt, zal het batterij-icoon in de rechterhoek van het beeldscherm heen en weer bewegen. De batterij is opgeladen wanneer boven in de rechterhoek het batterij-icoon continu brandt. Indien u het toestel oplaadt terwijl dit uitgeschakeld is, zal een symbool op het beeldscherm verschijnen dat het opladen aangeeft. Haal eerst de stekker van de oplader uit het toestel als de batterij opgeladen is.
Opmerking: Wanneer de batterij bijna leeg is, zal op het beeldscherm van het toestel een waarschuwend bericht verschijnen. Laad de batterij zo spoedig en zo veel mogelijk op om ongemakken te voorkomen. De telefoon kan namelijk tijdens een oproep uitschakelen. Uw toestel kan automatisch uitschakelen wanneer het oplaadniveau te laag is.
Indien u de batterij op een permanent laag oplaadniveau gebruikt, zal dit de levensduur en kwaliteit van de batterij nadelig beïnvloeden.
- Voor een juiste werking gebruikt u alleen door de fabrikant goedgekeurde opladers.
- Verwijder nooit de batterij tijdens het opladen.
- Voor het eerste gebruik laad het toestel minstens 4 uur lang op. Dit kan de effectiviteit ervan na meerdere oplaad- en ontlaadbeurten verhogen.
4.6 De batterij onderhouden
Het toestel beschikt over een oplaadbare batterij. Trek de stekker van de oplader uit het stopcontact wanneer u de oplader niet gebruikt. Sluit uw telefoon nooit langer dan een week aan de oplader aan. De temperatuur beïnvloedt de capaciteit van de oplader. De oplader moet soms voor het opladen een hogere of
lagere temperatuur hebben. Gebruik de oplader niet indien de temperatuur van de oplader lager dan 0°C of hoger dan 45°C is. Gebruik de oplader conform zijn functie. Zorg ervoor dat u geen kortsluiting tussen de polen van de batterij veroorzaakt. Gebruik geen beschadigde batterij. Indien u het toestel bij extreme temperatuur gebruikt zal de batterij niet op de juiste manier werken en ook zijn levensduur neemt af. Werp de batterij niet in vuur. Volg de lokale wet- en regelgeving inzake de deponering van de gebruikte batterijen.
5 In- en uitschakelen
Druk lang op de Einde/Aan/uit-toets om het toestel in- en uit te schakelen.
- Indien er geen SIM-kaart geplaatst is of deze beschadigd is of niet goed geplaatst is, zal een waarschuwingsbericht op het beeldscherm verschijnen nadat het toestel ingeschakeld is. Schakel het toestel uit en controleer of de SIM-kaart op een juiste manier is geplaatst.
- Indien u de SIM-kaart in het toestel plaatst terwijl de PIN-modus en het telefoonwachtwoord actief is, zal het toestel nadat het ingeschakeld is om het wachtwoord en de PIN-code vragen en vervolgens wordt de standby-modus geactiveerd.
Nadat het toestel ingeschakeld is, zal het automatisch een netwerk zoeken. Zodra het toestel het toegestane netwerk vindt, geeft het de naam ervan en de signaalsterkte aan.
Indien het toestel geen geschikt netwerk kan vinden, is alleen een noodoproep mogelijk of zijn alleen de niet-netwerkgebonden diensten op het toestel bereikbaar.
6. Bel functies
6.1 Bellen
In standby-modus druk op de juiste cijfertoetsen om een telefoonnummer in te geven. Met de rechte softwaretoets kunt u
de foute cijfers wissen en met de linkse softwaretoets of met de beltoets kunt u een oproep starten indien het telefoonnummer juist is.
Om een internationaal telefoonnummer in te toetsen druk lang op de [*] toets totdat het "+" teken voor internationale voorkiesnummers op het beeldscherm verschijnt.
6.2 Oproepen aannemen
Bij inkomende oproepen zal het toestel op de ingestelde manier een alarm afgeven indien uw provider het weergeven van telefoonnummers van inkomende oproepen ondersteunt. In dit geval verschijnt op het beeldscherm het telefoonnummer of de naam van de beller (afhankelijk ervan of u deze contact in uw contactenlijst eerder hebt opgeslagen).
- Druk op de beltoets of de linkse softwaretoets en neem [Aannemen] de inkomende oproep aan.
- Wanneer de functie om met elke toets een oproep aan te nemen actief is [Instellingen/Oproepinstellingen/Aannemen/Elke toets], kunt u met elke toets de oproep aannemen behalve met de rechtse softwaretoets en de Einde/aan/uittoets.
- Wanneer een koptelefoon aan het toestel aangesloten is en de [Auto] functie is geactiveerd
[Instellingen/Oproepinstellingen/Aannemen/automatisch oproep aannemen in headset-modus] zal uw telefoon de inkomende oproepen na 5 seconden/trillen of bellen automatisch aannemen.
- Indien u de oproep niet wilt aannemen druk op Einde/Aan/Uittoets om de oproep af te wijzen.
U kunt de Einde/Aan/uit-toets ook voor het verbreken van een oproep gebruiken.
- Tijdens het bellen kunt u met de navigatietoetsen omhoog/omlaag het volume harder of zachter zetten.
6.3 Noodoproep
U kunt zonder SIM-kaart onmiddellijk een noodoproep starten.
Netwerken kunnen verschillende noodoproepnummers gebruiken. Neem hierover contact op met uw netwerkprovider.
7. Berichten beheren
Berichten versturen is een netwerkgebonden dienstverlening die het versturen van SMS-berichten mogelijk maakt. Voor verdere informatie neem contact op met uw netwerkprovider.
Functies: Nieuw bericht opstellen, opslaan en/of versturen aan geadresseerde.
In Menu-modus kies voor het menupunt Berichtenbeheer > Bericht opstellen.
Opmerking: Om SMS-berichten te kunnen versturen moet u over het juiste berichtencentrale nummer beschikken. Dit kunt u bij uw netwerkprovider navragen. De berichtencentrale kunt u hier controleren en wijzigen: Menu > Berichtenbeheer > SMS-instellingen > SIM1 / SIM2 > Profielinstellingen.
Tijdens het opstellen van een bericht kunt u met behulp van de # toets tussen de diverse invoermodi kiezen. De tekstberichten mogen maximaal uit 612 karakters bestaan (in geval van karakters met een accent is het maximum 268 karakters).
Druk op de linkse softwaretoets [Opties] tijdens het bewerken van uw bericht om de onderstaande functies te bereiken:
· Aan: U kunt de geadresseerde van het bericht handmatig invoeren of vanuit de Contacten uitkiezen. - Versturen: wordt actief nadat u de geadresseerde aangegeven hebt. Op deze functie drukkend kunt u het opgestelde bericht versturen.
7.2 Inkomende berichten
De inkomende berichten kunt u op uw toestel of op de SIM-kaart opslaan en waarvandaan bereiken.
Wanneer u een bericht krijgt, zult u hierover door een meldingstoon of een trillen (afhankelijk van uw instellingen in het
menu) gewaarschuwd worden. Tevens verschijnt een icoon op het beeldscherm. Druk op de linkse softwaretoets [Bekijken] of op de OK-toets om het bericht te kunnen bekijken. Met behulp van de rechtse softwaretoets kunt u weer terug naar het SMS-menu om de overige inkomende berichten te lezen.
8. Camera
Uw toestel heeft een camera waarmee u foto's kunt maken. Voor het opslaan van de foto's is een geheugenkaart nodig.
9. Wachtwoord van de telefoon
Het wachtwoord van de telefoon kan een 4-8-cijferige code zijn. Deze beschermt uw toestel tegen onbevoegde gebruikers. Het fabrieksmatig ingestelde wachtwoord is "1234". Indien deze functie geactiveerd is, zal de telefoon elke keer wanneer u het toestel inschakelt om de code vragen. Wijzig dit fabrieksmatig ingestelde wachtwoord gelijk om uw gegevens te beschermen. Stel een wachtwoord in dat u makkelijk kunt onthouden.
10. Conformiteitsverklaring
Het toestel Blaupunkt FM 02 voldoet aan de basiseisen en de desbetreffende bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU alsmede aan die van de RoHS-richtlijn 2011/65/EU. Voor inzage in de Conformiteitsverklaring neem contact met ons op via onderstaande e-mailadres: info@blaupunkt-mobile.eu.

Import: HTM Mobile Ltd.
Adres: 1118 Boedapest, Dayka Gabor utca 3.
Bezoek onze website op www.htmmobile.hu of
www.blaupunkt.com voor meer informatie over dit product