CTDI K 940C NE - Fornuis BAUKNECHT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CTDI K 940C NE BAUKNECHT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CTDI K 940C NE BAUKNECHT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CTDI K 940C NE - BAUKNECHT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CTDI K 940C NE van het merk BAUKNECHT.
GEBRUIKSAANWIJZING CTDI K 940C NE BAUKNECHT
D Gebrauchs- und Montageanweisung Induktions-Glaskeramik-Kochfeld
GB Instructions for ftting and use Glass ceramic induction hob
F Instructions de montage et d'utilisation Table de cuisson vitrocéramique à induction
Istruzioni per uso e montaggio Piano di cottura ad induzione in vetroceramica
NL Gebruiks- en montageaanwijzing Keramische inductiekookplaat

CTDI K 940C NE
Inhalt
1 Veiligheids- enGeVareanaanwijzingen 107
2 Montagehandleiding 110
2.1 Veiligheidsinstrumentes voor de keukenmeubelmonteur 110
2.2 Ventilatie 110
2.3 Montage 110
2.4 Variabele montagemogelijkheden: Opliggende montage 111
2.5 Variabele montagemogelijkheden: Randloze montage 111
2.6 Afbeeldingen keukenkast 112
2.7 Uitsparing in het aanrechtblad uitzagen 113
2.8 Kookplaat inplakken 113
2.9 Montage afzuigsysteme 115
2.10 Belangrijke Instructies voor het inbouwen 116
2.11 7-polige stekker aansluiting ventilator 117
2.12 4-polige stekker aansluiting plasmafi Iter (optionel) 117
2.13 Technische gegevens 118
2.14 Inbedrijfstelling 118
3 Beschrijving van het toestel 119
3.1 Bediening met sensortoetsen 120
3.2 Wat u moet weten over de slider (sensorveld) ....120
4 Bediening 121
4.1 Het inductiekookveld 121
4.2 Panherkenning 121
4.3 Gebruiksduurbeperking 121
4.4 Andere functies 121
4.5 Oververhittingsbeveiliging (inductie) 121
4.6 Servies voor inductiekookplaat 122
4.7 Tips om energia te besparen 122
4.8 Kookstanden 122
4.9 Restwarmteweergave 122
4.10 Toestel in operationele modus zetten 123
4.11 Bediening van de toetsen 123
4.12 Kookplaat en kookzone inschakelen 123
4.13 Kookzone uitschakelen 123
4.14 Kookplaat uitschakelen 123
4.15 STOP-functie 124
4.16 Recall-functie 124
4.17 Vergrendeltoets 125
4.18 Brugfunctie 125
4.19 Automatische uitschakeling (timer) 126
4.20 Kookwekker (eierwekker) 126
4.21 Automatisch aankoken 127
4.22 Warmhoudfunctie 127
4.23 Vergrendeling 128
4.24 Powerstand 128
4.25 Powermanagement 128
4.26 Ventilator gebruiken 129
4.26.1 Ventilator in- en uitschakelen 129
4.26.2 Ventilatornaloop 129
4.26.3 Nalooptijd 129
5 Reiniging en onderhoud 130
5.1 Keramische kookplaat 130
5.2 Speciale verontreinigungen 130
5.3 Kookplaatventilator 130
5.4 Tips voor zuinig energieverbruik 130
6 Wat te doeen bij problemen? 131
7 Klantenservice 131
VRIENDELIJK BEDANKT DAT U EEN TOESTEL VAN BAUKNECHT HEBT AANGESCHAFT
Voor uitgeb residue klantenservice, verzoeken wij uw product te registrieren op www.bauknecht.eu/ register
Lees voor ingebruikname van uw toestel in elk geval de veiligheidsaanwijzingen.
1 Veiligheids- enGeVareanaanjzingen
BELANGRIJK
Lees en download de complete gebruiksaanwijzing via docs.bauknecht.eu of bel het in degarantieverklaring vermelde telefoonnummer.
Lees eerst zorgvuldig de informatatie in dit boekje door vooraleer u uw kookplaat in gebruik neemt en bewaar deze voor later gebruik.
Neem.altijd immer alleveiligheidsaanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing en op hettoestel zelf in acht.De fabrikant kan nichtaansprakelijk worden gesteld voor schade diedoor fouten bij het gebruik,negeren van deveiligheidsaanwijzingen en onjuiste instellen-gen werden voroorzaakt.
Kleine kinderen onder de 3aar mogen zich nicht zonder toezicht in de directe omgeving van het toestel ophouden. Kinderenjonger dan 8aar zouden uit de buurt van het toestel要去en worden gehouden, tenzij zij doorlopend onder toezicht staan. Dit toestel is Niet bedoeld om te worden gebruikt door Personen (inclusief kinderen vanaf 8aar) met beperkte fysiieke, sensorische of geestelijkke möglichkken den of met gebrek aan ervaring en/of kennis, tenzij een voor hun veiligheid verantwoordelijkpeperon erop toezicht houdt of hen aanwijzingen heeft gegeven hoe het toestel moet worden gebruikt. Zorg er ook voor, dat kinderen net met het toestel konnen spelen. Houd kinderen ookijdens reinigings- en onderhoudswerkzaamheden op afstand van het toestel.
LET OP Toegankelijke toestelonderdelen warmer neer sterk opijdens het gebruik. Zorg ervoor dat u hete onderdelen Niet aanraakt. Kinderenjonger dan 8aar zoudenuit de buurt van het toestel moeten worden gehonden, tenzij zij doorlopend ondertoezicht staan.
OPGELET! Toegankelijke toestelonderdelen van de kookplaat warmen opijdens het gebruik.
LET OP: Bij breuken, barsten, scheuren of andere beschadigingen aan de glazenplaat bestaat gevaar voor elektrische schokken.
LET OP: Brandgevaar! De kookplaat mag nicht worden gezrukt om er voorwerpen op neer te leggen!
OPGELET: Houd ieder kort of langer kookproces nauwlettend in de gaten.
LET OP: Bereid gerechten met vet of olie.altijd ondertoezicht -brandgevaar. Brandende olie /vet NOOIT met water blussen! Het toestel uitschakelen en dan de vlammen voorzichtig met bijv. een deksel of een blusdeken afdekken.
Pannen met frituurvet of olie nooit zonder toezicht achefterlaten, odomat hete olie kan ont-branden.
De kookplaat nooit gebruiken om er voorwerpen op te leggen! Brandbare materialen zoals kleding uit de buurt van het toestel honden, totdat de kookzones volledig afgekoeld zich - BRANDGEVAAR.
A Geen metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels op de kookplaat leggen omdat deze heet hunnen worden en hunnen smelten.
Schakel een kookzone na gebruik.altijd met de knopuit en Niet alleen met de panherkenning.
REGLEMENTAIR GEBRUIK
OPGELET: Het toestel mag Niet via externe schakelapparatuur zoals timers of een afzonderlijke afstandsbediening worden bediend.
Dit toestel is bedoeld voor huishoudelijk gebruik en voor gebruik binnen andere, soortgelijke toepassingen, bijv. in medewerkerskeukens in bedrijven, kantoren en andere werkomgevingen, in landbouwbedrijven en door klanten in hotels, motels, B&B's en andere specifi eke woonomgevingen.
Het toestel is nicht voor professioneel gebruik bestemd. Gebruik het toestel Niet in de open lucht.
INSTALLATIE
Het toestel moet altijd door minstens twee personen verplaatst en ingebouwd worden - gevaar voor ongevallen! Draag bij het uitpakken en de montage beschermende handsoenen om snijwonden te voorkomen.
De installmentie, inclusief de wateraansluiting (indien nodig) mag alleen door een gekwalifi ceerde technicus worden uitgevoerd. Repareeren of verrang geen toestelonderdelen, behalve wanner dit uitdrukkelijk in de gebruiksaanwijzing beschreiben mayt staan.
Nadat u het toestel uit de verpakking hebt gehaald, dient u het te controleren op eventuele transportbeschadigingen. Bij problemen要去 u contact opnemen met uw handelaar of met de dichtstbijzijnde klantenservice. Verwijder na de montage alle verpakkingsafval (plastic, schuimstofonderdelen enz.) buiten de reikwijdte van kinderen - gevaar voor verstikking. Haal het toestel voor het inbouwen van de stroomvoorziening - anders bestaat het risico op elektrische schokken. Let er bij de montage op dat het netsnoer nicht worden beschadigd - brandgevaar en gevaar voor elektrocutie. Schakel het apparaat alleen in als de installmentie volledig is afgerond.
Alle uitsnijdingen in meubelen of in het aanrechtblad voor het inzetten van de apparatenuitvoeren en spaanders verwijderen.
Als het apparaat NIET boven een oven worden ingebouwd moet een aft Scheiding (niet in de levering inbegrepen) onder het apparaat in het keukenmeubel worden aangebracht.
Bij geleiktijdige werkking van het ingebouwdtoestel met andere gasverbrandingsapparaten of andere haarden/fornuizen moet voorvoldoende vers aangevoerde lucht worden gezorgd.
De afzuiglucht in een voor dat doel aangebrachte ventilatieschacht of door de huismuur waar buiten leiden. Alle nationale voorschriften voor afvoerlucht en afzuiging要去en worden nageleefd.
TOEGESTAAN GEBRUIK
OPGELET: Het toestel mag Niet via externe schakelapparatuur zoals timers of een afzonderlijke afstandsbediening worden bediend.
Dit toestel is bedoeld voor huishoudelijk gebruik en voor gebruik binnen andere, soortgelijke toepassingen, bijv. in medewerkerskeukens in bedrijven, kantoen en andere werkomgevingen, in landbouwbedrijven en door klanten in hotels, motels, B&B's en andere specifi eke woonomgevingen.
Het toestel is nicht voor professioneel gebruik bestemd. Gebruik het toestel Niet in de open lucht.
Het moet möglichk zich om het apparaat van het stroomnet te halen, door een bereikbare stekker uit het stopcontact te trekken of dooreen boven de contactdoos aangebrachteeerpolige schakelaar uit te zetten. In overeenstemming met de aansluiteisen en nationale veiligheidsnormen要去 het toestel correct geaard zich.
Contactdozen met meerere aansluitingen of verlengsnoeren bieden nicht deoodzakelijke veiligheid. De elektrische componenten mogen voor de gebruikers na de inbouw nicht langer toegankelijk zijn. Gebruik het apparaat nooit als u nat of blootsvoets bent. Gebruik het toestel Niet als het netsnoor of de steker beschadigd is, als het nicht correct functioneert, beschadigd of geallen is.
Als het netsnoor beschadigd is, moet het door de fabrikant, een geauthoriseerde klantenservice of gekwalifi ceerde technicus door een identiek, origineel snoer worden verrangen, zodat schade worden voorkomen - gevaar voor elektrische schokken.
LET OP! Onjuist aanbrengen van schroeven of bevestigingen die nicht met deze veiligheidsaanwijzingen overeenstemmen, kunnentot elektrische schokken leiden.
Aarding van het toestel is absolutnoodzakelijk (niet nodig voor klasse II afzuigkappen, die met het symbol (^*) op het typeplaatje+kennen worden geidentifi ceerd).
REINIGING EN ONDERHOUD
LET OP: Haal het toestel voor reiniging en onderhoud van de stroomvoorziening; gebruik nooit stoomreinigingsapparaten - gevaar voor elektrische schokken.
Gebruik geen schuurmiddelen, reinigingsmiddelen op chloorbasis of pannensponsjes.
De kap moet zowel aan de binnen- als de buitenzijde regelmatig en in overeenstemming met de onderhoudsinstructies in deze gebruiksaanwijzing gereinigd worden (MINIMAAL EEN KEER PER MAAND).
VERWIJDEREN VAN DE VERPAKKING
- Het verpakkingsmateriaal is 100% recycle-baar en draagt het recyclingsymbol De verschillende verpakkingsonderdelen mogen waarom alleen met inachtneming en in volledige overeenstemming met deplaatselijke bepalingen van de regeringen m.b.t. afvalverwijdering worden verwijderd.
VERWIJDEREN VAN OUDE APPARATEN
- Dit apparaat is van recyclebare en hergebruikbare materialen gemaakt en mag alleen in overeenstemming met deplaatselijke afvalverwijderingsvoorschriften worden verwijderd.
- Meer informatatie over de behandeling, terugwinning en recycling van dit huishoudelijk apparaat verkrijgt u bij deplaatselijke overheid, bij het verzamelpunt voor huishoudelijk afval of in de winkel waar u het product hebget gekocht. Dit apparaat is overeenkomstig de WEEE-richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur gemarkeerd.
- Door ervoor te zorgen dat dit product correct worden verwijderd, helpt u om potentièle negatieve gevolgen voor het milieu en voor de gezondheid van mensen te vermijden.
- Het symbolism op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product Niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. Het要去cher maar een plaatss worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled.
TIPS VOOR ZUINIG ENERGIEVERBRUIK
Schalel de afzuigkap enkel met minimale snelheid in als u begint met koken en LAST hem maar een paar minuten na het koken doorlopen.
- Verhoog de snelheid als u grote hoeveelheden met veel damp kookt en gebruik de kookstoot alleen in extreme geallen.
- Vervang de koolstoffe liters als het nodig is om een eff ectieve geurabsorptie te behouden.
- Reinig het vetfi iter telkens als dit nodig is.
- Gebruik altijd de grootst möglichke luchtafvoer, zoals in deze gebruiksaanwijzing beschreiben, voor een optimale eff ectiviteit en gering volume.
CONFORMITEITSVERKLARING
- Dit toestel voldoet aan de Ecodesign-eisen van de Europese verordeningen: nr. 65/2014 en nr. 66/2014 in overeenstemming met de Europese normen EN 61591 en EN 60704-2-13

WAARSCHUWING VOOR ELEKTRISCHE ENERGIE!
ER BESTAAT LEVENSGEVAAR!
In de buurt van dit symbolijk en onder spanning staande onderdelen aangebrachte. Afdekkingen die hiermee gemicarkeerd zijn, mogen uitsluitend door een erkende elektromonteur worden verwijderd.

OPGELET! HETE OPPERVALKEN!
Dit symbol is aangebracht op oppervlakken die heet worden. Er bestaat gevaar voor ernstig brandletsel of verbrandingen.
De oppervlakken können ook na het uitschakelen van het apparaat heet+zijn.

OPMERKING
Het in acht nemen van opmerkingen vergemakkelijkt de omgang met het apparaat.
2 Montagehandleiding
2.1 Veiligheidsinstrumentes voor de keukenmeubel-monteur
- Het apparaat要去 alsijd door minstens twee Personen verplaatst en ingebouwd worden - gevaar voor ongevallen! Draag bij het uitpakken en de montage beschermende handschoenen om snijwonden te voorkomen.
- Het fi neer, de lijm of de kunststofbekleding van de aangrenzende meubels moeten temperatuurbestendig zich (min. 75^ ). Als het fi neer en de bekleding onvoldoen de temperatuurbestendig zich, können ze cervormen.
- Bij het ingebouwde toestel mag geen contact möglichk zijn met onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan.
- Het gebruik van muurstrips van massief hout op het werkblad anschter de kookplaat is toegelaten voor zover de minimumafstanden volgens de inbouwtekeningen worden gespecteerd.
- De minimumafstanden aan de achterkant van de kookplaatuitsparingen moeten volgens de inbouwtekening worden gespecteerd.
Bij het inbouwen naast een hoge kast is een veiligheidsafstand van minstens 50~mm vereist.De zijkant van de hoge kast要去 met warmtebestendig materialaal worden bekleed. Om goed te konnen werken dient de afstandECHTER ten minste 300~mm te bedragen. - De afstand:tussen kookplaat en afzuigkap moet minstens zo groot় in de montagehandleiding van de afzuigkap is voorgeschreven.
- Het verpakkingsmaterial (plastic folie, piepschuim, nagels, enz.)要去 de buurt van kinderen worden gehonden omdat deze delen eventuele risicobronnen vormen. Kleine onderdelen können worden ingeslikt en bij folie bestaat er verstikkingsgevaar.
2.2 Ventilatie
- De inductiekookplatz is voorzien van een ventilator die automatisch aan- en uitgaat. Als de temperatuurwaarden van de elektronica een bepaalde drempel overschrijden, start de ventilator met lage能力和. Wordt de inductiekookplatz intensief gebruikt, dan schakelt de ventilator over maar een hogere能力和. Als de elektronica voldoende is afgekoeld, reduceert de ventilator zichn能力和 en schakelt automatisch uit.
- De afstand:tussen de inductiekookplaat en de keukenmeubels of de ingebouwde apparaten moet groot genoeg,zijn, zodate de inductie voldoende geventileerd wordt.
- Als het vermogen van een kookzone regelmatig vanzelf gereduceerd of uitgeschakeld worden (zie hoofdstuk 'Oververhittingsbeveiliging'), is de koeling waarschijnlijk onvoldoende. In dat geval is het aanbevolen de achtereward van de onderkast ter hoogte van de uitsparing in het werkblad te openen en de voorste dwarslijst van het meubel over de gehele bredte van de kookplaat te verwijdersen, zodate een betere luchtcirculatie möglichk is.

Voor een betere ventilatie van de kookplaat worden vooraan een luchtspleet van 5mm aanbevolen.
2.3 Montage
Belangrjke opmerkingen
Overmatige warmteontwikkeling langs onder, bijv. door een oven zonder dwarstroomventilator, moet worden vermeden.
- Als bij inbouwformuizen de pyrolysefunctie worden gebruikt, mag de inductiekookplaat Niet worden gebruikt.
- Bij de inbouw boven een lade要去 erop worden gelet dat er geen puntige voorwerpen in de lade worden bewaard. Die kuren anders aan de onderkant van de kookplaat blijven haken en de lade blokkeren.
- Als er zich een tussenbodem onder de kookplaat bevindt,要去 de minimale afstand tot de onderkant van de kookplaat 20mm bedragen om voldoende ventilatie van de kookplaat te garanderen.
- De kookplaat mag Niet boven koelkasten, vaatwassers, wasmachines de roogkasten worden ingebouwd.
- Om brand te vermijden,要去 erop worden gelet dat geen brandgevaarlijke,licht ontvlambare of door warmte verrormbare voorwerpen direct naast of onder de kookplaat worden geplaatst of gelegd.
Kookplaatafdichting
Vóor het inbouwen moet de meegeleverde kookplaatafdichting zonder onderbreking worden ingelegd.

U moet verhinderen dat er tussen de rand van de kookplaat en het werkblad of tussen het werkblad en de muur vloeistoff en in de daaronder ingebouwde elektrische apparaten konnen indringen.
Bij inbouw van de kookplaat in een oneff en werkblad, bijv. met een keramisch of vergelijkbaar oppervlak (te-gels enz.)要去 de pakking, die zichevt. aan de kookplaat bevindt, worden verwijderd. In deplaats waarvan要去 de verbinding+tussen kookplaat en werkblad met plastische africhtmaterialen (kit) worden afgedicht.
- De kookplaat in geen geval met silicone vastkleven! Anders is het later Niet meer möglichk de kookplaat weer te verwijderen zonder ze te vermielen.
Uitsparing in het werkblad
De uitsparing in het werkblad moet zo nauwkeurig möglich met een goed,recht zaagblad of een bovenfrees worden uitgezaagd. De snijvlakken dienen daarna te worden verzegeld zodate er geen vocht kan binnendringen.
De uitsparing voor de kookplaat worden volgens de afbeeldingen uitgezaagd. De keramische kookplaat要去 absluut horizontal en op gelijke hoogte met het werkblad liggen. Eventuele spanningen konnen de glazenplaat doen breken. Controleren of de pakking van de kookplaat correct zit en volledig afsluit.
2.4 Variabele montagemogelijkheden: Opliggen de montage
Afmetingen in mm

① Minimumafstand tot naburige wanden
② Afmetingen uitsparing
③ Uitfreesmaat
④ Buitenmaat kookplaat
Belangrijk:
Als de keramische kookplaat scheef zit of spans, bestaat er verhoogd breukgevaar bij de montage!

2.5 Variabele montagemogelijkheden: Randloze montage

Afdichttape in de hoek van de steunrand van het aanrecht aanbrengen, zodate geen siliconenlijm onder de kookplaat kan terechtkommen.
De kookplaat zonder lijm in de uitsparing van het werkblad leggen en uitlijnen. Eventueel hoogtecompensatieplaten eronder leggen.
De spreetussen kookplaat en aanrechtblad met siliconenlijm voegen.
Belangrijk
Siliconenlijm mag op geen enkele plaat sunder het oplegvlok terechtkomen. Het uitenemen op een later tijdstip wordt daardoor onmogelijk. Bij negeren komt de garantie te verrallen.

2.6 Afbeeldingen keukenkast



optioneel koolstoffe Iter
Afzuging naar keuze links of rechts: de afvoerlucht kan affankelijk van de inbouwsituatie links of rechts gekozen worden. Houd hierbijrekening met de hiernaast vermelde afmetingen voor een optimale planning.



Afzuigeruitlaat rechts
Afzuging aan keuze links of rechts: de afvoerlucht kan affankelijk van de inbouwsituatie links of rechts gekozen worden. Houd hierbijrekening met de hiernaast vermelde afmetingen voor een optimale planning.
2.7 Uitsparing in het aanrechtblad uitzagen
De uitsparing worden in twee stappen uitgezaagd.
- De uitsparing voor de bodemkuip uitzagen.
- De uitsparing voor het opleggen van de keramische plank uiftfrezen. (Voor het uiftfrezen is minstens een bovenfrees met geleiding nodig.)

De buitenafmeting van de uiftrezing dient aktijd ca. 6 mm groter te zijn dan de buitenafmeting van de keramische kookplaat, opdat een afdichting (zie: Kookplaat inplakken) kan worden aangebracht.
Het is ook möglichk om inplaats van stap twee het inlegvlak voor de keramische kookplaat in zijn geheel uit te zagen en op aangepaste hoogte weer in te plakken.
Het is ook möglichk om de inbouw UIT te voeren met houten of stenen profi elen of stalen haken.
- Maak de uitsparing voor de kookplaat.
- Houten of stenen profi el of steunhaak aan het aanrecht bevestigen.

Opmerking
Om ervoor te zorgen dat deplaat bij stenen aanrechtbladen absolut vlaik ligt, moet de uiftfrezing ev. worden aangepast.
2.8 Kookplaat inplakken
Opmerkingen
- Om schade aan het aanrechtblad en aan de kookplaat te vermijden, is het nodig het systeme aanrechtblad/ kookplaat permanent waterdicht vast te plakken.
- De te plakken onderdelen moeten droog en vetvrijহn.
-
Om de kookplaat in te kleven hebt u adhesiereiniger en hitte- en vochtbestendige siliconenlijm (150°C) nodig.
Lees in ieder geval de verwerkingsinstrumenties die zich bij de beiden materialen bevinden! Hier vindt u ook de berekeningsformule voor het uitharden van de siliconenlijm. Voor afl oop van deze uithardtijd mag de kookplaat Niet in gebruik worden genomen, waar de siliconenlijm kan worden beschadigd! -
Plak de kookplaat alleen aan de buitenranden vast!
- De kookplaat nooit zonder bescherming met de keramischeplaat op het aanrechtblad of op de grond leggen. Door verontreinigingen (metaalspanen, steenresten o.d.) können krassen op het oppervlak van de glaskeramiek ontstaan. Altijd een stuk karton of een wollendeken eronder leggen.
Uitvoering
- Afdichttape ① de hoek van de steunrand van het aanrecht aanbrengen, zodat geen siliconenlijm ② onder de kookplaat kanterechtkommen.
Belangrijk: Maak uitsluitend gebruik van de met de kookplaat meegeleverde afdichttape! Bij gebruik van ander materiaal kan nicht worden gegarandeerd dat verzakking van de kookplaat na de inbouw uitblijft.
-
De kookplaat zonder lijm in de uitsparing van het werkblad leggen en de hoogte controleren. Ev. de meegeleverde onderlegplaatjes in gelijkmatige afstanden op de steunrand voor de kookplaat leggen om de hoogte aan te passen.
-
De kookplaat er weeer uitenemen.
-
De kleefvlakken op de buitenranden van de kookplaat en op de snijvlakken aan de zijkant van het aanrecht voorbehandelen met adhesiereiniger.
De adhesiereiniger op een sterk absorberende ondergrond (bijv. spaanplaat) in een dikke laag met een penseel aanbrengen. Bij een zwak absorberende ondergrond (bijv. marmer of graniet) is het voldoende een dunne laag adhesiereiniger met een viltje aan te brengen.
Belangrijk: Na het aanbrengen要去 de adhesiereiniger alsijd ca. 30 minuten luchten.
- Nu de kookplaat in de uitsparing leggen en justeren.
- Tenslotte de spleeet tussen kookplaat en aanrechtblad met siliconeenlijm ② pvoegen.

- De voeg met een spatel en ontspannen water gladstrijken.
Let op: Maak gebruik van de afdichttape ①Siliconenlijm ② mag op geen enkeleplaats onder het draagvlak terechtkomen. Hetuitnemen op een later tijdstip wordt daardoor ontogelijk. Bij negeren komt de garantie te verrallen.






Eilandmontage



2.9 Montage afzuigsysteme
De verbinding:tussen kookplaat en ventilator kan met een fl exibele slang of een plat kanaal tot stand worden gebracht.
Het platte kanaal indien nodig met een fi jne zaag inkorten.

Betreffende punct c
Het fl exibele verbindungseinment worden bij een werkbladdiepte van 600~mm gebruikt. Zorg bij het aanleggen op een liefst strakte en vouwvrijne installmentie. Kort overtollig materiaal in.
Voor het opsteken van het overgangselement (d) op de plintventilator (e) aflichtingtape rond de aansluitmof (f) aanbrengen.

Belangrijk:
Alle componenten moeten na het in elkaar steken met het bijgevoegde plakband zoals afgebeeld worden afgeplakt.
Afzuigluchtkanaal-componenten (optioneel):







2.10 Belangrijke Instructies voor het inbouwen
- Het apparaat要去 alsijd door minstens twee Personen verplaatst en ingebouwd worden - gevaar voor ongevallen! Draag bij het uitpakken en de montage beschermende handschoenen om snijwonden te voorkomen.
- Kinderen altijd uit de buurt van het montagebereik houden.
- Controller het apparaat na het uitpakken op transportschade. Bij problemen moet u contact opnemen met uw handelaar of met de dicht bijzijnde klantenservice.
- Verwijder na de montage alle verpaktingsafval (plastic, schuimstofonderdelen enz.) buiten de reikwijdte van kinderen - gevaar voor verstikking.
- Het apparaat要去 voor alle montagemaatregelen van het elektriciteitsnet worden geschaden - gevaar voor elektrocutie. Let er bij de montage op dat het netsnoer Niet worden beschadigd - brandgevaar en gevaar voor elektrocutie. Gebruik het apparaat alleen als het volledig is ingebouwd.
- Alle uitsparingen in meubels en werkbladen要去en voor het inbouwen worden gemaatk. Verwijder alle houtafval en zaagsel.
- Als het apparaat NIET boven een oven worden ingebouwd要去 een aft Scheiding (niet in de levering inbegren) onder het apparaat in het keukenmeubel worden aangebracht.
- De kookplaatventilator kan als afvoerlucht- en als circulatieluchtapparaat worden ingezet.
- De afzuiglucht in een voor dat doel aangebrachte ventilatieschacht of door de huismuur maar buiten leiden.
- De afzuiglucht mag Niet via een in gebruik zijnde rook of gasafvoerschouw worden afgevoerd. Vraag in geval van twijfel advies bij een erkend schoorsteenveger.
- Als in de buurt van de kookplaatventilator een haardaf-hankelijk vuur (hout-, kool-, olie- of gasvuur) aanwezig is, moet er voor voldoende, vers aangevoerde lustcht worden gezorgd. Anders bestaat er gevaar voor vergiftig. Een veilige werkung van de kookplaatventilator is gewaarborgd als de door de kookplaatventilatorverooraakte onderduk de 0,04 mbar (4Pa) Niet overschrijdt en er voldoende verse lucht de ruimte in kan stromen.
- Afvoerluchtleidingen要去en voldoen aan brandklasse B 1 DIN 4102. Zorg ervoor dat er geen Kleinere maat aansluitmof worden gekozen dan de minimale, nominale wijdtte.
- Het is van belang dat er alkijd gebruik worden gemaakt van het voor de luchtgeleiding aanbevolen en met de kookplaatafzuiging compatibele system Compair Flow 150 (Naber).
- De nominale wijdt de van de circulatieluchtbuizen mag niet lager zichn dan 150~mm
- Afvoerluchtleidingen zonden zo kort möglichk要去en zich, Niet in een hoek van 90 graden maar in wijde bochten doorgetrokken要去en worden en geen diameterreducties mogen hebben.
- Buisdiameters nooit kleiner dan 150mm kiezen. 50cm voor de ventilatiemodule mogen geen bochten/hoeken worden aangebracht.
-
Tussen twee hoeken/bochten algid eenrecht stuk van ca. 50 cmplaatsen.
-
De diameters van roosters en de uitsparing in de plint zonden minimaal overeen moeten met de diameter van de afvoerluchtleiding. Er dient een uistroomopening van minstens 500~cm^2 aanwezig te zich. De plintlijsthoogte inkorten of passende openings aanbrengen.
Zorg er tijdens de installmentie voor dat de circulatieluchteenheid ook na het afmonteren van de keuken toegankelijk blijft. Eventueel要去en plintpoten van de keukenkastjes worden verplaatst.
Montage
- Neem de algemeen geldende voorschriften van de elektriciteitsmaatschappij en de brandweer in acht.
- Montage/aansluiting door vakkundig personeel.
- Voor schade door het Niet naleven van deze en met het apparaat meegeleverde documenten kan de fabrikant Niet aansprakelijk worden gesteld.
- Minimum afstanden t.o.v. muren in ache nemen: aan de zijkant minstens 100mm , aan de achterkant minstens 50mm .
Uitsparing in de tafel voorbereiden
- Uitsparing uiftrezen of met houten lijsten aanbrengen.
- Uitsparingen op maat en met rechte hoeken
- Op de hoogte letten zodate kookplaat en fi Iterunit precies passen.
Voor een zijdelingse ventilatie-uitsparing van min. 400 cm² zorgen - Meubelen en afdekkingen要去en temperatuurbestendig zich (< 75^)
- Filterset alleen links voorzien.
Ventilate-unit inbouwen
- Unit (actieve kool of plasma) in de uitsparingplaatsen.
Luchtpijp uittlijnen, fi xeren. - Elektrische verbindingen make.
- Kookplaat inleggen, centreren.
- Kookplaatijdens het uitharden van de silicone Niet in gebruik nemen.
- Voor het inkleven de bruikbaarheid van de primer/in-kleefmassa testen.
- Kookplaat Niet vastschroevenaar het 18 kg weegt (zonder filter).
- Brandbare wanden/plafonds boven de kookplaten要去en overeenkomstig deplaatselijke brandpreventievoorschriften brandwerend bekleed+zijn.
Elektrische aansluiting
- Zekeringen/hoofdschakelaar pas na het inbouwen/be-dragen van de kookplaat inschakelen.
- Het bijgevoegdeplaatje op een goed zichtbare plaats bevestigen,ondat het na de montage Nieteer toegankelijk is.
- Brandbare wanden/plafonds boven de kookplaten要去en overeenkomstig deplaatselijke brandpreventievoorschriften brandwerend bekleed+zijn.
- De bescherming gegen aanraken van de kookplaat要去 door een correcte montage gegarandeerd zijn.
- Het actieve-kool-of plasmafi Iter moet voor onderhoudsdoeleinden zo geinstalleerd worden dat het alkijd makkelijk en eenvoudig toegankelijk is.

OPMERKING
Bij circulatiebedrijf dient voortdurend voldoende geventileerd te worden om de luchtvochtigheid af te voeren.
2.11 7-polige stekker aansluiting ventilator Werkwijze
Voor de ventilatoraansluiting dient u beiden 7-polige stekkers met elkaar te verbinden.
Stekkerborging op de 7-polige stekker (ventilator) van de kookplaat openen en de 7-polige contrastekker van de ventilator(en) insteken tot deze goed vastklikt. Aansluitend de stekkerborging waar goed vastzetten.
De stekkers要去en na de montage aan dechterwand of aan een kastwand worden bevestigd.

2.12 4-polige stekker aansluiting plasmafi iter (optioneel)
Werkwijze
Stekkerverbindingen op de 4-polige stekker (plasma) van de kookplaat openen en de beschemkappen weghalen. Vervolgens de 4-polige contrastekker van het plasmaf I-ter (g) insteken tot deze goed vastklikt. Aansluitend de stekkerborging wee goed vastzetten. De stekkers要去 na de montage aan de awhile of aan een kastwand worden bevestigd.


WAARSCHUWING VOOR ELEKTRISCHE NERGIE! ER BESTAAT LEVENSGEVAAR!
In de buurt van dit symbolijk ennder spanning staande onderdelen aangebrachte. Afdekkingen die hiermee gemicarkeerdijk, mogen uitsluitend door een erkende elektromonteur worden verwijderd.
- De elektrische aansluiting mag uitsluitend door een erkend vakman worden UITgevoerd!
- De wettelijkke voorschriften en aansluit voorwaarden van deplaatselijkke elektriciteitsmaatschappij moeten strikt worden nageleefd.
- Bij het aansluiten van het apparaat要去 een installment worden voorzien die het möglichk maakt het apparaat met een contactopeningswijdte van ten minste 3mm met alle polen van het net te scheiden. Geschiktescheidingsinstallaties zijn LS-schakelaars,zekeringen en contactoren. Bij aansluiting en reparatie het toestel met een van deze installaties stroomloos make.
- De aardleider要去 lang় dat hij bij het begeven van de trekontlasting pas na de stroomvoerende aders van de aansluitkabel met trekracht worden belast.
- De overtollige kabellengte要去it de inbouwzone, onder het toestel worden getrokken.
U moet er ook op letten dat de netspanning met de op het typeplaatje aangegeven netspanning overeenstemt. - Bij het ingebouwde toestel mag geen contact möglichk着眼 met onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan.
- Let op: door een verkeerde aansluiting kan de vermogenselektronica worden vernield.
- Het apparaat is alleén toegelaten voor een vaste aansluiting. Het mag Niet met een geaard stopcontact worden aangesloten.
Aansluitwaarden
Netspanning: 380-415V 3N\~, 50/60Hz
Nominate componentspanning: 220-240V
Aansluitkabel standard aanwezig
- De kookplaat is bij levering met een temperatuurbestendige aansluitkabel uitgerust.
- De aansluiting op het net wordt volgens het aansluit-schema uitgevoerd, tenzij de aansluitkabel al met een stekker is uitgerust.
- Als de netaansluitkabel van dit apparaat worden beschadigd,要去hijdoorden specialeansluitkabelwordenvervangen.Ormisico's tevermijden mag dit alleen door de fabrikant ofzijn klantenservice gebeuren.
Aansluitingsmogelijkheden

- Vermogen bij ingeschakelde powerstand
2.14 Inbedrijfstelling
Na het inbouwen van de kookplaat en na het inschakelen van de voedingsspanning (aansluiting op het net) vindt eerst een zelftest van de besturing plaats en verschijnt er een service-informatie voor de klantenservice.
Belangrijk: bij de aansluiting op het net mogen er geen voorwerpen op de touch-control sensoren liggen!

Met een sponsje en wat afwasmiddel even over het oppervlak van de kookplaat vegen en verrolgens droogwrijven.

3 Beschrijving van het toestel

Het decor kan van de afbeeldingen afwijken.
- Inductiekookzone voor
- Inductiekookzone acheer
- Keramische kookplaat
- Touch-control-bedieningsveld
- Stand-by-toets en ventilatorbediening
- Ventilator
- Stand-by-toets
- Aan/Uit-toets (kookplaat)
-
Sensorveld
-
Kookstandweergave
- Vergrendeltoets
- Warmhoudtoets
- Aanwijzing van de warmhoudstand (3 standen)
- STOP-toets (pauzefunctie)
- Min-/plus-toets timer
- Timer-weergave
- Aanwijzing voor kookwekker
- Aanwijzing voor kookzonetimer
- Brugfunctie
- Min-/plus-toets ventilator
- Weergave ventilator
3.1 Bediening met sensortoetsen
De bediening van de keramische kookplaat gebeurt met touch-control-sensortoetsen. De sensortoetsen functioneren als volgt: met de vingtop kort een symbol op het keramische oppervlak aanraken. Elke correcte bediening worden door een signaaltoon bevestigd.
In de rest van de tekst worden voor de touch-control-sensor-toets hetwoord 'toets' gezruikt.
Stand-by-toets (7)
Met deze toets worden het toestel in de operationele modus geschakeld. De toets is bij wijze van spreken de hoofdschakelaar. Na het uitschakelen met deze toets blijft het toestel nog ca. 120 min. in de operationele modus.
Let op! Is het toestel volledig uitgeschakeld, dan is er ook geen restwarmteweergave meer zichtaar!
Aan/uit-toets (8) kookzones links of rechts
Met deutsche toets worden de desbetreffende kookzone in- enuitgeschakeld.
Kookstandweergave 10)
De kookstandweergave toont de gekozen kookstand, of:
H Restwarmte
P .Powerstand
Panherkenning
R............Automatisch aankoken
11.....Stop-functie
Warmhoudfunctie
L. Vergrendeltoets
Symbolen
5 55 555 .Warmhoudstanden 42^ / 70^ / 94^
3 ....Timerfunctie, automatische uitschakeling
③ .Kookwekker
UN...........Brugfunctie
Vergrendeltoets (11)
Met de vergrendeltoets können de toetsen worden geblokkeerd.
Warmhoudtoets 12
Om warm te houden en te sudderen.
Powerstand in het sensorveld
De powerstand stelt extra vermogen voor de inductiekook-zones ter beschikking.
STOP-toets (14)
Het koken kan met de STOP-toets even worden onderbroken.
Recall-functie | (Herstelfunctie) (14)
Na het per ongeluk uitschakelen van de kookplaat kan de)[-laatste instelling weeer worden hernomen.
Min-toets +Plus-toets ventilator (20)
Met deze toeurs worden de vermogensstanden van de afzuiging gekozen en de nalooptijd ingesteld.
3.2 Wat u moet weten over de slider (sensorveld)
De slider functioneert in principe zoals de sensortoetsen, met het verschil dat u de vinger op het keramische oppervlak staat en dan kunt verschuiven. Het sensorveld herkent deze beweging en verhoogt of verlaagt de aangtoonde waarde (kookstand) volgens de beweging.
Het begrip „slider" [Engels „slide": schuiven, latent glijden] is in deze handleiding identiek met de term sensorveld.

Sensoveld
Waarop moet u bij de bediening letten?
De vinger mag Niet te vlak op de keramische staat worden gezet om te verhinderen dat naburige toetsen/sensorvelden per ongeluk reageren.

fout goed

Sensorveld aantikken of de vinger verschuiven
Het sensorveld kan met de vinger worden aangetikt; dan verandert de aangetoonde waarde (kookstand) stapsgewijs.
Als de vinger op het sensorveld worden geplaatst en dan waar links ofaar rechts worden verschoven,verandert de aangetoonde waarde continu.
Hoe sneller de beweging, hoe sneller de aanwijzing verandert.

aantikken schuiven

4 Bediening
4.1 Het inductiekookveld
De kookplaat is met een inductiekookveld uitgerust. Een inductiespoel onder de keramische kookplaat wekt een elektromagnetisch wisselveld op, dat de vitrokeramiek doordringt en in de bodem van de pan een warmtevormende stroom induceert.
Bij een inductiekookzone wordt de warmte Niet meer door een verwarmingselement via de pan op de te koken gerechten overgedragen; de nodige warmte worden m.b.v. inductiestromen direct in de pan gezvormd.
Voordelen van het inductiekookveld
energiebesparend koken doorrechtstreekse energioverdracht op de pan (aangepaste pannen van magnetiseerbaar materiaal zijnoodzakelijk),
-meerveiligheidomdatdeenergiealleenwordtdoorgegevenalserenanpanopdekookzonestaat,
- energiaverdrecht:tussen inductiekookzone en panbodem met een hoog rendement,
- hoge opwarmsnelheid,
- weinig risico op verbrandingen,ondat de kookplaat alleen door de panbodem worden verwarmd, overkokende gerechten branden nicht vast,
- snelle, nauwkeurige regeling van de energietoevoer.
4.2 Panherkenning
Als er geen of een tekleine pan op de kookzone staat als de kookzone is ingeschakeld, dan wordt deze Niet van energie voorzien. Een knipperende yn de kookstandweergave maakt waarop attendant.
Als er een geschikte pan op de kookzone worden geplaatst, wordt de ingestelde stand ingeschakeld en de kookstandweergave brandt. De energietoevoer worden onderbroken als de pan worden verwijderd, in de kookstandweergave verschijnt een knipperende
Indien Kleinere pannen worden opgezet, waar bij de panherkenning toch in werkung treedt, worden slechts zoveel energie toegevoerd als nodig is.
Panherkenningsgrenzen
| Kookzonediameter (mm) | Aanbevolen nimumdiame- ter-panbodem (mm) |
| 220 x 190 115 |
De bodem van de pan mag nicht kleiner dan een bepaalde minimumdiameter zich,,ondat de inductie anders nicht wordt ingeschakeld. Plaats de pan altijd in het midden van de kookzone om een optimaal rendement te verkrijgen.
Belangrijk: naargelang van de kwaliteit van de pan kan de vereiste minimumdiameter voor het reageren van de panherkenning afwijken!
4.3 Gebruiksduurbeperking
De inductiekookplaat bezit een automatische gebruiksduurbeperking.
De ononderbroken gebruiksduur voor elke kookzone is afhankelijk van de gekozen kookstand (zie tabel).
De voorwaarde is datijdens de gebruiksduur de instellen-gen van de kookzone Niet worden veranderd.
Als de gebruiksduurbeperking heeft gereageerd, worden de kookzone uitgeschakeld; er is een kort signal te horen en in de aanwijzing verschijnt een H.
De automatische uitschakeling heeft voorrang op de bedrijfsduurbeperking, d.w.z. de kookzone worden pas uitgeschakeld als teijd van de automatische uitschakeling is afgelopen (bijv. automatische uitschakeling met 99 minutes en kookstand 9 is möglichk).
Gebruiksduurbeperking
| Ingestelde kookstand | Gebruiksduurbeperking in minutes |
| 1 | 520 |
| 2 | 402 |
| 3 | 318 |
| 4 | 260 |
| 5 | 212 |
| 6 | 170 |
| 7 | 139 |
| 8 | 113 |
| 9 | 90 |
| P | 10 |
4.4 Andere functies
Als een ofmeer sensortoetsen langer of tegelijk worden ingedrukt (bijv. door een per ongeluk op de sensortoetsen geplaatste pan),wordertier nicht geschakeld.
Het symbool knippert en er is gedurende een zekere tijd een signaal te horen. Na een paar seconden wordt eruitgeschakeld. A.u.b. het voorwerp van de sensortoetsen halen.
Om het symbool de wissen, opdezelfde toets drukken of de kookplaat uit- en inschakelen.
4.5 Oververhittingsbeveiliging (inductie)
Als de kookplaat langdurig op vol vermogen worden gebruikt, kan bij een hoge kamertemperatuur de elektronica Nieteer voldoende worden gekoeld.
Om te vermijden dat te hove temperaturen in de elektronica optreden, worden evt. het vermogen van de kookzone automatisch gereduceerd. Als bij normala gebruik van de kookplaat en normale kamertemperatureur regelmatig E2 verschijnt, is de koeling waarschijnlijk onvoldoende.
Ontbrekende koelopeningen in het meubel kuren deoorzaak+zijn.Eventueel moet de inbouw worden gecontroleerd (zie hoofdstuk 'Ventilatie').
4.6 Servies voor inductiekookplaat
De paffen die voor de inductiekookplaat worden gebruikt,要去en van metaal zijn, magnetische eigenschappen bezitten en een voldoende groe bodem hebben.
Gebruik uitsluitend pannen met een bodem die voor inductie geschikt is.
| Geschikte pannen Ongeschikte pannen | |
| Geëmailleerde stalen pan- nen met dikke bodem | Pannen van koper, roestvrij staal, aluminium, vuurvast glas, hout, keramiek of terracotta |
| Gietijzeren pannen met geëmailleerde bodem | |
| Pannen van roestvrij gelaagd staal, roestvrij fer- rietstaal of aluminium met speciale bodem | |
Zo kurz u vaststellen of uw pan geschikt is:
Voer de hierna beschreiben magneettest uit of kijk of de pan het symbool voor het koken met inductiestroom draagt.
Magnettest:
Ga met een magneet over de bodem van uw pan. Wordt de magneet aangetrokken, dan kunt u de pan op de inductiekookplaat gebruiken.

Noot:
Bij het gebruik van sommige pannen die geschikt zich voor inductie, kuren geluiden optreden, die te wijten zich aan de bouwwijze van deze pannen.

Fout: de panbodem is gewelfd. De temperatuur kan door de elektronica Niet correct worden bepaald.
4.7 Tips om energia te besparen
Hier vindt u enkele belangrijke aanwijzingen om zuinig en effi cients met uw nieuwe inductiekookplaat en uw kookgerei om te gaan.
- De panbodem diameter要去 even grot zijn als de kookzonediameter.
Bij de aankoop van pannen dient u er rekening mee te houden dat vaak de bovenste pandiameter worden vermeld. Die is meestal groter dan de panbodem. - Snelkookpannen zijn door de gesloten kookruimte en de overdruk bijzonder tijdbesparend en zuinig. Door de korte bereidingsduur blijven vitamins bewaard.
- Let erop dat er alkijd voldoende vloeistof in de snel-kookpan is, want bij een leeggekoekte pan kuren de kookzone en de pan door oververhitting beschadigd raken.
- Kookpannen indien möglich alsigtj met een passend deksel sluiten.
- Voor elke te bereiden hoeveelheid de passende pan gebruiken. Een grote, nauwelijks gezulde pan verbruikt veel energia.
4.8 Kookstanden
Het verwarmingsvermögen van de kookzones kan in meertere standen worden ingesteld. In de tabel vindt u toepassingsvoorbeelden voor de verschillende standen.
| Kookstand | Toepassing |
| 0 | UIT-stand, benutting van de restwarmte |
| U | Smelten 42°C |
| U | Warm houden 570°C |
| U | Sudderen 5894°C |
| 1-2 | Verder koken vankleine hoeveelheden |
| 3 | Doorkoken |
| 4-5 | Gaar koken vangrote hoeveelheden,gaar braden van grote stukken |
| 6 | Braden, bechamelsaus make |
| 7-8 | Braden |
| 9 | Aan de kook brengen, aanbraden,braden |
| P | Powerstand (hoogste vermogen) |
Bij kookpannen zonder deksel moet ev. een hogere kookstand worden gekozen.
4.9 Restwarmteweergave H
De keramische kookplaat is met een restwarmteweergave Huitgerust.
Zolang de H na het uitschakelen brandt, kan de restwarmte worden gebruikt om te smelten en om gerechten warm te honden.
Na het uitdoven van de letter H kan de kookzone nog heet zich. Er bestaat gevaar voor verbranding!
Bij een inductiekookzone worden de keramiek Niet direct, maar alleen door de terugstralende warmte van de pan verwarmd.

- ①
- min.max.
- geschikt voor inductie
4a. max.
4b. mIn. max.
4c.
5. ①
4.10 Toestel in operationele modus zetten
Met de stand-by-toets (wordt het toestel in de operatione- le modus geschakeld. De toets is bij wijze van spreken de hoofdschakelaar. Er vindt eerst een zelftest van de besturing plaats en de weergavelampjes gaan kort branden.
Na het uitschakelen met deze toets blijft het toestel nog ca. 120 min. in de operationele modus.
Let op! Is het toestel volledig uitgeschakeld, dan is er ook geen restwarmteweergaveeer zichtaar!
4.11 Bediening van de toetsen
De hier beschreiben besturing verwacht na het bedieren van een (keuze-) toets daarna de bediening van een volgende toets.
De volgende toets moet principieel binnen 10 seconden worden bediend, anders worden de keuze geannuleerd.
4.12 Kookplaat en kookzone inschakelen
- Zolang op de Aan/Uit-toets Brukken (ca. 1 sec.) tot de kookstandweergaven O aantonen en een kort signal te horen is. De besturing is maar voor gebruik.
- Meteen daarna het sensorveld van een kookzone aanraken. Er worden een kookstand ingeschakeld.
Zlie hoofdstuk Wat u moet weten over de slider (sensorveld)Om de kookstand te veranderen of om een anderekookzone in te schakelen moet u het bijbehorende sensorveld aanraker.
- Meteen daarna voor inductie geschikt kookgerei op de kookzone plaatsen. De panherkenning schakelt de inductiespoel in. De pan worden verwarmd.
Zolang geen pan op de kookzone worden geplaatst, wisselt de aanwijzing:tussen de ingestelde kookstand en het symbol Zonder pan wordt de kookzone om veiligheidsreden na 10 minuten uitgeschakeld. Meer hierover in het hoofdstuk "panherkenning".
4.13 Kookzone uitschakelen
- a) Het sensorveld terstlinks aanraken of
b) de op het sensorveld @p@tveinger maar links verschuiven om de kookstand op 0 te verlagen
c) op de Aan/Uit-toets (brukken. De bijbehorende kook-zones worden uitgeschakeld.
4.14 Kookplaat uitschakelen
- Op de Aan/Uit-toets Brukken. De kookplaat worden onafhankelijk van de instelling volledig uitgeschakeld.
Noot:
Als alle kookzones handmatig worden uitgeschakeld (kookstand 0) en verrolgens op geen enkele toets of sensorveldmeer worden gedrukt, worden de kookplaat na 10 seconden automatisch uitgeschakeld.
- De powerstand worden meteen geactiveerd.
Het koken kan tijdelijk met de STOP-toets worden onderbroken, bijv. als er aan de deur worden gebeld. Om het koken met bezelfde kookstanden voort te zetten, moet de STOP-functie worden beeindigd. Eenevt. ingestelde timer wordt gestopt en loopt daarna verder.
Om veiligheidsredenen is deze functie slechts 10 minuten beschikbaar. Daarna worden de kookplaatuitgeschakeld.
- Het kookgerei staat op de kookzones en de gewenste kookstanden zijn ingesteld.
- Op de STOP-toets | | drukken. Inplaats van de gekozen kookstanden gaat het pauzesymbol | pan.
- De onderbreking worden beeindigd door eerst op de STOP-toets | len daarna op het knipperend sensorveld links naast de STOP-toets te drukken.
Bij het aanraken van het sensorveld over het hele sensorveld glijden (sliden).
De tweeede toets moet binnen 10 seconden worden aangeraakt, anders blijf de Stop-functie actief.
4.16 Recall-functie
(Herstelfunctie)
Na het per ongeluk uitschakelen van de kookplaat kan de)[-staatste instelling waar worden hernomen.
De recall-functione functioneert alleen als er ten minste eén kookzone is ingeschakeld.
- De kookplaat werden per ongeluk met de Aan/Uit-toets ① uitgeschakeld.
- Binnen 6 seconden na het uitschakelen opnieuw op de Aan/Uit-toets 包 Brukken. De led van de STOP-toets knippert. Meteen daarna op de STOP-toets | Brukken. De oorspronkelijke kookstanden zijn wee ingesteld. Het kookproces worden voortgezet.
Hersteld worden:
- De kookstanden van alle kookzones
- Minuten en seconden van voor welbepaalde kookzones geprogrammeerde timers
Aankookautomaat - Powerstand
Niet hersteld worden:
-
De tellers van de gebruiksduurbeperking (er worden waar vanaf 0 geteld)
- L
- ①
- 康康和化学爱着你 - 课作业帮一课 xx
4.17 Vergrendeltoets
De kinderbeveiliging moet verhinderen dat kinderen de inductiekookplaat per ongeluk of opzettelijk inschakelen. Hiervoor worden de bediening geblokkeerd.
Vergrendaltoets inschakelen
- De Aan/Uit-toets kookplaat ① indrukken (ca. 1 sec.) om de complete kookplaat in te schakelen.
- Meteen daarna geleijktijdig op de vergrendeltoets de STOP-toets | prukken
- Vervolgens de vergrendeltoets Undrukken om de vergrendeltoets te activeren. In de kookstandweergaven verschijnt een L voor Child-Lock; de bediening is geblokkeerd en de kookplaat wordenuitgeschakeld.
Vergrendaltoets uitschakelen
- Op de Aan/Uit-toets Brukken.
- Meteen daarna geleijktijdig op de vergrendeltoets den de STOP-toets | prukken
- Vervolgens op de STOP-toets | prukken om de vergrendeltoetsuit te schakelen.De L verdwijnt.
Vergrendeltoets alleen voor een kookproces opheff en Voorwaarde: De vergrendeltoets is volgens sunt 1-3 ingeschakeld.
Op de Aan/Uit-toets dukken.
- Meteor daarna gegliktijdig op de vergrendeltoets de STOP-toets | drukken
Nu kan door de gebruiker een kookzone ingeschakeld worden.
Na het uitschakelen van de kookplaat is de vergrendeling waar actief (ingeschakeld).
Opmerkingen
Bij een stroomstoring worden de ingeschakelde vergrendeling beeindigd, d.w.z. gedesactiveerd.
1.




4.18 Brugfunctie UN
De voorste en dechterste kookzone+kunnen voor het koken aaneengeschakeld worden (brugfunctie). Daardoor hunnen groe pannen worden gebruikt.
- De kookplaat inschakelen.
- Om de brugfunctie in te schakelen het sensorveld van de voorste en achefterste kookzone gliktijdig aanraken. De brugfunctie is ingeschakeld, het symbool UN verschijnt. De bediening gebeurt met het sensorveld van de voorste kookzone.
- Om de combinatie te desactiveren opnieuw op beiden sensorvelden tegelijk dukken of de kookplatz uitschaken.
Opmerking
De braadslede of de pan moet de gebruike kookzones ten minste voor de helft bedekken om door de panherkenning te worden herkend!
4.19 Automatische uitschakeling (timer)
Door de automatische uitschakeling worden elke ingeschakelde kookzone na een instelbareijd automatisch uitgeschakeld. Er können koektijden van10 sec. (0.10) tot 1uur en 59 minutes (1.59) worden ingesteld.
- 1x,2x,3x.. mIn. max.
- 一 → 1.15
-
A
-
De kookplaat inschakelen. Een ofeer kookzones inschakelen en gewenste kookstandenkiezen.
- Gelijktijdig op de plus- + en min-toets -drukken tot het symbool voor de gewenste kookzone oplicht.
- Om de tijd in te stellen op de plus-1of min-toets drukken. Na enkele seconden worden de waarde overgenomen en de tijd begint te lopen. Het decimale punt knippert.
- Na afl oop van de tijd worden de kookzone uitgeschakeld. Er is een tijd lang een signaal te horen, dat kan worden uitgeschakeld door op de plus- ten min-toets te drukken.
Opmerkingen
- Om de automatische uitschakeling voor een andere kookzone te programmeren, de stappen 2 tot 3 herhalen.
- Ter contrôle van de verstretenijd (automatische uitschakeling) zo vaak tegelijkertijd op de plus- ten min-toets - drukken tot het overeenkomstige symbool oor de gewenste kookzone oplicht. De aangetoonde waarde kan afgelezen en veranderd worden.
- Automatische uitschakeling verrroegd wissen: door gegelijk-tijdig op de plus- en min-toets -te drukken de gewenste kookzone selecteren en deijd door drukken op de min-toets wissen (-0) .
-
Als meerere kookzones met automatische uitschakeling geprogrammeerd zich, worden in de timer-weergave steeds de kookzone met de kortstearend aangetoond.
- 1x,2x,3x..
- 5.00
- +
4.20 Kookwekker (eierwekker)
De kookzones zijn uitgeschakeld
- De kookplaat inschakelen.
- Gelijktijdig op de plus- ten min-toets drukken tot onder de timer-aanwijzing het symbol 3plicht.
- Om de tijd in te stellen op de plus- of min-toets drukken. Na enkele seconden wordt de waarde overgenomen en de tijd begint te lopen. Het decimale sunt knippert.
- Na afl oop van de tijd is er eenijd lang een signaal te horen, dat kan worden uitgeschakeld door op de plus +of min-toets -of te drukken
Kookwekkerinstelling als er al kookzones in gebruik zijn
Gelijktijdig op de plus- en min-toets drukken tot onder de timer-aanwijzing het symbol Oplicht.
- Om de hijd in te stellen op de plus- df min-toets drukken.
- Na afl oop van de tijd is er een tijd lang een signaal te horen, dat kan worden uitgeschakeld door op de plus +of min-toets -of te drukken
Noot:
De kookwekker blijft ook dan in werkung als de linker of,rechter kookplaatzijde uitgeschakeld is. Om de tijd te wijzigen de linker of rechter kookplaatzijde inschakelen.

- + lang drukken (ca. 3 sec.)
- 6
| Ingestelde Kookstand | Aankookautomaat Tijd (min:sec) |
| 1 | 0:40 |
| 2 | 1:12 |
| 3 | 2:00 |
| 4 | 2:56 |
| 5 | 4:16 |
| 6 | 7:12 |
| 7 | 2:00 |
| 8 | 3:12 |
| 9 | - |
- 1x,2x,3x → S 42°C → SS 70°C → SSS 94°C
- max. 0
4.21 Automatisch aankoken
Bij de aankookautomaat gebeurt het aan de kook brengen met kookstand 9. Na een bepaaldeijd worden automatisch maar een lagere doorkookstand (1 tot 8) teruggeschakeld. Bij het gebruik van het automatisch aankoken要去 alleen de doorkookstand worden gekozen waarmee de bereiding verder要去 worden gekookt, waar dat de elektronica automatisch terugschakelt.
Het automatisch aankoken is geschikt voor gerechten die koud worden opgezet, op hoog vermogen worden verwarmd en op de doorkookstand Niet permanent in het oog moeten worden gezchoolden (bijv. het koken van soepvlees).
- De kookplaat inschakelen.
- Lang (ca. 3 sec.) op het sensorveld drukken om de functie te activeren en meteen een bepaalde doorkookstand te kiezen: links kookstand 1 centrum kookstand 6 rechts kookstand 8 A en de gekozen doorkookstand knipperen afwisseled.
- Het automatisch aankoken verloopt volgens de programmering. Na een bepaaldeijd (zie tabel) worden het kookproces op de doorkookstand voortgezet. Het symbool A dooft UIT.
Opmerkingen
- Tijdens het automatisch aankoken kan de doorkookstand verhoogd worden. Door de doorkookstand te verlagen worden het automatisch aankoken uitgeschakeld.
4.22 Warmhoudfunctie
Met de warmhoudfunctie können gerechten die klaar zijn op een kookzone warm gehonden worden. De kookzone worden met laag vermogen gebrukt.
- Kookgerei staat op een kookzone en een kookstand (bijv. 3) is gekozen.
- Door meermaals drukken op de warmhoudtoets de gewenste warmhoudstand kiezen: komt overeen met ca. 42^ komt overeen met ca. 70^ komt overeen met ca. 94^
- Om uit te schakelen het sensorveld aanraken of op de warmhoudtoets rukken.
De warmhoudfunctie staat 120 minuten ter beschikking, daarna worden de kookzone uitgeschakeld.





Door de vergrendeling konnen de bediening van de toetsen en de instelling van een kookstand worden geblokkeerd. Alleen de Aan/Uit-toets kan nog algid worden bediend om de kookplaat uit te schakelen.
Vergrendeling inschakelen
- Op de vergrendeloets Brukken. Het controleampje boven de vergrendeloets brandt.
Vergrendeling uitschakelen
- Op de vergrendeltoets drukken. Het controelampje boven de vergrendeltoets dooft UIT.
Opmerkingen
De geactiveerde vergrendeling blijft ook behouden als de kookplaat uitgeschakeld is! Vooraleer waar kan worden gekootk, moet ze.daarom eerst gedeactiveerd worden! Bij een stroomstoring worden de ingeschakelde vergrendeling beeindigd, d.w.z. gedesactiveerd.
4.24 Powerstand
De powerstand stelt extra vermogen voor de inductiekook-zones ter beschikking. Een groe hoeveelheid water kan snel aan de kook worden gebracht.
- De kookplaat inschakelen.
- Het sensorveld niterst hcts bij max.van de gewenste kookzone aanraken. In de kookstandweergave verschijnt PDe powerstand is ingeschakeld.
- Na 10 minuten worden de powerstand automatisch uitgeschakeld. De Pverdwijnt en er worden maar kookstand 9 terug geschakeld.
Noot:
Om de powerstand vervoegd uit te schakelen, op het overeenkomstige sensorveld drukken.
Telkens twee kookzones zijn - om technische redenen tot een module gecombineerd en beschikken over een maximaal vermogen.
Als deze vermogensgrens bij het inschakelen van een hoge kookstand of de powerfunctie worden overschreten, reduceert het powermanagement de kookstand van de bijbehorende module-kookzone.
De aanwijzing van deze kookzone knippert eerst, daarna wordt de maximaal mogelijkke kookstand constant getoond.

Het open deksel hoeft nicht weghe haald te worden.
- 0
- - x + ①
[ \Leftrightarrow \;{0}^{x} = 0]
3. 0
- min 9
min 59
3.
4.26 Ventilator gebruiken
In het midden van de kookplaat bevindt zich de ventilator met afzui- ingaar onderen.
Voor de ingebruikname van de ventilator dient het glazen deksel wegheault te worden.
Bij modellen met een open deksel is weghalen ervan nicht vereist.
Belangrijk:
Leg het deksel Niet op de inductiekookplaat! Gevaar voor verbranding!
4.26.1 Ventilator in- en uitschakelen
- Stand-by-toets () indrukken (ca. 1 sec.).
- De plus-toets van de ventilator indrukken. Daarna kan met de plus- of min-toets een gewenste vermogensstand 1, 2, 3 of 4 worden gekozen. Het symbol van de ventilator brandt.
De intensieve stand 4 blijft 10 minutes lang ingeschakeld, daarna worden automatisch teruggeschakeldaar stand 3.
3. Voor het uitschakelen op de min-toets -van de ventilator drukken tot er 0 worden weergegeven.
Tip
Om te zorgen dat de afzuiig ing ook bij hoge pannen (bijv. asperge- pan) goed werk, kurz u aan de ventilatorzijde een kooklepel onder het pandeksel leggen.
4.26.2 Ventilatornaloop
De ventilatornaloop worden na het koken gebruikt om kookgeurtjes weg te zuigen. Bovendien worden hierdoor de fi Iters in de ventilator gedroogd.
Ventilatornaloop instellen
- De plus- ten min-toets van de ventilator tegelijk indrukken. Vervolgens is er een ventilatornaloop van 10 minutes ingesteld. Het symbol van de naloop brandt min.
- Door opniewu gewelijkijdig indrukken van de plus- -en min-toets - worden 60 minutes ingesteld.
- Door nogmaals tegelijkertijd indrukken worden de naloop uitgeschakeld.
De ventilatorstand bij een ingeschakelde ventilatornaloop kan waar wens ingesteld en gewijzigd worden.
4.26.3 Nalooptijd
Telkens na het koken zou een nalooptijd van de ventilatormotor van 10 - 20 minutes要去en worden ingesteld. Als de ventilator minstens 15 minutes heeft gewerkt, vindt er na het uitschaken een automatische naloop van ca. 15 minutes op een lage stand plaats.
Zo worden een optimale werkung en verwijdering van resterende kookdampen gewaarborgd.
Bij werkig met recirculatiefi Iter is het raadzaam om na het koken als tijd een nalooptijd van 10 - 60 minutes in te stellen, om een optima geurverwijdering te bereiken.
Bij het opnieuw inschakelen van de ventilator kan het in zeldzame gevallen voorkomen, dat de in het fi iter achtergebleven geurmoleculen zich hechten aan waterdamp en weeer even geroken+kennen worden. Deze restgeurtjes verdwijnen tijdens de verdere werkig weer snel.
Belangrijk
Bij circulatiebedrijf dient voortdurend voldoende geventileerd te worden om de luchtvochtigheid af te voeren.
5 Reiniging en onderhoud
Vór het reinigen de kookplaat uitschakelen en lien afkoelen.
- De keramische kookplaat mag in geen geval met een stoornreinigingsapparaat of dergelijkte worden schoongemaaakt!
- Bij het reinigen erop letten dat slechts kort over de Aan/ Uit-toets worden geleveegd. Op die manier worden vermeden dat de kookplaat per ongeluk worden ingeschakeld!
5.1 Keramische kookplaat
Belangrijk! Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen zoals grove schuurmiddelen, krassende pannenreinigers, roest- en vlekkenverwijderaar enz.
Reiniging na gebruik
- Maak de hele kookplaat als schoon als ze vuil is - het Beste telkens na gebruik. Gebruik hiervoor een vochtige doek en wat afwasmiddel. Daarna wijft u de kookplaat met een schone doek droog, zodat er geen resten van afwasmiddel op het oppervlak achechterblijven.
Wekelijks onderhoud
- Reinig en onderhoud de kookplaat een keer in de week grondig met gebruikelijkke reinigingsproducten voor vitrokeramiek. Houdt u zich in elk geval aan de instructies van de fabrikant. De reinigingsproducten vormen bij het aanbrengen een beschermend laagje dat water en vuil tegenhoudt. Alle verontreinigungen blijven op deze laag zitten en+kunnen daarna veel gemakkelijkter worden verwijderd. Vervolgens met een schone doeck droogwrijven. Erogen geen resten van reinigingsmiddelen op het oppervlak achterblijven, omdat ze bij het opwarmen agressief reageren en het oppervlak veranderen.
5.2 Speciale verontreinigungen
Sterke verontreinigungen en vlekken (kalkvlekken, paremoerachtig glanzende vlekken)kest u het best verwijderen als de kookplaat nog lauwarm is. Gebruik hiervoort gebruikelijke reinigingsmiddelen.Ga waarb te werk zoals onder punt 2 beschreiben.
Overgekooke gerechten eerst met een natte doek inweken en cervolgens de vuilresten met een speciale glasschaper voor keramische kookplaten verwijderen. Daarna de kookplaat reinigen zoals onder punt 2 beschreiben.
Ingebrandesuiker en gesmolten kunststof verwijdert u meteen-zolang ze nog heet+zijn-met een glasschraper. Daarna de kookplaat reinigen zoals onder punt 2 beschreiben.
Zandkorrels die möglichtijdens het aardappelen schillen of sla schoonmaken op de kookplaten vallen, hunnen bij het versuschuiven van pannen krassen veroorzaken. Let er dus op dat er geen zandkorrels op het oppervlak blijven liggen.
Kleurveranderingen van de kookplaat hebben geen invloed op de werkking en de stevigkeit van de vitrokeramiek. Het gaat hierbij Niet om een beschadiging van de kookplaat, maar om Niet verwijderde en.daarom ingebrande resten.
Glanzende plekken ontstaan door slijtage van de panbodem, in het bijzonder bij het gebruik van kookgerei met een aluminium bodem of door ongeschichte reinigingsmiddelen. Ze kunnen slechts moeizaam met gebruikelijke reinigingsmid
delen worden verwijderd. Eventuele de reiniging meermaals herhalen. Door het gebruik van agressieve reinigingsmiddelen en door schurende panbodems worden het decor in de loop van de tijd afgeschuurd en ontstaan er donkere vlekken.
5.3 Kookplaatventilator
Reiniging van de metalen vetfi liters
Reinig de metalen veti Iters minimaal een keer per maand of bij te vette toestand en intensief gebruik in de vaatwasmachine of in een mild sopje.
Voor het uitnemen van de fi iters het deksel van de ventilator weghalen en de U-vormige rvs-luchtgeleiderplaat in de aanzuiigopening maar boven toeuit de ventilator tillen. Vervolgens het fi iter uitenemen. Druk hiervoor de vergrendeling in de greepopening maar beneden en haal de fi iters eruit.
Filters sunt u in de vaatwasmachine reinigen. Filters in de vaatwasmachine verticaal zetten. Gebruik a.u.b uitsluitend naspoelmiddel dat geschikt is voor aluminium, om schade en verkleuringen aan de fi lters te voorkomen.
Niet vlak naast glazen of licht porselein latent afwassen.
Gebruik de ventilator Niet zonder vetfi Iters!
Na de fi lterreiniging de fi Iters droog wee in de ventilator Belangrijk: de greepopening moet na het inzetten zichtaar maar. Neem liefst bij ieder fi Iterervanging de goed toegankelijke binnenzijde van de ventilator af met een met afwasmiddel bevochtigdoekje en let hierbij vooral op uitstekende delen binnenin de ventilator
Reiniging en onderhoud van de ventilator
Het geniet de Voorkeur om de ventilator bij iedere fi Iterreini- ing te reinigen.
Na langdurige koken van water met geopend deksel kan zich condenswater onder het fi Iter verzamelen. Dat is volkommen normala. Het water zouECHTER verwijderd en de binnenzijde van de ventilator gereinigd moeten worden.
De ventilatieopeningen in het deksel zorgen ervoor dat ook in ruststand met geplaatst deksel zonder ropende ventilator möglichke restvochtigheid van het koken en reinigen vanuit de ventilatorbinnenzijde kan ontsnappen.
Als hierbij vervelende restgeurtjes mochten ontsnappen, is het raadzaam om zowel fi Iter als ventilatorbinnenNZijde te reinigen.
De ventilator kunt u het Beste met een vochtig, zacht doekje en wat mild afwasmiddel reinigen.
Service
Het fi lter moet toegankelijk blijven. Bij een actieve koolfi Iter om de 5 - 24 maanden de koolfi Itermatten verrangen.
Bij een plasma Iter na 5aar (max.) de koolfi Itermatten verrangen. Open hiervoor het behuizingdeksel en verrang de koolfi Itermatten.
5.4 Tips voor zuinig energieverbruik
Zet de afzuigkap bij het begin van het koken opkleine stand aan en laat de ventilator na afl oop van het koken nog enkele minutes doorlopen. Kies alleen in extreme situates met veel rook of damp een hogere stand.
Voor goede afzuiqresultaten dient u de koolfi Itermat(ten) alttjd te verrangen zodra het nodig is. Reinig het(de) fi Iter(s) indien nodig om een optimaal resultaat te verkrijgen.
6 Wat te doeen bij problemen?
Ongekwalifi ceerde ingrepen en reparations aan het appaarat zich gevaarlijk,ondat er gevaar voor stroomstoten en kortsluiting bestaat. Om lichamelijk letsel en schade aan het apparaat te voorkomen, moeten ze worden vermeden. Daarom mogen dergelijk werkzaamheden alleen door een elektrotechnicus, bijv. van de technische klantenservice, worden uitgevoerd.
Denk eraan
Als er aan uw apparaat storingen optreden, controllerer dan eerst aan de hand van deze gebruiksaanwijzing of u de oorzaken Niet zich kunt verhelpen.
Hierna vindt u tips voor het verhelpen van storingen. De zekeringen vallen meermaalsuit?
Neem contact op met de klantenservice of een elektromonteur!
De inductiekookplaat kan nicht worden ingeschakeld?
- Heeft de zekering van de huisinstallatie (zekeringenkast) gereageerd?
Is het netsnoor aangesloten? - Is de vergrendeltoets ingeschakeld, d.w.z. worden er een L weergegeven?
Zijn de sensoren gedeeltelijk door een vochtige doeck, vloeistof een metalen voorwerp bedekt? A.u.b. verwijderen. - Wordt verkeerd kookgerei gebruikt? Zie hoofdstuk „Servies voor inductiekookplaat".
Het symbol knippert en er is gedurende een bepaaldeijd een signaal te horen.
Er is een permanente activering van de touch-control-sensortoetsen door overgekooke te levensmiddelen, kookgerei of andere voorwerpen.
Oplossing: het oppervlak schoonmaking of het voorwerp verwijderen. Om het symbol te wissen, opdezelfde toets drukken of de kookplaat uit- en inschaken.
De foutdcode E2 wordt getoond?
De elektronica is te heet. De inbouwsituatie van de kookplaat controleren, in het bijzonder op voldoende ventilatie letten.
Zie hoofdstuk Oververhittingsbeveiliging. Zie hoofdstuk Ventilatie.
De foutcode E8 wordt getoond?
Fout aan de ventilator rechts of links. De aanzuigopening is geblokkeerd of afgedekt, of de ventilator is defect.
De montage van de kookplaat controleren, in het bijzonder op voldoende ventilatie letten.
Zie hoofdstuk Oververhittingsbeveiliging. Zie hoofdstuk Ventilatie.
De foutdcode U400 wordt getoond?
De kookplaat is verkeerd aangesloten. De besturing worden na 1suitgeschakeld en er is een continu signal te horen.
De correcte netspanning aansluiten.
Er worden een foutcode (ERxx of Ex) getoond?
Er is een technisch defect. A.u.b. contact opnemen met de service.
Het pansymbool Verschijnt?
Er werden een kookzone ingeschakeld en de kookplaat verwacht dat er een geschikte pan worden opgezet (panherkenning). Pas dan worden er energia afgegeben.
Het pansymbool 4 blijft versuschijnen, hoewel er een pan werd opgezet?
De pan is nicht geschickt voor inductie of heeft een tekleine diameter.
De gelebruktke kookpannen maken geluid?
Dat heeft een technische oorzaak; er bestaat geen gevaar voor de inductiekookplaat of de pan.
De koelventilator blijnt na het uitschakelen nog lopen?
Dat is normal omdat de elektronica worden afgekoeld.
De kookplaat maakt geluiden (klikgeluiden)?
Dat heeft een technischeoorzaak en is Niet te vermijden.
De kookplaat heeft barsten of breuken?
Bij breuken, barsten, scheuren of andere beschadigingen aan de keramische kookplaat bestaat gevaar voor elektrische schokken. Het toestel onmiddelijk buiten gebruik nemen. Onmiddelijk de zekering in de woning uitschakelen en contact opnemen met de klantenservice.
7 Klantenservice
Voor u de klantenservice belt:
- Probeer de storing zich op te losers (zie „Storing - Wat te doeon?")
- Schakel het apparaat uit en weer aan om vast te stellen of de storing weeer opttreedt.
Als de storing na de erder beschreiben controles blijft bestaan of opniew optreedt, neem dan contact op met de klantenservice.
Vermeld hierbij.altijd:
- Een korte beschrijving van de fouit.
Apparaat en modelnummer; - Servicenummer (d.w.z. het getal na hetwoord SERVICE op het typeplaatje) aan de onderkant van de kookplaat of in het blad bij de productbeschrijving. Het servicenummer staat ook op het garantiebewijs vermeld.
Uw volledig adres en telefoonnummer met kengetal
