ZHRN383K - Fornuis ZANUSSI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ZHRN383K ZANUSSI in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over ZHRN383K ZANUSSI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ZHRN383K - ZANUSSI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ZHRN383K van het merk ZANUSSI.
GEBRUIKSAANWIJZING ZHRN383K ZANUSSI
NL Gebruiksaanwijzing | Kookplaat 17
EN User Manual Hob 33
Welkom bij Zanussi! Hartelijk dank dat je voor once apparatuur heb gekozen.

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
1.VEILIGHEIDSINFORMATIE 17
2.VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 20
3. INSTALLATIE 22
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT 24
5.DAGELIJKS GEBRUIK 25
6.AANWIJZINGEN EN TIPS 27
7. ONDERHOUD EN REINIGING 28
8.PROBLEEMOPLOSSING 29
9. TECHNISCHE GEGEVENS 31
10. ENERGIEZUINIGHEID 31
11.MILIEUBESCHERMING 32
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installmentie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installmentie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies algijd op een veilige, toegankelijkke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligkeit van kinderen en kwetsbare Personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8年龄段 en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zich onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zich de bevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8年龄段 en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te
worden gehonden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zich gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen. - Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in cantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijk gebruiksniveauaus nicht overschrijdt.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heetijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zichen en tot brand leiden. - Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
WAARSCHUWING: Het apparaat mag Niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit worden geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces要去 in de buurt blijven Een kort kookproces要去 voortdurend bewaakt worden.
WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken. - Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen Niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet hunnen worden.
- Gebruik het apparaat Niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te make.
- Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. In het geval het apparaatrechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem algtd contact op met de erkende servicedienst.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden verrangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde Personen om gevaar te voorkomen.
WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschemmers die door de fabrikant van het kookapparaat� ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstrumenties als geschikt� aangegeven of kookplaatbeschemmers die in het apparaat� geintegrereerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschemmers kan ongelukken veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installmenttechnicus mag dit apparaat installereren.

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialien.
- Installee en gebruik geen beschadigd apparatus.
- Volg de installment-instructies die zijn meegeleverd met het apparatus.
- Houd de minimumafstand maar andere apparaten en units in acht.
- Pas.altijd op bij verplaatsing van het apparaat,want het is zwaar. Gebruik.altijd veiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel.
Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. - Bescherm de bodem van het apparaat gegen stoom en vocht.
- Installee het apparaat Niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam worden geopend.
- Als het apparaat geinstalleerd is boven lades zorg er dan voor dat de ruimte tussen de onderkant van het apparaat en de bovenste lade voldoende is voor luchtcirculatie.
- De onderkant van het apparaat kan het worden. Zorg ervoor dat u onder het apparaat een scheidingspaneel installeert dat gemaakt is van triplex, keukenkastmaterial of ander nichtbrandbaar materiaal om te voorkomen dat hij de bodem raakt.
- Het afterschiedingspaneel moet het volledige gebied onder de kookplaat bedekken.
2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen要去en worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
, moet het apparaat geaard worden. - Verzeker gezelf ervan dat de stekker uithet stopcontact is getrokken, voordat jewelke werkzaamheden dan ook uitvoert.
Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom. - Controller of het apparaat correct geinstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) hunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet worden.
- Gebruik het juiste netsnoer.
Zorg dat de stroomkabel Niet verstrikt raakt. - Controller of er een aardlekschakelaar is geinstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hare apparaat of heet kookgerei Niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit. - Gebruik geen adapters met meertere stekkers en verlangkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer Niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te verrangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geisoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het nicht zonder gereedschap kan worden verplaatst.
-
Steek de stekker pas in het stopcontact als de installmentie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installmentie bereikbaar is.
-
Als het stopcontact los zit, mag u de stekker Niet in het stopcontact steken.
- Trek Niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek.altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen要去en uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installmentie要去 een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat要去 een contactopening hebben met een minimale bredte van 3 mm.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat nicht wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopengingen Niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaatijdens de werkking niets onbeheerd anschter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze können heet worden.
- Gebruik het apparaat Niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat Niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddelijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
- Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en
het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparatus.
- Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.

WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanner ze verwarmd worden, können vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanner u ermee kookt.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan hunnen spontaan ontbranden.
- Gebruekte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer worden gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.

WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Laat geen heet kookgerei op het bedieningspaneel staan.
Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat. - Laat kookgerei niedroogkoken.
Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat LAST vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken. - Schakel de kookzones nicht verwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
Kookgerei gemaakt van gietijzer, aluminium of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen algijd op als je ze op de kookplaat要去 verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak anschueruitgaat.
Schakel het apparaat uit en LAST het afkoelen voordat u het schoonmaakt. -
Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
-
Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zich bedoeld om bestand te zich gegen extreme fysiieke omstandigheden in huishoudelijkte apparaten, zoals temperatuur, trillingen,
vochtigkeit, of zich ben doeeld om informatatie te gehen over de operationele status van het apparaat. Ze zich Niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zich Niet geschikt voor verlichting in huishoudelijkke ruimten.
2.6 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uwplaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparatus.
Haal de stekker uit het stopcontact. - Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
3. INSTALLATIE

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zich in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
Installatie aan bovenkant
- Reinig het werkblad rond het uitgesneden gebied.
-
Bevestig de meegeleverde 2 × 6 ~mm aufdicht strip gegen de ondderrand van de kookplaat langs de buitenrand van de keramische plaat. Rek het Niet uit. Zorg dat de uiteinden van de aufdicht strip zich in het midden van een van de zijden van de kokplaat bevinden.
-
Tel een paar millimeter bij de af te knippen lenghte van de afdicht strip.
- Duw de twee uiteinden van de affdichtstrip samen.
3.4 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installment-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstandussen de apparaten.




3.5 Installatie van meer dan een kookplaat

3.6 Aansluitsnoer
- De kookplaat worden geleverd met een aansluitkabel.
- Gebruik om het beschadigde netsnoor te verwangen het snoer: H03V2V2-F of H05BB-Fdat bestand is gegen een
temperatuur van 90^ of hoger. Neem contact op met een erkend
servicecentrum. Het aansluitsnoer mag alleen worden verrangen door een gekwalificierde elektricien.
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
4.1 Indeling van het kookoppervlak

1 Kookzone
2 Bedieningspaneel
4.2 Indeling van het bedieningspaneel

Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedieren. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tiptoets Functie Opmerking | |
| 1 | ① Aan / Off De kookplaat in- en uitschakelen. |
| 2 | Blokkering / Kinderbeveiligungsrechtung Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. |
| 3 | Pauze De functie in- en uitschakelen. |
| 4 | - Het in- en uitschakelen van de buitenste ring. |
| 5 | - Kookstanddisplay De kookstand weergeven. |
| 6 | - Timerindicatie voor de kook-zones Geeft aan voor welke zone u dearend instelt. |
| 7 | - Timerdisplay Dearend in minuten weergeven. |
| 8 | 1 - Om de kookzone te selecteren. |
| 9 | +/- - Dearend verlengen ofverkorten. |
| 10 | +/- - Het instellen van de kookstand. |
4.3 Kookstanddisplays
| Schem Beschrijving | |
| Ø | De kookzone is uitgeschakeld. |
| Ø-Ø | De kookzone worden gezruikt. |
| Ø | Pauze werkt. |
| Ø+ cijfer | Er is een storing. |
| Ø/Ø | OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator): doorgaan met koken / warmhoud-stand / restwarmte. |
| L | Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting werkt. |
| - | Automatische uitschakeling werkt. |
5. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 In- of uitschakelen
Raak 1 seconde aan om de kookplaat in ofuit te schakelen.
5.2 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- alle kookzones zijn uitgeschakeld,
- u de kookstand nicht instelt nadat u de kookplaat hebt ingeschakeld,
- u iets hebt gemorst of iets longer dan 10 seconden op het bedieningspaneel hebt
gelegd (een pan, doek, etc.). Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordenuitgeschakeld. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
- u een kookzone Niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na eenijdje gaat aan en schakelt de kookplaat UIT. De verhoudingussenkookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt:
Warmte-instelling De kookplaat wordenuitgeschakeld na

1-2
6 aur
3-45uur
Warmte-instelling De kookplaat wordenuitgeschakeld na
54eur
6-91,5 uur
5.3 De kookstand
- aanraken om te verhogen. -aanraken om te verlagen. Raak en tegelijkertijd aan om de kookzone uit te schakelen.
E/7 Zelang het indicatielampje aanstaat, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
De individielampjes verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gezruikt:
- doorgaan met koken,
- warm houden,
- restwarmte.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zichs als je ze Niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone worden geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5.5 Activeren en deactiveren van de buitenringen
Je kunt het kookoppervlak handmatig aanpassen aan de afmetingen van het kookgerei.
Stel een kookstand in voor de kookzone. Kies het symbol voor de kookzone:
Om de buitenste ring te activeren: raak het symbool aan. Het indicatielampje verschijnt.
Om de buitenste ring uit te schakelen: raak het symbol aan totdat het indicatielampje verdwijnt.
5.6 Timer
- Timer met aftelfunctie
U kunt deze functie gebruiken om de lenghte van een kooksessie in te stellen.
Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en dan de functie.
Om de kookzone in te stellen: tik herhaaldelijk op ① totdat het lampje van een kookzone verschijnt.
Om de functie te activeren of de tijd te wijzigen: tik op of van de timer om de tijd in te stellen (00 - 99 minutes). Als het lampje van de kookzone gaat knipperen, worden de tijd afgeteld.
Om de resterendeijd te zien: tik op om de kookzone in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. Op het display worden de resterendeijd weergegeven.
Om de functie te deactiveren: tik op om de kookzone in te stellen en tik verrolgens op —. De resterendeijd teelt terug tot 00. Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt.

Als de aftelling beeindigd is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. De kookzone wordenuitgeschakeld.
Om de functie te stoppen: tik op
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken wanner de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones Niet werken. De warmtestand op het display toont 0 .
Om de functie te activeren: tik op den tik verzolgens op + of van de timer om deijd in te stellen. Als deijd verstreten is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00.
Om de functie te stoppen: tik op ①.
Om de functie te deactiveren: tik op tik verwolgens op. De resterendeijd teht terug tot 00.
i
De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones.
5.7 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken.
Als de functie in werkking is, zijn alle andere symbolen op de bedieningsspanelen vergrendeld.
De functie stopt de timerfuncties nicht.
- Om de functie in te schakelen: druk op II.
gaat aan. De warmte-instelling worden verlaagd maar 1. - Om de functie uit te schakelen, druk op II.
De vorige kookstand gaat aan.
5.8 Blokkering
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookzones in werkig+zijn. Hiermee worden voorkomen dat de kookstand per ongeluk worden veranderd.
De functie inschakelen: raak taan. L gaat gedurende 4 seconden aan. De timer blijft aan.
De functie uitschakelen: Raak aan. De vorige kookstand gaat aan.
i
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.
5.9 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld worden gebruikt.
Om de functie te activeren: activeer de kookplaat met ① Stel geen warmteinstelling in. Raak 24 seconden aan. gaat aan. Schakel de kookplaatuit met ①
Om de functie te deactiveren: activeer de kookplaat met ①. Stel geen warmteinstelling in. Raak 4 seconden aan. gaat aan. Schakel de kookplaatuit met ①
Om de functie voor slechts een kooksessie te onderdukken: activeer de kookplaat met ① gaat aan. Raak 4 seconden aan. Stel de kookstand in binnen 10 seconden. U=kunt de kookplaat bedieren. Als u de kookplaat uitschakelt met ①treedt de functie wee in werkig.
5.10 OffSound Control (In- en uitschakelen van de geluiden)
Schakel de kookplaat UIT. Raak 3
seconden aan. Het display gaat aan enuit. Raak 3 seconden aan. of gaat
branden. Raak aan van de zone linksvoor om een van het volgende te kiezen:
- -de signalen�zijnuit
- de signalen�n aan
Om uw keuze te bevestigen moet u wachtent tot de kookplaat automatisch uitschakelt.
Als de functie op bstaat, kunt u de geluiden alleen horen als:
u①aanraakt
Kookwekkeraarbenedenkomt
- Timer met aftelfunctie maar beneden kommt
- u iets op het bedieningspaneelplaatst.
6. AANWIJZINGEN EN TIPS
A
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 Pannen
-
De bodem van de pannen要去 dik en vlak möglichlijk়.
-
Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zich voordat de pannen op de kookplaat worden gezet.
Schuif of wrijf de pan Niet over het keramische glas, om krassen te voorkomen.

Pannen gemaakt van geëmailleerd staal of met aluminium of koperen bodems hunn tot verkleuringen van de glazen keramische kookplaat leiden.
6.2 Voorbeelden van kooktoepassingen

De gegevens in de tabel dieren alleen als richtlijn.
| Warmte-instel- ling | Gebruik om het volgende te doen: | Tijd (min) | Tips |
| ü-1 | Houd gekocht voedsel warm. indien no-dig | Doe een deksel op het kookgerei. | |
| 1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho- colade, gelatine. | 5 - 25 Roer af en toe. | ||
| 2 Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren. | 10 - 40 Kook met een deksel erop. | ||
| 2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst en gerechten op melkbasis, reeds be-reide gerechten opwarmen. | 25 - 50 Voeg minimaal twee koer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door. | ||
| 3 - 4 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paue eetlepels water toe. | Controleer de hoeveelheid water tij-dens het proces. | ||
| 4 - 5 Stoom aardappelen en andere groen- ten. | 20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2 cm water. Controleer het waterpeil tij-dens het proces. Houd het deksel op de pan. | ||
| 4 - 5 Kook grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen. | 60 - 150 Tot 3 liter vloeistof plus ingredienten. | ||
| 6 - 7 Zacht bakken: escalope, kalfscordon bleu, koteletten, rissoles, worstjes, le-ver, roux, eieren, pannenkoeken, donuts. | indien no-dig | Draai om wonneer nodig. | |
| 7 - 8 Flink bakken, hash browns, lendenbief-stuk, steaks. | 5 - 15 Draai om wonneer nodig. | ||
| 9 Kook water, kook pasta, schroei vlees (goulash, braadpan), frituur frietjes. | |||
7. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 Algemene informatie
- Reinig de kookplaat na elk gebruik.
-
Gebruik alkijd kookgerei met een schone bodem.
-
Krassen of donkere vlekken op het oppervlak hebben geen invloed op de werkking van de kookplaat.
- Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat.
- Gebruik een speciale schraper voor het glas.
7.2 De kookplaat reinigen
- Verwijder onmiddelijk: gesmolten kunststof, plastic folie, zout, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper
op de glazenplaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak te schuiven.
- Verwijder wonneer de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalkringen, waterringen, vetvlekken, glanzende metaalverkleuring. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje nietschurend reinigingsmiddel. Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek.
- Verwijder glanzende metaalverkleuring: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn.
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Wat moet je doen als ...
| Probleem Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Je kunt de kookplaat Niet inschakelen of bedieren. | De kookplaat is Niet aangesloten op een stopcontact of Niet goed gein-stalleerd. | Controler of de kookplaat goed aan-gesloten is op het lichtnet. |
| De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering deoorzaak van de storing is. Als de zeke-ringten koer op queer doorslaan, neemje contact op met een erkende installa-teur. | ||
| Je stelde gedurende 10 secondengeen kookstand in. | Schakel de kookplaat opnieuw in enstel de kookstand binnen 10 seconden in. | |
| Je hebt 2 ofmeer sensorvelden te-gelifiekertijd aangeraakt. | Raak slechts=eén sensorveld aan. | |
| Pauze is in werkung. Zie "Pause". | ||
| Water of vetlekken op het bedieningspaneel. | Reinig het bedieningspaneel. | |
| Je kunt een constant piepgeluid horen. | De elektrische aansluiting is ver-keerd. | Trek de stekker van de kookplaat UIT het stopcontact. Laat de installmentecontroleren door een erkende elektricien. |
| Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat worden uitgeschakeld. Als de kookplaat worden uitge-schakeld, klinkt er een geluids-signaal. | Je hebts etots op een ofmeer sensor-velden geplaatst. | Verwijder het voorwerp van de sensor-velden. |
| De kookplaat worden uitgeschakeld. | Je hebts etots op het sensorveld ① geplaatst. | Verwijder het voorwerp van het sen-sorveld. |
| De restwarmte-indicator gaat Niet aan. | De zone is Niet heet omdat delese slechts kortstandig is gebruikt, of de sensor is beschadigd. | Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet teijken, neem je contact op met een erkende servicdienst. |
| Je kunt de buitenste ring Niet in-schakelen. | De kookzone is Niet ingeschakeld. Stel eerst een kookstand voor de kookzone in. | |
| Er is een donker deel op de meervoudige zone. | Het is normal dat er een donkere zone op de meervoudige zone is. | |
| Het bedieningspaneel worden heet bij aanraking. | Het kookgerei is te groot of je plaatst het te zich bij het bedieningspaneel. | Plaats grotere pannen indien möglich op dechterste kookzones. |
| Er klinkt geen geluidssignaal wan-neer je de tiptoetsen van het be-dieningspaneel aanraakt. | De signalen zijn UIT. Schakel de geluiden in. Raadpleeg 'Dagelijks geleruik'. | |
| Gaat aan. | Kinderbeveiligingsinrichting of Blo-kering werk. | Raadpleeg 'Dagelijks geleruik'. |
| en een getal gaan branden. | Er is een fouf opgetreden in de kookplaat. | Schakel de kookplaat uit en schakel deze na 30 seconden weein. Wan-neer+Eweer verschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stop-contact. Steek de stekker van de kook-ptaat er na 30 seconden weein. Als het probleem zich blijft voordoen, neem je contact op met een erkende servicdienst. |
| Gaat aan. | De tweede fase van de stroomtoe-voer ontbreekt. | Controller of de kookplaat goed aan-gesloten is op het lichtnet. Verwijder de zekering, wacht een minuut, en plantaats de zekering weer terug. |
8.2 Als je geen oplossing=kunt vinden...
Als je Niet zich het probleem kunt verhopen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. Geef de gegevens op het typeplaatje. Geef ook de driecijferige code voor het glaskeramiek (bevindt zich in de hoek van het glazen oppervlak) en een
foumtelding die gaat branden. Zorg ervoor dat je de kookplaat correct gebruikt. Als dit nicht het geval is, is het onderhoud van een servicemonteur of dealer Niet gratis, ookijdens de garantieperiode. De informatatie over garantieperiode en geauthoriseerde servicecentra vind je in het garantieboekje.
Gemaakt in: Roemenie
Serienr. 2.9 kW
ZANUSSI

9.2 Specificatie kookzones
| Kookzone Nominal vermogen (max. warmte-instelling) [W] | Diameter kookzone [mm] |
| Midden voor 1200 145 | |
| Middenijken 700 / 1700 120 / 180 |
Gebruik voor optimale kookresultaten kookgerei dat Niet groter is dan de diameter van de kookzone.
10. ENERGIEZUINIGHEID
10.1 Productinformatie
| Modelnummer ZHRN383K | |
| Type kookplaat Inbouwkookplaat | |
| Aantal kookzones 2 | |
| Verwarmingstechnologie Stralingsverwarmer | |
| Diameter van Ronde kookzones (Ø) Midden voor | 14.5 cm |
| Midden anschter 18.0 cm | |
| Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Midden voor | 188.0 Wh/kg |
| Midden anschter 191.6 Wh/kg | |
| Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 189.8 Wh/kg | |
IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijkke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van prestaties.
10.2 Energiebesparende
Je kunt energie besparenijdens het dagelijkkoken als je de onderstaande aanwijzingen volgt.
- Gebruik bij het opwarmen van water alleen de hoeveelheid die je nodig hebt.
- Plaats, indien möglichk, alsijd de deksels op het kookgerei.
- Plaats het kookgerei op de kookzone voordat je deze inschakelt.
-
De bodem van het kookgerei要去 bezelfde diameter hebben als de kookzone.
-
Plaats hetkleinere kookgerei op dekleinere kookzones.
-
Plaats het kookgerei direct in het midden van de kookzone.
-
Gebruik de restwarmte om het voedsel warm te houden of om het te latent smelten.
11. MILIEUBESCHERMING
Recycler de materialen met het symbol
Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren.
Beschem het milieu en de volksgezondheid en recycler op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbol
nietwegmethethuishoudelijkafval.
Breng het productaar het milieuustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.